CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

20-11-2023 I&O - Verslag alle insprekers Atelier- en broedplaatsennieuw atelierbeleid

Gemeenteraad 12 december 2023, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Atelier- en broedplaatsenbeleid1.739 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsavond Informeren en Ontmoeten Datum:

20 november 2023

Locatie:

Bestuurscentrum, Leuvenzaal

Voorzitter:

S.J.A. Elders BA

Secretaris:

E. Kerkhoff

Insprekers:

dhr. E. van der Els, mw. F. Wagenmakers, dhr. N. van Doormalen, mw. M. Matzer, mw. A. Bolwiender, mw. N. van Schendel, dhr. Berlijn, mw. S. Reijnders, mw. M. van Heeswijk, mw. C. van Herwaarden, dhr. A. Kühne, mw. I. IJpelaar, mw. I. Verputten

Onderwerp: Atelier- en broedplaatsen/nieuw atelierbeleid Inspreker, mevrouw Reijnders is beeldend kunstenaar en ze spreekt haar zorgen uit over de plannen om oudere kunstenaars plaats te laten maken voor jongere collega's. Ze vindt dat de gemeente meer geld voor de makers moet uittrekken waarbij ook rekening wordt gehouden met betaalbare ateliers en wat oudere kunstenaars. Ze heeft sinds 2014 een vast en betaalbaar atelier in de Willem II Fabriek, maar met de nu voorliggende plannen wordt getornd aan haar huurcontract. Voordat ze dit atelier had, zwierf ze rond in antikraak ateliers en week ze soms uit naar Eindhoven, Oirschot en Best omdat ze niet in haar eigen Den Bosch terechtkon, dat kostte haar veel tijd en energie. Ze begrijpt dat ook jonge makers behoefte aan werkruimte hebben, maar ze wil niet worden gedwongen om plaats te maken omdat ook zij hard heeft gewerkt om haar praktijk op te bouwen. Ook succesvolle kunstenaars kunnen het moeilijk krijgen omdat het inkomen van kunstenaars nooit helemaal stabiel is. De gemeente heeft het achterhaalde beeld dat een kunstenaar in afzondering vrij werk maakt en wel ziet wie erin is geïnteresseerd en dat belooft niet veel goeds, er ontstaat een kloof tussen aan de ene kant cultuurambtenaren en bestuurders en aan de andere de kunstenaars.

De kunstenaars moeten zelf kunnen bepalen hoe zij hun tijd besteden en hoe zij zich aan hun kunst wijden, kunst is nooit 'u vraagt, wij draaien' en dat is maar goed ook. Kunstenaars hebben altijd zelfstandig zonder inmenging van buitenaf gewerkt en het is zeer betreurenswaardig dat de beleidsplannen dit principe verwerpen door te proberen het creatieve proces van kunstenaars te sturen. Kruisbestuivingen zijn interessant, maar die moeten wel uit de kunstenaar zelf komen en niet door beleid worden opgelegd omdat het niet iedere kunstenaar past, kunstenaarschap is individueel en dat geldt ook voor zichtbaarheid, dat past beter bij ene dan bij de andere kunstenaars. Kunstenaars inspireren elkaar uiteraard als ze bij elkaar in één gebouw zitten. Kunst moet vrij zijn en kunstenaars willen zelf bepalen welke richting zij met hun werk op gaan, kunst en cultuur zijn breder dan alleen gemeenschapskunst en de gemeente moet kunstenaars de vrijheid geven om hun eigen creativiteit maximaal te ontplooien door de makers te faciliteren en te ondersteunen in plaats van eisen en voorwaarden te stellen die zorgen voor stress en ongemak, zoals een commissie die beoordeelt of een kunstenaar wel een werkzame praktijk heeft en of die wel zichtbaar en actief in het atelier is. De gemeente lijkt onvoldoende begrip te hebben voor de diversiteit en legt eenzijdige eisen aan kunstenaars op.

