BIJLAGE 2: Wonen voor inwoners met een beperking 2021
Tekst van het document
Wonen voor inwoners met een beperking 2021
Onderzoek & Statistiek 10 mei 2021
Inhoud
Samenvatting en conclusies
4
1.
8
2.
3.
4.
5.
6.
Inleiding 1.1
Aanleiding
8
1.2
Aanpak van het onderzoek
8
1.3
Leeswijzer
9
Achtergrond van de respondenten
10
2.1
Wie hebben de vragenlijst ingevuld?
10
2.2
Welke gezondheidssituatie is van toepassing?
10
2.3
Welke woonsituatie is van toepassing?
11
2.4
Maakt u gebruik van zorg aan huis?
11
Bent u tevreden met uw huidige woning?
13
3.1
Wat vindt u het meest prettig aan uw woning?
13
3.2
Wat mist u of zou er veranderd moeten worden aan uw woning?
14
Bent u tevreden over de wijk waarin u woont?
15
4.1
Wat vindt u het meest prettig aan uw wijk?
15
4.2
Wat zou er veranderd moeten worden aan uw wijk om prettiger te kunnen wonen?
16
Wilt u verhuizen en waarom?
17
5.1
Wilt u verhuizen?
17
5.2
Binnen welke termijn wilt u verhuizen?
18
5.3
Wat is de belangrijkste reden dat u wilt verhuizen?
18
5.4
Waar zou u het liefst wonen?
20
In wat voor woning zou u willen wonen als u gaat verhuizen?
21
6.1
Huren of kopen?
21
6.2
Hoeveel kamers zou uw woning moeten hebben?
21
6.3
Wat voor soort woning zou u zoeken?
22
7.
Heeft u behoefte aan zorg aan huis?
23
8.
Wat zijn belangrijke aspecten van de toekomstige woning?
24
9.
Wat zijn belangrijke aspecten van de toekomstige wijk?
26
10. Volgens respondenten belangrijke aspecten voor inwoners met een beperking om prettig te kunnen wonen
2
28
11. Tips van respondenten over hoe inwoners met een beperking prettig kunnen wonen
29
12. Doofvriendelijk wonen
32
12.1
Is er behoefte aan een doofvriendelijke woonvorm?
32
12.2
Wat voor soort doofvriendelijke woonvorm zou u aantrekkelijk vinden?
32
12.3
Wat mag beslist niet ontbreken in een doofvriendelijke woonvorm?
33
12.4
Wat mag er niet ontbreken in een doofvriendelijke wijk?
33
12.5
Tips van respondenten over hoe doven / slechthorenden prettig kunnen wonen?
33
3
Samenvatting en conclusies De gemeente ’s-Hertogenbosch heeft in nauwe samenwerking met het Gehandicaptenplatform ’s-Hertogenbosch en vanuit het VN-verdrag over de positie van mensen met een handicap, een woonwensenonderzoek uitgevoerd onder inwoners met een beperking. Vragen die in het woonwensenonderzoek centraal staan zijn: Zijn inwoners met een beperking tevreden met hun woning en de wijk waarin zij wonen? Denken zij er wel eens over na om te gaan verhuizen? Hoe zouden zij dan willen wonen? De resultaten van het onderzoek kunnen worden gebruikt om bij plannen voor nieuwbouwwoningen en bij renovatie van bestaande woningen nog beter aan te sluiten op de wensen van inwoners met een beperking. Tussen medio november 2020 en eind januari 2021 konden inwoners met een beperking schriftelijk of digitaal een vragenlijst invullen. In totaal hebben 179 mensen dit gedaan. Aan doven en slechthorenden is er een aantal specifieke vragen over doofvriendelijke woonvormen gesteld. Deze vragen zijn door 29 mensen ingevuld. Aan ongeveer 80 respondenten die in de vragenlijst aangegeven hadden dieper te willen ingaan op hun woonwensen zijn enkele aanvullende vragen gesteld per mail of telefonisch. 31 respondenten hebben hieraan hun medewerking aan verleend. Het is niet bekend waar inwoners met een beperking wonen (buiten zorginstellingen).
Bovendien verschillen de specifieke behoeften al naar gelang de beperking. Resultaten van dit onderzoek zullen daarom vooral als indicatief moeten worden beschouwd. Om zoveel mogelijk inwoners met een beperking te bereiken die niet in een zorginstelling wonen, is het onderzoek onder meer aangekondigd in de Bossche Omroep, op websites van corporaties, GHP en Platform Klink. Aanpassingen, toegankelijkheid, zelfstandigheid en buitenruimte stemmen tot tevredenheid Respondenten die tevreden zijn met de huidige woning zijn dit doorgaans omdat zij in een aangepaste woning wonen. De woning is bijvoorbeeld rolstoeltoegankelijk gemaakt met aangepaste deuren, heeft een lift, een aangepaste keuken en/of badkamer. Vaak is de woning door de bewoners zelf verbouwd en naar eigen smaak ingericht. Een gelijkvloerse woning, ruimte, licht en uitzicht dragen eveneens bij aan de tevredenheid. Ook zelfstandig wonen en de aanwezigheid van buitenruimte in de vorm van een tuin of balkon wordt sterk gewaardeerd. Wat zou er veranderd moeten worden aan de huidige woning om prettiger te wonen? Om prettiger te kunnen wonen, hebben respondenten vooral aangegeven dat hun woning aangepast moet worden. Het gaat dan met name om sanitaire voorzieningen of de aanpassing van de keuken.
Verder noemt men het installeren van een (trap)lift, het drempelvrij maken van de woning of het plaatsen van andere deuren, schuifdeuren, of deuren die automatisch open gaan. Een andere indeling van de woning, bijvoorbeeld met een (slaap)kamer en badkamer beneden is ook iets wat de woning prettiger maakt om in te wonen. Daarnaast wordt ook aangegeven dat de woning beter geïsoleerd zou moeten worden, het is er te koud, te vochtig of te gehorig. Onderhoud van de woning en ook binnenruimten en publieke ruimten in het complex zou her en der ook beter mogen. Uiteenlopende redenen waarom aanpassingen (nog) niet zijn uitgevoerd Redenen waarom gewenste aanpassingen in de woning (nog) niet zijn uitgevoerd zijn divers. Soms zijn aanpassingen (bouw)technisch niet mogelijk, soms zijn verhuurders niet bereid om aanpassingen te doen, mag de huurder zelf geen aanpassingen (laten) uitvoeren, zijn deze te kostbaar of gaan er lange procedures aan vooraf. Andere redenen zijn, dat men toch al van plan is te verhuizen of dat men het nog zo lang mogelijk zonder aanpassingen wil uithouden.
4
Tevredenheid met huidige wijk vooral door: rust, groen, voorzieningen en contacten Respondenten die tevreden zijn met de wijk waarin zij wonen, geven vooral aan dat dit komt door de rust in de wijk. Ook groen, de nabijheid van voorzieningen, zoals een supermarkt, huisarts en apotheek, een centrale ligging en goede bereikbaarheid (nabij openbaar vervoer of uitvalswegen) worden gewaardeerd. Een schone, ruim opgezette wijk en sociale contacten zorgen ook voor tevredenheid met het wonen in de wijk. Wat zou er veranderd moeten worden aan de wijk om er prettiger te wonen? Op de vraag wat men graag veranderd wil zien in de wijk om er prettiger te kunnen wonen, wordt vaak de verkeersveiligheid genoemd. Respondenten geven bijvoorbeeld aan dat het gevaarlijk is om als voetganger over te steken, dat de straten te smal zijn en dat auto’s te hard rijden. Verder wordt aandacht gevraagd voor goed onderhoud van de straten en toegankelijkheid van trottoirs voor rolstoelen, rollators en scootmobielen; trottoirs zijn vaak te smal, tegels zitten los en de op en afritten zijn te steil. De aanpak van afval naast containers en geluidsoverlast in de buurt, van buren en/of rondhangende jongeren zou de woontevredenheid vergroten. En bij sommigen bestaat de wens voor meer mogelijkheden voor sociale contacten.
Respondenten die (mogelijk) willen verhuizen willen dat graag zo snel mogelijk In vergelijking met het algemene woonwensenonderzoek dat in 2019 gehouden is, is de verhuisgeneigdheid van inwoners met een beperking relatief groot en in samenhang hiermee hun tevredenheid met de woning en woonomgeving relatief laag. Dit beeld moet echter enigszins genuanceerd worden omdat we niet weten hoe groot de totale populatie inwoners met een beperking is. Mogelijk zijn in het woonwensenonderzoek onder inwoners met een beperking relatief veel respondenten met een verhuiswens. Uit het aanvullende onderzoek is namelijk gebleken dat men soms al een woning gevonden had. Van de respondenten die (mogelijk) willen verhuizen, wil meer dan de helft dit zo spoedig mogelijk doen. De belangrijkste redenen die worden genoemd hangen samen met de woning. Ook gezondheidsredenen, het dichter bij familie willen wonen en persoonlijke omstandigheden spelen een rol. Heeft verhuiswens vooral te maken met de beperking van de respondent? Uit het aanvullende onderzoek is naar voren gekomen dat bij ongeveer de helft van de respondenten de verhuiswens vooral te maken heeft met de beperking. In overige gevallen spelen andere motieven een even belangrijke of belangrijkere rol, zoals verstandhouding met buren, sloop van de woning, de wens om dichter bij familie te wonen.
