Notulen raadsvergadering 2024-11-13
Tekst van het document
VERGADERING VAN DE GEMEENTERAAD VAN 's-HERTOGENBOSCH OP 13 NOVEMBER 2024 AANVANG 14.00 UUR
voorzitter:
drs. J.M.L.N. Mikkers
Griffier:
drs. W.G. Amesz
Leden aanwezig:
drs. E.M.M.P. Altenburg-Collin, B. El Amraoui, H.B. Bos, J. Broekmeulen, O. Çifçi, mw. M. Claessen (vanaf 19.00 uur), mw. M. Craste bc, J.J.E.L. van Creij, mw. mr. Y. Doğan (vanaf 14.20 uur), F.G.F. van Genugten, J.J.M. Gersjes, mw. W. de Groot MSc, F.J. van Haren, A.W.J.A. van Hattem LLB, mw. drs. J. Hendrickx, mw. A. Hernández (vanaf 14.10 uur), W.B.G. Hoeben, J.A.B. Huibers, drs. P.E. Kagie, mw. R.F. van der Kallen-van der Donk, drs. R.M.J. van den Kerkhof, mw. M.A.J.T. Korver-van Weegberg, J. Kouwenberg, P.M. van der Krabben, mw. mr. drs. R. Lipman, H.J.M. Mees, mw. ir. V.P.T. Muller-Laumans, M.C.J.M. Ploegmakers, M.G.H. van Rens, B.F.C. Roovers, mw. E. Samshuijzen, A.C. van Silfhout, drs. ing. G.M.M. Verbruggen (vanaf 17.00 uur), mw. N.R. Verreijt, mw. C.K.J. Visscher, K.M. Vossen en mw. J.P.M. Welten-van Doremalen
Tevens aanwezig de wethouders:
Afwezig:
ing. R.A.P. Geers, R.J.J. Geers, M.J.J. van der Geld MSc, P. Slikker, mw. mr. M.A.B. van der Sloot en H.M.M. Vermin mw. mr. drs. N.M.C Huijbrechts RO CIA, mr. F. Kabbouti en mw. drs. E.W.M. van Opdorp
1.
Vragenhalfuurtje
2.
Vaststellen agenda van de raadsvergadering
3.
Goedkeuring notulen van de openbare raadsvergadering van de gemeenteraad van 8 oktober 2024
4.
Ingekomen stukken en mededelingen
5.
Ontheffing woonplaatsvereiste wethouder
6.
Conceptbegroting 2025
7.
Belastingvoorstellen 2025
8.
Installatie nieuwbenoemd lid van de gemeenteraad
MOTIE VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG – BESPROKEN IN COMMISSIES 9.
Motie Vreemd Verkeersveiligheid rondom KC Het Stadshart
De VOORZITTER: Dames en heren, ik verzoek u allen plaats te nemen. Iedereen van harte welkom en voor we de vergadering starten, verzoek ik eerst om een moment van stilte. Stilte De VOORZITTER: Dank u wel. Iedereen van harte welkom, van harte welkom alle raadsleden,
1
de mensen op de publieke tribune, de pers en de mensen thuis. We hebben bericht van verhindering van mevrouw Huijbrechts, mevrouw Van Opdorp en de heer Kabbouti. De heer Verbruggen komt later, om ongeveer 17.00 uur en ook mevrouw Doğan komt later. Ik stel vast dat de heer Van Hattem en mevrouw Hernández ook later zijn. Ja, ik stel vast, dat is het enige wat ik kan doen. Mevrouw Claessen wordt vanavond na het diner geïnstalleerd als raadslid, op het moment dat ze binnenkomt, dan kunnen we zorgen dat zij om 19.00 wordt geïnstalleerd en dan kan ze in ieder geval stemmen. 1.
Vragenhalfuurtje De VOORZITTER: Er zijn geen aanmeldingen voor het vragenhalfuurtje.
2.
Vaststellen agenda van de raadsvergadering
De VOORZITTER: Ik ga naar de vaststelling van de agenda van de raadsvergadering, we hebben een overzichtelijke agenda. Het presidium heeft aangegeven de moties allemaal bij de begroting te willen behandelen en er kwam een verzoek van de indiener van de motie over het Stadshart om die als motie vreemd aan de orde van de dag te behandelen en daar wil ik wel mee instemmen. Dat betekent dat we na de hele vergadering over de begroting het Stadshart krijgen. De heer Vossen. De heer VOSSEN: Dank u wel voorzitter. Ik vind dit wel redelijk problematisch omdat we meerdere moties erbuiten kunnen zetten. We hebben het ook over bijvoorbeeld het Armoedebeleid, het is ook in de begrotingsbehandeling besproken en volgens mij is de gewoonte om het dan ook bij de begroting te bespreken. De VOORZITTER: De indiener heeft een verzoek ingediend op basis van de discussie in de commissie en dan kan het gewoon als een motie vreemd aan de orde van de dag worden behandeld en als dat het verzoek van de indiener is dan stel ik voor om het zo te behandelen. Gaat verder iedereen akkoord met de agenda? U hebt het spoorboekje, ik zal dat straks uitleggen zodat iedereen op de hoogte is van hoe we het vandaag gaan doen. De agenda wordt vastgesteld. 3.
Goedkeuring notulen van de openbare raadsvergadering van de gemeenteraad van 8 oktober 2024
De notulen worden ongewijzigd vastgesteld. 4.
Ingekomen stukken en mededelingen De VOORZITTER: Hier waren geen bijzonderheden bij, dank.
5.
Ontheffing woonplaatsvereiste wethouder
De VOORZITTER: Ik stel voor om dit agendapunt een hamerstuk te laten zijn of er moet behoefte aan een stemverklaring zijn. Twee stemverklaringen. De heer Van Hattem. De heer VAN HATTEM: Welk agendapunt is dit? De VOORZITTER: Agendapunt 5, de ontheffing van het woonplaatsvereiste. De heer VAN HATTEM: Daar wil ik wel iets over zeggen. De VOORZITTER: Als stemverklaring? De heer VAN HATTEM: Nee, als bijdrage. De VOORZITTER: Dan gaan wij dat gewoon als bijdrage behandelen en dan beginnen we daar direct mee. Wie voor de eerste termijn? Ik begrijp alleen de heer Van Hattem voor de eerste termijn en de heer Hoeben. Het mag gewoon vanaf de plek. De heer Van Hattem.
2
De heer VAN HATTEM: Ja dank voorzitter. Ik mag de heer Vermin als persoon graag, maar ik vind in principe dat een wethouder in een gemeente moet gaan wonen, daar in ieder geval inspanning voor moet leveren en de vanzelfsprekendheid waarmee nu voor het tweede jaar op rij een ontheffing wordt verleend, vind ik toch wel problematisch. Ik begrijp dat iemand nog niet direct in het eerste jaar een woning heeft kunnen vinden, maar als ook de intentie er niet is om een woning in onze gemeente te zoeken dan vind ik het niet gepast om dit aan de raad voor te leggen. Er is landelijk ook een discussie geweest over dat je met dergelijke maatregelen een soort reizend circus van beroepsbestuurders krijgt die van gemeente naar gemeente trekken om het wethouderschap in te vullen en dat lijkt me niet wenselijk. Het woonplaatsvereiste lijkt me een goed beginsel en daarom de vraag aan de wethouder of hij überhaupt bereid is om zich in deze gemeente te vestigen, om zich in ieder geval in te spannen om hier een woning te vinden. Wat zegt dit over zijn persoonlijke binding met de gemeente waar hij toch met bepaalde maatregelen instemt zonder zelf de lasten en soms ook de lusten van te kunnen ervaren? Daar krijg ik graag wel een reactie op. Ik vind het een belangrijk issue om toch even bij stil te staan, dat het geen vanzelfsprekendheid moet zijn dat de wethouder niet in de gemeente woont.
