2026-01-15 Commissie Bestuur concept
Tekst van het document
Commissie BESTUUR Conceptverslag Datum: Locatie: Aanwezig: Voorzitter: Secretaris: (plv.) Commissieleden:
15 januari 2026 Raadzaal
Collegeleden:
S.J.A. Elders BA mr. drs. R. van der Meer B. El Amraoui, H.B. Bos (agendapunt 6), J.J.E.L. van Creij, J.J.M. Gersjes, L.A.J. van Griensven (t/m 1e termijn agendapunt 6), A.W.J.A. van Hattem LLB (vanaf 2e termijn agendapunt 6), drs. J. Hendrickx, A. Hernández (t/m agendapunt 6), F. Hoekstra-Wittebol, J.A.B. Huibers, drs. P.E. Kagie, M.A.J.T. Korver-van Weegberg, W.M. van de Leemput, mr. drs. R. Lipman, B.F.C. Roovers, E. Samshuijzen, A.C. van Silfhout, J.P.M. Welten-van Doremalen P. Slikker
Verslaglegging:
J. Beaumont, DemiSec
1.
Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet eenieder welkom. Burgemeester Mikkers wordt vanavond vervangen door wethouder Slikker.
2.
Vaststellen van de agenda Het verzoek is ontvangen agendapunt 7 voor agendapunt 6 te behandelen. De agenda wordt aldus vastgesteld.
3.
Vaststellen van het verslag van de commissie Bestuur van 27 november 2026 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.
4.
Vaststellen van de lijst van toezeggingen en lijst openstaande moties De voorzitter zegt dat het college voorstelt de moties 8 en 12 als afgedaan te beschouwen. Hij constateert dat de commissie daar geen bezwaar tegen heeft. Mevrouw Hoekstra heeft een verzoek ingediend ten aanzien van de wijze waarop het college de motie Vrouwenschouw wil uitvoeren. Mevrouw Hoekstra zegt dat de schriftelijke toelichting voor zich spreekt. De motie is in november breed aangenomen in de raad en het college stelt voor nu slechts met één belangengroep (Dolle Mina's) op één enkele locatie te spreken. Dat is geen uitvoering geven aan deze motie. Wethouder Slikker zegt dat het antwoord in de brief inzake afdoening van de moties inderdaad scherper had gekund. Er wordt gestart met een pilot om met een vrouwenorganisatie een eerste verkenning te voeren die moet uitmonden in een werkwijze die structureler toegepast kan worden bij de vele schouwen die gedurende het jaar worden ondernomen inzake veiligheid voor vrouwen. Hij zegt toe dat het college in Q1 hiermee terugkomt en zal aangeven hoe de motie zal worden uitgevoerd. De lijst van toezeggingen en lijst van openstaande moties worden vastgesteld.
5.
Werkplanning Dit agendapunt is niet besproken.
1
Raadsvoorstellen 7.
Gedragscode gemeenteraad 2026 en Protocol Veilige Publieke Taak gemeenteraad 2026 Mevrouw Hoekstra (PvdA) spreekt mede namens GroenLinks. Zij vindt dat de raad een plek moet zijn waar mensen zonder angst hun werk kunnen doen. Een gedragscode mag echter nooit de scherpe randjes van het politieke debat afvijlen. Democratie is soms ongemakkelijk, kritiek mag hard zijn zolang het politiek is en niet persoonlijk. Zij steunt het streven naar duidelijke omgangsvormen maar wil voorkomen dat normering verwordt tot disciplinering en stevige taal als ongewenst kan worden ervaren. Bescherming begint niet pas bij incidenten maar bij politieke cultuur, bijvoorbeeld gedrag en het erkennen van polarisatie ook door de raad zelf. Integriteit is geen checklist; het vraagt om blijvend gesprek, reflectie en gezamenlijke verantwoordelijkheid van de raad zelf. De vraag bij dit voorstel is: wordt hiermee de democratie beschermd zonder haar te temmen? De heer Roovers (SP) zegt dat dit document tot stand is gekomen vanuit een behoefte uit de gemeenteraad. Er zijn verschillende sessies met raadsleden over geweest en dit is het product daarvan. Veel mag en moet ook gezegd kunnen worden in de raad maar helaas is het soms nodig ook afspraken met elkaar op papier te hebben waaraan gerefereerd kan worden. Het raadsvoorstel wordt als hamerstuk doorgeleid naar de raadsvergadering.
6.
Wensen en bedenkingen participatievisie 'Samen maken we 's-Hertogenbosch' De heer Huibers (Rosmalens Belang) vindt dat participatie heel dichtbij begint en heel belangrijk is als manier om samen betere besluiten te nemen. Besluiten moeten kunnen rekenen op begrip en draagvlak ook wanneer de uitkomst niet voor iedereen ideaal is. Hij complimenteert de wethouder met deze participatievisie. Eerder heeft hij met de SP een discussienotitie ingediend waar een motie uit voortgekomen is. Goed om te zien dat veel uitgangspunten herkenbaar teruggekomen zijn in deze visie evenals de duidelijke visie van het burgerberaad. Het is goed mensen te laten zien wat er met hun inbreng gebeurt. Een concreet toetsingskader ontbreekt nog. Participatie laat zich niet vangen in harde criteria; hiermee wordt geprobeerd rode kenmerken in blauwe structuren te duwen. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) heeft geen nieuwe punten gezien in de presentatie van de 24 aanbevelingen. Het zijn allemaal open deuren die erin staan. Het is wat zonde van de tijd die burgers erin gestoken hebben. Het zijn hele actieve burgers en ook de voorzitter is heel actief maar hij ziet niets nieuws. Het is goed eens te bekijken hoe dit in Antwerpen gaat. De heer El Amraoui (D66) vindt dit een mooie uitwerking van het eerste burgerberaad. Hij kijkt naar de Uitvoeringsagenda die hierop zal volgen.
Hij is benieuwd naar de Right to Challenge; hij hoort graag hoe het college daarnaar kijkt. Mevrouw Welten (VVD) is niet tegen burgerparticipatie maar de gemeenteraad is een gekozen orgaan en dient haar werk te kunnen doen. Vaak wordt in een burgerberaad de benodigde kennis gemist en burgers zijn zich vaak onvoldoende bewust van het algemeen belang in plaats van het individuele belang. Als de burger erbij betrokken wordt, moet helder zijn hoe hun inbreng wordt behandeld en gewogen. Dat betekent maatwerk; elk project is anders en soms te complex. Zij betwijfelt of het advies burgerberaad de basis is. Dat advies neemt zij zeker mee maar de weging ervan hangt af van het project en de financiële mogelijkheden die hierin niet worden genoemd. Zij heeft moeite met advies 7, zijnde dat de burgers moeten merken wat het effect is van hun inbreng. Het kan namelijk ook zijn dat dat effect er niet is door bijvoorbeeld gebrek aan informatie, te hoge kosten of een gebrek aan arbeidscapaciteit. Zij staat positief ten aanzien inwonersinitiatieven maar blijft realistisch. Een dialoog met de directe omgeving wordt slechts aangeraden. Onduidelijk is wat met de inbreng van belanghebbenden over een plan wordt gedaan en hoe zwaar dat weegt. Zij staat erachter dat wijkmanagers zich meer in de wijk moeten bevinden maar hun takenpakket blijkt zwaar; daar vraagt zij aandacht voor.
2
Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vraagt zich af hoe lang hier al over gesproken wordt in de raad. Goed dat er nu een beleidsdocument op tafel ligt. Er staan met name goede intenties in de visie; dat is mooi maar aan zo'n opsomming hebben we niet zoveel. Het gaat erom hoe je burgers erbij wilt betrekken. Vaak merkt zij dat de gemeente Den Bosch haar eigen professionaliteit verkiest boven het bijstellen van een idee naar aanleiding van de wens van inwoners. Dat kan maar dan moeten er geen torenhoge verwachtingen worden geschapen als je uiteindelijk toch niet bereid bent daar handen en voeten aan te geven. Waar wordt de afgelopen jaren eigenlijk tegen aangelopen als het gaat om burgerparticipatie? Een afwegingskader ontbreekt. Misschien wordt de volgende stap een verordening; zij mist een tussenstap. Zij mist de rol van de raad. Mevrouw Hernández (50PLUS) zegt dat deze visie laat zien dat de gemeente serieus werk wil maken van samenwerking met inwoners. Het proces rond het burgerberaad sluit aan bij de principes ten aanzien van de Bossche werkwijze. Deze visie is nog werk in uitvoering. Belangrijk is dat de afspraken ook daadwerkelijk terugkomen in de Uitvoeringsagenda.
