Notulen raadsvergadering 2023-06-06
Tekst van het document
Ik begrijp dat we niet alles kunnen doortrekken en die locaties met elkaar kunnen vergelijken, daar ben ik het zelfs helemaal mee eens, maar de argumenten die u bij de Kanaalboulevard gebruikte, zou u hier volgens mij niet moeten gebruiken want een rotonde op deze plek zou juist geen verbetering zijn. Mevrouw HENDRICKX: Dezelfde verbazing overviel mij ook toen mijn fractie positief op de motie adviseerde: wat krijgen we nou, ik ben helemaal niet voor rotondes want die zijn hartstikke onveilig, op Noord worden constant mensen aangereden. Deze rotonde is echter een hele andere omdat de fiets en de auto zijn gescheiden. Vandaar dat wij vinden dat je niet de hele infrastructuur hoeft aan te pakken, het is al hartstikke veilig. Ziet u zelf ook het verschil tussen die twee verschillende inrichtingen en dus ook de gevolgen en de verkeersveiligheid? Wethouder ROY GEERS: Ik zie wel degelijk de verschillen en daarom gaan wij ook per situatie bekijken wat de juiste oplossing is. Met de kennis van nu zien we op dit moment dat een kruising op die locatie voor een betere doorstroming kan zorgen en daarom staat dit in het voorstel als zijnde het huidige inzicht. Wij zorgen er natuurlijk voor dat we dat goed oppakken en uiteindelijk met een definitief voorstel bij uw raad komen. Wij zullen deze motie ontraden. De heer VAN CREIJ: Ik heb een verduidelijkende vraag.
Ik heb net in mijn bijdrage aan de wethouder gevraagd hoe hij er tegenaan kijkt. Nu staat in de stukken dat de huidige rotonde wordt vervangen door een kruising, maar in de onderzoeksrapporten staat 'de huidige rotonde optimaliseren'. Wat gaat het nu worden, wordt hij vervangen of is het optimaliseren? Wethouder ROY GEERS: Volgens mij heb ik daar net een richting in gegeven. Nu staat dit in het voorstel met de huidige kennis die we hebben. Voordat we alles definitief uitwerken, bekijken we natuurlijk op grond van de laatste rapporten wat de beste variant is en dan maken we een definitieve keuze. Met de kennis van nu zouden we uitgaan van een kruising. De rapporten kunnen natuurlijk achterhaald zijn omdat we andere plannen voor de Noordoosthoek hebben. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Omdat net aan de Kanaalboulevard werd gerefereerd daar ook even een klik naartoe. We zagen toen dat er een beetje ruis op de lijn was omdat bij sommige mensen wat informatie over technische zaken en onderliggende redenen van de keuzes ontbrak. U geeft aan terug te komen met een verder uitgewerkt voorstel en een definitieve keuze, kunnen we daarin ook de informatie die we nu missen verwachten? Er staat nu heel stellig dat het een kruising met verkeerslichten wordt.
Zitten er bij het voorstel waarmee u nog komt rapporten en onderzoeken waarin staat waarom een bepaalde keuze wordt gemaakt, zodat we in ieder geval de onderbouwing hebben? Wethouder ROY GEERS: Uiteraard sturen we de onderbouwing van ons voorstel mee. Dan motie 40, ingediend door de VVD als hoofdindiener. We hebben geen bezwaar tegen motie 40 waarin wordt verzocht de resterende middelen van de Bossche Zomer in te zetten. Natuurlijk gaat er in de Bossche Zomer nog het nodige gebeuren en kunnen we ook kijken welke middelen we richting de winterse sferen kunnen meenemen. Zoals ik al heb toegezegd, doen we er alles aan om u nog voor de zomer van 2023 te informeren. Ik zie ook een motie 45 waarvan ik aanneem dat die nog niet is ingediend omdat de PVV er bij de eerste termijn nog niet was. Die motie is aan de ene kant veel opener omdat daar geen restrictie in een budget in staat en daarmee is het eigenlijk een onbeperkt financieel verzoek, plus het feit dat we ook nog echt naar u toe moeten komen met een wijziging op de begroting en dat zal wellicht wel heel zuiver zijn, maar wij kennen ook de afspraak dat, als u in een motie akkoord gaat met een bepaalde budgetverschuiving, we dat via de MARAP en de jaarrekening verantwoorden. Wat dat betreft motie 40 geen bezwaar en ontraden we motie 45. U hebt natuurlijk de 40
mogelijkheid om die twee samen te voegen omdat ze nogal op elkaar lijken. De heer VAN HATTEM: Zo is het ook bedoeld, het is bedoeld om het te versterken, om uiteindelijk te zorgen dat het winterevenement, wat mij betreft het kerstevenement, gewoon kan doorgaan. De wethouder zegt te proberen de raad hierover voor de zomer van 2023 te informeren, maar dat zegt niets over een concrete dekking. Mijn vraag is of dan ook wordt gezocht naar een dekking binnen het lopende begrotingsjaar, zodat we straks te horen krijgen dat er binnen dit jaar geen budget is. Kan de wethouder daarin een financieel vooruitzicht geven? Wethouder ROY GEERS: Volgens mij gaat motie 40 daarover, daarin wordt die dekking eigenlijk gezocht bij de middelen voor De Bossche Zomer. De heer VAN HATTEM: Dat is inderdaad een mogelijkheid, maar als die middelen misschien niet genoeg zijn of in de Bossche Zomer al zijn opgesoupeerd, kijkt het college dan wel naar een dekking voor het winterevenement en neemt het dat mee in het plan dat voor de zomer van 2023 aan de raad wordt aangeboden? Wethouder ROY GEERS: Wij verwachten dat we met motie 40 zoals die er ligt voldoende mogelijkheden hebben om winterse sferen in onze binnenstad te creëren. Dan motie 38. De Magistratenlaan staat te boek als een doorstroomas en dat betekent dat we daar grote hoeveelheden gemotoriseerd verkeer doorheen moeten brengen.
Er is wat verwarring ontstaan doordat wordt gezegd dat we de Parallelweg gaan vergroenen en het verblijfsgebied gaan verbeteren. Dat is logisch, maar dat geldt voor het noordelijke deel van de Parallelweg dat een groen verblijfsgebied tussen het Innovatiekwartier en het EKP-terrein-Noord en -Zuid moet worden. Dat heeft geen doorstroomasfunctie, maar heeft echt verblijfskwaliteit en is een stuk openbare ruimte, maar dat neemt niet weg dat het zuidelijke deel van de Parallelweg, de Magistratenlaan en de Nelson Mandelalaan in het verlengde van de Parallelweg een doorstroomas blijft en dat we daar ook echt blijven inzetten op bereikbaarheid met de auto en naar het station. Natuurlijk, want zo kent u dit college volgens mij en zo werken we ook al heel lang, zijn we er als fietsstad ook op gericht dat het station uitermate goed is te bereiken per fiets, te voet en met andere modaliteiten. We zoeken zeker naar die combinatie, maar we hebben geen bezwaar tegen het centraal stellen van gemotoriseerd verkeer. Dan motie 52, de laatste in mijn portefeuille volgens mij, over de autodeelcoöperaties. Uw raad vraagt feitelijk om een subsidie te verstrekken voor het opstarten of organiseren van een autodeelcoöperatie conform het Haagse model. Wij denken dat het delen van een auto al tot behoorlijke financiële voordelen leidt en dat dit niet extra vanuit de gemeente moet worden gesubsidieerd.
U kunt daar natuurlijk anders over denken want dat is een politieke keuze, maar het college vindt het niet nodig om dat te subsidiëren en daarom ontraden wij dit voorstel. Tot zover voorzitter. Wethouder VAN DER SLOOT: Zes moties van mijn kant en ik begin met motie 10, Gelijke kansen op bestaanszekerheid. Daarin vraagt u specifiek om bestaanszekerheid in het nieuwe beleid mee te nemen en dat gaat natuurlijk ook over de oorzaken van een beperking van de bestaanszekerheid. Daar zijn we al langer mee bezig, natuurlijk ook in de raad, in de commissie en ook in de stad. Bestaanszekerheid is ook iets waarvoor we als gemeente aan de lat staan. Samen met het rijk maar zeker ook samen met de maatschappelijke partners in de stad en dat is ook de reden dat we ons Maatschappelijk Overleg Bestaanszekerheid hebben. Als ik naar de motie kijk en deze zo mag lezen dat we de bijdragen aan bestaanszekerheid expliciet in het sociale beleid Armoede en schulden meenemen, dan zie ik geen bezwaar tegen deze motie. Uw motie roept ook op te kijken naar de inwoners die we onvoldoende kunnen bereiken. Ja, zonder enige twijfel en daar zijn we ook dag in, dag uit mee bezig. We hebben een hoog bereik, maar we kijken hoe we ook de andere mensen nog kunnen bereiken. Dus geen bezwaar tegen motie 10. Motie 33 raakt hetzelfde thema, de Dag van de Armoede.