Niet alle respondenten zijn even actief op zoek naar een andere woning of al even lang bezig met hun zoektocht. Problemen die men tegenkomt zijn het beperkte aanbod geschikte, aangepaste woningen, een mismatch tussen wens en kenmerken van het aanbod en dat het inkomen soms te hoog is voor een sociale huurwoning maar te laag om een woning te kopen. Belangrijke aspecten van de toekomstige woning: huren, ruimte, gelijkvloers, buitenruimte Verreweg de meeste respondenten met een verhuiswens, zoeken een huurwoning (85%). Alleen door een aantal respondenten met een auditieve beperking is expliciet de wens voor een koopwoning geuit. De wensen van deze doelgroep komen, net als hun huidige woonsituatie, ook het meest overeen met de algemene woonwensen uit het woonwensenonderzoek van 2019. Verder bestaat onder de respondenten met een verhuiswens voorkeur voor een appartement (35%) of een rij- of hoekwoning (28%). Het aantal kamers in de woning vindt men heel belangrijk. Dit zijn er bij voorkeur minimaal drie (49%). Er is behoefte aan grotere kamers of een extra kamer. Vaak wil men wat meer ruimte voor meer bewegingsvrijheid. En ruimte voor opslag, het stallen van een fiets of scootmobiel. Dat de woning aangepast is aan de situatie, zoals rolstoelvriendelijk, met schuifdeuren of automatische deuren of met een lift, vindt men ook belangrijk. Geen drempels, alles
5
gelijkvloers. Een woning waar je lang in kunt blijven wonen. De woning moet wel goed geïsoleerd zijn, goed onderhouden zijn, wat comfort bieden. Ook een lichte woning en een eigen buitenruimte staan hoog op het lijstje. Zelfstandigheid is ook heel belangrijk, alles voor jezelf, niet hoeven te delen, zelfredzaamheid en privacy. Eén op de drie respondenten met een verhuiswens heeft geen behoefte aan zorg aan huis Niet iedereen heeft behoefte aan zorg aan huis, zoals begeleiding vanuit een organisatie, zorg of afroep met behulp van een alarmeringssysteem of vanuit de WLZ, 24-uurs zorg vanuit de WLZ of zorg vanuit de Wmo). Eén op de drie respondenten met een verhuiswens geeft aan (nog) geen behoefte te hebben aan zorg aan huis. 7% zegt een woning te zoeken met minder zorg dan zij nu hebben. Ruim 13% geeft aan juist een woning te zoeken met meer zorg aan huis dan nu voorhanden is. 28% zoekt een woning met evenveel zorg als nu. Belangrijke aspecten van de toekomstige wijk: winkels, huisarts, sociale contacten, rust Verreweg de belangrijkste aspecten van de toekomstige wijk zijn voor respondenten met een verhuiswens de aanwezigheid van een supermarkt en/of winkelcentrum, medische voorzieningen (huisarts, apotheek, gezondheidscentrum) en nabijheid van sociale contacten. Niet ver daarna volgen rust en een groene omgeving.
Belangstelling voor doofvriendelijke woonvormen 55% van de respondenten die de vragenlijst voor doven en slechthorenden hebben ingevuld, heeft behoefte aan een doofvriendelijke woonvorm. En nog eens 24% heeft er mogelijk interesse in. Het meest favoriet als woonvorm is een verzorgingshuis en aanleunwoningen bij elkaar, zoals de Gelderhorst in Ede. Maar ook ‘zelfstandig wonen waarbij gebarentaal de voertaal is’ vindt men aantrekkelijk. Als belangrijk voor een doofvriendelijke woonomgeving zijn onder andere genoemd: (visuele)communicatiemiddelen, aandacht voor gebarentaal en liplees-taal, een wek- en waarschuwingssysteem, goede domotica, en dat het er licht is. Gevraagd wordt om begrip voor doven en slechthorenden Luister naar de wensen van de bewoners Er wordt door respondenten een dringend beroep gedaan om niet alleen aanpasbaar en levensloopbestendig bouwen als uitganspunt te nemen, maar om ook te luisteren naar de wensen van inwoners met een beperking. Kijk naar de persoonlijke wensen van de bewoners, kijk naar het individu, betrek de betrokkenen meer bij plannen ook in de ontwerpfase, neem ze serieus.
“Zorg ervoor dat zij kunnen wonen waar ze willen en met wie ze willen.” Participatie en meedenken anders insteken Uit de gemaakte opmerkingen van respondenten blijkt dat zij heel graag mee willen denken, maar dat het soms lastig is om naar een bijeenkomst te komen vanwege de beperking ‘an sich’ maar ook omdat veel mensen bij elkaar soms zorgt voor te veel prikkels waar men dan nog dagenlang last van heeft. Dit betekent dat participatie van inwoners met een beperking, afhankelijk van de doelgroep, mogelijk anders moet worden ingestoken dan bij inwoners zonder beperking. Denk bijvoorbeeld aan kleinere groepen, aanwezigheid van een doventolk, toegankelijkheid van de ruimte enzovoort. Verschillende beperkingen vragen om verschillende benaderingen Meer maatwerk en flexibiliteit is een aandachtspunt. Verschillende beperkingen vragen om verschillende aanpassingen en benaderingswijzen. Kijk ook naar welke (verplichte) zorg waar wordt aangeboden en of dat wenselijk is, en of woonomstandigheden passend zijn voor de doelgroep. En bekijk of er urgentiemogelijkheden zijn voor bepaalde omstandigheden.
6
Integreren in de gewone bouw Als tip geven respondenten de gemeente mee om aangepaste woningen zoveel mogelijk te integreren in de ‘gewone bouw’ zodat inwoners met een beperking “volwaardig mens kunnen zijn en niet als gehandicapte bestempeld worden.” Uiteraard is dit ook afhankelijk van de aard van de beperking en persoonlijke omstandigheden en zal het niet voor iedereen de meest ideale oplossing zijn. Overige aandachtpunten zijn: • Goede communicatie en begrip voor inwoners met een beperking • Een centraal punt waar inwoners met een beperking terecht kunnen met vragen • Bekijk of procedures eenvoudiger, sneller en transparanter kunnen • Een lijst met woningen en aangebrachte aanpassingen, zodat sneller en efficiënter een match tussen vraag en aanbod gemaakt kan worden .
7
1.
Inleiding
1.1
Aanleiding
In de raadsvergadering van 12 november 2019 is een motie ingediend waarin het college is verzocht om, samen met het Gehandicaptenplatform ’s-Hertogenbosch en in de lijn met het VN-verdrag over de positie van mensen met een handicap, te onderzoeken wat de woonwensen zijn van inwoners met een beperking. In 2019 is onder de inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch een uitgebreid woonwensenonderzoek gehouden. Hierin is uitgebreid aandacht geweest voor wonen en zorg onder senioren, maar geen specifieke aandacht besteed aan de woonwensen van inwoners met een beperking. Ook in landelijk woonwensenonderzoek wordt daar geen aandacht aan besteed. Om uitvoering aan de motie te geven, is contact gezocht met het Gehandicaptenplatform ’s-Hertogenbosch (GHP) om na te gaan hoe het beste uitvoering kan worden gegeven aan een woonwensenonderzoek onder inwoners met een beperking. Het lastige aan een dergelijk onderzoek is dat niet precies bekend is waar inwoners met een beperking wonen (buiten zorginstellingen) en bovendien de specifieke behoeften verschillen al naar gelang de aard van de beperking. Resultaten zullen daarom vooral als indicatief moeten worden gezien. Doel van een woonwensenonderzoek onder inwoners met een beperking is om beter te begrijpen waar deze groep behoefte aan heeft.
De resultaten van het onderzoek kunnen worden gebruikt om bij plannen voor nieuwbouwwoningen en bij renovatie van bestaande woningen nog beter aan te sluiten op de wensen van inwoners met een beperking. Vragen die in het woonwensenonderzoek centraal staan zijn: Zijn inwoners met een beperking tevreden met hun woning en de wijk waarin zij wonen? Denken zij er wel eens over na om te gaan verhuizen? Hoe zouden zij dan willen wonen?
