Notulen raadsvergadering 2024-05-14
Tekst van het document
Over een paar jaar zijn er ook veel meer tweedehands voertuigen beschikbaar en kunnen ook ondernemers waarvoor het vervoer niet heel belangrijk is zo'n vrachtwagen aanschaffen. Ik heb er alle vertrouwen in mijnheer Van Hattem dat we samen tot een oplossing komen. De heer VAN HATTEM: Het punt is juist dat de heer Altenburg-Collin van de VVD zegt dat die ondernemers niet willen, maar die ondernemers kunnen vaak niet. Ik wil toch aan de heer AltenbergCollin van de VVD vragen of de deadlines uit het Schone Lucht Akkoord onverkort gelden. De heer ALTENBURG-COLLIN: Als een ondernemer niet kan dan krijgt die gewoon een ontheffing voor de duur die we afspreken over wanneer hij die stap naar elektrisch vervoer wel kan maken. Ik heb er alle vertrouwen in dat we over een aantal jaar een werkende zero-emissiezone hebben en dat we dan voldoen aan het Schone Lucht Akkoord. Dank u wel. De heer PLOEGMAKERS: Wij zijn mede-indiener van de motie 'Zorgvuldig naar een brede zero-emissiezone'. We hebben in de commissie heel uitgebreid over dit onderwerp gediscussieerd, de motie die nu voorligt en die ik zojuist aanhaalde, vloeit hieruit voort en die dienen we mee in. Het CDA vindt het van belang dat er een soepele overgang van de huidige milieuzone naar de zeroemissiezone komt, met name voor onze middenstanders binnen de zone en de ambulante handelaren.
Wij staan positief tegenover een verkenning van verdere uitbreiding van de zeroemissiezone op termijn, maar wat betreft het CDA doen we dat via de weg van de geleidelijkheid met een zorgvuldig communicatietraject en facilitering van onze ondernemers en inwoners en waar nodig de helpende hand biedend. Wij zullen de moties van De Bossche Groenen, Leefbaar 'sHertogenbosch en anderen niet steunen. Tot zover voorzitter. De heer MEES: Ik las in het verslag van de commissie Bedrijvigheid dat het CDA de ambulante handel echt de tijd wil geven om over te gaan op groen vervoer. Wat verstaat u onder 'de tijd geven'? De heer PLOEGMAKERS: Mijnheer Mees u zegt 'de tijd geven' en ik probeer een duidelijk antwoord te geven. Wat ons betreft, en de heer Altenburg en vorige sprekers wezen er al op, is er op dit moment een aantal mogelijkheden waarvan men gebruik kan maken en is er de mogelijkheid om een ontheffing te krijgen, bijvoorbeeld met een hardheidsclausule. Ik werp het beeld dat u schetst verre van me. Wij hebben ook meermaals met de markt gesproken en de signalen die wij horen zijn dat de markt niet negatief ten opzichte van verduurzaming van het vervoer staat, maar het heeft tijd nodig en daar is een aantal overgangsregelingen voor. Die zullen ze krijgen en of het nou één, twee, drie, vier of maximaal vijf jaar is, dat zullen we zien.
U krijgt wat dat betreft volgens mij een eensluidend antwoord dat u vanavond al meermaals hebt gehoord. De heer MEES: De heer Ploegmakers geeft duidelijkheid over wat hij onder tijd verstaat, één, twee, drie, vier of misschien wel vijf jaar, maar het staat allemaal niet zo scherp in die motie. Als we dan bij de heer Van Hattem uitkomen, met een Schone Lucht Akkoord wordt het ook erg moeilijk want dan is de vraag waar we aan vasthouden. U kunt wel zeggen dat ze er misschien wel vier of vijf jaar over mogen doen, maar ze hebben geen houvast. Wij hebben ook de ervaring dat ze er niet negatief tegenover staan, het zijn mensen die echt wel met hun tijd meegaan, maar het moet duidelijk zijn. 15
De heer PLOEGMAKERS: Mijnheer Mees, ik heb uw vraag nu meermaals gehoord en wat u zegt is duidelijk. Wij hebben hier met mensen van de markt over gesproken en zij kunnen zich daar allemaal in vinden, wat dat betreft staat mijn informatie misschien voor een deel lijnrecht tegenover wat u zegt, maar wij hebben er alle vertrouwen in en je moet ook vertrouwen hebben in de politiek zoals wij hier met elkaar zitten. Wij proberen een beleid te voeren en het laatste wat ik erover wil zeggen, is dat al die mensen ook in de toekomst op het CDA kunnen blijven rekenen. De heer MEES: Ik twijfel er niet aan dat het laatste ongetwijfeld een hele grote stemmentrekker zal zijn, maar vertrouwen in de politiek is duidelijkheid aan de mensen geven. De heer VAN DER KRABBEN: Ik heb vanavond de discussie eens over me heen laten komen, er zitten mensen op de tribune te luisteren en wat denkt u dat deze mensen overhouden van de tot op heden gevoerde discussie? Ik denk niet veel. Zij willen één ding horen en dat heb ik niemand horen zeggen. Wat iedereen, ook in verschillende moties, wel bedoelt… Ik heb niemand horen zeggen dat niemand wil hebben dat marktkooplieden van de markt moeten verdwijnen omdat ze deze stap niet kunnen zetten Ik denk dat dit de meeste zekerheid is die wij de mensen kunnen meegeven.
Ik laat even buiten beschouwing hoe je dat in de motie verwoordt, maar het is van belang dat het college straks kan zeggen dat het er alles aan zal doen om iedereen die nu op de markt staat in dit proces te begeleiden en te zorgen dat hij de volgende stap kan zetten. Ik vergelijke het heel zwart-wit met de coronatijd, toen reikte de rijksoverheid de hand naar de ondernemer om te zorgen dat die daar doorheen kon komen. Als hier de energiesubsidie op tafel moet komen, helpen wij mensen die het nodig hebben en ik vind dat ook deze mensen geholpen moeten worden om deze stap te kunnen zetten, dat vind ik eigenlijk het belangrijkste en ik hoop dat de mensen daar iets aan hebben. Dan heb ik nog twee punten voorzitter. We praten nu over de ambulante handel, wist u dat de ambulante handel en de middenstand op dit moment met de regering over deze ontwikkeling in heel Nederland spreken? Er zou straks wel eens een wet kunnen wordt aangenomen die dit overrulet, dat is ook gebeurd, en daar moet ik even zekerheid over hebben, bij de kermismensen die eenmaal per jaar komen. Ik heb die zekerheid niet en dat vraag ik aan de wethouder, anders had ik willen vragen hoe we daarmee omgaan.
We roepen allemaal dat we dit moeten doen, maar als wij dit in maart 2025 laten ingaan, wat doen wij dan zelf als gemeente, zijn de veegwagen, dat wagentje met die kraan die over de markt gaan en de wagen die het huisvuil ophaalt dan elektrisch? Laten we eerst de hand in eigen boezem steken. Voorzitter, daarbij wil ik het laten. De heer VAN HATTEM: We hebben het afgelopen jaar in deze zaal al een keer met een marktkoopman, een handelaar in noten, en enkele andere marktondernemers gesproken die zich zorgen maakten over de invoering van deze zero-emissiezone en toen werd pijnlijk duidelijk welk effect die op onze marktkooplui heeft. Dit is eigenlijk gewoon de doodsteek van de markt en als hier een zero-emissiezone komt dan krijgen we straks een zero-commerciezone in onze binnenstad en dat moeten we absoluut voorkomen. Onze markt die hier al eeuwenlang is, die al meer dan 1000 jaar teruggaat, moet gewoon behouden blijven. Dit om een honderdduizendste graad opwarming te kunnen voorkomen is allemaal veel te verstrekkend en onwenselijk, hoe goed de bedoelingen soms ook lijken te zijn. Daarom ook de vraag over de deadlines uit het Schone Lucht Akkoord waaraan met name D66 en ook andere partijen vasthouden en waar blijkbaar bij de indieners van de motie verschillend over wordt gedacht.
