Notulen raadsvergadering 2024-04-02
Tekst van het document
VERGADERING VAN DE GEMEENTERAAD VAN 's-HERTOGENBOSCH OP 2 APRIL 2024 AANVANG 19.00 UUR
voorzitter:
drs. J.M.L.N. Mikkers
Griffier:
drs. W.G. Amesz
Leden aanwezig:
drs. E.M.M.P. Altenburg-Collin, B. El Amraoui, J. Broekmeulen, O. Çifçi, mw. M. Craste bc, J.J.E.L. van Creij, mw. mr. Y. Doğan, F.G.F. van Genugten, J.J.M. Gersjes, mw. W. de Groot MSc, F.J. van Haren, A.W.J.A. van Hattem LLB, mw. drs. J. Hendrickx, mw. A. Hernández, W.B.G. Hoeben, J.A.B. Huibers, mw. mr. drs. N.M.C Huijbrechts RO CIA, mr. F. Kabbouti, drs. P.E. Kagie, mw. R.F. van der Kallen-van der Donk, drs. R.M.J. van den Kerkhof, mw. M.A.J.T. Korver-van Weegberg, J. Kouwenberg, P.M. van der Krabben, mw. ir. V.P.T. MullerLaumans, mw. drs. E.W.M. van Opdorp, M.C.J.M. Ploegmakers, M.G.H. van Rens, A.P.R.G.M. van Rosmalen, mw. E. Samshuijzen, A.C. van Silfhout (tot 20.25 uur), mw. N.R. Verreijt, mw. C.K.J. Visscher, K.M. Vossen, mw. J.P.M. Welten-van Doremalen, mw. dr. Y. van Zaalen
Tevens aanwezig de wethouders:
Afwezig:
ing. R.A.P. Geers, R.J.J. Geers, M.J.J. van der Geld MSc, P. Slikker en mw. mr. M.A.B. van der Sloot en H.M.M. Vermin H.J.M. Mees, B.F.C. Roovers, drs. ing. G.M.M. Verbruggen
1.
Vragenhalfuurtje
2.
Vaststellen agenda van de raadsvergadering
3.
Goedkeuring notulen van de openbare raadsvergadering van de gemeenteraad van 5 maart 2024
4.
Ingekomen stukken en mededelingen
5.
Installatie nieuw benoemd lid van de gemeenteraad
VOORSTEL AF TE VOEREN VAN DE AGENDA 6.
Krediet tijdelijke invulling voormalig complex Weener XL
HAMERSTUKKEN (A) 7.
Bestemmingsplan Heeseind 35A en 37 te Nuland
8.
Bestemmingsplan Orthen Links, Orthensedonk
9.
Wijziging Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord 2024
LICHTE BESPREEKSTUKKEN (B) 10.
Voedselbank – verbouwing Waalstraat
MOTIES VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG BESPROKEN IN COMMISSIE 11.
Duurzame Polder 1
11.a Motie vreemd aan de orde van de dag Coöperatieve samenwerking in de Duurzame Polder 11.b Motie vreemd aan de orde van de dag Back to basic 11.c Motie vreemd aan de orde van de dag Gezondheid inwoners boven energieopgave 11.d Motie vreemd aan de orde van de dag Molenaarswoningen 11.e Motie vreemd aan de orde van de dag Eerst windmolensimulatie 12.
Motie vreemd aan de orde van de dag Meerdere vormen voor begraven op algemene begraafplaatsen in 's-Hertogenbosch
13.
Complex Weener XL
13.a Motie vreemd aan de orde van de dag Voorkom kraken voormalig complex Weener XL 13.b Motie vreemd aan de orde van de dag Leegstand: voorkomen beter dan genezen
De VOORZITTER: Dames en heren, iedereen van harte welkom bij deze raadsvergadering. We hebben een aantal berichten van verhindering, maar voordat we dat doen verzoek ik eerst om een moment van stilte. Stilte De VOORZITTER: Dank u wel, iedereen van harte welkom. Dank ook aan mevrouw Hendrickx die vanwege mijn afwezigheid de vorige raadsvergadering heeft voorgezeten. Ik ben blij dat ik er weer ben en weer in uw gezelschap mag verblijven. We hebben een paar berichten van verhindering, namelijk van de heer Mees, de heer Roovers en de heer Verbruggen. Verder zijn we compleet. De heer Van den Kerkhof en de heer Hoeben komen iets later. 1.
Vragenhalfuurtje
De VOORZITTER: We hebben drie vragen voor het vragenhalfuurtje en de eerste vraag is ingediend door de fractie van De Bossche Groenen over het toezicht bij de zwemplassen en het woord is aan mevrouw Hendrickx. Mevrouw HENDRICKX: Dank u wel voorzitter. In de collegebrief van 12 maart jl. gaf het college ons informatie over het feit dat het steeds moeilijker is om mensen te vinden voor het toezicht bij onze zwemplassen. Den Bosch heeft maar liefst vier zwemplassen waar het toezicht deze zomer verdwijnt. De Bossche Groenen maakt zich daar hele grote zorgen over en niet alleen wij, ook het Nederlands Instituut voor Veilig Zwemmen geeft aan dat er met het wegvallen van het toezicht meer kans is op allerlei narigheid zoals verdrinking, dreigende verdrinking en ander letsel. De Bossche Groenen vindt het belangrijk dat er toezicht blijft en vraagt het college of het extra inzet kan plegen om te zorgen dat er deze zomer toch strandwachten bij de zwemplassen zijn en heeft daar een aantal vragen over: Deelt het college de zorgen van het NIVZ? Wat heeft het college ondernomen om extra strandwachten te werven? Is het college alsnog bereid om in te zetten op een wervingscampagne of een ander instrument om ervoor te zorgen dat er toch nieuwe strandwachten voor het komende strandseizoen kunnen worden geworven? Wethouder VAN DER SLOOT: Dank voor de vragen.
Net als u zou ik het liefst op ieder moment in het jaar op iedere plas toezicht willen hebben, maar het college ziet dat dit niet haalbaar is. Wij hebben de veranderingen op twee van onze vier plassen met u gecommuniceerd, het Engelermeer en de Oosterplas, op de Zuiderplas en De Groote Wielenplas was al geen toezicht en dat blijft ook zo. De reden daarvoor, en dat hoorde ik u ook zeggen, is dat wij te weinig strandwachten hebben om dit voor elkaar te krijgen. Ik zou het willen, maar ik kan echt geen ijzer met handen breken. Het college wil de mensen wel duidelijkheid verschaffen en zeker geen schijnveiligheid oproepen. Wij willen dat mensen 2
weten waar ze aan toe zijn en daarom hebben we deze maatregelen moeten afkondigen. Ik ben wel blij dat de Bossche reddingsbrigade in de weekenden in het seizoen wel toezicht op de Oosterplas blijft houden zodat mensen er bewust voor kunnen kiezen om op een bepaald moment op een bepaalde plas onder toezicht te zwemmen. Het NIVZ heeft ons college geadviseerd over de inrichting van de zwemplassen en een risico-inventarisatie gemaakt, we hebben al een aantal fysieke maatregelen daaromtrent genomen en ook de andere maatregelen zullen we gaan uitvoeren om ervoor te zorgen dat het zwemmen binnen de eigen verantwoordelijkheid zo veilig mogelijk kan. Extra strandwachten, welke opties en acties hebben wij ondernomen? Dat zijn er best wel wat. Wij hebben via sportverenigingen, vooral via de zwem-, zeil- en watersportverenigingen vacatures uitgezet, mensen gevraagd of ze toezichthouder willen worden, we hebben posters opgehangen in onze eigen accommodaties en op locaties waar veel mensen komen. Ook hebben we een interne oproep op het stadskantoor onder eigen medewerkers gedaan, advertenties en een persbericht geplaatst en we hebben geprobeerd te werven via de sportopleiding van het Koning Willem I. Verder hebben we advertenties ingezet via personeelszaken en een vacature geopend via het uitzendbureau.
