CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen raadsvergadering 2025-06-03

Gemeenteraad 3 juni 2025, gemeente 's-Hertogenbosch61.761 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 6

3 alinea's met “opening”: 202 203 270

De heer ROOVERS: Een goede oproep, die geleid ik direct door aan het college. De volgende motie gaat over externe inhuur, motie 20. Vorig jaar noemde ik de groei van het budget voor externe inhuur wildgroei. Dat ging toen over een stijging van € 22 miljoen naar € 28 miljoen. En nu is dat bedrag verder opgelopen. Ik werd er aan het begin van de vergadering op gewezen dat de bedragen die in de motie staan en gebaseerd zijn op technische navraag niet helemaal kloppen. Er zit daar een fout in. Het bedrag dat we nu uitgeven aan externe inhuur is ongeveer € 41 miljoen. Dat is dus 14

geen 30% maar 25% van de totale personeelskosten. Het punt blijft verder staan, maar het is goed om dat even te vermelden. Want het principe is: externe inhuur is duurder en maakt onze gemeente kwetsbaar voor marktbewegingen, en een sterke overheid heeft zoveel mogelijk kennis zelf in huis. Samen met De Bossche Groenen, Leefbaar 's-Hertogenbosch en PVV vragen wij hier iets heel eenvoudigs, namelijk dat externe inhuur beperkt moet worden, de lat op het landelijk gemiddelde wordt gelegd en dat er een plan wordt opgesteld door het college en dat er dan regelmatig gerapporteerd wordt aan de raad. Dat wil niet zeggen dat het gelijk lukt. Er zijn altijd omstandigheden waarbij er wel externe inhuur moet worden gedaan, maar met deze motie leggen wij een richting vast, zeggen wij; externe inhuur moet in principe worden beperkt en wij gaan beleid voeren om dat te proberen te bereiken. Dat is wat de motie vraagt. De heer GERSJES: Ik wil graag aan de heer Roovers vragen in hoeverre hij weet waar de meeste gelden dan naartoe gaan, naar welke projecten. Wordt nu het meest aan asiel uitgegeven? Heeft u daar een idee van? De heer ROOVERS: Nee, op dat detailniveau weet ik het niet en dat maakt voor de motie verder wat mij betreft ook niets uit. Het gaat om het principe van externe inhuur en het principe dat je als overheid kennis in huis hebt.

Er zijn natuurlijk altijd scenario's denkbaar waarbij je kennis moet inhuren, waarbij je expertise moet inhuren. Dat blijft ook. Ik zeg ook niet: schaf externe inhuur af, ik zeg: het loopt uit de hand. Het stijgt te snel. Het maakt ons als gemeente kwetsbaar en het beloont ook wat mij betreft slecht gedrag. We hebben een systeem bedacht waarbij mensen die in eerste instantie in overheidsdienst zijn uit dienst kunnen treden en zich vervolgens extern kunnen laten inhuren. Hetzelfde werk doen, maar dan met meer kosten voor de gemeenschap en daar moeten we paal en perk aan stellen. Dat is wat de motie vraagt. De heer VAN GENUGTEN: Ik voel eigenlijk wel mee met deze motie. Ik denk dat we externe inhuur moeten beperken, u heeft dat eigenlijk goed verwoord. We moeten mensen binden, ook kennis binnen de organisatie houden. U pint zich wel wat vast op het landelijk gemiddelde, vind ik. Ik hoor u eigenlijk ook zeggen: de beweging moet vooral ingezet worden op minder, kom met een plan van aanpak. Zou dat niet voldoende zijn? De heer ROOVERS: Het is wel goed om een doel voor jezelf te formuleren zou ik zeggen. Op het moment dat het dan niet lukt dat doel te behalen is dat niet per se erg, maar dan moet je wel uitleggen waarom het niet gelukt is. Dat is wat we eigenlijk vragen. Ik heb nu het landelijk gemiddelde gepakt omdat dat een getal is dat ik makkelijk kon vinden.

En als u een ander getal bedenkt, wil ik het daar ook nog wel over hebben, maar het lijkt me wel goed om voor jezelf meetbare en haalbare doelen te stellen. De heer VAN GENUGTEN: Met dat laatste ben ik het helemaal eens. Dan nog een andere, we spreken straks ook nog over een motie met externe factoren. Een van de externe factoren is ook de krapte op de arbeidsmarkt. Die speelt wel degelijk, dat verhoogt waarschijnlijk ook waarom we zoveel externe inhuur hebben. Is dat ook wel iets waar u rekening mee houdt? Dat dat een gegeven is in onze gezamenlijke behoefte om dit terug te brengen naar normale proporties? De heer ROOVERS: Absoluut, externe inhuur blijft soms helaas nodig. Maar op het moment dat je zegt: externe inhuur is in beginsel onwenselijk, of we willen het in beginsel naar beneden krijgen, dan ga je daar ook het gesprek over aan. Dan ga je daar ook keuzes in maken, dan ga je ook kijken: op welke manier kunnen we in het personeel dat we bijvoorbeeld hebben extra investeren zodat we die kennis ook in huis hebben. Dat maakt het misschien voor de mensen die in dienst zijn van de gemeente ook aantrekkelijker om langer te blijven. Dit is een manier van denken die je moet introduceren, waarvan ik overigens weet dat het college het daarmee eens is, want het college vindt zelf ook dat externe inhuur in beginsel onwenselijk is, en het heeft ook al beleid daarop.

Dus waar het om gaat is dat je in je eigen personeelsbestand extra gaat investeren zodat het misschien minder noodzakelijk wordt. Het zal altijd blijven, als we maar een richting bepalen met zijn allen. Mevrouw WELTEN: Toch nog even een vraag. Landelijk wordt er eigenlijk ook al op ingezet, dat inhuur lastiger gemaakt wordt. Maar dat vindt de SP niet voldoende? En dan is mijn tweede vraag, als u aangeeft, wat ik begrijp, want we moeten eigenlijk proberen om paal en perk te stellen aan die inhuur, wat het college in mijn beleving al doet, maar het kan zich voordoen dat u dadelijk 15

keuzes moet gaan maken vanwege die arbeidskrapte. Hoe gaat de SP daarmee om? De heer ROOVERS: Een paar dingen, er is beleid op in het college en landelijk, we moeten alleen wel constateren dat de groei doorzet. Vorig jaar van € 22 miljoen naar € 28 miljoen, nu van € 28 miljoen naar € 41 miljoen. Dat is een snelle groei en ik blijf dat wildgroei noemen. Ik vind dat dat gevaarlijk is en dat we daar in principe als doel moeten afspreken dat we dat naar beneden gaan bijstellen. Wat nieuw is aan deze motie ten opzichte van wat er al is, is dat wij een doel formuleren waarbij we de externe inhuur gaan beperken. Dat is één. Nu ben ik de tweede vraag van mevrouw Welten vergeten, sorry. Mevrouw WELTEN: Stel door die arbeidskrapte dat u keuzes zou moeten gaan maken. De heer ROOVERS: Helder. Op het moment dat je zegt: dit is een doel dat wij als gemeenteraad en college bepalen, dan is het vervolgens aan de raad tijdens de begroting, voorbereid door het college, om die integrale afweging te maken. En dat is natuurlijk niet iets waarvan ik nu hier kan zeggen: dan geef ik daar een prioriteit aan of daar een prioriteit aan. We maken twee keer per jaar, bij de voorjaarsnota en bij de begroting, daar integrale afwegingen op. Daarom vraagt de motie ook: geef nu ook zo'n plan van aanpak rondom de begroting, zodat we de keuzes die daarbij horen ook samen met het financiële plaatje kunnen maken.

Op het moment dat dan blijkt: wij kunnen, als u dit wilt, externe inhuur wel beperken maar het gaat ten koste van heel veel belangrijke dingen op het sociaal domein, als dat informatie is die dan naar ons komt, dan ga ik als SP natuurlijk ook nadenken of het wel is wat we willen. Maar het is een uitdaging die we aan onszelf stellen en ik ben wel bereid die uitdaging aan te gaan. Dat waren onze eigen moties. Vervolgens een aantal zaken die de SP mee indient en die ik graag even genoemd wil hebben. De twee amendementen. Allereerst het amendement over het supportershome van FC Den Bosch, samen met Rosmalens Belang. Dank voor het initiatief daarop. De club en zijn supporters hebben het initiatief genomen voor een eigen plek en als stad moeten we zulke initiatieven omarmen, want de hele gemeente heeft daar belang bij. Een goed georganiseerde plek om samen te komen met de supporters en ook mensen uit de buurt. Zeker zodra, niet als maar zodra, de club volgend jaar gepromoveerd is moet zo'n plek goed georganiseerd zijn en daarom steunen wij een eenmalige subsidie van € 50.000. Dan het amendement over het budget voor second opinions bij complexe projecten. Als raadsleden hebben wij de verantwoordelijkheid om zorgvuldige besluiten te nemen.

