CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 1b BOPA NNB Toets Zonnenveld Oude Baan Rosmalen 240515

Gemeenteraad 10 september 2024, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Ontwikkeling zonneveld Oude Baan-Oost, Rosmalen3.589 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

NNB-Toets Oude Baan-Oost te Rosmalen Onderzoek in het kader van het Natuurnetwerk Brabant in de provincie Noord-Brabant

Colofon

Status:

Definitief

Project:

2024-0015

Datum:

15 mei 2024

Samensteller:

ing. G. Fairhurst

Collegiale toets:

ir. M. Vos

Opdrachtgever:

Merwestreek

Contactpersoon:

B.A. de Ruijter

Disclaimer Blom Ecologie B.V. is niet aansprakelijk voor schade die voortkomt uit toepassing van de resultaten van werkzaamheden en/of gegevens verkregen van Blom Ecologie B.V. Niets uit deze rapportage mag zonder schriftelijke toestemming van de opdrachtgever en Blom Ecologie B.V. worden gebruikt door derden. Onder gebruik worden alle vormen van kopie, openbaarmaking en elke andere toepassing begrepen. Deze rapportage mag alleen gebruikt worden voor het doel waarvoor het is samengesteld.

Inhoud 1 Inleiding

4

2 Planlocatie

5

2.1

Locatiebeschrijving

5

2.2

Beoogde ruimtelijke ingreep

5

2.3

Ligging ten opzichte van het NNB

6

3 NNB-beleid

7

3.1

Beleidskader Natuurnetwerk Brabant

7

3.2

Beleid met betrekking tot de planlocatie

8

4 Toetsing NNB-beleid

9

4.1

Natuurwaarde

9

4.2

Geomorfologische processen

10

4.3

Waterhuishouding

12

4.4

Kwaliteit van water, bodem en lucht

13

4.5

Rust, mate van stilte, donkerte en openheid

13

4.6

Landschapsstructuur en belevingswaarde

14

5 Conclusie

15

5.1

Ecologische kenmerken en waarden

15

5.2

Te treffen maatregelen

15

1 Inleiding Aan de Oude Baan-Oost te Rosmalen is een voormalige vuilstortlocatie gesitueerd. Momenteel is op deze locatie een weiland op een talud aanwezig, met omliggende groenstructuren bestaande uit ruigte begroeiing en bomen. De initiatiefnemer is voornemens op het bestaande weiland op de planlocatie een zonneveld te realiseren. Het omgevingsplan voorziet niet in de beoogde ruimtelijke ingreep en dient derhalve te worden gewijzigd. De planlocatie is gelegen op een afstand van 15 m tot het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Voor de beoogde ruimtelijke ingreep is reeds een quickscan Wet natuurbescherming (Wnb) uitgevoerd (Smit, 2023). Ten aanzien van soortenbescherming en houtopstanden zijn er op basis van de quickscan geen vervolgstappen vereist (Smit, 2023). De planlocatie is gelegen naast het Natuurnetwerk Brabant. Om de invloed van de beoogde ontwikkeling op het Natuurnetwerk Brabant in kaart te brengen en te toetsen aan de provinciale regelgeving, is in de voorliggende rapportage een beoordeling opgesteld.

4

2 Planlocatie 2.1

Locatiebeschrijving De planlocatie is gelegen aan de Oude Baan-Oost ong. te Rosmalen (figuur 2.1). De planlocatie is gelegen op een talud. Over de planlocatie en om de planlocatie heen zijn onverharde voet- en fietspaden aanwezig. In het noordwestelijke deel van de planlocatie is een lager deel gesitueerd, waar ruigtes in de vorm van riet en bomen aanwezig zijn. Dit deel van de planlocatie zal in de beoogde ingreep behouden blijven. De zijkanten van het talud bevatten ruigte vegetatie in de vorm van riet en braam en zullen behouden blijven in de beoogde ingreep. Er is geen oppervlaktewater op de planlocatie en in de directe omgeving aanwezig. In de quickscan Wnb (Smit, 2023) is een uitgebreide impressie opgenomen van de planlocatie en de directe omgeving hiervan.

