CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-02-10 Commissie Bedrijvigheid concept

Commissie BEDRIJVIGHEID 17 maart 2025, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Vaststellen van het verslag van de commissie Bedrijvigheid van 10 februari 20259.876 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Commissie BEDRIJVIGHEID Conceptverslag Datum: Locatie: Aanwezig: Voorzitter: Secretaris: (plv.) Commissieleden:

Collegeleden:

10 februari 2025 Raadzaal

mw. M.A.J.T. Korver-van Weegberg mr. drs. R. van der Meer drs. E.M.M.P. Altenburg-Collin, B. El Amraoui, mw. M. Claessen, mw. mr. Y. Doğan, J.J.M. Gersjes, L.A.J. van Griensven, S.C. van Hasselt, M.P. Kagie, H.J.M. Kitslaar, mw. J.M. Klerks, R.T.P.M. Koolen, J. Kouwenberg, REV H.W. Pennings, mr. S.J.M. Peters, M.C.J.M. Ploegmakers, P.J. Romijn, D.G.G. Scholten, mw. mr. C.H.A. van den Wildenberg ing. R.A.P. Geers, R.J.J. Geers, mw. mr. M.A.B. van der Sloot

Afwezig:

H.B. Bos, E.R.F. Esser, mw. W. de Groot MSc, T.A.J. Heijmans, mw. A. Hernández, W.B.G. Hoeben, ing. J.N. Kieft, mw. W.M. van de Leemput, R.F.E. van Oijen, mw. E. Samshuijzen, drs. ing. G.M.M. Verbruggen, mw. C.K.J. Visscher

Verslaglegging:

mw. J. Beaumont, DemiSec

1.

Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen welkom. Berichten van verhindering is ontvangen van de dames Van de Leemput en Hernández, en de heren Verbruggen, Kieft en Heijmans. De heer Bos wordt vervangen door mevrouw Doğan en de heer Scholten voegt zich later bij de vergadering.

2.

Vaststellen van de agenda De voorzitter zegt dat GroenLinks een ordevoorstel heeft inzake agendapunt 7 Grafrechten voor onbepaalde tijd. Mevrouw Doğan (GroenLinks) zegt dat het college voorstelt om voor grafrechten voor onbepaalde tijd een bedrag van € 34.500 te vragen. Dit heeft tot veel verwarring en teleurstelling geleid mede omdat dit bedrag aanzienlijk hoger is dan in andere gemeenten, die gemiddeld € 9.000 vragen. Het college heeft middels een brief aangekondigd alternatieven te willen onderzoeken en het gesprek met de islamitische gemeenschap en de Stichting Natuurbegraafplaatsen hierover aan te willen gaan. Dat is een belangrijke stap en gezien deze nieuwe ontwikkelingen stelt zij voor behandeling van dit onderwerp met een of twee maanden uit te stellen. Dit biedt ook de mogelijkheid om technisch een en ander uit te vragen. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt dat technische vragen meestal tussen agendering en commissie in worden gevraagd. Het college heeft onderbouwd hoe het tot dit bedrag is gekomen en in de brief wordt niet aangegeven dat dat opnieuw bekeken wordt. Wat verwacht GroenLinks? Mevrouw Doğan (GroenLinks) wil zelf alternatieven uitzoeken omdat andere gemeenten veel lagere bedragen hanteren. Die voorbeelden wil zij naast elkaar leggen en bezien wat een redelijk bedrag is.

De heer Peters (PvdA) sluit zich aan bij het voorstel van GroenLinks om het debat hierover uit te stellen. De heer El Amraoui (D66) sluit zich ook aan bij het voorstel van GroenLinks. In de rekenmethode wordt geen rekening gehouden met de rente die ontvangen wordt over de vooruitbetaalde bedragen, wel met inflatie. Dat verdient meer aandacht. 1

De voorzitter brengt het ordevoorstel in stemming. Zij concludeert dat alle partijen voor het ordevoorstel zijn. Behandeling van dit onderwerp wordt doorgeschoven. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 3.

Vaststellen van het verslag van de commissie Bedrijvigheid van 13 januari 2025 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.

4.

Vaststellen van de lijst van toezeggingen en de lijst van openstaande moties De heer Ploegmakers (CDA) heeft twee vragen maar die zal hij stellen bij agendapunt 6. Volgens de heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) staan er enkele moties tussen die afgehandeld zijn, wellicht kan de lijst opgeschoond worden. De voorzitter zegt dat dit aan het college meegegeven zal worden. De lijst van toezeggingen en de lijst van openstaande moties zijn hiermee vastgesteld.

5.

Werkplanning De voorzitter zegt dat het college een nieuwe planning voor de komende kwartalen heeft aangeleverd. Deze is verwerkt in voorliggende werkplanning. De werkplanning wordt ongewijzigd vastgesteld.

Raadsvoorstellen 6.

Eerste wijziging Verordening straattaxivervoer ’s-Hertogenbosch 2024 De heer Van Hasselt (SP) is op 6 februari jl. in gesprek gegaan met verschillende Bossche taxichauffeurs. Zij ondervinden overlast van Uber. Uber overtreedt regels en heeft geen Bossche taxivergunning terwijl Uber veel geld verdient over de ruggen van zijn chauffeurs. Daar blijft het niet bij: de Bossche taxichauffeurs staken met een reden. Het nieuwe beoordelingssysteem kan op stevige kritiek rekenen en terecht. Het gaat veel geld kosten en de taxichauffeurs ervaren geen enkel voordeel. De chauffeurs kunnen geen oordeel geven over hun klanten die vaak dronken en soms zelfs agressief zijn. Het beoordelingssysteem wordt alleen in Den Bosch gebruikt. Liever zien zij een mystery guest als objectieve beoordeling. Voor een bezoek aan het toilet moeten taxichauffeurs iedere keer betalen en na 21.00 uur is het toilet gesloten. De taxichauffeurs zouden iets terug moeten krijgen voor dat geld, zoals gratis toegang tot het toilet. De SP steunt de taxichauffeurs in hun stakingen. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt dat dit voorstel een technische wijziging is om het juridisch haalbaar te maken. Of wordt de verordening hier opnieuw behandeld? De voorzitter zegt dat de verordening hier niet opnieuw aan de orde wordt gesteld en verzoekt de SP in tweede termijn alleen op de technische wijziging in te gaan.

De heer Altenburg-Collin (VVD) is blij met de wijziging van deze verordening zodat taxi’s die zonder vergunning in Den Bosch rijden gemakkelijk aangepakt en beboet kunnen worden. Het aantal illegale taxi’s rijst de pan uit en leidt tot verkeersopstoppingen, opstootjes tussen taxichauffeurs en uiteindelijk tot een negatief veiligheidsgevoel. Carnaval staat voor de deur en de VVD vraagt zich af of deze wijziging nog breeduit in de media en richting doelgroep gecommuniceerd wordt. Het zou mooi zijn als illegale taxichauffeurs zodoende niet de moeite nemen deze kant op te komen. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) sluit zich aan bij de VVD. De heer Van Griensven (PVV) zegt dat dit voorstel een juridische onvolkomenheid repareert waarmee taxivervoer zonder geldige vergunning ook strafrechtelijk in plaats van bestuursrechtelijk kan worden aangepakt. Hiermee kan worden voorkomen dat chauffeurs zich niet aan de regels houden en kunnen zij direct bekeurd worden. Hij is het eens met dit voorstel. 2

De heer Ploegmakers (CDA) sluit zich aan bij de woorden van de VVD. Hoe staat het met de kwaliteitsbeoordeling? En hoe zit het met de activiteiten van de logistiek makelaar en de CO2uitstoot van de taxi’s? Medio 2025 zou de raad geïnformeerd worden. Mevrouw Klerks (Volt) zegt dat dit voorstel in 2024 op inhoud is behandeld en in meerderheid aangenomen. Nu ligt alleen een technische wijziging voor waar zij geen bezwaar tegen heeft. Zij sluit zich aan bij de vragen van het CDA. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) heeft geen problemen met deze technische aanpassing. Werkt de gemeente al met het beoordelingssysteem en heeft het zin ermee door te gaan? De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) vindt het goed dat illegale taxichauffeurs worden aangepakt. De heer Romijn (PvdD) kan zich vinden in de wijziging. Hij sluit zich aan bij de opmerking van de VVD inzake de communicatie. Ook hij is benieuwd naar de voortgang van het klantbeoordelingssysteem. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) vindt de technische wijziging logisch. Is er voldoende capaciteit binnen de gemeente om iedereen bijvoorbeeld tijdens carnaval weer veilig thuis te krijgen? De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) kan zich vinden in de technische aanpassing. Hij sluit zich aan bij de gestelde vragen inzake het klantbeoordelingssysteem.