Deze motie verzoekt het college om juist met een aantal organisaties te kijken hoe je daar een dag van kunt maken waardoor veel mensen ten positieve met het thema in aanraking komen. We hebben al zo'n dag, sterker nog we hebben dat in een week, dat is de Week van het Geld. Die is net wat anders ingestoken dan de Dag van het Armoede, misschien iets minder stigmatiserend maar juist vanuit welke acties je daaraan kunt verbinden. Daarop zetten we met heel veel organisaties, ook de organisaties die u noemt, in maar ook bijvoorbeeld met het onderwijs. Als ik mag kiezen wil ik graag daar de energie op blijven houden. Dat betekent dat ik deze motie ontraad en dat we op volle kracht doorgaan met de Week van het Geld. We zullen op de socials aandacht aan de Dag van de Armoede besteden, maar niet de grote inzet die u vraagt en wij ontraden motie 33. Ik behandel de moties 39 en 49 samen, die gaan over dezelfde thematiek, een thematiek die de raad heel erg belangrijk vindt 41
namelijk hoe we mensen die het lastiger hebben meer kunnen helpen, bijvoorbeeld met een verhoging met een percentage maar bijvoorbeeld ook met een inflatieophoging die u hier ook voorstelt. Zoals we al eerder in de commissie hebben besproken zijn dit, niet zo netjes gezegd, twee knoppen waaraan je kunt draaien, zaken die de raad kan beïnvloeden om het leven van mensen in deze positie beter en gemakkelijker te maken. Wat ik u al een aantal malen heb toegezegd, en die gaat er ook komen, we zijn bezig met een raadsinformatiebrief waarin dat hele pakket is opgenomen, zodat we samen integraal kunnen afwegen waar we wat omhoog willen zetten want ik wil het met u zo goed mogelijk doen voor de mensen maar dat betekent wel een integrale afweging. Hoe we dat gaan doen heeft met geld te maken, maar ook met onze inzet. Deze twee moties, hoe sympathiek ook, ga ik nu ontraden. Mevrouw VISSCHER: Even niet over mijn eigen motie, maar over die inflatie voor de minima. We hebben het over minima, mensen die op een minimum zitten en dan nog eens enorme inflatie. Ik kan er daarom gewoon niet bij dat de inflatie niet wordt gecorrigeerd want dan duiken mensen namelijk onder het minimum, bent u dat niet met ons eens? Ik kan ermee leven dat die 130% later komt, als die maar een keer komt, maar het is toch de basis van fatsoen dat je minima niet onder het minimum laat kukelen.
Wethouder VAN DER SLOOT: Ik begrijp uw emotie en een deel van die emotie zit bijvoorbeeld ook in morgen als we de mensen van de Weenergroep ondersteunen en we opkomen voor de bestaanszekerheid. Een deel van wat u zegt hebben we gelukkig al kunnen doen, we hebben de vergoeding voor sociale participatie al met 240% verhoogd, die is nu € 300 en we zijn op allerlei vlakken bezig. Ik wil u ook echt vragen om samen met ons te kijken naar die raadsinformatiebrief waarin het hele pakket staat, zodat we die integrale afweging kunnen maken. Die afweging kan dan worden gemaakt, maar niet nu bij deze voorjaarsnota. De heer MEES: Ik hoorde de wethouder zeggen dat het ook heeft te maken met budgettaire aspecten. De wethouder is bezig met de Bossche Pas en mijn vraag is of u kunt meenemen wat het effect is van indexering van de tegemoetkoming die uit de Bossche Pas volgt. Dan kan de raad zien of dit een budgettair probleem is of dat we ten principale vinden dat het indexeren van dit soort regelingen niet nodig is. Wethouder VAN DER SLOOT: Ik ben het met u eens dat het aan de raad is, de raad heeft uiteraard het budgetrecht en gaat altijd over hoe wij als gemeente onze financiën besteden. De planning is dat de Bossche Pas in oktober a.s. in de commissie wordt behandeld.
De Bossche Pas is vooral een middel om ervoor te zorgen dat de regelingen die we hebben zo goed mogelijk bij de mensen komen en daarin nemen we u mee, maar dat betekent nog steeds dat we die regelingen los van elkaar goed moeten afwegen zodat we ze ook op de Bossche Pas kunnen zetten. U kijkt heel vragend, maar wij nemen u daar volledig in mee zodra we die beginselen van de Bossche Pas met u kunnen delen. De heer MEES: Ik ben natuurlijk ontzettend geïnteresseerd en nieuwsgierig, ik kan het bijna niet binnen me houden, maar het is natuurlijk in het belang van onze inwoners, want die zien hun euro minder waard worden. Ik vind het heel goed van het college dat dit jaar de maximale vergoeding voor participatie van € 125 naar € 300 is verhoogd, we weten nog niet of dit in 2024 ook het geval is, ik heb begrepen dat dit in ieder geval voor 2023 is gegarandeerd. Als u dan met die technieken aan de gang gaat, gaat u dan ook overwegen om het indexeren van deze regeling expliciet in het voorstel te laten terugkomen? Wethouder VAN DER SLOOT: Dat heb ik een paar minuten geleden al toegezegd, dat komt in het integrale voorstel en de raadsinformatiebrief terug.
Ik ga door naar sport, motie 54, de Sportspullenbank Dat is een nieuw initiatief en we hebben in de commissie al gezegd dat het mooi is als er nieuwe initiatieven zijn die iets willen betekenen voor mensen die het lastiger hebben en helemaal als het met sport heeft te maken, is dat een hele mooie combinatie. We hebben al toegezegd dat we in gesprek met de Sportspullenbank gaan, sterker nog, ik heb de initiatiefnemer van de Sportspullenbank op 4 juni jl. gesproken en we gaan nog verder in gesprek ook omdat we die noodzaak wel zien, maar we zien ook, en dat is dan even de beetje kritische kant op deze motie, dat er een verantwoordelijkheid ligt bij de initiatiefnemers om ervoor te zorgen dat hun organisatie staat en dat die straks daadwerkelijk kan aansluiten bij de andere organisaties in de stad. Dat gaan we uiteraard begeleiden, maar wat u in deze motie vraagt is toch wel een beetje overbodig en we zeggen dat heel netjes: zonder gevolg. Heel eerlijk gezegd hebben we wat u al vraagt toegezegd en dat doen 42
we ook, dat geef ik u even in overweging. Dan ga ik verder met motie 55, de laatste uit mijn pakket, Iedereen moet kunnen meedoen. Ik hoorde al heel veel steun van heel veel partijen en het college heeft geen bezwaar, want wij willen ook dat iedereen kan sporten. Wethouder SLIKKER: Om na een uurtje of vijf u aller bingokaarten te complementeren, heb ik nog motie 1, 3, 4, 8, 9, 11, 19, 27 en 44. Motie 1, De juiste zorg op de juiste plek middels een zorgregisseur, van mijnheer Van der Krabben en collega's. Dit is precies de beweging die de zorg in Nederland moet maken, het ontschotten van ketenzorg naar netwerkzorg, Eén gezin, één plan, één regisseur. Dat met elkaar oppakken is zowel het uitgangspunt van het IZA als van de landelijke Hervormingsagenda Jeugd. We willen die ook lokaal bij elkaar pakken, daar roept u toe op: pak al die bewegingen samen om dit te realiseren en wat ons betreft geen bezwaar. Dan motie 3, meer aandacht voor cultuursensitieve zorg van de PvdA. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ook nog even de vraag die ik net aan de heer Van der Krabben stelde. Als die motie straks zou worden aangenomen, ziet u dan ook mogelijkheden om het geld dat daarvoor nodig ook bij het rijk op te halen omdat daar natuurlijk al pilots lopen. Wethouder SLIKKER: Er lopen momenteel meerdere budgetten bij het rijk.
