CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 10 Meerjarenprognose Sociaal & Zorgfonds

Gemeenteraad 9 december 2025, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Managementrapportage 20251.626 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Meerjarenprognose reserves Sociaal Domein Beste gemeenteraad, Zoals afgesproken geven wij regelmatig inzicht in de reserves van het Sociaal Domein. Het gaat om ontwikkelingen en meerjarenprognoses op basis van de op dat moment bekende informatie. We beginnen met de regionale reserve BW/MO omdat de ontwikkelingen daarvan, via periodieke uitkeringen, doorwerken in de lokale reserve sociaal en zorgfonds (reserve S&Z). Regionale reserve beschermd wonen maatschappelijke opvang (reserve BW/MO) Ten opzichte van de voorjaarsnota is de prognose gelijk gebleven, met als enige wijziging de verlenging van de centrumregeling tot en met 2029. ’s-Hertogenbosch is centrumgemeente voor BW/MO en werkt hiervoor samen met regiogemeenten via een centrumregeling. De begroting van BW/MO laat al langere tijd een flink overschot zien ten opzichte van de rijksuitkering. In recente prognoses neemt dat overschot af. Dit komt vooral door meer plaatsingen van cliënten met zware indicaties, onder andere in de twee hostels, de Voorziening Langdurig Verblijf (VLV) en soms buiten de regio. De cliënten in de VLV zijn ingestroomd via de Wmo, maar we zien inmiddels een duidelijke doorstroom naar de Wet langdurige zorg (Wlz). We verwachten de komende jaren een overschot van ruim € 6 miljoen per jaar.

Volgens het raadsbesluit van 10 december 2024: “Meerjarenbegroting BW MO 2025-2026, uitkeren regionale reserve en begroting 2025 lokaal uitvoeringsplan BW MO”, keren we het deel van de reserve boven de ondergrens uit aan de regiogemeenten, waaronder ’s-Hertogenbosch. In 2025 is er € 11 miljoen uitgekeerd, waarvan € 6,6 miljoen is toegevoegd aan de lokale reserve sociaal en zorgfonds. We houden er rekening mee dat ook in de komende jaren vergelijkbare uitkeringen plaatsvinden. Tabel 1 geeft meerjarig het verwachte verloop van de reserve BW/MO weer. Tabel 1: Meerjarenprognose regionale reserve BW marap 2025 x € 1.000.000,-

Regionale reserve Beschermd Wonen Stand reserve Beschermd wonen op 1 januari Afroming Ten gunste van 's-Hertogenbosch Afroming ten gunste van regiogemeenten Resultaat BW Reserve BW/MO

2025 26,8 -6,6 -4,4 7,9 23,7

2026 23,7 -10,6 -7,1 6,2 12,2

2027 12,2 -3,7 -2,5 6,2 12,2

2028 12,2 -3,7 -2,5 6,2 12,2

Ondergrens ter dekking van risico's Verschil t.o.v. ondergrens

6,0 17,7

6,0 6,2

6,0 6,2

6,0 6,2

*Over cursief gedrukte bedragen moet nog besluitvorming plaatsvinden.

Ontwikkelingen en risico’s BW/MO: - Het ministerie VWS heeft een grote financiële opgave voor de Wlz, waaronder een tekort in de Wlz-GGZ-wonen. Er is bij de openstelling van de Wlz-GGZ in 2021 een uitname uit de middelen BW gedaan. Het aantal cliënten is boven verwachting gestegen. In de jaarlijkse Ombuigingslijst wordt rekening gehouden met pakketmaatregelen Wlz, tariefkortingen Wlz en een uitname uit de rijksmiddelen Wmo beschermd wonen. Dit zou voor onze regio een hogere instroom en minder middelen kunnen betekenen. Het wetsvoorstel Woonplaatsbeginsel BW is al dermate lang aangehouden door het Rijk dat de VNG zich ook bezint op een alternatief, waaronder een herijking van de verdeelmodellen voor BW en MO zonder de invoering van het woonplaatsbeginsel. In verouderde berekeningen rondom het woonplaatsbeginsel BW werd onze regio als een voordeelregio gezien.

