CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Inkoopvisie Basisondersteuning en Jongerenwerk 2025 en verder

Gemeenteraad 30 januari 2024, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Inkoopvisie Basisondersteuning en Jongerenwerk 2025 en verder3.376 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Inkoopvisie Basisondersteuning en Jongerenwerk 2025 en verder Aanleiding We willen dat alle inwoners van ’s-Hertogenbosch hun talenten kunnen ontplooien, gezond kunnen leven en indien nodig op een eenvoudige manier een beroep kunnen doen op hulp en ondersteuning die nabij en vrij toegankelijk is zonder beschikking. De basisondersteuning draagt bij aan de versterking van de sociale structuur door inwoners en informele organisaties te ondersteunen bij het organiseren van activiteiten en onderlinge hulp. Daarnaast organiseert de basisondersteuning zelf laagdrempelige activiteiten en hulp in buurten en wijken, in buurtcentra en op scholen, zodat inwoners hun talenten kunnen ontwikkelen en zoveel mogelijk naar vermogen mee kunnen doen aan de samenleving. Hiermee ondersteunt de basisondersteuning de beweging van individuele hulp naar collectieve ondersteuning. We staan voor diverse maatschappelijke uitdagingen de komende jaren. Denk aan een groeiend aantal mensen dat behoefte heeft aan zorg en ondersteuning, de toenemende vergrijzing van de bevolking, een groter beroep op vrijwilligers en mantelzorgers, en het streven om gezondheidsverschillen en kansenongelijkheid te verminderen.

Ons doel is om ervoor te zorgen dat de basisondersteuning adequaat inspeelt op deze maatschappelijke uitdagingen, de samenwerking tussen betrokken partijen bevordert, en de verschuiving van specialistische hulp naar lichtere vormen van ondersteuning versterkt. Met het oog hierop zien wij de noodzaak voor een fundamentele bezinning op de organisatie, invulling en inzet van de wijze waarop we het samenspel van informele ondersteuning, basisondersteuning en specialistische partijen organiseren. Een opgave die we gezamenlijk met alle relevante partijen oppakken op basis van een blanco canvas. Dit betekent per 2025 een nieuwe overeenkomst en een nieuwe inkoopopdracht. Met deze nieuwe inkoopopdracht kunnen we de meerwaarde van de basisondersteuning voor de samenleving vergroten. Waarom maken we van jongerenwerk een aparte opdracht? We hebben ervoor gekozen om binnen het nieuwe inkoopproces te werken met twee aparte opdrachten: een voor de basisondersteuning algemeen en een voor het jongerenwerk. Uit diverse evaluaties van het jongerenwerk die afgelopen jaren zijn uitgevoerd blijkt dat de huidige organisatie van het jongerenwerk de voor jongeren gewenste samenwerking tussen partners binnen het jongerenwerk en met andere belangrijke partners als het

onderwijs, niet bevordert. De huidige constructie bemoeilijkt een scherpe opdrachtgevende rol vanuit de gemeente. Daarom adviseren we om de organisatie van de uitvoering te veranderen en ook andere relevante organisaties een kans te geven een bijdrage te leveren aan de uitvoering. Omdat het hierbij gaat om organisaties die zich vooral richten op jongerenwerk en niet op basisondersteuning in het algemeen hebben we gekozen voor een aparte inkoopopdracht. Voor wie is de basisondersteuning belangrijk? Hoewel de basisondersteuning voor alle inwoners in onze gemeente toegankelijk is, zal dit niet voor iedereen in dezelfde mate nodig zijn. Specifieke doelgroepen die bijvoorbeeld belang hebben bij ondersteuning uit de basisondersteuning zijn: • Inwoners en vrijwilligers die zich willen inzetten voor anderen in de buurt. • Mantelzorgers. • Jongeren (0-27 jaar) die in hun directe omgeving weinig beschermende en stimulerende factoren hebben voor talentontwikkeling, gezond opgroeien en zelfontplooiing. • Inwoners die te maken hebben met een of meer beperkende situaties, zoals eenzaamheid, werkloosheid of achterstand in kansen, geld en taal. • Inwoners met een fysieke, psychische of verstandelijke beperking die zo zelfstandig mogelijk willen leven. • Inwoners die slachtoffer zijn van kindermishandeling of huiselijk geweld.

