CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-05-27 Commissie Bedrijvigheid vastgesteld

Commissie BEDRIJVIGHEID 27 mei 2024, gemeente 's-Hertogenbosch26.209 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

duidelijk met Den Bosch Partners gecommuniceerd. Daarmee is de gemeente geen financiële partner bij een volgende winterse activiteit in de Bossche binnenstad. Den Bosch Partners heeft het voortouw om te kijken naar wat er dan wel mogelijk is. De vraag over de extra kosten bij evenementen en de suggestie vanuit Bosch Belang om te kijken of er kan worden gecollecteerd net als bij Jazz in Duketown beantwoordt spreker door aan te geven dat bij Jazz in Duketown een stichting met vele vrijwilligers het evenement organiseren. Vanuit die stichting wordt capaciteit ingezet voor de collecte. Tegenwoordig beheren zij ook bakken waar mensen hun statiegeldbekers in kunnen deponeren. Een volksfeest is wat hem betreft een evenement waar eigenlijk geen organisator achter zit. Het is een feest dat ontstaat zonder dat het georganiseerd wordt, zoals carnaval. Wordt er niets specifiek georganiseerd, dan is er nog steeds carnaval in Oeteldonk. Daardoor zijn er bij dat soort volksfeesten dan ook geen mensen die de collectes waarover Bosch Belang spreekt kunnen organiseren. De suggestie is mooi, maar spreker zou niet weten hoe dat uitgevoerd zou kunnen worden. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) komt terug op het winterevenement. Er gaat een pot met geld naar Den Bosch Partners en daar kunnen zij van alles mee doen.

Begrijpt hij goed dat er niets wordt bijgelegd vanuit de wethouder of de raad voor de komende editie? Wethouder Roy Geers legt uit dat de raad budgetrecht heeft en ervoor heeft gekozen bij de vaststelling van de Begroting 2024 om hier geen geld voor vrij te maken. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) vat samen dat de vorige keer geld is vrijgemaakt voor een klassiek winterevenement. Toen kwamen de heilige huisjes en nu blijkt dat iets in gang is gezet, namelijk een uitvraag bij ondernemers om in te stappen. Hierbij wordt gesproken over een ijsbaan die mogelijk tonnen kost. De lokale overheid stelt dat de raad niets heeft gevraagd en dat daar sowieso geen geld aan wordt uitgegeven. Wethouder Roy Geers is van mening dat dit een eeuwige discussie in de gemeenteraad als het gaat over hoe om te gaan met een evenement in de winterse weken. Wat is er als raad voor nodig en wat voor soort evenement wil de raad? Gewoon ge-DREVEN heeft daar een jaar of iets langer geleden een discussienotitie over geschreven en de raad kwam er niet uit wat voor soort evenement de raad wil. Als de raad geld beschikbaar wil stellen voor een evenement is het wel belangrijk dat de raad aangeeft wat voor soort evenement de raad wil hebben. Dat betekent dat er voor dit jaar feitelijk niet de middelen zijn om een winters evenement te organiseren.

De heer Romijn (PvdD) vraagt hoe de wethouder reflecteert op het feit dat hier uitgebreid wordt gesproken over energie en de noodzaak om zo min mogelijk energie te verkwisten en er tegelijkertijd een hoop energie verbrand zal worden bij het opzetten van een ijsbaan op kosten van de gemeente? Wethouder Roy Geers zegt dat deze vragen ook via de raadsvragen artikel 71 zijn gesteld. De raad ontvangt de beantwoording nog. Daarbij blijft hij bij het eerder ingenomen standpunt, dat niet helemaal strookt met wat het Brabants Dagblad destijds heeft opgeschreven, om niet een ijsbaan te gaan subsidiëren. Als derden een ijsbaan willen realiseren is dat aan hen en niet aan de gemeente omdat de gemeente niet gaat over de inhoud van evenementen. De heer Romijn (PvdD) vindt dat wie betaalt, bepaalt. De gemeente kan kaders stellen. Wethouder Roy Geers heeft dat zojuist ook gezegd. Als de gemeente geen subsidie verleent aan een evenement is het vooral aan de organisator om te beslissen wat voor een evenement hij wil. Wethouder Van der Sloot benoemt de krapte op de arbeidsmarkt. Het college, maar ook als land, mag iedereen blij zijn dat iedereen in dit land mag werken. Dat geldt ook voor asielzoekers, dat is gerechtelijk zo bepaald.

Het interessante daarvan is dat eigenlijk niemand erover gaat, want wie helpt die mensen nu daadwerkelijk richting die arbeidsmarkt? Dat is niet aan het COA, dat is niet aan het ministerie, dat is niet aan wie dan ook. De gemeente pakt echter de handschoen op. Dat staat ook in deze voorjaarsnota en zij is blij om daar ook positieve geluiden over te horen. Als de raadsleden daar nog goede ideeën over hebben om de 14

drie fte die daarvoor beschikbaar zijn nog beter kunnen sturen, hoort zij dat graag, omdat het aan alle kanten belangrijk is dat er gewoon meer mensen op de arbeidsmarkt komen. Dat doet ook iets met het zelfvertrouwen van mensen. 1629 was een belangrijk jaar voor de stad, voor iedereen. In 2029 wordt daaraan gedacht, herdacht en teruggekeken. Zoals in de raadsinformatiebrief die met de raad is gedeeld, wordt dit in het najaar nader gedefinieerd, omdat er verschillende definities zijn van het jaar. Zij wil dat in ieder geval goed neerzetten en vervolgens naar 2029 kijken. Het is de bedoeling dat jaar een goed en belangrijk jaar te maken voor Den Bosch. Er kwam een reactie over de erfgoedorganisaties in de dorpen. Daar bestaat goed contact mee. Spreekster was pas nog in Rosmalen waar hele mooie dingen gebeuren, zoals het ophalen van verhalen en de kennis die er in de dorpen aanwezig is. De relaties zijn goed en worden zoveel als mogelijk gebruikt. De heer Ploegmakers (CDA) merkt op dat in 2020 in een verslag van een vergadering staat dat het CDA toejuicht dat in 2020 een voorbereidingsorganisatie wordt ingesteld. Het is nu vier jaar later. Vorig jaar heeft het CDA vragen gesteld over de mogelijkheid om een voorbereidingskrediet te kunnen vaststellen bij de Voorjaarsnota 2024. Toen antwoordde het college dat het te vroeg was om daarover te spreken.

Nu is het een jaar later en nu staat in de raadsinformatiebrief dat de raad in het tweede kwartaal meer zicht krijgt op het verhaal. Nu wordt gesproken over de Voorjaarsnota 2025. In diezelfde raadsinformatiebrief staat dat er middelen beschikbaar moeten worden gesteld. Stel dat de raad daarover een uitspraak doet, hoe kan dat worden gedaan? Gaat de raad een bedrag alvast reserveren voor 2025? Hoe ziet de wethouder dat? Wethouder Van der Sloot merkt op dat in de Voorjaarsnota die voorligt geen middelen hiervoor zijn vrijgemaakt. Gezamenlijk wordt het proces van de definiëring aangegaan in het najaar met de buurgemeenten. Als de raad dat anders ziet of eerder wil realiseren is dat aan de raad. Het college heeft daar op dit moment niet voor gekozen. De voorzitter schorst de vergadering. Schorsing De voorzitter heropent de vergadering. Tweede termijn De heer Van Oijen (De Bossche Groenen) vindt december later dan hij eigenlijk had gehoopt. Dat stelt hem teleur, want hij mist af en toe de urgentie van het probleem. De heer Verbruggen (D66) vindt het jammer dat het agendapunt van de klimaatimpactanalyse wordt verschoven, maar het onderliggende rapport is al eerder bekend. Dat had natuurlijk ook eerder op de agenda gezet kunnen worden door de collega's. Hij vraagt of de heer Van Oijen dat met hem eens is.