1

Lokale reserve S&Z Per jaareinde 2025 hebben we naar verwachting € 38,7 miljoen in onze reserve. Ten opzichte van de prognose bij de voorjaarsnota is dit € 10,0 miljoen meer. De totale achterliggende budgetten zijn per 2025 ruim € 110 miljoen. Het verschil komt door positieve bijstellingen via de mei- en septembercirculaire 2025. Tabel 2: Lokale reserve S&Z per 1-1-2025 x € 1.000.000,-

Ontwikkeling S&Z in 2025

Begroting

Balansstand 1-1-2025 Saldo mutaties Raadsprogramma's Prognose beschikbaar per 31-12-2025 Reserveringen Per saldo beschikbaar

32,7 -4,0 28,7 -6,1 22,6

Verwachtte afwijkingen 10,0 10,0 -0,5 9,5

Verwacht saldo 32,7 6,0 38,7 -6,6 32,1

* Exclusief mutaties in de septembercirculaire 2025. Van belang voor de Meerjarenprognose sociaal en zorgfonds: - Jeugdhulp: Ten opzichte van de voorjaarsnota is het meerjarenbeeld voor jeugdhulp veranderd. Via de meicirculaire 2025 heeft het Rijk incidenteel € 27 miljoen toegekend voor de periode 2025–2027, waarvan € 12 miljoen bedoeld is als eenmalige compensatie voor landelijke tekorten. De geplande besparingen uit de hervormingsagenda zijn doorgeschoven van 2026 naar 2028. Tegelijkertijd is de landelijke taakstelling vanaf 2028 verhoogd met bijna € 800 miljoen, inclusief de invoering van een eigen bijdrage. - Programma Jeugdhulp: Door kinderen op school vroegtijdig te ondersteunen in hun ontwikkeling, voorkomen we dat zij later specialistische hulp nodig hebben. - We investeren in aanbod dat voor iedereen toegankelijk is, zodat jongeren veilig en met kansen kunnen opgroeien. Bijvoorbeeld:  We helpen gezinnen in moeilijke scheidingssituaties met een ‘gezinsadvocaat’.  Op 9 scholen in ’s-Hertogenbosch bieden we gezamenlijke jeugdhulp.  Via ‘GROEN’ ondersteunen we jongeren op een makkelijke en toegankelijke manier, zonder dat er eerst een officiële beschikking nodig is.  Opgroeiondersteuning op school, In 2025 bieden we dit op 9 scholen aan.

- Septembercirculaire 2025: Het Rijk compenseert gemeenten in 2025 voor de helft van landelijk berekende tekorten op de Jeugdwet in 2023 en 2024. We ontvangen in 2025 eenmalig € 7 miljoen. - Wmo: Binnen de Wmo verwachten we in 2025 gemiddeld 3% groei in het aantal cliënten. Bij individuele begeleiding is die groei echter veel hoger: 8%. Per 1 januari 2025 zijn we voor hulpmiddelen overgestapt op een nieuwe manier van betalen: ‘prijs x aantal’. Voorheen betaalden we één vast bedrag (lumpsum). Door deze wijziging is het op dit moment lastiger om de kosten goed te voorspellen. We verwachten in 2025 een tekort van € 2,4 miljoen op de Wmo. Dit tekort loopt bij gelijke trend de komende jaren op tot € 5,2 miljoen structureel. Door structuurversterkende maatregelen, en het integraal zorgakkoord (IZA) en het gezond en actief leven akkoord (GALA) zetten we tot en met 2026 in op preventie en het ombuigen van deze trend en daarmee het betaalbaar houden van de zorg. Vanaf 2026 wordt hier verder invulling aan gegeven door het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) en het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg (HLO), hiervoor zijn ook extra middelen beschikbaar gesteld vanuit het Rijk. Dit leidt tot het volgende meerjarenbeeld weergegeven in tabel 3:

2

Tabel 3: Meerjarenbeeld Reserve S&Z marap 2025 x € 1.000.000,Meerjarenbeeld S&Z marap 2025 2025 Stand S&Z op 1 januari 32,7 Ontvangsten uit regionale reserve BW 6,6

2026 38,7 10,6

2027 36,1 3,7

2028 25,3 3,7

Jeugdhulp Programma jeugdhulp (Hervormingsagenda) Compensatie jeugdhulp septembercirculaire 2025** Wmo Overige Nieuw beleid (voorjaarsnota 2024) Structuur versterkende maatregelen Mutaties per saldo Stand S&Z op 31 december Reserveringenkomende jaren: Prognose beschikbaar als buffer voor tekorten per jaareinde

