CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

6. Bijlage Meerjarenprognose reserves Sociaal Domein

Gemeenteraad 3 juni 2025, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Voorjaarsnota1.962 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Meerjarenprognose reserves Sociaal Domein Geachte raad, Zoals afgesproken met uw raad geven wij regelmatig inzicht in de reserves van het Sociaal Domein. Met het raadsbesluit van 10 oktober 2023 is de oorspronkelijke reserve Sociaal- en Zorgfonds lokaal (S&Z) gesplitst in een lokale reserve S&Z en een regionale reserve Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang (BW/MO). Het gaat om ontwikkelingen en meerjarige prognoses op basis van de op dat moment bekende informatie. We beginnen met de regionale reserve BW/MO omdat de ontwikkelingen daarvan, via periodieke uitkeringen, doorwerken in de lokale reserve S&Z. Regionale reserve beschermd wonen maatschappelijke opvang (reserve BW/MO) ’s-Hertogenbosch is centrumgemeente voor BW/MO en werkt daarin op basis van een centrumregeling samen met de regiogemeenten. De begroting van BW/MO laat al geruime tijd een aanzienlijk overschot zien ten opzichte van de rijksuitkering die we daarvoor ontvangen. Ten opzichte van eerdere prognoses zien we dat overschot afnemen. De belangrijkste oorzaak daarvoor is de bezetting van de Voorziening langdurig Verbijf (VLV). Er zijn aanzienlijk minder cliënten met een WLZ-financiering en veel meer met een WMO-achtergrond, waarvan de kosten door de gemeente worden betaald. Desondanks verwachten we de komende jaren nog jaarlijks bijna € 7 miljoen over te houden.

Op basis van uw raadsbesluit van 10 oktober 2023: “Meerjarenbegroting BW MO 2025-2026, uitkeren regionale reserve en begroting 2025 lokaal uitvoeringsplan BW MO”, keren we het saldo van de reserve boven de ondergrens uit aan de regiogemeenten, waaronder ook ’s-Hertogenbosch. In 2024 is er € 8,1 miljoen uitgekeerd aan ‘s-Hertogenbosch. In 2025 vindt er ook een uitkering plaats van € 11 miljoen, waarvan € 6,6 miljoen aan ’s-Hertogenbosch. Deze wordt gestort in de lokale reserve S&Z. We houden er rekening mee dat ook de komende jaren dergelijke uitkeringen gaan plaatsvinden. Tabel 1 geeft meerjarig het verwacht verloop van de reserve BW/MO weer. Tabel 1: Regionale reserve BW Jaarrekening 2024 x € 1.000.000,-

Regionale reserve Beschermd Wonen

2024

2025

2026

2027

2028

Stand reserve Beschermd wonen op 1 januari Afroming Ten gunste van 'sHertogenbosch Afroming ten gunste van regiogemeenten Resultaat BW Stand reserve einde jaar

30,7

26,8

22,7

13,4

12,9

-8,1

-6,6

-9,7

-4,4

-4,1

-5,6 9,9 26,8

-4,4 6,9 22,7

-6,5 6,9 13,4

-3,0 6,9 12,9

-2,7 6,9 12,9

Ondergrens ter dekking van risico's

6,5

6,0

6,0

6,0

6,0

Verschil t.o.v. ondergrens

20,3

16,7

7,4

6,9

6,9

*Over cursief gedrukte bedragen moet nog besluitvorming plaatsvinden.

Ontwikkelingen en risico’s BW/MO -

BW/MO: Het ministerie VWS heeft grote financiële tekorten in de Wlz-GGZ-wonen. Er is bij de openstelling van de Wlz-GGZ in 2021 een uitname uit de middelen BW gedaan. Op grond van de “Ombuigingslijst” (Ministerie Financiën. Ombuigingslijst 2023, Pakketmaatregel 30, pagina 145 en 155), zou nog een uitname van 15% (€ 5 mln.) voor onze regio aan de orde kunnen zijn. Dit is met de huidige regionale begroting op te vangen echter daalt dan de toekomstige uitkering van de regionale reserve aan de lokale reserve S&Z. In 2025 komt er geen extra uitname uit de BW-middelen, zo is door de voormalig staatssecretaris toegezegd. Vooralsnog hebben we een eventuele uitname dan ook niet verwerkt in het meerjarenbeeld.

1

-

Ondergrens reserve BW/MO regionaal: In 2024 is een nieuwe risicoanalyse uitgevoerd welke de basis vormt voor het bepalen van de ondergrens van de reserve. Deze is vastgesteld in de regionale meerjarenbegroting 2025-2028 op € 6 miljoen.