Blijft die termijn van 1 maart 2025 staan of niet, hoe groot is de coulance bij die ontheffingen, hoeveel ruimte blijft er over, zitten alle indieners van de motie wat dat betreft op één lijn en hoe interpreteert het college deze motie, hoe gaat hier het college hier straks mee om? Ik hoor graag van het college welke termijnen die voor zich ziet als deze motie zou worden aangenomen. Onlangs stond op een spandoek bij een autohandelaar hier op de weg richting Veghel 'Elektrisch rijden doen we op de kermis' en juist onze kermisexploitanten en onze marktkooplui zijn de klos, zij worden gedwongen ontheffingen aan te vragen of kunnen überhaupt niet meer de binnenstad in. Dat moeten we voorkomen want we hebben het over ondernemers die vaak maar weinig kilometers maken, vaak beginnende ondernemers die geen dure elektrische wagens kunnen betalen. Er is sprake van meer wegdekslijtage door zware elektrische wagens, ook allemaal nadelen en wat we ook nog krijgen, en ook daarop krijg ik graag een reactie van het college, is het volgende. Als er allerlei ontheffingen en coulance moeten worden verleend dan zullen er ook meer bezwaren ontstaan want je krijgt een ongelijk speelveld, je krijgt rechtsongelijkheid tussen verschillende ondernemers.
Hoe kijkt het college aan tegen dit risico op rechtsongelijkheid, alle extra ambtelijke inzet die daarvoor moet plaatsvinden en de bezwarencommissie en de rechtszaken die daaruit kunnen volgen, hoe gaat het dat allemaal optuigen? De markt voor de tweedehands of nieuwe elektrische bussen en 16
vrachtwagens is nog zeer beperkt, is er wel een realistische verwachting dat dit binnen een paar jaar goed is geregeld? Ik zou ook zeggen, en de heer Van der Krabben refereerde daar zojuist terecht aan, wacht een eventuele wetsaanpassing af want misschien komt er op landelijk niveau wel een andere koers, zeker nu de PVV in de regering komt, is die kans best aanwezig, zonder vooruit te lopen op wat ik weet over wat erin staat want daar weet ik nog helemaal niets van. Kortom voorzitter, mijn oproep is: zet geen onomkeerbare stappen richting een zero-emissiezone om er een zerocommerciezone van te maken want dat is absoluut onwenselijk. De PVV, Leefbaar 's-Hertogenbosch en enkele andere partijen dienen samen een motie in om onze markt te kunnen behouden. Voorzitter, tot zover in deze termijn. De heer VAN SILFHOUT: Even een korte vraag voorzitter want de invoering van de zeroemissiezone wordt heel erg naar klimaat getrokken. Het gaat hier ook over het Schone Lucht Akkoord. Wat is de grondhouding van de PVV met betrekking tot het creëren van schone lucht voor onze inwoners? De heer VAN HATTEM: De grondhouding is dat het realistisch moet zijn.
Als je maatregelen neemt dan moeten die effectief zijn en dit is een disproportionele maatregel een kleine groep ondernemers die heel weinig kilometers maakt, die eigenlijk een heel duurzame vorm van ondernemen in de binnenstad mogelijk maken want ze tuigen één keer per week een markt op waar mensen vaak te voet, op de fiets of met het openbaar vervoer naartoe komen om dichtbij en lokaal hun inkopen te doen en dat is beste dat je kunt hebben. Dat is juist een positieve wending en dat wordt met deze maatregelen juist kapot gemaakt. Als je iets wilt doen dan moet dat geen averechts effect hebben en wat ik net ook al aanhaalde, die zware elektrische voertuigen zorgen voor meer slijtage, ook aan banden, daardoor krijg je ook meer uitstoot van fijnstof en het heeft ook een averechts effect. Het is helemaal niet beter om per se elektrisch te rijden met zware voertuigen, het is alleen maar een verschuiving van het probleem en schone dieselmotoren zijn tegenwoordig praktisch net zo schoon als elektrische motoren en vaak zelfs nog schoner. De heer VAN SILFHOUT: Het begon hoopvol met dat de heer Van Hattem ook schone lucht wil, maar het ging toch weer de andere kant op. Ik concludeer dan toch dat voor ons het Schone Lucht Akkoord meer de basis is dan het klimaat.
De heer VOSSEN: We hebben een mooi stukje Nederland met elkaar te delen, als je iets moet delen dan moet je keuzes maken en bij keuzes maken moet je elkaars belangen goed kunnen wegen. De Bossche PvdA vindt de motie die D66 en GroenLinks samen met andere partijen indienen zo'n mooie weging. Aan de ene kant zien we namelijk dat het belang van schone lucht wordt gewogen en erkend, laten we het even memoreren, negen maanden eerder sterven als de lucht niet schoon is. Aan de andere kant wordt gekeken naar de marktlui, de mensen die onze stad ook een beetje reuring geven, waar een beetje bruis uit komt en waardoor we een leuke middag over de markt kunnen struinen, wat ook belangrijk is. De Bossche PvdA staat voor die weging en u kunt ook aan mijn betoog horen dat wij voor deze motie en tegen de andere moties zijn. Mevrouw HERNÁNDEZ: Er is al veel gezegd, maar de samenvatting is dat op 1 maart 2025 de zero-emissiezone in Den Bosch wordt ingevoerd als onze moties niet worden aangenomen. Dit zal inhouden dat de marktkooplui en de ondernemers worden gedwongen om een elektrische auto aan te schaffen om in de binnenstad te kunnen komen.
Wat betekent dat voor de inwoners, de winkeliers en het ov? Niemand van ons geeft gesproken over hoe we dat gaan oplossen voor alle bezoekers in de stad, is dat het eind van de markt in Den Bosch en wat gebeurt er met loodgieters, elektriciens, leveranciers en mensen van de kermis, zoals mijnheer Van der Krabben heeft gevraagd, hoe kunnen zij gemakkelijk naar het centrum komen? 50PLUS wil duidelijkheid en onze motie schept duidelijkheid voor de ondernemers, maar ook duidelijkheid voor onszelf. Wij moeten eerst onze stad op orde hebben om deze stap te zetten en ik hoorde ook in geen enkele motie dat zoiets ingeschreven staat. Dus wij moeten ook onze stad voorbereiden voor de zero-emissiezone en daarom vragen wij uitstel om de stad voor te bereiden en een sterker nog, 50PLUS is van mening dat wij de Bossche markt als beschermd erfgoed zouden moeten benoemen. Dank u wel. Wethouder ROY GEERS: Dank aan de raad voor de moties en de gedeelde standpunten die behoorlijk uiteenlopen. Er liggen drie moties voor en we naderen de invoering van de zeroemissiezone per 1 maart 2025, u hebt in 2021 besloten om die zone in te voeren. Het college is vanaf die datum tot nu bezig geweest met het informeren van de verschillende ondernemers in en rondom 17
onze binnenstad waarbij we goed kijken naar de mogelijkheden want natuurlijk beseffen wij dat de invoering van zo'n zero-emissiezone ook impact op de verschillende ondernemers heeft. De grootste impact zit misschien wel in de onbekendheid van de regeling en dat is ook de reden dat wij zo uitvoerig met alle ondernemers in en rondom de binnenstad in contact zijn, we hebben bijvoorbeeld 5000 brieven gestuurd naar iedereen met een zakelijk kenteken, we hebben een logistiek makelaar beschikbaar gesteld om ervoor te zorgen dat alle informatie die voor ondernemers van belang is in een een-op eengesprek bij die ondernemer terecht kan komen. Het is juist belangrijk om die balans te vinden en ik heb het van een aantal van u gehoord, er is een balans nodig vanuit de schone lucht en vanuit die bruisende binnenstad en juist dat moeten wij als college zien te borgen want wij willen geen schone lucht in een dode binnenstad en wij willen geen ongezonde omgeving in een bruisende binnenstad, daarin moeten wij die balans vinden. Twee van de moties lijken behoorlijk op elkaar.
In een van de moties wordt gevraagd om een plan van aanpak op te stellen voor de volgende stap want we beseffen natuurlijk allemaal dat dit een hele goede eerste stap is als wij werk van die schone lucht willen maken, maar dat de volgende stap er wel moet komen Het is dan ook heel logisch dat we dat zorgvuldig gaan doen en dat we een plan in die lijn gaan opstellen, zodat we naar die schonere lucht kunnen, maar wel met behoud van de bruisende binnenstad. Dat betekent ook met coulance en met maatwerk voor die ondernemer die daar ook echt moeite mee heeft en die misschien ook wel met de onduidelijkheid van de huidige regeling zit. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Toch even een vraag aan de wethouder. Het Schone Lucht Akkoord is al een aantal jaar geleden ondertekend, waarom ligt er dan tot op heden nog geen plan van aanpak, waarom moeten we daar nu nog aan beginnen, waarom komt dit nu pas ter sprake, dit is toch staand beleid? Wethouder ROY GEERS: Vanuit het Schone Lucht Akkoord werken we ook aan die zeroemissiezone. Dat is een grote stap waarmee we ervoor zorgen dat we die stap binnen de balans van een bruisende stad en schone lucht kunnen zetten. U merkt hier in de raadzaal en als u op de markt gaat wandelen of bij een winkelier in de binnenstad binnenstapt ook dat daar zorgen over zijn en dat betekent dat we het zorgvuldig moeten invoeren en dat we deze stap eerst goed willen afronden.