Zijn wij bereid om nogmaals een wervingscampagne op te zetten of andere instrumenten te proberen? We hebben dit allemaal gedaan en als wij nu net voor het seizoen dit soort acties nog een keer zouden doen, verwachten wij niet dat we dan wel mensen werven. Al zou ik het graag willen, wij verwachten niet dat dit zin heeft. Wij hebben dit moeten communiceren, dank u wel. De heer VAN HATTEM: Dank voor de beantwoording. Ik hoorde de wethouder zeggen dat er geen toezicht bij De Groote Wielenplas en de Zuiderplas is, is er iets bekend over het aantal incidenten dat op de plassen plaatsvindt, zijn er op plaatsen waar geen toezicht is al meer incidenten merkbaar of is daar niets over bekend? Wethouder VAN DER SLOOT: Als u het goed vindt, categoriseer ik dit als technische vragen. Het seizoen is nog niet begonnen en ik weet niet of u vandaag buiten bent geweest, maar het is nog niet echt zwemweer, dus ik kan daar voor dit jaar nog niet veel over zeggen. Mevrouw HENDRICKX: Het gaat veelal om vrijwilligerswerk en ik kan me voorstellen dat mensen het druk hebben en dat jongeren wat geld willen verdienen als ze iets doen. Hebt u er ook een vergoeding tegenover gesteld of zijn alleen vrijwilligers geworven? Wethouder VAN DER SLOOT: Als je bent opgeleid voor toezichthouder dan staat er ook een vergoeding tegenover, helaas helpt dat ook niet.
De heer GERSJES: We hebben boa's die, ook vanuit de scholen, met cursussen worden opgeleid om als boa te kunnen functioneren. Is er een optie om ook van de scholen uit zo'n insteek te zoeken om die mensen op te leiden om strandwacht te worden? Stel dat ik vandaag iemand vind die bij u zich wil aanmelden, kan dat dan? Wethouder VAN DER SLOOT: Zoals ik zojuist aangaf, hebben we ook geprobeerd via de scholen te werven, dus ook via het Koning Willem I waar ook boa's worden opgeleid. Als mensen zich aanmelden, kunnen zij natuurlijk toezichthouder worden. We hebben ook zwembaden waar we toezichthouders nodig hebben, maar we willen vooral voorkomen dat we mensen schijnveiligheid bieden, die moeten weten waar ze aan toe zijn en dan heb je er ook erg veel nodig. Mevrouw DE GROOT: Op 18 maart jl. hebben de Kamerleden Erkens en Veldman van de VVD schriftelijke vragen aangekondigd over de landelijke afstands- en geluidsnormen voor windmolens op land. Omdat er op dit moment nog geen landelijke normen gelden, worden er wisselende afstanden voor de windmolens tot woonkernen gehanteerd. Zo ook in de Duurzame Polder waar de afstanden van de windmolens tot de woonkernen in Oss en 's-Hertogenbosch verschillen.
De Bossche VVD is zeer geïnteresseerd in de actuele ontwikkelingen omdat we op dit moment midden in het traject om te komen tot duurzame opwek via windmolens in de Duurzame Polder zitten en we willen daarom zo spoedig mogelijk zicht hebben op welke invloed dit op de ambities voor opwek in de Duurzame Polder heeft om zo willekeur en onzekerheid zo veel mogelijk te voorkomen. We verzoeken het college om duidelijkheid te geven middels een reactie op gestelde vragen. Wethouder VAN DER GELD: De Duurzame Polder is zoals bekend een belangrijke, zo niet de belangrijkste ontwikkeling om te komen tot grootschalige opwek van windenergie tussen Oss en Den Bosch om zo ook de beoogde energieopwek te versnellen en in 2045 klimaatneutraal te worden. We 3
doen dit zo dat het woon- en leefklimaat, waaronder ook de gezondheid van de inwoners in en bij de polder, voldoende is geborgd. We volgen daarbij alle externe ontwikkelingen, ook de discussie over de landelijke afstandsnorm en de geluidsnormen voor windmolens op land op de voet. We beoordelen die ontwikkelingen binnen de planvorming en wij informeren uw raad hier geregeld over, onlangs ook door middel van de risicoparagraaf in de discussienotitie van 18 maart jl. Hoe gaan we om met de landelijke afstands- en geluidsnormen? Door proactief te zijn, juist in het belang van het klimaat en onze gemeentelijke ambities. De nieuwe geluidsnormen zijn daarom al in het concept-VKA opgenomen en daarnaast geldt er 1 km afstand van windmolens tot de bebouwde kom wat ook effect op de geluidsbelasting heeft. Mochten de nieuwe landelijke afstandsnormen ongewijzigd in werking treden dan betekent dit mogelijk een inperking van de ruimte voor windenergie vanwege de verspreid liggende woningen in het gebied. Hierover is echter nog een landelijke discussie en daarom is de vraag of de normen op deze manier definitief hun beslag krijgen. Tot zover voorzitter. De heer VAN HATTEM: Ik hoorde de wethouder zeggen dat het allemaal nog zijn beslag moet krijgen, maar er is op dit moment al een lopend traject met een voorkeursalternatief waarop al een concept-MER is toegepast.
Hoe wordt dat in de planvorming en in de inspraak op het hele traject vertaald? Nu krijg je natuurlijk wel een parallel systeem van planvorming en traject, kan de wethouder daar enige duidelijkheid over geven? De heer VAN CREIJ: Even een reactie op het antwoord aan de VVD. De wethouder gaf aan dat hij in het belang van het klimaat proactief op de nieuwe afstandsnormen reageert en om een voorschot op de discussie te nemen, we hebben afgesproken dat gezondheid het belangrijkste item is. Wethouder VAN DER GELD: Ik reageer direct op het laatste. Ik heb zojuist al gezegd hoe belangrijk een gezond woon- en leefklimaat, waaronder gezondheid van de inwoners, is. Dan over de parallelle systemen, hoe daarmee in de planvorming om te gaan. Dan over het risico van de afstandsnormen. Die krijgen in de vergunningsfase hun beslag, daarmee dus ook in de planvorming en zoals de planning er nu uitziet zijn we daarmee op een goede manier aan het marcheren. De heer KOUWENBERG: Ik heb onze inleiding op papier wat ingekort. Rosmalens Belang heeft de afgelopen jaren herhaaldelijk aandacht gevraagd voor de faciliteiten tijdens de zomerperiode bij het strandje aan De Groote Wielenplas. Dit betreft met name degelijke toiletvoorzieningen en kwalitatief goede horecafaciliteiten.
Ondanks toezeggingen en inspanningen van de gemeente blijft het realiseren van een horeca-uitgiftepunt bij De Groote Wielenplas een uitdaging. De behoefte aan dergelijke voorzieningen is onder meer door de succesvolle ervaringen tijdens de coronaperiode met bijvoorbeeld een pop-op Beachbar duidelijk aangetoond, maar na herhaalde verzoeken en toezeggingen blijft de realisatie van een horeca-uitgiftepunt uit en de gemeente heeft recentelijk aangekondigd dat voor het komend zwemseizoen alleen een toiletvoorziening wordt gerealiseerd zonder verdere duidelijkheid over een horeca-uitgiftepunt in het aankomende seizoen te geven. Dit roept vragen op over de voortgang en de invulling van deze voorzieningen: 1. Waarom lukt het maar niet om een horeca-uitgiftepunt bij De Groote Wielenplas te realiseren? 2. Kan het college toezeggen dat er gezien de geschiedenis dit seizoen alsnog een horecauitgiftepunt bij De Groote Wielenplas komt? 3. Indien dit niet lukt, hoe wordt dan de signaleringsfunctie en het toezicht bij deze zwemplas waarover het college in zijn brief sprak, opgevangen? Tot zover. Wethouder VAN DER SLOOT: Dank voor de vragen. Ik merk dat u allemaal zin in de zomer hebt en dat is goed nieuws.
