CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen raadsvergadering 2026-06-17

Gemeenteraad 7 juli 2026, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Goedkeuring notulen van de openbare raadsvergaderingen van de gemeenteraad van 9, 16 en 17 juni 202629.566 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

13

De heer VAN HATTEM: Zo makkelijk komt de heer Schuurmans hier niet mee weg, want maatwerk en ontheffingen zorgen er nu juist voor dat het voor ondernemers veel ontransparanter, ongemakkelijker wordt en onzekerder. En dan hoor ik toch graag van de heer Schuurmans welke regels er nu eigenlijk worden geschrapt. Wat wordt er daadwerkelijk aan minder regels neergelegd? Laat hem maar eens aantal voorbeelden noemen. De heer Schuurmans heeft vast alle voorbeelden klaarliggen wat er nu echt beter wordt voor ondernemers, want ik lees het niet uit dit bestuursakkoord. De heer SCHUURMANS: Als we bijvoorbeeld over de regels kijken hoe we zon op dak beter mogelijk kunnen maken, hoe we zon op dak ook bij monumentale panden mogelijk kunnen maken, voor inwoners bijvoorbeeld. Dat begint al met: van wat eerst niet kon gaan we kijken hoe het wel kan. Dat is een van de voorbeelden en we kunnen er nog een heel lange avond net zoals gisteren van maken, maar we kunnen door blijven gaan daarin. Het is daarbij ook zaak dat we het college ook scherp houden, op het moment dat we het over regels erbovenop gaan hebben, de komende weken, maanden en jaren, dat we daar ook zeggen: niet doen, niet bovenop landelijk beleid gaan plussen, tenzij het echt niet anders kan.

Dat is een mentaliteit, en dat gaat niet over het eerste voorbeeld, tweede voorbeeld of het derde voorbeeld, want dan zijn we nog wel even bezig. Het gaat om een houding die het college, die wij als raad met elkaar moeten gaan houden. En dat ademt dit bestuursakkoord. De heer VAN HATTEM: Dat is een heel lang antwoord van de heer Schuurmans van de VVD, maar echt daadwerkelijk minder regels voor ondernemers hoor ik er niet uit. Ja, makkelijker zonnepanelen op monumentale daken leggen. Het tast ons erfgoed aan, maar dat is niet iets wat het ondernemers makkelijker maakt. Wat er daadwerkelijk aan minder regels in zit, proef ik er niet uit. Misschien terughoudender zijn met extra regels, dat zou kunnen, maar echte voorbeelden van minder regels, waar hij net heel duidelijk mee kwam, zit er niet in. We hebben de afgelopen periode gehoord dat met name de horecaondernemers en het mkb het water aan de lippen staat, dus dan hoor ik toch graag: hoe kan de VVD nu trots zijn op dit bestuursakkoord terwijl er daadwerkelijk niets in zit aan minder regels voor ondernemers? De heer SCHUURMANS: Ook daar, en het is misschien een wat makkelijk antwoord, dat begrijp ik ook wel, maar daar hebben we een collegeprogramma voor, en daar staat ook een wethouder Economie, die zit achter mij en daar heb ik het volste vertrouwen in. De heer RADEMAKERS: Ik wil graag nog heel even doorgaan op die ondernemers.

We hadden het net ook al over de parkeerplaatsen. Hoe kijkt mijnheer Schuurmans aan tegen de volgtijdelijkheid over de parkeerplaatsen? Er wordt gezegd: we gaan parkeerplaatsen schrappen in de binnenstad en er komen parkeerhuizen voor terug. Is er iets bekend over: gaan we eerst parkeerplaatsen schrappen en dan pas de parkeerhuizen bouwen of gaat dat gelijkmatig? Hoe ziet de VVD dat voor zich? De heer SCHUURMANS: Het voordeel van een vraag die telkens herhaald wordt is dat de voorbereiding daardoor wat makkelijker wordt. Op het moment dat we dan ook kijken naar het collegeprogramma, waarin tastbaar wordt wat, wanneer en hoe, dat we dan ook een wethouder Mobiliteit hebben waarvan ik best wel gehoord heb dat het een toffe peer is en daar heb ik ook het volste vertrouwen in. De heer KAGIE: In het verlengde van de heer Van Hattem, laat ik hem gewoon heel concreet en platslaan. Via de voorzitter, u bent betrokken geweest bij het akkoord, waar ligt volgens u de noodzaak tot 4% stijging van het vastgoed dat niet een woning is op de ozb? Waar ligt de noodzaak? Ik zie een gemeente die elk jaar € 20 miljoen over laat.

De heer SCHUURMANS: Als we naar het totale pakket op financieel gebied kijken, dan staat daar niet alleen dat er inderdaad één keer een eenmalige stijging is, maar dat we ook kijken naar enkele miljoenen die de gemeente kan gaan besparen de komende jaren, bijvoorbeeld met toekomstbestendig kijken naar het proces met behulp van data en AI. Dat betekent dat we niet alleen kijken naar: wie betaalt meer? Maar ook kijken naar: wat kan er minder om het nog steeds goed te doen met elkaar. Dus als we het volledige verhaal vertellen. Zojuist gaven we aan dat we op veiligheid mooie stappen maken, dat is niet gratis. En dat betekent dat we concessies doen in de gesprekken met elkaar. Dat betekent dat we in bestuurlijke verantwoordelijkheid ook eens een keer 14

een bittere pil slikken, dat er een keer betaald moet worden voor wat we gaan doen. De heer KAGIE: Een ander onderwerp, in het verlengde van het CDA. We kunnen allemaal vertrouwen hebben in de heer Geers en dat snap ik in uw positie zeker. Tegelijkertijd vraag ik me wel af wat voor criterium we de heer Geers meegeven als het gaat om de balans houden in het schrappen van parkeerplekken en de belofte van parkeergarages die voorlopig nog heel moeilijk is. We hebben wat vraagstukken op tafel liggen en dat is allemaal niet makkelijk in die wereld waarin we zitten. Hoe gaan we die balans samen bewaken in de opdracht naar het programma van het college? De heer SCHUURMANS: Dat zit vooral ook in het parkeerplan dat de komende tijd ook nog komt voor te liggen. Daar gaan we als raad het zeker nog met elkaar over hebben. Dat is een van de stukken papier, maar dat betekent ook de mentaliteit die we met elkaar hebben, dat we er ook scherp op gaan zijn op het moment dat parkeerplaatsen weggaan, dat we niet gaan starten met de parkeerplaatsen die het meest gebruikt worden en waar inderdaad zoals de heer Elders van D66 al aan refereerde, het moeilijk is om bomen te planten. Dat is scherp kijken waar je start. En vier jaar voelt kort, het kan ook lang zijn, het betekent dat we de komende vier jaar daar goed de vinger aan de pols moeten houden.

De heer KAGIE: Weer een ander onderwerp, 2050, het ambtelijk apparaat. Ik ken de heer Schuurmans als een liberaal die houdt van een kleine overheid. Op dit moment is het corpulent. Dus mijn vraag is aan de heer Schuurmans: als je naar 2050 kijkt, waar is dan de analyse met welk type ambtelijk apparaat we dat zouden moeten doen? De heer SCHUURMANS: Als ik de vraag mag interpreteren als: hoe kijken we naar het ambtenarenapparaat van de gemeente 's-Hertogenbosch in 2050 dan zit daar juist ook de slimmigheid in van slimme processen, van slimme manieren naar vooruitkijken. Dus juist ook het komend jaar incidenteel € 500.000 om met de organisatie te gaan kijken hoe we nu slimmer kunnen gaan werken met elkaar. En dat hoeft echt niet alleen te zeggen dat je mensen de laan uitstuurt, dat betekent ook slimmer met elkaar werken en kijken naar die grotere taken die je als gemeente moet absorberen, wat er van landelijk naar lokaal komt. Er was enkele weken geleden een ontzettend onhandig gesprek hier in deze raadzaal. Die mening delen we met elkaar niet, want er zijn veel taken die de gemeente moet doen, maar wel slimmer met elkaar gaan kijken: hoe kunnen we nu met in ieder geval slimmer werken, zorgen dat het niet verder uitdijt, daar vinden we elkaar. De heer HOEBEN: Toch nog even terug naar het favoriete onderwerp van de raad, parkeerplaatsen.

