CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Nota van zienswijzen paraplu BP en BV Woningsplitsing verkameren en parkeren

Gemeenteraad 10 oktober 2023, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Paraplubestemmingsplan en paraplubeheersverordening Woningsplitsing, verkameren en parkeren1.795 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van zienswijzen paraplubestemmingsplan en beheersverordening ´Woningsplitsing, verkameren en parkeren’ (Bijlage bij Raadsvoorstel / - besluit van de gemeente ’s-Hertogenbosch tot vaststelling van het paraplubestemmingsplan en -beheersverordening ‘Woningsplitsing, verkameren en parkeren, registratienummer 15317680)

Nota van zienswijzen Paraplubestemmingsplan en -beheersverordening ‘Woningsplitsing, verkameren en parkeren’ Pagina 1 van 5

I. De procedure Het ontwerp paraplubestemmingsplan ‘Woningsplitsing, verkameren en parkeren’ heeft met ingang van 27 maart 2023 gedurende zes weken ter inzage gelegen. Tijdens deze termijn heeft ingevolge artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening iedereen schriftelijk of mondeling bij de gemeenteraad van de gemeente ’s-Hertogenbosch een zienswijze over het ontwerp kenbaar kunnen maken. De bekendmaking stond op 24 maart 2023 in het Gemeenteblad en op de gemeentelijke website. De stukken lagen vanaf 27 maart 2023 gedurende 6 weken in de publieksruimte van het Stadskantoor ter inzage. Daarnaast waren ze in te zien via de gemeentelijke website en de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl. De ontwerp paraplubeheersverordening ‘Woningsplitsing, verkameren en parkeren’ heeft tevens met ingang van 27 maart 2023 gedurende zes weken ter inzage gelegen. Conform de Inspraakverordening kon iedereen schriftelijk of mondeling bij de gemeenteraad van de gemeente ’s-Hertogenbosch een inspraakreactie over het ontwerp kenbaar kunnen maken. II. De ingediende zienswijze / ontvankelijkheid De termijn verliep op 8 mei 2023. Tijdens de termijn zijn zienswijzen op het ontwerp paraplubestemmingsplan ingediend. Deze zienswijzen zijn ontvankelijk. III. Samenvatting ingediende zienswijze Hieronder zijn de ingebrachte zienswijzen samengevat in de nota opgenomen.

Voor de volledigheid wordt hierbij vermeld, dat de volledige ingediende zienswijze betrokken bij de opstelling van het antwoord is betrokken. De zienswijze, zoals deze is ontvangen, ligt, in het kader van de (verdere) besluitvorming, ook volledig ter inzage bij de gemeenteraad. a. Provincie Noord-Brabant Het ontwerpbestemmingsplan maakt in artikel 4.3.1 het mogelijk om met een omgevingsvergunning een woning te kunnen splitsen. In dit artikel is de voorwaarde opgenomen dat de woning niet gelegen mag zijn binnen de aanduiding 'Overige zone - buitengebied'. De Provincie constateert evenwel dat de opgenomen aanduiding 'Overige zone - Buitengebied' niet (geheel) overeenkomt met het werkingsgebied 'Gemengd landelijk gebied' of 'Groenblauwe Mantel' in de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (hierna: IOV). Dit is van belang omdat het provinciaal beleid splitsing van woningen in het landelijk gebied enkel mogelijk maakt voor cultuurhistorische bebouwing en beeldbepalende woonboerderijen. Daarvoor gelden dan specifieke voorwaarden. De Provincie verzoekt de aanduiding 'overige zone - buitengebied' af te stemmen op het werkingsgebied voor het buitengebied zoals die zijn opgenomen in de IOV. Beantwoording Per abuis komt de begrenzing niet overeen met de IOV.

De begrenzing zal worden aangepast zodat deze afgestemd is met het werkingsgebied voor het buitengebied zoals die is opgenomen in de IOV.

b. Uilenburg Advocaten namens reclamant a. De zienswijze is gericht tegen planregel 4.2.1 sub b. Reclamant heeft het pand gelegen aan de Engelsedijk te 's-Hertogenbosch, conform het vigerende bestemmingsplan, in gebruik als bijzondere woonvoorziening. Het ontwerp paraplubestemmingsplan schrapt het gebruik van het pand als bijzondere woonvoorziening. b. Aangezien het gebruik past binnen het vigerende bestemmingsplan, zal het gebruik onder het overgangsrecht vallen conform planregel 6.2. Dit zal voor reclamant echter voor wat betreft de toekomst leiden tot rechtsonzekerheid. Reclamant heeft grote investeringen gedaan om het pand geschikt te maken voor gebruik als bijzondere woonvoorziening. Het pand biedt onderdak aan 8 jongvolwassenen met een aandoening in het autistisch spectrum. Aan dergelijke voorzieningen is Nota van zienswijzen Paraplubestemmingsplan en -beheersverordening ‘Woningsplitsing, verkameren en parkeren’ Pagina 2 van 5

c.