Ik begrijp dat u verwijst naar het budget van € 8,9 miljoen voor een pilot in een aantal proefgemeenten. Onder het IZA zit € 1,4 miljard aan smeerolie om te zorgen dat die zorgpartijen integraler gaan samenwerken vanuit het idee één plan voor één gezin met één regisseur. We bekijken de exacte wegen die we zullen bewandelen en we proberen daar waar dat mogelijk is zeker rijkssteun aan te vragen. Mevrouw CRASTE: We hebben in 2015 die transitie gehad, vanaf toen was het uitgangspunt Eén gezin, één plan, één regisseur en daarvoor hebben we natuurlijk de sociale wijkteams. We hebben ook onafhankelijke cliëntondersteuners, we hebben al van alles en bent u niet bang dat we er nu een extra zorgregisseur tussen duwen en er een extra laag komt of is het juist om de verschillende domeinen, bijvoorbeeld de Wlz, te verbinden omdat dit met de wijkteams nog onvoldoende gebeurt. Wethouder SLIKKER: Juist dat laatste. Die wijkteams werken op ons eigen lokale domein domeinoverstijgend, maar we moeten ook verbinding zoeken met de zorgverzekeraars, de zorgkantoren, de Wet langdurige zorg en de Zorgverzekeringswet en daarom moeten we in de samenwerking met zorgpartijen, de ziekenhuizen, de zorgverzekeraars en de zorgkantoren komen tot ontschotting, dus één laag hoger. De heer HUIBERS: Nog even een verduidelijkende vraag. Eén regisseur en ontschotten, ja zeer zeker voorstander van.
Kan daarin ook het risico zitten dat daarmee de techneut, dus degene die zich helemaal heeft ingelezen in bijvoorbeeld de Jeugdwet, de WMO of welke wet dan ook, een generalist moet worden waardoor hij juist die specifieke kennis kwijtraakt? Wethouder SLIKKER: Het is een gezamenlijke zoektocht naar hoe je in al die verschillende domeinen, de Wet langdurige zorg, de Zorgverzekeringswet, in ons eigen lokale domein de juiste zorg arrangeert rond een gezin met verschillende problematieken en het kan helpen dat een gezin één aanspreekpunt heeft omdat die de problematiek van het gezin kent. Meer aandacht voor cultuursensitieve zorg is inderdaad een beweging die we moeten maken. De dubbele vergrijzing staat voor de deur en dat betekent ook voor mensen wiens wieg elders heeft gestaan dat zaken als dementie, naar een verzorgingshuis moeten en ondersteuning via mantelzorg op een andere manier moet worden geregeld. Dat levert problemen op voor zowel de mantelzorger als de cliënt richting de zorgaanbieders, als wonen en zorg et cetera, die we samen moeten aanpakken. Dat is het goede uitgangspunt, dus ook voor motie 3 geen bezwaar. De heer VAN HATTEM: Ik hoorde de wethouder deze motie over cultuursensitieve zorg omarmen, maar ik hoor toch eigenlijk wel graag wat er wel en niet onder zogenaamde cultuursensitieve zorg valt.
Kan een patiënt of een cliënt bijvoorbeeld eisen dat er alleen een verpleegkundige met een hoofddoek op aan zijn of haar bed komt? Wethouder SLIKKER: In de basis willen wij inwoners de ondersteuning bieden die ze verdienen, aansluitend op de cultuur en wij gaan natuurlijk ook gewoon uit van geen discriminatie, allemaal gelijk en goede zorg bieden aan iedereen die dat nodig heeft, maar we houden wel rekening met bijvoorbeeld mantelzorgers. Het concept mantelzorg bestaat in veel gemeenschappen niet, dat is 43
gewoon de zorg in de gemeenschap met elkaar organiseren zoals men dat decennia lang gewend was, maar mensen komen ook terecht in een ingewikkelde wereld waarin men inmiddels ook twee banen heeft en dat niet meer lukt, hoe ondersteunen we mensen bij dat proces? Dat vraagt bij de ene gemeenschap iets anders dan bij de andere en daar willen wij graag aandacht voor hebben. De heer VAN HATTEM: Dat vind ik toch een heel andere uitleg dan wat volgens mij allemaal staat in dat verhaal over die cultuursensitieve zorg, daarin staat dat rekening wordt gehouden met religieuze verschillen, niet-westerse afkomst en dergelijke. Kan de wethouder aangeven of hij ook bepaalde ontwikkelingen kan uitsluiten, bijvoorbeeld zoals ik net schetste dat van iemand wordt geëist dat die een hoofddoek draagt of iets anders wat heel specifiek hierop is gericht? Wethouder SLIKKER: Wij sluiten per definitie alles wat in strijd met de Nederlandse rechtsstaat is uit, maar een gebedsruimte in een bejaardenhuis die voor iedereen toegankelijk is, lijkt me een vrij normaal uitgangspunt en die hebben we heel vaak nog niet. Het gaat erover of we in een samenleving die ouder wordt iedereen een plek kunnen bieden. De heer VAN HATTEM: Dan kunnen we beter eerst zorgen dat er voor iedereen weer een bejaardenhuis is, die zijn er op dit moment niet meer.
Wethouder SLIKKER: Motie 4, De outsiders op de woningmarkt ook een stem geven. Dat is belangrijk, daar hebben we in de commissie een goed gesprek over gehad en het uitgangspunt van het college is dat we alle stemmen willen horen, ook de zachte en de stille stemmen, met name ook op de woningmarkt waar D66 om vraagt, omdat we zien dat het ene belang, uitzicht en niet bouwen in de achtertuin, zich heel goed organiseert maar het recht op die woning hebben zich veel minder organiseert. Dat willen we op een aantal manieren doen. Ik heb in de commissie al gezegd dat we met jongeren, de woningbouwcorporaties en het Stedelijk Huurdersplatform 's-Hertogenbosch in gesprek over of we jongeren een specifieke plek kunnen bieden. U vraagt ook of er in bijvoorbeeld bestemmingsplanprocedures meer kan. We kunnen in de omgevingsdialoog ook echt ruimte geven om die woningzoekenden te horen en dat willen we ook doen, dus ook geen bezwaren op deze motie. Dit zal echter niet bij elk bestemmingsplan op dezelfde manier gaan, het verschilt nogal of het gaat om een bestemmingsplan met 500 woningen waar mensen graag over willen meepraten of om de splitsing van een boerderij in drie schuurwoningen in het buitengebied waarover mensen net iets minder snel enthousiast komen meepraten. Dus ook daar aansluiten op de belevingswereld van mensen zelf.
Mevrouw SAMSHUIJZEN: U zei bij de vorige motie 'we moeten met veel doelgroepen rekening houden. Dit is een hele sympathieke motie over in dialoog gaan omdat participatie hartstikke goed is, maar hoe zorgen we ervoor dat we wel echt iedereen daarin meenemen want, sorry dat ik het zo zeg, kom maar mensen moeten vaak zelf aankloppen en het zijn vaak de usual suspects die dan vooraan staan. Hoe gaan we dat voorkomen met deze motie die als ik eerlijk ben niet heel concreet is. Wethouder SLIKKER: Dit is een zoektocht, als wij doen wat wij gewend zijn, de discussie zoals die ook in de commissie was, we maken een woonraad met daarin vertegenwoordigers uit verschillende hoeken, we maken een institutietje, gaat dat per definitie niet werken. We moeten aansluiten bij de belevingswereld van mensen zelf die hun stem niet laten horen. Dat kan bijvoorbeeld bij jongeren door hen via het Stedelijk Huurdersplatform 's-Hertogenbosch te helpen om zichzelf te organiseren. Dat kan ook bij een omgevingsdialoog door tegen mensen die een plan maken te zeggen: betrekt nou ook potentieel woningzoekenden erbij. We willen vooral groepen ondersteunen om zelf die stem te hebben en de samenleving ook uitnodigen dat actief op te zoeken zonder dat wij de oplossing zoeken omdat we dan een institutietje maken en dat heeft in een democratie helaas nog maar zelden gewerkt.
