Bijlage 1. Overdrachtsdocument BrabantStad 2022
Tekst van het document
OVERDRACHTSDOCUMENT
BrabantStad 2022
Inleiding BrabantStad is ruim 20 jaar geleden ontstaan als bestuurlijk netwerk van Breda, Eindhoven, Helmond, ’s-Hertogenbosch, Tilburg en de provincie Noord-Brabant. De samenwerking is er altijd op gericht geweest BrabantStad neer te zetten als een sterk internationaal concurrerend en duurzaam groeiend stedelijk netwerk. BrabantStad doet dat met oog voor de eigenheid van alle partijen en met respect voor het mozaïek van Brabant waarin stad en ommeland in sterke mate met elkaar verweven zijn. Binnen BrabantStad worden gezamenlijk specifiek grootstedelijke problematieken en uitdagingen geagendeerd. Elke samenwerking vraagt om regelmatige reflectie en actualisering.
Hoe meer focus wordt aangebracht in de thematiek van BrabantStad, des te meer resultaat en energie. Vertrekpunt voor de actualisatie blijven de inhoudelijke uitgangspunten van de Stedelijke Agenda BrabantStad 20182022. BrabantStad is een uniek bestuurlijk netwerk dat nog altijd van toegevoegde waarde is. De ambitie om te behoren tot de top vijf van Europese kennis- en innovatieregio’s wordt door alle partners onderschreven. En ook de inzet op het ABC van BrabantStad (Aantrekkelijk, Bereikbaar en Concurrerend, later aangevuld met de D van Duurzaamheid) staat niet ter discussie. Wel blijken de onderliggende inhoudelijke thema’s onderhevig aan actuele dynamiek, en vragen om herijking. Dit overdrachtsdocument schetst de contouren voor deze actualisatie. Het is nadrukkelijk bedoeld om er samen bij stil te staan en actief over mee te denken. Over hoe de samenwerking in BrabantStad ook in de toekomst van waarde kan blijven voor alle partners.
In dit actualisatieproces is bewust gekozen om in twee etappes te werken. Dit overdrachtsdocument geeft de contouren mee voor een nieuwe Stedelijke Agenda BrabantStad 20222026, met ruimte en respect voor de nieuwe coalities na de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2022. Deze aanzet maakt het mogelijk om de samenwerking in BrabantStad te continueren en biedt tegelijkertijd ruimte voor aanpassingen op basis van de nieuwe bestuursakkoorden in de steden en de kansen die het regeerakkoord biedt. In het tweede kwartaal van 2022 wordt vervolgens onder regie van de nieuwe stuurgroep BrabantStad een definitieve Stedelijke Agenda BrabantStad 2022-2026 opgesteld, die wordt vastgesteld in de colleges. Het is aannemelijk dat gedurende deze vier jaar nieuwe opgaven opkomen die nu niet te voorzien zijn. En huidige opgaven maatschappelijk minder relevant worden. Daarom biedt de agenda ruimte voor adaptiviteit. Op die manier zijn de thema’s die binnen BrabantStad worden besproken urgent en actueel.
Stuurgroep BrabantStad, Februari 2022. Elies Lemkes-Straver, Tim van het Hof, Jan Hoskam, Monique List, Bas van der Pol, Gaby van den Waardenburg.
In de afgelopen maanden is ambtelijk en bestuurlijk op verschillende momenten gesproken over de herijking van de Stedelijke Agenda. Met het aantreden van een nieuw kabinet, en de gemeenteraadsverkiezingen van 16 maart 2022 in het verschiet, ontstaat medio 2022 een momentum voor de volgende bestuursperiode. Brabant kent in de komende jaren grote (transitie)opgaven op ruimtelijk, sociaal en economisch gebied. De grote steden en de provincie hebben daarbij een voortrekkersrol. Het is van groot belang om zo snel mogelijk na de gemeenteraadsverkiezingen slagvaardig te kunnen zijn in de volgende bestuursperiode. Door gezamenlijk aan de slag te gaan met deze majeure opgaven kan de benodigde schaalsprong gemaakt worden op kwaliteit van leven, via innovatievere oplossingen, meer concurrentiekracht, duurzame groei en een goede gezondheid voor elke inwoner. Overdrachtsdocument BrabantStad
-2-
BrabantStad is netwerken op z’n Brabants Binnen BrabantStad steunen, adviseren en inspireren deelnemende bestuurders en hun ambtelijke organisaties zichzelf en elkaar bij de (grootstedelijke) vraagstukken die op hun pad komen.
kwaliteiten, waardoor het Brabantse mozaïek de volle kleuren kan krijgen. De positie van de steden als knooppunt in regio’s groeit. Het stedelijk netwerk is toe aan een volgende stap in de samenwerking.
BrabantStad al ruim 20 jaar een bestuurlijk netwerk
Samenwerken past bij “ons” Brabant. Niet alleen in de regio, waar de steden een centrumfunctie vervullen en bestuurlijk vaak de kar trekken, onderhouden we graag prettige contacten. Ook op het niveau van het stedelijk netwerk vinden de steden en provincie elkaar. In een goede relatie kom je immers sneller tot afspraken. We delen onze oplossingen en zoeken elkaar op als we elkaar voor die oplossing nodig hebben. Soms voeren we gezamenlijk lobby en bereiden we bestuurlijk overleg met het Rijk voor (bijv. MIRT, cultuur), maar we gunnen elkaar ook geregeld “de hoofdprijs”. Bij ‘BrabantStad Culturele Hoofdstad 2018’ leidde dat helaas niet tot het gewenste resultaat, maar zelfs daaruit vloeiden mooie initiatieven voort die van toegevoegde waarde bleken voor Brabant. Alleen ga je sneller, samen kom je verder.
Grote steden hebben een unieke positie in Brabant. Ze zijn het bindmiddel in het Brabantse mozaïek en kennen tegelijkertijd specifieke grootstedelijke problematieken en uitdagingen. In 1994 gaf het kabinet Kok I de aanzet tot het Grote Stedenbeleid (GSB) waar de Brabantse steden Breda, Eindhoven, ’s-Hertogenbosch, Helmond en Tilburg plannen voor maakten. Bestuurders kwamen elkaar zo in Den Haag welhaast vaker tegen dan in Brabant. Geleidelijk aan ontstond het idee om vanuit een gezamenlijke agenda de samenwerking rond gezamenlijke vraagstukken in de Brabantse grote steden te versterken, ook met de provincie. En zo ontstond in 2001 het bestuurlijk netwerk BrabantStad. Het GSB verdween van de nationale agenda, maar het bestuurlijk netwerk BrabantStad bleek van meerwaarde en bleef doorgaan. Het netwerk heeft inmiddels zijn kracht bewezen. We staan aan de vooravond van grote transitieopgaven in een uniek samenspel met de landschappelijke
BrabantStad is een stedelijk netwerk BrabantStad groeide in de jaren uit tot een vertrouwd gremium -en daarbuiten als een sterk merk- waarin de vijf grootste -3-
Overdrachtsdocument BrabantStad
bedrijven in Brabant voldoende ruimte houden en krijgen om door te groeien? Hoe faciliteren we een mobiliteitstransitie en borgen we een goede bereikbaarheid? Hoe maak je het duurzaam én economisch dynamisch? Creatief, innovatief en voor iedereen fysiek, financieel en virtueel bereikbaar zonder de open blik naar het omliggende landelijk gebied en de regio’s kwijt te raken? Er valt veel te bespreken. Samen komen we verder.
steden en de provincie Noord-Brabant in gelijkwaardigheid de uitdagingen voor de steden met elkaar bespreken en samen aanpakken. Van opgaven rond duurzame stedelijke ontwikkeling tot de impact van het stikstofvraagstuk, van duurzame energieopwekking en mobiliteit tot digitalisering en van het omgaan met het veranderende klimaat tot transitievraagstukken in het nieuwe landschap in verbinding met de stedelijke regio’s. Van cultuur en sport tot financiën (met het Rijk) en besturen in Brabant.
