Bijlage 4 - Bijlagen toelichting BP Rijckevorselweg 4
Tekst van het document
Typen onderzoeksmateriaal Cameraval De cameraval bestaat uit een camera die op basis van beweging en/of infrarood licht opnames maakt. Met name de bunzing en steenmarter kunnen op deze wijze worden aangetoond. Struikrover De Struikrover bestaat uit een grote, schuin afgezaagde pvc-buis waarin een cameraval aan een plank is bevestigd. Voorin het plankje is een blikje sardines aanwezig. In het blikje wordt een gaatje geprikt, waardoor de geur van sardines zich over het gebied verspreid. Dit lokt de aandacht van dieren in de omgeving, die op onderzoek uit gaan. Zodra ze aan het blikje ruiken worden zij geregistreerd door de cameraval in de struikrover. Deze methode is toepasbaar op alle marterachtigen.
Blad 7 van 20
Nader onderzoek BP Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel Huismus, steenuil, vleermuizen, steenmarter en kleine marterachtigen projectnummer 0479857.100 5 december 2022 revisie 00 Gemeenschappelijke Regeling Heesch West
Figuur 3.1. Locatie van de cameraval (gele stip) en de struikrover (blauwe stip) in het plangebied (rood omkaderd). Bron ondergrond: Street Smart, kaart 2020.
3.5
Overzicht veldbezoeken In de onderstaande tabel is een overzicht weergegeven van de uitgevoerde veldbezoeken, ten behoeve van welke soort het onderzoek is uitgevoerd en de weersomstandigheden ten tijde van het onderzoek. Tabel 3.1: Overzicht veldbezoeken nader onderzoek.
Datum
Soortgroep
Start- en eindtijd
Weersomstandigheden
19:00 – 20:45
Zon op/zon onder 18:08
23-022021 4-032021 15-042021 29-042021 30-042021 31-052021 06-062021
Steenuil Steenuil
20:00 – 20:30
18:24
9 °C, licht bewolkt, 1 Bft
Huismus
07:45 – 08:45
6:42
1 °C , zwaar bewolkt, 1 Bft
Steenuil
21:00 – 23:00
20:59
13 °C, licht bewolkt, 2 Bft
Huismus
07:15 – 08:05
6:11
6 °C, droog na motregen, 2 Bft
Vleermuizen
21:15 – 00:15
21:46
Marterachtigen (plaatsen materiaal)
nvt
nvt
17 °C, onbewolkt en droog, 0 Bft nvt
Blad 8 van 20
7 °C, licht bewolkt, 1 Bft
Nader onderzoek BP Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel Huismus, steenuil, vleermuizen, steenmarter en kleine marterachtigen projectnummer 0479857.100 5 december 2022 revisie 00 Gemeenschappelijke Regeling Heesch West
Datum
Soortgroep
Start- en eindtijd
20-062021
Marterachtigen (vervangen batterijen, SDkaarten en lokaas) Vleermuizen
29-062021 04-072021
16-072021 18-072021 23-082021 12-092021
Weersomstandigheden
nvt
Zon op/zon onder nvt
03:00 – 05:30
5:23
Marterachtigen (vervangen batterijen, SDkaarten en lokaas) Vleermuizen
nvt
nvt
18 °C, volledig bewolkt en start droog, overgaand in lichte motregen, 0 Bft nvt
21:50 – 00:30
21:49
Marterachtigen (verwijderen materiaal) Vleermuizen
nvt
nvt
22:00 – 01:00
20:44
Vleermuizen
22:00 – 01:00
19:59
Blad 9 van 20
nvt
17 °C, volledig bewolkt en droog, 2 Bft nvt
15 °C, licht bewolkt en droog, 2 Bft 12 °C, licht bewolkt en droog, 1 Bft
Nader onderzoek BP Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel Huismus, steenuil, vleermuizen, steenmarter en kleine marterachtigen projectnummer 0479857.100 5 december 2022 revisie 00 Gemeenschappelijke Regeling Heesch West
4
Resultaten In dit hoofdstuk worden de resultaten van het nader onderzoek uiteengezet. In paragraaf 4.1 komen de resultaten van het nader onderzoek naar de huismus aan bod, gevolgd door het nader onderzoek naar de steenuil (paragraaf 4.2), vleermuizen (paragraaf 4.3) en marterachtigen (paragraaf 4.4). In paragraaf 4.5 worden de overige waarnemingen uiteengezet.
4.1
Huismus Tijdens de twee veldbezoeken zijn in totaal dertien nestplaatsen van de huismus vastgesteld onder het dak van het woonhuis. Acht nestplaatsen bevinden zich onder het oostelijke deel van het dak en vijf nestplaatsen bevinden zich onder het westelijke deel van het dak. De nestplaatsen bevinden zich onder andere onder de dakpannen vlak boven de dakgoot, nabij de dakkapel, ramen, hoekpannen en loodslab. In de overige bebouwing zijn geen nestplaatsen vastgesteld. De begroeiing binnen het plangebied biedt de huismus rust- en schuilplaatsen en vormt een essentieel onderdeel van de functionele leefomgeving van de soort. De gevolgen van het planvoornemen op de nestplaatsen en rust- en schuilplaatsen van de huismus worden in paragraaf 5.1 behandeld.
Figuur 4.1. Impressie nestlocatie huismus (links) en nest in aanbouw boven dakraam (rechts).
4.2
Steenuil Tijdens de drie veldbezoeken is de steenuil (of zijn sporen van de steenuil) niet aangetroffen in het plangebied. In het plangebied zijn geen nestlocaties voor de soort aangetroffen. Het plangebied heeft geen functie voor de soort. Aanwezigheid van de steenuil kan worden uitgesloten. Er zijn geen vervolgstappen aan de orde.
