CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

1A. Jaarstukken 2023

Gemeenteraad 4 juni 2024, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Zienswijze ontwerp-programmabegroting 2025 Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN)27.827 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving Nu en in de toekomst

Jaarstukken 2023

’s-Hertogenbosch, maart 2023

ODBN Jaarstukken 2023

1

2

Voorwoord

3

Geachte bestuurders, raads- en statenleden, Voor u liggen de jaarstukken van de Omgevingsdienst Brabant Noord, de inhoudelijke en financiële verantwoording van het begrotingsjaar 2023. We kunnen in meerdere opzichten terugkijken op een enerverend jaar. Covid werd gelukkig gedecimeerd tot een regulier virus en de oorlog in Oekraïne ging helaas langzaamaan behoren tot de dagelijkse realiteit. Er kwamen nieuwe wereldse problemen voor in de plaats door de conflicten in het Midden-Oosten. De maatschappelijke gevolgen die dit teweeg heeft gebracht en daaropvolgende ontwikkelingen zoals de opvang van vluchtelingen, de energiecrisis, torenhoge inflatie hebben ook onze dienst direct en indirect geraakt. Dichter bij huis hadden we te maken met een aantal ontwikkelingen die ons als organisatie direct raken. Bij de aanvang van 2023 was de definitieve ingangsdatum van de Omgevingswet nog niet bekend en werd een aanvang gemaakt met het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH stelsel. Er was ook nog geen cao-akkoord. Het afgelopen jaar heeft in het teken gestaan van tal van belangrijke ontwikkelingen, die verderop in het jaarverslag nader toegelicht worden. Zaken als de komst van de Omgevingswet, de doorontwikkelingen in het informatiegestuurd werken en het stikstofdossier hebben impact op onze organisatie en de invulling van onze kerntaken.

De krapte op de arbeidsmarkt blijft aanhouden en daarmee ook de druk die deze ontwikkeling uitoefent op onze organisatie. Door ons HR-beleid op deze krapte in te richten, zelf personeel op te leiden en nieuwe medewerkers ervaring op te laten doen op complexe dossiers hebben wij hier ook het afgelopen jaar op ingespeeld. Niettemin zal dit thema ook de komende jaren nog extra aandacht vragen.

op het stikstofdossier. De genoemde ontwikkelingen en het gebrek aan duidelijke integrale kaders, raakt de ODBN als uitvoeringsdienst in haar dagelijkse werk. Het vergt een enorme flexibiliteit en veerkracht van onze medewerkers, onze organisatie en natuurlijk ook van onze opdrachtgevers.

In januari gingen we er van uit dat de Omgevingswet per 1 juli 2023 in werking zou treden. De Omgevingswet werd uitgesteld tot 1 januari 2024. Inmiddels is de Omgevingswet een feit. De ODBN heeft alle noodzakelijke voorbereidingen tijdig weten te realiseren. De ODBN was er zogezegd klaar voor. Ondanks dat, hebben we per 1 januari wel een team klaar staan die alle zich voordoende 'kinderziekten’, die bij een dergelijke grote operatie ongetwijfeld voor doen, prioriteit te kunnen geven.

De onzekerheid in ons werk en in onze leefomgeving is en blijft ook de komende jaren groot. Samen met onze opdrachtgevers zorgen wij ervoor dat de ODBN een gezonde en effectieve organisatie blijft. Dat kunnen we alleen bereiken door ons te blijven ontwikkelen, in nauwe samenspraak met onze deelnemers. De uitdagingen waar wij gezamenlijk voor staan vragen om een dergelijke breed gedragen koers.

