CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Ruimtelijke Onderbouwing Willemspoort Zuid

Gemeenteraad 12 oktober 2021, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Ruimtelijke onderbouwing Willemspoort Zuid15.663 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Willemspoort Zuid

2

Inhoudsopgave Ruimtelijke onderbouwing

5

1.1

7

Hoofdstuk 1

Inleiding

1.2

Begrenzing projectgebied

1.3

Hoofdstuk 2 2.1 2.2

Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3 3.4

Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3

Hoofdstuk 5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9

5.10 5.11 5.12 5.13 5.14 5.15 5.16

Hoofdstuk 6 Hoofdstuk 7 Rho adviseurs voor leefruimte

Aanleiding Leeswijzer

Huidige situatie

Beschrijving locatie en ligging in de stad Geldend bestemmingsplan

Projectbeschrijving

Stedenbouwkundige opzet Programma Gebruik

Verkeer en parkeren

Beleidskader Rijksbeleid

Provinciaal beleid

Gemeentelijk beleid

Milieu, duurzaamheid en waarden Inleiding

Bedrijven en milieuzonering Geluid

Trillingen

Verlichting Wind

Externe veiligheid Lucht

Bodem Geur

Hoogspanningslijnen Water

Duurzaamheid

Milieueffectrapportage Ecologie

Archeologie en cultuurhistorie

Economische uitvoerbaarheid Inspraak en vooroverleg

7 8 9

10 10 11

13 13 15 15 16

19 19 20 26

29 29 29 30 32 33 33 33 35 36 36 37 37 39 41 42 44

46 47

3

Bijlagen bij ruimtelijke onderbouwing

49

Bijlage 2

Verantwoording hoogteaccent gebouw C2

51

Bijlage 4

Parkeerbalans

53

Bijlage 1 Bijlage 3 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8 Bijlage 9

Bijlage 10 Bijlage 11

Rho adviseurs voor leefruimte

Stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan

Windhinder

Akoestisch onderzoek

Ecologische Quicscan en Natuurintensief bouwen Externe veiligheid en luchtkwaliteit Bodemonderzoek

Waterhuishoudkundig plan en hittestress

Passende beoordeling stikstof, Aeriusberekingen Selectieadvies Archeologie

52 54 55 56 57 58 59 60

50

4

Rho adviseurs voor leefruimte

5

Ruimtelijke onderbouwing

Rho adviseurs voor leefruimte

6

Rho adviseurs voor leefruimte

7

Hoofdstuk 1

1.1

Inleiding

Aanleiding

De gemeenteraad van Den Bosch heeft in december 2013 de ruimtelijke kaders vastgesteld waarbinnen het Middengebied van Willemspoort verder kan worden uitgewerkt. Op basis hiervan is in 2015 voor het noordelijk deel van het Middengebied van Willemspoort een stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan opgesteld en is hiervoor een ruimtelijke onderbouwing gemaakt.

Figuur 1.1 Deelgebied Willemspoort Midden met een noordelijke en zuidelijk deel. Hieronder is het plangebied weergegeven binnen de Spoorzone:

Rho adviseurs voor leefruimte

8

Figuur 1.2 Ligging Willemspoort Zuid binnen de Spoorzone In 2018 is het ruimtelijk kader voor het Middengebied van Willemspoort door de gemeenteraad gewijzigd ten aanzien van het nieuwbouwprogramma. Daarbij is besloten dat het programma aan commerciële- en zorgvoorzieningen voor het Middengebied (circa) 5000 m 2 is en dat het nieuwbouwprogramma voor woningen in het Middengebied (ten minste) 700 woningen is. Het noordelijk deel is inmiddels ontwikkeld. In Willemspoort Noord zijn ruim 300 woningen gerealiseerd en circa 2.000 m2 commercieel programma. De invulling van Willemspoort Zuid completeert de ontwikkeling van het gebied Willemspoort, gelegen tussen de Vlijmenseweg en het natuurgebied de Gement. Het stedenbouwkundig plan voor Willempoort Zuid is een uitwerking van de eerder vastgestelde kaders en voorziet in een gevarieerd woonprogramma voor verschillende doelgroepen. In totaal gaat het om circa 500 woningen en nog eens circa 2.100 m2 aan aanvullend programma, waaronder zorggerelateerde functies. De beoogde ontwikkeling is in strijd met het geldende bestemmingsplan. Om de voorgenomen ontwikkeling mogelijk te maken is deze ruimtelijke onderbouwing opgesteld, als voorbereiding op de uitgebreide afwijkingsprocedure.

1.2

Begrenzing projectgebied

Het projectgebied wordt begrensd door de Randweg en de Henri Dunantstraat. Het projectgebied is kadastraal bekend als gemeente 's-Hertogenbosch, sectie F nummer 3021. Het kadastrale perceel heeft een oppervlakte van ruim 3,4 ha. Het projectgebied betreft een gedeelte van dit kadastrale perceel en heeft een oppervlakte van circa 2,5 ha.

Rho adviseurs voor leefruimte

9

Figuur 1.2 Begrenzing projectgebied rood omrand (bron: basisviewer.rho)

1.3

Leeswijzer

Deze ruimtelijke onderbouwing heeft de volgende opzet.  In hoofdstuk 2 wordt de huidige situatie van het projectgebied omschreven. Direct daaropvolgend is aangegeven op welke wijze de huidige situatie planologisch-juridisch is geregeld.  In hoofdstuk 3 wordt de ontwikkeling nader omschreven.  In hoofdstuk 4 is de voorgenomen ontwikkeling getoetst aan vastgesteld en voorgenomen beleid van verschillende overheden.  In hoofdstuk 5 is het plan getoetst aan sectorale wetgeving en aspecten.  In hoofdstuk 6 en 7 wordt ingegaan op de financiële en maatschappelijke uitvoerbaarheid.

Rho adviseurs voor leefruimte

10

Hoofdstuk 2

2.1

Huidige situatie

Beschrijving locatie en ligging in de stad

Onderdeel Spoorzone Willemspoort-Zuid is onderdeel van de Spoorzone met zijn mix van wonen, werken en voorzieningen in een stedelijke dichtheid. Het ligt vlakbij de binnenstad en ten zuiden van het Paleiskwartier. Het vormt samen met Willemspoort Noord het gebied 'Willemspoort', gelegen tussen de Vlijmenseweg en het natuurgebied de Gement. Vanuit het belang van de ontwikkeling van de Spoorzone voor de stad en het unieke karakter van dit gebied is met de ontwikkelrichtingen voor de Spoorzone van maart 2018 de volgende ambitie geformuleerd: intensief-stedelijk, slim en duurzaam bereikbaar, wonen-werken: een dynamisch interactie-milieu.

Figuur 2.1 Luchtfoto spoorzone In het aangrenzende Willemspoort Noord zijn ruim 300 woningen gerealiseerd en inmiddels bewoond. Het thema voor Noord is 'Wonen in een park': de woningen zijn gesitueerd als losse appartementengebouwen rond een groen middengebied en in een wandgebouw met een toren langs de Vlijmenseweg. In de zuidelijke hoeken staan twee torens met daartussen drie urban villa's. Aan de noordoostzijde wordt een plan ontwikkeld voor een kinderdagverblijf en voor het voormalige restaurant de KaSerne wordt een andere (horeca) invulling gevonden.

Rho adviseurs voor leefruimte

11

Figuur 2.2 Willemspoort Noord: groen binnenterrein Uniek aan Willemspoort Zuid is zijn ligging aan natuurgebied de Gement waardoor het een deel van de stadsrand van Den Bosch zal vormen. Aan de westzijde van Willemspoort Zuid ligt de entree van het Jeroen Bosch Ziekenhuis. Tussen Willemspoort Noord en Zuid ligt de Randweg die Willemspoort met de A59 en de A2 verbindt. Aan de west, zuid- en oostzijde ligt de Henri Dunantstraat. Het plangebied is momenteel in gebruik als parkeerterrein.

