BIJLAGE 1: Beleidsvisie MO 's-Hertogenbosch voor iedereen
Tekst van het document
’s-Hertogenbosch voor iedereen
Beleidsvisie Maatschappelijke Ondersteuning
Inhoud 1. Inleiding 2. Samen leven in ’s-Hertogenbosch a. Leidende principes b. Ambities 3. Fijn samen leven a. Informele basisstructuur b. Vrijwilligers c. Mantelzorgondersteuning 4. Samen staan we sterk a. Basisondersteuning b. Koo c. Doorbraakthema’s i. Inloop & dagbesteding psychisch kwetsbaren ii. Sociale benadering dementie (Social Trial) 5. Een steuntje in de rug a. Specialistische ondersteuning b. Nieuwe vormen van dagbesteding – maatwerk c. Onafhankelijke cliëntondersteuning 6. We vangen je op a. Lokale Uitvoering Regiovisie Beschermd Wonen en maatschappelijke opvang b. Verbreden werkwijze van Thuis in Zuidoost 7. Overige belangrijke thema’s a. Integrale buurtaanpak Gestelse Buurt b. PGB c. Integrale samenwerking tussen sport, cultuur en maatschappelijke ondersteuning d. Uitvoeren samenwerkingsagenda Zorgverzekeraars 8. Regionale samenwerking 9. Uitvoering a. Organisatie b. Inkoop c. Financiën d. Monitoring en verantwoording
2
1. Inleiding We geloven in de kracht en talenten van onze inwoners Verreweg de meeste inwoners kunnen zichzelf goed redden. Een klein deel heeft een lichte vorm van ondersteuning nodig. En een kleine groep met soms meervoudige, complexe problemen heeft (tijdelijk) specialistische ondersteuning nodig. Wij willen dat zoveel mogelijk inwoners zelfstandig hun leven kunnen leiden. En dat inwoners die ondersteuning nodig hebben dit dichtbij huis, passend en laagdrempelig kunnen bereiken. Veel inwoners kunnen voor de eerste ondersteuning in hun eigen omgeving terecht, zoals familie, vrienden, buren en kennissen. Als dit niet voldoende helpt, dan zijn er in de gemeente veel vrij toegankelijke voorzieningen waar inwoners terecht kunnen. Tot slot is er specialistische ondersteuning en hulp beschikbaar voor degenen voor wie dat nodig is. Voor deze hulp in een indicatiebesluit noodzakelijk. Als gemeente hebben wij de ondersteuning voor inwoners op diverse manieren met verschillende partners georganiseerd. In deze beleidsvisie brengen we deze verschillende vormen van ondersteuning samen. Het hebben van een actuele beleidsvisie is een wettelijke verplichting vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo). Deze beleidsvisie is richtinggevend voor de Wmo verordeningen en beleidsregels en de inkoopstrategie die we in 2022 gaan opstellen.
Dit plan vervangt het beleidsplan Wmo dat vanaf 2015 geldend was. Toen was de transitie en transformatie van de zorg onze grootste opgave als gevolg van de decentralisatie van zorgtaken van het Rijk naar de gemeente. Inmiddels zijn we in een volgende fase beland: we maken lokaal werk van passende ondersteuning vanuit ons in 2020 opgerichte lokale Zorgbedrijf.
3
In het Zorgbedrijf richten we onze aandacht op het versterken van de sociale basis in onze wijken en dorpen. Dit doen we klantgericht, resultaatgericht en efficiënt, zodat onze schaarse middelen besteed worden aan de meest kwetsbare inwoners. Anders dan in het vorige regionale beleidsplan kiezen we nu voor een lokale beleidsvisie Maatschappelijke Ondersteuning. Deze beleidsvisie richt zich op volwassen inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch. Voor jeugdige inwoners is het beleidsplan Jeugdhulp Noordoost Brabant 2020-2023 (regionaal) opgesteld. Het spreekt voor zich dat de samenwerking tussen jeugd en volwassenen intensief is. Ook werken we nauw samen met diverse partijen binnen de gemeente op het gebied van schulddienstverlening, armoedebestrijding, et cetera. We presenteren deze beleidsvisie in een periode dat het coronavirus een grote impact heeft op het dagelijks leven van iedereen. Oude zekerheden vallen weg en kwetsbare mensen worden extra hard geraakt. Tegelijkertijd zien we mooie initiatieven in wijken en dorpen ontstaan waar inwoners elkaar helpen en steunen. We weten nog niet wat de langetermijneffecten van corona zijn. In elk geval zullen we de komende tijd, bij de uitvoering van ons Wmo-beleid, rekening moeten houden met de impact van de corona-pandemie. Deze beleidsvisie werken we, lopende het jaar, samen met onze partners, verder uit in een uitvoeringsagenda.
Leeswijzer Deze beleidsvisie Wmo is als volgt opgebouwd: We starten met de Bossche leidende principes en ambities voor maatschappelijke ondersteuning. Dat zijn de hoofdlijnen van ons Wmo-beleid. Daarna beschrijven we de beleidsopgaven en plannen binnen de vier onderdelen - Informele basisstructuur - Basisondersteuning - Specialistische ondersteuning licht - Complexe zorg, Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang. Hierin benoemen we specifiek onze doorbraakthema’s die een brug slaan tussen de informele basisstructuur / basisondersteuning en specialistische zorg. Ook lichten we de beleidsontwikkelingen toe waarvoor we in de gemeente een integrale aanpak ontwikkelen. Vervolgens beschrijven we kort de regionale samenwerking en de uitvoering. We sluiten af met een toelichting op de financiën en monitoring.