Wat schiet de gemeente daarmee op? En hoe wordt dit geregeld en getoetst? Worden de klachten behandeld? Er is veel onduidelijkheid over dit systeem dat Den Bosch als enige in Nederland wil toepassen. Reactie college Wethouder Roy Geers zegt dat met deze wijziging een chauffeur zonder vergunning direct een boete opgelegd kan krijgen. Tijdens carnaval en 11-11 zijn deze chauffeurs het meest aanwezig. Het is zeker de insteek om nadat de raad de verordening heeft vastgesteld hierover te gaan communiceren. Het is een lastige doelgroep om te bereiken omdat het vooral chauffeurs van met name buiten Den Bosch zijn die in die periodes in de stad komen. Gekeken zal worden naar een communicatiekanaal in de taxibranche en naar hoe de inwoners hierop gewezen kunnen worden. Niet alle taxichauffeurs zijn enthousiast over het klantbeoordelingssysteem en dat is te verwachten. Het college vindt het belangrijk met zo’n systeem te gaan werken. In andere branches werkt dit systeem goed en een klant kan daardoor de kwaliteit van de service zien. Er blijken ook onduidelijkheden te bestaan over dit systeem, over wanneer het wordt ingevoerd en wat de kosten zijn. Het gaat in ieder geval niet om € 100 per maand per taxichauffeur en het is ook niet zo dat het systeem per 1 januari 2025 wordt ingevoerd. Het systeem wordt uitgewerkt en daar zijn nog gesprekken met de taxichauffeurs voor nodig.

Alle 120 chauffeurs met vergunning zijn uitgenodigd aan de klankbordgroep deel te nemen zodat het college hun zorgen hoort. Hier wordt de komende maanden aan verder gewerkt en als er meer over te melden is dan zal hij dat doen. Er is voldoende capaciteit voor de handhaving, met dien verstande dat als de stad helemaal vol is die capaciteit zorgvuldig ingezet zal worden en bekeken wordt waar de prioriteit ligt. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) vraagt of er voldoende capaciteit aan taxi’s is in de gemeente om tijdens carnaval iedereen veilig thuis te brengen. Dat is volgens wethouder Roy Geers sterk afhankelijk van het aanbod van de taxi’s en hoeveel mensen met fiets of OV komen. Wel ziet hij dat de taxibranche het de afgelopen jaren behoorlijk druk heeft gehad en beltaxi’s gaan daar goed in mee. De vraag over de logistiek makelaar is verwerkt in de motie om naar zero-emissie te gaan. Eerst zal de zero-emissiezone ingevoerd worden en de regels die opgepakt moeten worden, zullen verder uitgewerkt worden. Als dat goed geregeld is, zal een volgende stap genomen 3

worden. De logistiek makelaar is nu bezig met de ondernemers in de binnenstad en medio 2025 wordt met het vervolg gestart. Op de vraag over de andere motie komt hij later terug. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) merkt op dat in de media staat dat er onderling conflicten zijn over het klantbeoordelingssysteem. Hoe gaat dat nu? Wethouder Roy Geers zegt dat de deur van het college openstaat. De taxichauffeurs zijn uitgenodigd deel te nemen aan de klankbordgroep en het college heeft degene die aangeeft voorzitter te zijn van de Bossche taxibranche uitgenodigd voor een gesprek. Afgelopen weekend zijn er ook goede gesprekken geweest. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) vraagt wat de volgende stap is als de chauffeurs er niet voor kiezen aan tafel te gaan met het college. Wethouder Roy Geers herhaalt dat alle chauffeurs in de klankbordgroep kunnen gaan zitten en dat geldt ook voor de voorzitter van de taxibranche in Den Bosch. Hij denkt dat in de klankbordgroep de gesprekken goed gevoerd kunnen worden. Tweede termijn De heer Van Hasselt (SP) zegt dat er echt iets aan de hand is. Er zijn nu stakingen van taxichauffeurs en dat is niet gebruikelijk. Er zijn dingen waar zij tegen aanlopen. Nu zit er geen wederkerigheid in het klantbeoordelingssysteem, komt dat wel in dat systeem? De kosten ervan zijn heel hoog en dat zorgt er ook voor dat de taxichauffeurs straks veel te veel moeten betalen.

Zij zien dat Uber klanten voor hun neus wegkaapt. Daarnaast moet het toch kunnen dat een taxichauffeur naar het toilet kan. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) vraagt zich af of dat een grote groep chauffeurs betreft die die mening is toegedaan of misschien een kleine groep. De heer Van Hasselt (SP) heeft niet met een vertegenwoordiging van de chauffeurs gesproken maar willekeurig met chauffeurs op het station. Zij waren unaniem verontwaardigd over het beoordelingssysteem. Als zij zoveel twijfels hebben dan is het niet goed daartoe over te gaan. Hij wil hier antwoord op. De voorzitter merkt op dat dat onderwerp nu niet op de agenda staat. De heer Van Hasselt (SP) zegt dat de taxiverordening op de agenda staat en daar is iets aan de hand dus er moet meer besproken worden. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt dat de technische wijziging op de agenda staat, niet de verordening. Wethouder Roy Geers heeft de taxichauffeurs aangeboden in de klankbordgroep aan te geven welke onderwerpen zij van belang vinden. Die lijst zal geïnventariseerd worden en hun zorgen worden bekeken en besproken met de klankbordgroep. Alles is bespreekbaar. Die gesprekken vinden de komende maanden plaats. Zowel voor de chauffeurs als voor de klant wordt hiermee de taxibranche sterk verbeterd. De vraag inzake de toiletten is een technische vraag die schriftelijk afgedaan zal worden.

De voorzitter concludeert dat de SP een motie overweegt. Voor de andere fracties kan dit voorstel als hamerstuk naar de raadsvergadering worden doorgeleid. 7.

Grafrechten voor onbepaalde tijd Dit agendapunt wordt doorgeschoven naar een volgende vergadering.

8.

Reactie op de Kadernota 2026 ODBN De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) vindt het goed dat in de conceptzienswijze scherp wordt doorgevraagd over de keuze om de rente-inkomsten niet langer te gebruiken om het uurtarief te verlagen maar te storten in een voorziening en de bestemmingsreserve incidentele projecten. Hij mist hoe de ODBN ervoor gaat zorgen dat de uitdaging als gevolg van 4

arbeidsschaarste wordt gemitigeerd zodat de afnemer niet elk jaar met stijgende tarieven wordt geconfronteerd. De heer Romijn (PvdD) zegt dat deze kadernota herhaaldelijk de uitdagingen rondom de capaciteit benadrukt, met name door aanhoudende personeelskrapte. Welke kerntaken worden in de toekomst mogelijk niet meer uitgevoerd daardoor? Op deze technische vraag kwam als antwoord: geen. De opdrachten worden in overleg met de gemeente risicogericht uitgevoerd. Dat is goed nieuws maar het zegt eigenlijk niets. Hoeveel mensen zijn er aan het werk en hoeveel zouden dat er idealiter moeten zijn? Hoe kan een dienst die aangeeft personeelskrapte te hebben, aangeven alles te kunnen doen? En op welke functies is er krapte? Hij zal dit verder uitvragen. Natuurbescherming, leefomgeving en waterkwaliteit verdienen prioriteit en veel aandacht. Hij wacht met interesse de resultaten van het Rekenkameronderzoek af, jammer dat die nog niet beschikbaar zijn. Het onderzoek blijkt klaar te zijn en voor bestuurlijke wederhoor bij het college te liggen. Kan de wethouder toezeggen dat die resultaten voor de raadsvergadering gedeeld worden? De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) zegt dat er telkens meer geld bij moet en het is goed dat het college dat extra gemotiveerd wil hebben. De personeelskrapte roept zorgen op en het is van belang dat hier proactief op gehandeld gaat worden door ODBN.

