Bijlage 6. Managementrapportage Grondbeleid 2024
Tekst van het document
MANAGEMENTRAPPORTAGE GRONDBELEID 2024
Managementrapportage Grondbeleid 2024 Inleiding In deze Managementrapportage Grondbeleid 2024 (Marap) geven wij u inzicht in de financiële stand van zaken van de gemeentelijke grondexploitaties en kostenverhaalsprojecten. Het betreft een tussentijdse actualisatie. Bij deze actualisatie bekijken we in welke mate de prognoses omtrent inkomsten en uitgaven in de diverse complexen voor 2024 naar verwachting gerealiseerd gaan worden. Waar mogelijk zijn de consequenties voor de langere termijn in beeld gebracht. Dit gebeurt door de werkelijke cijfers tot en met medio van dit jaar en de verwachte resultaten in de 2e helft 2024 af te zetten tegen de geprognosticeerde cijfers uit de paragraaf grondbeleid in de jaarrekening 2023. Daarmee blijven de cijfers van deze Marap nog steeds verwachtingen voor 2024. In de Jaarrekening 2024 worden de definitieve cijfers gepresenteerd. Er wordt ingegaan op: 1. Het grondbeleid van de gemeente ‘s-Hertogenbosch 2. De huidige inzichten en bespiegelingen van de grond- en vastgoedmarkt 3. De (verwachte) resultaten in 2024 versus hetgeen begroot is in de paragraaf Grondbeleid in de Jaarrekening 2023.
Grondbeleid gemeente ‘s-Hertogenbosch Uitgangspunt voor het grondbeleid is een actief grondbeleid, tenzij dit op basis van factoren als grondposities, gemeentelijke doelstellingen, mogelijkheid tot sturing, risicoprofiel, verwacht financieel resultaat en/of benodigde deskundigheid onwenselijk of niet goed mogelijk is. Bij een actief grondbeleid worden de volgende processtappen doorlopen:
Het voeren van (actief) grondbeleid brengt ook risico’s met zich mee. Door een voorzichtig en behoudend financieel beleid te voeren wordt de kans op negatieve financiële verrassingen zo klein mogelijk gehouden. Voor een uitvoerige omschrijving van het grondbeleid, wordt verwezen naar de Nota Grondbeleid 2018. Bespiegelingen op de grond- en vastgoedmarkt Algemeen De woningmarkt heeft zich in een rap tempo hersteld van een kortstondige dip. De huizenprijzen liggen nu al weer boven het niveau van de vorige piek in 2022. De prijsstijging van de woningen is met name het gevolg van de stijgende lonen in de afgelopen periode en het achterlopende realisatie van nieuwbouwwoningen waardoor de schaarste aan woningen toeneemt. De verwachting is wel dat de nieuwbouwproductie in 2025 weer zal toenemen. Dit is onder andere te merken aan het aantal bouwvergunningen dat sinds begin 2024 in de lift zit. Een andere belangrijke factor is dat de VON-prijzen van de nieuwbouwwoningen stijgen. Dit betekent dat projecten weer eerder financieel haalbaar kunnen zijn. De productie wordt echter bedreigd door onder andere de aanhoudende hoge bouwkosten, het stikstofdossier en juridische vertragingen. Ook netcongestie, waardoor nieuwe woonwijken niet op het elektriciteitsnetwerk aangesloten kunnen worden, zorgt steeds vaker voor vertraging.
