Notulen raadsvergadering 2025-06-03
Tekst van het document
Dicht bij onze jongeren staan om ze te laten voelen wat het betekent als je niet naast de samenleving maar er juist middenin staat. En dicht bij onze jongeren staan om ze te laten zien dat er een alternatief voor je is als ondermijnende criminaliteit naar je lonkt. Daarom vragen wij vanavond om inzet te plegen op het aanwezig zijn, ook in de digitale leefwereld van jongeren, de plek waar jonge mensen verleid en soms zelfs geronseld worden voor het verkeerde pad. De plek waar onze professionals nu nog nauwelijks aanwezig zijn, simpelweg omdat veel organisaties en mensen niet op de niet-veilige platforms zoals TikTok kunnen, maar het wel dé plek is waar onze jongeren zijn. En ook, mocht dat nodig zijn, extra en gerichte aanwezigheid van ons jongerenwerk op straat, op die plekken waar de overlast het grootst is. Dank ook aan GroenLinks, Rosmalens Belang en D66 voor het mee indienen van deze motie. De heer MEES: Interessant, maar als ik het nu goed begrijp moet het toch een integrale aanpak worden, zowel vanuit opbouwwerk maar ook vanuit politie et cetera? Om te voorkomen dat jongeren afglijden, of als jongeren al aan het afglijden zijn, dat ze dan in beeld komen. Begrijp ik dat goed? Mevrouw HOEKSTRA: Ja, dat begrijpt u goed.
Zeer van harte dienen wij motie 11 van het CDA voor meer flexibele en mensgerichte ondersteuning voor inwoners met post-COVID en Qkoorts mede in, want het stille leed waar de overheid ze helaas ook niet voor heeft behoed, dat deze mensen dragen is groot. En zij verdienen dan ook passende ondersteuning. We zijn heel blij dat we daar als gemeente al erg hard op lopen, maar kijken graag naar welke knelpunten er in de praktijk nog ervaren worden om die nog op te kunnen pakken. Ook de motie 26 van D66, ꞌCenten voor studentenꞌ, steunen we, want een levendige cultuur voor al onze studenten waarbij er ruimte is voor eigen initiatief vinden we van belang. De motie ꞌGebiedsgericht werkenꞌ van GroenLinks dienen we mee in, want ook wij zien dat bepaalde wijken, zoals De Hambaken en Kruiskamp, een extra impuls verdienen om de leefbaarheid te vergroten. En uiteraard zijn we erg blij met de komst van het supportershome voor FC Den Bosch. Het is een langgekoesterde wens van de supporters en draagt bij aan de positieve energie rondom de club, die we ze gunnen om vast te houden. Motie ꞌZicht op randvoorwaarden en realistische begrotingskeuzesꞌ dienen we mee in, net als het amendement rondom second opinions.
En motie 4 van de SP over het experiment zoals in Roermond dienen we van harte mee in, want als we kunnen leren van andere gemeenten over de aanpak van armoede en het leed van mensen in schulden kunnen verzachten, dan moeten we dat doen. Motie 8 over een 27
campagne voor afvalboetes zouden wij liever wat positiever formuleren. We kunnen juist mensen verleiden het wel goed te doen, dus die kunnen we helaas niet steunen, maar speciaal voor mijnheer Gersjes, motie 9 steunen wij graag, en ook zelfs motie 17 kunnen we steunen, een mooi positief initiatief om sociale inzet van onze inwoners te faciliteren. Motie 13, ꞌVoedselbossenꞌ, steunen we, vanwege de vergroening en saamhorigheid in de wijk. Motie 20, ꞌExterne inhuurꞌ, kunnen we steunen. Streven naar een landelijk gemiddelde lijkt ons prima, zeker met de toevoeging van de heer Roovers dat we ook weten dat het niet altijd zal lukken. Motie 22 kunnen we steunen. Het liefst pakken we het probleem aan bij de kern, namelijk de giftige bestrijdingsmiddelen zelf, maar aangezien we hier niet over gaan en er waarschijnlijk in de komende tijd ook geen stappen op worden gezet, snappen we deze stap om in ieder geval uitbreiding van de sierteelt te verbieden, zodat we de gezondheid van onze inwoners beschermen. Motie 12 over het steunen van de Goededoelengids, daar zouden we eerst graag een uitwerking willen zien. We vragen ons af of het college bereid is om met de initiatiefnemers in gesprek te gaan om te bekijken wat er mogelijk zou zijn. Mevrouw HENDRICKX: Dank u wel voor uw warme betoog. U noemde een heleboel moties, maar de motie van De Bossche Groenen als het gaat om de Tramkade niet.
Ik ken u als een partij die een warm hart heeft voor doeners en makers en creatievelingen. Wij vragen om helderheid in het proces, maar ook om de prijzen, wat gaat het de mensen kosten? Is dat een motie die wellicht kan rekenen op steun van de PvdA? Mevrouw HOEKSTRA: Ik zou eerst graag even de reactie van de wethouder willen afwachten, omdat ik niet helemaal begrijp wat er misgaat. In mijn beleving bruist het wel heel erg op de Tramkade en is er ook de ruimte voor deze ondernemers. Het kan natuurlijk zijn dat er twee individuele ondernemers vertrekken, ik weet niet wat daar de exacte achtergrond van is, maar laten we eerst even afwachten wat de wethouder daarover heeft te zeggen. De heer VAN CREIJ: Ik ga eerst even terug naar het verhaal. We hebben het er 20 en 21 mei nadrukkelijk over gehad. Wij zijn heel blij dat het verhaal, bijlage 7, teruggetrokken is. Alleen, we gaan er over een dag of veertien over praten, maar als je kijkt naar de stukken van de raadsagenda van 20 en 21 mei, is bijlage 7 ook verdwenen. En dat vinden wij niet terecht, want we hebben het daar uitdrukkelijk over gehad, en we vinden ook dat de oorspronkelijke versie eigenlijk terug moet op die agenda. Want als we nu kijken naar de agenda van over veertien dagen bij de commissie Bestuur, staat er: er komt nog een stuk naar ons toe.
Dat zal vermoedelijk een aangepaste versie zijn van het verhaal, neem ik dan aan. Maar het verhaal waar we het 20 en 21 mei over gehad hebben moet ook nog gewoon voor iedereen beschikbaar zijn. En als je nu kijkt op de website van de gemeente Den Bosch is het originele stuk ook gewoon helemaal verdwenen. En ik zou graag de toezegging van de portefeuillehouder hebben dat het originele stuk eigenlijk toch weer teruggeplaatst wordt op de plaats waar het hoort. Dan, het is net al gezegd, we zijn positief over deze voorjaarsnota, zeker ook omdat Be Quick en Nulandia erin opgenomen is. Anders hadden we er misschien toch kritischer naar gekeken. Maar iets waarvoor we zo hard gewerkt hebben, om dan te zeggen: we gaan niet akkoord met dat uitgangspunt, dat strookt niet helemaal met onze gedachtegang. Dan hebben wij met betrekking tot hoe wij moties en amendementen bekeken hebben, eigenlijk steeds gelet op gezondheid, mens en dier en vertrouwen in de mens zelf, zo hebben we ernaar gekeken. En als ik dan even vlug doorloop waar onze namen op staan, is dat A1, het FC Den Bosch-verhaal, daar zijn wij mede-indiener van. De complexe projecten, namens de werkgroep, zijn we mede-indiener van. Dan, ik zeg net al, gezondheid is voor ons belangrijk en vandaar ook dat we de bollenteelt en het COVID-gebeuren van harte ondersteunen.
