CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Discussienotitie Straatintimidatie en Veiligheid - LH - DBG

Commissie BESTUUR 27 november 2025, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Discussienotitie Straatintimidatie en Veiligheid - LH - DBG3.262 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bespreeknotitie Straatintimidatie en Veiligheid Inleiding In de gemeenteraad van 10 september 2025 hebben we gesproken over de wensen en bedenkingen beleidsplan ‘Samen mens, Samen gemeenschap’. Daarbij zijn diverse moties ingediend, waaronder een van Leefbaar ’s-Hertogenbosch en De Bossche Groenen, over de aanpak en actie tegen onveiligheid en straatintimidatie. Deze werd gesteund door PvdD, VdB, SP en 50Plus. De motie werd op het nippertje verworpen. Uit de discussie kwam naar voren dat sommige partijen de indruk kregen dat het vooral ging om specifieke groepen, zoals vrouwen en LHBTIQ+-personen. Daarnaast bleek er onduidelijkheid te bestaan over het huidige meldpunt. Het college gaf ook aan zich zorgen te maken over de veiligheid, met name die van vrouwen, en er werd benadrukt dat de vindbaarheid en zichtbaarheid van het meldpunt verbeterd moeten worden. Ook bleek dat er veel overeenstemming was over verbeteren van de veiligheid op straat, maar over de concrete invulling van de aanpak, verschilden de meningen. Daarmee was de kous nog niet af. Na de behandeling in de gemeenteraad is op 23 september 2025 nieuwe informatie beschikbaar gekomen, onder andere via de beantwoording van technische vragen van DBG en raadsvragen van D66.

Verder dringt de Raad van Europa er op aan dat Nederland geweld tegen vrouwen veel serieuzer moet aanpakken ('Nederland moet geweld tegen vrouwen veel serieuzer aanpakken'). Deze laatste publicatie is van 21 oktober. Ook hebben wij concreet onderzoek gedaan naar de aanpak elders, we hebben hiervoor contact opgenomen met de gemeente Eindhoven. Informatie op hun website gaf daar aanleiding toe en via het ambtelijk apparaat hebben wij informatie kunnen vergaren over hun aanpak en resultaten. Deze aanvullende en relevante informatie, in combinatie met signalen en reacties uit de stad, vormt voor ons aanleiding om het onderwerp op de radar te houden en opnieuw onder de aandacht te brengen met deze bespreeknotitie. 1

Informatie technische en- raadsvragen In bijlage 1 staan de antwoorden op de technische vragen van DBG. In bijlage 2 die van D66. Hieronder geven we hiervan een beknopte weergave. Info uit technische vragen Er is geen lokaal meldpunt, maar mensen kunnen terecht bij het meldpunt voor discriminatie.nl. Via dit meldpunt kan ook straatintimidatie gemeld worden. Uit de cijfers blijkt dat er in 2024 vijf meldingen gedaan zijn en in 2025 vier. Info uit raadsvragen Van de jonge vrouwen (18-30 jaar), voelt 39% zich vaak of soms onveilig. 50% van de jonge vrouwen is slachtoffer geweest van straatintimidatie. Tijdens het uitgaan voelt 31% van de vrouwen zich soms of vaak onveilig. Deze cijfers onderstrepen de noodzaak om te blijven investeren in maatregelen die de veiligheid en veiligheidsbeleving versterken. Om de veiligheid te bevorderen wordt er ingezet op cameratoezicht, slimme verlichting, inrichting openbare ruimte en handhaving. Het college geeft verder aan om de veiligheidsbeleving beter in kaart te brengen. Conclusie In de antwoorden op de technische vragen staat: “Op basis van de cijfers van het meldpunt zien we dat het aantal meldingen van straatintimidatie beperkt is.” Dit antwoord staat echter in schril contrast met de cijfers die worden genoemd in de antwoorden op de raadsvragen.