Figuur 2.3 Ligging Willemspoort Zuid

Rho adviseurs voor leefruimte

12

2.2

Geldend bestemmingsplan

Het projectgebied is momenteel juridisch-planologisch geregeld in het bestemmingsplan 'PaleiskwartierWillemspoort-Station'. Dit bestemmingsplan is door de gemeenteraad van 's-Hertogenbosch vastgesteld op 6 juni 2014. Het projectgebied heeft volgens het geldende bestemmingsplan de bestemming 'Verkeer'. De gronden binnen de enkelbestemming 'Verkeer' zijn bestemd voor wegverkeer, geluidwerende voorzieningen, verkeersvoorzieningen, verblijfsgebied, verblijfsgebiedvoorzieningen, fiets- en wandelpaden, fietsenstalling, parkeervoorzieningen, sport- en speelvoorzieningen waaronder wijkspeelplaatsen, openbaar vervoer, openbaarvervoersvoorzieningen en aan de hoofdfunctie ondergeschikte voorzieningen zoals groen en groenvoorzieningen, water en waterhuishoudkundige voorzieningen, nutsvoorzieningen, standplaatsen en terrassen.

Figuur 2.4 Geldend bestemmingsplan (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl) De beoogde ontwikkeling is in strijd met de bouw- en gebruiksregels van de geldende bestemming. De bouw van gebouwen, ten behoeve van woningen en commerciële voorzieningen is niet toegestaan. Het gebruik van de gronden ten behoeve van wonen en commerciële functies is eveneens niet toegestaan. Er moet ex artikel 2.12 lid 1 onder a onder 3° Wabo een uitgebreide voorbereidingsprocedure voor worden gevoerd. Ter motivering van het besluit om van het bestemmingsplan af te wijken is deze ruimtelijke onderbouwing opgesteld.

Rho adviseurs voor leefruimte

13

Hoofdstuk 3 3.1

Projectbeschrijving

Stedenbouwkundige opzet

De stedenbouwkundige opzet van Willemspoort Zuid is een stedelijk ensemble waarbij de woningen gegroepeerd zijn rond drie groene hoven. De Gementhof is het grootste hof en heeft een centrale rol in het plan. Het hof is een groene oase tussen stedelijke voorzieningen als ziekenhuis, onderwijsvoorzieningen en drukke wegen. Het is de gezamenlijke tuin voor alle bewoners van Willemspoort Zuid en de plek waar je kunt ontspannen en je buren kunt ontmoeten. De Gementhof biedt ook de mogelijkheid om gezamenlijk te tuinieren en een kinderspeelplek te realiseren. In de hof is een mogelijkheid opgenomen om een paviljoen te realiseren dat door bewoners als gemeenschappelijke ontmoetingsruimte gebruikt kan worden of waar mogelijk nog extra programma aan kan worden toegevoegd zoals bijvoorbeeld een servicepunt of kleinschalige horecavoorziening. Door een brede opening heeft de centrale hof een visuele verbinding met de Gement, waardoor het wonen aan de Gement nog tastbaarder wordt. Tegelijk is dit de hoofdontsluiting voor fietsers en voetgangers naar de woningen aan de Hof en is deze toegankelijk voor verhuiswagens en pakket- en hulpdiensten. De twee kleinere hoven zijn het Carréhof aan de westzijde en het Henri Dunanthof aan de oostzijde Deze liggen meer in de luwte en hebben daardoor meer een privé-karakter.

Deze hoven zijn via de Henri Dunanstraat en de Gementhof toegankelijk voor voetgangers. De binnentuinen hebben een beschutte ligging tussen de gebouwen, maar zijn bedoeld voor het stimuleren van interactie en ontmoeting tussen bewoners, bezoekers en gebruikers van de commerciële- en zorgfuncties. De hoven zijn openbaar en voor iedereen toegankelijk.

Figuur 3.1.1

Rho adviseurs voor leefruimte

14 De woningen in het plan staan gegroepeerd rond deze drie hoven en kijken voor een groot deel hierop uit. Daarnaast zijn er woningen met zicht op de Gement en er komen appartementen met een kleinschalige functies in de plint aan het voorplein bij het ziekenhuis. Het Jeroen Bosch Ziekenhuis wordt door de toevoeging van Willemspoort Zuid weer onderdeel van de stad. Het voorplein van het Jeroen Bosch Ziekenhuis krijgt met de introductie van de gevels van Willemspoord Zuid een meer besloten karakter met een aangenaam verblijfsklimaat. Langs de Randweg bij het Jeroen Bosch Ziekenhuis knikt de bebouwing bewust terug waardoor hier de wandwerking gereduceerd wordt. De bebouwing varieert in hoogte. Aan de Gementzijde is deze lager zodat ook vanaf de woningen langs de Randweg zicht is op de Gement. Onderdeel van het wand langs de Randweg is een woontoren. Op grotere schaal maakt deze onderdeel uit van het ensemble van woontorens in Paleiskwartier Zuid en Willemspoort Noord en is daarmee onderdeel van het stadssilhouet van Den Bosch. De bouwhoogte langs de Henri Dunantstraat en de Gement is 6 bouwlagen met een accent van respectievelijk 7 bouwlagen langs de Gement en een accent van 8 bouwlagen op de hoek richting het Jeroen Boschziekenhuis.

Aan de Gementhof langs de Randweg varieert de hoogte van 6 bouwlagen tot 8 bouwlagen met een toren met een samengesteld volume van 16 bouwlagen tot 20 bouwlagen met een opengewerkte kroon . In bijlage 2 is het volledige ruimtelijke onderzoek opgenomen: ‘Verantwoording hoogteaccent gebouw C2”. Uit het ruimtelijk onderzoek blijkt dat het hoogteaccent voldoet aan de tien uitgangspunten die de ‘Nota Hoogbouw’ stelt: slankheid, maatwerk, silhouet, architectuur, beëindiging van het gebouw, plint van het gebouw, omgevingskwaliteit, milieuaspecten, bezonning en windhinder.

Figuur 3.1.2 Impressie stedenbouwkundig plan In het stedenbouwkundig plan en het daarin opgenomen beeldkwaliteitsplan wordt veel aandacht besteed aan het creëren van een rijk silhouet door het realiseren van een afwisselend dakenlandschap en variatie in hoogte. De nieuwe gebouwen worden met aandacht voor details vormgegeven met natuurlijke materialen in aardse tinten. Er is veel aandacht de vormgeving van de gevels en entrees, het materiaalgebruik en de groeninrichting van zowel de openbare ruimte als de aankleding van balkons en dakterrassen.

Rho adviseurs voor leefruimte

15 De uitvoering zal gefaseerd plaatsvinden. In de eerste fase zullen circa 350 woningen worden gerealiseerd, in de tweede fase circa 150 woningen.

3.2

Programma

Voor het zuidelijk deel van Willemspoort is een stedenbouwkundig plan opgesteld, zie bijlage 1. Hierin is een programma van circa 500 appartementen in koop en (sociale) huur met circa 2100 m2 ondersteunende (commerciële) voorzieningen opgenomen. Van het totale woonprogramma wordt 35 procent in de sociale huur gerealiseerd. Daarnaast lopen er gesprekken om nog een substantieel aandeel middeldure huurwoningen te realiseren . Hiermee kan Willemspoort een belangrijke bijdrage leveren aan het faciliteren van de grote woonbehoefte die er is. De voorzieningen bestaan uit maximaal 1.100 m2 aan detailhandel (waaronder een supermarkt to go van maximaal 300 m2 BVO), maximaal 200 m2 aan horeca en daarnaast nog ongeveer 800 m2 aan zorgvoorzieningen. Het beoogde indicatieve programma is opgenomen in de tabel 3.2.1. Programma Commercieel Commercieel zorg Zorgappartementen Sociale huur Tiny Appartments Koopappartementen Vrije sector huur appartementen Totaal

ca 1.300 ca 800 ca 15 ca 65 ca 100 ca 200 ca 125 ca 500

Eenheid m2 m2 aantal aantal aantal aantal aantal

Tabel 3.2.1 Indicatief programma Willemspoort Zuid Er zal sprake zijn van gefaseerde uitvoering van het woonprogramma. In fase I gaat het om circa 350 woningen, in fase II om circa 150 woningen. In De commerciële functies komen in de plint bij het plein bij het Jeroen Bosch Ziekenhuis, doorlopend naar een deel van het binnenterrein. Waar de verschillende programma onderdelen in het plan precies landen is onderdeel van de verdere uitwerking.

3.3

Gebruik

Willemspoort Zuid is een residentieel buurtschap aan de rand van het centrum op de overgang naar het landschap van de Gement. De nabijheid van het Jeroen Bosch Ziekenhuis, het Koning Willem I College en het Paleiskwartier met bedrijven en winkels, zorgt voor een grote dynamiek en een hoog voorzieningenniveau in de directe nabijheid.