BrabantStad werkt zo! Met dit overdrachtsdocument draagt de stuurgroep BrabantStad namens het netwerk niet alleen haar kijk op de opgaven over, maar ook hoe BrabantStad het beste werkt. Zoveel hoofden zoveel zinnen overigens. De ene bestuurder benadrukt dat BrabantStad een licht-bestuurlijk netwerk is waarin bestuurders hun portefeuilles, ervaringen en oplossingsrichtingen bespreken en elkaar snel vinden wanneer er iets speelt. De andere legt de nadruk op een prettige samenhang en samenwerking met de ommelanden. Een derde benut het netwerk om samen meer massa te maken voor goede ideeën en innovaties slagvaardig te implementeren met meer impact. Het belang dat de juiste onderwerpen steeds op de juiste overlegtafels een plaats krijgen, wordt door allen onderstreept. BrabantStad is geen gemeenschappelijke regeling en ook geen convenant. De samenwerking is vrijwillig, maar niet vrijblijvend. Het werkt door er samen voor te gaan. Flexibiliteit is daarbij essentieel. Die is nodig om je te verplaatsen in de zienswijze van een ander, als ook om tijdig in te spelen op nieuwe ontwikkelingen relevant voor BrabantStad, zoals een regeerakkoord, (subsidie)kansen in Europa of een wereldwijde pandemie.
De unieke kwaliteit van stedelijk Brabant is namelijk de afwisseling van, naar Nederlandse maatstaven, grote en kleinere steden, dorpen, landschappen, bossen en natuurgebieden in een fijnmazig patroon. Een kwaliteit die in 2007 werd vastgelegd in “BrabantStad Mozaïekmetropool”, een ontwerpstudie naar de ruimtelijke toekomst van BrabantStad als stedelijk netwerk. Een kwaliteit die in 2014 opnieuw werd vastgelegd in het bekende wandtapijt in de hal in het Provinciehuis en in 2021 centraal stond in de voordracht voor aanwijzing tot het Van Gogh Nationaal Park. De afwisseling van échte stedelijkheid en landschappelijke kwaliteiten is een goede basis voor de kracht en aantrekkelijkheid naar de toekomst. Dat koesteren we en geeft nieuwe betekenis aan het mozaïek. Overigens is BrabantStad naar internationale maatstaven één stedelijk gebied waarin de regio’s rond de steden steeds meer in elkaar overvloeien. Brabantse jongeren studeren aan universiteiten in Eindhoven en Tilburg, en aan één van de vele hogescholen, ze wedijveren in de Brabantse “urban scene” en veel Brabanders hebben getuige de files in de piekuren, een functie elders in Brabant. Kortom, stedelijk Brabant vormt steeds meer een ‘daily urban system’. Een stedelijk netwerk dus.
Dat betekent rekening houden met effecten op het gehele netwerk, maar biedt ook kansen om “samen sterk” globaal te wedijveren om investeringen en talenten. We willen immers tot de top van (kennis)innovatieve regio’s in Europa behoren.
Na de gemeenteraadsverkiezingen zullen links en rechts wisselingen van de wacht en nieuwe inzichten en accenten in de samenwerking ontstaan. Wat onverkort blijft, is het gezamenlijke doel en verlangen om Brabant en haar steden duurzaam de prettige, leefbare en mooie plek te laten blijven die het al sinds mensenheugenis is. De kwaliteiten van Brabantse mozaïek koesteren we, we kunnen het samen nog meer kleur geven.
Besturen is vooruitzien BrabantStad Mozaïekmetropool was de inspiratie voor het Meerjarenprogramma BrabantStad 2008-2012. En zo is de afgelopen decennia steeds opnieuw vooruitgekeken in een programma of agenda om de samenwerking in BrabantStad richting te geven.
Doe mee!
De komende jaren staat het ‘nieuwe stedelijke Brabant’ op de agenda. Er moeten honderdvijfentwintig duizend woningen worden gebouwd. Hoe doe je dat zonder verstikkend te verdichten? Hoe realiseren we een gezonder Brabant? Hoe zorgen we ervoor dat de economische motoren/cruciale Overdrachtsdocument BrabantStad
-4-
Reflectie op samenwerking en behaalde resultaten Binnen de summit Digitale Stad is in de afgelopen periode onder andere de BrabantRing ontwikkeld; een glasvezelnetwerk waarin overheden, zorginstellingen, bedrijven en onderwijsinstellingen veilig digitaal verbonden zijn. Het BrabantStad-sensorenregister dient als voorbeeld voor een landelijk sensorenregister en is om die reden opgepakt door het Kadaster en het Rijk. Via WoonConnect kunnen bewoners met virtuele 3D modellen van hun huis en de omgeving met de eigen woning experimenteren op terreinen als zorg, veiligheid, comfort en energie. Dit brengt energiebesparing op maat dichterbij, evenals het levensloopbestendig maken van de eigen woning. En tot slot zijn in BrabantStad verband gezamenlijk principes voor de digitale samenleving ontwikkeld. Eerst in de vorm van een intentieverklaring rondom datagebruik, en vervolgens geborgd in de inkoopvoorwaarden van de gemeentelijke organisaties. Ook is in samenwerking met JADS de leergang Digitalisering van de overheid ontwikkeld.
Alvorens we vooruitblikken op de agenda voor de toekomst blikken we beknopt terug op de resultaten van de afgelopen jaren en geven we de bestuurlijke waardering daarvan weer. De afgelopen vier jaar hebben de bestuurlijke partners binnen BrabantStad gewerkt aan de realisatie van de Stedelijke Agenda binnen de zes summits - de thema’s waarop BrabantStad zich profileerde om Aantrekkelijk, Bereikbaar en Concurrerend te blijven en de toppositie van het stedelijk netwerk te versterken. Per summit realiseerden we diverse resultaten, waarvan de meest aansprekende niet onbenoemd mogen blijven. Summit Economisch Vestigingsklimaat: Op initiatief van BrabantStad heeft BO MIRT besloten een duurzame verstedelijkingsstrategie voor het stedelijk netwerk op te stellen, waarbij duurzame verstedelijking centraal staat.Dit geeft richting en nieuwe kansen voor de schaalsprong in de stedelijke gebieden in de komende periode. In reactie op de Coronacrisis werd gezamenlijk een impactmonitor ontwikkeld, en later een gezamenlijke actie- en investeringsagenda Coronaherstel uitgerold. En om het MKB te ondersteunen bij het benutten van kansen rondom digitalisering en datagedreven werken, is een regionale aanpak opgezet. Daarbij worden MKB-bedrijven ondersteund en verbonden vanuit een gezamenlijk online loket.
Vanuit de summit Slimme en Duurzame Mobiliteit is een gezamenlijk bid Toekomstbeeld OV 2040 opgesteld, waaruit blijkt dat er minimaal €3,5 miljard aan investeringen nodig is.
-5-
Overdrachtsdocument BrabantStad
In het BO MIRT zijn afspraken gemaakt over de uitvoering, op onder andere de ontwikkeling van Eindhoven CS, het versnellen van spoorverbindingen met Düsseldorf en de transformatie Spoorknoop ’s-Hertogenbosch. In de Verklaring Krachtenbundeling Smart Mobility Zuid-Nederland hebben overheden, kennisinstellingen en bedrijfsleven afspraken gemaakt over de doorontwikkeling van Smart Mobility in Brabant. Ook zijn regionale snelfietsroutes en fietsstimuleringsprojecten uitgevoerd, nieuwe afspraken gemaakt over stedelijke logistiek en goederenvervoer, en projecten opgezet rondom verkeersveiligheid.
worden. De stikstofcrisis, de (financiële) uitdagingen in het sociaal domein, de aanpak van Corona en de economische herstelagenda zijn voorbeelden van grote thema’s waar de partners in BrabantStad snel tot een gezamenlijke agenda of aanpak kwamen. Ze waren allen niet voorzien toen de inkt van de Stedelijke Agenda nog moest opdrogen. Toch zal iedereen die bestuurlijk actief was de afgelopen jaren juist deze uitdagingen en resultaten noemen als focuspunt, ook binnen BrabantStad. Tot slot hebben we doorlopend geïnvesteerd in ontmoeting en lobby. De jaarlijkse Prinsjesdagborrel, de BrabantStaddiners met de SG’s en DG’s van de Haagse ministeries, de ontmoeting tussen Brabantse bestuurders en het Brusselse netwerk: ze vonden allen periodiek plaats binnen de context van de Stedelijke Agenda.