-3,0 -4,8 -3,7 -0,5 -1,1 -2,7 36,1 36,1

-8,7 ** -4,4 -0,5 -0,7 -10,7 25,3 25,3

-23,0 ** -5,2 -0,5 -25,1 0,2 0,2

0,3 -3,2 7,0 -2,4 -0,5 -0,1 -1,7 6,0 38,7 -6,6 32,1

*Over cursief gedrukte bedragen moet nog besluitvorming plaatsvinden. ** Via de septembercirculaire 2025 is eenmalig € 7 miljoen toegekend aan het Rijk ter compensatie van landelijke tekorten op de Jeugdwet in 2023 en 2024. Deze benutten we om onze remweg te verlengen, verdere uitrol van interventies die ontwikkeld zijn in het programma jeugdhulp en voor het versterken van onze lokale teams.

Tot slot zijn de belangrijkste risico’s bij deze meerjarenprognose als volgt: - Besluitvorming Rijk middelen vanaf 2028: Veruit het grootste effect op het meerjarenbeeld zijn de verwachtte Rijksbesparingen op de hervormingsagenda Jeugdhulp. In totaal belopen deze ruim € 11 miljoen structureel vanaf 2028. Voor 2028 geeft een landelijke deskundigencommissie opnieuw een zwaarwegend advies over de haalbaarheid van deze besparingen. We hebben de volledige korting van € 11 miljoen verwerkt in het meerjarenbeeld. We hebben geen aanname gedaan over mogelijke compensatie op basis van een advies van de volgende deskundigencommissie. - JeugdzorgPlus (JZ+): Landelijk staat JZ+ onder grote druk. Instellingen hebben het financieel zwaar. Het is waarschijnlijk dat de samenwerkende gemeenten in Zuidoost Nederland zullen moeten bijdragen aan instandhouding. En daarnaast het aanpassen naar kleinschaligheid en het ontwikkelen van alternatieven. - Doeluitkering vrouwenopvang: Zoals u weet, hebben we ontdekt dat de gemeente Vught onterecht was toegewezen aan de centrumgemeente Eindhoven voor de doeluitkering vrouwenopvang. Dit is per 1 januari 2024 gecorrigeerd door het Rijk. Medio 2024 hebben het college van de gemeente Eindhoven en ’s-Hertogenbosch aan het Rijk het voorstel gedaan dat Rijk, gemeente Eindhoven en ’s-Hertogenbosch ieder 1/3e deel van het tekort op zich neemt.

Dit is in januari 2025 door het Rijk afgewezen. Najaar 2025 zal de gemeenteraad van Eindhoven een besluit nemen over de incidentele compensatie van c.a. € 850.000.

-

Inkomensafhankelijk abonnementstarief: De invoering van het nieuwe abonnementstarief binnen de Wmo is uitgesteld tot 2027. Vanaf dat moment geldt een inkomensafhankelijk tarief voor alle voorzieningen waarvoor nu al een abonnementstarief geldt. Voor ’s-Hertogenbosch betekent dit een jaarlijkse korting van ruim € 2 miljoen op het gemeentefonds. Het idee is dat hogere bijdragen de aanzuigende werking van de regeling verminderen. Of dat in de praktijk ook zo werkt, is nog onzeker. Voor nu hebben we deze wijziging volgens het Rijksbeleid zonder effect op de begroting verwerkt in het meerjarenbeeld.

-

Nieuwe contracten: Eind 2027 lopen onze Jeugdwet overeenkomsten af. Verlenging is niet meer mogelijk na deze datum. In 2026 buigen we ons over de inkoopkaders voor de nieuwe overeenkomsten die per 1-1-2028 in moeten gaan. Daarnaast zijn er voor de Wmovoorzieningen (huishoudelijke hulp, Woningaanpassingen, Hulpmiddelen) nieuwe contracten afgesloten. Dit maakt de kostenprognose meerjarig minder zeker, in onze meerjarenprognose gaan we ervanuit dat de kostenontwikkeling het gemiddelde van de Wmo blijft volgen.

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16191633/1