Het bijzondere aan De Groote Wielenplas is dat deze plas midden in de bebouwde omgeving ligt en dat betekent ook dat we met wat we daar gaan doen ook hebben te maken met bewoners en dat we dat ook op een goede manier moeten inrichten. Dat is ook de reden dat een vast horeca-uitgiftepunt nog niet voor 2024 in de planning zit en dat dit er in 2024 ook niet meer komt omdat we juist ook met de bewoners moeten en willen overleggen. Kunnen we komend seizoen wel iets doen? Dat is uw tweede vraag. Wat dat betreft, heb ik goed nieuws, als u zin in döner hebt dan kunt u op dinsdag naar De Groote Wielenplas, op woensdag is er vis, op vrijdag pizza en we zijn ook nog bezig met een ondernemer voor de zaterdag. De andere dagen zijn ook nog beschikbaar en als uw of andere fracties daar ook nog initiatieven op willen nemen dan kunt u ons daarover benaderen. Het is niet om grapjes over te maken, maar het betekent in ieder geval dat we op deze plek een aantal zaken gaan doen, ook omdat we het belangrijk vinden. We zijn ook in gesprek met de omwonenden omdat we het bestemmingsplan moeten wijzigen, zodat we in 2025 een vast horeca4
uitgiftepunt kunnen maken. U vraagt ook naar de signaal- en toezichtfunctie bij deze specifieke zwemplas. We hebben afspraken gemaakt met de collega's van Stadstoezicht en de wijk-boa's dat er ook toezicht is op de sociale veiligheid en dat zal specifiek in de periode mei tot en met september en bij hoge temperaturen in de weekenden en de vakantieperiodes zijn. Op die manier zal die signaalfunctie en het toezicht kunnen worden uitgevoerd, hoewel we in de zomer van 2024 nog geen vast horecapunt hebben. De heer VAN HATTEM: Als er wel vast horecapunt zou komen, is het dan de bedoeling dat de horecaondernemer ook echt dat sociale toezicht, dat nu bij een boa ligt, volledig voor zijn rekening neemt, kun je wel van een horecaondernemer verwachten dat die daar ook als handhaver optreedt? Wethouder VAN DER SLOOT: Ik ben blij dat u het vraagt want ik merkte ook dat daar ook in de media wat onduidelijkheid over ontstond. Het sociaal toezicht waarover wij het hebben, betekent ook het schoonmaken van het strandje en zorgen dat het er goed bij ligt. Als er zaken gebeuren, als er bijvoorbeeld onenigheid op het strandje is of er andere zaken aan de hand zijn, is het de bedoeling dat er direct naar onze afdeling Toezicht wordt gebeld want als je een vast horecapunt hebt, ben je geen toezichthouder, boa of wat dan ook, dat verwachten we ook niet van deze mensen.
De heer KOUWENBERG: Ik dacht even dat het 1 april was toen mevrouw Van der Sloot alle fastfood noemde, maar dat terzijde. Ik vraag me af waarom de afgelopen twee jaar niet met de bewoners is gesproken. Wethouder VAN DER SLOOT: We zijn voortdurend met de bewoners in gesprek. Nu worden we concreet en ik denk dat we daar blij mee mogen zijn. Mevrouw HENDRICKX: Een aanvullende vraag voorzitter. Dit speelt volgens mij echt al jaren, ik heb de horeca bij de stadsplassen eerlijk gezegd een beetje opgegeven en ik ben erg blij dat Rosmalens Belang erin is gestapt. Ik ondersteun uw betoog van harte en ik vind het heel jammer dat er gewoon weer een seizoen voorbijgaat. Ik zou het college eigenlijk willen vragen om er nu echt vaart achter te zetten, zodat we in 2025 bij de plassen kunnen recreëren. Wethouder VAN DER SLOOT: Ik denk dat dit ons verhaal onderstreept, dank u wel. 2.
Vaststellen agenda van de raadsvergadering
De VOORZITTER: Dan het vaststellen van de agenda van de raad. Gaat u daarmee akkoord? Mevrouw Hendrickx. Mevrouw HENDRICKX: Ik heb naar aanleiding van het vragenhalfuurtje een aanvullend punt voor de agenda voorzitter. Mevrouw Van der Sloot heeft antwoord gegeven op vragen die we hebben gesteld, de zomer komt eraan en daar moet je op voorbereid zijn. Vandaar dat wij een motie vreemd aan de orde van de dag over de zwemplas willen indienen. De VOORZITTER: Dat is aan de raad want in principe gaat het om een motie vreemd aan de orde van de dag die nog niet in de commissie is behandeld. Dan zou die normaal gesproken naar de commissie van over twee weken gaan. Dan wordt hij gewoon in een commissie behandeld en kan hij daarna in de raad worden besproken, dat is eigenlijk de lijn die we inzetten. Volgens mij is dat het voorstel en u vraagt nu om deze motie vandaag te behandelen. Mevrouw HENDRICKX: Deze vraag komt niet uit een discussienotitie, maar uit het vragenhalfuurtje voort en heeft een zekere urgentie. Het wordt dit weekend mooi weer, vandaar dat ik heb gemeend dat we dit vanavond kunnen bespreken op basis van de informatie die er is, maar dat is uiteraard aan de collega's in de raad, voorzitter. De VOORZITTER: Het voorstel is om het naar de commissie te doen, maar het is aan de raad. Wie steunt het voorstel van mevrouw Hendrickx? Een informatieve vraag.
De heer HUIBERS: Excuus voorzitter, ik ken de inhoud van de motie niet om aan de voorkant al te kunnen zeggen of we daar nog een brede discussie over willen voeren aangezien onze motie en waar wij op zitten elkaar kunnen raken. Dus misschien dat daar wat duiding aan kan worden gegeven. 5
Mevrouw VISSCHER: Ik ben het met het voorstel van De Bossche Groenen eens om dat vanavond te doen. Ik vind dat dit moet kunnen, wij als politici moeten daar de ruimte bieden om op korte termijn een beslissing te kunnen nemen. Ik ken de fractie van De Bossche Groenen goed genoeg om te denken dat zij dat wijs aanpakken. De VOORZITTER: Het gaat niet over mijn mening hè, ik geef alleen aan wat de lijn van de raad is en dat is de afspraak die we met elkaar hebben gemaakt. U bent zelf in de lead. Anderen nog? De heer Van Creij. De heer VAN CREIJ: Wat mij betreft gewoon behandelen. De VOORZITTER: Ik stel voor dat motie wordt geplaatst. We gaan eerst het nieuwe raadslid installeren en daarna gaan we stemmen over of de motie vreemd aan de orde van de dag vandaag wordt behandeld. 3.
Goedkeuring notulen van de openbare raadsvergadering van de gemeenteraad van 5 maart 2024
De notulen worden ongewijzigd vastgesteld. 4.
Ingekomen stukken en mededelingen De VOORZITTER: Zijn er ingekomen stukken en mededelingen? Niet.
5.
Installatie nieuwbenoemd lid van de gemeenteraad
De VOORZITTER: Dan ga ik over naar de installatie van een nieuwbenoemd lid van de gemeenteraad. Mevrouw Lipman heeft aangegeven haar raadslidmaatschap tijdelijk neer te leggen en we gaan vanavond mevrouw Van Zaalen benoemen als raadslid. Ze was al commissielid niet-raadslid van onze raad. We hebben een Commissie voor het Onderzoek van de Geloofsbrieven bestaande uit de heer Van Haren, mevrouw Doğan en als voorzitter de heer Van Creij. De heer Van Creij heeft het onderzoek geleid en ik vraag hem om de raad te informeren over de bevindingen van de commissie. De heer VAN CREIJ: Dank u voorzitter. U zei het al, de heer Van Haren, mevrouw Doğan en ik hebben de stukken doorgenomen en de benoemingscommissie heeft de bescheiden van het nieuw te benoemen raadslid zoals bedoeld in de Kieswet bestudeerd in orde bevonden. De commissie adviseert tot toelating van mevrouw Van Zaalen als lid van de gemeenteraad van 's-Hertogenbosch. De VOORZITTER: Dank u wel. Ik verzoek iedereen te gaan staan en dat is al gebeurd. U hebt aangegeven de eed te willen afleggen en dat doet u door na de tekst die ik voorlees met de twee vingers in de lucht 'Zo waarlijk helpe mij God Almachtig!' te zeggen. 'Ik zweer dat ik, om tot lid van de raad benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd.
Ik zweer dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de gemeenteraad naar eer en geweten zal vervullen.' Mevrouw VAN ZAALEN: Zo waarlijk helpe mij God Almachtig! De VOORZITTER: Van harte gefeliciteerd, u bent nu officieel lid van de gemeenteraad van 's-Hertogenbosch. Dames en heren, ik geef u nog twee minuten extra de tijd om even naar de motie te kijken en daarna stemmen we over of we de motie wel of niet behandelen. Dames en heren, er is nog een motie vreemd aan de orde van de dag ingediend met het verzoek aan het college om extra inzet te plegen om dit zomerseizoen voor gemeentelijke recreatieplassen toezicht te organiseren en de vraag is of die vandaag moet worden behandeld. Degenen die voor behandeling zijn, stemmen voor en degenen die tegen zijn, stemmen tegen. Het is een ordevoorstel en ik open de stemming. 6
Het ordevoorstel is door de gemeenteraad verworpen. De leden van de fracties van PvdA (Çifçi, Kabbouti, Vossen), De Bossche Groenen (mw. Hendrickx, Hoeben, mw. Van Opdorp), SP (mw. Visscher), Leefbaar 's-Hertogenbosch (Kagie), PVV (Van Hattem), gewoon ge-DREVEN (Van Creij), VOOR Den Bosch (Gersjes), Volt (Van Silfhout) en PvdD (mw. Samshuijzen) hebben voor gestemd. De agenda is vastgesteld. VOORSTEL AF TE VOEREN VAN DE AGENDA 6.