Figuur 2.1 De planlocatie (rood omkaderd) is gelegen aan de Oude Baan-Oost te Rosmalen.

2.2 Beoogde ruimtelijke ingreep De beoogde ruimtelijke ingreep betreft de realisatie van een zonneveld. Bij de inrichting van het zonneveld zullen ook halfverharde wandelpadden en een hekwerk worden aangelegd en krijgt de inrichting een groene en landschappelijk invulling (figuur 2.2). Voor de beoogde ontwikkeling worden geen bomen gekapt en blijven de omliggende groenstructuren behouden. Daarnaast zal er geen sprake zijn van verhoging of verlaging van het terrein en zal het huidige talud behouden blijven. Het terrein zal enkel geëgaliseerd worden. Het vigerende plan voorziet niet in deze beoogde ruimtelijke ingreep, waardoor een planwijziging benodigd is. Onderstaand volgt een korte opsomming van de ingrepen en effecten: • • • •

verwijderen terreininrichting: graafwerkzaamheden, transport (afvoer) van materiaal; egaliseren terrein: graafwerkzaamheden en grondtransport; aanleg zonneveld: algemene bouwwerkzaamheden; plaatsen hekwerk, toegangspoort en zitplekken;

5

• revitalisatie terrein (waaronder inzaaien kruidenrijkmengsel) en aanleg halfverharding: allerhande (straat- en hoveniers) werkzaamheden.

Figuur 2.2 Visuele representatie van de beoogde situatie (bron: Nieuw Blauw stedenbouw en landschap).

2.3 Ligging ten opzichte van het NNB De planlocatie is deels gelegen in het Natuurnetwerk Nederland. De planlocatie ligt op 15 m afstand van het Natuurnetwerk Brabant (figuur 2.3).

Figuur 2.3 De ligging van de planlocatie ten opzichte van het Natuurnetwerk Brabant (https://noordbrabant.tercera-ro.nl). 6

3 NNB-beleid 3.1

Beleidskader Natuurnetwerk Brabant Aan ontwikkelingen in het Natuurnetwerk Brabant (NNB) zijn regels gebonden. Tevens zijn er regels gebonden aan ontwikkelingen nabij het NNB in het kader van externe werking. In de meest recente versie van het provinciaal beleid (Interim omgevingsverordening Noord-Brabant – geconsolideerd 5-122023, in voorbereiding op de Omgevingswet) staan de regels omtrent ontwikkelingen in en nabij het NNB beschreven. Onderstaand volgende artikelen die van toepassing zijn op de planlocatie. Hoofdstuk 5- §5.2.5. Natuurnetwerk Brabant Artikel 5.30 Bescherming Natuur Netwerk Brabant Lid 1 Een omgevingsplan van toepassing op Natuur Netwerk Brabant: a. b.

c.

strekt tot het behoud, herstel of de duurzame ontwikkeling van de ecologische waarden en kenmerken; bevat regels gericht op de bescherming van de ecologische waarden en kenmerken en houdt daarbij ook rekening met andere aanwezige waarden en kenmerken, zoals rust, stilte, cultuurhistorische waarden en kenmerken; staat alleen bestaande bebouwing en bestaande gebruiksactiviteiten toe zolang het Natuur Netwerk Brabant niet is gerealiseerd.

Lid 2 Als ecologische waarden en kenmerken gelden de natuurbeheertypen zoals vastgelegd op de beheertypenkaart en de ambitiekaart van het natuurbeheerplan. Lid 3 Als de inrichting en beheer van het Natuur Netwerk Brabant binnen een gebied is verzekerd, stelt de gemeente binnen negen maanden een omgevingsplan vast overeenkomstig het eerste lid.