Het kabinet heeft de woningmarkt hoog op de agenda staan. Er wordt ingezet op het verhogen van de nieuwbouwproductie en stelt daar ook middelen voor beschikbaar. In totaal gaat het om een bedrag van € 5 miljard. Daarnaast wil de coalitie de productie versnellen door de doorlooptijd van de ruimtelijke procedures te verkorten. Binnen de commerciële vastgoedmarkt zien we dat het hybride werken steeds meer het nieuwe normaal is op de kantorenmarkt. Hierdoor is er nog steeds sprake van een dalende vraag naar kantoorruimte. Dit heeft effect op de financiële waarde van de kantoorpanden. Kansen liggen er wel voor vastgoed dat zowel aan de hoogste duurzaamheidseisen voldoet als goed bereikbaar is met het openbaar vervoer. Binnen de bedrijfsruimtemarkt zien verschillende sectoren hun marges onder druk staan door geopolitieke spanningen, inflatie en gestegen kosten. Tekorten op het elektriciteitsnet en de stikstofproblematiek maken bedrijven terughoudender met investeringen en uitbreidingen. Landelijk gezien is het beschikbare aanbod aan bedrijfsruimte met 3,6% van de totale voorraad zeer laag. Lokaal De vraag naar woningen in de gemeente ’s-Hertogenbosch blijft in alle segmenten groot. Als gemeente streven we naar het realiseren van gemiddeld ruim 1.000 woningen per jaar.
Deze productie realiseert de gemeente samen met de woningcorporaties en particuli ere initiatiefnemers (waaronder ontwikkelaars). In 2024 verwachten we binnen onze eigen grondexploitatieprojecten bouwgrond te verkopen voor de bouw van 128 tot 249 woningen (exclusief 171 flexwoningen). Voor de (nabije) toekomst verwachten wij dat de vraag naar woningen groot blijft, maar de nieuwbouwproductie heeft te maken met diverse problemen waardoor de productie kan tegenvallen. Voor het project Willemspoort geldt dat het bijvoorbeeld nog onzeker is wanneer er gestart kan worden met bouwen. Dit is met name afhankelijk van het stikstofbeleid. De beschreven onzekerheden en problemen in de woningmarkt kunnen financiële gevolgen hebben voor het grondbedrijf. In de paragraaf over het weerstandvermogen van het grondbedrijf gaan we nader in op hoe we dit verwerken. De markt voor bedrijventerreinen en kantoren heeft zich de afgelopen jaren in ’s-Hertogenbosch gunstig ontwikkeld. Als gevolg hiervan is er in ’s-Hertogenbosch sprake van een lage leegstand van kantoren en bedrijfshuisvesting. In 2023 is de Kantorenvisie ’s-Hertogenbosch aan de raad voorgelegd. De gemeente ’s-Hertogenbosch zet in op het realiseren van kantoren en bedrijfsruimten op centraal gelegen locaties. Een goed voorbeeld hiervan is de ontwikkeling van het Innovatiekwartier in de Noordelijke Spoorzone.
In totaal hebben we in onze grondexploitaties per 01-01-2024 nog ruim 37,0 hectare grond voor bedrijventerreinen beschikbaar. Voor 2024 verwachten we circa 1,9 hectare uit te geven. Een aandachtspunt voor het nieuwe bedrijventerrein Heesch West is het overvolle energienetwerk. Hierdoor kunnen op korte termijn bedrijven voorlopig niet aangesloten worden op het energienetwerk. Als oplossingsrichting kan gedacht worden aan zo veel mogelijk energie op te wekken binnen het project zelf. De kans is echter groot dat de beperkte ruimte op het energienetwerk gevolgen gaat hebben voor de uitgifteplanning van het project. Het overvolle energienetwerk kan ook een rol gaan spelen bij andere gebiedsontwikkelingen. Dit houden wij nauwlettend in de gaten.
Verwacht financieel resultaat grondbeleid 2024 Binnen het grondbedrijf onderscheiden we vier groepen projecten: 1. Bouwgronden in Exploitatie (BIE) Dit zijn gronden die het grondbedrijf actief transformeert naar bouwgrond. Uw raad heeft hiervoor een grondexploitatiecomplex (ruimtelijk plan) met een grondexploitatie vastgesteld. 2. Overige gronden en panden (Materieel Vast Actief: MVA) Dit gaat om gronden en panden die we strategisch in bezit hebben of nog in ontwikkeling worden gebracht. Dit bezit wordt jaarlijks beheerd. 3. Kostenverhaalsprojecten Hierbij gaat het om kosten die de gemeente heeft gemaakt en in rekening brengt bij particuliere ontwikkelingen: het faciliterend grondbeleid. De gemeente heeft hier geen eigendom of slechts beperkt. 4. Projecten in voorbereiding (Immaterieel Vast Actief: IVA) Dit zijn projecten waarvoor uw raad voorbereidingskredieten beschikbaar heeft gesteld en waarvan de verwachting is dat voor deze projecten op termijn grondexploitaties worden geopend. Na een samenvattend beeld gaan we nader in op de voortgang binnen de vier type projecten. 1.