Als we daar in een keer heel veel extra stappen tussendoor zetten dan creëren we onduidelijkheid. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Dan toch het punt dat ik net ook aangaf. Dat Schone Lucht Akkoord is jaren geleden ondertekend. We zitten ver boven de normen van schone lucht, het blijft ongezonde lucht en dat zorgt voor gezondheidsproblemen. De portefeuillehouder deed alsof het nu ineens op ons dak komt vallen en we nu ineens alles moeten gaan doen, maar waarom is dat in voorgaande jaren niet voorbereid, zodat dat nu op een goede manier kan worden uitgerold en waarom zijn er niet op een zorgvuldige manier al wat verdere stappen gezet? Wethouder ROY GEERS: Dan kan ik mijn antwoord herhalen. Er worden verschillende stappen gezet, ook vanuit het Schone Lucht Akkoord, en een eerste grote stap is de invoering van die zeroemissiezone. Dat is echt geen kleine stap, die moeten we zorgvuldig invoeren en ja, er moet een volgende stap kan en ja, die moeten we voorbereiden. Dat moeten we op het juiste moment doen en niet op een moment waarop we stappen door elkaar gaan zetten want dan wordt het onoverzichtelijk. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Dan toch even de conclusie. Het Schone Lucht Akkoord is al jaren geleden ondertekend en nu moet middels een motie om een plan van aanpak worden gevraagd om daar over enkele jaren aan te kunnen voldoen.
Ik vind het heel bijzonder dat er nog niet eens een plan van aanpak is en we nog geen idee hebben hoe we zo'n akkoord dat we jaren geleden hebben ondertekend gaan realiseren. De heer VAN DER KRABBEN: Ik probeer problemen altijd maar te kwantificeren. U hebt 5000 brieven laten uitgaan en daarop is respons gekomen, kunt u ons een beeld schetsen van tegen welke problemen u aanloopt en het aantal? Als ik over de markt heen kijk dan kan ik het ongeveer inschatten, maar dat doe ik dan persoonlijk en u hebt dat op dit moment al geïnventariseerd. Hoe zit het met de cijfers? Wethouder ROY GEERS: Die 5000 brieven gaan over heel veel verschillende ondernemers, echt niet alleen over de ambulante handel en motie 3 gaat wel alleen over die ambulante handel. We hebben daar ook speciale aandacht voor en we zijn ook de markt op gegaan om die brief uit te delen en dat gesprek aan te bieden. Dan kom ik nu tot de beantwoording van uw vraag. Wij verwachten van 18
een deel van de ondernemers dat zij stappen moeten zetten en van een klein deel verwachten wij dat dit ook echt heel moeilijk gaat worden. Ik heb niet de exacte cijfers paraat, dat vind ik wel een hele technische vraag, maar het gaat om een relatief klein deel dat er echt moeite mee heeft en waarvan wij verwachten dat zij niet in aanmerking voor die ontheffing komen, maar ook daar weten wij nog niet zeker of zij daar niet voor in aanmerking komen want wij kennen bijvoorbeeld geen financiële cijfers van die ondernemers. De heer VAN DER KRABBEN: Ik begrijp wat u zegt en kunt u dan zorgen dat wij na de vakantie gekwantificeerd inzicht krijgen in om hoeveel mensen het gaat? Wethouder ROY GEERS: Ik kan u best wat meer informatie geven, maar ook onze informatie is nog onvolledig. Juist daarom zijn die gesprekken met die logistiek makelaar nodig en juist daarvoor is het nodig dat het ontheffingenloket actief is want dan weten wij welke ondernemer er precies voor in aanmerking komt. Wij willen dat voor u verder inventariseren en in beeld brengen op het moment dat we die voor u hebben. De heer VAN DER KRABBEN: Kunt u ons toezeggen dat ruimschoot voor 1 maart 2025 concreet op tafel ligt welke aantallen niet kunnen worden geholpen? Wethouder ROY GEERS: Ik ga er alles aan doen om u daar zoveel mogelijk inzicht in te geven.
De heer MEES: Ook naar aanleiding van de vragen van collega Samshuijzen hebben we geleerd dat het plan van aanpak nog moet worden gemaakt en dat lijkt een beetje op stoom en kokend water. We hebben gehoord over een ontheffing van één, twee, drie, vier en misschien wel vijf jaar, is dat mogelijk wethouder? Wethouder ROY GEERS: U hebt nog niet zo lang geleden bij I&O een presentatie gehad waarin u ook bent meegenomen in het scala aan ontheffingen, vrijstellingen en de overgangsregeling en welke mogelijkheden daar allemaal in zijn en daar werd ook over verschillende jaren gesproken. Het is met de invoering van de zero-emissiezone sowieso niet zo dat er per 1 maart 2025 zero emissie moet zijn, maar dat gaat stapsgewijs en er kan per ondernemer voor specifieke gevallen een ontheffing worden aangevraagd. Daarmee is er eigenlijk al vanuit het rijk een regeling meegegeven die heel veel coulance in zich heeft. Daarnaast is er in die regeling een hardheidsclausule en daar kunnen wij als gemeente gebruik van maken voor die gevallen waarvan wij ook echt vinden dat dit nodig is en juist die hardheidsclausule kunnen wij op die manier toepassen. De heer MEES: Als ik uw antwoord zo hoor, denk ik dat ik mijn vorige vraag maar met 'ja' moet beantwoorden.
Gaat u er dan ook voor zorgen dat die ondernemers ook te maken krijgen met een eenduidige aanpak want het zijn mensen die dicht bij elkaar ondernemen en die elkaar misschien wel raadplegen, 'hoe pakken we dat aan?' en hoe gaat u die duidelijkheid geven over wat er allemaal moet gebeuren enzovoort, enzovoort? Wethouder ROY GEERS: Ik heb uw vraag ook gehoord richting een aantal van uw collega's en mijn antwoord is eigenlijk redelijk eenvoudig. U kunt vragen om eenduidigheid, maar dan hebt u geen maatwerk. Wij kiezen er juist voor om per ondernemer te kijken waar het knelpunt zit en hoe we daarmee om gaan om samen aan de juiste oplossing te werken. De heer MEES: Tot slot. Het zou een semantische discussie kunnen worden over dat laatste want ik heb daar een andere mening over maar die laat ik weg. Het gaat erom dat de ondernemer kan blijven ondernemen en houdt u ons ervan op de hoogte als er ondernemers afhaken? Wethouder ROY GEERS: Dan kom ik ook direct terug op de vraag van Rosmalens Belang die vroeg of we de evaluatie meenemen. Een evaluatie is een specifiek moment ergens in de tijd, maar ik denk dat het wel gewoon heel goed is dat wij de ontwikkelingen goed in de gaten houden. Ik wil niet spreken over een evaluatie, maar wil wel kijken of we dat wat meer structureel in beeld kunnen brengen, dus meer monitoren. Dus ja.
De heer VAN HATTEM: Ik hoorde wethouder Geers zeggen dat er maatwerk moet worden geleverd, maar tegelijkertijd zegt hij ook al aan de voorkant dat een aantal ondernemers niet aan de zaken zullen kunnen voldoen. Is het woord 'maatwerk' hier eigenlijk gewoon een synoniem voor 'totale 19
onzekerheid'? Wethouder ROY GEERS: Nee, daar ben ik het niet mee eens. Op dit moment is die onzekerheid er omdat het loket nog niet is geopend en de ontheffingsaanvragen nog niet kunnen worden getoetst. Op het moment dat die ontheffingsaanvragen zijn getoetst en blijkt dat er in schrijnende gevallen geen ontheffing kan worden gegeven, kunnen wij op dat moment via dat maatwerk kijken of we alsnog die stap kunnen zetten, of dat realistisch is en of dat nog steeds tot een gelijkwaardig speelveld leidt, daar willen wij naartoe. Als je naar een algehele ontheffing voor de ambulante handel gaat dan zorg je er ook voor dat de kleine andere ondernemer in de Bossche binnenstad een ongelijk speelveld ervaart. De heer VAN HATTEM: Nu zegt de heer Geers eigenlijk 'het loket is nog niet geopend en er kan nog niet worden getoetst', maar de essentiële vraag is niet zozeer of er een loket is, maar waarop wordt getoetst en wat de termijnen zijn want ik hoor hier verschillende geluiden over de deadlines van het Schone Lucht Akkoord.