4.3
Vleermuizen Tijdens het nader onderzoek zijn de gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, laatvlieger, rosse vleermuis, grootoorvleermuis en een Myotis-soort waargenomen. De gewone en ruige dwergvleermuis waren de enige soorten die duidelijk binding met het gebied hadden (zie ook 4.3.1 en 4.3.2). De overige soorten zijn eenmalig (overvliegend) waargenomen. Vleermuizen gebruiken een gebied voor verschillende functies: onder andere om te verblijven, te foerageren en/of als geleidend element (eventuele vliegroute). Onderstaand is aangegeven of er
Blad 10 van 20
Nader onderzoek BP Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel Huismus, steenuil, vleermuizen, steenmarter en kleine marterachtigen projectnummer 0479857.100 5 december 2022 revisie 00 Gemeenschappelijke Regeling Heesch West
verblijfplaatsen in het plangebied aanwezig zijn (paragraaf 4.3.1) en of er sprake is van essentieel foerageergebied en/of vliegroutes (paragraaf 4.3.2).
4.3.1
Verblijfplaatsen De verblijffuncties die in een gebied aanwezig kunnen zijn, zijn kraamverblijfplaatsen, zomerverblijfplaatsen, paarverblijfplaatsen en winterverblijfplaatsen. Dergelijke verblijfplaatsen zijn veelal verspreid over het betreffende gebied aanwezig en worden vaak maar gedurende enkele maanden van het jaar gebruikt. Kraamverblijfplaatsen Tijdens de inventarisaties gedurende de kraamperiode (mei – juli 2021) is geen activiteit van vleermuizen waargenomen die duidt op de aanwezigheid van een kraamverblijfplaats. Zomerverblijfplaatsen Uit het vleermuisonderzoek is gebleken dat er in het plangebied één zomerverblijfplaats aanwezig is van de gewone dwergvleermuis. Er zijn twee uitvliegende mannetjes waargenomen vanuit losliggende bakstenen direct onder de golfplaten van de overkapping. Zie ook figuur 4.2 en 4.3. De gevolgen van het planvoornemen op de zomerverblijfplaats van de gewone dwergvleermuis wordt in paragraaf 5.2 behandeld. Paarverblijfplaatsen en zwermplaatsen Tijdens de veldbezoeken in augustus en september 2021 zijn twee baltsterritoria van de gewone dwergvleermuis waargenomen (zie ook figuur 4.4). Op de locatie tussen de schuren (binnenplaats) werd gebaltst in de omgeving van de overkapte schuur en onder de overkapping, maar ook boven de binnenplaats richting de silo's. De meeste baltsactiviteit vond plaats boven de binnenplaats en de overkapte schuur.
Hoewel er vanuit het nader onderzoek geen concrete paarverblijfplaats kan worden aangewezen, kan worden gesteld dat eronder of nabij de overkapping één paarverblijf aanwezig is. Aan de oostzijde van het plangebied is een tweede baltsterritorium waargenomen. Hier werd er voornamelijk rondom het huis gevlogen met een route die ook langs de koppen van de schuren ging. Hoewel er vanuit het nader onderzoek geen concrete paarverblijfplaats kan worden aangewezen, kan worden gesteld dat erin of nabij de woning één paarverblijf aanwezig is. Concluderend zijn er op basis van de uitkomsten van het nader onderzoek twee paarverblijfplaatsen aanwezig in het plangebied. De gevolgen van het planvoornemen op de twee paarverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis worden in paragraaf 5.2 behandeld. Winterverblijfplaatsen Tijdens de inventarisaties gedurende het paarseizoen (augustus – september 2021) zijn geen zwermactiviteiten van vleermuizen waargenomen die duiden op een (massa)winterverblijfplaats.
Blad 11 van 20
Nader onderzoek BP Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel Huismus, steenuil, vleermuizen, steenmarter en kleine marterachtigen projectnummer 0479857.100 5 december 2022 revisie 00 Gemeenschappelijke Regeling Heesch West
Figuur 4.2. Locatie aangetroffen zomerverblijfplaats (gele stip) in het plangebied (rood omkaderd). Bron ondergrond: Street Smart, kaart 2021.
Figuur 4.3. Uitvlieglocatie zomerverblijfplaats.
Blad 12 van 20
Nader onderzoek BP Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel Huismus, steenuil, vleermuizen, steenmarter en kleine marterachtigen projectnummer 0479857.100 5 december 2022 revisie 00 Gemeenschappelijke Regeling Heesch West
4.3.2
Foerageergebieden en vliegroutes In het plangebied zijn foeragerende dieren waargenomen. Op de binnenplaats zijn enkele gewone en ruige dwergvleermuizen kortdurend foeragerend aangetroffen. Daarnaast zijn twee gewone dwergvleermuizen foeragerend aangetroffen boven een onderwater gelopen voeropslag plaats (zie figuur 4.5). Het betrof twee gewone dwergvleermuizen. Gezien de beperkte aantallen is voor beide locaties van essentieel foerageergebied geen sprake. Er zijn geen vliegroutes aangetoond binnen de grenzen van het plangebied. Er zijn geen vervolgstappen noodzakelijk voor wat betreft foerageergebied en vliegroutes.
Figuur 4.4. Locaties van de twee baltsterritoria (blauwe vlakken) in het plangebied (rood omkaderd). Bron ondergrond: Street Smart, kaart 2021.