4
2. Samen leven in ’s-Hertogenbosch a. Leidende principes Vanuit de bestuurlijke ambities en vanuit de dialoogsessies (bijeenkomsten met in- en formele partners) hebben we input gekregen, die geresulteerd hebben in onderstaande leidende principes. Met deze leidende principes geven we de hoofdlijnen aan van ons Wmo-beleid: - We gaan zoveel mogelijk uit van de mogelijkheden en talenten van mensen. - We stimuleren eigen verantwoordelijkheid en gelijke kansen. - Ondersteuning is passend, dichtbij en laagdrempelig. - We bieden ruimte voor professionals om beslissingen te nemen. - We zetten in op eenvoud en zo weinig mogelijk bureaucratie. - We werken zakelijk vanuit een sociaal hart (binnen de financiële kaders).
b. Ambities We willen dat inwoners zo lang mogelijk zelf-, samenredzaam en zelfstandig thuis kunnen wonen, dat iedereen gelijke kansen krijgt om mee te doen in de samenleving en dat iedereen optimaal zijn of haar talent kan ontwikkelen en benutten. We vinden het belangrijk om een bijdrage te leveren aan meer gezonde en gelukkige levensjaren en het verkleinen van de gezondheidsverschillen tussen buurten in de gemeente. Als het nodig is moet iedereen toegang hebben tot laagdrempelige ondersteuning. Vanuit de Wmo zijn dat collectieve voorzieningen en individuele trajecten. Via een transitie zetten we in op een sterke informele basisstructuur en basisondersteuning met de verwachting dat de vraag naar specialistische (lichte en zware) ondersteuning zal verminderen.
5
Daarom werken wij aan: Een inclusieve en toegankelijke samenleving - We vinden het belangrijk dat iedereen gelijke kansen krijgt. Maar, we weten dat we niet alle inwoners even goed bereiken. - Daarom zullen we ons de komende tijd inspannen om de groepen die we niet of onvoldoende bereiken beter vinden, zoals jongeren, inwoners met een andere culture achtergrond en psychisch kwetsbare inwoners. - Deze ambitie is breder dan deze WMO-beleidsvisie. Positieve gezondheid Met het programma Positieve Gezondheid stimuleren we een gezonde leefstijl en meedoen in de samenleving. En we zorgen ervoor dat de (leef)omgeving van inwoners uitnodigt om vaker gezonde keuzes te maken. Doel is meer gezonde en gelukkige jaren voor inwoners in 2030 en het verminderen van de steeds groter wordende gezondheidskloof in de samenleving. Gezondheid is niet voor iedereen vanzelfsprekend. De (gezonde) levensverwachting van mensen met een lage sociaaleconomische status is tot zeven jaar korter dan die van andere inwoners. Daarom richten we ons in het bijzonder op inwoners met een lagere gezonde levensverwachting. Dat doen we door samen met hen in de eigen buurt aan de slag te gaan. Het gaat dan om activiteiten die volgens hen zélf bijdragen aan hun gezondheid. We zijn gestart in Aawijk Noord, Boschveld, De Hambaken en de Gestelse Buurt.
De ervaringen die we op doen in deze wijken gebruiken we om Positieve Gezondheid ook in andere wijken in te voeren. Een sterke informele basisstructuur en basisondersteuning Wij willen dat het goed gaat met inwoners van ’s-Hertogenbosch. Dat zowel jong als oud hun talenten kunnen ontplooien, gezond kunnen leven en indien nodig op een eenvoudige manier een beroep kunnen doen op passende hulp. We kunnen dit niet alleen. Voor het merendeel van deze taken werken we samen met informele organisaties en aanbieders van basisondersteuning en met specialistische aanbieders. De informele organisaties en de aanbieders van basisondersteuning vormen samen de basisinfrastructuur waarin: - inwoners elkaar zoveel mogelijk helpen en waar nodig, ondersteuning krijgen van buurtteams of professionals. - informele organisaties, professionals en inwoners een sterke positie hebben. - vrijwilligers en mantelzorgers de ruimte en ondersteuning krijgen om hun rol zo goed mogelijk te vervullen. Specialistische ondersteuning licht en complexe zorg - We willen dat iedereen gelijke kansen heeft om passende hulp en ondersteuning te krijgen. - De ondersteuning vanuit de Wmo sluit aan bij de hulpvraag. - We werken zakelijk vanuit een sociaal hart, zodat we in toekomst ook zorg kunnen blijven bieden aan de mensen die dit echt nodig hebben.
- Kan een inwoner zelf zijn problemen niet overzien? Dan staat een procesregisseur de inwoner bij. Tot slot Ondersteuning vragen bij de gemeente gaat vaak niet van de ene op de andere dag. Meestal hebben mensen eerst al met hulp vanuit hun eigen omgeving geprobeerd zich te redden. En vaak hebben mantelzorgers al heel veel geholpen, geregeld en gezorgd voordat ze om ondersteuning vragen. Voor sommige mensen is het een hele grote stap om hulp te vragen bij de gemeente. Het is belangrijk om ons daar bewust van te zijn.
6
3. Fijn samen leven a. Informele basisstructuur Een sterke sociale basisstructuur in wijken en dorpen is enorm waardevol. Vrijwilligers, mantelzorgers en informele organisaties dragen actief bij aan talentontwikkeling en gelijke kansen, voorkómen en aanpakken van eenzaamheid en meer gezonde en gelukkige jaren voor inwoners.
Dit doen we door: Per 2021 geven we meerjarige subsidies aan informele organisaties, waarbij we het beschikbare budget op een transparante en eerlijke wijze verdelen over de organisaties. Zo bieden we organisaties rust, vermindert de bureaucratie en geven we zekerheid. Hierdoor kunnen zij zich volledig richten op de uitvoering van activiteiten voor inwoners. Belangrijke uitgangspunten zijn hun bijdrage aan onze doelen en duurzame maatschappelijke meerwaarde. Subsidieregeling nieuwe initiatieven: Daarnaast stimuleren we initiatieven met de instelling van een subsidieregeling voor nieuwe initiatieven en Right to Challenge.