Artikel 5.31 Externe werking Natuur Netwerk Brabant Lid 1 Een omgevingsplan dat een ontwikkeling toelaat in Stedelijk Gebied of in Landelijk Gebied, die een aantasting geeft van de ecologische waarden en kenmerken in het Natuur Netwerk Brabant, bepaalt in aanvulling op het Besluit activiteiten leefomgeving dat de negatieve effecten waar mogelijk worden beperkt en de overblijvende, negatieve effecten worden gecompenseerd, overeenkomstig artikel 5.37 Compensatie. Lid 2 Op de overdraai van de wieken van een windturbine die buiten het Natuur Netwerk Brabant staat, is het eerste lid van overeenkomstige toepassing. Lid 3 Het eerste lid is niet van toepassing op een aantasting door de verspreiding van stoffen in lucht of water.

7

Hoofdstuk 5- §5.2.5. Natuurnetwerk Brabant Artikel 5.37 Compensatie Lid 1 De verplichte compensatie vindt plaats door: a. b.

fysieke compensatie als bedoeld in Artikel 5.38; of financiële compensatie als bedoeld in artikel 5.39.

Lid 2 De omvang van de compensatie is in ieder geval gelijk aan de omvang van het vernietigde of verstoorde areaal en wordt verder bepaald door de ontwikkeltijd van de aangetaste natuur, conform de volgende uitgangspunten: a. b. c. d. e.

natuur met een ontwikkeltijd van 5 jaar of minder: geen toeslag; tussen 5 en 25 jaar te ontwikkelen natuur: toeslag van 1/3 in oppervlak; tussen 25 en 100 jaar te ontwikkelen natuur: toeslag van 2/3 in oppervlak; bij een ontwikkelingsduur van de natuur van meer dan 100 jaar: de toeslag in oppervlak en de gekapitaliseerde kosten van het ontwikkelingsbeheer is maatwerk; bij verstoring van natuur: maatwerk.

3.2 Beleid met betrekking tot de planlocatie De planlocatie grenst aan het NNB maar behoort hier niet toe. Er zullen geen ontwikkelingen plaatsvinden binnen het NNB. Artikel 5.32 en 5.33 zijn niet van toepassing, er is enkel sprake van eventuele externe werking op het NNB (artikel 5.31). De volledige planlocatie behoort tot het Landelijk Gebied (Interim omgevingsverordening NoordBrabant (geconsolideerd 5-12-2023, in voorbereiding op de Omgevingswet)). In het kader van externe werking geldt dat bij een ontwikkeling in Landelijk Gebied die een aantasting geeft van de ecologische waarden en kenmerken van het NNB, de negatieve effecten waar mogelijk worden beperkt en overblijvende negatieve effecten worden gecompenseerd. De ecologische waarden en kenmerken van het NNB worden, conform de meest recente versie van de omgevingsverordening, als volgt beschreven: aanwezige en potentiële waarden, gebaseerd op de beoogde natuurkwaliteit voor het gebied, waartoe behoren natuurdoelen en natuurkwaliteit, geomorfologische processen, waterhuishouding, kwaliteit van bodem, water en lucht, rust, mate van stilte, donkerte, openheid, landschapsstructuur en belevingswaarde. De invloed van de beoogde ontwikkeling op de ecologische waarden en kenmerken van het NNB worden in het volgende hoofdstuk behandeld.

8

4 Toetsing NNB-beleid De beoogde ontwikkeling zal plaatsvinden buiten het NNB. Derhalve is er enkel sprake van een eventuele externe werking op het NNB. Onderstaand worden de ecologische waarden en kenmerken van het NNB afzonderlijk behandeld en wordt de invloed van de ontwikkeling op deze waarden en kenmerken beoordeeld.

4.1

Natuurwaarde De aanwezige en potentiële waarden worden gebaseerd op de beoogde natuurkwaliteit voor het gebied, waartoe de natuurdoelen en natuurkwaliteit behoren. Conform Artikel 5.30; lid 2 gelden als ecologische waarden en kenmerken de natuurbeheertypen zoals vastgelegd op de beheertypenkaart en de ambitiekaart van het natuurbeheerplan. Het NNB dat aangrenzend aan de planlocatie is gelegen betreft droog bos met productie (N16.03) (figuur 4.1). Droog bos met productie omvat bossen op de voedselarme tot lemige zandgronden gedomineerd door loofbomen en (meereisende) naaldboomsoorten (www.bij12.nl). Houtoogst vindt periodiek plaats. De natuurkwaliteit van droog bos met productie wordt, conform BIJ12, bepaald door de elementen ‘structuur’ en ‘flora en fauna’.