Wat zijn nu wat het college betreft de vereisten waarop wordt getoetst en wat zijn de criteria waarop coulance kan worden verleend en in welke mate? Wethouder ROY GEERS: Dan verwijs ik toch naar de sessie van I&O van volgens mij twee maanden geleden waarin al die maatregelen en ontheffingen zijn toegelicht en waar u ook bent uitgenodigd om daar uw vragen over te stellen. Er zijn heel veel mogelijkheden om tot een ontheffing te komen en daar zijn al wat regels over bekend, maar bijvoorbeeld de ontheffing voor…, dat heette voorheen dreigend faillissement en ik ben de nieuwe term even kwijt… Stel dat de ondernemer het economisch niet kan dragen, dan moet dat wel onafhankelijk worden getoetst. Die zekerheid kunnen we op dit moment niet geven en als het loket is geopend kan dat wel. We verwachten dat dit ongeveer in juni-juli a.s. gaat gebeuren en dan kunnen we daarmee aan de slag. De heer VAN HATTEM: Dit doet me denken aan de situatie van onze veehouders met de PAS-melders en zo die ook in totale onzekerheid zitten over aan welke regels ze wel of niet moeten voldoen. Nu geeft het college eigenlijk aan 'als mensen echt helemaal het mes op de keel hebben, als ze echt niet meer vooruit kunnen, als ze echt helemaal financieel kapotgaan dan pas kunnen we kijken naar coulance'.
Wat is nu uiteindelijk het punt waar het college naartoe wil, zijn dat de deadlines uit het Schone Lucht Akkoord of niet? Wethouder ROY GEERS: Ik zie dat heel anders. Er is een brede regeling om te kunnen afwijken van de regeling over ontheffingen, vrijstellingen en om in de overgangsregeling te vallen en feitelijk hebben wij als college daar nog een extra vangnet onder gehangen. Als we dan kijken naar motie 1 met een plan van aanpak en de coulance dan hebben wij daar als college geen bezwaar tegen. Bij het eerste aandachtsstreepje bij punt 1 van motie 2 staat nadrukkelijk 'ga de zeroemissiezone uitbreiden met die en die en die categorieën'. Wij vinden dat we daar wel zorgvuldig naar moeten kijken en dat we dat plan van aanpak moeten opstellen. Daarom ontraden wij motie 2. We hebben het al wat uitgebreider over motie 3 gehad. Wij begrijpen heel goed wat de zorgen van de marktkooplui zijn en daarom hebben wij ook aangeboden om uitgebreid met hen in gesprek te gaan via de logistiek makelaar die alle informatie heeft, de ontheffingsmogelijkheid over en kennis heeft van onze economie, maar ook van de logistiek om op die manier te kijken hoe we hen via coulance en maatwerk alsnog kunnen helpen. Daarom ontraden wij ook motie 3. De VOORZITTER: Dan de vraag van de heer Van der Krabben. Wethouder ROY GEERS: Excuus, ik vergeet de twee vragen die u hebt gesteld.
De rijksoverheid heeft inderdaad een algemene ontheffing voor een aantal verschillende voertuigen en branches gegeven en daarbij zit bijvoorbeeld een hoogwerker, maar ook de kermis omdat deze exploitanten vaak hele specifieke voertuigen hebben. Dat is ook de reden dat ze dat hebben gedaan en u stelde een hele terechte vraag over ons eigen wagenpark. Bijvoorbeeld de veegwagen die u in de binnenstad ziet rijden, heeft ook die algemene ontheffing en in principe hoeven we niet aan de zero-emissiezone te voldoen, maar wij vinden wel dat we het goede voorbeeld moeten geven en wij spannen ons wel in om daar stappen in te maken, daar is collega Geers mee bezig. We gaan eraan voldoen op de onderdelen waar we het verplicht zijn en waar we het niet verplicht zijn, spannen we ons wel in. De heer VAN SILFHOUT: Ik wil even kort schorsen om met de initiatiefnemers van de eerste 20
motie in overleg te gaan omdat ik als mede-indiener toch licht verward uit de eerste termijn ben gekomen. De VOORZITTER: Dan zullen we direct pauzeren, is dat het makkelijkste? Om 21.00 uur terug voor de stemming. Schorsing De VOORZITTER: Dames en heren, mag ik u verzoeken plaats te nemen. Gezien de discussie die voor de pauze is gevoerd, denk ik dat er geen behoefte aan een tweede termijn is. Mijn voorstel is wel om de stemming over de moties duidelijk te houden en om motie 3, de motie 'Ontheffing ambulante handel', als eerste te behandelen, daarna de motie 'Heldere stap naar zero emissie' en dan de motie 'Zorgvuldig naar een brede zero-emissiezone'. Daarmee gaan we van verstrekkend naar minder verstrekkend. Is dat akkoord? Ja, 3, 2, 1. De heer Van Silfhout in tweede termijn. Tweede termijn De heer VAN SILFHOUT: Er was wat verwarring over de eerste motie, wat het precies betekende als je die indiende. Ik stond volledig achter de insteek van GroenLinks en er was wat ruis over de termijn waarop die zero-emissiezones wordt ingevoerd. Die wordt met die motie gewoon op 1 maart 2025 ingevoerd en daar staan wij ook achter.
Wij zullen ook voor motie 2 stemmen, de motie over hetzelfde onderwerp die verstrekkender is en die ook echt het onderzoek naar de uitbreiding van de zero-emissiezone alvast in werking wil stellen, omdat we de planfase al deels voorbij zijn en we aan de slag moeten. Dus wij stemmen zowel voor motie 1 als voor motie 2, we willen concreet aan de slag gaan. Motie 11d, Ontheffing ambulante handel, van Leefbaar 's-Hertogenbosch, VOOR Den Bosch, gewoon ge-DREVEN, 50PLUS en PVV. De heer VAN CREIJ (stemverklaring): Onze naam staat onder deze motie. Wij zijn voor het behoud van een levendige commerciële binnenstad en daar hoort ook een markt bij, vandaar dat wij deze motie van harte ondersteunen. Motie 11d is door de gemeenteraad verworpen. De leden van de fracties van Leefbaar 's-Hertogenbosch (Kagie, Mees), PVV (Van Hattem), 50PLUS (mw. Hernández), gewoon ge-DREVEN (Van Creij) en VOOR Den Bosch (Gersjes) hebben voor gestemd. Motie 11b, Heldere stap naar zero-emissie, van De Bossche Groenen en PvdD De heer VAN CREIJ (stemverklaring): Deze motie gaat ons veel te ver, dus wij zullen tegen stemmen. Mevrouw VISSCHER (stemverklaring) : Ik meen me vaag te herinneren dat ik al eerder 'ja' tegen deze motie heb gezegd, wij zullen hem steunen. Motie 11b is door de gemeenteraad verworpen. De leden van de fracties van De Bossche Groenen (Hoeben, mw. Van Opdorp), SP (Roovers, mw.
