CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 5 Buitengebied, Maliskampsestraat 53_Bijlagen bij de toelichting

Gemeenteraad 28 maart 2023, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Ontwerpbestemmingsplan Buitengebied, Maliskampsestraat 5317.322 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Buitengebied, Maliskampsestraat 53

's-Hertogenbosch

bestemmingsplan

identificatie

planstatus

identificatiecode:

datum:

status:

NL.IMRO.0796.0002441-1201 NL.IMRO.0796.0002441-1301

12 mei 2020 december 2022

voorontwerp ontwerp

-

2

vastgesteld

Inhoudsopgave

Bijlagen bij de toelichting

5

Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8 Bijlage 9 Bijlage 10 Bijlage 11 Bijlage 12

6 15 44 46 89 258 401 474 505 526 549 572

Landschappelijk inpassingsplan Beeldkwaliteitsplan LIR-berekening Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Verkennend bodemonderzoek en verkennend nader asbestonderzoek (2017) Verkennend bodem- en asbestonderzoek (2019) Verkennend bodemonderzoek en verkennend asbest in bodemonderzoek (2021) Stikstofdepositieonderzoek Quickscan flora en fauna Activiteitenplan Archeologisch onderzoek Eindverslag inspraak en vooroverleg

3

4

Bijlagen bij de toelichting

5

Bijlage 1 Landschappelijk inpassingsplan

6

LANDSCHAPPELIJKE INVESTERING EN INPASSING MALISKAMPSESTRAAT 53 De gemeente ’s-Hertogenbosch ontwikkelt woningbouw op het (voormalige) agrarische bouwblok van de Maliskampsestraat 53 te Rosmalen. Het plangebied is onderdeel van de Hooge Heide. Hier staat de ontwikkeling van een kleinschalig landschap met natuur en landbouw centraal. De linten zijn van oudsher de plek voor bebouwing. In deze notitie wordt geadviseerd hoe om te gaan met de landschappelijke inpassing en landschappelijke investering die hierbij nodig en gewenst is. Naast de landschappelijke inpassing van het projectgebied aan de Maliskampsestraat wordt 1,10 hectare in het Eikenburgbos en 2,88 hectare in het Sprokkelboschveld omgevormd naar natuur (zie figuur 1), waarmee het omliggende Natuurnetwerk Brabant (NNB) wordt versterkt.

Sprokkelboschveld

Eikenburgbos MK53

Figuur 1: Plangebied Maliskampsestraat 53 (MK53; rood omlijnd) en natuurontwikkeling Eikenburgbos en Sprokkelboschveld (beide oranje omlijnd) met het Natuurnetwerk Brabant (NNB) in groen.

Landschap De drie gebieden zijn gesitueerd in het kampenlandschap van de Hooge Heide. Dit gebied kenmerkt zich door een kleinschalige verkaveling van landbouw met houtwallen, greppels, bosjes en lanen. De wegen kennen een historische ligging en hebben vaak een oude beplanting. Kenmerkend zijn de oude boerderijen, afgewisseld met latere bebouwing langs de linten. Landschappelijke inpassing en natuurontwikkeling Maliskampsestraat 53 Het projectgebied is gesitueerd aan de Maliskampsestraat 53 en omvat de locatie van een voormalig agrarisch bedrijfserf. Kenmerkend voor deze plek in het landschap is de ligging aan de kleine wetering en de Maliskampsestraat. Op het erf wordt de voormalige bedrijfswoning herbouwd en worden drie nieuwe woningen gerealiseerd, waarbij deze op een historische wijze op het erf worden geschikt. Dit erf zal landschappelijk worden ingepast, waarbij op het omliggende terrein natuur ontwikkeld zal worden (zie figuur 2).

Houtwal Houtwallen en houtsingels (L01.02) komen in heel Nederland voor en er zijn vele lokale varianten. Deze lijnvormige landschapselementen kennen een sterke samenhang met het omringende landschap. Houtwallen en houtsingels zijn bepalend voor het kleinschalige kampenlandschap op de zandgronden. Deze lijnvormige elementen vormen een belangrijk biotoop voor aan struwelen en zomen gebonden flora en fauna in het cultuurlandschap. Ze zijn tevens van belang ter oriëntatie voor vleermuizen en als verbindingszone voor fauna. Er zullen circa 1.222 stuks bosplantsoen worden aangeplant (plantafstand circa één meter bij één meter). De soorten (zomereik (Quercus robur), sporkehout (Frangula alnus), Haagbeuk (Carpinus betulus), Spaanse aak (Acer Campenstre), winterlinde (Tilia cordata), éénstijlige meidoorn (Crataegus monogyna), Vlier (Sambucus nigra), Hazelaar (Corylus avallane), wilde lijsterbes (Sorbus aucuparia) en Gelderse roos (Viburnum opulus), met een mengverhouding van 10% van iedere soort) zullen willekeurig gemengd worden in groepen tot drie stuks per soort met hoofdzakelijk tweejarig naaktwortelig bosplantsoen in de lengte maat 60-100 centimeter. De soorten worden handmatig individueel en groepsgewijs gemengd geplant in verband met onderlinge concurrentie en het creëren van structuurverschillen.

Daarnaast zorgt het handmatig aanplanten ook voor een meer natuurlijke uitstraling dan een machinale aanplant. Haag De haag (lengte 22 meter) wordt aangeplant met bosplantsoen van haagbeuk (Carpinus betulus; 220 stuks) en krijgt een breedte van circa 1 meter. Hiervoor wordt tweejarig naaktwortelig bosplantsoen in de lengte maat 60-100 centimeter gebruikt, welke in een (versprongen) dubbele rij van tien stuks per strekkende meter aangeplant zullen worden. Landschappelijke compensatie Ter compensatie van het toevoegen van bebouwing aan het buitengebied zal het omliggende gebied als natuur worden ingericht. Langs de Kleine Wetering wordt een wandelpad gemaakt (570 meter). Ook zal er een poel (Beheertype L01.01; wateroppervlak 188 m2; zie figuur 4) worden aangelegd op het terrein. Deze poel past qua functie in een stelsel van poelen die ook rond de Groote Wetering aanwezig is. Door de koppeling met de ecologische verbindingszone Groote Wetering zal de poel een stapsteen vormen voor diverse soorten amfibieën en insecten.

Figuur 4: profiel poel en elzen-gagel singels

Het overige terrein (circa 13.050 m2) zal een inrichting krijgen als nat natuurgebied met een natuurbeheertype kruiden- en faunarijkgrasland (N12.02). Door het gebied te verlagen en daarmee te vernatten wordt voorkomen dat het gebruikt zal worden als tuin (zie figuur 5). Door middel van greppels (zie figuur 4 en 5) welke beplant worden met elzen (Alnus glutinosa; 2 stuks per strekkende meter) en gagel (Myrica gale; 2 stuks per strekkende meter) worden de oude kavelstructuren hersteld (565 m2). Deze elzen worden als hakhout (beheertype L01.03) beheerd waardoor deze half transparant zullen zijn. Gagel blijft relatief laag.

Figuur 5: profiel maaiveldverlaging met aan de rechterzijde de houtwal rondom de bouwkavels en aan de linker zijde het voetpad met vogelbosjes.

In het grasland zullen enkele bossages (vogelbosjes; L01.02; 643 m2) en een 8-tal landschapsbomen gerealiseerd worden. De bossages zullen bestaan uit struiksoorten (wilde appel (Malus sylvestris), hondsroos (Rosa canina), tweestijlige meidoorn (Crataegus laevigata), sleedoorn (Prunus spinosa) en Gelderse roos (Viburnum opulus)) welke aangeplant worden als bosplantsoen (één stuk per m2, willekeurig gemend met groepen van één tot drie stuks per soort, met een mengverhouding van 20% van iedere soort). Voor de landschapsbomen worden 3 soorten (schietwilg (Salix alba; 3 stuks), Zwarte els (Alnus glutinosa; 3 stuk), zachte berk (Betula pubescens; 2 stuks) in de maat 18-20 aangeplant. Beheer Eigendom ligt nu bij de gemeente. Voorgesteld wordt dit zo te laten. Beheer moet nader worden uitgewerkt zodat het gebiedje in de toekomst goed kan blijven functioneren. De eerste jaren na de inrichting en oplevering van de houtwal, bossages en elzensingels zal er ieder groeiseizoen worden gecontroleerd of er niet teveel concurrentie uitgaat van de aanwezige begroeiing. Eventuele (onkruid)bestrijding zal, vanwege de plantafstand, plaatselijk worden uitgevoerd met een bosmaaier. Na afloop van het 2e groeiseizoen zal er plantsoen worden ingeboet wanneer er grotere aaneengesloten oppervlakten van het plantsoen is uitgevallen.