Samenvattend beeld grondbedrijf Uitgangspunten ▪ Uitgifteprognose bouwgrond Ten opzichte van de prognoses zoals die opgenomen zijn in de paragraaf “Grondbeleid Jaarrekening 2023”, onderdeel prognose vanaf 2023, kunnen we voor 2024 de voorspellingen voor de uitgifte van woningbouw- en bedrijvenkavels als volgt duiden:. - We hadden verwacht bouwgrond voor circa 307 woning uit te geven, deze prognose moeten we bijstellen naar 128 tot 249 woningen (exclusief 171 flexwoningen). - De verwachte uitgifte van bedrijfskavels komt met circa 1,9 ha nagenoeg uit op de eerdere prognose van 1,8 ha. ▪ Parameters De paramater voor kostenstijging is gelijk gehouden (2%). Vanwege de WBI-toekenning voor het project DGW Noord, schrijft het Ministerie een ‘taakstellende’ opbrengstenstijging voor van 2%. Deze is alleen voor DGW Noord aangehouden. Voor de overige grondexploitaties is conform behoudend beleid 0% aangehouden. Wij hebben dit risico die dit met zich meebrengt voor een deel opgevangen door het projectrisico voor DGW Noord op te hogen. Voor het rentepercentage is gerekend met 1,25%, welke afgestemd is op het omslagpercentage van de gemeente. Hiermee voldoen we aan aangepaste BBV-regels op dit onderdeel. Vorig jaar werd gerekend met een percentage van 0,55%.
▪ Aanpassen grondprijzen Eerder hebben we aangekondigd dat de haalbaarheid van de grondprijzen voor de middendure huurwoningen en de appartementen onder druk stond. Na een uitvoerige analyse, inwinnen van externe expertise en het doen van onderzoek naar de grondprijzen bij andere (vergelijkbare) gemeenten, hebben we de grondprijzen voor de appartementen en de middendure huurwoningen verlaagd. Dit effect is in de voorliggende Marap reeds verdisconteerd. ▪ Nieuwe projecten/te openen grondexploitaties in 2024 Naar verwachting zullen we in 2024 nog drie grondexploitaties ter vaststelling aan de gemeenteraad voorleggen, namelijk voor De Donken, Van Herpenseweide en de Tramkade (deelgebied binnen de gebiedsexploitatie Bossche Stadsdelta) De inschatting is dat het resultaat van deze grondexploitaties nihil zal zijn. Echter het risicoprofiel neemt wel toe voor het grondbedrijf, wat er toe leidt, dat we ons weerstandsvermogen met € 2,47 miljoen moeten ophogen (zie onderdeel 6 van deze Marap). ▪ WBI-toekenning DGW Noord (en Herpenseweide) In juli j.l. hebben we voor de projecten DGW Noord en Herpenseweide een WBI-uitkering gekregen (6e tranche) tot een bedrag van € 15,96 miljoen respectievelijk € 2,94 miljoen. Hierdoor kunnen we niet alleen ‘extra’ ambities en het programma van 70% betaalbare woningen waarmaken, maar kunnen we qua snelheid ook deze projecten een extra ‘boost geven’.
