CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Resultaten haalbaarheidsstudie samengevat

Gemeenteraad 20 september 2023, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Voortgang Proeftuin ’t Zand1.125 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 1: Proeftuin ’t Zand, samenvatting haalbaarheidsstudie 1.

Waar halen we de warmte vandaan? Oorspronkelijk plan: We halen warmte uit het water (aquathermie). Hiervoor komt een installatie in de Dommel. Ook halen we warmte uit de zon (zonthermie). Dat doen we met zonnecollectoren op de daken. Leerpunten: Eerder is bedacht om met warmte uit de zon de buurt te verwarmen. Omdat de panelen op de daken te weinig warmte konden opwekken, is daar warmte uit het water aan toegevoegd. Nu blijkt dat we voldoende warmte uit het water kunnen halen, om de buurt te verwarmen. Voor de Proeftuin is warmte uit het water een slimmere oplossing doordat het goedkoper is te installeren en te onderhouden dan warmte uit de zonnecollectoren. Door een installatie in het water te plaatsen, onttrekken we lokaal warmte uit de Dommel. In de zomer is het water in de Dommel circa 16-18 graden. Met een speciale plaat in het water, onttrekken we warmte uit de dommel. Het water van de dommel en de installatie is van elkaar gescheiden, het gaat puur om de warmte die uitgewisseld wordt. De Dommel knap er van op, doordat de temperatuur van het water in de zomer veelal te hoog is voor de vissen en planten. Door de installatie koelt het water plaatselijk af. Vervolgstappen: We laten de zonnecollectoren uit het plan en we richten ons op warmte uit het water en de lucht. Belangrijk uitgangspunt voor verdere verdieping is dat de bron betaalbaar is en duurzaam.

2.

Hoe krijgen we de warmte naar de woning? Oorspronkelijk plan: We transporteren de warmte via ondergrondse buizen (warmtenet) en slaan het op in de grond voor in de winter. De warmte die we transporteren en opslaan is van lage temperatuur (circa 18 graden). Alle buizen komen op 1 punt samen, van waaruit het verdeeld wordt naar alle woningen. Leerpunten: Een warmtenet aanleggen in een bestaande woonwijk is ingewikkeld. Het is al behoorlijk druk in de bodem van ’t Zand. Het riool neemt veel ruimte in beslag, en het is een wirwar van vele kabels en leidingen. Op basis van openbare gegevens heeft het ingenieursbureau uitgezocht hoe de buizen vanuit de dommel door de wijk heen kunnen lopen. Er zijn een aantal plekken aangewezen waar – onder de grond - een put geslagen wordt om de warmte in de zomer op te slaan. De buizen komen samen op een centraal verdeelpunt. Het ingenieursbureau heeft het Luciaplein aangewezen als meest kansrijke locatie. Het verdeelpunt is te vergelijken met een installatiegebouw van circa 6 bij 10 meter en drie meter hoog. Het installatiegebouw zou een deel van het plein opslokken. Het bureau heeft praktijkvoorbeelden genoemd, waar het installatiehuisje een dubbelfunctie heeft gekregen zoals een klimwand. Vervolgstappen: Of de buizen ook echt in de grond passen, is niet alleen te beantwoorden aan de hand van openbare gegevens.

’t Zand is namelijk een oude buurt, we weten daarom niet precies wat en waar in de bodem ligt. Er zal verdiepend onderzoek nodig zijn om dat te bepalen. Mogelijk zal er in de toekomst een proefsleuf gegraven worden om een beter beeld te krijgen. Voor het installatiegebouw willen we liever geen ruimte van het Luciaplein innemen. Áls dat niet anders kan, willen we het zo ontwerpen dat het aantrekkelijk is en ook iets positiefs toevoegt aan de omgeving. Nog liever verwerken we de installaties in een bestaand gebouw, zoals de Willem Twee. Of dat kan, vraagt om verdiepend onderzoek.

3.