Dan motie 23, het bewust worden van wat huisdieren, is nadrukkelijk ook iets wat gewoon heel belangrijk is. Als mensen impulsief aankopen dat ze ook weten waar ze tegen aanlopen. Dan realistische begrotingskeuzes. Het lijken allemaal open deuren, maar het is gewoon heel belangrijk dat dat gebeurt. Dan raadsvoorstel 8, motie 1 en 2 zullen wij alle twee van harte ondersteunen. We vinden het jammer dat we niet snel genoeg gereageerd hebben dat we mede-indiener wilden zijn. Dan even de eigen moties, motie 18 en 19. Wat betreft motie 18 hadden wij in de algemene beschouwing eigenlijk al aangegeven dat we met een heel simpele motie zouden komen over hondenbelasting, eigenlijk in gelijke trend als met het Theater aan de Parade-verhaal. Het is nu toch een complex verhaal geworden en we hebben het eens een keer anders ingestoken. Niet gekeken naar sec de hondenbelasting, maar om te kijken wat er te winnen is in het digitale verhaal. De heer EL AMRAOUI: Allereerst complimenten, de originaliteitsprijs gaat naar gewoon ge28
DREVEN met deze motie. Maar toch even een concrete vraag. Denkt u niet dat het Uitvoeringsprogramma Den Bosch Datastad eigenlijk al invulling geeft aan alle wensen die u hier heeft genoemd in de motie, behalve dan het aspect hondenbelasting? De heer VAN CREIJ: Dank voor uw vraag. Dat geeft mij nog meer tijd om erop te reageren. We vragen om de mogelijkheden in beeld te brengen. Er kan al heel veel gebeuren, maar er kunnen mogelijkerwijs ook nog heel veel stappen gezet worden, dus vandaar onze oproep: breng het nu eens in beeld. En als er een onderzoek geweest is: breng ons op de hoogte van wat er te halen valt en zet het dan in voor verlaging van de hondenbelasting. De heer EL AMRAOUI: Een vervolgvraag. We hebben in dat programma in principe al afspraken gemaakt over vier facetten, waar willen we op inzetten om inderdaad die besparingen middels digitalisering en de inzet van technologie te realiseren? Zou het aannemen van uw motie niet ervoor zorgen dat we juist weer twee stappen terug zetten en weer teruggaan naar laten we zeggen twee jaar geleden, waarin we die inventarisatie al hebben gemaakt van de mogelijkheden en waar we kunnen winnen met IT. Want om heel eerlijk te zijn, op moties die het digitale raken, stem ik heel graag mee en ik doe ook echt heel erg mijn best op dit moment, maar ik zie toch gewoon een soort regressie in uw motie.
De heer VAN CREIJ: Die zie ik eigenlijk niet, maar u bent veel meer thuis in het digitale verhaal dan ik, daar ben ik gewoon heel eerlijk in. Anderen hebben hem ook mede opgesteld. Ik wil niet zeggen dat ik helemaal een digibeet ben, maar er is wat onze achterban betreft eigenlijk daar toch nog iets te halen. Laat ik dat gewoon klip-en-klaar zeggen. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Mogen we de motie ook zo interpreteren dat in het meenemen van die mogelijkheden het mogelijk ook niet een directe verlaging van de hondenbelasting kan betekenen, dat er bijvoorbeeld eerst ergens in geïnvesteerd moet worden voordat daar de vruchten van geplukt kunnen worden? En mag het ook zo gelezen worden dat het wellicht dan niet volledig naar kostendekkend verlaagd kan worden, maar in ieder geval dat een verlaging van de hondenbelasting ook een optie zou kunnen zijn? De heer VAN CREIJ: Ja, zo lees ik de motie zelf eigenlijk al wel. Als de € 600.000 niet te halen is maar bij wijze van spreken wel € 300.000, de helft ervan, zet dat dan in elk geval vast in voor het verlagen van de hondenbelasting, dus dank voor de toelichting. De heer MEES: Ten aanzien van deze motie is ons niet duidelijk wat nu precies het doel is, want de eerste constatering gaat over de hondenbelasting. Dan gaat het weer over de honden. Dan komt er een heel verhaal over het digitale verhaal en mogelijke besparingen.
En dan verzoekt u het college om het een en ander in beeld te brengen, maar de hondenbelasting zie ik daar niet meer terug. En de motie is toch bedoeld om scherp te maken en om ook scherp op te roepen, want anders kunnen we er alle kanten mee uit, dus ik ben het even kwijt. De heer VAN CREIJ: Ik heb nu net getracht om op een creatieve manier de hondenbelasting er toch in te verwerken, zonder meteen tegenwerking te krijgen van: het gaat weer over de hondenbelasting. Maar als je kijkt bij het zevende aandachtsstreepje bij overwegende dat, staat nadrukkelijk wel de hondenbelasting, en vandaar dat wij een beetje creatief… Hadden wij gewoon de naam gesteld: verlaging hondenbelasting, dan had ik al denk ik meer tegenwerking gehad. Vandaar dat we hem op een creatieve manier hebben ingestoken. De heer MEES: Dat vind ik jammer, want ik zou tegen gewoon ge-DREVEN zeggen: houd hem vast, want vroeg of laat gaat dat lukken denk ik dan. Maar jammer genoeg heeft hij daar niet voor gekozen. Het is meer een opmerking dan een vraag. De heer VAN SILFHOUT: Ik wil toch even vragen, waar stem ik nu voor als ik voor deze motie stem? Want ik weet wel waar ik tegen stem, maar niet zo goed waar ik voor stem. De heer VAN CREIJ: Daar geef ik graag een toelichting op.
Onze insteek is in ieder geval: kijk nu eens wat er met verdere digitalisering financieel te winnen is, en om dat terug te laten vloeien naar eventueel het verlagen van de hondenbelasting.
29
De heer VAN SILFHOUT: Maar als daar die besparing mogelijk is, kan de heer Van Creij dan niet gewoon veel beter vragen om gewoon € 600.000 te besparen op digitalisering in plaats van dit er gelijk in te verwerken op deze manier. Want dat geld is er blijkbaar. De heer VAN CREIJ: Nu gaat u een-op-een de bedragen aan elkaar koppelen. Zoals ik zojuist al aangaf aan de PvdD, stel dat dadelijk blijkt dat in de gemeente Den Bosch ondanks onze rekensom geen € 600.000 te besparen is, maar € 300.000 of € 400.000, om dat in elk geval vast in te zetten en niet sec de € 600.000 heel erg te oormerken, dat moet minimaal gehaald worden. De heer VAN SILFHOUT: Maar toch concreet, kunt u niet beter deze motie even afpellen naar: laten we gaan besparen door digitalisering in plaats van hoe u het nu doet, want nu kan ik er niet voor stemmen. Maar het andere klinkt als een prima verhaal. De heer VAN CREIJ: Toch is het verhaal zoals wij het opgeschreven hebben, om het zo maar eventjes te zeggen, van: kijk nu wat er te halen is en zet dat in. Maar dan ga ik door met motie 19. We hebben in de raadsvergadering van 20 en 21 mei ook aan de wethouder gevraagd wat de stand van zaken is met betrekking tot de oostelijke ontsluitingsweg. Toen heeft hij gezegd dat er uitwerkingsvarianten komen, of dat hij komt met een voorstel.
Alleen zitten er geen knaken aan gelabeld, maar wij willen snelheid houden in dat proces door nu al te zeggen: er moet financieel iets vrijgespeeld worden en vandaar deze motie. De heer KOUWENBERG: Laat ik vooropstellen dat Rosmalens Belang net zo graag als gewoon ge-DREVEN wil dat er een goede oostelijke ontsluiting komt. Maar dan snap ik niet, want u zegt dat er middelen vrijkomen, dat u dan die koppeling maakt met het financieren van het Design Museum hier op aan te passen, want dat vraagt u in uw motie. Die moet daarop aangepast worden, zonder dat u weet wat voor uitwerkingsvarianten er al liggen, dat is ook nog een tweede punt. Dus waarom dan die koppeling, en ook nog eens zonder te weten wat er komt te liggen, carte blanche? De heer VAN CREIJ: Volgens mij staat er gewoon: indien nodig het Design Museum aanpassen. Voor hetzelfde geld zegt het college: we willen de € 16 miljoen die nu naar de algemene middelen gaan daarvoor inzetten. Daar ben ik ook al hartstikke blij mee om dat te doen. Maar er staat gewoon: indien nodig. Als het niet nodig is, is het niet nodig. De heer KOUWENBERG: Dan moet ik toch de heer Van Creij op zijn eigen motie corrigeren, want er staat letterlijk: de planning en mogelijke financiering van het Design Museum hierop aan te passen, indien nodig door uitstel of herfasering, dus u vraagt wel degelijk om het daaraan te koppelen.
Dus u zegt nu zelf gelukkig ook: dat doen we niet per definitie. De heer GERSJES: Ik hoop vandaag een deuk in een pakje boter te schieten. Ik heb een aantal moties opgemaakt, samen met mijn partijgenoten en die gaan over onder andere kunstmatige intelligentie, waar ik het over had en waar u het al over had. Over het plaatsen van afvalbakken, waardoor het makkelijker wordt om lege flesjes en blikjes uit die bakken mee te kunnen nemen voor mensen die daar naar op zoek zijn en die een centje bij willen verdienen. En voor de campagne om ervoor te zorgen dat mensen toch wat bewuster worden om hun afval niet meer te dumpen en ook geen boetes te kunnen krijgen. Wij van VOOR Den Bosch dienen vandaag dus een drietal moties in en ik wil ons eigenlijk en jullie ook een beetje wijzen op het straatbeeld van de huidige tijd. We moeten wel oog hebben voor onze directe leefomgeving en onze inwoners hebben daar grote zorgen over. De inzet is absoluut om het terugdringen van het afval en de bijplaatsing in sommige wijken, maar er valt toch tegen de beveiliging niet op te werken. We hebben twee boa's, die werken twee keer zesendertig uur, dat is ook geen zeven dagen in de week, maar ik zou voorstellen om ook alle andere boa's die dan geen boa zijn op het gebied van afval, ook gewoon paraat te hebben en ook die eens te laten kijken naar eventuele bijplaatsingen.