Summit Cultuur en Sport: de gezamenlijke ambities op het gebied van cultuur zijn verwoord in het regioprofiel Brabant maakt het, waarmee de Brabantse cultuur zich gezamenlijk profileert in Den Haag en internationaal. Cultuureducatie en -participatie heeft tot doel om iedereen in Brabant toegang te geven tot cultuur. De lobby heeft erin geresulteerd dat cultureel Brabant goed onder de aandacht is gebracht en het aantal Brabantse instellingen dat in de landelijke Basisinfrastructuur van het ministerie van OCW is opgenomen, is verdubbeld tot 12. Daarnaast zijn door intensieve samenwerking diverse topsportevenementen naar Brabant gehaald. Denk bijvoorbeeld aan de Champions Trophy hockey, het WK Paravolley, het EK Veldrijden/Cyclocross, het EK Cross, en het WK Handboogschieten inclusief Para Archery. En in 2022 doet de Vuelta España in twee etappes BrabantStad aan.
In de bijlage treft u een lijviger resumé van de resultaten. Voor de tot detailniveau geïnteresseerde lezer zijn de jaarverslagen van 2018, 2019, 2020 en 2021 beschikbaar via www.brabantstad.nl.
Evaluatie en reflectie samenwerking Naar aanleiding van het aflopen van de Stedelijke Agenda is op een aantal momenten in 2021 in verschillende gremia teruggekeken op de bestuurlijke samenwerking, startend op de BrabantStad Dinsdag in maart 2021. Vervolgens is in de navolgende besprekingen van de stuurgroep en het secretarissenoverleg stap voor stap toegewerkt naar de contouren voor de nieuwe Stedelijke Agenda. Vanuit de summits onder de huidige Stedelijke Agenda is voor ieder inhoudelijk thema een two-pager opgesteld dat vooruitblikt richting de volgende bestuursperiode. De inhoudelijke lijnen van deze uitwerkingen komen, soms in een wat andere vorm, terug in het vervolg van dit overdrachtsdocument.
Binnen de summit Gezonde en Duurzame Leefomgeving is de publicatie ‘BrabantStad – Het volgende landschap’ als gezamenlijk perspectief vastgesteld, met de wijze waarop de BrabantStad-partners samen met de waterschappen de transities in het Brabantse landschap willen realiseren. Hiermee geven de BrabantStad-partners tevens invulling aan ‘Ontwikkellijn 3 Natuur en landschap tot in het hart van de steden’ van Van Gogh Nationaal Park i.o., waarin zij met vele partijen samenwerken.
Aanvullend is in de stuurgroep gereflecteerd op het functioneren van BrabantStad. Alle partners zien meerwaarde in het voortzetten van de BrabantStad-samenwerking. Daarbij is er zowel waardering voor de samenwerking en realisatie van de Stedelijke Agenda als ook ruimte voor verbetering in de organisatie als in het bereiken van concrete resultaten. De summitstructuur wordt regelmatig als een te dwingend korset ervaren. De bestuurlijke ontmoetingen en de activiteiten die BrabantStad ontplooit richting Brussel en Den Haag kunnen doorgaans rekenen op enthousiasme. De samenwerking binnen de summits mag minder dwingend worden vormgegeven, er mag meer ruimte zijn voor ontmoeting, inspiratie en leren van elkaar op basis van actualiteit en kansen in Den Haag en Brussel .
Op het snijvlak van het sociale en ruimtelijke domein verkent Het PON & Telos in opdracht van BrabantStad hoe BrabantStad gezond kan verstedelijken. Ter afsluiting volgt er nog een symposium. Bij het opstellen van de verstedelijkingsstrategie en verstedelijkingsakkoorden trekt BrabantStad het landschap nog dieper de stad in, tot aan de voordeur: samen met de waterschappen wordt gewerkt aan een gezamenlijke propositie richting het Rijk voor gezonde, klimaat adaptieve en groene verstedelijking. Het netwerk bleek ook in staat snel te schakelen als nieuwe vraagstukken zich aandienden of kansen verzilverd moesten Overdrachtsdocument BrabantStad
-6-
In september 2021 besloot de stuurgroep om geen compleet herijkte agenda op te stellen, maar een overdrachtsdocument voor de nieuwe colleges. Een document waarin op hoofdlijnen wordt aangegeven wat de meerwaarde van BrabantStad is, op welke manier we in BrabantStad-verband willen samenwerken & samenkomen en wat een toekomstige vorm voor BrabantStad zou kunnen zijn. De nieuwe colleges bouwen na de eerste kennismaking met elkaar op dit overdrachtsdocument voort en geven zo nieuw elan, vorm en inhoud aan het netwerk en de samenwerking. Daarbij hanteren we een aantal uitgangspunten bij de opstelling van het overdrachtsdocument: • Start de herijking vanuit open vizier voor de volgende fase van de samenwerking in BrabantStad; • Meer flexibiliteit in de agenda is daarbij wenselijk, zodat beter ingespeeld kan worden op de actualiteit; • De kernkwaliteit ontmoeting moet worden behouden en versterkt; • Er dient oog te zijn voor de relatie stad-regio (de volle kleuren van het mozaïek), maar waak voor bestuurlijke dubbelingen bij de aanpak van (regionale) opgaven; • Kijk kritisch naar de toegevoegde waarde, concrete resultaten en scherpte op de inhoudelijke samenwerking; • Aansluitend op de nieuwe Stedelijke Agenda worden concrete afspraken gemaakt over de dossiers waar wel een gezamenlijke lobby op wordt gevoerd en waar niet; • Bepaal het eigenaarschap van iedere partner in het netwerk,
de provincie en de steden; • Laat BrabantStad in de manier van samenwerken fungeren als netwerk / platform van ontmoeting en uitwisseling.
1. Voortgang realisatie Stedelijke Agenda 1. Het netwerk BrabantStad is en blijft van meerwaarde 2. Zet het netwerk BrabantStad in, daar waar we het nodig hebben - Zo niet, maak dan gebruik van een ander samenwerkingsverband 3. Laat de agenda aansluiten op de bestuurlijke wensen 4. Als we een opgaven willen oppakken zorg dan voor een concrete onderliggende werkagenda 5. Wees open en leg transparant op tafel waar ieder mee bezig is 6. Durf te kiezen en zorg voor focus 7. Borduur voort op bestaande thema’s en bestendig dezen 8. Maak de agenda concreter, preciezer en met meer lenigheid 9. Gebruik de agenda als input voor de gemeentelijke verkiezingen
2. Ervaringen met Governance en Samenwerking 1. Zorg dat de Governance “leaner”wordt 2. Zorg voor flexibiliteit - geen one size fit all-structuur 3. Zorg voor een gezamenlijke houding om echt met elkaar aan de slag te willen gaan 4. Zorg voor een gelijkwaardige bijdrage (capaciteit) vanuit de partners 5. Zorg dat de beste spelers voorop worden gezet 6. Zorg voor draagvlak en eigenaarschap van de nieuwe colleges (wethouders) na de verkiezingen 7. Zorg voor draagvlak bij de raadsleden en maak duidelijk wat ieders rol en bevoegdheid is
3. Lobby 1. Voorkom chagrijn 2. Maak expliciet wie op welk onderwerp voorop loopt en wie wel/ niet op de tandem zit 3. Zorg voor planmatige lobby 4. En betrek eventueel ook andere partners erbij 5. Zorg voor voldoende doorzettingsmacht en blijf uit elkaars spoor als dat gewenst is
-7-
Overdrachtsdocument BrabantStad
Fotografie: Jostijn Ligtvoet
Positionering in breder perspectief De samenwerking van stedelijk Brabant in een bestuurlijk netwerk is uniek in Nederland en heeft in de afgelopen jaren bijgedragen aan de sterke positie van Brabant op (inter) nationaal niveau. Er zijn drie belangrijke drijfveren waarom we in BrabantStad-verband aan deze ambitie van een innovatief en duurzaam stedelijk netwerk werken:
2. Een tweede motief voor onze samenwerking is “de macht van het getal”; samenwerken leidt tot voldoende kritische massa om innovaties te kunnen implementeren. Maar soms ook om een succesvolle lobby richting Den Haag of Brussel te kunnen voeren. Het voorkomen van onderlinge concurrentie richting Den Haag en Brussel, en het versterken van elkaars kracht, door afstemming is een belangrijke meerwaarde.