De heer Van Griensven (PVV) sluit zich grotendeels aan bij de reactie van het college en de vragen die het college heeft gesteld. Op de financiële onzekerheden hebben zowel ODBN als college weinig invloed op maar het is wel zaak scherp de vinger aan de pols te houden. Toch ontbreekt er nog iets aan de kadernota: er wordt met geen woord gerept over het RIVM-rapport inzake de risico’s die windturbines in de polder met zich meebrengen zoals de chemische stoffen, op gebied van geluid, slagschaduw en het risico van bodemvergiftiging. Dit is essentieel voordat er ook maar een schep de grond in gaat. De zwaar vervuilde aarde onder het speelveld van het PSV-stadion was uitgegraven en uitgestrooid over een boerenland in Nuenen. Dat land moest weer afgegraven worden maar de ZZS zaten al in de bodem, met alle gevolgen van dien. De ODBN moet met zijn expertise vooraf ingezet kunnen worden om dat soort situaties te voorkomen. Is het college dit met hem eens? Zo ja, wil het college dan ook dat ODBN vooral onderzoek doet naar de gevolgen van stoffen die op en in de windturbines verwerkt zitten en dit toevoegen aan de kadernota? Mevrouw Klerks (Volt) kan instemmen met deze kadernota, deze geeft meer transparantie in de kosten en baten. De ODBN stelt niet de financiële ruimte te hebben om alle ambities waar te kunnen maken.

Zij maakt zich zorgen over de personeelskrapte en de kanttekeningen die in de conceptnota staan. In hoeverre kan dit leiden tot een hogere kwantificering in de begroting van 2026? Hoe kan deze potentiële extra kostenpost gedragen worden? De heer Ploegmakers (CDA) kan zich vinden in de reactie van het college. Er moet gekeken worden naar hoe de kosten van dit soort organen in de hand gehouden kan worden. Hopelijk blijft het college kritisch op het toezicht en de efficiency van de ODBN en de taken die deze moet uitvoeren. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) vraagt naar het indexpercentage op de inwonersbijdrage. Volgend jaar komt het ravijnjaar en hij verwacht dat die bijdrage door de gemeenschappelijke regeling zelf wordt geleverd en de gemeente niet hoeft bij te passen. Hij is geen voorstander van de kaasschaafmethode. Er wordt te weinig aandacht geschonken in de nota aan de kaderrichtlijn Water. De heer Van Hasselt (SP) meent dat de ODBN ver van de mensen afstaat en zet zijn twijfels bij het democratisch gehalte van dit soort samenwerkingsverbanden. Reactie college Wethouder Ralph Geers zegt bij een omgevingsdienst zowel de kosten als de omzet in personeel zit. Als niets gecompenseerd mag worden in de prijzen dan ontstaat het risico dat zij voor hetzelfde geld minder mensen kunnen inzetten en dus minder capaciteit hebben om controles uit te voeren.

De ODBN is een van de koplopers als het gaat om het doen van risicogestuurd en datagedreven onderzoek, op basis van historie, trends en hoe vaak men 5

ergens geweest is. Zodoende kan de ODBN veel gerichter inzet leveren. Anderzijds wordt ook bekeken hoe basisprocessen geautomatiseerd kunnen worden. Hier is de ODBN serieus mee bezig en zet ook serieus stappen. Hoe minder de gemeente aan hen vraagt aan verzoektaken hoe lager de kosten zijn. Er is een x-aantal uren per jaar beschikbaar en de vraag is steeds weer hoeveel onderzoeken daarvoor opgepakt worden. De Rekenkamer werkt voor de raad, niet voor het college. De conceptreactie is vandaag in het portefeuillehoudersoverleg besproken en de intentie is de bestuurlijke reactie volgende week in het college te behandelen. Hoelang de Rekenkamer daarna nog nodig heeft, weet hij niet. RIVM-rapport: casussen zitten hier niet in. In de milieueffectrapportage komen milieuaspecten langs. In de kadernota staat een en ander over de kaderrichtlijn Water en hoe wordt omgegaan met het lozen van stoffen. Hier wordt al een aantal jaren aan gewerkt maar er is nog veel te doen om ervoor te zorgen dat de waterkwaliteit hier op orde is. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) vraagt of het zinvol is in een zienswijze op te nemen dat Den Bosch op den duur verwacht minder te worden doorgecalculeerd in de kosten. Wethouder Ralph Geers vindt dat lastig want de raad heeft ook over een aantal thema’s gezegd: hier mag een stapje meer worden gedaan.

Hoe meer het werk geautomatiseerd wordt en aan de voorkant verminderd, hoe meer capaciteit er overblijft voor de noodzakelijke handhaving en toezicht buiten. Er speelt veel op het gebied van milieu en voor de volksgezondheid is een slagvaardige omgevingsdienst heel wat waard. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) neemt aan dat als de gemeente meer beroep op de omgevingsdienst doet, de omgevingsdienst een hogere factuur stuurt. Het gaat hem erom dat de omgevingsdienst indexering van de tarieven achterwege laat omdat zij zelf processen efficiënter hebben ingericht. Hoe wordt aan hen teruggegeven dat zij zelf aan de slag moeten met personeelskrapte en verbetering van de processen? Wethouder Ralph Geers zegt dat dit in de huidige kadernota terug te zien is, de ODBN anticipeert hier al op. De heer Romijn (PvdD) had van de Rekenkamer begrepen dat het rapport nu bij het college ligt. Kan dat binnen enkele weken bij de raad liggen? Wethouder Ralph Geers hoopt volgende week in het college de wederhoor vast te kunnen stellen en dan is het aan de Rekenkamer dat rapport af te ronden. Hij probeert het tempo erin te houden. De voorzitter concludeert dat de PvdD dit voorstel mee terugneemt naar de fractie. De overige fracties willen dit voorstel als hamerstuk naar de raadsvergadering doorgeleiden. Overige agendapunten 9.

Discussienota Toeristenbelasting aansluitend bij Toeristische Visie en Logiesbeleid De heer Koolen (PvdA) zegt dat steeds meer toeristen Den Bosch weten te vinden en het is evident dat dit van belang is voor de Bossche economie. Hij draagt graag bij aan een degelijk en robuust toeristenbeleid waarvan toeristenbelasting een belangrijk onderdeel is. Toeristenbelasting is een van de gemeentelijke sturingsmechanismen en niet de minst belangrijke. Er worden vragen gesteld in de discussienota. Bij de voorgestelde aanpassingen in de toeristenbelasting is een zorgvuldige afweging gemaakt tussen de aantrekkingskracht van de stad, het belang van de ondernemers en de inkomsten van de gemeente. Hij is er voorstander van de afspraken conform het bestuursakkoord ook in de volgende bestuursperiode voort te zetten. Niet verder of opnieuw gaan differentiëren in categorieën accommodaties dus. Het is begrijpelijk onderscheid te maken in de verschillende typen onderkomens en daarom pleit hij ervoor de toeristenbelasting vast te stellen aan de hand van een percentage van de overnachtingskosten in plaats van het berekenen van een vast bedrag. De breedste schouders dragen zo de zwaarste lasten, een solidariteitsprincipe dus. Dat is niet uniek in Nederland want Utrecht en Amsterdam werken al langer zo. Hij vindt het niet aannemelijk dat dit voor de 6

bezoeker, gemeente of exploitant te veel onzekerheid of ingewikkeldheid met zich meebrengt, zoals de nota suggereert. Het onderzoeken van die mogelijkheid is ten minste de moeite waard. De heer El Amraoui (D66) is niet per se fan van het verder differentiëren van de belastingtarieven binnen de toeristenbelasting omdat dat meer onduidelijkheid schept en ook in de weg kan staan. Bepaalde differentiatie is soms wenselijk om ook de kleinere portemonnees te helpen om ook een overnachting in de gemeente te kunnen betalen maar zolang het budgettair neutraal geregeld kan worden, zal hij meegaan in het voorstel. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt dat in het voorstel van het hoteloverleg geen differentiatie wordt aangebracht tussen hotel en B&B maar wel voor vakantiehuizen. De heer El Amraoui (D66) zegt dat als een differentiatie toegepast zou kunnen worden om kleinere portemonnees te ondersteunen dan kan hij zich daarin vinden zolang dat budgettair neutraal gebeurt. In het discussienotitie stond een tekort van € 8.000 maar dat is wat hem betreft budgettair neutraal. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt dat er een stijging te zien is in het concept dat voorligt.