Ik pak de moties 8 en 11 over burgerparticipatie en het verkleinen van de kloof even samen. Eigenlijk in aansluiting op wat ik net zei over de motie over de outsiders op de woningmarkt, juist dat enorme belang om mensen aan de voorkant bij de beleidsontwikkeling die we als gemeente willen maken te horen. De quote over het bestuursakkoord gaat vrij specifiek over hoe we dat doen rondom de woningmarkt. De Omgevingswet komt er natuurlijk aan waarvoor in juni 2021 de Bossche Omgevingsdialoog is vastgesteld, waar nu de toevoeging van D66 bij komt. We zijn aan het experimenteren met een Bosch burgerberaad en met het wijkgericht werken. Mijn collega's achter mij en ik proberen op allerlei vernieuwende manieren rond bijvoorbeeld cultuur, de markt en de Bossche Pas breed op te halen en wij vragen om ons daar ervaring mee te laten opdoen. Motie 8 noemt 1 januari 2024, maar dat is te kort want dan gaan ambtenaren en bestuurders juist weer achter 44
de tekentafel een nieuwe participatieverordening tekenen, die we volgens de wet op 1 januari 2026 moeten hebben, terwijl we juist die ervaring met de stad willen opdoen alvorens we die participatieverordening schrijven. Dus wij ontraden motie 8 en motie 11 is zonder gevolg. Dan gaan we door naar motie 9, de goede rondgang langs de wijkpleinen van de heer Mees en mevrouw Van Opdorp van De Bossche Groenen. Dit heeft het college ook op het netvlies. Mevrouw HENDRICKX: Ik hoorde de wethouder zeggen dat het te snel komt en op zich is de intentie goed, we willen aan de slag met die participatieverordening. Denkt u dat het op een andere datum wel kan? Ik ben best bereid om daarin een eind met u op te lopen. Wethouder SLIKKER: De exacte datum. Als wij een jaar langer hebben dan kunnen we eerst ervaring opdoen en daarna werken aan die participatieverordening die volgens de wet überhaupt op 1 januari 2026 moet worden ingevoerd. Als u daar 'op de kortst mogelijke termijn' van maakt dan zijn we een heel eind. Mevrouw HENDRICKX: Dank u wel. Wethouder SLIKKER: De zichtbare wijkpleinen. Zoals we al hebben gezegd, zijn er wijkpleinen die het hartstikke goed doen, De Kiek heeft veel vrijwilligers en is hartstikke zichtbaar in de wijk, daar is een enorme toeloop aan mensen, maar er zijn ook wijkpleinen waar het echt minder gaat.
We nemen al een aantal maatregelen, bij Perron 3 gaan we letterlijk van de bovenste naar de onderste verdieping om veel zichtbaarder voor de inwoners van Rosmalen te zijn. Verder organiseren we 'kijkje in de keuken bij KOO' en werken we aan de zichtbaarheid bij de huisartsen et cetera. Kortom, de motie onderstreept een aantal hele goede uitgangspunten die wij willen beetpakken en we nemen hem ook zeker onder de arm mee. Het zit in de inkoop van de basisondersteuning 2025 en daarmee is hij zonder gevolg. Mevrouw VAN OPDORP: Is de wethouder op de hoogte van het feit dat de directie van Farent op dit moment het aantal uren terugschroeft, bijvoorbeeld bij De Kiek die prima loopt en dat Farent terugschroeft op de professionals die de vrijwilligers ondersteunen? Wethouder SLIKKER: De noodzaak om de wijkpleinen en de vrijwilligers goed te ondersteunen staat buiten kijf en die staat ook bij ons op de rol. U bent de ronde zelf gaan doen en u kent ook de problemen rondom personeel en het teruglopende aantal vrijwilligers, het vrijwilligersbestand vergrijst. De wijkpleinen hebben een cruciale functie in onze stad als toegang tot de zorg, dus dat gaan we beetpakken, we zijn met die plannen bezig. Dat is precies waartoe u oproept, dus het antwoord is 'ja', dat zijn we ook aan het doen. Mevrouw VAN OPDORP: Dan heb ik nog een vraag.
Wij zeggen in deze motie niet alleen 'prima, we doen wat we moeten doen', maar wij willen extra inzet op de wijkpleinen en op de facilitering van de vrijwilligers, juist omdat blijven doen wat we deden niet genoeg is. Het verbaast ons daarom een beetje dat de wethouder niet ontzettend enthousiast is en dit plan omarmt in alle kieren en gaten om ervoor te zorgen dat we dit kunnen uitvoeren en dat we niet doen wat we al deden want dat is onvoldoende. Wat vindt u daarvan? Wethouder SLIKKER: Ik zeg u nu juist dat dit het uitgangspunt is bij de inkoop van de basisondersteuning, waarvan de wijkpleinen integraal deel uitmaken, en het hele welzijnswerk inclusief Farent omdat we zien dat de toegang tot de zorg en ons welzijnsdomein juist ook in het kader van de vergrijzende samenleving de aankomende jaren alleen maar sterker wordt. Dus dit is het uitgangspunt. De VOORZITTER: Volgens mij bent u het eens. Mevrouw VAN OPDORP: Nee, ik ben het er niet mee eens en ik heb nog een vraag. Kunt u mij dan uitleggen hoe het dan kan dat vandaag de dag de uren bij de wijkpleinen minder worden, dat er niet extra op de wijkpleinen wordt ingezet en dat de vrijwilligers minder geëquipeerd worden? Wethouder SLIKKER: Wij als gemeente korten nergens op, niet op de jeugdzorg, niet op het welzijnswerk en niet op de zorg.
Er staat een enorme druk op de zorg qua medewerkers, dat merken alle organisaties en zorgaanbieders in deze stad en we zien een terugloop van vrijwilligers. Dat we 45
iets met die ontwikkelingen moeten en dat we eens goed moeten kijken hoe we het verder kunnen versterken is precies het gesprek dat we voeren, maar daarmee lossen we niet alles van vandaag op morgen op, hoe graag ik dat ook zou willen. Dan motie 19 van gewoon ge-DREVEN en anderen over het Rodenborch College. Ook wij zien dat als een belangrijke woningbouwlocatie, maar nog niet op de kortst mogelijke termijn. Dat zouden we wel willen, maar we zien ook twee andere ontwikkelingen die daar moeten landen, namelijk het speciaal onderwijs, de hub die daar een plek krijgt, en de tijdelijke locatie voor Kindcentrum 't Sparrenbos dat daar tijdelijk zal inhuizen als er nieuwbouw wordt gerealiseerd. Dat betekent dat we voorzien dat het gebied aan het eind van deze bestuursperiode klaar is voor een gebiedsontwikkeling en we lopen daar in de planvorming ook op toe, maar nu beginnen terwijl we nog niet precies weten hoe de hub daar zijn plek zal krijgen is dan niet opportuun. Daarmee is hij zonder gevolg. De heer VAN CREIJ: Een verduidelijkende vraag, want er staat nergens dat u de schop in de grond moet doen.
Uit de beantwoording van technische vragen blijkt dat het naar achteren wordt geschoven omdat het geen haast heeft, maar op het moment dat het educatief centrum 't Sparrenbos daar straks uitgaat, moet er volgens ons gewoon een panklaar voorstel liggen; zij draaien de deur dicht en de volgende ochtend kan er iets gebeuren. Daar vraagt de motie eigenlijk om. Wethouder SLIKKER: Het aansluiten van die planvorming is precies wat wij beogen, maar we moeten wel eerst weten hoe de hub op die locatie landt en wat dat betekent voor de kaders die wij aan het woningbouwproces kunnen meegeven en daar zijn wij nog niet. De heer VAN HATTEM: Het is natuurlijk wel relevant. Die hub valt binnen het bestaande bestemmingsplan van een onderwijsvoorziening, maar kan de wethouder ook aangeven wat hij voor de tussentijd voor die locatie voor ogen heeft, is er al in een tijdelijke gebruiker voorzien, wat is daar de planvorming? Wethouder SLIKKER: Ik denk dat ik weet waar deze vraag van de heer Van Hattem naartoe gaat, die heb ik de afgelopen weken ongeveer vijftien keer voorbij zien komen. Wij kijken bij elke locatie naar wat daar tijdelijk aan placemaking kan, wij kijken bij elke locatie wat daar in de tussentijd eventueel mogelijk is en dit plan staat echt gereserveerd voor woningbouw, voor het landen van de hub en voor de tijdelijke locatie van 't Sparrenbos. Dat is alles wat ik erover kan zeggen.