Zeker na het rapport van de Rekenkamer over het theater is duidelijk geworden dat de raad vaker zelf een rol moet nemen, onafhankelijk van het college. Daar horen ook eigen middelen voor onderzoek bij. Wij steunen daarom het initiatief van GroenLinks voor een eigen budget voor second opinions. Rondom de Afvalstoffendienst, wij steunen het beleid dat het college heeft ingezet, behalve de financiële paragraaf, maar daar heeft de heer Hoeben al wat over gezegd. Wij steunen de motie om de kosten niet via de afvalstoffenheffing, die wat ons betreft al veel te hoog is, te regelen, maar inderdaad vanuit de algemene middelen. Zelf dienen wij nog een motie in, op het moment dat je belangrijke wijzigingen in de organisatie gaat doorvoeren, houd dan rekening met de werkdruk die nu ook al als hoog wordt ervaren door de medewerkers, het belang van het personeel moet voor de werkgever altijd voorop blijven staan. Dat gaat over motie 3 bij de Afvalstoffendienst. Mevrouw KORVER: Ik heb niet zo'n leuke intro als mijn voorganger, complimenten daarvoor. Ik vind het altijd lastig en vorige keer zat er een pauze tussen. Nu mag ik toch nog voor de pauze. Investeren in de toekomst van mens en natuur. In de beschouwende raad heb ik al aangegeven dat investeren in de toekomst voor GroenLinks Den Bosch van groot belang is. Vandaar dat wij in deze raadsvergadering zelf met drie moties komen.

Als eerste de motie ꞌGebiedsgericht werken in wijken zoals De Hambakenꞌ, motie 2 bij de voorjaarsnota. Deze motie is erop gericht om te investeren in de toekomst van mensen, en dat zijn de mensen die het het hardst nodig hebben. Omdat zij wonen in de wijken en de buurten waar het al lang minder prettig wonen is. Daar is nooit één reden voor aan te wijzen. Dat is altijd een samenloop van omstandigheden. Juist in wijken waar problemen zich opstapelen, werkt een versnipperde aanpak niet. We moeten beleid bundelen en daarbij de leefwereld van bewoners als uitgangspunt nemen. Vorige week ontvingen we een raadsinformatiebrief over gebiedsgericht werken en daarin wordt gekozen voor focus op onder andere De Hambaken en Schutskamp-Kruiskamp. Die focus laat zien dat het college de urgentie ziet en daar zijn wij heel blij mee. Deze motie helpt om die inzet te verdiepen en te verankeren. U hebt de motie allemaal kunnen lezen. Met het aannemen van deze motie houden we als raad vinger aan de pols en kunnen we samen met bewoners en partners leren en bijsturen waar dat nodig is. We dienen deze motie samen met de VVD, Rosmalens Belang, D66, CDA en de PvdA in. 16

De heer VAN CREIJ: Even richting GroenLinks, u refereert zelf aan de raadsinformatiebrief. We hebben er informatie over gehad. Is deze motie niet overbodig, gelet op hetgeen het college eigenlijk al ingezet heeft en wantrouwt u het college dan dat het niet gaat doen wat het gezegd heeft? Mevrouw KORVER: Nee, wij wantrouwen het college zeker niet. We hebben wat langer moeten wachten op de raadsinformatiebrief. Geen probleem, maar toen waren wij al bezig met de motie. En we hebben de motie volgens ons ook zo op kunnen stellen dat die juist een toevoeging is omdat die vraagt om een verdere uitwerking, omdat die het ook over de financiering heeft, omdat die het ook heeft over resultaten. Wij vinden het echt belangrijk, juist omdat er bewoners bij betrokken zijn, dat er op relatief korte termijn echt resultaten zichtbaar zijn. We hoeven niet te denken aan een paar weken, maar wel echt binnen één à twee jaar. En we vinden het belangrijk, en dat zal het college misschien wel doen, maar zo duidelijk werd het niet uit de raadsinformatiebrief, dat we daar ook periodiek over worden geïnformeerd, wat ons betreft echt minimaal twee keer per jaar. De heer VAN CREIJ: Dan toch even een aanvullende vraag. Dan heb ik misschien meer vertrouwen in het college dan u heeft, want u zegt: we gaan er nu bewoners bij betrekken. Ik neem gewoon aan dat het college dat ook doet.

Dus wat is nu daadwerkelijk het verschil tussen wat u in de motie vraagt en wat het college eigenlijk al uitvoert? Mevrouw KORVER: Volgens mij heb ik dat net aangegeven en natuurlijk gaat het college ook bewoners betrekken. Maar als wij door deze wijken lopen en met de bewoners praten, dan horen wij dat een van de problemen die zij hebben, is dat zij elke keer worden betrokken en bevraagd, maar nooit worden meegenomen in de uiteindelijke aanpak van wat er dan gebeurt. En dat is waar wij dus ook extra om vragen, en daarvoor moet je ook op korte termijn resultaten laten zien. Anders haken de bewoners af en daar zijn we allemaal zelf bij, dus laten we dat ook vooral doen en daar roept deze motie ook echt toe op. Een tweede motie die wij indienen is om te investeren in de toekomst van de natuur. Dat is motie 13 bij de voorjaarsnota, ꞌBuurtvoedselbossenꞌ. We dienen die samen met de PvdA, 50PLUS, VVD, PvdD, De Bossche Groenen, D66, Rosmalens Belang en het CDA in. In onze raad is er veel draagvlak om de bebouwde omgeving te vergroenen. Ongeveer iedereen staat achter meer bomen en beplanting, meer parkjes en meer ruimte voor water. De gemeente vergroent ook al goed, maar in deze motie roepen wij de gemeente op om er nog een schepje bovenop te doen. U hebt kunnen lezen hoe wij dat voor ons zien.

Met deze motie maken wij de drempel voor inwoners voor het opstarten van een voedselbos veel kleiner en hopen we meer mooie initiatieven te gaan zien in onze gemeente. Want naast dat kleine voedselbossen in de bebouwde omgeving zorgen voor verkoeling, waterberging en meer biodiversiteit, zijn ze ook een mooie manier voor buurtbewoners om elkaar te ontmoeten, samen te ontspannen en op de heetste dagen van het jaar verkoeling op te zoeken. De heer VAN CREIJ: Even richting GroenLinks, u stelt bij het derde aandachtsstreepje bij het verzoek, als gemeente te starten een geschikt stuk grond aan te wijzen en vanuit bestaande budgetten. Dat is de opstartsubsidie. Even doorvragend, wilt u dan die gronden om niet beschikbaar stellen of gaat dit alleen over een opstartsubsidie? Graag even die duidelijkheid. Mevrouw KORVER: Voor zover wij begrepen hebben, we zijn hier natuurlijk al wel wat uitgebreider ingedoken, is dat in eerste instantie… Het nut hiervan komt natuurlijk iedereen toe, en de gemeente kan daar best in de vorm van een subsidie geld voor geven. Dat is onder andere bij Voedselbos Woest ook wel gebeurd. Wat ons betreft gebeurt dat op een vergelijkbare manier. De VOORZITTER: Nogmaals, een motie is een oproep om iets te agenderen. Niet nu in de uitvoering schieten met de discussie, want anders gaat het dadelijk alleen over uitvoeringskwesties.