De reden van de uitval zal worden vastgesteld alvorens er wordt overgegaan tot inboet. Na aanplant kunnen de houtwal, de bossages en de elzensingels zich natuurlijk ontwikkelen, waarbij tenminste 75% van de oppervlakte van het element wordt beheerd als hakhout en periodiek (gefaseerd, éénmaal per 6-21 jaar) wordt afgezet (alleen in de periode tussen 1 oktober en 15 maart, waarbij overhangede takken het gehele jaar teruggesnoeid kunnen worden). Voor de houtwal en de bossages mag het snoeihout in het element verwerkt worden, bij de elzensingels en de beukenhaag mag dat niet. De haag zal twee maal per jaar gesnoeid moeten worden (één maal voor 21 juni en één maal in september / oktober). Het element mag niet betreden en/of beschadigd worden door vee. Het beheer van de poel bestaat voornamelijk uit het voorkomen van eutrofiëring en verlanding. De oevers van de plassen zullen iedere 2 jaar voor de helft worden gemaaid. Het slib dat zich door eutrofiëring ophoopt in de plassen zullen eens per 8-10 jaar gefaseerd worden verwijderd middels baggeren.

Bosaanplant Circa 7.400 m2 hectare van het perceel zal worden aangeplant met bosplantsoen. op basis van het natuurbeheertype N14.03 Haagbeuken- en essenbos. Haagbeuken- en essenbos wordt gedomineerd door diverse boomsoorten zoals haagbeuk, gewone es, esdoorn en gladde iep. Het betreft rijke bossen op klei- of leemgrond en/of op bodems waar aanrijking plaatsvindt met basen door periodiek hoge grondwaterstanden buiten de invloed van beek of rivier. Vegetatiekundig behoren de bossen tot het Haagbeukenverbond, Iepenrijke Eiken-Essenverbond en Verbond van Els en Es. De bijbehorende struwelen maken ook onderdeel uit van dit type. Het bostype is vaak rijk in structuur en kent een opvallende voorjaarsflora. Het beheertype is bij veel variatie in structuur rijk aan fauna en flora. Open plekken worden vaak gedomineerd door ruigtekruiden. In struwelen zijn vlier en doornstruiken aanwezig. Er zullen circa 7.400 stuks bosplantsoen worden aangeplant (plantafstand circa één meter bij één meter). De boomsoorten (zomereik (Quercus robur; 25%), ruwe berk (Betula pendula; 25%), zomerlinde (Tilia platyphyllos; 25%), haagbeuk (Carpinus betulus; 20%) en es (Fraxinus excelsior; 5%)) zullen worden aangeplant in groepen van 25 stuks per soort, hoofdzakelijk met tweejarig naaktwortelig bosplantsoen in de lengte maat 60-100 centimeter.

Er worden tevens struiksoorten (wegedoorn (Rhamnus cathartica; 20%), tweestijlige meidoorn (Crataegus laevigata; 20%), sleedoorn (Prunus spinosa; 20%), hondsroos (Rosa canina; 20%) en geoorde wilg (Salix aurita; 20%) ingebracht in groepen van vijf tot tien stuks per soort. De soorten worden handmatig individueel- en groepsgewijs gemengd geplant in verband met onderlinge concurrentie en het creëren van structuurverschillen. Daarnaast zorgt het handmatig aanplanten ook voor een meer natuurlijke uitstraling dan een machinale aanplant. Tijdens de aanplant worden ook plekken bewust niet ingeplant (zogenaamde lege plekken) waardoor er lokaal langdurig pleksgewijs lichte plekken in het bos zullen blijven. Voor wat betreft de struikvormers, die onderdeel zijn van de hierboven genoemde 8.500 stuks wordt tevens gestreefd naar afwisseling. Voor deze aanplant wordt uitgegaan van 500 stuks in circa 50 groepen. Deze struiken worden in het bos, maar vooral ook in de randen geplant, met een plantafstand in de groepen van circa één meter. De eerste jaren na de inrichting en oplevering van het nieuwe bos, zal er ieder groeiseizoen worden gecontroleerd of er niet teveel concurrentie uitgaat van de aanwezige begroeiing. Eventuele (onkruid)bestrijding zal, vanwege de plantafstand, plaatselijk worden uitgevoerd met een bosmaaier.

Na afloop van het 2e groeiseizoen zal er plantsoen worden ingeboet wanneer er grotere aaneengesloten oppervlakten van het plantsoen is uitgevallen. De reden van de uitval zal worden vastgesteld alvorens er wordt overgegaan tot inboet. Na aanplant kan het bos en de bosrand zich natuurlijk ontwikkelen, maar wordt in de bosrand, waar nodig (bij een te grote concurrentie om licht voor de lichtbehoevende struiksoorten), begeleidt door een gefaseerd afzetbeheer of het selectief dunnen van opgaande bomen. De bosrand wordt om de 5 jaar gemaaid om verruiging tegen te gaan. Door de verschillen in de opzet van het bos en groeiverschillen tussen soorten ontstaat een structuurrijk bos. Het beheer zal minimaal zijn en plaatsvinden in het kader van het verder ontwikkelen van bosranden en, waar nodig, structuurverbeterende maatregelen, zoals ringen van bomen. Beheer omliggend terrein Rondom de poel blijft een deel grasland aanwezig welke als onderdeel van het gemeentelijk maaibeheer één maal per jaar gemaaid zal worden. Natuurontwikkeling Sprokkelboschveld Op het Sprokkelboschveld aan de T.M. Kortenhorstlaan wordt 2,88 hectare nieuwe natuur ontwikkeld (zie figuur 5). De locatie kenmerkt zich door een bijzonder reliëf met aardkundige en cultuurhistorische waarde. Het is onderdeel van een akkerrandwal en duidt mogelijk op een breuk in de ondergrond.

Hierdoor wordt bijgedragen aan het landschappelijke en ecologisch functioneren van de locatie en samenhang in het NNB. Circa 1,07 hectare wordt omgevormd naar het natuurbeheertype N12.05 Kruiden- en faunarijke akker en 0,97 hectare wordt omgevormd naar N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland. In een eerder fase zijn er poelen en een wandelpad aangelegd. Deze elementen worden nu ook bestemd als natuur. Kruiden- en faunarijke akker Het zuidelijke deel van het gebied wordt omgevormd tot een Kruiden- en faunarijke akker. Kruiden- en faunarijke akkers, bestaan meestal uit akkers met ijle kruid- of grasachtige vegetaties die zich tussen de verbouwde gewassen bevinden. Het beheertype Kruiden- en faunarijke akker omvat kruidenrijke zomen, akkerranden of complete akkers, waarbinnen het aandeel grasachtigen zeer beperk is. Het hoofdgewas wordt ruim gezaaid of gepoot, waardoor er voldoende open plekken (pioniermilieus) aanwezig zijn, waar zich eenjarigen kunnen vestigen. De openheid van de akkergewassen en de daarbinnen voorkomende eenjarigen biedt ideale mogelijkheden voor insecten, muizen en akkervogels. Door na oogst delen braak te laten liggen biedt het ook in het winterhalfjaar kans aan veel soorten. Kruiden- en faunarijk grasland De delen ten noorden van de akker worden omgevormd naar een Kruiden- en faunarijk grasland.

Dit type wordt bij een goede kwaliteit gekenmerkt door variatie in structuur (ruigte en plaatselijk struweel, hogere en lage vegetatie) en een kruidenrijke graslandbegroeiing die rijk is aan kleine fauna. Gradiënten binnen (grond)waterpeil en voedselrijkdom zorgen voor diverse vegetatietypen. Het type is onder andere van belang voor vlinders en andere insecten, vogels en kleine zoogdieren. In beginsel wordt dit grasland gerealiseerd door een verschralingsbeheer. Indien nodig wordt een bloemrijk mengsel (door de bestaande grasmat) ingezaaid. Om te verschralen wordt gestart met één keer per jaar maaien in combinatie met nabeweiding. Het eindbeheer bestaat vooral uit beweiden. Kruiden- en faunarijke graslanden zijn vegetaties van vrij voedselrijke omstandigheden, maar de productiviteit kan sterk verschillen. De intensiteit van het beheer moet worden afgestemd op de vegetatieproductie. Doorgaans wordt met seizoensbeweiden volstaan, waarbij de dichtheid kan variëren (tot circa 1,5 GVE/ha). De graslanden worden doorgaans niet bemest. Om verzuring tegen te gaan kan, bij uitzondering, ruige stalmest of bekalking toegepast worden. Beheer omliggend terrein Rondom het terrein is een poel en een wandelpad aanwezig welke onderdeel zijn van het gemeentelijk onderhoudsbestek. De bermen worden één maal per jaar gemaaid. Centraal in de Kruiden- en Faunarijke akker is een houtwal aanwezig.

Deze zal ééns per zes tot 21 jaar worden afgezet.

Bijlage 2 Beeldkwaliteitsplan

15

INHOUD

3 1.

Inleiding 5

2.