Figuur 4.1 Ligging van de planlocatie ten opzichte van de beheertypen van het NNB conform de beheertypenkaart behorende tot het Natuurbeheerplan 2023 (ontwerp 05-12-2023). Structuur De structuur van droog bos met productie is vaak relatief eenvoudig (www.bij12.nl). Bossen met meer structuurelementen (o.a. struweel en open plekken; gelaagde boomfase; en dikke dode bomen) kunnen een hogere natuurwaarde hebben. Gezien de beoogde ontwikkeling niet plaatsvindt binnen het NNB, is er van aantasting van structuur(elementen) binnen het droog bos met productie behorende tot het NNB geen sprake.

9

Flora en fauna De biotische kwaliteit van droog bos met productie wordt uitgedrukt in het voorkomen van kwalificerende broedvogelsoorten: appelvink, boomklever, boomleeuwerik, fluiter, geelgors, groene specht, keep, kleine bonte specht, middelste bonte specht, raaf, sijs, vuurgoudhaan, wespendief, wielewaal en zwarte specht (www.bij12.nl). In en direct rondom het NNB-gebied zijn, binnen een straal van 200 m van de planlocatie, waarnemingen van de appelvink, boomklever, groene specht, keep, kleine bonte specht, sijs, vuurgoudhaan en zwarte specht bekend (NDFF 2019-2024). De boomklever is hierbij 16 keer waargenomen en de groene specht een keer. Waarnemingen van de overige soorten betreffen tussen de 1 en 5 waarnemingen. Er zijn binnen een straal van 200 m van de planlocatie geen nestlocaties bekend van de vorengenoemde kwalificerende broedvogelsoorten. De gekwalificeerde vogelsoorten zijn over het algemeen soorten die voorkomen in bosgebieden. De planlocatie betreft een open gebied tussen het NNB-gebied, maar zal mogelijk wel dienen als foerageerplaats voor enkele soorten. De open structuur binnen de planlocatie blijft behouden, daarnaast wordt er een kruidenrijkmengesel ingezaaid op de randen van het zonneveld.

De beoogde ruimtelijke ingreep zal, wegens uitvoering buiten het NNB en het behoud van de open structuur, niet leiden tot directe aantasting van het leefgebied van voorgenoemde vogelsoorten (i.e. droog bos met productie). De ontwikkeling kan in de aanleg- en/of gebruiksfase mogelijk wel leiden tot verstoring van de voorgenoemde soorten. In de huidige situatie is er, gezien er aan de grens van het NNB reeds lantaarnpalen, wegen, fiets- en wandelpaden, agrarische velden en woningen gesitueerd zijn, reeds sprake van verstoringen voor (vorengenoemde) broedvogels. De broedvogels in het NNB-gebied zijn derhalve gewend aan verstoring door passerende recreanten en/of bestemmingsverkeer. In de gebruiksfase van de te realiseren zonneveld, ontstaan ten opzichte van de huidige situatie, geen significante veranderingen in activiteiten in en rond het NNB-gebied. Ook in de nieuwe situatie zullen er mensen passeren langs en door het NNB-gebied. Derhalve is er in de gebruiksfase van het zonneveld geen sprake van (nieuwe) verstoring van de voorgenoemde broedvogels en de natuurwaarde van het NNB. Tevens zal de aanleg van het zonneveld zorgen voor meer dekkingsmogelijkheden en het inzaaien van het kruidenrijkmengsel een positieve bijdrage leveren in het voedselaanbod voor onder andere insecten en vogels. Tijdens de aanleg fase is er sprake van een tijdelijke verhoogde verstoring.