• Nieuwkomers (bijvoorbeeld statushouders) die hun weg moeten leren vinden in onze gemeente. • Ouderen die zelfstandig wonen, maar te maken krijgen met afnemende zelfredzaamheid bijvoorbeeld door beginnende dementie en lichamelijke beperkingen. Waar willen we naar toe? Hoe kunnen we de zorg en ondersteuning anders organiseren als we vertrekken vanuit een benadering vanuit de inwoner in plaats van het volgen van een vast systeem? Voor een inwoner staat zijn alledaagse realiteit centraal, zonder beperkingen van systemen. Hij heeft een verhaal 1

Inkoopvisie Basisondersteuning en Jongerenwerk 2025 en verder over hoe de problemen zijn ontstaan en waarom hij er zelf geen oplossing voor heeft kunnen vinden. Op dit moment knippen we zijn integrale hulpvraag op in voor de systeemwereld hapklare brokken van zorg en ondersteuning. Dit maakt de situatie voor de inwoner juist nog complexer. Vanuit inwonerslogica hebben ze meer aan een contactpersoon die: • met aandacht luistert in plaats van lijstjes afvinkt; • stress wegneemt in plaats van toevoegt; • aansluit bij wat inwoners zelf als oplossing zien en hieraan meewerkt; • oog heeft voor het individu en de context van het individu: gezin, buurt, school, vrije tijd et cetera; • denkt in collectieve oplossingen en waar nodig individuele oplossingen in plaats van producten; • inwoners niet doorverwijst, maar zelf aan de slag gaat; • expertise inschakelt vanuit netwerken van vrijwilligers en professionals wanneer dat nodig is; In lijn hiermee is de vraag gerechtvaardigd of we de zorg en ondersteuning voor inwoners in kwetsbare posities niet beter gebiedsgericht en gezinsgericht kunnen organiseren. Wat is hiervoor nodig? We zoeken naar een manier om de zorg en ondersteuning, zeker voor de inwoners in de meest kwetsbare posities en gebieden, meer vorm te geven vanuit inwonerslogica. We zijn sociaal, maar ook zakelijk.

Hoe zou het ook kunnen? We geven de basisondersteuning in ’sHertogenbosch vorm langs vier lijnen: 1. sterke sociale structuur als fundament, 2. netwerkzorg en gezinsgericht als werkwijze, 3. gebiedsgericht als organisatievorm en 4. taakgericht als bekostigingsvorm. 1. Sterke sociale structuur als fundament In ‘s-Hertogenbosch zorgen inwoners voor zichzelf en voor elkaar: ‘samen voor elkaar’. Ze worden daarbij ondersteund door de gemeente en de door haar gecontracteerde maatschappelijke partners. Dit vormt een sterke sociale structuur die is gericht op het creëren van betekenisvolle verbindingen en ontmoetingen in de samenleving. Zo ontstaan gebiedsgebonden communities waarmee we kunnen werken aan gelijke

kansen op talentontwikkeling, gezondheid en financiële redzaamheid en waarmee we aansluiten bij de hervomingsagenda jeugd. De informele en formele zorg en ondersteuning sluiten daarop aan. De sociale structuur raakt aan alle aspecten van het leven, zoals: ontmoeten, gezond leven, ontwikkelen van talenten, omgaan met geld, opvoeden, werken, sporten, bewegen, beleven van cultuur, prettig en veilig wonen. Onderdeel van de sociale structuur is ook een faciliteit die initiatieven van inwoners faciliteert en versnelt. Deze faciliteit knipt het initiatief niet op in voor de systeemwereld hapklare brokken. Evenals bij het verlenen van individuele hulp en ondersteuning, is het belangrijk dat een vaste contactpersoon (vrijwillig of professioneel) het initiatief integraal benadert en voor langere tijd betrokken is. Daarmee is de vraag niet om als basisondersteuning ook gespecialiseerde hulp te gaan bieden. Omdat inwoners op het vlak van zorg en ondersteuning een steeds grotere rol willen en moeten spelen, is het van belang de sociale structuur te koesteren, te behouden en waar mogelijk te versterken. De ondersteuning van inwoners en inwonersinitiatieven gaat verder dan alleen de basisondersteuning. Dit betekent daar waar inwonersinitiatieven ontstaan de basisondersteuning enkel een faciliterende rol heeft.