De heer Van Oijen (De Bossche Groenen) denkt dat een rapport dat in opdracht van de gemeente is gemaakt, geagendeerd wordt door diezelfde opdrachtgever, omdat er ook zaken uit voortkomen die problematisch zijn. Hij had het zelf gedaan als hij van de mogelijkheid op de hoogte was geweest. Het gaat om een groter punt, want hij mist de urgentie van het probleem. Iedereen maakt zich er druk om, maar dat komt niet naar voren in de besluitvorming. Er is een tienpuntenplan van de Bossche Klimaatcoalitie, dat al ongeveer twee jaar geleden is ontvangen. Dat betreft een groep kundige mensen die concrete maatregelen aanleveren, die bijna zo kunnen worden uitgevoerd, maar telkens spreekt hij mensen die teleurgesteld zijn omdat ze niets van de gemeente horen. Ze komen inspreken, maar ze horen niets. Wordt er in de raad gesproken over een zero-emissiezone, dan wordt er vooral gesproken over wie ervan mag worden uitgesloten, maar er wordt niet gesproken over de luchtkwaliteit. Wordt er een bezoek gebracht aan Eindhoven om te kijken hoever zij zijn met stadswarmte en verduurzaming van energie, dan ziet hij dat Eindhoven veel verder is dan Den Bosch. Hij kaart dit aan bij het college, maar ook bij de raad. De heer Van Hasselt (SP) heeft geïnteresseerd geluisterd naar de reactie van de wethouder, maar zou het zonde vinden als onderzoeken moeten worden afgewacht terwijl de gewone 15

Bosschenaren de zeer verhoogde tarieven moeten blijven betalen voor de storting van grofvuil en afval bij de milieustraat. Hij is benieuwd wat andere partijen vinden van het verlagen van de tarieven op afval storten in de milieustraat. Het is niet alleen een probleem vanwege illegale stortingen, maar het is ook een belasting op mensen die hun afval willen storten en dat vindt de SP niet sociaal en is niet goed voor de koopkracht van de werkende klasse. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) vraagt zich af of de heer Van Hasselt spreekt over restafval of grofvuil. De heer Van Hasselt (SP) spreekt over grofvuil, waarvan het tarief is gestegen van € 0,05 naar € 0,17. De SP-fractie vindt dat excessief. Hij is benieuwd naar de reactie van andere fracties omdat hij ziet dat dat een belasting is op de portemonnee van mensen die eens een keer een bank moeten wegbrengen. Hij vraagt zich af of er wellicht een of twee keer per jaar een wagentje langs moet komen dat het ophaalt. Dan wordt de prikkel weggenomen om het zo maar ergens te gooien. Hij denkt dat dat een sociale toevoeging van de gemeente zou kunnen zijn. De heer Peters (PvdA) vraagt of de SP voor iedereen die kosten wil verlagen of dat de fractie zo'n wagentje wil laten rijden in de wijken waar bewoners een lager inkomen hebben. De heer Van Hasselt (SP) zou graag het debat voeren over wat verstandig is.

Hij denkt dat voor het illegaal storten het misschien wel verstandig is om die kosten voor iedereen te verlagen. Hij is benieuwd wat de fractie van de PvdA ervan vindt. De heer Peters (PvdA) zegt dat het voor iedereen verlagen van die kosten ook zou kunnen betekenen dat ook de kosten verlaagd worden voor degenen die het prima zouden kunnen betalen. Dat lijkt hem juist niet sociaal en hij vraagt zich af hoe de SP daarop reflecteert. De heer Van Hasselt (SP) ziet de belasting en de kosten die er zijn voor het wegbrengen als eenmalige flat tax-kosten want het tarief van 17 cent per kilo geldt voor iedereen. SP denkt dat voor het socialer maken van de inkomsten gekeken moet worden naar andere posten en uitgaven. Hoe kan ervoor gezorgd worden dat de zwaarste lasten bij de breedste schouders liggen? Hij denkt dat het verhogen van het tarief voor het grofvuil niet de juiste keuze zal zijn. De heer Romijn (PvdD) twijfelt nog of hij voorstander is van het tornen aan het principe van 'de vervuiler betaalt'. Heeft de heer Van Hasselt nagedacht over het gebruik van de Bossche Pas? De heer Van Hasselt (SP) vindt daarom het debat heel interessant. Het gebruiken van de Bossche Pas zou ook een mogelijkheid zijn. Hij zou die kosten sowieso omlaag willen brengen, maar alle mogelijkheden moeten worden overwogen.

Hij denkt dat bijvoorbeeld het één à twee keer per jaar storten van grofvuil zeker meegenomen moet kunnen worden en hij vindt het een interessante gedachte. De heer Altenburg-Collin (VVD) vindt het een interessant punt en vraagt of het misschien een goed idee is om er een discussienotitie aan te wijden. De heer Van Hasselt (SP) lijkt dat een goed idee. De heer Van Griensven (PVV) is het eens met een verlaging. Hij denkt dat als ervan wordt uitgegaan dat mensen in de middenklasse wel die € 0,17 per kilo moeten betalen, het risico wordt gelopen dat de middenklasse de pineut is. Zij lopen vaak toeslagen en dergelijke ook mis. Hij vraagt of de heer Van Hasselt niet bang is dat het een rommel wordt op heel veel plaatsen als er één of twee keer per jaar een wagentje rondrijdt, omdat bewoners juist zullen gaan opsparen om het in die twee momenten op te laten halen. De heer Van Hasselt (SP) denkt juist dat de rommel zal afnemen, omdat degenen die af en toe iets willen laten afvoeren die kosten ook wel willen maken. Hij denkt dat het illegaal storten dan omlaag kan worden gebracht. En als het gaat om de 17 cent, dan vindt de SP het heel belangrijk dat de mensen die het minste geld hebben daarop worden geholpen. Met betrekking tot de middenklasse vindt hij het belangrijk dat het illegaal storten omlaag gebracht wordt.

16

De heer Altenburg-Collin (VVD) heeft een drietal punten voor deze commissie. Hij wil graag stilstaan bij Den Bosch Datastad en AgriFood Capital. De fractie zou graag zien dat hier een betere koppeling tussen wordt gemaakt. In Nederland wordt jaarlijks 2 miljard kilo aan voedsel verspild. Dat zou zeer geschikt zijn om een data-analyse op los te laten. De Bossche VVD denkt dat hiermee zowel de eigen data als foodprint versterkt worden. De VVD constateert dat de nieuwe gemeentelijke website veel toegankelijker is geworden voor inwoners. De heer Vossen (PvdA) hoort de heer Altenburg-Collin spreken over de koppeling tussen data en AgriFood Capital. Is de VVD zich ervan bewust dat in 2022 tijdens de Den Bosch Data Week er al een heel data driven AgriFood Future congresonderdeel is geweest? Den Bosch heeft ook een convenant rondom voedselverspilling, waarin datagedreven werken expliciet staat benoemd. Dus wat is dan de plus waar de VVD nu voor aan het pleiten is? De heer Altenburg-Collin (VVD) meent dat wat op dit moment al wordt gedaan vooral zaken zijn die los staan van elkaar. Dat Den Bosch een datastad is op het gebied van food mag beter voor het voetlicht worden gebracht. Hij wil graag een centrale aanpak zodat voor iedereen de koppeling tussen food en data in Den Bosch duidelijk is.

De gemeentelijke website is goed ingericht voor de inwoner en dat mag ook wel beter voor de ondernemer. De ondernemer moet heel vaak doorklikken voordat hij de informatie vindt die hij zoekt. Daarom wil de VVD het college vragen om eens een digitale klantreis te maken van de ondernemer en dit te onderzoeken zodat ook voor de ondernemer informatie beter bereikbaar wordt. De heer El Amraoui (D66) ziet de website van Den Bosch als een website die zowel de inwoners als ondernemers dient. Wat zou de VVD graag anders willen zien? De heer Altenburg-Collin (VVD) geeft aan dat als een ondernemer op zoek gaat naar informatie, deze behoorlijk door de site moet akkeren om deze informatie te vinden. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) vraagt of de heer Altenburg-Collin zich zou kunnen vinden in een kopje 'Ondernemen' op de website waar doorgeklikt kan worden zodat de ondernemer dan bij de gewenste informatie uitkomt. De heer Altenburg-Collin (VVD) kan zich daar zeker in vinden. De Bossche VVD leest over de toeristenbelasting niets terug in de voorjaarsnota. Wel leest de VVD in de Actualisatie 2024 een structurele meevaller die is ingeboekt vanwege het gestegen aantal overnachtingen in de stad. Er is eerder een motie aangenomen om een analyse te maken van de effecten van het toerismebeleid. De VVD wil graag weten hoe het staat met de uitkomsten van deze analyse.

