2a overzicht wijzigingen Verordening Jeugdhulp
Tekst van het document
Overzicht wijzigingen Verordening Jeugdhulp gemeente ’s-Hertogenbosch Versie 10-12-2025
Verordening 2021 Art. 1 Begripsbepalingen
Aanpassingen in Verordening 2026 Begripsbepalingen Artikel 1 Begripsbepalingen De begripsbeschrijving is op enkele punten aangepast:
Bron van de aanpassing
Tussengevoegd: 1c basishulp een algemene voorziening in de vorm van (preventieve) hulp of ondersteuning voor jeugd en volwassenen (lokaal verleend door bijvoorbeeld Farent of Incluzio).
Art. 3 Beschikbare algemene voorzieningen
Verwijderd: ‘verwijsbericht’. Dit begrip komt in de verordening niet voor (alleen in de toelichting). Algemene voorzieningen Artikel 2 Toegang algemene voorziening Ongewijzigd Artikel 3 Beschikbare algemene voorzieningen
f. generalistische basiszorg
f basishulp
Hoofdstuk 3 Individuele voorzieningen
Individuele voorzieningen
Paragraaf 1 Voorzieningen Art. 4 Beschikbare individuele voorzieningen
Artikel 4: Beschikbare individuele voorzieningen
c begeleiding basis
c begeleiding
Paragraaf 2 Aanvraag individuele voorziening Artikel 5 Melding hulpvraag en aanvraag en Artikel 6 Toegang en besluit
Toegang procedureel, aanvraag individuele voorziening Artikel 5. Toegang Jeugdhulp via de gemeente
Hoofdstuk 2. Algemene voorzieningen Art. 2 Toegang algemene voorzieningen
Ingevoegd nieuw artikel 6: Toegang Jeugdhulp via de huisarts, medisch specialist of jeugdarts Tussengevoegd nieuw artikel 7: Verstrekken voorziening over periode voorafgaand aan de aanvraag. Artikel 7 Inhoud en geldigheidsduur beschikking
Artikel 10 Inhoud en geldigheidsduur beschikking.
Dit betreft herstel. Onder ‘generalistische basiszorg’ wordt doorgaans verstaan: generalistische basis ggz, wat geen algemene voorziening is (maar een individuele voorziening). Bedoeld is: basishulp, wat wel een algemene voorziening is. Zie ook de definitie onder 1c.
Praktijk: Naast begeleiding basis werd en wordt ook begeleiding specialistisch ingekocht en geboden. Het begrip begeleiding omvat zowel basisals specialistische begeleiding. Artikel 5 Verordening Jeugdhulp 2021 ’s-Hb en artikel 4 modelverordening VNG Art. 3 modelverordening VNG Besluit nadere regels Jeugdhulp gemeente ’s-Hertogenbosch 2024, artikel 10. Dit artikel uit het lokaal Besluit nadere regels Jeugdhulp wordt verplaatst naar de Verordening Jeugdhulp.
Paragraaf 3 Beoordeling Artikelen 8 Onderzoek en opstellen onderzoeksplan
Ongewijzigd. Onderzoek en besluitvorming aanvraag individuele voorziening, via gemeente Artikel 8 Onderzoek en opstellen onderzoeksplan Artikel 8.3 Artikel 8.5
Tussengevoegd nieuw artikel 9: Deskundig oordeel, advies en voorbereiding van besluitvorming
Art. 9 Criteria individuele voorzieningen
Beoordeling Artikel 11 Criteria individuele voorzieningen. Bij 11.1.c.i is een verwijzing naar navolgend nieuw artikel 12 opgenomen. Artikel 11 lid 2 is nieuw. Over problemen van ouders en over meervoudige problematiek in de context van het gezin.
Artikel 7.2.3 Jeugdwet. Artikel 8.3 is aangepast naar primair: verificatie van het burgerservicenummer, conform artikel 7.2.3 Jeugdwet. (In plaats van vaststellen van de identiteit m.b.v. een identiteitsbewijs). Dit wordt gedaan door het burgerservicenummer te controleren in de basisregistratie personen. (Dit is geen beleid, maar uitvoering. Verificatiemoment: als er een melding in registratiesysteem Zorgned komt). Art. 2.7 lid 1 Jeugdwet. VNG modelverordening artikel 6 Aanleiding: jurisprudentie CRvB (meest recentelijk CRvB 29 mei 2024, ECLI:NL CRV: 2024: 1097, resulterend in opnemen in de Verordening Jeugdhulp van artikel 9.3) Bron artikel 11 lid 2: Modelverordening VNG, artikel 9 lid 7 en lid 8. 11.2.: Niet iedere hulpvraag van een jeugdige hoeft met jeugdhulp beantwoord te worden. De bepalingen in lid 2 vragen van het college om bij problemen in de context van het gezin niet als automatisme jeugdhulp te verstrekken, maar om zich goed af te vragen of er daadwerkelijk sprake is van een hulpvraag waarbij het verstrekken van (individuele) jeugdhulp de beste keuze is. Dit ondersteund de beweging die we maken naar meer aandacht voor het hele gezin, in plaats van focus op alleen Jeugdhulp. Als er problemen zijn binnen een gezin, die met name bij de ouders liggen, kan het zijn dat andere hulp (dan jeugdhulp) passender is.
Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de situatie waarin ouders zich in een vechtscheiding bevinden en niet bereid zijn het gedrag aan te passen ten behoeve van de jeugdige, of aan geldproblemen binnen het gezin die direct effect hebben op de jeugdige en waar ouders via een andere weg
dan de jeugdhulp deze geldproblemen kunnen verminderen. In die situatie is jeugdhulp mogelijk minder doelmatig dan een alternatieve optie zoals een Gezinsadvocaat bij een complexe scheiding, of lotgenotencontact, of schuldhulpverlening bij geldproblemen. In de context van het gezin is het ook mogelijk dat er gekozen wordt voor (gezins)plan waarin zowel jeugdhulp aan de jeugdige wordt geboden als andere hulp aan de ouders. Artikel 12 : Beoordeling eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen (eigen kracht)
Art. 10 Aanvullende criteria PGB
Artikel 13 Aanvullende criteria pgb Aanvulling lid 3 (weigeringsgronden PGB) met 3 e en 3 f Actualisering van lid 6
Art. 11 Onderscheid formele en informele hulp Art. 12 Hoogte PGB
Modelverordening VNG artikel 10 O.g.v. jurisprudentie moeten de lokale regels rond eigen kracht worden opgenomen in de Verordening, het is niet voldoende als dit (alleen) is opgenomen in de toelichting van een verordening, of in een Besluit nadere regels, zoals dit nu nog in ’s-Hertogenbosch het geval is. Het opnemen in de verordening vraagt om een andere formulering (dan nu in het Besluit nadere regels staat). Deze formulering leidt niet tot wijziging van de beoordeling van eigen kracht in de huidige praktijk. (Na vaststelling van de Verordening Jeugdhulp, zal het college het Besluit nadere regels Jeugdhulp gewijzigd vaststellen). M.b.t. lid 3: Het is van belang om er zeker van te zijn dat het pgb op de juiste manier wordt besteed aan datgene waarvoor het is bedoeld. Wanneer hierover twijfels bestaan, kan dit aanleiding zijn om een pgb te weigeren. In deze bepaling wordt een aantal redenen genoemd, hier zijn er in deze nieuwe verordening twee aan toegevoegd: 3 e en 3 f.
Artikel 14 Onderscheid formele en informele hulp Ongewijzigd Art. 15 Hoogte pgb Tekstuele aanpassing lid 1b. Ter verheldering, de hoogte van het pgb blijft ongewijzigd.
Toelichting: PGB tarieven Jeugdhulp 2025
Toevoeging van een tekstregel aan 15.1.c.: “Indien de budgethouder werkgeverslasten moet
Aanleiding: Deze aanpassing is relevant i.v.m. de Wet
afdragen, wordt het budget met die lasten verhoogd”.
Art. 13 Herziening, intrekking, terugvordering
Art. 14 Bestrijding oneigenlijk gebruik, misbruik en nietgebruik
Aanpassing regeling dienstverlening aan huis.
Herziening, intrekking, terugvordering en bestrijding misbruik Artikel 19 Herziening, intrekking, opschorting en terugvordering Tussengevoegd: 19.2 lid f en 19.2 lid g 19.6
Modelverordening VNG art. 24 2.f en 24.2g, en art. 24.6 en 24.7
(Oud) artikel 13 lid 6 vervalt in nieuw artikel 18. In de plaats van oud artikel 13 lid 6 komt artikel 17 lid 3 Artikel 16: Onderzoek naar recht- en doelmatigheid individuele voorzieningen in natura en in de vorm van pgb’s
Deze wijziging is noodzakelijk ter implementatie van nieuwe regionale afspraken rondom toezicht en handhaving.
Artikel 17: Overige maatregelen ter voorkoming oneigenlijk gebruik, misbruik en niet gebruik
Tussengevoegd nieuw artikel 18: Niet meewerken aan onderzoek
Art. 15 Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders Jeugdhulp en Gecertificeerde instellingen
Waarborgen verhouding prijs en kwaliteit Artikel 20 Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders Jeugdhulp en Gecertificeerde instellingen Ongewijzigd
Art. 16 Klachtregeling
Klachten en medezeggenschap Artikel 21 Klachtregeling Ongewijzigd
Vergelijkbare wijziging is ook al opgenomen in de Verordening Maatschappelijke Ondersteuning 2026. In het bijbehorend raadsvoorstel stond hierover: 1.4 Fraudepreventie en rechtmatigheid. De artikelen rondom fraudepreventie en onderzoek rechtmatigheid worden herschreven wegens nieuwe regionale afspraken rondom toezicht en handhaving. Modelverordening VNG, artikel 23 De verplichting mee te werken aan onderzoek ligt vast in de Jeugdwet (8.1.2 lid 3). Artikel 18 lid 2 geeft aan dat niet meewerken aan noodzakelijk onderzoek gevolgen kan hebben voor het besluit over verstrekking van een individuele voorziening.
Art. 17 Betrekken ingezetenen bij ontwikkelen beleid
Artikel 22 Betrekken ingezetenen bij ontwikkelen beleid Ongewijzigd
Art. 18 Hardheidsclausule
Artikel 23 Harheidsclausule Ongewijzigd
Art. 19 Evaluatie
Artikel 24 Evaluatie Wordt: het gevoerde beleid wordt periodiek geëvalueerd Was: het gevoerde beleid wordt 1 x per 4 jaar geëvalueerd
Art. 20 Inwerkingtreding, overgangsrecht en citeertitel
Artikel 25 Inwerkingtreding, overgangsrecht en citeertitel Ongewijzigd
Evaluatiemomenten lopen doorgaans mee in de cyclus van een beleidsplan en/of inkoopkader. In het verleden zijn bestaande plannen/kaders voor een bepaalde periode wel eens verlengd. Deze formulering biedt ruimte mee te bewegen met verlengingsbesluiten.