Want het antwoord dat de VVD zojuist gaf, baart mij toch een beetje zorgen, want gaan we nu parkeerhuizen bouwen en dan pas parkeerplaatsen uitfaseren? Terwijl we ook weten dat er een bepaalde overcapaciteit is en dat een parkeergarage, parkeerhuis, iets duurder is, dus dat daar eigenlijk doorgaans geld bij moet. Wat is nu de volgorde die de VVD hanteert? En dat is niet het vertrouwen in de wethouder, maar concreet. De heer SCHUURMANS: Dat start met het vertrouwen in de wethouder, maar daarbovenop zit ook wel: de ene parkeerplaats is de andere niet. De ene parkeerplaats wordt meer gebruikt dan de ander. En dat is een volgordelijkheid met elkaar, en uiteindelijk gaat het over dat parkeerplan en de parkeerbalans die we met elkaar hebben om deze stad in haar groei ook economisch vitaal te houden. Dan hoeft het niet per se elkaar daarin te gaan snijden. Over de tijd heen die parkeerhuizen creëren, kijken naar de parkeerplaatsen die minder gebruikt worden, zou ik voorstellen, dat lijkt me in ieder geval een makkelijke stap om met elkaar te maken. Dan kan het en, en worden. En op het moment dat we echt gaan zeggen: er moet een heel lijstje komen: welke plaats op welk moment, laten we dat de wethouder niet aandoen en met elkaar in deze raad scherp blijven hoe we dat in volgordelijkheid gaan doen.

De heer HOEBEN: Met dat laatste ben ik het eens, dat laten we vooral aan de wethouder over. Maar ik wil echt wel even zeker weten dat de VVD ook inderdaad begint met meewerken aan saneren van parkeerplaatsen, desnoods de minst gebruikte, maar wel voordat er parkeerhuizen gerealiseerd zijn, want die kosten gewoon geld. Dan een andere vraag over het STS. Daar lezen we: de auto weren waar die niet noodzakelijk is. Hoe definieert u niet noodzakelijk? De heer SCHUURMANS: Dat zit bijvoorbeeld in de rondjesrijder. Met een rondje rijden wordt 15

er geen geld uitgegeven, met een rondje rijden wordt niemand bezocht. Met een rondje rijden komt er geen mantelzorger aan de deur. Dat betekent dat je daar met de auto bent waar je niet hoeft te komen. Beantwoord ik de vraag daarmee voldoende? De heer HOEBEN: Daar kan ik wel degelijk wat mee. Ik heb nog één vraagje. Want ook de woningbouwopgave is belangrijk en daar staat u ook volledig achter, ook met de betaalbaarheid. Maar we weten ook dat natuurinclusief bouwen geld kost. Als we die duizend woningen gaan realiseren, is de VVD het er dan mee eens dat we ook huizen bouwen voor onze beestjes, dus de natuurinclusieve middelen die we daarbij kunnen hanteren? De heer SCHUURMANS: Sterker nog, daar zijn ook gewoon verplichtingen voor. De VVD loopt niet weg voor haar verplichtingen, dus dat zit ook gewoon in dit plan. De heer HOEBEN: Iets te makkelijk, want de verplichtingen zijn best wel laag, dus die normen zijn wel wat minder. En ook als u naar die kant van de zaal kijkt, weet ik toch dat daar ook heel veel aandacht aan besteed is in de vorige periode al om daar zaken voor elkaar te krijgen, om dat in ieder geval wat meer te doen. We hebben het over betaalbaarheid van de woningen gehad. Is de VVD ook bereid om ook dat natuurinclusief niet los te laten maar wel dus gewoon ten minste de norm, maar eigenlijk die plus te realiseren, ondanks dat dat misschien wel geld kost.

De heer SCHUURMANS: De tekst uit het bestuursakkoord is daar heel duidelijk over. De heer RADEMAKERS: We hebben het al uitgebreid gehad over de consequenties van de ozb-verhoging voor bedrijven, maar die gaat ook gelden voor onze verenigingen. Hoe kijkt de VVD ernaar om onze verenigingen te ondersteunen? Ziet ze dat als een probleem, wil ze die nog tegemoetkomen, zien we dat ook nog terug in het collegeprogramma? Hoe kijkt de VVD daarnaar? De heer SCHUURMANS: De ozb en of we wel of niet verenigingen moeten ondersteunen zie ik als twee compleet losstaande dingen. Dat moeten we hoe dan ook doen, met of zonder ozbverhoging. Dat doen we al, en dat blijven we ook doen. De heer RADEMAKERS: Maar de ozb-verhoging betekent wel dat zij extra lasten ervaren, en er zijn al verenigingen in Den Bosch die in nood verkeren. Hoe rijmt de VVD dat? De heer SCHUURMANS: Laat ik vooropstellen dat de VVD nooit blij is met lastenverzwaringen. Dat kan ik niet vaak genoeg herhalen. Dat doen wij echt niet zomaar, maar dat ontslaat ons niet van het goede gesprek met de verenigingen om te kijken hoe we dus wel zorgen dat het sluitend kan komen. Maar dat zien wij niet als twee zaken die direct met elkaar te linken zijn, waardoor we nu niet die ondersteuning zouden moeten gaan bieden die we al jaren, bijvoorbeeld met het team verenigingen, al bieden aan de besturen van die verenigingen.

De heer RADEMAKERS: We wachten het collegeprogramma nog geduldig af. Ik heb nog een ander vraagje. We zien ook in het bestuursakkoord dat we willen beginnen met de warmtetransitie vooral in buurten met hoge energiearmoede. Dat klinkt heel nobel, maar een transitie kent gewoon hoge kosten in het begin en die worden lager naarmate de transitie natuurlijk voortgaat. Hoe kijkt de VVD ernaar om juist in buurten waar de energiearmoede zo hoog is, te beginnen, wat mogelijk betekent dat de lasten voor die inwoners ook sterk gaan toenemen? De heer SCHUURMANS: Ik ben even aan het nadenken om te rijmen waarom dat met die lasten direct met elkaar te maken zou hebben. Want als we kijken naar de stappen die wij de komende jaren met dit bestuursakkoord zetten, is het juist het houden van draagvlak en tegelijkertijd grote stappen maken. Dat betekent ook dat we inwoners niet zomaar gaan opzadelen met heel hoge lasten. Juist met het investeren in wijken waar die energiearmoede het hoogst is, daar zorgen we juist het meest ervoor, want de energietransitie is er niet alleen omdat er klimaatverandering is. Het is ook vanwege de hoge energielasten en om die te dempen met elkaar. En dan is het, en dat is zeker een liberaal standpunt, dat zullen we ook altijd blijven uitdragen, juist investeren waar het het meest oplevert, zowel economisch als maatschappelijk.

Dat is waar de VVD voor staat, ook in dit bestuursakkoord. De heer RADEMAKERS: Maar volgens mij blijkt ook dat isolatie gewoon het allerbelangrijkst 16

is om energiearmoede aan te pakken. We weten gewoon uit de cijfers dat die energietransitie ontzettend veel geld gaat kosten voor de aansluitingen, 50% tot 100% meer. Waarom gaan we dat dan juist doen in de buurten waar de energiearmoede dan het hoogst is en juist die lasten daar bij die inwoners komen? De heer SCHUURMANS: Dan verwijs ik naar het stuk over het soortenmanagementplan. Juist die stappen die we met het bestuursakkoord gaan zetten om te zorgen dat er geïsoleerd kan blijven worden. Tot 2028 wordt het heel lastig, juist dan ging het ook even over de huisvesting van niet personen maar ook dieren. Dan gaat het juist over de vleermuizenhuizen en ook echt dat soortenmanagementplan te hebben om in alle wijken te zorgen dat isoleren kan doorgaan. En de afgelopen jaren is er al door het vorige college enorm veel gedaan op het gebied van isolatie en met dit bestuursakkoord zetten we ook weer die volgende stap om dat weer mogelijk te maken, in alle wijken. En er zit daarnaast ook nog eens een extra focus daarbij op de wijken met hoge energiearmoede. Er zit daarnaast ook nog het energiehuis voor inwoners en ondernemers waar iedereen met vragen terechtkan. Het mooie is, wanneer al die interrupties in het begin komen dat mijn verhaal al grotendeels verteld is.