in de gemeente grote behoefte zodat het gebruik van het pand als bijzondere woonvoorziening juridisch geborgd moet blijven. Reclamant meent dan ook dat voor reeds gerealiseerde bijzondere woonvoorziening een soortgelijke regeling opgenomen dient te worden in het paraplubestemmingsplan als voor reeds gerealiseerde zelfstandige woningen in een bijgebouw. Op geen enkele wijze wordt gemotiveerd waarom het voortzetten van het gebruik van een bijgebouw als zelfstandige woning passend is in het paraplubestemmingsplan terwijl het voorzetten van het gebruik van een woning als bijzondere woonvoorziening als niet passend wordt aangemerkt en (slechts) valt onder het overgangsrecht. Reclamant verzoekt uw Raad dan ook het paraplubestemmingsplan ‘Woningsplitsing, verkameren en parkeren' gewijzigd vast te stellen in die zin dat aan artikel 4.2.1 een aanvullende planregel wordt toegevoegd, welke als volgt luidt: "4.2 Gebruiksregels 4.2.1 Bestemmingsomschrijving 'wonen' a. (...) b. (...) c. Het bepaalde onder b is niet van toepassing op in overeenstemming met het voorheen geldende plan reeds gerealiseerde bijzondere woonvoorzieningen of op een daarvoor verleende vergunning.”

Beantwoording a. Conform de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant (d.d. 13 juli 2023) kan bevestigd worden dat het gebruik van het pand past binnen de regels van het geldende bestemmingsplan. In de toelichting van het aangehaalde paraplubestemmingsplan is in hoofdstuk 3 gemotiveerd aangegeven waarom gekozen is voor het verwijderen van ‘bijzondere woonvoorzieningen’ via dit paraplubestemmingsplan. Het volgende is opgenomen: “Het toestaan van wonen in de vorm van bijzondere woonvoorzieningen heeft in het verleden plaatsgevonden om woningaanpassingen mogelijk te maken voor mensen met een beperking of (andere) verzorgingsbehoevenden. Gebleken is dat het begrip 'bijzondere woonvoorzieningen' in de praktijk echter leidt tot onduidelijkheid. De indruk zou namelijk kunnen ontstaan dat ook woonzorgfuncties binnen de begripsomschrijving van het begrip 'bijzondere woonvoorzieningen' passen en dat daardoor zorgwoningen rechtstreeks binnen de woonbestemming zijn toegestaan, hetgeen niet is beoogd. Volgens bestendige jurisprudentie verdraagt bewoning met een overwegend verzorgend karakter zich ook niet met een woonbestemming. De ruimtelijke impact van een (woon)zorgfunctie is groter dan een woonfunctie en past in beginsel enkel binnen een maatschappelijke bestemming - en niet binnen woonbestemmingen.

Ter voorkoming van onduidelijkheid wordt daarom de toevoeging 'bijzondere woonvoorzieningen' geschrapt daar waar deze is opgenomen in de planregels van de ruimtelijke plannen die onderliggend zijn aan onderhavig paraplubestemmingsplan. Uiteraard betekent dit niet dat een woonzorgfunctie in een woonwijk per definitie niet zou kunnen. Waar het ruimtelijk aanvaardbaar is, kan via een afzonderlijke planologische procedure medewerking worden verleend.” b. Het doel van het paraplubestemmingsplan is om woningsplitsing en verkameren te reguleren (onder voorwaarden) en tevens regels voor parkeren en wonen gemeente breed te uniformeren. Voor de motivering waarom bijzondere woonvoorzieningen worden verwijderd met dit paraplubestemmingsplan wordt verwezen naar de beantwoording onder a. Niet is bedoeld om met deze maatregel de bijzondere woonvoorziening van reclamant of andere bestaande bijzondere woonvoorzieningen weg te bestemmen, waardoor (toekomstige) schade ontstaat aan het bedrijf van reclamant. c. De voorgestelde wijziging om aan artikel 4.2.1 een planregel toe te voegen (4.2.1 sub c) wordt overgenomen. Aan de gemeenteraad zal worden voorgesteld om de regels van het paraplubestemmingsplan en -beheersverordening hierop aan te passen. IV. Conclusie De zienswijzen zijn gegrond.

Gelet op de inhoud van de ingediende zienswijzen is het nodig het paraplubestemmingsplan en -beheersverordening gewijzigd vast te stellen. De wijzigingen zijn opgenomen in de Lijst van wijzigingen paraplubestemmingsplan en -beheersverordening ‘Woningsplitsing, verkameren en parkeren’ en hieronder tevens weergegeven: Nota van zienswijzen Paraplubestemmingsplan en -beheersverordening ‘Woningsplitsing, verkameren en parkeren’ Pagina 3 van 5