Ze begrijpt dat startende makers moeilijkheden ondervinden bij het vinden van een werkplek, maar dat mag niet betekenen dat de huidige huurders hiervoor moeten wijken. In plaats daarvan moet de gemeente zich richten op het creëren van nieuwe werkruimtes voor deze doelgroep. Met de focus op doorstroming wordt geen rekening gehouden met de belangen van de huidige huurders, dat leidt alleen tot inbreken in carrières van kunstenaars die nu met veel plezier aan hun oeuvre werken. De gemeente moeten investeren in cultuur, meer geld beschikbaar stellen voor ateliers en broedplaatsen en beleid maken dat rekening houdt met zowel jonge als wat oudere kunstenaars en met begrip voor de diversiteit in beroepspraktijken van kunstenaars. Ze roept de

gemeente daarom op om de plannen te heroverwegen. Het is belangrijk evenwicht te vinden tussen de behoeften van startende makers en de belangen van bestaande huurders. De heer Van Oijen (De Bossche Groenen) vraagt welke eisen de gemeente stelt om in aanmerking voor een atelier te komen. Mevrouw Reijnders zegt dat het atelier moet worden gebruikt voor de ontwikkeling van een professionele praktijk met een artistiek of cultureel doel en dat wordt gekeken of iemand een startende of een gevestigde maker is, maar ook naar de bijdrage aan het klimaat en het ecosysteem in de creatieve hub of de stad Den Bosch, deze bijdrage kan op economisch, sociaal of cultureel vlak zijn. Ook wordt gekeken naar de financiële draagkracht. De heer Van Oijen (De Bossche Groenen) vraagt of mevrouw Reijnders over al deze punten struikelt. Mevrouw Reijnders struikelt er niet over als een atelier niet door een kunstenaarsdoel wordt gebruikt. De heer Van Haren (VVD) vraagt of mevrouw Reijnders onder het nieuwe beleid een nieuw maar wel eindig contact krijgt'. Mevrouw Reijnders beaamt dit. Ze is bang dat ze dan naar een duurder atelier moet. De heer Van Haren (VVD) wil weten of mevrouw Reijnders bij de start van het nieuwe beleid uit haar atelier wordt gezet of dat ze dan een nieuw tijdelijk contract krijgt.

Mevrouw Reijnders zegt dat ze dan een contract voor vijf jaar krijgt met na die periode de mogelijkheid voor nog vijf jaar.

Inspreker, mevrouw Van Heeswijk is beeldend kunstenaar en na jaren in een antikraakatelier te hebben gewerkt heeft ze nu een atelier in de Willem II Fabriek. Ze is 33 jaar geleden afgestudeerd aan de kunstacademie en ze leeft al 30 jaar als alleenstaande moeder als zelfstandig kunstenaar. Ze is er erg geschrokken van de plannen, ze vindt dat iedereen zijn of haar talent moet kunnen gebruiken en ontwikkelen. Ze zou niets liever willen dan de hele dag kunst maken, maar ze werkt daarnaast parttime in de zorg om haar atelier te kunnen betalen en dat geldt voor veel collega-kunstenaars. In het STIPO-advies staat dat er honderden kunstenaars in twaalf gebouwen werken en dat klinkt meer dan de 250 die het zijn. Er staat ook in dat rapport dat deze ruimtes schappelijk zijn geprijsd. Zij heeft het kleinste atelier van 27 m² en ze betaalt € 400, dat had ze niet kunnen betalen als ze onlangs geen erfenis had gehad. Eerder was het wel betaalbaar, maar door een ander energiecontract zijn de energiekosten van € 20 naar € 120 gestegen. Oudere kunstenaars moeten doorstromen om plaats te maken voor startende makers, maar ze vindt zichzelf ook een startende maker en als ze over vijf jaar AOW heeft, heeft ze meer geld en kan ze echt starten in plaats van alle ballen in de lucht te moeten houden.

