Discussienotitie Toekomstbomen - DBG
Tekst van het document
Bespreeknotitie – Toekomstbomen in ’s-Hertogenbosch Commissie Bedrijvigheid 9 februari 2026 1. Aanleiding Waardevolle en monumentale bomen van meer dan 100 jaar oud worden steeds zeldzamer in ’s-Hertogenbosch. In de binnenstad resteert nog slechts een beperkt aantal bomen ouder dan circa 130 jaar. Deze bomen hebben een grote ecologische, landschappelijke en cultuurhistorische waarde en fungeren als herkenbare groene ankerpunten in de stad. Zij bevinden zich vooral in oude stads-, kerk- en kloostertuinen, in parken zoals de Casinotuin en op de stadswallen en bastions. Door klimaatverandering, intensief gebruik van de openbare ruimte en het verleden van grootschalige evenementen zijn veel van deze bomen zwaar belast geraakt. Als gevolg hiervan zijn de afgelopen jaren meerdere monumentale bomen verdwenen en is de conditie van de resterende bomen achteruitgegaan. 2. Doel van het initiatief Het initiatief beoogt twee samenhangende doelen: A. Het versterken van structureel beleid voor bomen die oud kunnen worden. Dit door bij ruimtelijke ontwikkelingen, herinrichtingen en beheerplannen expliciet en vroegtijdig ruimte te reserveren voor zogenoemde toekomstbomen. Daarbij wordt vanaf het begin rekening gehouden met benodigde boven- en ondergrondse groeiruimte, geschikte soortkeuze en een lange levensverwachting. B.
Het borgen van kwaliteit en continuïteit in de stedelijke groenstructuur. Door bewuste locatiekeuze, duurzame inrichting van groeiplaatsen en passende bescherming krijgen bomen daadwerkelijk de kans om uit te groeien tot beeldbepalende en uiteindelijk monumentale exemplaren, ten behoeve van huidige en toekomstige generaties. 3. Klimaatverandering en stedelijke druk Klimaatverandering vormt een toenemende bedreiging voor zowel bestaande als toekomstige bomen. Extreem natte en extreem droge jaren wisselen elkaar af, terwijl hogere temperaturen leiden tot nieuwe ziekten en plagen. Deze ontwikkelingen veroorzaken structurele verzwakking van bomen. Daarnaast hebben stadsbomen te maken met een hoge ruimtelijke druk. Beperkte wortelruimte, luchtverontreiniging en terugkerende graafwerkzaamheden zijn eerder regel dan uitzondering. Bij herinrichtingen van straten en pleinen blijkt dat de gemiddelde levensduur van een stadsboom vaak niet verder reikt dan 30 tot 50 jaar. Zonder gerichte keuzes en bescherming wordt het daarmee steeds moeilijker om bomen oud te laten worden. 4. Toekomstbomen: investeren voor volgende generaties Om het verlies aan monumentale bomen op termijn op te vangen, is het noodzakelijk nu gericht te investeren in toekomstbomen.
Toekomstbomen zijn bomen die worden geplant op locaties waar bewust is gekozen om ze groot en oud te laten worden, en waar de benodigde ruimtelijke en beheertechnische voorwaarden zijn ingevuld. Ter illustratie: voor een boom die kan uitgroeien tot een waardevolle en uiteindelijk monumentale boom is circa 100 m³ kwalitatieve, vruchtbare ondergrondse groeiruimte
noodzakelijk, naast voldoende bovengrondse ruimte voor kroonontwikkeling. De reproductietijd van bomen is lang: het duurt meerdere generaties voordat een boom de monumentale leeftijd bereikt. Toekomstbomen zijn daarmee potentiële monumentale bomen van de volgende eeuw. Om als toekomstboom te worden aangewezen, moet aan duidelijke criteria worden voldaan. Zo is voldoende afstand tot bebouwing vereist, dient de soort geschikt te zijn om oud te worden en moet zowel boven- als ondergronds voldoende groeiruimte beschikbaar zijn. 5. Zorgvuldige locatiekeuze en data-gedreven ondersteuning Het vinden van duurzame groeiplaatsen in een stedelijke omgeving is complex. In de praktijk verdwijnen bomen vaak voortijdig door ongeschikte soortkeuze, onvoldoende groeiruimte of doordat zij later als overlast worden ervaren. Nieuwe data-gedreven inzichten bieden mogelijkheden om potentiële groeiplaatsen beter te beoordelen. Door het combineren van boven- en ondergrondse gegevens – zoals bebouwing, infrastructuur, kabels en leidingen, bodemopbouw, grondwaterstanden en klimaatstress – kan een realistische inschatting worden gemaakt van geschiktheid en levensverwachting. Dit maakt gerichte keuzes mogelijk voor een klimaatbestendig sortiment dat aansluit bij de specifieke omstandigheden van een locatie. 6.
Tijdigheid en voorbereiding Het reserveren van ruimte voor toekomstbomen vraagt om tijdige besluitvorming en zorgvuldige voorbereiding. Boomsoorten die geschikt zijn om daadwerkelijk oud te worden, zijn niet altijd direct beschikbaar en vereisen vaak langdurige opkweek. Ook het realiseren van duurzame groeiplaatsen, zowel boven- als ondergronds, vraagt om integrale afstemming in ontwerp, planning en uitvoering. Door nu richtinggevende keuzes te maken: - Kan het college potentiële locaties tijdig in beeld brengen en reserveren; - Kunnen deze keuzes worden meegenomen in beheer- en inrichtingsplannen voor de openbare ruimte; - Ontstaat ruimte om aanplant, inrichting en nazorg zorgvuldig te organiseren; - Wordt voorkomen dat ambities rond toekomstbomen beperkt blijven tot symbolische aanplant. 7. Vragen aan de commissie Dit leidt tot de volgende vragen aan de commissie: 1. Ziet u met ons de noodzaak om in de binnenstad, wijken en dorpen geschikte locaties te identificeren voor het planten van bomen die kunnen uitgroeien tot monumentale bomen? 2. Ziet u met ons de noodzaak om deze locaties expliciet te reserveren voor toekomstbomen? 3. Hoe kan worden geborgd dat deze bomen daadwerkelijk de kans krijgen om oud te worden en bij toekomstige herinrichtingen en ruimtelijke ingrepen adequaat worden beschermd? 4.
Bent u bereid het college te vragen bovenstaande punten mee te nemen in het nieuwe beheerplan openbare ruimte, dat het college komend jaar zal presenteren? 5. Bent u het met ons eens dat het herdenkingsjaar 1629–2029 een passende gelegenheid biedt om extra toekomstbomen te planten in de binnenstad, wijken en dorpen? Johan van Boxmeer Commissielid Bedrijvigheid & Omgeving - De Bossche Groenen