In 2023 is een andere P&C-cyclus doorlopen dan gewoonlijk gehanteerd wordt. De hoge inflatie in met name 2022 heeft ook een na-ijl effect op loonafspraken. Dat zagen we ook terug in het cao-akkoord voor SGO. Doordat de nieuwe Cao 2023 een grote financiële impact had, werd het noodzakelijk om de begroting 2023 te herzien. Deze herziene begroting is begin april 2023, tegelijkertijd met de ontwerpbegroting 2024, voor zienswijze aangeboden aan de raden en staten. Net voor het zomerreces is de herziene begroting vastgesteld in het Algemeen Bestuur. Ook zien we in ons werkveld dat er grote ontwikkelingen gaande zijn die de maatschappij fundamenteel kunnen gaan veranderen. We zien problemen op het gebied van waterkwaliteit en waterkwantiteit, en op het gebied van bodem, lucht en natuur. Deze ontwikkelingen vragen forse ingrepen. Momenteel wordt het beleid echter meer gestuurd door jurisprudentie, dan door een integrale samenhangende nationale aanpak. Dit zien we onder meer terug in de ontwikkelingen

Ondanks alle uitdagingen kunnen we ook 2023 afsluiten met een positief resultaat. We zijn trots op onze medewerkers dat wij dit doel gezamenlijk hebben kunnen realiseren. Maar bovenal zijn wij natuurlijk trots dat we ook het afgelopen jaar weer een stevige bijdrage hebben kunnen leveren aan een gezond en veilig Brabant. Dat is de kern van ons werk.

Afsluitend willen we onze dank uitspreken aan onze opdrachtgevers voor het vertrouwen dat zij het afgelopen jaar in ons hebben gesteld. We hebben elkaar hard nodig om ook de komende jaren onze invloed op een schone, veilige en duurzame leefomgeving uit te kunnen blijven oefenen en waar mogelijk te vergroten. Onze medewerkers zijn er klaar voor.

Jan Lenssen, Directeur Omgevingsdienst Brabant Noord

ODBN Jaarstukken 2023

Inhoud

4

Voorwoord

2

Inleiding

6

Financiële samenvatting

8

I.

Jaarverslag 2023

12

1

Programmaverantwoording

14

1.1

Individuele Dienstverlening

15

1.2

Regionale dienstverlening

28

1.3

Bedrijfsvoering

36

2

Paragrafen

40

2.1

Paragraaf Weerstandsvermogen & Risicobeheersing

46

2.2

Paragraaf Financiering

46

2.3

Paragraaf Bedrijfsvoering

50

2.4

Paragraaf Wet open overheid

55

2.5

Paragraaf Verbonden Partijen

57

2.6

Niet van toepassing zijnde paragrafen

59

II.

Jaarrekening 2023

60

3

Overzicht

62

3.1

Balans per 31 december 2023

62

3.2

Baten en lasten

64

3.3

Recapitulatie resultaat

65

3.4

Onderverdeling lasten naar overhead en programma’s

66

3.5

Tarief op basis van nacalculatie

67

4

Toelichting

68

4.1

Waarderingsgrondslagen jaarrekening

68

4.2

Toelichting op de balans per 31 december

73

4.3.

Niet in de balans opgenomen rechten/verplichtingen

86

4.4

Toelichting op baten en lasten 2023

87

4.5

Incidentele baten en lasten

96

4.6

Financieel overzicht per taakbeeld BBV

99

4.7

Overzicht aanwending post onvoorzien

99

4.8

Declarabiliteit

100

4.9

EMU-saldo

103

4.10 Wet Normering Topinkomens (WNT)

104

4.11 Bijdrage deelnemers

110

5

Sisa Verantwoording

112

6

Rechtmatigheidsverklaring van het bestuur

114

7

Controleverklaring van de accountant (concept)

118

III.