Beschrijving van het plan 7 2.1 De locatie in haar context 7 2.2 Een eigentijds boerenerf 9 2.3 Landschappelijke inrichting rondom het boerenerf 9 2.4 Natuurinclusief bouwen 13

3.

Beeldkwaliteitsregels 14 3.1 Algemene beeldkwaliteitsregels 14 3.2 Beeldkwaliteit per woningtype 15 3.3 Voorbeelden van ongewenste beeldkwaliteit 26

1 INLEIDING

Aan de Maliskampsestraat 53 wordt een voormalig agrarisch bedrijf herontwikkeld tot een eigentijds boerenerf bestaande uit vier vrijstaande woningen. Kopers mogen op dit eigentijdse boerenerf een eigen woning bouwen.

Kwaliteitsbewaking De gemeente heeft de uitdrukkelijke ambitie om tot een kwalitatieve invulling te komen waarbij de samenhang tussen de woningen, het boerenerf en het omliggende landschap geborgd wordt.

Hierbij wordt getoetst aan de regelgeving van het bestemmingsplan “Buitengebied, Maliskampsestraat 53” (planregels en verbeelding) en het daaraan gekoppelde notitie over de landschappelijke inpassing en landschappelijke investering Daarnaast wordt getoetst aan de criteria zoals die in dit beeldkwaliteitsplan en de kavelpaspoorten worden meegegeven. Deze toetsing gebeurt door de gemeente en de Welstandscommissie.

Om deze kwaliteit te borgen zal een stedenbouwkundige supervisor van de gemeente ‘s-Hertogenbosch de uitwerking van het bouwplan begeleiden en hierbij sturen op de kaders zoals gesteld in het bestemmingsplan, het beeldkwaliteitsplan en de kavelpaspoorten. Vervolgens zal de Welstandscommissie toetsen aan het Beeldkwaliteitsplan.

5

2 BESCHRIJVING VAN HET PLAN 2.1 De locatie in haar context Het perceel aan de Maliskampsestraat 53 ligt op de overgang van dekzandrug naar de lager gelegen natte gronden. De Maliskampsestraat heeft een bochtig verloop, volgt de van oudsher hogere delen van het landschap en voorzien van oude beplanting. Kenmerkend zijn de oude boerderijen, afgewisseld met latere bebouwing langs de linten. Aan beide zijden van de weg zijn twee verschillende landschappen: • De dekzandrug ten noorden van de weg wordt gekenmerkt door het besloten landschap van bosgebieden en de bebouwingskern Maliskamp. • Op de lager gelegen natte gronden ten zuiden van de weg is een kampenlandschap ontstaan. Dit gebied kenmerkt zich door een kleinschalige verkaveling van landbouw met houtwallen, greppels, bosjes en lanen. Dit contrast tussen beide landschapstypen is een belangrijke omgevingskwaliteit. Uitgangspunt bij de herontwikkeling van het voormalige agrarische bouwperceel tot eigentijds boerenerf is om het contrast tussen beide landschapstypen beter zichtbaar te maken. Dit wordt bewerkstelligd door het huidige agrarische landschap te transformeren tot een gebied met een nat karakter waarbij de oorspronkelijke strokenkavelstructuur teruggebracht wordt.

7

2.2. Een eigentijds boerenerf Midden in dit bijzondere landschap is het eigentijdse boerenerf geprojecteerd. Het erf ligt iets verhoogd ten opzichte van het (natte) landschap en wordt omzoomd door een houtwal. Het erf is georiënteerd op de Maliskampsestraat. De woningen staan geclusterd rondom een collectieve verharde erfruimte die uitnodigt voor verblijf en ontmoeting. Tegelijkertijd liggen de woningen met hun achterzijde aan het landschap. Ook qua woningtypologie wordt gerefereerd aan het boerenerf door de woningen als ‘schuurwoningen’, ‘boerderijwoning’ en ‘hooimijt-woning’ vorm te geven. 2.3. Landschappelijke inrichting rondom het boerenerf Om dit eigentijdse boerenerf te kunnen realiseren, wordt het omliggende landschap getransformeerd tot een vernat natuurgebied met greppels en een poel. De lijnen van de oorspronkelijke strooksgewijze verkaveling zijn zichtbaar gemaakt door het aanbrengen van greppels en versterkt met aanplant van struiken.

9

Door het graven van de greppels, een poel en het afgraven van een deel van het terrein voor natte natuur wordt een nieuw natuurgebied gecreëerd met een grote ecologische waarde en een grote waterbergingscapaciteit. Hierdoor ontstaat een bijzonder landschap dat recht doet aan de ligging aan de Kleine Wetering. In het landschap worden struinroutes aangelegd die aansluiten op bestaande wandelroutes in de omgeving. Het erf wordt omzoomd door een stevige houtwal. Ieder woonkavel krijgt een opening in de houtwal. Door de hogere ligging van het erf hebben de bewoners hun eigen unieke uitzicht over het landschap, terwijl de wandelaar lager loopt en nauwelijks zicht heeft op de woningen. Aan de zijde van de Maliskampsestraat maakt de houtwal plaats voor een haag, waarbij de boerderijwoning gericht is op de Maliskampsestraat. Een haag voorkomt dat er vanaf de straat inkijk is in de achtertuin van de woning. Vanaf het erf is aan de oostzijde een toegangspad gesitueerd. Deze toegang sluit aan op een wandelpad die langs de poel afloopt en vervolgens aaansluit op de omliggende padenstructuur.

12

2.4. Natuurinclusief bouwen De gemeente wil de stad groener en aantrekkelijker maken als leefomgeving voor mensen en (beschermde) dieren en planten. Dit wil de gemeente doen door meer natuurlijk groen toe te voegen. Voor de locatie Maliskampsestraat 53 is deze ambitie vertaald in een plan waar het agrarische landschap is omgezet tot een ecologisch waardevol natuurgebied met ruimte om te wandelen. Naast de aanleg van de natuur is de ambitie om de woningen en de tuinen natuurvriendelijk in te richten, ook wel ‘natuurinclusief bouwen’. Bij natuurinclusief bouwen wordt rekening gehouden met beschermde dier- en plantsoorten en de hoeveelheid groen op, aan en rondom gebouwen. Relatief simpele en goedkope ingrepen kunnen ertoe lijden dat gebouwen een betekenisvolle bijdrage leveren aan het ecosysteem. Vooral in een natuurlijke omgeving, zoals die van de Maliskampsestraat, kunnen relatief kleine maatregelen van grote betekenis zijn.

13

Zo kunnen nestkasten voor vogels of vleermuizen en insectenhotels worden geplaatst. Manieren voor het natuurinclusief inrichten van tuinen zijn bijvoorbeeld door het tegengaan van verharding, gebruik van hagen (voor vogels), het aanplanten van bloem- en kruidenrijke graslanden en het aanleggen van geveltuinen. Voorgesteld wordt om het natuurinclusief bouwen onderdeel uit te laten maken van het ontwerpproces van de woning en/of tuin.

Een vereiste is dan ook dat er per woning twee ingebouwde voorzieningen komen voor soorten. Hierbij moeten in ieder geval de vereisten zitten die vanuit de Natuurwet gerealiseerd moeten worden. Aanvullend kan gekozen worden voor inbouwmaatregelen voor inheemse soorten die hier voorkomen. Op de website https://www.checklistgroenbouwen.nl/ staan voorbeelden.

Bouwmassa en volumeopbouw Het eigentijdse boerenerf kenmerkt zich door eenvoud en functionaliteit. De gebouwen hebben een eenvoudige volumeopbouw dat is opgebouwd uit een rechthoekig grondvlak en een doorlopende ongedeelde kap3. Elk van de gebouwen aan het erf heeft zijn eigen afmetingen. De diversiteit aan woningtypes draagt bij aan de variatie in het beeld en geeft kopers keuzevrijheid voor de bebouwingsmogelijkheden die hen past. De woningen hebben een maximale inhoud van 1.000 m3. Een opdeling in verschillende bouwmassa’s is niet toegestaan, garages en bergingen dienen onderdeel uit te maken van het hoofdvolume. Uitzondering hierop vormt de hooimijtwoning, waar de garage niet inpandig hoeft te worden gesitueerd. Verder zijn alleen vergunningvrije bouwwerken toegestaan in de (achter)tuinen van de individuele kavels waardoor het aantal losse bouwwerken beperkt blijft. Architectuurbeeld Het architectuurbeeld refereert met de boerderijwoning, schuurwoningen en de hooimijtwoning naar het traditionele boerenerf, maar is bewust niet historiserend. Het architectuurbeeld is een eigentijdse vertaling van het boerenerf.

15

Uitzicht op het landschap Het boerenerf vormt een eenheid in het landschap wat wordt versterkt doordat het erf omlijst wordt door een houtwal. Hierdoor ligt het erf vanuit het landschap enigszins beschut. Voor elke woning mag één maximaal 4 meter brede opening in de omliggende houtwal gemaakt worden zodat iedere woning zijn eigen uitzicht op het landschap krijgt. De positionering van deze opening gebeurt in samenspraak met de gemeentelijk stedenbouwkundig supervisor.