1. Op de eerste plaats vormen we steeds meer één metropoolstad. Op onderdelen functioneren de steden als één daily urban system, met de steden als concentratiepunten. Elke stad excelleert op een ander thema en in het geheel vult elke stad elkaar aan. We zijn ons bewust van de onderlinge verschillen en overeenkomsten. We weten dat het voorzieningenniveau wezenlijk is om talent aan te trekken en te binden aan onze regio. Dus stemmen we af. Ook qua bedrijvigheid vormen we één metropoolstad. Door de onderlinge verbinding (fysiek, economisch, bestuurlijk) te verbeteren vergroten we de schaaleffecten en versterken we met gerichte acties onze agglomeratiekracht. De gezamenlijke netwerkkracht kan zo groeien. Overdrachtsdocument BrabantStad
3. Een derde motief voor de BrabantStad-samenwerking is dat we elkaar kunnen inspireren, van elkaar kunnen leren en gezamenlijk meer kunnen bereiken. Samenwerken levert tijdwinst op doordat zaken logisch en samenhangend geagendeerd kunnen worden. Samen komen we verder en kunnen we inspanningen (ver)delen. Natuurlijk kan dat ook met andere steden en regio’s buiten Brabant, maar juist onze nabijheid en omdat we elkaar goed kennen zet ons op voorsprong. De meerwaarde van periodieke ontmoeting is dat we snel kunnen schakelen als het nodig is. De kracht van geven en nemen helpt om voor het totaal van het netwerk meer te bewerkstelligen. -8-
De afgelopen jaren heeft BrabantStad gefungeerd als een waardevol licht bestuurlijk netwerk, waarbij het elkaar ontmoeten evenals de inhoudelijke meerwaarde om tot betere resultaten te komen door samenwerking leidend is. Ook de volgende periode houden we vast aan deze lichte en effectieve samenwerking in een vorm die daar het beste bij aansluit.
de opgave(n), kunnen samenhangende en toekomstbestendige oplossingen worden geboden. Onder andere de Regionale Omgevingsagenda’s en de Omgevingsdagen spelen hier een grote rol bij. In de Stedelijke Agenda ligt de focus van BrabantStad daarom op stedelijke thema’s en opgaven, aanvullend op de samenwerking in de verschillende (regionale) ecosystemen. Daarnaast hebben de grote steden een belangrijke functie als centrumsteden binnen hun regio en vormen zij de schakel tussen het regionale niveau en het schaalniveau van het stedelijk netwerk. Als onderdeel van de stedelijke opgaven bezien we daarom ook hoe we de wisselwerking tussen stad en regio beter kunnen benutten. Om onnodige bestuurlijke drukte te voorkomen, voorkomen we dat discussies uit de regio’s opnieuw geagendeerd worden in BrabantStad verband.
Adaptieve strategische agenda De komende decennia staat Brabant voor een aantal grote (transitie)opgaven en grote uitdagingen. Denk aan de duurzame en gezonde verstedelijkingsopgave, de transitie van de landbouw, de klimaatopgave en de uitdagingen op het gebied van digitalisering en AI of de veeldeling die mede door de coronapandemie steeds manifester wordt. In een dergelijke complexe en onzekere context is het niet wenselijk om een vastomlijnde strategische agenda te formuleren voor BrabantStad. Successen uit de afgelopen jaren hebben laten zien dat een groot deel van de succesformule zit in het snel kunnen schakelen en tactisch handelen op nieuwe ontwikkelingen. Ook doen zich met enige regelmaat kansen voor met een groot potentieel, maar met een beperkte ‘window of opportunity’. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de Europese en nationale herstel- en groeifondsen, de investeringspotten voor Data & AI, de woondeals en de regionale investeringsagenda’s. Daarom kiezen we voor een beknopte strategische agenda waarin thematisch een aantal gezamenlijke opgaven wordt benoemd.
De meerwaarde van de bestuurlijke samenwerking in BrabantStad bestaat uit de verbinding (gezamenlijk benoemen, verkennen en oppakken) van stedelijke opgaven die aansluiten bij de strategische opgaven en die in de regionale verbanden minder aan de orde komen en vaak dat schaalniveau ontstijgen. Onze agenda is daarmee complementair aan de regionale samenwerkingsagenda’s. We zoeken telkens actief naar het meest passende platform: de juiste vraag op de juiste schaal om zo uitvoeringskracht te kunnen organiseren.
Vorm volgt opgave en inhoud: eenheid in verscheidenheid De huidige (summit)structuur geeft eenduidigheid tussen de verschillende thematafels van BrabantStad, maar is in de afgelopen periode als te dwingend en complex ervaren. Het leggen van gewenste en noodzakelijke dwarsverbanden is daardoor lastig. Als gevolg daarvan wordt (te)veel kostbare tijd verloren aan het agenderen en aanscherpen van plannen in plaats van het bereiken van concrete resultaten en impact. Het bereiken van impact hoeft echter niet altijd via gezamenlijke resultaten. Ook het ontmoeten, inspireren en kennisdelen zien we als volwaardige resultaten van de samenwerking in BrabantStad. In de vorm zoeken we nog meer naar meer maatwerk en flexibiliteit, aansluitend bij de specifieke actualiteit en opgave. Dat kan ook betekenen dat de BrabantStad-dinsdagen soms een ander karakter krijgt dan die van het regulier bestuurlijk overleg.
In aanvulling daarop wordt bewust een deel van de agenda vrijgehouden om in te kunnen spelen op actuele ontwikkelingen en nieuwe kansen. Dat geldt zowel voor nieuwe thema’s en opgaven als binnen de themalijnen van de nieuwe agenda. Focus bepalen we jaarlijks vanuit deze ‘adaptieve strategische agenda’ door een werkprogramma op te stellen, waarin we op de themalijnen mijlpalen, ambities en concrete resultaten bepalen. We richten ons op de dossiers waar energie blijkt te zitten.
Focus op de meerwaarde als stedelijk netwerk Regionaal samenwerken tussen overheden, en met maatschappelijke partners heeft de afgelopen jaren een grote vlucht genomen. Op grond van (uitvoering van) wettelijke taken en als gevolg van gezamenlijke ambities en de noodzaak om opgaven integraal aan te pakken. Opgaven als woningbouw, energietransitie en mobiliteit worden meer en meer in regionale samenwerkingsverbanden opgepakt. We kiezen ervoor om het denken in maatschappelijke ecosystemen daarbij voorop te stellen; juist door bij de inrichting van bestuurlijke samenwerking te vertrekken vanuit de context van
Onze samenwerking met triple helix partners verloopt via de eerdergenoemde ecosystemen, volgend op de opgave. Waar gezamenlijke opgaven zich voordoen, zoals bij mobiliteit, duurzame verstedelijking en cultuur, zal er voor gekozen worden om te verbreden met onderwijs, kennispartners en bedrijfsleven. Deze insteek geeft ook ruimte om, -9-
Overdrachtsdocument BrabantStad
Lobbystrategie
waar wenselijk, andere (lokale) overheden en waterschappen te betrekken, zeker in de uitvoering.
Vanuit de definitieve Stedelijke Agenda is het wenselijk om volgend op de inhoudelijke prioriteiten een gezamenlijke lobbystrategie te formuleren. Op basis van de gezamenlijke prioriteiten in de nieuwe agenda kan worden bepaald op welke dossiers de belangen congruent zijn, bestuurlijk commitment bestaat, en gezamenlijke lobbyinzet meerwaarde heeft. De aansturing van dit thema verdient aandacht en brengen we in lijn met die van reguliere themalijnen. Hiermee komt er een voorzitter (bestuurlijk opdrachtgever), aanjager (één van de lobbyisten) en ambtelijk aanspreekpunt voor capaciteit en middelen (secretaris). De Europese en Haagse lobby worden gezien als twee aparte thema’s, die elkaar raken en versterken. Beide omgevingen kennen immers een eigen dynamiek, netwerk en prioriteiten.
BrabantStad-dinsdag De BrabantStad-dinsdag vormt een belangrijke ruggengraat van BrabantStad als netwerk. De BrabantStad-dinsdagen worden nog meer ingericht om tegemoet te komen aan de wensen van bestuurders; veel ruimte voor kennisdeling, ontmoeting en inspiratie op actuele thema’s. Er zal meer focus worden gelegd op een inspirerende plenaire aftrap van de dinsdagen middels externe sprekers die zorgen voor nieuwe inzichten op actuele en relevante thema’s. Dit beviel de bestuurders in het verleden erg goed. Actualiteit wordt ook gezien als energie gevend. De ambitie is daarom om bij iedere bijeenkomst minimaal de helft van de beschikbare agendatijd te reserveren voor actuele thema’s.