1.2
Aanpak van het onderzoek
De vragenlijst voor dit onderzoek is in nauwe samenwerking met het GHP opgesteld en omvat zowel gesloten als open vragen zodat respondenten voldoende ruimte hebben om hun eigen wensen en ideeën aan te geven. Op verzoek van het GHP is er ook een aanvullende vragenlijst voor doven/slechthorenden gemaakt. Voorafgaand aan het onderzoek heeft het GHP contact opgenomen met diverse zorginstellingen om het onderzoek aan te kondigen en hen te vragen de vragenlijst te verspreiden onder hun cliënten c.q. deze met hen in te vullen. Vanaf medio november 2020 zijn door het GHP circa 100 schriftelijke vragenlijsten met begeleidende brief verspreid. Ook kon de vragenlijst digitaal worden ingevuld. Om zoveel mogelijk inwoners met een beperking te bereiken die niet in een zorginstelling wonen, is het onderzoek ook aangekondigd in de Bossche Omroep, op de websites van woningcorporaties, van het GHP en Platform Klink. Tot en met eind januari 2021 konden de vragenlijsten worden ingevuld. In totaal hebben 179 mensen de algemene vragenlijst ingevuld en 29 mensen de aanvullende vragenlijst voor doven/slechthorenden. Aan het einde van de vragenlijst is gevraagd of men interesse had om in een kleine groep in een gesprek dieper in te gaan op hun woonwensen. 81 respondenten hebben hiervoor hun email-adres of telefoonnummer achtergelaten.
Vanwege de huidige omstandigheden was het helaas niet mogelijk om fysiek bij elkaar te komen. Daarom zijn de
8
belangstellenden persoonlijk benaderd per email of telefonisch met een aantal aanvullende vragen. 31 respondenten hebben deze vragen beantwoord. Een aantal respondenten gaf aan niet mee te doen vanwege persoonlijke omstandigheden of omdat zij inmiddels een andere woning hadden gevonden.
Bron: Bossche Omroep 18-11-2020
1.3
Leeswijzer
In deze rapportage zijn de resultaten van de vragenlijst per vraag uitgewerkt. Dit geeft een algemene indruk van hoe inwoners met een beperking hun woning en woonomgeving ervaren. Al naar gelang de beperking verschillen de specifieke behoeften c.q. wensen. Voor de integrale antwoorden per beperking verwijzen wij naar de bijlage bij dit rapport. Bij de grafieken in dit rapport is aangegeven door hoeveel respondenten de vraag is ingevuld. (N=betekent het aantal personen dat de vraag heeft ingevuld). Waar onderscheid is gemaakt in de aard van de beperking van de respondent, dient opgemerkt te worden dat het in absolute zin soms om hele kleine aantallen gaat. In de tabellen is telkens aangegeven om hoeveel respondenten het per beperking gaat. In hoofdstuk 12 is de extra vragenlijst voor doven en slechthorenden uitgewerkt.
9
2.
Achtergrond van de respondenten
2.1
Wie hebben de vragenlijst ingevuld? • • • • • • •
2.2
De algemene vragenlijst is door 179 respondenten ingevuld 63% van de respondenten zegt in ’s-Hertogenbosch te wonen en 18% heeft er gewoond, maar woont er nu niet meer Respondenten van buiten ’s-Hertogenbosch komen vooral uit Boxtel, Oss, Vlijmen, en SintMichielsgestel 70% van de respondenten woont in een huurwoning 37% van de respondenten woont in een appartement 38% van de respondenten zegt alleen te wonen en 32% met een partner/echtgeno(o)t(e) De leeftijden van de respondenten loopt uiteen van 16 tot en met 89 jaar
Welke gezondheidssituatie is van toepassing?
Op de vraag welke gezondheidssituatie van toepassing is, konden de respondenten meerdere antwoorden aanvinken. Vooraf zijn de volgende categorieën gedefinieerd: slechtziend/blind, slechthorend/doof, verstandelijke beperking, fysieke beperking en anders, namelijk. De categorie anders, namelijk was aanvankelijk relatief groot. Omdat respondenten relatief hier vaak psychische problemen, Autisme of ADHD hadden ingevuld, is besloten om hier aparte c.q. extra categorieën van te maken. Hierdoor is de categorie ‘anders’ kleiner geworden. Hiertoe behoren onder andere respondenten die aangeven mantelzorger te zijn of een niet aangeboren hersenletsel (NAH) te hebben. Meer dan de helft van de respondenten (52%) geeft aan een fysieke beperking te hebben. Er zijn 21 respondenten (12%) die meerdere beperkingen hebben aangevinkt. Welke situatie is op u van toepassing? (meer antwoorden mogelijk) (N=177) Ja %
Totaal
Ik ben slechtziend of blind
4%
8
Ik ben slechthorend of doof
16%
29
Ik heb een verstandelijke beperking
20%
36
Ik heb een fysieke beperking
52%
93
Psychische problemen
7%
12
Autisme of ADHD
7%
13
Anders
5%
9
Bij mensen met een beperking denkt men vaak aan ouderen die allerlei klachten krijgen en slecht ter been raken, maar ook jongeren behoren tot deze groep. In onderstaande tabel is te zien dat 22% van de respondenten met een fysieke beperking jonger dan 40 jaar is.
10
Welke situatie is op u van toepassing? (meer antwoorden mogelijk) naar leeftijdscategorie 16-29
20-29
30-39
40-49
50-59
60-69
70-79
80-89
jaar
jaar
jaar
jaar
jaar
jaar
jaar
jaar
Ik ben slechtziend of blind
13%
38%
13%
25%
Ik ben slechthorend of doof
3%
31%
24%
31%
19%
28%
19%
11%
11%
9%
13%
14%
26%
20%
25%
42%
23%
46%
Verstandelijke beperking
8%
Fysieke beperking Psychische problemen
8%
Autisme of, ADHD Anders
Totaal 8
3% 14%
7%
29
3%
36
4%
93
25%
12
31%
25%
13 38%
25%
13%
41
23
15
8
Totaal respondenten in leeftijdsgroep
2.3
4
21
41
28
4
Welke woonsituatie is van toepassing?
De meeste respondenten wonen op dit moment in een appartement (37%) of in een rij- of hoekwoning (28%). Ook wonen zij vooral in huurwoningen (70%). Respondenten die doof/slechthorend zijn wonen relatief vaak in een vrijstaande of twee-onder-één kap woning en in een koopwoning vergeleken met respondenten met andere beperkingen. Huidige woonsituatie (naar beperking) Blind
Doof
Verstandelijk
Fysiek
Psychisch
Autisme
Anders
Totaal
of ADHD Appartement/flat
63%
Rij-/hoekwoning Vrijstaand/ 2-1kap
24%
31%
42%
25%
38%
22%
37%
28%
31%
29%
33%
23%
56%
28%
31%
3%
6%
8%
Woongroep
25%
3%
22%
10%
8%
8%
Anders
13%
14%
14%
13%
25%
31%
11%
16%
Huurwoning
75%
45%
78%
74%
83%
69%
78%
70%
Koopwoning
13%
52%
3%
15%
17%
15%
22%
20%
Anders
13%
3%
19%
11%
8
29
36
93
Totaal respondenten
2.4
11%
15% 12
13
9% 10%
10% 9
Maakt u gebruik van zorg aan huis?
Aan de respondenten is gevraagd of ze gebruik maken van zorg aan huis. Daarbij moet gedacht worden aan begeleiding vanuit een organisatie, zorg of afroep met behulp van een alarmeringssysteem of vanuit de Wet Langdurige Zorg (WLZ), 24-uurs zorg vanuit de WLZ of zorg vanuit de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo). Zo’n 44% van de respondenten zegt geen gebruik te maken van zorg aan huis. 20% zegt zorg te krijgen vanuit de Wmo en 10% krijgt begeleiding vanuit een organisatie. Vanuit de WLZ krijgt 9% van de respondenten 24-uurs zorg en 4% zorg op afroep.
11
179
Maakt u gebruik van zorg aan huis? (N=178) Nee, ik maak geen gebruik van zorg aan huis
44%
Ja, ik krijg zorg vanuit de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo)
20%
Ja, ik krijg begeleiding vanuit een organisatie
10%
Ja, ik krijg 24-uurs zorg vanuit de Wet Langdurige Zorg
9%
Ja, ik gebruik zorg op afroep vanuit Wet Langdurige Zorg (WLZ) Ja, ik gebruik zorg op afroep met behulp van een alarmsysteem
4% 1%
Anders, namelijk
11% 0%
10%
20%
30%
40%
50%
De categorie ‘Anders, namelijk…’ werd vooral gebruikt door respondenten om aan te geven dat ze met meerdere instanties te maken hebben. Ook werd deze optie gebruikt om aan te geven dat een partner of familielid mantelzorg verleent. Respondenten die doof/slechthorend zijn maken het minst gebruik van zorg aan huis. Als zij zorg ontvangen is dat vooral vanuit de Wmo. Respondenten met een verstandelijke of psychische beperking maken het meest gebruik van zorg aan huis. Respondenten met een psychische beperking geven vaker aan (60%) zorg vanuit de Wmo te ontvangen dan respondenten met een verstandelijke beperking (23%). Maakt u gebruik van zorg aan huis? (naar beperking) Blind
Doof
Verstandelijk
Fysiek
Psychisch
Autisme
Anders
of ADHD Nee, geen zorg aan huis
25%
72%
17%
45%
17%
23%
50%
Ontvangt zorg aan huis
75%
18%
83%
55%
83%
77%
50%
40%
50%
60%
50%
30%
20%
26%
waarvan: • •
vanuit Wmo begeleiding vanuit een organisatie
17%
78%
23%
33%
17%
27%
5%
• •
24-uurs zorg WLZ op afroep vanuit WLZ op afroep met alarmsysteem
33%
17%
27%
16%
10%
7%
Anders
17%
39%
13%
27%
20%
20%
8
29
36
93
12
13
• • Totaal
26%
4%
12
8
3.