Mevrouw HENDRICKX: Wij hebben al aangegeven dat we heel enthousiast zijn over deze motie, want meer groen in de wijk is gewoon belangrijk. Daarom wil ik aan u nog even de vraag stellen die ik net ook aan de VVD stelde. We moeten de komende jaren heel veel investeren, miljoenen, om de stad klimaatbestendig te maken. U kent de plannen Groen en klimaatbestendige wijken. U ziet de brief van het college. Er moet veel geld bij. In het Structuurfonds zitten stenen, infrastructurele projecten. Vindt u dat groen daar ook aan moet worden toegevoegd, dat we miljoenen daar gewoon moeten gaan vrijspelen om ook de komende jaren in die wijken en buurten 17

wat te kunnen doen? Mevrouw KORVER: Wij vinden het zeker heel erg belangrijk, en dat heb ik volgens mij twee weken geleden in een debatje met u ook al aangegeven, dat er voldoende geld gaat naar vergroening, verduurzaming. Dus ja, daar zijn wij het mee eens. Investeren in de natuur wil mijn fractie nog wat structureler aanpakken. Met de gebiedspaspoorten groen en klimaatbestendig hebben we als gemeente vorig jaar al een mooie stap gezet, maar GroenLinks denkt dat er nog een stapje bij kan en moet, voor het belang van groen voor de gezondheid van onze inwoners en omdat klimaatadaptie belangrijk is. Daarom kondigen we hierbij alvast een discussienotitie aan voor na het zomerreces over onder andere het evalueren en actualiseren van de groennorm. Ten slotte nog een motie over de Afvalstoffendienst, motie 2 bij agendapunt 8, ꞌEerlijk delen van de lasten van de Afvalstoffendienstꞌ. Die dienen wij met de PvdA, D66, CDA, VVD, Rosmalens Belang, VOOR Den Bosch en Volt. We zijn akkoord met het raadsvoorstel. Wel zien wij dat onze Afvalstoffendienst verschillende gemeenten bedient naast Den Bosch, maar dat alleen Den Bosch het risico draagt bij tegenvallers. Het doel van deze motie is de lasten voor onze inwoners zo laag mogelijk te houden en u hebt kunnen lezen wat wij daarbij voor ogen hebben. Dan dienen wij nog een aantal moties mee in.

De heer HOEBEN: Een vraag aan mevrouw Korver, want wij steunen die motie sowieso, laat dat helder zijn, mar we maken ons een beetje zorgen of dat wel gaat. Heeft u dat uitgevraagd bij de wethouder of ambtelijk uitgevraagd of daar mogelijkheden toe zijn? Mevrouw KORVER: Ja, we hebben uitgevraagd of deze motie uitvoerbaar is en daar hebben wij een positief antwoord op gekregen. Maar dan wel bij nieuwe contracten, niet bij bestaande. Wij dienen dus nog een aantal moties mee in. Dat zijn moties die ook investeren in de toekomst van mens of natuur. Zoals bij de voorjaarsnota motie 11, ꞌMeer flexibele en mensgerichte ondersteuning voor inwoners met post-COVID en Q-koortsꞌ, van het CDA. Motie 21, ꞌVersterk het jongerenwerk online en op straatꞌ, van de PvdA. Motie 22, ꞌBescherm mens en dier, stop de bollenteelt hierꞌ, van de PvdD. En motie 26, ꞌCenten voor studentenꞌ, van D66. Bij het verbeterplan voor de Afvalstoffendienst dienen wij motie 1 van de VVD, ꞌNaar een realistisch en gestructureerd uitvoeringsplanꞌ, ook mee in. Ook steunen wij een aantal moties die investeren in de toekomst van mens en natuur. Specifiek wil ik daarbij drie moties bij de voorjaarsnota benoemen, namelijk motie 3, ꞌEnergietoeslag 2025ꞌ, van de SP. Motie 4, ꞌAfrekenen met schuldenꞌ, ook van de SP. En motie 15, ꞌSparrenburgbosꞌ, van De Bossche Groenen.

Wij steunen er meer, maar gezien de tijd kom ik daar waarschijnlijk niet aan toe. Van een aantal andere moties vinden wij het lastig in te schatten wat het effect is of hoe de motie bijdraagt aan een verbetering in onze gemeente. Bij deze moties wachten wij het debat en het advies van het college af. Andere moties steunen wij niet omdat ze niet bijdragen aan het investeren in de toekomst van mens en natuur. Dan dien ik namens de werkgroep Zorgvuldige besluitvorming bij complexe projecten, dus niet per se namens GroenLinks, ik vind het echt een apolitiek amendement, amendement 2 nog in bij de voorjaarsnota, om het budget voor second opinions bij complexe projecten voor de raad te regelen. De werkgroep weet niet in hoeverre dit instrument, second opinions, in de komende jaren ingezet gaat worden. Ze heeft daarom gekozen voor budget in de vorm van een reserve, omdat dat ervoor zorgt dat ook als de second opinion weinig gebruikt wordt, er niet de situatie ontstaat dat je ieder jaar geld op de begroting moet opnemen, waarvan je niet weet of je dat geld dat jaar uitgeven. De ervaring leert namelijk dat dat soort budgetten op de begroting vrij snel onderdeel worden van een politieke discussie, zeker bij financiële krapte. Het is natuurlijk fijn dat dit amendement op unanieme steun van de raad kan rekenen.

Schorsing Mevrouw SAMSHUIJZEN: Bij de algemene beschouwingen heeft de PvdD benadrukt waar het echt om draait, de gezondheid van inwoners, het welzijn van dieren, bescherming van natuur en een leefbare wereld. Daar ligt wat ons betreft de kern van goed bestuur, niet bij economische winst of gemak voor enkelen, maar bij het beschermen van wat kwetsbaar is en wat van waarde is voor ons allemaal. En vandaag maken we dat dan concreet, vanuit onze eigen partij met twee heldere moties. Onze eerste motie, ꞌBescherm mens en dier, stop de bollenteelt hierꞌ. Het is niet te bevatten dat we anno 2025 nog steeds toelaten dat er naast kinderdagverblijven, woningen en natuurgebieden grote hoeveelheden landbouwgif worden gespoten en dat dan puur voor de sierteelt, terwijl het gif dat erop gebruikt wordt in verband is gebracht met ziektes zoals kanker, ALS en Parkinson. En ja, dat is niet 18

overdreven, dat zijn feiten, onderbouwd door tientallen wetenschappelijke studies en onderschreven door honderden artsen die aan de bel trekken. In Vinkel zijn er dit jaar twee lelievelden bij gekomen en omwonenden maken zich zorgen, en terecht. En wij als gemeenteraad hebben al lang gezegd dat we deze teelt hier helemaal niet willen en dat we alles op alles willen zetten om conventionele bollenteelt tegen te gaan. Die uitspraak deed de raad vorig jaar al op 3 juli. De heer HUIBERS: Dank u wel aan de PvdD voor deze motie. Hij puzzelt mij wel enigszins, want ik hoor de PvdD zeggen, met name de giffen die gespoten worden, daar zijn we op tegen, maar u verbiedt eigenlijk in uw motie de teelt. Pakt u dan niet net het verkeerde aan? Even een verduidelijkingsvraag. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Zoals ook bijvoorbeeld de motie van vorig jaar aangaf, het probleem ligt wat ons betreft bij de conventionele bollenteelt. We verwijzen ook naar de handleiding van Natuur & Milieu en Urgenda. Ik ga ervan uit dat u die allemaal ook heeft gelezen. Het stond ook in de motie. Ik zie D66 al instemmend knikken. Daarin wordt ook goed uiteengezet waar het om gaat.

Het gaat dan bij die conventionele bollenteelt erom dat dat intensief bespoten is met gevaarlijke middelen en daarom is dat een gerichte groep om uit te sluiten daarin, waarbij er uiteraard, zoals ook in de handleiding van Natuur & Milieu aangegeven wordt hoe je dat dan verder in de uitvoering kan doen. Maar zoals de voorzitter eerder vandaag ook aangaf, gaat het hier om de oproep en daarom verwijzen we in die motie ook van hoe die uitwerking er dan uit kan zien in details. Mevrouw LIPMAN: Dank u wel aan de PvdD voor de motie. Het CDA stelt de leefomgeving centraal, maar heeft ook oog voor eventuele economische belangen. Wat wij zien in de motie is inderdaad per direct een uitbreiding van de sierteelt te verbieden. Moeten we niet per uitbreiding een afweging maken van: willen we die uitbreiding hier? In plaats van per direct zeggen: nee, geen uitbreiding meer mogelijk? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Eigenlijk is de raad er vorig jaar natuurlijk al duidelijk over geweest. Toen is al uitgesproken dat we alles op alles moeten zetten om die uitbreiding van de bollenteelt te stoppen, een motie die ook het CDA heeft gesteund. En die lelieteelt, er zijn nu twee lelievelden bij gekomen in Vinkel. Dat heb ik ook in de algemene beschouwingen toegelicht, mevrouw Mees heeft dat bij I&O toegelicht, dat is verschrikkelijk giftig.