De subsidieregelingen die deze initiatieven mogelijk maken vallen buiten de scope van de inkoopopdracht voor basisondersteuning. 2. Samen arrangeren en gezinsgericht als werkwijze In ’s-Hertogenbosch werken we samen in netwerken en niet langer in ketens. Drie vragen staan centraal bij inwoners met een vraag naar zorg en ondersteuning: Wat wil ik? Wat kan ik? Wat heb ik nodig? Bijvoorbeeld om te herstellen, weer naar vermogen mee te doen, langer of weer thuis te wonen in de wijk of om geen overlast meer te veroorzaken. Van ketenzorg naar netwerkzorg. Van stepped care naar matched care. Wanneer het om gezinnen gaat, is een benadering en aanpak die zich richt op het gezin ook passend. Dit sluit aan bij de hervormingsagenda jeugd die het belang van een gezinsgerichte benadering onderstreept. De inwoner bepaalt zelf wat hij nodig heeft. Bij het maken van een plan en het uitvoeren ervan kan hij hulptroepen inschakelen vanuit zijn sociaal netwerk en indien nodig het gebiedsgericht netwerk van zowel informele als formele partijen inschakelen. Bijvoorbeeld een buurtteammedewerker, 2

Inkoopvisie Basisondersteuning en Jongerenwerk 2025 en verder huisarts, wijkverpleegkundige of woonbegeleider. Wanneer de inwoner niet is staat is zelf regie te voeren, kan hij of zij daarvoor iemand uit het netwerk vragen. Het gaat hier om ‘samen arrangeren’. Samen in gesprek met de inwoner werken aan de oplossing, ook als het binnen de systemen niet kan. Dit is een benadering waar de oplossing voor de inwoner voorop staat en niet de producten en diensten van aanbieders. 3. Gebiedsgericht als organisatievorm Vanuit de inwoner is de schaal van de buurt of wijk het meest logisch. Daar doe je boodschappen en daar ga je met medische vragen naar de huisarts. Voor sociale vragen wil je naar de ‘sociale huisarts’, een gebiedsgebonden netwerk van vrijwilligers en professionals in het sociaal domein. Inwoners kunnen bij het gebiedsgebonden netwerk van professionals in het sociaal domein terecht met een initiatief, maar ook met hulpvragen. De professionals reageren niet alleen op vragen, maar werken ook outreachend in het gebied. Ze faciliteren vrijwilligers, mantelzorgers en inwoners(groepen) met een maatschappelijk initiatief. De focus ligt op het vinden van collectieve en waar nodig individuele oplossingen in het voorveld en niet op toegang tot de geïndiceerde zorg en ondersteuning.

De toegang tot maatwerkvoorzieningen wordt beperkt tot het hoogst noodzakelijke en is dan ook sneller beschikbaar. De werkwijze van het gebiedsgebonden netwerk is overal hetzelfde: ‘samen arrangeren’. Alle netwerken werken volgens dezelfde principes, zoals: ‘we kennen ons gebied’, ‘we zijn er van’, ‘we schuiven niet af’, ‘we sluiten aan bij wat inwoners zelf kunnen, willen en nodig hebben’, ‘we sluiten casuïstiek niet af als dat niet verantwoord is’, we doen wat goed is’, ‘we werken op vraag én outreachend’, ‘we betrekken de context van de inwoner in de oplossing’ en ‘we zijn ons bewust van de schaarste aan middelen en handelen daarnaar’. Voor jongeren is het van belang dat er op een snelle en efficiënte manier problemen worden aangepakt. Het jongerenwerk helpt jongeren hun talenten te ontdekken en in te zetten, stimuleert jongeren om actief deel te nemen en mee te beslissen en signaleert vroegtijdig trends en ontwikkelingen. De leefwereld van jongeren speelt zich in een grotere context af dan een specifiek gebied en is vaak ook online. Voor het