Echter de opbouw van de grondexploitaties dienen wel te voldoen aan de door het Ministerie gestelde eisen. Voor DGW Noord is dat reeds doorgevoerd, en voor Herpenseweide zal de grondexploitatie conform de eisen van het Ministerie worden opgesteld. De cofinanciering van 50% van het geraamde tekort (en daarmee gelijk aan het WBIsubsidiebedrag) kan vooralsnog binnen de grondexploitatie/grondbedrijf worden opgevangen. ▪ Samenvattend beeld Het financieel resultaat van het grondbedrijf over 2024 en de verwachtingen voor de nabije toekomst zijn relatief positief te noemen. Kleine bijstellingen zijn wel nodig, maar dit heeft een gering effect op de eerder ingeschatte verwachtingen en resultaten. Samenvattend verwachten we een afdracht aan het Structuurfonds in 2024 te kunnen doen van € 2,5 miljoen. Woningbouwprogramma 2024 De verwachting voor 2024 was een gronduitgifte voor de bouw van 307 woningen: 246 De Groote Wielen (DGW) 31 Pelgrimsche Hoeve 16 Gaasterland 14 Vinkelse Slagen Naar verwachting wordt er in 2024 in De Groote Wielen bouwgrond verkocht voor de bouw van circa 71 woningen, in de overige projecten is dat respectievelijk 47, 0 (door vertraging in planontwikkeling wordt dit naar verwachting 2025) en 10.
Dit totaal voor 2024 (128 woningen) kan nog toenemen als de grondtransactie met Zayaz (121 woningen) nog dit jaar zou plaatsvinden en de uitgifte van grond voor circa 171 flexwoningen in DGW (2e en 3e fase STEK), waardoor we mogelijk nog 420 bouwkavels uitgeven in 2024. Daarnaast hebben we begin 2024 gemeentelijke gronden verkocht aan de ontwikkelaar van het EKP terrein. In de eerste fase zullen hier 400 woningen worden gerealiseerd. De verkoop van deze woningen is inmiddels gestart. Naast deze woningaantallen ontwikkelen particuliere initiatiefnemers ook woningen in de stad op hun eigen grond. Die komen hier nog bovenop. Bedrijventerreinen 2024 Op basis van de huidige inzichten verwachten we in 2024 circa 1,9 ha aan bedrijfskavels te verkopen. Dat is nagenoeg gelijk aan de prognose zoals we die in de FPG 2024 (Financiële Positie van het Grondbedrijf 2024) hadden opgenomen, namelijk 1,8 ha. De verkopen vinden plaats in de projecten Empel Zuid/Rosmalense Plas 0,8 ha), op Treurenburg 0,7 ha en De Terp (Nuland) 0,4 ha. 2. Resultaat gemeentelijke grondexploitaties (BIE’s) a. Af te sluiten BIE’s in 2024 Naar verwachting worden in 2024 geen complexen afgesloten. b. Nieuw te openen BIE’s In 2024 worden er naar verwachting drie grondexploitaties geopend, namelijk Van Herpenseweide, De Donken en de De Tramkade.
De grondexploitatie van De Tramkade valt binnen de gebiedsexploitatie Bossche Stadsdelta (Raadsvoorstel 8 oktober 2024, reg. nr. 16836032). In deze Marap hebben we reeds rekening gehouden met het geraamde financiële resultaat en effect op het weerstandsvermogen (als gevolg van toename van het risicoprofiel). Voor 2025 verwachten we voor de volgende projecten een grondexploitatie te openen. Een en ander is uiteraard afhankelijk van de voortgang van het project (waaronder omgevingsdialoog) en de noodzakelijke (bestuurlijke) keuzes en besluiten: ▪ De Vliert (Station Oost) ▪ Innovatiekwartier (EKP/Grenco) ▪ Citadelpoort (Bossche Stadsdelta) Wanneer voor voornoemde projecten de grondexploitaties zijn geopend, wordt het financieel resultaat opgenomen in de cijfers van het grondbedrijf.