Om negatieve effecten ten aanzien van broedvogels (i.e. significante verstoring) en daarmee de aantasting van de natuurkwaliteit van het NNB te minimaliseren dienen enkele maatregelen opgevolgd te worden, waaronder het werken buiten het broedseizoen (zie H5.2). Conclusie Het NNB aangrenzend aan de planlocatie bestaat uit droog bos met productie (N16.03). De natuurwaarde van dit beheertype wordt met name bepaald door de aanwezigheid van structuur en kwalificerende broedvogels. Gezien de beoogde ontwikkeling niet plaatsvindt binnen het NNB, is er van aantasting van structuur(elementen) en het leefgebied van deze broedvogels binnen het NNB geen sprake. Verstoringen ten aanzien van broedvogels leiden in de gebruiksfase, gezien de huidige aanwezigheid van andere verstoringsfactoren aan de rand van het NNB, niet tot aantasting van de natuurwaarde van het NNB-gebied. De aanlegfase van het zonneveld leidt mogelijk tot een tijdelijke verstoring van broedvogels. Indien enkele maatregelen worden opgevolgd is er echter geen sprake van verstoring en aantasting van de natuurkwaliteit van het NNB-gebied. Deze maatregelen staan beschreven in H5.2.

4.2 Geomorfologische processen Op basis van de geomorfologische kaart van Nederland behoort de planlocatie tot ‘Storthopen met grind-, zand-, kleigaten of ijzerkuilen’ (figuur 4.2). Voor het grootse aandeel van de landvormen binnen de planlocatie is, conform het Actueel hoogte bestand Nederland, sprake van kleine tot hoge lokale hoogteverschillen (0,5-6 m) (figuur 4.3).

10

Figuur 4.2 Geomorfologische kaart van Nederland welke de verschillende landvormen binnen en rond de planlocatie weergeeft (bron: Wageningen Environmental Research (Alterra) via www.arcgis.com).

Figuur 4.3 Hoogtekaart van de planlocatie en de directe omgeving hiervan (bron: Actueel Hoogtebestand Nederland). Ten behoeve van de realisatie van het zonneveld, vindt grondverzet plaats. Het terrein dient geëgaliseerd te worden, echter zal hierbij het omliggende talud richting het NNB behouden blijven. Het te egaliseren gebied ligt buiten het NNB. Binnen het NNB-gebied zijn geen (graaf)werkzaamheden beoogd. Derhalve is er geen sprake van aantasting van de geomorfologische processen en omstandigheden binnen het NNB.

11

Conclusie Binnen het NNB zijn geen (graaf)werkzaamheden beoogd. Derhalve is er geen sprake van aantasting van de geomorfologische processen en omstandigheden binnen het NNB.

4.3 Waterhuishouding Op de planlocatie bevindt zich geen oppervlaktewater. De grondwaterdiepte ligt circa 40 cm lager dan het omliggend NNB-gebied (figuur4.4). Op de planlocatie is geen sprake van kwel, wel vindt er circa 0,51 mm wegzijging van water (infiltratie) per dag plaats (figuur 4.5). Dit betreft een minimale wegzijging wat tevens vergelijkbaar is met het waterwegzijging in het omliggend NNB-gebied.

Figuur 4.4 Grondwaterspiegeldiepte (gemiddelde kleinste diepte) van de planlocatie en de directe omgeving hiervan (bron: www.dinoloket.nl).

Figuur 4.5 Huidige mate van kwel en infiltratie op de planlocatie en de omgeving hiervan. De gegevens zijn gebaseerd op de Klimaateffectatlas (bron: Klimaateffectatlas via www.arcgis.com). 12

De planlocatie wordt voor de beoogde ontwikkeling geëgaliseerd, hierbij vindt zo min mogelijk verhoging of verlaging plaats. Daarnaast worden er geen watergangen of andere waterbergingsplassen gegraven, waardoor er geen sprake is van onttrekking van grondwater uit omliggende gebieden. Daarnaast is er geen sprake van toevoeging van verharding wat invloed kan hebben op kwel of infiltratiesystemen. Een toenemende wateraanvoer- of afvoer in het NNB-gebied is derhalve niet aannemelijk. Conclusie Doordat er plaatselijk geen verschillen zijn in kwel en infiltratie en de grondwaterstand op de planlocatie lager ligt op de planlocatie ten aanzien van het NNB, en doordat er geen sprake is van aanleg van verharding, uitgraven van watergangen en een minimale verhoging of verlaging van het gebied, kunnen veranderingen in de waterhuishouding en daarmee negatieve effecten op het NNB-gebied uitgesloten worden.