Parkeren De woningen staan geordend rondom een verhard erf dat uitnodigd voor verblijven, ontmoeten en/of spelen. Om dit te bewerkstelligen moet worden geparkeerd op eigen terrein (minimaal 2 parkeerplaatsen op eigen terrein). Gebouwd parkeren (garage) moet inpandig in het hoofdvolume van de woning ondergebracht worden. Op het erf is ruimte voor circa 5 (bezoekers)parkeerplaatsen. 3.2 Beeldkwaliteitsregels per woningtype Aanvullend op de algemene beeldkwaliteitsregels zijn per woningtype specifieke beeldkwaliteitsregels opgesteld. Het betreft de volgende woningtypes: • • •

De boerderijwoning De schuurwoningen De hooimijtwoning

3. Uitzondering vormt de hooimijt-woning. Deze woning moet voorzien worden van een piramidedak. Bovendien mag deze woning ook een vierkant grondvlak hebben.

17

De schuurwoningen en de hooimijtwoning hebben een soberdere vormgeving en detaillering. De schuurwoningen hebben een lagere goot- en nokhoogte t.o.v. de boerderijwoning. Ten behoeve van de onderlinge samenhang wordt gestuurd op aansluitende donkere kleurstelling en materiaalgebruik.

Boerderijwoning als hoofdgebouw: de woning is geörienteerd op de weg én op het collectieve verharde erf. De woning is het hoofdgebouw op het erf, wat zich onder andere vertaald in een hogere goot- en nokhoogte dan de schuurwoningen. In tegenstelling tot de schuurwoningen is er meer variatie in kleur- en materiaalgebruik mogelijk. Ook is de detaillering rijker en zijn aan beide zijden van de woning dakkapellen toegestaan.

kavel 1

Opp. kavel: ca 652 m2 Inhoud woning: Maximaal 1000 m3 (bovengronds) Orientatie: Met voorzijde op het collectieve erf. Voordeur aan zijde collectief erf. Grondvlak woning: Rechthoek; insnijdingen/uitsparingen toegestaan maar altijd ondergeschikt aan hoofdvorm. Bijgebouwen en Met uitzondering van landelijke vergunningvrije overkappingen: regels, zijn verder geen aan- op bijgebouwen en overkappingen toegestaan. Kapvorm: Symmetrisch of a-symetrisch zadeldak, zonder wolfseinden (nok in lengterichting volume). Goothoogte: Minimaal 2 meter en maximaal 3 meter. Nokhoogte: Minimaal 6 meter en maximaal 7,5 meter. Materiaalgebruik: Het hoofdmateriaal is dominant aanwezig. Terughoudend in het gebruik van meerdere materiaalsoorten. Materiaal gevel: Donker baksteen, hout, leien of zink. Materiaal dak: Niet glanzende dakpannen, hout, zink of leien. Kleurgebruik: Terughoudend kleurgebruik, aansluitend op hoofdkleur (ook voor de kozijnen). Kleur gevel: Warme of donkere kleur in aardtinten. Kleur dak: Donkergrijs. Dakkapellen & Zonnecollectoren vlak of verdiept in het dakvlak. zonnecollectoren: Kleurstelling sluit aan op dakvlak.

18

boerderijwoning

Dakkapellen zijn enkel toegestaan aan de landschapszijde mits deze integraal onderdeel uitmaken van het dak en ondergeschikt zijn aan

het dakvlak. Dakkapellen worden slepend vanuit de nok uitgevoerd. Detaillering: Eenvoudig / functioneel Dakoverstekken: Dakoverstekken van max. 1 meter zijn toegestaan aan de lange zijde van het gebouw. Dakgoten: Geen zichtbare dakgoten toegestaan. Dakgoten zijn verwerkt in de constructie. Natuurinclusief Minimaal twee ingebouwde voorzieningen voor bouwen: vleermuizen en huismussen. Parkeren: Minimaal twee inpandige parkeerplaatsen binnen hoofdvolume. Houtwal: De houtwal maakt géén onderdeel van dit perceel. De houtwal mag worden voorzien van één opening van maximaal 4 meter breed, positie te bepalen in overleg met gemeente. Erfafscheiding: Grenzend aan collectieve erf: haag van gebieds eigen soorten, maximaal. 1 meter hoog. Zuidelijke kavelgrens: haag van gebiedseigen soorten, maximaal 1,8 meter hoog. Overige erfafscheidingen: groen (gebiedseigen soorten), maximaal 1,8 meter hoog.

Afbeelding: Principe slepende dakkapellen aan landschapszijde

kavel 2 en 4

20

schuurwoning

Oppervlakte kavel: kavel 02 = ca. 935 m2 kavel 04 = ca. 600 m2 Inhoud woning: Maximaal 1000 m3 (bovengronds) Orientatie: Met voorzijde op het collectieve erf. Voordeur aan zijde collectief erf. Grondvlak woning: Rechthoek; insnijdingen/uitsparingen toegestaan maar altijd ondergeschikt aan hoofdvorm. Bijgebouwen en Met uitzondering van landelijke vergunningvrije overkappingen: regels, zijn verder geen aan- op bijgebouwen en overkappingen toegestaan. Kapvorm: Symmetrisch of a-symetrisch zadeldak, zonder wolfseinden (nok in lengterichting volume). Goothoogte: Minimaal 2 meter en maximaal 3 meter. Nokhoogte: Minimaal 6 meter en maximaal 7,5 meter. Materiaalgebruik: Het hoofdmateriaal is dominant aanwezig. Terughoudend in het gebruik van meerdere materiaalsoorten. Materiaal gevel: Donker baksteen, hout, leien of zink. Materiaal dak: Niet glanzende dakpannen, hout, zink of leien. Kleurgebruik: Terughoudend kleurgebruik, aansluitend op hoofdkleur (ook voor de kozijnen). Kleur gevel: Warme of donkere kleur in aardtinten.

Dakkapellen & Zonnecollectoren vlak of verdiept in het dakvlak. zonnecollectoren: Kleurstelling sluit aan op dakvlak. Dakkapellen zijn enkel toegestaan aan de landschapszijde mits deze integraal onderdeel uitmaken van het dak en onder- geschikt zijn aan het dakvlak. Dakkapellen worden slepend vanuit de nok uitgevoerd. Detaillering: Eenvoudig / functioneel Dakoverstekken: Dakoverstekken van max. 1 meter zijn toegestaan aan de lange zijde van het gebouw. Dakgoten: Geen zichtbare dakgoten toegestaan. Dakgoten zijn verwerkt in de constructie. Natuurinclusief Minimaal twee ingebouwde voorzieningen voor bouwen: vleermuizen en huismussen. Parkeren: Minimaal twee inpandige parkeerplaatsen binnen hoofdvolume. Houtwal: De houtwal maakt géén onderdeel van dit perceel. De houtwal mag worden voorzien van één opening van maximaal 4 meter breed, positie te bepalen in overleg met gemeente. Erfafscheiding: Grenzend aan collectieve erf: haag van gebieds eigen soorten, maximaal 1 meter hoog.

Kleur dak:

Donkergrijs.

Overige erfafscheidingen: groen (gebiedseigen soorten), maximaal 1,8 meter hoog.

22

Referentiebeelden schuurwoningen

23

kavel 4

hooimijtwoning

Oppervlakte kavel: ca. 603 m2 Inhoud woning: Maximaal 1000 m3 (bovengronds) Orientatie: Met voorzijde op het collectieve erf/pad. Voordeur aan pad of westzijde aan erf. Grondvlak woning: Vierkant; insnijdingen/uitsparingen toegestaan maar altijd ondergeschikt aan hoofdvorm. Bijgebouwen en Met uitzondering van landelijke vergunningvrije overkappingen: regels, zijn verder geen aan- op bijgebouwen en overkappingen toegestaan. Kapvorm: Symmetrisch piramidedak Goothoogte: Minimaal 5 meter en maximaal 6 meter. Nokhoogte: Minimaal 8 meter en maximaal 10 meter. Materiaalgebruik: Duidelijk onderscheid tussen gevel en dakvlak Het hoofdmateriaal is dominant aanwezig. Materiaal gevel: Hout, baksteen, leien of zink. Materiaal dak: Niet glanzende dakpannen, zink, leien of riet. Maximaal één materiaal in het dakvlak. Kleurgebruik: Terughoudend kleurgebruik, aansluitend op hoofdkleur (ook voor de kozijnen). Kleur gevel: Donkere kleur in aardetinten. Kleur dak: Donkergrijs. Dakkapellen & Zonnecollectoren vlak of verdiept in het dakvlak. zonnecollectoren: Kleurstelling sluit aan op dakvlak (behalve bij een rieten dak). Dakkapellen zijn niet toegestaan. Eventuele schoorstenen zijn onopvallend uitgevoerd.