Dan hebben we nog twee moties over. De motie van de SP, Indicator vraag en aanbod opnemen rondom de Woonservice, daar hebben we al kort over gesproken en we begrijpen wat u bedoelt, hoe komen we tot een indicator die een goede voorspelling is van de individuele wachttijd van mensen waaraan je ook kunt zien of die oploopt of daalt en hoe dat voor verschillende groepen zit. De indicator die u hier voorstelt, vinden we echt te grof omdat die weinig zegt over de zoektijd van individuele mensen en omdat het door het delen door het totale aanbod aan woningen ook niets zegt over de woning waar naar mensen zoeken want de een zoekt naar een appartement met twee slaapkamers en de ander naar een grondgebonden woning in het buitengebied, dat is volstrekt anders. We gaan binnenkort met uw commissie in gesprek over het dashboard, de uitnodiging om met een paar van u te toetsen hoe dat dashboard voelt en ik stel voor om daarbij ook te kijken of we een goede indicator scherp kunnen slijpen. Ik denk persoonlijk dat we echt tot een betere indicator kunnen komen als we onderscheid maken tussen aan de ene kant loting en aan de andere kant het aanbod dan met een geconstrueerd cijfer dat ook geen recht doet aan de werkelijkheid en daarmee ontraden we de motie. Dan de laatste motie, nota bene op zijn verjaardag, de motie Geen bed-bad-brood voor illegale vluchtelingen.
Mijnheer Van Hattem ondanks dat het uw verjaardag is, worden we het hier toch niet over eens, zoals in de commissie ook al gezegd. Helaas krijg je op je verjaardag niet altijd wat je wilt hebben, dat heb ik als kind ook wel eens meegemaakt, spijtig. Zoals in de commissie ook al gedeeld, is het college voorstander van een adequate bed-bad-broodvoorziening voor uitgeprocedeerde vluchtelingen, aan de ene kant om hen te kunnen begeleiden bij terugkeer, als dat het perspectief is, en aan de andere kant bij naturalisatie. U wilt daar geen financiering meer voor uittrekken, maar de financiering komt van het rijk, ook die van onze lokale bed-bad-broodvoorziening. Er was enkele weken geleden in de Kamer een discussie tussen de staatssecretaris en een aantal gemeenten, namelijk de vijf voor de regionale opvang, over of die financiering zou worden doorgezet en die zekerheid is er, die wordt doorgezet. Dus wij ontraden deze motie. De heer VAN HATTEM: Ik heb in de bijlage bij de actualisatie van de begroting gezien dat de financiering vanuit de LVV, de Landelijke Vreemdelingenvoorzieningen, stopt en het kan ook niet meer vanuit het Gemeentefonds worden gedekt. Ik hoor daarom toch graag van de wethouder of er eigen 46
middelen worden ingezet om de bed-bad-broodregeling voor illegale vreemdelingen hier te faciliteren. Wethouder SLIKKER: Er was discussie over de bestendigheid van die rijksfinanciering, dat hebt u allemaal in de krant kunnen lezen, maar u hebt inmiddels ook kunnen zien dat het kabinet heeft gezegd dat het dat blijft financieren en dat geldt ook voor de situatie in 's-Hertogenbosch. De heer VAN HATTEM: Dan vind ik het toch een kleine situatie want we hebben inderdaad die discussie over die landelijke voorziening gevoerd, maar die ging over die vijf pilotgemeenten. Dat was volgens mij ook de discussie die we hier in de commissie hebben gevoerd en ik vraag me toch af waar de financiering vandaan komt die op dit moment in de actualisatie van de begroting als post is opgenomen. Die heb ik ook in de motie meegenomen. Hoe zit het dan daarmee? Wethouder SLIKKER: Ik kan het u alleen maar zeggen zoals het is, wij krijgen rijksfinanciering voor de lokale bed-bad-broodvoorziening die wij hier hebben. Het is niet zo dat wij de ozb extra moeten verhogen om een bed-bad-broodvoorziening in 's-Hertogenbosch te realiseren, die financiert het rijk keurig voor ons. De VOORZITTER: Dank u wel. Ik heb een hele discussie gehoord, we hebben adviezen over moties en ik heb een aantal aanpassingen gehoord. Ik weet niet of u behoefte aan een schorsing hebt? Hoe lang, vijf minuten? Oké tot 19.35 uur.
Kijk ook even welke moties u in stemming wilt brengen want anders hebben we 55 stemmingen. Ik schors de vergadering. Schorsing De VOORZITTER: Dames en heren, ik verzoek u allen weer plaats te nemen. Zoals besproken is mijn voorstel om gewoon een tweede termijn te doen. Ik heb begrepen dat binnen een aantal fracties meerdere mensen aan de tweede termijn willen meedoen omdat ze woordvoerder op een bepaald thema zijn. Indien nodig kunnen er meerdere woordvoerders per fractie zijn, maar het blijft drie minuten per fractie en mijn voorstel is wel om dat gewoon via de tafel te doen omdat mensen anders wel heel kort bij het spreekgestoelte staan. Ik houd gewoon de volgorde aan zoals we die ook in de eerste termijn hebben gedaan waarbij de heer Van Hattem op zijn verjaardag nu natuurlijk wel als veertiende partij aan de beurt is. Als eerste is het woord aan de fractie van De Bossche Groenen. Mevrouw HENDRICKX: Ik zal kort zijn, we hebben maar drie minuten. Ik wil iets vragen over de motie Burgerparticipatie. Ik hoorde volgens mij de wethouder goed toen hij zei '1 januari is te kort dag, maar als je daar nou de kortst mogelijke termijn van maakt dan is de motie geen bezwaar'. Ik wil straks van de wethouder horen of ik het goed heb begrepen dat hij geen bezwaar heeft als ik hem op die manier aanpas.
Mevrouw VAN OPDORP: Ik wil het graag hebben over motie 9 want dan blijkt dat ik nog zo groen als gras ben. De wethouder is hartstikke voor zichtbare wijkpleinen en toekomstbestendig vrijwilligersbeleid en eigenlijk zei hij zonder gevolg oftewel we gaan erop voortbouwen, maar ik dacht 'Zonder gevolg, dat zal toch niet de bedoeling zijn'. Het was gewoon een verspreking van mij, ik heb het verkeerd begrepen. Ik ben hartstikke blij met hoe het staat en hoe het loopt. De inhoud staat als een huis en als daar acties op komen, alleen maar hartstikke fijn. De VOORZITTER: Zonder gevolgen heeft veel gevolgen, dat is eigenlijk de conclusie. De heer HOEBEN: Nog even over motie 38, Stel autoverkeer centraal. De wethouder heeft daar geen bezwaar tegen, maar daar staat heel duidelijk in, en dat vraag ik meer aan de raad, er is in de begroting een reservering voor de herinrichting van de Magistratenlaan opgenomen en dat bedoelde de wethouder ook, er is inderdaad een reservering voor de herinrichting van de Magistratenlaan en de Parallelweg, maar in het dictum staat 'bij de opwaardering van het traject Magistratenlaan'. Menen we het nu echt serieus dat we de Magistratenlaan moeten opwaarderen of bent u net als wij van mening dat je misschien met een slimme oplossing moet kijken of de doorstroming daar wat beter kan, maar dat we daar niet meer asfalt in gaan draaien.
Ik wil de raad dit even voorleggen en misschien een verduidelijkende vraag richting de wethouder, dat hij daar wat duidelijker over moet zijn. Dan de koppeling aan het klimaatbos, wij worstelen daar nog steeds mee. Het staat gewoon in het bestuursakkoord, daar zijn we het helemaal mee eens en we zijn hartstikke blij met een klimaatbos bij De Groote Wielen. Daar moet ook een rondweg komen, prima dat is besloten, maar wij vinden het wat 47
ver gaan om die twee dingen nu te koppelen en daar planningtechnisch allerlei zaken aan te verbinden. Of de wethouder daar uitsluitsel over kan geven. We moeten ons echt afvragen of we dit soort moties op de kalender willen hebben en willen bijhouden of dat inderdaad wel parallel loopt want tegelijkertijd uitvoeren is in deze bestuursperiode en dat is voor mij voldoende. Tot zover voorzitter. De heer KAGIE: Ik loop vier moties langs. De motie Dag van de Armoede. De portefeuillehouder zei dat dit de Week van het Geld wordt, als dat armoedevraagstuk in die week maar voldoende geprofileerd aan de orde komt, dan trekken wij deze motie in. Dan de motie Financiële ondersteuning minimaregelingen inflatieproof. De wethouder schrijft dat een beetje weg naar een integraal document, een raadsinformatiebrief. Voorzitter, dit gaat over een uitgangspunt, ondersteuningsregelingen minima en het uitgangspunt is dan inflatieproof. Dus dat kun je mooi meenemen bij de nadere duiding in een raadsinformatiebrief met allerlei maatregelen en wij houden deze motie in de lucht. De Begroting 2024, nieuw beleid voorzien van een uitvoerbaarheidstoets. De wethouder zegt 'dat is niet nodig. We denken eraan, we zijn heel praktisch ingesteld en we kijken daar heel kritisch naar'. Ja, het kraakt intern bij de gemeente op de uitvoeringskracht en buiten.
