CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen raadsvergadering 2025-05-20

Gemeenteraad 3 juni 2025, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Goedkeuring notulen van de openbare raadsvergaderingen van de gemeenteraad van 7, 8, 20 en 21 mei 202538.179 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Nu zijn wij natuurlijk altijd, net zoals de partij van mevrouw Hendrickx, voor meer geld uitgeven aan vergroening, klimaatbestendigheid, al die zaken die daarmee te maken hebben, maar voor dit initiatief lijkt het niet nodig te zijn. Mevrouw HENDRICKX: Dat is mooi, dat het voor dit initiatief niet nodig is, maar voor het realiseren van die groene klimaatwijken is wel geld nodig. Is dat dan waarvan u zegt: ik wil daar wel naar kijken? Ik kan me voorstellen dat wij met een voorstel komen om een deel van het geld daarvoor aan te wenden. Is dat iets waar GroenLinks dan in mee zou willen doen? Mevrouw KORVER: Zoals ik al zei, zijn wij een groot voorstander voor extra geld voor vergroening en klimaat, dus we zullen dat zeker met interesse bekijken. Wij zien graag dat de gemeente datzelfde initiatief als bij Voedselbos Woest neemt voor soortgelijke voedselbossen, maar kleiner van schaal in of nabij de buurten en wijken van onze gemeente. In de bebouwde omgeving dus, want juist daar moet volop worden vergroend, en op dit punt overwegen wij een motie. Investeren in de toekomst kan veel gemakkelijker nu Den Bosch een aanpak heeft om natuurversterkend te ontwikkelen.

Ik heb er nog niemand over gehoord, maar wij investeren er graag in, want daarmee is Den Bosch de eerste gemeente in Nederland die zelf aan de slag gaat met het stikstofprobleem nu de landelijke overheid dat nog steeds laat afweten. Er zijn al projecten die stilliggen als gevolg van de stikstofproblematiek, zoals Willemspoort Zuid, en om te voorkomen dat er minder woningen gebouwd kunnen worden dan nodig is, door sommigen al aangegeven, dat er geen infrastructuur aangelegd kan worden, de energietransitie niet in volle vaart door kan, en allerlei andere gebouwen en voorzieningen last ondervinden, willen wij hier graag in investeren, dubbel investeren. Door te investeren in de natuur, investeren we dan ook in de mens. Investeren in de mensen die dat het hardst nodig hebben, dat vinden we belangrijk. Vorig jaar al vroegen we aandacht voor de wijken die vaak slecht scoren op lijstjes die ertoe doen als het gaat om een prettig leven te leiden. Omdat alle aspecten die daarbij komen kijken met elkaar samenhangen, want als je minder kansen hebt om jezelf te ontplooien in je schooltijd, heb je ook meestal minder kans om gezond oud te worden en heb je minder sociaal vangnet in alle situaties waarin dat zo belangrijk is, om maar eens drie aspecten te noemen. Vandaar dat wij vorig jaar de motie indienden voor een 27

integrale aanpak in wijken zoals De Hambaken. Hij kwam al even voorbij. Daar heeft de raad sinds vorig jaar niets anders over gehoord dan de allereerste terugkoppeling die standaard is voor alle aangenomen moties. En dat is natuurlijk niet wenselijk, ik wil dat hier toch benadrukken. Maar gelukkig hebben we wel wat ontwikkelingen ontdekt die in lijn zijn met onze motie van vorig jaar. Zo begrijpen we dat er integraler en gebiedsgericht gewerkt wordt. Bijvoorbeeld bij programma's als Van ik naar wij, en Samen Gezond 's-Hertogenbosch. En dat er tegelijkertijd ook aandacht is voor woningbouwontwikkeling en de energietransitie, en dat klinkt goed. We wachten vol spanning op de eerste berichten vanuit het college, zodat we de ontwikkelingen beter op waarde kunnen schatten, een totaalbeeld krijgen, en ook informatie krijgen over de benodigde financiën. En afhankelijk van de berichten overwegen wij een motie om wat meer grip op en inzicht in de voortgang te krijgen. Een manier waarop we in de afgelopen periode ook hebben geïnvesteerd in mensen is door het vaststellen van de verkeersstructuur voor de brede binnenstad, want daarmee houden we onze gemeente en in dit geval vooral de brede binnenstad leefbaar en bereikbaar voor inwoners, ondernemers en bezoekers. En een voorbeeld van ultiem investeren in mensen is natuurlijk het onderwijshuisvestingsplan dat onlangs is vastgesteld.

Daarmee versnellen we de verduurzaming van onze schoolgebouwen en zo investeren we in de toekomst van alle kinderen uit 's-Hertogenbosch door hen een gezonde leeromgeving te bieden. Als laatste willen wij niet ongenoemd laten dat we met de KIA die op korte termijn wordt behandeld in deze raad, enorm investeren in de toekomst, in een gezonde toekomst voor mens en natuur. Want een klimaatneutrale gemeente in 2045 is goed voor de mens en voor de natuur. Wij kijken uit naar die behandeling en wij investeren graag in die toekomst. Met de KIA sluit ik mijn eerste termijn over investeren in de toekomst af. De heer VAN HATTEM: Ik hoor GroenLinks heel veel dingen zeggen waar ik het heel erg mee oneens ben, maar als ik er dan toch één puntje uit moet pakken, over dat verhaal van diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid. Daar noemt GroenLinks, mevrouw Korver, specifiek het Iedereen Mag Zoenen-festival dat afgelopen week plaatsvond. Nou ja, op zich prima als dat plaatsvindt. Alleen zag ik daar wat dingen van voorbijkomen, dat er ook iemand op een podium stond met een hondenmasker op, en dat is blijkbaar, ik heb het even na moeten zoeken, een seksuele fetisj in de vorm van puppyplay, dat iemand zich inbeeldt dat hij een hond is en uitgelaten moet worden.

Dan vraag ik me toch af, het is allemaal leuk en aardig, zijn dat nu echt de activiteiten die wij moeten promoten? En ten tweede, moet diegene ook hondenbelasting betalen? Mevrouw KORVER: Op de laatste vraag ga ik maar niet serieus in, want dat lijkt me ook echt geen serieus bedoelde vraag. Op de eerste vraag, ja voorzitter, allerlei van dit soort initiatieven mogen het licht zien, wat ons betreft eigenlijk hoe meer en hoe diverser hoe beter. En dat daar soms dingen gebeuren die mijnheer Van Hattem niet snapt, misschien zelfs ikzelf ook niet helemaal voorsta, dat is helemaal niet erg, want er zijn mensen genoeg in onze gemeente die daar wel graag bij aanwezig zijn. De heer VAN HATTEM: Als iemand een seksuele fetisj heeft, mag die dat in zijn eigen slaapkamer doen, maar waarom dat hier dan per se op de markt tentoongesteld worden, waar kinderen en alles rondlopen? Is dat iets wat GroenLinks ook wenselijk vindt? Mevrouw KORVER: Ik heb net volgens mij echt mijn antwoord gegeven en daar blijf ik bij. De heer VAN SILFHOUT: Ik zat toch even te malen op het verhaal over De Hambaken, want ik herken wat u zegt. Ik zat vorige maand daar nog om te praten met mensen daar. U zegt eigenlijk: ik overweeg een motie om meer informatie te krijgen wanneer we weer informatie krijgen. Maar eigenlijk zou ik willen zeggen: dit is het moment om middelen toe te kennen om het ook te gaan doen.