Hoe wordt aangekeken tegen ambities rondom toerisme en het laten stijgen van de toeristenbelasting? De heer El Amraoui (D66) zegt dat in het stuk ook staat hoe Den Bosch als stad aantrekkelijk is en een dergelijke stijging heeft niet per se een negatief effect op het aantal bezoeken aan Den Bosch. Er is een specifieke ambitie voor een meerdaags verblijf en een verdere differentiatie met andere tarifering zou mensen kunnen helpen om meerdere dagen in Den Bosch te verblijven. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) begrijpt dat D66 tegen differentiatie is. De heer El Amraoui (D66) is niet tegen differentiatie maar als je een lagere prijs regelt voor een bepaald verblijf dan kan een meerdaags verblijf gestimuleerd worden. Een lichte prijsverhoging zal niet direct een negatief effect hebben op het aantal toeristen. De heer Altenburg-Collin (VVD) begrijpt dat D66 niet tegen differentiatie is en zeker niet als daarmee lagere inkomens tegemoetgekomen kunnen worden, zoals gezinnen in vakantiehuisjes. De heer El Amraoui (D66) heeft aangegeven in principe tegen differentiatie te zijn maar als vanuit een sociaal perspectief of het stimuleren van een meerdaags verblijf toch gekozen wordt voor differentiatie dan zal D66 daar niet tegen zijn. De heer Koolen (PvdA) vraagt wat D66 ervan vindt om dit op basis van een percentage te doen. De heer El Amraoui (D66) vindt dat erg ingewikkeld.

Hij vraagt zich af hoe hier goed rekening mee gehouden kan worden in de begroting. De heer Koolen (PvdA) denkt niet dat dat zo ingewikkeld is. Amsterdam en Utrecht hebben dat systeem al ingevoerd. De inkomsten nu zijn € 2,7 miljoen en er kan teruggerekend worden naar percentages per type accommodatie om dezelfde inkomsten te hebben. De heer El Amraoui (D66) zegt dat het heel lastig te peilen is hoeveel inkomsten je dan geniet. De heer Scholten (GroenLinks) ziet niet direct het belang van een gedifferentieerd tarief in voorgestelde vorm en is het niet eens met de uitgangspunten. Toen hij de motie die ten grondslag ligt aan deze discussienotitie steunde, ging hij ervan uit dat de mogelijkheden voor een nultarief of uitsluitende redenen voor vergunningsverplichting en toeristenbelasting onderzocht zouden worden voor stichtingen zoals Vrienden op de Fiets. Hier vindt hij iets over terug in de bijlage: "Het is juridisch niet mogelijk om onderscheid te maken tussen B&B’s en Vrienden op de Fiets." Dat wordt duidelijk in de huidige verordening: er is überhaupt geen onderscheid te maken tussen een B&B en een persoon die vrienden ontvangt die blijven 7

slapen. Als die persoon daar een vergoeding voor vraagt aan zijn vrienden zou hij ook een B&B zijn. De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat het in de praktijk niet zo is. Voor een B&B moet je een vergunning aanvragen en dat betekent dat iedereen die een B&B heeft, is geregistreerd. Daar is ook controle op. De heer Scholten (GroenLinks) verwijst naar de definitie die in de verordening staat en wat daarbinnen past. Zijn huis past daar ook binnen, ook als hij niet vanuit financieel oogpunt vrienden ontvangt. Dat is niet in de geest zoals het bedoeld is maar wel de letter die er staat. De heer Altenburg-Collin (VVD) zegt dat het niet mogelijk is onderscheid te maken tussen B&B’s en Vrienden op de Fiets. Om toch Vrienden op de Fiets tegemoet te komen, zou daar dan niet een aparte categorie voor bij moeten komen? De heer Scholten (GroenLinks) zegt dat de VNG veel ruimte geeft om de tarieven voor de toeristenbelasting te bepalen. Een classificatiesysteem met sterren werkt wellicht beter. De VNG geeft ook aan dat vrijstellingen gegeven kunnen worden. De heer Altenburg-Collin (VVD) vraagt of GroenLinks hiermee pleit voor vrijstelling voor Vrienden op de Fiets. Het lijkt de heer Scholten (GroenLinks) goed om te bekijken of er stichtingen of organisaties zijn die binnen zo’n vrijstelling zouden kunnen vallen.

De heer Van Griensven (PVV) zegt dat Vrienden op de Fiets in principe een besloten club is en zij hoeven ook geen reclame te maken in tegenstelling tot een B&B. De heer Scholten (GroenLinks) denkt dat er redenen te vinden zijn waarom die differentiatie gemaakt kan worden. Hij vindt het te kort door de bocht nu in de notitie op te nemen dat dat niet mogelijk is. De heer Van Hasselt (SP) vindt de gedachtestroom van GroenLinks interessant. Zou er een differentiatie gemaakt kunnen worden tussen commerciële en niet-commerciële rechtspersonen? De heer Scholten (GroenLinks) zegt dat ook dan er een algemene definitie moet komen waarom bepaalde organisaties, stichtingen en verenigingen buiten de verordening zouden moeten vallen. Dat is aan de juristen. Er zijn genoeg aanleidingen genoemd om de verordening een keer goed onderhanden te nemen. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) sluit zich aan bij de woorden van de heer Koolen en stelt voor te kijken naar een percentage voor het berekenen van de toeristenbelasting. De heer Altenburg-Collin (VVD) had eerder een technische vraag hierover ingediend en kreeg als antwoord dat dat nogal wat haken en ogen heeft.

Amsterdam hanteert 12,5% maar waar bereken je dat over, over de overnachtingsprijs? Als dat toch ingewikkeld wordt, is het dan niet goed te gaan differentiëren? Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) vindt op zijn minst dat dit onderzocht moet worden. Er is niet gekeken bij Amsterdam of Utrecht hoe zij dit ingericht hebben. Zij ziet veel voordelen in het toepassen van percentages en wil dat de gemeente nagaat hoe Amsterdam en Utrecht dit hebben geregeld. De heer Ploegmakers (CDA) sluit zich aan bij de vraag van de VVD. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) sluit zich aan bij de woorden van de heer Koolen. Door een percentage te hanteren, ben je de discussie over wat precies een B&B en hotel is kwijt. Er is dan ook geen jaarlijkse aanpassing van de tarieven of extra administratie nodig. 8

De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) vraagt of dat dan per persoon of per unit is in zo’n model. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) zegt dat het percentage over de overnachtingsprijs wordt berekend. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) meent dat de basis van toeristenbelasting is dat de gemeente voor iedere bezoeker hetzelfde doet. Of je nu met een tent komt of een hotel boekt, de gemeente doet niet meer of minder voor een bezoeker. Het eerlijkst is het wanneer iedere bezoeker hetzelfde bedrag betaalt. De faciliteiten die de gemeente biedt, zijn nooit per doelgroep aanwijsbaar. De vraag is dan alleen of uit sociaal oogpunt de prijs gedifferentieerd wordt. Op dit moment wordt verschil gemaakt tussen hotels en campings en ook daar is bijna geen verschil te zien tussen iemand die met een luxe camper komt of een kleine tent. Nu ligt er een voorstel voor vier tarieven. De vraag is welke doelgroepen de gemeente wil bevoordelen door minder toeristenbelasting te betalen. Een hotelbezoeker is niet per definitie degene met de dikste portemonnee want dat zijn misschien wel de mensen met een camper. Dus hoeveel groepen wil de gemeente maken? De heer Romijn (PvdD) vraagt of een prijs aan de hand van een percentage dan eerlijker zou zijn. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) denkt dat de prijs op basis van een percentage niet haalbaar is. In het verleden is dat ook bekeken.