Ik adviseer u om de kritische toets van de uitvoerbaarheid, de mogelijkheden, de spankracht van die lokale overheid en partners, de komende maanden onder de loep te nemen voordat de Begroting 2024 naar de drukker is. Wij houden deze motie in de lucht. Dan open kaart naar onze inwoners over de vestiging van een azc binnen de Bossche gemeentegrenzen. Ik heb de portefeuillehouder goed gehoord, maar wij blijven erbij dat het geen pas geeft om inwoners in welke wijk of dorp dan ook te confronteren met een voldongen feit als het gaat om de vestiging van een azc in hun directe woonomgeving. U hebt ten opzichte van de praktijk in 2015 enige nadere nuanceringen geplaatst, 'dat was allemaal niet zo succesvol'. Laten we daar dan even afstand van nemen, maar één ding staat, wil je in welk dorp of wijk dan ook een azc laten landen dan moet je in beginsel voordat je zaken doet met het COA, grondeigenaren, containerleveranciers et cetera met de bewoners hebben gesproken. Ik hoorde u even terzijde opmerken 'ja, maar mensen kunnen altijd een juridische procedure starten', ja maar in die trechter willen we onze inwoners toch niet hebben? Ook al is het nog zo weerbarstig, draagvlak begint bij het gesprek bij aanvang van een dergelijke belangrijke voorziening als die in deze stad landt. Daar laat ik het bij.
De heer VAN SILFHOUT: De heer Kagie deed tijdens de beantwoording van de wethouder een poging om een vraag te stellen van het invliegen van flexarbeid versus het niet kunnen aannemen van andere arbeid in de gemeente. Hebt u daar nog een mooi vervolg op? Want ik was wel in spanning. De heer KAGIE: De wethouder gaf een antwoord op uw vraag over de € 300.000 voor de warmtetransitie in alle wijken en toen zei hij 'ja maar dat is tijdelijke inhuur et cetera en dat wordt allemaal een heel moeilijk verhaal'. Kijk eens naar het lijstje met incidenteel nieuw beleid, dat kun je alleen maar op basis van inhuur doen. Dat is alleen maar een bevestiging van de wankeligheid van de beleidsvoornemens. Voorzitter, daarbij wil ik het laten. Mevrouw WELTEN: Ten aanzien van motie 38, daar staat per abuis de PvdA op, gewoon geDREVEN dient die met ons mee in. Dan ten aanzien van de opmerking richting De Bossche Groenen. Er staat 'optimale opwaardering Magistratenlaan' en hoe dat gebeurt laten wij aan het college over. U hebt het over of er al dan niet asfalt bijkomt, dat is uitvoering en die rol hoort bij het college. De heer HOEBEN: Hoe beoordeelt de VVD dan het woord 'opwaarderen', is dat iets technisch, hoe ziet u dat dan, wat is dan opwaarderen, dat is toch meer auto's? Mevrouw WELTEN: Opwaarderen is het beter maken dan het is.
De heer KABBOUTI: Onze naam mag wel van de motie afgehaald worden, maar dat wil niet zeggen dat we per definitie tegen de motie zijn. Nog even over de vragen die ik in mijn bijdrage over de tweede bullet heb gesteld. Die richt zich nu voornamelijk op het afzetten en ophalen van automobilisten, maar de wethouder gaf volgens mij ook aan dat het bredere vraagstuk rondom de bereikbaarheid van het station aan de westkant van het station gaat. Mag ik de motie zo interpreteren dat die ook zo breed mag worden ingevuld, dat het niet alleen gaat over afzetten en ophalen Mevrouw WELTEN: Dat mag u zo interpreteren want fietsers, lopers en wandelaars staan er al en wij willen het autoverkeer daaraan toevoegen, dat is waarschijnlijk de hoofdmoot van een doorstroomas. Het antwoord op uw vraag is 'ja'. Dan motie 42. Gezien de discussie houden wij deze 48
aan. Wij komen na het zomerreces met een discussienotitie voordat wij een andere motie formuleren en dit in overleg met de indieners. Tot zover, dank u wel. Mevrouw VISSCHER: Wij trekken na de toezegging van de wethouder dat hij ermee bezig gaat motie 27 in. Verder blijf ik na deze dag toch vooral met een beetje een katerig gevoel zitten. Als ik toch zie dat zowel de oppositie als de coalitie zich vol hebben ingezet om met voorstellen richting een goede begroting te komen en dat sommige moties van de coalitie waar ongeveer ieder woord aan is veranderd of door het college anders worden uitgelegd geen bezwaar krijgen, maar dat andere moties waaraan een klein bezwaar zit direct worden afgekeurd, krijg ik daar een katerig gevoel van. We zaten bij alles mee te doen, 'o dus dit wordt geen bezwaar, o dus dit wordt dit' en dat kwam allemaal precies uit. Dat vind ik toch wel heel vervelend omdat we met zijn allen heel hard hebben gewerkt om er een betere begroting van te maken. Dat wilde ik toch wel even zeggen. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik begin bij motie 35 over de gezonde scholen. We zijn heel erg blij om te horen dat de wethouder onze ambitie, de reden van de motie en de doelmatigheid daarvan deelt en we zijn ook blij met de toezegging over de invulling middels de GGD. Ik heb nog een aanvullende vraag.
We zijn erg blij dat er een toezegging ligt om hier ook via de inkoop van de GGD meer aandacht en ruimte te vragen, maar kan de GGD ook in enige vorm rapporteren want we constateren dat ze iets achterlopen en we zijn wel benieuwd naar de voortgang. Wij trekken deze motie nu terug omdat de doelmatigheid die wij beogen hiermee wordt uitgevoerd. Dan over motie 36. Eigenlijk wat mevrouw Visscher net aangaf, dat vind ik ook een beetje ten aanzien van motie 36, één woordje wel, één woordje niet. Sorry, maar in de beantwoording van de wethouder hierop lijkt het wel alsof wij hier hele bizarre ideeën aandragen terwijl ik de wethouder eigenlijk in feite hoor zeggen, en dat hoor ik straks graag terug, dat de pot met geld die eigenlijk zou worden gebruikt voor het Energiefonds voor de energie- en warmtetransitie blijft gereserveerd en dat is ook de essentie van wat we vragen. Er zit een kritisch woord ten aanzien van de doelgroep waarvoor we een extra oog vragen, maar in plaats van meedenkendheid zoals bij coalitiemoties wordt deze motie direct volledig afgeschreven en dat vind ik jammer want volgens mij beogen wij hier hetzelfde. Dus toch even de vraag aan de wethouder of het klopt dat ik eigenlijk een toezegging ten aanzien van dat oormerk voor de energie- en warmtetransitie hoor, gaan we dat geld inderdaad daarvoor gebruiken? Dan direct een vervolgvraag.
We bieden u in die motie natuurlijk ook de ruimte voor de uitvoering, daar gaan we niet in zitten, maar ook even de vraag wanneer er plannen voor dat geld worden gemaakt. Ik denk dat we ook allemaal beogen om het geld in ieder geval doelmatig in te zetten en wij kijken erg uit naar de invulling daarvan. Dan nog kort over motie 34 over gft. Bij de motie over de markt, dat die kostendekkend moet zijn, hoorde ik de wethouder zeggen 'ja, maar misschien is dat niet realistisch', maar bij deze motie wordt direct weer een harde lijn getrokken: wij hebben in het bestuursakkoord afgesproken dat de afvalstoffenheffing kostendekkend moet zijn. Daar zie ik ook een beetje dat er met twee maten wordt gemeten, je kunt hier mogelijk ook een andere afweging maken want dat is ook exact wat wij in de overweging van de motie zeggen: op het moment dat het extra kosten met zich meebrengt als die tweede gft-bak gratis zou zijn, dan zijn de kosten minder belangrijk dan het doel dat we daarmee beogen, die groenere tuinen en zorgen dat de afvalstroom zo goed mogelijk is. We zeggen in die motie ook letterlijk dat het doel belangrijker is en waarom is daar dan geen afweging in te maken. Dan ook even gewoon de kritische vraag.