Blad 13 van 20
Nader onderzoek BP Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel Huismus, steenuil, vleermuizen, steenmarter en kleine marterachtigen projectnummer 0479857.100 5 december 2022 revisie 00 Gemeenschappelijke Regeling Heesch West
Figuur 4.5. Foerageerlocatie van twee gewone dwergvleermuizen (niet essentieel) (geel vlak) in het plangebied (rood omkaderd). Bron ondergrond: Street Smart, kaart 2021.
4.4
Marterachtigen Tijdens het onderzoek zijn er geen waarnemingen van de steenmarter, bunzing of wezel geregistreerd. Tevens zijn er geen waarnemingen geregistreerd van andere marterachtigen. Overige (voor ruimtelijke ontwikkelingen vrijgestelde) zoogdieren zoals de rosse woelmuis, vos, bruine rat en huiskat zijn wel geregistreerd. Het plangebied heeft geen functie voor de steenmarter, bunzing of wezel. Er zijn geen vervolgstappen aan de orde.
4.5
Overige waargenomen soorten In het plangebied zijn zes nestplaatsen van spreeuw (4 oostzijde, 2 westzijde) vastgesteld. In en op de overige bebouwing (schuren) binnen het plangebied zijn kauw, witte kwikstaart en zwarte roodstaart aangetroffen die naar verwachting ook nestplaatsen in het plangebied hebben. De gevolgen van het planvoornemen op deze algemene broedvogels worden in paragraaf 5.3 behandeld.
Blad 14 van 20
Nader onderzoek BP Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel Huismus, steenuil, vleermuizen, steenmarter en kleine marterachtigen projectnummer 0479857.100 5 december 2022 revisie 00 Gemeenschappelijke Regeling Heesch West
5
Effectbeoordeling Uit hoofdstuk vier volgt dat de aanwezigheid van de steenuil, steenmarter, bunzing en wezel in het plangebied kan worden uitgesloten. Vervolgstappen voor deze soorten zijn niet aan de orde. Voor de overige onderzochte soorten (huismus en vleermuizen) worden in dit hoofdstuk de in hoofdstuk 4 uiteengezette bevindingen getoetst aan de Wet natuurbescherming en wordt ingegaan op de benodigde acties ten aanzien van de Wet natuurbescherming.
5.1
Huismus
5.1.1
Nestplaatsen en rust- en schuilplaatsen Tijdens het nader onderzoek zijn dertien nestplaatsen van de huismus vastgesteld. Daarnaast vormt de begroeiing in het plangebied, die de huismus rust- en schuilplaatsen biedt, een essentieel onderdeel van de functionele leefomgeving van de soort. Als gevolg van het planvoornemen wordt alle bebouwing en begroeiing in het plangebied verwijderd. Dit is in overtreding met de gestelde verbodsbepalingen in de Wnb (artikel 3.1, lid 2). Om de voorgenomen werkzaamheden uit te kunnen voeren is een ontheffing noodzakelijk.
5.1.2
Mitigatie/compensatie In het kader van de ontheffingsaanvraag Wnb dient een activiteitenplan opgesteld te worden waarin maatregelen worden beschreven om de effecten te mitigeren dan wel compenseren. Hierbij dienen in ieder geval een overmaat aan (tijdelijke en permanente) alternatieve nestplaatsen en rust- en schuilplaatsen te worden aangeboden. Bij voorliggend planvoornemen is de exacte invulling van de toekomstige situatie echter nog niet bekend. Bij de realisatie van tijdelijke alternatieve nestplaatsen kan gedacht worden aan het ophangen van geschikte nestkasten of het plaatsen van een geschikte huismussentil (ook geschikt voor permante situatie) (zie figuur 5.1). Voor de permanente situatie verdient het realiseren van ruimte onder de dakpannen bij nieuwbouw de voorkeur. De (tijdelijke en permanente) nestplaatsen dienen te worden gecompenseerd met een factor twee in de directe omgeving (maximaal 200 meter) van de huidige verblijfplaatsen. Bij het plaatsen van alternatieven nestplaatsen dient rekening te worden gehouden met een gewenningsperiode van drie maanden. Pas na deze gewenningsperiode mogen de huidige nestplaatsen worden verwijderd buiten de kwetsbare periode (broedseizoen en perioden van vorst). Binnen 50 meter van deze nestplaatsen moeten rust- en schuilplaatsen aanwezig zijn of worden gerealiseerd.
Rust- en schuilplaatsen kunnen worden gerealiseerd door het aanplanten van aanplant van doornige struiken als vuurdoorn en meidoorn, groenblijvende heesters, klimplanten als klimop of wingerd en/of beuken- en coniferenhagen.
Blad 15 van 20
Nader onderzoek BP Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel Huismus, steenuil, vleermuizen, steenmarter en kleine marterachtigen projectnummer 0479857.100 5 december 2022 revisie 00 Gemeenschappelijke Regeling Heesch West
Figuur 5.1 Alternatieve nestplaatsen in de vorm van huismusnestkasten (links) en een huismussentil (rechts). Bron: Vivara.nl.
5.2
Vleermuizen
5.2.1
Zomer- en paarverblijfplaatsen gewone dwergvleermuis In het plangebied is één zomerverblijfplaats en zijn twee paarverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis aanwezig. Als gevolg van het voornemen wordt alle bebouwing (en daarmee de drie verblijfplaatsen) verwijderd. Dit is in overtreding met de verbodsbepalingen uit de Wnb (artikel 3.5, lid 2 en 4). Om de voorgenomen werkzaamheden uit te kunnen voeren is een ontheffing noodzakelijk.