24

Detaillering: Eenvoudig / functioneel. Constructie is zichtbaar. Dakoverstekken: Dakoverstekken van maximaal 1 meter zijn toegestaan. Dakgoten: Daktgoten zijn toegestaan, mits mastgoten worden toegepast. Natuurinclusief Minimaal twee ingebouwde voorzieningen voor bouwen: vleermuizen en huismussen. Parkeren: Minimaal twee parkeerplaatsen op het eigen terrein. Houtwal: De houtwal maakt géén onderdeel van dit perceel. De houtwal mag worden voorzien van één opening van maximaal 4 meter breed, positie te bepalen in overleg met gemeente. Erfafscheiding: Grenzend aan collectieve erf: haag van gebieds eigen soorten, maximaal 1 meter hoog. Overige erfafscheidingen: groen (gebiedseigen soorten), maximaal 1,8 meter hoog.

27

Nok dient in de lengterichting van het bouwvolume uitgevoerd te worden ipv in de breedte-richting

Géén historiserend architectuurbeeld zoals een boerderette, maar een vertaling van de oorspronkelijke bebouwing op het boeren-erf

eigentijdse

Géén glanzende pannen toepassen. Dakkapel bij schuurwoningen dient slepend uitgevoerd te worden.

Géén hofje met vrijstaande woningen rondom, maar schuurwoningen, boerderijwoning en hooimijtwoning aan een collectief verhard erf

Bijlage 3 LIR-berekening

44

Onderbouwing LIR bijdrage Inkomsten Bijdrage landschappelijke investering

Aantal nieuwe woningen

Totale bijdrage

Bestaande woning wordt sloop - nieuwbouw; GEEN LIR

0

€

-

Kavel 2

1

€

125.000

Kavel 3

1

€

125.000

Kavel 4

1

€

125.000

€

375.000

92.450

Totaal

Uitgaven Op perceel Eenheid

Opp.

Sloopkosten (-250m² omzetten bedrijfswoning)

Landschappelijke investeringen op perceel

m²

1.725

€

€ p eenheid 42,00

€

Erfverhardingen en kuilplaten

m²

1.750

€

8,50

€

14.875

€

107.325

Totaal aan investeringen

Eenheid

Aantal

Poelen

Onderhoudskosten perceel MK 53

stuks

1

€

Prijs / eenheid 61,90 €

62 €

Landschapsboom

stuks

8

€

5,54 €

44 €

266

Graslandflora en - faunarand

are

130,50

€

9,20

€

1.201 €

7.204

Hakhoutsingel / Houtwal

are

12,22

€

11,59

€

142 €

850

Vogelbosjes

are

6,43

€

7,19 €

46 €

277

Hakhoutbosje

are

5,65

€

4,71 €

27 €

160

Wandelpad over boerenland

m

570,00

€

0,82

467 €

2.804

Totale onderhoudskosten:

Jaarlijkse kosten

€ €

6 jaar

1.989

371

€

11.932

Elders Voorstel Landschapsinvestering Eikenburgbos (RML D 2345)

Opp.

€ p eenheid

Afwaardering gronden (bestemming) - grenzend aan NNB

m²

16.803

€

7,00

€

117.621

Aanplant bos

m²

7.400

€

1,66

€

12.284

Graven Poel

m³

1.275

€

5,50

€

7.013

€

136.918

100%

Landschappelijke investering tbv ontwikkeling MK53:

Eenheid

Aantal

Beheer bos

Onderhoudskosten Eikenburgbos

are

74

€

€ p eenheid 2,88

€

213 €

Poelen

stuks

1

€

61,19 €

61 €

Totale onderhoudskosten:

Jaarlijkse kosten

€

Voorstel Landschapsinvestering Sprokkelbosch (RML F 4828 & RML F 3981)

Opp.

6 jaar

274

m²

30.931

€

7,00

Graslandflora

are

204

€

16,25

100%

Landschappelijke investering tbv ontwikkeling MK53:

Onderhoudskosten Sprokkelbosch

Eenheid

Aantal

are

204

367

€

1.646

€

216.517

€ p eenheid

Afwaardering gronden (bestemming) - grenzend aan NNB

Onderhoud graslandflora

1.279

€ p eenheid €

Totale onderhoudskosten:

Samenvatting Samenvatting Landschappelijke inpassing Maliskampsestraat 53 Investeringsbedrag vanuit nieuwbouw woningen

€

375.000

Landschapsinvestering

€

464.075-

Onderhoudskosten

€

24.839-

Landschappelijke investering tbv ontwikkeling MK53, eindstand:

€

113.913-

9,20

€

3.315

€

219.832

Jaarlijkse kosten

6 jaar

€

1.877 €

11.261

€

1.877

11.261

€

Bijlage 4 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

46

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Maliskampsestraat 53 Rosmalen

documentkenmerk: 1908/010/LT-01, versie 1

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai (toetsing Wet geluidhinder)

in opdracht van Rho adviseurs voor leefomgeving Torenallee 20 5617 BC Eindhoven betreffende locatie Maliskampsestraat 53 Rosmalen documentkenmerk 1908/010/LT-01 versie 1 vestiging Nuenen datum 24 september 2019

opgesteld door:

gecontroleerd door:

Projectleider geluid & bouwfysica

Senior projectleider geluid & bouwfysica

Dit document is digitaal gegenereerd en derhalve niet voorzien van een handtekening. De inhoud is aantoonbaar gecontroleerd en vrijgegeven. Het document mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Door derden aangebrachte wijzigingen en/of toevoegingen dan wel oneigenlijk gebruik van het document vallen niet onder de verantwoording van Tritium Advies BV.

Tritium Advies BV Adviseurs in bouwen, milieu en veiligheid

Tritium Advies is gevestigd in:

T.

088 44 02 900

E.

info@tritium.nl

Arkel >> Neer >> Nuenen >>

I.

www.tritium.nl

Prinsenbeek >> Rijkevoort

KvK-nr.

17108024

documentkenmerk: 1908/010/LT-01, versie 1

Inhoudsopgave pagina 1

Inleiding

1

2

Uitgangspunten

2

2.1

Locatiegegevens

2

2.2

Gegevens wegverkeer

2

2.3

Modellering

3

3

Wet- en regelgeving

5

3.1

Berekeningsmethode

5

3.2

Randvoorwaarden Wet geluidhinder

5

3.2.1

Inleiding

5

3.2.2

Geluidzones

5

3.2.3

Artikel 110g

5

3.2.4

Stedelijk en buitenstedelijk gebied

6

3.2.5

Artikel 3.5 Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 (RMG 2012)

6

3.2.6

Normen geluidbelasting

7

3.3

Geluidbeleid gemeente ’s-Hertogenbosch

7

4

Rekenresultaten en toetsing

10

4.1

Geluidbelasting wegverkeerslawaai

10

4.2

Geluidbeleid gemeente ’s-Hertogenbosch

11

4.3

Geluidwering gevels (GA;k)

11

4.4

Cumulatieve geluidbelasting

11

5

Samenvatting en conclusie

12

Bijlagen 1.

situatieschets van de omgeving

2.

verkeersgegevens wegverkeer

3.

invoergegevens akoestisch model wegverkeerslawaai

4.

grafische weergave invoergegevens akoestisch model wegverkeerslawaai

5.

rekenresultaten geluidbelasting wegverkeer

documentkenmerk: 1908/010/LT-01, versie 1

1 Inleiding In opdracht van Rho adviseurs voor leefomgeving is een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai uitgevoerd ten behoeve van de beoogde nieuwbouw aan Maliskampsestraat 53 te Rosmalen. Het plan betreft de nieuwbouw van 4 woningen. Het akoestisch onderzoek dient te worden uitgevoerd ten behoeve van de hiervoor noodzakelijke juridisch-planologische procedure. In onderhavige rapportage is deze zogenaamde “Nieuwe situatie” getoetst aan de normstelling van de Wet geluidhinder (verder: Wgh) en er is aangegeven wat de consequenties zijn. Op basis van de resultaten van deze toetsing wordt vervolgens beoordeeld of voor de woningen extra geluidwerende maatregelen noodzakelijk zijn. De aspecten spoorweglawaai, luchtverkeerslawaai en industrielawaai zijn in het onderhavige onderzoek niet beschouwd.

pagina 1 van 12

documentkenmerk: 1908/010/LT-01, versie 1

Als maatgevende toetshoogte voor de begane grond van de nieuwe woningen is 1,5 meter boven maaiveld aangehouden. Voor de eerste en (eventueel) tweede verdieping is 4,5 en 7,5 meter gehanteerd. Voor alle punten is gerekend met invallend geluid. In de berekeningen is als rekenparameter bodemfactor 1,00 (akoestisch zacht) aangehouden met uitzondering van de ingevoerde bodemgebieden. De ingevoerde bodemgebieden zijn als akoestisch hard (bodemfactor 0,00) en akoestisch half hard/zacht (bodemfactor 0,50) gemodelleerd. De akoestisch harde gebieden betreffen wegen, fietspaden, wateren en terreinverhardingen. De akoestisch half harde/zachte gebieden betreffen tuinen. Ter plaatse van het plangebied is eveneens een bodemgebied gemodelleerd met een bodemfactor van 0,50. Voor het lokale maaiveld is 5,3 meter +NAP aangehouden. Gebouwhoogtes van de bestaande omliggende bebouwing en de hoogteverschillen in het maaiveld zijn conform de absolute hoogtegegevens uit het Actueel Hoogtebestand Nederland. Er hoeft ter hoogte van het plangebied geen hellingcorrectie te worden toegepast. Er zijn tevens geen akoestisch relevante kruispunten of rotondes in de omgeving van het bouwplan aanwezig. Voor het Torenstraatje geldt dat deze ter hoogte van de aansluiting met de Maliskampsestraat is verhoogd met een verkeersdrempel.