Wij willen groenere tuinen en een goede afvalstroom, wat gaat u daar dan aan doen? PBD per 1 januari is heel goed, daar zijn we heel blij mee en zeker ook ere wie ere toekomt, het is goed dat het op die manier gebeurt, maar op gft gebeurt nog niets en wij zien hier echt een averechtse beweging, wat gaat u hieraan doen wethouder? Mevrouw VAN DER KALLEN: Gezien de toezeggingen van de wethouder trekken wij motie 54 over de Sportspullenbank terug. De heer KOUWENBERG: Over motie 6, de weg naar het klimaatbos. Het zou toch jammer zijn als een aantal partijen, met name groene partijen, tegen deze motie zouden de stemmen omdat de intentie echt zo is dat de uitwerking en onderbouwing van het klimaatbos eigenlijk in 2023 zou volgen, dat stond al in het bestuursakkoord. Vervolgens hoorden wij dat die in 2024 een uitwerking krijgt en de intentie van de motie is om het niet nog verder naar achteren te schuiven. Daarom willen wij dit niet koppelen, maar tegelijk laten starten met het projectvoorstel Structuurfonds De Groote Wielen omdat die nu start. Dat is de reden dat wij deze motie indienen en niet om hem echt te koppelen, maar om hem naar voren te halen. De heer HOEBEN: Rosmalens Belang verwacht toch niet dat wij tegen ons eigen initiatief uit 49
2019, een klimaatbos, stemmen. De heer VAN SILFHOUT: Mooi om te zien dat er in de tweede termijn wat meer raadsleden aan het woord komen dan in de eerste termijn, dat is sowieso winst voor deze vergadering. Daarnaast wil ik het hebben over een aantal moties dat we hebben ingediend en de eerste is die over het lobbyregister. Tweemaal per jaar klopt, maar we hebben de vorige keer aangekondigd dat we er iets mee zouden gaan doen, dat is alles wat er toen is gebeurd, en dit is het moment dat we er iets mee zijn gaan doen, dus dit is de eerste keer dat er een motie voorligt. We zullen deze niet in stemming brengen omdat we denken dat het beter is om deze naar de commissie te brengen om daar een inhoudelijke discussie te voeren want veel van de beantwoording van de burgemeesters staat letterlijk in de motietekst en dan is de motie duidelijk niet goed geïnterpreteerd en die brengen wij niet in stemming. De groene parkeerplaatsen en de Magistratenlaan. Het is mooi wat hier gebeurt. Het was niet afgestemd, maar wij hadden dezelfde observatie dat de ene motie wel heel scherp op de bewoording wordt en dat bij de ander twintig toezeggingen kunnen worden gedaan en daar vervolgens wel mee wordt ingestemd. Dat vonden wij ook verrassend. Dan over motie 38 over de Magistratenlaan. Wij denken dat die motie op basis van alle toezeggingen moet worden herschreven.
Volgens mij sluit de tekst van de motie daar niet meer op aan en we raden de VVD aan om die motie te herschrijven want op deze manier de auto centraal stellen is niet meer van deze tijd. We hebben motie 51 over de groene parkeerplaatsen aangepast, het gaat nu over een voorkeur en we hebben erin meegenomen dat we jaarlijks willen rapporteren op het aantal gerealiseerde groene parkeerplaatsen. We hopen dat die dan op een geen bezwaar kan rekenen. Er werd ook iets gezegd over de kosten en daar wil ik graag op reageren want de kosten voor die parkeerplaats zijn niet echt hoger, die hoeven amper te worden bijgehouden. Het hangt ook af van het soort gras, dit wordt heel technisch, maar die kosten vallen reuze mee. Dat hebben we bewust uit de motie gelaten. Dan motie 52 over de autodeelcoöperaties. De VOORZITTER: Mijnheer Van Silfhout, even voor de helderheid, u hebt motie 51 aangepast? De heer VAN SILFHOUT: Ja, die is ingestuurd, maar staat nog niet in het systeem. De VOORZITTER: Dat komt er aan. De heer VAN SILFHOUT: Dan motie 52 over de autodeelcoöperaties. Het advies was dat het een politieke stemming was en er zat destijds wel een advies het college aan vast. We hopen dat alle partijen dat dan ook als een politieke keuze zien en niet per definitie het advies van het college volgen.
Bij motie 53 over de warmtetransitie vinden we het antwoord jammer, maar we zullen die wel in stemming brengen en we hopen dat de kleine buurten toch echt de ondersteuning krijgen die ze verdienen want daar doen we het uiteindelijk allemaal samen voor. De heer VAN DER KRABBEN: Ten eerste bedankt voor de beantwoording van de moties. We zullen met de uitleg van de wethouder instemmen met de motie over de Warenmarkt. Ik heb overwogen om nog een motie in te dienen, motie 56 over het VNG-congres van het volgende week, maar ik heb die motie niet gemaakt. Als ik u de suggestie mag meegeven dat u er als college met een gestrekt been ingaat, maar wel zorgt dat overleg mogelijk blijft want anders sluiten de deuren en dat is niet goed. Daar laat ik het bij voorzitter. De heer VAN CREIJ: Even een korte reactie. Ik heb hetzelfde opgeschreven als de SP en de PvdD, dat het opmerkelijk was dat er wel degelijk verschil is in hoe op de moties van coalitie en oppositie worden geadviseerd. De wethouder heeft motie 18, Datastad, ontraden en gaf eigenlijk ook aan 'we doen alles al', waarom is die motie dan niet zonder gevolg? Zo zijn er veel moties van de coalitie wel doorgegaan, graag even een toelichting daarop.
Ik ben blij met de toezegging dat de wethouder bovenop het Rodenborch zit en dat hij snel schakelt als er ontwikkelingen zijn, dat mededeelt en dat hij zo snel mogelijk met verdere planontwikkeling komt. We komen later terug op de moties 20, publicaties, en 21, Groote Wielen omdat dit blijvende items zijn. Dan motie 22 over de terugplaatsing van de bladkorven. Ik hoorde de wethouder in eerste instantie zeggen dat die motie specifiek is gericht op de openbare ruimte, maar de openbare ruimte staat er niet in en het zal me worst wezen welke oplossing mogelijk is, als maar wordt gekeken hoe we dit eventueel kunnen inpassen. Als er een onderzoek moet worden ingesteld, welke afdeling of hoe of wat, dat zal me hetzelfde zijn. Dan motie 24, sportpark Nuland. Daarin staat 'sportvisie' en daar wil ik 'gebiedsvisie' van maken. De wethouder heeft gezegd dat hij dan eigenlijk zonder gevolg is. Wat betreft motie 25, 50
Vrienden op de Fiets, blijft het natuurlijk jammer dat de gemeente haar nek niet wil uitsteken en geen procedure wil starten, maar dat terzijde. Tot zover. De VOORZITTER: Even voor de helderheid mijnheer Van Creij, het ging wel heel snel. Brengt u motie 20 en 21 wel gewoon in stemming? U brengt ze allemaal in de stemming? Ja. Helder, u brengt ze allemaal in stemming, prima. De heer VAN HATTEM: In deze termijn toch nog de mogelijkheid om mijn bijdrage te leveren omdat we nu eenmaal vroeger zijn begonnen. Ik heb zelf drie moties ingediend en een aantal moties mede ingediend, de moties die mede zijn ingediend zijn eerder vandaag al door de andere fracties besproken. Allereerst mijn motie 43 over het verlagen van de ozb. Er is hier toch incidenteel meer geld binnengekomen en dat betekent dat er meer is opgehaald. Ik hoorde de wethouder in de eerste termijn zeggen dat er verschil is tussen incidenteel en structureel, maar ik heb ook gevraagd om het bij de begroting aan te passen.