Moeten we niet eigenlijk het college gewoon dwingen om bij de raad ons in positie te brengen, zodat wij bij de voorjaarsnota geld kunnen reserveren om in De Hambaken aan de slag te gaan? Want die wijk kan niet langer meer wachten. Mevrouw KORVER: Volgens mij is er geld en wordt het gebruikt vanuit allerlei andere middelen. Dat heb je met integraal, dat er al geld is. Het gaat ons ook niet alleen om De Hambaken. We hebben gezegd, zoals De Hambaken, maar er zijn meer wijken, en volgens mij heeft mijnheer Kagie daarstraks een keurig rijtje voor u opgesomd. Dus er zijn er echt wel meer. En wij hebben begrepen dat de informatie waar wij op zitten te wachten op heel korte termijn komt. Wij hopen natuurlijk nadrukkelijk dat dat voor de voorjaarsnota, voor 3 juni zal zijn, zodat we daar nog gebruik van kunnen maken en eventueel de motie die wij wel overwegen daarop kunnen aanpassen. 28

Mevrouw SAMSHUIJZEN: We leven in een kille wereld die in graden toch steeds warmer wordt. Gelukkig staan er wereldwijd en ook in Den Bosch mensen op die het initiatief nemen om het anders te doen, om het beter te doen. Hoort u daar ook bij? In dit spreekwoordelijke, steeds killere mondiale klimaat moeten we hier in Den Bosch werk maken van een veilig thuis, voor nu en in de toekomst, voor iedereen, voor mens en dier. In dat licht biedt het college een voorjaarsnota aan waar an sich geen verkeerde keuzes in staan. Er wordt bijvoorbeeld ook overgenomen wat de PvdD al langer zegt, wat mevrouw Korver net ook aangaf. Neem verantwoordelijkheid in de natuur- en stikstofcrisis en daar wordt nu eindelijk werk van gemaakt en daar zijn wij heel blij mee. Zeer terecht dat daar dan geld voor gereserveerd wordt en dat er geld beschikbaar komt voor de onderwijshuisvesting, in lijn met het recente raadsbesluit, om die onderwijshuisvesting verder te brengen en dat de digitale toegankelijkheid op orde wordt gebracht, en dat er binnenkort een duidelijke visie en plan op diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid komt. Dat zijn stuk voor stuk goede ontwikkelingen. Dan mist er wat, keuzes die niet gemaakt worden, of keuzes die wel degelijk gemaakt zijn maar die niet tot uitvoering worden gebracht. Om huis en E-open haard voor mens en dier in Den Bosch te beschermen moeten we meer doen.

Door de beslissingen die wij als raad kunnen nemen hebben wij grote impact op het welzijn, de gezondheid en in sommige gevallen ook leven en dood van mens en dier. Vandaag snijd ik in de zes minuten die ik in mijn eerste termijn heb, twee noodzakelijke beslissingen aan. Dit zijn geen nieuwe onderwerpen, maar helaas nog wel actuele onderwerpen en zeer urgente onderwerpen. En laat deze voorjaarsnota dan toch alsjeblieft de laatste keer zijn dat we dit moeten bespreken en laten we slepende problematiek oplossen. Allereerst de bollenteelt en landbouwgif. Op 3 juli 2024 nam de Bossche gemeenteraad een heel belangrijk besluit door de motie ꞌStop giftige bollenteeltꞌ bijna unaniem aan te nemen. Als raad spraken we uit dat conventionele bollenteelt onwenselijk is, het de verantwoordelijkheid van de gemeente is om zorg te dragen voor een leefbare en gezonde omgeving voor mens, dier en natuur. En dat alles op alles gezet moet worden om conventionele bollenteelt in onze gemeente te voorkomen en te beperken. Wij verzochten daarom het college om te onderzoeken hoe conventionele bollenteelt en andere teelt waarbij veel landbouwgif gebruikt wordt, uitgesloten of ingeperkt kan worden. Maar afgelopen april, een maand geleden, viel er een briefje van de wethouder op de mat. Het is lastig en er gebeurt veel op dit dossier, aldus wethouder Roy Geers, dus hij kon er nu nog niets mee.

De inhoudelijke onderbouwing ontbrak, en wij wachten ook nog steeds op de beantwoording van de vragen die we hier begin april over hebben gesteld. Deze raad is duidelijk geweest in de motie van 2024 en die motie wordt hier voor onbepaalde tijd uitgesteld. Intussen zijn er in Vinkel twee lelievelden bij gekomen en u heeft allemaal de inspraak van mevrouw Mees gehoord. Het gif waait zo bij inwoners naar binnen, bij het kinderdagverblijf. En het gif spoelt de natuur in en de waterwinning. Bollenteelt en zeker lelieteelt is verschrikkelijk schadelijk voor de natuur en voor de gezondheid van mens en dier. De GGD, het RIVM en wetenschappelijk onderzoek zijn daarover duidelijk in hun adviezen en recent heeft de Raad van State zelfs aangegeven dat lelieteelt zo gevaarlijk en zo schadelijk is dat voor ieder lelieveld een natuurvergunning verplicht is. Om het werk van de wethouder wat makkelijker te maken hebben de organisaties Natuur & Milieu en Urgenda samen een handleiding voor gemeenten geschreven over hoe de bollenteelt zoveel mogelijk in te perken. Ik roep deze raad daarom op om de wethouder aan eerder gemaakte afspraken te houden. De sierteelt moet worden ingeperkt. Het gebruik van landbouwgif moet aanzienlijk omlaag en de gezondheid van mens, dier en natuur moet beschermd worden. Dat is waar wij als raad ook voor staan opgesteld. Het is gewoon onze taak.

Dus die handleiding van Natuur & Milieu en Urgenda heeft de wethouder eigenlijk veel werk bespaard. Er is al een stap naar voren gemaakt. In die handleiding staan allerlei verschillende mogelijkheden, voorwaarden en werkwijzen om ons allen tegen het gif te beschermen. Die handleiding kan ook worden uitgerold op onze gemeentekaart en daartoe zullen wij dan ook met een voorstel komen om opvolging te geven aan de opdracht die de raad vorig jaar gegeven heeft. Een veilig thuis, dat wil mijn partij dus voor iedereen die in deze gemeente woont. Heel veel mensen zorgen voor een huisdier en vaak gebeurt dit met veel liefde en aandacht. Het dierentehuis ziet helaas ook gevallen waarin dit niet zo is. In Den Bosch worden veel dieren afgestaan of gedumpt omdat mensen niet goed hebben nagedacht over wat de verzorging van een dier inhoudt of omdat hun gezelschap niet is wat hun menselijke huisgenoten zich hiervan hadden voorgesteld. Ik ben ervan overtuigd dat niemand in dit huis wil dat dieren onnodig worden afgestaan of dat dieren gedumpt worden, en waarschijnlijk zal u daarnaast ook allemaal het geld dat het dierentehuis dit kost liever willen beperken en daarom willen voorkomen dat we als raad daarmee voor grotere financiële vragen komen te staan om het op te vangen. Het is geweldig dat we een wethouder hebben die zich hard maakt om dak- en thuisloosheid voor mensen te voorkomen.

Dan zegt mijn partij: dan is het toch ook logisch dat onze wethouder Dierenwelzijn 29

zich hier ook hard voor maakt wanneer het om dieren gaat/? Laten we daarom de eerste stap zetten en in overleg met het dierentehuis en eventueel de Hondenbescherming die net een mooie campagne ook op dit thema is gestart, zoekt u het anders even op, de website van de Hondenbescherming, en mogelijk samen met andere gemeenten die dit ook al doen, om eens te kijken hoe we elkaar kunnen helpen. Wellicht kunnen we campagnemateriaal van andere gemeenten gebruiken om mensen te helpen om in te zien om dit soort schrijnende situaties te voorkomen. Een lokale campagne hoeft dan geen kapitaal te kosten maar kan wel heel veel leed besparen wanneer er met meer overwegingen een harige huisgenoot in huis wordt genomen. Ik ga afronden. Er is zoveel ellende, leed en onrechtvaardigheid in deze wereld en daarom zegt mijn fractie: verbeter de wereld en begin in Den Bosch. De heer HUIBERS: Om te beginnen kunnen we concluderen dat het over het algemeen goed gaat in onze gemeente. Hoge ambities en grote opgaven worden bij de horens gepakt. Lekken komen boven en lijken uit kasten worden opgeruimd. Natuurlijk niet zonder slag of stoot, maar we mogen trots zijn op onze gemeente. En nee, we zijn er nog lang niet, we staan nog flink aan de lat voor nog heel wat grote opgaven die voor ons liggen.