Mogelijke verklaringen zijn dat mensen het meldpunt niet weten te vinden, dat zij niet of onvoldoende bereid zijn om melding te doen, of dat sprake is van een combinatie van beide. Hierdoor ontstaat een onvolledig beeld van de omvang van straatintimidatie en van onveilige situaties in de stad. Wat hierbij mogelijk ook een rol speelt, is dat het landelijke meldpunt zich vooral profileert als meldpunt voor discriminatie. Terwijl lang niet iedereen die zich onveilig voelt dit automatisch aan discriminatie toeschrijft. Wat we verder weten In de motie over aanpak en actie tegen onveiligheid en straatintimidatie staan een aantal feitelijke constateringen: ● ● ●

De gemeentelijke veiligheidsmonitor laat zien dat 15% van onze inwoners zich weleens onveilig voelt op straat; Steeds meer vrouwen en LHBTIQ+'ers krijgen te maken met straatintimidatie, zoals naroepen, achtervolgen of ongewenste opmerkingen; Uit landelijk en regionaal onderzoek blijkt dat straatintimidatie een negatieve invloed heeft op het gevoel van veiligheid en de bewegingsvrijheid van met name vrouwen;

2

●

● ●

● ●

De acceptatie van LHBTIQ+'ers volgens onderzoek de afgelopen vijf jaar daalt van 62% naar 43% en zij aangeven steeds vaker in het openbaar, op straat of in de trein te maken krijgen met weerstand en agressie; Straatintimidatie vaak niet gemeld wordt, onder andere door het gevoel dat er toch niets mee gedaan wordt; Diverse gemeenten in Nederland (zoals Rotterdam, Amsterdam en Utrecht) al actief beleid voeren tegen straatintimidatie, inclusief meldcampagnes, bewustwording en handhaving; Uit ervaringen bij andere gemeenten blijkt dat meldingen van onveilige situaties stijgen als een meldpunt wordt ingericht; Een meldpunt levert een bijdrage aan inzicht, bewustwording en met goede opvolging tot concrete acties.

We weten dat mensen vaak niet goed de weg weten te vinden. In de gemeenteraad stelde het college dat mensen via een landelijke website makkelijker hun weg zouden vinden dan via een lokale. De cijfers laten dit echter niet zien, en ook de ervaringen van andere gemeenten spreken deze veronderstelling tegen. Op de website van onze gemeente was het tot begin oktober 2025 moeilijk om informatie over straatintimidatie te vinden, daar is nu wel een stukje over opgenomen met een verwijzing naar het landelijke meldpunt. Of daarmee de vindbaarheid en bekendheid en het gebruik flink zal stijgen is de vraag. Temeer dat het onderwerp is opgenomen onder de naam Regenboogstad en nadrukkelijk zich richt op discriminatie en die associatie lang niet altijd gelegd zal worden. Kijken we naar steden bij ons in de buurt dan zien we dat de websites van Tilburg (Straatintimidatie - Gemeente Tilburg) en Eindhoven (Straatintimidatie | Gemeente Eindhoven) heel goed inspelen op het brede gevoel van intimidatie en onveiligheid, met een duidelijke mogelijkheid om lokaal een melding te maken. Bovendien is Eindhoven aangesloten op de app ‘Stop Intimidatie’. Deze twee steden pakken breed uit op hun website als het gaat om straatintimatie, makkelijk vindbaar, uitgebreide teksten en stimulerend om meldingen te doen.

Eindhoven Navraag bij de gemeente Eindhoven leert ons dat zij in juli 2023 een aanpak straatintimidatie hebben ontwikkeld. Langs drie lijnen vliegen ze dit aan|: bewustwording en preventie, ondersteuning slachtoffers en aanpak op straat. Een belangrijk onderdeel van de aanpak van straatintimidatie is de meldingsapplicatie of StopApp waar slachtoffers én getuigen van straatintimidatie in Eindhoven melding kunnen maken van wat is voorgevallen. Als reden geeft Eindhoven het volgende aan: “Uit onderzoek blijkt dat de drempel om melding te maken nog altijd hoog is. Dit heeft verschillende oorzaken. Eén daarvan is dat volgens slachtoffers adequate opvolging ontbreekt. Een andere oorzaak is dat melding maken veelal als omslachtig ervaren wordt. Dat er geen of weinig meldingen zouden zijn betekent niet dat slachtoffers het niet erg vinden wat hen is overkomen. Met een Stop-App willen we de meldbarrières zo klein mogelijk maken om uiteindelijk slachtoffers zo goed mogelijk 3