5.2.2
Mitigatie / compensatie In het kader van de ontheffingsaanvraag Wet natuurbescherming dient een activiteitenplan opgesteld te worden waarin maatregelen worden beschreven om de effecten te mitigeren dan wel compenseren. Hierbij dienen in ieder geval vervangende verblijfplaatsen te worden aangeboden. Bij voorliggend planvoornemen is de exacte invulling van de toekomstige situatie echter nog niet bekend. Bij de realisatie van tijdelijke alternatieve verblijfplaatsen kan gedacht worden aan het ophangen van tijdelijke vleermuiskasten (zie figuur 5.2). Voor de permanente situatie verdient het realiseren van inbouwvoorzieningen (toegankelijk maken van de spouw) bij nieuwbouw de voorkeur. De verblijfplaatsen dienen te worden gecompenseerd met een factor vier in de directe omgeving (maximaal 200 meter) van de huidige verblijfplaatsen. Bij het plaatsen/realiseren van alternatieven verblijfplaatsen dient rekening te worden gehouden met de gewenningsperiode. Voor een paarverblijfplaats geldt een gewenningsperiode van zes maanden. Voor een zomerverblijfplaats geldt een gewenningsperiode van drie maanden. Pas na deze gewenningsperiode mag de huidige verblijfplaats worden verwijderd buiten de kwetsbare periode voor vleermuizen (BIJ12, 2017c). In het activiteitenplan dienen de mitigerende en compenserende maatregelen verder te worden uitgewerkt.
Blad 16 van 20
Nader onderzoek BP Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel Huismus, steenuil, vleermuizen, steenmarter en kleine marterachtigen projectnummer 0479857.100 5 december 2022 revisie 00 Gemeenschappelijke Regeling Heesch West
Figuur 5.2: Voorbeelden van tijdelijke vleermuiskasten die toegepast kunnen worden. Bron: Vivara.nl (links) en Veldshop.nl (rechts).
5.3
Overige waargenomen soorten In het plangebied zijn zes nestplaatsen van spreeuw (4 oostzijde, 2 westzijde) vastgesteld. In en op de overige bebouwing (schuren) binnen het plangebied zijn kauw, witte kwikstaart en zwarte roodstaart aangetroffen die naar verwachting ook nestplaatsen in het plangebied hebben. Alle in gebruik zijnde nesten van vogelsoorten in Nederland zijn beschermd onder de Wet natuurbescherming (artikel 3.1). Met de meeste broedvogels kan echter in het algemeen relatief eenvoudig rekening worden gehouden door werkzaamheden niet uit te voeren in de broedtijd (circa maart tot en met juli1) en indien concrete broedgevallen aanwezig zijn. Op deze wijze zijn geen belemmeringen vanuit de Wet Natuurbescherming aan de orde.
1
Voor het broedseizoen wordt in het kader van de wet geen standaardperiode gehanteerd. Het broedseizoen is afhankelijk van klimatologische omstandigheden; dit houdt in dat het seizoen eerder dan wel later van start kan gaan en eerder dan wel later kan eindigen. Van belang is of er broedgevallen aanwezig zijn.
Blad 17 van 20
Nader onderzoek BP Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel Huismus, steenuil, vleermuizen, steenmarter en kleine marterachtigen projectnummer 0479857.100 5 december 2022 revisie 00 Gemeenschappelijke Regeling Heesch West
6
Conclusie en Aanbevelingen De Gemeenschappelijke Regeling Heesch West is voornemens om het perceel aan de Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel opnieuw te ontwikkelen. De agrarische bestemming van het perceel wordt omgezet in een bedrijfsbestemming. Om dit mogelijk te maken wordt een nieuw bestemmingsplan opgesteld. Ten behoeve van dit voornemen is inzicht gewenst in de aanwezigheid van beschermde soorten (Wet natuurbescherming – onderdeel soortbescherming). In dit kader is een Natuurtoets uitgevoerd (Antea Group, 2021). Uit deze Natuurtoets is naar voren gekomen dat verblijfplaatsen van de bunzing, wezel, steenmarter en vleermuizen niet kunnen worden uitgesloten. Tevens kunnen nestlocaties van de huismus en steenuil niet worden uitgesloten. Om meer inzicht te krijgen in de functie van het plangebied voor bovengenoemde soorten is in de Natuurtoets geadviseerd om nader onderzoek uit te voeren. In voorliggende rapportage zijn de resultaten van het nader onderzoek uiteengezet. Op basis van de resultaten van het nader onderzoek kan de aanwezigheid van de steenuil, steenmarter, bunzing en wezel worden uitgesloten. Voor deze soorten zijn vervolgstappen niet aan de orde. Huismussen en vleermuizen zijn wel aangetroffen tijdens het nader onderzoek. Tevens zijn enkele overige relevante waarnemingen gedaan.
De conclusies met betrekking tot deze soorten worden in paragraaf 6.1 t/m 6.3 uiteengezet.
6.1
Huismus Bij het nader onderzoek zijn dertien nestplaatsen van de huismus vastgesteld. Daarnaast vormt de begroeiing in het plangebied, die de huismus rust- en schuilplaatsen biedt, een essentieel onderdeel van de functionele leefomgeving van de soort. Als gevolg van het planvoornemen wordt de bebouwing en het groen verwijderd. Hierdoor worden verbodsbepalingen uit de Wnb overtreden (artikel 3.1, lid 2). Een ontheffingsaanvraag bij het bevoegd gezag is noodzakelijk om het planvoornemen uit te kunnen voeren. Hiervoor dient een activiteitenplan te worden opgesteld waarin mitigerende en compenserende maatregelen voor de soort zijn opgenomen.