Maar zoals vorig jaar spraken we over de bollenteelt bij het Engelenmeer. Dat waren gladiolen. Gladiolenteelt staat ook in de top 10 van meest bespoten soorten. Dus wat dat betreft, bij alle soorten bloementeelt, bollenteelt wordt gewoon heel veel landbouwgif gebruikt en daarom willen we volledig die conventionele sierteelt een halt toeroepen. Mevrouw LIPMAN: Het CDA heeft inderdaad de motie ondersteund. Desalniettemin, hoe kijkt de PvdD dan bijvoorbeeld aan tegen innovatie? Dat is wat ik bedoelde met: moeten we dan per direct alles maar verbieden, of zeggen we: we kijken nog steeds per uitbreiding en de rol van innovatie daarin. Hoe kijkt u daartegen aan? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Wij roepen ook op om de handleiding van Natuur & Milieu en Urgenda te volgen, waarin ook in de uitwerking de mogelijkheden staan om bijvoorbeeld biologische bollenteelt te doen. Dus telers die willen overschakelen naar biologische teelt, met uitzondering van de paraffine, van harte welkom. Maar de conventionele teelt, innovaties zijn hartstikke leuk, maar die conventionele bollenteelt is nog steeds gewoon hartstikke gevaarlijk.

Mevrouw LIPMAN: Misschien zie ik het dan niet goed, maar als er dan staat: verzoekt per direct de uitbreiding van sierteelt te verbieden, dan gaat dat toch om alle sierteelt? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ja goed, dat mag u zo interpreteren, in ieder geval de conventionele sierteelt, met de verwijzing naar de handleiding van Natuur & Milieu en Urgenda, waar dat ook verder wordt toegelicht, maar waar ook de nuance wordt gesteld op de soorten middelen die er allemaal gebruikt worden. Nogmaals, daar de verwijzing naar. Mevrouw WELTEN: Mevrouw Samshuijzen, dat heeft nogal wat gevolgen voor degenen die hier de kost mee verdienen. U zet ze zonder brood straks. Hoe kijkt u daarnaar? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Deze raad heeft vorig jaar al een heel duidelijke uitspraak gedaan 19

en daarbij hebben we al gezegd: stop die uitbreiding. En de wethouder heeft dat nog niet uitgevoerd. Daar kom ik zo ook op in mijn bijdrage, dus als we het nu over deze specifieke velden hebben, waarschijnlijk zijn die velden volgend jaar toch niet meer bruikbaar omdat de grond daar zo beschadigd is dat daar toch niet meer geteeld kan worden. Dat is wat die teelt doet met het bodemleven. Maar goed, deze raad is al eerder heel duidelijk geweest. Als u dat vervelend vindt, zou ik ook vooral richting het college kijken. Mevrouw WELTEN: Nee mevrouw Samshuijzen, het ligt iets genuanceerder dan u nu zegt. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Nou ja, wat mijn partij betreft in ieder geval niet. Ten eerste heeft deze raad vorig jaar de uitspraak al gedaan wat wij willen en ten tweede gaat voor de PvdD de gezondheid en het welzijn van mens, dier en milieu boven economisch gewin. De raad heeft dus al de uitspraak gedaan, maar de wethouder heeft die opdracht naast zich neergelegd, de uitvoering van de aangenomen motie is uitgesteld voor onbepaalde tijd. En onze schriftelijke vragen, die wij twee maanden geleden stelden, zijn ook nog steeds niet beantwoord, maar intussen groeit die bollenteelt dus wel gewoon nog steeds. De uitbreiding van het gif in de gemeente gaat maar door en dat is niet uit te leggen.

Dit gaat over onze verantwoordelijkheid om schade te voorkomen, om gezondheid en welzijn boven economisch gewin te stellen. Mevrouw HENDRICKX: Ik hoor mevrouw Samshuijzen zeggen dat de schriftelijke vragen nog steeds niet zijn beantwoord. Volgens mij hebben we daar in deze raad termijnen voor afgesproken waarin het college gewoon antwoord dient te geven op vragen die wij als raad hebben. Kunt u aangeven waarom het college nog geen antwoord heeft gegeven en als u het niet kan, dan hoor ik daar straks graag de wethouder over. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Dank voor deze vraag. Ik ben het helemaal eens met collega Hendrickx. Ik weet niet waarom die vragen nog steeds niet beantwoord zijn en ik hoor daar ook graag de wethouder dan over, want zoals u aan mij hoort, vind ik dat niet zoals dat zou horen. Dus gezondheid en welzijn boven economisch gewin. Daarom dienen wij samen met GroenLinks, De Bossche Groenen, gewoon ge-DREVEN, SP, Volt, D66 en 50PLUS deze motie in, met daarin een onmiddellijke stop op de uitbreiding van sierteelt, bufferzones van minimaal 250 meter rond gevoelige locaties rond bestaande velden en een serieuze juridische verkenning van wat er nog meer kan, ook ten aanzien van andere intensief bespoten teelten, want er zijn wel degelijk mogelijkheden, zoals de handleiding van Urgenda en Natuur & Milieu ook laat zien. Dan de tweede motie.

Elk jaar opnieuw belanden duizenden dieren in opvangcentra door het hele land. Niet omdat mensen kwaad willen, maar omdat ze zich vooraf onvoldoende realiseren wat erbij komt kijken om voor een dier te zorgen. Een hond is geen speelgoed, konijnen vragen aandacht, zorg en medische kosten en een kat is geen accessoire voor op Instagram. Dieren worden gedumpt omdat hun verzorging tegenviel, omdat er geen tijd, geld en liefde meer was. En dit zijn geen incidenten, dit is structureel en het is te voorkomen. En andere gemeenten doen dat al, met campagnes, met markten, met educatieprogramma's. En ook de Hondenbescherming waarschuwt actief. Ook in Den Bosch is die behoefte er. Want het dierentehuis wil niets liever dan preventief werken, maar ze missen de middelen. En dat terwijl we als gemeente wel communicatiemiddelen inzetten voor bijvoorbeeld lokale ondernemers, voor verhalen, voor mobiliteit. Waarom dan ook niet voor de meest kwetsbaren onder ons, de dieren? Daarom dienen wij samen met De Bossche Groenen, gewoon geDREVEN en Volt de motie ꞌBewustwording bij de aanschaf van een huisdierꞌ in. Mevrouw HENDRICKX: Toch nog even over uw vorige motie, want daar blijft bij mij toch een vraag boven hangen waar ik hoop van u antwoord op te krijgen.

Want de raad heeft daar natuurlijk een motie over aangenomen, dat wij, en heel terecht, die sierteelt als het gaat om die bollen, die voor onze inwoners hartstikke schadelijk is, willen verbieden. Volgens mij is die motie met heel veel steun aangenomen. U zegt, de motie is niet uitgevoerd door het college. Kunt u dat toch nog eens uitleggen, want we nemen hier niet voor niets met elkaar moties aan. Dat is een duidelijke opdracht. Waarom doet het college niet wat de raad wil? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Dank voor deze vraag en dat is precies de vraag die mijn partij ook heeft en die wij onder andere ook in die schriftelijke vragen van 7 april jl. hebben gesteld. Want ons is het schier onduidelijk. Er wordt aangegeven in de toelichting van de wethouder: er speelt veel, er zijn veel ontwikkelingen, en we verwachten ook nog veel. En daarom kunnen we nog niets met de motie doen. Na het zomerreces verwachten we u een tussentijdse update te geven. En dat was het. 20

En boven ons hoofd grote vraagtekens waar dit vandaan komt. En onduidelijkheid over: wanneer gaat er nu wat gebeuren dan? En omdat de raad dus al zo duidelijk was, als die uitvoering op zich laat wachten, laten we dan nu nog duidelijker zijn. Mevrouw HENDRICKX: Helder, dus u heeft er eigenlijk al heel veel op doorgevraagd, maar die onduidelijkheid is er eigenlijk nog steeds. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ja. Mevrouw HENDRICKX: Oké, dan hopen we daar zo antwoord op te krijgen. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Goed, dan ga ik even terug naar de motie over communicatie en informatie over huisdieren. Die motie vraagt niets meer dan logisch beleid, in gesprek gaan met het dierentehuis, leren van andere gemeenten en met een concreet voorstel komen om bewustwording te vergroten, zodat mensen weten waar ze aan beginnen voordat ze een dier aanschaffen. Zo voorkomen we dan onnodig dierenleed en verlagen we de druk op het dierentehuis. Beide moties gaan over verantwoordelijkheid, over het maken van keuzes die welzijn en gezondheid vooropstellen, over niet wegkijken maar zorgdragen voor wat kwetsbaar is, of dat nu mensen zijn, dieren of natuur. De PvdD kiest daarvoor en laten we daar vandaag hopelijk samen werk van maken. Met die blik op de wereld zullen wij ook andere moties en amendementen vandaag beoordelen. Mevrouw HOEKSTRA: Ik had nog één vraag over de motie over voorlichting voor huisdieren.