Door het openen van deze grondexploitaties zal tevens het risicoprofiel van het grondbedrijf toenemen. In de opbouw van het weerstandsvermogen (zie punt 6) is hiermee reeds rekening gehouden door het opnemen van een bedrag van € 8,0 miljoen + p.m. voor toekomstige grondexploitaties. c. Grondexploitaties met een verwacht positief resultaat Totaalresultaat De grondexploitaties die met een positief resultaat sluiten, lieten bij de FPG 2024 een totaalresultaat zien van € 21,9 miljoen op eindwaarde, ofwel als alle projecten gerealiseerd zijn. Dit resultaat zal de komende jaren (door tussentijdse winstnemingen) ten gunste van de Algemene Reserve Grondbedrijf worden gebracht. Inclusief de winstneming in 2024 (zie hierna) komt het gezamenlijke positieve resultaat nu uit op een voor gecalculeerd resultaat van € 25,49 miljoen, ofwel een verbetering van circa € 3,6 miljoen ten opzichte van de FPG 2024. Winstneming 2024 Voor de grondexploitaties met een verwacht positief resultaat wordt volgens de BBVvoorschriften winst genomen naar rato van de voortgang van het project volgens de voorschreven POC-methode (Percentage Of Completion methode). Op basis van de huidige inzichten verwachten wij in 2024 een bedrag van afgerond € 5,53 miljoen aan winst te kunnen nemen binnen deze grondexploitaties.
De winstneming valt hoger uit dan de opgenomen prognose in de paragraaf grondbeleid Jaarrekening 2023 ad. € 2,62 miljoen voor 2024. d. Grondexploitaties met een verwacht negatief resultaat Voor grondexploitaties die met een verwacht negatief resultaat sluiten treffen wij direct een voorziening. Op basis van de geactualiseerde ramingen en de af te sluiten complexen, komt het verwachte negatieve resultaat van de gezamenlijke verlieslatende complexen uit op een bedrag van € 16,4 miljoen, dat is € 0,2 miljoen hoger dan verwacht. De verliesvoorziening zal met een bedrag van € 0,2 miljoen worden aangevuld ten laste van de Algemene Reserve Grondbedrijf. e. Dotatie aan reserve Grote Werken Als binnen een grondexploitatie (met een verwacht positief eindresultaat) grond wordt verkocht dan draagt het project bij aan de reserve Grote Werken. Naar verwachting wordt een bedrag van € 0,20 miljoen vanuit de afzonderlijke grondexploitaties ten gunste van de reserve Grote Werken gestort. Bovenop dit bedrag zullen ook nog de particuliere initiatieven een bijdrage leveren aan de reserve Grote Werken, en wordt er vanuit de grex DGW Noord een bedrag van € 9,85 miljoen bijgedragen in de bekostiging van de aanpassingen van de hoofdinfrastructuur (Hustenweg en Blauwe Sluisweg). f. Vennootschapsbelasting Sinds 2016 is onze gemeente belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (Vpb).
Belasting is verschuldigd over winstgevende ondernemingsactiviteiten, waaronder het gemeentelijk grondbedrijf. Jaarlijks dient de gemeente een aangifte in. De aangiften tot en met 2021 zijn definitief vastgesteld door de Belastingdienst. Er lopen vanaf aangiftejaar 2018 bezwaarprocedures tegen de definitieve aanslagen waarbij de vraag centraal staat of de gemeente Vpb verschuldigd is over inkomsten uit reclameconcessies. Uit voorzorg draagt de gemeente Vpb af over deze inkomsten. Als de procedures worden gewonnen dan ontvangt de gemeente geld terug. Over het boekjaar 2023 heeft de gemeente op basis van de voorlopige aangifte € 2.005.413 betaald. Naar verwachting volgt uit de definitieve aangifte een lager bedrag, met een teruggaaf tot gevolg. Over het lopende boekjaar 2024 bedraagt de voorlopige aanslag € 2.010.945. 3.
Materieel Vast Actief (MVA), erfpachtgronden en onderhoudsfonds ▪ Algemeen Onder de categorie MVA valt het bezit aan gronden en panden, die strategisch beheerd worden of beheerd worden met een vrij permanent karakter (pacht, verhuur en in gebruik gegeven gronden en panden).
