A. Brief 11 december 2023 - Reactie op raadsvoorstel Atelier en broedplaatsenbeleid 's-Hertogenbosch - Kunstenbond
Tekst van het document
Oostenburgervoorstraat 152 1018 MR Amsterdam
Gemeente ’s-Hertogenbosch Gemeenteraad Cc College van Burgemeester en Wethouders
Betreft: Raadsvoorstel Atelier- en broedplaatsenbeleid
Amsterdam, 8 december 2023
Geachte Raad, Op 12 december staat een voorstel Atelier- en broedplaatsen geagendeerd. Onze leden hebben grote zorgen met betrekking tot de maatregelen die in het voorstel staan. Hun zorgen en vraagtekens kunnen wij als hun vertegenwoordiger en landelijke vakvereniging van kunstenaars alleen maar onderstrepen. Onze conclusie is dat het voorgestelde Atelier- en broedplaatsenbeleid onvoldoende bijdraagt aan het verbeteren van het makersklimaat in ’s-Hertogenbosch en de ambitie Cultuurstad van het Zuiden te zijn. Het voorstel voorziet namelijk niet in structureel voldoende creatieve werkplekken, terwijl dat juist nodig is zoals de gemeente zelf ook concludeert. Doorstroming levert geen stabiel makersklimaat maar creëert permanente onrust. Hierbij zetten wij een aantal punten voor u op een rij. Structureel tekort aan werkruimtes Er wordt een structureel tekort aan werkruimtes gesignaleerd in de notitie Atelier- en broedplaatsbeleid, in de beleidsnota “Cultuur maakt mensen” en de onderliggende adviezen.1 Wat je dan verwacht is een aanpak gericht op structurele uitbreiding van het aantal werkruimtes om het tekort in te lopen. Deze visie en aanpak ontbreekt. Het structurele tekort wordt op zijn best bestendigd en zelfs dat is hoogst onzeker gegeven de huidige situatie.
Uit de analyse en gegevens over het gemeentelijke vastgoed in beheer bij de ABS, blijkt hoe precair de huidige situatie is: de stichting heeft slechts 4 panden permanent in beheer met in totaal 83 ateliers. De overige panden (met dus het merendeel van de beschikbare ateliers) zijn tijdelijk in beheer. Van enkele van deze tijdelijke panden is bekend dat zij op korte termijn niet meer verhuurd kunnen worden om diverse redenen.
1 De Atelier- en broedplaatsnota signaleert: “Er ontbreekt een lange termijnstrategie waarmee een stabiele basis wordt gelegd voor
voldoende beschikbare ruimtes in de (nabije) toekomst.” (p. 5)
Doorstroombeleid is onwenselijk aan en staat haaks op bestaanszekerheid Makers hebben de zekerheid van een doorlopend huurcontract nodig om te kunnen werken, het beroep kent al veel onzekerheid op allerlei vlakken. Wat onlogisch is aan het raadsvoorstel is de redenering dat een doorstroomprikkel de oplossing is omdat een doorlopend contract dit niet aan iedereen geboden kan worden. Dat is ondoordacht, niet goed onderbouwd en steunt ook niet op de ABS-gebruikersenquête. Die geeft aan dat er nu ook al een grote potentiële doorstoombereidheid is, waarvan 20% wil doorstromen juist omdat ze nu ook op een tijdelijke plek zitten. In de ABS-enquête geeft 96% van respondenten op de wachtlijst aan liefst voor onbepaalde tijd een atelier te willen huren. In het voorstel gaat men ervan uit dat de mid-career kunstenaar makkelijk ergens anders een geschikte werkruimte vindt bij vastgoedbeheerders tegen reguliere tarieven. Zelfs al zouden die werkplekken er zijn, dan zijn ze voor de meeste kunstenaars onbetaalbaar. Hoe dit in de praktijk zou moeten werken wordt niet goed onderbouwd. De ABS-enquête biedt wederom de meest inzichtelijke cijfers. Hieruit blijkt dat betaalbaarheid van het atelier een belangrijk aspect vanwege sterke fluctuaties in inkomen en gemiddeld gezien lage netto huishoudinkomen. Incidenteel verondersteld misbruik is geen basis voor doorstroombeleid.