7
b. Vrijwilligers We willen dat zoveel mogelijk mensen zelfstandig en naar vermogen meedoen in de samenleving. Onderwijs, werk, iets cultureels ondernemen, elkaar ontmoeten en ontspannen zijn belangrijk voor inwoners. We waarderen en stimuleren een actieve bijdrage van inwoners. In de gemeente ’sHertogenbosch zijn veel vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties actief en dat koesteren wij. Er wordt een steeds groter en intensiever beroep gedaan op vrijwilligers. We waken voor overbelasting maar de invloed van de gemeente is beperkt op dit terrein. We kunnen en willen vrijwilligerswerk niet verplichten of opleggen. Uiteindelijk hangt de inzet af van de intrinsieke motivatie van de vrijwilliger zelf. Dit is essentieel voor het goed functioneren van vrijwilligerswerk. We kunnen het vrijwilligerswerk wel zo goed mogelijk te faciliteren, waarderen en aandacht schenken aan doelgroepen waarbij dat extra gewenst is. We willen het bewustzijn van het belang van vrijwilligerswerk vergroten. Bovendien willen we de waarde die vrijwilligerswerk heeft benadrukken. Om dit te bereiken doen wij het volgende: - Binnen de basisinkoop (reg. nr. 9067530) hebben we Galant de meerjarige opdracht gegeven om vrijwilligers te ondersteunen. - Op verschillende andere momenten waarderen wij onze vrijwilligers, onder meer op de dag van de vrijwilliger.
- We ondersteunen het Netwerk Informele Ondersteuning, het platvorm voor en door de aangesloten lokale vrijwilligersorganisaties en initiatieven voor informele zorg en ondersteuning voor stad- en regiogenoten in ’s-Hertogenbosch.
c. Mantelzorgers Wij hebben grote waardering voor mantelzorgers. In 2020 hebben we een onderzoek onder mantelzorgers gehouden en stadsgesprekken gevoerd. De belangrijkste bevindingen hieruit zijn: - Een grote groep inwoners verleent mantelzorg en vindt dit prettig om te doen; - Een kwart van de mantelzorgers verleent 20 uur of meer per week aan mantelzorg, waardoor de kans op overbelasting groot is. - Mantelzorgers hebben behoefte aan emotionele en praktische ondersteuning - de weg vinden in zorgregelingen. Ook is er behoefte aan lotgenotencontact en respijtzorg (iemand die hun taken af en toe overneemt); - Veel mantelzorgers weten niet waar en hoe ze deze ondersteuning kunnen krijgen. Dit geldt vooral voor jonge mantelzorgers, mantelzorgers met een andere culturele achtergrond en mantelzorgers voor inwoners met psychische kwetsbaarheid of verstandelijk beperking. Beleidsopgaven Mantelzorg: 1. Vergroten van de bekendheid van de mogelijkheden voor mantelzorgondersteuning, zoals het mantelzorgsteunpunt / lotgenotengroepen (Alzheimer café), door: a. Farent, Mee, GGD en Humanitas (FMGH) de opdracht te geven de bekendheid hierover bij mantelzorgers te vergroten; b. FMGH vanaf 2021 meer in te laten zetten op deskundigheidsbevordering van professionals, omdat ook deze een belangrijke rol hebben in het verwijzen van mantelzorgers naar ondersteuning. 2.
Beter organiseren en toegankelijker maken van respijtzorg (om overbelasting tegen te gaan) door: a. Respijtzorg nadrukkelijk op te nemen in de Wmo inkoop vanaf 2022; b. De gemeentelijke medewerkers (Koo en Toegang Wmo) ook laten toetsen op mogelijke overbelasting van mantelzorger.
8
3. Verder onderzoek doen om beter zicht te krijgen op de ondersteuningsbehoefte van de mantelzorgers die we nu onvoldoende bereiken. We zetten hiervoor twee acties uit: a. Jonge mantelzorgers: een bredere opdracht is verstrekt aan ‘Vanzelfsprekend’. Doel: meer jongeren bereiken en ondersteunen; b. Focusgroepen starten met mantelzorgers met een andere culturele achtergrond. Doel: Informatie ophalen over hun ervaringen en behoeften.
9
4. Samen staan we sterk a. Basisondersteuning De informele organisaties en professionele aanbieders van basisondersteuning vormen samen de basisinfrastructuur. Vanuit de basisondersteuning zorgen we dat inwoners die dat nodig hebben in hun eigen omgeving zo laagdrempelig mogelijk ondersteuning kunnen vinden. Daarbij ligt de nadruk op preventie, bevorderen van onderlinge hulp, kleinschaligheid, vrijwillige inzet, ruimte voor innovatie en inspelen op onvoorziene omstandigheden. Door zoveel mogelijk preventief sociale vragen van inwoners op te pakken, verminderen we de druk op de (specialistische) voorzieningen voor maatschappelijke ondersteuning. Met de inkoopstrategie1 biedt het college meerjarige financiële zekerheid aan organisaties en initiatieven. Bovendien zorgt de gezamenlijke opdracht voor samenwerking en complementariteit. Daarmee creëren we rust en maken we ruimte voor inhoudelijke doorontwikkeling, innovatie en samenwerking. Op deze manier dragen we bij aan een samenhangend en sluitend aanbod dat past bij de vragen van de inwoners.
1
Op 2 juli 2019 heeft het college de Inkoopstrategie en Inkoopopdracht Lokale Inkoop Basisinfrastructuur 2020-2023
(reg. nr. 9067530) vastgesteld.