Zeker kunnen we ook trots zijn op alle 1800 ambtenaren die iedere dag met bezieling de gemeente een stukje mooier maken voor onze inwoners in wijken en dorpen. De jaarstukken 2024 laten een positief resultaat zien van € 4,5 miljoen. Dat lijkt goed nieuws, maar is grotendeels te danken aan incidentele meevallers. Voor ons als Rosmalens Belang een belangrijk signaal, de basis moet op orde blijven. De heer VAN HATTEM: Ik hoor de heer Huibers van Rosmalens Belang vol trots spreken over wat er allemaal gebeurt in onze gemeente. Op heel veel punten kunnen we ook best wel trots zijn, maar is de heer Huibers ook trots op die rotpalen die gebouwd gaan worden in de Duurzame Polder, die megawindturbines, waar onlangs mee is ingestemd? Is hij daar ook oprecht trots op? De heer HUIBERS: Het moge duidelijk zijn, en daar hebben we het ook al uitgebreid over gehad in het debat, zijn we er heel erg trots op? Nee, maar we zien het wel als een noodzaak, dus daar maken wij wel die keuze. De actualisatie van de begroting 2025 laat zien dat de wereld verandert. Hogere loonkosten, strengere regels, nieuwe opgaven. Dat begrijpen we, maar voor Rosmalens Belang is het cruciaal dat de aanpassingen niet ten koste gaan van wat echt belangrijk is, leefbaarheid, sport, ontmoetingsplekken en ondersteuning van verenigingen. En dan de voorjaarsnota.

Wederom een mooie doorkijk hoe we de gestelde ambities gaan behalen. Een leefbaar nu en een duurzame toekomst met oog op hetgeen we daarin kunnen en ook moeten verbeteren. Dat behoeft wat Rosmalens Belang betreft maatwerk voor iedere wijk of dorp, vereniging of sportclub, met een integrale, transparante aanpak vanuit de gemeente, de wendbare organisatie waar we het hier vaker over hebben gehad. Vanuit die lijn brengen wij drie onderwerpen onder de aandacht. In Nuland slaan sportverenigingen Nulandia en Be Quick de handen ineen, niet alleen voor sport, maar voor de gehele gemeenschap, jongeren, vrijwilligers en ontmoeting. De gemeente heeft dit, mede op verzoek van Rosmalens Belang, CDA en gewoon ge-DREVEN financieel mogelijk gemaakt. Daar zijn we blij mee. Maar het is geen gewone investering, dit is een investering in toekomstbestendigheid, sociale samenhang en vrijwillige kracht. We vragen het college om dit traject voortvarend en op maat verder vorm te geven, samen met de verenigingen. Rosmalens Belang maakt zich al jaren hard voor het bereikbaar houden van de noordoosthoek. Voor onze inwoners is het nu al vijf voor twaalf, maar met onze woningbouwambities van 3000 woningen in die hoek kunnen we niet zonder een goede ontsluiting. Het uitstellen van een MIRT A2 legt extra verkeersdruk op de omliggende dorpen en wijken en de bouw van de beoogde extra woningen.

Goed om te zien dat de wethouder dit samen met de bewoners oppakt. We zijn dan ook benieuwd naar de eerste concrete resultaten uit de werkgroepen en belangrijker, wanneer we de eerste schop in de grond kunnen verwachten. En als derde, afgelopen week hebben we als raad een verzoek ontvangen van de supportersclub FC Den Bosch om de realisatie van een supportershome te ondersteunen, een positief verbindend initiatief in samenwerking met de FC Den Bosch Foundation. De initiatiefnemers willen in de vorm van een cofinanciering een supportershome realiseren, dat staat voor een plek voor ontmoeting, structuur en veiligheid op wedstrijddagen, een uitvalbasis voor jongerenwerk, vrijwilligerswerk en buurtactiviteiten. Voor Rosmalens Belang is dit precies het soort initiatieven waar wij achter staan, want als mensen zich organiseren, hun schouders eronder zetten en de verbinding zoeken, dan mag de gemeente best zeggen: we doen mee. De heer GERSJES: Ik ben erg blij mijnheer Huibers met het amendement voor FC Den Bosch, dat ik ook steun. Maar vindt u het niet een beetje weinig, € 50.000,00 voor een 30

supportershome? Zou het niet wat omhoog kunnen worden geschroefd naar bijvoorbeeld € 100.000,00, want € 50.000,00 is denk ik veel te weinig. De heer HUIBERS: Volgens mij is er een verzoek gekomen van € 50.000,00 en daar geven we dan ook gehoor aan. We zoeken juist die cofinanciering, dus we willen juist ook wel die prikkel houden dat eenieder zijn schouders eronder zet. De heer GERSJES: Sorry, ik had die toelichting niet gehoord, dus dank u wel. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik had inderdaad al wat vernomen van het voorstel waar Rosmalens Belang mee bezig is ten aanzien van FC Den Bosch, hun oproep. Nu moet ik zeggen dat ik daar nog wel wat vragen over heb. Ik weet gewoon nog niet zo goed wat wij ervan vinden en ik hoop dat u mij daarbij kan helpen. Collega Huibers geeft aan, als mensen zich organiseren en samenkomen en iets mooier maken, even in mijn woorden, dan willen wij daaraan bijdragen. Maar wanneer geldt dat voor Rosmalens Belang? In wat voor situaties wil Rosmalens Belang daar geld bij leggen en in welke situaties niet? Even om de woorden van collega Huibers beter te begrijpen. De heer HUIBERS: Dat vind ik een goede vraag. Als Rosmalens Belang bekijken we dat per aanvraag.

Wij kijken ook wat voor ons kernwaarden zijn, dus waarmee vergroot je de leefbaarheid in de dorpen en wijken, of hoe zorg je dat gemeenschappen of groepen dichter bij elkaar komen? Dat zijn voor ons dan kernwaarden, van: hier vinden wij dat we in mee kunnen denken. We zoeken ook altijd graag in cofinanciering. Dus dat is een beetje de lat waarnaast we hem leggen. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Toevallig werd al eerder gerefereerd door collega Korver en mijzelf ook over het DIG-beleid dat in het najaar komt en ook het afgelopen weekend was het Iedereen Mag Zoenen Festival. Dat is ook een initiatief waar we waarschijnlijk in het najaar dan wat van moeten gaan vinden. Is dat dan ook zo'n initiatief waarvan u zegt: dat is mooi, daar kan Rosmalens Belang dan ook achter staan om daar ook een bijdrage te doen, mits cofinanciering. De heer HUIBERS: We zien graag ook die voorstellen tegemoet, zodat we daar inderdaad een afweging in kunnen maken, maar over het algemeen zijn we daar redelijk positief over. Niet altijd, dat moet ik wel even hierbij aangeven. Voorzitter, de nota laat ook zien dat er vooralsnog structureel minder ruimte komt, waar we dus ook scherpe keuzes in moeten maken, zoals: hoe kunnen we het hulp- en zorgpersoneel zo eerlijk mogelijk verdelen? Dat behoeft omdenken, de druk blijft onverminderd hoog op de begroting, en de uitvoering van gedecentraliseerde taken.

Dat komt mede door falend beleid vanuit het rijk. Nu zijn er waarschijnlijk wel middelen toegezegd voor de jeugdzorg, maar dat is allemaal nog niet zeker en het is ook helemaal nog niet zeker of het wel kostendekkend is. Dus daar maken wij ons nog steeds wel zorgen over. Maar we lijken het als 'sHertogenbosch door gedegen financieel beleid vooralsnog het hoofd te kunnen bieden. En dan het verhaal van 's-Hertogenbosch. Wat ons betreft een mooi en inspirerende onderlegger voor de toekomst met de focus op onze kernwaarden als gemeente. En ik durf het bijna niet te zeggen, de een krijgt er jeuk van, ik vind ze wel juist heel erg krachtig, verenigen, verdelen en vieren. Deze sluiten goed aan bij wat Rosmalens Belang belangrijk vindt. Daarbij mogen het ook niet enkel en alleen loze woorden blijven en moeten we er wel actie aan gevolg geven. Maar even een kritische noot, het verhaal mist nog iets wezenlijks, de voorbeelden uit onze dorpen en kernen. We zien ze niet terug in het stuk dat voorligt. We zien eigenlijk alleen maar voorbeelden vanuit de stad. Er zijn voldoende voorbeelden, zowel in Rosmalen, Nuland, Kruisstraat, Vinkel en Maliskamp, en die verdienen ook een plek in dit verhaal. Want daar gebeurt het ook, op sportvelden, in buurtcentra, bij een mooi waterplein en bij vrijwilligers.