Het stoelt op wantrouwen. Kortom, meer doorstroming stimuleren leidt tot meer bestaansonzekerheid, en niet tot verbetering van het makersklimaat. Dan zijn het stimuleren van gedeeld ateliergebruik en het faciliteren van atelierruil betere instrumenten op gebruik om gebruik bestaande vierkante meters te optimaliseren. Een nieuw besturingsmodel maakt toewijzing duurder en complexer Modelmatig wordt voorgesteld het huidige atelierbeheersstichtingsmodel om te zetten in een gemeentelijk-expertisebureau-model.2 Feitelijk wordt voorgesteld het Amsterdamse model te implementeren in Den Bosch. De vraag is waarom? Het Amsterdamse model vergroot de toewijzingscomplexiteit, kosten en bureaucratie ten opzichte van het huidige proces. Een commissie voor toewijzing en een aparte beheersorganisatie waarbij de gemeente op afstand het beleid stuurt in plaats een atelierbeheersstichting. Ook het idee dat de functie van een atelierbeheerorganisatie vraagt om aanbesteding is kort door de bocht en gaat voorbij aan het begrip 'proportionaliteit' bij aanbestedingen.3 Ook valt niet goed in te zien hoe het beheer van maatschappelijk vastgoed profijtelijk kan zijn voor een organisatie zonder dat dit tot prijsstijgingen bij huurders leidt die deze lastenstijgingen niet kunnen dragen.
Het doorontwikkelen van werkruimtes en ateliers die op individueel niveau worden gebruikt naar creatieve hubs vergroot het aantal plekken niet, het zorgt alleen voor toenemende druk op bestaande plekken.
2 https://kunstenbond.nl/nieuws/platform-bk-en-kunstenbond-presenteren-onderzoeksrapport-gszk2-over-atelierruimte/ 3 3 Gids Proportionaliteit - 3e herziening | Richtlijn | Rijksoverheid.nl
Dweilen met de kraan open Dit voorgestelde beleid brengt geen verbetering maar kostenverhogende verslechtering voor kunstenaars en stad. Tijdelijkheid, (culturele) placemaking leidt tot gentrificatie, waarbij de gemeente met publieke middelen de kosten op zich neemt voor tijdelijk gebruik, de kunstenaars geen duurzame plek hebben en de winsten na gedwongen vertrek neerslaan bij private vastgoedeigenaren. Gesignaleerd wordt dat in gebiedsontwikkelingen vaak sprake is van tijdelijke leegstand, vaak ook binnen vastgoed dat in bezit is van de gemeente zelf. Vrijgekomen vastgoed als lege fabriekshallen of bedrijventerreinen heeft veel potentie, die beter benut kan worden. Wij roepen de gemeente op: benut dan kansen die langetermijnperspectief bieden om de zelf geformuleerde gemeentelijke doelen te halen: • • •
We willen de kansen op het vinden van een geschikte werkplek voor professionele (startende) makers en de creatieve sector verbeteren. Daarnaast willen we de toegevoegde waarde die kunstenaars en creatieve makers voor placemaking in gebiedsontwikkelingen kunnen hebben, beter benutten. Waarmee niet alleen de positie van kunstenaars en creatieve makers verbetert, maar ook de aantrekkelijkheid van 's-Hertogenbosch als woon- en werkplaats verder toeneemt.
’s-Hertogenbosch is een stad met een eigen rijke traditie van verbondenheid met kunstenaars. Wij roepen de raad op een pas op de plaats te maken en niet te kiezen voor een ondoordachte kopie van Amsterdams beleid en te daadwerkelijk te investeren in plaats van te kiezen voor windowdressing. Met vriendelijke groet, Kunstenbond