jongerenwerk is het van belang op te merken dat je niet alleen gebiedsgebonden jongeren kunt bereiken. Idealiter is het gebiedsgebonden netwerk een (maatschappelijke) onderneming met maximale professionele ruimte en een eigen gebiedsbudget. De verantwoordelijkheid ligt bij de professionals zelf en de overhead is tot een minimum teruggebracht, zodat de (schaarse) middelen maximaal kunnen worden besteed aan de inwoners in het gebied. De precieze samenstelling van het gebiedsgebonden netwerk is afhankelijk van wat het gebied nodig heeft. In Noord zal dat anders zijn dan in Rosmalen of de Binnenstad. Het is wel aannemelijk dat in elk netwerk in ieder geval professionals en vrijwilligers aanwezig zijn met een achtergrond in: • Kinder- en jongerenwerk • Opbouwwerk • Maatschappelijke dienstverlening • Vrijwilligersorganisaties • Buurtinitiatieven Aanvullend kunnen er binnen een gebiedsgebonden netwerk specialisten zijn die ook ambulante begeleiding bieden, bijvoorbeeld op het gebied van personen met verward en/of onbegrepen gedrag. Daarnaast zal altijd bepaalde dienstverlening, ook vanuit de gemeente zelf, op stedelijk niveau georganiseerd blijven. Het is belangrijk dat relevantie expertise waar nodig betrokken wordt in het gebiedsgebonden netwerk.

Daarnaast zullen er professionals zijn die deelnemen aan een gebiedsgebonden netwerk of er in nauwe verbinding mee staan, maar niet werken voor een gecontracteerde aanbieder zoals: eerstelijnszorg (huisartsen), wijkagenten, woningcorporaties, scholen, etc. Gebiedsgericht werken vereist gedegen kennis van het gebied en wat er leeft onder de specifieke doelgroepen. Die kennis halen we bij de inwoners en bij het netwerk van vrijwilligers en professionals. Ook als gemeente hebben we data. We worden steeds beter in het ontsluiten van data op buurt- en wijkniveau. Ook onze wijkmanagers zijn uitstekend op de hoogte van wat er speelt in een gebied. Met deze kennis bouwen we samen met

3

Inkoopvisie Basisondersteuning en Jongerenwerk 2025 en verder inwoners en partners aan een gebiedsbeeld en -plan gericht op het realiseren van een zorgzaam ’s-Hertogenbosch. Op basis hiervan baseren we de precieze samenstelling van het netwerk van vrijwillige en professionele zorg en ondersteuning. Omdat gebieden van elkaar verschillen, verschilt ook de samenstelling van het netwerk per gebied. 4. Taakgericht als bekostigingsvorm Bij het inkopen van zorg en ondersteuning door de gemeente van de diensten van de gebiedsgebonden netwerken past een taakgerichte bekostiging. De aanbieders in de basisondersteuning krijgen voor de duur van de opdracht een vast budget welke zij inzetten in het gebiedsgebonden netwerk. Jaarlijks wordt er in nauwe samenwerking met het gebiedsgebonden netwerk en de gemeente een concreet gebiedsbeeld en plan ontwikkeld, waarin de inhoudelijke doelstellingen en prioriteiten worden vastgesteld. Daarnaast fungeert het als een leidraad bij het toewijzen en aanpassen van het budget. Hierbij is er een zekere mate van continuïteit vereist, maar het budget op wijkniveau kan jaarlijks worden aangepast om in te spelen op veranderende behoeften binnen het gebied. Deze aanpassingsmogelijkheid biedt de nodige flexibiliteit om snel te reageren op nieuwe uitdagingen binnen het betreffende gebied.

Het is de intentie om de opdracht gedurende minimaal vijf jaar vast te leggen met mogelijkheden tot verlenging. Hierbij wordt gestreefd naar een stabiele en continuïteit biedende aanpak, zodat de betrokken partijen de kans krijgen om op lange termijn effectieve resultaten te boeken. Het stelt de aanbieders in staat om zich te richten op datgene wat werkelijk nodig is en in te spelen op de behoeften van de inwoners. In plaats van strikte controle op afzonderlijke producten, legt deze benadering de nadruk op het sturen op jaarplannen van het gebiedsgebonden netwerk. Hierbij wordt gekeken naar de uiteindelijke impact op de inwoners en hoe deze aanpak bijdraagt aan het verbeteren van hun welzijn en kwaliteit van leven. Wie bouwen hieraan mee? Waar mogelijk nemen inwoners zelf het initiatief om hun leven en woonomgeving te verbeteren. Waar nodig wordt die activiteit toevertrouwd aan vrijwilligers of professionals. Ervaringsdeskundigheid levert hierin een belangrijke bijdrage. Bij elke activiteit in de basisondersteuning kan de verhouding tussen eigen kracht vanuit inwoners en de ondersteuning vanuit aanbieders of de gemeente net even anders zijn.