4.4 Kwaliteit van water, bodem en lucht De beoogde ontwikkeling betreft de realisatie van een zonneveld. Binnen de beoogde ruimtelijke ingreep wordt geen oppervlaktewater aangetast. De planlocatie betreft een voormalige vuilstortlocatie, derhalve is er voor gekozen om zo min mogelijk werkzaamheden aan de bodem te verrichten, er vindt enkel egalisatie van het terrein plaats. Hier mee wil de initiatiefnemer voorkomen dat vervuilde bodem vrij komt te liggen. Daarnaast zal in tegenstelling tot bijvoorbeeld industrie, tankstations, een woonwijk of garages, het zonneveld niet resulteren tot een uitstoot van schadelijke stoffen zoals bestrijdingsmiddelen, zware metalen, cyaniden, aromatische koolwaterstoffen en gechloreerde koolwaterstoffen. Het zonneveld zal zelfs bijdrage aan groene energie en daarmee uitstoot van emissies verminderen. Uit onderzoek door Wageningen Universiteit blijkt dat de aanleg van een zonneveld invloed kan hebben op het bodemleven en de soortensamenstelling (Frambach & Schurer, 2019). Echter doordat de planlocatie, waar het zonneveld gerealiseerd wordt momenteel een relatief monotoon grasperceel betreft, met daaronder een vervuilde bodem (oude stortplaats), is de verwachting dat hier geen hoog kwalitatief bodemleven aanwezig is. Het zonneveld zal derhalve geen significant negatief effect hebben op de bodem.

Daarnaast maakt de planlocatie zelf geen onderdeel uit van het NNB-gebied. Wegens voorgenoemde kunnen negatieve effecten ten aanzien van stikstofemissie, de kwaliteit van bodem, water en lucht van het NNB, uitgesloten worden. Conclusie Gelet op de aard van de werkzaamheden kan vervuiling van bodem, water en lucht in het NNB-gebied uitgesloten worden. De ontwikkeling leidt niet tot aantasting van de kwaliteit van bodem, water en lucht.

4.5 Rust, mate van stilte, donkerte en openheid De planlocatie is niet gelegen in een stiltegebied. Daarnaast zal ten gevolge van de beoogde ontwikkeling geen sprake zijn van een significante toename van geluiden. Rondom het zonneveld zal een struinpad aangelegd worden. Dit pad zal enkel gebruikt worden door wandelaars (dagrecreanten). Reeds zijn er rondom de planlocatie al fiets en wandelpaden gelegen, welke gebruikt worden door wandelaars. Derhalve zullen de nieuwe struinpadden niet resulteren in een toename van dagrecreanten en daarmee extra geluiden. Binnen de nieuwe ontwikkeling zal geen sprake zijn van verlichting, waardoor er eveneens geen veranderingen en/of effecten zijn op de huidige donkerte. Het droog bos met productie dat binnen het aangrenzende NNB-gebied aanwezig is heeft geen open karakter. Gezien er geen werkzaamheden zijn beoogd binnen het NNB, is er tevens geen sprake van de aantasting van openheid van het NNB-gebied.

13

Conclusie De aanleg van een zonneveld met daaromheen een struinpad zal niet leiden tot negatieve effecten op de rust, mate van stilte, donkerte en openheid in het aangrenzende NNB-gebied.