De heer HOEBEN: Ik sluit me daar helemaal bij aan en ik wil daaraan toevoegen dat we het jammer vinden te moeten constateren dat normaal gesproken de verliefdheid op de stad Den Bosch binnen een jaar wel is geregeld en we constateren dat de heer Vermin iets meer tijd nodig heeft. We gaan ervan uit dat het goed komt, maar we horen graag zijn antwoord. Wethouder VERMIN: Ik kan er eigenlijk heel goed inkomen in wat de heer Van Hattem zegt en ik huldig ook zelf graag het principe dat een bestuurder woont in de gemeente waar hij bestuurt, maar het was ook voor mij een onverwachte samenloop van omstandigheden en dat geldt ook voor mijn echtgenote en mijn gezin. De verliefdheid zoals de heer Hoeben en Dtv het noemden, 'zijn hart nog niet volledig verloren', er is zeker sprake van een ontluikende liefde, maar het heeft soms wat tijd nodig. Ik ben niet zo'n hele snelle in-het-huwelijksbootje-stapper, dat zult u me moeten vergeven en ik hoop dat dit kan. Ik denk dat ik mijn best doe om de binding met de stad te laten zien om te ervaren wat er speelt en wat ons beleid betekent, maar dit heeft nog even tijd nodig. De heer VAN HATTEM: Het heeft even tijd nodig, maar het gaat erom of de wethouder echt de intentie heeft om zich hier te vestigen en misschien ook voor langere duur.
Misschien wil hij na 2026 ook nog wethouder zijn, dat is natuurlijk afhankelijk van de verkiezingen en wat mij betreft hoeft het niet, maar als hij die intentie heeft dan lijkt het me wel wenselijk dat hij ook in die richting kijkt. Als wij hier voor een jaar of twee jaar een ontheffing verlenen, is dat heel anders dan als iemand echt voor de langere duur aan deze stad gebonden wil zijn, hier wil wonen en zich ook alle zaken die wij hier als gemeenteraad en als college besluiten wil laten welgevallen of dat iemand als een passant voorbijkomt en wellicht na de komende raadsverkiezingen weer weg is. Ik krijg hier toch nog graag een reflectie van de wethouder op. Wethouder VERMIN: Ik dacht in uw bijdrage bijna een stemadvies te horen, maar helaas zwakte u dat op het laatste moment af. Wat mij betreft kijken we daar afhankelijk van de verkiezingsuitslag in 2026 even goed naar, dan is wat mij betreft de weg voor allerlei opties open. De heer VAN SILFHOUT (stemverklaring): In 2024 was Volt de enige fractie die tegen de ontheffing stemde en dat zullen we dit jaar weer doen omdat wij principieel vinden dat een wethouder in de gemeente moet wonen. We willen daarbij wel zeggen dat we de motivatie waarmee de heer Vermin hier aan het werk is gegaan en hoe goed hij zijn werk nu doet, waarderen.
Het is niets persoonlijks tegen de heer Vermin, maar een principepunt en daar blijven we achter staan. De heer VAN HATTEM (stemverklaring): Ik sluit me daarbij aan. Ik heb geen echte keiharde intentie van de wethouder om zich hier te vestigen gehoord en ik zie me toch genoodzaakt om deze ontheffing nu niet te verlenen en ik zal tegen het voorstel stemmen. Mevrouw VISSCHER: Wij hebben de vorige keer ingestemd omdat de omstandigheden bijzonder waren, omdat de wethouder later kwam, en dat zullen we deze keer ook doen, maar u maakt het ons wel een beetje moeilijk met dit soort uitspraken en dit is wat ons betreft wel de laatste keer. De heer HOEBEN: Ik zal het kort houden. Ik sluit me aan bij de woorden van Volt, goed omschreven. 3
Het voorstel Ontheffing woonplaatsvereiste wethouder is door de gemeenteraad aangenomen. De leden van de fracties van De Bossche Groenen (mw. Claessen, mw. Hendrickx, Hoeben), Leefbaar 's-Hertogenbosch (Kagie, Mees), PVV (Van Hattem) en Volt (Van Silfhout) hebben tegen gestemd. 6.
Conceptbegroting 2025
De VOORZITTER: Dan ga ik over naar de conceptbegroting 2025, een lijvig stuk met veel waardering voor het werk dat u als raad met vier lange commissies in de voorbereiding hebt gedaan en ook van voor de moties en amendementen die zijn ingediend. We hebben eerst een eerste termijn voor de fracties en dat betekent dat iedere fractie zes minuten zuivere spreektijd achter het spreekgestoelte krijgt, dat doen we alternerend, beginnend bij de grootste oppositiepartij, coalitie et cetera, om en om. Zes minuten exclusief interrupties en we kijken hoever we komen. Ik wil rond 15.30 uur… Mag ik zeggen wat er dan is? Een snack, een appelflapsnack begreep ik, zoiets. Als eerste is het woord aan mevrouw Hendrickx en even voor de helderheid, iedereen mag een interruptie plaatsen, dat was de vorige keer bij sommigen wat onduidelijk. We starten met mevrouw Hendrickx, mevrouw Hendrickx, aan u het woord. Mevrouw HENDRICKX: Dank u wel voorzitter. Voor ons ligt de conceptbegroting 2025 en we kunnen de keuzes die hierin voor onze stad worden gemaakt helaas niet allemaal steunen. Het blijft een politieke afweging waar het geld naartoe gaat en waar liggen de prioriteiten? Wat ons betreft liggen die bij onze inwoners, eerst de stad op orde en als er daarna geld overblijft kan dat naar de leuke dingen voor onze stad.
Ons prioriteitenlijstje mag bij deze raad en in dit college bekend zijn, maar we noemen ze nog even kort. Het snel oplossen van de woningnood voor onze eigen inwoners. Wat ons betreft moet de focus liggen op betaalbaar wonen want hoe houden we de stad bewoonbaar voor de mensen met een normale tot een smalle beurs? Daarom vinden wij dat de gemeente al dan niet met de woningbouwcorporaties samen betaalbare huizen moet ontwikkelen, woningen waarin projectontwikkelaars helaas niet zijn geïnteresseerd. Als ik kijk naar de motie Brainport dan maken we ons zorgen, de druk op onze schaarse voorzieningen zal hierdoor alleen maar toenemen, meer mensen erbij betekent meer huisartsen, tandartsen, woningen, sportvoorzieningen, scholen en meer auto's op het toch al te drukke wegennet binnen en buiten de stad. Met inbreiden en groeien komt de leefbaarheid onder druk te staan en het is de vraag wat de winst hiervan voor onze eigen inwoners is, wij staan immers op dit moment bovenaan alle lijstjes. De heer VAN CREIJ: Even richting mevrouw Hendrickx. Wilt u dan eigenlijk een soort hek om de gemeente heen zetten? Ik hoor u nu allemaal dingen noemen die u niet wilt, maar we zitten nu eenmaal in Brabant en in Nederland.
Hoe wilt u dat realiseren? Mevrouw HENDRICKX: Straks komt de motie Brainport op tafel en ik lees daarin dat wij als raad een soort propositievoorstel maken, een soort verkoopboek over hoe we als Den Bosch Brainport het beste kunnen verkopen. Dan ga je actief op zoek naar bedrijven die naar Den Bosch komen en dat zijn keuzes waaruit veel zaken voortkomen, zoals meer inwoners, schaarse woningen en schaarse voorzieningen. Je kunt met beleid ook heel nadrukkelijk sturen en wij willen sturen op voorzieningen voor onze eigen inwoners zodat de stad leefbaar blijft en niet nu alvast stevig inzetten op groei terwijl we op dit moment onze eigen inwoners al voldoende aanbod kunnen bieden. Denk daar en slim over na en zie niet alleen de kansen, maar ook de bedreigingen die dit met zich meebrengt. Dat punt hebben we hier overigens al vaker gemaakt. De heer VAN DER KRABBEN: Als ik mevrouw Hendrickx hoor en ik als bedrijf door Den Bosch zou zijn benaderd om hiernaartoe te komen, dan zou ik 'nee' zeggen omdat ze mij eigenlijk niet in de stad willen ontvangen. Mevrouw HENDRICKX: Ik vind dat heel belangrijk. Als je op dit moment kijkt naar de wachtlijsten voor een huis, bij mij in de straat wonen alleen maar mensen uit andere steden en er komen ook alleen maar mensen uit andere steden en dat komt omdat er schaarste is en dat drijft de prijs op, dat moet u als Bosch Belang toch ook aanspreken.
Op het moment dat er nog meer mensen komen, zullen onze eigen inwoners, mensen met een smallere beurs en minder mogelijkheden, mogelijk in de knel komen, nog los van dat de voorzieningen ontoereikend zullen zijn.
