Schriftelijk advies RV 'Beleidsvisie Maatschappelijke Ondersteuning 's-Hertogenbosch voor iedereen'
Tekst van het document
Schriftelijk advies Raadsvoorstel 'Beleidsvisie Maatschappelijke Ondersteuning 's-Hertogenbosch voor iedereen' Commissie Sociaal 20 januari 2021: bespreken in de raad Fractie
Standpunt
Toelichting standpunt
Advies
VVD
Instemmen met het voorstel
De Wmo is sinds de decentralisatie in 2015 flink veranderd. In ’s-Hertogenbosch hebben we de laatste twee jaar op onderdelen veel verbeterd en het is goed om dat nu te zien landen in deze beleidsvisie. Dat was hard nodig, want de huidige, steeds verlengde, kaders uit 2015 volstonden niet langer. Het nieuwe kader vormt het nietje tussen al die onderliggende verbeteringen van de afgelopen jaren. Onze fractie ziet veel sterke liberale kaders in de visie terugkomen op thema’s waar wij eerder aandacht om vroegen. Met name de stevige opgave rondom ‘grip aan de poort’, eigen verantwoordelijkheid van inwoners en de vereenvoudiging van procedures zijn noodzakelijk om de Wmo de komende jaren kwalitatief goed, toegankelijk en betaalbaar te houden. Het doet ons daarnaast goed om de samenwerking met de zorgverzekeraars en de link met sport en cultuur expliciet in de visie benoemd te zien. Ook de OAD-aanpak in de dagbesteding samen met de WeenerXL kan op onze steun rekenen. Over aantal onderwerpen m.b.t. de beleidsvisie heeft onze fractie vragen. Eind 2020 heeft onze fractie vragen gesteld over het Wmo-toezicht bij de GGD. Dit onderwerp mist ook in deze visie, maar hierbij wachten we eerst de schriftelijke antwoorden van het college af. Het informatie en adviespunt KOO loopt nu bijna twee jaar.
De verhalen uit onze omgeving komen overeen met het ervaringsonderzoek: eenmaal gevonden van toegevoegde waarde voor inwoners en professionals met vragen, maar men weet KOO niet makkelijk te vinden. Zelfs minder dan andere informatiepunten, zoals het KCC en ‘Eerste hulp bij Geldzaken’. De beleidsvisie stelt de bekendheid van KOO te willen vergroten. Zou het College kunnen toelichten hoe ze dat willen aanpakken? Onze fractie betwijfelt of een nieuwe algemene reclamecampagne zinvol is. Probeer nu met een ondernemende aanpak de bekendheid van KOO te vergroten en zoek verbindingen met logische (en onlogische) sleutelfiguren in de stad, zoals woningcorporaties, verenigingen, onderwijs, huisartsen en andere hulpverleners. Tot slot het onderwerp Mantelzorgers. De RIB ‘resultaten onderzoek onder mantelzorgers 2020’ bevestigd het beeld dat onze fractie eerder heeft geuit. Veel van onze inwoners verlenen mantelzorg en er is een grote behoefte aan heldere informatie, goed georganiseerde respijtzorg en aandacht voor bijzondere groepen mantelzorgers. De beleidsvisie benoemt respijtzorg concreet, maar verwijst verder veel terug naar de inkoopopdracht aan FMGH voor 2020-2023 (zie bijlage RIB augustus 2019).
Dat document stelt: ‘Op basis van een evaluatie bepalen we hoe we de mantelzorgondersteuning en waardering het beste vorm kunnen geven.’ De nieuwe beleidsvisie geeft (nog) geen antwoorden op deze vraag. Zou het college kunnen aangeven of en hoe wordt bepaald wat de beste vorm voor ondersteuning- en waardering is en wanneer dit wordt ingericht? Daarnaast mist onze fractie de groep
Bespreken in de raad
1
Fractie
Standpunt
Toelichting standpunt
Advies
(fulltime) werkende mantelzorgers als bijzondere groep in de derde beleidsopgave, naast jongeren en inwoners met andere culturele achtergrond. De mantelzorgers jonger dan 40 vinden de zorg het vaakst belastend en maakt in onze ervaring het minst gebruik van de bestaande voorzieningen. Is het college bereidt om werkende mantelzorgers op te nemen als een groep die nu onvoldoende bereikt wordt? D66
Instemmen met het voorstel
We komen in de raad terug op een aantal onderdelen van de beleidsvisie.