Lokale reserve S&Z Per jaareinde 2024 hebben we € 32,7 miljoen in onze reserve. Ten opzichte van de prognose bij de marap 2024 is dit € 1.7 miljoen meer. De totale achterliggende budgetten zijn per 2025 ruim € 110 miljoen. Tabel 2: Lokale reserve S&Z jaarrekening 2024 x € 1.000.000,Jaarrekening 2024

Ontwikkeling reserve S&Z in 2024 Stand reserve S&Z 1-1-2024

26,9

Stortingen/onttrekkingen 2024 per saldo

5,8

Stand reserve S&Z 31-12-2024 Reservering toekomstige investeringen, grotendeels structuur versterkende maatregelen Prognose beschikbaar als buffer voor tekorten

32,7 -12,5 20,2

Voor de jaren 2025 en 2026 hebben we eerder in totaal € 12.5 miljoen gereserveerd voor investeringen, grotendeels in structuurversterkende maatregelen en het programma jeugdhulp. Meerjarenprognose Voor de meerjarenenprognose zijn de volgende ontwikkelingen van belang: -

Jeugdhulp: Op het moment van schrijven van deze notitie (maart 2025) is de VNG in beraad met het Rijk over ‘hoe’ het rapport Groeipijn wordt verwerkt in de Rijksvoorjaarsnota. Conform het advies van de 100.000+ gemeenten gaan we er in deze voorjaarsnota vanuit dat het advies van de cie. van Ark ‘van kaft tot kaft’ overgenomen gaat worden. In dat geval voorzien we voor de komende jaren geen grote financiële tekorten. De uitkomst van het proces van de Rijksvoorjaarsnota is nog onzeker en mocht niet alles uit het “rapport van Ark” worden overgenomen, heeft dat een nadelige invloed op het financiële beeld. In het slechtste geval komt er helemaal geen compensatie van het Rijk. In dat geval komen we terecht in het scenario dat we in onze laatste meerjarenprognose hebben geschetst. Daarin hielden we rekening met een tekort van € 9 miljoen vanaf 2026. In voorgenoemd tekort hielden we ook al rekening met een korting van € 7 miljoen op basis van de afspraken in de landelijke hervormingsagenda. De groei van jeugdhulpuitgaven ligt in ’s-Hertogenbosch in lijn met wat we elders in het land zien. Zo gaat het “rapport van Ark” uit van 4,7% groei per jaar. Op basis van de verwachtte groei zou dat uitkomen op een tekort van € 11 miljoen vanaf 2026. Zoals gezegd reken wij op compensatie van het Rijk.

De consequenties daarvan vindt u terug in tabel 3, waarin we de beide uiterste scenario’s, volledige compensatie van het Rijk en in het geheel geen compensatie onder elkaar zetten. Onze verwachting is dat het Rijk duidelijkheid geeft aan gemeenten bij de Rijksvoorjaarsnota 2026, welke wij verwerken in de begroting 2026. Verder geven we met interventies die we via het programma Jeugdhulp hebben opgezet uitvoering aan de landelijke hervormingsagenda jeugdhulp. Zo investeren we in meer collectief en vrij toegankelijk aanbod om jongeren veilig en kansrijk te kunnen laten opgroeien. Zo ondersteunen we gezinnen in complexe scheidingssituaties met een ‘gezinsadvocaat’. We bieden collectieve jeugdhulp op inmiddels 9 scholen in ’s-Hertogenbosch en ondersteunen we jongeren laagdrempelig en beschikkingsvrij via ‘GROEN’. Hoewel deze initiatieven een positieve bijdrage leveren zorgt het nog niet voor de

2

besparingen zoals beoogd in de landelijke hervormingsagenda. Ook dit wordt landelijk onderschreven in het rapport ‘Groeipijn’. -

-

Wmo: Gemiddeld genomen zien we binnen de Wmo een jaarlijkse groei van circa 3% in het aantal cliënten. Per Wmo-voorziening zien we hier kleine verschillen in. Bij individuele begeleiding zien we dat die groei iets hoger ligt (3,5%) en bij de vervoers- en woonvoorzieningen iets lager, circa 2%. Voor hulpmiddelen zijn we per 1 januari 2025 overgestapt op een nieuwe bekostigingssystematiek P(rice) x Q(uantity). Voorheen betaalden we een vast bedrag voor het gehele pakket van de huur van hulpmiddelen (lumpsum). Deze overgang maakt de kostenprognose wat minder zeker, maar vooralsnog gaan we ervan uit dat de kostenontwikkeling het gemiddelde van de Wmo blijft volgen. Samenvattend verwachten we op de Wmo in 2025 een tekort van € 1,7 miljoen. De stijgende kosten worden vanaf 2026 voor een deel gecompenseerd via de algemene uitkering van het Rijk. Deze compensatie is nodig omdat de groei van het gemeentefonds (gebaseerd op de groei van het BBP) lager is dan de toename van het gebruik van de Wmo als gevolg van vergrijzing. Door structuurversterkende maatregelen, en het integraal zorgakkoord (IZA) en het gezond en actief leven akkoord (GALA) zetten we tot en met 2026 in op preventie en het ombuigen van deze trend en daarmee het betaalbaar houden van de zorg.