Hoe wordt geborgd dat de invloed van inwoners wordt meegenomen in besluiten? Hoe wordt ervoor gezorgd dat de raad hiervoor ruimte biedt binnen de kaderstellende rol zodat het geen papieren werkelijkheid blijft? De heer Roovers (SP) vindt dat democratie onder andere inhoudt dat mensen mede-eigenaar zijn van hun eigen leefomgeving. De parlementaire democratie is heel waardevol maar niet de perfecte vorm van democratische ontwikkeling. Het zorgt ook voor vervreemding tussen bestuur en de burger. Hoe participatieve democratie vergroot moet worden, kan het best gevraagd worden aan de burgers in de vorm van het burgerberaad. Sommigen waren sceptisch over dat besluit indertijd, hij was enthousiast erover. Inwoners van de stad hebben er veel tijd in gestoken om erover na te denken. Een burgerberaad valt of staat met de manier waarop de raad omgaat met de aanbevelingen. Deze visie is daar een begin van. Dit laat zich concreet vertalen in een participatieverordening en hij is benieuwd of daar nu al iets zinnigs over gezegd kan worden. Mevrouw Lipman (CDA) vindt participatie een belangrijke voorwaarde om te komen tot zorgzame gemeenschappen waar inwoners zich gehoord voelen. Daarvoor is het belangrijk dat inwoners ook merken dat zij invloed hebben op het proces en op besluiten die hun leefomgeving raken.
Er zijn waardevolle aanbevelingen gedaan; hoe worden die concreet doorvertaald? Zij ziet een spanningsveld tussen een aantal aanbevelingen en dat verdient aandacht. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vindt het niet zo gek dat er voor sommigen misschien bekende punten bij de aanbevelingen zitten. Belangrijk is wel hoe dit verder uitgevoerd gaat worden want er zijn soortgelijke aanbevelingen gepasseerd in de raad de afgelopen jaren. Het burgerberaad heeft prioriteiten aangegeven; dat is heel waardevol. Omgevingsdialoog: hier wordt regelmatig van gezegd dat de participatie niet vlekkeloos verloopt. Is het niet goed in de uitvoering de afweging mee te nemen hoe voorkomen kan worden dat te veel stukken ter inzage worden gelegd? De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) zegt dat we Den Bosch samen maken. Is dat echt en oprecht? Participatie is eigenlijk heel simpel: gezien en gehoord worden in je eigen straat. Te vaak is participatie een toneelstukje voor de bühne. De muur tussen stadhuis en straat moet anno 2026 eigenlijk afgebroken worden. Het kan anders. Elders in het land krijgen inwoners soms een sleutel van een parkje of buurthuis en wordt voor een eerste ontwerp op papier geluisterd naar de inwoners. Voor de nieuwe participatieverordening heeft hij drie punten: wees eerlijk in de terugkoppeling en zeg eerlijk wat wel en niet wordt overgenomen.
Geef zeggenschap en budget aan de wijk; dan worden inwoners weer eigenaar van hun buurt en zorgen zij voor verbinding en minder vandalisme. Durf de regie los te laten. Zijn zorg is dat de raad alles wil controleren. Deze visie moet gaan leven, geef de stad terug aan de Bosschenaren. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) zegt dat 'Samen maken we 's-Hertogenbosch' zo vanzelfsprekend lijkt maar als je zes keer het woord samen opvoert in een korte inleiding van 3
het raadsvoorstel dat weet je dat dat niet vanzelfsprekend is. De stadsmonitor spreekt voor zich: in 2023 is 20% van de inwoners het eens met de stelling: inwoners worden voldoende betrokken bij het maken van de plannen van de gemeente. Hij kan zich vinden in de visie en wil een dikke streep zetten onder cultuurverandering. Het is goed in eigen huis te beginnen: luiken open op het stadhuis en stadskantoor. De heer Bos (GroenLinks) vindt het mooi dat deze visie samen met de inwoners tot stand is gekomen. Hij dankt alle deelnemers aan het burgerberaad. Participatie is te vaak een afvinklijstje of een opmaat naar een juridisch traject. We participeren om gelijk te krijgen, niet om elkaar te begrijpen. Participatie gaat niet over instrumenten maar over een cultuur: naar elkaar luisteren en transparant zijn. Het kan zijn dat je het aan het eind niet met elkaar eens bent maar het proces is dan wel zorgvuldig doorlopen. Deze boodschap moet ook vertaald worden naar de manier waarop partners binnen de gemeente meegaan in dit verhaal, zoals zorg- en welzijnsinstellingen die in opdracht van de gemeente werken. Hoe kan deze visie tot uiting komen? Er zijn instrumenten als I&O maar zijn deze toegankelijk voor bewoners? En kan de raad op een goede manier gebruik maken van de input? Andere gemeenten maken gebruik van bijvoorbeeld een volkspeiling of enquête.
Is het niet een idee om middels een raadswerkgroep verdieping te geven aan het vertalen van deze visie? De heer Van Griensven (PVV) vindt participatie belangrijk voor het vertrouwen in de politiek. Mensen dienen vooraf betrokken te worden bij het maken van plannen en het belang daarvan was te zien bij de knip en de grondvisie. De ondernemers dragen bij aan de welvaart van de stad, vandaar ook de mkb-toets. De motie werd destijds niet aangenomen, dit keer hopelijk wel. De heer Van Silfhout (Volt) vindt het goed dat inwoners actief hebben kunnen deelnemen in het burgerberaad en er een visie op participatie voorligt. De raadsleden waren op een gegeven moment uitgenodigd bij het burgerberaad waarbij het burgerberaad anderen had uitgenodigd om zich te laten informeren over wat participatie is. Dat was mooi om te zien. Het middel burgerberaad is verfrissend en bewijst zijn waarde. De burgers willen ook echt door met de burgerberaden; hoe kijkt het college ertegen aan om dit middel sterker te maken? Goed dat er een priorisering is in de visie die er ligt. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) vindt het goed dat de gemeente duidelijker zegt hoe met inwoners wordt samengewerkt en wat met hun inbreng wordt gedaan. Inwoners willen meedoen maar het kan voor mensen ingewikkeld zijn om aan te haken. Participatie moet laagdrempelig zijn voor iedereen.
De participatie-app is een wens en een simpele manier voor de inwoners om mee te denken en te volgen wat er met hun ideeën gebeurt. Zij zal in de volgende raadsvergadering met een motie hierover komen. Reactie college Wethouder Slikker zegt dat het eigenlijk gaat over de invloed die inwoners hebben op hun eigen leefomgeving. Dan is het juist van belang dat de raad vaststelt hoe de gemeente dat wil doen samen met de inwoner en hoe daar uitvoering aan wordt gegeven. Alles wat de gemeente doet, wordt beter als de kennis en competenties van inwoners worden benut. Die komt ook los als je de inwoners bij elkaar zet. Het vertrouwen in elkaar is in Nederland aan erosie onderhevig. Het mooie van dit soort instrumenten is dat ze niet alleen de raad kunnen verrijken maar dat ook de samenleving weer opnieuw aan zet kan worden gezet en een nieuwe impuls kan worden gegeven. Het gaat erom wat maar ook hoe je het wilt doen. De prioritering en legitimiteit die inwoners aangeven, is van belang. Er zijn ook inwoners die eigenlijk niet zo geloven in burgerparticipatie en pas in latere sessies komt bij hen de energie los. Het zit in het vervolg, ook in het gesprek met de raad. Er ligt een mooie visie met mooie woorden maar die vragen om uitvoering. Er zitten ook dilemma's achter die besproken moeten worden.