Per dag is een andere prijs te boeken en daar zit geen logica in. Voor de gemeente is niet te volgen welke prijs een kamer nu uiteindelijk gekost heeft. Dan wordt het dus een niet-controleerbaar systeem. De heer Romijn (PvdD) zegt dat een bezoeker uiteindelijk afrekent en daar vindt administratie van plaats. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) is het daarmee eens, maar zal de hotelier alle bonnetjes aan de gemeente overhandigen? De heer Koolen (PvdA) zegt dat een camper drie keer zoveel ruimte in beslag neemt als een klein tentje en dus drie keer zoveel toeristenbelasting betaalt. Met dit bijltje wordt al langer gehakt in grotere steden en zij hebben geen last van fraudegevoeligheid of ingewikkeldheden. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) is het daar niet mee eens en volgens hem wordt dit een onwerkbaar systeem. Voor kinderen wordt nu net zoveel toeristenbelasting betaald als voor volwassenen. Daar moet meer over nagedacht worden. Hij pleit voor een duidelijk systeem met duidelijke tarieven en of dat met drie of vier tarieven is, maakt hem niet uit. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) vraagt waar de heer Pennings nu voorstander van is. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) zegt dat volgens het systeem iedereen hetzelfde hoort te betalen, dat is de basis.

Hij kan zich voorstellen dat een tent een lager tarief betaalt dan een camper maar in principe maken zij gebruik van dezelfde voorzieningen in de gemeente. De doelgroepen die het nodig hebben, zouden ergens bevoordeeld kunnen worden. Dat moet de basis zijn. De tarieven in Den Bosch moeten niet te veel verhoogd worden ten opzichte van andere steden in Brabant. De heer Van Hasselt (SP) zegt dat Den Bosch veel te bieden heeft en veel investeert in citymarketing alsook in het historisch karakter. De toeristenbelasting mag daarom best wat hoger zijn in Den Bosch dan in de gemeenten rondom Den Bosch. Hij is voor een prijsafhankelijk percentage, als je een grotere kamer kan betalen, mag je ook wat meer betalen aan een hogere belasting. Hij stelt voor non-profitorganisaties een vrijstelling te geven. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) is het niet eens met jaar op jaar de toeristenbelasting laten stijgen, zeker niet als je met elkaar flinke ambities hebt bepaald en de 9

gemeente het (meerdaags) toerisme wil laten groeien. Daarnaast komt er in 2026 zomaar 21% BTW bij en Den Bosch moet zich niet uit de markt prijzen. De heer Ploegmakers (CDA) merkt op dat alle kosten stijgen, ook die voor de gemeente, en de toeristenbelasting moet op hetzelfde niveau blijven de komende jaren? De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt dat de raad een ambitie in toerisme heeft uitgesproken. Die ambitie moet stroken met de belastingen en voorwaarden voor ondernemers en bezoekers. De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat iedere gemeente de toeristenbelasting verhoogt. Zal de gemeente door 1% of 2% minder te heffen meer toeristen trekken? Zeker niet, zegt de heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch). Meerdaags toerisme moet niet geregeld worden met een lager percentage bijvoorbeeld op vakantiehuizen. Het is een knop waar lokaal aan gedraaid kan worden. Het is een politieke keuze om koploper te zijn ten opzichte van de gemeenten rondom, net als het positief indexeren van alle culturele gelden. Hij zou die keuze niet maken met de ambities die Den Bosch heeft op het gebied van toerisme. De heer Van Hasselt (SP) vraagt zich af of een toerist bij een boeking gaat kijken naar hoeveel de toeristenbelasting is. Het is belangrijker te kijken naar wat de stad te bieden heeft.

Als Den Bosch zo uniek is dan kan het toch ook zo zijn dat Den Bosch qua toeristenbelasting een stuk hoger uitkomt dan andere gemeenten. Hij heeft nog nooit iemand horen klagen over de toeristenbelasting in Venetië want iedereen wil Venetië zien. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt dat er veel factoren zijn waar de gemeente niet over gaat die maken dat iemand Den Bosch bezoekt. Met de redenering van de SP zou er dus helemaal geen plafond meer zijn. Als iemand een congres regelt en daarbij een hotel voor meer dan dertig mensen moet boeken dan scheelt het wel degelijk of de toeristenbelasting hoog is of gelijk aan die van omliggende gemeenten. De heer Van Hasselt (SP) zegt dat dat heel erg afhankelijk is van wat Den Bosch te bieden heeft. Als Den Bosch de beste congresopties en hotels te bieden heeft dan mag daar iets meer voor betaald worden. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) blijft erbij dat Den Bosch zich niet uit de markt moet prijzen. De heer Van Hasselt (SP) merkt op dat de faciliteiten hier veel geld kosten en er moet voor gezorgd worden dat die betaalbaar blijven om die aantrekkingskracht juist te kunnen behouden. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) begrijpt dat het theater heel veel geld kost maar hij heeft niet de illusie dat dat uit de toeristenbelasting wordt betaald.

Hij begrijpt de differentiatie waar dit stuk op aanstuurt al moet de impact ervan niet overdreven worden. Hij begrijpt ook de lagere taks voor vakantiewoningen omdat die nu eenmaal een grote factor is op de omzet en daar gedifferentieerd wordt. Hij voelt minder voor B&B kamerverhuur en hotels, dat voelt alsof alle lasten bij een hotel liggen. Daar wil hij dus geen verschil in tarief maken. De heer Altenburg-Collin (VVD) wil iets doen voor Vrienden op de Fiets. Er kan geen onderscheid gemaakt worden tussen B&B en Vrienden op de Fiets, vandaar dat er nu een extra categorie komt voor B&B’s. Is het dan niet terecht dat er een tussencategorie wordt gemaakt tussen vakantiehuisjes en hotels om voor die Vrienden op de Fiets iets te kunnen doen? De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt dat je aan de ene kant een groep wil bedienen maar die is vrij klein. Dan worden de B&B’s in een positie gebracht dat zij voordeel hebben ten opzichte van hotels, die andere verantwoordelijkheden en lasten met zich meedragen. Hotels zijn een groot aandeel van de overnachtingen en zij zijn de motor waar de stad het van moet hebben.

10

De heer Gersjes (gewoon ge-DREVEN) vraagt hoe de heer Kagie tegen de B&B’s aankijkt. De prijzen van overnachtingen van B&B’s en hotels verschillen niet veel. Waarom zou de toeristenbelasting dan niet gelijkgetrokken worden? Er is een maximum bepaald voor 2027 (€ 5) en er moet voor gewaakt worden dat daar niet boven wordt gekomen. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) is het eens met de heer Gersjes. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) vraagt hoe de heer Kagie aankijkt tegen een systeem dat uitgaat van een percentage van de overnachtingskosten. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt dat iemand die meer verdient daar meer belasting over betaalt en het moet niet zo zijn dat als hij een product koopt hij daar ook nog eens meer belasting over betaalt. Iemand wordt belast op zijn inkomen en dat is in Nederland al fors. De een mag niet meer voor een ijsje betalen dan de ander omdat de een meer verdient. Hij vindt het niet gelegitimeerd dat B&B’s ook nog eens een voordeel zouden moeten hebben in de toeristenbelasting. Daarnaast zorgt genoemd model ervoor dat de toeristenbelasting minder hard stijgt voor hotels en dat is niet onbelangrijk in het kader van de concurrentiepositie van Den Bosch. Hij sluit zich aan bij het voorstel van het hoteloverleg.