4
De heer VAN DER KRABBEN: Bosch Belang heeft er meer dan honderd jaar voor gezorgd dat de stad heeft kunnen groeien, met haar inwoners en alle zorgen die erbij horen en dat wil ze zo houden. Mevrouw HENDRICKX: Dat verbaast me dan toch van een partij als Bosch Belang. Ik heb uw verkiezingsprogramma ook gelezen en u zegt 'Bosch belang, het belang van onze eigen inwoners' en dan moet u toch ook het probleem zien dat wij hier aansnijden. Het is niet iets wat we zelf bedenken, maar iets wat momenteel op heel veel plekken speelt. Hoe kijkt u daartegen aan vanuit uw Bosch Belangportefeuille? De heer VAN DER KRABBEN: Wat u zegt is juist, wij hebben altijd voor deze mensen gepleit, maar als je ziet wat er op dit moment wordt gebouwd en wat de mogelijkheden zijn dan moet je op een bepaald moment schipperen. Als wij mensen nodig hebben die hier politieagent willen zijn of onderwijs willen doen en we die in Den Bosch niet hebben dan moeten mensen van buiten Den Bosch ook in Den Bosch kunnen wonen en dat moet je afwegen met elkaar. Wij delen de zorg over de woningnood, maar wij willen niet dat de stad op slot gaat, niet voor bewoners en ook niet voor bedrijven. Mevrouw HENDRICKX: Het is niet zwart of wit en ik zal er straks in mijn bijdrage iets over zeggen.
Wij hebben een aantal voorstellen over wat wij zullen doen om een deel van die schaarste op te lossen en de problematiek die er op dit moment op de woningmarkt is het hoofd te kunnen bieden, maar we moeten onze ogen niet sluiten voor de consequenties van zo'n beleidskeuze. Het is fantastisch om die bedrijven hiernaartoe te halen, maar daar zit ook veel problematiek achter en daar moet je je ogen niet voor sluiten. Dat heeft consequenties, mogelijk komt de kwaliteit van leven voor onze inwoners onder druk te staan, dat is een keuze en wij zeggen: eerst de zaak op orde en dan kiezen voor groei. De heer GERSJES: Ik snap wat u zegt mevrouw Hendrickx, maar volgens mij maakt u zich onnodig zorgen want er zijn geen regelingen dat als anderen vanuit bedrijven in de stad komen, zij direct voorrang krijgen, deze mensen moeten ook gewoon achteraan de wachtlijst aansluiten als ze eventueel voor een woning in aanmerking willen komen, Mevrouw HENDRICKX: Ik vind het heel belangrijk om op korte termijn over dit onderwerp te spreken want de vragen die hier opkomen verrassend mij een beetje. Als je kijkt naar de regio Brainport dan zie je direct wat daar achteraan komt, heel Veldhoven wordt bewoond door ASML, door expats, kenniswerkers. Dat is een keuze en dat komt doordat Eindhoven daarop inzet.
Eindhoven zegt nu naar Den Bosch te kijken omdat Den Bosch voor heel veel mensen een erg interessante stad is en dat betekent er zaken op ons afkomen en daar moet je heel goed over nadenken, zeker op het moment dat we in de top 5 van alle lijstjes staan. Is dat iets waar je als stad op wilt inzetten want mogelijk gaat de kwaliteit van leven er wel op achteruit, dat moet je beseffen. De heer GERSJES: Ik hoorde geen antwoord op mijn vraag. Ik vroeg of het impact heeft op ons huidige woningbestand, op de wachtlijsten, en of er regelingen zijn waardoor zij eventueel eerder een huis hebben. Volgens mij is dat niet aan de orde, kunt u dat bevestigen? Mevrouw HENDRICKX: Ik kan me niet anders voorstellen dan dat een bedrijf als ASML zich wel degelijk in de huizenmarkt zal mengen. Veel van onze woningen in de binnenstad worden al door expats bewoond. Die zal daar actief acquisitie op plegen, dat gebeurt ook in andere gemeenten, en dat zal verdringing op onze huizenmarkt veroorzaken. Op het moment dat een bedrijf zich hier vestigt, komen daar allerlei bewegingen achteraan en dat betekent dat de nu al schaarse woningen nog schaarser worden en dat zal de prijs opdrijven. Dat heeft uiteindelijk consequenties voor mensen die in Den Bosch wonen, die hier nu een woning zoeken en hun kinderen hier ook willen laten wonen, dat wordt gewoon lastiger. Dat is wat ik zeg.
De heer VAN HATTEM: Ik kan een heel eind in de analyse van mevrouw Hendrickx van De Bossche Groenen meegaan, maar in de motie wordt gevraagd om een analyse van die effecten te maken en daarom sta ik zelf ook een beetje in dubio want aan de ene kant vrees ik voor wat er kan gebeuren als je er vol in gaat en je alles hiernaartoe haalt, maar aan de andere kant vind ik die analyse ook belangrijk. Hoe kijkt u tegen dat tweede punt van het dictum van de motie aan?
5
Mevrouw HENDRICKX: Wij hebben al een aantal keren het voorstel gedaan om een analyse te maken, ook bij het hele voorstel dat we anderhalf jaar geleden hadden, 'Moerasdraak slaat zijn vleugels uit', een heel ambitieus beleidsdocument dat nooit in deze gemeenteraad is besproken, maar dat wel van groei uitgaat. De wethouder wil richting 200.000 woningen, hebben wij daar ooit een gesprek over gehad? Nee, dus ik kan het tweede punt van het dictum absoluut volgen, maar het eerste punt van het dictum, daar zal ik straks iets over zeggen, gaat wat ons betreft snel. Dat propositievoorstel gaat ons te snel komen, dat komt te vroeg. Ik lees dat als 'laten we onze stad in de etalage zetten' en daar willen wij niet voor kiezen, wij willen eerst naar de consequenties kijken: wat betekent dat voor de kwaliteit van leven zoals we die nu kennen. Kunnen we als stad naar 250.000 inwoners groeien en welk voorzieningenniveau is daarvoor nodig? We willen straks niet allemaal boze burgers hebben, we willen blije inwoners hebben. De heer ALTENBURG-COLLIN: U vindt het nu te vroeg om een propositie te maken. Wanneer is volgens u wel het juiste moment? Mevrouw HENDRICKX: Wat mij betreft blijft het tweede punt van het dictum overeind.
Ik kan me herinneren dat we een aantal maanden geleden samen met de PvdA een voorstel op tafel hebben gelegd en ik wacht eigenlijk op dat voorstel over het voorzieningenniveau en over of we als stad extra inwoners aankunnen. Ik wil eerst bespreken wat dit betekent en vervolgens kijken of wij de stap richting Brainport kunnen maken en of wij überhaupt extra bedrijven naar deze stad kunnen halen. We moeten het omdraaien, dat zou mijn voorstel zijn, eerst praten over kansen en bedreigingen en de consequenties daarvan en vervolgens kijken naar of wij die acquisitie kunnen dragen. De heer EL AMRAOUI: De Bossche Groenen heeft het over allerlei bedrijven en allerlei zaken naar Den Bosch halen. Kan de conclusie van de propositie ook zijn dat wij een Brainport heel veel hebben te bieden en dat de datastad die we hier opbouwen heel goed aansluit op wat ze daar doen, dat we juist kennis en kunde leveren in plaats van dat binnen te halen? Mevrouw HENDRICKX: Dat lees ik ook precies in het voorstel, ik lees dat we naar de onderwijsinstellingen willen kijken en dat vind ik allemaal hartstikke mooi, maar ik weet wat de gemiddelde wachttijd voor een student in onze stad op dit moment is. Dat moet u toch ook aanspreken, u weet ook hoeveel studenten op dit moment een betaalbare kamer zoeken, die hebben we niet.
Ik vind dat we eerst moeten kijken naar of wij die groei kunnen handelen en wat dit betekent voor studenten, bedrijven en alles wat er achteraan komt voordat wij de boer opgaan en we de kansen die u ziet direct inboeken want bij die kansen zitten ook bedreigingen. De heer EL AMRAOUI: Volgens mij gaan we dan een overzicht van die kansen en bedreigingen maken zodat we een weloverwogen keuze kunnen maken en allerlei ontwikkelingen die plaatsvinden ons niet zomaar overvallen. Mevrouw Hendrickx begint direct over allerlei studenten die geen kamer kunnen krijgen, maar mijn directe vraag was: als we die analyse eenmaal hebben gemaakt, kan de conclusie uit zo'n propositie dan ook zijn dat we juist gaan leveren in plaats van heel veel uit Eindhoven te krijgen, is dat misschien een mogelijke conclusie of hebben we als Den Bosch Eindhoven niet zoveel te bieden? Mevrouw HENDRICKX: Ik denk dat wij heel veel te bieden hebben, ASML kijkt niet voor niets naar Den Bosch. Wij zijn natuurlijk een hele interessante mooie stad, we staan in alle top 5-lijstjes, we hebben een fantastische kwaliteit van leven, we hebben een mooie binnenstad, we hebben een mooi groen park, dat is fantastisch. Ik zeg alleen dat je moet oppassen dat je straks niet in de vlucht naar voren al die mooie zaken die we nu voor onze inwoners voor elkaar hebben kwijtraakt omdat er zo ontzettend veel mensen naar de stad komen.