te helpen.Ook helpt de Stop-App om beter zicht te krijgen op de aard en omvang van straatintimidatie, waaronder de veelvoorkomende locaties en tijden. Met deze informatie kan gerichter gereageerd worden. Met de Stop-App kan men desgewenst anoniem melden. De App biedt ook de mogelijkheid om contactgegevens achter te laten voor die situaties waarin slachtoffers in contact willen treden met de gemeente. De gemeente biedt dan een luisterend oor, verwijst slachtoffers indien mogelijk/nodig naar de juiste instantie/organisatie of licht toe wat er bijvoorbeeld met de melding wordt of is gedaan. Naast de Stop-App is er een gemeentelijke website met informatie over straatintimidatie en de aanpak in Eindhoven. Daarnaast zal hier informatie te vinden zijn van landelijke en mogelijke lokale organisaties die zich inzetten om straatintimidatie terug te dringen en slachtoffers beter bij te staan.” Resultaten Eindhoven “Met betrekking tot het aantal meldingen kan het volgende worden aangegeven: In de periode nov 2023 – okt 2025 hebben we 174 meldingen ontvangen. 74% van de melders is vrouw, 94% van de plegers is man. M.b.t. de meldingen: - 97 meldingen betroffen naroepen/schelden; - 58 meldingen betroffen hinderlijk volgen; - 23 meldingen betroffen betasten; - 27 meldingen betroffen dreigen met geweld. Goed om te weten is dat melders meerdere opties m.b.t.

hun ervaringen kunnen aangeven (kan bijvoorbeeld dus gaan om hinderlijk volgen én dreigen met geweld). Bekende hotspots zijn stationsgebied, centrum en uitgaansgebied(en). De aanpak loopt t/m 2026 (huidige periode beleidskader veiligheid/integraal veiligheidsplan). Eind van dit jaar, begin volgend jaar gaan we onderzoeken waar en op welke wijze we dit thema kunnen borgen. Het tegengaan van straatintimidatie vraagt om een lange adem. Het probleem is diepgeworteld en niet met enkele maatregelen op te lossen. Het vraagt om continue aandacht.” Verder wordt mog opgemerkt dat Eindhoven lid is van het ‘Programma Veilige Steden’ (Home Veilige Steden). Kosten Stop-App “Destijds (2023) bedroegen de eenmalige kosten t.b.v. opleiding en customizing van de app € 17.500,-. Aan abonnementskosten (onderhoud systeem en ondersteuning) wordt jaarlijks 16.200,- betaald. Komt o.a. omdat wij maatwerk in de app wilde hebben en de managementdata in een eigen veiligheidsdashboard wilden uploaden.De partij waar we de app hebben afgenomen is de C3Group te Leerdam. Zie voor meer informatie C3Group - Home”

4

Vervolg Met deze bespreeknotitie willen we bereiken dat veiligheid voor alle inwoners verbeterd wordt en dat we er op korte termijn werk van gaan maken. We zien die noodzaak vooral bij jonge vrouwen en LHBTIQ+’ers maar dat is niet exclusief. De inzet is gericht op oplossingsgerichte maatregelen en preventie. Voor dit laatste is het relevant dat we een deel van die informatie ophalen bij mensen die te maken hebben met onveilige omstandigheden en situaties. We hebben voor de commissie de volgende vragen 1. Deelt u de mening dat we actief op zoek moeten naar onveilige omstandigheden en situaties in de publieke ruimte? 2. Deelt u de mening dat we beter lokaal dan landelijk een meldpunt kunnen inrichten? 3. Deelt u de mening dat we kunnen leren van gemeenten als Eindhoven en Tilburg zodat we niet zelf ‘het wiel hoeven uit te vinden’? 4. Deelt u de mening dat een lokaal meldpunt er niet alleen moet zijn om meldingen te registreren, maar dat er ook concrete opvolging moet plaatsvinden op basis van de meldingen? 5. Deelt u de mening dat melders goed geïnformeerd dienen te worden over de ‘follow-up’?