Hoe houden we de woning warm? Oorspronkelijk plan: De warmte die de woning binnenkomt is van hele lage temperatuur (ca. 18°C). Daardoor is een warmtepomp in iedere woning nodig die de warmte opkrikt naar circa 50 graden. De standaard CV-ketel geeft 70 a 90 graden warmte. Om de woning met 50 graden warm te houden, moet er goed geïsoleerd worden.

Leerpunten: Doordat je met een lage temperatuur verwarmt, heb je én een warmtepomp nodig én extra veel isolatie nodig. Het bureau heeft verschillende type woningen in de Proeftuin bezocht om een idee te krijgen welke aanpassingen nodig zijn. Voor een groot deel van de woningen concludeert het bureau dat de benodigde isolatiemaatregelen onevenredig veel geld kosten ten opzichte van de energiebesparing. ’t Zand is beschermd stadsgezicht, dat maakt extra veel woningisolatie lastig en kostbaar. Het ingenieursbureau adviseert om de woningen centraal met 70 graden te verwarmen. Door met 70 graden te verwarmen, kunnen meer woningen aangesloten worden. Het al dan niet extra isoleren, kan gefaseerd uitgevoerd worden, zonder een aansluiting op het warmtenet in de weg te zitten. (stapsgewijs) Isoleren blijft interessant om het energiegebruik naar beneden te brengen. Als in Proeftuin de warmte op buurtniveau naar 70 graden wordt gebracht, hoeven er in de woningen geen warmtepompen meer geplaatst te worden. Een gemiddelde warmtepomp is groter dan een CV-ketel, en is vergelijkbaar met een grote koelkast. Dat is een voordeel omdat in een aantal woningen de ruimte voor een warmtepomp zeer beperkt is. Vervolgstappen: We focussen primair op het leveren van warmte met een hoge temperatuur (ca. 70°C). Daardoor is er geen warmtepomp nodig en ook niet extra veel isolatie.

Hierdoor kan in principe iedereen aangesloten worden op het warmtenet en zijn huis goed verwarmen. Iedereen kan dan ook in z’n eigen tempo isoleren. Het concept van een hoge temperatuur gaan we verder onderzoeken. 4.

Wie beheert het warmte-systeem? Oorspronkelijk plan: Bewoners richten eigen warmtebedrijf (’t Ecozand) op en hebben daarmee zeggenschap over hun eigen warmte. Een eigen warmtebedrijf zou geen winst nastreven en daardoor tegen lagere tarieven warmte kunnen leveren. Leerpunten: Het oprichten van een warmtebedrijf is een hele ontdekkingstocht. De woningen moeten het hele jaar door kunnen rekenen op warmte. Ieder warmtebedrijf moet aan de Autoriteit Consument & Markt kunnen aantonen dat zij beschikt over de benodigde organisatorische, financiële en technische kwaliteiten. ’t Ecozand kan de rol van professioneel warmtebedrijf niet vervullen. De wetgeving wordt intussen veranderd waardoor ook niet-commerciële bedrijven (zoals gemeenten) nu ook de rol van warmtebedrijf kunnen vervullen. Vervolgstappen: We gaan onderzoeken of de gemeente en netbeheerder samen een warmtebedrijf kunnen oprichten zonder winstoogmerk.

5.

Is het (financieel) haalbaar? Oorspronkelijk plan: Het doel is om betaalbare en duurzame warmte te leveren aan de woningen in de wijk. Leerpunten: Met het warmtesysteem uit het oorspronkelijke plan lukt het niet om betaalbare warmte te leveren. Door alle obstakels worden de kosten voor het warmte-systeem namelijk veel te hoog.

Vervolgstappen: We gaan het ontwerp van het warmte-systeem aanpassen. Het ingenieursbureau heeft hiervoor een aantal suggesties gedaan, net als een aantal bewoners. In het vervolgonderzoek gaan we onderzoeken of de aanpassingen voor betaalbare warmte zorgen. Proeftuin ’t Zand heeft subsidiegelden vanuit het Rijk ontvangen. Het aangepaste plan zal ook aan het Rijk voorgelegd worden om deze gelden te kunnen blijven inzetten voor Proeftuin ’t Zand.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12942923/2