4.6 Landschapsstructuur en belevingswaarde Gezien de beoogde werkzaamheden plaatsvinden buiten het NNB-gebied, is er geen sprake van aantasting van de landschapsstructuur van het NNB. Volgens Couterier (2017) bepalen een aantal elementen in een gebied de belevingswaarde. Deze elementen betreffen: eenheid van het gebied, gebruik, historisch karakter, natuurlijkheid, ruimtelijkheid, seizoenskenmerken, zintuigelijke indrukken en het huidig beheer (gericht op verzorging van de natuurlijke en cultuurrijke omgeving). De planlocatie betreft een voormalige stortplaats, welke een frequent maaibeheer kent en omringd wordt door bos. Hierdoor heeft de planlocatie geen hoge belevingswaarde betreft eenheid, huidig gebruik, historisch karakter, natuurlijkheid, ruimtelijk karakter, seizoenskenmerken, zintuigelijke indrukken of het beheer. Het realiseren van een zonneveld met daaromheen struinpadden en kruidenrijk ruigte leidt derhalve niet tot afname van de huidige belevingswaarde. Conclusie Er zijn geen werkzaamheden beoogd binnen het NNB-gebied, waardoor er geen sprake is van aantasting van de huidige landschapsstructuur. Daarnaast leidt de beoogde ontwikkeling niet tot afname van het huidige belevingswaarde.

14

5 Conclusie 5.1

Ecologische kenmerken en waarden De beoogde ontwikkeling zal plaatsvinden buiten het NNB. Derhalve is er enkel sprake van een eventuele externe werking op het NNB-gebied. De beoordeling hiervan is toegelicht in H4. Hieruit kan geconcludeerd worden dat de beoogde ontwikkeling, indien rekening wordt gehouden met enkele maatregelen (H5.2), geen significante (negatieve) invloed heeft op de ecologische waarden en kenmerken van het Natuurnetwerk Brabant (tabel 5.1). Wanneer de te treffen maatregelen worden opgevolgd zijn er geen compensatiestappen of beperkende maatregelen benodigd. Tabel 5.1

Samenvatting van de effecten van de beoogde ontwikkeling op de ecologische waarden en kenmerken van het aangrenzende NNB.

Ecologishe waarde of kenmerk

Aantasting

Maatregelen

Nee, mits maatregelen worden opgevolgd

Ja

Geomorfologische processen

Nee

Nee

Waterhuishouding

Nee

Nee

Kwaliteit van bodem, water en lucht

Nee

Nee

Mate van stilte, donkerte en openheid

Nee

Nee

Landschapsstructuur en belevingswaarde

Nee

Nee

Natuurwaarde

5.2 Te treffen maatregelen •

•

Grove verstoringen (grondverzet) welke plaatsvinden tijdens de aanlegfase dienen uitgevoerd te worden buiten het broedseizoen van de kwalificerende broedvogels: appelvink, boomklever, groene specht, keep, kleine bonte specht, sijs, vuurgoudhaan en zwarte specht. Werkzaamheden die leiden tot grove verstoringen dienen uitgevoerd te worden buiten het broedseizoen van vorengenoemde soorten, conform de natuurkalender broedvogels; tussen oktober en maart. Om lichtverstoring tijdens de aanlegfase te voorkomen dienen de werkzaamheden uitgevoerd te worden tussen zonsopgang en zonsondergang.

15

Bronvermelding Adams, A.S., et al., 2012. Herstelstrategieën stikstofgevoelige habitats Deel II: Herstelstrategieën voor stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden. Natura 2000. Couterier, J.F., 2017. Een meetinstrument voor de belevingswaarde van landschappen. RAPPORT 559 Onderzoekreeks Nota Landschap nr. 9 DLO-Staring Centrum, Wageningen. Frambach, M., & B. Schurer., 2019. De effecten van grondgebonden zonneparken op de bodemgesteldheid. Indicatief bodemonderzoek onder zonnepanelen. Bodem 29 (1): 34-36. Smit, M., 2023. Quickscan Wet natuurbescherming Oude Baan-Oost te Rosmalen. Blom Ecologie, Waardenburg. Geraadpleegde websites www.ahn.nl www.arcgis.com www.bij12.nl www.dinoloket.nl www.kaartbank.brabant.nl www.nationaalgeoregister.nl www.ndff.nl www.noord-brabant.maps.arcgis.com www.noord-brabant.tercera-ro.nl www.ravon.nl www.ruimtelijkeplannen.nl www.synbiosys.alterra.nl www.topotijdreis.nl

16

Koeweistraat 2 4181 CD Waardenburg 0418 820 288

blomecologie.nl 17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14307553/1