De zorg van de VVD betrof destijds de gestegen kosten voor de minder draagkrachtige gezinnen die bijvoorbeeld een huisje huren in de stad. Kan er een aanpassing van de toeristenbelasting hiervoor verwacht worden in 2025? De heer Ploegmakers (CDA) wil terugkomen op de Bossche binnenstad. Den Bosch heeft een groot aantal jaren de titel van meest gastvrije stad van Nederland gedragen. Hij ziet dat de binnenstad op een aantal plaatsen toch wat sleets is. Hij noemt als voorbeeld de Visstraat, de Marktstraat en de Kerkstraat. Er is in het verleden gesproken over Economisch Perspectief Brede Binnenstad. De heer Kagie heeft er eerder aan gerefereerd. Er zijn voor dit soort zaken eigenlijk geen extra budgetten, maar wat moet er nu gebeuren met die sleetse binnenstad? Hoe kan die worden opgeknapt? De heer Van Oijen (De Bossche Groenen) vraagt wat de heer Ploegmakers sleets vindt aan die straten. De heer Ploegmakers (CDA) adviseert om eens een keer door de binnenstad te lopen en naar de grond te kijken. Dan is er gebroken graniet zichtbaar en er liggen stukken tegels omhoog. Hij vindt het er allemaal niet beter op geworden de laatste jaren. De heer Romijn (PvdD) vraagt of de heer Ploegmakers zich ook zo enorm aan het aantal sigarettenpeuken op straat stoort.

17

De heer Ploegmakers (CDA) stoort zich daar zeker aan. Hij is een niet-roker en vindt dat iemand die rookt gewoon zijn peuk moet opruimen. De heer Romijn (PvdD) vraagt of de heer Ploegmakers ook vindt dat de gemeente wat meer zou kunnen doen in het kader van informatievoorziening, om mensen op te roepen om toch ook die sigarettenpeuk netjes op te ruimen. De heer Ploegmakers (CDA) heeft als CDA meermaals gepleit voor een rookvrije generatie. Daar zou dus een ontmoedigingsbeleid uit voort kunnen komen. De heer Van Oijen (De Bossche Groenen) begrijpt dat de heer Ploegmakers vindt dat de straten er slecht bij liggen, maar hij is het daar niet mee eens. Hij vindt dat de binnenstad er goed uitziet en denkt dat de gemeente zich moet concentreren op de wijken. Hoe kijkt de heer Ploegmakers tegen het onderhoud van de wijken aan? De heer Ploegmakers (CDA) meent dat alles in balans moet zijn. Hij heeft over de binnenstad gesproken omdat Den Bosch in het rapport van Locatus wordt geafficheerd als een van de steden waar het winkelend publiek weer komt. Hij vindt dat Den Bosch als gastvrije stad ook moet zorgen dat de 'huiskamer' op orde is. Op termijn blijven er naar verwachting 25 steden in Nederland over als het gaat om de hoeveelheid winkelend publiek.

Den Bosch is nummer 7 van 25 steden als het hierom gaat en hij pleit ervoor om met elkaar te zorgen dat Den Bosch in die top 10 blijft staan, want het betreft een belangrijke economische motor en zorgt voor heel veel werkgelegenheid. De heer Van Oijen (De Bossche Groenen) concludeert dat de binnenstad er heel mooi bij ligt, want Den Bosch staat in die top 10. Hij vindt dat heel hoog en denkt dat er meer aandacht naar de wijken moet. Hij vraagt of de heer Ploegmakers daar anders naar kijkt. De heer Ploegmakers (CDA) denkt dat de heer Van Oijen de relatie anders legt dan hij. Spreker stelde dat de 'huiskamer' in orde moest blijven en dat er een balans moet zijn, ook in de buitenwijken. Hij neemt aan dat het college een reactie hierop zal geven Enkele weken geleden heeft hij het rapport Goudappel ontvangen en hij wil aandacht vragen voor de onrust die bij ondernemers is ontstaan over het feit dat werd gesteld dat de omzetgroei op termijn van 18% naar 16% zal gaan. De belangrijkste vraag die dat oproept is: wat voor binnenstad wil Den Bosch hebben? Er is vaak gesproken over van een place to buy naar een place to be. In de voorjaarsnota vindt hij niets waardoor dat gestimuleerd zal worden. Terugkijkend komt hij terug op het XTNT-rapport van 2013 en daarin werd gesproken over 6500 parkeerplaatsen en de transferia.

Ook Meerendonk werd genoemd waar 2150 plaatsen gerealiseerd zouden moeten worden, zij het grondgebonden. De gemeente is nu bezig met een andere ontwikkeling en hij wil kijken naar het economisch perspectief en duurzaamheid. Er zijn problemen met de geluidsbelasting in de te realiseren wijk Meerendonk. Kan er gekeken worden naar een andere invulling van de geluidswallen? Wellicht kan er leisure landen. Hij noemt als voorbeeld The Wall in Utrecht. Ooit is er een motie ingediend 'Route du Soleil' inzake duurzaamheid, maar er is ook nog de Solar Highway die op de A50 ontwikkeld is. Parkeerplaatsen, transferium, duurzaamheid en leisure vallen allemaal in deze commissie. Kan gekeken worden of dat allemaal eventueel op één plek gecombineerd kan worden? Tot slot noemt hij de boten in de Aa. De fractie is blij met de stappen die zijn gezet mede naar aanleiding van de raadsvragen die de CDA-fractie erover heeft gesteld. De fractie kijkt uit naar de voorstellen die volgen. Hij heeft nog twee vragen. De fractie heeft een motie ingediend bij de behandeling van de begroting over de twee speeltuinen. Daar zou een onderzoek naar gestart worden. Hij heeft daar niets van teruggezien en ook in de voorjaarsnota staat niets opgenomen voor wat betreft de plannen. Voor de gedragscampagne ziet hij geen extra middelen in de voorjaarsnota opgenomen staan. Misschien kan de wethouder daarop reflecteren.

De heer Peters (PvdA) gaf in de eerste termijn al aan wat de inzet van de PvdA is: een goed leven voor alle Bosschenaren en dat vraagt dus om een rechtvaardige energietransitie die de ongelijkheid verkleint in plaats van vergroot. Daarin ziet de fractie nog wel kansen. Ten eerste het grote plaatje. Is de gemeente op weg om het doel, een klimaatneutraal Den Bosch in 2045 te halen? Het rapport van CE Delft zegt dat er nog werk aan de winkel is. Helaas is de 18

klimaatimpactanalyse vertraagd naar december, maar de fractie kijkt erg uit naar eventuele voorstellen die daar ter tafel zullen komen om back on track te komen. In de eerste termijn heeft de fractie de loftrompet gestoken over de inzet van corporaties bij verduurzaming van hun woningvoorraad, Echter, er zijn nog twee groepen waar verduurzaming achterblijft en waar extra aandacht naartoe zou moeten gaan. Ten eerste de groep huurders in een particuliere huurwoning. Zij betalen in de vrije sector vaak al torenhoge huren door de doorgedraaide woningmarkt en krijgen ook nog eens een hoge energierekening als de woning slecht geïsoleerd is. Zelfs met een goed inkomen kun je door zo'n hoge woonquote financieel in de knel komen. Pas in 2030 wordt het verboden om woningen met een EFG-label te verhuren. Veel particuliere verhuurders voelen dus weinig urgentie om te verduurzamen en om dat beter te doen dan strikt noodzakelijk. De fractie blijft kijken naar manieren hoe deze groep verder gestimuleerd kan worden om te verduurzamen. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) is het eens met de heer Peters inzake het isoleren van woningen. De heer Peters spreekt over het kijken naar mogelijkheden. Spreker neemt aan dat de heer Peters deze aanzet niet doet zonder dat hij in mogelijkheden heeft gedacht. De heer Peters (PvdA) heeft daar zeker over gedacht.