Ook dat is volgens mij een taak van handhaving, niet alleen op twee boa's richten. Ik ben wel blij met de antwoorden die ik zojuist heb gelezen op mijn schriftelijke vragen die 3 juni, vandaag, zijn binnengekomen. Dat kunt u nalezen, daar wordt u echt wijzer van, van de vragen die ik heb gesteld en de antwoorden die ik heb gekregen van de gemeente. Je ziet wel heel veel meldingen van bezorgde burgers, meer dan 15.000 vorig jaar, meer dan het jaar daarvoor. Het aantal boetes, ik zal u even noemen hoeveel dat er zijn. Dat zijn er tot nu toe al 341. Dat moeten we toch niet willen. Dat moet eigenlijk af gaan nemen en daarom die campagne. Een campagne, bewustwording gericht op de hoge kosten die gemaakt moeten worden, dus ik hoop dat u ook inziet college, dat het nodig is om de mensen 30
bewust te maken van het niet dumpen van afval. Samen met de PVV en 50PLUS heb ik die ingediend. Dan heb ik een motie over statiegeldbakken. Dat zijn van die kleine gele prullenbakken. Daar kun je je blikjes en flessen in werpen. Mevrouw HUIJBRECHTS: Eigenlijk ook een vraag over die campagne afvalboetes, want er wordt nu erg op de boetes zelf ingezet, maar er zijn natuurlijk ook andere wegen waarop je preventief afval dumpen kunt voorkomen, dus dat is bijvoorbeeld mensen bewust maken om het naar andere containers te brengen of andere gedragscampagnes, dat mensen hun afval niet naast de container zetten maar het weer mee naar huis nemen op het moment dat ze het niet kwijt kunnen. Ik vraag me af waarom de heer Gersjes inzet op de afvalboetes en deze motie niet wat breder inricht. De heer GERSJES: Zo breed mogelijk. Ik weet niet meer waar ik het moet zoeken bij u om ingangen te vinden om de motie die ik heb ingezet toentertijd om camerabewaking in te zetten met dummy's of hoe dan ook, om het tegen te gaan. Ik zoek naar oplossingen. Ik weet niet hoe ik bij uw raad moet insteken om u mee te krijgen. Geeft u mij handvatten, ik zal ze aanreiken om een nieuwe motie te creëren of een nieuwe discussienotitie waardoor we dit probleem toch gaan terugdringen. En hoe breder de campagne, hoe meer bewustwording van het dumpen van afval hoe beter.
Maar we zien geen vorderingen en dat betreurt mij en u allen, maar ook onze samenleving. De heer HOEBEN: De vraag triggert mij wel, maar kent u wel goede voorbeelden uit andere steden over dumping? De heer GERSJES: Ja, die ken ik zeker. Enschede, Roermond, Rotterdam, Den Haag, inzet van cameradummy's of gewone camera's, 60% tot 70% terugdringen van het bijplaatsen van afval. De heer HOEBEN: Niet zozeer een vervolgvraag, maar u begon over de pilot van het plaatsen van de statiegeldbakken. Nu was er aan het einde van de vorige periode een bespreeknotitie over het starten van zo'n pilot, die sabelde de toenmalige wethouder neer. Dat was de heer Hoskam. En het grappige was, tijdens de raadsvergadering was al met het nieuwe college en daar verklaarde de nieuwe wethouder van de VVD deze motie overbodig want dat deden ze namelijk al. En dat klopt ook, er is toen een pilot gestart en daar heeft GroenLinks recent nog vragen over gesteld. Dus bedoelt u nu niet met motie 17 dat u benieuwd bent naar de uitkomsten van deze pilot en dat u uitkijkt naar een verdere uitwerking om dat statiegeldsysteem verder uit te rollen? De heer GERSJES: Nee, ik weet dat dat loopt. Ik weet ook dat jullie een groot voorstander zijn van die ringen die er om de afvalbakken heen worden geplaatst om flesjes in te zetten. Veel te weinig, dat werkt niet echt effectief, het moet veel meer worden uitgezet.
Maar ik richt me specifiek op bakken die ook in andere gemeenten al worden geplaatst om de flesjes en blikjes in te gooien waardoor even het bakje opentrekken voor degene die er langskomt met zijn karretje of met zijn fiets of zijn tassen om ze daar weer in te doen en daarmee naar de statiegeldautomaat kan. Dat bedoel ik. Die hebben wij niet in onze gemeente en die werken preventief. De heer HOEBEN: Maar dan toch een vraag, want dat lijkt wel heel erg op elkaar en ik snap dat u groter wilt. Maar is het nu niet interessanter om eerst het college te verzoeken om te komen met de resultaten uit de pilot en daarop verder te borduren? De heer GERSJES: U kunt met mij alle kanten op voorzitter en mijnheer Hoeben. Die vragen zijn ingediend zondagavond. We zitten hier op dinsdag. Ik weet niet dat die vragen zijn ingediend. Ik kom met een motie, werk actief aan mijn moties, niet wetend dat die vragen zijn gesteld. Als het elkaar raakt moeten we er zeker voor waken dat het niet botst. Dus we zullen moeten kijken wat nu het effectiefst werkt, maar dit is ook een middel om behulpzaam te zijn om snel mensen te helpen om die blikjes en flesjes binnen te halen om statiegeld te creëren. Je bent af van het probleem van al die bakken die nu open worden gehaald om te kijken of er blikken of flesjes in liggen.
De VOORZITTER: Zullen we het weer over de moties hebben en over de doelstelling en de agendering in plaats van over de uitvoering? De heer VAN SILFHOUT: Om dan dus juist niet in de uitvoering te gaan, om het verhaal een beetje samen te brengen, kan de heer Gersjes dan niet gewoon vragen om inderdaad voort te gaan 31
met wat we al doen en daarbij de best practices, de lessen uit andere steden, daarin mee te nemen, zoals de statiegeldbakken? Want dan raap je het samen en dan hebben we allemaal wat we willen volgens mij. De heer GERSJES: Dat is goed. Ik wacht de stemming af en ik kan daarin mee hoor, prima. Maar ik kom maar met het idee, want er moet iets verbeteren, daar gaat het mij om. Dan heb ik die ene motie over AI die ik heb laten maken, gewoon door ChatGPT. Het gaat dus echt over het benutten van dat middel binnen de ambtelijke organisatie. Als je hem leest, kun je dus zien dat het best wel effectief kan werken, dat bepaalde processen sneller kunnen, dat er misschien wel minder personeel hoeft te worden ingehuurd en dat het op een of andere manier beter werkt. Dus kijk maar wat u ermee doet. Het is een middel om eens na te denken van: zet het in, en het kan werken. De heer MEES: Wat betreft AI heb ik bijna het idee dat dit volkomen nieuw is voor de ambtelijke organisatie, maar misschien werken ze al zo. Ik weet niet hoever ze hier zijn. Heeft u daar meer informatie over? De heer GERSJES: Nee, want dat gaf AI niet aan toen ik het invoerde.
Nee, alle gekheid op een stokje, ik heb dat niet nagevraagd en als er al een aantal zaken, zoals afvalregistratie van bijplaatsingen niet kunnen worden geregistreerd en kunnen worden gemeten, hoe moet ik het dan meten binnen de afdelingen wat waar wel of niet gebeurt. De heer MEES: Mijn vraag is dat we toch wel moeten voorkomen dat in plaats van vandaag van een wethouder we dadelijk een automatisch antwoord gaan krijgen op deze vragen. De heer VAN HATTEM: Ik vond de motie zelf best wel sympathiek, maar ik heb er even voor gepast om hem mee in te dienen omdat ik het niet helemaal chique vond om dat met een op AI gebaseerde motie te doen. Er mag toch wel enige menselijke creativiteit aan voorafgaan. Maar ik wil de heer Gersjes toch vragen of hij ook bekend is met de strategie voor het digitale Huis van Thorbecke, dat bij alle gemeenten van Nederland eigenlijk wordt gekeken hoe die dienstverlening beter kan worden afgestemd op elkaar, dat de digitale dienstverlening voor de burgers beter wordt en waarbij AI ook een onderdeel is. Kan deze motie daar niet bij aansluiten? De heer GERSJES: Overal waar hij bij kan aansluiten perfect, prima. En het Huis van Thorbecke ken ik, en u misschien nog wel beter omdat u in de Eerste Kamer zit. De heer VAN HATTEM: Het digitale Huis van Thorbecke. De heer GERSJES: Ook digitaal, helemaal goed, prima, aansluiten.