Bijlagen

124

1. Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

5

Risico inventarisatie

126 ODBN Jaarstukken 2023

6

Inleiding

7

De Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) is een gemeenschappelijke regeling en voert haar taken uit voor 11 overheden: 10 gemeenten en de provincie Noord-Brabant (onze deelnemers). Noordoost-Brabant is het belangrijkste werkgebied van de ODBN. Vanuit het kantoor in ’s-Hertogenbosch werken ruim 300 collega's dagelijks aan een schone, duurzame en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst. Dat is onze missie. Bij de ODBN werken uitvoeringsexperts op het gebied van vergunningen, toezicht en handhaving en diverse specialismen zoals geluid, bodem, asbest, natuur, omgevingsveiligheid, luchtkwaliteit, geur, water en mest. Ook heeft de ODBN op de genoemde terreinen een adviserende taak en wordt gewerkt aan innovatie en ontwikkeling. De taak rondom de groene wetten voert de ODBN voor heel Brabant uit.

Als ODBN zijn we primair een uitvoeringsorganisatie van VTH-taken. We streven naar continue verbetering van de kwaliteit en investeren in de deskundigheid van onze medewerkers, ons belangrijkste kapitaal. Naast de uitvoering van VTH-taken adviseren wij steeds meer over de effecten van beleid in de praktijk. Door ons werk zien we wat er in de leefomgeving gebeurt. Ook Brabant breed en landelijk dragen we onze expertise uit en staat onze leefomgeving in Brabant Noord centraal. Kortom, onze ambitie is:

“De ODBN is dé deskundige uitvoerder op het terrein van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Vanuit onze kennis van de praktijk adviseren wij over milieu en natuur en de uitvoerbaarheid en effecten van beleid.“

Oss

Leeswijzer De jaarstukken bestaan uit een jaarverslag (de programmaverantwoording) en uit een jaarrekening (de financiële verantwoording). Met de jaarstukken legt het bestuur verantwoording af over het gevoerde beleid en beheer in het afgelopen jaar.

's-Hertogenbosch Bernheze Vught

SintMichielsgestel

Boxtel

Meierijstad

Maashorst

Land van Cuijk

Boekel

Onze leefomgeving is divers en een actueel thema voor elke inwoner en ondernemer. Als deskundige uitvoeringsorganisatie signaleren en agenderen we de voortdurende veranderingen in onze leefomgeving. Dit betekent doorlopende ontwikkeling en vernieuwing van ons werk. Onze deskundige medewerkers op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) werken binnen de kaders van de wetten van milieu, natuurbescherming, bouwen en wonen. Zo kunnen we de gemeenten in Noordoost Brabant en de provincie Brabant professioneel en met kennis van zaken adviseren. De ODBN richt zich op samenwerking; binnen de eigen organisatie, met gemeenten, de provincie en andere relevante organisaties. Gemeenten en de provincie voelen zich als eigenaar en als opdrachtgever betrokken. Dat is onze visie.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

Als eerste leest u de financiële samenvatting van de jaarstukken 2023. Hierin wordt een korte toelichting opgenomen op het gerealiseerde resultaat, een verklaring van het resultaat met de belangrijkste afwijkingen en de eventuele voorstellen voor budgetoverhevelingen. In hoofdstuk I treft u het jaarverslag aan. Dit jaarverslag bestaat uit de programmaverantwoording waarbij wordt toegelicht of de destijds in de (primaire) begroting opgenomen voornemens al dan niet zijn gerealiseerd. In het tweede gedeelte van het jaarverslag wordt ingegaan op de verplicht voorgeschreven paragrafen, uiteraard voor zover deze van toepassing zijn op de ODBN. In hoofdstuk II vindt u de financiële jaarrekening. Deze omvat een totaaloverzicht van de balans per 31 december 2023 en de baten en lasten over 2023. Beide onderdelen zijn daarbij voorzien van een toelichting en de daarbij voorgeschreven bijlagen.