Bent u tevreden met uw huidige woning?
Ruim 40% van de respondenten is (zeer)tevreden met de huidige woning. Ruim 20% geeft aan (zeer) ontevreden te zijn. De overige respondenten zijn niet tevreden/niet ontevreden of hebben geen mening over de huidige woning. Als we dit vergelijken met de resultaten van het woonwensenonderzoek dat in 2019 is gehouden onder alle inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch, lijkt het alsof inwoners met een beperking minder tevreden zijn over hun woning. Uit het algemene woonwensenonderzoek kwam naar voren dat bijna 80% van de inwoners tevreden is over hun woning, 8% zeer ontevreden is, 13% niet tevreden/niet ontevreden is en 1% geen mening heeft. De lagere tevredenheid van inwoners met een beperking zou te maken kunnen hebben met het feit dat onder de respondenten ook de verhuiswens relatief hoog is (zie verderop). Hoe tevreden bent u met uw huidige woning? (N=179) (Zeer) tevreden
41%
Niet tevreden / Niet ontevreden
27%
(Zeer) ontevreden
21%
Weet ik niet / geen mening
11% 0%
10%
20%
30%
40%
50%
Respondenten die doof/slechthorend zijn, zijn het meest tevreden over hun woning. Respondenten met een psychische beperking en respondenten met autisme/ADHD zijn het minst tevreden over hun woning. Hoe tevreden bent u met uw huidige woning? (naar beperking) Blind
Doof
Verstandelijk
Fysiek
Psychisch
Autisme
Anders
of ADHD (Zeer) tevreden
50%
Niet tevreden/niet
76%
31%
40%
10%
22%
33%
23%
44%
33%
15%
44% 11%
ontevreden (zeer) ontevreden
25%
7%
28%
20%
58%
46%
Weet niet / geen mening
25%
7%
19%
7%
8%
15%
8
29
36
93
12
13
Totaal
3.1
9
Wat vindt u het meest prettig aan uw woning?
Aan de respondenten is gevraagd wat ze het meest prettig vinden aan de woning. Zij konden hier maximaal 3 aspecten noemen. 140 respondenten hebben deze vraag beantwoord. Respondenten geven aan dat ze blij zijn dat hun woning is aangepast. De woning is rolstoeltoegankelijk gemaakt met aangepaste deuren, een aangepaste keuken, badkamer en/of verhoogd toilet. De respondenten hebben de woning vaak zelf verbouwd en naar eigen smaak ingericht. Licht en ruimte in de woning wordt ook gewaardeerd. Daarbij gaat het, behalve om grote ramen en goede lichtinval, ook om veel bewegingsruimte, ruime kamers, ruime badkamer, ruimte voor een scootmobiel en ruimte in de tuin. Het uitzicht vanuit de woning wordt ook genoemd als pluspunt.
13
Een goede toegankelijkheid van de woning wordt ook zeer gewaardeerd. In dit kader wordt gewezen op de aanwezigheid van een lift en dat de woning gelijkvloers is. De slaap- en badkamer zijn beneden of de woning is op de begane grond. Er zijn geen drempels. “Ik ben tevreden over mijn appartement, ik zou er nu niks aan willen veranderen.” Zelfstandig wonen wordt ook erg gewaardeerd, alles voor jezelf hebben, privacy. “Zelfstandig, onafhankelijk en vrijheid.” Het hebben van buitenruimte in de vorm van een tuin of balkon vindt men ook prettig aan de woning waarin men woont.
3.2
Wat mist u of zou er veranderd moeten worden aan uw woning?
De vraag wat er wordt gemist of wat er veranderd zou moeten worden aan de huidige woning zodat deze beter aansluit bij de wensen is beantwoord door 124 respondenten. Respondenten geven onder andere aan dat de woning aangepast zou moeten worden, met name de sanitaire voorzieningen. Daarbij gaat het om een grotere, toegankelijkere badkamer, beugels bij de douche, een toegankelijkere, hoger of extra toilet. Ook een aanpassing van de keuken wordt genoemd. Daarnaast worden het installeren van een lift of het drempelvrij maken van de woning genoemd en wil men graag andere, bredere deuren, schuifdeuren of deuren die automatisch open gaan. Een andere indeling van de woning, bijvoorbeeld een slaapkamer en badkamer beneden maken wordt ook genoemd. Of meer en grotere kamers, meer opbergruimte en ruimte om een fiets of scootmobiel te stallen. Betere isolatie van de woning zou deze ook prettiger maken om in te wonen. Het is er te koud, te vochtig of te gehorig. De woning zou beter onderhouden moeten worden; deze is vaak verouderd. Dat geldt soms ook voor binnenruimten en publieke ruimten in het complex. Sommigen vinden hun huidige woning te klein, maar anderen vinden deze te groot. (meer) Privé ruimte om naar buiten te kunnen wordt ook gemist.
Waarom zijn de gewenste aanpassing (nog) niet uitgevoerd? In de verdiepende vragen is nader ingegaan op de eventuele wens van de respondenten om de woning aan te passen en redenen waarom dit nog niet is gebeurd. Redenen die door de respondenten worden genoemd zijn zeer divers: Aanpassingen zijn (bouw)technisch niet mogelijk, de verhuurder is niet bereid om aanpassingen te doen, men heeft er zelf het geld niet voor of mag de woning niet zelf aanpassen van de verhuurder, geplande aanpassingen in de ontwerpfase bij een nieuwbouwproject die uiteindelijk niet zijn meegenomen in de uitvoering, men wil zo lang mogelijk zonder aanpassingen doorgaan, de aanvraag van aanpassingen via Wmo is afgewezen of verloopt traag, er zijn verhuisplanen of de woning wordt gesloopt.
14
4.
Bent u tevreden over de wijk waarin u woont?
Aan de respondenten is gevraagd hoe tevreden men is met de wijk waarin men nu woont. Meer dan de helft van de respondenten is daar (zeer) tevreden over, terwijl 12% aangeeft hier (zeer) ontevreden over te zijn. De tevredenheid van inwoners met een beperking met hun wijk lijkt, net als de tevredenheid met de woning, lager te liggen dan in het algemene woonwensenonderzoek van 2019. Volgens dat onderzoek is 79% van de inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch (zeer) tevreden over hun woonomgeving, 7% is (zeer) ontevreden, 14% is niet tevreden/niet ontevreden en 1% heeft geen mening. De lagere tevredenheid van inwoners met een beperking zou, zoals eerder vermeld, te maken kunnen hebben met het feit dat onder de respondenten ook de verhuiswens relatief hoog is (zie verderop). Hoe tevreden bent u met de wijk waarin u woont? (N=177) (Zeer) tevreden
52%
Niet tevreden / niet ontevreden
30%
(Zeer) ontevreden
12%
Weet ik niet / geen mening
6% 0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
Vooral doven/slechthorenden zijn (zeer) tevreden met de wijk waarin zij wonen. Ontevredenheid komt wat vaker voor bij mensen met een autistisch spectrum. Hoe tevreden bent u met de wijk waarin u woont? (naar beperking) Blind
Doof
Verstandelijk
Fysiek
Psychisch
Autisme
Anders
of ADHD (Zeer) tevreden
57%
79%
44%
53%
50%
8%
25%
Niet tevreden/niet
43%
14%
28%
28%
33%
62%
50%
3%
17%
14%
17%
23%
25%
3%
11%
5%
29
36
93
ontevreden (Zeer) ontevreden Weet niet / geen mening Totaal
4.1
8
8% 12
13
8
Wat vindt u het meest prettig aan uw wijk?
Gevraagd is of de respondenten konden aangeven wat zij het meest prettig vinden aan hun wijk. Op deze vraag hebben 144 respondenten een antwoord op gegeven. Rust wordt het meest genoemd. Men vindt het fijn als het rustig is in de wijk of buurt waarin men woont. Ook groen in de wijk wordt gewaardeerd, evenals het dichtbij de natuur wonen, vlakbij een parkje of het groen in de straat. Een ruim opgezette, veilige en schone wijk draag ook bij aan het woongenot. Een centrale ligging van de woning, nabij het centrum genoemd als pluspunt van de wijk waarin men woont. Samenhangend hiermee vindt men wonen nabij voorzieningen erg prettig. De meest
15
genoemde voorzieningen zijn winkels. Men vindt het belangrijk om zelf boodschappen te kunnen doen en daarvoor niet afhankelijk te zijn van anderen. Daarnaast wordt ook de nabijheid van een huisarts of apotheek genoemd. Jongere respondenten waarderen de nabijheid van een school of speeltuin of hun werk. Een goede bereikbaarheid van de wijk per openbaar vervoer of auto c.q. het wonen vlakbij uitvalswegen worden ook genoemd als prettige aspecten van de wijk waarin men woont. Ook de mensen die in de buurt wonen, sociale contacten en de saamhorigheid dragen bij aan het prettig wonen in een wijk.