Rho adviseurs voor leefruimte

16 Er is gekozen om een centrale groene binnenruimte te ontwerpen. Alle woningen krijgen een gezamenlijk adres aan de binnenzijde van Willemspoort Zuid. Deze binnenruimte oriënteert zich aan het groene milieu van de Gement. Het is de gezamenlijke tuin van alle bewoners van Willemspoort Zuid; hier is de plek waar bewoners in de geluidsluwe buitenruimte kunnen ontspannen en hun buren kunnen ontmoeten. Willemspoort Zuid moet een gemeenschap uit de verschillende uiteenlopende gebruikers maken. Hierdoor ontstaat woonplezier en sociale controle. Alle auto's worden ondergronds onder de gebouwen geparkeerd. Alleen de openbare parkeergarage staat vrij aan de Randweg. Hierdoor wordt de openbare ruimte waar bomen in de volle grond geplant kunnen worden gemaximaliseerd. Het plan combineert verzorgd wonen met rust, uitzicht en uitloop naar het landschap. Hierdoor ontstaat een woongemeenschap waar mensen elkaar kennen doordat ze elkaar ontmoeten. Het stedenbouwkundig plan is daarop ontworpen, met drie centrale groene hoven. Alle appartementen hebben hun ingang aan deze hoven gelegen. In de hofjes staan grote picknicktafels, schommels en een boomhut tussen de fruit- en notenbomen. De programmering van aanvullende functies wordt hierop uitgezocht: shortstay-faciliteiten voor bezoekers van de bewoners, een fietsenmaker, fitnessclub, crèche en servicepunt zijn wenselijk.

In de centrale Gementhof zou een gemeenschappelijk paviljoen de functie als clubhuis kunnen hebben; ook hier kunnen de bewoners elkaar ontmoeten.

3.4

Verkeer en parkeren

3.4.1 Verkeersafwikkeling Parkeren in Willemspoort Zuid vindt deels plaats in bewonersparkeergarages onder de gebouwen en deels in de openbare garage op de hoek van de Randweg en de Henri Dunantstraat. De toegang tot de openbare parkeergarage is gesitueerd tegenover de hoofdingang van het Jeroen Bosch Ziekenhuis, in de nabijheid van de kruising Henri-Dunantstraat-Vlijmenseweg-Randweg. De toegangen tot de privégarages liggen aan de zuidelijke tak van de Henri Dunantstraat; deze zijn goed bereikbaar vanaf de bovengenoemde kruising, en ook vanaf de kruising Henri-DunantstraatOnderwijsboulevard-Vlijmenseweg.

Figuur 3.4.1 Verkeersbewegingen

Rho adviseurs voor leefruimte

17 Voor het autoverkeer is beschouwd wat de impact is van het plan Willemspoort Zuid op de verkeersafwikkeling. Voor de twee dichtstbij gelegen VRI-kruispunten is op basis van de huidige verkeersintensiteit (november 2019/pre-corona) en de verkeersgeneratie van Willemspoort Zuid bepaald of deze kruispunten het extra verkeer kunnen afwikkelen. Daarnaast is tevens onderzocht wat het effect is van wel of /geen bussluis op de verkeersafwikkeling. De conclusie is dat er zowel bij autonome ontwikkeling (zonder plan) al met ontwikkeling van Willemspoort Zuid er sprake is van een aantal knelpunten in de verkeerkeersafwikkeling. Ook valt uit de resultaten af te leiden dat het verwijderen van de bussluis een positief effect heeft op de verkeersafwikkeling. Daarmee worden echter de knelpunten niet volledig opgelost. Er zijn maatregelen nodig om de verkeersafwikkeling op deze locaties in de toekomst goed te laten verlopen. Zeker met de nabijgelegen locatie als het ziekenhuis JBZ dient de doorstroming op de Vlijmenseweg en Randweg te worden gegarandeerd.

Om de verkeersafwikkeling in de toekomst binnen acceptabele grenzen te houden (=geen overbelaste kruispunten) zijn meerdere maatregelen denkbaar, die in de toekomst ingezet kunnen worden wanneer de situatie daarom vraagt: Dit zijn het bijvoorbeeld het beperken van de verkeersgeneratie Willemspoort Zuid door het verder uitbouwen van het deelmobiliteitsconcept, aanpassingen en uitbreidingen van de bestaande verkeerslichtenregelingen en het dynamisch maken van bepaalde opstelvakken tijdens de drukken momenten (spitsperiode). Onzekerheden autonome ontwikkeling Naar de toekomst toe worden voor deze gebiedsontwikkeling (of breder voor 's-Hertogenbosch/regio) enkele ontwikkelingen voorzien waarvan het effect op de Randweg/Vlijmenseweg nog onduidelijk is. Dit betreft de volgende ontwikkelingen:  Blijvend effect corona-maatregelen: bijvoorbeeld structureel 1 of 2 dagen thuis werken en digitale poli's van het JBZ waardoor het autoverkeer minder groeit dan onze verkeersmodellen nu voorspellen;  Vrachtwagenheffing op de Vlijmenseweg/Randweg zorgt voor een verandering van het aandeel vrachtverkeer;  Infrastructurele uitbreidingen op de N65 en A2 Deil-Vught zorgen naar verwachting voor een verlichting van de verkeersdruk op de Vlijmenseweg/Randweg. Zeker in combinatie met het temporiseren van de doorstroming op de Randweg.

De huidige verkeersmodellen houden met deze ontwikkelingen niet of nauwelijks rekening. De impact hiervan is dan ook breder dan alleen voor de ontwikkeling Willemspoort Zuid. Voor onderhavige ontwikkeling is het voorstel een monitoringsprogramma op te zetten waarmee de ontwikkeling van de verkeersstromen op de Vlijmenseweg/Randweg in de gaten wordt gehouden. Met behulp hiervan kan het effect van deze onzekerheden op de Vlijmenseweg/Randweg beter in beeld worden gebracht. Op basis daarvan moeten keuzes worden gemaakt voor de uiteindelijke benodigde maatregelen om de verkeersafwikkeling inclusief de ontwikkeling van onderhavige ontwikkeling mogelijk te maken. 3.4.2 Parkeren Inleiding Voor het gebied Willemspoort Zuid is een parkeerbalans opgesteld. Deze parkeerbalans voorziet in de parkeerbehoefte van de diverse functies in dit gebied. Tevens voorziet de parkeerbalans in de parkeerbehoefte die voort komt uit eerder gemaakte afspraken in aangrenzende gebieden.

Rho adviseurs voor leefruimte

18 Het gaat concreet om de afspraken om – ten eerste - de parkeerbehoefte van bezoekers aan de woningen in Willemspoort Noord op te vangen in Willemspoort Zuid en – ten tweede – om een overloop te bieden aan bezoekers van het Jeroen Bosch Ziekenhuis. Nota Parkeernormering 2016 Voor het bepalen van de parkeerbehoefte van het gebied Willemspoort Zuid is de geldende Nota Parkeernormering 2016 toegepast, met dien verstande dat voor de in Willemspoort Zuid te realiseren horeca en detailhandel geen extra parkeerbehoefte is voorzien. De reden hiervoor is dat deze voorzieningen slechts ten dienste staan voor direct omliggende functies (omwonenden en ziekenhuisbezoekers). Deze voorzieningen zullen dus geen bezoekers van buiten Willemspoort aantrekken. Voor het gebied, inclusief de toepassing van de genoemde afspraken (Willemspoort Noord, JBZ) is de parkeerbalans sluitend. De parkeerbalans opgesteld door Heijmans is als bijlage 4 separaat opgenomen. Situering Parkeren in Willemspoort Zuid vindt deels plaats in bewonersparkeergarages en deels in de openbare garage. De grotere woningen beschikken deels over een eigen parkeerplaats in een garage, overige bewoners en bezoekers kunnen gebruik maken van de openbare parkeergarage. Laatstgenoemde garage is ook bedoeld voor bezoekers van het Jeroen Bosch Ziekenhuis (JBZ) en van Willemspoort Noord.