Supportershome FC Den Bosch, een fantastisch initiatief van Rosmalens Belang. Natuurlijk helemaal voor FC Den Bosch zoals ik, al jarenlang, vanaf mijn vijftiende zat ik al op de tribunes in De Vliert. We hadden nog de sintelbaan, die weet jij niet meer, die heb ik nog meegemaakt. Fantastisch. Een vriend van mij, Karel Paulides uit Drunen, is de oudste legend van FC Den Bosch. Dat terzijde. Ik ga niet stilstaan bij al die moties waar jullie ontzettend je best voor hebben gedaan. Daar waar onze naam eronder staat is het duidelijk, stemmen we voor, en alle andere moties hebben we wel overwogen en ziet u wel hoe de stemming luidt. De motie van de PVV die we samen hebben ingediend over onze inwoners die zich niet meer veilig voelen in hun wijk, we moeten ons toch ook echt wel goed realiseren dat dat veiligheidscijfer van 6,7 in onze gemeente echt te laag is en dat dat naar een 7 moet. Dat is ook nog niet echt hoog, maar wel een getal waar we dan in ieder geval naar kunnen uitkijken en die doelstelling halen we bij lange na niet. De externe inhuur van de SP, daar hebben wij ook al jarenlang over betoogd. Ik denk toch dat de ambtelijke organisatie eens moet kijken of er iets kan worden gedaan aan die externe inhuur en dat er ook inzichtelijk is waar het geld heengaat, naar welke gebieden binnen de ambtelijke organisatie.
Waar geven we het aan uit, aan welke projecten? Tot slot dank ik u allen dat u heeft willen luisteren naar mijn betoog en ik hoop dat u stemt op die moties die voor u belangrijk zijn maar vooral voor mij. Mevrouw HERNÁNDEZ: Dit is de laatste voorjaarsnota van deze raadsperiode. Het einde van het seizoen komt in zicht, en ik praat niet over landelijke politiek. Maar voordat wij de politieke barbecues gaan aansteken, wil 50PLUS nog een ding helder stellen. Veiligheid is geen luxe maar noodzaak. Of het nu gaat om afval, het vallen van het kabinet of de uitdagingen waar DTV Den Bosch voor staat, onze inwoners verdienen duidelijkheid en bescherming. Ik begin met veiligheid. Ik 32
heb dit onderwerp al meerdere keren aangekaart op verschillende podia, omdat mijn fractie het echt belangrijk vindt dat onze inwoners goed voorbereid zijn op crisissituaties zoals oorlog, natuurrampen of langdurige stroomuitval. Steeds krijg ik te horen dat de coördinatie tussen Veiligheidsregio's, de GGD en de maatschappelijke organisaties goed geregeld is, maar eerlijk gezegd mis ik nog steeds een duidelijk antwoord op de vraag hoe onze inwoners zelfredzaam kunnen zijn als ernstige noodsituaties plaats zouden vinden en hoe zij zich concreet kunnen voorbereiden op een periode zonder hulp van buitenaf. Daarom dien ik motie 27 in. Het is mijn overtuiging dat wij niet alleen moeten vertrouwen op instanties, maar dat wij ook onze inwoners moeten helpen zich bewust voor te bereiden en elkaar te ondersteunen in moeilijke tijden. Mevrouw WELTEN: Even een vraag. Zoals u misschien weet mevrouw Hernández, hebben we artikel 71-vragen gesteld, samen met VOOR Den Bosch. Wij zijn in afwachting van die antwoorden. Zou u bereid zijn om deze motie eventjes terzijde te leggen, dat we daar later op terugkomen in gezamenlijkheid, om te kijken op basis van de antwoorden van het college, wat we daar voor acties op kunnen ondernemen? Mevrouw HERNÁNDEZ: In principe zou dat wel kunnen. Ik ben niet bekend met de vragen.
Kunt u mij snel inlichten over de vragen als het van de voorzitter mag? Mevrouw WELTEN: Ik heb ze even niet letterlijk paraat, maar ik kan ze u even doormailen. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Dank voor de motie mevrouw Hernández. Onze fractie vindt het natuurlijk ook belangrijk dat inwoners veilig zijn. Bij het lezen van het dictum van de motie kwamen bij ons wat vragen omdat deze motie al heel specifiek inzet op wat er moet gebeuren. Mijn fractie denkt: is het niet belangrijk dat we eerst in beeld brengen wat de hiaten zijn, wat nu het belangrijkste is? Bijvoorbeeld de ICT van de gemeente is iets wat ook al wel in het nieuws is geweest, dat dat soort systemen vitaal zijn om daar goede beveiliging voor te hebben et cetera. Maar wij weten eigenlijk op dit moment niet waar nu de grootste prioriteit moet liggen, en deze motie stuurt er heel erg op. Zou u bereid zijn om als u mogelijk met de VVD en VOOR Den Bosch gaat kijken wat de antwoorden op de vragen zijn, om het dan wat breder aan te vliegen en te kijken waar de grootste prioriteit ligt, alvorens de keuzes te maken? Mevrouw HERNÁNDEZ: De strekking van de motie is: wat kunnen wij zelf doen? Ik trek dat heel snel naar mij toe. Ik kom uit Mexico-Stad, waar veel aardbevingen zijn.
Nu hebben wij een alarm, na vijftien jaar oefenen, waar wij in veertig seconden, als er een aardbeving komt vanuit Acapulco naar Mexico-Stad, een school van 600 kinderen kunnen leegmaken en hen in veiligheid brengen. Daar heb ik het over. Hoe kunnen wij onze inwoners redzaam maken zonder dat instanties echt ons op betutteling… Zij hebben het druk genoeg en zij kunnen heel goed op een hoger niveau werken, maar wij moeten zelfredzaam zijn. Daar gaat de motie over. Mevrouw CRASTE: Wellicht in aanvulling op wat mevrouw Welten zei. Wij hebben een tijd geleden ook een vraag gesteld over Bossche paraatheid, ook precies over: wanneer zijn we paraat, dus wellicht is het een idee om dit eens in een discussienotitie in de commissie Bestuur te brengen, en dat we dat dan gezamenlijk doen. Mevrouw HERNÁNDEZ: Bedankt, het lijkt me een heel goed idee dat wij op alle fronten dat proberen, vandaar de motie vandaag om het niet onbenoemd te laten. Afvalstoffendienst. 50PLUS is voor verbeteringen bij de Afvalstoffendienst maar wil dat die betaalbaar blijft. Daarom vragen wij het college om investeringen onder andere uit het duurzaamheidsbudget te financieren, zodat de lasten voor onze inwoners niet verder stijgen. Mijn fractie waardeert de inspanningen die zijn geleverd om de veiligheid op locatie Treurenburg te verbeteren.