4.2
Wat zou er veranderd moeten worden aan uw wijk om prettiger te kunnen wonen?
Op de vraag: ‘Wat mist u of zou er veranderd moeten worden aan uw wijk zodat deze beter aansluit bij uw wensen?’ hebben 102 respondenten één of meerdere antwoorden gegeven. Verkeersveiligheid is een aspect dat veelvuldig wordt genoemd. Het is vaak gevaarlijk om als voetganger over te steken, straten zijn te smal en auto’s rijden te hard. Ook de toegankelijkheid van de straten en stoepen is een aandachtspunt. Straten zijn volgens de respondenten niet overal goed onderhouden, trottoirs moeten aangepast worden voor rolstoelen, rollators en scootmobielen. Ze zijn vaak te smal, de tegels zitten los en de op- en afritten zijn te steil. “Ga zelf maar eens in een rolstoel zitten, dan kom je erachter hoe weinig toegankelijk sommige stoepen zijn.” Tweejaarlijks wordt een algemeen inwonersonderzoek gehouden waarin onder andere wordt ingegaan op het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. De meest recente meting vond plaats in het najaar van 2019. Daarin zijn voor het eerst vragen gesteld over de toegankelijkheid van de openbare ruimte. “Is uw buurt toegankelijk voor iedereen? Dus ook voor mensen met een beperking of een kinderwagen? Als het gaat om trottoirs/stoepen geeft 81% van de inwoners aan dat deze (goed of redelijk) toegankelijk zijn.
Inwoners uit de wijken Binnenstad, Rosmalen Zuid, Nuland en Vinkel zijn echter significant minder tevreden dan gemiddeld in de gemeente over de toegankelijkheid van trottoirs/stoepen. Wat betreft oversteekplaatsen vindt in de gemeente als geheel 77% van de inwoners dat deze (goed of redelijk) toegankelijk zijn voor iedereen. In de wijken Binnenstad en Vinkel zijn inwoners significant minder tevreden. Over de toegankelijkheid van wandelpaden is men in de wijken Noord en Maaspoort significant meer tevreden dan gemiddeld en in de wijken Binnenstad, Nuland en Vinkel significant minder tevreden dan gemiddeld.
Het aanpakken van overlast de wijk is ook een aandachtspunt. De overlast die wordt ervaren betreft vaak geluidsoverlast in de buurt of van de buren. Men heeft ook last van ‘gehang op straat’, vaak van jongeren, en gerelateerd aan drugshandel/gebruik. Verder is men bang voor leegstand en verpaupering. Ook het afval wat op straat ligt of naast de containers draagt hieraan bij. Gevraagd wordt om meer toezicht en handhaving. Soms worden sociale contacten met bewoners in de buurt gemist, of bijvoorbeeld een ontmoetingsplaats voor om sociale contacten op te doen. Er worden ook voorzieningen gemist en dan met name winkels, maar ook een brievenbus, een speelplek of beter bereik met openbaar vervoer. En graag meer groen in de omgeving, meer natuur, maar ook meer parkeerplaatsen worden genoemd, met name als oplossing om parkeeroverlast op stoepen tegen te gaan.
16
5.
Wilt u verhuizen en waarom?
5.1
Wilt u verhuizen?
Aan de respondenten is gevraagd of ze er wel eens aan denken om te gaan verhuizen. Meer dan de helft van de respondenten wil verhuizen en nog eens 20% zegt misschien te willen verhuizen. Zo’n 28% zegt niet te willen verhuizen. De verhuisgeneigdheid ligt daarmee hoger dan in het algemene woonwensenonderzoek van 2019 waarin 15% van de inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch wil verhuizen, 22% mogelijk wil verhuizen en 59% niet wil verhuizen. Denkt u er wel eens aan om te gaan verhuizen? (N=179) Ja, ik wil verhuizen
52%
Nee
28%
Ja, ik wil misschien verhuizen
20% 0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
De verhuiswens onder blinden/slechtziende respondenten is het laagst. Van de respondenten met een psychische beperking wil iedereen (mogelijk) verhuizen. Ook onder respondenten met autisme is de verhuiswens relatief groot. Denkt u er wel eens aan om te gaan verhuizen? (naar beperking) Blind
Doof
Verstandelijk
Fysiek
Psychisch
Autisme
Anders
of ADHD Nee
50%
38%
11%
33%
ik wil verhuizen
38%
38%
67%
44%
92%
ik wil misschien verhuizen
13%
24%
22%
23%
8%
8
29
36
93
12
Totaal
17
23%
22%
77%
56% 22%
13
9
5.2
Binnen welke termijn wilt u verhuizen?
Van de respondenten die willen verhuizen, wil meer dan de helft zo snel mogelijk verhuizen (54%), 16% wil binnen 1 à 2 jaar verhuizen. 17% weet het nog niet. Binnen welke termijn wilt u verhuizen? (N=128) Zo snel mogelijk
54%
Binnen 1-2 jaar
16%
Binnen 2-5 jaar
6%
Over meer dan 5 jaar
6%
Weet ik nog niet
17%
0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
Alle respondenten in het autisme of ADHD spectrum willen zo snel mogelijk verhuizen. Zij willen doorgaans naar een prikkelarmere omgeving. Binnen welke termijn wilt u verhuizen? (naar beperking) Blind
Doof
Verstandelijk
Fysiek
Psychisch
Autisme
Anders
of ADHD Zo snel mogelijk
28%
53%
52%
Binnen 1-2 jaar
11%
22%
19%
Binnen 2-5 jaar
11%
3%
6%
8%
Over meer dan 5 jaar
22%
6%
3%
8%
25%
28%
16%
19%
8%
4
18
32
62
12
Weet ik nog niet Totaal met verhuiswens
5.3
75%
75%
100%
43% 14% 14% 29%
9
7
Wat is de belangrijkste reden dat u wilt verhuizen?
Het is duidelijk dat de belangrijkste reden om te willen verhuizen de woning zelf is. Vaak gaat het om de wens voor een grotere woning, meer bewegingsvrijheid met een rolstoel of andere hulpmiddelen. Maar er zijn ook respondenten die een kleinere woning willen. Andere redenen zijn dat men graag gelijkvloers of op de begane grond wil wonen (met een tuintje) of naar een seniorenwoning of een aanleunwoning wil. Een enkele respondent geeft aan dat de belangrijkste verhuisreden de wens is om in een woongroep te wonen. Dat men op een andere plek of in een andere wijk wil wonen is ook een belangrijke verhuisreden. Vaak wordt daarbij expliciet vermeld dat het in ’s-Hertogenbosch moet zijn omdat men daar vroeger heeft gewoond, omdat men graag in de buurt van familie of vrienden wil wonen of vanwege de voorzieningen. Gezondheidsredenen, het toenemen van fysieke beperkingen worden ook als belangrijke verhuisredenen genoemd. Men wil dan verhuizen naar een plek waar zorg en hulp wordt aangeboden. Voor respondenten met autisme zijn te veel prikkels, zoals geluiden van de buren en de buurt en/of de gehorigheid van de woning belangrijke redenen om te willen verhuizen. Men wil meer rust voor de eigen gezondheid en leefkwaliteit.
18
En dan zijn er nog persoonlijke omstandigheden, zoals een scheiding of samen willen wonen, of op zichzelf willen gaan wonen, of om wat voor reden dan ook zich niet thuis voelen in de huidige woning, maar ook spelen soms financiële redenen en woonlasten een rol bij de verhuiswens. Om te kijken in hoeverre sprake is van een ‘reguliere’ verhuiswens of een verhuiswens die te maken heeft met de beperking van de respondent, zijn in het aanvullende onderzoek enkele vragen gesteld Heeft uw verhuiswens vooral te maken met uw beperking? Dat blijkt bij ongeveer de helft van de respondenten het geval. Dit heeft vooral te maken met de geschiktheid van de woning voor rolstoelgebruikers, de toegankelijkheid van de woning (trappen), omgeving met te veel prikkels en het niet kunnen bieden van de zorg die nodig. Er is één respondent die aangeeft ambulant te willen gaan wonen. Bij 10 respondenten is hun beperking niet de voornaamste verhuisreden. Er spelen andere motieven een (belangrijkere) rol, zoals sloop van de huidige woning, kenmerken van de huidige woning, verstandhouding met buren en/of omwonenden, de wens om dichterbij familie te gaan wonen, de wens om te vertrekken uit huidige gemeente en in ’s-Hertogenbosch te gaan wonen omdat daar voorzieningen, openbaar vervoer en de toegankelijkheid van de openbare ruimte beter zijn.