Het klinkt sympathiek. Ik was even benieuwd aan wat voor bedrag u denkt, of heeft u uitgevraagd wat daar voor bedrag voor nodig is om dat goed te kunnen doen? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Nee, dat heb ik niet gedaan, en dat is ook omdat wij nog niet gelijk in de uitvoering willen gaan zitten. Ook de gemeenten die wij als voorbeeld hebben genoemd in de motie hebben allemaal heel uiteenlopende zaken die zij inzetten, dus wat ons betreft kan het heel klein, kan het ook een stuk groter. Wij willen niet in die uitvoering gaan zitten en verzoeken daarom het college om met het dierentehuis in gesprek te gaan en te kijken wat er kan. Wat ons betreft natuurlijk groot en impactvol, maar als er maar een begin wordt gemaakt, want iets is beter dan niets. Laten we kijken wat er mogelijk is en laten we dat samen doen. Met onze blik op de wereld zullen we dus naar ook andere moties en amendementen kijken. Het zijn er heel veel, ik wil er een aantal uitlichten die wij in het bijzonder heel goed en heel mooi vinden. Bijvoorbeeld het voorstel van GroenLinks over de buurtvoedselbossen, het voorstel van De Bossche Groenen over het investeren in dorpen en wijken, het Sparrenburgbos, vanuit D66 de inzet op de studentenstad, de SP die heel mooie voorstellen heeft om mensen in armoede beter te helpen. Dank ook voor die initiatieven.

Dan tot slot, wij zullen natuurlijk vanavond met elkaar verder spreken over de afschuwelijke situatie in Gaza, dus daar ga ik nu nog niet op in, maar wij zullen ook de blik van compassie en medemenselijkheid daarin doortrekken. De heer HUIBERS: Zoals aangegeven in de algemene beschouwingen mogen we trots zijn op onze gemeente en de ambtenaren die zich iedere dag daarvoor inzetten. Afgelopen week konden we nog lezen dat we wederom een aantal plaatsen op de ranglijst zijn gestegen, en dan is het de uitdaging dat we voor onze inwoners de dorpen en wijken met behoud van karakter leefbaar houden. Waar het prettig leven is, waar ingezet wordt op verbinden door elkaar te ontmoeten, waar iedereen mee kan doen en waar verenigen wordt gestimuleerd. Dat behoeft wat Rosmalens Belang betreft maatwerk en een wijkgerichte aanpak. De fusie van Nulandia en Be Quick vinden we een prima voorbeeld en we snappen dat iedere partij daarin zijn of haar accenten brengt. Ook die diversiteit kleurt de gemeente, maakt het niet altijd even gemakkelijk. Maar als Rosmalens Belang kijken we met die bril naar de voorjaarsnota en de ingediende moties en amendementen. Ik ga ze niet allemaal benoemen. Zeker niet allemaal waar we onder staan. De indiener kan een beter enthousiasmerend betoog daarvoor houden. We staan er immers niet voor niets onder.

Om te beginnen met amendement 1, het supportershome FC Den Bosch. We beginnen met het supportershome van FC Den Bosch. We hebben hiervoor een amendement ingediend, samen met veel andere partijen. De supporters vroegen ons om hulp, niet voor sfeer of voor prestige, maar voor een veilige en sociale plek. Een plek waar jongerenwerk kan landen, waar vrijwilligers aan de slag kunnen, waar buurtbewoners samenkomen. Ze hebben al geld opgehaald, plannen gemaakt en samenwerking gezocht met de FC Den Bosch Foundation. Wij vinden dat we dat moeten steunen, want dit is 21

precies wat wij belangrijk vinden: ontmoeting, samen doen en een gemeente die dat mogelijk maakt. Een aantal moties en amendementen wil ik nog verder uitlichten. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Over amendement 1, steun voor het supportershome van FC Den Bosch. Zoals vaker gezegd, sympathiek vinden wij dat. Wel toch de vraag, ik ken Rosmalens Belang als een partij die best wel kritisch is op zomaar ergens even geld aan te geven. Er is bijvoorbeeld een Bosch Sportakkoord, waar subsidie op aangevraagd kan worden. Weet u of dat soort initiatieven benut zijn? Ik ben een beetje zoekende, want uw partij is altijd zo kritisch op dit soort dingen, maar nu wordt eigenlijk wel zonder die context dit amendement neergelegd, dus ik ben wat zoekende. Kunt u mij helpen? De heer HUIBERS: Dank u wel voor deze vraag. Het Sportfonds ondersteunen wij ook van harte en ik ben ook blij dat wij binnenkort met hen in gesprek mogen om te kijken welke ambities zij hebben. Volgens mij is er een heel duidelijk verzoek binnengekomen vanuit de supportersvereniging met het brede doel, en dat is dus het samenkomen, het sociale aspect. En dat is ook zeer zeker iets waar Rosmalens Belang voor staat. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik heb het over het Bosch Sportakkoord, waarin een subsidieregeling zit, dus ik vraag me af of u daar naar heeft gekeken, of heeft u daarover gesproken.

Is FC Den Bosch daarmee bezig geweest? De heer HUIBERS: Excuus voor de verwarring, volgens mij komt het ene voort uit het andere, dus ik haalde het heel even door elkaar. Heel eerlijk gezegd ben ik daarvan niet op de hoogte. Ik zie voor het Sportfonds eerder aanjaagbudget, volgens mij zijn dat een aantal pijlers waar dan iets op aangevraagd kan worden. Dit heeft niet direct iets te maken met sport, maar wel met de sportbeleving, dus de sociale component, het ontmoeten. En dat daar hier de component van een voetbalvereniging in zit, daar lieert het dan wat meer aan sport, maar wat mij betreft valt het niet in het Sportakkoord. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Niet dat ik nu expert ben op die subsidiemogelijkheid, maar omdat daar wel ook de pijlers in zitten dat het sociaal, maatschappelijk et cetera moet zijn, juist de punten waarop uw amendement betoogt dat we daarom dit moeten doen, dus daarom ben ik een beetje zoekende: waarom valt het dan niet daaronder? Moet dat dan niet geprobeerd worden? Zou dat niet een logische route zijn, in plaats van nu gelijk dit amendement? De heer HUIBERS: Nee, wat mij betreft niet. Ja, ik ben hier wel wat meer mee bekend, met sportakkoorden helaas. Ik vind het echt dat het dan meer gelieerd moet zijn met het bevorderen van sport.

Natuurlijk sport ontmoet en doet, daar ben ik het wel heel erg mee eens, maar wij willen met name de sociale functie van dit supportershome benadrukken. Ik wil nog een aantal moties uitlichten. Amendement 2, het moge duidelijk zijn, ik ben lid geweest van de werkgroep, dus ik sta natuurlijk achter het amendement. Motie 13 over buurt- en voedselbossen. Dat vinden we een zeer sterk idee. Het zorgt dat mensen samen kunnen komen en daarmee hun wijk of buurt verder verstevigen. Wat ons betreft mag de motie wat breder gelezen worden. Nu wordt er inderdaad ingestoken op voedsel. Wat mij betreft mag bij alle initiatieven die ontmoeten aanmoedigen daar een actieve houding in worden aangenomen door het college. Maar de motie zoals die nu voorligt dienen wij mee in en kunnen we van harte steunen. Motie 14 over investeren in de buitenruimte. Dit punt onderschrijven wij zeer zeker. Wat ons betreft moet de buitenruimte uitnodigen om elkaar te ontmoeten, om in te bewegen en waarin je je veilig voelt. We hebben extra middelen in het bestuursakkoord ingezet om achterstallig onderhoud in te lopen. Eerder hebben we hierover ook al met elkaar gesproken en was het de vraag of de financiële middelen een belemmering waren of waren er andere factoren. En volgens mij waren er andere factoren belemmerend. Maar we horen daar nog graag wel heel even de wethouder over.