We waren bij veiligheid, over het handhavingsbestel, waar we ook de versterking van de meldkamers hebben, zodat meldingen van onze inwoners en ondernemers sneller en beter worden opgepakt, want veiligheid vraagt daar juist om de juiste balans. We hebben daarbij ook oog voor preventie, maar pakken misbruik van het eerdergenoemde vertrouwen resoluut aan. Ten derde, doorpakken, vanavond al vaker besproken. Ondanks alle grote uitdagingen kiezen we voor de weg vooruit, over de volle breedte en met keuzevrijheid. Onze economie, de motor waar onze Bossche welvaart op draait, we gaan een centraal ondernemersloket realiseren en flink investeren in onze economische agenda. Denk daarbij aan het Actieplan Rosmalen, de Integrale Aanpak Brede Binnenstad, het data-ICT-ecosysteem op het Innovatie Kwartier en de Brainportpropositie op het gebied van de verantwoorde dataeconomie. Juist met het onderwijs, juist met het bedrijfsleven bedacht, dus echt niet summier, waar zojuist aan gerefereerd werd. We investeren in toekomstbestendige bedrijventerreinen met bijvoorbeeld energiehubs, om te zorgen dat bedrijven kunnen blijven groeien, ook bij een vol stroomnet. Werk en inkomen, we begeleiden mensen actief naar een baan, slaan de brug tussen onderwijs en bedrijfsleven met een nieuw arbeidsmarktpact en een mbo-agenda. De beste sociale zekerheid is immers een baan. Evenementen en sport.

Met een duidelijke visie op komst investeren we in de Oosttribune van FC Den Bosch. Extra evenemententerrein, spreiding over de gemeente, en waar we samen kunnen groeien, bijvoorbeeld in de vele dorpshuizen. Wonen. Ondanks stikstof en netcongestie blijft het credo Bouwen, bouwen, bouwen. Met focus op betaalbare koopwoningen en middenhuur, zodat de doorstroming op gang komt. En bereikbaarheid, al vaker benoemd vanavond. Want een bereikbare gemeente is een aantrekkelijke gemeente. De heer KAGIE: Ik hoor de heer Schuurmans zeggen: toekomstbestendig maken van bedrijventerreinen. U zegt zelf: incidenteel lasten laten stijgen, maar incidenteel bestaat niet in het laten stijgen van lasten. Hoe gaat u dat bekostigen? Ik zie het Ondernemersfonds benoemd, dat is opnieuw een lastenstijging. Graag een reflectie daarop. De heer SCHUURMANS: Dat is inderdaad iets wat in het collegeprogramma naar voren moet gaan komen, in beeld brengen wat er nodig is om die bedrijventerreinen vooruit te brengen. Daar moeten we dus op een later moment echt nog wel even op terugkomen, maar dat is nu nog niet in kaart om daarmee in deze begroting te zetten. Een bereikbare gemeente is een aantrekkelijke gemeente. We zetten daarbij in op alle vervoersmiddelen en dus ook ruimte voor de auto, maar met aandacht voor het stimuleren van alternatieven voor de auto.

Met de oostelijke ontsluiting, slimme verkeersoplossingen en het realiseren van extra parkeerhuizen houden we de stad en dorpen toegankelijk. Op het gebied van leefbaarheid, grootschalig vergroenen tegen onder andere hittestress. En we zetten in de energietransitie grote, realistische stappen. We nemen onze verantwoordelijkheid voor het tegengaan van klimaatverandering en zetten tegelijkertijd in op energiebesparing om de energierekening naar beneden te krijgen. Al deze ambities rusten op een financieel degelijk fundament. Financiële tegenvallers vangen we binnenskamers op. We gaan aan de slag om te kijken hoe we met slimmer werken het als gemeente zelf ook goed kunnen doen maar met minder kunnen doen. En het allerbelangrijkste, ondanks deze enorme investeringen voor de toekomst verhogen we de ozb voor onze inwoners niet. Ik rond af. Dit akkoord is het startschot, niet het eindstation. Er is al meermaals aan gerefereerd, er volgt nog een collegeprogramma. Maar het blijft aan deze voltallige raad om samen het inhoudelijke debat te voeren de komende jaren, om samen met gezond verstand te bouwen aan de toekomst van onze prachtige gemeente 's17

Hertogenbosch. De heer VAN ASCH: We bespreken vandaag het bestuursakkoord met de passende titel Meters maken. Dat vraagt natuurlijk om inkoppertjes, het lijkt er sterk op dat dat is wat er van de Bosschenaren verwacht wordt. In het akkoord lezen we over tal van wegen waarin geknipt wordt, en de ambitie om 50% en op termijn zelfs 100% van de bezoekersparkeerplaatsen in de openbare ruimte weg te halen. Een passend en concreet plan voor de realisatie van vervangende parkeervoorzieningen ontbreekt vooralsnog. Een tijdelijk alternatief op de Tramkade en de uitgesproken ambitie voor een parkeervoorziening aan de Binnenstadsring lijken voor dit college te volstaan. FVD ziet de komende plannen met belangstelling tegemoet. Ook ontbreekt het natuurlijk niet aan een volledige pagina over diversiteit, inclusiviteit en gelijkwaardigheid. De ontzettende uitsluiting, discriminatie en racisme die heersen binnen onze gemeentegrenzen worden met het dappere hijsen van regenboogvlaggen op Coming Out Day heldhaftig bevochten. Het college maakt werk van voorlichting over inclusie, lhbtiq+-sensitiviteitstrainingen en zelfs het reduceren van gemeentelijke communicatie tot B1-niveau, waarom niet meteen A2 of in alle talen? Er worden wel degelijk meters gemaakt, maar het zijn allemaal stappen in de verkeerde richting.

Wat betreft asiel, de zorgen van inwoners over de opschaling daarvan, over de opvangplekken, het college is daarover eveneens helder. We zetten in op omwonendenoverleg oftewel meer voorlichtingsavonden waarin terechte zorgen moeten worden gesust. Het wegpesten van de automobilist dus, opvang van talloze asielzoekers, zelfs nog meer dan het rijk van ons vraagt, regenboogvlaggen, sensitiviteitstrainingen, verhoogde belasting voor ondernemers, betutteling van rookvrije zones, tot aan valpreventie aan toe. Niets wordt aan de inwoners van onze gemeente zelf overgelaten. Voor elk terrein en elk gebied wordt door een groep pennenlikkers uit de ambtenarij een beleidsplan uitgetikt. En de rode draad in de plannen van onze uitdijende overheid is glashelder: de sterken gaan gebukt onder de enorme druk van de zwakken. Tot slot, samen met het rijk en andere partners voor, wordt gewerkt aan vernieuwing van het centraal station. Op zich positief, want erger dan dit kan niet, zou je denken, maar wie de plantekeningen er nog eens op naslaat, zal zich realiseren dat dat helaas niet het geval is. Een belangrijke locatie, een duur project, en een schets waar de honden geen brood van lusten en dat terwijl de betrokkenheid van inwoners niet nihil is.

Westlandse en Betuwse glastuinbouwers beginnen wellicht te watertanden bij het zien van deze megakas, maar als station en visitekaartje voor onze mooie stad is het minder geschikt. Kritiek op duurzaamheidsplannen of op de obsessie met seksuele afwijkingen of de opvang van nog meer asielzoekers… De heer SCHUURMANS: Ik zal het niet over seksuele afwijkingen hebben, maar de vraag die ik wil stellen, ik hoor de heer Van Asch namens Forum voor Democratie behoorlijk negatief. En u kent mij wellicht als een positief man, dus ik stel toch wel de vraag: wat voor positieve zaken heeft u in het coalitieakkoord gezien? De heer VAN ASCH: Er worden twee rotondes van dubbelzijdig naar enkelzijdig veranderd en dat vind ik top, want ik heb er een hekel aan. Kritiek op duurzaamheidsplannen of op de obsessie met seksuele afwijkingen of de opvang van nog meer asielzoekers zal bij een dergelijk college van liberalen en socialisten aan dovemansoren zijn gericht, maar als we iets voor elkaar krijgen, enigszins kunnen bijsturen, dan hoop ik, voordat er blindelings grote sommen geld worden overgemaakt, dat er tenminste wat eer wordt gedaan aan de historische binnenstad van 'sHertogenbosch. Schorsing De heer KOUWENBERG: Vandaag bespreken we een akkoord waar Rosmalens Belang met recht trots op is. Een akkoord waar we een flinke plus zien voor onze wijken en dorpen.