Krediet Tijdelijke invulling voormalig complex Weener XL
De VOORZITTER: Dan gaan we over naar agendapunt 6, Krediet Tijdelijke invulling voormalig complex Weener XL, daarover het u op 29 maart jl. een brief ontvangen. De heer Van Creij. De heer VAN CREIJ: Mag ik een stemverklaring? De VOORZITTER: Een stemverklaring over een stuk dat is afgevoerd? De heer VAN CREIJ: Ja het klinkt misschien heel raar, maar we hebben op 29 maart jl. een brief ontvangen, ik heb vandaag nadere informatie gekregen en het rapport waarop de brief van 29 maart jl. is gebaseerd, is gedateerd op 2 april 2024. Daar zou ik graag een toelichting van de wethouder op willen. Gaat mijn denkwijze te snel, moet ik het even langzaam zeggen? De VOORZITTER: U hebt op 29 maart 2024 een brief ontvangen die op 2 april 2024 is gedateerd. De heer VAN CREIJ: We hebben op 29 maart 2024 een brief ontvangen, daarop heb ik technische informatie opgevraagd en het rapport waarop de brief van 29 maart jl. is gebaseerd, is een rapport dat op 2 april 2024 is gedateerd. Daar krijg ik graag een toelichting op. De heer VAN HATTEM: Een punt van orde. Het staat op de agenda als een voorstel om af te voeren, maar volgens mij moet de raad officieel beslissen dat het wordt afgevoerd. De VOORZITTER: Ja dat is waar, maar de vraag is of daar stemming voor nodig is.
Wilt u daar stemming over? De heer VAN HATTEM: Als een van de leden daar behoefte aan heeft wel, maar ik heb er zelf geen directe behoefte aan. Wethouder VAN DER GELD: Volgens mij ontstaat er verwarring. Ik heb de beantwoording ook gezien en dit heeft te maken met wanneer de technische informatie over die berekening naar het college is gekomen. Die informatie was mondeling, die hebben wij vorige week gehoord, houd me de precieze datum te goede, en de projectberekening is vandaag concreet. We hebben vandaag het afschrift daarvan ontvangen en vandaar dat er 2 april 2024 op de pdf staat. De mondelinge toelichting was voor ons voldoende, van dien aard en zo robuust dat wij, zeker gezien de behandeling van u vandaag, voorstellen om het stuk terug te trekken. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan doe ik het wel even helemaal netjes, heeft iemand van uw raad de behoefte om hierover te stemmen? Nee, dank u wel. HAMERSTUKKEN (A) 7.
Bestemmingsplan Heeseind 35A en 37 te Nuland
Zonder beraadslagingen besluit de raad in overeenstemming met het bovengenoemde voorstel van burgemeester en wethouders. 8.
Bestemmingsplan Orthen Links, Orthensedonk 7
Zonder beraadslagingen besluit de raad in overeenstemming met het bovengenoemde voorstel van burgemeester en wethouders. 9.
Wijziging Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord 2024
Zonder beraadslagingen besluit de raad in overeenstemming met het bovengenoemde voorstel van burgemeester en wethouders. LICHTE BESPREEKSTUKKEN (B) 10.
Voedselbank – verbouwing Waalstraat
De VOORZITTER: Dan gaan we over naar de lichte bespreekstukken. Dat betreft het agendapunt Voedselbank. De PVV, de heer Van Hattem, heeft een amendement ingediend en de PvdD, de PVV en VOOR Den Bosch een motie. Ik geef straks eerst de indieners van het amendement en de motie de mogelijkheid, dan beantwoording door de portefeuillehouder en daarna stemming met eventuele stemverklaringen. De heer Van Hattem, aan u. U kunt blijven zitten want het is een licht besprekstuk. De heer VAN HATTEM: Een licht bespreekstuk is soms wel zware kost. Ik heb naar aanleiding van de discussie in de commissie een amendement opgesteld. Nu zojuist is besloten om het voorstel over tijdelijke invulling van het voormalige pand van Weener XL in te trekken is er een budget vrijgevallen dat vanuit de begroting Onvoorzien voor andere doelen kan worden ingezet. Nu is voorzien dat de incidentele middelen Armoede en schulden eigenlijk volledig wordt uitgeput door de verbouwing van de Voedselbank, terwijl er in deze gemeente nog genoeg uitdagingen op het gebied van armoede en schulden liggen. Vandaar het voorstel van de PVV-fractie om de vrijgevallen middelen van Weener XL gewoon in te zetten voor de verbouwing van de Voedselbank en het budget voor armoede en schulden voor andere doelen op het gebied van armoede en schulden in te zetten. Daarvoor dit amendement. Tot zover voorzitter.
Mevrouw SAMSHUIJZEN: Al in 2018 werd op initiatief van GroenLinks en Rosmalens Belang de motie Steun Dierenvoedselbank aangenomen. In die motie werd aangegeven de Dierenvoedselbank te steunen en de locatie het liefst te combineren met de andere Voedselbank, maar tot op heden is dat helaas nog niet gelukt en nu ligt er met het nieuwe pand aan de Waalstraat een kans om hier eindelijk uitvoering aan te geven. Het gaat om twee belangrijke maatschappelijke initiatieven die ook als zodanig staan geregistreerd en die voor een groot deel dezelfde doelgroep, namelijk minima, helpen. Het verzoek uit de motie van 2018 blijft relevant want deze initiatieven kunnen elkaar versterken en de bereikbaarheid voor de doelgroep kan zo worden verbeterd. De Dierenvoedselbank ziet verschillende mogelijkheden om aan te sluiten bij het pand en het lijkt ons daarom goed om met open vizier met de Voedselbank en de Dierenvoedselbank de mogelijkheden te bekijken en samen met hen hier hopelijk nadere invulling aan te geven. Tot zover. Wethouder VAN DER SLOOT: Dank voor uw steun, ook tijdens de commissievergadering, voor dit belangrijke voorstel voor ons als stad, de Voedselbank en de waardigheid van mensen, we gaan hier vandaag iets moois doen. Een amendement en een motie. Het amendement gaat over de dekking van de middelen.
We hebben ook in de commissie besproken dat het college voorstelt om met incidentele middelen ook structureel impact in het in het leven van mensen te maken. We gebruiken hiervoor de incidentele middelen die we de afgelopen jaren vanuit het rijk hebben gekregen voor armoede en schulden, specifiek in de tijd van de energiecrisis. Het college vindt het een verantwoorde keuze om dat hiervoor voor in te zetten. Ik vind het wel belangrijk om aan te geven dat de middelen van armoede en schulden niet op zijn zoals wordt gesuggereerd, maar dat de raad dit naar De Bossche Pas heeft geprioriteerd en ik informeer u deze maand over hoe het met de aanbesteding staat. Het is belangrijk dat we met De Bossche Pas veel mensen bereiken. Dan de motie, die gaat eigenlijk over de huurders in het nieuwe pand. Er komen meerdere organisaties in het nieuwe pand en daar zijn we heel erg blij mee. Wij hebben de Voedselbank tot hoofdhuurder van het pand gemaakt, dat betekent ook dat de Voedselbank verantwoordelijk is voor wie zich ook in het pand vestigt en daar gaan wij als gemeente niet tussen zitten, dat vertrouwen hebben we aan de Voedselbank gegeven. Dat maakt dat ik deze motie wil ontraden. Ik ben blij dat de Voedselbank
8
betrokken is, de voorzitter is aanwezig en ze hebben deze suggestie vast gehoord, maar het is aan hen om te kijken wat het beste op deze plek in de stad past. Dank u wel. Amendement 1, Voedselbank – verbouwing Waalstraat, van de PVV. Mevrouw VISSCHER (stemverklaring): Zoals we ook in de commissie hebben aangegeven, is het voor ons echt een principezaak dat geld voor armoede ook echt voor armoede en niet voor stenen en gebouwen wordt gebruikt. Naar onze mening kan ook incidenteel geld prima worden gebruikt voor dingen die nog nodig zijn op het gebied van armoede in onze gemeente. Dus wij zullen voor het amendement stemmen. De heer VAN HAREN(stemverklaring): Overgebleven incidentele middelen op een duurzame en blijvende manier investeren waar de doelgroep de komende 20 tot 25 jaar plezier van heeft, is wat ons betreft de allerbeste besteding van dit geld en daarom zijn we tegen dit amendement. Mevrouw VAN OPDORP(stemverklaring): We zijn voor het amendement. We kunnen ons volledig aansluiten bij de woorden van de heer Van Hattem, daar is geen speld tussen te krijgen. De heer VAN SILFHOUT (stemverklaring): Zoals in de commissie al aangegeven, zijn wij ook voor het amendement om het uit andere middelen, de post Onvoorzien, te halen. Wij lazen de koppelkansen met de Dierenvoedselbank op de Waalstraat eigenlijk meer als een vraag.