De toegang tot de openbare parkeergarage is gesitueerd tegenover de hoofdingang van het Jeroen Bosch ZIekenhuis, in de nabijheid van de kruising Henri-Dunantstraat-Vlijmenseweg-Randweg. De toegangen tot de privégarages liggen aan de zuidelijke tak van de Henri Dunantstraat; deze zijn goed bereikbaar vanaf de bovengenoemde kruising, en ook vanaf de kruising Henri-DunantstraatOnderwijsboulevard-Randweg. Inzet deelauto's Langs de openbare weg aan de Henri Dunantstraat komen 15 deelauto's op daarvoor aan te wijzen parkeerplaatsen. Deze deelauto's worden door de ontwikkelaar aan bewoners van Willemspoort Zuid tegen een vergoeding beschikbaar gesteld. Met deze voorziening wordt het gebruik van deelmobiliteit bevorderd. Inzet van deelauto's heeft geleid tot een reductie van het aantal te realiseren parkeerplaatsen van (netto) drie plaatsen per ingezette deelauto. Fietsparkeren Naast parkeermogelijkheid in de individuele bergingen worden ook gezamenlijke fietsenstallingen gerealiseerd. Deze gezamenlijke fietsenstallingen zijn verdeeld over de verschillende bouwblokken A, B, C en D. In de openbare ruimte zullen voor de eerste fase circa 250 fietsparkeerplaatsen gerealiseerd worden.

Rho adviseurs voor leefruimte

19

Hoofdstuk 4

4.1

Beleidskader

Rijksbeleid

4.1.1 Nationale Omgevingsvisie (2020) De Nationale Omgevingsvisie, kortweg NOVI, loopt vooruit op de inwerkingtreding van de Omgevingswet en vervangt op Rijksniveau de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte. Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Zo kunnen in gebieden betere, meer geïntegreerde keuzes worden gemaakt. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie van het Rijk in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten: a. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie b. Duurzaam economisch groeipotentieel c. Sterke en gezonde steden en regio's d. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: a. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: in het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; b.

Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; c. Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat onze leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties. Toetsing De NOVI wordt gekenmerkt door een hoog abstractie- en schaalniveau. Eén van de nationale belangen die relevant is voor het voorliggende ontwikkeling is een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming. Hier wordt aan voldaan. Voor het overige is geen concreet beleid op nationaal niveau geformuleerd dat van belang is voor het voorliggende ontwikkeling. De in de NOVI genoemde nationale belangen worden door de voorgenomen ontwikkelingen niet geschaad.

Rho adviseurs voor leefruimte

20 4.1.2 Ladder voor duurzame verstedelijking Om zorgvuldig ruimtegebruik te bevorderen is in 2012 de ladder voor duurzame verstedelijking in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6 Bro) opgenomen. De ladder ziet op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten. Per 1 juli 2017 is een gewijzigde Ladder in werking getreden. Hierin is de Ladder teruggebracht naar de essentie, namelijk de noodzaak om aan te geven dat de voorgenomen nieuwe stedelijke ontwikkeling voorziet in een behoefte plus een motivering indien de stedelijke ontwikkeling niet binnen bestaand stedelijk gebied kan worden gerealiseerd. Willemspoort Zuid ligt binnen de contouren van stedelijk gebied, zoals vastgelegd in de Interim Omgevingsverordening Noord Brabant. De locatie draagt in kwantitatieve als in kwalitatieve zin bij aan de ambitie om te voorzien in de groeiende woningbehoefte en in de veranderende woonwensen. Met de Woonvisie 's-Hertogenbosch heeft de raad een ambitieus woningbouwprogramma vastgesteld: doel is om 10.500 woningen te realiseren in de periode 2020 – 2030. (zie paragraaf 4.3.2). Deze doelstelling ligt iets hoger dan geprognosticeerde woningbehoefte van de provincie. De reden hiervoor is dat de gemeente met de ambitie van de Woonvisie stevig wil bijdragen aan het verlagen van de huidige hoge druk op de woningmarkt.

Dit door vooral voor de eerstkomende jaren in te zetten op een zo hoog mogelijke woningproductie. De provincie gaat overigens ook uit van een stevige groeiprognose voor de gemeente 's-Hertogenbosch. Uit de “bevolkings- en woningbehoefteprognose van de provincie, actualisering september 2020” blijkt dat de woningvoorraad in de gemeente 's-Hertogenbosch zou moeten groeien met 8.175 woningen in de periode 2020-2030. Om te voorzien in deze geprognosticeerde behoefte is voldoende woningbouwcapaciteit nodig en daarbinnen met name harde plannen. Dit zijn plannen waarvoor de benodigde ruimtelijke ordeningsprocedures doorlopen zijn. In lijn met de Woonvisie 's-Hertogenbosch gaat het daarbij om plannen in diverse woonmilieus om aan de verscheidenheid van woonwensen tegemoet te kunnen komen. Dit in lijn met de principes van de compacte, complete en contrastrijke stad, zoals vastgelegd in de Ruimtelijke Structuurvisie. De potentiële woningbouwcapaciteit voor de periode 2020 tot en met 2024 bedraagt 6.800 woningen, waarvan 3.000 woningen zijn opgenomen in harde plannen en 3.800 woningen in zachte plannen. Om de woningproductie de komende jaren op het hoge niveau van ruim 1.000 woningen per jaar te kunnen continueren, moet de harde plancapaciteit vergroot worden. Voorliggend plan met ruimte voor ca 500 woningen draagt daaraan bij.

Willemspoort Zuid maakt overigens al jaren onderdeel uit van de potentiële (zachte) plancapaciteit en kan, na het doorlopen van de benodigde RO-procedures, daadwerkelijk bijdragen aan het realiseren van de gemeentelijke woningbouwopgave.

4.2

Provinciaal beleid

4.2.1 Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (geconsolideerde versie maart 2020) Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant hebben op 25 oktober 2019 de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (hierna: Iov N-B) vastgesteld. Deze verordening is per 5 november 2019 in werking getreden. Op 1 januari 2022 treedt de Omgevingswet in werking. Vanwege de Omgevingswet moet de provincie haar regelsysteem aanpassen. Straks heeft de provincie nog maar één verordening waarin alle regels zijn opgenomen over de fysieke leefomgeving. De Iov N-B is een eerste stap op weg naar de definitieve omgevingsverordening. Hierin worden de bestaande verordeningen over de fysieke leefomgeving samengevoegd tot één Interim omgevingsverordening, waaronder de huidige Verordening ruimte.

Rho adviseurs voor leefruimte

21 De Iov N-B is beleidsneutraal van karakter. Dat betekent dat er geen nieuwe beleidswijzigingen zijn doorgevoerd, behalve als deze voortvloeien uit vastgesteld beleid, zoals de omgevingsvisie. In beginsel zijn de huidige regels met het huidige beschermingsniveau gehandhaafd. In hoofdstuk 3 van Iov N-B zijn de instructieregels opgenomen die gemeenten moeten toepassen in hun bestemmingsplannen. Hierin staan de regels die nu nog zijn opgenomen in de Verordening ruimte. Vooruitlopend op de Omgevingswet richten de instructieregels zich op een evenwichtige toedeling van functies (in plaats van het bestemmen van ontwikkelingen). Dit betekent dat de regels ook vanuit functies (van gebieden) zijn opgebouwd. Daarnaast richten de regels zich op een goede omgevingskwaliteit, inclusief een veilige en gezonde leefomgeving (in plaats van een goede ruimtelijke kwaliteit). Tevens zijn een aantal algemene basisprincipes opgenomen. In de Iov N-B zijn regels voor ontwikkelingen gekoppeld aan werkgebieden (structuren) en aanduidingen. Het plangebied ligt binnen het werkgebied 'stedelijk gebied', zie figuur 4.2.1.

Figuur 4.2.1 Uitsnede kaart stedelijke ontwikkeling en erfgoed (Bron: Interim omgevingsverordening Noord-Brabant) Het plangebied is aangeduid als 'Stedelijk gebied'. Het provinciale beleid is er al decennia lang op gericht om stedelijke ontwikkeling in stedelijke concentratiegebieden te bundelen. Het doel daarvan is om voldoende draagvlak voor de steden als economische en culturele motor te creëren en om het dichtslibben van het landelijk gebied tegen te gaan. Op provinciale schaal betekent dit dat het merendeel van de woningbouw, de bedrijventerreinen, voorzieningen en bijbehorende infrastructuur moet plaatsvinden in of aansluitend op de stedelijke concentratiegebieden. Binnen het bestaand stedelijke gebied is de gemeente in het algemeen vrij om te voorzien in stedelijke ontwikkeling.