Bespreken in de raad
Bosch Belang
Instemmen met het voorstel
Bosch Belang kan instemmen met het besluit over het vaststellen van de beleidsvisie Maatschappelijke Ondersteuning. Om onze inwoners die ondersteuning nodig hebben nog beter te ondersteunen, brengt dit voorstel een samenhang aan in ons lokaal beleid. Het voorstel gaat uit van de kracht en talenten van onze inwoners en wanneer nodig worden onze inwoners ondersteund met dit voorstel. Wij maken ons wel zorgen over de wachttijden. Wij zien graag dat er aandacht komt voor urgente gevallen waarbij een wachttijd onnodig voor grote problemen kan zorgen. Om die reden stellen wij de volgende twee vragen aan de wethouder: 1. Wat is de stand van zaken met betrekking tot de wachttijd van de aanvragen? 2. Krijgen de urgente gevallen extra aandacht bij een aanvraag? Bosch Belang kan ook instemmen met het besluit over de vernieuwing en vereenvoudiging van dagbesteding als rendabele investering door middel van een eenmalige voorfinanciering van € 420.000 voor 2021 uit de reserve Sociaal Zorgfonds. Wij hebben wel een vraag aan het college: Wat is de stand van zaken van het Sociaal Zorgfonds na de eenmalige voorfinanciering van 420.000 euro?
Hamerstuk in de raad
GroenLinks
Instemmen met het voorstel
GroenLinks kan zich goed vinden in de leidende principes van deze beleidsvisie, zoals die geformuleerd staan in het besluit. Anders dan in het Wmo beleidsplan 2015-2016 wordt nu gelukkig uitgegaan van de mogelijkheden, talenten en kansen van onze inwoners. Eigen verantwoordelijkheid wordt gestimuleerd, niet langer afgedwongen, iets wat de kans op overschatting van zelfredzaamheid ook minder maakt. Mijn fractie juicht de de herwaardering van professionals toe, juist als het mission statement van het Gemeentelijk Zorgbedrijf “zakelijk werken vanuit een sociaal hart.” GroenLinks gaat ook akkoord met de vernieuwing en vereenvoudiging van dagbesteding en de daarvoor noodzakelijke investering vanuit het Sociaal Zorgfonds. De nieuwe organisatie van de basisondersteuning, bekostiging van de informele organisaties, de aanpak van doorbraakthema’s, de aandacht voor vrijwilligers en mantelzorgers geeft mijn fractie het vertrouwen dat het niet bij mooie woorden blijft maar dat de ambities die voortvloeien uit de principes van dit nieuwe beleidsplan ook gehaald kunnen worden. Daarbij heeft GroenLinks nog drie opmerkingen:
Bespreken in de raad
2
Fractie
Standpunt
Toelichting standpunt
Advies
1. De gemeente blijft natuurlijk belangrijk voor de uitvoering van de wettelijke kaders en een groot deel van de financiering. Daarnaast zien we gelukkig allerlei bewoners, initiatieven en maatschappelijke organisaties hun rol pakken bij ondersteuning van inwoners in onze gemeente. Woningcorporaties en zorginstellingen voor ouderen bijvoorbeeld. De Gemeente wordt zo een van de partners in een breder netwerk dat hulp en ondersteuning biedt. Mijn fractie heeft daarom geen behoefte aan een werkgroep (met een onduidelijke doelstelling) zoals de Adviesraad Wmo en Jeugdzorg voorstelt, maar meer aan een lokale netwerkanalyse (ook wijk en buurtgericht) die aangeeft hoe de gemeente een van de partners is (en wil zijn) in het netwerk van ondersteuning. Hoe kijkt de portefeuillehouder hier tegenaan? 2. Het programma Positieve Gezondheid is heel belangrijk om sociaal-economische gezondheidsverschillen te verkleinen. Zo’n programma kan beginnen met het stimuleren van een gezonde leefstijl en zorgen dat inrichting van de openbare ruimte daar voortaan aan kan bijdragen, maar dat is niet genoeg. De steeds groter wordende gezondheidskloof wordt alleen succesvol aangepakt als ook gekeken wordt naar de ongelijke toegang tot onderwijs, gezondheidszorg, mantelzorgondersteuning, kans op werk of dagbesteding. Een integrale aanpak zoals die nu vorm krijgt in de Gestelse Buurt is daarvoor nodig.