Dat heeft consequenties en dan zeg ik ook in de richting van de VVD, en ik hoop dat u zich daarin kan vinden: laten we eerst met de benen op tafel kijken wat dit betekent en of dit wel of niet is te dragen. De heer EL AMRAOUI: Wat mevrouw Hendrickx zegt is precies de intentie en de tekst van de motie, namelijk eerst die propositie uitwerken, hoe kunnen we een win-winsituatie creëren waarbij we niet de negatieve zaken maar vooral het positieve binnenhalen en ook kijken naar het mogelijke effect op de leefomgeving en de samenleving in den brede. Het lijkt erop dat u het volledig met de motie eens bent, maar toch hoor ik hier een heel afkeurend betoog, hoe zit dat?
6
Mevrouw HENDRICKX: Volgens mij is het geen afkeurend betoog, dan luistert u niet goed. Hebt u wel eens van camel's nose gehoord? U pakt één ding beet en voordat u het weet, komt daar een heleboel achteraan waarvoor je niet hebt gekozen. Ik zeg alleen dat ik zie dat wij in Den Bosch kansen hebben en een propositievoorstel zoals ik dat ken, maar ik kijk even rond, is een verkoopverhaal, een propositie, een voorstel over iets wat je gaat doen en ik wil beginnen met punt 2 van het dictum. Ik moet u als raadslid ook aanspreken, laten we eerst eens kijken of we dat allemaal kunnen en wat de consequenties zijn en vervolgens kijken of we het wel of niet doen en niet andersom. De motie Brainport, ik ben blij dat dit iets bij u losmaakt, het was een onbelangrijke motie. Meer mensen erbij betekent meer voorzieningen, scholen en dergelijke en met inbreiden en groei komt de leefbaarheid onder druk en het is de vraag wat dit winst voor onze inwoners is. Omwille van die leefbaarheid moeten we wat ons betreft niet alleen inzetten op meer woningen binnen de stad, maar moeten we woningen combineren met bouwen buiten de stad. De woningen combineren met natuurontwikkeling in de raaigraswoestijn tussen Nuland en Vinkel en door het saneren van grote varkenshouderijen komt stikstofruimte vrij die we kunnen inzetten voor het bouwen van woningen.
Richt je hierbij op een nieuw buurtschap in plaats van steeds een straatje erbij. De heer VAN DEN KERKHOF: Ik blijf me er toch wel over verbazen dat een groene partij als De Bossche Groenen ervoor pleit om groen op te offeren voor stenen. Waar in het buitengebied stelt u zich dit buurtschap voor, op welke plek exact, en waarom kiest u voor die plek? Mevrouw HENDRICKX: Op dit moment zitten daar veel varkensstallen die als gevolg van de stikstofproblematiek op termijn moeten stoppen en dat biedt kansen voor een nieuw buurtschap zoals wij dat noemen, een nieuw dorp met een aantakking op de A59 waardoor je de binnenstad wat ontlast. Als ik kijk naar de in onze stad geplande inbreidingsplannen dan denk ik dat het op sommige plekken erg druk wordt en dan is de vraag of we daarmee kunnen doorgaan of dat we door het bouwen op die locatie in combinatie met natuurontwikkeling een win-winsituatie kunnen creëren. Nu zit er op het raaigras nog geen pier in de grond, dat is ecologisch nul. De heer VAN DEN KERKHOF: Volgens mij zijn we het erover eens dat dit gebied kansen voor natuurontwikkeling biedt, dat vooropgesteld, maar het ligt ook pal naast Heesch West en volgens mij wenst De Bossche Groenen dit niet als een toekomstige woonlocatie.
Mevrouw HENDRICKX: Ja, dat wensen wij wel D66, wij zien dat als een uitstekende locatie om een nieuw buurtschap te bouwen, het is aan de andere kant van de A59 en wij zien daar uitstekende kansen. Overigens hebben we ook een voorstel gedaan om bij Heesch West een mooi dorp in plaats van een bedrijventerrein te bouwen, ook dat leek ons een fantastische locatie. De heer VAN DEN KERKHOF: Tot slot want we hebben straks ook nog een voorstel over Nulandia en Be Quick, om daar op termijn wellicht ook woningbouw te plegen. Is mevrouw Hendrickx het met mij eens dat dit veel meer vraagt om een integrale afweging, bijvoorbeeld bij de Omgevingsvisie die we in 2025 behandelen dan dat we nu lukraak plekken in het buitengebied aanwijzen waar mogelijk buurtschappen kunnen komen? Mevrouw HENDRICKX: We hebben dit voorstel al twee keer eerder gedaan, we hebben het eigenlijk afgestoft en het opnieuw op tafel gelegd omdat wij het een erg belangrijk punt vinden.
Wij willen niet worden weggezet als de partij die niet wil bouwen want dat willen wij wel, we hebben ook de indruk dat u soms denkt dat wij niets willen en het lijkt ons daarom heel goed om aan te geven waar volgens onze partij wel kansen liggen en die zien wij aan de andere kant van Heesch West, en overigens ook op Heesch West, omdat deze locatie op dit moment ecologisch totaal geen meerwaarde heeft, daar op termijn varkenshouderijen vrijkomen, we daar stikstofrechten kunnen opkopen en we er een nieuwe buurtgemeenschap kunnen bouwen. Ik denk dat dit een vorm van wonen is die heel veel mensen prettig vinden. Ook in de richting van het CDA, dat zal wellicht een gemeenschapszindorp worden. De heer VAN CREIJ: Ik haak een beetje aan bij wat D66 vroeg. Ik ken De Bossche Groenen als een partij die burgerparticipatie hoog in het vaandel heeft en nu ploft u dit eigenlijk neer zonder dat u de burgers daarover hebt geraadpleegd. Dan sluit ik me aan bij de opmerking over de plannen voor de Omgevingsvisie, waarom trekt u dit niet in en brengt u het in als die met de burgers is besproken want nu is het straks ineens van hé, u wilt iets.
7
Mevrouw HENDRICKX: We hebben de motie al bij het Woondebat ingebracht. Wanneer is het moment daar? Ik zeg straks iets over plannenmakerij, wanneer is het juiste moment? Wij willen graag met u die richting verkennen, het is een verkenning en niets meer dan dat omdat wij zien dat het binnen de stad begint te knellen, de burgers zitten niet altijd op inbreidingsplannen te wachten en het gaat ten koste van de schaarse groene ruimte die we nu nog hebben. Dan zeggen wij 'laten we dan daar buiten iets doen' en heel graag samen met inwoners. Als de wethouder straks tegen mij zegt 'ik vind het eigenlijk wel een mooi plan, maar doe het op een ander moment', dan staan wij daar uiteraard voor open. De heer VAN HATTEM: Ik was het altijd van harte met mevrouw Hendrickx eens dat we het Prins Hendrikpark niet moeten volbouwen en een alternatief voor Heesch West klonk me ook zeer sympathiek in de oren, maar ik zou wat er nu gebeurt zelfs een neokoloniale houding vanuit Den Bosch richting Vinkel willen noemen: plemp daar in het groene gebied maar een nieuwe woonwijk neer want dat is gemakkelijk, daar is lekker ruimte beschikbaar en het stelt ecologisch niets voor.
Het is wel groene ruimte waar nu gewoon boeren zitten die keihard werken om hun boterham te verdienen en die mooie producten leveren, bedrijven die daar een melktap hebben, en er is een varkensbedrijf dat net een nieuwe innovatieve stal bouwt. Daar gebeuren hele mooie dingen en ik vraag aan mevrouw Hendrickx hoe zij erbij komt dat alle mensen die daar nu zitten zomaar aan de kant kunnen worden geschoven. Mevrouw HENDRICKX: Dat is niet wat ik voorstel. Het stadsbestuur wordt natuurlijk wel gevraagd om een stukje visievorming en ideeën en wij proberen met een dergelijke motie mee te denken over het woonprobleem en de huisvestingsvragen die op ons afkomen, maar dat wil niet zeggen dat wij niet vinden dat we samen met boeren die daar nu zitten moeten kijken hoe zij daar tegenaan kijken. Ik kan me voorstellen dat het voor boeren op termijn best interessant is om met hun bedrijf te stoppen, dan bieden wij misschien een mogelijkheid om daar een ander soort bestemming aan te geven. Dat is eigenlijk het doel van deze motie, niet overal een straatje erbij, maar pak nu ergens door op een locatie. We hebben Heesch West genoemd en nu noemen we de weilanden tussen Vinkel en Nuland. Het gaat erom dat het begint te knellen, dat ziet u ook en daar vinden we elkaar heel vaak. Wat dan wel? Dan is dit een suggestie.