Hoe kunnen de directe en indirecte democratie elkaar versterken? Geloof je daarin of wil je nieuwe middelen inzetten? Zijn er andere vormen dan burgerberaden zoals participatie-apps? Als iedereen in zijn eigen gelijk blijft hangen in plaats van meerdere mensen met verschillende belangen met elkaar te laten praten dan is de vraag of de raad iets van zijn eigen gelijk durft in te leveren. 4
De heer Van Griensven (PVV) zegt dat het niet erg is dat partijen het niet met elkaar eens zullen zijn. Participatie is er juist voor om samen de beste weg te vinden. Als dat vooraf gedaan wordt, kunnen in de plannen diverse meningen meegenomen worden. Wethouder Slikker is het daarmee eens maar als vooraf ruimte gegeven wordt aan inwoners om mee te denken over een bepaald onderwerp dan komen er vele verschillende meningen in een voorstel en heeft participatie geen nut. De vraag is of de raad bereid is een klein stukje eigen gelijk in te leveren ten faveure van de inwoners. De vraag is ook waar die grens wordt gelegd. Het is goed bij aanvang van de volgende periode hierover te spreken. Mevrouw Welten (VVD) vraagt waarom die uitleg niet in deze visie is opgenomen. Wethouder Slikker zegt dat het college eind oktober een rapport van de inwoners heeft ontvangen na een participatieronde. Vervolgens is de kerstvakantie benut om een visie in elkaar te zetten en daar ontbreken inderdaad nog zaken in, niet zozeer in de visie maar wel op het gebied van het toetsen van de dilemma's en de vraag of iedereen hier ook in gelooft. De heer Van Silfhout (Volt) is bezorgd dat het volgende burgerberaad pas in 2027 kan gaan plaatsvinden.
Is het handig nu alvast een voorbereiding te starten of is het handig de bestuursonderhandelingen van het volgende college af te wachten? Wethouder Slikker zegt dat het bij de participatievisie over iets breders gaat: hoe wordt gekeken naar de betrokkenheid van inwoners en de veelheid aan instrumenten die daarop toegepast kan worden? De raad is aan zet om opdracht te geven tot een volgend burgerberaad. Het is ook zo dat als een inwoner hier komt inspreken ook hij moet kijken naar niet zijn eigen gelijk maar naar het algemeen belang. Een inwoner heeft ook niet altijd gelijk en je moet ook durven zeggen op een bepaald onderwerp geen participatie te willen, zoals hogere wetgeving. Opvang van asielzoekers bijvoorbeeld is een taak van de rijksoverheid, zo ook de inzet van ME in crisissituaties; daar kan niet over gedelibereerd worden. Het vervolg moet in de Uitvoeringsagenda komen in relatie tot de omgevingsdialoog en een toolkit met praktische instrumenten. Mevrouw Lipman (CDA) zag ten aanzien van Right to Challenge in het stuk staan dat het om een niet-wettelijke taak gaat. Wethouder Slikker zegt dat zaken zoals politie, boa-inzet, handhaving en uitvoering van specialistische jeugdzorg bijvoorbeeld daar niet onder vallen. Het onderhoud van openbaar groen in een wijk wel. Het grootste belang is het vervolg.
Vandaag is het van belang te oordelen of de kleur van de visie voldoende is om in de volgende periode concreet uit te werken. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vraagt of bij de verbeterpunten ten aanzien van de omgevingsdialoog ook het al of niet aanwijzen van verplichte categorieën om een omgevingsdialoog te voeren meegenomen wordt. Wethouder Slikker zegt dat op dit moment bij alle grote ruimtelijke ontwikkelingen al een omgevingsdialoog wordt gevraagd. Daar is een model voor waar gebruik van gemaakt kan worden en dat model wordt ook onder de loep genomen. Tweede termijn Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) merkt op dat de rol van de raad zich beperkt tot een discussienotitie. De heer Bos (GroenLinks) vraagt hoe mevrouw Hendrickx aankijkt tegen de eigen verantwoordelijkheid van de raad en dat de raad zelf die rol zou moeten bepalen.
5
Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vindt die rol nu in ieder geval wat onderbelicht. Over bepaalde zaken wil je ook geen participatie zoals over de autoluwe binnenstad, waar de raad duidelijke afspraken over heeft gemaakt. De raad moet aan de voorkant duidelijk zijn. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat de autoluwe binnenstad juist ingrepen zijn waar de burger en ondernemers in de binnenstad heel direct geraakt worden. Juist dan moet wel participatie toegepast worden. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat bij het vaststellen van het bestuursakkoord een aantal afspraken worden gemaakt. Zij wil de raad ervoor behoeden om elke afspraak die hier gemaakt wordt tegen de inwoners aan te hangen. Sommige zaken zijn van een overstijgend algemeen belang. Als het nieuw beleid betreft, kan dat wel. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat twee stappen te ver vooruit, drie stappen terug betekent voor de burgers. Bij de laatste gemeenteraadsverkiezing was er een opkomst van 47%, het merendeel voelt zich onvoldoende betrokken en dan hier zeggen dat er afspraken zijn gemaakt tussen politieke partijen, dan ga je juist over de burgers heen en neem je hen niet serieus. Hoe wil mevrouw Hendrickx verkopen dat er dan draagvlak is voor zulke ingrijpende maatregelen? Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat dit soort discussies heel waardevol is.
Een mooie volgende stap zou zijn een notitie met een aantal dilemma's en vraagstukken die de raad tegen zal komen en hoe hier praktisch met de participatie omgegaan moet worden. De heer Huibers (Rosmalens Belang) hoort de wethouder zeggen dat de visie nog niet klaar is maar die is waarschijnlijk nooit klaar. Er dient te allen tijde afstemming te zijn over procesafspraken. Bij participatie moet je continu blijven evalueren en bijstellen. Het college heeft gevraagd een aantal wensen en bedenkingen in een motie te gieten. Drie punten mogen verder uitgewerkt worden: vastleggen van periodieke evaluatiemomenten, verder doorontwikkelen van een reflectiekader als hulpmiddel en het borgen van duidelijkheid over participatie aan de voorkant bij grotere, impactvolle trajecten. Die punten zijn iets te weinig terug te vinden. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) stelt voor om de nieuwe raad aan te bevelen het nieuwe participatiebeleid handen en voeten te geven en aanbeveling 6 van het burgerberaad serieus te nemen: vroegtijdig de burgerij laten aanhaken. In mei of juni zal het nieuwe bestuursakkoord 2026-2030 gereed zijn; dat zou voorgelegd moeten worden aan de dorpen en wijken, om draagvlak te creëren, om bedrijfsongelukken zoals het Design Museum te voorkomen.
De heer Bos (GroenLinks) zegt dat een cultuur van meedoen niet vanzelf gaat maar het burgerberaad heeft laten zien hoe het wel kan. De kernboodschap is helder: het gaat om luisteren, informatie delen en structurele betrokkenheid. Participatie is geen los instrument, geen apart loket of vinkje in het proces. Het vraagt iets van onze gemeentelijke organisatie, namelijk dat niet gedacht blijft worden in schotten en afdelingen maar dat inwoners worden meegenomen. Deze visie moet worden uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma. Hij ziet voldoende aanknopingspunten om die stap ook te zetten. Veel taken doet de gemeente samen met partners. Voor inwoners is de gemeente één geheel; zij maken geen onderscheid tussen het stadhuis en organisaties die in opdracht van de gemeente werken. Deze participatie moet ook besproken worden met de partners van de gemeente. De gemeente Rotterdam heeft bijvoorbeeld de Right to Cooperate (samenwerking) ingevoerd. De raad moet ook gesprekken voeren over zijn rol en niet alleen via discussienotities van het college of de participatieverordening. Te vaak wordt gehoord dat de participatie niet op orde was, vooral bij voorstellen waar partijen inhoudelijk tegen zijn. Te vaak zijn er voorstellen voor referenda waarbij de uitkomst niets verandert aan het ingenomen standpunt.
Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) valt het op dat de raad weinig gebruik maakt van een hearing als instrument. De raad zou wat vaker een hearing kunnen organiseren over bepaalde thema's. 6
De heer Bos (GroenLinks) denkt dat dat zeker een instrument kan zijn. Dat is in het begin van deze periode ook regelmatig gedaan. Die voorstellen zijn nu een beetje opgedroogd. Participatie is niet een middel maar een cultuur en die omslag moet gemaakt worden. Als de raad een aanbeveling van het burgerberaad serieus wil nemen dan moet de raad ook zelf het initiatief nemen. Gebruik de instrumenten goed en wellicht moeten die nog aangevuld worden. Hij stelt voor na de verkiezingen een raadswerkgroep in te stellen die zich over deze vraag buigt. Participatie vraagt ook om zelfreflectie. De heer Roovers (SP) vraagt wanneer het gebeurd is dat de uitkomst van een referendum niets heeft veranderd aan het standpunt. De heer Bos (GroenLinks) zegt dat de raad advies kan inwinnen van de bewoners middels een referendum. Dat middel zou juist eerder ingezet moeten worden dan tot nu is gebeurd. Andere gemeenten houden ook wel volkspeilingen onder een kleinere groep bewoners waarin meerdere opties worden voorgelegd aan bewoners nog voor hier inhoudelijk het debat over aangegaan wordt. De heer Roovers (SP) vraagt of de heer Bos van mening is dat vaker een referendum georganiseerd moet worden over belangrijke onderwerpen. De heer Bos (GroenLinks) zegt dat dat afhangt van hoe het referendum ingevuld wordt. De heer Roovers (SP) meent dat nu nooit referenda georganiseerd worden.
Op het moment dat dat in de raad wordt voorgesteld, is dat natuurlijk in de context van een gepolariseerde discussie. Gaan GroenLinks en SP in de volgende periode meer voorstellen doen voor een referendum? De heer Bos (GroenLinks) zegt dat het erom gaat dat er een cultuuromslag gemaakt moet worden. De vraag is of de gemeente de juiste instrumenten heeft om participatie hier te kunnen laten landen. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat eerder in de Referendumverordening wel stond dat burgers een referendum konden aanvragen. Veel zaken komen gedurende een raadsperiode op die voor de verkiezingen niet voorzien waren. Moet dit weer terugkeren in de Referendumverordening? De heer Bos (GroenLinks) zegt dat ook de raad een cultuuromslag moet maken en kritisch moet kijken naar de instrumenten die er zijn. Misschien wordt landelijk een bindend referendum ingevoerd. De vraag is hoe die cultuuromslag samen gemaakt kan worden en de burgers erbij betrokken worden. De heer Van Hattem (PVV) vraagt de heer Bos duidelijk te zijn. De burger dient direct betrokken te worden dus dan wordt dat instrument toch gewoon ingezet? Waarom moet hier zo omslachtig over gedaan worden? De heer Bos (GroenLinks) herhaalt dat participatie geen instrument is maar een cultuur. Daar kan een referendum onderdeel van zijn; dat gesprek moet met elkaar aangegaan worden.
De heer Van Silfhout (Volt) vindt het een goed idee van de heer Kagie om snel een werkgroep in te stellen zodat nog voor het nieuwe college de raad zich een beeld heeft gevormd over participatie. Misschien kan een klankbordgroep Burgerberaad daarin opgenomen worden zodat dat een permanent orgaan wordt de komende periode. Het is inderdaad zo dat als de raad heel star is het heel lastig is de burger nog te vinden in de discussie en te horen. Die les zal hij ook meegeven aan de volgende fractie van Volt. Hij kijkt uit naar de invulling van de Uitvoeringsagenda.
7
Mevrouw Welten (VVD) zegt dat in het stuk over de omgevingsdialoog alleen staat dat die aangegaan moet worden. In andere stukken las zij dat dat een verplichting is. Het is goed uitgangspunten te formuleren voor hoe dat vormgegeven moet worden. Het burgerberaad gaat een enorme belasting worden voor de ambtelijke organisatie. De heer Van Silfhout (Volt) hoort juist van de ambtelijke organisatie dat zij heel blij zijn met het burgerberaad en ze veel meer en een beter contact hebben met de inwoners. Mevrouw Welten (VVD) zegt dat steeds de afweging gemaakt moet worden wat alle groeperingen vinden en dat zal meer werk betekenen voor de ambtelijke organisatie. De heer Van Silfhout (Volt) zegt dat dat ook als een investering gezien kan worden. Mevrouw Welten (VVD) deelt die mening niet. Participatie is goed en er zijn instrumenten. Deze week nog is een onderwerp aangesneden waarbij driekwart van de stad zienswijzen heeft ingediend; dat is inbreng van de burger. Er is niemand die zegt: dat is zo waardevol. Dat is treurig. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat de omgevingsdialoog in allerlei verschillende verschijningsvormen komt. Zouden hier spelregels voor afgesproken moeten worden? Mevrouw Welten (VVD) denkt dat dat goed is. Zij heeft ook meegemaakt dat mensen zoekende zijn hoe zij de dialoog aan moeten gaan.
De heer Bos (GroenLinks) hoorde mevrouw Welten in eerste termijn zeggen dat burgers niet altijd mee kunnen doen en het heeft niet altijd veel effect, terwijl zij ook zegt dat in een omgeving veel werd verwezen naar de zienswijzen. Hoe verhoudt zich dat tot elkaar? Mevrouw Welten (VVD) denkt dat zij niet goed begrepen is. Zij is niet tegen participatie. Er moet wel maatwerk zijn. Een aantal onderwerpen is te complex waarbij de inbreng van burgers nauwelijks gebruikt kan worden. Zij wijst erop dat een zienswijze een vorm van burgerinbreng is en het verbaast haar dat daar eigenlijk geen aandacht voor is. De heer Bos (GroenLinks) vraagt wat er moet gebeuren als zienswijzen tegenstrijdig zijn met elkaar. Mevrouw Welten (VVD) zegt dat dat in dit geval niet aan de orde was. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) hoort mevrouw Welten zeggen dat opgepast moet worden dat een vraagstuk te complex is etc. Er zijn veel vraagstukken complex en de gemeente heeft de taak zaken toegankelijk te maken voor mensen. Mevrouw Welten (VVD) zegt dat het soms ook complex is voor de gemeenteraad maar de raad wordt wel optimaal geïnformeerd en daar ontbreekt het vaak aan bij de burgers. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) meent dat juist de gemeente die toegankelijkheid moet bewerkstelligen richting de burger.
Mevrouw Welten (VVD) is het daarmee eens mits dat mogelijk is, maar dat zal niet in alle gevallen zijn. De heer El Amraoui (D66) vraagt welke zaken zich niet zouden lenen voor participatie in brede zin. Mevrouw Welten (VVD) noemt als voorbeeld de invulling en ontwikkeling van de Bossche Stadsdelta. Wel kan aan de voorkant gevraagd worden of burgers met wat ideeën kunnen komen. 8
De heer El Amraoui (D66) ziet bij de Bossche Stadsdelta juist wel mogelijkheden voor participatie. Wat voor type complexe zaken worden in Den Bosch gedaan waar de raad – een bestuur zonder specialisten – zich wel over kan buigen en inwoners niet in een participatieproces? Mevrouw Welten (VVD) heeft zojuist een voorbeeld genoemd. De raad kan dat wel omdat de raad optimaal geïnformeerd wordt en de benodigde informatie aangedragen krijgt. Dat lijkt haar moeilijk te realiseren voor de hele stad. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) zegt dat er inderdaad een cultuuromslag moet komen. Vroegtijdig en duidelijk communiceren over wat de burger wel en niet kan is belangrijk. Na een inspraakprocedure hoeven niet alle gezichten dezelfde kant op te staan maar kan er wel begrip komen voor elkaars standpunten. Mevrouw Lipman (CDA) is benieuwd naar de Right to Cooperate. Elke vorm om te zorgen voor meer participatie juicht zij toe. Er kunnen spanningen ontstaan binnen de aanbevelingen. Vaste lokale contactpunten is goed maar anderzijds wordt ook gezegd dat de rolverdeling transparanter moet worden zodat inwoners niet van het kastje naar de muur worden gestuurd. Hoe zorg je ervoor dat die verdeling voor iedereen helder is? Wie beslist, wie adviseert, wie faciliteert? Het is belangrijk dat de feedback ook weer terugkomt. Participatie helpt in het vertrouwen in de gemeentelijke organisatie.