10
Beleidsopgaven basisondersteuning: 1. Via de lokale inkoop basisinfrastructuur bieden we meerjarige zekerheid aan Farent, MEE, GGD en Humanitas en stimuleren we hen maximale meerwaarde te halen uit hun onderlinge samenwerking en afstemming. 2. We werken aan een betere afstemming tussen vraag en aanbod. De veelheid aan zowel formele als informele voorzieningen en initiatieven is een kracht. Het op elkaar afstemmen van vraag en aanbod vraagt blijvend aandacht en samenwerking tussen de verschillende partijen.
b. Koo De coöperatie Koo is een gezamenlijk initiatief van Farent, MEE, GGD, Humanitas en de gemeente. Koo is begin 2019 opgericht om advies, informatie en doorgeleiding naar zorg en hulp in het sociale domein te verbeteren. Zeker een kwart van de inwoners wist na de decentralisaties Wmo en Jeugdhulp in 2015 niet waar zij met hun hulpvraag heen moesten. Koo moest dit verbeteren. De inwoner kan Koo op verschillende manieren bereiken: website, telefoon, app, mail en wijkpleinen. Daarnaast verzorgt Koo de aanmelding voor de teams toegang en regie en de buurtteams. Uit de eerste monitor (eind 2019) blijkt dat het laagdrempelige karakter en het persoonlijk contact hoog worden gewaardeerd (8 of hoger). Ook de preventieve werking van Koo is aantoonbaar. Het aandeel telefoontjes dat wordt doorgeleid naar specialistische hulp nam af. Koo stimuleert inwoners en professionals om zelf het antwoord op hun vraag te zoeken. Het overgrote deel van de vragen die bij het telefoonteam terecht komt, kan met informatie en advies worden afgedaan. Een belangrijk aandachtspunt uit de monitor was de bekendheid: 1 op 10 inwoners kent Koo. Beleidsopgaven doorontwikkeling: 1. We houden de kwaliteit van de dienstverlening op wijkpleinen en bij de telefoon op peil, gelijk aan 8 of hoger. 2. We vergroten de verdere bekendheid van Koo.
11
c. Doorbraakthema’s In de periode 2020-2023 werken we aan vier doorbraakthema’s. Daarmee willen we de basisinfrastructuur van het sociaal domein versterken en een groter beroep op specialistische hulp voorkomen. Elk thema vraagt om innovatie die we niet binnen de basisinfrastructuur alleen kunnen realiseren. Het vraagt ook om expertise vanuit de specialistische hulp. Daarom experimenteren we met samenwerking tussen specialistische aanbieders en aanbieders in de basisinfrastructuur. De gemeente heeft hierin een actieve rol als aanjager. De doorbraakthema’s zijn: 1. Onderwijs – jeugdhulp 2. Complexe scheidingen 3. Inloop en dagbesteding psychisch kwetsbaren 4. Sociale benadering dementie Binnen de Wmo werken we aan de thema’s 3 en 4: i. Inloop en dagbesteding psychisch kwetsbaren In de praktijk blijkt dat psychisch kwetsbare inwoners het beste geholpen zijn met laagdrempelige ondersteuning. Hiervoor zijn binnen de gemeente al diverse aanbieders zoals Stichting de Loods en Stichting Jong Actief. Zij hebben informele dagbestedingsplekken. Door deze organisaties te koppelen aan professionele organisaties zoals Reinier van Arkel en Stichting Maatschappelijke Opvang kunnen zij gebruikmaken van de kennis en kunde van deze organisaties. De kwaliteit van de informele dagbesteding verbetert hierdoor. Beleidsopgaven inloop en dagbesteding psychisch kwetsbaren: 1.
We ondersteunen bij de ontschotting tussen de verschillende voorzieningen. 2. We stimuleren samenwerking tussen informele en specialistische uitvoeringspartners. ii. Sociale benadering dementie We bouwen aan een formeel en informeel netwerk om mensen met dementie zo vroeg mogelijk te ondersteunen. In 2019 is in ’s-Hertogenbosch Zuid de Sociale benadering dementie (SBD) gestart. In deze pilot werken Van Neynsel, Farent, VGZ en Tao of Care samen. De SBD-methodiek biedt passende ondersteuning aan mensen met dementie en hun naasten. De inzet van adequate psychosociale begeleiding heeft aantoonbaar een grote impact op de levenskwaliteit van mensen met dementie en hun naasten. Zij kunnen langer in hun vertrouwde omgeving wonen en crises worden voorkomen. Uit de tussenevaluatie blijkt dat de medische vraag vermindert en zorgkosten dalen doordat bijvoorbeeld de opname in een verpleeghuis met gemiddeld vier maanden kan worden vertraagd. De resultaten worden landelijk gemonitord en vergeleken met SBD- pilots in andere gemeenten.
12
Beleidsopgaven sociale benadering dementie: 1. In ‘s-Hertogenbosch Zuid willen we in een periode van vier jaar 80 mensen bereiken. In 2021 en 2022 ligt de nadruk op het experimenteren met vroegsignalering (de situatie vóór de diagnose) en dagbesteding. Een van de doelstellingen is een sterkere verbinding met voorzieningen in de buurt. 2. De Wmo-beschikking voor dagbesteding voor ouderen met dementie regelen we sneller. Vanuit de leidende principes ruimte bieden voor professionele beslissingen en eenvoud met zo weinig mogelijk bureaucratie realiseren we kortere wachttijden. De casemanager dementie kent de sociale kaart, de mogelijkheden om af te schalen naar bijvoorbeeld een huiskamerproject, en weet wat wenselijk is in de situatie van de hulpvrager. We benutten de expertise van de casemanager dementie, vertrouwen op diens deskundigheid en versnellen daarmee het administratief proces. Ook gaan we de samenwerking tussen huisartsen en het Wmo-loket efficiënter inrichten.