De motie roept dus op om waar nodig extra middelen vrij te maken, maar volgens ons ligt hier nog een vraag voor. We willen eerst die duidelijkheid krijgen vandaag. Waar hebben we dan precies die middelen voor en hoe hoog zijn die middelen, om daar een bewuste keus in te maken. Motie 15 over het Sparrenburgbos begrijpen we heel goed. Dit is een waardevol stukje Rosmalen, zoals de motie ook zegt, een stukje dat we zeker willen beschermen. Eerder hebben we ons altijd uitgesproken dat de bestemming van het bos voldoende bescherming biedt, maar ook wij voelen de noodzaak om als gemeente een actievere rol aan te nemen. Niet om een investeerder te belonen met lukrake kap, maar juist samen met de werkgroep die op dit dossier actief is en Stem van het Bos samen te kijken welke mogelijkheden er 22

zijn. Mevrouw WELTEN: Nog even een vraag aan de heer Huibers. Er staat ook in diezelfde motie dat de begroting om de hoek komt kijken. Met andere woorden, daar wordt gevraagd om een onderzoek, maar daar moet geld voor gepast worden. Is Rosmalens Belang bereid om dat te doen? De heer HUIBERS: Wat ons betreft ligt daar een stap voor. Ik ben ook in contact met de werkgroep en ook met Stem van het Bos en natuurlijk ook met het college hierover. Ik begrijp dat er gesprekken zijn om te kijken naar eventuele mogelijkheden. Ik wil eerst gewoon die mogelijkheden afwachten en vanuit daar wil ik keuzes maken. Maar we horen daar graag nog van de wethouder wat daar de stand van zaken is. Nog een motie die wij niet steunen, het zal wellicht gek zijn, gaat over de oostelijke ontsluiting. Dat vinden wij echt een heel lastige. Ik zie de heer Van Creij al lachen, want juist daar zetten wij ons ook al jaren voor in. Maar deze motie doet alsof er niets gebeurt, terwijl er al werkgroepen bezig zijn en de wethouder al stappen zet. Wat wij nodig hebben is samenwerking, niet het ene dossier tegen het andere uitspelen. Daarom stemmen we hier tegen, ook al raakt het een belangrijk onderwerp voor ons. Nog een motie die we zeer zeker een warm hart toedragen, namelijk ꞌVersterk het jongerenwerkꞌ.

Zoals eerder al eens een keer in een debat hier benoemd, wat ons betreft, jongeren hebben de toekomst, dus investeer daar ook zeer zeker in. Nog twee puntjes, we hebben het hier vaker gehad over de grote ontwikkeling van de ambtelijke organisatie. In het kopje Bedrijfsvoering blijven we wat Rosmalens Belang betreft wat oppervlakkig over wat er binnen de organisatie gebeurt. De vraag aan het college is of er niet uitgebreider gerapporteerd kan worden richting de raad, zodat we goed geïnformeerd blijven over de noodzakelijke stappen en de effecten daarvan. En als laatste, onlangs hebben we nog de wijkraad Groote Wielen gesproken. Zij hadden een geweldig mooie bijeenkomst, samen met het jongerenwerk opgesteld, waar jongeren uit de wijk hun visie konden geven, maar ook hun bedenkingen en wensen. Een daarvan is een eigen ontmoetingsplek. Nu hebben wij begrepen dat er gewoon geld op de plank ligt om die ontmoetingsplek ook daadwerkelijk te realiseren. Vraag aan de wethouder: hoe staat het daarmee? Wij horen het graag. Tot slot voorzitter, vandaag kiezen wij voor verbinding, voor plekken waar mensen elkaar ontmoeten, en voor een gemeente die dichtbij blijft. De heer VAN SILFHOUT: Terwijl het kabinet valt en we wederom in een politieke crisis gestort worden, is de vraag waarover het kabinet nu eigenlijk gevallen is.

Is dat over migratie of als het over een maand zou vallen, zou het dan over de NAVO-norm zijn, omdat partijen niet genoeg willen investeren? Nee voorzitter, dit kabinet is gevallen over pure incompetentie. Of zoals de ING het vandaag recenseerde, de markten gaan hier niet op reageren, want het kabinet had al geen antwoorden en nu het gevallen is, heeft het nog steeds geen antwoorden. We staan nu al meer dan een jaar stil voorzitter. Stil op stikstof, stil op infrastructuur, stil op bouwen. Gelukkig hebben we in Den Bosch een college dat minder last heeft van incompetentie, maar waar het gelukkig nog wel gaat over politieke meningsverschillen. Of zoals vandaag, dat we gewoon een debat hebben met ideeën en oplossingen, en minder een debat dat maar een politiek spelletje is. Maar ondertussen mogen gemeenten de hete kolen uit het vuur halen als het gaat over daar waar het rijk het laat vallen. De jeugdzorg, asielopvang, de woningnood, de natuur, tegenstellingen in de samenleving. Maar voor sommige onderwerpen zitten wij niet aan de knoppen, en een van die onderwerpen is de noordelijke ontsluiting van de A2, de verbreding van nieuwe bruggen richting het noorden, zodat we onze stad weer kunnen ontsluiten.

Deze ontsluiting naar het noorden is de afgelopen twee jaar de tweede en de eerste plek geweest als het gaat om snelwegen waar het meeste economisch verlies wordt geboekt omdat we daar zoveel stilstaan. En wij krijgen dat als gemeente niet zelf op gang. Zonder het rijk kunnen wij daar niets, maar in het zuiden van Europa gebeurt iets wonderlijks. In het zuiden van Europa zijn er gemeenten en landen die er ook achter komen dat ze eigenlijk dezelfde problemen als wij, dat infrastructuur niet meer wordt geüpgraded, dat we stilstaan als landen omdat dit soort projecten niet wordt aangelopen. En ineens gebeurt er iets wonderlijks. Aan het eind van deze maand is er de NAVO-top en in het NAVO-budget, de ophoging daarvan, lijkt te gaan landen dat ook infrastructuurprojecten opgepakt mogen worden. En misschien ligt hier dan wel de sleutel voor ons als stad, dat als straks eind deze maand in Nederland wordt besloten dat de NAVO-norm omhooggaat en dat infrastructuurprojecten daar onderdeel van mogen zijn, dat dat een ingang biedt om de verbreding van de A2 weer aan te gaan vliegen, om ervoor te zorgen dat we weer aan de slag kunnen. Want nu heeft dat impact op levens van mensen. Starters nemen het mee in hun afweging als ze hier gaan wonen, dat ze niet meer naar het noorden kunnen in de spits.

Steeds meer mensen zien deze stad niet meer als het centrum van Nederland, maar een stad aan de rand van Brabant.

23

Mevrouw HENDRICKX: Ik hoor van Volt een warm pleidooi om vooral de A2 te verbreden. Is de heer Van Silfhout ermee bekend dat met het verbreden van de weg, we tijdelijk eigenlijk even winst hebben, maar dat heel snel de capaciteit weer gevuld is, dus als we dan naar de stad kijken, naar de groei van Brabant, dat op termijn er wat extra's nodig is, alleen asfalt. Bent u dat met ons eens? De heer VAN SILFHOUT: Als Volt zijn we absoluut geen asfaltpartij dus ik denk dat mevrouw Hendrickx het algemene verhaal voor asfalt bedoelt. Maar dat gaat natuurlijk niet op als je het over bruggen hebt over rivieren. Want bruggen over rivieren zijn de bottleneck in Nederland en dat is ook de reden dat het helemaal vastloopt. Omdat wij niet meer de Maas en de Waal over kunnen. En daar kunnen wij stations tegenaan bouwen, maar uiteindelijk zijn het die bruggen waar het misgaat. Dus die bruggen moeten er gewoon gaan komen, ook voor een partij als de onze, die niet per se een proleg-nu-maar-meer-asfalt-aan-om-het-probleem-op-te-lossen-partij zijn, maar hier specifiek heb je het gewoon nodig. Want we kunnen niet afgesloten worden van de rest van Nederland. En hier zit ook de mooie match. De heer ROOVERS: Ik vind dat de heer Van Silfhout, we kunnen er een gesprek over voeren hè, het probleem met de Maasbruggen, moeten we daar wat extra voor doen? Misschien wel.

De vorm die de heer Van Silfhout er nu voor kiest vind ik wel een heel bijzondere. Misschien ook een beetje prematuur. Er ligt namelijk niets, er ligt een voorstel van de NAVO-secretaris-generaal, ene Mark Rutte. Dat voorstel is nog niet besproken, er is nog geen besluit gevallen. En het enige wat het voorstel zou inhouden is dat je uitgaven voor infrastructuur kan wegschrijven als een NAVO-uitgave. Dat wil niet zeggen dat er ineens geld is. En op het moment dat het geld er dan wel zou zijn, zou ik weer de vraag hebben: waar moet dat dan vandaan komen? Dus het is een boekhoudkundig trucje waar u nu gebruik van wilt maken, maar extra geld is er niet. Is de heer Van Silfhout zich daar van bewust? De heer VAN SILFHOUT: Op dit moment is dat extra geld er nog niet, maar dat extra geld gaat er zeer waarschijnlijk wel komen. U hoeft maar een krant open te slaan, dan ziet u ook waar dat heengaat met die hele NAVO-norm, dus dat extra geld gaat er op termijn wel komen en de vraag is dan: hoe besteden we dat met zijn allen? En ik heb nog geen stad in Nederland gehoord, nog geen dorp in Nederland, nog geen provincie, die gezegd heeft: als dat dan aan infrastructuur besteed mag worden, waarom trekken we dan niet dit soort projecten daarmee vlot? Dan kom ik ook even terug op de kern van het betoog.