De ervaringen daar kunnen het Programma Positieve Gezondheid mogelijk effectiever maken. 3. Tot slot constateert mijn fractie een probleem bij de begrippen gebruikelijke en bovengebruikelijke zorg. Talentontwikkeling is terecht een belangrijk uitgangspunt van het beleid van dit college. Uitgaan van de talenten van onze inwoners is een leidend principe in deze visie. Talenten en talentontwikkeling van de inwoner die zorg of ondersteuning nodig heeft, maar dit uitgangspunt geldt natuurlijk even vanzelfsprekend voor hen die de zorg verlenen. Dat kan spanning gaan opleveren bij toepassing van het begrip bovengebruikelijke zorg. Door het eisen van bovengebruikelijke zorg, iets wat de jurisprudentie toestaat, kunnen ouders van kinderen ernstig belemmerd worden in hun talentontwikkeling, door bijvoorbeeld het gedwongen moeten opgeven van studie of het verplicht opzeggen van hun baan. De ervaring leert dat daarbij vrouwen meestal helaas het eerste slachtoffer zijn. Dat kan onmogelijk de bedoeling zijn volgens mijn fractie. Onbedoelde aspecten van wetgeving, zoals die nu al optreden door toepassing van de kostendelersnorm of voor mensen met een beperking (die geen relatie willen aangaan, omdat zij weliswaar graag een huwelijkspartner hebben maar die niet willen dwingen tot levenslange verzorging) moeten we voorkomen.
Daarom hoor ik graag van de wethouder of hij dit probleem ook onderkent en hoe bij uitvoering zo’n ontwikkeling denkt te kunnen tegengaan. CDA
Instemmen met het voorstel
Het CDA spreekt haar waardering uit voor het beleidsplan wat nu voorligt. Met dit WMO-beleid kunnen we veel inwoners ondersteunen met een grote range aan ondersteuningsvoorzieningen. Goed om dit overzichtelijk en in één plan bij elkaar geplaatst te zien. Het CDA is voorstander van het uitgaan van de zelfredzaamheid; Werkelijk te
Hamerstuk in de raad
3
Fractie
Standpunt
Toelichting standpunt
Advies
kijken naar de persoon en diens ondersteuningsvraag. Te kijken naar zijn/haar omgeving. Welke hulp en ondersteuning is nodig en hoe is dit op eenvoudige wijze te organiseren. Eenvoud om daarmee onnodige wachttijden en wachtlijsten te beperken. Werkend vanuit vertrouwen. De doelgroep die een beroep doet op deze ondersteuning behoort tot de meer kwetsbare inwoners van onze gemeente. Juist als we met hen in gesprek zijn zouden we oog moeten houden voor signalen van eenzaamheid. Het CDA heeft veel waardering voor mantelzorgers en dat onderschrijven we des te meer in deze coronapandemie. Er is een blijvende focus nodig op de mantelzorgers – zowel jong als oud – en zijn dan ook blij dat er nu een stappenplan ligt op basis van drie aspecten om hier meer aandacht aan te geven. Graag leg ik nog even accent op wat nieuw is in deze beleidsvisie, met name de voorfinanciering van de dagbesteding. Wij juichen het toe dat er nieuwe vormen van ondersteuning zijn ontwikkeld voor de kwetsbare doelgroep waar eerder niet echt passend aanbod voor was en daarmee tussen wal en het schip dreigden te vallen. Het CDA is erg benieuwd hoe dit zich gaat ontvouwen ten gunste van deze doelgroep. Daarnaast gaat het CDA ervanuit dat we deze voorfinanciering ook terug verdienen en dat we als raad hierover op de hoogte worden gehouden. Rosmalens Belang
Instemmen met het voorstel
In de visuele uitwerking van de dialoogsessie zomer 2020 sprak ons vooral aan de uitspraak niet uitgaan van aanbod maar van wat is er nodig? En dat is precies wat we bedoelen met een zakelijke benadering met een sociaal hart. Immers de druk op de financiële middelen neemt toe.. Mede door corona gaan onze ouderen niet graag meer naar de verpleeghuizen en neemt de zorg op extra wmo ondersteuning toe. Ook dat zet extra druk op de financiële middelen. Moeten we dan de oudere mantelzorger met de zieke partner en het grote huis wel wijzen op de hulp die we kunnen bieden met het tuinonderhoud of brengen we die in contact met iemand die kan helpen met het zoeken naar een kleinere woning waar ze misschien al lang aan toe zijn. De uitspraak, meer gespikkeld wonen, jong en oud bij elkaar was ook een uitspraak die ons aansprak. Zeker in de dorpen blijkt dat goed te werken, de sociale cohesie is daar nog groot. Maar ook daar begint dat af te nemen, door allerlei invloeden van buitenaf is het niet meer zo vanzelfsprekend dat je iedereen kent in het dorp en dat je even bij de buren aanklopt als je hulp nodig hebt. Wel hebben wij in deze visie gemist wat de rol zou kunnen zijn van de praktijkondersteuners van de huisartsen of de alzheimer- of Parkinson verpleegkundigen uit het ziekenhuis. We zeggen dat we niet alle mantelzorgers in beeld hebben maar daar zitten ze op de begeleiderstoelen..