De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) zegt dat de echte democratie niet alleen bij de verkiezingen plaatsvindt maar elke dag in de wijken en straten. Burgerparticipatie is jarenlang een bron van frustratie geweest in de stad. Er werden plannen gepresenteerd die eigenlijk al af waren. Er liggen 24 aanbevelingen op tafel en hoe kunnen die in 2026 echt slagen? Stoppen met participatie achteraf in ieder geval. Vanaf de eerste schets moet participatie worden ingezet. Bij elk project moet vooraf gezegd worden hoe de inbreng van de burger wordt georganiseerd en wat ermee gedaan wordt. Vaak zijn dezelfde gezichten te zien op bewonersavonden; dat is waardevol maar niet genoeg. De gemeente moet naar de mensen toe. Geef de controle vaker uit handen en geef inwoners het uitdaagrecht. Als een buurt zegt het beheer van een park beter en goedkoper te kunnen doen dan de gemeente dan moet de buurt die kans krijgen. In 2026 moet het niet langer gaan over mogen meepraten maar over samen beslissen. De heer Van Hattem (PVV) vindt het burgerberaad een beetje een fopspeen voor schijnparticipatie. Er wordt immers een select gezelschap voor uitgenodigd en het zegt niet hoe de Bossche samenleving erover denkt. Hij stelt voor te stoppen met het burgerberaad en te starten met echte democratie in de vorm van zoveel mogelijk referenda. Hij zal hiervoor een motie indienen in de raad.
De heer El Amraoui (D66) merkt op dat de PVV in eerste termijn zei dat de opkomst bij de gemeenteraadsverkiezing niet representatief was voor een gemeente. Als oplossing draagt de heer Van Hattem referenda aan maar die geven structureel een lagere opkomst dan gemeenteraadsverkiezingen. Hoe rijmt de heer Van Hattem die twee met elkaar? De heer Van Hattem (PVV) zegt dat in een Referendumverordening altijd een opkomstdrempel wordt opgenomen om het geldig te maken. Het is een aanvullend instrument om de burger er beter bij te betrekken. Als het onderwerp belangrijk genoeg is dan komt de burger wel opdagen. De burger moet zelf de mogelijkheid krijgen een referendum aan te vragen en de kans op een grotere opkomst is dan ook groter. De heer El Amraoui (D66) herhaalt dat lokale referenda een lager opkomstpercentage hebben dan gemeenteraadsverkiezingen. Die representeren dus niet de lokale bevolking. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat die wel degelijk de lokale bevolking representeren en mensen krijgen dan zelf de mogelijkheid om daarop te acteren. Die mogelijkheid hebben zij nu niet. 9
Er is nu een raad die door een minderheid van de bevolking is gekozen. De grootste partij van de stad is de partij van de niet-stemmers. Daar moet iets aan veranderen en een referendum kan eraan bijdragen dat mensen meer betrokken worden bij de stad. Het referendum was ooit het kroonjuweel van D66 dus hij vindt het erg arrogant dat D66 dit instrument nu bij het vuilnis gooit. De heer El Amraoui (D66) heeft geen waardeoordeel gegeven over een referendum. Hij herhaalt zijn vraag. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat de gemeenteraadsverkiezingen inderdaad een te lage opkomst hebben. Hij komt met een motie over het mogelijk maken van collectieve en initiërende referenda. De heer Bos (GroenLinks) vraagt of de heer Van Hattem ook zal luisteren naar de uitkomst van een referendum. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat als het een bindend referendum is de gehele raad daarnaar zal moeten luisteren. De heer Bos (GroenLinks) vraagt of een bindend referendum ook waarde heeft als maar 30% komt opdagen. De heer Van Hattem (PVV) herhaalt dat bij iedere Referendumverordening een drempelwaarde wordt opgenomen. Er zijn genoeg landen in de wereld zoals in Zwitserland waar dit uitstekend werkt. De heer Bos (GroenLinks) vraagt of een volkspeiling of enquête ook representatief kan zijn. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat er een volksraadpleging van gemaakt kan worden zodat de burger zich kan uitspreken.
Een peiling is leuk maar in de vorm van een referendum is een beter democratisch instrument. De omgevingsdialoog is zo breed dat er voor mkb-ondernemers hele andere effecten optreden als bepaalde maatregelen worden genomen. Die effecten moeten goed in beeld gebracht worden. Hij wil de mkb-toets bij deze participatieverordening in kunnen brengen. Alle stemmen horen is leuk maar de vraag is wat daarmee wordt gedaan en wanneer. Participatie moet niet alleen gebeuren bij onderwerpen waar dat goed uitkomt maar bij onderwerpen die de burger echt raken. Het is schokkend dat over de vestiging van asielzoekers geen participatie mag plaatsvinden want dat is een vraag vanuit het rijk. Er is duidelijk gezegd dat de gemeenten deze opvang gaan regelen en hier worden door gemeenten afspraken over gemaakt op regionaal niveau. Dat is dus niet alleen een uitdrukkelijke wens van het rijk en als er afspraken over gemaakt worden in de regio dan moet de burger daarover mee kunnen praten. Ook daar zal hij een motie over indienen. Voor wat betreft 'stille stemmen' die volgens de wethouder bij een burgerberaad wel gehoord worden: bij een referendum worden die stille stemmen nog veel beter gehoord. De raad moet zijn best doen om duidelijk te zijn richting burgers.
Destijds lagen de knips in het raadsvoorstel Verkeerstructuur Brede Binnenstadsring besloten en drie fracties hadden tegengestemd: PVV, 50PLUS en gewoon ge-DREVEN. Nu hoort hij opeens dat er allerlei partijen zijn die daarop tegen zijn; daarmee wordt de burger een rad voor ogen gedraaid. Stap niet alleen als het goed uitkomt naar de burger toe; wees consequent als raad, zo wordt participatie ook serieus genomen. Wethouder Slikker zegt dat in het raadsvoorstel staat dat in de volgende periode de raad gepositioneerd wordt rondom een dilemmasessie. Bij de uitwerking van grote dossiers wordt altijd een participatieplan gemaakt en dat wordt voorgelegd aan de raad.
10
Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) had gezien dat het college dat in de vorm van een raadsinformatiebrief doet maar dat komt nu dus echt in de vorm van een voorstel op de agenda van de raad? Wethouder Slikker zegt dat het goed is richting zo'n verordening het gesprek hierover te voeren met elkaar. Hij denkt niet dat voor elk voorstel in de raad een participatievoorstel behandeld gaat worden want dan zouden er extra raadsvergaderingen nodig zijn maar bij zwaarwegende onderwerpen gebeurt dat wel. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) denkt dat het goed is als de raad aangeeft wanneer de raad in positie wil worden gebracht. Wethouder Slikker zegt dat de raad dat kan bepalen. Het Bossche model waar Rosmalens Belang over wil evalueren, zit in het voorstel. De vraag is ook hoe je na verloop van tijd beoordeelt of de Bossche participatieaanpak werkt of niet. De heer Huibers (Rosmalens Belang) vraagt of dit ergens terug gaat komen of dat hij hier een motie voor in moet dienen. Wethouder Slikker zegt dat dit onderwerp hier sowieso terugkomt in de raad. Er zijn inderdaad veel publieke partners die zaken uitvoeren waar de gemeente budgetten voor beschikbaar stelt. Aan hen kan gevraagd worden de lessen uit de participatienotitie ook toe te passen. De corporaties hebben zelf al aangegeven bij de nieuwe meerjarenafspraken een soort miniburgerberaad onder de huurders uit te voeren.