De wethouder heeft dat nu ook gedaan en daarom is de motie wat ons betreft zonder gevolg. Ik denk dat iedereen wat dat betreft gewoon met deze motie kan instemmen, de vraag is toch al gesteld. Mevrouw CRASTE (stemverklaring): D66 is ook tegen het amendement. We vinden het prachtig dat er met incidentele middelen echt structureel impact wordt gemaakt. Amendement 1 is door de gemeenteraad verworpen De leden van de fracties van De Bossche Groenen (mw. Hendrickx, Hoeben, mw. Van Opdorp), SP (mw. Visscher), PVV (Van Hattem), 50PLUS (mw. Hernández), VOOR Den Bosch (Gersjes), Volt (Van Silfhout) en PvdD (mw. Samshuijzen) hebben voor gestemd. Motie 1, Koppelkansen en samenwerking aan de Waalstraat, van PvdD, PVV en VOOR Den Bosch Mevrouw VAN OPDORP (stemverklaring): Ik vind het eigenlijk treurig dat deze motie er moet zijn. Wij steunen hem van harte, maar in principe vind ik dat moet worden nagedacht over wat er dan wel met de Dierenvoedselbank moet gebeuren als dit geen optie is. Ik hoopte eigenlijk op een voorzet hiervoor. Mevrouw HERNÁNDEZ (stemverklaring): Wij vinden de motie sympathiek en wij zouden hem graag willen steunen. Wij hebben er alle vertrouwen in dat de Voedselbank zelf tot deze conclusie kan komen en samen met deze club gaat werken. Dank u wel.
Mevrouw VISSCHER (stemverklaring): Wij hebben ook eerder moties hierover gesteund en ik weet niet precies waarom en waar het steeds misgaat, maar ik wil graag deze motie steunen om het nog een keer te proberen. Mevrouw DOĞAN (stemverklaring): We hadden het graag heel anders gezien op deze locatie, maar er werd al duidelijk dat dit niet mogelijk is en om die reden zullen wij tegen stemmen. De heer VAN CREIJ (stemverklaring): Ik zal ook tegen deze motie stemmen hoewel ik eigenlijk graag zou zien dat het zou kunnen. Ik heb het technisch bij een van de bestuursleden van de Voedselbank nagevraagd en ze zijn wel bereid tot verhuur van de bovenruimte, maar ze zien het technisch gezien niet zitten. Ik roep de wethouder wel op om samen met de Dierenvoedselbank echt naar een oplossing te zoeken. Mevrouw VAN DER KALLEN (stemverklaring): Wij zullen tegen stemmen want er zijn meer maatschappelijke initiatieven die daar misschien voor in aanmerking komen en we zien graag dat de Voedselbank zelf kiest wat daar het beste past.
9
Motie 1 is door de gemeenteraad verworpen De leden van de fracties van D66 (mw. Craste, El Amraoui, Van den Kerkhof, mw. Muller, Van Rens), De Bossche Groenen (mw. Hendrickx, Hoeben, mw. Van Opdorp), SP (mw. Visscher), Leefbaar 's-Hertogenbosch (Kagie), PVV (Van Hattem), VOOR Den Bosch (Gersjes), Volt (Van Silfhout) en PvdD (mw. Samshuijzen) hebben voor gestemd. Het Voorstel Voedselbank – verbouwing Waalstraat is door de gemeenteraad unaniem aangenomen. MOTIES VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG BESPROKEN IN COMMISSIE De VOORZITTER: Dan gaan we over naar de moties besproken in de commissie en ik begrijp uit de discussie over de vaststelling van de agenda dat iedereen akkoord gaat met de voorstellen zoals ze nu voorliggen. De heer KABBOUTI: Misschien een punt van orde. De motie vreemd aan de orde van de dag 'Meerdere vormen voor begraven op de algemene begraafplaatsen'. Er is vandaag nog wat contact geweest en nog wat technische zaken moeten worden uitgekristalliseerd, dus we trekken de motie voor nu even in. We houden hem aan, dat is hetzelfde. De VOORZITTER: Nee, bij aanhouden wordt hij totaal niet behandeld, dus hij wordt gewoon ingetrokken en opnieuw geagendeerd. De heer KABBOUTI: Hij wordt opnieuw geagendeerd voorzitter.
De VOORZITTER: Oké, dan hebben wij vanavond nog twee onderwerpen te gaan, de discussie over de Duurzame Polder en het complex Weener XL en de vrijkomende locatie. 11. Duurzame Polder 11.a Motie vreemd aan de orde van de dag Coöperatieve samenwerking in de Duurzame Polder 11.b Motie vreemd aan de orde van de dag Back to basic 11.c Motie vreemd aan de orde van de dag Gezondheid inwoners boven energieopgave 11.d Motie vreemd aan de orde van de dag Molenaarswoningen 11.e Motie vreemd aan de orde van de dag Eerst windmolensimulatie De VOORZITTER: We hebben vijf moties over de Duurzame Polder. Motie 11.a is naar aanleiding van de discussienotitie in de commissie en ik geef de heer Kouwenberg daarover het woord. Dan de heer Van Creij van gewoon ge-DREVEN die vier moties heeft ingediend en daarna is er de mogelijkheid voor de andere raadsleden om daarop te reageren, dan komt de portefeuillehouder en daarna is een tweede termijn mogelijk, het is gewoon een debatstuk. Ik geef als eerste het woord aan de heer Kouwenberg en dat mag u hier doen. De heer KOUWENBERG: Ja dank u voorzitter. De plaatsing van maximaal veertien windmolens in de Duurzame Polder binnen de vastgestelde kaders heeft ongetwijfeld impact op de omgeving. Wij zijn ons hiervan bewust en zijn vastberaden om deze uitdaging aan te gaan, dat zijn we en dat blijven we.
Eerder hebben wij samen met de VVD een motie ingediend om snel financiële participatie te realiseren door omwonenden als eerste te laten profiteren van de voordelen van de windmolens en wij streven ernaar eventuele overlast voor de omgeving optimaal te compenseren. Onze volgende motie is gericht op het verder versterken van de belangen van omwonenden, we pleiten ervoor dat deze belangen bij voorkeur worden behartigd in coöperatieve vorm. Hierbij valt te denken aan mitigerende maatregelen zoals het stilzetten van molens op bepaalde tijdstippen of de directe afname van energie. Door deze zaken in coöperatief verband te regelen, voorkomen we versnippering van eigendom en kunnen efficiënter afspraken worden gemaakt, immers wat kun je alleen bereiken? Bovendien is het van belang dat zowel participanten als omwonenden inspraak hebben ongeacht of zij wel of niet in het windpark investeren. Daarom verzoeken de partijen Rosmalens Belang, VVD, GroenLinks en zes andere partijen het college om lokaal eigendom vorm te geven door te streven naar coöperatieve vormen. Op deze manier wordt lokaal zeggenschap en waar mogelijk lokale afname van energie gewaarborgd. Tot zover.
