Bijlage 1 Onderzoek cultuurbeleid 's-Hertogenbosch - eindrapport
Tekst van het document
Vervolgens wordt per instelling een financieel overzicht gegeven, waarbij uitgesplitst werd wat het aandeel van de gemeentelijke subsidies is ten opzichte van de totale inkomsten van de instelling. Aan de hand van deze vastgestelde afspraken dienen instellingen jaarlijks hun begrotingen en plannen in. Ook vinden jaarlijks meerdere gesprekken plaats tussen instelling en gemeente ten behoeve van de monitoring en evaluatie.
Ten behoeve van de BCB aanvraag dienen aanvragers een meerjarenplan in, waarin zij het profiel van de instelling beschrijven. In dit profiel maken ze inzichtelijk hoe de aard van de organisatie aansluit bij een of meerdere pijlers en dragers. Daarnaast beschrijven instellingen de relatie van de organisatie ten opzichte van het gehele culturele maatschappelijke veld en hoe de organisatie cultureel ondernemerschap inzet. In hun aanvraag geven organisaties aan welke ontwikkelingen zij de komende vier jaar voorstaan en welke rol zij wensen te spelen in het cultuurbeleid. In de cultuurnota uit 2009 staat geschreven dat de insteek voor de monitoring moet verschuiven van prestatiemeting naar effectmeting en beleidsevaluatie, en dat daar meer instrumenten voor ingezet moeten worden.23 In de cultuurnota uit 2019 wordt niet expliciet ingegaan op de monitoring. Uit documenten en gesprekken blijkt dat de monitoring plaatsvindt door middel van een jaarlijkse rapportage door de BCB-instellingen. Voor de BCB rapportage van 2018-2020 is per BCB-instelling op een rij gezet wat de subsidieafspraken tussen BCB-instelling en gemeente zijn. Dit document werd vervolgens gebruikt bij de jaarlijkse gesprekken en rapportages. In het overzicht van subsidieafspraken werd ingegaan op de bijdrage die de BCB-instelling levert op de voor de instelling relevante programmalijnen.
Hetzelfde werd gedaan voor de relevante dragers.
22
Gemeente ’s-Hertogenbosch (2019). Cultuur maakt mensen, p. 30-32.
23
Gemeente ’s-Hertogenbosch (2009). Maken, meemaken, meedoen, p. 51.
22
Bijlage II. Bestudeerde documenten Titel van document
Jaar
Cultuurnota’s gemeente ‘s-Hertogenbosch Maken, meemaken en meedoen: cultuurnota op weg naar 2016
2009
Cultuur maakt mensen: cultuurnota 2021-2024 (concept)
2019
Raadsvoorstellen en amendementen Raadsvoorstel vastellen cultuurnota
2009
Amendement vaststelling cultuurnota
2009
Raadsvoorstel kaders nieuw financieringssysteem cultuur Inclusief bijlage: nulmeting - overzicht van aandeel Maken, Meemaken en Meedoen en Lokaal Effectief of Landelijk Onderscheidend in de BCB
2015
Raadsvoorstel nadere uitwerking nieuw financieringssysteem cultuur
2016
Raadsvoorstel kaders cultuurbeleid vanaf 2021
2019
Raadsvoorstel Toelichting Cultuurbegroting 2021
2020
Raadsinformatiebrieven en discussienota’s Raadsinformatiebrief voortgang nieuw financieringssysteem cultuur Inclusief bijlagen Richtlijnen en toelichting meerjarenplan 2018-2020 en Toelichting en overzicht methoden en evaluatie
2017
Raadsinformatiebrief Meerjarige subsidieafspraken cultuur 2018-2020
2017
Discussienotitie Cultureel Ondermerschap
2017
Raadsinformatiebrief Evaluatie Cultuurbeleid Inclusief bijlage: de evaluatie van het Cultuurbeleid
2019
23
Discussienotitie Uitgangspunten cultuurbeleid 2021-2024
2019
Raadsinformatiebrief financiële kaders Cultuurnota 2021 en aanvragen BCB
2020
Programmabegrotingen en jaarverslagen gemeente ’s-Hertogenbosch Programmabegrotingen en jaarverslagen cultureel klimaat
2018, 2019, 2020 en 2021
Andere documenten BMC; Analysedocument ten behoeve van cultuurnota ’s-Hertogenbosch.
2009
Bestuursakkoord gemeente ’s-Hertogenbosch 2018-2022
2018
24
Bijlage III. Beantwoording deelvragen Deelvraag
Paragraaf
Vragen over meten, verantwoorden en bijsturen Hoe wordt de realisatie van activiteiten inzichtelijk gemaakt, gemeten en verantwoord door de gemeente?
2.1
Worden de activiteiten die zorgdragen voor de maatschappelijke effecten zichtbaar en meetbaar gemaakt?
2.1
Zijn de maatschappelijke effecten meetbaar en concreet? Hoe wordt gemeten of deze doelen/ effecten daadwerkelijk worden bereikt en hoe wordt dit afgezet tegen de beleidsdoelstellingen uit het cultuurbeleid?
2.1
Op welke wijze stuurt de gemeente bij op het moment dat een subsidie of andere vorm van financiering niet of onvoldoende bijdraagt aan de beoogde doelstellingen en effecten?
2.2
Welk model hanteren andere gemeenten voor het meten van de maatschappelijke effecten van de ontplooide activiteiten van de cultuurinstellingen en daarmee de bijdrage van de instellingen aan de realisatie van het cultuurbeleid?
2.1
Vragen over (de relatie tussen) activiteiten en beleidsdoelstellingen Wat is de vertaling van de gemeentelijke financiële en inhoudelijke kaders voor het cultuurbeleid en de (verantwoording daarvan) in de subsidieverlening? Welke (culturele) doelen worden beoogd?
2.1
Voor specifieke gesubsidieerde instellingen: • Welke wijze van subsidieverstrekking wordt er in deze betreffende casus gehanteerd? • Wat is in deze casus de relatie tussen gewenste prestaties en verstrekte subsidies? • Welke beleidsdoelen / effecten van beleid worden in deze casus beoogd/ nagestreefd?
In interviews uitgevraagd, informatie verwerkt in 2.1 en 2.2
Is er verschil waarneembaar in de daadwerkelijke bijdrage aan de gewenste maatschappelijke effecten tussen instellingen die waarin ruimte bestaat voor ondernemerschap en instellingen waarin ondernemerschap geen rol speelt? • Wat verstaat men precies onder ‘cultureel ondernemerschap’ in dit kader? • Welke rol speelt het ondernemerschap van instellingen bij de bijdrage aan de realisatie van de beoogde maatschappelijke / culturele doelstellingen?
2.1 (echter, doordat niet exact vastgesteld kan worden wat de bijdrage aan de maatschappelijke effecten is (zie paragraaf 2.1), kan deze vraag niet
25
volledig beantwoord worden) Hoe zorgen andere gemeenten ervoor dat de door hen verstrekte subsidies (of andere financieringsvormen) zo optimaal mogelijk bijdragen aan de realisatie van de achterliggende beleidsdoelen?
2.1 en 2.2
Vragen over de rol van de gemeenteraad Hoe is de gemeenteraad gedurende de looptijd van het cultuurbeleid geïnformeerd?
2.3
Op welke wijze kan de gemeenteraad in staat worden gesteld zijn kaderstellende en controlerende rol op het gebied van cultuurbeleid te optimaliseren?
2.3
26
Nassaulaan 1 2514 JS Den Haag
+31 (0)70 359 6955 info@kwinkgroep.nl www.kwinkgroep.nl