13
5. Steuntje in de rug a. Specialistische ondersteuning (licht) Is de informele en formele basisondersteuning niet voldoende? Dan kan een inwoner een beroep doen op specialistische ondersteuning (licht): - Huishoudelijke hulp - Woningaanpassingen - Hulpmiddelen (rolstoelen en trapliften) - Begeleiding - Dagbesteding Beleidsopgave specialistische ondersteuning: 1. Grip op de poort: inwoners moeten de juiste ondersteuning krijgen. Het is noodzakelijk om goed in beeld te krijgen welke ondersteuning iemand nodig heeft, zodat we direct kunnen doorverwijzen naar passende ondersteuning. Het ‘goede gesprek’ voeren is hierbij van belang. Het eerste contact met inwoners verliep voorheen via het gemeentelijk contact centrum (GCC). In de praktijk bleek dat het niet altijd tot de juiste doorverwijzing leidde. In een pilot in het najaar van 2020 lopen alle nieuwe aanmeldingen voor huishoudelijke hulp via Koo. De verwachting is dat Koo een goede inschatting maakt van de hulpvraag waardoor inwoners efficiënter doorgeleid worden. Afhankelijk van de resultaten van de pilot besluiten we of we in 2021 alle aanvragen voor hulp bij het huishouden, woningaanpassingen en hulpmiddelen via Koo laten lopen.
14
b. Nieuwe vormen van dagbesteding - maatwerk Daar waar mogelijk willen we minder specialistische zorg inzetten. Voor inwoners is het prettiger om op een laagdrempelige manier ondersteuning te krijgen. Bovendien is het kostenbesparend. We doen dit op verschillende manieren: 1. Ontwikkelingsgerichte Arbeidsmatige Dagbesteding (OAD): in samenwerking met GGZinstelling Reinier van Arkel, de afdeling Volwassenen (Wmo) en het Werkbedrijf Weener XL is een werkwijze geïntroduceerd voor passend werk voor mensen in de dagbesteding. Vanuit de gedachte: wat kan deze groep wel, wat zijn hun talenten én ambities. 2. Maatschappelijk Steunpunt De Stijl ontwikkelt zich door van een specialistische dagbestedingsplek van Reinier van Arkel naar een herstelacademie. Dit is een lichtere vorm van ondersteuning waarin professionele ervaringsdeskundigen en vrijwilligers zorgen voor een laagdrempelige inloop en lotgenoten contact. Beleidsopgaven nieuwe vormen van dagbesteding 1. We investeren in voorzieningen waarmee we laten zien dat we samen met partners zoals Reinier van Arkel en Weener XL werk maken van de vernieuwing en vereenvoudiging van onze dagbesteding. Er is sprake van meer maatschappelijk rendement met (op termijn) besparing van kosten.
c. Onafhankelijke cliëntondersteuning Uit het klanttevredenheidsonderzoek Wmo 2020 bleek dat bij circa 40 procent van de aanvragers de mogelijkheid tot cliëntondersteuning bekend is. Dit willen we verhogen. Het versterken van de onafhankelijke cliëntondersteuning pakken we op als een gezamenlijke ontwikkelopgave, waarin we samenwerken met o.a. het gehandicaptenplatform ’s-Hertogenbosch, de koepel seniorenraad, Door & Voor, MEE, WMO adviesraad en de cliëntenraad participatiewet Beleidsopgave onafhankelijke cliëntondersteuning: 1. We nemen deel aan het landelijk koploperprogramma ter versterking van de onafhankelijke cliëntondersteuning, begeleid door Movisie. Inzet is: - meer bekendheid creëren over het ondersteuningsaanbod; - informele ondersteuning beter in beeld krijgen en aanbod bekendheid geven; - integraal aanbod van onafhankelijke cliëntondersteuning; - bijzondere aandacht voor onafhankelijke cliëntondersteuning in de Participatiewet (waarbij preventie een thema zal zijn).
15
6. We vangen je op a. Lokale uitvoering ‘Regiovisie Beschermd Wonen en maatschappelijke opvang’ We willen dat alle inwoners meedoen in de samenleving. Dit geldt ook voor mensen die tijdelijk de grip op hun leven hebben verloren en aangewezen zijn op beschermd wonen of maatschappelijke opvang. Binnen de kaders van de Regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2020 e.v. zijn we in de regio Meierij en Bommelerwaard volop bezig beschermd wonen en maatschappelijke opvang te transformeren van ‘eindvoorzieningen’ naar ‘doorstroomvoorzieningen’ en ‘zelfstandig wonen (al dan niet met ambulante begeleiding)’. De herstelvisie en de visie op een inclusieve samenleving staan bij de transformatie voorop. Per 1 januari 2022 wordt beschermd wonen verder gedecentraliseerd van de centrumgemeente naar afzonderlijke gemeenten. Bij de transformatie van beschermd wonen en maatschappelijke opvang en verdere decentralisatie van beschermd wonen, werken we met een vierjarig regionaal uitvoeringsprogramma dat we jaarlijks bijstellen. Zo kunnen we flexibel blijven inspelen op nieuwe ontwikkelingen.
Inwoners die tijdelijk de grip op hun leven hebben verloren stellen meestal geen hulpvraag, terwijl zij wel uitdagingen hebben op meerdere leefgebieden tegelijk: gezondheid, wonen, inkomen, een zinvolle daginvulling of werk, financiën en sociale contacten. Soms veroorzaken ze overlast of zijn ze een acuut gevaar voor zichzelf of hun omgeving. Het is belangrijk dat een gemeentelijke regisseur Toegang en Regie of een gemeentelijke regisseur Zorg en Veiligheid dan tijdelijk met hen meeloopt om de grip terug te krijgen. Is de casuïstiek zo complex dat er onorthodoxe doorbraken noodzakelijk zijn? Dan kan de regisseur een casus aandragen voor Thuis in Zuidoost.