6.2
Vleermuizen In het plangebied is één zomerverblijfplaats en zijn twee paarverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis aanwezig. Als gevolg van het voornemen wordt alle bebouwing (en daarmee de drie verblijfplaatsen) verwijderd. Dit is in overtreding met de verbodsbepalingen uit de Wnb (artikel 3.5, lid 2 en 4). Een ontheffingsaanvraag bij het bevoegd gezag is noodzakelijk om het planvoornemen uit te kunnen voeren. Hiervoor dient een activiteitenplan te worden opgesteld waarin mitigerende en compenserende maatregelen voor de soort zijn opgenomen.
Blad 18 van 20
Nader onderzoek BP Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel Huismus, steenuil, vleermuizen, steenmarter en kleine marterachtigen projectnummer 0479857.100 5 december 2022 revisie 00 Gemeenschappelijke Regeling Heesch West
6.3
Overige waargenomen soorten In het plangebied zijn nestplaatsen van algemene broedvogels aangetroffen. Alle in gebruik zijnde nesten van vogelsoorten in Nederland zijn beschermd onder de Wet natuurbescherming (artikel 3.1). Met de meeste broedvogels kan echter in het algemeen relatief eenvoudig rekening worden gehouden door werkzaamheden niet uit te voeren in de broedtijd (circa maart tot en met juli2) en indien concrete broedgevallen aanwezig zijn. Op deze wijze zijn geen belemmeringen vanuit de Wet Natuurbescherming aan de orde.
2
Voor het broedseizoen wordt in het kader van de wet geen standaardperiode gehanteerd. Het broedseizoen is afhankelijk van klimatologische omstandigheden; dit houdt in dat het seizoen eerder dan wel later van start kan gaan en eerder dan wel later kan eindigen. Van belang is of er broedgevallen aanwezig zijn.
Blad 19 van 20
Nader onderzoek BP Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel Huismus, steenuil, vleermuizen, steenmarter en kleine marterachtigen projectnummer 0479857.100 5 december 2022 revisie 00 Gemeenschappelijke Regeling Heesch West
7
Bronnen BIJ12, 2017a. Kennisdocument Huismus (Passer domesticus). Versie 1.0, juli 2017. BIJ12, 2017b. Kennisdocument Steenuil (Athene Noctua). Versie 1.0, juli 2017. BIJ12, 2017c. Kennisdocument Gewone dwergvleermuis (Pipistrellus pipistrellus). Versie 1.0, juli 2017. Netwerk Groene Bureau’s (NGB), 2021. Vleermuisprotocol 2021. Antea Group, 2022. Natuurtoets Heesch West Van Rijckevorselweg 4. Provincie Noord-Brabant, 2017. Handreiking kleine marters in relatie tot soortbescherming. Overige bronnen: Street Smart
Blad 20 van 20
De informatie die in dit rapport is opgenomen is uitsluitend bestemd voor de geadresseerde(n) en kan persoonlijke of vertrouwelijke informatie bevatten. Gebruik van deze informatie, door anderen dan de geadresseerde(n) en gebruik door hen die niet gerechtigd zijn van deze informatie kennis te nemen, is niet toegestaan. De informatie is uitsluitend bestemd om te worden gebruikt door de geadresseerde, voor het doel waarvoor dit rapport is vervaardigd. Indien u niet de geadresseerde bent of niet gerechtigd bent tot kennisneming, is openbaarmaking, vermenigvuldiging, verspreiding en/of verstrekking van deze informatie aan derden is niet toegestaan, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group en wordt u verzocht de gegevens te verwijderen en direct melding te maken bij security@anteagroup.nl. Derden, zij die niet geadresseerd zijn, kunnen geen rechten aan dit rapport ontlenen, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group.
Over Antea Group Antea Group is het thuis van 1500 trotse ingenieurs en adviseurs. Samen bouwen wij elke dag aan een veilige, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Je vindt bij ons de allerbeste vakspecialisten van Nederland, maar ook innovatieve oplossingen op het gebied van data, sensoring en IT. Hiermee dragen wij bij aan de ontwikkeling van infra, woonwijken of waterwerken. Maar ook aan vraagstukken rondom klimaatadaptatie, energietransitie en de vervangingsopgave. Van onderzoek tot ontwerp, van realisatie tot beheer: voor elke opgave brengen wij de juiste kennis aan tafel. Wij denken kritisch mee en altijd vanuit de mindset om samen voor het beste resultaat te gaan. Op deze manier anticiperen wij op de vragen van vandaag en de oplossingen voor morgen. Al 70 jaar.
Contactgegevens Beneluxweg 125 4904 SJ OOSTERHOUT Postbus 40 4900 AA OOSTERHOUT
www.anteagroup.nl
Copyright © 2022 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.
Stikstofberekening Van Rijckevorselweg 4, Vinkel
projectnummer 0479857 definitief 5 december 2022
Stikstofberekening Van Rijckevorselweg 4, Vinkel
projectnummer 0479857 definitief 5 december 2022
Auteurs W.J. Daggenvoorde
Opdrachtgever Gemeentelijke Regeling Heesch West
Gecontroleerd:
datum 5 december 2022
beschrijving definitief
vrijgave ir. H.A.M. van de Wetering
Inhoudsopgave
Blz.