Maar ook voor al deze ziekten zijn bijna belangenverenigingen met lotgenotencontacten. Zijn die bij ons in beeld en worden onze mantelzorgers bijvoorbeeld hier ook op gewezen, vaak heeft men hier meer aan omdat hier begrip is voor hun situatie. Heel belangrijk is in deze ook waar wij onze intake medewerkers mee op pad sturen, wijzen ze alleen op alle hulp die we als gemeente kunnen bieden of gaan ze samen kijken met onze inwoners van welke ondersteuning ze het beste gebruik kunnen maken en dat hoeft lang niet altijd gemeentelijke ondersteuning te zijn.
Hamerstuk in de raad
4
Fractie
Standpunt
Toelichting standpunt
Advies
Wat ons betreft mag er nog meer gebruik gemaakt worden van de expertise van onze huisartsenpraktijken en professionele hulpverleners en liefst niet met de managers van de zorginstellingen maar met de werkvloer zodat we een duidelijk beeld krijgen van wat er nodig is voor onze inwoners. Dit kan voor elke wijk anders uitpakken. Er zal altijd een groep inwoners blijven die niet zonder professionele hulp kan en daar moeten we ook met zijn allen voor blijven zorgen, maar verder moeten we niet verzanden in allerlei individuele hulpvragen die onze inwoners nodig hebben maar vooral inzetten op onze wijken en dorpen om deze leefbaar te houden, de eenzaamheid te bestrijden en de sociale cohesie te bevorderen. Hoe fijner iemand woont in zijn buurt hoe minder hulp hij nodig heeft. En dat heeft dan weer zijn uitwerking op de wachtlijsten en de financiën. Behalve deze kanttekeningen kunnen wij ons prima vinden in deze visie. En kunnen dan ook instemmen met punt 2 van het dictum de vernieuwing en vereenvoudiging van dagbesteding als rendabele investering door middel van een eenmalige voorfinanciering voor 2021 uit de reserve van het Sociaal Zorgfonds. SP
Nader te bepalen
Ook in de bijlages kunnen wij lezen hoe het beleid aangepast gaat worden. Wij sluiten ook aan bij het adviesraad WMO en jeugdhulp om een brede werkgroep te formeren voor de verdere uitwerking en ontwikkeling van dit plan en verzoeken het college om ons als raad hierin ook zeggenschap te geven. Verder hebben wij onderstaande vragen aan de wethouder: Meerjarige subsidies aan informele organisatie geven is prima, maar betekend dit ook dat de toegang tot de diverse uitvoeringsmedewerkers van de Gemeente directer wordt geregeld? Beleidsopgave mantelzorg bij het vergroten van bekendheid voor mantelzorgondersteuning zie ik graag dat ook de thuiszorgorganisaties en de organisaties voor huishoudelijke hulp ingeschakeld worden. Is dit mogelijk? Doorontwikkeling beleidsopgave: Is er al een idee hoe men de bekendheid van de wijkpleinen meer wil vergroten? Om ook de kwaliteit op de wijkpleinen op peil te houden, wordt er dan ook gekeken vanuit de vragen van de cliënten of wat onze Gemeente graag door vrijwilligers gedaan ziet worden? Sociale benadering dementie: er gaat gebouwd worden aan een formeel en informeel netwerk.