ODBN Jaarstukken 2023

8

Financiele samenvatting

9

Het jaar 2023 is afgerond en daarmee wordt de jaarrekening van de ODBN opgemaakt. Het financiële jaar sluit met een positief resultaat van bijna € 992.000. Voor een uitgebreide toelichting op de verschillende onderdelen verwijzen wij u graag naar de toelichting op de baten en lasten in paragraaf 4.4. In onderstaande tabel is een financiële samenvatting gepresenteerd. OMSCHRIJVING | BEDRAGEN X €1.000

RESULTAAT

Rekening resultaat na bestuursrapportage

2.094

V

Individuele dienstverlening

-2.298

N

Lasten Regionale dienstverlening

525

V

Dotatie voorziening Voorste Heide

-825

N

Omzet Regionale dienstverlening

256

V

Lonen en inhuur

1.782

V

Verlof en spaaruren

-314

N

Bedrijfsvoering

112

V

Rentebaten

46

V

Stelpost onvoorzien

100

V

1.478

V

Onttrekkingen aan reserves

-121

N

Stortingen in reserves

-366

N

RESULTAAT NA MUTATIES RESERVES

992

V

RESULTAAT VOOR MUTATIES RESERVES

In de bestuursrapportage van 2023 is een verwacht positief resultaat van € 2.094.000 gepresenteerd. Dit resultaat werd voor 1,6 miljoen veroorzaakt door de drie ontwikkelingen in loonsom, rentebaten en de groei van de organisatie. Voor wat betreft de omzet gaven we aan dat we ten tijde van de bestuursrapportage een lagere omzet van individuele en regionale dienstverlening verwachtten. Dit werd veroorzaakt door een lagere declarabiliteit en verschuiving van werkzaamheden. In de bestuursrapportage is ook de verwachting uitgesproken dat wij een voordeel zien op de loonsom. Doordat we relatief veel nieuwe aanwas in de organisatie hebben, zien we dat we tussen het begrote loonkosten per fte en de daadwerkelijke kosten per fte een voordeel behalen. Nieuwe medewerkers met relatief weinig ervaring worden ingeschaald in een lagere loonschaal of onder in de functionele schaal, afhankelijk van opleiding en ervaring. Als laatste meldden we een voordeel op de rentebaten. Doordat de rente sterk gestegen is op de schatkistrekening verwachtten we bij de burap een voordeel van € 770.000,-. Nu presenteren we toch een resultaat van € 992.000. De gemiddelde declarabiliteit ligt met 1.297 uren onder de norm van 1.309 uren per medewerker.

Het inwerken van nieuwe collega’s, een aantal niet-facturabele projecten en het bijzondere verlof (zwangerschaps- en geboorteverlof ) dat dit jaar genoten is, hebben grote consequenties gehad voor de declarabiliteit.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2023

10

Bij de bestuursrapportage gingen we nog uit van een nadeel op de individuele dienstverlening van € 800.000 tot € 1.800.000,-. Deze prognose is gemaakt op basis van ervaringsgegevens over de afgelopen jaren waarin steeds in het laatste kwartaal een stijging van de declarabiliteit te zien is. In 2023 heeft deze stijging zich niet/beperkt voorgedaan. Het nadeel op de individuele dienstverlening is opgelopen tot bijna € 2,3 miljoen.

doelvermogen berekend voor het eeuwigdurend onderhoud verontreinigde gebieden. Het verwachte voordeel op de lonen heeft zich ook voorgedaan. Dit wordt veroorzaakt door ruimte tussen de begroting en de daadwerkelijke inschaling van medewerkers, maar ook door vacatureruimte in de organisatie. Het uiteindelijke voordeel komt met € 1.782.000 precies in de verwachte bandbreedte uit.

Hier tegenover staat een grotere inzet op de projecten van beide specifieke uitkeringen. Dit leidt tot een voordeel op de omzet in het programma regionale dienstverlening. Per saldo is het nadeel t.o.v. de begroting € 2.042.000,-

In de jaarrekeningen van 2021 en 2022 hebben we een financiële verplichting opgenomen op de balans voor het resterende verlof- en spaarurensaldo. Conform het Besluit Begroting en Verantwoording is er een voorziening gevormd voor het bovenwettelijk verlofsaldo. Daarnaast is er een financiële verplichting opgenomen voor het resterende spaarurensaldo. Door een andere rekenmethodiek én gestegen urensaldo heeft dit geleid tot een aanvullende storting van € 314.000, bovenop de vrijval van de financiële verplichting uit eerdere jaren.