Ik lees overigens dat het college een grootschalige nieuwe locatie gaat zoeken en ik ben erg benieuwd naar de uitkomst want er zijn niet zo veel plekken. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik ben het met bijna het hele verhaal van mevrouw Hendrickx eens, dat we echt iets moeten doen met die raaigraswoestijn met nul ecologische waarde, dat we meer natuur nodig hebben en dat we goede uitbreidingslocaties moeten zoeken omdat inbreiding eindig is, maar ik heb vragen over één punt, waarom moet dat in een nieuw buurtschap landen en kunnen we Nuland en Vinkel niet uitbreiden? Men wil daar meer woningen en er staan ook varkensstallen direct tegen Vinkel aan. Daarmee kunnen we juist daar meer gezonde lucht creëren en de kernen daar voorzien van een beter voorzieningenniveau doordat het daar mogelijk wat kan groeien. Ziet u daar mogelijkheden in, in plaats van in een nieuw buurtschap waar ook al die voorzieningen opnieuw moeten landen? Mevrouw HENDRICKX: Waarom kiezen we voor deze locatie? Op deze locatie zit momenteel intensieve veehouderij, iets waarvan u zich afvraagt of dit naar de toekomst toe houdbaar is. Op het moment dat je daar begint met saneren dan koop je stikstofrechten op.
Dat is op dit moment als het gaat om bouwen een van de grootste problemen en daarom zien wij de win-winmogelijkheid, door daar een soort uitruil te doen, maar dat wil niet zeggen dat wij niet openstaan voor uw suggestie. Wij denken dat het daar wel een flinke boost kan krijgen als het gaat om ecologie en aantrekkelijkheid van het buitengebied en we zouden daar een mooie plus op kunnen zetten door dat samen op te laten gaan. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ziet u geen mogelijkheid om dat dictum iets te verruimen of dat ook wordt gekeken naar de ruimte tussen Nuland en Vinkel waar ook uitbreiding mogelijkheid is en waarbij de rest van het dictum in stand blijft? Daarmee kunnen we ook een plus op het voorzieningenniveau in die dorpen doen, dat geeft net iets meer ruimte en dan, ik kijk ook even naar de collega's, pinnen we het net iets minder vast, maar blijft uw doel wel in stand. Ziet u daar de mogelijkheid toe? Mevrouw HENDRICKX: Daar zijn we niet op voorhand tegen mevrouw Samshuijzen.
8
Mevrouw VERREIJT: Ik had ook een vraag over de uitbreiding van Nuland, maar die is deels al beantwoord. U sprak in het vorige stuk ook over de uitbreiding van de Brainport en u zei dat dit druk legt op de voorzieningen en de scholen. Bent u dan niet bang dat een nieuw buurtschap ook een enorme druk oplevert want je hebt nieuwe voorzieningen nodig, althans ik neem aan dat het een buurtschap wordt waar ook een school en een supermarkt komen en waar ook een weg naartoe moet komen. Hoe ziet De Bossche Groenen dat? Mevrouw HENDRICKX: Het staat vast dat er ook bij de onze eigen inwoners nu vraag is, vlak de autonome groei niet uit, de samenleving zal groeien, ook al zet je het op nul, maar dat kan niet want zoals de heer Van Creij ook zegt, kunnen we geen hek om Den Bosch zetten en dat wil ik ook helemaal niet, wij zijn niet een partij van hekken om de stad. Ik vind wel dat je ook moet bouwen voor inwoners die hier graag willen blijven wonen. Daar moet je iets voor doen en dan zien wij meer in het bouwen van een nieuwe buurtgemeenschap dan in overal inbreidingslocaties, de hoogte in, gestapeld bouwen, kleine woningen en veel verloop, waardoor mogelijk de leefbaarheid een probleem wordt. Wij willen graag investeren in een kleine nieuwe gemeenschap waar mensen een bepaalde kwaliteit van leven kunnen krijgen. Wij denken dat daar behoefte aan is.
Als je spreekt met inwoners uit deze stad dan blijkt dat niet iedereen gestapeld in een flatje wil wonen. Mevrouw VERREIJT: U noemt een nieuwe buurtschap omdat dit goed is voor de samenleving, maar eigenlijk creëer je een soort Vinex-buurtschap en volgens mij is algemeen bekend dat het in een Vinex-wijk heel moeilijk is om de sociale cohesie te versterken. Hoe kan een nieuw buurtschap in dit opzicht de sociale cohesie versterken? Mevrouw HENDRICKX: Woningbouwcorporaties, daar weet de heer Slikker ook alles van, kunnen mensen met lokale binding voorrang geven en als je een nieuw buurtschap bouwt, kun je zeggen 'dit ligt heel dicht bij die kern'. Ik weet dat veel jongeren op zoek zijn naar een huis en dat betekent dat de mensen uit die kern voorrang krijgen boven mensen van elders. Zo kun je bouwen aan een buurtgemeenschap. Ik denk dat je met het oog op de toekomst, de groei van de stad en het feit dat steeds meer mensen van buiten naar binnen komen goed moet kijken hoe we die gemeenschapszin vasthouden en hoe we ervoor zorgen dat die binding er is. Kijk naar andere regio's, zoals Eindhoven, daar is het een heel groot probleem, mensen hebben helemaal niets meer met elkaar. Hoe kunnen we dat stimuleren? Wij denken door daar heel gericht keuzes in te maken en die keuzes kun je maken door kwaliteit in plaats van alleen maar kwantiteit toe te voegen.
Mevrouw VERREIJT: Denkt u dat het voldoende is om daar mensen met lokale of economische binding te plaatsen of is daar meer voor nodig? Mevrouw HENDRICKX: Wat bedoelt u precies? Mevrouw VERREIJT: Om daar sociale cohesie te creëren Mevrouw HENDRICKX: Het helpt al enorm als mensen elkaar kennen, dat is altijd een enorm belangrijke bindingsfactor en ik denk dat daarin de kracht zit. Als je mensen in een bepaalde levensfase bij elkaar zet… Ik denk aan de Carolushof die we hebben omgebouwd tot een nieuwe woonwijk, mijn kinderen zijn daar met Halloween geweest en er waren geloof ik 150 kinderen die samen langs de deuren gingen, zo'n gemeenschapszin is daar. Door het type woning dat je ergens neerzet, kun je er ook in randvoorwaardelijke zin, maar ook door het type bouw voor zorgen dat daar wel binding ontstaat. Daar zijn hele goede voorbeelden van in onze gemeente. De heer VAN GENUGTEN: Volgens ons kunnen de dorpen rond Den Bosch ruimschoots voorzien in toekomstige woonruimte en als je dat doet dan groeit een dorp mee, dan krijg je een organische groei, maar u wilt een totaal nieuwe wijk bouwen waar allerlei nieuwe voorzieningen nodig zijn. Ik ken uw partij als een partij die niet in stenen, maar in mensen wil investeren en ik ben benieuwd hoe u daarop reageert.