Visscher), VOOR Den Bosch (Gersjes), Volt (Van Silfhout) en PvdD (mw. Samshuijzen) hebben voor gestemd. Motie 11a, Zorgvuldig naar een brede zero-emissie zone, van GroenLinks, D66, PvdA, VVD, CDA, Volt en SP. Mevrouw SAMSHUIJZEN (stemverklaring): GroenLinks en D66 hadden een prachtige motie geschreven, maar die is helaas veranderd waardoor we nu niet meer direct concrete maatregelen hebben en de invoering zonder concrete einddatum wordt uitgesteld. We moeten tempo maken met de uitbreiding van zero emissie, het Schone Lucht Akkoord moet nu worden uitgevoerd. Geen plan van aanpak en doorschuiven naar de toekomst en deze nieuwe motie voorziet daar helaas niet in, daarom zijn wij genoodzaakt om tegen stemmen. 21
De heer KOUWENBERG (stemverklaring): Wij zijn erg blij met het antwoord van het college dat het verdergaat met de invoering van de zero-emissiezone en dan gaat evalueren door zelfs continu te monitoren, zodat we geen onnodige of schadelijke maatregelen nemen en wij zullen voor die motie stemmen. De heer VAN CREIJ (stemverklaring): Ik zal tegen de motie stemmen. Het is een vage motie die ons verder de fuik in trekt en de ondernemers, zeker die van de warenmarkt, verder de nek zal omdraaien. Het gaat over het Schone Lucht Akkoord en dan wil ik toch het volgende in herinnering brengen. Als straks de windmolens aan de beurt komen, om dan dezelfde woordvoerders over de schone lucht te horen. Mevrouw VISSCHER (stemverklaring): Je kunt doen alsof je duidelijkheid geeft door de ondernemers als hele groep te zien, maar met deze motie geven we iets veel belangrijkers namelijk duidelijkheid per ondernemer want de ene ondernemer is zeker de andere niet en daarom zijn we voor. De heer VAN DER KRABBEN (stemverklaring): Wij zullen voor deze motie stemmen omdat de inhoud de aanleiding is en vooral om het antwoord van het college. Wij concluderen dat met hoe het college het beleid op dit moment heeft uitgelegd niemand uit de marktverkoopsector tussen de wal en het schip zal vallen.
Mevrouw HERNÁNDEZ (stemverklaring): Wij vinden deze motie zeer onduidelijk, maar ook een compliment voor de wethouder die zaken heeft toegezegd waardoor wij voor kunnen stemmen. De heer VAN HATTEM (stemverklaring): Deze motie schiet ten aanzien van de zojuist weggestemde motie gewoon geheel tekort omdat die nog altijd zorgt voor onduidelijkheid voor onze marktkooplui, hen geen helder perspectief biedt, hen afhankelijk maakt van het goeddunken van de lokale overheid op dit vlak en ze daarmee ook niet meer zelfstandig kunnen ondernemen en heel veel onzekerheid zullen krijgen. Kortom, deze motie schiet tekort, biedt geen echte oplossing en zorgt bovendien voor een verbreding van de zero-emissiezone. Zero emissie is in dit geval zero commercie en met zulke luchtfietserij schieten we helemaal niets op, dus we zullen tegen deze motie stemmen. De heer MEES (stemverklaring): Leefbaar 's-Hertogenbosch vindt het nog steeds onduidelijk en vaag. Het is een beetje knollen voor citroenen, dus Leefbaar 's-Hertogenbosch stemt tegen. De heer HOEBEN (stemverklaring): De zorg die ik in het begin heb uitgesproken over dat er ruimte zou worden genomen… In het debatje is wel duidelijk geworden dat die ruimte met deze motie wordt genomen, geen duidelijkheid, iedereen een ontheffing lijkt wel de oplossing in deze motie.
Het maakt het allerminst duidelijk voor de ondernemers en geen enkele ondernemer zit erop te wachten om met zijn boekhouding richting de gemeente te gaan voor een ontheffing. Duidelijkheid geven over de invoering en helpen en faciliteren is belangrijker en het is rijkelijk laat om nu nog met een plan van aanpak te starten. Wij zijn tegen deze motie. De heer GERSJES: Er lag eerst een mooie motie over coulance en die is ingetrokken. Daar waren we wel voor, maar deze motie geeft te veel onduidelijkheid voor de toekomst van de ondernemers en daarom zijn we toch genoodzaakt om tegen te stemmen. Motie 11a is door de gemeenteraad aangenomen. De leden van de fracties van De Bossche Groenen (Hoeben, mw. Van Opdorp), Leefbaar 'sHertogenbosch (Kagie, Mees), PVV (Van Hattem), gewoon ge-DREVEN (Van Creij), VOOR Den Bosch (Gersjes) en PvdD (mw. Samshuijzen) hebben tegen gestemd. DEBATSTUKKEN (C) 9.
Wensen en bedenkingen op voorgenomen collegebesluit programma Samen Gezond 'sHertogenbosch
De VOORZITTER: Dan daar ga ik over naar agendapunt 9, de wensen en bedenkingen op het voorgenomen collegebesluit Programma Samen Gezond. Er zijn twee moties ingediend en het gaat over wensen en bedenkingen, dus het zijn richtinggevende moties vanuit de commissie en in uw raad 22
vastgelegd. Als eerste de motie 'Samen Gezond, communicatie op maat' van de fractie van het CDA. Mevrouw Van Zaalen en daarna mevrouw Samshuijzen namens de fracties van de PvdD, De Bossche Groenen, GroenLinks, de SP en Volt. Mevrouw VAN ZAALEN: Deze motie vraagt aandacht voor hoe men binnen dit mooie programma met bewoners het gesprek wil aangaan. Het is bekend dat leefstijlinterventies en andere interventies heel vaak niet aansluiten op bepaalde doelgroepen en heel vaak is communicatie daar de oorzaak van. Voor het CDA is het heel belangrijk dat iedereen die behoefte aan ondersteuning heeft deze ondersteuning krijgt op een manier die zij zelf begrijpen. Hoe mensen spreken over hun gezondheid en wat ze weten over hun eigen lichaam of gezondheid wordt mede bepaald door de context waarin men opgroeit. Bij sommige groepen in de bevolking wordt alles besproken en gedeeld, tot het kleinste detail aan informatie toe, bijvoorbeeld 'mijn ontstekingswaarden waren boven de 250', maar in andere groepen gaat de boodschap niet verder dan bijvoorbeeld 'het gaat niet zo goed met u mevrouw, wij gaan voor u zorgen'. In de laatste geval weet de persoon minder, maar misschien voelt die zich beter. In gezinnen en families waarin op de laatste manier wordt gesproken, zal de gezondheidskennis lager liggen.
Beleid en interventies kunnen zich maar beter aanpassen aan de manier waarop de burger spreekt over zijn gezondheid en niet alleen door het versimpelen van het Nederlands zoals in dit programma wordt aangeraden zodat goedbedoelde interventies een goede kans van slagen hebben en niet uiteindelijk tot grotere gezondheidsverschillen leiden. Bij het aanpassen van de communicatie op de context Cultuur gaat het over het impliciet of expliciet over gezondheid spreken. Het gaat over het stellen van de juiste vragen en het geven van een interpretatie van de antwoorden op de bij die context passende manier, het gaat over een gewogen keuze of en hoe de informatie met onze burgers wordt gedeeld, schriftelijk of mondeling en het gaat over de afspraken die je binnen dit programma met burgers maakt, zijn ze bindend of niet en zo verder. Alleen door rekening te houden met de gezondheidscommunicatiestijl van de bewoners kunnen we met het programma Samen Gezond alle bewoners van onze gemeente Den Bosch bereiken en mogelijk de gezondheidsverschillen verkleinen. Daarom verzoekt het CDA de wethouder met deze motie om binnen het programma Samen Gezond naast alle mooie dingen die daarin staan aandacht te hebben voor de communicatiestijl en inhoud en de betrokken professionals hierin te trainen, communicatie zal immers in alle onderdelen van de interventie een rol spelen.
Echt afstemmen op de context Cultuur van de ander gaat veel verder dan de aanbevelingen die nu in de communicatiebijlage van Samen Gezond worden genoemd. Tot zover. Mevrouw SAMSHUIJZEN: In het voorwoord van het programma Samen Gezond geeft de wethouder aan dat gezondheid geen privilege is en dat de gemeente de plicht en de verantwoordelijkheid voelt om de omstandigheden en voorwaarden te scheppen waardoor alle inwoners de mogelijkheid hebben om in goede gezondheid te leven. Ik denk dat we ons daar allemaal in kunnen vinden, de Partij voor de Dieren in ieder geval wel. Het programma geeft aan hand-in-hand met inwoners en partners in te zetten op een omgeving waarin verandering en kansen op gezonde keuzes mogelijk worden gemaakt. Het is een integrale benadering in de vier programmalijnen, een brede aanpak dus. We willen daarmee inwoners op allerlei manieren ondersteunen en stimuleren om gezond te kunnen leven en wanneer we met dat mooie programma dat er nu ligt samen met de inwoners daar zo hard aan willen werken dan is het toch eigenlijk niet de bedoeling dat ze aan de andere kanten ook negatief worden gestimuleerd en eigenlijk niet de kans krijgen om die gezonde keuzes te kunnen maken, onder andere door reclames voor ongezonde voeding in de openbare ruimte.