Een ander belangrijk verschil met de bestuursrapportage is de storting in de voorziening van voormalig stortplaats Voorste Heide. Bij de bestuursrapportage was het uitgangspunt nog dat een storting ten laste kwam van de deelnemers die in het verleden verantwoordelijk waren voor deze stortplaats. Na intern onderzoek bleek dat als gevolg van eerdere besluitvorming dat de ODBN hier zelf verantwoordelijk voor is. Hier is het bestuur in de vergadering van november ook over ingelicht. Als gevolg van de geactualiseerde berekening dient de voorziening aangevuld te worden met een bedrag van € 825.000. Dit is gedaan aan de hand van de zogenaamde 'RINAS' berekening, die het

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

Ten opzichte van de bestuursrapportage zijn er nog wat kleine verschillen ontstaan in de bedrijfsvoering. Alle overige mutaties middelen elkaar uit.

ODBN Jaarstukken 2023

11

12

I Jaarverslag 2023

13

2

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2023

14

1 Programmaverantwoording

1.1 Individuele Dienstverlening

De programmabegroting van de ODBN voor 2023 onderscheidt 3 programma’s die in de jaarstukken verantwoord worden. Dezelfde volgorde wordt aangehouden in het voorliggende jaarverslag. Het gaat hierbij om de volgende indeling:

Inhoud programma

1. Individuele dienstverlening 2. Regionale dienstverlening 3. Bedrijfsvoering Gedurende het jaar stellen wij diverse uitgebreide rapportages op waarin we verantwoording afleggen aan de individuele deelnemers over de voortgang van onze opdrachten. Daarom gaan we in de jaarstukken niet in op de situatie per deelnemer, maar zoomen we uit op de resultaten van de organisatie als geheel over het afgelopen jaar. We blikken terug op de belangrijkste ontwikkelingen uit 2023 en de realisatie ten opzichte van de begroting.

15

Het programma individuele dienstverlening sluit aan op de individuele werkprogramma's die we met onze deelnemers vaststellen. Het gaat om onze kerntaken: vergunningverlening, toezicht en handhaving op het gebied van milieu, natuurbescherming, bouwen, wonen, ruimtelijke ontwikkeling en omgevingsrecht (advies). Beleidskaders/richtlijnen OMSCHRIJVING

DATUM

EXPIRATIEDATUM

HUIDIGE WET TEN VOOR OMGEVINGSWET Wet milieubeheer

1 maart 1993

Activiteitenbesluit

1 januari 2008

1 januari 2024

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo)

1 oktober 2010

1 januari 2024

Wet Natuurbescherming

1 januari 2017

1 januari 2024

Draaiboek deelproces milieubeheer

25 september 2017

NA INVOERING VAN OMGEVINGSWET Omgevingswet

1 januari 2024

Nadere regelgeving

1 januari 2024

Wat willen we bereiken? Als ODBN werken we samen met onze deelnemers en ketenpartners aan een schone, veilige en gezonde leefomgeving, nu en in de toekomst. De ODBN is de uitvoeringsexpert voor onze regio op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. In het programma individuele dienstverlening voeren we hoofdzakelijk de taken uit die onze deelnemers bij ons hebben belegd. De gemeentelijke werkprogramma's en de provinciale opdracht zijn hierbij leidend.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2023

16

De VTH-taken vormen de vaste kern van ons werk als omgevingsdienst. De omgeving en het institutionele speelveld zijn echter constant in beweging. Daarom moeten wij onze VTH-taken altijd blijven ontwikkelingen. Veranderingen in wet- en regelgeving, maatschappelijke ontwikkelingen en wensen van onze deelnemers zorgen voor een continue bijstelling van ons takenpakket. Als ODBN moeten we aandacht hebben voor veranderingen in onze omgeving. Daarbij is de nauwe samenwerking met onze partners en deelnemers onontbeerlijk. Samen kunnen we onze expertise over de fysieke leefomgeving optimaal koppelen aan de lokale situatie.