1
Inleiding
1
1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
Aanleiding Doel stikstofberekening Ligging van het plangebied Het voornemen Leeswijzer
1 1 1 2 2
2
Wettelijk kader
3
3
Uitgangspunten
5
3.1 3.2 3.3
Bedrijvigheid Woning Verkeersbewegingen
5 5 5
4
Resultaten en conclusies
7
4.1 4.2
Resultaten Conclusie
7 7
Bijlage 1: Rekenresultaat
Stikstofberekening Van Rijckevorselweg 4, Vinkel projectnummer 0479857 5 december 2022 Gemeentelijke Regeling Heesch West
1
Inleiding
1.1
Aanleiding De gemeenschappelijke regeling (GR) Heesch West wenst een nieuw bestemmingsplan op te stellen voor een perceel aan de Van Rijckevorselweg 4 te Vinkel, gelegen binnen de gemeente ‘s Hertogenbosch. Op het perceel was tot voor kort een intensieve veehouderij gevestigd. Het bedrijf Gloudemans Transporten Vinkel BV, een transportbedrijf met wasplaats, zal zich op het vrijkomende perceel vestigen. Om het plan te kunnen realiseren is een wijziging van het bestemmingsplan noodzakelijk. Om dit nieuwe bestemmingsplan vast te kunnen stellen is een stikstofberekening nodig. Dit rapport voorziet in deze stikstofberekening.
1.2
Doel stikstofberekening Het doel van deze stikstofberekening is om inzichtelijk te maken of de voorgenomen ontwikkeling aan de Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel negatieve gevolgen door stikstofdepositie kan hebben op Natura 2000-gebieden.
1.3
Ligging van het plangebied De ligging van het plangebied ten opzichte van Natura 2000-gebieden is op onderstaand figuur weergegeven. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek circa 10 kilometer afstand. Op circa 11 kilometer afstand ligt Natura 2000-gebied Rijntakken.
Rijntakken
Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek
Figuur 1.1 De ligging van het plangebied ten opzichte van Natura 2000-gebieden (bron: AERIUS Calculator)
Blad 1 van 8
Stikstofberekening Van Rijckevorselweg 4, Vinkel projectnummer 0479857 5 december 2022 Gemeentelijke Regeling Heesch West
Het plangebied betreft het perceel aan de Van Rijckevorselweg 4 in Vinkel. Dit perceel ligt ten zuiden van de afrit 51 Nuland (Rijksweg A59). De Van Rijckevorselweg is de doorgaande weg tussen de kernen Nuland en Vinkel. Het plangebied grenst aan de noordoostzijde aan de Van Rijckevorselweg, verder wordt het plangebied omsloten door agrarische percelen. De precieze afbakening van het plangebied is hieronder weergegeven.
Figuur 1.2 Afbakening van het plangebied
1.4
Het voornemen Op het perceel was tot voor kort een intensieve veehouderij gevestigd. Het perceel is door de GR aangekocht ten behoeve van stikstofruimte voor het bedrijventerrein Heesch West. De bedrijfsactiviteiten op de locatie worden beëindigd en de bestaande bedrijfsbebouwing zal worden gesloopt. Het bedrijf Gloudemans Transporten Vinkel BV, een transportbedrijf met wasplaats, zal zich op het vrijkomende perceel vestigen. Dit bedrijf is nu gevestigd binnen het plangebied voor het bestemmingsplan Heesch West maar moet hier weg vanwege de nieuwe bedrijvigheid op deze locatie. De activiteit die op het perceel mogelijk wordt gemaakt betreft een oppervlakte van 5.000 m2 met een bedrijfsbestemming die voorziet in “Semi- en niet agrarische bedrijven” met een specifieke aanduiding ‘veetransport’. Het bebouwd oppervlak bedraagt maximaal 1.000 m 2 (inclusief de bestaande bedrijfswoning). Op het perceel zal een bedrijfshal worden gebouwd met daarin een wasplaats voor vrachtwagens en een kantoorruimte. Er zal géén sprake zijn van dieren op de locatie.
1.5
Leeswijzer Dit rapport bestaat uit vier hoofdstukken: • Hoofdstuk 1 beschrijft de aanleiding en de ligging van het plangebied; • Hoofdstuk 2 beschrijft het wettelijk kader ten aanzien van stikstofdepositie; • Hoofdstuk 3 beschrijft de uitgangspunten voor de uitgevoerde stikstofberekening; • Tot slot worden in hoofdstuk 4 de resultaten en de conclusie toegelicht.
Blad 2 van 8
Stikstofberekening Van Rijckevorselweg 4, Vinkel projectnummer 0479857 5 december 2022 Gemeentelijke Regeling Heesch West
2
Wettelijk kader Binnen de Europese Unie zijn de belangrijkste leefgebieden van de meest bedreigde en waardevolle soorten en habitattypen aangewezen als Natura 2000-gebied. Deze Natura 2000gebieden moeten samen een Europees ecologisch netwerk vormen om de achteruitgang van de biodiversiteit te keren. De juridische basis voor dit netwerk zijn de Europese Vogel- en Habitatrichtlijnen, die in Nederland zijn vertaald in de Wet natuurbescherming (Wnb). Per gebied zijn voor de soorten en habitattypen instandhoudingsdoelstellingen bepaald. Dit kunnen behoudsof uitbreidings/verbeteringsdoelstellingen zijn. Het is verplicht om plannen en projecten te beoordelen op de gevolgen voor Natura 2000-gebieden. Voor projecten geldt een vergunningsplicht als het project een significant gevolg kan hebben op een Nederlands Natura 2000-gebied (art. 2.7 lid 2, Wnb). Bij vaststelling van plannen moet het bevoegd gezag rekening houden met de gevolgen van het plan voor Natura 2000-gebieden (art. 2.7 lid 1, Wnb). PAS vernietigd Met het vernietigen van het PAS door de uitspraak van de Raad van State op 29 mei 2019 1 dient voor ieder plan of project te worden beoordeeld of het plan of project significante gevolgen kan hebben op een Natura 2000-gebied.