Toch blijft de verkeerssituatie rond het parkeren bij het gratis afvalpunt problematisch. Wij hebben hierover vragen aan het college gesteld. Ik wil ook stilstaan bij de medewerkers van de Afvalstoffendienst die dagelijks zich met hart en ziel inzetten, maar ze worden helaas soms geconfronteerd met onbeschoft gedrag van klanten en bouwmedewerkers bij het lossen van afval. Dat raakt hen persoonlijk en bedreigt hun veiligheid, als zij de regels willen handhaven. Daarom vraag ik het college ook om hiertegen op te treden. Dat is motie 28. Motie 29 gaat over DTV Den Bosch. Mevrouw HOEKSTRA: Ik heb een vraag over die motie. Ik neem toch aan dat als er ongepast gedrag plaatsvindt richting onze medewerkers in zijn algemeenheid er altijd wordt opgetreden. Dus 33
waarom wat u betreft dan een motie? Mevrouw HERNÁNDEZ: Omdat helaas horende collega's van de Afvalstoffendienst dit niet gebeurt. Zij zien dat als 'ja, het hoort erbij', maar ik denk dat het niet genormaliseerd moet worden. Mevrouw HOEKSTRA: Maar is de passende weg dan niet, als onze medewerkers lastiggevallen worden, dat zij naar hun leidinggevende gaan zodat er opgetreden kan worden? Daarvoor hoeven we toch met elkaar in de raadzaal niet een motie aan te nemen? Ik neem toch aan dat wij allen vinden dat onrespectvol gedrag richting onze medewerkers niet kan? Mevrouw HERNÁNDEZ: Ik ben het met u eens. Dit is wel een algemeen feit, maar als dat niet gebeurt en als ik de aandacht van die mensen krijg en zij vertellen mij dit soort dingen, ik ben volksvertegenwoordiger en ik breng dat hier. Laten wij wachten wat de wethouder aan ons te vertellen heeft daarover. Mevrouw HOEKSTRA: Maar dan wel, ik kan mij voorstellen dat u een signaal hoort, maar zeker bij dit soort signalen die zo gevoelig liggen kan ik mij dan ook voorstellen dat u daar hoor en wederhoor toepast. Heeft u dan ook nagevraagd: hoe zit dat dan? Klopt dat dan, die signalen? Heeft u daar iets mee gedaan? Mevrouw HERNÁNDEZ: Dat is op dit moment best moeilijk, want net zoals in de motie staat, ik wil aan de wethouder vragen om hier achteraan te gaan bij die bedrijven, om deze signalen op te pakken.
En in het geval dat ze een feit zijn ook afspraken te maken of een campagne te beginnen, wat nodig is. Maar nogmaals, ik wacht op de beantwoording van de wethouder. De heer MEES: Ik lees hier heel stellig: met speciale aandacht voor de omgang met bouwmedewerkers. Dat vind ik nogal wat. Mevrouw HERNÁNDEZ: Ja, dat vind ik ook. De heer MEES: Dat is één groep, alle bouwmedewerkers die er komen, dat zou voor mij dan het beeld kunnen oproepen: het zijn een beetje aso's. Dan vind ik wel dat daar iets meer onder moet liggen dan dat medewerkers zeggen: ja, die bouwmedewerkers komen, of misschien worden er wel bouwvakkers mee bedoeld. Dat kun je heel breed uitmeten, maar om dat nu zo heel stellig in een motie te zetten zonder dat daar iets onder ligt, om een hele groep te kwalificeren. Dat vind ik nogal ver gaan. Ik zou daar niet voor kiezen. Mevrouw HERNÁNDEZ: Laat ik u vertellen dat het nog specifieker is gegeven en precies voor de gevoeligheid heb ik dat al geneutraliseerd. Maar er zijn specifieke groepen die daar zulk gedrag vertonen. Dus dat is wat ik hoor van hen en dat is wat ik naar deze raadzaal breng, want wij willen dat in zijn algemeenheid onze medewerkers veilig kunnen werken. De heer ALTENBURG-COLLIN: Ik vraag me ook af of de motie wel het juiste instrument is om dit te bewerkstelligen.
Heeft u misschien dit signaal niet afgegeven intern in de organisatie, dat u schijnbaar dit soort signalen krijgt. Is dat niet een betere route om het op die manier te adresseren dan via een motie hier in de raad? Want er ligt al een integraal verbeterplan voor de veiligheid van medewerkers. Dit is zo specifiek. Ik zou dat aan u willen meegeven. Mevrouw HERNÁNDEZ: Ik hoor eigenlijk geen vraag maar een advies. De heer ALTENBURG-COLLIN: Ik had wel een vraag, heeft u dit intern ook al geadresseerd? Mevrouw HERNÁNDEZ: Nee, intern heb ik dat nog niet nagevraagd. Met betrekking tot motie 29 over DTV Den Bosch. DTV Den Bosch vraagt opnieuw om extra middelen. Ieder jaar met een andere reden. Tegelijkertijd zijn eerdere afspraken over radio-uitzendingen en samenwerking met het Koning Willem I College in de loop van de jaren niet volledig nagekomen. Desondanks stelt het college voor om wederom subsidie te verlenen, zonder aanvullende voorwaarden. Gezien de landelijke verandering vanaf 2027 acht mijn fractie dit onverstandig. Wij pleiten daarom voor toetsbare voorwaarden, meer transparantie en het verkennen van alternatieven.
34
De heer PLOEGMAKERS: Ik heb even een vraag aan mevrouw Hernández. Gaat u nu met uw motie niet op de stoel van de uitvoering zitten? We praten over een publieke omroep. Zij zijn toch zelf verantwoordelijk voor hun beleid en niet wij als raad die opdrachten gaan verstrekken? Mevrouw HERNÁNDEZ: Ik zou me nooit bemoeien met het beleid van een omroep, maar wij zijn de raad die de subsidie verleent met gemeenschapsgeld. En vanaf dat moment stel ik vragen hierover. De heer PLOEGMAKERS: Toch even een aanvullende vraag. Daar is toch binnen een publieke omroep juist een programmaraad voor? En nogmaals, ik zie niet de rol die wij hebben om opdrachten te verstrekken. Hoe ziet u dan de rol van de programmacommissie van de publieke omroep? Mevrouw HERNÁNDEZ: Dit staat daar volledig los van. Dit gaat namelijk over de subsidieverlening vanuit de gemeente naar DTV Den Bosch. Als wij andere subsidies verlenen naar andere organisaties, zijn er altijd procedures, aanvullende voorwaarden die wij eisen van wie dan ook. Omdat het om geld van onze inwoners gaat. De heer VAN HAREN: Wij volgen de logica van mevrouw Hernández over de eerste drie punten in het dictum van de motie prima, maar niet het laatste punt.
Hoe komt mevrouw Hernández in de motie met het voorstel voor een extra raadsvoorstel voor de begrotingsbehandeling? Mevrouw HERNÁNDEZ: Als het mag van u voorzitter en van mijn collega wil ik graag door met mijn pleidooi en dan ga ik die vraag beantwoorden, en anders kunt u dat nogmaals vragen. De heer VAN SILFHOUT: De motie lijkt geschreven vanuit een idee dat we eigenlijk meer subsidie verstrekken om het beter te maken daar, en dat we daar dan eisen voor kunnen stellen. Maar eigenlijk vullen wij een gat op vanuit het rijksbeleid en als wij dat niet zouden doen zou de omroep erop achteruitgaan. Is deze motie daarmee in lijn met die gedachte? Mevrouw HERNÁNDEZ: Deze motie gaat over een incidentele situatie die structureel is geworden. Daar gaat het over. Ongeacht dat ze vanuit het rijk geld minder ontvangen hebben, in ieder geval geven wij steeds meer en meer aan DTV, zonder extra of enige voorwaarde terug te vragen. De heer VAN SILFHOUT: Maar dan heb ik dus de strekking van de motie goed begrepen, dat mevrouw Hernández eigenlijk wil sturen op de inhoud, op de kwaliteit van de omroep, terwijl dat totaal niet aan de orde is. Er speelt niet iets dat de kwaliteit niet goed genoeg is, terwijl u wel meer transparantie wilt. U wilt dat gaan meten, maar de kwaliteit is goed, ze hebben nu gewoon een gat op de begroting.
Erkent u dat? Mevrouw HERNÁNDEZ: Ik wil en ik zou me nooit met het beleid van een omroep bemoeien. Ik bemoei me met de verstrekking van de subsidies. En nogmaals, in dit geval zijn er andere gemeenten, Oss, Uden, die ook geld geven, die meer tijd hebben en er zijn consequent klachten dat minder nieuws wordt uitgezonden vanuit Den Bosch dan van andere gemeenten. Ik werk in televisie al twintig jaar, dus dit is echt mijn vak. Ik weet waarover ik praat. De heer MEES: Ik lees dus dat DTV zich niet aan eerdere subsidievoorwaarden zou hebben gehouden. Dan is mijn vraag: waar kan ik dat terugvinden? Waar is dat vastgesteld en welke actie heeft het college dan ondernomen? Hebben zij gezegd: dat vinden wij wel prima, of hebben ze er niets mee gedaan? Heeft u dat nagevraagd? Mevrouw HERNÁNDEZ: De voorwaarden die in mijn motie staan, namelijk de samenwerking met de studenten van het Koning Willem I College… Deze motie is eigenlijk gemaakt op basis van wat wij aan het begin, acht jaar geleden, in de verlening van de zendtijd aan DTV Den Bosch hebben toegezegd in Hilversum bij de landelijke omroeporganisatie. Eentje was heel veel nieuws over Den Bosch, de andere heel veel samenwerking met het Koning Willem I College en een radio-uitzending. Het Koning Willem I College heeft gezegd vanaf het begin: dit gaan wij niet doen omdat wij dat willen professionaliseren.