De wethouder heeft ook aangegeven meer te willen kunnen doen, maar de vraag is hoe dat gestimuleerd kan worden. Omdat het vaak particuliere verhuurders betreft is het lastig om extra budget vrij te maken. Particuliere verhuurders kunnen dat eigenlijk prima zelf bekostigen. Het is niet goed om dat wel te doen bij hen, maar niet bij woningeigenaren of andere groepen. Hij ziet wel een oplossing in het wijzen van huurders op hun rechten en aangeven dat ze ook naar de Huurcommissie kunnen stappen en het aan kunnen vechten als ze vinden dat ze worden benadeeld door een verhuurder. Mevrouw Klerks (Volt) dankt de PvdA voor deze hele mooie woorden. Hoe ziet de PvdA de energietransitie in de toekomst? Dus niet alleen vanuit de verhuurders en dat de huurders daar het slachtoffer van worden, maar ook bij sociale woningbouw en dergelijke, de huur van de apparatuur en de hogere kosten die daarbij komen kijken en de afschaling van de subsidies vanuit het rijk. Is de PvdA het met Volt eens dat de gemeente ook moet gaan onderzoeken hoe die huurders kunnen worden geholpen om juist ook de energietransitie haalbaar en betaalbaar te houden? De heer Peters (PvdA) vraagt of mevrouw Klerks wijst op sociale huurwoningen. Mevrouw Klerks (Volt) wijst op sociale huurwoningen en ook op de middenhuurwoningen omdat juist bij deze woningen de apparatuur gehuurd wordt want de huurders bezitten de woning niet.

De zonnepanelen op het dak worden gehuurd, de warmtepompen worden gehuurd. Dus deze huurders hebben én de huurkosten én de hogere kosten voor het gebruik daarvan én de hogere energiekosten. Hoe ziet de PvdA dat? De heer Peters (PvdA) merkt wel dat er al veel potjes zijn om fondsen om te verduurzamen, om stappen te zetten, maar vaak is het ook een kwestie van of die potjes worden gevonden en of burgers dat ook willen. Zeker bij de particuliere verhuurders is sprake van een disbalans. Mevrouw Klerks (Volt) geeft aan dat dit voornamelijk de eigenaren van de panden betreft. Haar vraag gaat over de huurders, die dus de kosten maken voor het huren van die apparatuur, terwijl ze ook het gebruik daarvan steeds hoger zien oplopen, omdat rijkssubsidies voor de salderingsregeling wegvallen, ze een terugleververgoeding moeten gaan betalen, ze hogere stroomkosten hebben omdat ze zonnepanelen hebben. Dus kosten op kosten op kosten, alleen maar vanuit de verduurzaming. Hoe ziet de PvdA daarin de hulp voor de huurders? De heer Peters (PvdA) doelde ook op de servicekosten. De kosten voor dat soort apparatuur worden vaak via de servicekosten doorberekend. Er worden best vaak zaken via de servicekosten doorberekend die niet via de servicekosten mogen worden doorberekend. Hij denkt dat daar de huurder beter geïnformeerd kan worden over zijn rechten en dergelijke en ziet daar kansen.

De heer Hoeben (De Bossche Groenen) vindt het hoogst interessant wat de heer Peters vertelt en kan het ook volgen. Er wordt nu gesproken over de voorjaarsnota en de begroting. Denkt de 19

heer Peters aan een motie of iets dergelijks? Waar zoekt hij precies naar? De heer Peters (PvdA) denkt niet aan een motie op dit punt. Hij vindt het een aandachtspunt en belangrijk om mee te nemen. Er is nog een andere groep die nog achterblijft in de verduurzaming en dat zijn inwoners met een koopwoning en een beperkt inkomen. Deze groep heeft een woning gekocht in een tijd dat dit nog wel betaalbaar was, maar heeft geen ruimte om grote investeringen. Voor deze groep is bij het bestuursakkoord gekomen met een revolverend energiefonds, maar hier is de gemeente ingehaald door het rijk, dat kwam met een Nationaal Warmtefonds om te voorzien in deze behoefte. Vanuit Den Bosch hebben tot nu toe iets minder dan 600 inwoners gebruik gemaakt van het Nationaal Warmtefonds. Hij denkt dat het mogelijk moet zijn om dit aantal te verhogen en dat het Nationaal Warmtefonds nog bij te weinig inwoners bekend is. Er zijn nog duizenden koopwoningen met een EFG-label. Op de site van de gemeente staat niet eens een link naar dit Nationaal Warmtefonds. Met een gerichte lokale campagne kan hopelijk het aantal aanvragen flink opgekrikt worden. Hij vraagt zich af hoe de wethouder kijkt naar het aantal aanvragen dat er nu is gedaan voor dit Nationaal Warmtefonds en wat hij voor mogelijkheden ziet om meer bekendheid te geven aan dit fonds.

Daarnaast is de fractie benieuwd naar hoe de middelen die waren gereserveerd voor dat gemeentelijk revolverend energiefonds nu ingezet zullen gaan worden. De heer Vossen (PvdA) spreekt over de opwek van duurzame energie. Er is sprake van een cruciaal jaar met plannen rondom de Duurzame Polder en de financiële participatie. Eerder heeft de PvdA hierover al de inzet kenbaar gemaakt. De lusten moeten bij iedereen terechtkomen, ook bij inwoners van een smalle beurs. Slechts meegenieten van de lusten uit een omgevingsfonds is hierbij voor de fractie niet voldoende. Bij de beoordeling van de plannen omtrent financiële participatie zal de fractie dit uitgangspunt scherp op het netvlies hebben. De PvdA ziet een mooie kans in een coöperatief model en is dan ook blij dat de wethouder al verkennende gesprekken voert met Eijgen Polder Energie. De heer Van Griensven (PVV) hoorde de heer Vossen spreken over het verdelen van de lusten van de windturbines. Worden de lasten dan ook door de partijen die daar aan meedoen gedeeld, zodat niet alle burgers daar dadelijk de dupe van zijn? Zijn de burgers daarvan op de hoogte? De heer Vossen (PvdA) meent dat de gemeente heel erg inzet op het verdelen van de lusten onder de omwonenden. Op die manier wordt ook de lasten enigszins verlicht.

De PvdA ziet ook nog een verbeterpunt op het gebied van verduurzaming in relatie tot erfgoed en beschermd stadsgezicht. Zichtbaar is dat de isolatie van erfgoed tegen te veel beperkingen aanloopt, waardoor veel bewoners hiervan letterlijk en figuurlijk in de kou blijven staan. Ook krijgt de fractie signalen van woningbouwcoöperaties dat zij bij circulair bouwen regelmatig tegen de welstand aanlopen, omdat duurzame materialen die ze willen gebruiken niet passen in het straatbeeld. Met de ongekende opgave waar de gemeente voor staat op het gebied van verduurzaming, kan de gemeente het zich niet permitteren om halsstarrig vast te houden aan bepaalde beleidsregels en welstandsnormen. De PvdA komt samen met de SP en de PvdD met een discussienotitie om dit onderwerp in de komende commissieronden nader te bespreken. Zit de gemeente op koers en moet er worden bijgestuurd? Op veel vlakken concludeert de fractie dat de juiste inzet getoond wordt. Toch ziet de fractie dat het halen van de ambitieuze klimaatdoelen nog extra inzet vergt. De PvdA blijft waar nodig bijsturen om het beleid socialer en eerlijker te maken, zodat de gemeente met recht kan zeggen dat ze groen doet en tegelijkertijd de inwoners uit het rood haalt.

De heer Ploegmakers (CDA) hoorde de heer Vossen iets zeggen over monumenten en isolatie, maar wil hij hiermee aangeven dat daar heel ruimhartig mee omgegaan moet worden? De heer Vossen (PvdA) geeft aan dat hier sowieso nog het debat over gevoerd zal worden, maar als het gaat om isolatie zijn er zeker mogelijkheden waar wel ruimhartiger mee omgegaan kan worden. Als het gaat over bijvoorbeeld de energiewinning, kijkend naar zonnepanelen, dat kan misschien als collectief worden georganiseerd. Het is goed als de raad erop reflecteert hoe het in de binnenstad georganiseerd moet worden, want nu staat deze groep in de kou.