▪
▪
▪
▪
Naast de reguliere beheerlasten en huuropbrengsten wordt het resultaat bepaald door incidentele aan- en verkopen, afwaarderingen of niet voorziene kosten. Erfpachtgronden De erfpachtgronden leveren in 2024 naar verwachting een positief resultaat op van € 0,50 miljoen. Verkoopwinst Door incidentele grondverkopen verwachten we in 2024 een boekwinst te behalen van circa € 1,50 miljoen. De boekwinst ontstaat doordat de verkoopwaarde hoger is dan de boekwaarde van deze gronden of panden. Resultaat MVA 2024 Voor 2024 wordt een resultaat op de MVA verwacht van circa -/- € 1,80 miljoen. Dit resultaat ontstaat met name doordat de kosten (zakelijke lasten, regulier onderhoud, afschrijving, etc.) niet afgedekt wordt uit de verhuurinkomsten. Dit bedrag zal aan de Algemene Reserve Grondbedrijf worden onttrokken. Dit speelt met name bij ons bezit in de Tramkade, het Cementrum en de Kruithoorn Voor de langere termijn zien we een toename van de voornoemd bedrag. Hierop komen we in onderdeel 6 terug. Voorziening groot onderhoud specifieke objecten grondbedrijf Bij raadsbesluit van 13 december 2022 (registratienummer 14349090) heeft de raad een onderhoudsvoorziening voor een aantal specifieke vastgoedobjecten van het grondbedrijf ingesteld. Deze onderhoudsvoorziening, krijgt zijn voeding vanuit de Algemene Reserve Grondbedrijf. Voor 2024 is dat een bedrag van € 0,20 miljoen.
De lasten van groot onderhoud kunnen op deze manier over meerdere jaren worden geëgaliseerd, zodanig dat het saldo van de voorziening over de gehele looptijd van voldoende omvang is voor het bekostigen van de uitvoering van het groot onderhoud. In 2024 is start van het groot onderhoud voorzien aan het gebouw O en gebouw A van het Kruithoorncomplex./Meerendonk (totaal € 0,55 miljoen). In 2024 verwachten we circa € 0,15 miljoen aan groot onderhoud voor gebouw A te besteden in 2024. De geplande onderhoudswerken voor gebouw O zullen naar verwachting grotendeels in 2025 worden uitgevoerd.
4.
Resultaten kostenverhaalsprojecten (particuliere initiatieven) Particuliere initiatiefnemers kunnen de gemeente verzoeken tot medewerking bij planrealisatie op hun eigen grond. De ontwikkeling wordt in deze gevallen voor rekening en risico van deze particuliere initiatiefnemer uitgevoerd. Uitgangspunt hierbij is, dat de gemeente de door gemaakte kosten verhaald op deze particuliere initiatiefnemer. Incidenteel verkopen wij voor deze projecten grond aan de initiatiefnemer. Dit is ook het geval bij het project EKP-terrein. Door deze verkoop in 2024 komt het totale resultaat van de kostenverhaalsprojecten naar verwachting uit op een positief bedrag van € 1,50 miljoen en wordt ten gunste gebracht van de Algemene Reserve Grondbedrijf. In dit resultaat is ook een tegenvaller van € 0,9 miljoen verdisconteerd op het project Gasthuiskwartier waar we als gevolg van de lange doorlooptijd en complexiteit van het project meer kosten hebben gemaakt dan we kunnen verhalen op de initiatiefnemer. Dit tekort is grotendeels gecompenseerd door de verkoop van de grond aan de V.O.F. Gasthuiskwartier in 2018. De boekwinst die destijds is gerealiseerd is ten gunste van de algemene reserve van het grondbedrijf gebracht.
5.