Mogelijkheden Om vergunningverlening weer op gang te krijgen voor projecten waarbij mogelijk sprake is van (significante) gevolgen op Natura 2000-gebieden hebben het ministerie van LNV en de provincies beleidsregels vastgesteld2. Deze beleidsregels kunnen per provincie verschillen. In die beleidsregels zijn verschillende kaders opgenomen waarbinnen een vergunning te verkrijgen is, zoals voorwaarden voor intern en extern salderen. Daarnaast zijn er meer mogelijkheden om activiteiten mogelijk te maken. Dit zijn onder andere het bijstellen van de invoergegevens, de ecologische voortoets een passende beoordeling en de zogenoemde ADC-toets. Voor plannen of projecten geldt dat in een oriënterende fase onderzocht dient te worden of de ontwikkeling een significant (negatief) gevolg op Natura 2000-gebieden kan hebben. Indien na onderzoek dit op voorhand niet kan worden uitgesloten, dan dient meer gedetailleerd in kaart te worden gebracht wat de effecten van de activiteit kunnen zijn. Deze analyse heet een ‘passende beoordeling’. Wanneer uit deze passende beoordeling alsnog de zekerheid wordt verkregen dat de activiteit geen significant gevolg heeft, staat de Wet natuurbescherming besluitvorming (voor wat betreft gebiedsbescherming) niet in de weg.
1 ECLI:NL:RVS:2019:1603, d.d 29 mei 2019 2 https://www.bij12.nl/onderwerpen/stikstof-en-natura2000/vergunningen-en-toestemmingsbesluiten/provinciale-
beleidsregels-intern-en-extern-salderen/
Blad 3 van 8
Stikstofberekening Van Rijckevorselweg 4, Vinkel projectnummer 0479857 5 december 2022 Gemeentelijke Regeling Heesch West
Figuur 2.1 Stroomschema stikstofdepositie
Blad 4 van 8
Stikstofberekening Van Rijckevorselweg 4, Vinkel projectnummer 0479857 5 december 2022 Gemeentelijke Regeling Heesch West
3
Uitgangspunten Om de stikstofdepositie in de gebruiksfase te berekenen is gebruik gemaakt van AERIUS Calculator (versie 2021). De uitgangspunten van de berekening zijn in dit hoofdstuk toegelicht. Op het perceel was tot voor kort een intensieve veehouderij gevestigd. Dit bedrijf is opgekocht ten behoeve van de ontwikkeling van het bedrijventerrein Heesch West. De emissie die deze activiteit in het verleden heeft veroorzaakt is daarom buiten beschouwing gelaten in deze stikstofberekening.
3.1
Bedrijvigheid Met de voorgenomen ontwikkeling wordt 1.000 m2 bedrijvigheid mogelijk gemaakt. Het betreft een transportbedrijf dat valt onder milieucategorie 3.2. Op basis van een kengetal is berekend dat deze bedrijvigheid leidt tot een jaarlijkse uitstoot van 13,1 kg NOx en 0,5 kg NH3 per jaar.
3.2
Woning De woning binnen het plangebied blijft staan. Daarmee blijft in deze op aardgas aangesloten woning in de toekomstige situatie stikstof uitstoten. Hoewel de emissie van deze woning met het voornemen niet wijzigt, is deze voor de volledigheid wel meegenomen in de berekening. Ten aanzien van de woning is een emissie van 1,4 kg NOx per jaar meegenomen in de berekening. Deze emissie is gebaseerd op het gemiddelde aardgasverbruik van een woning in de gemeente ’s Hertogenbosch. Volgens het CBS3 is dit voor een vrijstaande woning 2.280 m3. Het gasverbruik kan worden omgerekend naar de emissie NOx door middel van een formule (zie hieronder). Omrekening gasverbruik naar emissie NOx Het gasverbruik kan omgerekend worden naar de emissie NOx. Deze omrekening vindt plaats aan de hand van de volgende formule: Totale emissie [NOx] = energie * emissiefactor/1000 Energie [GJ/jaar] = gasverbruik [m3/jaar] * stookwaarde / 1000 Stookwaarde = 31,65 Emissiefactor = 20,0
3.3
Verkeersbewegingen Op basis van de CROW-publicatie 381 ‘Toekomstbestendig parkeren’ is een de verkeersgeneratie berekend. Deze is weergegeven in onderstaand figuur en betreft 87,5 motorvoertuigen per dag.
Figuur 3.1 Verkeersgeneratie voor de toekomstige situatie
3
CBS StatLine. Energieverbruik particuliere woningen; woningtype en regio’s.