Een akkoord dat volgens ons antwoord geeft op wat inwoners van ons vragen. Woningen, bereikbaarheid, sterke verenigingen, leefbare wijken en dorpen. Een gemeente die groeit zonder haar karakter te verliezen. Kortom, meters maken. Een groeiende gemeente vraagt om woningen. Daarom maken we deze bestuursperiode harde plannen voor vierduizend woningen. Maar voor Rosmalens Belang gaat woningbouw verder dan aantallen alleen. Wij willen dat mensen in hun eigen omgeving kunnen blijven wonen. Daarom blijft er ruimte in dit akkoord voor kleinere woningbouwprojecten in Nuland, Vinkel, Empel, Engelen en Rosmalen. Want een dorp blijft alleen een dorp als verschillende generaties er kunnen blijven wonen. Daar hoort ook bereikbaarheid bij. De oostelijke ontsluiting is misschien wel het belangrijkste mobiliteitsproject deze bestuursperiode. Jarenlang werd er over 18

gesproken en in dit akkoord wordt er geleverd. De heer HOEBEN: U schakelt over richting die oostelijke ontsluiting maar ik wil het nog even over de woningbouw hebben, want u zegt al: het behoud van het wijkse en dorpse karakter. Wat betekent dat voor Rosmalen, oftewel: hoe kijkt u aan in de transformatie richting de hoogbouw en dan met name voor Rosmalen, meer woningen? De heer KOUWENBERG: Per project zal er gekeken moeten worden of dat project passend is in waar dat project landt. Dus mocht er iets in Rosmalen landen of in Vinkel of in Nuland, dan kun je je voorstellen dat hoogbouw misschien wat minder geschikt is dan hier in de stad. De heer HOEBEN: Maar we moeten nogal wat bijbouwen. Is nu hoogbouw in Rosmalen ook bespreekbaar voor u? Want we zullen toch moeten als daar 40.000 plus gemaakt moet worden? Is dat nu bespreekbaar of blijft u erbij dat het het wijkse en dorpse karakter moet houden, dus laagbouw. De heer KOUWENBERG: Dat is zeker bespreekbaar, want er zijn plekken in Rosmalen, De Groote Wielen, Rodenborchlocatie, waar hoogbouw wel voorstelbaar is. De heer KAGIE: Een vraag aan de heer Kouwenberg van Rosmalens Belang.

Hoe reflecteert hij op het feit dat het enige wat is binnengehaald concreet, met financiële concrete dekking, op de Vliert staat? De heer KOUWENBERG: Dan doelt de heer Kagie op wat voor Rosmalens Belang is binnengehaald? Want ik ben nog niet klaar en dan zult u horen dat er nog veel meer is binnengehaald door Rosmalens Belang met onze drie zetels. Kunt u mij die tijd gunnen of moet ik ze nu al noemen? Dan moet ik er even snel doorheen ineens. De heer KAGIE: Kort, en dan hoop ik dat het niet als interruptie telt. Dan wel met financiële dekking. De heer KOUWENBERG: Daar kan ik wel kort op reageren. De financiële dekking zat natuurlijk ook in het dorpshuis. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) De oostelijke ontsluiting, hoe kan ik die vergeten? Die is misschien wel het belangrijkste mobiliteitsproject van deze bestuursperiode. Jarenlang werd er over gesproken en we gaan daar dus in leveren. Daarmee verbeteren we niet alleen de bereikbaarheid van Rosmalen en De Groote Wielen, maar creëren we ook ruimte om de komende jaren circa 3000 woningen aan de oostzijde van onze gemeente mogelijk te maken. Zo houden we onze wijken en dorpen bereikbaar en leefbaar. Leefbaarheid vraagt om meer dan woningen en bereikbaarheid alleen. Het vraagt ook om plekken waar mensen elkaar kunnen ontmoeten, verenigingen kunnen bloeien en vrijwilligers hun belangrijke werk kunnen doen.

Daarom zijn wij bijzonder blij met de investeringen die dit akkoord doet in onze wijken en dorpen. En let op mijnheer Kagie, ruim € 11 miljoen voor dorpshuizen en ontmoetingsplekken in Empel, Vinkel, Engelen en Rosmalen. Dat zijn investeringen in de kracht van onze dorpen en wijken. Daarnaast kiezen we voor meer rust. De heer VAN HATTEM: Allemaal heel mooie woorden van de heer Kouwenberg van Rosmalens Belang over leefbaarheid in de dorpen. Maar hij noemt daarbij ook het dorp Engelen, en we zien ondertussen, ook onder verantwoordelijkheid van het college waar zijn partij dus nu ook deel van uitmaakt, dat in Engelen die amv-opvang wordt doorgedrukt en die leefbaarheid in Engelen zwaar onder druk komt te staan. Wat is nu de boodschap van Rosmalens Belang, van de heer Kouwenberg, richting de inwoners van Engelen die op die manier hun leefbaarheid helemaal te grabbel gegooid zien worden? Daar doet een nieuw dorpshuis niets aan af. De heer KOUWENBERG: De wens in Engelen voor een nieuw dorpshuis, die kerk die gebouwd wordt is echt heel groot, kan ik de heer Van Hattem verzekeren. Daarnaast, als u het over de amv heeft, daar gaan we het niet helemaal inhoudelijk over hebben maar ik wil er best kort op reageren. Een leefbaarheidsplan klinkt als een papieren tijger, maar het is wel degelijk iets waarnaar we gaan kijken. Dus de leefbaarheid moet daar intact blijven.

Hoe we dat gaan doen, dat gaan we bespreken. U kunt denken, bij die amv-locatie moet die weg misschien wel helemaal verlegd worden, dat we het veiliger maken. Nu ga ik er toch al inhoudelijk op in. Ik denk ook dat het in 19

Engelen verdergaat dan een amv alleen. Je hebt er ook FC Engelen, je hebt nog veel meer zaken die in Engelen spelen dan alleen maar nu de amv. Dat is misschien voor u wel zo, maar voor de mensen in Engelen niet. De heer VAN HATTEM: Maar dan zien we, in Engelen was het goed, er was een hechte dorpsgemeenschap, er was een goede sociale samenhang en er was misschien ook wel behoefte aan een nieuw dorpshuis, maar we zien nu heel die sociale samenhang, die structuur, de veiligheid, de leefbaarheid te grabbel gegooid worden. En hoe kan Rosmalens Belang als partij die zegt op te komen voor de dorpen, hier op deze manier medewerking aan verlenen? Moet u dan niet gewoon zeggen: hier trekken wij ook een streep en zorgen we dat die leefbaarheid niet wordt aangetast, in plaats van het met een beetje knip- en plakwerk met een leefbaarheidsplan dat aan de mensen wordt opgedrongen, de leefbaarheid die er al was… De heer KOUWENBERG: In Vinkel was en is het ook nog steeds goed. Daar woont de heer Van Hattem ook nog steeds. Daar heeft ook een noodopvang gezeten, daar is ook een azc geweest. Het is niet per definitie gekoppeld aan elkaar dat het dan op een gegeven moment niet meer leefbaar is als daar een amv of een azc komt. Dus u bent zelf het bewijs dat het nog steeds leefbaar is, want u woont daar nog steeds. De heer VAN HATTEM: Daar wil ik even een persoonlijk feit van maken.

Dit is toch een heel andere situatie. Het zit een paar kilometer van het dorp af, niet op een fietsroute die direct naar alle scholen toe gaat et cetera. En wat er in Engelen gebeurt, is meteen voor een periode van vijftien jaar de zaak daar vastklikken zonder dat de inwoners daar participatiemogelijkheden hebben gehad vooraf, inspraak hebben gehad vooraf, en op deze manier de zaak opgedrongen krijgen. En dan voor zo'n periode van vijftien jaar. Een procesopvanglocatie waar elke keer nieuwe asielzoekers in komen, minderjarige jonge mannen. Dat is toch heel wat anders dan iets wat tijdelijk er heeft gezeten? Dan hoor ik toch heel graag van de heer Kouwenberg: hoe kun je dit nu met elkaar vergelijken en dit verkopen aan de inwoners van Engelen die hun leefbaarheid te grabbel gegooid zien worden? De VOORZITTER: De derde keer dezelfde vraag. De heer KOUWENBERG: Ik wil er nog wel kort op reageren. In Nuland is er ook al vijftien jaar sprake van opvang en daar is het nog steeds een prachtig dorp en daar gaan we ook investeren in de leefbaarheid en daar willen de mensen ook nog steeds graag wonen. Dus ik zie daar niet per direct het verband. De heer RADEMAKERS: We zijn ontzettend blij als CDA, Rosmalens Belang. We hebben geld binnengehaald voor de dorpshuizen. Engelen, Vinkel, Empel is al genoemd.