20

De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) heeft al vaker duidelijk gemaakt hoe de fractie in de klimaatopgave staat. De fractie vindt het vooral een nationale en zelfs een internationale opgave. De fractie wil geen windturbines in de Rosmalense polder. Hij kan dat blijven herhalen. Hij nodigt uit, en zeker Rosmalens Belang, om over deze periode heen te kijken. Wat betreft de woningen ten westen van de Grintweg is er ook wel wat veranderd. Aan het begin van de bestuursperiode werd gesproken over inbreiding en 80-20 en nu is er een oproep zichtbaar in de voorjaarsnota om uit te gaan kijken naar plekken om uit te breiden. Vanuit dat perspectief is hij benieuwd naar de visie van de wethouder op de locatie westelijk van de Grintweg. Er is geld nodig voor de sfeergebieden, voor die gebiedspaspoorten en de wethouder geeft aan dat dat dan vanuit Den Bosch Partners eigen geld is. Hij vraagt zich af of ze daar zelf van op de hoogte zijn, want er staan nog wel wat acties. Hij is benieuwd wat de concrete bijdrage van de gemeente is. De heer Altenburg-Collin (VVD) meent dat de sfeerpaspoorten ideeën zijn van bewoners, ondernemers, die met Den Bosch Partners om de tafel zijn gegaan en hebben opgeschreven wat de sterke punten van de buurt zijn. Het zijn eigenlijk suggesties die worden meegegeven aan het college. De suggesties kunnen worden gedaan, maar de raad gaat erover.

Dan komt er een voorstel uit het college en dan spreekt de raad erover. Hij begrijpt niet waar de heer Kagie op doelt. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) gaat proberen dat onbegrip weg te halen. Op zich heeft de heer Altenburg-Collin gelijk en hoeft het niet een-op-een te worden overgenomen. In het Economisch Perspectief Brede Binnenstad wordt wel degelijk gesproken over een gezamenlijke effort, maar ook toen werd de vraag al gesteld wat de lokale overheid gaat doen Gaat de gemeente instappen? Die sfeergebieden en gebiedspaspoorten, daar staan wel degelijk adviezen in. Hij is het met de heer Altenburg-Collin eens, het mag met een stuk naar de raad toekomen en dan mag de raad er iets van vinden, maar dat hoort hij de wethouder niet zeggen. Dit actieplan loopt, als het goed is, al anderhalf jaar. De vraag is wat de gemeente concreet kan bijdragen, want die verblijfskwaliteit is de fractie wel wat waard. Hij maakt een bruggetje naar de opmerking van de heer Ploegmakers. Over de vloerbedekking in de Visstraat, Karrenstraat, Kerkstraat enzovoorts maakt hij zich zorgen. Die is in de wijk op bepaalde plekken echt niet op orde en als Den Bosch die gastvrije stad wil zijn dan zal de gemeente die rol moeten pakken in die openbare ruimte. De openbare ruimte is de basis en daar zal de gemeente haar rol moeten pakken.

's-Hertogenbosch als trekpleister, een van de populairste steden van Nederland. De enorme verscheidenheid in het winkelaanbod, nog authentieke zelfstandige ondernemers en speciaalzaken, is onderscheidend ten opzichte van steden die worden gedomineerd door de bekende ketens. En wat Leefbaar 's-Hertogenbosch betreft wordt ook ingezet op die sterke punten, die verscheidenheid aan winkels, bruisende markten, de lokale ondernemer in plaats van de keten, de historische binnenstad, de Sint-Jan, de kracht van de horeca in de Korte Putstraat, het nieuwe theater en het bestaande Design Museum. Die zaken moeten voor het voetlicht worden gebracht om de kracht van 's-Hertogenbosch op de kaart te zetten. Leefbaar 's-Hertogenbosch is niet bang om in te zetten op Den Bosch als een gastvrije, kwalitatieve woon- en leefstad. De heer Ploegmakers (CDA) hoort de heer Kagie een aantal zaken opnoemen waar iedereen het misschien mee eens kan zijn. Maar de heer Kagie spreekt voor een groot deel ook over het toeristische perspectief. Is het wellicht een idee om in de vergadering van 26 augustus a.s., als dit onderwerp op de agenda staat, daar uitgebreid met elkaar over van gedachten te wisselen? De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) vindt dat vanzelfsprekend en geeft aan dat ook het jaarverslag nog komt, maar hij neemt de vrijheid om er toch even op in te zoomen binnen dit kader.

Dit in verband met de keuze die is gemaakt om in te zetten op een eigen citymarketingbureau en een eigen binnenstadsmanagement, zij krijgen een flink budget. Hij vraagt zich af welke positie Den Bosch pakt naar buiten toe. Voor wat betreft de gastvrijheid, die begint ook met inzoomen op wie Den Bosch echt is. Hij vervolgt zijn betoog. Dat betekent ook dat de gemeente wegbeweegt van 'gezocht' en 'voor een selectief groepje', geen heilige huisjes of een heiligehuisjesfestival, een duurzaamheidsfestival of 11.000 wapens er ineens zijn. Als vanuit de behoefte van de inwoner vertrokken wordt en er echt wordt samengewerkt met de ondernemers wordt uitgekomen bij een 21

klassiek winterevenement of maritiem. Gesproken over de samenwerking met de ondernemers vindt hij de wijze waarop ondernemers worden uitgenodigd om in een winterevenement te stappen exemplarisch. Er wordt verwacht dat een ondernemer instapt en tonnen voor bijvoorbeeld een ijsbaan naar risico neemt, terwijl er geen subsidie wordt verstrekt, wel pachtgeld wordt geheven en wel verbruikskosten in rekening worden gebracht, de gemeente louter een commitment van één jaar wil geven en er moet ook nog plaatsgemaakt worden voor wat heilige huisjes die over zijn. Dan meegenomen dat de schrale jaren er inmiddels voor hebben gezocht dat de grote festivalorganisator in de Brabanthallen bezig is, maakt de businesscase ook niet beter. Hij denkt dat dit beter moet kunnen of wil de gemeente niet? Wordt deze uitvraag gedaan om te kunnen zeggen dat de ondernemers niet wilden? Om vervolgens toch de heilige huisjes te kunnen parkeren? Het moge duidelijk zijn, de fractie kijkt uit naar de evaluatie van Den Bosch Partners later dit jaar. De heer Ploegmakers (CDA) vindt dat de heer Kagie doet alsof er niets in deze stad gebeurt in samenspraak en daar heeft hij bezwaar tegen. Er is een centrummanagement, daar zit Hartje Den Bosch, de horeca, de markt, de vastgoedsector in, daar zijn alle partijen die in de binnenstad actief zijn in vertegenwoordigd. Zij praten ook met die binnenstadmanager.

Dat zijn toch de kanalen waar dit soort zaken besproken wordt met elkaar? De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt niet dat die kanalen niet openstaan en weet ook dat het gesprek wel plaatsvindt maar moet ook constateren dat het bijvoorbeeld bij het winterevenement keer op keer niet lukt om die ondernemer aan boord te krijgen. De uitnodiging aan de ondernemer voelt niet als een uitnodiging, maar voelt als een obligate uitnodiging voor de bühne. En als men daar dan niet op ingaat kan gezegd worden dat het wel is geprobeerd. De heer Altenburg-Collin (VVD) zegt dat er in het verleden voor is gekozen om de citymarketing bewust weg te halen en daar een apart bureau voor in te regelen. Dat bureau is nu actief en verdient een kans om zich te bewijzen de komende jaren. De gemeente heeft een faciliterende rol en als er geen ondernemers zijn die iets oppakken heeft de gemeente dan een taak om coûte que coûte te zeggen dat er een winterfestijn komt? De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) meent dat de rol van de lokale overheid initieel faciliterend is en het citymarketingbureau ontslaat de gemeente niet van de taak om te zeggen welke kant de gemeente op wil. Het citymarketingbureau maakt keuzes en doet dat als het citymarketingbureau van Den Bosch, dus dan mag daar kritisch naar gekeken worden.

Hij herhaalt moeite te hebben met het feit dat op het moment dat een ondernemer wordt uitgenodigd om mee te doen aan een winterevenement, maar tegen die ondernemer wordt gezegd dat hij de exploitatie daar helemaal zelf uit moet halen, dat nogal iets voor een ondernemer betekent en daar komt dan nog eens bij dat er letterlijk in zo'n uitvraag staat dat er ook plaats moet zijn voor wat heilige huisjes. Dan kan het faciliterend genoemd worden, maar die faciliterende rol wordt dan niet op de juiste manier gepakt. De heer El Amraoui (D66) hoorde de heer Kagie zojuist uitspreken dat het theater een grote trekpleister is en dat dat gekoesterd moet worden. Leefbaar 's-Hertogenbosch heeft flink geageerd tegen het theater, maar ook tegen het Design Museum. Vanwaar deze draai ineens, deze nieuw gevonden liefde voor het theater? De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt dat de weerstand ook weer niet zover gaat dat als het theater er eenmaal staat de fractie zegt: gaat u er alstublieft niet heen. De heer El Amraoui (D66) vraagt of dat ook gaat gebeuren bij het Design Museum. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) vindt dat het, los van het feit dat de gevel al naar voren komt, natuurlijk wel zo is dat daar iets neergezet wordt dat heel risicovol is voor de Bossche samenleving en hij vreest dat die farce zich herhaalt bij het Design Museum.