Rho adviseurs voor leefruimte

22 Artikel 3.42 duurzame stedelijke ontwikkeling Op basis van artikel 3.42 duurzame stedelijke ontwikkeling dient een bestemmingsplan dat voorziet in de ontwikkeling van een locatie voor wonen, werken of voorzieningen binnen het Stedelijk gebied te liggen. Het bestemmingsplan dient daarbij te zijn voorzien van een onderbouwing dat:  de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken, bedoeld in afdeling 5.4 Regionaal samenwerken;  het een duurzame stedelijke ontwikkeling is. Voor wat betreft de regionale afspraken wordt verwezen naar paragraaf 4.1.2 (ladder voor duurzame ontwikkeling). Ten aanzien van het aspect woningbouw en de verantwoording ervan wordt tevens verwezen naar hetgeen hieromtrent beschreven is in het gemeentelijk beleid m.b.t. woningbouw als bedoeld in de paragraaf 4.3. Hierin is zowel inzicht verschaft in de kwalitatieve als kwantitatieve onderbouwing van het aantal woningen alsmede de daarover gemaakte afspraken in regionaal verband. De realisatie van de commerciële voorzieningen in het plangebied is verantwoord in paragraaf 4.1.2 (Ladder voor duurzame verstedelijking). Uit de toelichting op de ontwikkeling blijkt dat sprake is van een zorgvuldige belangenafweging en van een duurzame ruimtelijke verstedelijking die past binnen de hoofdlijnen van het provinciaal beleid.

Een bestemmingsplan geeft bij de evenwichtige toedeling van functies invulling aan een goede omgevingskwaliteit met een veilige, gezonde leefomgeving. Voor een goede omgevingskwaliteit en een veilige, gezonde leefomgeving wordt rekening gehouden met onderstaande regels uit de Interim omgevingsverordening:  artikel 3.5 zorgplicht voor een goede omgevingskwaliteit;  artikel 3.6 zorgvuldig ruimtegebruik;  artikel 3.7 toepassing van de lagenbenadering;  artikel 3.8 meerwaardecreatie; Artikel 3.5 zorgplicht voor een goede omgevingskwaliteit Een bestemmingsplan geeft bij de evenwichtige toedeling van functies invulling aan een goede omgevingskwaliteit met een veilige, gezonde leefomgeving. Voor een goede omgevingskwaliteit en een veilige, gezonde leefomgeving wordt rekening gehouden met:  zorgvuldig ruimtegebruik;  de waarden in een gebied door toepassing van de lagenbenadering;  meerwaardecreatie. Deze aspecten worden hierna beschreven. Artikel 3.6 Zorgvuldig ruimtegebruik De toedeling van functies dient plaats te vinden binnen bestaand ruimtebeslag. Het bestaand ruimtebeslag betreft 'het bestaand stedelijk gebied of een bestaand bouwperceel. Met de ontwikkeling is sprake van zorgvuldig ruimtegebruik omdat deze plaatsvindt binnen het 'stedelijk gebied'. Daarnaast is de ontwikkeling getoetst aan de ladder voor duurzame verstedelijking, zie paragraaf 4.1.2.

Artikel 3.7 Toepassing van de lagenbenadering De toepassing van de lagenbenadering is een hulpmiddel om de effecten van een ontwikkeling in beeld te brengen. Het gaat daarbij om het effect op de lagen in wisselwerking met elkaar waarbij de factor tijd actief wordt benut. Het is van belang om te weten hoe de omgeving in elkaar steekt en te kijken naar alle lagen: de ondergrond, de netwerklaag, de bovenlaag en de tijdsdimensie. Tussen deze lagen bestaat een wisselwerking. Iedere laag kent zijn eigen dynamiek, verschillende veranderingssnelheid en mate van omkeerbaarheid bij ingrepen. Voor een aantal aspecten die bij de lagenbenadering betrokken worden, bevat de Iov N-B specifieke regels, zoals het Natuur Netwerk, de groenblauwe mantel, cultuurhistorische- en aardkundige waarden, stiltegebied en delen van het watersysteem.

Rho adviseurs voor leefruimte

23 Er dient rekening gehouden te worden met de laag dynamische ondergrond, maar ook met de effecten op de andere lagen en met toekomstige effecten. Bij de afweging gaat het niet alleen om de effecten op de omliggende functies in het gebied maar ook op effecten van een ontwikkeling elders. Niet alleen de effecten nu maar ook de effecten naar de toekomst. Met het beoogde plan worden circa 500 woningen gerealiseerd. In het stedenbouwkundig plan voor deze ontwikkeling is rekening gehouden met de aanwezige cultuurhistorische en landschappelijke waarden binnen het plangebied, zie hoofdstuk 3. Daarbij wordt tevens aangesloten op waarden en structuren uit de directe omgeving. In hoofdstuk 5 van deze toelichting worden de effecten op onder andere de bodem, het grondwater, archeologische waarden, infrastructuur, natuurnetwerk, water, cultuurhistorische waarden en landschappelijke waarden beschreven. Hieruit blijkt dat met de beoogde ontwikkeling geen nadelige effecten aanwezig zijn. Artikel 3.8 Meerwaardecreatie Met de voorgenomen ontwikkeling wordt meerwaarde gecreëerd door het toekennen van nieuwe functies, namelijk de realisatie van circa 500 woningen en commerciële voorzieningen. De locatie wordt fysiek en beleefbaar betrokken bij de omgeving. 4.2.2 Omgevingsvisie Op 14 december 2018 hebben de Provinciale Staten de omgevingsvisie Noord Brabant vastgesteld.

Deze omgevingsvisie vervangt na het inwerking treden van de Omgevingswet de provinciale structuurvisie. Met de omgevingsvisie formuleert de provincie haar ambitie over hoe zij de Brabantse leefomgeving er in 2050 uit wil zien. Daarbij stelt zij tussendoelen voor 2030, maar legt nu nog niet vast hoe zij die doelen wil bereiken. De provincie wilt daarmee ruimte bieden voor inbreng vanuit partijen en disciplines. Om hiermee aan de slag te gaan is volgens de provincie een verdere uitwerking van de ambities nodig in de vorm van programma's. Met de visie geeft de provincie aan wat zij belangrijk vindt voor de verbetering en duurzame ontwikkeling van Brabant. Daarbij legt zij de focus op vier hoofdopgaven voor de middellange en lange termijn: werken aan energietransitie, een klimaatproof Brabant, de slimme netwerkstad en een concurrerende duurzame economie. Deze vier hoofdopgaven staan ten dienste van de basis opgaven: werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit. Om te komen tot de slimme netwerkstad richt de provincie zich op duurzame verstedelijking. Zij wil daarin richting geven door middel van het bevorderen van regionale afspraken, het sturen op zorgvuldig ruimtegebruik en het periodiek opstellen van prognoses. Verder wil zij een actieve rol spelen om beweging te stimuleren (o.a.

door samen te werken bij gebiedsopgaven en bij het opstellen van uitvoeringsprogramma's) en gewenste ontwikkelingen mogelijk te maken. Toetsing De ontwikkeling betreft woningbouw met commerciële functies. De beoogde ontwikkeling speelt in op een goede omgevingskwaliteit en een duurzame economie. Hierdoor kan gesteld worden dat de beoogde ontwikkeling in lijn is met de Omgevingsvisie Noord-Brabant.

Rho adviseurs voor leefruimte

24 4.2.3 Provinciale structuurvisie Op 1 januari 2011 is de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening in werking getreden. Hierin geeft de provincie Noord-Brabant de hoofdlijnen aan van het provinciaal ruimtelijk beleid tot 2025 (met een doorkijk naar 2040). De visie is bindend voor het ruimtelijk handelen van de provincie. Het is de basis voor de wijze waarop de provincie de instrumenten inzet die de Wet ruimtelijke ordening haar biedt. De visie ondersteunt daarnaast het beleid op andere provinciale beleidsterreinen, zoals het economisch, mobiliteits-, sociaal, cultureel, milieu- en natuurbeleid. Met deze structuurvisie geeft de provincie ook (mede) gestalte aan nationale ruimtelijke belangen en doelen. Deel A bevat de hoofdlijnen van het beleid. Op basis van trends en ontwikkelingen heeft de provincie haar ruimtelijke belangen gedefinieerd en ruimtelijke keuzes gemaakt. De ruimtelijke visie is uitgewerkt in dertien provinciale ruimtelijke belangen, zoals de concentratie van verstedelijking.