De heer Altenburg-Collin (VVD) kan zich vinden in de lijn die het college heeft uitgezet: vanaf 2027 teruggaan naar vier categorieën. Eerder heeft de VVD zich hard gemaakt voor één uniform tarief maar dat leidt ertoe dat een gezin met kinderen voor een week in een vakantiehuis een peperdure rekening betaalt. Dat kan niet de bedoeling zijn. Vrienden op de Fiets zijn dan ook de sigaar. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) vraagt zich af of dat probleem niet op te lossen is door kinderen vrij te stellen van toeristenbelasting in plaats van een moeilijk systeem op te tuigen. De heer Altenburg-Collin (VVD) zegt dat die mogelijkheid onderzocht kan worden. Volgens hem is dat juridisch echter niet mogelijk. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt dat de VVD in 2027 mogelijk niet meer klem zit in dit college. Zou de VVD die stijging dan toch willen doorvoeren of pas op de plaats willen maken? De heer Altenburg-Collin (VVD) zegt dat de sector behoefte heeft om te weten waar hij aan toe is. Er zou dan voor een tarief gekozen kunnen worden en dat zou dan even vastgehouden kunnen worden zolang dat college zit. De heer El Amraoui (D66) vraagt waarom kinderen niet vrijgesteld zouden kunnen worden van toeristenbelasting. De heer Altenburg-Collin (VVD) zegt dat volgens hem de regel is dat iedereen die hier overnacht toeristenbelastingplichtig is. Daar zit geen leeftijdsgrens aan.

De heer El Amraoui (D66) zegt dat de regels op dit moment inderdaad zo zijn maar er zou ook een uitzondering op gemaakt kunnen worden. De heer Altenburg-Collin (VVD) lijkt het goed dat technisch uit te laten zoeken. De heer Scholten (GroenLinks) vraagt of Vrienden op de Fiets nog steeds onder de B&B’s valt. De heer Altenburg-Collin (VVD) gaat uit van wat er in de stukken staat en daarin staat dat geen onderscheid kan worden gemaakt voor Stichting Vrienden op de Fiets en dat zij onder de B&B’s valt. De heer Scholten (GroenLinks) vraagt of de VVD dat ook een gewenste situatie vindt. De heer Altenburg-Collin (VVD) had liever gezien dat Vrienden op de Fiets onder een lager 11

tarief zou vallen. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) begrijpt dat de sector behoefte heeft aan duidelijkheid. Een systeem dat uitgaat van een percentage op de hotelovernachting geeft juist duidelijkheid en rust en dan hoeft niet ieder jaar discussie gevoerd te worden over categorieën. De heer Altenburg-Collin (VVD) zegt dat de ambtenaren eerder hebben aangegeven dat dat te complex zou zijn maar hij hoort ook partijen hier voor pleiten. Ook dat zou uitgezocht moeten worden. Het zou wel het eerlijkst zijn en het lost veel problemen op. Mevrouw Klerks (Volt) ziet belang in het aanpassen van de toeristenbelasting, juist om ruimte en invulling te geven aan kleinschaligere en minder commerciële alternatieve vormen van overnachtingen. Er dient een passend en eventueel gedifferentieerd belastingsysteem toegepast te worden om meer recht te doen aan de verschillende portemonnees. Een onderscheid tussen profit en non-profit vindt zij interessant, hoe kijkt de wethouder hier tegenaan? Zij is voorstander van meerdaags verblijf in de gemeente en ook verduidelijking en consistentie in beleid en uitvoering. Een percentage hanteren, voldoet hier ook aan. Zij is benieuwd hoe Amsterdam en Utrecht dit hebben geregeld. Zij is er geen voorstander van als het tarief pas in 2027 aangepast kan worden.

In het differentiatiescenario wordt berekend dat de inkomsten zouden dalen met € 8.000 ten opzichte van 2023. Er wordt echter ook een stijgend aantal hotelovernachtingen verwacht want dat is de ambitie. Is die ambitie gekoppeld aan meer belastingopbrengsten of is het streven een gelijke inkomstenstroom? Differentiatie is voor Volt bespreekbaar als de maximering van hotelovernachtingen tot 2027 gehandhaafd wordt en tegelijkertijd het invoeren van een differentiatie van tarieven als daarmee de verwachte groei in overnachtingen de huidige inkomsten benaderd wordt. De heer Romijn (PvdD) ziet het belang van aanpassing van de toeristenbelasting. De uitgangspunten onderschrijft hij niet geheel. De groei van meerdaags verblijf als doel op zich onderschrijft hij niet. Er is gekozen voor een vast bedrag per overnachting. Een tarief op basis van een percentage heeft zijn voorkeur. Hij ging er bij de voorbereiding van uit dat het niet kon om bijvoorbeeld Vrienden op de Fiets vrij te stellen. Misschien moet dat onderzocht worden. De heer Van Griensven (PVV) wil de prijzen niet omhoog bijstellen. Indertijd heeft hij ingestemd met de motie over Vrienden op de Fiets. Hij denkt dat er vooral verschil gemaakt moet worden tussen of er winst wordt gemaakt en dat de doelstelling is of dat het alleen is om voor eten en drinken een vergoeding te geven.

Door de tarieven voor hotels te verhogen, komt er een concurrentiestrijd tussen Den Bosch en andere gemeenten. Hotel Centraal zou € 5,50 per nacht moeten rekenen en Van der Valk in Vught aan de overkant maar € 2,07. De heer El Amraoui (D66) vraagt of de heer Van Griensven hierdoor een grote wegloop ziet van Den Bosch naar Vught. De heer Van Griensven (PVV) heeft dat persoonlijk niet geconstateerd maar kan zich voorstellen dat als je met een groep van je bedrijf iets organiseert je toch liever aan de andere kant gaat zitten. Dat is volgens de heer El Amraoui (D66) al het geval. De heer Van Griensven (PVV) zegt dat die kans groter wordt naarmate het verschil groter wordt. Hij ziet liever dat het op € 4,95 blijft met uitzondering van de non-profit. Het liefst ziet hij de belasting nog wat meer naar beneden gaan bijvoorbeeld als de subsidie voor de groene daken eens afgeschaft wordt en daarop in mindering wordt gebracht. Er zijn mensen die geen duur vakantieverblijf kunnen betalen en zij gaan met de tent of caravan op vakantie. Zij moeten ongeveer 50% meer gaan betalen en dat vindt hij raar. De heer Ploegmakers (CDA) is blij dat het college gevolg geeft aan de raadsbreed gesteunde motie. Hij kan zich vinden in het voorstel voor vier categorieën en is verheugd dat het tarief voor vakantiebungalows naar beneden gaat.

De heer Gersjes (gewoon ge-DREVEN) vraagt hoe het CDA aankijkt tegen de mogelijkheid om 12

differentiatie aan te brengen in leeftijdsgroepen en vrijstelling voor kinderen. De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat dat zou kunnen maar als een laag tarief bij campings wordt gehanteerd dan is dat iets dat iedere gemeente doet. Uiteindelijk moet toch weer op de € 2,7 miljoen uitgekomen worden dus dan zullen andere tarieven verhoogd moeten worden. Daar is hij geen voorstander van. Hij is ook geen voorstander van het hanteren van een percentage want dat maakt het erg ingewikkeld, gelet op de prijsfluctuaties van overnachtingen. Mevrouw Klerks (Volt) vraagt of het CDA het makkelijker vindt als een accommodatie zelf moet bepalen of zij een hotel of B&B zijn dan het hanteren van een percentage per overnachting. De heer Ploegmakers (CDA) vindt dat inderdaad. Daarbij gaat het ook om de uitvoerbaarheid en controleerbaarheid. Er zijn al meer dan honderd B&B’s en hotels fluctueren ook erg in prijs. Daarbij komt de extra BTW van 21% en als daar ook een percentage van genomen wordt dan worden de lasten wel extra verhoogd. Een vast bedrag per overnachting heeft zijn voorkeur. Mevrouw Klerks (Volt) zegt dat een appel in de verschillende supermarkten ook verschillende prijzen heeft en toch weten zij prima wat zij aan percentage belasting moeten afdragen. Waarom zou de gemeente dat niet kunnen? De heer Ploegmakers (CDA) denkt dat het dan enorm complex wordt door het fluctueren van de prijzen.