Het is eigenlijk helemaal niet nieuw dat dit gebeurt, zo gaat het al heel lang, het is eigenlijk gewoon een status quo, maar daarom is het des te belangrijker om er met een andere bril naar te kijken en te leren van voortschrijdend inzicht. Het Voedingscentrum geeft aan dat mensen door reclames voor ongezond eten niet vrij zijn om gezond te kunnen kiezen, ze worden namelijk constant de verkeerde richting op geduwd en er zijn ook veel verschillende onderzoeken die dat aantonen. Daarom pleit het Voedingscentrum voor een verbod op reclame voor ongezonde voeding. Daar pleit ik namens de Partij voor de Dieren ook voor en middels de voorgelegde motie vragen we samen met GroenLinks, De Bossche Groenen, Volt en de SP om het college een verkenning te laten doen naar een verbod op reclame voor ongezonde voeding en het onderdeel te laten uitmaken van toekomstige aanbestedingen en contracten met exploitanten van reclame in de openbare ruimte. De heer VAN HATTEM: Ik vind wat hier gebeurt sowieso nogal betuttelend. In de commissievergadering werd in eerste instantie gesteld dat het moest gaan om het weren van fastfoodreclames. Ik zie tegenwoordig bij reclames van de McDonald's dat het vooral McPlant, Mac Vega en dat soort dingen is en dat mag wat mij betreft best worden geweerd, maar ik lees nu in deze 23
motie dat de Schijf van Vijf het uitgangspunt is. De Partij voor de Dieren zegt hiermee dat met deze motie het voeren van reclames voor vlees nog steeds moet kunnen. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Wij vragen eigenlijk ook aan het college om een definitie op te stellen en een betrouwbare partij is natuurlijk ook het Voedingscentrum met de Schijf van Vijf. Dat vinden wij een goede, onafhankelijke basis waarmee het college verder uit de voeten kan om een definitie op te stellen. We hebben het in de commissie over fastfood gehad. Daarmee zijn we verder gegaan en dan kom je er toch achter dat we eigenlijk wat breder moeten kijken naar welke zaken we uit de openbare ruimte moeten weren. Daarmee willen wij graag aan de slag en we hopen dat u ook de inwoners de keuze wilt bieden om gezond te kunnen leven, als ze dat willen. De heer VAN HATTEM: Maar in de motie staat duidelijk die Schijf van Vijf van het Voedingscentrum en daarin is voor zover ik weet vlees gewoon opgenomen. Zegt de Partij voor de Dieren met deze motie dat reclame voor vlees in de openbare ruimte nog gewoon moet kunnen? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Dat sluit deze motie niet uit. Collega Van Hattem heeft het dictum gelezen en er wordt een link met de Schijf van Vijf gelegd. De heer ÇIFÇI: In die motie roept u op een aantal zaken waaronder eventuele gederfde inkomsten inzichtelijk te maken.
Roept deze motie op om de totale informatie aan de raad voor te leggen om met elkaar te besluiten of contracten moeten worden opengebroken en moet het college dat binnen een jaar doen of moet ik de motie zo lezen dat beslispunt 4 ziet op het daadwerkelijk doorvoeren van het verbod op reclame voor ongezonde voeding? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Het gaat er niet om de huidige contracten open te breken, maar het gaat om toekomstige contracten, dus om eigenlijk nu die verkenning te gaan doen om inzichtelijk te krijgen wat we gaan doen en welke gederfde inkomsten er zijn en dat mee te nemen naar toekomstige contracten, zo kunt u ook punt 4 lezen. Ik heb eigenlijk nog maar één zin, de oproep om mensen vrij te laten om gezond te kiezen. Mevrouw DOĞAN: Samen Gezond, ik denk dat we het er allemaal over eens zijn dat we allemaal lang, gezond en vooral gelukkig willen leven. Als raadslid wil ik ook een gelukkig, gezond en lang leven voor alle inwoners van onze stad bevorderen, het is namelijk pijnlijk om te zien dat er gezondheidsverschillen in onze stad bestaan. Het raakt me dat bewoners uit wijken waar het minder goed gaat, korter leven en meer met gezondheidsproblemen te kampen hebben. Wij vinden dat onacceptabel en vooral onrechtvaardig. Het is mooi en vooral ook hard nodig dat er nu een programma ligt om de gezondheidsverschillen in onze stad aan te pakken.
Het getuigt van lef om ongelijk te investeren om deze ongelijkheid aan te pakken. Voor GroenLinks was dit een van de belangrijkste onderwerpen tijdens de onderhandelingen in 2022. We benadrukken dat voor dit moeilijk oplosbaar probleem meerjarige inzet nodig is en dat het alleen maar kan slagen als de uitvoering samen met de bewoners gebeurt, zij dienen als serieuze gesprekspartners te worden beschouwd en er dient te worden uitgegaan van hun leefwereld en hun ervaringen, dat kwam ook duidelijk naar voren in de hearing over gezondheidsverschillen. Er zijn voor dit programma twaalf buurten als focusbuurt aangewezen en zes van die buurten liggen in Noord, waarvan vier in de Hambaken en dat is fors. In deze buurten is de urgentie hoog en een integrale aanpak is essentieel, waarbij bestaanszekerheid, kansengelijkheid en het recht op fatsoenlijke huisvesting naadloos zijn verbonden. Om de levenskwaliteit van deze mensen te verbeteren, is wat ons betreft een domeinoverstijgende benadering vereist en hoewel we de toewijzing van de beschikbare middelen voor dit programma erkennen, moeten we vaststellen dat deze mogelijk ontoereikend zijn voor onze ambitieuze plannen. Daarom zullen wij bij de komende behandeling van de voorjaarsnota pleiten voor aanvullende middelen om dit belangrijke initiatief te ondersteunen. Wij omarmen natuurlijk dit plan en de verbindingen erin.
Door middel van dit programma kunnen we de gezondheidskloof verkleinen en ervoor zorgen dat alle inwoners gelijke toegang tot gezonde keuzes en ondersteunende omgevingen hebben. Dan ga ik in op de moties. De eerste motie is van het CDA, 'Communicatie op maat'. De PvdA heeft eerder een soortgelijke motie ingediend, die is ook aangenomen en wij wachten de reactie van de wethouder af. Wij dienen de andere motie van de Partij voor de Dieren mee. Voor ons is het hartstikke belangrijk en wat ons betreft is het verbannen van fastfoodreclames belangrijk voor het bevorderen van gezonde eetgewoontes en het bestrijden van bijvoorbeeld obesitas. Laten we niet vergeten dat deze reclames vooral sterke invloed op jongeren hebben en dat ze bijdragen aan ongezonde voedingskeuzes en gezondheidsproblemen. Door fastfoodreclames te verbieden, creëren 24
we juist een omgeving die gezonde keuzes aanmoedigt en de gezondheid van onze inwoners bevorderd. Tot zover voorzitter. De heer ÇIFÇI: Het programma Samen Gezond 's-Hertogenbosch. We hebben tijdens de commissie Sociaal een goed debat over een goed voorstel gehad en een paar dagen daarna hebben wij samen met GroenLinks een geslaagde bijeenkomst met bewoners van onze stad over dit belangrijk onderwerp gehouden. Onze reacties op de moties. 'Communicatie op maat'. Bij de behandeling van de Woonzorgvisie heeft ondergetekende een soortgelijke motie over cultuur en cultuursensitieve zorg ingediend, een belangrijk thema dat destijds ook op brede steen van deze raad komt rekenen. Mijn fractie ziet dat deze motie een belangrijke aanvulling is op de preventieve kant van de zorg en is dan ook blij met de aandacht voor cultuursensitiviteit op de verschillende thema's en beleidsterreinen. Ik heb net een vraag gesteld over de motie 'Reclames voor ongezonde voeding uit de openbare ruimte' en met de uitleg van mevrouw Samshuijzen zullen we daar voor stemmen. Bij dezen voorzitter. Mevrouw MULLER: Wij zijn blij omdat het raadsvoorstel dat hier nu voorligt, een gezonder Den Bosch met minder gezondheidsverschillen tussen buurten. De moties. De eerste motie is 'Samen Gezond, communicatie op maat'. Het is voor ons niet duidelijk of deze motie gevolgen heeft voor de uitvoering zoals die nu gebeurt.