Wij vroegen ons af, want mensen staan te popelen om van de Engelenburcht naar de kerk te gaan, is daar in die financiering al rekening mee gehouden of is er een andere locatie op het oog? De heer KOUWENBERG: Ik zou bijna denken dat ik word verward met de heer Huibers maar die zit toch echt daar. Ik weet op dit moment niet of daar rekening mee is gehouden. Wij hebben geld gereserveerd om dat mogelijk te maken in deze bestuursperiode en daar zijn wij nu heel erg trots op, maar hoe precies die uitwerking is, dat heeft u net ook gehoord, komt in het collegeprogramma terug. Maar dat er geld voor is, dat is zeker. De heer RADEMAKERS: Maar mijnheer Kouwenberg heeft toch wel een idee hoeveel geld er ongeveer nodig is om iets te bereiken wat u voor ogen heeft? Is het een kleine verbouwing, is het een verhuizing naar de kerk? U heeft toch wel iets in gedachten daarmee? De heer KOUWENBERG: Als je aan zo'n tafel zit komen er allerlei bedragen langs. Voor het dorpshuis Engelen, uit mijn hoofd, staat € 1,6 miljoen opgenomen. Wat daar dan precies voor wordt gedaan, dat antwoord heb ik hier nu ook niet. Maar in totaal hebben we dus € 11 miljoen beschikbaar, daar zijn we dus allebei heel erg blij mee gelukkig, om daarin te investeren. Die was er de vorige periode niet, nu wel, dus blij zijn denk ik.

De heer KAGIE: De eerste tonnetjes komen richting 2030 pas die kant op, dus ik kan u geruststellen, nog alle tijd om erover na te denken. Een andere vraag, met vertrouwen zegt u, we 20

gaan leveren op die oostelijke ontsluiting. Dat proberen we al sinds 1999. Nu vindt u – via de voorzitter – het ook heel belangrijk, betrouwbaar bestuur, en dat krijg ik nogal vaak om de oren als ik iets anders wil dan wat er al jaren gebeurt. En dan geef ik u nog één keer de kans om zorgvuldig woorden te kiezen over het feit dat u wilt gaan leveren terwijl u afhankelijkheden heeft zoals cofinanciering van de grotere overheden. Eén keer reflectie: zegt Rosmalens Belang: wij gaan leveren op de oostelijke ontsluiting in deze periode? De heer KOUWENBERG: Uiteraard gaan wij dat zeggen. Wij gaan leveren op de oostelijke ontsluiting. U heeft ook gelijk als u zegt: u bent afhankelijk van die rijksfinanciering. Er wordt ook in een motie gevraagd: maak nu eens plan als dat niet doorgaat. Dan zegt het rijk: nou, prima, jullie hebben dat plan al gemaakt dus dat gaan we niet doen. Wij gaan die druk ook opvoeren. Het is een doorbraaklocatie, De Groote Wielen, daar is die oostelijke ontsluiting gewoon wettelijk noodzakelijk voor. Anders kun je 2100 woningen niet bouwen. Dat willen we allemaal hier niet. Dus stel dat die rijksfinanciering niet komt, komen we terug en dan gaan we daar weer over praten. Ik denk ook dat we niemand hier zullen vinden die dan zegt: laat die 2100 huizen maar zitten.

Daarnaast kiezen we voor meer rust en continuïteit in subsidies voor maatschappelijke en culturele initiatieven. Dat geeft verenigingen, evenementen en organisaties meer zekerheid en langer zekerheid om verder te bouwen aan activiteiten die mensen samenbrengen. Ook investeren we structureel € 1 miljoen extra in de kwaliteit van onze openbare ruimte. Dat betekent niet alleen onderhouden wat we hebben, maar onze wijken en dorpen ook daadwerkelijk mooier, groener en toekomstbestendiger maken. Bij vervanging en beheer kiezen we nadrukkelijk voor meer vergroening en een hogere kwaliteit van de leefomgeving. Denk bijvoorbeeld aan plekken zoals de Brink in Empel, waar vergroening een mooie impuls kan geven aan de uitstraling en verblijfskwaliteit aldaar. Ook blijven we werk maken van de aanpakken van wateroverlast, bijvoorbeeld in De Overlaet, waar inwoners al langer aandacht vragen voor een structurele oplossing. En dit kan natuurlijk niet ontbreken, sport. Ook op sport maken we meters en dat is belangrijk. De heer VAN HATTEM: Misschien toch nog om even bij de vergroening stil te staan, want die vergroening en verduurzaming heeft natuurlijk ook te maken met de Duurzame Polder. En juist in de Rosmalense Polder worden die megawindturbines ook in de plannen voor dit coalitieakkoord doorgedrukt.

En het enige wat erin staat ter compensatie is een heel klein strookje schaamgroen om het landschap dan maar te behouden. En dan vraag ik aan de heer Kouwenberg van Rosmalens Belang, het is een mooi landschap, het is een mooie open polder, hoe kun je nu met zo'n toezegging voor een klein stukje schaamgroen het landschap redden, want het landschap wordt finaal kapotgemaakt. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Dat is een zeer seksuele afwijking inderdaad. De heer KOUWENBERG: De zestien windmolens is bestaand beleid. Wij zitten aan tafel, wij moeten keuzes maken waar wij onze zaak op willen inzetten. Dan hebben we niet gekozen om te zeggen: doe er maar een molentje af en dan bijvoorbeeld die € 11 miljoen voor die dorpshuizen en Vinkel, Nuland en dergelijke niet binnen te halen. Dus wij blijven daarachter staan. Wat we wel gaan doen is ook de lusten voor de lasten naar voren halen. Dus eerst komen die lusten in beeld en dan pas die lasten. Dus voordat de molens er staan moet al duidelijk zijn waar die lusten naartoe gaan uit de omgeving. Dat is dus ook nog een klein dingetje, wilde ik bijna zelf zeggen, maar ik vind dat niet een klein dingetje. Dat is ook niet iets waar we dan in verzachten. En dat schaamgroen, klimaatbos, hoe je het ook noemt, je gaat daarin natuurlijk compenseren mijnheer Van Hattem. Maar ook dat is een bestaande afspraak.

Dat heette eerst het klimaatbos, dat hebben we nu doorgezet en hebben we net een andere naam gegeven, want klimaatbos vonden wij ook geen passende naam. Dat moet u toch aanspreken dan. De heer VAN HATTEM: Ik moet constateren dat bij de heer Kouwenberg van Rosmalens Belang het schaamgroen op zijn kaken staat, hoe hij hier aan de inwoners van met name Rosmalen en De Groote Wielen moet gaan uitleggen dat daar die megawindturbines in hun achtertuin komen, en dan heeft hij het over de lusten, maar het is ondertussen wel de waarde van hun woningen die finaal onderuitgaat. En de leefbaarheid, de overlast die daar ontstaat met de herrie van die windturbines… De VOORZITTER: Mijnheer Van Hattem, een interruptie is geen inleiding. De heer VAN HATTEM: Was is dan de lust daarvan als de overlast zo gigantisch wordt? Hoe 21

kan zo'n klein stukje bos, zo'n stukje schaamgroen nu al die overlast tegengaan? De VOORZITTER: Bijna dezelfde vraag. De heer KOUWENBERG: De lust is dat mensen financieel ervan kunnen profiteren. Er kan misschien gewoon geïnvesteerd in OJC Rosmalen. Daar kunnen de mensen zelf voor kiezen. Dat zijn allemaal zaken waar mensen zelf van kunnen profiteren. En als u kijkt naar de verkiezingsuitslag, daar moeten we ook eerlijk in zijn, dan zijn de partijen die uitgesproken voor deze windmolens zijn, ook in De Groote Wielen bijvoorbeeld extreem gegroeid. Wij sluiten onze ogen daar niet voor. Wij zijn een partij die realistisch en pragmatisch naar een akkoord en naar de plannen kijkt. De heer RADEMAKERS: Net voor de interruptie van de heer Van Hattem nam u het woord sport in de mond. Daar zijn wij natuurlijk heel erg blij mee. Eigenlijk dezelfde vraag aan u als aan de VVD, want daar kregen we niet echt een antwoord op. Die ozb-verhoging geldt ook voor sportverenigingen. Wat wil Rosmalens Belang daarmee gaan doen? Willen we die sportverengingen gaan compenseren? Willen we die anderzijds gaan ondersteunen? Zou u daar misschien wat meer helderheid op kunnen bieden? De heer KOUWENBERG: Dat is natuurlijk geen absoluut geen leuke maatregel om te nemen. We zijn wel blij dat we in ieder geval niet voor bewoners de ozb verhogen.