De wijze waarop de provincie deze ruimtelijke belangen behartigt is uitgewerkt in vier manieren van sturen: regionaal samenwerken; ontwikkelen, zowel gebiedsgericht als thematisch zoals de Ecologische Hoofdstructuur en de herstructurering van bedrijventerreinen; beschermen van provinciale belangen zoals zorgvuldig ruimtegebruik en ruimtelijke kwaliteit, door middel van de Verordening ruimte; stimuleren, door middel van subsidies en door het beschikbaar stellen van kennis en informatie. In deel B staan de ambities, het beleid en de uitvoering voor de vier ruimtelijke structuren: de groenblauwe structuur, het landelijk gebied, de stedelijke structuur en de infrastructuur.

Figuur 4.2.2 Uitsnede structurenkaart (Bron: Provinciale Structuurvisie 2010) Het projectgebied is op de structurenkaart, zoals hierboven weergegeven in figuur 4.1, gelegen binnen de aanduiding 'Stedelijk concentratiegebied'. In het stedelijk concentratiegebied wordt de lokale behoefte voor verstedelijking opgevangen (wonen, werken en voorzieningen). De provincie vraagt gemeenten om in regionaal verband afspraken te maken over de verdeling van het programma voor wonen en werken. Regionale afstemming vindt plaats in de regionale agenda´s voor wonen.

Rho adviseurs voor leefruimte

25 Over de ruimtelijke kwaliteit is de provincie van mening dat de gemeenten in hun ruimtelijke plannen aandacht moeten bieden aan de wijze waarop stedelijke ontwikkelingen het eigen karakter van de kernen en de relatie met het landschap kunnen versterken. De stedelijke ontwikkelingen moeten qua maat en schaal bij de kern passen. De ontwerpopgave hangt daarnaast samen met de historische gegroeide identiteit van de stad en het omliggend landschap en met de fase van verstedelijking van de kern. Het projectgebied is gelegen bij het hoogstedelijke stationsgebied/Paleiskwartier. Het beoogde woningbouwplan past binnen de afspraken in de regionale agenda's voor wonen. De verdichting zal dusdanig plaatsvinden dat het stedelijke karakter van het stationsgebied/Paleiskwartier versterkt wordt. 4.2.4 Brabantse Agenda Wonen In het kader van een duurzaam verstedelijkingsbeleid en in lijn met (de principes van) de 'Ladder voor duurzame verstedelijking' is het van belang de mogelijkheden om het woningbouwprogramma in te zetten op binnenstedelijke (transformatie)locaties en voor het herbestemmen van leegstaand vastgoed optimaal te benutten. Of, zoals in het 'Bestuursakkoord Noord-Brabant 2020-2023' verwoord: “Om de kwaliteit van de bebouwde omgeving te verhogen en duurzaam om te gaan met de ruimte die we hebben, bouwen we vooral binnen de bebouwde omgeving.”.

Vaak wordt in het licht van de transformatieopgaven gekeken naar wonen als nieuwe bestemming. Omdat er in veel andere vastgoedmarkten (per saldo) niet veel meer hoeft te worden toegevoegd aan vierkante meters of zelfs sprake is van krimp. Veelal zal het dan ook gaan om het transformeren van locaties naar een tweede leven, waarin wonen de boventoon voert. Hierbij zijn vooral de eerstkomende jaren (tot 2030) cruciaal. Urgentie is geboden. Samenhangend met de nog altijd flinke groei van het aantal huishoudens zal in deze periode immers het leeuwendeel van de benodigde woonruimte moeten worden gerealiseerd. Brabant staat de komende jaren voor een flinke woningbouwopgave, namelijk zo'n 10.000 per jaar. Zoals uit onze actuele bevolkings- en woningbehoefteprognose blijkt, zal van de ca. 160 duizend toe te voegen woningen tot 2050, liefst driekwart (120 duizend woningen) voor 2030 moeten worden gerealiseerd. Na 2030 neemt de groei van de woningbehoefte sterk af. Voor het bouwen van woningen zijn twee richtinggevende principes opgenomen: 1. Het woningbouwprogramma zet optimaal in op (toekomstige) binnenstedelijke locaties – inbreiden, herstructureren, transformeren – en op het herbestemmen van leegstaand en leeg komend kantoor-, winkel- en ander vastgoed, met als uitgangspunt dat zorgvuldig ruimtegebruik voor zuinig ruimtegebruik gaat. 2.

We geven ruim baan voor "goede woningbouwplannen" binnen het bestaand stedelijk gebied van steden en dorpen: woningbouw op geschikte inbreidings-, herstructurerings en transformatielocaties en in leegstaand vastgoed, die aansluit op een actuele vraag en snel in aanbouw genomen kan worden. Toetsing Uit de Brabantse Agenda Wonen blijkt dat de provincie in lijn met de uitgangspunten van de ladder voor duurzame verstedelijking ruim baan wil geven bij herontwikkeling. Er moeten snel meer woningen worden gebouwd. Het bouwen binnen stedelijk gebied heeft daarbij de voorkeur. Het bouwen van circa 500 woningen is hier mogelijk binnen bestaand stedelijk gebied. De motivatie en afweging is nader omschreven in de ladderonderbouwing, zie paragraaf 4.1.2.

Rho adviseurs voor leefruimte

26

4.3

Gemeentelijk beleid

4.3.1 Structuurvisie In juni 2003 heeft de gemeenteraad van 's-Hertogenbosch de Ruimtelijke StructuurVisie vastgesteld, met de ondertitel 'Stad tussen stromen'. De Ruimtelijke StructuurVisie geeft richting aan de ruimtelijke ambities van de stad. Op 28 januari 2014 heeft de gemeenteraad de actualisatie van de structuurvisie uit 2003 vastgesteld. In deze geactualiseerde structuurvisie integreert gemeente het provinciaal beleid. De geactualiseerde structuurvisie bevat een integrale visievorming voor lange termijn, 10 jaar met een doorkijk naar 15 à 20 jaar. De structuurvisie bestaat uit het Ruimtelijk Casco, een visie geformuleerd op het plangebied. Een ruimtelijke analyse van de stad en het gemeentelijk beleid vormen de input voor deze visie. De visie formuleert de ontwikkelingskoers, beschrijft een wensbeeld van de stad voor de lange termijn en biedt het casco voor concrete projecten en plannen. Het is een toetsingskader, en tegelijkertijd ook een inspiratiekader voor ruimtelijke ontwikkeling. Zo wordt bepaald waar strakke contouren ter bescherming van kwetsbare waarden liggen en kansen voor ontwikkeling. En worden locaties aangeduid waar deze ontwikkeling tegen randvoorwaarden mogelijk zijn en afweegbare gebieden voor uitbreidingen en intensiveringen aangewezen.

Het 'ruimtelijk motto' van compacte, complete en contrastrijke stad als het uitgangspunt voor de ruimtelijke ontwikkeling voor de stad blijft gehanteerd, in de overtuiging dat dit de juiste basis biedt voor een duurzame ruimtelijk hoofdstructuur. De stedelijke hoofdstructuur is weergegeven in de bovenlaag. Deze verstedelijkings- of occupatielaag omvat het totale verstedelijkte gebied inclusief de dorpen en het stedelijk groen, exclusief de groenblauwe slingers die de stad binnendringen. In de occupatie- of verstedelijkingslaag dienen in principe alle nieuwe ruimtevragen te worden ondergebracht. Aanvulling van de bestaande voorraad blijft noodzakelijk als gevolg van bevolkingsgroei, gezinsverdunning en veranderende behoeften.

Figuur 4.3 Structuurvisie; occupatielaag, projectgebied met rood aangegeven

Rho adviseurs voor leefruimte

27 Toetsing De beoogde ontwikkeling betreft een aanvulling van de bestaande woningvoorraad. Het projectgebied is gelegen binnen de verstedelijkingslaag en specifiek binnen het stadscentrum. De ruimtevraag naar nieuwe woningen wordt met dit planvoornemen binnen deze laag gerealiseerd. De beoogde ontwikkeling past daarmee binnen de uitgangspunten van de structuurvisie. 4.3.2 Woonvisie 2020 Het woonbeleid van de gemeente 's-Hertogenbosch is vastgelegd in de Woonvisie 's-Hertogenbosch. Deze is door de gemeenteraad op 9 juni 2020 vastgesteld. Ontspannen en soms ook spannend wonen, in een sterke stad met leefbare buurten en dorpen. Waar inwoners trots zijn op hun woonplaats en iedereen zoveel als mogelijk kan wonen in een woning die aansluit bij hun woonwensen en mogelijkheden. Dat is het doel. Om dit te bereiken zijn er vier opgaven geformuleerd:  Passend en betaalbaar wonen voor iedereen  Leefbare en inclusieve buurten  Toekomstbestendige en duurzame woningvoorraad  Strategisch innovatief woonprogramma. Passend en betaalbaar wonen Binnen deze opgave gaat extra aandacht uit naar starters en (lage) middeninkomens. We zetten in op het realiseren van divers en passend woningaanbod, met nadruk op de toenemende groep 1 en 2 persoonshuishoudens. Om de voorraad passend te blijven houden, wordt er een flexibele schil gerealiseerd, voor onder andere spoedzoekers.