Rinie Mees-Leefbaar ’s-Hertogenbosch Marie-France Claessen-De Bossche Groenen

5

Bijlage 1 Antwoorden op technische vragen van De Bossche Groenen Is er een meldpunt waar vrouwen in Den Bosch melding kunnen doen van seksuele intimidatie? Zo ja, welke opties zijn er? Ja, er zijn in twee plekken waar melding gedaan kan worden: 1)

Het Discriminatie.nl Noord-Brabant is het antidiscriminatiebureau dat voor de gemeente ‘s-Hertogenbosch meldingen van discriminatie behandelt en registreert. Hier kunnen inwoners vanaf 1 april 2011 terecht voor klachten en meldingen van discriminatie: Discriminatie melden - discriminatie.nl.

2)

Daarnaast is in 2023 is het meldpunt straatintimidatie opgericht in samenwerking met antidiscriminatiebureau Radar. Dit meldpunt is aangesloten bij het landelijke meldpunt discriminatie.nl en maakt het mogelijk om meldingen te doen van geweld, gender gerelateerd geweld en intimidatie via Discriminatie melden - discriminatie.nl

Vanaf wanneer is dat meldpunt actief? We hebben in 2023 het meldpunt straatintimidatie opgericht in samenwerking met antidiscriminatiebureau Radar. Dit meldpunt is aangesloten bij een landelijk meldpunt en maakt het mogelijk om meldingen te doen van geweld, gender gerelateerd geweld en intimidatie. Met campagnes als “nie graoie mar zwaoie” hebben we het meldpunt onder de aandacht gebracht. En hoeveel meldingen van seksuele intimidatie zijn er sinds de oprichting van het meldpunt gedaan? Graag een overzicht. Het aantal meldingen van straatintimidatie door vrouwen of personen uit de LHBTIQA+gemeenschap is: - 2024: 5 meldingen, waarvan 2 specifiek van vrouwen op grond van geslacht. - 2025: 4 meldingen, waarvan 1 specifiek van een vrouw op grond van geslacht. Hoe vindt terugkoppeling van vanuit het meldpunt naar de gemeente plaats? De terugkoppeling vindt plaats via de samenwerking met Radar. Is er gevolg gegeven aan de meldingen aangaande seksuele intimidatie die gedaan zijn? Zo ja, hoe? Wanneer een melding binnenkomt bij Discriminatie.nl, wordt eerst opvang geboden en samen met de melder het voorval geanalyseerd. Er wordt advies gegeven over mogelijke vervolgstappen, zoals het doen van aangifte of melding bij de politie. Waar relevant wordt gewezen op het strafrechtelijk verbod op seksuele intimidatie en op netwerken zoals Roze in Blauw. 6

Op basis van de cijfers van het meldpunt zien we dat het aantal meldingen van straatintimidatie beperkt is. Daarbij moet worden benadrukt dat seksuele intimidatie zich ook op andere plekken kan voordoen, bijvoorbeeld op de werkvloer. Daarnaast registreert Discriminatie.nl ook meldingen op andere gronden, zoals discriminatie op basis van geslacht of seksuele gerichtheid. Onderzoek laat zien dat slechts een zeer klein percentage van de mensen die discriminatie of intimidatie ervaren dit daadwerkelijk meldt (rond de 1%). Het huidige cijfermateriaal is daarmee onvoldoende representatief om beleidsmatige conclusies aan te verbinden of om structurele maatregelen, zoals extra rondes van stadstoezicht, te rechtvaardigen.