Wat hebben we daarvoor gedaan in 2023? Uitvoering VTH-taken De VTH-taken op het gebied van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en de Wet natuurbescherming (Wnb) vormen de kern van de werkzaamheden van de ODBN. Onze taken bestaan uit de wettelijk verplicht bij ons belegde taken – de zogenoemde basistaken –, de verzoektaken en aanvullende opdrachten (orders). Overige verzoektaken (aanvullende opdrachten/ orders) bestaan veelal uit advisering of taken binnen overige vakgebieden (zoals ruimtelijke ordening of slopen). De VTH-verzoektaken en overige verzoektaken kennen (grotendeels) ook een wettelijke grondslag, maar hiervan mogen de deelnemers zelf bepalen of zij deze taken bij de ODBN beleggen. Tot slot voeren we aanvullende opdrachten oftewel orders uit. Dit zijn opdrachten die niet in de reguliere werkprogramma's/ opdracht zijn opgenomen of opdrachten van nietdeelnemers. Maar de gemeentelijke werkprogramma's en de provinciale opdracht vormen de basis van ons werk. In deze werkprogramma's was ervan uitgegaan dat de Omgevingswet per 1 januari 2023 in werking zou treden. De Omgevingswet is echter uitgesteld tot 1 januari 2024. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet vindt er in een aantal gevallen een wijziging in bevoegd gezag plaats.

Een aantal bedrijfstypen waarvoor de provincie bevoegd gezag was gaan over naar de gemeente als bevoegd gezag en andersom (de nadruk ligt hierbij op een op verschuiving van provincie naar gemeenten). Deze verschuiving was wat betreft inzet al opgenomen in de werkprogramma's. Door het uitstel van de Omgevingswet konden aanvullende taken bij bodem en bedrijven niet aan ons overgedragen worden. Dit resulteert in een lagere omzet op bodemgebied. Door het meermaals verschuiven van de datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet en daarmee de bevoegdheidsverschuiving van bedrijven van provincie naar gemeenten is in de bijgestelde begroting deels een dubbele inzet begroot. Mede daarom is de omzet lager uitgevallen.

17

De arbeidsmarkt voor personeel voor de uitvoering van VTH-taken is en blijft krap en het is lastig om voldoende personeel te werven. Vergunningverlening Als ODBN verzorgen we de vergunningverlening op het gebied van milieu voor onze deelnemers. Onder vergunningverlening verstaan we ‘het voorbereiden van beschikkingen tot het verlenen, wijzigen, actualiseren, intrekken of weigeren van omgevingsvergunningen voor het onderdeel ‘milieu’ en ‘het beoordelen van meldingen en OBM's (omgevingsvergunning beperkte milieutoets), het voorbereiden van beschikkingen en het opstellen van (maatwerk)voorschriften’. De wijze waarop we invulling geven aan de vergunningverleningstaak is vastgelegd in het Regionaal Operationeel Kader Vergunningverlening (ROK-VV). Momenteel zijn we gezamenlijk met onze deelnemers bezig met het opstellen van een nieuwe Uitvoerings- en handhavingsstrategie.

Binnengekomen nieuwe vergunningszaken

Afgeronde vergunningszaken

1.968

1.223

In totaal zijn er in 2023 1.968 nieuwe vergunningszaken binnengekomen, ten opzichte van 1.222 in 2022. Met ‘vergunningszaken’ bedoelen we zaken die betrekking hebben op het werk van vergunningverleners. Het betreft 1.278 nieuwe zaken voor de provinciale opdracht. We zien daarbij een lichte verschuiving. In 2023 zijn er bijna 450 zaken meer binnengekomen voor de provinciale opdracht.