Hoe lang bent u al op zoek naar een woning? Dit loopt uiteen van nog niet actief bezig zijn, 2-3 jaar op zoek zijn en ruim 10 jaar op zoek zijn Wat heeft u al gedaan om een andere woning te vinden? De meeste respondenten met een verhuiswens hebben zich ingeschreven bij Woonservice, actief gereageerd op advertenties van woningen. Andere genoemde acties zijn het informeren bij woningcorporaties, contact leggen met de gemeente en Stichting MEE, het proberen om woningruil te realiseren, verhuiswens aan de orde stellen tijdens keukentafelgesprek Wmo, inschrijven bij Noorderkroon en zoeken op Funda, Facebook en makelaar sites. Verwacht u problemen bij het vinden van een woning? Slechts een paar respondenten geven aan al iets gevonden te hebben of geen problemen te verwachten. De meesten geven aan (mogelijk) problemen te verwachten bij het vinden van een woning. Genoemde redenen zijn dat er naar hun mening niet genoeg aangepaste woningen zijn c.q. het aanbod beperkt is, dat aanbod niet aansluit bij de wens (huurwoningen hebben te weinig kamers), het inkomen te hoog is voor een sociale huurwoning maar te laag om iets te kopen. Er wordt ook gewezen op het beperkte woningaanbod voor mensen met autisme en voor alleenwonenden en dat urgentieverklaringen worden afgewezen. Een enkeling geeft aan niet te weten waar en hoe te moeten zoeken naar een andere woning.
Als de woning waarin u woont zou worden aangepast, zou u dan nog steeds willen verhuizen? Bij vrijwel alle respondenten die willen verhuizen vanwege hun beperking, willen nog steeds verhuizen ook als hun woning is aangepast. Dit hangt onder andere samen met het feit dat de woning niet aan te passen is, de gewenste zorg niet geleverd kan worden of de beperking een prikkelarme(re) omgeving vergt.
19
5.4
Waar zou u het liefst wonen?
30% van de respondenten met een verhuiswens heeft geen voorkeur als gevraagd wordt waar ze het liefst willen wonen bij een eventuele verhuizing. Een kwart wil graag wonen in de wijk waar ze nu al wonen en een derde wil in een andere wijk wonen. Voor ruim 12% van de respondenten geldt dat ze liever buiten de gemeente ’s-Hertogenbosch willen wonen. Het is niet bekend waar dat is. Stel u zou verhuizen, waar zou u dan het liefst wonen? (N=129) Ik zou het liefst gaan wonen in de wijk
33%
In de wijk waarin ik nu woon, namelijk
25%
Buiten de gemeente 's-Hertogenbosch
12%
Maakt niet uit / geen voorkeur
30% 0%
10%
20%
30%
40%
Respondenten met een fysieke beperking geven wat vaker aan dat zij in hun huidige wijk willen blijven wonen dan respondenten met een verstandelijke beperking. Stel u zou verhuizen, waar zou u dan het liefst wonen? (naar beperking) Blind
Doof
Verstandelijk
Fysiek
Psychisch
Autisme
Anders
of ADHD In de wijk waarin ik nu woon
75%
In een andere wijk Buiten de gemeente ‘s-
25%
17%
16%
34%
25%
29%
28%
34%
34%
42%
40%
14%
6%
9%
10%
8%
20%
43%
50%
41%
23%
25%
40%
14%
18
32
62
12
10
7
Hertogenbosch Maakt niet uit/geen voorkeur Totaal
4
20
6.
In wat voor woning zou u willen wonen als u gaat verhuizen?
6.1
Huren of kopen?
Verreweg de meeste respondenten met een verhuiswens zoeken een huurwoning. Slechts 3% zoekt een koopwoning. Voor zo’n 12% maakt het niet uit. Zij hebben geen voorkeur voor een huur- of koopwoning. Zoekt u een huur- of koopwoning? (N=129) Huurwoning
85%
Koopwoning
3%
Maakt niet uit / geen voorkeur
12% 0%
20%
40%
60%
80%
100%
Alleen een deel van de doven en/of slechthorenden is expliciet op zoek naar een koopwoning. De overige respondenten zijn allemaal op zoek naar een huurwoning, of hebben geen voorkeur. Zoekt u een huur- of koopwoning? (naar beperking) Huurwoning
Blind
Doof
Verstandelijk
Fysiek
Psychisch
Autisme
Anders
100%
50%
87,5%
92%
92%
90%
100%
Koopwoning
22%
Geen voorkeur
28%
12,5%
8%
8%
10%
18
32
62
12
10
Totaal
6.2
4
7
Hoeveel kamers zou uw woning moeten hebben?
Bijna de helft van de respondenten met een verhuiswens geeft aan een woning te willen met minimaal drie kamers. Ongeveer 26% geeft aan een woning te zoeken met minimaal twee kamers en 19% van de respondenten zoekt een woning met minimaal vier kamers. Hoeveel kamers moet uw woning minimaal hebben? (N=128) 1 kamer
2%
2 kamers
26%
3 kamers
49%
4 kamers
19%
5 kamers
2%
6 kamers
2% 0%
10%
20%
30%
40%
50%
Respondenten met autisme of ADHD of een psychische beperking hebben de minste behoefte aan grote woningen. Dit komt vermoedelijk omdat het hier vooral eenpersoonshuishoudens betreft.
21
Respondenten die doof/slechthorend zijn of een fysieke beperking hebben, hebben vooral behoefte aan woningen met 3 of 4 kamers. Dit hangt deels samen met de huishoudenssamenstelling, maar bij fysieke beperking vermoedelijk ook met de benodigde ruimte om zicht te kunnen verplaatsen met een rolstoel e.d. Hoeveel kamers moet uw woning minimaal hebben? (naar beperking) Blind
Doof
Verstandelijk
Fysiek
Psychisch
Autisme
Anders
of ADHD 1-2 kamers
50%
12%
34%
25%
50%
60%
14%
47%
50%
57%
33%
40%
29%
29%
9%
16%
17%
5 kamers
6%
6%
2%
6 kamers
6%
3 kamers 4 kamers
50%
Totaal
6.3
4
43% 14%
17
32
61
12
10
7
Wat voor soort woning zou u zoeken?
Bij de respondenten met een verhuiswens is een appartement/flat het meest gewenste woningtype (35%), gevolgd door een woning in een rijtje of hoekwoning (28%). Bij de categorie ‘Anders, namelijk’ is meerdere keren een seniorenwoning genoemd, bungalow, benedenwoning of gelijkvloerse woning, woning met tuin, woning met zorg of een combinatie van verschillende woningen. Wat voor woning zou u zoeken? Appartement / flat
35%
Woning in een rijtje of hoekwoning
28%
Woongroep
9%
Vrijstaande woning / 2 onder 1 kap
7%
Anders, namelijk
22% 0%
10%
20%
30%
40%
Wat voor woning zou u zoeken? (naar beperking) Blind
Doof
Verstandelijk
Fysiek
Psychisch
Autisme
Anders
75%
33%
31%
31%
50%
10%
57%
Rij- of hoekwoning
22%
31%
32%
33%
30%
29%
Vrijstaand of 2 onder 1 kap
22%
3%
3%
Woongroep
6%
22%
6%
8%
10%
25%
17%
13%
27%
8%
30%
14%
4
18
32
62
12
10
7
of ADHD Appartement/ flat
Anders, namelijk Totaal
22
20%
7.
Heeft u behoefte aan zorg aan huis?
Niet iedereen heeft behoefte aan zorg aan huis. Eén op de drie respondenten die willen verhuizen geeft aan geen of nog geen behoefte te hebben aan zorg aan huis. 7% zegt een woning te zoeken met minder zorg dan zijn nu hebben. Ruim 13% geeft aan juist een woning te zoeken met meer zorg aan huis dan nu voorhanden is. 28% zoekt een woning met evenveel zorg als ze nu hebben. Bij ‘Anders, namelijk…’ wordt onder andere vermeld: alleen zorg indien dit nodig is, zorg nodig in de toekomst, kan niet in de toekomst kijken, ligt eraan wat voor zorg, weet het gewoon nog niet. Zoekt u een woning waarbij u gebruik kunt maken van zorg aan huis? (N=127) Nee, ik heb geen behoefte aan zorg
33%
Ja, ik zoek een woning met net zo veel zorg als ik nu heb
28%
Ja, ik zoek een woning met meer zorg dan dat ik nu heb
13%
Ja, ik zoek een woning met minder zorg dan ik nu heb
7%
Anders, namelijk.....
18% 0%
10%
20%
30%
40%
Onder de respondenten met een verhuiswens die doof of slechthorend zijn bestaat de minste behoefte aan zorg aan huis. Deze groep maakt nu ook al weinig gebruik van zorg aan huis. Zoekt u een woning waarbij u gebruik kunt maken van zorg aan huis? (naar beperking) Blind
Doof
Verstandelijk
Fysiek
Psychisch
Autisme
Anders
of ADHD Geen behoefte aan zorg
25%
50%
19%
34%
17%
30%
29%
Woning met net zo veel zorg
25%
11%
48%
28%
42%
30%
43%
Woning met meer zorg
25%
11%
3%
18%
17%
20%
14%
6%
16%
3%
8%
10%
25%
22%
13%
16%
17%
10%
14%
4
18
31
61
12
10
7
Woning met minder zorg Anders, namelijk…. Totaal
23
8.
Wat zijn belangrijke aspecten van de toekomstige woning?