10
De heer VAN CREIJ: Op 18 maart jl. hebben we gesproken over de discussienotitie Voorkeursvariant de Duurzame Polder en het mag duidelijk zijn dat gewoon ge-DREVEN geen voorstander van de voorkeursvarianten is, in principe handen af van de polder. Toch willen wij met de ingediende moties richting geven aan de verdere uitwerking van de discussienotitie en zo de wethouder toch wat handvatten meegeven. In motie 1 over de molenaarswoning staat een vrij technisch verhaal, die zit in principe moeilijk in elkaar en we hebben deze motie in het verlengde van onze bespreeknotitie van oktober 2023 opgesteld. Gewoon ge-DREVEN ging en gaat voor een goed woon- en leefklimaat voor mens en dier. Bij de behandeling van de bespreeknotitie gaven vrijwel alle partijen aan dat de molenaarswoning een directe binding met een windmolen moet hebben. Een molenaarswoning krijgt in principe meer overlast en het college kan besluiten de geluids- en schaduweisen terzijde te leggen. Dan over wat in oktober jl. is besproken, een binding met de windmolen hebben, ik geef een voorbeeld.
Als de huurder en de verhuurder afspreken dat de huurder bij wijze van spreken een keer per dag buiten moet kijken of de molen er nog staat dan is dat juridisch gezien een binding en dat is geen goed woon- en leefklimaat creëren, Vandaar dat wij deze motie hebben opgesteld om nogmaals te benadrukken dat een molenaarswoning ook echt een goed woonen leefklimaat moet hebben. Windmolens zitten nogal in onze genen want we hebben in april 2023 middels een discussienotitie een voorzet gedaan voor de motie Gezondheid gedaan en toen gaven vrijwel alle raadsfracties aan dat gezondheid in de uitwerking van de voorkeursvariant op nummer 1 moet staan. Gewoon ge-DREVEN ziet dat in de voorkeursvarianten toch heel veel de nadruk is gelegd op de energieopwekking en het maximaal aantal te plaatsen windmolens en wij zouden dan ook graag zien, en dat is ook een beetje het dictum van het voorstel, dat de volksgezondheid nadrukkelijker in de besluitvorming over het raadsvoorstel dat eind 2024 voorligt wordt meegenomen. Dan motie 3 over de windmolensimulatie. In de stukken staat dat het een hele puzzel is om te komen tot het plaatsen van de in het bestuursakkoord gewenste veertien tot zestien windmolens en de vraag is of we zestien windmolens willen of de maximale energie willen opwekken? Dat vraag ik specifiek aan de coalitiepartijen.
Door de opstelling van de windmolens vangt de ene windmolen straks mogelijk wind af van de andere windmolen. Dan kunnen wij straks zestien windmolens plaatsen, maar wat als dan maar energie voor acht of tien windmolens wordt opgewekt, ik noem maar een neutraal aantal? Laat een windsimulatie uitvoeren, de TU Delft heeft daar de mogelijkheid voor, om te kijken of de voorkeursvariant het maximale rendement oplevert. Vandaar deze motie en dan de laatste motie Back to basic. Ga nu eens terug naar de tekentafel. Wat hebben wij meegegeven? Dat is de in principe de RES-opgave en dat zouden zeven tot tien windmolens zijn. De coalitiepartijen hebben na de verkiezingen besloten dat het er zestien zouden worden, tien plus drie plus drie, gebaseerd op 2045 en het versnellen van de energietransitie. Ik heb het ambtelijk nagevraagd en de raad heeft het versnellen nooit vastgelegd. Vandaar dat wij met deze motie eigenlijk een knip in de besluitvorming over de dure Duurzame Polder willen maken. De heer VAN SILFHOUT: Ik dacht dat de heer van Creij klaar was en ik heb een vraag over de derde motie. Ik las dat de TU Delft nu twee windmolens in een windtunnel kan simuleren en hier gaat het om een park met zestien windmolens, Kan de TU Delft dat ook? Dat is even mijn technische manco bij deze. Motie. De heer VAN CREIJ: Dank voor uw vraag.
Dat heb ik niet nagevraagd, maar stel dat dit niet zou kunnen, dan kan de wethouder terugkomen met 'het is niet mogelijk'. Als het de TU Delft nu met twee kan dan denk ik dat het in een kleinere opstelling wel kan worden gerealiseerd, dat zou een uitwerking kunnen zijn. Ten slotte heb ik twee vragen aan de wethouder. De wethouder heeft eerder aangegeven dat de windmolens eventueel subsidieloos kunnen worden gebouwd, is dat nog steeds zo? 1 januari 2025 is geen harde datum meer, moet nu de bestuursovereenkomst tussen het rijk, de provincie en de overige gemeente worden aangepast? Tot zover in eerste instantie. De heer VAN HATTEM: Ik sluit me van harte aan bij een aantal door de heer Van Creij genoemde kritiekpunten en ik ga even in op de verschillende moties. Allereerst die over de coöperatieve samenwerking in de Duurzame Polder, de motie van Rosmalens Belang en een aantal andere partijen, daarin valt de PVV-fractie een aantal zaken op. Allereerst staat in de overwegingen dat binnen de bestaande randvoorwaarden afspraken over het realiseren van de windmolens in de dure Duurzame Polder zijn gemaakt. De PVV Den Bosch heeft zich niet aan die randvoorwaarden in het bestuursakkoord verbonden, we moeten juist van deze afspraak af, dus geen windturbines in de Rosmalense Polder, dat is ons uitgangspunt.
Dan het tweede punt dat windmolens impact hebben op de omgeving en omwonenden en het daarom van belang is om omwonenden aan het project te laten deelnemen. Wetende dat de windturbines deze impact hebben op de omgeving en omwonenden moet 11
je juist het voorzorgsbeginsel toepassen en voorkomen dat deze negatieve gevolgen optreden. Dat los je niet op door omwonenden aan het project te laten deelnemen, dat is slechts de schade met wat zilverlingen afkopen, zeker nu uit onderzoeken blijkt dat windturbines zeer veel meer nadelige gevolgen hebben voor de volksgezondheid, denk bijvoorbeeld aan laagfrequent geluid en de zeer zorgwekkende stoffen zoals Bisfenol A en ook het kabinet erkent dit voor het laagfrequent geluid. Er wordt in de motie ook gesproken over een aangenomen motie over het lokaal verdelen van de lusten van de Bossche windmolens. De PVV Den Bosch heeft deze motie niet gesteund, maar je kunt überhaupt pas van lusten spreken als de lasten hiertegen zijn wegstreept en dan is het nog maar de vraag wat er effectief van die lusten overblijft. Er wordt ook gesteld dat het wenselijk is dat participanten en omwonenden zeggenschap krijgen, meedoen en meepraten, ook als je niet kunt of wilt investeren in het windpark. De participatie moet niet gaan om het investeren, maar om het ontwikkelingstraject van het windpark, daarin moeten de omwonenden veel meer een stem krijgen. Ook wordt gesteld dat de Duurzame Polder kansen biedt om omwonenden hun energieverbruik te laten verduurzamen door directe afname bij de energieleverancier die zich verbindt aan de windmolens in de Duurzame Polder.
Dat is wat ons betreft een slag in de lucht omdat hun energieverbruik verduurzamen vooral afhankelijk is van de isolatiewaarde van de woning, maar ook van de situatie van teruglevering en de miljardeninvesteringen in netverzwaringen maakt dit onder de streep tot een kulargument. Er wordt ook gesteld dat naast de directomwonenden een brede doelgroep, culturele organisaties, sportclubs en ondernemers, moet kunnen profiteren van de lokale energieopwekking. Ook hierbij geldt de vraag of er onder de streep met meerekening van alle daadwerkelijke kosten en lasten wel sprake is van profiteren of dat gaat om het via heffingen profiteren ten laste van de belastingbetaler en de andere energieverbruikers. Ook bij windparken op zee neemt nu de bereidheid van investeerders om in te stappen af, zie de afgelopen week de situatie door Eneco. Dan stelt de motie 'spreekt uit dat het bij een goede samenwerking en betrokkenheid van belang is dat de verschillende partijen tijdig betrokken worden bij financiële participatie en dat het helder is waarover en wanneer afspraken worden gemaakt'. Allereerst al de vraag aan de indieners van de motie wie die verschillende partijen zijn en om welke afspraken het concreet moet gaan, dat is heel vaag geformuleerd.