Rol van de gemeente en aanbieders We vinden het belangrijk om te kunnen sturen op de opgaven in de wijken. Enerzijds willen we de afspraken met aanbieders in de basisondersteuning zo inrichten dat voor het hen duidelijk is waar we naar toe willen en wat we van hen verwachten, maar tegelijkertijd willen we ook ruimte bieden om te doen wat nodig is en een klimaat te creëren waarin ruimte is voor vernieuwing. We realiseren ons dat het voor aanbieders niet mogelijk is om zonder samenwerking met andere aanbieders alle noodzakelijke ondersteuningsvormen voor alle doelgroepen te kunnen leveren. Een aanbieder kan zich als strategisch partner inschrijven, of vrijwillig als onderaannemer deelnemen indien men zich wil aansluiten bij een geselecteerde (combinatie van) aanbieder(s) en/of het gecontracteerde samenwerkingsverband. Op basis van onze ervaringen met de huidige organisatie van het jongerenwerk, streven we naar één primair aanspreekpunt voor het jongerenwerk. Ook als meerdere aanbieders daarvoor moeten samenwerken. Dit is bedoeld om het aanbod, de onderlinge samenwerking en afstemming overzichtelijker te maken, en bovendien zal het bijdragen aan een effectievere sturing vanuit de gemeente. Sturing vanuit strategisch partnerschap De opgave waar we voor staan en het complexe veld van het sociaal domein vraagt om intensieve samenwerking tussen gemeente en de partners.

Sturing op afstand past hier niet. De rol van de gemeente gaat hierbij verder dan alleen die van opdrachtgever. Strategisch partnerschap is hier meer op zijn plaats. Dit geldt eveneens voor de partners binnen het gebiedsgebonden netwerk. Deze samenwerking wordt vormgegeven vanuit vertrouwen en partnerschap. Gemeente, aanbieders en andere partners staan gezamenlijk voor de maatschappelijke opgaven. De gemeente stelt samen met haar partners heldere gebiedsgerichte resultaten en biedt aanbieders de ruimte en het vertrouwen om de gewenste resultaten vanuit gezamenlijk opgestelde gebiedsplannen uit te werken. De partners nemen

4

Inkoopvisie Basisondersteuning en Jongerenwerk 2025 en verder het voortouw bij de totstandkoming en dragen verantwoordelijkheid voor de uitvoering, maar de uiteindelijke regie berust bij de gemeente. We willen met de inzet binnen de basisondersteuning maatschappelijk effect sorteren. Belangrijke voorwaarden om op de samenhang en de opgaven in het gebied te kunnen sturen is een gedeeld beeld van de opgaven in het gebied en het zichtbaar maken van resultaten. We doen dit samen met de partners in de basisondersteuning. Doel is niet om af te rekenen op resultaten maar om samen met de partners de kwaliteit en herkenbaarheid van de uitvoering te verbeteren. Uiteindelijk draagt dit eraan bij dat inwoners hun talenten kunnen ontplooien en naar vermogen meedoen aan de samenleving

•

•

Positionering jongerenwerk Omdat we niet uitgaan van scherpe scheidslijnen qua leeftijdsgrenzen en omdat ook de situatie thuis en op school belangrijk aandachtspunten zijn, is een goede afstemming met en samenwerking tussen het jongerenwerk en het werk van de buurtteams (waarin kinderwerk, maatschappelijk werk, opbouwwerk, schoolmaatschappelijk werk, opvoedondersteuning en vrijwilligers zijn georganiseerd) erg belangrijk. Belangrijke samenwerkingspartners van het jongerenwerk zijn het onderwijs, sport, cultuur, het vrijwillig jongerenwerk, organisaties die financiële hulp bieden, enz. Doel van de samenwerking is dat er een samenhangend onderling afgestemd aanbod ontstaat voor jongeren, waarbij organisaties gebruik maken van elkaars ervaringen, kennis en expertise. Hierdoor ontstaat een geheel dat meer is dan de som der delen. De inzet van vrijwilligers en ervaringsdeskundigen is daarbij erg belangrijk. Voorwaarden Samenwerken aan een stevige basisondersteuning vraagt om een gezamenlijk beeld van hoe we dit bereiken en om een eenduidige uitvoeringspraktijk. De vier leidende principes helpen ons bij de vormgeving van die samenwerking en hoe we die uitvoering willen inrichten. Voorwaarden voor samenwerking geven onze uitvoeringspartners houvast bij hun rol binnen de basisondersteuning.