16
Uitgangspunten: - We blijven uitgaan van de visie op herstel en vragen dit ook van onze partners. - Wij blijven ons richten op inclusie volgens de regionaal vastgestelde werkprincipes en vuistregels van Thuis in de wijk. - We versterken de inzet van ervaringsdeskundigen. Beleidsopgaven uit de regiovisie Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang 2020 e.v.: 1. Wij ontwikkelen een integrale ondersteuning voor kwetsbare mensen in de wijk met aandacht voor de leefomgeving, daginvulling en financiën. 2. De regie op de regionale toeging tot beschermd wonen is onafhankelijke georganiseerd en de verbinding met wonen is gelegd. 3. Zo min mogelijk mensen maken gebruik van de maatschappelijke opvang. Degene die toch een beroep moeten doen op de maatschappelijke opvang stroomt zo snel als mogelijk door naar een passende plek. 4. Mensen die een beroep moeten doen op beschermd wonen, wonen zo zelfstandig mogelijk ‘Thuis in de Wijk’. 5. Kwetsbare mensen die een woonvraag hebben, worden naar een passende woonruimte geholpen met zo min mogelijk verhuisbewegingen. 6. We leiden mensen die het écht nodig hebben toe naar de juiste zorg en ondersteuning (bemoeizorg) en voeren regie op de snijvlakken van zorg en veiligheid. 7. We sturen op een heldere en transparante manier op de (financiële) resultaten zoals afgesproken.
De uitvoering van de beleidsopgaven komt terug in het uitvoeringsprogramma beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Hier worden concrete projecten benoemd voor de komende jaren om de beleidsopgaven te behalen. Voor 2021 en verder betekent dit concreet dat we in ieder geval de volgende zaken willen realiseren: - Een regionaal preventieplan om dakloosheid te voorkomen. Centrale toegang tot voorzieningen van de maatschappelijke opvang. - Integrale aanpak op preventie GGZ en ervaringsdeskundigheid. - Een tweede hostel aan de Zuiderparkweg. - Een voorziening langdurig verblijf voor de doelgroep met meerdere zware problematiek. - Samenvoeging van dag- en nachtopvangvoorzieningen. - Samenvoeging van 24-uursopvang en Jongeren 24-uursopvang. - Gezinsopvang bij de vrouwenopvang. - Meer kleinschalige opvangvoorzieningen in ’s-Hertogenbosch en de regiogemeenten. - Verbeteren van de ketensamenwerking voor personen met verward / onbegrepen gedrag. - Stimuleren van het realiseren van woningen voor cliënten uit Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang en de uitstroom van cliënten.
17
b. Verbreden werkwijze Thuis in Zuidoost De pilot Thuis in Zuidoost (TIZO) is in 2019 gestart en richt zicht op mensen met meervoudige complexe problematiek. Daar waar het niet lukt om deze doelgroep via de reguliere kanalen te helpen, zoeken de partners binnen TIZO met elkaar naar een unieke, passende oplossing voor de inwoner. TIZO is een netwerkorganisatie voor de wijk Zuid-Oost, waarin onder meer de gemeente, woningcorporaties, zorgaanbieders en ervaringsdeskundigen nauw samenwerken. TIZO bedenkt en regelt niet alleen oplossingen voor individuele inwoners, maar doet vanuit deze praktijk ook voorstellen voor aanpassingen van eigen systemen en afspraken. Doel is om in de hele keten werkwijzen te ontwikkelen die duurzame ondersteuning bieden aan mensen in acute zorgnood en/of met verward gedrag. Uit een eerste evaluatie in 2020 blijkt dat de werkwijze van TIZO succesvol is en tot structurele besparingen leidt. Reden om de pilotperiode nog tot eind 2021 te verlengen. Beleidsopgave verbreden werkwijze Thuis in Zuidoost: 1. De ervaringen van TIZO gebruiken voor verbreding naar andere wijken in ’s-Hertogenbosch (West en Noord). 2. Evaluatie van de werkwijze TIZO eind 2021 en bezien of en hoe we deze werkwijze structureel kunnen maken.
18
7. Overige belangrijke thema’s a. Integrale aanpak Gestelse Buurt In de Gestelse Buurt is sprake van hardnekkige sociale problematiek. In deze buurt werken de gemeente, Farent, Brabant Wonen en de politie daarom samen met inwoners de komende jaren vanuit een gezamenlijke visie ‘De Gestelse Buurt werkt!’ aan leefbaarheid, veiligheid en openbare ruimte. We richten ons op het voortzetten en verduurzamen van initiatieven uit de buurt, het geven van zeggenschap aan inwoners en gaan van daaruit in gelijkwaardigheid samenwerken. We bieden ruimte zodat bewoners zelf kunnen bepalen wat voor hen het meest belangrijk is om het vervolgens ook samen met hen aan te pakken.