Ook staat in het dictum: 'Het wenselijk is dat directomwonenden en de bredere doelgroepen op particulier initiatief mee kunnen praten en beslissen over de uitvoering en de exploitatie van de windmolens, waarmee de acceptatie en het draagvlak groeit'. In hoeverre is dan sprake van daadwerkelijk meepraten en meebeslissen over de uitvoering, dat zit namelijk ook allemaal in de procedures, terwijl die uitvoering al in de plannen is opgenomen? Acceptatie en draagvlak laten groeien, is ook een verkeerde insteek als het draagvlak er gewoon niet is. Dan 'verzoekt het college om lokaal eigendom in te vullen door aan te sturen op coöperatieve vormen et cetera'. Het is begrijpelijk dat omwonenden niet alleen met de lasten zouden moeten worden geconfronteerd, maar de vraag is en blijft in hoeverre effectief sprake zal zijn van lusten. Een doekje voor bloedend doet in essentie niets af aan de volstrekte onwenselijkheid en de onacceptabele gevolgen van dit megawindpark. PVV Den Bosch zal deze motie dan ook niet steunen. In de motie van de heer Van Creij staat 'in principe handen af van de polder', maar vervolgens komt hij in de motie Back to basic met de oproep om een aantal zaken uit te werken en met een voorstel te komen. Laat eerst dat voorstel maar komen, maar wij zeggen nog altijd: handen af van de polder. Dat is wat de PVV betreft het uitgangspunt, er moet gewoon geen windpark komen.
Tot zover voorzitter. Mevrouw HUIJBRECHTS: Allereerst staat GroenLinks zeer positief tegenover de ontwikkelingen van en de voortgang die wordt geboekt met het realiseren van de Duurzame Polder. Mijn fractie vindt het van belang dat de impact op het klimaat zo snel mogelijk wordt teruggedrongen en we vinden het belangrijk dat de verschillende thema's zoals gezondheid, noodzakelijke opwek en natuur, in dit voorstel goed worden afgewogen. Wij vinden ook de eerlijke verdeling tussen van kansen en middelen en de burgerparticipatie zeer belangrijk en daarom hebben we samen met de VVD en met Rosmalens Belang deze motie opgesteld, zodat omwonenden kunnen meedenken, onderdeel van een energiecoöperatie kunnen zijn en daarmee ook de lusten en de lasten kunnen worden verdeeld. Daarnaast is de GroenLinksfractie van mening dat een energiecoöperatie een goede bijdrage kan leveren aan het vergroenen van het stroomverbruik, zo is ook bij de Bossche Windmolen West zichtbaar dat veel mensen op groene energie zijn overgestapt en dat de energiearmoede is afgenomen. Gezien de inspraak van de omwonenden via de coöperatie die ook kan helpen bij het verminderen van de gezondheidseffecten van de Duurzame Polder, hebben we twee verzoeken aan de wethouder en het eerste verzoek gaat over de mate van eigendom van de coöperatie.
We vinden het van belang dat de coöperatie door één coöperatie wordt ingevuld en dat er geen versnippering plaatsvindt, zodat de coöperatie minimaal 50% eigenaar van de windmolen kan zijn en daarmee ook een gelijkwaardige gesprekspartner in het eigenaarschap van de windmolen. 12
De heer VAN CREIJ: Even een vraag aan GroenLinks. U zegt 'één corporatie', wilt u één coöperatie voor het gehele gebied Oss en Den Bosch of sec één voor Den Bosch en één voor Oss? Mevrouw HUIJBRECHTS: We vinden het van belang dat de coöperatie in ieder geval op het niveau van de windmolens voldoende inspraak heeft, dus het hangt af van de verdeling van de windmolens over verschillende eigenaren, maar op het moment dat er een gezamenlijk eigenaarschap van een windmolen is, moet er in ieder geval minimaal 50% eigenaarschap zijn want als je versnippering krijgt, heeft die coöperatie toch niet de inspraak die deze zou moeten hebben. Om die reden vragen wij de wethouder om een reactie op dit voorstel. Het tweede punt is eerder ook al benoemd door de collega van de PVV, dat de coöperatie al in de aanloop van de plannen een rol krijgt en we vragen de wethouder om iets meer toelichting te geven op wanneer wordt verwacht dat zo'n coöperatie wordt opgezet om die gezondheidseffecten te minimaliseren en of de coöperatie al tijdens de vergunningaanvraag en de plannen inspraak kan krijgen. Samengevat ziet GroenLinks deze motie als zeer belangrijk voor het beperken van de gezondheidseffecten van de windmolens binnen de RES-opgave en binnen de klimaatdoelstellingen, we zijn dan ook blij met de brede steun die deze motie al heeft gekregen. Tot zover.
Mevrouw DE GROOT: De Bossche VVD vindt lokaal eigendom en lokale zeggenschap essentieel om de directomwonenden en de lokale gemeenschap in positie te brengen. Daarom dienen we vandaag in navolging op de motie 'Financiële participatie in de Duurzame Polder' samen met Rosmalens Belang, GroenLinks en andere partijen de motie 'Coöperatieve samenwerking' in. Zo zorgen we ervoor dat de lokale gemeenschap zelf aan het stuur zit, invloed heeft op het inzetten van de opgewekte energie in de Duurzame Polder en uiteindelijk ook op het nemen van mitigerende maatregelen. Op deze manier kunnen we het maatschappelijk rendement van de windmolens op een hele goede manier invullen en maken we de energietransitie haalbaar en betaalbaar. De heer VAN HATTEM: Ik verbaas me er een beetje over dat de VVD onder deze motie staat want mevrouw De Groot vroeg eerder vanavond terecht naar de gevolgen van de landelijke regelgeving op het voorgenomen windpark in de Duurzame Polder en nu wordt al gesproken over allerlei opbrengsten en dat soort zaken die blijkbaar al als waarheid worden aangenomen.
Zou het niet veel verstandiger zijn om eens te kijken of het met al die landelijke maatregelen überhaupt wel tot dit windpark kan komen voordat op dit soort ontwikkelingen wordt voorgesorteerd? Mevrouw DE GROOT: Ja mijnheer Van Hattem, volgens mij kunnen we het een doen en het ander niet laten, namelijk ons zorgvuldig voorbereiden op de momenten dat de ontwikkeling uiteindelijk mogelijk blijkt te zijn, ervoor zorgen dat de omwonenden op een goede manier in positie zijn gebracht als de ontwikkeling mogelijk blijkt en tegelijkertijd goed kijken naar wat de nieuwe landelijke uitgangspunten zijn waarmee we rekening moeten houden. We bevragen er het college kritisch op of daarmee voldoende rekening wordt gehouden en wij spreken alle vertrouwen uit in de uitvoering zoals die wordt opgepakt. De heer VAN HATTEM: Dat klinkt leuk en aardig, maar worden de omwonenden op deze manier in de planontwikkeling voor het windpark eigenlijk niet een klein beetje gebruikt in de zin van 'als ze maar mee kunnen doen in zo'n coöperatie dan is het acceptabel om het windpark wel te kunnen ontwikkelen' in plaats van hun zorgen en de impact op hun leven, hun leefomgeving en hun gezondheid echt serieus te nemen, die af te wegen en dat ten principale te doen in plaats van het hiermee een beetje als een goedmakertje neer te leggen.
Mevrouw DE GROOT: Die discussie hebben voor een vrij groot deel al gevoerd toen we een jaar geleden de motie over financiële participatie in behandeling hadden. Het gaat nu echt om de plus daarbovenop, namelijk het vormgeven van financiële participatie via een coöperatie en niet over financiële deelname an sich. De heer VAN HATTEM: Ja dat is de vorm, maar het gaat om het principe en het principe blijft… Gelet op die landelijke ontwikkelingen waar de VVD-fractie net terecht aandacht voor vroeg, zitten we nu met een ontwikkeling met een grote mate van onzekerheid en dan moet je die omwonenden toch niet met een kluitje in het riet sturen door te zeggen 'we kunnen een coöperatie oprichten en dat kan heel rendabel zijn, dan hebt u allemaal geen klagen meer en daarmee worden alle ontwikkelingen voor de omgeving gecompenseerd'? 13
Mevrouw DE GROOT: Mijnheer Van Hattem, ik constateer vooral een principieel verschil van inzicht. Op het moment dat u met de directomwonenden in gesprek gaat, is er ook heel veel positieve energie om op een goede manier invulling te geven aan ontwikkelingen die we daar voor ogen hebben en dat het aantal mensen dat echt niet wil meedoen ook op deze manier niet tevreden wordt gehouden. In die zin is het zeker geen gebruik van de omwonenden. De heer VAN CREIJ: Ook richting de VVD die ik zojuist hoorde zeggen dat de omwonenden goed in positie zijn gebracht, maar wanneer breng je de omwonenden goed in positie? U zegt steeds dat ook de lusten daar terecht moeten komen, maar op het moment dat zij in zo'n coöperatie stappen, geven ze hun recht op het kunnen maken van bezwaar en op planschade op. In hoeverre ziet u daar ook nog lusten? Mevrouw DE GROOT: Volgens mij is het geenszins aan de orde, maar voor de technische beantwoording wacht ik graag de reactie van de wethouder af. Dat was mijn bijdrage. De heer VAN SILFHOUT: Er liggen vijf moties voor en aan de eerste motie wil ik eigenlijk alleen maar toevoegen dat we daar in 2023 een debat over hebben gevoerd. Wij zijn groot voorstander van een gemeentelijk energiebedrijf zodat alle Bossche inwoners mee kunnen profiteren.