Voortgang Voorbereidingskredieten (Immaterieel Vast Actief) Naast de projecten die we reeds in uitvoering hebben (grexen), zijn we ook druk bezig met de planvoorbereidingen voor nieuwe ontwikkellocaties waarmee we op termijn de plancapaciteit van de woningbouwprojecten kunnen vergroten. Daarvoor zijn in het verleden meerdere budgetten en voorbereidingskredieten beschikbaar gesteld. In onderstaande tabel is een overall-overzicht opgenomen van de stand van het de diverse voorbereidingskredieten en de feitelijke bestedingen tot medio 2024.Geconcludeerd wordt dat er
tot medio 2024 er voldoende dekking aanwezig is. Door het openen van nieuwe grondexploitaties (zie onderdeel 2b van deze Marap) kunnen deze voorbereidingskosten in de grondexploitaties worden geactiveerd. Voor de projecten Van Herpenseweide, De Donken en de Tramkade zullen naar verwachting nog dit jaar grondexploitaties ter vaststelling aan de gemeenteraad worden voorgelegd. Mede om reden van het inzetten van de beschikbare Novex- en Wbi-gelden c.a. wordt voorgesteld om vooruitlopend op het vaststellen van de grondexploitatie, in administratieve zin de projectnummers reeds te openen voor de volgende projecten: Van Herpenseweide, De Donken, Bossche Stadsdelta en De Vliert. Beschikbaar gesteld krediet nieuwe projecten (RB 09-06-2020)
€ 2.800.000
Beschikbaar gesteld krediet Brug Bossche Stadsdelta
€
Aanvullend krediet (RB 13-12-2022) grote projecten Aanvullend krediet (RB 05-03-2024) Tramkade + Citadelpoort
€ 2.355.000 € 1.400.000
500.000
Aanvullende dekking De Vliert en Orthen d'n Herp(verkenning bouwlocaties) € 575.000 Aanvullende dekking EKP Zuid € 1.050.000 Aanvullende dekking bijdrage provincie Noord Brabant
€
Totaal beschikbaar voorbereidingskrediet
€ 8.775.400
Nieuwe grexen geopend in 2020
€
810.000
Bestedingen 2020
€
237.500
Bestedingen 2021
€ 1.165.000
Bestedingen 2022
€ 1.727.500
Bestedingen 2023
€ 2.212.800
Diezebrug naar planvoorbereingsfase (RB 12-12-'23) € Bestedingen 1e half jaar 2024
6.
95.400
-265.100
€ 1.819.400 € 7.707.100
Stand kredieten per medio 2024
€ 1.068.300
Verwachte bestedingen 2e helft 2024
€ 1.624.500
Verwachte stand kredieten per 32-12-2024
€ -556.200
Ontwikkeling Algemene Reserve Grondbedrijf De Algemene Reserve Grondbedrijf kent per 01-01-2024 een stand van € 50,32 miljoen. zal groeien tot circa € 55,14 miljoen per 31-12-2024. In het volgende overzicht zijn de eerder genoemde verwachte mutaties in 2024 samengevat. Stand Algemene Reserve Grondbedrijf 2024 (bedragen x € 1.000)
MARAP 2024
Stand Algemene Reserve Grondbedrijf per 01-01-2024
€
50.318
9.230
Mutaties 2024 Bij: Winstnemingen BIE's 2024
€
5.534
Resultaat erfpachtgronden
€
500
Boekwinst verkoop gronden
€
1.500
Bijdrage Reserve Grote Werken
€
195
Resultaat kostenverhaalprojecten
€
1.500 €
Bijstelling verliesvoorziening
€
200
Jaarresultaat MVA
€
1.803
Voorziening Groot Onderhoud (jaarlijkse dotatie)
€
200
Verwacht resultaat Vpb
€
2.011
Storting in Reserve Grote Werken
€
+
Mutaties 2024 Af:
Stand Algemene Reserve Grondbedrijf per 31-12-2024
195 € €
4.409 -/55.139
Weerstandscapaciteit en afdracht aan Structuurfonds De Algemene Reserve Grondbedrijf is bedoeld om risico’s te kunnen opvangen. Deze risico’s kunnen conjunctureel van aard zijn, of specifiek voor één of meerdere projecten gelden. Voor zover de Algemene Reserve Grondbedrijf een grotere omvang kent dan op basis van de risico-inventarisatie noodzakelijk is, wordt het meerdere afgedragen aan het structuurfonds. In de Jaarrekening 2023 gingen wij nog uit van een benodigd weerstandsvermogen van € 50,25 miljoen (per 01-01-2024). De totale omvang van de risico’s worden nu voor eind 2024 ingeschat op een bedrag van in totaal € 52,65 miljoen, en is als volgt opgebouwd: In onderstaande tabel zijn de onderdelen die uiteindelijk het benodigde weerstandsvermogen bepalen, samengevat. Stand Algemene Reserve Grondbedrijf 2024 (bedragen x € 1.000)
MARAP 2024
Benodigd Weerstandsvermogen Risico's BIE's (inclusief projectgebonden risico's)
€
29.200
Risico's Heesch West
€
6.550
Risico's nieuw te openen grondexploitaties
€
8.000 + p.m.