De tweede vraag aan u is: bent u bekend met de ideeën van de mensen in Vinkel zelf? Er ligt een ontwikkelvisie van de dorpsraad waarvan u geen kennis lijkt te hebben. Mevrouw HENDRICKX: U doet weer een beetje kribbig en dat mag, maar volgens mij heb ik in de richting van een collega van u net aangegeven dat dit wat ons betreft niet alle problematiek oplost. Wij gaan ontzettend veel gestapeld bouwen en dat vind ik een zorgpunt omdat niet iedereen in onze 9
gemeenschap gestapeld wil wonen. Ik denk dat je qua diversiteit in bouwlocaties ook een locatie als voor een nieuw buurtschap kunt gebruiken omdat dit in kwalitatieve zin iets anders toevoegt. Ik weet dat het CDA ook zoekende is naar hoe we de gemeenschapszin overeind kunnen houden en dat wordt met alleen maar gestapeld bouwen best een uitdaging als het kleine woningen met veel verloop zijn. Als mensen levensloopbestendig kunnen bouwen, dus voor langere tijd in een gemeenschap kunnen wonen, denk ik dat we een plus voor onze stad kunnen hebben. De heer VAN GENUGTEN: Het CDA heeft bij de behandeling van de Woonvisie een motie over lokale binding ingediend, je kunt mensen met een maatschappelijke functie en lokale mensen voorrang geven. Hoe denkt u dat op deze plek te doen voor verpleegkundigen, leraren en politieagenten met een volle A59 in de richting van Den Bosch, geen ov-voorzieningen die naar de stad leiden, hoe denkt u dan überhaupt deze plek gestalte te kunnen geven? Mevrouw HENDRICKX: Bij planontwikkeling ben je bezig nu iets te creëren en daarvan kun je over tien jaar de vruchten plukken want zolang duurt het voordat je van planontwikkeling tot planuitvoering komt en dat geeft heel veel mogelijkheden om voor te sorteren als het gaat om ov en andere voorzieningen.
Het is evident dat er iets moet gebeuren, met de groei van de stad moeten we überhaupt nadenken over het voorzieningenniveau en of je dat doet in een nieuw buurtschap of met inbreiding, we zullen het gesprek moeten voeren over wat voor stad we in 2050 willen zijn en niet alleen over wat voor stad we in 2030 willen zijn. Daar hebben we het nog heel vaak over. De heer VAN GENUGTEN: De voorzieningen in deze kernen staan op dit moment al onder druk en ook de infrastructuur staat onder druk, ik gaf net het voorbeeld van de A59. Is De Bossche Groenen nu al van plan om versterkende maatregelen voor infrastructuur voor kernen als Nuland en Vinkel te ondersteunen en de voorzieningen op peil te houden? Mevrouw HENDRICKX: Ik denk wel dat je dat nieuwe buurtschap op de A59 moet aantakken en wat er op dit moment in Rosmalen gebeurt, ik kijk naar Rosmalens Belang die al heel lang op een ontsluiting wacht, ik heb het met uw achterban te doen.
Er zal iets moeten gebeuren en daar sluiten we onze ogen niet voor, maar je moet je wel realiseren dat de problematiek van de groei van de stad niet met het aanleggen van een extra weg is opgelost, als iedereen straks in een auto rijdt dan staan we met zijn allen stil en daarop wil ik antwoorden hebben, hoe gaan we dat doen? De heer VAN SILFHOUT: Ik heb de indruk dat we al een aantal stappen verder gaan dan de motie van De Bossche Groenen, die vraagt om een onderzoek en ik hoor heel veel discussie over wat de uitkomst van dit onderzoek zou zijn. Mijn vraag aan De Bossche Groenen is de volgende. Zou het, die hele discussie gehoord hebbende niet juist gewoon nodig zijn om dit onderzoek uit te voeren, of daar nu uitkomt of het nuttig is of niet, zodat we daadwerkelijk dat debat kunnen voeren in plaats van dat debat nu zonder informatie al helemaal te voeren. Mevrouw HENDRICKX: We krijgen vragen en daar geef ik netjes antwoord op.
We hebben al eerder aangegeven dat het de hoogste tijd is, het is bij wijze van spreken al 5 over 12, om de discussie te voeren over wat groei voor de stad betekent, daar zit het college al volop in, willen wij dat als gemeenteraad en zo ja kunnen we dat als stad dragen? Als het antwoord daarop 'nee' is, wat is er voor nodig om dat wel te doen? Je moet op de toekomst voorbereid zijn en het lijkt ons nu een beetje te overkomen doordat we nog veel te veel verkokerd kijken, een woning is een thuis. Nee, een woning is ook: mensen met kinderen, huisartsen, auto's op de weg en noem het allemaal maar op. De heer VOSSEN: Dank u wel mevrouw Hendrickx voor uw bijdrage. U triggerde mij omdat u sprak over te veel appartementen, te veel gestapeld wonen. Wat is voor De Bossche Groenen een goede mix, als we het hebben over de Bossche mix wat zou dan het aantal appartementen in de totaalopgave mogen zijn? Mevrouw HENDRICKX: Er kwam vorige week of de week daarvoor een rapport naar buiten, ook daar weet de wethouder Wonen veel meer van dan ik, waarin ook de flexwoningen ter discussie worden gesteld: pas daarmee op want dat leidt mogelijk tot te veel verloop met alle leefbaarheidsproblemen die daarbij horen.
Ik denk dat we moeten oppassen dat wij straks niet te veel gestapeld gaan bouwen met alle problematiek van dien, te veel verloop, mensen die daar niet lang blijven zitten, eenzijdige opbouw van bewoners. Mensen willen ook op een andere manier wonen dan alleen maar gestapeld en daarom zeggen wij kijkend naar de motie: we zouden ook een ander type 10
woningen voor de inwoners van onze stad moeten creëren, buiten de contouren van onze stad en met natuurontwikkeling want wij denken dat dit een kwalitatieve plus is. De heer VOSSEN: Het rapport waarnaar ze verwijst, gaat over 50% flexwoningen en in Den Bosch bouwen we maximaal 2% flexwoningen, dat is een ander rapport en het is een beetje vreemd om dat hier te vermengen. Nog een keer de vraag wat het aantal gestapelde woningen is dat wel wenselijk is. Als ik naar de cijfers kijk, hebben wij nog niet eens 50% van de woningen. Mevrouw HENDRICKX: Uit het Woonwensenonderzoek blijkt dat veel mensen een eengezinswoning willen en dat niet alle mensen heel graag gestapeld willen wonen. Er zijn signalen en ook kritische eerste rapporten waarin staat dat wij moeten oppassen dat we geen huizen bouwen die niet bij de behoefte van onze inwoners aansluiten. Dat is het enige wat ik hier zeg en u zult iets anders moeten aanbieden dan alleen gestapeld bouwen. De VOORZITTER: Dames en heren, straks de heer Vossen nog en ik zie de heer Van Hattem weer, als we zo met elke motie omgaan en we de inhoudelijke discussie aangaan dan denk ik dat we de rest van de week gaan vergaderen. Ik vind het prima dat er een politiek debat is, daar is ook ruimte voor, maar laten we het houden bij de portee van de moties in plaats van dat we hele inhoudelijke bijna commissieachtige debatten over het traject voeren.
Laten we het bij de hoofdlijnen houden en zorgen dat de motie en het verzoek om iets te verkennen van De Bossche Groenen dat nu is gedaan de centrale vraag is, in plaats van nu al invulling te geven aan… Ik denk dat we anders een lang weekend in de raadzaal hebben. Dat is ook prima, dat maakt mij niet uit, maar dan creëren we wel een andere sfeer. De heer Vossen, de laatste keer. De heer VOSSEN: Fijn dat mevrouw Hendrickx het heeft over bouwen waar behoefte aan is, maar ik lees juist in alle rapporten dat er behoefte is om juist in de stad en niet in dit soort buurtschappen te wonen. Volgens mij hebben we het bij Vinkel al over de Noordoosthoek gehad en zijn er genoeg opties, hoezo is dit een oplossing voor de behoefte die er zou zijn? Mevrouw HENDRICKX: Wat ik net ook zei, en dan val ik een beetje in herhaling, in het Woonwensenbehoefte-onderzoek wordt onder inwoners en mensen die een woning zoeken gepeild aan welk type huizen behoefte is en daaruit blijkt dat heel veel mensen op zoek zijn naar eengezinswoningen. Dat is wat ik constateer en ik zie heel veel projectplannen waarin we heel erg inbreiden, de hoogte in, gestapeld en noem maar op, dat heeft Eindhoven ook gedaan. Ik constateer alleen dat er vaak een mismatch is en dat je moet oppassen dat er geen mismatch tussen vraag en aanbod is.