Dit is the next best thing, het volgende waarvoor we kunnen gaan is een coöperatie waar mensen inspraak hebben in hoe de windmolens draaien en hoe de energieopbrengst en de lusten daarvan worden verdeeld. Daarom staan we onder de motie en we zien die als een goed werkbaar middel als alternatief voor een energiecoöperatie vanuit de gemeente. Dan over de andere vier moties die voorliggen. Over de eerste drie kan ik kort zijn, daar zullen we tegen stemmen. Ik zal iets langer op vierde motie ingaan omdat de heer Van Creij daar een mooie zinsnede in heeft gezet, namelijk 'spreekt uit dat de energieopbrengst van mogelijk windmolens belangrijker is dan een getal 16 vanuit het bestuursakkoord'. Volgens mij zijn we het er allemaal over eens, in ieder geval een deel van deze raad dat voor ons de energieopbrengst vooral belangrijk is. Helaas staat in 'verzoekt' een trainerend element waarmee je zegt 'als we dit gaan doen, gaan we nu op de rem trappen en wachten op een simulatie die misschien niet kan worden gedaan. Dat lijkt ons niet de weg voorwaarts en we kunnen zo niet voor deze motie zijn, maar we zijn niet tegen het idee van het simuleren om te kijken wat de precieze energieopbrengst wordt. Als u daar nog iets mee kunt, mijnheer Van Creij dan hebt u mijn volledige zegen. In deze vorm kunnen wij niet meestemmen, maar dank u voor de moeite.
Wethouder VAN DER GELD: Allereerst motie 11.a, Coöperatieve samenwerking. Het college is groot voorstander van coöperatieve samenwerking en zeker ook in de Duurzame Polder omdat dit helpt bij het betrekken van de inwoners en het eigenaarschap zoals inwoners dat voelen, ook bij de windmolens die daar gaan draaien. Het zijn geen windmolens van ver weg, maar juist windmolens in de nabijheid. Dus geen bezwaren tegen motie 11.a, Coöperatieve samenwerking. De heer VAN DER KRABBEN: Even een korte vraag daarover. We werken op dit terrein samen met de gemeente Oss, hoe is de gedachtegang in Oss hierover, wordt er daar ook aan gewerkt? Ergens op de grond loopt een gemeentelijn, maar uiteindelijk ben je toch samen bezig. Wethouder VAN DER GELD: Ik ken ook bijvoorbeeld Eijgen Polder Energie, een initiatief dat over de gemeentegrenzen heen valt. Tegelijkertijd zijn er ook andere uitgangspunten tussen de raden van Oss en Den Bosch en we moeten goed kijken hoe we ervoor zorgen dat de lusten ook in Den Bosch op een eerlijke manier landen, maar er is zeker samenwerking tussen de gemeenten. Ik hoop dat ik daarmee antwoord op de vraag van de heer Van der Krabben heb gegeven.
Mevrouw VISSCHER: U hebt eerder toegezegd dat op gemeentelijke grond alleen gemeentelijke windmolens komen, hoe verhoudt zich dat tot deze motie? Wethouder VAN DER GELD: Een coöperatieve molen is niet hetzelfde als een gemeentelijke molen en volgens mij moeten er zeker afspraken met initiatiefnemers worden gemaakt over hoe om te gaan met die lusten en lasten en daar kan het creëren van coöperatieve molens zeker onderdeel van zijn. Dat heb ik ook gezegd in debatten over gemeentelijke molens, ik heb gezegd dat die niet dé oplossing zijn, je hebt bijvoorbeeld ook coöperatieve molens en als je een gemeentelijke molen plaatst dan neem je de ruimte weg om bijvoorbeeld tot een coöperatieve molen te komen. Ik denk dat er best met initiatiefnemers is te spreken over coöperatieve molens niet zijnde op gemeentelijke grond. Ik kom 14
straks terug op de drie vragen die zijn gesteld. Ik kan kort zijn over de motie Back to basic, dat is een herhaling van zetten met de heer Van Creij, maar dat is in die zin altijd goed. Deze motie is in strijd met wat we in het bestuursakkoord hebben afgesproken en in die zin moet ik die motie echt ontraden. Dan motie 11.c en 11.d die beide op de gezondheid ingaan. Zoals ik ook bij de rondvraag al aangaf, zit hier een soort aanname in alsof het college geen oog heeft voor de door de raad afgegeven kaders op het gebied van gezondheid. Het tegendeel is waar, we varen scherp aan de wind maar tegelijkertijd brengen we het wel in balans met een opgave rondom energieopwekking. Wij ontraden daarom de moties 11.c en 11.d. De heer VAN HATTEM: Scherp aan de wind varen is in dit verband wel een gepaste uitdrukking, maar dan wil ik ook het wel graag scherp houden richting de wethouder. Het kabinet heeft onlangs toegegeven dat er aan windturbines veel meer gezondheidsrisico's zitten. Onder andere na uitvoerige klachten van heel veel huisartsen in het noorden van het land zijn heel veel dingen vastgesteld, rond het dorp Mede, en er is ook erkend dat die klachten door laagfrequent geluid komen. Nu koppelt de wethouder het direct weer aan 'we hebben wel een energieopgave'.
Zou het niet veel belangrijker zijn om eerst toch echt serieus te kijken naar de gezondheidseffecten voordat je zegt 'We moeten en zullen die energie- en klimaatopgave halen'? Eerst kijken wat de serieuze en door het kabinet erkende effecten op de volksgezondheid zijn. Wethouder VAN DER GELD: Ik heb zojuist bij de rondvraag ook aangegeven dat hetzelfde kabinet ook komt met nieuwe conceptnormen die bijvoorbeeld ingaan op geluid en dat hetzelfde kabinet als waarover de heer Van Hattem sprak ook met die geluidsnormen komt. Wij hebben die geluidsnormen in dit kader overgenomen en daarmee geef ik aan dat we wel degelijk ook oog voor die belangen hebben. De heer VAN HATTEM: Ja oog hebben voor belangen is iets anders dan er serieus iets mee doen. We hebben eerder de situatie gehad dat het windpark bij Engelen is geplaatst en ik begreep uit de media dat daar onder andere een huisarts heeft vastgesteld dat een groot deel van het dorp door het effect van die windturbines nu gezondheidsklachten heeft.
Zijn die klachten bij de wethouder bekend en wat doet hij daarmee? Wethouder VAN DER GELD: Die signalen uit de media zijn niet concreet bij mij bekend, ik heb een heel ander beeld, namelijk dat er wel degelijk ook zeer meewerkend is samengewerkt met inwoners als het gaat om slagschaduw, geluidsoverlast et cetera, ook als het gaat om het tijdig stoppen en voorkomen van slagschaduw en dergelijke, ik heb daar ook inwoners over gesproken. Daar heeft overigens ook de coöperatieve molen in een zeer samenwerkende houding met omwonenden op gehandeld. Dus ik herken die signalen niet. De heer VAN HATTEM: Een samenwerkende houding met omwonenden, maar die omwonenden hebben geen keuze, zij krijgen dat windpark in hun omgeving gedouwd en hebben daarmee te dealen en mee te leven. Als er serieuze signalen zijn dat zo veel mensen in het dorp Engelen klachten hebben, heeft de wethouder dan niet proactief gehandeld en gekeken wat de gezondheidseffecten zijn, is er bijvoorbeeld een GGD-onderzoek uitgezet of iets anders gedaan? Dit was toch wel een heel serieus bericht dat hierover onlangs in de media verscheen, dit is vastgesteld door medici hebben te maken hebben met mensen hierdoor echt gezondheidsklachten ondervinden.