CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

A. Brief 13 april 2023 - Natuurorganisaties - Advies bij Denkrichtingen Duurzame Polder

Commissie BEDRIJVIGHEID 17 april 2023, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Discussienotitie Tussenrapport Denkrichtingen en varianten Duurzame Polder1.015 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Onderwerp: Urgent: advies natuurorganisaties bij denkrichtingen Duurzame Polder

Beste leden van de gemeenteraad, Aankomende week is een bijeenkomst van de gemeenteraad waarbij zal worden gediscussieerd over de gepubliceerde denkrichtingen voor de verdere ontwikkeling van de Duurzame Polder. Op 12 april zijn vijf natuurorganisaties bijeengekomen om hun visie op deze denkrichtingen te bespreken. Naar aanleiding van deze bijeenkomst is bijgevoegde brief geschreven. Wij verzoeken u vriendelijk om deze brief zo snel als kan bij de raadsleden onder de aandacht te brengen zodat deze mee besproken kan worden, en meegenomen wordt in het verdere proces. Alvast hartelijk dank namens alle ondertekenende organisaties. Met vriendelijke groet,

Coördinator Soortenbescherming Coördinatiepunt Landschapsbeheer

Aan de gemeenteraden van ’s-Hertogenbosch en Oss

Datum: 13 april 2023 Onderwerp: advies natuurorganisaties bij denkrichtingen ontwikkeling Duurzame Polder

Advies bij de denkrichtingen voor de Duurzame Polder van vijf natuurorganisaties Onderstaand advies is van vijf natuurorganisaties en betreft de gepubliceerde denkrichtingen van de Duurzame Polder. Per denkrichting benoemen wij enkele belangrijke aspecten ten aanzien van het punt Natuur. Belangrijk uitgangspunt hierbij is de door de gemeenteraad van 's-Hertogenbosch op 18 mei 2021 aangenomen motie Maatregelen ter bescherming van vogels bij de vaststelling van de RES 1.0 en het Raadsbesluit van de Gemeenteraad van Oss van 28 januari 2021 waarin een integrale gebiedsontwikkeling wordt voorgestaan. Ook is gekeken naar een (beoogde) integrale aanpak waarbij de natuurwaarden in de polder optimaal vorm krijgen, maar waarbij ook de kansen voor ontwikkeling van energie, waterbeheer en landbouw gelijke ruimte krijgen. Speciale aandacht vragen wij voor weidevogels. Maar ook voor vleermuizen, wintergasten als de kleine zwaan en andere vogelsoorten is de Duurzame Polder een belangrijk leef- en foerageergebied, zie ook het SOVON-rapport “Vogels van de Beerse Overlaat en analyse verstoring van vogels door windturbines, Sovon-rapport 2019/89”.

Denkrichting 1 Uitbreiding weidevogelgebied staat niet als optie beschreven in deze denkrichting. Integendeel weidevogels worden in deze denkrichting sterk beperkt qua leefgebied. De uiterwaarden zijn per definitie niet geschikt voor weidevogels en voldoen niet als compensatiemogelijkheid, waarbij opgemerkt dat voor weidevogels geschikte compensatiegebieden absoluut in de polder gezocht zullen moeten worden. In deze denkrichting zitten dientengevolge geen passende compensatiemogelijkheden. In deze optie vervalt eveneens het behoud en de bescherming vanhet gebied (opheffing NNB) van Staatsbosbeheer. Dit plan doet op geen enkele wijze recht aan het voortraject en de gemaakte afspraken en intenties van de gemeenten en samenwerkende partijen met betrekking tot natuur. Denkrichting 2 Hierbij wordt het weidevogelgebied verschoven naar één partij (Brabant Water) bij wie weidevogelbeheer geen hoofdprioriteit is, nog los van de beperkingen die van rechtswege van toepassing zijn op een waterwingebied. De rest van de polder verdwijnt hierbij volledig als geschikt weidevogelgebied en wordt ‘opgegeven’. Het aantal hectares blijft gelijk: geen compensatie. Het bestaande natuurgebied wordt helemaal afgesloten van het overige weidevogelbeheer.