Voor de gemeentelijke opdracht zijn 690 nieuwe zaken binnengekomen. Dit is een behoorlijke stijging van zo'n 280 zaken ten opzichte van 2022. Eind 2023 zijn met het oog op de inwerkingtreding van de Omgevingswet relatief veel aanvragen ingediend. Een andere belangrijke oorzaak van de extra aanvragen ligt in de nieuwe Interim omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant. Deze heeft ervoor gezorgd dat in het derde kwartaal een piek aan agrarische vergunningsaanvragen plaatsvond.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2023

18

Deze toename aan nieuwe zaken bestaat grotendeels uit aanvragen omgevingsvergunning voor het wijzigen van de bedrijfsactiviteiten. Voor een kleiner deel zit de toename in actualisaties van vergunningvoorschriften. Voor de provinciale opdracht is het aantal Wabo-initiatieven met 23 aanvragen gestegen ten opzichte van 2022. Daarmee lijkt er een einde te komen aan de dalende trend die van 2019 tot 2021 zichtbaar was. Ook het aantal aanvragen regulier en uitgebreide procedures is in 2023 gestegen ten opzichte van 2022. In 2023 is er geïnvesteerd in het aantrekken van personeel. Er zijn 4 vergunningverleners opgeleid. Daarmee hebben we een inhaalslag kunnen maken op de werkvoorraad en zijn we minder afhankelijk van externe capaciteit. Door de piek aan aanvragen in de laatste weken van december is de werkvoorraad op papier gelijk gebleven aan 2023. Verder zijn er het afgelopen jaar 1223 vergunningszaken afgerond. Het betreft 851 zaken in het kader van de provinciale opdracht, waaronder 163 Wabo-zaken (vergunningverlening grijs) en 688 zaken volgend uit de Wnb (vergunningverlening groen). In het kader van de gemeentelijke opdracht zijn in 2023, 372 vergunningszaken afgerond. Dat zijn er zo'n 50 meer dan in 2022. Dit is deels bereikt door het vrijspelen van tijd als gevolg van het risicogerichter afhandelen van meldingen Activiteitenbesluit.

Hoewel er meer zaken zijn afgehandeld in 2023 is de werkvoorraad toch opgelopen door de toename aan nieuwe vergunningszaken. Het feit dat in 2023 het aantal padel banen is gestegen en de complexiteit van legalisatie aanzienlijk is, heeft eveneens een groot beroep gedaan op onze capaciteit en heeft extra inspanningen van onze medewerkers gevergd.

19

Meldingen In 2023 zijn in totaal 4.190 meldingen afgehandeld. Deze zijn als volgt verdeeld:

Afgehandelde meldingen

Asbestverwijdering Activiteitenbesluit Besluit bodenkwaliteit/ mobiel breken/ gesloten bodemenergiesysteemen Sloop (zonder asbest)

Ten opzichte van 2022 is het aantal afgehandelde meldingen met 818 stuks toegenomen. Deze stijging valt geheel toe te kennen aan de meldingen asbestverwijdering (1.197 sloopmeldingen met asbest en 1.247 beoordelingen van asbestinventarisatierapporten). Het aantal afgehandelde meldingen Activiteitenbesluit ligt juist lager ten opzichte van 2022. Nog net voor het in werking treden van de Omgevingswet zijn veel meldingen ingediend die nog niet opgepakt zijn. Toezicht Naast vergunningverlening verzorgt de ODBN het toezicht op naleving van de milieuregels. De kaders voor de wijze waarop wij toezicht houden (en handhaven) zijn vastgelegd in het Regionaal Operationeel Kader Toezicht en Handhaving (ROK-T&H) en in de landelijke handhavingsstrategie. Het geprogrammeerde en niet geprogrammeerde toezicht op het gebied van de naleving van de milieuregels heeft in 2023 volop aandacht gekregen. We zien wederom een stijging in het nietgeprogrammeerde toezicht. Daardoor ontstaat verdringing op het geprogrammeerd toezicht. Bij niet-geprogrammeerd toezicht gaat het om zaken zoals klachten, ongewone voorvallen en handhavingsverzoeken van gemeenten waarbij de wens is deze op korte termijn op te pakken. Voor toezicht is het informatiegestuurd werken (IGW) een belangrijke (door)ontwikkeling.