De Maliskampsestraat is ter hoogte van de aansluiting met de Eikenburglaan voorzien van een kruispuntplateau. Derhalve zijn er diverse drempels als obstakel ingevoerd zodat er met een optrekcorrectie wordt gerekend.

pagina 4 van 12

documentkenmerk: 1908/010/LT-01, versie 1

van woningen of van andere geluidgevoelige gebouwen of aan de grens van geluidgevoelige terreinen op het resultaat een door hem bepaalde aftrek van niet meer dan 5 dB wordt toegepast. Conform artikel 3.4 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 bedraagt voornoemde aftrek:

a. 3 dB voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt en de geluidbelasting vanwege de weg zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 56 dB is;

b. 4 dB voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt en de geluidbelasting vanwege de weg zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 57 dB is;

c. 2 dB voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt en de geluidbelasting afwijkt van de onder a en b genoemde waarden;

d. 5 dB voor de overige wegen; e. 0 dB bij toepassing van de artikelen 3.2 en 3.3 van het Bouwbesluit 2012 en bij toepassing van de artikelen 111b, tweede en derde lid, 112 en 113 van de Wet geluidhinder. De voornoemde aftrek van 5 dB voor overige wegen is tevens gehanteerd voor de 30 km/uur wegen. Uit technische overwegingen zijn er geen argumenten waarom de aftrek bij 30 km/uur lager zou zijn dan bij 50 km/uur. De meest logische werkwijze is derhalve om aan te sluiten bij de aftrek zoals die voor 50 km/uur wegen bestaat.

3.2.4 Stedelijk en buitenstedelijk gebied Binnen de Wet geluidhinder is de toetsing van de geluidbelasting afhankelijk gesteld van de ligging van het bouwplan. Er wordt volgens artikel 1 van de Wet geluidhinder onderscheiden: 

Stedelijk gebied:

het gebied binnen de bebouwde kom, doch, voor de toepassing van de hoofdstukken VI en VII van de Wet geluidhinder, met uitzondering van het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990.

Buitenstedelijk gebied:

het gebied buiten de bebouwde kom alsmede, voor toepassing van de hoofdstukken VI en VII, het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990.

3.2.5 Artikel 3.5 Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 (RMG 2012) Binnen het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 is middels artikel 3.5 de mogelijkheid geboden om voor wegen met een snelheidsregime van 70 km/uur of meer rekening te houden met de toekomstige effecten van Europees bronbeleid. Artikel 3.5 schrijft hierover het volgende: 

bij de berekening van het equivalent geluidniveau vanwege een weg wordt, voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt, 2 dB in mindering gebracht op de wegdekcorrectie bepaald overeenkomstig bijlage III bij deze regeling of als het wegdek bestaat uit dicht asfaltbeton, in afwijking van het gestelde in paragraaf 1.5 en 2.4.2 van bijlage III een wegdekcorrectie van 2 dB in rekening gebracht;

pagina 6 van 12

documentkenmerk: 1908/010/LT-01, versie 1

De gemeente ’s-Hertogenbosch heeft het geluidbeleid gebiedsgericht ontwikkeld. Voor verschillende gebieden worden geluidambities vastgelegd. Voor het gebied “dorps landelijk” waarin onderhavig plan is gelegen, geldt voor wegverkeerslawaai als ambitieniveau een geluidklasse van 43 t/m 48 dB (rustig) met een bovengrens van 48 t/m 53 dB (redelijk rustig). Woningbouw binnen het gebied met als definitie tot en met de geluidklasse redelijk rustig voldoet aan de voorkeursgrenswaarde conform de Wet geluidhinder. Er hoeft geen wettelijke procedure te worden gevolgd. Indien woningen gerealiseerd worden waarbij de ambitiewaarden niet kunnen worden gerealiseerd zal niet akoestische compensatie positief worden betrokken bij de overwegingen om een hogere waarde toe te staan. Bij niet akoestische compensatie kan gedacht worden aan de volgende zaken: 

de omgeving van de locatie extra groen inrichten;

woningen en appartementen voorzien van een significant hoger afwerkingsniveau;

meer dan gemiddeld aantal parkeerplaatsen realiseren;

versterken van gebiedspecifieke kenmerken.

Speciale aandacht wordt gevraagd voor uitbreidingssituaties aan de randen van de bebouwde kommen van ’s-Hertogenbosch, Rosmalen, Empel, Engelen, Bokhoven, Gewande, Maliskamp en Kruisstraat. Ons beleid is om in die uitbreidingsgebieden in principe geen ontheffing toe te staan. Immers, het gaat om de planning van nieuwe woningen in een nieuw te ontwikkelen gebied. Daar zijn in beginsel alle mogelijkheden aanwezig om aan de voorkeursgrenswaarde te voldoen. Uitzonderingen hierop kunnen zich voordoen, voornamelijk als er sprake is van een duidelijke relatie tussen de weg en de ontheffingswoningen of een gat tussen aanwezige bebouwing wordt opgevuld, en tevens in alle redelijkheid niet kan worden gevergd dat er bron- of overdrachtsmaatregelen getroffen worden. Er kan pas een hogere waarde worden verleend als voldaan wordt aan de hoofdcriteria uit de Wet geluidhinder. In het beleidsstuk worden deze hoofdcriteria en tevens onderstaande bijzondere aspecten toegelicht die betrokken dienen te worden bij de afweging van een hogere waarde: 

30 km/uur wegen dienen bij de beoordeling van een goed woon- en leefklimaat beschouwd te worden;

bij een hogere waarde afweging dient de gecumuleerde geluidbelasting inzichtelijk gemaakt te worden. Daarnaast geldt dat bij het ontwerpen van de gevels rekening moet worden gehouden met de gecumuleerde geluidbelasting;

het gebruik van dove gevels dient zoveel mogelijk te worden vermeden. Daar waar dit niet anders kan dient het aantal dove gevels per woning tot maximaal één te worden beperkt. Bij toepassing van een dove gevel dient ten minste één gevel geluidluw te zijn;

de geluidbelasting ten gevolge van wegverkeer bedraagt ter plaatse van binnenterreinen en hofjes 43-48 dB;

bij een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde dient ten minste één gevel geluidluw te zijn;

een “gesloten” balkon, dan wel een wintertuin is geen geluidgevoelige ruimte en derhalve niet maatgevend. De gevel tussen dit balkon en de woning is maatgevend;

ontheffingswoningen kunnen door hun situering of bouwvorm een akoestisch afschermende functie voor andere woningen vervullen. De afschermende functie dient expliciet te worden aangegeven. Dit betekent dat de behoefte tot afscherming, alsmede het effect van de afscherming, aangetoond dient te worden, c q aannemelijk moet zijn;

ontheffingswoningen kunnen een open plaats opvullen tussen bebouwing. Dit criterium kan zowel van toepassing zijn bij het sluitend maken van een gevelrij als bij het planmatig

pagina 8 van 12

documentkenmerk: 1908/010/LT-01, versie 1

verdichten van de (woon)bebouwing ter verbetering van de bestaande stedenbouwkundige structuur. Om te kunnen praten over "opvullen" is het in principe noodzakelijk dat aan weerszijden van de bouwplaats reeds bebouwing aanwezig is. Bij uitzondering kan dit criterium ook van toepassing zijn wanneer het bouwperceel aan één zijde wordt begrensd door bebouwing en aan de andere zijde door een ander ruimtelijk beeldbepalend element, bijvoorbeeld een bosperceel of park. Het gaat hierbij om het geheel opvullen van een open plaats. Bij aanwezigheid van dit criterium dient overleg te worden gepleegd met de gemeente; 

ontheffingswoningen kunnen bestaande bebouwing vervangen. Hiervan kan sprake zijn wanneer een wijziging mogelijk wordt in het gebruik of de bestemming van een gebouw. Dit kan geschieden door zowel een verbouwing als door volledige nieuwbouw. In het laatste geval dient het gebouw op (nagenoeg) dezelfde locatie te worden teruggebouwd.

pagina 9 van 12

documentkenmerk: 1908/010/LT-01, versie 1

Voor de gezoneerde wegen Maliskampsestraat (gedeelte met een snelheidsregime van 60 km/uur), Jos de Letterlaan en Torenstraatje geldt dat de geluidbelasting ten gevolge van het wegverkeer op deze wegen de voorkeursgrenswaarde van 48 dB op geen enkele gevel van de nieuwe woningen overschrijdt. Derhalve is een procedure hogere waarde niet aan de orde.