Risico's gronden en panden
€
8.900 €
Inschatting afdracht aan Structuurfonds 2024
€
Verwacht eindsaldo Algemene Reserve Grondbedrijf per 31-12-2024 €
52.650 2.489 -/52.650
Bij het bepalen van de benodigde weerstandscapaciteit voor de lopende BIE’s wordt uitgegaan van een aantal financiële scenario’s die een negatief effect kunnen hebben op het resultaat van de BIE’s. Dit resulteert in een (risico)bedrag van € 29,2 miljoen. Hierin zijn ook de nieuw te openen grondexploitaties in 2024 meegenomen (Van Herpenseweide, De Donken en de Tramkade). Naast de risico’s van de BIE’s houden we evenals vorig jaar rekening met een risico’s van € 6,55 miljoen voor Heesch West, € 8,0 miljoen + p.m. voor nieuw te openen grondexploitaties na 2024 (onder andere De Vliert en het Innovatiekwartier) en € 8,9 miljoen overige gronden en panden. Vorig jaar hielden we voor de ‘gronden en panden’ nog een bedrag aan van € 5.0 miljoen, maar door de verwachte toename van de exploitatiekosten voor de komende 4 jaar van met name de gebouwen hebben we dit bedrag opgehoogd naar € 8,9 miljoen. Het totale benodigd weerstandsvermogen komt nu uit op een bedrag van € 52,65 miljoen (ten opzichte van € 50,25 miljoen begin van het jaar i.c. bij de FPG 2024). De stand van de Algemene Reserve Grondbedrijf kent naar verwachting per 31-12-2024 een stand van circa € 55,14 miljoen, op basis waarvan wordt geconcludeerd, dat de reserve meer dan toereikend is om de risico’s te kunnen opvangen.
Het verschil tussen de benodigde weerstandscapaciteit (€ 52,65 miljoen en de aanwezige reserve € 55,14 miljoen) van afgerond € 2,5 miljoen kan per 31-12-2024 worden afgedragen aan het Structuurfonds. Let wel het blijft een voorlopige inschatting die pas feitelijk zijn beslag krijgt op basis van de werkelijke omzet en cijfers in 2024. 7.
Samenvattend wordt voorgesteld a. Kennis te nemen van de (verwachte) resultaten van het grondbeleid 2024 zoals opgenomen in de voorliggende Marap 2024, op basis van de uitgangspunten zoals die in onderdeel 1 zijn opgenomen; b. Op basis van de voorlopige bevindingen uit deze Marap zullen navolgende punten worden verwerkt in de Jaarrekening 2024: i. Vooruitlopend op de vaststelling van de betreffende grondexploitaties, (administratief) openen van een projectadministratie voor De Vliert, Bossche Stadsdelta, De Donken en Van Herpenseweide. Deze projecten reeds mee te nemen bij het bepalen van het benodigde weerstandsvermogen.
ii. Bijstellen van de verliesvoorziening tot een nu geraamd bedrag van afgerond € 16,4 miljoen, per 31-12-2024, ofwel een onttrekking van € 0,2 miljoen ten laste van de Algemene Reserve Grondbedrijf; iii. De winstneming volgens de voorgeschreven methode van een nu geraamd bedrag van € 5,5 miljoen per 31-12-2024 te nemen uit de winstgevende complexen; iv. Op basis van de verwachte resultaten van de in 2024 vast te stellen grondexploitaties, rekening houden met een geprognosticeerd resultaat van € 29,2 miljoen en het bijstellen van de weerstandscapaciteit tot een totaal bedrag van € 52,65 miljoen v. Op basis van de huidige verwachtingen een bedrag van afgerond € 2,5 miljoen af te dragen aan het Structuurfonds per 31-12-2024.
Peter van der Eerden
Versie 01-10-2024 definitief