Ga dat maar eens controleren; er moet een regeling zijn die controleerbaar is. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) vraagt of het CDA niet nieuwsgierig is naar hoe Amsterdam en Utrecht dat doen. De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat Nederland 380 gemeenten telt en het grootste deel hanteert een vast tarief voor toeristenbelasting. Hij stelt voor het systeem simpel en voor iedereen duidelijk te houden. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) vraagt of het CDA niet nieuwsgierig zou zijn naar de uitkomsten van onderzoek daarnaar. De heer Ploegmakers (CDA) ziet veel problemen in de uitvoering en controle. Hij zou in een onderzoek ook de nadelige effecten willen zien. Nu is helder wat iedereen moet betalen. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) zegt dat onderzoek ook de nadelige effecten zal aangeven. Nu zijn die niet bekend. De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat als de raad dit wil laten onderzoeken zijn standpunt dan bekend is. Hij gaat uit van een vast bedrag per overnachting. De heer Scholten (GroenLinks) zegt dat nu gecontroleerd wordt op het aantal overnachtingen en bij het hanteren van een percentage wordt gecontroleerd op de omzet. Van die omzet wordt een vast percentage gehanteerd dus dat is ook goed controleerbaar. De heer Ploegmakers (CDA) herhaalt dat die prijzen enorm fluctueren. Veel B&B’s werken anders dan een hotel met de administratie.

De heer Scholten (GroenLinks) kan zich voorstellen dat een B&B misschien nu ook wel eens een overnachting vergeet of te veel registreert. De heer Ploegmakers (CDA) herhaalt een voorstander van helderheid te zijn en van een vast bedrag per overnachting. De heer Van Hasselt (SP) vraagt of het CDA het verenigingsleven zou willen ontzien van extra toeristenbelasting en non-profitinstellingen dus niet hoeven te betalen. Dat vindt de heer Ploegmakers (CDA) lastig. Wat als een jeugdherberg in stichtingsvorm wordt opgericht of een stichting een groepsaccommodatie heeft dan zouden die vrijgesteld worden. 13

Dat onderscheid vindt hij niet noodzakelijk. De heer Van Hasselt (SP) dacht dat het CDA juist een partij van de stichtingen en verenigingen was en de maatschappelijke doelstelling wil stimuleren. De heer Ploegmakers (CDA) deelt die mening niet. De heer Koolen (PvdA) meent dat Den Bosch Datastad een eer hoog te houden heeft en het van belang is goed te kijken naar hoe anderen het doen in plaats van zich angst te laten aanpraten over eventuele complexiteit. De heer Ploegmakers (CDA) zal niet weer zijn standpunt herhalen. De heer Kitslaar (Rosmalens Belang) is blij dat na de coronaperiode het aantal overnachtingen zich meer dan heeft hersteld. Er wordt een groei van 11% verwacht naar 2028. Voor de B&B’s en particuliere verhuur is ook een herstel na corona te zien maar het aantal overnachtingen in 2023 blijft nog achter op 2022. Een prognose naar 2028 wordt voor deze categorie niet genoemd. Hij ziet het belang van aanpassing van de toeristenbelasting met een gedifferentieerd tarief voor vakantieonderkomens omdat deze op basis van de cijfers van 2023 fors achterblijft ten opzichte van overnachtingen op hotels en pensions. Is er een aantoonbaar verband tussen de hoogte van de toeristenbelasting en het achterblijven van de overnachtingen bij de diverse B&B’s en particuliere verhuur? Hij kan instemmen met de uitgangspunten voor deze aanpassing.

Voorspelbaarheid van kosten, een eenduidige uitleg en gebruiksvriendelijkheid voor het berekenen van deze belasting zijn van groot belang. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) vindt een vast percentage voor de helderheid voor de ondernemer van belang. Met de categorieën is hij het niet eens. B&B is veel te laag ingeschat. Is het B&B-overleg hierbij betrokken en hoe denkt het erover? Er zou onderzocht moeten worden met de partijen wat de beste opties zijn. Reactie college Wethouder Van der Sloot zegt dat de raad in 2023 een motie heeft aangenomen naar aanleiding van het nieuwe belastingsysteem. Toen waren er twee categorieën en de raad zag dat een extra differentiatie nodig was betreffende Vrienden op de Fiets en de huisjes. Daarmee is het college aan de slag gegaan. Deze notitie heeft even tijd gekost want het is best complex om juridisch zaken van elkaar uit te zonderen. Een juridisch verschil tussen Vrienden op de Fiets en een B&B is niet te maken, daar liep het college steeds tegenaan. Uiteindelijk is op de vier categorieën gekomen. Toeristenbelasting is er niet omdat de gemeente daar geld aan wil verdienen maar is bedoeld om de mensen die de stad bezoeken te laten meebetalen aan de voorzieningen die er zijn in de stad.

Er wordt geld opgehaald met toeristenbelasting en als van dat bedrag wordt afgeweken of groepen ervan uitgezonderd worden dan moet dat geld elders gezocht worden. Het budgetrecht is aan de raad en als de raad wil dat de belasting minder wordt dan moet elders structureel geld gevonden worden. Gezegd werd dat de toeristenbelasting continu zou stijgen. In deze bestuursperiode is afgesproken dat het voor hotels € 5 is en dat bedrag is niet geïndexeerd, wat normaal gesproken wel gebeurt. Er is voor gekozen om de bestuurlijke afspraak die met het hoteloverleg is gemaakt ook vast te houden in deze bestuursperiode. Vanaf 2027 wordt dus pas een nieuw tarief neergezet. Hotels hebben ook houvast nodig en mensen moeten weten waar zij aan toe zijn. Vanaf 2027 zal het bedrag € 5,50 worden. Mevrouw Klerks (Volt) zegt dat als niet naar € 5,50 wordt gegaan, zou de differentiatie dan wel eerder ingesteld kunnen worden? Wethouder Van der Sloot zegt dat dat kan maar het college wil zijn afspraken nakomen inzake de € 5. Als de raad op een andere manier wil schuiven dan kan dat maar het college meent dat dit een eerlijkere verdeling is. In Eindhoven wordt in 2027 naar € 6 per overnachting gegaan, net als in de gehele Brainportregio. Het voorstel inzake het hanteren van een percentage heeft voor- en nadelen. Er is al gesproken over dynamische prijsstellingen, de verschillen zijn groot.

De toeristenbelasting wordt alleen berekend over het slapen, niet over de schoonmaak of het ontbijt. Gemeenten die instappen op toeristenbelasting kiezen juist voor het categorieënmodel. 14

Zij vindt het belangrijk het hoteloverleg in deze discussie mee te nemen en te vragen wat zij ervan vinden. Zij kan dit terugkoppelen middels een wethoudersbrief. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) vraagt of de wethouder bereid is hierover ook in gesprek te gaan met Amsterdam of Utrecht. Wethouder Van der Sloot zegt dat dit systeem ook extra ambtenarenuren zal kosten om het op een goede manier te controleren. Die investering zal ook aangegeven worden. Het is belasting die geheven wordt en daar moet goed juridisch en voorspelbaar beleid op gevoerd worden. Het is echter niet iets dat jaarlijks veranderd moet worden en er moet een knoop doorgehakt worden voor langere tijd. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) vraagt wat er in die wethoudersbrief komt te staan. Wethouder Van der Sloot zegt dat ingegaan zal worden op wat het systeem met het hanteren van een percentage inhoudt en wat dat kost. Daarnaast zal het hoteloverleg worden bevraagd over deze mogelijkheid. De heer Van Hasselt (SP) vraagt of in het onderzoek ook meegenomen wordt de mogelijkheid om nonprofitorganisaties als aparte categorie mee te nemen of daar vrijstelling voor te realiseren. Wethouder Van der Sloot vindt dit lastig. Iedereen kan een stichting beginnen of een informele vereniging met een aantal mensen en ondertussen toch een hotel of B&B runnen.