Echter, wij zijn erachter dat zij niet voldoende mensen hebben, dat zij niet meer de goedbedoelde studenten van het Koning Willem I College krijgen, want zij willen daar niet 35
werken. De VOORZITTER: Mevrouw Hernández, volgens mij gaat het erom dat u iets wilt agenderen. U zegt: ik stel vraagstukken voor de randvoorwaarden voor een subsidie. Dat is volgens mij de kern van de zaak. Probeer dat even kernachtig weer te geven waarom dat is, want anders gaan we hier een hele detaildiscussie voeren over de voorwaarden van de subsidie. Het is een motie, het is geen amendement. Mevrouw HERNÁNDEZ: Inderdaad, het zijn mijn collega's die diep in de… De VOORZITTER: Maar die stellen vragen naar aanleiding van uw betoog en van wat u hebt opgeschreven. De heer MEES: Ik heb eigenlijk geen antwoord op mijn vraag gekregen. Er is een subsidierelatie, je stelt voorwaarden, die worden getoetst door het college, en daar wordt iets over vastgelegd, eventueel weer in een beschikking. Dat heb ik hier niet gehoord en als mevrouw Hernández die nog boven water kan krijgen, prima, maar nu refereert ze aan iets van acht jaar geleden. Daar kan ik niet zoveel mee. De heer ROOVERS: In de motie van mevrouw Hernández staat als laatste overweging dat inhoudelijke kwaliteit voorwaarde zou moeten zijn voor verdere financiële steun. Vindt mevrouw Hernández dat? Mevrouw HERNÁNDEZ: Nogmaals, het gaat mij niet over de kwaliteit van de uitzendingen. Daar ga ik mij nooit mee bemoeien.
Maar het gaat wel over de verhouding in de kwaliteit te vergelijken met uitzendingen van andere televisiestations. Dus de hoeveelheid nieuws over Den Bosch, samengevat. Het aantal, niet inhoudelijk. De heer ROOVERS: In de motie staat: inhoudelijke kwaliteit. Begrijpt mevrouw Hernández dat ik daarvan schrik? Mevrouw HERNÁNDEZ: Dat begrijp ik, als dat uw interpretatie is. Dat is absoluut niet de bedoeling. De bedoeling is in de kwaliteit van het aantal uitzendingen over nieuws van Den Bosch, exclusief, niet inhoudelijk over wat zij uitzenden. De heer ROOVERS: Is mevrouw Hernández het ermee eens dat de politiek zich niet met de inhoud van journalistiek zou moeten bemoeien? Mevrouw HERNÁNDEZ: Dat klopt. De heer ROOVERS: Ook niet als er geld tegenover staat. Mevrouw HERNÁNDEZ: Alleen als wij voorwaarden hebben vastgesteld om de subsidie te verlenen. Het is nu aan de gemeente om duidelijke kaders te stellen. In de aanloop naar de landelijke hervorming van het omroepstelsel vragen wij het college om voor de begrotingsbehandeling van 2026 met een voorstel te komen dat heldere keuzes, voorwaarden en scenario's aan deze raad voorlegt voor de toekomst van deze omroep in onze gemeente. Mijn volgende punt is toegankelijkheid van het openbaar vervoer bij grootschalige bouwprojecten.
De heer VAN HAREN: Om de heer Van Silfhout bij te vallen, volgens mij ligt dit voorstel nu in de voorjaarsnota omdat DTV een tekort heeft en er is geen sprake van scenario's. Volgens mij is de keuze die we met de voorjaarsnota en straks met de begroting maken om dat tekort te dichten of niet. Is mevrouw Hernández het daarmee eens? Mevrouw HERNÁNDEZ: Ik heb ook met de organisatie gesproken, dus hoor en wederhoor, en dat is ook in antwoord op mijn collega van Leefbaar 's-Hertogenbosch. Er wordt tegen mij gezegd dat ze ook binnenkort met een voorstel naar ons toe komen met heldere keuzes en voorwaarden. Dus ik neem nu alvast het voortouw en daarom breng ik dat in mijn pleidooi. Dus dit gaat ook gebeuren, ik denk in Q3 van dit jaar. 50PLUS vraagt dringend aandacht voor blijvende bereikbaarheid van de verzorgingshuizen en seniorencomplexen tijdens toekomstige grootschalige 36
bouw- en infrastructurele projecten. Het is onacceptabel dat men geïsoleerd raakt doordat busverbindingen vervallen. Wij verzoeken om tijdig te zorgen voor tijdelijke voetgangersvoorzieningen, maatwerk bushaltes en structurele oplossingen zodat onze inwoners veilig en zelfstandig kunnen blijven reizen. Het verslag over de klachtenafhandeling van 2024 van de ombudsmancommissie laat een stijging van het aantal klachten van ruim 35% zien. Hoewel onze ambtenaren hun best doen, blijkt dat vooral ouderen behoefte hebben aan persoonlijke begeleiding, iemand die luistert, doorvraagt en bemiddelt. 50PLUS vindt dat zorgelijk. Waarom? Omdat ouderen steeds vaker verdwalen in de gemeentelijke systemen. Omdat klachten over onduidelijke communicatie of lange wachttijden niet alleen toenemen, maar de structurele aandacht verdienen. Daarom zal mijn fractie binnenkort met een discussienotitie komen. Wij zien kansen voor de gemeente om ouderen die tegen knelpunten aanlopen beter en structureel te kunnen helpen. Dan de andere moties en amendementen. Wij steunen de moties waarop onze naam staat en beoordelen de rest na de collegebeantwoording. Ik sluit af. Volgend jaar zijn er gemeenteraadsverkiezingen, dus let op, plotseling zal het allemaal mogelijk zijn. Maar 50PLUS kiest niet voor verkiezingsretoriek, maar wel voor haalbare oplossingen.
Wij blijven ons inzetten op veiligheid, respect en zorg voor onze inwoners, want beloften zijn mooi, maar daden maken het verschil, ook na maart 2026. De heer VAN CREIJ: Ik wil even bij 50PLUS terugkomen over de motie over de afvalverwerking, de Afvalstoffendienst. Want in uw motie geeft u aan dat dat eigenlijk toch hoofdzakelijk om bedrijfsgevallen gaat. Maar volgens mij is het milieustation op Treurenburg waaraan u refereert of op de Kruisstraat nu net voor particulieren ingericht en bedrijfsafval is een andere tak. Kunt u dat toelichten? Mevrouw HERNÁNDEZ: De geluiden die ik hoorde zijn alleen van de Treurenburg, dus ik kan niets zeggen over… De VOORZITTER: Ook daar zijn particulieren. Mevrouw HERNÁNDEZ: Daar zijn inderdaad ook particulieren. Maar van particulieren heb ik niets gehoord. De klachten gaan namelijk over bedrijven in de bouw. De heer VAN HATTEM: Ik was iets later hier en op weg hiernaartoe heb ik de livestream van de vergadering gevolgd vanaf de bijdrage van de SP, dus alles wat daarvoor was heb ik helaas moeten missen, dus het kan zijn dat ik een paar dingen over het hoofd zie in deze discussie, maar desalniettemin gaan we een duidelijke beschouwing geven. We hebben afgelopen week in de krant mogen lezen dat Den Bosch in de top 5 staat van de meest gewaardeerde gemeenten van Nederland.
Ik denk, laat ik toch met iets positiefs beginnen, dat kan ik ook zeer waarderen. Ik vind het zelf ook een prachtige gemeente en een fantastische binnenstad, echt een leuke stad, en daar kan ik me volledig bij aansluiten. Het is echt een van de beste visitekaartjes van Nederlandse steden. Althans naar buiten toe. Dan kom ik toch bij de woorden die mijnheer pastoor vroeger wel eens sprak en hij zei: Farizeeërs, van buiten zo mooi als marmer, maar van binnen zo rot als een mispel. En als ik in diezelfde krant, het BD, dan de column van Cleo van der Schaft afgelopen week las, dan denk ik dat daar toch wel een klein beetje de spijker op de kop werd geslagen ten aanzien van hondenpoep, grofvuil en drugsafval en dat Den Bosch zich transformeert tot 's-Hertogentreurenburg. En dat is eigenlijk iets wat wij onszelf ook wel een beetje mogen aanrekenen en wat we ook om ons heen zien gebeuren. Ik was vorige week op het Mgr. Van Roosmalenplein, en daar lagen bij de vuilcontainers weer de afvaldumpingen. Er lagen in de struiken een paar fauteuils, en ik zou naar iedere raadsfractie richting de gemeenteraadsverkiezingen willen zeggen: er zijn altijd wel zetels te halen bij een vuilcontainer hier in de stad. Dus kortom, daar zit echt een groot probleem, en daarom kom ik ook ten aanzien van het punt van de Afvalstoffendienst met een motie.