Maar met het geld dat we ophalen kunnen we onze plannen uitvoeren en daarmee kunnen we bijvoorbeeld ook € 3 miljoen extra impuls in sport geven deze komende vier jaar. Dus daar komt het ook rechtstreeks weer terug. En wat we daar precies voor gaan doen, dat gaan we nog in deze komende tijd, vier jaar bekijken. En dan zien we graag waar het college dan mee komt. De sport, daar maken we meters op en dat is belangrijk. Want sport gaat over veel meer dan bewegen alleen. Op de sportvereniging ontstaan vriendschappen. Vrijwilligers zetten zich in voor anderen. Jongeren ontwikkelen zich en inwoners ontmoeten elkaar. Daarom zijn we dus blij met die extra impuls van € 3 miljoen. Daarmee creëren we mogelijkheden om onze verenigingen te versterken en helpen en daarnaast zetten we stappen om het tekort aan zaalruimte aan te pakken waar veel verenigingen al jaren tegenaan lopen. Want wie wil sporten, moet ook de ruimte daarvoor krijgen. Naast de breedtesport investeren we ook in topsport, en mensen zaten er natuurlijk al op te wachten bij mij. Topsport inspireert, verbindt en zorgt voor trots. De investering van € 12 miljoen in de Oosttribune van FC Den Bosch is daarom wat ons betreft een prachtig zichtbaar voorbeeld. Want wie ziet wat FC Den Bosch betekent voor duizenden inwoners weet dat dit over veel meer gaat dan voetbal.

Het gaat over ontmoeting, talentontwikkeling en maatschappelijke activiteiten, en over trots zijn op onze gemeente. We maken de meters om dat verder te faciliteren. Ik ga afronden. Als we naar dit akkoord kijken, zien wij vooral een gemeente die vooruit wil en investeert in wat haar sterk maakt. In onze wijken, onze dorpen, onze verenigingen en de mensen die zich daar elke dag voor inzetten. Daar zit voor ons de grote plus van dit akkoord. Het biedt ruimte aan de sportliefhebber en de cultuurliefhebber, aan de vrijwilliger en de ondernemer, aan jongeren die een woning zoeken en senioren die in hun eigen omgeving of dorp willen blijven wonen. Daarmee is dit wat ons betreft een akkoord voor de hele gemeente. De VOORZITTER: Uw laatste interruptie mijnheer Van Hattem. De heer VAN HATTEM: Die besteed ik graag aan een coalitiepartij. Ik hoor dat de heer Kouwenberg van Rosmalens Belang zegt: we investeren in de gemeente, maar het is een investering waarbij extra geld wordt gevraagd van onze bedrijven en de mensen die moeten parkeren. Ondertussen zien we parkeerplaatsen weggehaald worden bij woningen, we zien dat de knips nog altijd doorgaan. We zien dat er allerlei maatregelen worden genomen om de automobilist te pesten.

Is dat nu echt de vooruitgang waar Rosmalens Belang voor staat? Is dat hetgeen waar mensen die vanuit de dorpen naar de stad moeten komen, vaak ook met de auto, heel veel last van gaan krijgen in plaats van lusten, en is dat dan niet gewoon heel veel automobilisten pesten en juist in de dorpen waar mensen afhankelijk zijn van de auto? De heer KOUWENBERG: We kennen de heer Van Hattem toch echt als iemand die de dossiers opvreet, maar dan heeft hij in dit geval het dossier toch echt niet gelezen. Want we differentiëren ook in gebieden. In de stad bouwen we misschien meer woningen waar de auto minder nodig is. Maar juist in de dorpen en de wijken bieden we dat maatwerk. We gaan nota bene een weg aanleggen om de auto te faciliteren. Dus ik snap niet waar u nu dit verhaal vandaan haalt en waarom u die vraag aan mij kunt stellen überhaupt. 22

De heer VAN HATTEM: Ik wil nog wel een punt van orde maken. Dit staat even helemaal los van de heer Kouwenberg, maar ik vond het bijzonder storend dat de voorzitter net een opmerking maakte van: het is bijna dezelfde vraag. Ik vind niet dat er door de voorzitter kwalificaties verbonden moeten worden aan vragen die door leden van de raad worden gesteld. En als we dat dan toch moeten doen dan hoor ik het ook graag als mensen bijna hetzelfde antwoord geven. Maar ik zou de voorzitter toch willen vragen om zich neutraler op te stellen bij de vragen die wij stellen. Want al stel ik drie keer dezelfde vraag, dan is het aan mij als raadslid en niet aan de voorzitter om daar kwalificaties aan te verbinden. De VOORZITTER: We hebben er wel een afspraak over gemaakt dat we, ook voor de orde van de vergadering, geen herhaling van zetten doen, want dat is ook voor de flexibiliteit en de snelheid van de vergadering wel van belang. Dat is de reden. Het was precies dezelfde vraag en die heeft u twee keer herhaald en dat constateerde ik. De heer VAN HATTEM: Maar dat vind ik toch een mengen in een politieke discussie en dat vind ik storend. Daar wil ik hier toch een punt van maken en dat wil ik hier gezegd hebben en daarmee het verzoek doen om dat niet te doen want ik vind dat voor het politieke debat niet zuiver. De VOORZITTER: Dan zijn we het daar niet over eens.

De heer ROOVERS: De heer Van Asch had het in zijn bijdrage over het college van puberale socialisten. Ik voelde me toch enigszins aangesproken, maar ik kan de heer Van Asch geruststellen dat ik niet in het college zit. Helaas of niet helaas, daarover zullen de meningen verschillen. Twee maanden geleden hadden we het hier voornamelijk over de poppetjes. Aanmerkelijk minder interessant dan de uiteindelijke uitwerking van het bestuursakkoord dat vanavond voor ons ligt. Toch was de commotie twee maanden geleden ook al groot. Na de monsteroverwinning van D66 en GroenLinks-PvdA meenden die twee partijen tot verrassing van velen dat in een coalitie over rechts ze het meest konden bereiken. Ik begon mijn bijdrage toen met de woorden: als je doet wat je deed dan krijg je wat je kreeg. En dat is eigenlijk ook mijn belangrijkste conclusie over dit bestuursakkoord. Het is voor een groot gedeelte een voortzetting van de vorige periode en dat kan zowel positief als negatief worden uitgelegd. Maar de kans op fundamentele verandering die zich door de overwinning van deze twee progressieve partijen aandeed, is grotendeels niet genomen. Ik ga mijn bijdrage niet vullen met zure opmerkingen, althans, ik ga er niet mee beginnen. Er zitten natuurlijk heel mooie zaken in dit akkoord die benoemd mogen worden.

Vooral de verhoging van de grens voor de bijzondere bijstand van 120% naar 130% van het sociaal minimum. Dat is hard nodig. Ik zou vervelend kunnen doen over het feit dat juist deze partijen deze maatregelen in de vorige periode blokkeerden, en het dachten met maatwerk af te kunnen doen. Daar zou ik moeilijk over kunnen doen, maar dat ga ik niet doen. Het is een goede maatregel, het is een nodige maatregel en ik wil de partijen die deze maatregel hebben uitonderhandeld oprecht complimenteren en dankzeggen. Maar daartegenover staat een akkoord dat voor een groot gedeelte bestaat uit goedbedoelde wensenlijstjes. Er wordt veel gesproken over meer inzetten, streven naar hard werken aan en doorbouwen. Heel mooie woorden. Maar vaak blijft onduidelijk wat er nu precies wordt bereikt, wanneer dat gebeurt en waarop het college uiteindelijk gecontroleerd kan worden. Wij zien het collegeprogramma dan ook met interesse tegemoet en met name de manier waarop zich dit verhoudt tot de ambtelijke organisatie en voor ons vooral belangrijk, de grote bedragen die deze gemeente uitgeeft aan inhuur van externen. Waar mijn fractie echt oprecht teleurgesteld in is, is het woonbeleid. Men blijft vasthouden aan de 30% sociale huur op jaarbasis. Waar tijdelijke woningen overigens ook onder worden gerekend. Het is onbegrijpelijk dat deze partijen hier niet meer uit hebben willen halen.