•

•

Gebiedsgericht Het gebiedsgebonden netwerk maakt jaarlijks een gebiedsbeeld met daarin de belangrijkste kansen en opgaven die lokaal spelen. Daaruit volgt een gebiedsplan met inhoudelijke doelstellingen en prioriteiten. Op basis hiervan wordt het gebiedsbudget bepaald om dit mogelijk te maken. Het stellen van prioriteiten kan ook betekenen dat bepaalde activiteiten niet of minder worden uitgevoerd. De gemeente is eindverantwoordelijk voor de vaststelling van het gebiedsplan en het te verdelen budget. Continuïteit Inherent aan het inzetten van verbeteringen naar een toekomstige gewenste situatie is dat er dingen veranderen. Veranderingen leveren altijd onzekerheden op. We gaan hier zo zorgvuldig mogelijk mee om. Uitgangspunt hierbij is de continuïteit voor inwoners en vrijwilligers. We vinden het belangrijk dat essentiële functies in de stad behouden blijven. Daarom nemen we dit mee in het beschrijven van de opdracht. Dat wil overigens niet zeggen dat deze functies niet op een andere manier kunnen worden uitgevoerd. Waar er dingen veranderen doen we dit zo zorgvuldig mogelijk en vragen we onze samenwerkingspartners dat ook te doen. Hierbij richten we ons op continuïteit en/of een soepele overgang voor inwoners en vrijwilligers. Resultaatgericht Van belang is het maatschappelijk rendement voor onze inwoners en dat we dit inzichtelijk maken.

Maar we willen kostbare tijd niet verloren laten gaan aan administratieve werkzaamheden. We werken met een kleine set standaard indicatoren aangevuld met lokale indicatoren die voortkomen uit het gebiedsplan. Deze vullen we aan met kwalitatieve informatie. Ruimte voor experiment Als we het systeem willen vormen naar de logica van de inwoner in plaats van andersom ontkomen we er niet aan ook anders te kijken naar sommige financieringsstromen. De ervaring leert dat bij elke ‘knip’ muurtjes (schotten en kolommen) ontstaan. De verwachting is dat sommige activiteiten die nu als maatwerkvoorziening worden georganiseerd, ook binnen de basisondersteuning of in mengvormen uitgevoerd kunnen worden.

5

Inkoopvisie Basisondersteuning en Jongerenwerk 2025 en verder Hiermee ontstaat de benodigde flexibiliteit waar de lokale opgaven om vragen. Naast de inkoopopdracht basisondersteuning zijn er verschillende subsidieregelingen en doorbraakthema’s die hier complementair aan werken. We kunnen denken aan ‘Right to Challenge’ en ‘Nieuwe Initiatieven’. Bij het formuleren van de nieuwe opdracht is het van belang om ook deze regelingen in overweging te nemen, zodat ze elkaar verder versterken. •

•

•

•

Spreiding over de gemeente De aanbieders zijn verantwoordelijk voor een gespreid aanbod van activiteiten over de gemeente. Vooral de fysieke nabijheid voor kwetsbare doelgroepen is van belang. Specifieke voorwaarden voor de opdracht jongerenwerk zijn: Jongerenwerk werkt outreachend en vindplaatsgericht bijvoorbeeld op scholen of bij sportverenigingen met als doel jongeren te bereiken en vooral ook het bereiken van jongeren die uit zichzelf niet gemakkelijk om hulp vragen (ambulant jongerenwerk). Via jongerencentra biedt het jongerenwerk ontmoetingsplekken voor jongeren middels een inloop en een uitdagend activiteitenaanbod, gericht op talenten ontdekken en nieuwe ervaringen opdoen. Participatie door jongeren wordt zoveel mogelijk gestimuleerd op basis van het Bossche Participatiemodel. Wat jongeren zelf kunnen, neemt het jongerenwerk niet over. Jongerenwerk signaleert en verwijst warm door bij financiële problemen, schulden, armoede, eenzaamheid, huiselijk geweld, veiligheidsvraagstukken en specialistische problematiek. De verantwoordelijkheid voor de aanpak ligt bij andere partijen.

6

Inkoopvisie Basisondersteuning en Jongerenwerk 2025 en verder

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13654424/1