BrabantStad zouden we in dit verband minder als eigenstandig, inhoudelijk gedreven entiteit moeten positioneren, maar meer als ondersteunend platform bij gemeenschappelijke kansen in Den Haag (Rijk) en in Brussel (Europa). Naargelang de gezamenlijke belangen overeenkomen en BrabantStad daarvoor een geschikte coalitie is, kunnen we BrabantStad inzetten op basis van de gezamenlijke opportuniteit. Op thema’s als mobiliteit, digitalisering, klimaat liggen mogelijk kansen. Dit sluit ook aan op de huidige Europese lobbystrategie op de prioriteiten mobiliteit en digitalisering, die gedurende de herijking zullen worden doorgezet. Het formuleren van een ‘eigen’ BrabantStad lobbyagenda is geen doel op zich, maar moet een gezamenlijke ondersteunende agenda zijn die de ambities van de partners kan ondersteunen door samen op te trekken op die thema’s waarvoor BrabantStad de geëigende coalitie is. Indien een ruime meerderheid van partners meerwaarde ziet in het benutten van het vehikel BrabantStad, kan dit ook gebeuren zonder deelname van alle partners op dit onderwerp.
Themabijeenkomsten worden alleen geagendeerd wanneer dit relevant is. Indien er geen noodzaak is voor een themalijn om bijeen te komen en er geen relevante ontwikkelingen te delen zijn, kan het zijn dat een themalijn niet op de agenda staat. In de agenda van iedere themalijn bekijken we scherp wat op de agenda van de BrabantStad-dinsdag moet; wat ambtelijk kan, bespreken we ambtelijk, alleen noodzakelijke beslispunten voor bestuurders komen op de agenda. Tot slot nodigen we bij de lunch regelmatig een aantal aansprekende externen uit waarmee de relevantie van het netwerk vergroot kan worden. Zo ontstaat er nog meer inspirerende ontmoeting tijdens de BrabantStad-dinsdagen en bied dit bestuurders extra kennis, energie en inspiratie.
Overdrachtsdocument BrabantStad
-10-
Kansen voor BrabantStad: tussen focus en flexibiliteit De inhoudelijke uitgangspunten van de Stedelijke Agenda 2018-2022 blijven ook in de komende bestuursperiode centraal staan. Concreet gaat het daarbij om het gezamenlijk streven om te behoren tot de top 5 meest innovatieve stedelijke regio’s ter wereld. De grootste uitdaging van BrabantStad is om gezamenlijk een Metropoolstad te vormen die excelleert in kennis- en innovatiekracht. De beweging daarnaartoe verloopt strategisch langs vier sporen. BrabantStad wil blijven investeren in de Aantrekkelijkheid, de Bereikbaarheid en de Concurrentiekracht van de Brabantse stedelijke regio. Daarbij is het denken in Brede Welvaart zowel een bril als een kompas voor keuzes en acties. Om een evenwichtige ontwikkeling na te streven wordt daarom ook het spoor Duurzaam & Gezond benoemd in de nieuwe Stedelijke Agenda. Deze vier sporen vormen de basis voor de Samenwerkingsagenda en geven richting in de ‘bedoeling’ van de samenwerking.
Onderstaande matrix is bedoeld als denkkader voor de programmering in BrabantStad verband, in de jaarplannen en op de BrabantStad-dinsdagen. Deze twee invalshoeken bieden focus voor de inhoudelijke keuzes die gemaakt worden. Een derde invalshoek is die van de wijze van agendering. Afhankelijk van de betreffende opgave, urgentie en actualiteit kan telkens bepaald worden wat het meest passende karakter van de samenwerking is, variërend van inspireren, kennis delen tot gezamenlijke projecten en/of lobby.
-11-
Overdrachtsdocument BrabantStad
Concurrentiekracht versterken Slimme technologie maakt BrabantStad duurzamer, veiliger en gezonder. Een betere integratie van de kennisinfrastructuur leidt tot betere benutting van de kennisrijkdom. Het onderwijs moet soepeler aansluiten op de arbeidsmarkt zodat de banen die ontstaan ook ingevuld kunnen worden. Innovatie zorgt voor een betere concurrentiepositie en meer concurrentiekracht.
Aantrekkelijkheid vergroten Mensen moeten graag willen wonen in BrabantStad. Ofwel: de kwaliteit van leven moet hoog zijn. Een mooie omgeving, veel toegankelijk groen, een kloppend ritme van stad en platteland. Een groene, gezonde en klimaatadaptieve stad tot in de haarvaten van het stedelijk gebied, hippe stadsgebieden waar gewoond, geleefd en gewerkt wordt. Zowel sportief als cultureel genoeg te genieten en voorzieningen binnen handbereik.
Duurzaam en gezond Steden en regio’s die internationaal aantrekkelijk en concurrerend willen blijven, zullen meer dan in het verleden aandacht moeten besteden aan duurzaamheid en gezondheid. Dat vraagt om voortdurend rekenschap hoe Aantrekkelijk, Bereikbaar en Concurrenrend BrabantStad tevens kan bijdragen aan een ‘Duurzaam’ en ‘Gezond’ stedelijk netwerk. Het vraagt ook om samenhangende oplossingen vanuit een integrale aanpak van de opgaven voor wonen, werken, bereikbaarheid, klimaatadaptatie, circulariteit, energievoorziening, natuur en gezonde leefomgeving. Balans in vitale, duurzame en inclusieve steden is nodig voor een duurzame toekomst van BrabantStad.
Bereikbaarheid verbeteren In een economie die steeds meer draait om gespecialiseerde ondernemingen die intensief met elkaar moeten samenwerken om tot nieuwe producten en diensten te komen, zijn verbindingen cruciaal. En een samenleving die haar dagelijkse bezigheden niet beperkt tot de eigen buurt of wijk, maar zich uitstrekt tot stad, regio en stedennetwerk. Dat vraagt om goede verbindingen tussen de steden onderling en (inter) nationaal. Smart connectivity is de sleutel.
Overdrachtsdocument BrabantStad
-12-
ersterken Kansen per thema Slimme technologie maakt BrabantStad duurzamer, veiliger en gezonder. Een betere integratie van de kennisinfrastructuur Mobiliteit leidt tot betereinbenutting vanregio’s de kennisrijkdom. Het onderwijs De mobiliteit de stedelijke in Brabant staat onder moet soepeler aansluiten op de arbeidsmarkt zodat de banen druk. Onzekere factor is de Coronacrisis. Welke kansen gaat die ontstaan ook ingevuld kunnen worden. Innovatie zorgt dit bieden voor onze mobiliteit en voor welke uitdagingen voor een betere concurrentiekracht. worden weconcurrentiepositie gesteld? De impacten opmeer bijvoorbeeld het openbaar
de CO2-uitstoot (Klimaatwet: 55% in 2030, 100% in 2050), het sluiten van kringlopen, het bevorderen van een circulaire samenleving en het verbeteren van de leefbaarheid en de gezondheid. In de Verstedelijkingsstrategie voor stedelijk Brabant en de daaraan gekoppelde verstedelijkingsakkoorden voor 4 stedelijke regio’s maken we afspraken met het Rijk hoe we deze opgaven gaan realiseren en hierbij gaan samenwerken.
vervoer is groot, maar is die blijvend? In BrabantStad-verband Duurzaam enslimme gezond werken we aan en duurzame mobiliteit en verbinden Steden en regio’s die internationaal en mobiliteitsopgaven met opgaven opaantrekkelijk vlak van verstedelijking concurrerend willen blijven, zullen meer dan in het verleden en energie. We willen reistijden verkorten, duurzaamheid aandacht moeten besteden aan duurzaamheid en gezondheid. bevorderen, innovatie stimuleren en ons leefkli¬maat Dat vraagt om rekenschap hoe Aantrekkelijk, verbeteren. Wevoortdurend geven prioriteit aan de volgende specifieke Bereikbaar en Concurrenrend BrabantStad tevens kan opgaven: bijdragen aan een ‘Duurzaam’ en ‘Gezond’ stedelijk netwerk. Het vraagt ook om samenhangende • Ontwikkelen internationale verbindingen, oplossingen corridors en vanuit een integrale aanpak van de opgaven voor wonen, knooppunten; werken, bereikbaarheid, klimaatadaptatie, circulariteit, • Vergroten en verbinden van de daily urban systems op energievoorziening, natuur en gezonde leefomgeving. Balans interregionaal niveau; in duurzame stadsregio¬nale en inclusieve steden is nodig voor een •vitale, Optimaliseren mobiliteit, inclusief first & duurzame toekomst van last mile oplossingen; BrabantStad. • Werken aan de mobiliteits¬transitie waarbij de wijze
Volle kleuren in het Brabants Mozaïek vragen om wederkerigheid tussen stedelijkheid, dorpse kwaliteiten en het landschap op alle opgaven, inclusief de verbindingen in het netwerk. Meervoudig ruimtegebruik wordt steeds belangrijker, zowel in het bebouwd gebied als in het buitengebied: de ruimteclaims voor energie, klimaat, landbouw en veeteelt, natuur, verkeer, wonen en werken passen niet meer naast elkaar Brabant. Er zijn scherpe keuzes nodig.