Ze las in het advies dat ook oneigenlijk gebruik van de ateliers wordt gemaakt, maar ze weet van geen enkel atelier waar dat het geval is en als dat wel zo is dan mag daar een einde aan komen. Ze kan zich ook niet voorstellen dat er ateliers als opslagruimte worden gebruikt omdat ze daar te duur voor zijn. Ze voelt zich ook aangesproken door de opmerking over een gesloten karakter in het advies, de Willem II Fabriek komt inderdaad gesloten over, maar daar is wel sprake van kruisbestuiving. Er zijn in Den Bosch echter nauwelijks expositiemogelijkheden, alle galerieën vertrekken omdat dit zo duur wordt. Ten slotte geeft ze mee dat in Ghana de term 'oud worden' niet bestaat, daar zeggen ze 'ik ben gegroeid' en ze vraagt zich af waar de waardering en het respect voor de oudere kunstenaars is. De heer Van Haren (VVD) vraagt of bureau STIPO ooit met mevrouw Van Heeswijk of een van de andere gebruikers van de Willem II Fabriek heeft gesproken.

Mevrouw Van Heeswijk zegt dat niet met haar is gesproken en dat de mensen in de groepsapp wat dat betreft ook van niets weten.

Inspreker, mevrouw Van Herwaarden is beeldend kunstenaar en ook erg geschrokken van de plannen. Iemand die voor loodgieter heeft geleerd is een loodgieter en iemand met een diploma van de politieacademie is een politieagent, maar een kunstenaar met een diploma doet toch levenslang examen en moet steeds aantonen goed, vernieuwend, ondernemend, authentiek, professioneel en eigentijds genoeg te zijn. Het hardnekkige vooroordeel over kunstenaars is dat ze wereldvreemd zijn, alcohol drinken, te laat naar bed gaan of te laat opstaan en dat ze niet veel doen maar wel vinden dat iedereen het heel mooi vindt wat ze maken. Kunstenaars zijn vaak gemakkelijke zondebokken en politici sollen keer op keer met hen, Halbe Zijlstra vond dat ze uit hun subsidietoren moesten komen en Geert Wilders vindt dat anderen niet voor de kansloze hobby van kunstenaars hoeven te betalen. Het herhaaldelijk gebruik van de term 'gesubsidieerde ateliers' is misleidend omdat ze nu in Den Bosch voor ongeveer dezelfde atelieroppervlakte net zoveel huur betaalt als ze eerder in het centrum van Amsterdam deed. Ze is zelfstandig ondernemer en houdt haar eigen broek op dankzij het atelier, dat is haar veilige plek van waaruit ze de wereld laat zien wat voor de mooie dingen ze maakt.

Ze ziet ook andere kunstenaars die keihard werken en er vaak een baantje naast hebben, maar kunstenaars klagen niet ook al hebben geen dertiende maand, geen bonussen, geen kerstpakket, geen loonsverhoging en geen cao. Ongeveer zesmaal per jaar staan de deuren van de ateliers in de Willem II Fabriek open en dan komen erg veel mensen kijken. Er gaat veel geld naar cultuur, maar dat gaat niet naar de makers maar naar instanties, personeel, onroerend goed, verbouwingen en commissies. Ze vindt het niet terecht dat oudere kunstenaars moeten plaatsmaken voor jongeren omdat zij niet verantwoordelijk zijn voor het atelierbeleid in Den Bosch en ze een goede prijs voor hun atelier betalen, de gemeente moet zorgen dat er plek voor jonge makers is. Ze nodigt de raadsleden uit voor een gesprek in het atelier en ze vraagt te kijken naar de functie en de behoefte van kunstenaars omdat het imago en een deel van toeristisch inkomen van Den Bosch zwaar leunt op een Bossche kunstenaar uit de vijftiende eeuw. Mevrouw Van Zaalen (CDA) vraagt of het mogelijk is om een atelier te delen. Mevrouw Van Herwaarden heeft regelmatig stagiaires die een dag meelopen en vaak komen eerstejaars van de kunstacademie in haar atelier, maar ze heeft een atelier om er te kunnen werken.

Mevrouw Van Zaalen (CDA) bedoelt dat de ruimte kan worden gedeeld met een andere kunstenaar die er kan werken als de andere kunstenaar er niet is. Mevrouw Van Herwaarden zegt dat ze zelf haar atelier niet kan delen omdat ze er zelf iedere dag werkt. Ze denkt dat veel ander kunstenaars hun atelier vooral uit financiële nood wel delen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13534849/1