Meer dan 45% van de Bossche huishoudens maakt aanspraak op een sociale huurwoning. Als we daar niet voor bouwen, en de stad groeit inderdaad door naar die 200.000 inwoners, dan zal de samenstelling van deze stad gedwongen drastisch veranderen. Mevrouw HOEKSTRA: Even via u een vraag aan de heer Roovers, want het klopt, een groot deel van onze samenleving, die 45%, heeft een inkomen dat recht geeft op een sociale huurwoning. Maar hoe kijkt u daar dan precies naar? Want een groot deel van die groep heeft gewoon een eigen huisje, heeft wel eigen vermogen en woont in een koopwoning en is niet op zoek naar een sociale huurwoning. Dus maakt u zich dan niet zorgen dat als we dat als streefgetal zouden nemen, dat we die hele categorie daar net boven, een heel grote groep van gewoon leraren, politieagenten, die ook een huis zoeken, dan tekort gaan doen? 23

De heer ROOVERS: Het argument van de leraar en de politieagent horen we natuurlijk vaak. Het is het argument dat ik eerlijk gezegd niet had verwacht uit de richting van PRO. Want ik had toch verwacht dat juist een partij als PRO weet dat leraren en politieagenten met het inkomen dat zij krijgen vanuit de rijksoverheid niet in die dure particuliere huursector terechtkunnen, waar ze nu vaak gedwongen wel in zitten en dat dat het grote probleem is dat we moeten oppakken en niet per ongeluk een aantal mensen die net te veel verdienen voor een sociale huurwoning gedwongen hun huis uit te zetten en als scheefhuurder te bestempelen. Mevrouw HOEKSTRA: Het gaat ook niet over de dure huur, maar het gaat over die tussencategorie.

Daar vroeg ik u naar, maar nog veel specifieker was mijn vraag eigenlijk aan u: bent u het dan met mij eens dat binnen die groep van die 45% die een inkomen heeft dat recht geeft op een sociale huurwoning, daar een heleboel mensen tussen zitten die eigen vermogen hebben en die een koophuis hebben en daarmee betaalbaar wonen? De heer ROOVERS: Dat kan, maar het zal mevrouw Hoekstra misschien ook zijn opgevallen dat wij een gigantische achterstand hebben in te halen in de sociale huurmarkt en dat de woonvisie juist ook van het vorige college zegt dat de grootste krapte zit in die sociale huurmarkt en dat we daar nu minder bouwen dan wat het totale aandeel van sociale huur in onze huidige woningvoorraad is. Dat is namelijk 34%. Dus met het woonprogramma van dit college, waar overigens dus ook onder sociale huur tijdelijke huur wordt meegerekend, zal het aandeel van sociale huur in deze stad afnemen. U hoeft geen groot wiskundige te zijn om te weten dat dat grote gevolgen heeft voor de samenstelling demografisch van onze stad. Mevrouw HOEKSTRA: Dan zou ik toch de heer Roovers nog even willen vragen of hij het bestuursakkoord goed heeft gelezen, want daar zit niet de vervangingsopgave van corporaties in. Ook dat betreft enkele honderden woningen per jaar, en dan kom je uit op 33%.

Bent u daarmee eens? De heer ROOVERS: Ik lees een woonprogramma dat heel duidelijk vasthoudt aan het oude beleid, dat mevrouw Hoekstra met het onderhandelingskapitaal dat ze met een groot mandaat bij de verkiezingen heeft gekregen niet heeft ingezet op meer betaalbare woningen ten opzichte van de vorige periode. Ik vind dat teleurstellend. Ik vind dat dat de grootste uitdaging is waar de mensen in deze stad tegenaanlopen. Die lange wachtlijsten voor sociale huurwoningen. U heeft ervoor gekozen daar niet uw kapitaal op in te zetten. Ik had daar echt een andere keuze gemaakt. Wat mij betreft is 40% sociale huur het absolute minimum om die grote wachtlijst voor sociale huurwoningen te verkleinen. Mevrouw HOEKSTRA: Nu triggert de heer Roovers mij toch nog even, want hij geeft aan: wij hadden een andere keuze daarover gemaakt. Wat was die keuze dan eigenlijk geweest? Toch maar liever niet de Bossche Pas? Toch maar liever niet de armoederegeling naar 130%? Toch maar liever niet schoolpleinen vergroenen? Wat was die keuze voor de heer Roovers dan geweest? De heer ROOVERS: Het valt mij op dat wij al jaren gigantische winst op ons grondbedrijf maken.

Dus het feit dat er door de markt gedicteerd wordt dat er minder sociale huur gebouwd wordt dan waar onze bewoners behoefte aan hebben, waar de huishoudens in Den Bosch behoefte aan hebben, wat mij betreft houden we die behoeften centraal, en niet wat er geleverd kan worden door een compromis tussen partijen of wat de marktpartijen nu aan voorkeur hebben. De behoefte van onze inwoners zou centraal moeten staan. Met het blijven bouwen van 30% sociale huur gaan we niet de stappen maken om die gigantische wachtlijst terug te brengen. De heer SCHUURMANS: Hoe reflecteert de heer Roovers namens de SP op de 7% van scheefwoners in sociale huur die juist op zoek zijn naar die doorstroming om te zorgen dat sociale huurwoningen vrijkomen voor mensen die daarnaar op zoek zijn? De heer ROOVERS: Een prachtige ideologische discussie. Onder druk van de vastgoedlobby is in 2011 besloten dat sociale huur niet meer voor alle inkomensgroepen bereikbaar is en dat op een gegeven moment een grote groep huurders bestempeld is als scheefhuurder en waarmee dus de VVD en andere partijen hebben gezegd: u verdient te veel voor uw woning en u moet eruit. Dat is een vorm van stalinistisch denken die ik niet over wil nemen. Die laat ik graag aan de VVD. Het 24

probleem in de sociale huurmarkt zit niet in mensen die in het huis waar ze soms al tientallen jaren wonen net de pech hebben gehad om iets te veel te verdienen voor de kunstmatige grenzen die niets te maken hebben met het leven van gewone mensen, maar die beleidsmakers hebben bedacht. Daar pas ik voor. De heer SCHUURMANS: Word ik toch uitgedaagd. Op het moment dat we het daarover gaan hebben, gaat het erover alsof wij aan het veroordelen zijn dat mensen scheefhuren, scheefwonen. Dat is niet de richting die ik met de vraag op wil. Het gaat erover: hoe reflecteert de SP en daarmee ook de heer Roovers erop dat er toch echt ook wel naast de sociale huur iets moet gaan gebeuren voor die doorstroming? De heer ROOVERS: Wij hebben een motie ingediend waarin staat 40%-40%-20%. Dus dat die inzet op middenhuur, waar wij eigenlijk van zeggen: dat zou eigenlijk niet nodig moeten zijn. Vroeger konden die mensen namelijk gewoon aanspraak maken op een huurwoning. We waren er in Nederland bijna in geslaagd om de particuliere verhuur uit te roeien. Het is namelijk een compleet overbodig fenomeen als je erover nadenkt. Maar helaas is de situatie zo, en aan die middenhuur wil ik nog wel meewerken, maar op het moment dat de VVD gaat zeggen: de wachtlijsten in de sociale huurwoningen worden veroorzaakt door scheefhuurders, en dat is waar we onze aandacht op moeten focussen om het op te lossen.

Volgens mij illustreert dat het ideologische verschil tussen de VVD en de SP. Wij richten ons liever niet op de mensen die net iets te veel verdienen, de pech hebben net iets te veel te verdienen voor die woning. Wij denken liever in het goed organiseren van brede publieke voorzieningen. De heer KOUWENBERG: Een vraag aan de heer Roovers van de SP. In het bestuursakkoord hebben we ook gezegd, al weet ik de precieze bewoording niet meer, maar we kijken over de plannen heen om te kijken of we die Bossche mix kunnen halen. Dan leg ik het toch aardig uit. Is het dan voor de SP voorstelbaar dat je bijvoorbeeld in de ene buurt waar dat meer nodig is, wat meer sociale huur bouwt, bijvoorbeeld 50%, maar dat je in dorpen en wijken, in Vinkel of in het buitengebied, wat minder bijvoorbeeld sociale huur bouwt, dat je dan toch daar gedifferentieerd naar kijkt? Is dat voorstelbaar voor de SP? De heer ROOVERS: Dat is voorstelbaar en ik zou daarin mee kunnen gaan op het moment dat je die manier van denken echt op alle wijken en dorpen zou toepassen. Maar ik merk dat het vooral gaat over buurten waar nu een overschot aan sociale huurwoningen is. En dan als argument om daar te gaan slopen, opnieuw te bouwen, of woningen te gaan verkopen.