Het Design Museum zit op een hele goede plek en rendeert. Het moge duidelijk zijn, de fractie kijkt uit naar de evaluatie van Den Bosch Partners. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) wil nog een paar punten noemen. Vorig jaar is de motie over de bladkorven niet aangenomen en de fractie vindt dat nog steeds vreemd. Het 22

financiële plaatje staat onder druk en burgers willen het vrijwillig opruimen. Spreker woont in een boomrijke straat. Er is veel te veel blad dus het moet opgeruimd worden. Daar worden nu dure wagens voor ingezet. De fractie begrijpt nog steeds niet waarom de bladkorven niet terug kunnen komen. De fractie denkt erover na om de motie wellicht opnieuw in te dienen. Voor wat betreft de arbeidsmarkt is er nog steeds een tekort aan arbeidskrachten. De piek lijkt iets minder te zijn, maar het grootste probleem ligt in het feit dat als de arbeidskrachten niet in Den Bosch kunnen wonen, ze er ook niet kunnen of willen werken. Ook voor deze groep is het moeilijk om aan woningen te komen. Daarom is nog steeds de ontwikkeling van tijdelijke woningen belangrijk. De laatste twintig jaar zijn er in Den Bosch vrijwel geen bedrijfswoningen bij gekomen. Dat vindt hij een goede zaak, maar op de meeste industrieterreinen staan nog veel bedrijfswoningen. Die bedrijfswoningen staan vaak leeg. Alleen de eigenaar van het bedrijf mag er wonen, maar waarom zouden er geen expats of studenten mogen wonen? Het is eigenlijk zonde dat deze woningen leegstaan. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) ziet dwars door de stad best wat problemen met de plaatsing van arbeidsmigranten in normale woonstraten.

Zou dit dan een uitkomst kunnen bieden voor de centrale vestiging van arbeidsmigranten? De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) denkt dat het niet voldoende woningen zijn om een oplossing daarvoor te bieden, maar er staan een aantal woningen leeg omdat ze niet gebruikt mogen worden. Mevrouw Klerks (Volt) vindt dat de heer Pennings een heel interessant punt aanstipt. Weet de heer Pennings om hoeveel woningen dit gaat? De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) heeft geen exacte meting, maar denkt dat het om honderden woningen gaat en daar worden er veel niet van gebruikt. De meeste eigenaren willen zelf niet op een industrieterrein wonen. Mevrouw Klerks (Volt) herkent het en denkt dat de heer Pennings daar een hele goede voorzet in doet. Gaat de fractie van gewoon ge-DREVEN hier iets op indienen of heeft de fractie er een oplossingsrichting voor? De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) zal ernaar kijken en denkt dat de gemeente de controle wil houden, maar er zou wellicht ook een vergunningsstelsel in het leven geroepen kunnen worden, waarbij de verhuurder iets betaalt. Het kan op die manier kostendekkend geregeld worden. De vraag is of dit op een aparte discussienota in de commissie Bedrijvigheid wordt meegenomen of wellicht op een andere manier. De overige punten zijn al besproken.

Mevrouw Klerks (Volt) ziet de aangekondigde motie van GroenLinks onder andere omtrent de routekaarten graag tegemoet en denkt graag mee. Vanuit de eerste termijn vanuit de VVD omtrent de energieopwekking door onder andere VVE's, daar ziet de VVD Volt aan haar zijde. Ten aanzien van de PvdA kijkt de fractie uit naar de motie en dankt voor het aanstippen van het revolverend energiefonds. Ook Volt is benieuwd waar deze middelen ingezet gaan worden en is het van harte eens met de stelling 'groen doen en uit het rood halen', zowel op besparen en isolatie als opwekken en elektrificatie. Volt ziet hier afhankelijk van het antwoord van de wethouder wellicht wel mogelijkheden. Over het benoemde maaibeleid vanuit Volt zowaar een compliment. Volt is behoorlijk blij met het huidige maaibeleid en de ruimte om de broodnodige biodiversiteit te verbeteren, dus dankt de beleidsmakers. Maar uiteraard waar veiligheid in het geding is, moet gemaaid worden, bijvoorbeeld bij kruisingen en waar wegen ongewild versmald worden. Smaken verschillen, Volt vindt de aanblik een verrijking, zeker in vergelijking met betonnen pleinen en groene woestijnen. Over verloedering gesproken zijn de boten die nu opgeruimd zijn en worden, de betere ingrepen voor de omgeving dan het weghalen van klaprozen en distels in een berm. De behandeling van de klimaatimpactanalyse is vertraagd.

Volt sluit zich aan bij de bijdrage van De Bossche Groenen en PvdD. Als iedereen deze urgentie voelt, dan mogen de inwoners die urgentie ook verwachten. Straks wordt na een snelle rekensom een rapport behandeld, een jaar nadat dit uitkomt, op een onderwerp waar de gemeente nogal ambitieuze doelstellingen op heeft. Hoe kan dit? Maar ook de terugkoppeling naar de actieve insprekers, maar ook specifiek de stille inwonerskant, moet echt beter, niet alleen op dit onderwerp overigens, maar structureel in brede zin. Is dit niet vaker als ambitie 23

uitgesproken? Hoe gaat de commissie hiermee, en in de breedte de raad hiermee om in de tweede helft van de bestuursperiode en hoe kan dit beter worden georganiseerd en gefaciliteerd? De heer Bos (GroenLinks) heeft in de tweede termijn kort wat vragen over de planning en daarna zal zijn collega het overnemen om de plannen uit de eerste termijn verder toe te lichten. In de eerste termijn is gesproken over een aantal visies en een visie waarvan de fractie hoopt dat die de komende nog voorgelegd wordt is de visie EED, gebruik van data. Kan de wethouder aangeven wanneer deze visie de kant van de raad op komt? Hij heeft nog niet gesproken over de Transitievisie Warmte 2.0. Bij deze visie werd ook aangekondigd dat de aanpak voor beginnende initiatieven werd uitgewerkt en de eerste helft van dit jaar af zou zijn. Kan de wethouder toelichten of dit klopt en wanneer de raad meer over deze aanpak te horen krijgt? D66 kondigde aan een motie in te dienen over het aan werk helpen van asielzoekers en vluchtelingen en GroenLinks sluit zich van harte aan bij dat initiatief. Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) zal iets meer toelichten van wat de plannen van GroenLinks zijn op de twee onderwerpen die de fractie eerder benoemd heeft: klimaatneutraal 2045 en Hambaken. Wat betreft de routekaart voor klimaatneutraal 2045 zou de fractie graag om een aantal maatregelen willen vragen middels een motie.

GroenLinks vindt het verstandig om klimaatimpactreductiescenario's uit te werken die de klimaatgerelateerde onderwerpen ook samenbrengen en waar mogelijk rekening houden met de voorstellen uit het tienpuntenplan van de Bossche Klimaatcoalitie. Op basis van het meest haalbare scenario en de discussie in de raad wordt het college verzocht te kijken naar de uiteindelijke opname van de integrale routekaart in het budget voor de begroting 2025 en zo de gewenste reductie in CO 2 en andere aspecten van klimaatimpact zoveel als mogelijk over de tijd te verdelen ook rekening houdend met de urgentie van het klimaatprobleem. Als laatste, gezien de vele initiatieven in de stad, lijkt het de fractie goed om te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om bijvoorbeeld een kwartiermaker aan te stellen en een centrale publieke ontmoetingsplek in te richten om inwoners, bedrijven en organisaties bij elkaar te brengen ten behoeve van het samen experimenteren met verschillende initiatieven, dus dat ook kleine initiatieven een kans krijgen om groter uit te groeien en samen te werken. Mevrouw Klerks (Volt) vraagt of GroenLinks daar ook een rol voor de huidige buurtinitiatieven en de groepen, de wijken en de buurten die zichzelf al verenigd hebben, ziet, zodat juist daarin de gemeente een faciliterende rol kan hebben. Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) ziet dat zeker.