Die motie dien ik in samen met VOOR Den Bosch en 50PLUS. Dat is het herinvoeren van de containerdagen. In het verleden is het hier in de gemeente gebruikelijk geweest dat er één keer in de paar maanden een zeecontainer kwam te staan waar mensen vanuit de wijk hun afval gratis mochten aanbieden en dat voorkwam een heleboel ellende met illegale afvaldumpingen en bijzettingen van afval. En deze motie roept op om dit weer te herintroduceren, want we moeten op dit moment ook heel veel kosten maken om het afval steeds weer op te halen dat er wordt bij gezet en gedumpt en dit biedt ook mensen met een kleine portemonnee de mogelijkheid om hun afval kwijt te kunnen zonder dat er een grote bureaucratische… De heer ALTENBURG-COLLIN: Heel mooi, containerdagen, gratis afval ophalen. Maar u weet 37
ook net als ik mijnheer Van Hattem dat gratis niet bestaat. Dus dat zou betekenen dat mensen gratis hun afval kunnen laten ophalen, maar dat betekent wel dat de afvalstoffenheffing weer omhooggaat. Wat vindt u daarvan, mijnheer Van Hattem? De heer VAN HATTEM: Het is maar net hoe het verrekend wordt. Op dit moment is het zo dat er afval wordt gedumpt en daar wordt te weinig tegen gedaan, het blijft hand over hand toenemen, en dat afval moet ook worden opgehaald en afgevoerd. Dus daar blijf je met kosten zitten die op dit moment ook gemaakt moeten worden, dus als je daarmee dat probleem kan voorkomen, dan kun je die twee al tegen elkaar wegstrepen. En van de andere kant, er wordt op dit moment ook gezegd: we gaan even een slordige € 21 miljoen investeren in een laadplein, in elektrische vuilniswagens, dat zijn nog eens veel hogere bedragen en dan denk ik dat je voor een fractie van dat bedrag veel meer kan doen aan het probleem van die bijplaatsingen en afvaldumpingen bij vuilcontainers. Wat dat betreft hoeft het tarief niet omhoog, er kan efficiënter worden gewerkt. Mevrouw HENDRICKX: Wij zijn best wel enthousiast over uw voorstel, want ook wij zien de containerdumpingen. En in de richting van u, denkt u ook niet, kijk, dat we niet alles zouden moeten kwalificeren in de zin van geld, want u zegt zelf: misschien hoeft het geen geld te kosten.
Maar als het wat geld kost vinden wij dat niet zo'n probleem, want wij zouden ook denken dat het ook heel erg gewaardeerd wordt als we als overheid laten zien dat wij wat doen aan het zwerfafval en dat mensen blij worden dat die overheid een container neerzet en dat het opgelost is, dus dat we niet alles alleen moeten redeneren in output van: wat kost het ons? Maar dat we ook die output zouden kunnen zien in de zin van: het levert in ieder geval op dat burgers weer wat vertrouwen terugkrijgen in de overheid die ziet dat de problemen worden opgelost. Hoe ziet u dat? De heer VAN HATTEM: Vanuit die gedachte beredeneer ik het ook. Het zou natuurlijk niet de beloning moeten zijn van het dumpen van afval, allerminst, maar aangezien het toch gebeurt en er heel veel goedwillende mensen zijn die hun afval wel keurig naar de milieustraat brengen, kunnen er nu eigenlijk gewoon twee vliegen in één klap worden geslagen, de goedwillende mensen worden beloond op deze manier en ondertussen wordt toch dat probleem van die afvaldumpingen aangepakt, want het is gewoon echt geen porem als daar overal het afval gedumpt wordt. De heer PETERS: We vroegen ons af of de PVV deze containerdagen wil organiseren in alle woonwijken of voornamelijk in de woonwijken waar overlast is? De heer VAN HATTEM: Wat mij betreft mag het in alle woonwijken.
Misschien dat er nog wel gekeken kan worden naar de frequentie en de omvang. Het ligt ook aan de bevolkingsdichtheid van een woonwijk welke capaciteit je daarvoor nodig hebt, maar in beginsel moet iedere inwoner van de gemeente wel op een gelijkwaardige manier het recht krijgen om daar in te kunnen worden voorzien. De VOORZITTER: Maar laten we het niet weer over de uitvoering hebben mijnheer Peters. Het gaat om de essentie van een motie, de uitvoering komt later. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Een korte verduidelijkende vraag die wel over de essentie van de motie gaat. Het gaat om grofvuil hè? Niet om huisvuil maar om grofvuil. De heer VAN HATTEM: In beginsel om grofvuil, dus niet echt om huishoudelijk afval maar grofvuil is waar het om gaat, dat ook het voornaamste probleem is bij die afvaldumpingen, zo heb ik ook gezien en begrepen. Dan, ik had daarstraks een stukje van de vergadering gemist, maar wel mooi om te zien dat er bruggenbouwers zijn en dat Volt pleit voor de verbreding van de A2 met bruggen erbij. Daar kan ik me van harte bij aansluiten.
Waar ik me niet van harte bij kan aansluiten is bij de begrotingswijziging en de voorjaarsnota, want de voorjaarsnota sorteert ook voor op het extra geld voor het theater, de kosten voor het azc, het Design Museum, de Duurzame Polder, de knips in de binnenstad en de daarmee samenhangende zero-emissiezone, dus we zullen als PVV-fractie zowel tegen de begrotingswijziging als tegen de voorjaarsnota stemmen, zonder dat we bij ieder afzonderlijk onderdeel een motie hebben gemaakt, want anders had ik aan het schrijven kunnen blijven. Daarnaast heb ik uiteraard wel een aantal moties gemaakt op punten waarvan ik denk dat die zowel in de jaarstukken als in de voorjaarsnota nog van belang zijn. Allereerst ten aanzien van de jaarstukken, ik schrok er eigenlijk van dat er heel weinig in stond over de Wet open overheid. Toch een heel belangrijke wet, ook transparantie richting onze burgers. Er staat eigenlijk maar een heel korte alinea in waar eigenlijk heel weinig uit op te maken is, en dat terwijl ik me laatst rot 38
geschrokken ben van hoe er is omgegaan met een Woo-verzoek van GROEN inZICHT ten aanzien van de Duurzame Polder, dat die gewoon niet tijdig hun informatie hebben gekregen, die een halfjaar erop hebben moeten wachten, het gewoon slecht wordt afgehandeld. Dus het is echt wel nodig om beter inzicht te krijgen in hoe er met de openbaarheidsverantwoording wordt omgegaan, en daarom ook de motie ꞌOpenbaarheidsverantwoordingꞌ, die we samen met VOOR Den Bosch en 50PLUS indienen. Dan heb ik een motie over de integratiesubsidies. Ik had het in de vorige vergadering al aangekondigd dat ik mij er hogelijk over verbaasde dat het college aan de ene kant zegt: er is geen lokaal integratiebeleid in 's-Hertogenbosch, maar dat ik in het subsidieregister wel zie staan dat er integratiesubsidies worden verleend. Dat staat haaks op elkaar, vandaar ook een motie om daarmee te stoppen. Moties waar geen kader voor is, daar moet je geen geld aan verlenen. Mevrouw CRASTE: Excuus, nog heel even terug naar de eerste motie over de Woo. Ik begrijp het dictum niet helemaal, wat wilt u nu precies openbaar? U wilt een verantwoording, toch? De heer VAN HATTEM: Uitgebreider rapporteren, want nu zien we in de jaarrekening, het is echt maar een half paragraafje, er staat minder dan niks in qua informatievoorziening.