4.2 Geluidbeleid gemeente ’s-Hertogenbosch Ten behoeve van het akoestisch onderzoek is tevens rekening gehouden met de documenten “Nota Hogere grenswaarden geluid voor gemeente ’s-Hertogenbosch” d.d. augustus 2010 en “Gebiedsgericht geluidbeleid gemeente ’s-Hertogenbosch” d.d. 3 juni 2009. De gemeente ’s-Hertogenbosch heeft het geluidbeleid gebiedsgericht ontwikkeld. Voor verschillende gebieden worden geluidambities vastgelegd. Voor het gebied “dorps landelijk” waarin onderhavig plan is gelegen, geldt voor wegverkeerslawaai als ambitieniveau een geluidklasse van 43 t/m 48 dB (rustig) met een bovengrens van 48 t/m 53 dB (redelijk rustig). Aangezien er geen overschrijding is van de voorkeursgrenswaarde c.q. richtwaarde van 48 dB voldoen de woningen aan de definitie “rustig” waarmee wordt voldaan aan de ambitiewaarde uit het gemeentelijk geluidbeleid.

4.3 Geluidwering gevels (GA;k) Volgens het bouwbesluit dient de karakteristieke geluidwering van de gevel GA;k voor verblijfsgebieden in een woning minimaal de in het vastgestelde besluit hogere waarde opgenomen hoogst toelaatbare geluidbelasting minus 33 dB te bedragen. Een gevel van een nieuwbouwwoning dient bovendien minimaal een GA;k van 20 dB te hebben. Aangezien er voor onderhavige woningen geen sprake is van een procedure hogere waarde wordt een aanvullend onderzoek ter bepaling van de geluidwering van de gevels niet noodzakelijk geacht.

4.4 Cumulatieve geluidbelasting Ten behoeve van de procedure hogere waarde dient conform artikel 110f Wgh de cumulatieve geluidbelasting te worden bepaald, indien er sprake is van blootstelling aan meer dan één geluidbron. Allereerst dient vastgesteld te worden of van een relevante blootstelling door verschillende geluidbronnen sprake is. Dit is alleen het geval indien de zogenaamde voorkeurswaarde van die onderscheiden bronnen wordt overschreden. Conform de Wet geluidhinder dienen voor de cumulatie de zoneplichtige wegen en spoorwegen en de geluidbelasting ten gevolge van industrie en/of luchtvaart meegenomen te worden. De cumulatieve geluidbelasting dient bepaald te worden conform het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 (bijlage I, hoofdstuk 2 ‘Rekenmethode cumulatieve geluidsbelasting’). De correctie conform artikel 110g Wgh met betrekking tot wegverkeer wordt hierbij niet toegepast. Dit betekent dat in onderhavige situatie de cumulatieve geluidbelasting niet bepaald hoeft te worden.

pagina 11 van 12

documentkenmerk: 1908/010/LT-01, versie 1

5 Samenvatting en conclusie In opdracht van Rho adviseurs voor leefomgeving is een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai uitgevoerd ten behoeve van de beoogde nieuwbouw aan Maliskampsestraat 53 te Rosmalen. Het plan betreft de nieuwbouw van 4 woningen. Het akoestisch onderzoek dient te worden uitgevoerd ten behoeve van de hiervoor noodzakelijke juridisch-planologische procedure. Voor wegverkeerslawaai is het plan gelegen binnen de geluidzone van de Maliskampsestraat (gedeelte met een snelheidsregime van 60 km/uur), Jos de Letterlaan en Torenstraatje. Het plan is tevens gelegen in de nabijheid van enkele 30 km/uur wegen. Voor de 30 km/uur weg Eikenburglaan en de Maliskampsestraat (gedeelte met een snelheidsregime van 30 km/uur) geldt dat de geluidbelasting op de gevels van de nieuwe woningen de richtwaarde van 48 dB op geen enkel toetspunt overschrijdt. Voor de gezoneerde wegen Maliskampsestraat (gedeelte met een snelheidsregime van 60 km/uur), Jos de Letterlaan en Torenstraatje geldt dat de geluidbelasting ten gevolge van het wegverkeer op deze wegen de voorkeursgrenswaarde van 48 dB op geen enkele gevel van de nieuwe woningen overschrijdt. Derhalve is een procedure hogere waarde niet aan de orde. Ten behoeve van het akoestisch onderzoek is tevens rekening gehouden met de documenten “Nota Hogere grenswaarden geluid voor gemeente ’s-Hertogenbosch” d.d.

augustus 2010 en “Gebiedsgericht geluidbeleid gemeente ’s-Hertogenbosch” d.d. 3 juni 2009. De gemeente ’s-Hertogenbosch heeft het geluidbeleid gebiedsgericht ontwikkeld. Voor verschillende gebieden worden geluidambities vastgelegd. Voor het gebied “dorps landelijk” waarin onderhavig plan is gelegen, geldt voor wegverkeerslawaai als ambitieniveau een geluidklasse van 43 t/m 48 dB (rustig) met een bovengrens van 48 t/m 53 dB (redelijk rustig). Aangezien er geen overschrijding is van de voorkeursgrenswaarde c.q. richtwaarde van 48 dB voldoen de woningen aan de definitie “rustig” waarmee wordt voldaan aan de ambitiewaarde uit het gemeentelijk geluidbeleid. Aangezien in onderhavige situatie geen sprake is van een procedure hogere waarde wordt voor de woningen een aanvullend onderzoek ter bepaling van de geluidwering van de gevels niet noodzakelijk geacht. Bij toepassing van standaard geluidwerende materialen en maatregelen is een goed akoestisch woon- en leefklimaat gewaarborgd.

pagina 12 van 12

2

3

Tritium Advies Invoergegevens akoestisch model wegverkeerslawaai Rapport: Model:

1908/010/LT-01 bijlage 3

Lijst van model eigenschappen wegverkeer

Model eigenschap Omschrijving Verantwoordelijke Rekenmethode

wegverkeer #2|Wegverkeerslawaai|RMW-2012|

Aangemaakt door Laatst ingezien door Model aangemaakt met

17-9-2019 19-9-2019 Geomilieu V4.50

Dagperiode Avondperiode Nachtperiode Samengestelde periode Waarde Standaard maaiveldhoogte Rekenhoogte contouren Detailniveau toetspunt resultaten Detailniveau resultaten grids Zoekafstand [m] Max. reflectie afstand tot bron [m] Max. reflectie afstand tot ontvanger [m] Standaard bodemfactor Zichthoek [grd] Maximale reflectiediepte Reflectie in woonwijkschermen Geometrische uitbreiding Luchtdemping Luchtdemping [dB/km] Meteorologische correctie Waarde voor C0

07:00 - 19:00 19:00 - 23:00 23:00 - 07:00 Lden Gem(Dag, Avond + 5, Nacht + 10) 5,3 4 Groepsresultaten Groepsresultaten ---1,00 2 1 Ja Volledige 3D analyse Conform standaard 0,00; 0,00; 1,00; 2,00; 4,00; 10,00; 23,00; 58,00 Conform standaard 3,50

Geomilieu V4.50

19-9-2019 14:16:45

Tritium Advies Invoergegevens akoestisch model wegverkeerslawaai Model: Groep:

1908/010/LT-01 bijlage 3

wegverkeer (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012

Naam w01a Malis w01b Malis w01c Malis w01d Malis w01e Malis

Omschr. Maliskampsestraat Maliskampsestraat Maliskampsestraat Maliskampsestraat Maliskampsestraat

Type Verdeling Verdeling Verdeling Verdeling Verdeling

Hbron 0,75 0,75 0,75 0,75 0,75

Helling 0 0 0 0 0

w01f Malis w02a Toren w02b Toren w03 Jos de w03a Eiken

Maliskampsestraat Torenstraatje Torenstraatje Jos de Letterlaan Eikenburglaan

Verdeling Verdeling Verdeling Verdeling Verdeling

0,75 0,75 0,75 0,75 0,75

w03b Eiken w03c Eiken

Eikenburglaan Eikenburglaan

Verdeling Verdeling

0,75 0,75

Geomilieu V4.50

Wegdek W0 W0 W9a W9a W0

Wegdek Referentiewegdek Referentiewegdek Elementenverharding in keperverband Elementenverharding in keperverband Referentiewegdek