Zet bij de begroting maar gewoon de tering naar de nering, zorg dat er minder geld wordt uitgegeven of in ieder geval dat er financiële ruimte wordt vrijgemaakt, want dat is wat er nu eigenlijk gebeurt zonder dat er ook echt uitgaven tegenover staan, of ga structureel bezuinigen, maar zorg in ieder geval dat dit structureel wordt geborgd, zo moet deze motie worden gelezen want als er nu een incidenteel overschot is, wil dat niet zeggen dat het ook op een structurele manier moet worden ingevuld, zodat er steeds weer onnodig veel geld wordt opgehaald. Dan motie 44, Bed, bad en brood, geen opvang voor illegale uitgeprocedeerde asielzoekers in deze gemeente. De wethouder zei dat we er geld van het rijk voor krijgen en dat kan allemaal wel zo zijn, maar dit moet je überhaupt niet willen. Je moet hier gewoon geen medewerking aan willen verlenen, niet de illegaliteit belonen. Het gaat uiteindelijk om het dictum van de motie, die houd ik dus in stand en breng ik ook gewoon in de stemming. Dat geldt niet voor motie 45, de financiële dekking van het winterevenement, we hebben net… De heer VAN SILFHOUT: De gemeente Ter Apel roept gemeenten juist op om mensen die geen recht op een verblijfsvergunning hebben wel op te nemen omdat ze nu allemaal in Ter Apel blijven hangen en dat daar tot problemen leidt.
Sterker nog, dat zien we op tv, dat de problemen daar juist ontstaan omdat gemeenten dat niet willen doen. Zou het dan niet beter zijn als gemeenten dit juist wel doen? Ook vanuit uw partijideologie. De heer VAN HATTEM: Nee, we moeten zorgen dat onze mooie gemeente 's-Hertogenbosch geen illegalenmagneet wordt en dat krijg je wel door zulke maatregelen in stand te houden en zeker als er in Ter Apel of andere plaatsen beperkingen worden opgelegd, wordt het hier alleen maar erger. Hiermee zorg je er juist voor dat ze hier jarenlang kunnen blijven en als ze hier jarenlang blijven, krijgen ze op een gegeven moment een of andere pardonregeling in het vooruitzicht gesteld waardoor ze hier kunnen blijven. Er zitten ook staatlozen tussen. Er is op 5 juni jl. een wet aangenomen waarmee het verkrijgen van stateloosheid gemakkelijker wordt en daarmee krijgen ze uiteindelijk ook gemakkelijker een Nederlands paspoort, dan kom je in een versnelde procedure terecht. Dus illegaliteit wordt in dit land veel te zwaar beloond en daar moeten we als gemeente gewoon totaal niet aan meewerken. Vandaar dat deze motie heel hard nodig is. Dan motie 45, de financiële dekking voor het winterevenement. We hebben de reactie van het college gehoord en de wethouder heeft in ieder geval voldoende financiële middelen in het vooruitzicht gesteld.
Ik denk dat we op de wethouder moeten kunnen vertrouwen en hem eraan kunnen houden, dat lijkt me een belangrijk uitgangspunt, en wat mij betreft verwachten we voor de zomer van 2023 een goede financiële dekking en ik trek deze motie in. Dan kom ik bij een aantal andere punten. Motie 3 over de cultuursensitieve zorg. Daar heb ik het net al over gehad, zo'n motie gaat leiden tot meer islamisering in de zorg en dat moeten we nooit willen. Dit zet de poort open voor allerlei onacceptabele eisen die kunnen worden gesteld, de zorg moet gewoon voor iedereen goed zijn en je moet niet allerlei cultuurspecifieke eisen aan de zorg stellen en al helemaal niet als dit is op basis van religie en niet-westers. Dan worden er dus allerlei islamitische eisen aan de zorg gesteld, daar gaat de PVV absoluut niet aan meewerken en we zullen deze motie krachtig verwerpen. Dan kom ik bij motie 4 over de outsiders op de woningmarkt. Daar kunnen we duidelijk over zijn, het is prima als het mensen uit onze gemeenschap zijn die een woning nodig hebben, maar het probleem komt ergens vandaan, het zijn met name outsiders uit het buitenland. We moeten eerst eens stoppen met die massa-immigratie op onze woningmarkt toe te laten en hier minder statushouders huisvesten. Dan is er veel minder druk op de woningmarkt en komen onze eigen outsiders ook beter aan bod.
Vanuit die gedachte zal ik deze motie dan ook niet steunen.
51
De VOORZITTER: Gaat u bijna afronden? U bent al over de drie minuten. De heer VAN HATTEM: Ja voorzitter. Dan kom ik bij motie 14. Dat is een verschrikkelijke motie want er wordt gesproken over een lege groene woestijn tussen Vinkel en Nuland waar maar even een of andere woongemeenschap kan worden neergeplempt. Die motie is ingetrokken, maar het blijft een verschrikkelijke motie. Afblijven van ons mooie groene Vinkel zeg ik als Vinkelse Groene. Dan krijgen we motie 17 over open kaart voor het azc. De VOORZITTER: Nee, doet u dat straks maar via een stemverklaring, u zit aan de termijn. De heer VAN HATTEM: Dan motie 17 over… De VOORZITTER: Mijnheer Van Hattem, u zit aan de tijd, drie minuten in de tweede termijn. De heer VAN HATTEM: Ja voorzitter, ik heb in de eerste termijn geen kans gehad omdat we vervroegd zijn. De VOORZITTER: Ik geef u straks alle mogelijkheid voor een stemverklaring. De heer VAN HATTEM: Ik wil wel iets over het azc zeggen. De VOORZITTER: U mag iets over het azc zeggen. De heer VAN HATTEM: Ik heb er aan alle kanten rekening mee gehouden om hier… De VOORZITTER: U mag iets over het azc zeggen en over de andere moties kunt u een stemverklaring afgeven. De heer VAN HATTEM: Dan beperk ik het daartoe. Ik vind dit wel een essentieel punt want ik heb deze motie bewust niet mede ingediend, maar ik zal hem wel steunen en daar is een belangrijke reden voor.
De motie spreekt over een goede procedure zoals die in 2015-2016 plaatsvond. Daar ben ik het absoluut niet mee eens. De eerste keer dat ik met deze raad in aanraking kwam was toen ik hier kwam inspreken vanwege de toen gevolgde procedure waardoor het referendum hierover onmogelijk werd gemaakt. Toen is er eigenlijk een verschrikkelijk slechte procedure gevolgd waardoor er toch een azc zou worden doorgedrukt. Het is heel belangrijk dat er open kaart wordt gespeeld en dat niet alleen de direct-belanghebbenden, maar een bredere groep die hier heel veel overlast van kan hebben de gelegenheid krijgt om hier bezwaar tegen te maken, in actie te komen en dit college en deze raad misschien op andere gedachten te brengen. Tot zover in deze termijn. De heer GERSJES: Ik zit hier met een bepaalde smile en ik ga me concentreren op motie 7. Ik heb toch de indruk, en dat heb ik al eerder gezegd, dat vanavond het gezegde driemaal is scheepsrecht van toepassing kan zijn en dat gezegde kun je toepassen op mensen die populair en optimistisch zijn. Ik heb de indruk dat de stemming positief gaat uitvallen. Ik heb driemaal met de wethouder overleg gevoerd en u bent allemaal hartstikke positief, dat wilde ik even benadrukken en ik hoop dat hij unaniem wordt aangenomen.
Mevrouw VISSCHER: Niet om te 'rain on your parade', maar u hebt inmiddels al alles uit die motie gehaald wat u eigenlijk wilde, u wilde 10% verhoging en u hebt een al toegezegde evaluatie gekregen. De heer GERSJES: Ik wil toch wel even reageren. VOOR Den Bosch knokt keihard om iets binnen te halen en al is het op een manier als deze, daar blijf ik voor gaan. Ik hoop dat u dat ook doet. Ik heb ook wel een mening over oppositie en coalitie, maar dat is nu eenmaal het spel en soms valt het spel goed uit. Wethouder VAN DER GELD: Een vraag van Bosch Belang over de VNG. Eens, laten we er zo in gaan. Stevig met gestrekt been, maar in overleg blijven is volgens mij de juiste intentie. Dan nog kort over motie 36, een heel debatje over de Essentgelden. We kunnen hem tekstueel aanpassen, maar dan is de vraag wat er nog overblijft. Ik heb aangegeven, en zo staat het ook in het bestuursakkoord, dat we die middelen willen blijven inzetten voor de energietransitie en de 52