Bijlage 2 antwoorden op raadsvragen D66 (https://shertogenbosch.raadsinformatie.nl/document/15992586/4/Antwoordbrief+college+23+september+2025+aan+D66+over+Veili gheid+van+vrouwen+in+%E2%80%99s-Hertogenbosch?connection_type=17&connection_id=12358541)

Vraag 1: Hoe schat het college de veiligheid van vrouwen en meisjes in ’s-Hertogenbosch in, met name in de avond en nacht? En over welke cijfers of signalen beschikt de gemeente hier concreet over? Antwoord: We zetten ons in voor een ’s-Hertogenbosch waar iedereen zich veilig voelt en is. Daarbij hebben we nadrukkelijk aandacht voor de veiligheid van vrouwen en meisjes. Ons beeld vormt zich op basis van periodieke onderzoeken, zoals de Veiligheidsmonitor, het onderzoek naar Veilig Uitgaan en meldingen bij het meldpunt straatintimidatie. Zowel de Veiligheidsmonitor als het onderzoek Veilig Uitgaan baseren zich mede op politiegegevens. Uit onze lokale Veiligheidsmonitor 2023 blijkt dat 39% van de jonge vrouwen (18-30 jaar) zich vaak of soms onveilig voelt in de buurt (tegenover 27% gemiddeld in de gemeente). Daarnaast is 50% van de jonge vrouwen slachtoffer geweest van straatintimidatie in ’s-Hertogenbosch. Tijdens het uitgaan voelt 31% van de vrouwen zich soms of vaak onveilig. Deze cijfers onderstrepen de noodzaak om te blijven investeren in maatregelen die de veiligheid en veiligheidsbeleving versterken. Ook de landelijke Veiligheidsmonitor (CBS) laat zien dat vrouwen zich vaker onveilig voelen dan mannen. In ’s-Hertogenbosch geeft 34% van de inwoners aan zich weleens onveilig te voelen.

Met name jonge vrouwen van 15 tot 25 jaar rapporteren hoge percentages (59%) en nemen vaker omwegen voor hun eigen veiligheid (45%, tegenover 27% gemiddeld). De vragenlijst voor de lokale Veiligheidsmonitor staat in de periode oktober–december 2025 opnieuw uit. De resultaten hiervan verschijnen in het tweede kwartaal van 2026. Daarnaast verwachten we dit jaar (2025) nieuwe resultaten van het onderzoek Veilig Uitgaan te ontvangen. 7

Vraag 2 Welke maatregelen treft de gemeente op dit moment om de veiligheid van vrouwen in de openbare ruimte en in het uitgaansleven te waarborgen? Wordt daarbij specifiek aandacht besteed aan gender gerelateerd geweld en intimidatie? Antwoord: We treffen verschillende maatregelen om de veiligheid in de openbare ruimte en het uitgaansleven te bevorderen. Zo wordt op drukke en risicovolle plekken in de binnenstad cameratoezicht ingezet. Waar nodig zetten we handhaving in. Bij de inrichting van de openbare ruimte is er aandacht voor open zichtlijnen, goede verlichting en alternatieve loop- en fietsroutes, zodat mensen kunnen uitwijken bij onveilige situaties. Ook wordt op sommige plekken gewerkt met slimme straatverlichting. Deze maatregelen zijn gericht op de algemene veiligheid, en zijn ook ingegeven vanuit bijvoorbeeld duurzaamheid of ‘Slim Samenleven’. Daarnaast richten we ons specifiek op gender gerelateerd geweld en intimidatie. Zo hebben we in 2023 het meldpunt straatintimidatie opgericht in samenwerking met antidiscriminatiebureau Radar. Dit meldpunt is aangesloten bij een landelijk meldpunt en maakt het mogelijk om meldingen te doen van geweld, gender gerelateerd geweld en intimidatie: Discriminatie melden - discriminatie.nl. Met campagnes als “nie graoie mar zwaoie” hebben we het meldpunt onder de aandacht gebracht.