V(LV(D)) 60 60 60 60 30

V(MV(D)) 60 60 60 60 30

V(ZV(D)) 60 60 60 60 30

Totaal aantal 1417,79 1417,79 1417,79 1417,79 861,65

0 0 0 0 0

W0 W4b W4b W9a W9a

Referentiewegdek SMA-NL8 SMA-NL8 Elementenverharding in keperverband Elementenverharding in keperverband

30 60 60 60 30

30 60 60 60 30

30 60 60 60 30

861,65 2176,08 2176,08 585,13 585,13

0 0

W9a W9a

Elementenverharding in keperverband Elementenverharding in keperverband

30 30

30 30

30 30

585,13 585,13

19-9-2019 14:17:24

Tritium Advies Invoergegevens akoestisch model wegverkeerslawaai Model: Groep:

1908/010/LT-01 bijlage 3

wegverkeer (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012

Naam w01a Malis w01b Malis w01c Malis w01d Malis w01e Malis

%Int(D) 6,64 6,64 6,64 6,70 6,70

%Int(A) 3,23 3,23 3,23 3,60 3,60

%Int(N) 0,92 0,92 0,92 0,65 0,65

%LV(D) 99,40 99,40 99,40 99,40 99,31

%LV(A) 99,59 99,59 99,59 99,52 99,45

%LV(N) 99,43 99,43 99,43 99,51 99,44

%MV(D) 0,55 0,55 0,55 0,53 0,62

%MV(A) 0,33 0,33 0,33 0,43 0,50

%MV(N) 0,48 0,48 0,48 0,49 0,56

%ZV(D) 0,05 0,05 0,05 0,07 0,08

%ZV(A) 0,08 0,08 0,08 0,04 0,05

%ZV(N) 0,10 0,10 0,10 ---

Cpl False False False False False

Cpl_W 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5

w01f Malis w02a Toren w02b Toren w03 Jos de w03a Eiken

6,70 6,71 6,65 6,70 6,70

3,60 3,57 3,20 3,60 3,60

0,65 0,65 0,92 0,65 0,65

99,31 95,70 95,67 99,57 99,57

99,45 96,53 97,01 99,66 99,66

99,44 96,47 95,86 99,65 99,65

0,62 3,83 3,94 0,38 0,38

0,50 3,15 2,42 0,31 0,31

0,56 3,53 3,44 0,35 0,35

0,08 0,47 0,39 0,05 0,05

0,05 0,31 0,57 0,03 0,03

--0,70 ---

False False False False False

1,5 1,5 1,5 1,5 1,5

w03b Eiken w03c Eiken

6,70 6,70

3,60 3,60

0,65 0,65

99,57 99,57

99,66 99,66

99,65 99,65

0,38 0,38

0,31 0,31

0,35 0,35

0,05 0,05

0,03 0,03

---

False False

1,5 1,5

Geomilieu V4.50

19-9-2019 14:17:24

Tritium Advies Invoergegevens akoestisch model wegverkeerslawaai Model: Groep:

1908/010/LT-01 bijlage 3

wegverkeer (hoofdgroep) Lijst van Toetspunten, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012

Naam t01 t02 t03 t04 t05

Omschr. toetspunt t01 toetspunt t02 toetspunt t03 toetspunt t04 toetspunt t05

Maaiveld 5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

Hdef. Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

Hoogte A 1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

Hoogte B 4,50 4,50 4,50 4,50 4,50

Hoogte C ------

Hoogte D ------

Hoogte E ------

Hoogte F ------

Gevel Ja Ja Ja Ja Ja

t06 t07 t08 t09 t10

toetspunt t06 toetspunt t07 toetspunt t08 toetspunt t09 toetspunt t10

5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

4,50 4,50 4,50 4,50 4,50

------

------

------

------

Ja Ja Ja Ja Ja

t11 t12 t13 t14 t15

toetspunt t11 toetspunt t12 toetspunt t13 toetspunt t14 toetspunt t15

5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

4,50 4,50 4,50 4,50 4,50

--7,50 7,50 7,50

------

------

------

Ja Ja Ja Ja Ja

t16 t17 t18 t19 t20

toetspunt t16 toetspunt t17 toetspunt t18 toetspunt t19 toetspunt t20

5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

4,50 4,50 4,50 4,50 4,50

7,50 -----

------

------

------

Ja Ja Ja Ja Ja

t21 t22 t23 t24

toetspunt t21 toetspunt t22 toetspunt t23 toetspunt t24

5,30 5,30 5,30 5,30

Relatief Relatief Relatief Relatief

1,50 1,50 1,50 1,50

4,50 4,50 4,50 4,50

-----

-----

-----

-----

Ja Ja Ja Ja

Geomilieu V4.50

19-9-2019 14:18:02

Tritium Advies Invoergegevens akoestisch model wegverkeerslawaai Model: Groep:

1908/010/LT-01 bijlage 3

wegverkeer (hoofdgroep) Lijst van Bodemgebieden, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012

Naam b01 b02 b03 b04 b05

Omschr. weg weg weg weg weg

Bf 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

b06 b07 b08 b09 b10

weg weg weg weg weg

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

b11 b12 b13 b14 b15

weg tuinen water water weg

0,00 0,50 0,00 0,00 0,00

b16 b17 b18 b19 b20

weg fietspad weg tuinen tuinen

0,00 0,00 0,00 0,50 0,50

b21 b22 b23 b24 b25

tuinen tuinen tuinen tuinen weg

0,50 0,50 0,50 0,50 0,00

b26 b27 b28 b29 b30

weg weg terreinverharding terreinverharding tuin

0,00 0,00 0,00 0,00 0,50

b31 b32 b33 b34

terreinverharding terreinverharding terreinverharding terreinverharding

0,00 0,00 0,00 0,00

Geomilieu V4.50

19-9-2019 14:18:28

Tritium Advies Invoergegevens akoestisch model wegverkeerslawaai Model: Groep:

1908/010/LT-01 bijlage 3

wegverkeer (hoofdgroep) Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012

Naam gb001 gb002 gb003 gb004 gb005

Omschr. woning 1 woning 2 woning 3 woning 4 gebouw gb005

Hoogte 8,00 7,00 7,00 10,00 8,00

Hdef. Relatief Relatief Relatief Relatief Absoluut

Maaiveld 5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

Cp 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

Refl. 500 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

gb006 gb007 gb008 gb009 gb010

gebouw gb006 gebouw gb007 gebouw gb008 gebouw gb009 gebouw gb010

11,50 9,50 13,60 14,80 6,00

Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut Relatief

5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

gb011 gb012 gb013 gb014 gb015

gebouw gb011 gebouw gb012 gebouw gb013 gebouw gb014 gebouw gb015

8,50 12,00 11,50 9,20 9,00

Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut

5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

gb016 gb017 gb018 gb019 gb020

gebouw gb016 gebouw gb017 gebouw gb018 gebouw gb019 gebouw gb020

12,00 8,50 9,00 13,50 9,00

Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut

5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

gb021 gb022 gb023 gb024 gb025

gebouw gb021 gebouw gb022 gebouw gb023 gebouw gb024 gebouw gb025

13,50 12,00 8,00 12,00 13,50

Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut

5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

gb026 gb027 gb028 gb029 gb030

gebouw gb026 gebouw gb027 gebouw gb028 gebouw gb029 gebouw gb030

10,00 8,00 8,00 8,00 12,00

Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut

5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

gb031 gb032 gb033 gb034 gb035

gebouw gb031 gebouw gb032 gebouw gb033 gebouw gb034 gebouw gb035

12,00 9,00 12,50 14,00 14,00

Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut

5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

gb036 gb037 gb038 gb039 gb040

gebouw gb036 gebouw gb037 gebouw gb038 gebouw gb039 gebouw gb040

9,00 9,00 9,00 9,00 12,00

Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut

5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

gb041 gb042 gb043 gb044 gb045

gebouw gb041 gebouw gb042 gebouw gb043 gebouw gb044 gebouw gb045

11,00 13,40 14,50 14,00 10,00

Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut

5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

gb046 gb047 gb048 gb049 gb050

gebouw gb046 gebouw gb047 gebouw gb048 gebouw gb049 gebouw gb050

8,50 12,50 12,50 14,00 14,00

Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut

5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

gb051 gb052 gb053 gb054 gb055

gebouw gb051 gebouw gb052 gebouw gb053 gebouw gb054 gebouw gb055

13,00 13,00 9,00 8,50 14,00

Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut Absoluut

5,30 5,30 5,30 5,30 5,30

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

gb056 gb057 gb058 gb059 gb060

gebouw gb056 gebouw gb057 gebouw gb058 gebouw gb059 gebouw gb060

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12408360/1