Daarnaast is er aandacht voor het huisvesten van specifieke doelgroepen, waaronder ouderen, mensen met een handicap of psychische kwetsbaarheid, maar ook jongeren, starters en studenten. Leefbare en inclusieve buurten De Woonvisie streeft naar eenheid in verscheidenheid. Interventies in nieuwbouw en de bestaande woningvoorraad versterken de buurt en, zorgen voor een divers aanbod. Daarbij is bijzondere aandacht voor de huisvesting van kwetsbare doelgroepen en het stimuleren van nieuwe woonconcepten en bewonersinitiatieven die bijdragen aan ontmoeting, leefbaarheid en veiligheid. Toekomstbestendige en duurzame woningvoorraad De woonvisie heeft een gezonde, duurzame én flexibel inzetbare woningvoorraad als doel. Een woningvoorraad die ook de toekomstige uitdagingen en veranderende woonwensen aan kan. De opgave ligt hierbij zowel in de nieuwbouw als in de bestaande woningvoorraad. Strategisch innovatief woonprogramma De gemeenteraad heeft als ambitie uitgesproken om 10.500 woningen te realiseren in de periode 2020 – 2030. Daarbij is de ambitie een stedelijke differentiatie over de volgende categorieën:  minimaal 30% sociale huur  minimaal 20% middenhuur en goedkope koop  maximaal 50% dure huur en (middel)dure koop. Op projectniveau wordt gestreefd wordt naar differentiatie binnen de categorieën.

Daarbij is maatwerk in de percentages mogelijk, indien dat bijdraagt aan een leefbare en inclusieve buurt. Nieuwe woningen kunnen bijdragen aan de aantrekkelijkheid en diversiteit van woonmilieus. Dit door het realiseren van (hoog)stedelijke woonmilieus met hoogbouw, compacte woonvormen en (collectieve) voorzieningen. Maar ook door het mogelijk maken van verdichting en verduurzaming van woonbuurten buiten het centrum en in groenstedelijke woonmilieus. In de dorpse woonmilieus worden ook op kleine schaal woningen toegevoegd. We stimuleren projecten die innovatief en vernieuwend zijn, bijvoorbeeld door circulair te bouwen of door toekomstige bewoners te betrekken en zeggenschap te geven.

Rho adviseurs voor leefruimte

28 Daarnaast dienen projecten bij te dragen aan de hierboven genoemde opgaven. Toetsing De ontwikkeling voorzien in een (hoog)stedelijke woonmilieu, aansluitend op Willemspoort Noord, en voorziet in een gevarieerd woningaanbod bestaande uit huur en koopwoningen in een mix van kleine en grote woningen. Daarnaast wordt voorzien in een aan wonen gerelateerde zorgcomponent. Met dit gevarieerde aanbod (huur en koop, klein en groot, met en zonder zorg) draagt dit plan bij aan een gemêleerde toekomstige bevolking in dit gebied. De opzet van de ontwikkeling, zie paragraaf 3.3, draagt bij aan de opgaven uit de Woonvisie. 4.3.3 Visie Willemspoort 2013 De gemeenteraad van ’s-Hertogenbosch heeft op 10 december 2013 de ruimtelijke kaders vastgesteld waarbinnen het deelgebied Willemspoort Midden verder kan worden uitgewerkt. Invulling van dit gebied completeert de ontwikkeling van het gebied Willemspoort, gelegen tussen Vlijmenseweg en natuurgebied de Gement. Met als goede buren het Paleiskwartier, het Koning Willem I college en het Jeroen Bosch Ziekenhuis is voor dit gebied een programma met wonen en commerciële (zorg)voorzieningen opgenomen. De gedeeltelijk verdiept aangelegde randweg verdeelt Willemspoort Midden in een noordelijk en een zuidelijk deel. Het Jeroen Bosch Park bestrijkt het noordelijk deel. Het laat zich karakteriseren als een woonpark.

Op 9 oktober 2018 is een nieuwe bijstelling van het ruimtelijk kader voor het middengebied van Willemspoort door de raad vastgesteld, waarbij in hoofdzaak het commerciële en zorgvoorzieningenprogramma naar beneden is bijgesteld (van 18.000 m² naar circa 5.000 m² voor het gehele middengebied) en het woningbouwprogramma is verhoogd (van maximaal 500 woningen naar tenminste 700 woningen voor het gehele middengebied). Met het raadsbesluit Ontwikkelrichtingen en aanpak Spoorzone 's-Hertogenbosch van 6 maart 2018 heeft de raad de ontwikkelrichtingen en de aanpak voor de Spoorzone 's-Hertogenbosch vastgesteld.

4.3.5 Bomen Het Bomenbeleidsplan 's-Hertogenbosch, is door de raad vastgesteld op 26 januari 2010 en van kracht per 1 september 2010. In het Bomenbeleidsplan worden de belangrijkste bomen van de stad ingedeeld in drie categorieën: monumentale bomen, structuurbomen en sfeerbomen. In het plangebied komen geen bomen voor. Het plangebied grenst aan de gemeentelijke bomenstructuur langs de Randweg. Langs het plangebied bevinden zich echter geen bomen; de gemeentelijke bomenstructuur wordt dan ook niet aangetast. Geconcludeerd wordt dat het plan in overeenstemming is met het bomenbeleidsplan, geen waardevolle bomen aantast, en geen inbreuk maakt op de gemeentelijke bomenstructuur.

Rho adviseurs voor leefruimte

29

Hoofdstuk 5

Milieu, duurzaamheid en waarden

5.1

Inleiding

5.2

Bedrijven en milieuzonering

Dit hoofdstuk geeft weer hoe milieuaspecten een rol hebben gespeeld bij het opstellen van voorliggende ruimtelijke onderbouwing. Tussen milieuaspecten en ruimtelijke ordening bestaat een duidelijke relatie. De milieukwaliteit vormt namelijk een belangrijke afweging bij de ontwikkelingsmogelijkheden van ruimtelijke functies. Bij de besluitvorming over het al dan niet toelaten van een bepaalde ruimtelijke ontwikkeling, dient onderzocht te worden welke milieuaspecten daarbij een rol kunnen spelen. Het is daarnaast van belang om milieubelastende functies (zoals bedrijfsactiviteiten) ruimtelijk te scheiden van milieugevoelige functies (zoals woningen). Andersom moet in de ruimtelijke ordening nadrukkelijk rekening gehouden worden met de gevolgen van ruimtelijke ingrepen voor het milieu. Milieubelastende of hinderlijke situaties moeten voorkomen worden.

Milieuzonering zorgt voor voldoende ruimtelijke scheiding tussen enerzijds bedrijven of overige milieubelastende functies en anderzijds milieugevoelige functies zoals woningen. Bij de planontwikkeling dient rekening te worden gehouden met milieuzonering om de kwaliteit van het woon- en leefmilieu te garanderen naast de zorg dat er voor bedrijven voldoende ruimte voorhanden is om de bedrijfsactiviteiten duurzaam en binnen aanvaardbare voorwaarden (normen) uit te kunnen voeren. Richtlijn Bij het beoordelen van (binnen het plangebied of elders gelegen) de bedrijven welke invloed hebben op het plangebied, is gebruik gemaakt de VNG-brochure “Bedrijven en Milieuzonering”. De VNG brochure is een richtlijn, vormt geen wettelijk kader maar heeft als gevolg van jurisprudentie de status van pseudowetgeving gekregen. Deze richtlijn biedt kaders om milieuzonering goed in ruimtelijke plannen af te wegen. In de VNG-uitgave staan minimale richtafstanden voor geur, stof, geluid en gevaar die gebaseerd zijn op een “gemiddeld” modern bedrijf. Deze richtafstanden gelden vanaf de perceelgrens van het bedrijf waar de bedrijfsactiviteiten plaats kunnen vinden (of de opslagvoorziening of installatie) tot aan de gevel van woningen in een 'rustige woonwijk'.