Wordt dit gebouwd vanuit de cliënten of van uit beleid en bezuinigingen? Er wordt aandacht gegeven aan de dagbesteding, wordt dan gelijk ook gekeken naar het vervoer naar die dagbesteding? Er wordt niet altijd geluisterd naar de vraag van vervoer vanuit de cliënt maar naar de aanbieder dagbesteding die vaak het vervoer regelt. Onafhankelijke cliëntondersteuning : Kan men hier ook ervaringsdeskundigen aan toevoegen? Beschermd wonen en maatschappelijke opvang. In de uitvoering van dit beleidsplan mis ik de inzet van ambulante hulp. Kan dit toegevoegd worden? Verbreden werkwijze Thuis in Zuidoost. Uit een eerste evaluatie blijkt dat de werkwijze van TIZO succesvol is en tot structurele besparing leidt. Is dit project ook afgestemd met de cliënten en hun ervaringen? Persoonsgebonden budget. Hierin kunnen wij lezen dat de inwoners zich niet gedwongen hoeven te voelen om
Bespreken in de raad
5
Fractie
Standpunt
Toelichting standpunt
Advies
voor een PGB te kiezen omdat onze gemeente niet het juiste aanbod heeft ingekocht bij de natura-voorzieningen. Maar hoe zit dat andersom? Als een inwoner gedwongen wordt om af te zien van een PGB om hulp in natura te aanvaarden? Dit komt voor als mensen bv door het verslechteren van hun lichamelijke conditie ander vervoer nodig heeft. De Bossche Groenen
Nader te bepalen
Positief is dat wordt ingezet op positieve gezondheid, gelijkwaardige kansen en onafhankelijke cliëntenondersteuning. Ook het inzetten op een beter bereik van cliënten die minder goed bereikt werden zoals andere culturele achtergronden, psychisch kwetsbaren etc. stemt onze fractie positief. We hebben een aantal vragen op basis van het gedane voorstel, wellicht van een meer technische aard dan tijdens een reguliere commissiecyclus. We signaleren wel dat er tussen de krachtvelden ‘focus op informele zorg’ en ‘verder afbouwen zorguitgave’ een uitdaging zit in het voorkomen van onnodig uitstellen van zorg of zelfs een afschrikwerkende prikkel, met name op hierboven genoemde en andere kwetsbare doelgroepen. College erkent zelf ook de drempel om hulp te vragen. Nieuwe cliënten hebben er vaak al een informeel traject opzitten voor ze zich melden, in de uitvoering zal monitoring dus heel belangrijk worden, wellicht dmv extra informatiemomenten naar de raad - Transities naar KOO, informele zorg en lichte ondersteuning zijn nog bezig. Wachttijden binnen KOO lopen nu op, complexere zorgvragen zullen blijven vragen om professionele regie. - Kansontwikkeling en professionele mogelijkheden voor m.n. cliënten met een afstand tot de arbeidsmarkt, dit verdient professionele begeleiding evt. van informele netwerk, maar wel met bewezen methodieken.
(Hoe wordt dit gewaarborgd?) Kortom; veranderingen op het vlak van specialistische hulp en eerste uitvoering door informele ketenpartners vraagt om goede monitoring. We moeten een stevige vinger aan de pols houden als het gaat om de wisselwerking tussen de poort(wachter) v/h zorgbedrijf en evt. toename uitgestelde zorg. Het laatste wat we willen is dat mensen afhaken met een vroege hulpvraag en op een moeilijker moment in hun traject alsnog moeten instromen. Positieve gezondheid is wél een effectieve stap in duurzaam preventiebeleid. We kunnen ons voorstellen dat er in dit kader ook samenwerkingen kunnen ontstaan met informele wijkinitiatieven zoals buurttuinen, stadslandbouw community, sociale eetclubs, lokale buurderijen etc. We zien kansen ook voor Voedselbank. Het is goed dat d.m.v. meerjarige subsidies en transparante verdeling rust word gecreëerd voor vrijwilligersorganisaties. Maar hoe waakt de gemeente voor overbelasting en overvraging vrijwilligers als de zorgvraag naar verwachting toe gaat nemen, behalve dmv (al bestaande) ondersteuning Galant? De aanpak zoals met Vanzelfsprekend op het vlak van mantelzorg zou wellicht ook breder voor vrijwilligers kunnen worden toegepast. Mantelzorg: Goed dat wordt doorgegaan met Vanzelfspekend! en doorontwikkeling focusgroepen
Bespreken in de raad
6
Fractie
Standpunt
Toelichting standpunt
Advies