In 2021 heeft de raad gezegd de omgevingsdialoog te stimuleren maar die wordt niet verplicht gesteld. Wel wordt bekeken of de participatie goed uitgevoerd wordt. Dit kan in de verdere uitwerking aan de orde komen. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vraagt of dit nu in de evaluatie wordt meegenomen of niet. Wethouder Slikker zegt dat recent de Bossche omgevingsdialoog is geëvalueerd en de raad was daarbij betrokken. De lessen die daaruit getrokken zijn, daarover zal het gesprek gaan bij het vaststellen van de Uitvoeringsagenda. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vraagt of de twee verbeterpunten in de verdere afwerking meegenomen worden. Wethouder Slikker antwoordt bevestigend. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vraagt of de wethouder met een brief kan komen voor de raad met de verzoeken die de commissie nu doet en of die terugkomen of niet. Wethouder Slikker zegt dat dit al uitgebreid staat beschreven in het stuk rondom de participatievisie. Hij heeft er geen bezwaar tegen die punten in een brief aan te geven. Mevrouw Welten (VD) zegt dat gevraagd is de omgevingsdialoog vorm en uitgangspunten te geven. Zij verwacht dat de wethouder met een voorstel hiertoe komt. Wethouder Slikker zegt dat de participatievisie eerst vastgesteld moet worden. Daarna komen het uitvoeringsprogramma en de verordening, en dan zal ook het gesprek met de raad aangegaan worden over de dilemma's en instrumenten.
De omgevingsdialoog is daar zeker een instrument bij. Er zit soms strijdigheid in, zoals het CDA eerder aangaf. Het is ook geen dictaat; er wordt een richting gegeven. Als iets net iets anders verankerd wordt dan het burgerberaad aangeeft dan kan dat en dan zal dat gemotiveerd worden. Met de aanbevelingen wordt een aanzet gegeven. Landelijk speelt de discussie om een bindend correctief referendum mogelijk te maken. In het
11
rapport van het burgerberaad komt het referendum terug; inwoners zien dat vaak als een sluitstuk. Burgers willen juist aan de voorkant bij zaken betrokken worden. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat bij een referendum alle burgers zich kunnen uitspreken in plaats van een select groepje in een burgerberaad. In veel gemeenten is te zien dat ruim boven 50% van de inwoners zich uitspreken in een referendum. Het is altijd goed burgers aan de voorkant mee te nemen maar zou dit sluitstuk niet ook meegegeven moeten worden als mogelijkheid in plaats van dat steeds af te houden? Wethouder Slikker zegt dat voorliggend stuk is gebaseerd op de aanbevelingen van het burgerberaad. Het is een visie op participatie maar geen explicitering van alle mogelijke instrumenten. Dat is het vervolggesprek. De vraag is ook wat de Eerste Kamer doet met een correctief bindend referendum. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat ook naar de andere instrumenten gekeken kan worden die eerder in de Referendumverordening stonden. Het zelf initiëren van burgers voor een referendum is al mogelijk en een correctief referendum is ook al mogelijk, al is dat nog niet bindend. Waarom staan die niet in de participatievisie? Wethouder Slikker zegt dat de visie uitspreekt in welke kaders de raad straks naar participatie kijkt en de vervolgstap is welke instrumenten daarbij passen volgens de raad.
De voorzitter maakt een adviesronde langs de fracties. De heer Bos (GroenLinks) komt waarschijnlijk met twee moties. De heer Roovers (SP) wil misschien een motie indienen over het vroeg organiseren van participatie en wacht af waar de heer Van Hattem mee komt ten aanzien van referenda. De heer Van Hattem (PVV) heeft drie moties aangekondigd: over referenda, over de mkb-effectentoets en over de azc's. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) wacht de brief van de wethouder af. De voorzitter begrijpt dat dit voorstel als C-stuk wordt doorgeleid naar de raadsvergadering. (Mevrouw Hernández verlaat de vergadering.) Overige agendapunten 8.
Discussienotitie Woo-verzoeken - DBG Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) heeft van een aantal inwoners signalen vernomen dat de regels omtrent de Woo niet altijd goed worden uitgevoerd. Het betreft het beschikbaar stellen van relevante informatie binnen de gestelde termijnen maar ook cruciale informatie die wordt weggelakt. Vragen van inwoners aan de gemeente worden niet altijd beantwoord of pas heel laat. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vraagt of het nu om een Rekenkameronderzoek over de Woo gaat of gaat het over hoe de gemeentelijke organisatie met inwoners communiceert? Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat het om beide gaat. Het gaat erom hoe de afhandeling van deze vragen gaat. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) zegt dat het tijd kost om informatie te verzamelen bij een Wooverzoek en vervolgens moet ook gekeken worden naar wat eventueel weggelakt moet worden. Moet de Rekenkamer dat allemaal gaan onderzoeken? 12
Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat dat nadrukkelijk niet de bedoeling is. De vraag is of de gemeente zich aan de gestelde termijnen houdt en wat de kwaliteit is van de beantwoording. De Rekenkamer kan zich erover buigen hoe dat het slimst bekeken kan worden. Zij zou hier graag een keer iemand onafhankelijk naar willen laten kijken. De heer El Amraoui (D66) vraagt hoe de Rekenkamer kan beoordelen of zaken wel of niet terecht zijn weggelakt bijvoorbeeld als die om privacyredenen zijn weggelakt. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat hier veel onderzoek naar gedaan wordt ook in andere gemeenten. De Rekenkamer kan beoordelen of de inwoner nog iets aan de informatie heeft als daar zaken in weggelakt zijn. De vraag is of de raad het belangrijk vindt om iets te doen met de signalen. De vraag is of het incidenten zijn of dat er meer aan de hand is. De heer Van Silfhout (Volt) maakt zich ook zorgen met betrekking tot de Woo-verzoeken. De raad heeft ook weinig richting gegeven over de vraag hoe met Woo-verzoeken moet worden omgegaan. Dat zou ook een eerste stap kunnen zijn om te inventariseren. De heer El Amraoui (D66) hoort ook signalen over te late termijnen voor de afhandeling van Woo-verzoeken. Hij is zich ook bewust van wat Woo-verzoeken voor druk op het ambtelijk apparaat leggen.
Het is een mooi instrument maar de lokale overheid is niet onfeilbaar als het gaat om termijnen die ervoor staan. Het eerste voorbeeld gaat over een subsidiebeschikking. De ambtenaar legt daarop twee totaal verschillende instrumenten voor. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat daar staat dat een subsidieaanvraag is afgewezen en de betrokkene informatie wil waarom die is afgewezen. De heer El Amraoui (D66) zegt dat de informatievoorziening rondom bezwaar anders is dan bij een Woo-verzoek. Woo-verzoeken dienen het algemeen belang en daarbij gaat het om het publiek maken van informatie voor de bredere samenleving. Een bezwaarprocedure gaat om de afwijzing van een specifiek individu. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat in dat geval diegene een Woo-verzoek indient om te vernemen waarom zijn subsidieaanvraag is afgewezen om zijn bezwaar te kunnen onderbouwen met argumenten. Dat werd veel te laat verstrekt en daardoor wordt het voor burgers onmogelijk gemaakt om op te komen voor hun recht. De heer El Amraoui (D66) leest dit anders. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vraagt wat de heer El Amraoui vindt van wat zij zojuist heeft gezegd. De heer El Amraoui (D66) zegt dat het goed is daar kritisch naar te kijken. Er zijn andere paden te bewandelen om dat te inventariseren. Hij denkt niet dat deze vraag aan de Rekenkamer voorgelegd moet worden.