Paraplubestemmingsplan In het paraplubestemmingsplan ‘Woningsplitsing, verkameren en parkeren’ zijn ten opzichte van het ontwerp paraplubestemmingsplan de volgende wijzigingen op de verbeelding en in de regels aangebracht: Verbeelding 1. De begrenzing van de aanduiding ‘overige zone - buitengebied’ is aangepast aan de aanduiding zoals opgenomen in de Interim Omgevingsverordening van de Provincie Noord-Brabant. 2. In de binnenstad is een aanduiding ‘overige zone – kernwinkelgebied’ toegevoegd om de zone te begrenzen waarbinnen kamerverhuur op de begane grond in het kernwinkelgebied niet is toegestaan. Regels 1. Aan artikel 4.2.1 wordt een nieuw sub c toegevoegd ten behoeve van het juridisch regelen van bestaande en vergunde bijzondere woonvoorzieningen. Het nieuwe sub c luidt als volgt: “Het bepaalde onder b is niet van toepassing op, in overeenstemming met het voorheen geldende plan, reeds gerealiseerde bijzondere woonvoorzieningen of op een daarvoor verleende vergunning.” 2. In artikel 4.3.1 sub a wordt punt 6 (“de splitsing is niet in strijd met het belang van een evenwichtige samenstelling van de woningvoorraad”) verwijderd. Deze voorwaarde wordt verwijderd uit het bestemmingsplan, omdat dit formeel juridisch een volkshuisvestelijke voorwaarde is. De volkshuisvestelijke toetsing in het kader van woningsplitsing vindt al plaats in het kader van de Huisvestingsverordening. 3.

In artikel 4.3.2 sub a wordt punt 5 (“kamerverhuur is niet in strijd met het belang van een evenwichtige samenstelling van de woningvoorraad”) verwijderd. Deze voorwaarde wordt verwijderd uit het bestemmingsplan, omdat dit formeel juridisch een volkshuisvestelijke voorwaarde is. De volkshuisvestelijke toetsing in het kader van woningsplitsing vindt al plaats in het kader van de Huisvestingsverordening. 4. Aan artikel 4.3.2 sub a wordt een nieuwe voorwaarde toegevoegd om kamerverhuur binnen de aanduiding ‘overige zone – kernwinkelgebied’ te verbieden. De nieuwe voorwaarde luidt als volgt: “2. kamerverhuur vindt ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - kernwinkelgebied' niet op de begane grond plaats;” 5. Aan artikel 4.3.2. sub a wordt een nieuwe voorwaarde toegevoegd om het verkameren tot een maximum van 4 kamers toe te staan. De nieuwe voorwaarde luidt als volgt: “3. door het verkameren ontstaan er maximaal 4 kamers;”. Paraplubeheersverordening In de paraplubeheersverordening ‘Woningsplitsing, verkameren en parkeren’ zijn ten opzichte van de ontwerp paraplubeheersverordening de volgende wijzigingen in de regels aangebracht. Regels 1. Aan artikel 4.2.1 wordt een nieuw sub c toegevoegd ten behoeve van het juridisch regelen van bestaande en vergunde bijzondere woonvoorzieningen.

Het nieuwe sub c luidt als volgt: “Het bepaalde onder b is niet van toepassing op, in overeenstemming met het voorheen geldende plan, reeds gerealiseerde bijzondere woonvoorzieningen of op een daarvoor verleende vergunning.” 2. In artikel 4.3.1 sub a wordt punt 5 (“de splitsing is niet in strijd met het belang van een evenwichtige samenstelling van de woningvoorraad”) verwijderd. Deze voorwaarde wordt verwijderd uit de beheersverordening, omdat dit formeel juridisch een volkshuisvestelijke voorwaarde is. De volkshuisvestelijke toetsing in het kader van woningsplitsing vindt al plaats in het kader van de Huisvestingsverordening.

Nota van zienswijzen Paraplubestemmingsplan en -beheersverordening ‘Woningsplitsing, verkameren en parkeren’ Pagina 4 van 5

3. In artikel 4.3.2 sub a wordt punt 5 (“kamerverhuur is niet in strijd met het belang van een evenwichtige samenstelling van de woningvoorraad”) verwijderd. Deze voorwaarde wordt verwijderd uit de beheersverordening, omdat dit formeel juridisch een volkshuisvestelijke voorwaarde is. De volkshuisvestelijke toetsing in het kader van woningsplitsing vindt al plaats in het kader van de Huisvestingsverordening. 4. Aan artikel 4.3.2 sub a wordt een nieuwe voorwaarde toegevoegd om kamerverhuur binnen de aanduiding ‘overige zone – kernwinkelgebied’ te verbieden. De nieuwe voorwaarde luidt als volgt: “2. kamerverhuur vindt ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - kernwinkelgebied' niet op de begane grond plaats;” 5. Aan artikel 4.3.2. sub a wordt een nieuwe voorwaarde toegevoegd om het verkameren tot een maximum van 4 kamers toe te staan. De nieuwe voorwaarde luidt als volgt: “3. door het verkameren ontstaan er maximaal 4 kamers;”.

Nota van zienswijzen Paraplubestemmingsplan en -beheersverordening ‘Woningsplitsing, verkameren en parkeren’ Pagina 5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13110696/2