Al uw vragen leiden eigenlijk maar tot één conclusie en dat is: neem deze motie aan en laten we de verkenning op ons nemen want dat geeft mogelijk antwoord op alle vragen die rondom dit thema leven en laten we snel het goede gesprek hebben over de stad richting 2050 en de kansen en bedreigingen. De heer VAN HATTEM: Ik kan me best vinden in wat mevrouw Hendrickx zegt over dat er bepaalde woonwensen zijn en dat we niet alleen gestapeld hoeven te wonen, er moet ook zeker naar die mogelijkheden worden gekeken, maar wat mij bij deze motie zo tegenstaat is dat wordt gezegd 'het moet hier op deze plek gebeuren' of ieder geval dat dit moet worden verkend. Dan kan ik me, ook gelet op het eerdere betoog, niet aan de indruk onttrekken dat juist voor deze plek is gekozen om enkele boeren dwars te zitten: er zit intensieve veehouderij, daar gaan we gewoon een stokje voor steken en er paal en perk aan stellen door daar met woningbouw te komen. Als je een woonwensenonderzoek wilt doen en je met de wensen van de inwoners van die kernen naar de integrale ontwikkeling van kernen wilt kijken, is dat prima, kijk daarnaar, maar waarom per se op deze plek? Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat dit is om de boeren dwars te zitten.
Waarom dan juist dit thema? Mevrouw HENDRICKX: Wij constateren dat er nogal wat boeren zijn die willen stoppen, daarover hebben we een aantal jaren geleden in de raad gesproken en wij denken dat dit een kans voor boeren is om iets anders te gaan doen en daar een mooie gemeenschap te bouwen. De heer VAN HATTEM: Hebt u hen gevraagd of zij willen stoppen? Mevrouw HENDRICKX: Het is niets meer dan een verkenning, het is voorstel van De Bossche Groenen en daar kunt u voor of tegen stemmen, dat is het mooie van lokale 11
gemeenteraadsvergaderingen. We gaan door, we hadden het over, Vinkel en Nuland, een buurtschap of telkens een straatje erbij. Verder moet ons van het hart dat we geen meter vooruitkomen met het verder autoluw maken en het vergroenen van onze binnenstad, niet alleen de Binnenstadsring maar ook de doorstroomassen staan in de ochtendspits en de avondspits vast. Daarnaast halen we de doelstelling voor meer groen in de stad door enerzijds bomen te planten en anderzijds volwassen bomen te kappen. De afgelopen jaren is fors geïnvesteerd in projecten en gebouwen in onze binnenstad, het erfgoedcluster, het Watermuseum, het Theater aan de Parade, de parkeergarage St.Jan, de stadsbibliotheek, het Herman Moerkerkplein en zo kan ik nog even doorgaan. De Bossche Groenen en een aantal mede-indieners krijgen bij het nieuwe Beheerplan Openbare Ruimte graag inzicht in de totstandkoming van de verdeling van het geld omdat wij vinden dat in de wijken de basis op orde moet zijn. De heer KOUWENBERG: Mevrouw Hendrickx, wij zijn het helemaal eens met uw overwegingen, maar we maken ons wel wat zorgen. We hebben zelf wat moties geparkeerd omdat we bij de discussienotitie die wordt voorgelegd aan zet komen. U spreekt in uw motie over criteria, maar wij willen die criteria in de discussie meegeven in plaats van dat we ze nu al bepaald zien.
Hoe ziet u dat? Mevrouw HENDRICKX: Wij willen met die motie graag inzicht krijgen en we hebben er geen enkel bezwaar tegen om die criteria dan te bespreken, maar we vinden dat er inzage in het budget en de keuzes die worden voorgelegd moet zijn op het moment dat we die discussie voeren: wat valt er voor de raad te kiezen? Dat is eigenlijk het verhaal en aan de andere kant vinden wij het ook heel belangrijk... Wij, en u waarschijnlijk ook, krijgen nogal wat bewoners die zeggen 'wanneer is mijn wijk aan de beurt?', ik denk dat we dat allemaal wel herkennen. Ik denk ook dat het heel goed zou zijn als voor burgers en inwoners inzichtelijk wordt wanneer zij aan de beurt zijn als het gaat om onderhoud in hun wijk of dorp. De heer KOUWENBERG: Dus u wilt niet vooruitlopen op die discussienotitie, u wilt die echt gebruiken om criteria mee te geven en daar het beleid echt aan te passen. Mevrouw HENDRICKX: Ja, het is een stukje inzicht vooraf om die keuzes te kunnen maken op het moment dat die discussie wordt gevoerd. Wij zeggen niet 'we willen dat wel en we willen dat niet', dat is voor iedere partij wellicht anders en dat mag ook. Het college moet de raad in staat stellen om dat goede gesprek te voeren en op basis van je politieke voorkeur of welke afweging je ook wilt gebruiken de juiste keuzes te maken. Dat is misschien een antwoord op uw vraag.
Tot slot de motie 'Gevelgroen Stads Bosch Beheer' die gaat over postzegelgroen. We hebben niet in de gaten dat we al heel veel plannen voor vergroening en het autoluw maken van de stad hebben vastgesteld, maar dat de uitvoering achterblijft en daar zit het grote probleem. Gebiedsvisies en plannen genoeg, maar de uitvoering blijft achter en intussen houden we elkaar bezig met moties over gevelgroen. Daar moet het wat ons betreft niet over gaan, ga aan de slag en zorg ervoor dat budget voor de door de raad vastgestelde plannen wordt vrijgemaakt, maak keuzes en toon als college daadkracht waardoor de uitvoering echt in zicht komt. Dat is wat de inwoners van dit stadsbestuur mogen verwachten. Dan tot slot. Wij hebben een aantal moties ingediend, we hebben een aantal daarvan met u doorlopen en ik wil nog een laatste punt maken over de motie over de Afvalstoffendienst. Die dienen wij mede in, dat vinden wij heel belangrijk thema en de heer Kagie Van Leefbaar 's-Hertogenbosch zal die motie toelichten. Dank u wel. We dienen alle moties in. Mevrouw CRASTE: Vandaag nemen we als gemeenteraad een besluit over ongeveer € 900 miljoen en als ik daarover nadenk dan vind ik dat een megagroot bedrag en dus ook een megagrote verantwoordelijkheid.
D66 voelt die verantwoordelijkheid ook zeker want doen we de juiste dingen, maken we keuzes die echt het verschil voor de toekomst van de stad maken en doen we dat op het juiste moment? Tweeënhalf jaar geleden gingen we deze bestuursperiode in met de ambitie om kathedralen te bouwen, ambities die generaties zullen doorstaan en die Den Bosch sterker maken en wat blijkt? Dat ambitieuze akkoord heeft zijn vruchten afgeworpen, we zijn al ruim over de helft van wat we willen bereiken en tegelijkertijd weten we ook dat goed niet per se hetzelfde is als klaar en daarom is het goed om vandaag stil te staan bij die begroting in relatie tot de ambities en waar we eigenlijk naartoe willen. De toekomst van onze kinderen hangt af van de zorg die we vandaag bieden en in een gemeente als de onze verdienen onze kinderen ook alle kansen. Onderwijs is daarin een belangrijke sleutel en daarom hebben we fors ingezet op die Rijke Schooldag, zodat elk kind kan rekenen op huiswerkbegeleiding, sport en cultuur dicht bij huis, maar om te kunnen leren en vooruit te 12
komen heeft een kind letterlijk de ruimte en ook schone lucht nodig. Zoals we in de commissie Sociaal hebben besproken, moeten we zorgen voor scholen die genoeg ruimte hebben om ook vernieuwend onderwijs te kunnen bieden en goede klimaatbeheersing. Daarom vraag ik de portefeuillehouder om los van het IHP aandacht te geven aan de ventilatie- en klimaatbeheersingsproblemen in de Brede Bossche Scholen die na 2010 zijn gebouwd. We krijgen namelijk signalen dat kinderen in de winter met jassen in de klas zitten en in de zomer het schoollokaal uitzweten. Ik vraag de portefeuillehouder om knelpunten te onderzoeken en ons hierover te informeren. De kinderen van nu zijn de werknemers van morgen en vormen dus ook het economische potentieel van onze stad. Zoals mijn collega in de commissie Bedrijvigheid al benadrukte, zijn wij blij met een groeiend JADS en initiatieven zoals hackathons, jongeren leren cruciale vaardigheden zoals kritisch denken, samenwerken en oplossingen vinden in een snel veranderende wereld. Laten we deze koers vasthouden en verder bouwen aan 's-Hertogenbosch als datastad. We hebben in de commissie Bestuur uitgebreid gesproken over vergroening in de binnenstad en zoals collega Verbruggen al aangaf, is een groene binnenstad niet alleen ons visitekaartje, maar ook een leefbare wijk voor al die inwoners, voor ondernemers en bezoekers.