Dit leidt tot het volgende meerjarenbeeld weergegeven in tabel 3: Tabel 3: Meerjarenbeeld Reserve S&Z voorjaarsnota 2026 x € 1.000.000,Meerjarenbeeld S&Z versie Voorjaarsnota 2026 2025 Stand S&Z op 1 januari 32,7 Ontvangsten uit regionale reserve BW 6,6 Jeugdhulp Programma jeugdhulp (Hervormingsagenda) Wmo Overige Nieuw beleid (voorjaarsnota 2024) Structuur versterkende maatregelen Stand S&Z op 31 december Reserveringen cfm eerdere besluitvorming: Prognose beschikbaar als buffer voor tekorten per jaareinde Reeks cie. Van Ark Best case: effect bovenop 'mutaties per saldo'

2026 28,7 9,7

2027 18,1 4,4

2028 3,3 4,1

-2,5 -3,7 -1,6 -0,5 -0,6 -1,7 28,7 -6 ,1 22,6

-10,9 -4,3 -3,5 -0,5 -1,1 18,1 18,1

-14,4 ** -3,6 -0,5 -0,7 3,3 3,3

-17,4 ** -3,6 -0,5 -14,2 -14,2

13,5

13,8

15,8

17,3

*Over cursief gedrukte bedragen moet nog besluitvorming plaatsvinden.

We benoemen als volgt nog de belangrijkste risico’s bij dit meerjarenbeeld. -

-

-

Besluitvorming Rijk over cie. Van Ark: Veruit het grootste effect op het meerjarenbeeld is de besluitvorming van het Rijk over het rapport ‘Groeipijn’. De impact ligt rond de € 15 miljoen per jaar. Richting het opstellen van de begroting zullen we u informeren over de Rijksbesluitvorming en wat dit betekent voor onze begroting 2026 e.v. JeugdzorgPlus (JZ+): Landelijk staat JZ+ onder grote druk. Instellingen hebben het financieel zwaar. Het is waarschijnlijk dat de samenwerkende gemeenten in Zuidoost Nederland zullen moeten bijdragen aan instandhouding. En daarnaast het aanpassen naar kleinschaligheid en het ontwikkelen van alternatieven. Doeluitkering vrouwenopvang: Zoals u weet, hebben we ontdekt dat de gemeente Vught onterecht was toegewezen aan de centrumgemeente Eindhoven voor de doeluitkering vrouwenopvang. Dit is per 1 januari 2024 gecorrigeerd door het Rijk. Medio 2024 hebben het college van de gemeente Eindhoven

3

-

-

en ’s-Hertogenbosch aan het Rijk het voorstel gedaan dat Rijk, gemeente Eindhoven en ’sHertogenbosch ieder 1/3e deel van het tekort op zich neemt. Dit is in januari 2025 door het Rijk afgewezen. Momenteel vindt er bestuurlijk overleg plaats tussen ’s-Hertogenbosch en Eindhoven om tot een goede afspraak hierover te komen. Inkomensafhankelijk abonnementstarief: De invoering is met één jaar uitgesteld naar 2027. Vanaf dan geldt een inkomensafhankelijk abonnementstarief voor alle Wmo voorzieningen waar nu al een abonnementstarief voor geldt. Voor ’s-Hertogenbosch gaat deze wijziging gepaard met een uitname uit het gemeentefonds met ruim € 2 miljoen per jaar. De premisse is dat naast hogere abonnementsbijdrages ook de aanzuigende werking van de regeling verminderd wordt. Het is maar de vraag of dit in de praktijk ook zo gaat uitpakken. Vooralsnog hebben we deze aanpassing in lijn met het Rijksbeleid budgettair neutraal verwerkt in het meerjarenbeeld. Nieuwe contracten: Eind 2027 lopen onze Jeugdwet en Wmo overeenkomsten af. Verlenging is niet meer mogelijk na deze datum. In 2026 buigen we ons over de inkoopkaders voor de nieuwe overeenkomsten die per 1-1-2028 in moeten gaan.

In gesprek met uw Raad In het najaar hebben we naar verwachting duidelijkheid van het Rijk over de financiering van de jeugdhulp. Dan hebben we een beter inzicht in wat er nodig is om te komen tot het door allen gewenste houdbaar financieel stelsel. We stellen voor om in het najaar daarover met uw raad in gesprek te gaan, mogelijke onderwerpen die daarbij aan de orde kunnen komen zijn onder meer: de structuurversterkende maatregelen die we hebben ingezet, collectief aanbod van zorg, gebiedsgericht werken, inkoopkaders voor de nieuwe contracten per 2028 en de gevolgen van de ontwikkeling van de arbeidsmarkt op de zorg zijn mogelijke onderwerpen die aan de orde kunnen komen. Over de vorm waarin we dat gesprek met uw raad willen voeren wordt nog nagedacht.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15449992/1