Het lijkt hem goed als het college dit gaat inventariseren. Ook bij bezwaarprocedures heeft een inwoner informatierecht en moet de overheid informatie geven. De heer Huibers (Rosmalens Belang) zegt dat er altijd ruimte is voor verbetering, ook bij de ambtelijke organisatie die ook stoeit met hoe om te gaan met Woo-verzoeken en wat openbaar kan. Het is goed kritisch te kijken naar hoe dit in de praktijk loopt maar dat hoeft niet via een Rekenkameronderzoek. De suggestie die de heer Van Silfhout doet, lijkt een goede stap en van daaruit kan verder gekeken worden. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) kan de notitie van De Bossche Groenen grotendeels volgen. Wat hem triggert, is waarom iemand met een Woo-verzoek komt. Daar is nog een wereld te winnen. Een burger moet op het juiste moment bezwaar kunnen maken. 13
De heer Roovers (SP) vindt dit op zich een terecht punt. De Woo is namelijk geen gunst maar een wettelijke verplichting voor de gemeente. De Bossche Groenen kaart een aantal terechte signalen aan waar de raad iets mee moet. Het is niet acceptabel om negen maanden te moeten wachten op gevraagde informatie. Is de werkwijze hier in Den Bosch wel efficiënt genoeg? Doen andere gemeenten dan handiger? Een onderzoek door de Rekenkamer is wel een groot middel om in te zetten; er zijn ook andere manieren om te onderzoeken. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) zegt dat het recht van de burger op overheidsinformatie heel belangrijk is. Het voorbeeld dat De Bossche Groenen geeft, betreft een wijkgenoot die zich actief inzet voor Den Bosch. In plaats van een transparante overheid trof hij een muur van wantrouwen nadat hij zijn vraag had gesteld. De gemeente stuurde hem een brief waarin gevraagd werd waarom deze persoon de gevraagde informatie wilde hebben. Dat is niet de bedoeling. De burger hoeft geen belang te stellen bij een informatieverzoek. Dat de gemeente het verzoek vervolgens probeert om te buigen naar een regulier informatieverzoek waarbij wel leges geheven kunnen worden, getuigt van een kwalijke bestuurscultuur. Nog ernstiger is de financiële drempel die werd opgeworpen en de kosten voor het anonimiseren van digitale bestanden.
Verwacht mag worden dat een gemeente anno 2026 gebruikmaakt van software voor digitale anonimisering in plaats van de hoofdprijs te rekenen voor handmatig kopieerwerk. Het kan niet zo zijn dat betrokken inwoners als een lastpost worden behandeld als zij gebruikmaken van hun democratisch recht. Hij concludeert op basis van de voorbeelden dat de kennis over de Wooregels ernstig tekortschieten en er sprake is van een onjuiste juridische werkwijze. Een onafhankelijk onderzoek van de Rekenkamer is noodzakelijk want dan kan objectief beoordeeld worden of een en ander het gevolg is van structurele problemen. Er is bereidheid een gezamenlijk verzoek aan de Rekenkamer te doen. Een krachtig signaal vanuit de raad is nodig. Mevrouw Lipman (CDA) zegt dat er terechte signalen zijn over de informatievoorziening richting burgers. Er wordt veel informatie opgevraagd en dat kan lang duren. Het zou eigenlijk niet nodig moeten zijn om een Woo-verzoek te doen om bepaalde informatie te krijgen. Besluiten of afwijzingen worden weinig gemotiveerd; hoe kan dat verbeterd worden? Een Rekenkameronderzoek vindt zij echter te zwaar. Een beoordeling van een ambtenaar weer door een derde partij te laten onderzoeken, vindt zij niet objectief.
De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) zegt dat de raad de mogelijkheid heeft voorafgaand aan het moment waarop de Rekenkamer van start gaat allerlei onderwerpen in te brengen om de Rekenkamer mee aan de slag te laten gaan. Wat is het verschil? Mevrouw Lipman (CDA) zegt dat het verschil is dat de raad nu actief zou vragen wat de raadsleden hiervan vinden en daar geeft zij antwoord op. Mevrouw Welten (VVD) zegt dat de Woo volgens de regels dient te worden uitgevoerd. De ambtelijke houding getuigt niet van medeleven en empathie. Correspondentie dient in begrijpelijke taal gevoerd te worden en er moet antwoord worden gegeven op de vragen die gesteld worden, dan kan dit voorkomen worden. Het kan zijn dat het zwart maken van tekst de positie van de gemeente verzwakt. Daar moet naar gekeken worden. Is daar een goede reden voor? Zij is niet tegen een onderzoek maar daarvoor zou de Ombudscommissie om raad gevraagd kunnen worden. Het moet duidelijk zijn wat de raad onderzocht wil hebben. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vindt het goed eens nader in te zoomen op die signalen. Het hoeft geen onwil te zijn en het kan soms complex zijn om een Woo-verzoek te behandelen. Een Rekenkameronderzoek kan daar een goed instrument voor zijn, juist omdat het inwoners zijn die melden dat er iets niet goed gaat.
Iedere schijn van bijvoorbeeld bestuurlijke belangen moet voorkomen worden en het moet uit de werkgeversrol van het college gehouden worden. Het college kan vervolgens actie ondernemen als er iets aan de hand is.
14
De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) wijst op het voorkomen dat dit soort verzoeken tot de gemeente komen. De bron zit toch in gemankeerde informatieverschaffing. Dat is illustratief voor de dossiers van de afgelopen jaren: exploitatie van het theater, afvalstoffendienst, veiligheidsvraagstuk ambtelijke organisatie, Design Museum. Er moest constant aan getrokken worden om aan de juiste informatie te komen. Het is een rode draad. De Rekenkamer moet zelf ook iets voelen voor zo'n onderzoek. Het zit in de cultuur van de ambtelijke organisatie en het stadhuis: de luiken van dit stadhuis zijn de afgelopen jaren te vaak gesloten geweest. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat transparantie nodig is en op grond van de Woo ook verplicht. Hij onderschrijft de punten die de fractie van De Bossche Groenen heeft gemaakt. Hij heeft al eerder bij de legesverordening aangegeven dat er een onrechtmatig tarief werd opgehangen aan het maken van digitale kopieën en de schandalig slechte afhandeling van het Wooverzoek van Groen inZICHT. Een Rekenkameronderzoek is prima maar het college moet gewoon de wet uitvoeren. De wet spreekt over actieve openbaarheid als uitgangspunt; daar moet werk van gemaakt worden. De raad moet actief geïnformeerd worden over de Woo-verzoeken die worden ingediend en eigenlijk zouden alle documenten gerelateerd aan een Woo-verzoek gepubliceerd moeten worden op de website.
Mevrouw Korver (GroenLinks) schaart zich niet achter de mening die al in het stuk genoemd wordt namelijk dat de omgang van de gemeente met de regels te wensen overlaat. De uitkomst van een onderzoek lijkt hiermee al vast te staan en dat gaat haar te ver. Een onderzoek kan ook op een andere manier dan via de Rekenkamer. Het opstellen van een discussienotitie is niet per se noodzakelijk; een vraag aan de Rekenkamer kan gewoon gesteld worden. Er lijkt breed draagvlak om hier iets mee te gaan doen en zij zal daar niet voor gaan liggen. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) vindt openheid van de overheid heel belangrijk en inwoners moeten informatie van de overheid kunnen opvragen zonder druk of drempels. Zij denkt dat het beter kan en moet, de afhandeling van Woo-verzoeken. Hoe vaak worden Wooverzoeken te laat afgehandeld of ingetrokken? Wat zijn de oorzaken? Capaciteit of het systeem? De gemeente moet hier zeker iets mee maar de vraag is of dat via de Rekenkamer moet. Zij staat achter een onderzoek met een duidelijke onderzoeksvraag. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) proeft dat het beeld breed gedeeld wordt. De inzet is om weg te blijven van te veel oordeelsvorming in dit stadium. Misschien is zij inderdaad te snel geweest in te zeggen dat het beter moet. Zij neemt alle input mee terug naar de fractie en zal in de raad komen met een initiatief. 9.