Cultuur & sport Gezien de specificiteit van de twee werkvelden sport en cultuur is het voorlopig wenselijk om sport en cultuur los van elkaar te organiseren om voldoende focus en diepgang te kunnen realiseren. De culturele infrastructuur is gemeente overstijgend. Samen vormen we één cultuurregio. Het is daarom van belang samen op te trekken. In de afgelopen periode zijn afspraken vastgelegd in het Regioprofiel, waarmee we ons als cultuurregio ook gezamenlijk geprofileerd hebben in Den Haag. Daarnaast is voor de periode 2021-2024 met het Rijk een Cultuurconvenant gesloten.
waarop we ons verplaatsen drastisch wordt veranderd (veiliger, duurzamer, inclusiever, innovatiever).
Digitale stad De themalijn digitale stad helpt de steden en de provincie om samen snelheid te maken met digitalisering en meerwaarde te realiseren. Bovendien kan er van elkaar worden geleerd en kennis worden uitgewisseld. Digitalisering kan bijdragen aan het oplossen van concrete maatschappelijke opgaven die momenteel spelen. De steden en provincie constateren dat er nog flinke stappen moeten worden gezet bij het verder ontwikkelen en implementeren van de digitale strategie. Er wordt daarom voorgesteld om verder te investeren in de doorontwikkeling van het zogeheten datagedreven werken en de onderlinge samenwerking, waarbij actuele (Brabantse) integrale maatschappelijke opgaven leidend zijn.
Op de thema’s sport, bewegen en gezondheid ontwikkelen we een gezamenlijke strategie. Doel is deze thema’s op uitvoerende agenda’s te krijgen en te houden van andere beleidsterreinen omdat het verbeteren van de vitaliteit van de Brabander vraagt om een brede en integrale aandacht voor dit onderwerp. We organiseren gezamenlijk een breed en bereikbaar sportief aanbod en uitnodigend sportief klimaat, georganiseerd en ongeorganiseerd, op sportaccommodaties en in de openbare ruimte. Met name op de onderwerpen uniek sporten, talent ontwikkeling innovatie en evenementen is samenwerking noodzakelijk om aan dat streven ook inhoud en kwaliteit te kunnen geven.
Duurzame verstedelijking De opgave voor verduurzaming van het stedelijk gebied is veelomvattend. Die betreft behalve de 15% die er tot 2040 wordt toegevoegd ook de 85% die er nu al staat. De bestaande stad verandert van binnenuit: veelal in spoorzones, verouderde bedrijventerreinen en zones rond de stadscentra ontstaan stedelijke innovatiemilieus. Heel veel grote opgaven komen samen: de bereikbaarheidsopgave, kwantitatieve en kwalitatieve opgaven voor wonen en werken, het klimaatrobuust maken en vergroenen van het stedelijk gebied, het realiseren van de energietransitie, het verminderen van -13-
Overdrachtsdocument BrabantStad
Sociaal/maatschappelijk Deze themalijn bouwt voort op het bestaande informeel overleg van de steden met betrekking tot het sociaal domein. Doel voor de komende periode is om binnen deze themalijn de sociaal-maatschappelijke en fysieke kant meer bij elkaar te brengen, om zo ook de synergie met de provincie op te zoeken. Daarbij houden we rekening met de uitgangspunten van de propositie Winst van het sociaal domein: bestaanszekerheid, kansengelijkheid en gezond leven. Wij zien kansen in het inhoudelijk verbinden van de scope van het sociaal domein aan thema’s als onderwijs-arbeidsmarkt, gezondheid en preventie en wonen. In bijlage 1 wordt per themalijn de contouren geschetst voor de actielijnen en speerpunten in de periode 2022-2026.
Overdrachtsdocument BrabantStad
-14-
Doorkijk op governance en organisatie Stuurgroep
Om BrabantStad als licht bestuurlijk netwerk slagvaardig te houden, is een duidelijke rolverdeling nodig. We sturen vanuit de gedachte van ‘Ons BrabantStad’; gezamenlijk, slim en samenhangend. BrabantStad willen we nog beter positioneren als adaptief netwerk gericht op het verzilveren van kansen, gezamenlijk oppakken van problemen en delen van kennis en inspiratie op basis van actualiteit. Dat vraagt om een heldere organisatiestructuur en een samenwerkingscultuur die vertrekt vanuit gedeeld eigenaarschap. Bovendien vraagt het een focus op doen, in plaats van op papier zetten om te komen tot gezamenlijke doortastendheid.
De stuurgroep is verantwoordelijk voor het functioneren van BrabantStad op systeemniveau (regie op samenhang, profilering en positionering) en fungeert als ambassadeur voor het netwerk. De betrokken bestuurders doen dat vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid en als gelijken, namens de zes partnerorganisaties. Tevens vervullen leden een schakelrol binnen de eigen organisatie als bestuurlijk aanspreekpunt. De stuurgroep accordeert de jaarplannen vanuit de thema’s (doelen, benodigde budgetten, benodigde capaciteit, integraliteit) en stelt het overkoepelende jaarplan voor BrabantStad vast. Ook de lobbystrategie en het initiëren vanuit de themalijn ‘actualiteit’ is daar onderdeel van. Het jaarplan is een beknopt document waarin de te bereiken resultaten en de belangrijkste momenten voor het netwerk kort zijn uiteengezet. De stuurgroep wordt periodiek geïnformeerd over de voortgang per thema. Daarnaast houdt de stuurgroep ruimte voor kennisdeling en inspiratie op actuele thema’s. Het programmabureau heeft hierin een faciliterende rol.
Een adaptieve agenda kan alleen focus houden als heldere afspraken worden gemaakt over aansturing, monitoring en escalatie. Deze afspraken maken we in de gedachte van het licht bestuurlijke netwerk dat we willen zijn, met de bedoeling om snel, efficiënt en wendbaar te kunnen handelen als dat nodig is. Dat betekent dat we onze manier van samenwerken niet dwingend voorschrijven (vorm volgt immers inhoud) en dat de nieuwe stuurgroep de ruimte heeft de specifieke invulling te bepalen. We beperken ons tot het scheppen van duidelijkheid op verantwoordelijkheden. -15-
Overdrachtsdocument BrabantStad
projectleiders en ontwikkelaars. Daarnaast heeft de aanjager de taak om zowel het ambtelijk als het bestuurlijk netwerk rond de themalijn inhoudelijk te faciliteren.
Secretarissenoverleg Het secretarissenoverleg legt de verbinding tussen de ambities van BrabantStad en de beschikbare middelen in tijd, geld en capaciteit bij de eigen organisaties en bewaakt de uitvoerbaarheid. Het accorderen van de jaarplannen vanuit de thema’s gebeurt daarom eenmaal per jaar door de stuurgroep in overleg met de secretarissen. Het vormgeven van de randvoorwaarden voor het functioneren van het netwerk staat daarbij centraal. De secretarissen vormen tevens het eerste aanspreekpunt op het gebied van ambtelijke uitvoering, en zijn het hoogste ambtelijke escalatieniveau binnen het netwerk. Op de achtergrond borgen zij een evenredige bijdrage van alle partners aan de basisstructuur van BrabantStad.