Mijn vraag aan de wethouder is: gaan ambtenaren na het aannemen van deze motie concreet iets anders doen dan nu? Als dat zo is, zullen we hem steunen want we staan wel achter de strekking van deze motie. Motie 2, 'Reclames voor ongezonde voeding in de openbare ruimte'. Eerlijk gezegd worstelen wij met de discussie over het verbannen van reclames voor ongezonde voeding. Aan de ene kant geven onderzoeken aan dat het gezondheidswinst zal opleveren, dat gebeurt ook bij tabaksreclame, en lazen we vorige week het zorgelijke bericht dat de resultaten van de JOGG-aanpak, Jongeren Op Gezond Gewicht, achterblijven. Anderzijds hebben wij in onze partij liberale waarden en willen we vertrouwen op de eigen kracht en ontwikkeling van mensen en dan is ook de vraag, waar we de grens leggen, waar het stopt. Een mooi voorbeeld dat intern werd genoemd is: mogen straks ook geen reclames voor vliegvakanties meer worden gemaakt omdat vliegen niet goed voor het klimaat is? Wij hebben als partij nog geen standpunt ingenomen of we voor of tegen een verbod op reclames voor ongezonde voeding in de openbare ruimte zijn. Wij willen hier binnen onze partij nog een bredere discussie over voeren, maar omdat deze motie enkel om een verkenning vraagt, zullen wij deze motie wel steunen.
Het lijkt ons goed de voor- en nadelen, mogelijkheden en beperkingen te inventariseren, dan hebben we informatie voor een bredere discussie en dan nemen wij op een later moment de beslissing over wat het standpunt van onze partij hierin is. Ten slotte een opmerking over het eerste punt van het dictum. We gaan ervan uit dat we als gemeente niet zelf het wiel gaan uitvinden en eigenhandig een definitie van gezonde voeding gaan opstellen. Tot zover. De heer VAN SILFHOUT: Een vraag voorzitter. Iets anders ongezonds in de publieke ruimte op reclameborden zijn gokreclames. Ik weet dat de minister van D66 het eigenlijk heeft aangejaagd om dat tegen te houden in de openbare ruimte. Ik vraag me even af of de lokale fractie van D66 er anders in zit als het gaat over ongezonde dingen in openbare ruimte dan de landelijke partij. Mevrouw MULLER: Wij staan daarachter zoals dat met die reclames is gedaan is, maar wij willen binnen onze vereniging met onze leden een bredere discussie over dit onderwerp voeren. De heer VAN HATTEM: Ik zal de discussie in de commissie niet helemaal overdoen, we hebben hier uitgebreid bij stilgestaan, maar toch nog enige zorg van de kant van de PVV-fractie. De fractie van het CDA heeft een motie ingediend en gefeliciteerd mevrouw Van Zaalen met uw maidenspeech.
Ik lees in die motie dat ook weer de nadruk moet liggen op culturele diversiteit, we hebben in de commissievergadering ook al bij dat punt stilgestaan. Dan vraag ik me toch af wat er allemaal moet gebeuren in het kader van culturele diversiteit en wat überhaupt onder culturele diversiteit wordt verstaan. Op pagina 17 van het beleidsplan wordt gesproken over gezondheids- en welzijnsworkshops georganiseerd door de moskee in de buurt. De PVV-fractie zit daar absoluut niet op te wachten en een moskee hoort sowieso niet thuis in de uitvoering van allerlei gemeentelijke plannen. Mijn vraag aan de wethouder is wat daar de bedoeling van is en wat de wethouder onder culturele diversiteit verstaat mocht deze motie worden aangenomen. Dan kom ik bij de motie van de Partij voor de Dieren over de reclame in de openbare ruimte. Ik zei in het interruptiedebatje al dat het nogal subjectief is wat je onder gezond kunt verstaan en het is goed om te horen dat de Partij voor de Dieren vleesreclames niet uitsluit, dus dat een gezond product als vlees toch nog gepromoot kan 25
blijven worden. Als je wel havermelk wilt gebruiken, wat tegenwoordig heel veel wordt gepromoot, havermelk zit barstensvol suiker en allerlei vega-eten dat vol soja zit, is ook niet allemaal best, dus er moet ook geen al te groot subjectief kader op worden gelegd. Kortom, bij de meeste reclames in de openbare ruimte krijg ik juist minder trek in die producten dan wanneer ik echt een mooi product zie van bijvoorbeeld onze eigen marktkooplui die mooie producten verkopen of van onze boeren die mooie producten verkopen. Daar kun je het veel beter halen dan bij die firma 's. Die reclames hebben op mij in ieder geval geen impact en ik hoop dat mensen zelf nadenken in plaats van dat ze zich door de overheid laten betuttelen wat ook deze motie weer doet. Als mensen reclame willen maken, laat ze reclame maken en mensen moeten zelf weten of ze zich iets van reclames aantrekken, maar doe het ook vooral niet. Denk zelf na, ik denk dat dat het belangrijkste is. We hebben dit hele raadsvoorstel eigenlijk niet nodig, burgers die zelf nadenken is misschien de meest wijze en gezonde les die we vandaag kunnen leren. Tot zover voorzitter. Wethouder VERMIN: Dank aan de raad voor de vele mooie woorden over het programma die ik voorbij heb horen komen, dat doet altijd goed. Dan de moties. De motie van het CDA vraagt om aandacht voor hoge en lage contextculturen.
Ik denk dat we daar in het programma best stevig aandacht voor hebben, we geven ook aandacht aan cijfers op leeftijd, op buurt, op de geschiedenis van mensen, op laaggeletterd en op behoefte, maar ik denk dat hoog- en laagcontext daar een mooie aanvulling op is en daar wil ik in het programma zeker aandacht voor vragen. Wel even de kanttekening dat de betrokken professionals trainen zo'n breed veld is dat we dat niet kunnen doen, dan zijn we sowieso heel snel door het programma heen, maar ik wil dat zeker in het programma meenemen en dan zeg ik dus 'geen bezwaar tegen die motie'. De heer Van Hattem vroeg specifiek wat culturele diversiteit is. Zoals ik ook in de commissie zei, vind het belangrijk dat we alle Bosschenaren bereiken. Dat betekent de Bosschenaren van de klaverjasclub, de Bosschenaren van de voetbalclub, de Bosschenaren van de kerk en de Bosschenaren van de moskee en dat staat ook zo in het programma, zowel de moskee als de kerk zijn een partner en zo zijn alle verschillende verenigingen en manieren waarop wij mensen kunnen bereiken een partner en wat mij betreft gaan we dat ook zo doen. Dan de motie van de Partij voor de Dieren, die maakt nogal wat los. Als sociaal psycholoog zeg ik 'reclame heeft impact'.
De heer Van Hattem zei heel mooi 'op mij heeft reclame geen impact' en als u nu het toonbeeld was van alle Bosschenaren dan zou niemand in Den Bosch meer reclame willen maken, maar laten we ook met elkaar constateren dat er goed geld wordt neergelegd voor de reclames en dat zal, even kort door de bocht, wel met een reden zijn. Als we mensen echt een vrije keuze en een vrije wil willen laten hebben dan denk ik dat het goed is om deze verkenning te doen en niet om direct te zeggen dat we een absoluut verbod invoeren, maar wel om te kijken wat de mogelijkheden zijn, wat daar te halen is en eventueel ook wat het kost en dat als voorstel bij u terug te leggen, kijken naar die definitie. Ik denk dat we het als stad wel een beetje aan onze bewoners verplicht zijn om te kijken hoe we preventief mensen gezond kunnen houden in plaats van aan de achterkant blijven repareren met onder andere dit programma. Het is ook direct een voorbeeld van gezondheid op alle beleidsterreinen, dus ik heb geen bezwaar tegen deze motie. De heer VAN HATTEM: Ik verbaas me er een beetje over dat de wethouder zo gemakkelijk zegt 'dit gaan we even doen', hoeveel ambtelijke capaciteit wordt ervoor in gezet, wat mag deze betuttelopdracht kosten en hoeveel inzet wordt van onze gemeentelijke organisatie verwacht om dit mogelijk te maken? Wethouder VERMIN: Daar heb ik nu niet direct een antwoord op.