Discussienotitie Opvang extra asielzoekers Hervensebaan - PVV De heer Van Hattem (PVV) werd op 18 december jl. onaangenaam verrast met het bericht van het college dat er extra asielzoekers bijgeplaatst worden op de locatie Hervensebaan. Er zijn daar al 140 asielzoekers zonder dat de raad hier betrokken bij is geweest of de raad iets is gevraagd. Er komen nu dus 240 asielzoekers op die locatie en ook in het Van der Valk Hotel worden asielzoekers opgevangen. Er wordt één groot azc gemaakt van de gemeente zonder dat de raad of omwonenden iets is gevraagd. Bepaalde wijken worden uitgenodigd voor een bewonersavond maar andere nabijgelegen wijken worden hierbij niet betrokken; dat is kwalijk. Hij vraagt partijen of zij het met hem eens zijn dat de raad vooraf betrokken moet worden bij een besluit tot vestiging van een azc-locatie of de uitbreiding ervan mede gelet op de maatschappelijke impact ervan. De omwonenden van alle omliggende buurten zouden hierbij betrokken moeten worden in een volwaardig participatietraject. Het college moet de raad beter en actiever informeren over de voorgenomen asielopvang in de gemeente. De raad moet over alle betreffende documenten kunnen beschikken aangaande asielopvang, zoals overeenkomsten en correspondentie met betrokken partijen. Het opvangen van extra asielzoekers is onwenselijk.
Het opvangen van extra asielzoekers op de Hervensebaan moet gestopt worden. De opvang van asielzoekers in Den Bosch moet volledig stoppen en in plaats van een azc-locatie te openen, moeten deze alle zo snel mogelijk worden gesloten.
15
De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) verwijst naar de brief van het college over deze stellingen. Een aantal stellingen wordt namelijk door het college onderuitgehaald. De heer Van Hattem (PVV) weet niet op welke stellingen de heer Van Creij doelt. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) zegt dat het niet zijn stellingname is maar het college is op die stellingen ingegaan. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat dat de beantwoording van de vragen op 13 januari jl. betreft. Het college wijst op het besluit op basis van de Spreidingswet en de raad heeft besloten asielzoekers op te vangen. Daar gaat het echter niet om; het gaat erom dat hier locaties worden aangewezen waar de raad nooit iets over te zeggen heeft gehad. Bij zaken met een grote maatschappelijke impact is het belangrijk dat de raad die kan volgen. Mevrouw Hoekstra (PvdA) verwijst naar de motie Humane opvang en het college is opdracht gegeven te zoeken naar locaties die daaraan voldoen. Binnen die bandbreedte acteert het college ook. De raad is hier dus wel over in positie geweest en heeft een besluit hierover genomen. De heer Van Hattem (PVV) vindt dit geen net besluit want de gemeenteraad is daarbij gepasseerd. Bij een dossier met grote maatschappelijke impact moet de raad altijd aan zet kunnen zijn. De raad moet aan de rem trekken als het college meent een vrijbrief te hebben om dit maar te kunnen doen.
Het gaat hier ook om omwonenden en de wijken eromheen die er niet bij betrokken worden. Mevrouw Hoekstra (PvdA) hoort de heer Van Hattem maar doorgaan met zijn riedel over wat er allemaal mis is met dit college. Dat is ongepast want de raad heeft immers in meerderheid een motie aangenomen over humane opvang en het college opdracht gegeven op zoek te gaan naar locaties. Op de locatie waar de heer Van Hattem verwijst, werden eerder 500 Oekraïners opgevangen. Er komen nu 100 andere mensen op die locatie maar het is niet dat op die locatie eerder geen vluchtelingen werden opgevangen. De heer Van Hattem (PVV) hoort mevrouw Hoekstra zijn kritische woorden een riedel noemen; daar gaat totaal geen respect van uit. Als er een motie is die ruimte aan dit college geeft dan wil dat niet zeggen dat niet over de locaties gesproken kan worden en het college maar willekeurig kan aangeven waar groepen asielzoekers neergezet worden en de raad heeft niets meer te vertellen. Op die locatie werden Oekraïners opgevangen maar die vallen onder een heel andere categorie en onder andere regels. Mevrouw Hoekstra (PvdA) vraagt of de heer Van Hattem hier aangeeft dat hij onderscheid maakt tussen het soort mensen dat hier opgevangen wordt.
Oekraïners vallen inderdaad onder een andere categorie en het maakt dus uit of Oekraïners worden opgevangen of mensen met een vluchtelingenstatus? De heer Van Hattem (PVV) benadrukt dat de wetgeving hier onderscheid in maakt. Asielzoekers worden opgevangen op basis van de Wet Coa en asielregels en Oekraïners worden opgevangen op basis van de Tijdelijke Wet opvang ontheemden Oekraïne. Oekraïners hebben een ontheemdenregeling en dat is iets heel anders, daar ligt ook een expliciete gemeentelijke taak bij. Nu wordt dat allemaal onder dezelfde regeling geschaard terwijl het twee geheel andere regelingen zijn waar anders mee omgegaan moet worden. De heer Van Silfhout (Volt) zegt dat de kern van deze discussienotitie is dat de participatie beter had gemoeten rondom wat er nu gebeurt maar de meerderheid van de vragen gaan daar niet over. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat het vooral over participatie gaat maar de andere vragen 16
hangen daarmee samen. De heer Van Silfhout (Volt) zegt dat de laatste vier vragen niet over de kern van de zaak gaan dus die laat hij buiten beschouwing. Volt heeft een jaar geleden al gewaarschuwd dat de gemeente niet genoeg mensen opvangt in de gemeente. Dan klopt het COA hier dus aan en dat is logisch. Hij kijkt uit naar de motie waarin de PVV oproept om meer participatie aangaande dit onderwerp. Het probleem is dat dit over twee of drie jaar weer gebeurt want dan wordt het Pettelaarpark gesloten en zal er weer noodopvang opgetuigd worden omdat Groot Meerendonk er nog niet is. Dan komt er vast weer dezelfde discussienotitie van de PVV en volgt eenzelfde debat. Hij is het niet eens met de argumenten van de PVV. Er moet sneller opvang gerealiseerd worden en mensen moeten daar eerlijker in meegenomen worden. De heer El Amraoui (D66) staat achter de motie Humane opvang en de taakstelling van opvang. Hij ziet geen grote issues met de locatie tijdelijke opvang zeker omdat het gebouw eind 2026 gesloopt wordt en rond die tijd de Kruithoorn zal worden opgeleverd. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) is het met de PVV eens ten aanzien van de participatie op dit dossier. Inhoudelijk heeft zij geen bezwaar tegen het opvangen van extra vluchtelingen maar de wijken moeten geïnformeerd worden en gezien de gevoeligheid in de raad zou een informatiebrief over dit onderwerp terecht zijn.
De heer Huibers (Rosmalens Belang) meent dat er voorheen 500 mensen zaten en nu 300. Zijn dat andere buren dan voorheen? Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat het een verandering betreft en de overheid moet daar open over communiceren richting wijken en ook richting raad. De heer El Amraoui (D66) vraagt of de buurt dan constant geïnformeerd moet worden als er mensen verhuizen en nieuwe mensen inhuizen. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vindt dat de overheid moet communiceren met de buurt over zo'n opvanglocatie gedurende het proces. Mevrouw Hoekstra (PvdA) meent dat er een inloopavond is geweest voor omwonenden. De vraag is hoever je reikt om omwonenden uit te nodigen maar omwonenden van de locatie zijn in ieder geval uitgenodigd. Daar was minimaal animo voor omdat het voor mensen vanzelfsprekend was dat daar nieuwe mensen inhuisden omdat er ook weer mensen zijn vertrokken. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) zegt dat iedereen hier beter bij betrokken had moeten worden zowel de raad als de omgeving want er is heel beperkt inspraak geweest. Het is nu een kindvriendelijke buurt en er komen andere bewoners. Hij deelt de zorg van de PVV. Er moet meer gecommuniceerd worden. De heer El Amraoui (D66) vraagt wat de heer Van Creij bedoelt met 'andere' bewoners. De wettelijke status van individuen die gevlucht zijn, heeft geen effect op omwonenden.