b. Persoonsgebonden budget (pgb) Het pgb is voor een deel van de inwoners een belangrijk en goed instrument om zelf de regie te houden en passende hulp in te kopen. In juli 2020 is het pgb geëvalueerd. Daarbij is gekeken wat goed gaat en wat beter kan. We zien bijvoorbeeld bbudgethouders voor wie het pgb niet geschikt is. We willen het pbg beleid toekomstbestendig maken. Concreet betekent dit: -
-
Pgb blijft het middel om zelf te regie te houden en passende hulp in te kopen. Het pgb wordt uitsluitend toegekend aan mensen die er bewust voor kiezen, die het goed kunnen (laten) beheren en kunnen overzien of zij goede en passende hulp krijgen. De budgethouder en/of zijn vertegenwoordiger weet wat zijn rechten en plichten zijn. Hij kan het budget beheren en het werkgeverschap op een correcte manier uitvoeren. Hij weet de kwaliteit te beoordelen en te bewaken. Kwetsbare inwoners mogen niet in de positie komen waarin zij geen goede en passende zorg krijgen. En zij mogen niet in de positie komen waarin er misbruik wordt gemaakt van hun pgb. Inwoners voelen zich niet gedwongen om een pgb te kiezen, omdat het door de gemeente ingekochte aanbod niet voldoet of omdat ze de regie missen bij de natura-voorziening. De gemeente is fraude-alert en fraude wordt bestraft.
c. Integrale samenwerking sport, cultuur en maatschappelijke ondersteuning Een van de belangrijkste thema’s is het voorkomen en tegengaan van eenzaamheid. Binnen de gemeente hebben we hiervoor verschillende projecten. Een voorbeeld hiervan is het project Lang Leve…..! Het project biedt verschillende activiteiten, zoals online danssessies en dichter op de koffie. Bij deze projecten werken de afdelingen Cultuur, Sport en de sector Maatschappelijke Ontwikkeling integraal samen. In de komende periode willen we deze integrale samenwerking op deze thema’s verder versterken. Hiermee geven we invulling aan de motie “Stimulering maatschappelijk doel met behulp van cultuur”2
2
Ingediend door CDA, SP, Bosch Belang, Lokaal Gestemd, Gewoon Gedreven, D66, VVD, Groen Links en Rosmalens Belang bij het Raadsvoorstel Cultuurnota vanaf 2021, gemeenteraadsvergadering 10 december 2019.
19
d. Uitvoeren samenwerkingsagenda Zorgverzekeraars Door vergrijzing en de toename van het aantal chronisch zieken zal de vraag naar zorg en ondersteuning de komende jaren toenemen. De zorgkosten zijn de laatste 15 jaar gestegen van € 65 miljard naar € 95 miljard. Dit kan zo niet langer. De toenemende vraag, kosten en personele krapte op de arbeidsmarkt zijn een bedreiging voor de continuïteit van zorg en ondersteuning. De huidige Covid-pandemie zorgt hierbij voor extra druk. Het is dus noodzakelijk dat we de handen ineen slaan om te zorgen dat we inwoners de ondersteuning kunnen (blijven) bieden die ze nodig hebben. Daarom is op het niveau van de zorgkantoren een samenwerking tot stand gekomen tussen gemeenten, zorgverzekeraars (VGZ) en zorgkantoren. De samenwerking richt zich vooral op: ouderen, GGZ en Preventie.
20
8. Regionale samenwerking Wij werken op regionaal niveau samen met de regio Meierij en Bommelwaard (’s-Hertogenbosch, Boxtel, Meierijstad, Sint-Michielsgestel, Vught, Maasdriel en Zaltbommel). We werken samen voor de inkoop- en beleidstaken van: - Begeleiding, begeleiding groep en kortdurend verblijf - Beschermd wonen - Maatschappelijke opvang - Verslavingszorg - Aanverwante taken zoals bemoeizorg, aanpak van personen met verward gedrag en uitvoering Wet verplichte GGZ en Wet zorg en dwang, toegang netwerk opvang en wonen en de aanpak van complexe casuïstiek. De gemeente ’s-Hertogenbosch is voor deze taken (met uitzondering van begeleiding, begeleiding groep en kortdurend verblijf) aangewezen als centrumgemeente. Op het regionale niveau van Noordoost-Brabant (17 gemeenten) regelt gemeente ’s-Hertogenbosch in samenwerking met de regio de inkoop- en beleidstaken van: - Aanpak Veilig Thuis - Aanpak Huiselijk Geweld en Kindermishandeling - Vrouwenopvang - Expertpool - Crisisdienst Op de schaal van de politieregio Brabant Oost organiseren we de aanpak van: - Seksueel geweld - Mensenhandel
21
9. Uitvoering a. Organisatie In de afbeelding hieronder is uitgebeeld via welke routes inwoners geholpen worden met hun hulpvraag. Hierbij werkt de gemeente samen met uitvoeringspartners voor welzijn en maatschappelijke ondersteuning.
b. Inkoop Lokale inkoopkaders: - Voorzieningen (huishoudelijke hulp, hulpmiddelen, woningaanpassingen) kopen we lokaal in. In de begroting 2021 is hiervoor € 17.566.330,- opgenomen. Regionale inkoopkaders, zie inkoopbesluit 2021(reg 10413303): - Begeleiding en groepsbegeleiding kopen we regionaal in op de schaal van regio Meierij. Voor de regio €24.173.064,- en voor de gemeente ‘s-Hertogenbosch €11.964155,- (exclusief pgb). - Beschermd Wonen, Maatschappelijke Opvang en verslavingszorg kopen we regionaal in op de schaal van regio Meierij en Bommelerwaard. Het gaat om een bedrag voor de regio van €23.157.184,- Bij het afsluiten van nieuwe zorgcontracten vanaf 2020 wordt een extra toets gedaan om malafide zorgaanbieders buiten de deur te houden.