Een oproep dan ook om het verhaal verder te verrijken met deze mooie voorbeelden, dan wordt het een verhaal van alle 162.000 puzzelstukjes uit onze gemeente, een verhaal met een gouden randje wat ons betreft. Tot slot, de financiële ruimte van nu vraagt om keuzes en keuzes maken betekent prioriteit geven aan wat telt. Voor Rosmalens Belang is dat: leefbare dorpen en wijken met ruimte voor beweging, ontmoeten en initiatieven. Een gemeente die dichtbij blijft en vertrouwt op de kracht van de inwoners. En als laatste, een gemeente die verbindt, versterkt en vooruitkijkt zonder de menselijke maat te verliezen. De heer HOEBEN: Een korte vraag, want het blijft een beetje hangen met wat u zei over de zorg, dat u zich daar een beetje zorgen over maakt. Maar is het nu niet, met die laatste zinnen die u noemde, logischerwijs dat u dan ook met een aantal initiatieven komt om dat te repareren richting die zorg? Of gaat u dat niet doen? 31

De heer HUIBERS: Ik ben heel eventjes zoekende met mijnheer Hoeben. De heer HOEBEN: U maakte zich zorgen over de zorgkosten en dat delen we. Maar u gaf op het laatst in een paar prachtige volzinnen aan dat er best wel wat ruimte is en u begon er zelfs mee dat het goed gaat. Is het nu niet logisch om dan ook, waar de zorg zit, qua financiën voor de zorg, om daar meer ruimte te gaan zoeken? Bent u bereid om daar ook samen met ons te zoeken naar die ruimte? De heer HUIBERS: Als we terugpakken op de zorg die ik met name heb, zijn het de zorgkosten en of wij daar voldoende dekking voor krijgen vanuit het rijk. Nu weet ik dat deze gemeente ook flink inzet op normaliseren, dus die programma's ondersteun ik van harte. Er zitten hier ook voldoende landelijke partijen in deze zaal om de lobby nog eens een keer flink aan te halen om ook daadwerkelijk de middelen te krijgen voor gedecentraliseerde taken die we hebben, zoals ook het rapport Van Ark zegt, van kaft tot kaft. Dan willen wij ook van cent tot laatste cent, om het zo maar te noemen. Dus daarin kunnen we elkaar wel vinden. Wat mij betreft is het nog steeds wel een en-en. Dus we zetten op alles goed in, maar we moeten wel voorkomen dat het niet een of-of gaat worden.

De heer VAN SILFHOUT: Ik had toch gehoopt dat we van de grote fracties meer mensen aan het woord zouden laten dan alleen de fractievoorzitter, maar wij zullen in ieder geval de hele fractie aan het woord laten vandaag. Als we even terugblikken op de start van dit college, was dat er een van grote stappen, snel thuis. Het college heeft het bestuursakkoord niet met de toen nog oppositiepartijen in wording besproken, en het resultaat was dat op VOOR Den Bosch na, ze allemaal tegen het bestuursakkoord stemden. Want partijen herkenden zich niet in het verhaal. Grote stappen, snel thuis, maar tegelijkertijd hollen en stilstaan. We willen nu alvast markeren dat we dit tijdens de volgende raadsperiode anders moeten willen doen, dat de gehele raad aan zet moet zijn om gezamenlijk het verhaal van Den Bosch vorm te geven, voor een gedragen verhaal van ons allemaal. Want eigenlijk is het natuurlijk een farce, dat we hier om en om, oppositie en coalitie op de bühne laten verschijnen, om maar de indruk te wekken dat we een fundamenteel verschillende rol hebben in deze raad. Maar wij zijn allemaal volksvertegenwoordigers, we controleren allemaal het college, we stellen allemaal de kaders op. Die harde scheiding tussen oppositie en coalitie, daar valt nog een wereld te winnen.

Als we de harde scheiding in stand houden komen we verder te staan van een raadsakkoord, een gezamenlijk verhaal en dichter bij een wij versus zij-verhaal, terwijl we juist een gezamenlijk verhaal nodig hebben in bijvoorbeeld de Bossche Stadsdelta. Niet het verhaal van het Design Museum, maar een verhaal van een cultuurcentrum aan de Dieze, een verhaal van woningen, een plek van ons allemaal. Mevrouw CRASTE: Ik vroeg me heel even af, mijnheer Van Silfhout heeft het over een raadsbreed akkoord. Nu hebben wij een van de meest versplinterde raden die er is in Nederland. En om dan één verhaal te maken lijkt me heel lastig. Hoe ziet mijnheer Van Silfhout dat voor zich? De heer VAN SILFHOUT: Om in goed Nederlands te spreken: challenge accepted. Het lijkt me een mooie uitdaging om met zijn allen aan de slag te gaan, om juist die versplintering tegen te gaan door met zijn allen aan een gezamenlijk verhaal te werken. Mevrouw CRASTE: Ik houd van challenges, maar mijn vraag was: hoe dan? De heer VAN SILFHOUT: Misschien is de les: hoe niet? De vorige keer zijn de oppositiepartijen niet meegenomen in het verhaal dat toen geschreven is in het bestuursakkoord. Alleen de coalitiepartijen gingen met elkaar om tafel en de reactie was gelijk dat iedereen aan één kant van het front stond. We hadden een oppositie en een coalitie en daartussen zat niets.

En dat moeten we de volgende keer niet hebben, want dan gaan we weer vier jaar zo bakkeleien met elkaar. Dus laten we in ieder geval bij die start met zijn allen afspreken dat we elkaar gaan benaderen, dat we met elkaar gaan proberen om een gezamenlijk verhaal te schrijven. En als dat dan niet lukt, dan is dat ook het verhaal van Den Bosch en de versplintering, maar nu hebben we het niet eens geprobeerd. Mevrouw CRASTE: Ik vind het een heel mooi streven van mijnheer Van Silfhout. Ik sta er natuurlijk voor open met mijn partij. Wat ik me wel heel even afvraag, wat we zien in het land is dat 32

bij raadsbrede akkoorden er minder gebeurt, dat daar minder snelheid is op grote opgaven. Hoe ziet mijnheer Van Silfhout dat? De heer VAN SILFHOUT: Dat zou een inzet kunnen zijn, dat u zegt: ik wil alleen daar onder komen als we dus wel op die grote thema's door blijven gaan, en dan wordt de vraag: houdt dan zo'n raadsakkoord stand? Maar dat is de zoektocht die we met zijn allen aan moeten gaan. Om daar nu op vooruit te lopen en het daarom maar niet te doen, dat is voor mij weer een verkeerde kant van de medaille. Het is dus goed om een gezamenlijk verhaal te hebben, maar niet nu, bij de voorjaarsnota, maar juist direct na de verkiezingen, als we dat gezamenlijke verhaal gaan vertellen. Dat verhaal kan niet apolitiek zijn, want dan zegt het niets. Maar het kan wel breed gedragen worden, net zoals een burgerberaad, dat niet apolitiek is, maar wel degelijk een verhaal van ons allemaal vertelt. We roepen dan ook de partijen alvast op om na te denken over het raadsakkoord dat we na deze collegeperiode kunnen gaan sluiten. 2025 is het jaar van hollen en stilstaan. We hollen als het gaat over de ontwikkeling van het nieuwe station, maar we staan stil als het gaat over de A2. Te veel mensen moeten nu overwegen: ga ik wel naar 's-Hertogenbosch om daar te wonen? Want als ik daar ga wonen, kom ik niet meer ten noorden van de Maas in de spits.

Ik kan dus alleen maar in Brabant en daaronder werken. En in plaats van een stad die midden in Nederland ligt, worden we eigenlijk een stad die aan het randje van Brabant ligt. En daar moeten we niet heen, want voor al die jongeren en starters hier moet er ook ruimte zijn om zich hier te vestigen, ook al werken ze elders. Hoe gaat de wethouder ervoor zorgen dat de noodzakelijke werkzaamheden bij de A2 wel plaats gaan vinden? We hollen als het gaat over innovatieve woonvormen, maar we hebben minder dan duizend woningen gerealiseerd vorig jaar en we moeten voorkomen dat we stil gaan staan. Hoe gaat de wethouder het tij keren? We hollen als het gaat over besluitvorming in de Duurzame Polder, terwijl de natuurwaarde stil komt te staan, of desnoods achteruitgaat. Welke middelen gaan we aanwenden om dat te voorkomen? We hollen als het gaat over de dienstverlening op het stadskantoor, maar als we kijken naar de dienstverlening via de website om tot een afspraak te komen, kunnen we alleen maar wensen dat we stilstaan, terwijl de tevredenheid van onze inwoners keihard achteruitloopt. Hoe gaat de wethouder ervoor zorgen dat onze inwoners weer tevreden zijn met de manier waarop ze online een afspraak kunnen maken? Want ontevredenheid daarover bij een stad die zich als datastad wil profileren is op zijn minst vervelend en misschien wel een tikkeltje gênant.