Aan de 129 respondenten die aan hebben gegeven (mogelijk) te willen verhuizen, is gevraagd wat ze het meest belangrijk vinden aan hun toekomstige woning. Zij konden maximaal vijf aspecten aanvinken. Het aantal kamers vindt men het meest belangrijk (67%). Men wil graag een extra kamer als extra slaapkamer, hobbykamer of voor logés. Men wil graag een mogelijkheid om naar buiten te kunnen. Een eigen tuin(tje) is door 57% van de respondenten aangevinkt en een balkon door 36%. De toegankelijkheid van de woning (geen drempels, brede deuren) wordt door 40% genoemd. Een parkeerplaats voor een auto vindt 34% van de respondenten belangrijk. De ligging van de woning in een bepaalde wijk vindt bijna 30% van de respondenten belangrijk. 20% wil graag een oplaadpunt voor scootmobiel, scooter of elektrische fiets. Bij ‘Anders, namelijk’ is onder andere genoemd: rust, prikkelarm, licht, een stalling/schuur/garage, de locatie van de woning op een specifieke plaats, een tweede wc. Wat vindt u belangrijk aan uw woning? (maximaal 5 antwoorden, N=129) Aantal kamers
67%
Eigen tuin(tje)
57%
Toegankelijkheid, zoals geen drempels, brede deuren
40%
Balkon
36%
Eigen parkeerplaats voor auto
34%
Ligging van de woningen in een bepaalde wijk
29%
Oplaadpunt voor scootmobiel, scooter en/of elektrische…
20%
Plek om een scootmobiel te parkeren
18%
Domotica / electronica in huis / op afstand bedienbare…
17%
Gemeenschappelijke centrale hal waarbij ook ruimte voor…
9%
Ligging van de woning in of nabij een zorginstelling
9%
Gemeenschappelijke woonruimte of huiskamer
9%
Mogelijkheid voor een traplift
8%
Gemeenschappelijke tuin
8%
Gemeenschappelijke hobbyruimte
8%
Gemeenschappelijke ruimte om te eten
7%
Geen van deze dingen vind ik belangrijk
3%
Mogelijkheid om schuifdeuren in te bouwen
3%
Mogelijkheid voor een plafondlift
1%
Mogelijkheid voor een bedlift/badlift
1%
Anders, namelijk
15% 0%
24
20%
40%
60%
80%
100%
In onderstaande tabel zijn per beperking de aspecten die het belangrijkste worden gevonden aan de woning weergegeven. Omdat er in de vragenlijst alleen gevraagd is naar eigendomsvorm en woningtype, is het helaas niet mogelijk om te achterhalen in welke mate deze aspecten in de huidige woonsituatie van de respondenten aanwezig zijn of ontbreken. Wat vindt u belangrijk aan uw woning? (naar beperking) Bind
Doof
Verstandelijk
Fysiek
Psychisch
Autisme
Anders
of ADHD Aantal kamers
50%
50%
59%
71%
83%
60%
71%
Eigen tuin(tje)
25%
39%
63%
61%
67%
80%
14%
Toegankelijkheid woning
50%
22%
28%
65%
10%
57%
Balkon
75%
22%
34%
39%
33%
20%
43%
50%
25%
35%
33%
20%
29%
11%
31%
29%
33%
60%
14%
22%
6%
34%
8%
29%
17%
13%
32%
8%
29%
44%
16%
18%
Eigen parkeerplaats voor auto Ligging in een bepaalde wijk
50%
Oplaadpunt voor scootmobiel, scooter en/of elektrische fiets Plek om een scootmobiel te parkeren Domotica / electronica in huis / op afstand bedienbare voorzieningen / video / intercom
10%
29%
10
7
Gemeenschappelijke centrale hal waarbij ook ruimte voor ontmoeten, leestafel
25%
28%
6%
10%
8%
Gemeenschappelijke tuin
25%
11%
9%
6%
8%
4
18
32
62
12
Totaal
25
9.
Wat zijn belangrijke aspecten van de toekomstige wijk?
Ook is aan de 129 respondenten die aangegeven hebben (misschien) te willen verhuizen gevraagd welke aspecten (maximaal vijf) ze belangrijk vinden in de wijk waarin ze willen gaan wonen. Bovenaan staat een supermarkt in de buurt. 67% van de respondenten vindt dat heel belangrijk. Daarna volgt de nabijheid van een huisarts, apotheek of gezondheidscentrum (51%) en de nabijheid van een winkelcentrum. Dichtbij vrienden, familie wonen, het hebben van sociale contacten wordt belangrijk gevonden door 49% van de respondenten. Een rustige wijk alsook een groene omgeving, ‘kijkgroen’ (plantsoenen, perken en bomen) wordt door 43% benoemd. Een halte voor het openbaar vervoer dichtbij wordt door 36% aangevinkt en een park dichtbij om te wandelen door 35%. Parkeergelegenheid vlakbij de woning is voor 26% van de respondenten belangrijk. Overige aspecten, zoals levendigheid in de wijk worden door 14% van de respondenten of minder benoemd. Bij ‘Anders, namelijk’ zijn onder andere activiteiten en rust en stilte genoemd. Wat vindt u belangrijk aan uw wijk? (maximaal 5 antwoorden) (N=129) Supermarkt
67%
Huisarts, apotheek, gezondheidscentrum
51%
Winkelcentrum
50%
Vrienden, familie, sociale contacten dichtbij
49%
Rustige wijk
43%
Groene omgeving / 'kijkgroen' (plantsoenen, perken,…
43%
Halte openbaar vervoer
36%
Park om in te wandelen dichtbij
35%
Parkeergelegenheid
26%
Levendigheid in de wijk
14%
Postagentschap, geldautomaat dichtbij
13%
Speelgelegenheid voor kinderen
10%
Buurthuis, ontmoetingscentrum
10%
Basisschool
7%
Anders, namelijk
2% 0%
26
20%
40%
60%
80%
100%
Wat vindt u belangrijk aan uw wijk? (naar beperking) Blind
Doof
Verstandelijk
Fysiek
Psychisch
Autisme
Anders
of ADHD Supermarkt
50%
72%
63%
74%
50%
50%
71%
Huisarts, apotheek, gezh.centrum
50%
50%
56%
61%
58%
10%
71%
Winkelcentrum
25%
72%
59%
48%
25%
30%
43%
Vrienden, familie, soc. contacten
50%
56%
53%
50%
67%
30%
29%
Groene omgeving / 'kijkgroen'
50%
33%
22%
47%
58%
70%
43%
Rustige wijk
25%
17%
56%
45%
42%
30%
57%
Halte openbaar vervoer
75%
56%
25%
24%
25%
60%
43%
Park om in te wandelen dichtbij
50%
39%
25%
32%
58%
50%
14%
11%
19%
31%
42%
20%
29%
17%
13%
15%
8%
6%
22%
16%
20%
14%
Parkeergelegenheid Levendigheid in de wijk
25%
Postagentschap, geldautomaat Buurthuis, ontmoetingscentrum
17%
19%
10%
Speelgelegenheid voor kinderen
25%
17%
19%
8%
Basisschool
17%
9%
6%
Anders, namelijk Totaal
4
18
32
27
62
14% 14% 8%
10%
14%
12
10
7
10.
Volgens respondenten belangrijke aspecten voor inwoners met een beperking om prettig te kunnen wonen
In een open vraag aan het einde van de vragenlijst is aan alle respondenten gevraagd wat voor hen de drie belangrijkste aspecten zijn om prettig te kunnen wonen. Op deze vraag hebben 123 respondenten een antwoord gegeven. Wat betreft de woning • De woning dient aangepast te zijn aan de situatie, zoals rolstoelvriendelijk, met schuifdeuren of automatische deuren en of met een lift. Geen drempels, alles gelijkvloers. Vaak wil men wat meer ruimte voor meer bewegingsvrijheid, grotere kamers en of een extra kamer. Een woning waar je lang in kunt blijven wonen. • Het soort woning is voor iedereen wat anders, de één wil een appartement of flat, de ander een eengezinswoning of een benedenwoning. De één wil een nieuwbouwwoning, de ander wil juist een bestaande woning. • De woning moet goed geïsoleerd zijn, goed onderhouden zijn, wat comfort bieden. • Ook licht in de woning is belangrijk. Een lichte woning, een raam op het zuiden. • Velen willen graag een tuin, een balkon, of in ieder geval een buitenruimte, zodat je naar buiten kan. • Zelfstandigheid is heel belangrijk, alles voor jezelf, niet hoeven te delen, zelfredzaamheid en privacy. Rust, stilte, veilig en groen • Rust in de woonomgeving is belangrijk. Weinig overlast van geluid en verkeer. • Groen en natuur in de omgeving, een parkje in de buurt. • En natuurlijk is veiligheid heel belangrijk.