Het zal wel ambtelijke capaciteit kosten, maar het hoeft ook niet de wereld te kosten. Ik denk dat we ook goede voorbeelden in het land kunnen ophalen en daarmee best doelgericht tot een verkenning en een voorstel kunnen komen. De heer VAN HATTEM: Een verkenning en een voorstel, is het dan de bedoeling dat bij die verkenning bepaalde zaken echt worden uitgesloten? Je hebt in Nederland ook een Reclame Code Commissie waar zaken worden aangekaart. Hoe verhoudt dit zich daartoe en is er dan nog wel een eerlijk en vrij speelveld als je het op die manier gaat doen? Wethouder VERMIN: De Reclame Code Commissie gaat natuurlijk over wat wettelijk is toegestaan of niet en dit zou gaan over onze invloed op de reclame-uitingen die wij in de gemeente toestaan. Ik denk dat met de vraag om een definitie op te stellen ook helder wordt wat wel en wat niet. Dat zal nog best lastig worden want het energiedrankje of sushi, wanneer past het? Ik denk dat de Schijf van Vijf van het Voedingscentrum een goed uitgangspunt is, maar het zal wat dat betreft echt 26
nog wel ingewikkeld worden en in die zin kijk ik uit naar een gesprek met u over een jaar. De heer VAN HATTEM: Maar dan vraag ik me af of deze motie wel uitvoerbaar is want de Schijf van Vijf zegt dat je alles in evenredige mate moet doen en dan kun je het zowel vlees en vis als groente pakken. Ja, daar kun je nog geen peil op trekken en dan vraag ik me af: als je die arme ambtenaren aan het werk gaat zetten met de uitvoering van deze verkenning, waar moet dit toe leiden of is het een bijna onmogelijke opdracht? Wethouder VERMIN: Volgens mij is een verkenning per definitie uitvoerbaar en de conclusie kan best zijn dat we helemaal niet tot een fatsoenlijke definitie komen. Ik ken mijn ambtenaren als enthousiaste ambtenaren die dit ook wel een mooie uitdaging vinden, dus het is fijn dat u aandacht voor hen heeft, maar dat gaat goed komen. Motie 1, Samen gezond: communicatie op maat, van het CDA. De heer VAN HAREN (stemverklaring): Wij hadden van tevoren onze twijfels over deze motie, aan de ene kant is goede, gerichte en passende communicatie ontzettend belangrijk, maar de gedeelde argumenten van D66 over de onduidelijkheid, van de PVV over de culturele diversiteit en de overlap met de eerder aangenomen motie van de PvdA maakt dat wij hebben besloten om tegen deze motie te stemmen. Motie 1 is door de gemeenteraad aangenomen.
De leden van de fracties van VVD (Altenburg-Collin, Broekmeulen, mw. De Groot, Van Haren, mw. Welten), Leefbaar 's-Hertogenbosch (Kagie, Mees) en PVV (Van Hattem) hebben tegen gestemd. Motie 2, Reclames voor ongezonde voeding uit de openbare ruimte, van PvdD, De Bossche Groenen, GroenLinks, Volt en de SP De heer VAN SILFHOUT (stemverklaring): Wij zijn groot voorstander van minder reclames voor ongezonde voeding in de publieke ruimte. De wethouder formuleerde al mooi dat reclames ons natuurlijk wel degelijk beïnvloeden en dat onze keuzes daarmee ook worden beïnvloed. Daarnaast helpt de Schijf van Vijf van het Voedingscentrum om gezonder en duurzamer te eten, dus de Schijf van Vijf gaat ook over duurzame producten en dat is ook mooi meegenomen voor de wethouder. De heer VAN CREIJ (stemverklaring): Twee zaken. Wij zullen tegen deze motie zijn, die is voor ons te betuttelend en dan nog even over de reactie van de wethouder. Hij sprak steeds over Bosschenaren en ik neem aan dat hij de inwoners van de gemeente bedoelt. Mevrouw VAN DER KALLEN (stemverklaring): Wij willen graag wachten op landelijke richtlijnen, immers wat vandaag gezond lijkt, blijkt morgen ongezond en daar is het einde. Wij gaan uit van de beoordeling van de mensen zelf, dus wij zullen tegen stemmen.
Mevrouw VAN OPDORP (stemverklaring): Wij staan natuurlijk niet voor niets onder de motie en als je het programma Samen Gezond draait dan zeggen we in principe met zijn allen dat wee het hartstikke belangrijk vinden en als we zeggen 'geen ongezonde reclame' dan is het ineens betutteling, dat vinden we heel vreemd. Gezond is gezond en wij als gemeente zijn het voorbeeld. Motie 2 is door de gemeenteraad aangenomen. De leden van de fracties van VVD (Altenburg-Collin, Broekmeulen, mw. De Groot, Van Haren, mw. Welten), CDA (Van Genugten, Ploegmakers mw. Van Zaalen), Rosmalens Belang (Huibers, mw. Van der Kallen, Kouwenberg, mw. Verreijt), Leefbaar 's-Hertogenbosch (Kagie, Mees), PVV (Van Hattem), 50PLUS (mw. Hernández) en gewoon ge-DREVEN (Van Creij) hebben tegen gestemd. 10.
Energiecompensatiebijdrage Sportiom
De VOORZITTER: Dan ga ik over naar agendapunt 10. De energiecompensatiebijdrage aan het Sportiom. Dit onderwerp is uitgebreid besproken in de commissie. Er was een ordevoorstel dat tot een amendement heeft geleid en ik geef graag de mogelijkheid aan de heer Van Creij om daarop te reageren. Zijn er anderen die willen reageren? De heer Huibers nog en dat is het? Ja. De heer Van Creij.
27
De heer VAN CREIJ: Ja dank voorzitter. In de commissie hebben vrijwel alle aanwezigen gezegd met de rug tegen de muur te staan, dat was bij dit voorstel eigenlijk ook wel zo en ik heb met dit ordevoorstel getracht de besluitvorming eigenlijk uit te stellen. Er is voor ons nog heel veel onduidelijkheid over het hoe of wat, er is onduidelijkheid over bijvoorbeeld de verduurzaming. We hebben eerder besloten om het Sportiom voor € 2,8 miljoen op te knappen en daarnaast nog voor € 900.000 aan duurzaamheidsmaatregelen te treffen, zodat Sportfondsen die het nu beheert minder energielasten zou hebben. Die zijn nog steeds niet allemaal uitgevoerd en er zit nog veel in de pijplijn. De wethouder heeft er net met een vurig pleidooi voor gepleit om toch die € 602.000 structureel te geven. We hebben nu met dit amendement eigenlijk van... Als de wethouder nu zo nadrukkelijk aangeeft dat het Sportfondsenbad eigenlijk bijna op omvallen staat dan doen we het eenmalig en kijken we, als het niet onder stoom is, op ons gemak wat daadwerkelijk noodzakelijk is. De Partij voor de Dieren gaf in de commissie aan dat voor hetzelfde geld op termijn geld kan worden bespaard door een extra investering in duurzaamheidsmogelijkheden want we leggen het nu vast op 2038 en we doneren wel € 10 miljoen aan het Sportfondsenbad.
Het is wat ons betreft een stap te ver en het amendement vraagt eigenlijk om het jaarlijkse structureel eenmalig te doen en we verzoeken het college eigenlijk om te komen met aanvullende informatie om te kijken wat kan er kan gebeuren. Tot zover. De heer VAN SILFHOUT: Een korte verhelderende vraag. Welke impact heeft het op langdurige investeringen van het Sportiom als we nu maar voor één jaar in plaats van voor meerdere jaren geld toekennen? De heer VAN CREIJ: Dat kan ik eerlijk gezegd zo niet zeggen. Als de wethouder aangeeft dat het Sportiom bijna op omvallen staat en we het nu overeind houden... Het gaat al vanaf 1 januari 2024 in want het staat in de actualisatie van de begroting, dus het college is voornemens om dat geld per 1 januari 2024 toe te kennen. Als we dat geld over een paar weken bij de actualisatie geven dan kopen we tijd en kunnen we op ons gemak bekijken welke mogelijkheden er zijn. De heer HUIBERS: Een hele korte vraag aan de wethouder. We zijn kritisch op dit dossier, dat blijven we ook graag en we horen dan ook graag van de wethouder of het mogelijk is dat wij jaarlijks in ieder geval per brief over de stand van zaken worden geïnformeerd en het liefst voor de voorjaarsnota want zoals het er nu voor staat trekken we structureel € 630.000 uit.