We hollen volle vaart richting de volgende verkiezingen, waarbij het steeds vaker over de waan van de dag gaat, maar qua nieuw beleid staan we al een tijdje stil, waarbij door de aanhoudende dreiging van het ravijnjaar we terughoudend zijn met structureel nieuw beleid. Terwijl we eigenlijk wel structurele keuzes moeten maken. Een keuze voor meer groen, een keuze voor meer samenwerken met inwoners, een keuze voor Van ik naar wij. Een keuze voor niet eeuwig vasthouden aan ons stalen ros, de auto, in onze binnenstad. En verder zien we dat de landelijke regering al maanden achter Israël aanholt, maar dat nu pas, onder druk van een groot protest, daar eindelijk eens op de rem wordt getrapt. Beter laat dan nooit. Want voor welke kant je ook bent in deze oorlog, we kunnen allemaal samen, ook in Den Bosch, aan de kant van mensenrechten gaan staan. Als Volt pleiten we voor een verhaal van hollen waar dat nodig is, maar gestaag werken aan vooruitgang waar dat kan. Want we leven in een onrustige tijd, en we moeten op lokaal niveau goed voor onze inwoners en zij die zich in de toekomst hier willen gaan vestigen, gaan zorgen. Specifiek wil ik het dan bijvoorbeeld hebben over het Structuurfonds. We zien nu incidenteel dat daar € 5,2 miljoen naartoe gaat. Steeds gaan daar incidentele meevallers in. Wat Volt betreft moeten we hier anders mee omgaan.

We moeten een structurele manier gaan vinden om ons Structuurfonds te gaan vullen, anders valt op het moment dat er echt bezuinigd moet worden, alles om wat zich in het Structuurfonds bevindt en komt de stad met grote projecten tot stilstand. Deze opdracht willen we het college namelijk meegeven om hier structureel geld voor te gaan vinden, om de ingezette ontwikkeling van dit college om een beperkte hoeveelheid geld structureel over te boeken, uit te breiden. Dit geeft ook meer lucht aan het dualisme in de raad, omdat meevallers die we dan nog te verwerken krijgen, veel meer onderwerp van discussie kunnen zijn dan dat ze linea recta het Structuurfonds of de algemene reserve in verdwijnen. De heer HUIBERS: Even terug over het Structuurfonds en het vullen daarvan. Volgens mij werd het Structuurfonds ook vaak gevuld door het Grondbedrijf, maar we horen net ook dat het Grondbedrijf onder zwaar weer staat door keuzes die wij maken in de woningbouw. Hoe staat Volt daarin? De heer VAN SILFHOUT: Dat vind ik fundamenteel verkeerde systematiek, want op het moment dat wij het vanuit onze begroting vullen, zitten daar politieke keuzes achter en dan kun je 33

dus zeggen: wij kiezen er politiek voor om die grote projecten wel of niet aan te gaan. Nu is het meer een soort toevalligheid, of we houden geld over of we vullen hem vanuit de woningbouw. Maar dat vinden wij niet de juiste manier omdat de mensen naar de stembus gaan om ook over die grote projecten te stemmen, en dat moeten we ook meenemen in de besluitvorming. De heer HUIBERS: Ook in dezen moet ik dan heel even mijn vraag nuanceren. Nee, het gaat er mij om, volgens mij werd het Structuurfonds ook gevuld door opbrengsten vanuit het Grondbedrijf en die vallen tegen logischerwijs, omdat we nu ook andere keuzes maken in de woningbouw. Hoe staat Volt daar tegenover? De heer VAN SILFHOUT: Daar blijf ik dus bij, ik vind dat de verkeerde manier van ertegen aankijken, want we baseren ons eigenlijk op winst maken op woningbouw om zo het Structuurfonds te vullen. Dat gaat nu niet meer omdat we andere keuzes maken, maar eigenlijk had die koppeling er niet moeten zitten. We hadden altijd de winst van het Grondbedrijf op de begroting terug moeten laten vloeien en vanuit de begroting vervolgens geld het Structuurfonds in. Omdat we in de begroting politieke keuzes maken. En dat is voor mij belangrijk, dat we keuzes maken over waar we het geld aan besteden.

De heer BROEKMEULEN: Dan misschien inderdaad een aanvullende vraag over het Structuurfonds, want de heer Van Silfhout geeft aan dat we een structurele manier moeten gaan vinden om dat te vullen. Als ik het goed heb is het € 8 miljoen per jaar dat we in de begroting richting het Structuurfonds storten. In hoeverre is dat dan niet structureel? En als dat niet structureel is, wat bedoelt de heer Van Silfhout dan wel? De heer VAN SILFHOUT: Bij het precieze bedrag had ik een ander bedrag in mijn hoofd, maar dat zouden we even moeten nakijken. Maar uiteindelijk wordt een groot deel van het Structuurfonds nu incidenteel gevuld, en daar willen wij van af. Die incidentele middelen, dat zou eigenlijk aan ons moeten zijn, waar gaan we dat het aankomend jaar als raad aan besteden? En structureel geld kan voor structurele doelen zoals, het zit in het woord, het Structuurfonds zit. Voorzitter, ik haak even kort aan op het thema wonen. We moeten gewoon meer sociale huur gaan realiseren, ook al hebben nu de corporaties de wind tegen vanuit Den Haag, we moeten overwegen hier grof meer geld in te gaan investeren als deze bezuiniging doorgaat in Den Haag. En de beoogde projectmedewerker innovatie moet natuurlijk structureel worden aangesteld, want innovatie stopt niet ineens over twee jaar. Ik wil het nog even kort hebben over jongeren en nachtcultuur.

We zijn blij met wat er gaat gebeuren, want inderdaad, D66 zei het al: het moet echt ook weer een studentenstad gaan worden en dat is niet alleen voor studenten, dat nachtleven, maar ook voor alle jongeren in deze stad. En eigenlijk wil ik van de wethouder weten, in beantwoording op de vragen werd duidelijk dat er budgetten zijn om dingen te organiseren maar dat die niet benut worden. Kan de wethouder zeggen hoe nu op korte termijn ervoor gezorgd gaat worden dat die jongeren de weg naar die budgetten weten te vinden en ervoor gaat zorgen dat die ook besteed worden? Want zolang ze niet besteed worden dan kunnen wij wel willen aanjagen, maar dan moet daadwerkelijk daad bij woord gevoegd worden. Dan nog één laatste onderwerp en dat is Buurt naar het museum. Eigenlijk heel interessant, als je googelt op succesverhaal Den Bosch, letterlijk die zoekterm, is de eerste hit die je krijgt Buurt naar het museum. Dat vind ik heel leuk. Maar dat zegt wat. De gemeente ziet dat zelf als een succesverhaal en in september gaat gekeken worden of dat tegen het cultureel wijkprogramma aan geplakt kan worden.