Wat betreft de locatie: nabij voorzieningen • Wonen vlakbij winkels wordt vaak genoemd en wordt belangrijk gevonden voor de zelfredzaamheid. • Vlakbij zorgvoorzieningen en begeleiding, bij huisarts en apotheek is ook belangrijk. Of gewoon de opmerking ‘bij voorzieningen”. • Dichtbij openbaar vervoer, treinstation of uitvalswegen. En ook centraal gelegen, dichtbij het centrum. • Maar ook een plek om te kunnen parkeren. Het sociale aspect • Een sociale omgeving, gewoon een leuke fijne buurt, gezellig en sociale betrokkenheid met de buurtbewoners. Vaak wordt genoemd dat men het belangrijk vindt om in de buurt van vrienden en of familie te wonen. Overige aspecten • Het moet wel betaalbaar zijn en netjes en schoon zijn.
28
11.
Tips van respondenten over hoe inwoners met een beperking prettig kunnen wonen
Aan de respondenten is gevraagd of ze nog tips hebben zodat mensen met een beperking prettig kunnen wonen. Enkele genoemde tips, gegroepeerd naar onderwerp, zijn: Luister naar de wensen van de bewoners Kijk naar de persoonlijke wensen van de bewoners, kijk naar het individu, de betrokkenen er meer bij betrekken, neem ze serieus. “Neem ons serieus als we aangeven last te ervaren of aanpassingen nodig te hebben”. “Ik denk dat mensen met een beperking zelf heel goed weten wat ze nodig hebben. Luister naar de persoon en laat ze meedenken over de oplossingen, want ze weten waar hun behoefte liggen. Vooral gezien woonruimte liggen vaak de oplossingen voor de hand maar zijn vaak voor woningbouw te duur om te realiseren….” De woning aanpassen Veel opmerkingen gaan over het aanpassen van de woning. Genoemd zijn onder andere: wek/alarmsysteem met deurbel en alarmmelding (MCS-systeem), toilethoogte aanpassen, keuken met hoog/laag systeem, kranen zonder draaiknop, elektrische deurbellen, bredere deuren en geen drempels. Liften met mogelijkheid voor een rolstoel. Grotere badkamer en genoeg ruimte om te manoeuvreren met een rolstoel. En ook helpen met vergoedingen van de kosten om de woning aan te passen.
De woningbouwvereniging en veel te lange wachttijden Meerdere respondenten geven aan dat zij vinden dat de verhuurders wat flexibeler om zou moeten gaan met de wensen van mensen met een beperking. “Mijn ervaring is dat ze erg onwillig zijn om zelfs de kleinste aanpassing te maken en alles ook tot op de cent doorberekenen. Zelfs terwijl de flat aangeprezen wordt als ‘levensloopbestendig’.” Ook wil men graag een overzicht van de beschikbare aangepaste woningen die voor mensen met een beperking aanwezig zijn. Het zou ook fijn zijn als er rekening wordt gehouden met de ‘psychische’ beperking. Versoepeling van regels en wachttijden. Ook is er het verzoek om mensen met een beperking voorrang te verlenen bij toewijzing. Het zou fijn zijn als er ook woningruil zou worden toegestaan. Graag meer beschikbare woningen. Geaccepteerd worden en in een ‘normale’ wijk Erbij horen, geaccepteerd worden in de wijk. Elkaar helpen. “Midden in een normale wijk zodat buurtgenoten kunnen zien dat we niet zielig zijn en kunnen helpen.” “Zet mensen met een beperking niet in een ‘sjieke’ wijk” “Isoleer ze niet”
29
Wat zou de gemeente, volgens u, als eerste moeten oppakken op het gebied van wonen voor mensen met een beperking? Deze vraag hebben we in het verdiepend onderzoek gesteld. Hieruit zijn door de respondenten uiteenlopende dingen genoemd, waaronder: Aanpasbaar en levensloopbestendig bouwen als standaard • In het woningbouwbeleid zou opgenomen moeten worden dat alle woningen aanpasbaar, levensloopbestendig en rolstoelvriendelijk moeten zijn. Zorg ervoor dat nieuwbouw bijvoorbeeld op de plek van Carolus en GZG niet wordt opgeleverd met hoge drempels en opstapjes. “Ik heb op de Donk gewoond met 24-uurs zorg. Bij die woningen waren er allemaal hoge drempels. Na mijn heupoperatie kon ik er niet blijven wonen.” • Er moeten meer aangepaste woningen beschikbaar zijn. In gesprek en rekening houden met woonwensen • Ga in gesprek met inwoners met een beperking en probeer tegemoet te komen c.q. rekening te houden met hun wensen. • Zorg dat mensen kunnen wonen zoals en met wie ze willen. • Er moet meer keuze in woningen in alle wijken zijn. De gemeente zou inzicht moeten hebben in alle aanvragen/behoefte die er is in aangepaste woningen. • Sommige respondenten geven aan dat er ruime woningen aangeboden moeten worden voor mensen met een handicap, ook met meer slaapkamers. Anderen willen juist dat er meer kleine woningen komen.
• Sommige respondenten willen graag meedenken over locaties en uitvoeren van wooninitiatieven zoals SWZ, of willen graag in gesprek komen met de gemeente over woningbouw en beleid. “Ik heb gehoord dat er in de wijk woningen gebouwd worden en daar loop je constant achteraan. Ik wil graag aan de gemeente vertellen dat mensen zelf betrokken moeten worden bij bouwplannen en zeker als het gaat om aangepaste woningen.” Wel merkt één van de respondenten op dat het niet altijd makkelijk is voor iemand met een beperking om naar een bijeenkomst te gaan. Soms kan dat bijvoorbeeld niet vanwege bijvoorbeeld een fysieke of auditieve beperking van iemand, maar voor mensen met autisme zijn de prikkels van een bijeenkomst met veel mensen een belangrijke factor waar men nog dagen last van kan hebben. • Verschillende beperkingen vragen om verschillende aanpassingen. “Ik ben alleen ervaringsdeskundige op fysieke beperkingen. Maar dit proces, een dialoog met de mensen met een beperking is heel belangrijk. En hen bij de ontwerpfase al betrekken in het proces. Ik heb ons eigen huis getekend en rekening gehouden met alles waar in toen al last van had. De moderne domotica hebben wij (nog) niet.
Denk dat daar ook nog wel wat mogelijkheden in zitten waardoor ik langer zelfstandig kan zijn.” • De gemeente mag wat meer woningen beschikbaar maken voor mensen met een lichte lichamelijke beperking die nog wel zelfstandig genoeg zijn om zonder begeleiding te wonen. “Veel aangepaste woningen gaan gepaard met het nodig hebben van 24-uurs zorg en/of het hebben van een psychologische beperking. Hierdoor vallen mensen zoals ik, die NAH hebben en/of een lichamelijke beperking, tussen de wal en het schip.” Meer integreren, meer maatwerk • De gemeente zou aangepaste woningen moeten integreren in de 'gewone' bouw, zodat je je als volwaardig mens kunt blijven voelen en niet als een gehandicapte. “Ik heb mijn hele leven op de begane grond gewoond en moet er niet aan denken om in een appartement te moeten wonen. Ook niet in een woongroep met allemaal mensen die een beperking hebben.” • “Minder in hokjes denken. Meer gemengde plekken. Net zoals op een camping. Dus niet van die clusters. Maar community-woonplekken zoals hofjes met gemeenschappelijke voorzieningen. Minder woonplekken die als doel hebben dat je zelfstandig gaat wonen. Meer woonplekken waar je je hele leven kunt wonen. De laatste tijd moesten mensen van de zorgparken af en in de wijken wonen maar
30
• • • •
voor veel mensen is dat niet goed. Zij kunnen beter buiten de wijken wonen in een overzichtelijke wereld waar het veilig is.” Kijk naar de ontwikkelingsleeftijd van iemand en niet naar de kalenderleeftijd. Vermijd leeftijdsdiscriminatie. Meer betaalbaar aanbod voor alleenwonenden. Woonplekken voor kwetsbare mensen die tussen wal en schip vallen. Meer informatie hierover en meer opties bieden Nultredenwoningen zijn er nu vaak alleen voor lichamelijk beperkten, maar zou je ook voor andere beperkingen moeten aanbieden.
Aandacht voor zorg en urgentie • Koppelbedingen zou je moeten afschaffen want zo heb je geen vrijheid om zelf te kiezen van wie je zorg ontvangt. Of wonen en zorg niet scheiden. • Eén centraal punt voor vragen in plaats van verschillende loketten • Uitbreiden van urgentiemogelijkheid. “Als je een dak boven je hoofd hebt kom je niet in aanmerking voor urgentie. Terwijl je dat bij sommige beperkingen wel hebt. Ik moet in verband met mijn autisme, echt rust hebben in en om huis. Maar je hebt geen voorrang op een geschikte woning als iemand met een beperking.” • Aanvragen en traject van de Wmo is niet makkelijk. “Het kost heel veel tijd en de wensen werden steeds aangepast. Iedere keer bij een beslissing kwam er een andere oplossing. Een procedure zou toch veel simpeler en efficiënter kunnen als er een advies ligt van een deskundige organisatie die veel expertise heeft van de betreffende beperking.” Toegankelijkheid openbare ruimte • Aandacht blijven houden voor toegankelijkheid van de openbare ruimte, bijvoorbeeld stoep(rand)en in de Binnenstad maar ook in andere wijken