Een evaluatie van het meldpunt vindt plaats in april 2026. De bevindingen hiervan benutten we om het meldpunt verder te versterken en door te ontwikkelen. Daarbij heeft de wethouder Inclusie in de gemeenteraad toegezegd om de bekendheid en vindbaarheid van het meldpunt verder te verbeteren. Vraag 3 Is het college bereid om in gesprek te gaan met vrouwen en meisjes in ’s-Hertogenbosch, (bijvoorbeeld via stadsgesprekken, burgerberaden of enquêtes) om in kaart te brengen waar en wanneer zij zich onveilig voelen? Antwoord: Ja. We zijn in gesprek met vrouwen en meisjes in ’s-Hertogenbosch om hun veiligheidsbeleving beter in kaart te brengen. Hieraan geven we de komende periode extra aandacht, onder andere via activiteiten rond Internationale Vrouwendag, dialogen, gesprekken binnen het onderwijs en de samenwerking met vrouwenorganisaties en met RADAR. Ook voeren we gesprekken met ervaringsdeskundigen en vrouwen die zich inzetten voor veiligheid, om te verkennen hoe we elkaar kunnen versterken. In de komende veiligheidsmonitor besteden we meer specifiek aandacht aan vrouwen, meisjes en veiligheid. Vanaf oktober voert de afdeling Onderzoek & Statistiek opnieuw een vragenlijstonderzoek uit over leefbaarheid en veiligheid in de buurt. Hierin wordt expliciet gevraagd naar onveiligheidsgevoelens en de oorzaken daarvan.

Aanvullend onderzoek naar specifieke locaties en momenten waarop vrouwen zich onveilig voelen is mogelijk, bijvoorbeeld via vragenlijsten aan het inwonerpanel en sociale media, of via (groeps)gesprekken.

8

Vraag 4 Kan het college inventariseren welke plekken in de stad door inwoners als onveilig worden ervaren, en aangeven welke verbetermaatregelen mogelijk zijn (zoals verlichting, toezicht of inrichting van de openbare ruimte)? Antwoord: Ja. Via de Veiligheidsmonitor en de Buurt- en Wijkmonitor krijgen we inzicht in buurten waar inwoners zich onveilig voelen. Naar aanleiding hiervan zijn we een maatwerkpaanpak gestart voor buurten die achterblijven in het cijfer van veiligheid in de buurt. We gaan in gesprek over waar zij zich onveilig voelen, wat de oorzaken zijn en welke verbetermaatregelen eventueel mogelijk zijn. Dat kan gaan om verlichting, toezicht of inrichting van de openbare ruimte. Daarnaast zetten we de Buurtwagen in, waarbij inwoners in gesprek kunnen met gemeente en politie. Vaak sluiten maatschappelijke partners aan. Zo werken we samen aan oplossingen die zowel bijdragen aan feitelijke veiligheid als aan veiligheidsbeleving. Vraag 5 Wordt de veiligheid van vrouwen in de avond en nacht expliciet meegenomen bij de ontwikkeling van de Bossche nachtvisie? Zo nee, is het college bereid dit alsnog te doen? Antwoord: Wij willen ons inzetten voor een aantrekkelijk en divers uitgaansklimaat voor jongeren en andere doelgroepen. In dat klimaat is veiligheid altijd een belangrijke voorwaarde. Samen met partners als horeca en politie bekijken we hoe we dit kunnen waarborgen.

Met verschillende stakeholders bezien we hoe we uitvoering kunnen geven aan de motie ‘Wek de nacht tot leven'. Naar verwachting informeren we u in oktober 2025 over de voortgang. Vraag 6 Neemt de gemeente deel aan de pilot ‘’Handhaving strafbaarstelling seksuele intimidatie door boa’s’’ van het ministerie van Justitie en Veiligheid? Zo nee, waarom niet? Antwoord: Seksuele straatintimidatie is sinds 1 juli 2024 wettelijk strafbaar en een taak die bij de politie is belegd. Onze handhavers hebben binnen de bestaande taakstelling en in de contacten op straat altijd aandacht voor signalen van seksuele straatintimidatie, maar doen nu niet mee aan de pilot. We dragen graag bij aan ontwikkelingen die spelen in de samenleving. Dat doen we o.a. door deel te nemen aan pilots en programma’s zoals Bossche Veerkracht (landelijk: preventie met gezag), de verkeershufteraanpak en waterhandhaving. Dat is in lijn met de uitgangspunten van het Integraal Veiligheidsplan (IVP) 2023-2026 en het Bestuursakkoord 2022-2026. De resultaten van de pilot vinden we belangrijk en we volgen dan ook actief de ervaringen van de deelnemende gemeenten. Zodat we op een later moment, wanneer meer inzichten beschikbaar zijn, opnieuw een afweging kunnen maken voor deelname.

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16197391/2