Ik heb zelf een vriendin die vrijwilligerswerk doet en juist met kansarme jongeren naar dit soort plekken gaat, zoals een theater, een museum, en zij vertelt die jongeren die voor het eerst in hun leven in een museum komen, of voor het eerst in hun leven in een theater komen, en dat is goud waard voor hun ontwikkeling, en dat is wat Buurt naar het museum ook is. Aankomend weekend is er weer een Buurt naar het museum-dag, en zullen de Aawijk en de Kruiskamp onze musea kunnen bezoeken zonder dat ze daar kaarten voor hoeven te kopen, en zit daar ook een heel programma omheen. Wij willen de wethouder vragen hoe kansrijk het is dat dat plan met het cultureel wijkprogramma gaat slagen, en moeten wij nog gaan kijken of we voor de voorjaarsnota geld kunnen reserveren om dit te doen. Want wij vinden het belangrijk dat dit behouden blijft voor de gemeente. De heer VAN HATTEM: Een interruptie op de heer Van Silfhout van Volt. Hij had op zich een mooie gedachte over een raadsbreed akkoord of een raadsbrede bespreking daarvan. Ik weet niet of het realistisch is, maar kan de heer Van Silfhout dan wel aangeven of hij daarbij ook geen enkele partij uitsluit. 34

De heer VAN SILFHOUT: Leuk, toevallig hadden wij daar net een motie over op ons landelijk congres. Maar dat ging over samen besturen. Als het gaat over het samen regeren van Volt met de PVV, ik kan me voorstellen dat dat wat spanningen oproept, en ik kan me niet voorstellen dat wij samen daar gaan zitten. Maar dat betekent niet dat we niet gezamenlijk hier een verhaal kunnen vertellen met zijn allen. Dus dat vind ik belangrijk, om dat verschil ook tussen besturen van de stad vanuit de raad, en het besturen vanuit de bankjes vanuit het college, te scheiden van elkaar. De heer VAN GENUGTEN: De voorjaarsnota 2026 is meer dan een document over geld, het is een toetsmoment. Waar staan we, waar willen we heen en wat vragen we van elkaar? En voor het CDA draait het in deze nota om drie lijnen. Wat realiseren we, hoe houden we financieel koers en welk verhaal vertellen we als stad? Op dat laatste ga ik in mijn tweede termijn in. We bespreken de laatste voorjaarsnota van deze bestuursperiode. Het CDA kijkt met tevredenheid terug, maar ook met verantwoordelijkheid vooruit. Want wat we in gang hebben gezet, verdient voortgang, niet alles is gerealiseerd, maar veel is wel in uitvoering. Als we kijken naar de binnenstad, de rust keert langzaam terug in de Hinthamerdriehoek dankzij het STS-systeem en dat is iets waar bewoners zichtbaar tevreden over zijn.

De verplaatsing van de coffeeshops die uiterlijk in 2027 moet plaatsvinden, is een stevige stap richting leefbaarheid. En dan het binnenstadfonds. De heer VAN HATTEM: De heer Van Genugten van het CDA zegt dat de rust terugkeert in de Hinthamerdriehoek, maar we hebben de afgelopen tijd juist gezien dat er heel veel mensen werden aangevallen die daar het verkeer stonden te regelen, dat er veel overlast is juist in de straten eromheen. Is het niet gewoon het verplaatsen van het probleem en op sommige punten zelfs het verergeren van het probleem door daar de boel af te sluiten? De heer VAN GENUGTEN: De PVV heeft hier een wat somberder beeld over de toekomst van de Hinthamerdriehoek dan het CDA. Natuurlijk, we zetten een verandering in op die plek en die verandering vraagt enige aanpassing. Daar hebben sommige mensen wat moeite mee, daar heeft ook mijn partij vragen over gesteld als het ging om de bejegening van verkeersregelaars. Wat ons betreft ga je daar fatsoenlijk en respectvol mee om. Dus nee, het heeft nu misschien nog wat aanloopproblemen. Tegelijkertijd is de Sint Josephstraat zoals u weet afgesloten, dus de situatie is nog niet optimaal, maar ik gaf net al aan: niet alles is al helemaal gerealiseerd, maar wel in uitvoering.

De heer VAN HATTEM: Maar het feit dat je daar verkeersregelaars nodig hebt die dan bovendien nog worden aangevallen zegt toch eigenlijk al dat het geen goede uitgangssituatie is? Hoe denkt het CDA dit op lange termijn vol te houden als je ziet dat het nu eigenlijk al van meet af aan escaleert? De heer VAN GENUGTEN: Nogmaals, ik denk dat de PVV hier problemen groter maakt dan ze zijn. Het gaat hier om een situatie die aanpassing vraagt, waar aan gewerkt wordt. En zoals bijna overal waar tegenwoordig aan de weg gewerkt wordt, worden in eerste instantie verkeersregelaars neergezet in plaats van tijdelijke lantaarnpalen en ik denk dat dat een goede manier is, want een verkeersregelaar kan ook juist advies bieden, een hartelijk woord, dus wij zien dat denk ik anders mijnheer Van Hattem. Dan was ik bij het Binnenstadsfonds. De raad nam daar een motie over aan en we zien dat de bestaande middelen worden gebundeld, maar het college lijkt op voorhand geen extra middelen daarvoor vrij te maken.

Wij vragen ons dan af wat dat betekent concreet voor de versterking van het winkelareaal, de aanpak van de leegstand en de inrichting van de openbare ruimte? Kortom, hoe maken we de binnenstad toekomstbestendig en tot een prettige plek waar we willen zijn en verblijven? Maar wat we wel zien, en daar is het CDA heel blij mee, is dat er integraal gewerkt wordt, en dat we dat doen op een nieuwere manier, een betere manier, samen met belangrijke partners. Daar gaan we in de maand juli in de raad nog uitgebreid met elkaar over spreken. De sociale structuur vraagt om ook een sociale infrastructuur. In onze gemeente maken we een beweging Van ik naar wij, en we versterken daarmee die sociale structuur. Onze stad heeft plekken nodig waar we elkaar ontmoeten, waardoor we eenzaamheid kunnen verminderen en daarom kwamen wij eerder met moties over de ontmoeting in de Spoorzone, het realiseren van extra speeltuinen en recent de motie over grondbeginselen van ontmoeten. Wij roepen het college op om deze uitgangspunten te borgen bij de inrichting van onze wijken en dorpen en binnen de begroting. Ik citeer dan ook graag nog heel even op dit punt, want ik ben het daar roerend mee eens, onze landelijke fractievoorzitter Henri Bontenbal. Die zei het namelijk onlangs heel erg treffend: de 35

herwaardering van de gemeenschap is de opdracht van deze tijd. Laten we daarin als Bossche gemeenteraad ook proberen voorop te lopen. Wonen voorzitter. Voor het CDA blijft het principe van de lokale binding in woningtoewijzing cruciaal. Dat is wonen voor mensen die hier hun leven opbouwen, die hier werken en die hier ook zorg verlenen. We denken ook aan jonge mantelzorgers, die dicht bij hun naaste moeten kunnen wonen en ook initiatieven rondom gemeenschappelijk wonen verdienen onze steun, juist in een vergrijzende samenleving. De uitwerking van de woonzorgvisie kan hierbij uitkomst bieden. We spreken regelmatig over bestaanszekerheid en we maken ons zorgen dat jonge mensen, bijvoorbeeld pas afgestudeerd en achterblijvend met een studieschuld van duizenden euro's, geen huis meer kunnen kopen. Want € 490.000,00, de gemiddelde koopprijs voor een huis tegenwoordig, helpt dan niet om de volgende stap te kunnen zetten en daarmee ook wellicht geen gezin te kunnen stichten. We zijn trots op het Bossche logeerhuis, dat respijtzorg biedt aan mantelzorgers, mede mogelijk gemaakt door een breed gesteunde motie in deze raad. Maar we vragen ook aandacht voor mensen met langdurige ziektebeelden, zoals Q-koorts en post-COVID. Moeten we daar in ons beleid niet meer aandacht aan schenken, vraag ik het college.

Zo zou de inzet van huishoudelijke hulp flexibel moeten kunnen, en pak werkbaar parkeren voor mantelzorgers verder op. Deze mensen verdienen dat. Armoede en bestaanszekerheid. De uitgangspunten voor de Bossche Pas hebben we vastgesteld. Het is nu wachten op de lancering van deze pas. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik had nog een vraagje aan collega Van Genugten over Q-koorts en COVID. Daar noemt collega Van Genugten twee vormen van zoönose. Wil collega Van Genugten dan ook meedenken naar het voorkomen dat mensen zoönose oplopen bijvoorbeeld, wanneer het gaat om Q-koorts, natuurlijk ook de afstand tot veehouderijen en ook de geitenhouderij, de afstanden daartoe. Wil collega Van Genugten dan ook naar die risico's gaan kijken om zoönose in de toekomst te voorkomen? De heer VAN GENUGTEN: Helder, volgens mij is het altijd een afweging, dus enerzijds het ondernemen en tegelijkertijd de gezondheidsrisico's. Volgens mij heeft mijn collega Ploegmakers in andere dossiers ook vaak gezegd: gezondheid staat bij ons hoog in het vaandel, dus wel degelijk houden we hier oog voor. Het zou ook te gek zijn als ik dat niet zou bepleiten. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik ben ook benieuwd of collega Van Genugten met een verder voorstel hierop gaat komen omdat hij dit aanhaalt. Het is denk ik heel terecht, zorg om dit soort ziektes.