Het idee van toeristenbelasting is dat mensen betalen voor het gebruik van de stad. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) vraagt of in het onderzoek ook bekeken kan worden om kinderen tot vijf jaar en senioren geen toeristenbelasting te laten betalen. Wethouder Van der Sloot zegt dat als een groep uitgezonderd wordt anderen meer moeten betalen. Wel wil zij laten uitzoeken of kinderen uitgezonderd kunnen worden. Het gros van de gemeenten doet dat overigens niet. De heer Koolen (PvdA) vraagt of de ervaring van het hoteloverleg in Amsterdam en Utrecht ook meegenomen kan worden. Wethouder Van der Sloot vraagt zich af of zij al die informatie tijdig kan krijgen en of de snelheid er een beetje in gehouden kan worden. Zij zal kijken of er vanuit de brancheorganisatie iets gedeeld kan worden. Er is één ambtenaar toerisme en die kan niet alle hotels in Amsterdam en Utrecht bellen. Dat is ook niet de bedoeling van de heer Koolen (PvdA). Het gaat erom of aan die gemeenten gevraagd kan worden wat de ervaring van hun hotels is. Wethouder Van der Sloot zegt dat dat zeker kan. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) vraagt of in beeld is wat het percentage kinderen is waarvoor toeristenbelasting wordt betaald. Wethouder Van der Sloot weet dat niet want iedereen betaalt nu hetzelfde. Er is geen onderscheid gemaakt.

De heer Scholten (GroenLinks) vraagt of er een andere vrijstellingsgrond te verzinnen is voor Vrienden op de Fiets. Wethouder Van der Sloot zegt dat daar onderzoek naar is gedaan en die uitzondering is er niet. De heer Scholten (GroenLinks) vraagt hoe het kan dat op de website van Vrienden op de Fiets staat dat in Den Bosch de stichting anders benaderd wordt dan op andere plekken.

15

Wethouder Van der Sloot zegt dat iedere gemeente over zijn eigen toeristenbelasting gaat. Er zijn ook gemeenten die geen toeristenbelasting heffen. Mevrouw Klerks (Volt) zegt dat er ook gemeenten zijn die aan de groepen zelf reductie geven. Is dat haalbaar? Wethouder Van der Sloot kent deze optie niet. Dan zou buiten de toeristenbelasting om een soort subsidie verleend worden aan mensen die lid zijn van een organisatie. Mevrouw Klerks (Volt) zegt dat dat bijvoorbeeld kan voor kinderen of mensen die slecht ter been zijn of 65-plussers. Staat het college daarvoor open? Wethouder Van der Sloot zegt dat er allerlei groepen uitgezonderd kunnen worden maar die budgetten heeft zij niet dus dan zal ergens anders op bezuinigd moeten worden. Die bezoekers kiezen er wel voor hier naartoe te gaan. De voorzitter vraagt of er al fracties zijn die een motie willen indienen. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) wil een motie indienen over een kindertarief. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) volgt de lijn van het hoteloverleg en wil daar mogelijk op voorsorteren. Dat ligt aan de vervolgstappen. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) is blij met de toezegging van de wethouder dat de brief er komt en een onderzoek. Dat wacht zij af. 10.

Rondvraag en sluiting De voorzitter zegt dat er drie rondvragen zijn ingediend. Afvalinzameling bij bedrijven (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) had in eerste instantie de vraag gesteld over het ontbreken van een bepaalde containerservice voor horeca en mobiele horeca. De wethouder heeft daarop geantwoord dat daar toch in wordt voorzien. Hoe wordt hier in de toekomst mee omgegaan? Het personeelstekort is niet iets van vandaag alleen en zal in de toekomst ook bij de Afvalstoffendienst een grote rol spelen. Hoe kan er bij een volgend evenement voor tijdige communicatie worden gezorgd en in een collectief alternatief voorzien worden? Wethouder Ralph Geers merkte dat deze vraag er in de media toe leidde dat er überhaupt geen afval meer opgehaald zou worden tijdens carnaval en dat wil hij herstellen. Er is een verschil tussen de Afvalstoffendienst die een publieke dienst levert en de commerciële activiteiten van de Afvalstoffendienst. Niet alle ondernemers in de binnenstad zijn klant bij de Afvalstoffendienst, zij kunnen ook met andere marktpartijen in zee zijn. Het gaat hier om partijen die een commerciële relatie met de Afvalstoffendienst hebben en die nu vier of vijf weken voor carnaval vragen of zij weer van het commerciële element gebruik kunnen maken met die extra container.

De Afvalstoffendienst heeft de focus op veilig werken en kijkt naar wat wel en wat niet verantwoord is en heeft aangegeven daar terughoudend in te zijn, zeker met carnaval. Afvalinzamelingsbeleid (PvdD) De heer Romijn (PvdD) zegt dat de gemeente begin 2024 is gestart met een nieuw afvalinzamelingsbeleid met de ambitie het restafval terug te dringen. In 2024 heeft hij een aantal malen gevraagd of er al effecten zichtbaar waren. Steeds werd aangegeven dat er nog geen resultaten beschikbaar waren. Hoe zit het nu met de prioritering van de seculaire ambities? Zijn er al effecten zichtbaar? Kan de wethouder die cijfers op korte termijn delen? Ligt de gemeente op koers voor wat betreft de doelen? Zo nee, volgen er extra maatregelen? Wethouder Ralph Geers zegt dat het met de huidige maatregelen lastig wordt om de doelstellingen te halen. Vandaar dat het college bij de raad een nieuwe afvalvisie heeft aangekondigd. De doelstelling is niet alleen de focus op de hoeveelheid restafval te verminderen maar ook op de circulariteit van het afval en welke interventies werken. Nog voor de zomer komt hier een discussienotitie over. Dan zal alle gevraagde informatie aan de raad ter 16

beschikking worden gesteld. De heer Romijn (PvdD) vraagt of het nieuwe beleid überhaupt effect heeft. Wethouder Ralph Geers heeft op dit moment geen cijfers en kan die vraag dus ook niet beantwoorden. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) vraagt of de pilot over afval dumpen naast containers dan ook terugkomt. Wethouder Ralph Geers zegt dat het afval dumpen geen plek krijgt in die discussienotitie, dat is namelijk iets anders. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) meent dat het dumpen van afval daar toch ook in meegenomen moet worden. Wethouder Ralph Geers zegt dat bijplaatsingen worden opgehaald door Beheer Openbare Ruimte en de discussienotitie gaat over de reguliere afvalinzamelingsstroom. Klimaatimpactanalyse (PvdD) De heer Romijn (PvdD) zegt dat in 2023 het rapport ’s-Hertogenbosch Klimaatneutraal verscheen. Dat werd pas op 23 januari 2024 voorgelegd en in november 2024 volgde de discussienotitie. Het tijdstip van verdere behandeling is nog altijd onduidelijk, al gaf de wethouder eerder in een brief aan dat dat in maart of april zou zijn. De vertraging komt nu boven op de vertraging die er al was. Hier moet Den Bosch hard mee aan de slag gaan.

Klopt het dat het raadsvoorstel niet tijdig en conform eerdere communicatie aan de raad werd toegelicht? Zo ja waarom is de raad daar niet over geïnformeerd? Wanneer wordt dit raadsvoorstel wel aan de raad voorgelegd? Als er weer vertraging optreedt, wordt de raad daar dan over geïnformeerd? Waarom duurt het meer dan een halfjaar om van een discussienotitie tot een definitief voorstel te komen? Wethouder Ralph Geers zegt dat wethouder Van der Geld in december heeft gezegd uiterlijk in het tweede kwartaal van 2025 met het voorstel te komen. Dat is nog steeds de planning dus er is geen sprake van vertraging. Mocht dat niet lukken dan zal het college de raad informeren. Dat betekent dus binnen een halfjaar na de notitie een raadsvoorstel. De voorzitter constateert dat er geen verdere vragen zijn. Zij sluit onder dankzegging aan eenieder de vergadering om 21.35 uur. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de commissie Bedrijvigheid van 17 maart 2025. De secretaris, mr. drs. R. van der Meer

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15187145/1