22
De Regionaal Inkoop Organisatie Zorg (RIOZ) is onze regionale inkooporganisatie en zorgt voor het managen van de contracten met zorgaanbieders. Daar waar nodig stellen we nieuwe contracten op voor 2021 en verder.
c. Financiën De vraag naar zorg en ondersteuning is hoog, waardoor de uitgaven stijgen. Ook het abonnementstarief zorgt voor een toename in de vraag naar ondersteuning. De druk op het beschikbare budget neemt hierdoor toe. We willen specialistische ondersteuning en hulp kunnen blijven bieden aan inwoners die dit écht nodig hebben. Dit betekent dat we zakelijk werken vanuit een sociaal hart. We kijken vanuit het Zorgbedrijf wat iemand zelf kan (ontwikkelen), wat iemand samen met zijn of haar netwerk kan oplossen en waar eventueel aanvullende behoefte aan is. Hierin staat de inwoner centraal. Resultaat en efficiëntie zijn de pijlers waarop we de inwoner ondersteunen. Beleidsopgave financiën: - We dringen de zorguitgaven verder terug met behulp van een verscherpte poortfunctie met betrekking tot gebruikelijke zorg3 en zelfredzaamheid. We verwachten dat mensen die ondersteuning nodig hebben en dit zelf kunnen regelen dit ook zelf doen (eventueel met hulp van de basisondersteuning). Omdat dit betekent dat we in deze gevallen vaker ‘Nee’ of ‘Ja, maar anders’ zullen moeten zeggen, moeten we goed bekijken wat er nodig is voor de professionals (o.a. consulenten) om hierover het gesprek met onze inwoners te voeren (concrete acties worden opgenomen in de uitvoeringsagenda) .
- We houden een stevige informele en basisinfrastructuur op peil die aantoonbaar maatschappelijk rendement oplevert. - We onderzoeken de trends en risico’s van de stijgende vraag en de inzet van voorzieningen binnen de Wmo. Zo krijgen we meer inzicht in de oorzaak en in de mogelijke oplossingen. Aan de hand hiervan stellen we kostenbeheersingsmaatregelen (de concrete maatregelen nemen we op in de uitvoeringsagenda) en we monitoren de effecten hiervan. - Vanaf 2022 blijven we binnen de financiële kaders.
Financiële risico’s Naar aanleiding van de grote vraag naar zorg en de bijhorende uitgaven raakt het sociale zorgfonds eerder leeg dan verwacht. Dit is zorgelijk. Bovendien hebben we te maken met onder andere landelijke effecten waardoor de kosten verder oplopen of de inkomsten achter blijven. We hebben hier niet altijd invloed op. Als we ook in de toekomst financieel gezond willen blijven, zullen we hiervoor de nodige acties moeten ondernemen. De kostenbeheersmaatregelen die we hiervoor nemen, zullen we verder uitwerken in de uitvoeringsagenda. Een voorbeeld hiervan is verdere uitwerking van ‘grip op de poort’.
3
Het is de normale, dagelijkse zorg die partners of ouders en inwonende kinderen geacht worden elkaar onderling te bieden omdat ze als leefeenheid een gezamenlijk huishouden voeren en op die grond een gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben voor het functioneren van dat huishouden.
23
Het voorgenomen beleid in dit plan is financieel meegenomen in de Begroting 2021. Met uitzondering van: De Stijl en Ontwikkelingsgerichte Arbeidsmatige Dagbesteding (OAD) In hoofdstuk 5 paragraaf b worden De Stijl en OAD besproken als voorzieningen om met partners werk maken van de vernieuwing en vereenvoudiging van dagbesteding. Door het uitstellen van de nieuwe inkoopstrategie per 2022 (in plaats van per 2021) is er binnen de begroting van 2021 geen financiële ruimte om beide voorzieningen mogelijk te maken. Vandaar het voorstel om eenmalig middelen (€240.000,- voor De Stijl en €180.000,- voor OAD) aan het sociaal zorgfonds te onttrekken als voorfinanciering van een rendabele investering. Per 2022 moeten beide voorzieningen binnen ‘het vierkant’ van de begroting passen. Dit nemen we mee in de nieuwe inkoopstrategie per 2022. Voor OAD is een businesscase opgesteld. Doordat deelnemers minder gebruik maken van Wmo voorzieningen is de verwachting dat we na vier jaar jaarlijks structureel €400.000,- minder uitgaven hebben. Hierin zit echter een risico. Het kan zijn dat er minder deelnemers zijn waardoor de bedragen anders zijn. Dit heeft invloed op de terugstortingen in het reserve sociaal zorgfonds. Het rendement van OAD kan geeffectueerd worden als de nieuwe inkoop systematiek is toegepast, en deze staat gepland voor 2022
d. Monitoring en verantwoording We hebben verschillende monitorrapportages die ons door het jaar heen inzicht en sturingsinformatie geven voor inkoop, uitvoering en beleidsontwikkeling: - De raad wordt door het jaar heen als volgt geïnformeerd: in juni (voor de voorjaarsnota) en november (voor de Begrotingsraad) door middel van De Bossche Zorgmonitor. De zorgmonitor geeft inzicht in algemene trends en ontwikkelingen van zorggebruik. - Kwartaal bericht Sociaal Domein, informatie vanuit de sector. - Arrangementenmonitor: beleidsmonitor met gegevens Sociaal domein (Wmo, Jeugd, Participatiewet, schuldhulpverlening, Speciaal Onderwijs), UWV-uitkeringen en Zorgverzekering VGZ. Geschikt voor beleidsanalyses o.a. m.b.v. analyses stapeling zorg, benchmark, wijkanalyses et cetera. - Cliëntervaringen en cliënttevredenheid (wettelijke verplichting). Een rapportcijfer van klanttevredenheid van tenminste een 7. - Planning en Control-cyclus: in de Programmabegroting staan een aantal indicatoren over zorggebruik. - RIOZ maakt periodiek rapportage over zorggebruik. - Geld dat bestemd is voor zorg dient terecht te komen bij de mensen die recht hebben op passende zorg met de juiste kwaliteit. Ook wij krijgen signalen dat dit mogelijk niet altijd het geval is, daarom zetten wij in op het opsporen en rechtzetten van die situaties.
24