Kunnen we hier iets op verwachten? De heer VAN GENUGTEN: Als u mij goed heeft beluisterd heb ik net het college bevraagd om hiermee extra rekening te houden en ik heb daarin twee suggesties gedaan. Ik ben benieuwd hoe het college daarop zal reageren. Ik was gebleven bij de Bossche Pas, dus dat we uitkijken naar de lancering van deze pas, omdat het een bijdrage is en een versterking van de armoede-infrastructuur. En die versterking van de armoede-infrastructuur zien we ook terug vanuit het college in de voorjaarsnota, een extra impuls, juist nu, omdat met het uitgestelde rampjaar voor ons we extra moeten zorgen voor weerbaarheid door middel van deze voorzieningen. De gemeenschap verdient voelbare solidariteit. Wat betreft sport, de fusie van Nulandia en Be Quick is een mooi voorbeeld van toekomstbestendige verenigingssport. Het CDA is dan ook blij dat dit nu gerealiseerd kan worden. Het CDA heeft hier samen met gewoon ge-DREVEN en Rosmalens Belang ook op aangedrongen en verwacht een soepele, tijdige realisatie van de nieuwe voorzieningen. Maar niet alleen in Nuland, we zijn ook blij met de investeringen die we gaan doen bij andere sportverenigingen, in de Kruisstraat en bij Hockeyclub 's-Hertogenbosch. We moeten blijvend aandacht besteden aan de leefbaarheid in onze dorpen. Ze verdienen goede bereikbaarheid, ook per ov, en economisch perspectief.

De economische vitaliteit van dorpskernen ondersteunen wij dan ook van harte, want vaak vormen de lokale ondernemers het hart van deze gemeenschappen. Laat daarom de komende jaren de dorpen groeien, waardoor ondernemen ook mogelijk blijft. En het CDA is voorstander van pluriformiteit. Daarom geven we extra steun aan DTV, onze lokale publieke omroep. Mede hierdoor blijft er diversiteit in het lokale en regionale nieuwsaanbod. Dan het tweede deel van mijn betoog, het huishoudboekje. Dat is goed op orde. Er staat: het college spreekt over een beperkt structureel tekort van € 1,1 miljoen in 2029, maar uit de beantwoording van de technische vragen blijkt dat het ook zomaar € 3,7 miljoen kan worden, en dan helpt het niet als we zeggen: nu nog geen reden tot ingrijpen, want voor het CDA geldt: verantwoordelijkheid neem je vooraf, en we staan voor een solide financieel beleid. De voorjaarsnota is een momentopname, maar wel een heel belangrijke. We spreken niet meer over het gemeentelijk huishoudboekje tot aan de begrotingsbehandeling, en u heeft mij allerlei wensen horen uitspreken en zo zijn er hier vandaag nog veel meer wensen. Maar 36

uiteindelijk gaat het niet om de deelbelangen, maar om het algemene belang. En het algemene belang vraagt om afwegingen. We kunnen niet alles en dat dwingt ons tot het stellen van prioriteiten. Maar hebben wij als raad alle kennis integraal daarvoor bij elkaar? Dat vraagt het CDA zich af. Want stikstofruimte beperkt de woningbouw. Welke plannen zijn tijdelijk, langdurig of permanent uitgesteld? Netcongestie belemmert ondernemers. Arbeidsmarktkrapte raakt het sociaal domein en de financiële rek is er bij allerlei instellingen en bij ons als gemeente en bij veel inwoners ook uit. Daarom vragen wij: welke structurele keuzes worden nu voorbereid, nu het rijk nog onvoldoende helderheid geeft over het ravijnjaar? En welke ruimte laten we in het Structuurfonds, nu er door vele projecten veel tegelijk op afkomt? Het CDA vraagt om helderheid en duidelijke keuzes. Welke projecten kunnen we herprioteren? Graag willen wij hierover inzicht hebben voor de begrotingsbehandeling in dit najaar. De heer VAN DER KRABBEN: Ik heb vanavond heel veel gehoord en ik kom er dadelijk op terug. Maar als ik in zijn algemeenheid kijk, dan zie ik eigenlijk dat er veel op ons afkomt waar wij geen invloed op uit kunnen oefenen. Als je kijkt wat er wereldwijd gebeurt, de polarisatie, de oorlogen, al die consequenties, heeft niemand van ons daar vat op. En dat kan allemaal overmorgen gebeuren.

De polarisatie in onze samenleving, het wankele beleid vanuit Den Haag, het veranderen van normen en waarden, dat zijn de fundamenten waar we in de toekomst rekening mee moeten houden. Als ik vandaag hoor dat de president van De Nederlandsche Bank zegt dat als de handelsoorlog voort blijft gaan, dat ergere ingrijpen gaat krijgen dan de financiële crisis in 2008. Dat wil nogal wat zeggen als zo iemand dat zegt. Hij zegt ook: we hebben tachtig jaar goed met Amerika kunnen samenwerken, maar nu zullen we meer voor onszelf moeten zorgen. U kunt het uit de media horen en beluisteren, op welke fronten dat gebeurt. Maar dat gebeurt ook op een grond waar wij mee te maken hebben. Als je de communicatie pakt die wij hebben via de software, dat wordt vanuit Amerika geregeld. De vraag in Nederland rijst ook: moeten wij als overheid ons niet wat meer onafhankelijk op dat terrein zien te waarborgen voor de toekomst? En misschien moet dat wel op Europees niveau aan de orde komen. Daarmee geef ik dus aan: wij spreken dadelijk over de voorjaarsnota. Wij kijken naar een begroting, alles bij elkaar een € 980 miljoen, dus bijna € 1 miljard waarover we praten. En dan zie ik dat wij er financieel vrij goed voorstaan, natuurlijk structureel voor de komende jaren € 1 miljoen en misschien naar € 3 miljoen.

Maar dan denk ik: als je het bed een keer goed opschudt moet dat te vinden zijn, dus daarmee zeg ik: wij kunnen eigenlijk wat op dit moment op tafel ligt met betrekking tot de voorjaarsnota ook met elkaar honoreren. En natuurlijk zijn er net ook verschillende wensen op tafel gekomen in het kader van armoedebestrijding. Daar kunnen wij lokaal wat aan doen. Maar als je het pakt over woningbouwproductie, en dan kijkt iedereen naar die wethouder, dan zeg ik: die wethouder doet zijn best, maar er zijn andere omstandigheden waarom dat niet lukt. En u weet dat, de stikstof is er een van, maar zo zijn er nog een paar meer. De heer VAN GENUGTEN: Ik hoor de heer Van der Krabben zeggen dat er veel zaken zijn waar wij geen invloed op hebben, die komen van buiten, maar die hebben wel degelijk invloed op wat we als gemeente kunnen doen. Dat was wat ik ook net heb betoogd. Bent u het met me eens dat deze voorjaarsnota een momentopname is en dat er nog veel verschillende dingen kunnen gebeuren richting het vaststellen van de begroting en dat het goed is om dan inzicht te hebben in welke projecten door netcongestie niet door kunnen gaan, welke projecten door de stikstof niet door kunnen gaan, om dan met elkaar bij de begroting de juiste prioritering en de juiste keuzes te kunnen maken? De heer VAN DER KRABBEN: Ik bevestig dat met ja, maar ik heb daar minder woorden voor nodig.