Op het moment dat je het alleen daarop toepast en niet gaat kijken naar bepaalde dorpen of villawijken waar bijna geen enkele sociale huurwoning staat, dan ben je dus alleen maar aan het bijdragen aan het verkleinen van de sociale huurvoorraad. Ik merk toch dat dat een beetje is hoe het de afgelopen jaren is gegaan. Dus daar zou ik dan niet in meegaan. Ik heb daar ook voorstellen over ingediend in de vorige periode en ik heb daar volgens mij geen steun voor gehad van Rosmalens Belang. De heer KOUWENBERG: Goed dat ik het dan nog even vraag, maar u wilt dus wel kijken naar maatwerk van wat daar dan de behoefte is, of bedoelt u dat eigenlijk niet? De heer ROOVERS: Mijn hele betoog is erop gestoeld dat de behoefte van onze inwoners meer sociale huurwoningen is en dat gaat over de hele gemeente. Ik wil best met de heer Kouwenberg kijken wat nu de verschillende behoeften zijn per dorp of wijk, maar dan moeten we er ook oprecht in zijn, dan moet de heer Kouwenberg er ook oprecht in zijn dat we dan ook gaan kijken dat er een paar wijken in Den Bosch zijn die zeer gesegregeerd zijn, waar alleen maar dure koopwoningen staan en geen sociale huurwoningen. Op het moment dat we die ook gaan aanpassen dan kunnen we elkaar de hand schudden.

Dan, op het moment dat we te weinig, zoals nu, sociale huurwoningen bouwen, dan zal er niet voor iedereen meer plek zijn binnen onze gemeente en zullen mensen met lage inkomens gedwongen worden om in de onbetaalbare vrije sector te huren. Dat is natuurlijk de andere kant van het verhaal dat de VVD hier voorschotelt. De behoefte van onze inwoners moet leidend zijn, niet wat de onderhandelende partijen haalbaar of wenselijk achten. 40% sociale huur per jaar is het absolute minimum, vandaar ook onze motie die wij samen indienen met De Bossche Groenen. Dan diftar, ik heb lang gehoopt dat dit onze gemeente bespaard zou blijven. Helaas ligt het er vandaag dan toch. Het afvalprobleem is een collectief probleem van de hele samenleving. Binnen ons economische systeem is het blijkbaar winstgevend om veel verpakkingsmateriaal en veel lage kwaliteit producten te produceren die snel stukgaan. Met 25

name lage inkomens hebben hierin geen keuzevrijheid en zijn afhankelijk van grootverpakkingen en spullen die goedkoper zijn maar dan vaak ook eerde stuk gaan. In plaats dat we als samenleving een oplossing zoeken voor het afvalprobleem, collectief, gaan we een prijskaartje hangen aan het leven van mensen in de hoop dat ze minder afval gaan produceren. Dezelfde manier van denken die achter het eigen risico in de zorg ligt, wordt nu toegepast op ons afvalbeleid. Er wordt geen enkele rekening gehouden met de persoonlijke situatie van mensen. In verschillende gemeenten heeft men hiermee geëxperimenteerd. Vaak tot grote frustratie van de inwoners. In Arnhem leidde het systeem tot een explosie van zwerfafval en rattenoverlast en heeft de bevolking het systeem in een referendum weer weggestemd. Doe dit onze stad alsjeblieft niet aan en laten we alsjeblieft met elkaar op zoek gaan naar een echte sociale en groene oplossing voor ons afvalprobleem en die zit hem uiteindelijk in investeren in nascheiding. Tot slot, wij zien dus veel voortzetting uit de oude periode. De SP zal dan ook de inzet blijven leveren die men van ons mag verwachten, zowel binnen de raad als daarbuiten.

Dat betekent een onvermoeibare inzet voor de rechten van huurders en woningzoekenden, het bestrijden van armoede, met name onder kinderen, als hoogste prioriteit, en een strijd met mensen zelf voor zeggenschap over hun eigen woningen, hun werkplek, hun buurt, hun dorp of hun wijk. De heer VAN HATTEM: Als we naar dit coalitieakkoord kijken, Meters maken, dan had meters bier maken me iets gezelliger geleken, maar als het gratis bier is dat op kosten van de inwoners gaat, wat we nu ook weer zien met allerlei kosten en lastenverhogingen, dan schieten we daar weinig mee op. Ik wil één punt maken dat ik vrij principieel vind en daar hoor ik toch wel graag een reflectie op van de coalitiepartijen. We hebben dat collegeprogramma straks voorliggen en daarvan wordt gezegd: daar moeten een hoop zaken plaatsvinden wat de kaderstelling van de raad ook raakt, maar wat betekent dit voor de kaderstellende rol van de raad? Want als dit collegeprogramma kaderstellend is, dan moet die zaak wat mij betreft ook aan de raad worden voorgelegd en niet dat het straks allemaal collegebevoegdheid is. Dus daar had ik toch wel graag een scherpe bespiegeling op hoe zich dat tot elkaar gaat verhouden.

Dan spreekt het programma over een ontwikkeling naar 200.000 inwoners en dat zou wat de PVV betreft geen doel op zich moeten zijn en zeker niet als we zien dat de bevolkingsgroei in Nederland vooral plaatsvindt door een buitenlands migratiesaldo of eigenlijk volledig door een buitenlands migratiesaldo. Daarbij missen we ook één ding in het programma, namelijk de woningen voor onze eigen inwoners, met voorrang voor onze eigen inwoners, waar nu nog steeds woningen met voorrang naar statushouders gaan. Ik heb het daarstraks al gehad over de groenere en klimaatneutralere gemeente waar het stuk over spreekt. Dit gaat gewoon de netcongestie verergeren, het wordt ook toegegeven in het stuk, en wat gebeurt er dan om dat op te lossen? Dan worden er tijdelijk gasgeneratoren ingezet. Het is het paard achter de wagen spannen, en wij zetten dan liever in op kernenergie, bijvoorbeeld via SMR- en thoriumcentrales en dat kan ook op regionaal niveau. Dan wordt er in het stuk terecht gesproken over de woonwagengemeenschap. Daar moeten standplaatsen voor worden uitgebreid, maar hoeveel, waar en wanneer? We hebben daar toch wel graag meer duidelijkheid over. Als wordt gezegd: lege standplaatsen voortvarend uitgeven. Zijn die plaatsen er eigenlijk wel en in hoeverre worden die dan binnen de gemeenschap verdeeld? Dan kijk ik naar de verkeersstructuur 2030 waaraan wordt vastgehouden.

Daar is de automobilist met de VVD de klos. Er komt een fietsring rond de binnenstad, onduidelijk wat dat moet gaan betekenen, wat het gaat kosten. Het weren van doorgaand autoverkeer in de binnenstad en 'Smart City'-oplossingen, wat dat dan ook mogen zijn. Dat is waarschijnlijk ook weer allerlei duurzaamheidsgedram. En die zero-emissiezone en die verschrikkelijke knips zitten er nog steeds in. Die knip in de Zuidwal wordt dan wel definitief niet in deze bestuursperiode uitgevoerd, maar die willen wij als PVV graag helemaal uit de planning halen. Dus daar had ik ook graag een reflectie op. Dan het verwijderen van bezoekersparkeerplaatsen, straks ook al aangehaald, niet meer kunnen parkeren voor de deur in de wijken, het wordt gewoon een grote puinhoop met als alternatief deelmobiliteit oftewel vervoerscommunisme. De heer SCHUURMANS: Ik hoor graag via de voorzitter van de heer Van Hattem van de PVV voor welke jaren dit bestuursakkoord geldt en wat dat betekent voor de onderbreking op de Zuidwal? De heer VAN HATTEM: We hebben eerder gezien dat er allerlei planningen lagen voor die knips in de Binnenstadsring en daar zat de Zuidwal wel in de allerlaatste fase. Ik dacht dat die ergens rond 2029 zou moeten komen, uit mijn hoofd gezegd. Dat zou dan in deze bestuursperiode zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17157652/1