Inkoop dagbesteding psychisch kwetsbaren via Loods en Jong Actief is positief, maar ook hier zijn we benieuwd hoe een evt. opschaling zich vertaalt in de koppeling en professionalisering door ketenpartners als Reinier v Arkel, CVTB etc? Sociale benadering dementie: positief. Gemeente zou dit zelf ook meer kunnen uitdragen, goede voorbeeld geven. Dagbesteding WXL en RVA; maatschappelijk rendement moet wat DBG betreft boven kostenbesparing gaan. We gaan onzekere tijden tegemoet en moeten ons voorbereiden op bredere maatschappelijke uitval, dus breed inzetten op ondersteuning ipv een efficiëntieslag forceren met risico op een terugslag effect. Clientondersteuning: positief over programma Movisie mbt verbeteren bekendheid cliënt ondersteuning. 40 % weet de weg niet naar cliëntondersteuning, wanneer zitten we op 0%? Samenvoeging 24 uurs opvang jongeren en volwassenen samengevoegd als bezuinigingsmaatregel. Gezins- en vrouwenopvang dito. Hoe worden kwetsbare kinderen/jongeren beschermd? Sport cultuur en maatschappij: Wij zien verdere mogelijkheden voor ontschotting en samenwerking met partijen op het snijvlak van cultuur en maatschappij (Academie voor Beeldvorming, Social Label, Paleis voor Volksvlijt) zijn in de opdracht tot kostenbesparing credible partners Conclusie: Eerst inwoners centraal, dan grip op de poort.
(Door Covid uitgestelde of onverwachte zorg is duurder dan preventieve zorg, uitgaan van vertrouwen en zoveel mogelijk monitoren. PvdA
Instemmen met het voorstel
Als Partij van de Arbeid steunen we het in de basis degelijke raadsvoorstel maar hebben we wel een aantal aandachtspunten. Allereerst betreft dat de positie van mantelzorgers nu de HHT is ingetrokken. We krijgen van behoorlijk want mantelzorgers juist in deze tijd signalen van overbelasting. Ook horen we van de aanbieders van huishoudelijke hulp dat tientallen mantelzorgers die zijn aangemeld voor reguliere huishoudelijke hulp nog niet door de beschikkingsmolen heen zijn. een aanzienlijk deel van hen krijgt nu –per 1 januari- geen hulp meer terwijl dat wel nodig is. Hier dringen we aan op ruimhartigheid en snelheid. Grip op de poort mag immers niet betekenen dat overbelaste mantelzorgers er alleen voor komen te staan. Hier gaat teven kost voor de baat uit – wie hen nu in de steek laat ziet de zorgvraag later vergroot terugkomen. We pleiten dus voor snelheid, ruimhartigheid en overzicht. Daar zullen we met een motie voor komen met partijen die dit probleem ook aankaarten; Ook het terugdringen van de blijvende wachtlijsten voor basisondersteuning en licht specialistische hulp verdient aandacht. Sinds 2015 kampen we in onze stad met wachtlijsten die tot soms wel negen weken oplopen. De problemen m.b.t. de beschikkingen van de mantelzorgers laten ook nu zien dat de problemen nog niet over zijn.
Uitgangspunt moet zijn dat zorgbehoevende inwoners binnen twee weken de hulp krijgen die ze nodig hebben. Daarover horen we graag voor de raad de portefeuillehouder; Daarnaast zouden we in de uitgangspunten graag twee zaken opgenomen zien.
Bespreken in de raad
7
Fractie
Standpunt
Toelichting standpunt
Advies
Allereerst dat hulp zoveel mogelijk geleverd wordt door één vertrouwd gezicht in huis. Nu worden bijvoorbeeld huishoudelijke hulp en hulp bij wassen en maaltijden door verschillende aanbieder geleverd. Hulpbehoevenden hebben liever één gezicht én het scheelt aanrijtijden, kosten, back-office etc. Kortom: het versimpelen van hulp aan de kant van het aanbod is beter voor inwoners en gemeente. Daarnaast hebben we bij de uitgangspunten nu zaken opgenomen mbt de cliënt (ook eigen verantwoordelijkheid en de zorgverlener (ruimte voor maatwerk) maar niets ten aanzien van de aanbieder. Dat zien wij graag wel met de notie dat we kiezen voor aanbieders die vanuit maatschappelijk en sociaal oogpunt kiezen voor deze sector en die dus de governance, verantwoording, kwaliteit van bestuur, personeel etc goed geregeld hebben. Dit ook om uit te spreken dat we in ’s-Hertogenbosch verwachten dat aanbieders niet in de wedstrijd zitten om een zo groot mogelijk profijt voor zichzelf te draaien maar voor onze inwoners. Moties/amendementen worden overwogen over de volgende punten: 1. De positie van mantelzorgers nu de HHT is ingetrokken; 2. Het terugdringen van de blijvende wachtlijsten voor basisondersteuning en licht specialistische hulp; 3.