Ik zal u ook uitleggen waarom. Wij hadden in het verleden dat al een keer aan het college gevraagd: breng dat nu eens in beeld bij bepaalde projecten. Weet u dat vandaag eigenlijk de nieuwe brug, de oude Dieze…, daarnaast de nieuwe brug, in dit jaar opgeleverd zou moeten worden? Het enige wat we weten is dat het door stikstof niet kan. Meer weten we eigenlijk niet. Het hele Deltaproject staat voor de deur, een heel groot project. En als je de Spoorzone erbij betrekt voor € 1,5 miljard, wat is daar de stikstof waardoor op een bepaald moment niet door kunnen gaan, wat kunnen we daaraan doen? Dat zijn dingen, en daar ben ik het met u eens, dat moet meer inzichtelijk voor ons op tafel komen liggen. Dan twee dingen die ik wat concreter wil maken. Vanavond is studentenstad diverse malen gevallen, door D66 onder andere. Maar als ik kijk naar onze universiteit, tien jaar geleden zijn we daarmee begonnen, met Tilburg, Eindhoven Universiteit, de provincie en wij. Toen hebben we een convenant getekend voor tien jaar en dat loopt 31 december dit jaar af. We hebben tien jaar geleden ook de intentie uitgesproken, ook getekend, dat 37

we met elkaar verder willen, en ik zou eigenlijk van het college nu of de volgende vergadering willen vernemen hoe het staat met die onderhandelingen. Met andere woorden, het college heeft aangegeven: in mei hopen we het op tafel te hebben, maar ik wil graag weten of de continuïteit van onze universiteit gewaarborgd is voor de toekomst, omdat dat een belangrijke schakel is in het hele datastad van 's-Hertogenbosch. Dan de Afvalstoffendienst. Er is gisteren een vergadering over geweest en ik pak het altijd maar gemakshalve samen, de komende jaren moeten we daar ongeveer € 25 miljoen in gaan investeren. Dat zijn hele bedragen. Met elkaar is afgesproken het proces dat doorlopen moet worden. Ik heb begrepen dat de VVD nog met een motie komt om dat proces goed te controleren, maar ik houd daar nog een andere vraag bij over, twee vragen eigenlijk. Op de eerste plaats, laten we zorgen dat de tariefstijgingen die gegarandeerd plaatsvinden verantwoord kunnen blijven, zodat de mensen en de bedrijven het kunnen blijven betalen. Het tweede is, we hebben ook met elkaar het balletje wel eens laten rollen, nu doen we alles zelfstandig met de Afvalstoffendienst. Ga eens in gesprek met de buurregiogemeenten om te kijken of zij eventueel aandeelhouder zouden willen worden bij de Afvalstoffendienst.

Ik hoor daar weinig over, of hebben ze het gesprek wel gehad en hebben ze gezegd: brengen jullie maar eerst orde op zaken en investeren jullie zelf maar en kom dan maar bij ons langs. Ik weet het niet, maar ik zou daar graag ook een keer een antwoord op willen hebben. Misschien dat mijnheer Ploegmakers dat heeft. De heer PLOEGMAKERS: Mijnheer Van der Krabben, ik hoor u zeggen van de regiogemeenten et cetera, maar u bent toch op de hoogte neem ik aan dat er nog geen maand geleden een discussie in de commissie Bedrijvigheid is geweest hierover? Daar hebben we met elkaar bijna een hele avond over gesproken en mijn vraag is: bent u dat vergeten? De heer VAN DER KRABBEN: Nee. Mag ik aan u dan de vraag terugleggen: kunt u mij concreet aangeven wat dan de stand van zaken is? De heer PLOEGMAKERS: Volgens hebben we met elkaar afgesproken dat we dit verder gaan onderzoeken naar aanleiding van datgene dat in de commissie is opgehaald en dat het college met een voorstel komt. De heer VAN DER KRABBEN: Ik zou bijna willen zeggen: kent u de datum wanneer ze komen, maar dat is een grapje. Dit was bij mij niet bekend mijnheer Ploegmakers. Dan even samenvattend, als ik kijk, net is heel even gesproken over de binnenstad. Compliment dat u eigenlijk de hele feestverlichting van de binnenstad, een bedrag van meer dan € 1 miljoen, dat we dat als gemeente ineens gaan doen.

Laten we hopen dat dat ook snel gerealiseerd zou kunnen worden, want de laatste decembermaand was het eigenlijk een beetje lachen met de versiering die er hing. Sommige deden het wel en sommige deden het niet. Afrondend, wij kunnen ons vinden in de hoofdlijn van de voorjaarsnota die op tafel ligt, ook ten aanzien van de jaarrekening, een goede € 4 miljoen is er over maar die krijgt een bestemming. En samenvattend, terugkijkend naar drieënhalf jaar hoofdlijnen wat het bestuursakkoord aangaf, daar zijn wij tevreden mee. Daar wil ik het bij laten. De VOORZITTER: Dames en heren, het is 22.25 uur en we hebben nog vier partijen die aan snee zijn voor de eerste termijn. Vier keer zes minuten, dan zitten we op een halfuur en dan is het 23.00 uur. Dus mijn voorstel is om morgen door te gaan na het eerste betoog van alle partijen. Dan gaan we morgen door met de reflectie van het college, want ik hoor ook nog een aantal partijen zeggen dat ze nog een tweede termijn hebben voor de behandeling voor de volgende keer. Dat betekent morgen. Dan ben ik zelf niet aanwezig want ik kan echt niet, maar dan is het morgen gewoon terugkomen. De heer ROOVERS: Als het de wens van de raad is dan doen we dat. Het wordt voor mijn fractie wel heel ingewikkeld om dan iemand af te vaardigen, dus het heeft de voorkeur van mijn fractie om het vanavond af te maken.

De VOORZITTER: Maar dat betekent, want ik zeg al: vier partijen en nog het college en nog een tweede termijn, dan is het… (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Ook geen tweede termijn, want dat kan bijna niet. .. maar ik hoor een aantal partijen zeggen: ik heb nog een tweede termijn voor vanavond, dus vandaar. Mijn voorstel is om de eerste termijn af te maken van de sprekers van alle partijen en daarna schorsen tot morgenavond 19.00 uur. Reflectie college en de tweede termijn van de raad. Is dat akkoord? 38

Mevrouw HENDRICKX: Waarom stoppen we dan niet gewoon na de bijdrage van de PvdA. De VOORZITTER: Omdat ik wel vind dat alle partijen hun eerste termijn moeten kunnen afmaken. Het zijn nog drie partijen. Mevrouw HOEKSTRA: We hebben het geluk allen te leven in de meest prachtige gemeente van het land, een gemeente met alles. Prachtige dorpen met een omgeving vol van groen, rijke historie en een bourgondische binnenstad en de mooiste voetbalclub van hele het land en ik zou zeggen: hop, hop, vrijdag gaan we met penalty's naar de finale. En tussen al dat moois wandelt het allermooiste rond, 160.000 Bosschenaren die onze gemeente rijk is. Over het algemeen niet op de mond gevallen, een beetje koppig en eindeloos trots op hun stad. En terecht, want we hebben hartstikke veel om trots op te zijn. Maar ondertussen leven we in een land en in een wereld waarin politiek Den Haag zich hopeloos vastdraait in meningsverschillen, overal ter wereld de onzekerheid toeneemt en ons land zit totaal klem in een systeem van bestuurders die elkaar liever de maat nemen dan samen te bouwen aan een land van vooruitgang. En er is één groep die daar stelselmatig de rekening voor betaalt, al die mensen die niet de luxe hebben van een goedgevulde spaarrekening of een koophuis dat ieder jaar meer waard wordt. Inwoners die afhankelijk zijn van onderlinge steun en van een overheid die de hand uitsteekt.

De duizenden jongeren en starters op een wachtlijst voor een betaalbare woning, de gezinnen in al onze Bossche wijken en dorpen in de armoede, de huurders in een schimmelwoning met ook een veel te hoge energierekening en die afhankelijk zijn van corporaties voor maatregelen. En terwijl we landelijk laten zien wat politiek niet zou moeten zijn en wie daarvan in de samenleving de rekening betaalt, blijven wij in Den Bosch niet stilzitten. Hier stappen we met partijen met verschil van heel andere achtergrond over onze schaduw heen en lukt het ons, ondanks dat er geen enkele beweging in de stikstofaanpak zit van dit kabinet, wel om door te gaan met onze bouwopgave en 70% betaalbare huizen te realiseren. Samenwerking, elkaar niet de maat nemen maar elkaar vinden in de weg voorwaarts. En daarmee lukt het hier wel om niet te blijven hangen in verkrampende ideologische tegenstellingen, maar door de weg uit te stippelen naar een klimaatneutraal Den Bosch in 2045. Om de toekomst van onze kinderen te dienen en de portemonnee van hun ouders. Omdat een woning zonder vocht, tocht en kou ook een woning is met een veel lagere energierekening. De heer VAN HATTEM: Ik hoor mevrouw Hoekstra de resultaten opsommen van de afgelopen jaren PvdA-beleid in deze gemeente, dus mensen in een schimmelwoning et cetera die er nog steeds in zitten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15615428/1