De huidige buurtinitiatieven hebben daar ook een rol te spelen. Ze is erg blij met de respons van Volt. Ze heeft de PvdA, De Bossche Groenen, Volt en PvdD gehoord en zou de partijen die direct nog aan het woord komen op willen roepen om aan te geven hoe ze tegen de motie aankijken en ze hoopt een brede steun binnen te halen voor de motie. De fractie vindt het de hoogste tijd voor een grootschalige investering in de Hambaken. Zij vraagt op zoek te gaan naar mogelijkheden voor financiering bij rijk en provincie en de Hambaken goed op het netvlies te hebben. Het betreft een duurzame investering en de inwoners van de Hambaken verdienen een grote samenhangende upgrade van hun wijk. Zij vindt het van belang dat er voldoende aandacht is voor de duurzame vergroening van de leefomgeving. De leefomgeving bepaalt voor een groot deel hoe mensen zich in de wijk voelen en de sociale cohesie kan een rol spelen in bijvoorbeeld de veiligheid en geborgenheid in de wijk. De heer Verbruggen (D66) geeft aan dat mevrouw Huijbrechts zich richt op het vergroenen van specifiek de wijk Hambaken. Kan zij onderbouwen waarom zij specifiek kiest voor deze wijk en niet voor andere naoorlogse wijken? Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) kan dat zeker. GroenLinks vindt dat Hambaken eigenlijk een blinde vlek is geweest voor de gemeente.

Er zijn kleine investeringen gedaan, ook kleine vergroeningsinvesteringen en zij vraagt nu om een grootschalige upgrade van de wijk, zodat er een duurzame verbetering van de wijk en een fijne leefomgeving geboden kan worden aan de bewoners. Er is eigenlijk achterstallig onderhoud en de fractie vraagt om een gedegen plan om tot een duurzame oplossing te komen. De fractie heeft in verschillende commissies aandacht 24

gevraagd voor dit onderwerp en vandaag gaat het om het stukje leefomgeving en daarmee de vergroening van de wijk. Mevrouw J.J.M. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) vindt dat er al heel veel geld naar de Hambaken is gegaan omdat het altijd al een achterstandswijk is geweest. Er is best veel groen, er zijn speeltuintjes en voetbalkooien en een groot speelveld bij de Hambakenschool. Wat verstaat GroenLinks onder nog meer vergroeningen? En wordt dan ook gevraagd om het upgraden van de woningen? En wat wordt daar dan van verwacht? Het grootste deel van de woningen is al verkocht aan de bewoners en er is nog een klein deel huurwoningen. Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) denkt dat de vraag over wonen binnen de commissie Omgeving al is besproken. Zij licht toe dat er ook wordt gekeken naar verschillende soorten bewoning en naar doorstromen van ouderen die kleiner en wellicht ook ondersteund willen gaan wonen. Er wordt gekeken naar mogelijkheden in de wijk die kunnen worden geboden, want er wordt vaak uitgesproken dat de bewoners graag in de Hambaken willen blijven wonen. Zij is het ermee eens dat er op dit moment al veel groen is in de wijk, maar het groen ligt vaak aan de achterzijde van de woningen, waardoor het een onvriendelijk en onveilig gevoel geeft aan buurtbewoners. Er is geen zicht van huizen op die groene delen, waardoor er onveilige situaties ontstaan op de speelplekken.

Met de herinrichting van de wijk moet worden gekeken naar een bredere, duurzame oplossing. Er moet ook gekeken worden naar het verplaatsen van die speelplekken en ook naar meer zicht voor de deuren van de huizen, waardoor de buurt aantrekkelijker en veiliger wordt gemaakt. De nadruk op het vergroenen van de wijk ligt dus vooral in het veiliger en aantrekkelijker maken van de wijk. Er is nog steeds veel verstening in de wijk. Als gekeken wordt naar klimaatbestendigheid en het vergroenen van buurten, ligt er nog steeds heel veel potentie in de Hambaken. De heer Altenburg-Collin (VVD) denkt dat de problematiek van de leefomgeving in de leefomgeving van de naoorlogse wijken breder speelt dan alleen in de Hambaken. Zou er misschien beter gekeken kunnen worden naar een integrale aanpak voor alle naoorlogse wijken in plaats van een aanpak specifiek voor één wijk? Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) denkt dat de Aanpak Groen en Klimaatbestendig voldoende ruimte biedt om in de naoorlogse wijken aan de slag te gaan. Zij verwacht niet dat een grootschalige aanpak van de Hambaken in de weg zal staan van het vergroenen van de naoorlogse wijken. Dat kan naast elkaar bestaan. De fractie kiest ervoor om een motie in te dienen die Hambaken breed een upgrade geeft en groen hoort daarbij. De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat in de commissie de Transitievisie Warmte 2.0 is vastgesteld.

Er is toen vastgesteld dat er met restwarmte gewerkt zal worden en dat Hambaken een van de eerste wijken is die aan de beurt zal komen. Daarnaast is afgesproken dat er werk met werk gemaakt zal worden. Hoe verhoudt zich datgene wat GroenLinks wil hiertoe? Wordt de straat dan weer meerdere keren opengebroken en worden er miljoenen geïnvesteerd? Is mevrouw Huijbrechts niet te vroeg met deze vraag? Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) denkt dat zij precies op tijd is. Als de straten opengebroken worden voor de warmtenetten, dan kan direct de te verbeteren structuur aangepakt worden. Zij benadrukt dat zij staat voor een integrale aanpak. In deze wijk hebben al een aantal keren kleine investeringen plaatsgevonden die niet hebben geleid tot het resultaat dat de wijk nodig heeft. Daarom wordt nu gevraagd om een integrale aanpak en een duurzame investering. Transitievisie Warmte 2.0 en de warmtenetten zouden daar heel mooi bij passen. De heer Ploegmakers (CDA) vraagt binnen welke termijn mevrouw Huijbrechts de uitvoering van de motie ziet. Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) zegt dat de motie zich richt op een onderzoek om te kijken wat er nodig is om de wijk een duurzame verbetering te geven. Daarna zal gekeken moeten worden waar de gelden vandaan komen en daar zal tijd overheen gaan. De motie richt zich puur op het onderzoek op dit moment.

De heer Van Griensven (PVV) denkt dat de bewoners niet per se blij zijn met de vergroening, 25

want het gaat ten koste van de parkeerplaatsen en hij vraagt zich af of dit besproken is met de bewoners. Worden zij meegenomen en wordt er naar hen geluisterd? Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) vindt het van groot belang dat bewoners mee kunnen denken in het plan en dat ze ook meegenomen worden in het onderzoek dat wordt aangevraagd. De heer Van Hasselt (SP) is blij te horen dat er keuzes worden gemaakt in de prioritering in het vernieuwen van de naoorlogse wijken. Hij vraagt zich af of de motie dusdanig ver gaat dat er sprake is van een hele andere inrichting van de wijk, want dat zou ingrijpend zijn. Of gaat het echt over het anders indelen van het bestaande groen binnen de plekken die er zijn om te zorgen voor een veiliger gevoel? Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) zegt dat dat inderdaad het doel is van die vergroeningsopgave en die verbetering van de leefomgeving. Het doel is om er een prettigere buurt van te maken. Degenen die het onderzoek doen kunnen dan kijken hoe de veiligheid vergroot kan worden en hoe daar een betere leefomgeving gecreëerd kan worden. Zij kan niet de oplossing geven, maar vindt het van belang dat het een wijk is waar op een veilige en geborgen manier gewoond kan worden. De heer Van Hasselt (SP) vraagt zich af in hoeverre er moet worden ingegrepen om de wijk te reorganiseren.