Dat is namelijk dat die wegen ook veel gebruikt worden voor dat soort doeleinden, voor militaire verplaatsingen. Juist wegen en bruggen en wateroversteken zijn daarbij heel complex. En eigenlijk willen wij de wethouder dus op pad sturen met datzelfde verhaal als dat al die landen in Zuid-Europa doen, al die gemeenten, namelijk die infrastructuur is vitaal voor ons nationale belang. En daarmee moet daar weer geld voor beschikbaar komen. De heer ROOVERS: Ik ben het hier natuurlijk wel mee eens, maar de heer Van Silfhout geeft geen antwoord op mijn vraag. Hij doet alsof ik de krant niet lees, ik volg deze discussie vrij goed. Het punt is, op het moment dat zo'n afspraak gemaakt zou worden, dat is niet helder dat dat gemaakt zou worden, als zo'n afspraak gemaakt zou worden, betekent het alleen maar dat je uitgaven anders kan categoriseren. Niet dat dat extra geld beschikbaar is. De heer Van Silfhout doet nu alsof er een voorstel ligt dat er meer infrastructuurgelden komen. Dat is niet geval. Kan de heer Silfhout daarop reageren wat hij zou doen op het moment dat deze afspraak niet zou worden gemaakt en welke potjes wil hij nu aanspreken om die problemen die hij ziet op te pakken? De heer VAN SILFHOUT: We zien nu dat de potjes die er wel waren eigenlijk zijn leeggehaald om andere problemen aan te pakken.

We zagen dat bijvoorbeeld ook, maar dan wordt het echt een landelijk debat, bij de spoorwegen in het noorden van het land, maar ook bij de MIRT, dat het geld dat ervoor was gereserveerd eigenlijk is weggezet voor andere doelen. Dat soort geld moet natuurlijk gewoon teruggehaald worden. Dat soort geld is gewoon nodig voor deze verbreding. Ik kan natuurlijk niet de begroting van het rijk gaan invullen, maar ik vraag ook niet om de begroting van het rijk in te vullen in mijn motie. Ik vraag aan de wethouder om met dat verhaal naar de minister te gaan. Wie die minister is, weet niemand, maar laten we alsjeblieft gaan praten daar in Den Haag. Er zit zo meteen een nieuwe minister. Hij kan dit ook gaan gebruiken om juist voor zijn eigen portefeuille te gaan zorgen dat daarvoor meer geld beschikbaar komt. Mevrouw HENDRICKX: Het gaat wel heel hoog over, maar ik begrijp via het interruptiedebatje 24

met de heer Roovers, kijkend naar het probleem dat u aankaart, er liggen twee keer drie rijstroken, dus er ligt echt wel een behoorlijke massa. Misschien is het zo dat die weg, er komen een aantal wegen samen, daar ophoopt. Maar vervolgens gaan al die auto's die u er dan extra overheen wilt leiden, de dorpen in, de wijken in, de afritten af, en krijg je dus eigenlijk een absorptievermogen, dat de capaciteit gewoon tegen de max aanloopt. Zouden we niet beter kunnen investeren in openbaar vervoer, collectieve vormen van vervoer, in plaats van toch weer extra auto's de weg op? De heer VAN SILFHOUT: Laten we wel wezen, die auto's zijn er al. Die zijn er niet extra. We staan nu al met zijn allen continu stil daar, dus het is niet alsof ze er niet zijn. Daarnaast geloof ik niet in een tegenstellingenverhaal hier. Ik geloof in investeren in openbaar vervoer en in deze bruggen, dus voor mij is het geen of-of-verhaal, maar een en-en-verhaal. En dan kunnen we daar nog simpel een rekensom op toepassen. Wat je bijvoorbeeld ziet is, aan de overkant van die brug liggen drie rijbanen, waar bij Kerkdriel-Zaltbommel daar gewoon een oprit bij komt, die eigenlijk ook gewoon vol is, die ook gewoon een soort rijbaan is.

Vier rijbanen die over drie rijbanen over een brug heen moeten, dus dit is ook gewoon… De VOORZITTER: Zullen we teruggaan naar de boodschap van de motie? Mevrouw WELTEN: Ik had dat ordevoorstel willen doen, met alle respect, want het is een interessant debat, maar we vliegen wel heel hoog over, en we hebben het hier over de voorjaarsnota en over een motie die er pas net ligt en over zaken die er waarschijnlijk nog niet zijn. Ja, sorry. De heer VAN SILFHOUT: Ik heb het hier in het vorige debat ook over gehad, omdat dit een van de fundamentele problemen is waar wij als gemeente tegen aankomen en wij er gewoon geen mandaat op hebben, maar we moeten er wel iets mee, want de stad slibt dicht. En ook in beantwoording nog op mevrouw Hendrickx, we zien dus juist dat de stad dichtslibt omdat je er niet uit kan. Je navigatie gaat je omleiden dwars door de stad heen, omdat dat misschien net sneller is als je een andere brug pakt, dus we hebben fundamentele problemen hier die fundamenteel opgelost moeten worden en daar is de voorjaarsnota als algemene beschouwingen juist bij uitstek de uitgelezen kans voor om dat te benoemen. Dan wilde ik even doorgaan naar mooie moties die voorliggen. Allereerst die over het supportershome van FC Den Bosch.

Een mooie motie, ik dacht zelf na de vorige vergadering dat wethouder Van der Sloot prima aan de slag had gekund als verslaggever bij ESPN, na deze periode als wethouder, want dat deed ze met verve. Maar natuurlijk gaat het er gewoon om dat we onze club goed moeten ondersteunen. De motie van het CDA over Qkoorts, heel belangrijk. Er zit zoveel onzichtbaar leed hier, dat we daar gewoon echt mee aan de slag moeten. De motie van de SP over het afrekenen met schulden, motie 4, van levensbelang dat we zorgen dat mensen die in armoede zitten en daar zelf niet altijd iets aan kunnen doen, ondersteund worden. Motie 22 van de PvdD over de bollenteelt, als we kijken naar een rechtszaak in Frankrijk als het gaat over het jonge meisje Emily. Eindelijk heeft de rechtspraak gezegd dat dit komt door de bollenteelt, dat een kind al in de buik ziek is geworden en daar nooit van is hersteld. Dat zijn schrijnende voorbeelden en dat moet gewoon anders. Dus dank u wel PvdD voor deze motie. De extra investeringen in de openbare ruimte, een sympathieke motie, dat het lokale groen het zwaar heeft. Ik dacht alleen wel, in de raadsinformatiebrief, dat er al het een en ander op ons afkomt, dus ik vroeg me nog wel af wat die motie gaat toevoegen aan dat verhaal dat in de raadsinformatiebrief stond.