Vanuit de ambtelijke inzet binnen de themalijn wordt gewerkt aan realisatie van de doelen. Ook het aanpakken van problemen in de uitvoering hoort hierbij. In de bestuurlijke overleggen per themalijn wordt de voortgang op de doelen gemeld, worden knopen doorgehakt over majeure problemen en uitdagingen en worden belangrijke actuele ontwikkelingen besproken. Hiermee ontstaat er in de bestuurlijke overleggen meer ruimte voor kennisdeling, ontmoeting en inspiratie op het thema. De opzet wordt hiermee informeler en er ontstaat meer ruimte om externen bij het thema te betrekken.
Aansturing themalijnen
Open Haard Overleggen
De themalijnen zijn erop gericht om een thema in gezamenlijkheid verder te brengen. Dit gebeurt op basis van een jaarplan waarin de doelen, het benodigde budget en de benodigde capaciteit per thema zijn uitgewerkt. De jaarplannen worden niet tot achter de komma uitgewerkt, maar laten ruimte voor de actualiteit.
De B5 burgemeesters en de Commissaris van de Koning komen vijf keer per jaar bijeen in een Open Haard Overleg. Deze overleggen zijn bedoeld voor intervisie en het bepalen van een gezamenlijke lijn op actuele en urgente thematiek. Tijdens de BrabantStad Dinsdagen komen de burgemeesters en CdK bijeen om de samenwerking op het gebied van veiligheid en andere lopende zaken, relevant voor het samen optrekken in BrabantStad-verband te bespreken. Minimaal eenmaal per jaar wordt ruimte ingebouwd voor een overleg met de stuurgroep BrabantStad, om samen richting te geven aan het netwerk en koers te bepalen.
Iedere themalijn kent een (bestuurlijk) voorzitter en een ambtelijk aanjager en heeft een ambtelijk aanspreekpunt in de vorm van een secretaris. De voorzitter heeft de bestuurlijke verantwoordelijkheid voor de realisatie van de in die themalijn opgenomen doelen en projecten, is voorzitter van het bestuurlijk overleg, nodigt relevante partners buiten de BrabantStad-partners uit en rapporteert relevante ontwikkelingen en de voortgang aan de stuurgroep tijdens een gezamenlijk overleg. Indien actualiteiten of urgenties daarom vragen, is de betreffende voorzitter aan zet om dat te agenderen in de stuurgroep.
Ambtelijk Coördinatoren BrabantStad BrabantStad kent zes Ambtelijk Coördinatoren BrabantStad (ACB’ers). De ACB’ers focussen op kansen voor BrabantStad en problemen waarmee de verschillende partners geconfronteerd worden. In de afstemming tussen de ACB’ers ontstaat een gezamenlijk beeld over kansen en problemen en wordt duidelijk op welke punten de partners inhoudelijk van mening verschillen. Hierdoor kan het gesprek in de stuurgroep over deze verschillen gaan. De ACB’ers dragen zorgen voor de voorbereiding van bestuurlijke ontmoetingen en denken en schrijven vanaf de voorfase mee bij belangrijke stukken. De ACB’ers vormen intern een belangrijk coördinatiepunt tussen bestuur, secretaris en ambtelijke organisatie als ambtelijk ambassadeurs. Ook hebben zij een belangrijke rol in het aandragen van onderwerpen voor de themalijn ‘actualiteit’ richting de stuurgroep.
Het ambtelijk aanspreekpunt (provincie- of gemeentesecretaris) zorgt dat de voorzitter en aanjager over de randvoorwaarden (voldoende capaciteit en middelen) beschikken om de betreffende verkenningen en projecten uit te voeren en stuurt niet op de inhoud. Het ambtelijk aanspreekpunt is degene bij wie de voorzitter en aanjager terecht kunnen indien er problemen zijn in de uitvoering, hij of zij is het hoogste ambtelijke escalatieniveau. De aanjager heeft en houdt overzicht van alles wat er binnen de themalijn gebeurt, is het inhoudelijke ambtelijke aanspreekpunt voor het betrokken netwerk en stuurt op de inhoud (projecten, verkenningen en relevante nieuwe ontwikkelingen). De aanjager managet de projecten en ontwikkel- en verkenningsvragen door het aansturen van Overdrachtsdocument BrabantStad
Programmabureau “Het programmabureau BrabantStad is verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van het netwerk in procesmatige zin. Binnen de door de stuurgroep gestelde kaders voor de uitvoering heeft het programmabureau handelingsvrijheid. Het -16-
programmabureau is verantwoordelijk voor het organiseren van verschillende bijeenkomsten van het netwerk, zorgdragen voor tijdige en juiste stukken voor bijeenkomsten en het ophalen en ontsluiten van informatie binnen het netwerk. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het monitoren van de voortgang van gestelde doelen per themalijn en het in samenspraak met het netwerk opstellen van agenda’s voor bijeenkomsten. Het programmabureau zal de stuurgroep vragen om voor belangrijke bijeenkomsten een voorbereidingsgroep aan te wijzen. Waar nodig en mogelijk kan het programmabureau ook separate themalijnen ondersteunen. Het programmabureau vervult een belangrijke verbindende rol in het netwerk tussen de bestuurders, lobbyisten, themalijnen, ACB’ers en andere betrokkenen.”
-17-
Overdrachtsdocument BrabantStad
Bijlage 1: Uitwerking themalijnen
Overdrachtsdocument BrabantStad
-18-
Themalijn 1. Slimme en Duurzame Mobiliteit Richtinggevende trends en ontwikkelingen
Specifieke stedelijke opgaven die we in BrabantStad verband oppakken
• Sterke toename verkeerscongestie op het hoofd- en regionaal/stedelijk wegennet in Brabant • Sterke groei van ketenmobiliteit en van personenvervoer per trein en per bus • Capaciteit openbaar vervoer in en tussen de steden loopt tegen grenzen aan • Sterke groei gebruik (elektrische) fiets • Leefbaarheid stedelijke regio’s onder druk • Toename aantal verkeersongevallen • (Stads)logistiek wordt steeds fijnmaziger en just-in-time • Groei van e-commerce en thuisbezorging • Groei van hybride werken en hybride onderwijs (online en op locatie) • Opkomst van nieuwe (deel)mobiliteitsdiensten • Meer internationale verplaatsingen (personen- en goederenvervoer) • Afname emissies CO2 en NOx van verkeer door toename elektrisch vervoer en schonere motoren
De mobiliteit in de stedelijke regio’s in Brabant staat onder druk. Onzekere factor is de Corona-crisis. Welke kansen gaat dit bieden voor onze mobiliteit en voor welke uitdagingen worden we gesteld? De impact op bijvoorbeeld het openbaar vervoer is groot, maar is die blijvend? In BrabantStad-verband werken we aan slimme en duurzame mobiliteit en verbinden mobiliteitsopgaven met opgaven op vlak van verstedelijking en energie. We willen reistijden verkorten, duurzaamheid bevorderen, innovatie stimuleren en ons leefkli¬maat verbeteren. We geven prioriteit aan de volgende specifieke opgaven: • Ontwikkelen internationale verbindingen, corridors en knooppunten; • Vergroten en verbinden van de daily urban systems op interregionaal niveau; • Optimaliseren stadsregio¬nale mobiliteit, inclusief first & last mile oplossingen; • Werken aan de mobiliteits¬transitie waarbij de wijze waarop we ons verplaatsen drastisch wordt veranderd (veiliger, duurzamer, inclusiever, innovatiever).
-19-
Overdrachtsdocument BrabantStad
Actielijnen/speerpunten: wat gaan we doen?
4. Verstedelijking en verduurzamen mobiliteit: De groei van de bevolking en het aantal banen in Brabant leidt tot meer mobiliteit vooral in de stedelijke regio’s. Verstedelijking en mobiliteit moeten hand in hand gaan. We hanteren daarvoor een aantal leidende ontwerpprincipes zoals het concentreren van verstedelijking rond mobiliteitshubs en geven meer ruimte aan fiets en voetganger in het stedelijk gebied. We willen de CO2-uitstoot van het vervoer terugdringen tot minimaal de helft minder in 2030 dan in 1990. 5. Verduurzamen infrastructuur: We hebben met Bouwend Nederland/VNO-NCW de handen ineengeslagen voor versnelde verduurzaming van de weginfrastructuur door het ontwikkelen van een programma Innovatie Duurzaamheid - Samenwerking (INDUSA). Zo leveren we een bijdrage aan het behalen van de klimaatdoelstellingen én zorgen we voor de vervanging van verouderde infrastructuur.