Het opnemen in de leidende principes van een tweetal extra uitgangspunten: a) zoveel mogelijk een vertrouwd gezicht in huis b) aanbieders met solide governance, verantwoording, kwaliteit van bestuur, personeel etc Leefbaar 'sHertogenbo sch
Instemmen met het voorstel
Het is een beleidsvisie, op een nog hoog abstractieniveau. Veel zal afhangen van de concrete invulling. In zijn algemeenheid kunnen we ons wel vinden in de leidende principes. We hebben echter wel een aantal opmerkingen/kanttekeningen. U geeft aan in te zetten op een sterke informele basisstructuur en basisondersteuning met de verwachting dat de vraag naar specialistische (lichte en zware) ondersteuning vermindert. Nu is dat iets wat al bij de decentralisaties breed uitgedragen werd. Zijn daar resultaten op geboekt. Waar is die verwachting op gebaseerd, is dit op basis van die ervaringen en is dat in getallen uit te drukken? U zet zoveel mogelijk in op zelfredzaamheid te bevorderen en praat over “een steuntje in de rug”. We mogen hopen dat onze zorg hiermee niet zoveel mogelijk wordt verschraald. U praat ook over een gemeentelijke portemonnee die niet oneindig is. Wordt hiermee dan toch niet min of meer een ‘verkapte’ bezuiniging gerealiseerd wordt door strengere toepassing van het beleid? U rekent op de eigen verantwoordelijkheid van mensen, wat als mensen geen beroep willen doen op hun sociale omgeving om wat voor reden dan ook, hoe gaat de gemeente hier mee om, blijft er een goed vangnet? U verschuilt zich niet achter de regels en heeft de houding om het ‘mogelijk te maken’. Dat juichen wij toe, kunnen we hier uit op maken dat de Leefwereld van de inwoner centraal staat?
Bespreken in de raad.
8
Fractie
Standpunt
Toelichting standpunt
Advies
Veel moet nog uitgewerkt worden in een uitvoeringsagenda, u betrekt daar de Wmo Adviesraad hierbij. Dat vinden we een goede zaak, op welke wijze wordt de Raad geïnformeerd, c.q. er bij betrokken? Verder missen we in deze visie een aantal zaken: - Inzet technologische middelen, digitale mogelijkheden; - Relatie Zorgbedrijf, Wijkteams en KOO om invulling te geven aan de leidende principes; - U gaat uit van een sterke basisinfrastructuur maar gaat niet in op buurthuizen en huiskamers en bewonersinitiatieven die hierbij een grote rol kunnen spelen. Dit is ook een constatering van de Adviesraad Wmo en Jeugdhulp; - De woningcorporaties, hoe worden zij betrokken bij de uitwerking? - U wilt vanaf 2022 binnen de financiële kaders blijven, we zien echter geen berekeningen/begroting i.r.t. de beleidsvisie die voorligt. Kunt u aangeven of en hoe bovengenoemde zaken worden meegenomen, bijvoorbeeld in de Uitvoeringsagenda? We overwegen een motie over vrijwilligerswerk. PVV
Nader te bepalen
PVV Den Bosch heeft nog de nodige vragen en opmerkingen. 1. Paragraaf 3a Informele Basisstructuur stelt: "Per 2021 geven we meerjarige subsidies aan informele organisaties, waarbij we het beschikbare budget op een transparante en eerlijke wijze verdelen over de organisaties." Welke informele organisaties (of welk type organisaties) worden hierbij concreet beoogd? Aan welke criteria en voorwaarden moeten deze organisaties voldoen? Worden er ook bepaalde organisaties en/of activiteiten van subsidies uitgesloten, bijvoorbeeld organisaties/activiteiten gericht op godsdienstuitoefening of ideologie? Worden er nog eisen gesteld aan integratie-aspecten, bijvoorbeeld uitsluiting van activiteiten die alléén gericht zijn op behoud/uitoefening van een specifieke etnische cultuur in eigen kring (zoals specifiek gericht op alléén Turkse of Marokkaanse doelgroep)? 2. "Belangrijke uitgangspunten zijn hun bijdrage aan onze doelen en duurzame maatschappelijke meerwaarde." Hoe wordt dit getoetst en op basis van welke criteria? 3. "Subsidieregeling nieuwe initiatieven: Daarnaast stimuleren we initiatieven met de instelling van een subsidieregeling voor nieuwe initiatieven en Right to Challenge." In hoeverre en op welke wijze zijn de onder 1 en 2 gestelde vragen van toepassing op deze subsidieregeling? 4. PVV Den Bosch neemt ernstig aanstoot aan de afbeelding op p.