Want wij hadden het ook in ons verhaal verwerkt, maar ik denk dat de wethouder daar wel op terug gaat komen in zijn betoog, want lokaal groen heeft het gewoon zwaar. Op motie 7 wil ik even kort ingaan, de motie die oproept om geen langetermijnbesluiten te nemen, want de verkiezingen komen eraan. Het verbaast mij niet dat de partij die ons landelijk beleid tot stilstand heeft gebracht, die alleen maar politieke problemen wil benoemen en niet wil oplossen, dat die lokaal ook een motie indient die zegt: laten we het vooral op de lange baan schuiven want de problemen waar we last van hebben zijn er volgend jaar ook nog. Ik denk dat de PVV daarmee wel de toon volgt van de landelijke lijn. Mevrouw HERNÁNDEZ: Eén vraag, denkt mijnheer Van Silfhout dat deze raad zich niet te veel bemoeit met de toekomst, met beslissingen die eigenlijk de eerstvolgende raad moet nemen? En dat wij hen letterlijk vastzetten om beslissingen die wij nu nemen. Ik denk dat het een verkeerde gedachte is die u overweegt. De heer VAN SILFHOUT: Ik denk dat een politiek die elke vier jaar maar twee jaar daadwerkelijk wat doet en die een jaar voor de verkiezingen stilstaat, niet een politiek is waar de 25

mensen wat aan hebben. En daar vraagt deze motie eigenlijk om, dat je dus niet besluiten mag nemen omdat er verkiezingen aankomen. Dat heeft niets te maken met: wil je gras voor de voeten wegmaaien van een volgende coalitie, dat heeft te maken: gaan we problemen nog oplossen of zeggen we: nee, dat doen we niet meer. En daar zit voor mij een groot nuanceverschil in. Ik gun Den Bosch een gemeente die dapper voorwaarts blijft gaan, ook als het rijk het laat liggen. Ik gun Den Bosch een gezondere en groenere toekomst en daar ziet Volt voldoende aanknopingspunten voor in deze voorjaarsnota en in de moties die voorliggen. Wel één kanttekening: veel van die moties vragen om extra informatie waar soms ook gewoon extra knaken nodig zijn. Maar goed, die vraag ligt misschien niet bij deze voorjaarsnota op tafel. Die vraag ligt waarschijnlijk in maart op tafel als we naar de stembus gaan. Het wordt na deze verkiezingen dan ook wel tijd voor een socialer verhaal, dichter bij onze inwoners, voor een politiek breed gedragen verhaal van deze stad. De heer VAN GENUGTEN: Gisteren was ik bij de Kathedralenbouwerslezing in onze prachtige kathedraal en het thema van die lezing was: Bouwen aan een rechtvaardige en aan een duurzame samenleving. En dat vraagt om verantwoordelijkheid nemen, dat vraagt om verantwoordelijkheid nemen voor lange lijnen.

Investeren in kennis en innovatie, woningbouw, sociale infrastructuur. En dat zijn nu precies de dingen die we op het Haagse toneel missen. De voorjaarsnota is voor ons als raad geen eindpunt, maar een ijkpunt. Een moment waarop we met elkaar reflecteren op de koers die we varen. En dat hebben we met elkaar gedaan tijdens de algemene beschouwingen van afgelopen week. We geloven als CDA in een politiek dicht bij mensen, en dat vraagt om keuzes die recht doen aan de realiteit van mensenlevens, van gezinnen die worstelen met schulden, van ouderen die kampen met eenzaamheid, van jongeren die zoeken naar perspectief op de woningmarkt. Maar ook keuzes die de lange lijnen van de toekomst vasthouden, een leefbare stad, een eerlijke economie, een duurzame omgang met onze omgeving. En voor het CDA is het essentieel dat we in die keuzes het verhaal van onze gemeente vasthouden. Een gemeente waarin mensen omkijken naar elkaar en waar ruimte is voor zorg en gemeenschapszin en waarin duurzaamheid niet een bijzaak is en de gemeentelijke organisatie dienstbaar. Dat als terugblik op de algemene beschouwing. Het CDA komt met twee moties. Motie 11, ꞌMeer flexibele en mensgerichte ondersteuning voor inwoners met post-COVID en Q-koortsꞌ, twee ziektes die niet altijd zichtbaar zijn maar die voor de mensen die ermee moeten leven dagelijks allesbepalend kunnen zijn in hun leven.

En in onze gemeente, ik hecht er ook waarde aan om dat te benoemen, doen wij al veel en we lopen voorop. Maar tegelijkertijd zien we dat het maatwerk dat voor deze mensen met deze ziektes, zowel post-COVID als Q-koorts, nodig is, nog verbeterd kan worden. Mevrouw HERNÁNDEZ: Is mijnheer Van Genugten het met 50PLUS eens over de mogelijkheid om een expertisecentrum voor post-COVID en Q-koorts in onze gemeente te starten? De heer VAN GENUGTEN: Ik zou het prima vinden als een dergelijk centrum zich in onze gemeente zou vestigen, maar het starten van een expertisecentrum op dat gebied vind ik geen kerntaak van de gemeente. Ik zou ook graag naar de nieuwe regering willen kijken om daar adequaat antwoord op te bieden. Mevrouw HERNÁNDEZ: Een vervolgvraag, bent u ermee bekend dat bij de Provinciale Staten dit al bespreekbaar is, gezien de mogelijkheid om in een van onze steden dat te steunen? De heer VAN GENUGTEN: Nogmaals, als dat in onze gemeente zou landen zou ik daar niets op tegen hebben. Ik zie daar niet per se een taak voor Den Bosch.

Waar ik een taak voor Den Bosch zie is om te kijken wat het rapport van de ombudsman ook aangeeft, tegen welke zaken in onze systemen lopen mensen met Long COVID, met Q-koorts aan, en waar kunnen we dat dan nog in onze systemen in de zorg naar hen verfijnen? En daartoe roep ik ook eigenlijk op in een breed gesteunde motie waarvoor ik ook alle mede-indieners graag wil danken. Om die verkenning te doen en dat ook te doen in relatie met Q-support, C-support en met Question, en niet te vergeten de ervaringsdeskundigen zelf. Dat wat betreft motie 11. Dan ga ik door naar motie 24, ꞌZicht op randvoorwaarden voor realistische begrotingskeuzesꞌ. Ik heb het genoemd in mijn algemene beschouwing en ik heb het zojuist aangegeven, we zitten op een ijkpunt, er gaat nog veel gebeuren, nog meer dan we vorige week konden overzien met nu de val van het kabinet. Er is nu sprake van een momentopname en wat gaan rijksfinancieringsmiddelen doen? Wat doen de externe factoren als netcongestie, stikstof, de krapte op de arbeidsmarkt ten aanzien van onze projecten? En ik denk dat het goed is om daar in de richting van de begroting waarin we daar daadwerkelijk een klap op 26

geven, omdat we geld immers maar één keer kunnen uitgeven, inzicht in te krijgen. En informatie komt al regelmatig natuurlijk tot ons vanuit het college, maar deze motie borgt dat de informatie tijdig, integraal en structureel beschikbaar is. Ik wil ook nog wel even zeggen dat de wethouder ook had toegezegd de informatie te geven. Waarom vind ik het dan toch noodzakelijk om deze motie in te dienen? Juist om met elkaar specifiek aan te geven om welke informatie we dan ook vragen in de richting van de begroting. Tot zover wat onze twee moties betreft. Heel kort wil ik ingaan op de moties die wij mee indienen. Dat is het supportershome voor FC Den Bosch, ontmoeting tussen supporters, ontmoeting in de wijk, een belangrijke zaak. Ook de second opinion. Ik denk dat die logisch voortvloeit uit het Rekenkamerrapport en dan hebben we inmiddels de middelen daarvoor indien we een second opinion nodig hebben. ꞌAfrekenen met schuldenꞌ, dat heb ik in mijn debatje met de heer Roovers ook aangegeven. Ik denk dat het goed is om te onderzoeken hoe we samen met het Kansfonds schulden af kunnen kopen om deze mensen opnieuw een realistisch perspectief te bieden om mee te doen in de samenleving. Tot slot wil ik ook nog even de motie ꞌCenten voor studentenꞌ noemen.

Belangrijk denk ik dat studenten die nieuw zijn in onze stad, die daar kennis mee maken, daar ook op een mooie en goede manier kunnen landen. Dus ik hoop dat dit budget ook juist voor introactiviteiten van studenten beschikbaar blijft. Mevrouw HOEKSTRA: Zoals bij de voorbeschouwingen al gezegd zijn wij blij met deze voorjaarsnota. De plannen laten zien dat terwijl in Den Haag de politiek nog harder vastloopt dan twee weken geleden al gedacht, het ons door middel van samenwerking wel lukt om te bouwen aan vooruitgang, betaalbare huizen, toewerken naar een klimaatneutrale gemeente en bouwen aan gemeenschappen. Armoedebestrijding is een prioriteit en we zijn heel blij met een extra impuls op armoede-initiatieven, zoals het Brabantse hart in aktie, Warm Buffet, Quiet en de Weggeefwinkel. Daar zijn we erg blij mee, want iedere inwoner in armoede verdient alle steun en daar hebben we prachtige organisaties voor die we graag nog wat extra ondersteunen. We dienen vanavond een motie in, motie 21, om het jongerenwerk verder te versterken, want we zien hoeveel moois de inzet van ons jongerenwerk oplevert. Dicht bij jonge mensen staan om ze te laten voelen wat voor kansen er voor ze in het verschiet liggen, ook als je dat van huis uit misschien niet hebt meegekregen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15751502/1