Er wordt gesproken in heel algemene zin over dat er verplichte informatiecategorieën gepubliceerd worden et cetera, maar het zegt mij eigenlijk heel weinig. En als ik dan kijk naar wat er gebeurt als er daadwerkelijk een Woo-verzoek wordt ingediend over een heel belangrijk project hier in de gemeente, tenminste een heel omvangrijk project hier in de gemeente, en dat er dan op zo'n trage manier dat het echt een halfjaar duurt en dan nog niet eens alle informatie beschikbaar is, dan denk ik: die Wet open overheid wordt onvoldoende opgepakt. Tenminste, we zien het in de praktijk. En ik wil dan toch betere informatievoorziening krijgen, ook via de jaarrekening, over hoe er met de Woo wordt omgegaan. Dus het verzoek om daar bij de begroting en de jaarrekening uitgebreider over te rapporteren dan die paar punten die nu op papier staan, dat we ook als raad er echt iets mee kunnen. Mevrouw CRASTE: En begrijp ik het dan goed dat mijnheer Van Hattem bijvoorbeeld wil weten wat voor Woo-verzoeken er zijn geweest, wanneer daar op gereageerd is, dat soort dingen? De heer VAN HATTEM: Dan heb je het speciaal over de uitvoering. Het kan een beetje een rubricering zijn van: hoeveel zijn het er, wat is de doorlooptijd van de beantwoording van het verzoek, dat lijkt me ook heel nuttig om te weten. Maar ook in zijn algemeenheid, de Woo ziet ook op actieve openbaarmaking.
Dat soort zaken, om die toch beter te belichten dan alleen maar het halve alineaatje dat we nu toegeworpen hebben gekregen, dus iets meer informatie is in het kader van informatievoorziening heel belangrijk. Misschien dat we het tegelijk mee kunnen nemen met de discussie rond het Handvest informatievoorziening. Dat is natuurlijk ook een dossier dat loopt. Mevrouw WELTEN: Toch even een vraag. Als u informatie opvraagt, heeft u ooit het antwoord gekregen: u krijgt deze informatie niet? De heer VAN HATTEM: Het gaat er niet om dat ik informatie opvraag, want ik heb als raadslid op basis van de Gemeentewet gewoon recht om informatie te krijgen, maar de Wet open overheid is natuurlijk veel uitgebreider, die gaat ook om burgers die informatie willen, maar ook om actieve openbaarmaking, ook over hoe je heel je informatiehuishouding als gemeente moet inrichten. En als we dan maar zo'n stukje informatie krijgen in de jaarstukken, dan is het wel heel summier denk ik. En dan vind ik bij zo'n belangrijk onderwerp als transparantie, informatievoorziening en de uitvoering van de Wet open overheid, daar mag wel wat meer garen op de klos. Dus het is gewoon een heel positief bedoelde oproep om daar beter mee om te gaan. In het verlengde daarvan, als we dan toch kijken naar het subsidieregister, dat is in 2018 op basis van een motie van de PVV geïntroduceerd.
Toen was het nog iets wat niet regulier was, maar inmiddels, juist vanwege de Wet open overheid, iets waar alle gemeenten in principe in moeten voorzien. Toen is er met de toenmalige wethouder afgesproken: we doen het een keer per jaar via de jaarrekening. Nu we inmiddels de Wet open overheid hebben, mag je eigenlijk wel verwachten dat zulk soort informatie eigenlijk op iets uitgebreidere basis iets regelmatiger verspreid wordt, dus ons voorstel is om het een keer per kwartaal te verstrekken. Dan kun je ook als raad beter inzichtelijk kijken hoe subsidies lopen en daar beter op inspelen, in plaats van een jaar naderhand. De heer VAN HAREN: Subsidies worden toch per jaar verstrekt? Dus op het moment dat wij 39
een overzicht hebben waar het iedere drie maanden wordt bijgewerkt, is het toch drie van de vier keer hetzelfde? De heer VAN HATTEM: Volgens mij zien we bijvoorbeeld bij de wijk- en dorpsbudgetten dat je daar wel bijna een soort realtime-inzicht hebt. Ik zou eigenlijk een beetje bij diezelfde systematiek willen aanhaken, dat je daar een beetje krijgt van gewoon één keer per kwartaal, wat is het afgelopen kwartaal aan subsidies verleend, dat je daar toch een beter inzicht in krijgt. Nu moest ik echt ook in de jaarstukken gaan zoeken in een of ander tabje waar dan als bijlage het subsidieregister zit, en ik vind dat zulk soort informatie ook best iets actiever mag worden aangeboden en op een iets regelmatiger basis. Tegenwoordig hoeft het ook helemaal niet ingewikkeld te zijn. Het is gewoon een kwestie van een druk op de knop om informatie te kunnen voorzien. Dan kom ik bij een ander heel belangrijk punt en dat is de veiligheid. Daar hebben we als PVV-fractie ons van het begin af aan altijd hard voor gemaakt. En als ik dan in de Stadsmonitor lees dat we op een 6,7 zitten terwijl 7 het streefcijfer is en het gemiddelde omlaag zakt, dan denk ik: er mag toch best wel iets meer gebeuren? Ik heb de motie die is ingediend iets gewijzigd, want ik verwees in de motie ook naar de openingstijden van het politiebureau aan de Vogelstraat.
Die zijn ingekort, maar dat is eigenlijk een soort pilot. Het is een experiment geweest vanuit de politie, en ik zou toch eigenlijk wel in beeld willen krijgen hoe het dan zit met de verhouding tussen het subjectieve veiligheidsgevoel van inwoners en het feit dat sinds vorig jaar ook het politiebureau kortere openingstijden heeft. Dus aangezien het een experiment is, zou ik het goed vinden om in ieder geval in beeld te krijgen of daarin een samenhang te zien is. Vandaar dat ik de motie nog een klein beetje op dat punt heb aangepast en nog gewijzigd heb ingediend bij de griffie. Hij is overigens samen ingediend met VOOR Den Bosch en in de laatste versie ook samen met de fractie van de VVD, mevrouw Welten. Dan tot slot in deze termijn motie 7, ꞌNiet over het graf heen regerenꞌ. En dat is duidelijk over het politieke graf. Een discussie over de grafrechten en de islamitische begraafplaats gaan we in de toekomst nog voeren, waar wij absoluut geen voorstander van zijn, maar het politieke graf. Dat is dat in deze voorjaarsnota allerlei zaken staan over inspelen op de toekomst, toekomstpijlers et cetera. We zitten in het laatste jaar voor de gemeenteraadsverkiezingen en dan is het natuurlijk heel raar dat je nog allerlei zaken in het vooruitzicht gaat stellen en misschien dat die bij de begroting ook wel financieel hard worden gemaakt.
Dan leg je een claim op de nieuwe gemeenteraad, hoe die ook wordt samengesteld, wie daar ook in gaat zitten en wat het toekomstige college ook gaat worden. Die toekomstige raad moet gewoon de ruimte hebben en de wethouder gaf zelf aan dat er keuzes moeten zijn om de toekomstige raad in positie te brengen. Dan is het ook een oproep om bij de begroting in ieder geval de zaken niet zover vast te klikken dat dat de toekomstige raad in de weg gaat zitten. Dus niet over het politieke graf heen regeren. De heer VAN SILFHOUT: We zijn als gemeenteraad gekozen om richting te geven aan de toekomst van onze stad, niet alleen voor vandaag, maar ook voor morgen. Als we nu gaan wachten met belangrijke keuzes, schuiven urgente vraagstukken over wonen, klimaat, sociale gelijkheid gewoon door naar een volgende raad. Is dat niet precies wat mensen niet willen zien van hun gemeente? Wat vandaag ook pijnlijk duidelijk wordt met de val van het kabinet? Twijfel, stilstand, afwachten.
Willen ze niet juist visie, daadkracht, vooruitgang? De heer VAN HATTEM: Het laatste waar burgers, inwoners van onze gemeente, op zitten te wachten is onwil, maar dan moet je dat ook op het juiste moment gaan inzetten en dat is aan het begin van een raadsperiode en niet pas in de laatste paar maanden, en dan nog geld gaan vastzetten, misschien in allerlei potjes of zaken waar we het in een fonds gaan stoppen waardoor het geld op een gegeven moment niet beschikbaar is voor de nieuwe raad, terwijl die nieuwe raad juist daadkrachtig aan de gang moet kunnen gaan, dat je juist op die belangrijke keuzes kan inzetten, waar de burger dan het meest actuele mandaat aan heeft gegeven via de gemeenteraadsverkiezingen. Dus vandaar ook die motie om dat in ieder geval te voorkomen, dat die nieuwe raad ook echt bij die keuzes aan zet is. De heer VAN SILFHOUT: Maar wij maken ook financiële keuzes voor dertig jaar, als het gaat over onderwijshuisvesting. Het is niet zo dat de toekomst stopt na de gemeenteraadsverkiezingen. Wij hebben nu ook gewoon urgente vraagstukken die nu urgente oplossingen nodig hebben. Is de heer Van Hattem het daarmee eens? De heer VAN HATTEM: Maar die moeten dan niet pas op het moment worden genomen dat een college, een raadsperiode echt al in zijn laatste fase is. Dat had al eerder moeten gebeuren. Als 40