We onderscheiden vijf actielijnen of speerpunten voor de periode 2022-2026: 1. Smart Mobility: Mobiliteit moet slimmer, flexibeler, duurzamer en veiliger. Daarom werken we als publieke en private partners binnen landsdeel Zuid-Nederland samen aan de realisatie van het Uitvoeringsplan Krachtenbundeling Smart Mobility Zuid-Nederland 2020 t/m 2023. 2. Gedeelde Mobiliteit: Om het leef- en verblijfsklimaat in de stedelijke regio’s te verbeteren zetten we in op diverse vormen van gedeelde mobiliteit. Dit kan de trein of de bus zijn, maar ook flexibel en vraagafhankelijk vervoer, een deelauto, een deelauto, deelscooter of een deelfiets. We koppelen mobiliteitsdiensten via Mobiliteit als Dienst. Mobiliteitshubs spelen daar een belangrijke rol in. 3. Schaalsprong fiets: We stimuleren de (elektrische) fiets als een duurzaam en gezond vervoermiddel dat bijdraagt aan het verbeteren van de bereikbaarheid en de leefbaarheid. Het aantal afgelegde fietskilometers in Brabant moet in 2027 met 20% zijn verhoogd ten opzichte van 2017.
Overdrachtsdocument BrabantStad
Deze actielijnen en speerpunten zijn verder uitgewerkt in de two-pager Samenwerkingsagenda Slimme en Duurzame Mobiliteit BrabantStad 2022-2026.
-20-
Themalijn 2. Digitale stad Richtinggevende trends en ontwikkelingen
De steden en provincie constateren dat er nog flinke stappen moeten worden gezet bij het verder ontwikkelen en implementeren van de digitale strategie. Er wordt daarom voorgesteld om verder te investeren in de doorontwikkeling van het zogeheten datagedreven werken en de onderlinge samenwerking, waarbij actuele (Brabantse) integrale maatschappelijke opgaven leidend zijn.
De themalijn digitale stad helpt de steden en de provincie om samen snelheid te maken met digitalisering en meerwaarde te realiseren. Bovendien kan er van elkaar worden geleerd en kennis worden uitgewisseld. Digitalisering kan bijdragen aan het oplossen van concrete maatschappelijke opgaven die momenteel spelen. De afgelopen vier jaar heeft het summit volop ingezet op drie prioriteitsgebieden, met als resultaat: 1. Er zijn principes en instrumenten voor de slimme stad ontwikkeld die hebben geleid tot een prototype van een landelijk sensorenregister en een position paper als leidraad om te komen tot een beleidskader voor sensoren. Tevens is de opleiding “Digitalisering van de Overheid” (gericht op een grotere ‘awareness’ ten aanzien van de relatie data en beleid) ontwikkeld en uitgevoerd. 2. Er is een BrabantRing opgezet waardoor de grote steden en provincie via glasvezel met elkaar zijn verbonden zodat hoogwaardige en veilige connectiviteit mogelijk kan worden gemaakt. De besluitvorming over de deelname aan de hiertoe nieuw op te richten BrabantRing BV is bijna afgerond. 3. Woonconnect is ontwikkeld waarmee bewoners inzicht krijgen in energiebesparende maatregelen voor de eigen woning. Dit wordt nu doorontwikkeld tot een landelijk platform.
Specifieke stedelijke opgaven die we in BrabantStad verband oppakken Er is een overzicht gemaakt van digitaliserings-agenda’s van de steden en provincie: Breda: Bredata (dec. 2020); Den Bosch: Datastad Den Bosch; Eindhoven: Nota Digitalisering van de stad (juni 2019); Helmond: Programma digitale stad (nov. 2020); PNB: Data-economie (jan 2021) en Beleidskader Data Provincie Noord-Brabant 2020-2025 (feb 2020); en Tilburg: Uitvoeringsnota Versnelling ‘Next Economy’ (maart 2020). Opvallend is de grote diversiteit van digitaliseringsagenda’s. Er is aandacht voor data, artificiele intelligentie, sensoren, infrastructuur, standaarden, principes, kaders, data-economie, digitale vaardigheden, digitale inclusiviteit en meer. Maar gemeenschappelijk is, dat men met de digitaliseringsvisie wil bijdragen aan het oppakken van maatschappelijke opgaven -21-
Overdrachtsdocument BrabantStad
maken. Wat voor een soort data is nodig en waar is deze beschikbaar? Ook helpt het om (data)samenwerkingen te initieren om juist die vragen te beantwoorden die er bestuurlijk toe doen.
en daarmee de ontwikkeling van de stad en regio. Het vormgeven van datagedreven werken en de ontwikkeling van een zogenoemde digital twins worden daarbij vaak als perspectief geschetst. Dit levert de ondersteuning om een op feiten gebaseerde besluitvorming en dialoog met de stad mogelijk te maken.
Er wordt geen digital twin ontwikkeld, maar de basis gelegd voor een model (proof of concept). Deelnemers uit verschillende domeinen wisselen hiertoe kennis en gegevens uit om beter beleid te ontwikkelen en publieke waarde te creëren. De samenwerking van BrabantStad wordt hier optimaal benut omdat enerzijds verschillende domeinen (in de vorm van summits) zijn vertegenwoordigd en het anderzijds een integraal regionaal perspectief biedt.
Actielijnen/speerpunten: wat gaan we doen? In de komende periode richten we ons op de vraag hoe we met datagedreven, op feiten gebaseerde beleidsontwikkeling kunnen versterken. We onderzoeken op welke wijze de besluitvorming en de dialoog tussen en met bestuurders, raadsleden, ambtenaren en inwoners (nog) beter kan worden ondersteund met (realtime) data bij het ontwikkelen danwel het monitoren van beleid.
Er zijn verschillende definities van een digital twin in omloop, maar een algemeen aanvaarde definitie is de volgende: een digital twin in de context van de stad kan worden gezien als een digitale representatie van een (element van de) stad, al dan niet gevisualiseerd in 3D. Deze zorgt voor een gedeeld digitaal beeld van de werkelijkheid, waarin gebeurtenissen kunnen worden gesimuleerd om verschillende scenario’s voor beleidsontwikkeling te ontwikkelen en vergelijken. Voor een meer uitgebreide uitleg zie het Investeringsvoorstel Nationale Digitale Tweeling voor de Fysieke Leefomgeving van o.a. Geonovum en BZK. 1
Datagedreven werken is niets anders dan dat: bestuurders moeten beslissingen nemen over ‘de stad’ en daarvoor is een beleidscyclus ingericht. Deze beleidscyclus kan mede worden gevoed met kennis en inzichten die voortkomen uit simulaties en visualisaties, die makkelijker kunnen plaatsvinden in wat een digital twin wordt genoemd. De Agenda 2022-2026 van Summit Digitale Stad moet concrete maatschappelijke opgaven ondersteunen en we maken ruimte om kansen te identificeren en te benutten. De Digitale Stad biedt een community of practice waarin kennis wordt uitgewisseld, samen gexperimenteerd en eventueel projecten worden opgepakt. Concreet gaan we het eerste jaar met drie sporen aan de slag: • Spoor 1. Inzicht in specifieke maatschappelijke opgaven die ruimte geeft aan de verschillende organisaties om datagedreven beleid in te vullen. • Spoor 2. Afstemming zoeken en realiseren in sensorenbeleid en -registratie. (Evt aangevuld met andere relevante thema’s zoals datavisie(s), datastrategiën (incl. dataplatformen, dataeigenaarschap, dataveiligheid en ethiek). • Spoor 3. EU-actieplan, nog in ontwikkeling bij kwartiermaker internationalisering digitalisering. De maatschappelijke opgave die we het eerste (half) jaar (in spoor 1) oppakken is: brede welvaart.
Samen met bestuurders, beleidsmakers, verantwoordelijken, stakeholders (etc) wordt een systematisch beeld opgebouwd van relevante vragen. Wat moet een bestuurder weten om beslissingen over brede welvaart te kunnen nemen? Wat moet een beleidsmaker weten om beleid te ontwikkelen en te implementeren? Wat moet een inwoner weten om de ontwikkeling te duiden. Inzicht in deze vragen wordt gebruikt om een vertaling naar ‘data’ te Overdrachtsdocument BrabantStad