Is het de bedoeling om de groenstroken te verbeteren of moet er meer worden ingegrepen? Hij kan zich voorstellen dat niet alle ingrepen door de bewoners op prijs zullen worden gesteld. Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) vindt dat een goede vraag en merkt op dat dat precies de vraag is die leeft bij GroenLinks. Dat is waarom zij het van belang vindt dat er een onderzoek zal plaatsvinden zodat gekeken kan worden naar de verschillende oplossingen samen met bewoners en er uiteindelijk een goed plan komt om die leefomgeving te verbeteren. De heer Van Hasselt (SP) vraagt of er dan ook moet worden gekeken naar het onderhoud zelf en het bestaande groen. Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) bevestigt dat. Dat zijn onderwerpen die daaruit volgen en vragen die naar aanleiding van het onderzoek beantwoord kunnen worden. Mevrouw Klerks (Volt) hoorde net al aanhaken op de Transitievisie Warmte 2.0. Er zijn verschillende andere visies die hier op samenpakken. Zij kan GroenLinks een heel eind volgen, maar in hoeverre haakt het oproepen tot een onderzoek aan op de andere oproep die wordt gedaan, namelijk de routekaart van de Transitievisie Warmte 2.0? Kan dit worden gezien als een aanjager om een prioritering te hebben of staat het er los van? Gaat het om én de routekaart én het aanpakken van de Hambaken? Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) zegt dat het er los van staat.

Het voorstel voor de Hambaken is eigenlijk een raadsbreed voorstel. Het stukje klimaatneutraal 2045 is een aparte motie en die gaat echt over de commissie Bedrijvigheid, waar zij graag een apart plan wil hebben. Mevrouw Klerks (Volt) begrijpt de beredenering. Zij herkent de problematiek van de Hambaken en zij kent de wijk. Zij vraagt zich af in hoeverre de motie meerwaarde heeft ten opzichte van alle losstaande zaken. Zij wil weten of het hier gaat om een prioritering te maken in alle visiestukken of staat het er los van. Als het er los van staat, kan het dan wel samengaan met de visiestukken? Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) zegt dat het onderzoek in principe rekening zou moeten houden met die visiestukken. Bijvoorbeeld de horecavisie en buurtinitiatieven zouden moeten worden toegepast in deze wijk. De reden dat er om een aparte investering wordt gevraagd in de Hambaken is omdat er de afgelopen jaren kleine investeringen zijn gedaan en er is nog niet zichtbaar dat die kleine investeringen tezamen tot een beter leefklimaat hebben geleid. GroenLinks vindt dat de wijk vaak beloofd is dat daarin geïnvesteerd zou worden, maar er zijn 26

nog nooit echt duurzame investeringen gedaan waarbij gekeken wordt, alle aspecten samen, in lijn met de visies die er zijn, hoe de wijk kan worden geüpgraded tot het niveau van een fijn leefklimaat. De heer Altenburg-Collin (VVD) vraagt of het wellicht simpeler is om te vragen aan de wethouder of deze op een rijtje kan zetten wat er allemaal is en of daarin dan quick wins kunnen worden verzonnen om zaken beter op elkaar aan te laten sluiten en een centrale aanpak ervan te maken. Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) hoort spreken over quick wins en vindt dat precies de reden dat er in de Hambaken niet de vooruitgang geboekt is die nodig is. Er is met quick wins gewerkt en er zijn kleine aanpassingen gedaan. Dat is waarom GroenLinks het van belang vindt dat deze blinde vlek nu echt een keer aandacht krijgt. Zij is het ermee eens dat moet worden gekeken naar wat is er al gedaan en dat van daaruit een duurzame investering gedaan wordt. Zij vindt ook dat moet worden gekeken naar het aantrekkelijk maken van de wijk voor winkeliers, horeca en ontmoetingsplekken. De heer El Amraoui (D66) dankt de collega's van GroenLinks voor de lieve woorden. Hij is niet verrast, maar wel ontzettend verblijd met hun steun. Hij dankt de heer Kagie voor zijn compliment in eerste termijn en zal de fractie van Leefbaar 's-Hertogenbosch met liefde meer wegwijs maken in de datastad.

Leefbaar 's-Hertogenbosch stelt ook dat er een nieuwe wind waait en Leefbaar 's-Hertogenbosch waait graag mee die wind. Zij gingen echter nooit maar naar het JADS, Grasso, het IoT Stadslab of Jazz Playground. Zouden ze dit wel hebben gedaan, dan zouden zij natuurlijk op de hoogte zijn van alle datatoepassingen die al gemaakt worden in de stad, datatoepassingen met betrekking tot finance, gezondheid, ondernemerschap, 3D-visualisaties. Allerlei zaken die ontzettend nuttig zijn en die heel veel bedrijvigheid naar Den Bosch halen. Maar de invloed van data- en techtoepassingen gaat veel verder. Zo ontwikkelde IoT Stadslab een met sensoren uitgeruste boei die te water kan worden gelaten. Die was zo goed en het platform dat de data opneemt en waar je ermee kunt werken ook, dat de Stellenbosch Universiteit in Zuid-Afrika besloot die boei ook te willen hebben. Omdat de waterkwaliteit ermee gemeten kan worden kan voorkomen worden dat vee dat dat water drinkt, sterft. Dat is de waarde van Den Bosch als datastad. Hij vindt die waarde gigantisch. De heer Verbruggen (D66) was in de eerste termijn gebleven bij dat de verduurzaming niet alleen klimaatwinst biedt, maar ook gezondheidswinst met schonere lucht en meer stabiliteit in de portemonnee.

Door isoleren en financiële participatie hoeven mensen en verenigingen zich in de toekomst geen zorgen te maken over stijgende energiekosten en onzekerheden door afhankelijkheden van landen zoals Rusland en landen in het Midden-Oosten. De Duurzame Polder komt echt in zicht. Hij hoort de PVV zeggen de polder vol te willen bouwen met woningen zonder groene daken, dus hij neemt aan dat daar dan meer airco's zullen worden gebruikt. Hij is dan benieuwd hoe de PVV ervoor gaat zorgen dat er voldoende energie voor deze nieuwe hitte-eilanden in de polder beschikbaar is. Hij verwacht met de snelheid van de formatie in Den Haag dat tegen de tijd dat de plannen voor de kerncentrales definitief worden, de torens van D66 de skyline van Den Bosch sieren. Hij is benieuwd na de laatste bijdrage van Leefbaar 's-Hertogenbosch of de weerstand van de fractie ook verdwijnt als de windmolens er staan, net zoals aangegeven bij het theater. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) heeft uiteindelijk ingestemd met het theater en de fractie is vervolgens wel kritisch, misschien kan D66 daar iets van leren. De heer Verbruggen (D66) zegt dat D66 ook altijd kritisch en constructief is. Zijn fractie ziet met deze voorjaarsnota dat het bestuur inzet op het realiseren van de ambities in het bestuursakkoord. Hiermee worden over twee jaar de stad en dorpen nog beter en mooier achtergelaten.

Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) wil graag horen hoe D66 tegen de motie aankijkt, de klimaatneutraalroutekaart 2045. Acht D66 die ambitie ook haalbaar en wat is er nodig om die haalbaar te maken?

27

De heer Verbruggen (D66) kijkt met interesse naar de motie van GroenLinks, routekaart, en zal die ook goed beoordelen. Hij heeft wel vraagtekens bij het creëren van een fysieke ontmoetingsplaats. De fractie ziet diverse vrijwillige initiatieven in de stad en wil die niet te veel gaan sturen door een kwartiermaker. De fractie wil vooral dat die initiatieven op een vrijwillige basis, op eigen kracht, zoals van D66 gewend, kunnen floreren. Als de motie daarbij helpt, dan is D66 daar zeer positief over. Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) vraagt of D66 ook heeft gehoord dat lokale maatschappelijke organisaties ook oproepen tot meer samenwerking en ook ruimte en budget daarvoor, zodat ze kleine initiatieven kunnen vergroten en daarmee ook de klimaattransitie kunnen versnellen? De heer Verbruggen (D66) was aanwezig bij I&O en heeft het zeker gehoord. Hij vindt het mooi dan Den Bosch een stad is met een netwerk van heel veel initiatieven die elkaar vaak weten te vinden. Waar dat wat minder gaat moet worden gekeken hoe die kunnen worden gesteund. Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) vraagt of de heer Verbruggen vindt dat er een samenwerking en een faciliterende rol van de gemeente nodig is om die samenwerking verder te laten floreren. De heer Verbruggen (D66) denkt dat de gemeente nu al een faciliterende rol heeft en zelfs ook al een bijdrage doet bij diverse initiatieven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14293280/1