Vergroening is geen luxe, maar een noodzaak en dat geldt zeker voor een versteende omgeving zoals onze binnenstad en bestaande initiatieven zoals geveltuinen en boomtuinen hebben meer samenhang en ondersteuning nodig, juist in die versnelling om daadwerkelijk iets voor elkaar te krijgen. Daarom roepen we in onze motie op tot een nieuwe aanpak waarbij deze initiatieven worden versterkt. De heer KOUWENBERG: We hebben de motie natuurlijk gelezen en de eerste vraag is eigenlijk de volgende. Bent u niet bang dat dit zorgt voor verstoring van de programmering? We hebben natuurlijk heel veel opgaven en bijt het elkaar niet als we hier de nadruk op leggen? Dat is mijn eerste vraag. Mevrouw CRASTE: Dank u wel voor de vraag en die begrijp ik, maar het een hoeft het ander in de uitvoering zeker niet te bijten. Sterker nog, Stads Bosch Beheer is een bestaand initiatief dat uiteindelijk uit het succes van het pop-uppark is gekomen en we willen dat juist meer voeding geven. Ik denk dat we elkaar daarin zeker kunnen vinden. De heer KOUWENBERG: Dan een vervolgvraag. We zijn natuurlijk heel erg blij met de aandacht voor versteende wijken, maar in het dictum gaat het heel veel over de binnenstad.
Ik snap dat daar veel bedrijvigheid is en dat het daar om gaat, maar hoe zorgen we ervoor dat daar niet weer te veel focus op komt en we ook aandacht voor de dorpen en wijken hebben? Mevrouw CRASTE: Bedankt voor de vraag. De binnenstad is natuurlijk wel een van de meest versteende gebieden in onze hele gemeente, vandaar dat we daar samen met ondernemers extra aandacht aan willen geven. Ga dat met dat bestaande initiatief doen, maar het is niet de bedoeling om meer aandacht aan de binnenstad en minder aandacht aan de wijken te besteden want die zijn net zo belangrijk. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Dank voor deze motie mevrouw Craste en natuurlijk de collega's van D66, het is altijd goed om aandacht voor meer groen te hebben. Dan een paar vragen hierover. Ik lees in het dictum dat er initieel wordt gekeken naar de voordelen voor de commerciële partijen, de commerciële ruimtes, maar mogen inwoners er ook direct van meeprofiteren wanneer er schaalvergrotingsvoordelen zijn? Mevrouw Hendrickx sprak net ook over het postzegelgroen, is er ook ruimte voor bijvoorbeeld grotere stukken adoptiegroen wanneer men de gelegenheid heeft om stukken te onttegelen, dat soort zaken. Kunnen er ook grotere vergroeningsprojecten worden opgepakt en mogen inwoners ook direct meeprofiteren en hoeven ze niet te wachten op de uitkomsten van de eerste aanpak? Mevrouw CRASTE: Dank u wel voor de vraag.
Ik kan me voorstellen dat er een zekere opbouw in zit en, zeker ook gezien de vraag van mijnheer Kouwenberg, dat je niet alles in één keer kunt aanpakken, maar ik vind ook dat inwoners moeten kunnen meeprofiteren en ik wil zeker vragen om naar die mogelijkheden te kijken. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik stelde mijn twee vragen in één keer en dat is natuurlijk niet zo handig. Ziet u ook mogelijkheden om grotere stukken te onttegelen, dat we kijken of ondernemers of bewoners echt meer op die onttegeling en niet alleen het gevelgroen willen inzetten en bent u bereid
13
om ook inwoners van dat schaalvoordeel te laten profiteren? Wilt u dat in het dictum opnemen, zodat de hele doelgroep, iedereen die actief is in de binnenstad, ervan kan profiteren? Mevrouw CRASTE: Dat is natuurlijk altijd een goede optie. Ik neem hem heel even mee om te kijken of dit eventueel in het dictum wordt opgenomen en ik kom er in de tweede termijn op terug. De VOORZITTER: Mag ik heel even want volgens mij is het niet de bedoeling dat we bij elke motie het hele inhoudelijke debat voeren, maar is een motie zeker bij de begroting ook een soort oproep om daarna door te bouwen en te kijken of je die kunt agenderen en het een vervolg kunt geven. Anders vullen we straks 33 moties tot drie cijfers achter de komma in en ik vind het prima als u dat vandaag wilt, maar volgens mij is het veel verstandiger om het juist vandaag te agenderen, te zorgen dat er een vervolg komt en de uitwerking goed in commissies en raad te bediscussiëren. Dat is volgens mij de insteek van de begroting. Ik snap uw behoefte om bij elke motie tot verdere invulling te komen, maar de vraag is of dat bij een begrotingsbehandeling verstandig is. Ik snap de aanpassing van een dictum et cetera, maar probeer wel op de hoofdlijn van de 33 moties te komen en daarmee de agendering van het komend jaar goed vast te pakken, dat lijkt mij het meest sterke in de ontwikkeling van deze agenda. De heer Van Silfhout.
De heer VAN SILFHOUT: Ik heb toch even een vraag die ik nodig heb om een oordeel over deze motie te kunnen vellen. Als ik de motie lees, lijkt die vrij top-down te starten en uiteindelijk bottom-up bij de inwoners te moeten landen en ik vraag me af hoe D66 de geveltuintjes zelf omschrijft, is dit bottom-up of top-down? Mevrouw CRASTE: Volgens mij is het een combinatie van top-down en bottom-up en staat dat ook in de motie. Dan wil ik het nog even heel kort hebben over de motie 'Seksuele gezondheid' waar mijn collega Elders mee bezig is geweest. Die motie is breed gedeeld en breed ondersteund, waarvoor onze hartelijke dank. Het gaat erom te kijken naar de mogelijkheden voor seksuele gezondheid, zowel preventie als testen. We hebben in de commissie ook gesproken over het belang van een visie op woningbouw en de groene autoluwe binnenstad en de Bossche Stadsdelta is hier een goed voorbeeld van. We bouwen niet alleen woningen, maar we bouwen een thuis voor mensen, een plek waar mensen samenkomen en waar ontmoeting, creativiteit en cultuur centraal staan. Zoals ik ook in de commissie heb benadrukt, waren de woningen die we nu bouwen, eigenlijk gisteren al nodig en vooral in het middensegment blijft de druk en de uitdaging enorm groot. Naast de algemene begrotingsdiscussie wil ik even kort stilstaan bij de moties en amendementen die D66 steunt of mee indient.
Het zijn er veel, ik kan ze niet allemaal benoemen en als er vragen over zijn dan beantwoord ik die uiteraard graag. Over enkele moties hebben we nog vragen of zijn we benieuwd naar de uitvoerbaarheid, dat zullen we via interrupties doen en daar zullen we in de tweede termijn op terugkomen. We dienen de motie van de PvdA over financiële regelingen mee in, zodat iedereen die dat nodig heeft toegang tot ondersteuning krijgt. We zijn heel blij met de motie 'Extra logeerbed voor respijtzorg', ook van het CDA en het is ook fijn dat dit in het huidige budget past. De motie 'Wind op dak', die win-winsituatie van mijnheer Bos om duurzame energieoplossingen te onderzoeken, past natuurlijk heel goed in de begroting en we staan in principe heel erg positief tegenover de motie 'Buurt naar museum' om die een vervolg te geven. We missen daar wel de financiële dekking. Tegelijkertijd is het geen heel groot bedrag en aangezien we ook een cultureel wijkenprogramma hebben, ben ik heel benieuwd of het daarin past, zodat het toch een mooi vervolg kan krijgen. Deze moties en amendementen passen in onze visie op een stad waarin iedereen de kans krijgt om te groeien, waarin duurzaamheid centraal staat en waarin wonen meer is dan een dak boven je hoofd, maar een thuis.
Gezien de financiële onzekerheid van de komende jaren zijn we kritisch op moties zonder dekking en hoe sympathiek ze vaak ook zijn, die kunnen we helaas niet steunen. Laten we met deze begroting samen blijven bouwen aan een stad waar iedereen trots op kan zijn. De heer GERSJES: Ik hoorde u zeggen dat u moties waarvoor geen financiële dekking is niet kunt steunen, maar er zijn ook genoeg moties waarin wordt gevraagd om een onderzoek, een pilot of andere soortgelijke bewoordingen. Steunt u die in zijn algemeenheid niet? Mevrouw CRASTE: Ik geloof niet dat een onderzoek nooit geld kost. Er is een aantal gratis-biermoties waarin staat dekking te zoeken uit reserves of noem maar en die moties kunnen wij helaas niet steunen, maar er zijn ook moties waar we zeker wel iets in zien. Ik weet niet of u een specifieke vraag over een specifieke motie hebt.