Indien het bedrijf afwijkt door grootte, technische voorzieningen, afschermingen et cetera is het mogelijk om gemotiveerd af te wijken van de (indicatieve) afstanden. De grootste van de vier VNG-richtafstanden (voor geur, stof, geluid of gevaar) is bepalend voor de indeling van een activiteit in een milieu-categorie. De milieucategorie van een bedrijf kan variëren van 1 (een licht bedrijf, met een hinderafstand van 10 meter) tot 6 (een zeer zwaar bedrijf, met een hinderafstand van 1500 meter).

Rho adviseurs voor leefruimte

30 Toetsing Het projectgebied is gelegen tussen een ziekenhuis, een woongebied en een onderwijscluster. Het projectgebied zelf wordt omgeven door wegen. Op basis van het vigerende bestemmingsplan betreffen de omliggende functies met name maatschappelijke- en woonfuncties, inclusief bijbehorende parkeervoorzieningen. Het gebiedstype kan gekenmerkt worden als 'gemengd'. In het akoestisch onderzoek (DGMR, Akoestisch onderzoek wegverkeer en parkeergarage, 3 september 2020) is de invloed van omliggende bedrijven onderzocht op basis van de VNG-publicatie Bedrijven en Milieuzonering, zie paragraaf 5.3.1. Hieruit blijkt dat de nieuwe woningen alleen binnen de richtafstand van een deels openbare parkeergarage liggen. De berekende maximale geluidniveaus voldoen wel aan de maximaal toelaatbare waarden. De inrichtingen die binnen het projectgebied mogelijk worden gemaakt vormen geen belemmering voor de geluidgevoelige functies zoals wonen. Binnen het projectgebied worden commerciële voorzieningen mogelijk gemaakt. De richtafstanden van deze functies betreft binnen het gemengd gebied 0 meter.

5.3

Geluid

Bij een ruimtelijk plan dient rekening te worden gehouden met geluidsbronnen en de mogelijke hinder of overlast daarvan voor mensen. De beoordeling van het aspect geluid in ruimtelijke plannen vindt zijn grondslag in vooral de Wet geluidhinder en Wet milieubeheer. Daarnaast vindt de beoordeling zijn grondslag in de Wet ruimtelijke ordening (Wro), op grond van een “goed woon- en leefklimaat”. Het aspect geluid kent voor geluidsgevoelige bestemmingen (zoals woningen) afhankelijk van typen geluidsbronnen een wettelijk kader die van belang zijn bij het opstellen van ruimtelijke plannen. Zo zijn in de Wet geluidhinder voor geluidsgevoelige bestemmingen (als woningen) grenswaarden opgenomen voor wegverkeerslawaai en spoorweglawaai. Het stelsel is gericht op het voorkomen van nieuwe geluidgehinderden. 5.3.1 Wegverkeerslawaai Wettelijk kader Langs alle wegen bevinden zich conform de Wet geluidhinder (Wgh) geluidszones, met uitzondering van wegen op woonerven en 30 km/uur-wegen. Binnen de geluidszone van een weg dient de geluidsbelasting op de gevel van geluidsgevoelige bestemmingen (zoals woningen) aan wettelijke normen te voldoen. De breedte van een geluids-onderzoeks-zone is afhankelijk van het aantal rijstroken en de ligging van de weg (binnen- of buitenstedelijk).

De beoogde ontwikkeling ligt binnen de wettelijke geluidszone van de Randweg, de Henri Dunantstraat en de Vlijmenseweg. Voor de geluidsbelasting op de gevels van nieuwe geluidsgevoelige functies binnen de wettelijke geluidszone van deze wegen geldt een ten hoogst toelaatbare geluidbelasting van 48 dB. Onder voorwaarden is een hogere waarde mogelijk tot 63 dB. Indien uit akoestisch onderzoek blijkt dat de ten hoogst toelaatbare geluidbelasting van 48 dB wordt overschreden, zijn maatregelen noodzakelijk gericht op het verminderen van de geluidsbelasting aan de gevel. Voor zulke maatregelen wordt onderstaande volgorde aangehouden:  Bronmaatregelen (bijvoorbeeld aanpassing intensiteiten of soort wegdekverharding)  Overdrachtsmaatregelen (bijvoorbeeld geluidsafscherming)  Maatregelen bij de ontvanger (bijvoorbeeld aanbrengen extra geluidsisolatie aan de gevel of woningindeling) Zijn deze maatregelen niet mogelijk, niet gewenst of niet doeltreffend, dan kan de gemeente onder bepaalde voorwaarden voor nieuwe geluidsgevoelige objecten een hogere (geluid)waarde verlenen. Voorwaarden die worden gesteld aan een te verlenen hogere waarde zijn ten gunste van de geluidsituatie en dus het woon- en leefklimaat bij de gevoelige objecten. Hiervoor heeft gemeente 'sHertogenbosch een 'hogere waarde beleid' vastgesteld.

De voorwaarden waaronder een eventuele hogere waarde wordt verleend zijn afhankelijk van de hoogte van de geluidsbelasting en het type gebied waarin het plan zich bevindt. Per gebiedstype geldt een ambitie voor wat betreft de geluidsbelastingen. Zo wordt bijvoorbeeld in een (normaliter rustig) buitengebied een lager geluidsniveau nagestreefd dan Rho adviseurs voor leefruimte

31 in een rumoerig gebied langs een drukke snelweg met verhoogde geluidsbelastingen. Een hogere waarde mag – zoals gezegd - de maximale geluidsbelasting van 63 dB niet overschrijden. Voorwaarden voor een vast te stellen hogere waarde zijn bijvoorbeeld de aanwezigheid van een geluidsluwe (rustige) zijde en een geluidsniveau in de buitenruimte (zoals achtertuin/balkon) dat voldoet aan de ambitie voor het betreffende gebied. Voor geluidsbelastingen op gevels meer dan 63 dB kan formeel geen ontheffing worden verleend. Naast het toetsingskader en wettelijke eisen van de Wgh dienen er altijd zodanige gevelmaatregelen te worden genomen dat wordt voldaan aan de maximale geluidsbinnenwaarde op grond van het Bouwbesluit. Deze maximale geluidsbinnenwaarde is ten gunste van het woon-, leef- en verblijfsklimaat in betreffend object. Met de aanvraag om omgevingsvergunning zal moeten worden aangetoond dat deze binnenwaarde wordt voldaan. Project Binnen het projectgebied worden geluidgevoelige bestemmingen mogelijk gemaakt binnen de zones van wegen, zoals bedoeld in hoofdstuk VI van de wet ("zones langs wegen"). Het betreffen circa 500 woningen. Voor deze geluidgevoelige bestemmingen is een akoestisch onderzoek uitgevoerd en heeft een toetsing plaatsgevonden aan de normen uit de Wet geluidhinder (DGMR, Akoestisch onderzoek wegverkeer en parkeergarage, 3 september 2020, zie bijlage 5).

Geluidsbelasting wegverkeer Voor het plan is de invloed van het geluid van het wegverkeer onderzocht. Uit de resultaten blijkt dat de geluidsbelasting vanwege de Randweg en Henri Dunantstraat hoger is dan de wettelijke voorkeurswaarde. De maximaal toelaatbare waarde van 63 dB wordt niet overschreden. Uit het onderzoek naar maatregelen blijkt dat bron- en schermmaatregelen stuiten op bezwaren van financiële, verkeerskundige en stedenbouwkundige aard. Bedrijven en milieuzonering De invloed van omliggende bedrijfsmatige functies is onderzocht op basis van de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering. Uit de analyse van de milieubelastende functies in de omgeving volgt dat geen nader onderzoek nodig is vanwege de functies die in de omgeving aanwezig zijn. In dit onderzoek is alleen een berekening gemaakt van het geluid van de vier parkeergarages, die binnen het plan gerealiseerd worden, omdat deze mogelijk hinder bij de nieuwe woningen kunnen veroorzaken. Uit de resultaten van de berekening volgt dat de berekende waarden voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau dat ontstaat op het parkeerdek van parkeergarage P1, voor alle woningen voldoet aan de streefwaarde. Het berekende geluidsniveau van het maximale geluidsniveau en de verkeersaantrekkende werking van de in- en uitrit van P1/2, P3 en P4, is op een aantal woningen binnen het plan hoger dan de streefwaarde.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10522474/1