Blad 5 van 8
Stikstofberekening Van Rijckevorselweg 4, Vinkel projectnummer 0479857 5 december 2022 Gemeentelijke Regeling Heesch West
Het verkeer wordt ontsloten via de Van Rijckevorselweg richting de A59, waar het opgenomen wordt in het heersend verkeersbeeld. Ten behoeve van deze stikstofberekening is 40% van het verkeer gemodelleerd van/naar de afslag in oostelijke richting en 40% in westelijke richting. Daarnaast is nog 20% van het verkeer in zuidelijke richting gemodelleerd in de richting van Vinkel. De verspreiding van het verkeer is weergegeven op onderstaand figuur. 40% van het verkeer
80% van het verkeer
20% van het verkeer
Figuur 3.2 Verspreiding van het verkeer
De meeste verkeersbewegingen worden veroorzaakt door het verkeer van/naar de woning, wat licht verkeer betreft. Er is uitgegaan van 80% licht verkeer. Omdat het gaat om een veetransportbedrijf is daarnaast uitgegaan van een aanzienlijk aandeel middelzwaar (10%) en zwaar verkeer (10%). In onderstaande tabel zijn deze uitgangspunten toegepast. Het laat zien welke verkeerscijfers zijn gemodelleerd in AERIUS Calculator. % verkeer van totaal 80%
Licht verkeer (80%) 56
Middelzwaar verkeer (10%) 7
Van/naar A59 (oostelijke richting) Van/naar A59 40% 28 4 (westelijke richting) Van/naar Vinkel 20% 14 2 Figuur 3.3 Verdeling naar type verkeer in aantal motorvoertuigen per etmaal
Blad 6 van 8
Zwaar verkeer (10%) 7 4 2
Stikstofberekening Van Rijckevorselweg 4, Vinkel projectnummer 0479857 5 december 2022 Gemeentelijke Regeling Heesch West
4
Resultaten en conclusies
4.1
Resultaten Met behulp van AERIUS Calculator (versie 2021) is berekend of de voorgenomen ontwikkeling in de gebruiksfase leidt tot een toename van stikstofdepositie. Uit deze berekening blijkt dat de voorgenomen ontwikkeling niet leidt tot een toename van stikstofdepositie. Het rekenresultaat is namelijk 0,00 mol/ha/jaar op de omliggende Natura 2000-gebieden. Het rekenresultaat is toegevoegd in bijlage 1. Naar verwachting is de stikstofuitstoot in de realisatiefase kleiner dan die in de gebruiksfase en is daarmee ook in de realisatiefase geen sprake van toename van stikstofdepositie op omliggende Natura2000-gebieden.
4.2
Conclusie Uit deze stikstofberekening blijkt dat het voornemen niet leidt tot een toename van stikstofdepositie ter plaatse van enig Natura 2000-gebied. Significante gevolgen voor de habitattypen in Natura 2000-gebieden ten gevolge van stikstofdepositie zijn daarmee uitgesloten. Het aspect stikstof staat verdere besluitvorming daarom niet in de weg.
Blad 7 van 8
Stikstofberekening Van Rijckevorselweg 4, Vinkel projectnummer 0479857 5 december 2022 Gemeentelijke Regeling Heesch West
Bijlage 1: Rekenresultaat
Blad 8 van 8
De informatie die in dit rapport is opgenomen is uitsluitend bestemd voor de geadresseerde(n) en kan persoonlijke of vertrouwelijke informatie bevatten. Gebruik van deze informatie, door anderen dan de geadresseerde(n) en gebruik door hen die niet gerechtigd zijn van deze informatie kennis te nemen, is niet toegestaan. De informatie is uitsluitend bestemd om te worden gebruikt door de geadresseerde, voor het doel waarvoor dit rapport is vervaardigd. Indien u niet de geadresseerde bent of niet gerechtigd bent tot kennisneming, is openbaarmaking, vermenigvuldiging, verspreiding en/of verstrekking van deze informatie aan derden is niet toegestaan, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group en wordt u verzocht de gegevens te verwijderen en direct melding te maken bij security@anteagroup.nl. Derden, zij die niet geadresseerd zijn, kunnen geen rechten aan dit rapport ontlenen, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group.
Over Antea Group Antea Group is het thuis van 1500 trotse ingenieurs en adviseurs. Samen bouwen wij elke dag aan een veilige, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Je vindt bij ons de allerbeste vakspecialisten van Nederland, maar ook innovatieve oplossingen op het gebied van data, sensoring en IT. Hiermee dragen wij bij aan de ontwikkeling van infra, woonwijken of waterwerken. Maar ook aan vraagstukken rondom klimaatadaptatie, energietransitie en de vervangingsopgave. Van onderzoek tot ontwerp, van realisatie tot beheer: voor elke opgave brengen wij de juiste kennis aan tafel. Wij denken kritisch mee en altijd vanuit de mindset om samen voor het beste resultaat te gaan. Op deze manier anticiperen wij op de vragen van vandaag en de oplossingen voor morgen. Al 70 jaar.
Contactgegevens Beneluxweg 125 4904 SJ OOSTERHOUT Postbus 40 4900 AA OOSTERHOUT
www.anteagroup.nl
Copyright © 2022 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Antea Group Beneluxweg 125, 4904SJ OOSTERHOUT Van Rijckevorselweg 4, Vinkel Van Rijckevorselweg 4, Vinkel
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RiXv8yRJNqSH 07 september 2022, 15:21 Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar 2022
Emissie NH₃ 1,3 kg/j
Emissie NOₓ 34,3 kg/j
Resultaten
Hoogste depositie -
Hexagon
Gebied
Situatie 1 - Beoogd Situatie 1 - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie
RiXv8yRJNqSH (07 september 2022)
2/6
Projectberekening
Situatie 1 (Beoogd), rekenjaar 2022 Emissiebronnen 1 Anders... | Anders... | Bedrijvigheid Verkeersnetwerk
RiXv8yRJNqSH (07 september 2022)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
0,5 kg/j 0,8 kg/j
13,1 kg/j 21,2 kg/j
3/6
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie
De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. RiXv8yRJNqSH (07 september 2022)
4/6
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Situatie 1" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Totaal
RiXv8yRJNqSH (07 september 2022)
Berekend (ha Hoogste totale Met toename Grootste Met afname (ha Grootste gekarteerd) depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol gekarteerd) afname (mol N/ha/jr) N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
-
-
-
5/6