Dit plan doet op geen enkele wijze recht aan het voortraject en de gemaakte afspraken en intenties van de gemeenten en samenwerkende partijen met betrekking tot natuur.

Denkrichting 3 In Denkrichting 3 wordt meer ruimte geboden voor natuur. Er wordt echter niet gesproken over uitbreiding van het aantal broedparen kritische weidevogels, alleen behoud van het huidige beheergebied. In deze denkrichting blijft het mogelijk om het weidevogelbeheer onder te brengen bij het Agrarisch Natuurbeheer of te financieren op een andere manier. In deze denkrichting wordt de kern van het gebied open gehouden, het gebied dat het meest geschikt is voor weidevogels. Wel is het belangrijk dat de windturbines geclusterd worden, omdat dit de kans op aanvaringen met vogels verminderd. Deze denkrichting sluit het beste aan op de vooraf besproken uitgangspunten voor weidevogelbeheer.

Denkrichting 4 Het gebied dat valt binnen het Natuurnetwerk blijft in dit plan open, maar de polder wordt volledig benut voor windturbines (bij de eendenkooi). De compensatiemogelijkheid ten noorden van de Hertogswetering is niet kansrijk, verschuiving naar dit is geen optie. De bestaande weidevogelpopulaties zouden in deze denkrichting helemaal moeten verschuiven van zuid naar noord. Dat is weinig kansrijk en duurt jaren, met veel verliezen in de populatie. Door het hoge tempo van de werkzaamheden, gaat het kerngebied van de vogels onherroepelijk verloren. Deze denkrichting doet daarom op geen enkele manier recht aan het voortraject en de gemaakte afspraken en intenties van de gemeenten en samenwerkende partijen met betrekking tot natuur.

Samenvattend In geen van de genoemde denkrichtingen wordt voldoende rekening gehouden met de huidige locatie van de weidevogels, noch worden er voldoende kansen gecreëerd voor de weidevogelpopulatie om te groeien – iets wat nodig is om de verwachte verliezen te compenseren. Ook wordt er in geen van de denkrichtingen voldoende rekening gehouden met de vooraf aangegeven intenties voor het behouden en verbeteren van de natuurwaarden in het gebied. Vanuit de gezamenlijke natuurorganisaties zijn bovenstaande tekortkomingen van de denkrichtingen geanalyseerd. Hieruit volgt een nadrukkelijk advies vanuit onze visie: de meest kansrijke richting is Denkrichting 3. Denkrichting 3 geeft de beste invulling aan de integraliteit en de opgaves die in het gebied liggen. Daaronder valt het behoud van de natuurwaarden en het behoud van het weidevogelgebied. Daarnaast is Denkrichting 3 de enige denkrichting die in onze ogen recht doet aan de Raadsbesluiten van de gemeenten Den Bosch en Oss, en waarbij landbouw (verduurzaming) en natuur in balans kunnen komen. Wij noemen als gemis in Denkrichting 3 voldoende kansen voor groeimogelijkheden van de weidevogelpopulatie. Het nadrukkelijk advies van ons ten aanzien van het hoofdstuk Natuur van Denkrichting 3 is: 

Behoud van de weidevogelpopulatie op de huidige locatie, met mogelijkheid tot uitbreiding van het weidevogelbeheer.

Enkele andere punten die door de natuurorganisaties zijn ingebracht: 

Zoeken naar meer ruimte voor natuurinclusieve landbouw (denkrichting 3 biedt hier kansen voor). Daarbij dienen water, bodem en openheid sturend te zijn om de leefgebieden van kritische soorten te versterken;

 

Streven naar een integrale aanpak tussen natuur, energie en landbouw (denkrichting 3 biedt hier kansen voor); De compensatie-opties in de andere aangegeven denkrichtingen zijn ongeschikt en ons inziens strijdig met de intenties voor gebiedsontwikkeling en tevens met de Wet natuurbescherming (art 3.1 en art 3.5).

Wij zijn te allen tijde bereid om bovenstaand advies en achterliggende motivatie verder toe te lichten. Namens, IVN ‘s-Hertogenbosch IVN Oss Natuurmonumenten Brabants Landschap Brabantse Milieufederatie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12626838/1