7 van de beleidsvisie over informele basisstructuur. Deze tekening toont met de vele islamitische hoofddoeken - zogenaamd "inclusief" - eerder een islamitische basisstructuur: dit zijn uitingen van islamitische vrouwenonderdrukking op basis van de sharia-eisen. Het ergste is nog wel dat op deze tekening ook jonge meisjes met een vrouwenonderdrukkende hoofddoek
Bespreken in de raad
9
Fractie
Standpunt
Toelichting standpunt
Advies
worden afgebeeld. Waarom promoot en vergoelijkt het college op deze manier islamitische vrouwenonderdrukking en het zelfs aan kinderen opdringen van sharia-hoofddoeken? Zou het college deze vorm van vrouwenonderdrukking, zeker naar kinderen, niet moeten ontmoedigen in plaats van islamisering met zulke plaatjes te normaliseren? 5. Op p. 9 van de beleidsvisie wordt gesteld: "Focusgroepen starten met mantelzorgers met een andere culturele achtergrond." Waarom specifiek inzetten op een "andere culturele achtergrond"? Zou in plaats daarvan in het belang van integratie en inburgering niet juist de inzet op onze Nederlandse cultuur en waarden en normen centraal moeten staan? 6. Pagina 12 van de beleidsvisie spreekt over de zorg aan psychisch kwetsbaren. Sinds 1 januari 2020 zijn de Wet verplichte ggz en de Wet zorg en dwang van kracht, waarin ook voor de gemeente een rol is weggelegd in het kader van de Wmo. Kan worden aangegeven wat de ervaringen en ontwikkelingen na één jaar zijn in onze gemeente bij de uitvoering van deze nieuwe wetten? 7. Op p. 14 wordt aangegeven: " Het eerste contact met inwoners verliep voorheen via het gemeentelijk contact centrum (GCC). In de praktijk bleek dat het niet altijd tot de juiste doorverwijzing leidde.
In een pilot in het najaar van 2020 lopen alle nieuwe aanmeldingen voor huishoudelijke hulp via Koo." Zijn de doorverwijzingen hiermee nu wel op orde? Eerder bleek dat veel inwoners nog niet goed bekend waren met Koo als aanmeldpunt voor huishoudelijke hulp, in hoeverre is dit inmiddels verbeterd? 8. Wat is de actuele situatie van de wachtlijsten voor huishoudelijke hulp? Wat wordt de concrete inzet in het kader van deze beleidsvisie om deze wachtlijsten te doen verminderen? Zijn er voor de Wmo-wachtlijsten ook specifieke prestatie-indicatoren opgesteld? 9. Het raadsvoorstel stelt op p. 8 "Met betrekking tot het actuele financiële meerjarenperspectief voor de Wmo zien we financiële risico’s. Hiervoor nemen we een aantal beheersingsmaatregelen om de tekorten terug te dringen" Welke beheersingsmaatregelen betreft dit concreet en is dit voldoende om het Wmo-budget structureel op peil te houden? 50PLUS
Nader te bepalen
Voorstel legt nogal de nadruk op kostenbeheersings maatregelen. Wij pleiten voor een hardheidsclausule als inwoners aan de poort worden afgewezen en een seconde opinieonderzoek bij afwijzing. De menselijke maat mag niet uit het oog worden verloren! Op deze punten wordt een motie overwogen.
Bespreken in de raad
gewoon geDREVEN
Nader te bepalen
-
Bespreken in de raad.
10