We willen ons toezicht toespitsen op die plekken waar het milieurisico hoog is en/of het naleefgedrag laag is. In 2023 is hier een start mee gemaakt.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2023

20 Afgeronde Inspectiezaken

Uitgevoerde her-inspecties

5.108

1.801

In totaal zijn in 2023 5.108 inspectiezaken afgerond. Met ‘inspectiezaken’ bedoelen we zaken die betrekking hebben op het werk van onze toezichthouders.

Voor de gemeentelijke opdracht zijn 3.452 inspectiezaken afgerond. 1.814 zaken betroffen milieucontroles, waarvan 282 controles als gevolg van overlast- en incidentmeldingen. 1.431 zaken hadden betrekking op asbestverwijdering (1.150) of sloop zonder asbest (281). Het laatste deel wordt gevormd door controles op het gebied van bodem. Hier zijn in totaal 207 controles uitgevoerd, te verdelen in controles Besluit bodemkwaliteit (122), mobiel breken (12) en gesloten bodemenergiesystemen (73). Binnen de provinciale opdracht zijn in totaal 1.656 zaken afgerond. De meeste daarvan hadden betrekking op het ‘groene’ toezicht in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb). De grootste categorie daarvan wordt gevormd door houtopstanden, met 871 afgeronde inspectiezaken. 112 zaken hadden betrekking op het grijze toezicht, oftewel de inrichting gebonden zaken. Naast reguliere inspecties zijn in 2023 1.801 her-inspecties uitgevoerd. 1.539 van deze her-inspecties zijn uitgevoerd in het kader van de gemeentelijke opdracht waarvan 343 na een handhavingsvoornemen en 133 na een handhavingsbesluit. Voor de provinciale opdracht zijn 262 her-inspecties uitgevoerd, waarvoor 84 in het kader van de Wabo en 178 in het kader van de Wnb. Net als in 2022 is in 2023 meer capaciteit ingezet bij de provinciale opdracht op een aantal complexe en (bestuurlijk) gevoelige dossiers.

Desondanks heeft dit met extra investeringen, juridische inzet en een herverdeling van de werkzaamheden geen invloed gehad op de realisatie van onze reguliere toezichtstaken.

Handhaving De ODBN draagt zorg voor een schone, veilige en duurzame leefomgeving. Handhaving – zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk – is één van de instrumenten om dit te bereiken. Handhaving vraagt om intensieve samenwerking tussen de diverse handhavingspartners. Daarbij gaat bijvoorbeeld om de diverse instanties in de zogenoemde strafrechtketen – denk aan de politie, het Openbaar Ministerie (OM) en de omgevingsdiensten – maar ook om samenwerking binnen de ODBN, tussen toezichthouders, juristen en boa’s. Gezamenlijk dragen we zorg voor de handhaving van het omgevingsrecht. Daartoe hebben we ook een beginselplicht tot handhaving. Burgers en bedrijven moeten ervan op aan kunnen dat wij overtreders aanspreken en indien nodig aanpakken met de instrumenten die we daartoe tot onze beschikking hebben, zowel bestuursrechtelijk of strafrechtelijk. Alleen zo kunnen we een gelijk speelveld creëren in onze omgeving, dragen we zorg voor de handhaving van het omgevingsrecht en dragen we bij aan de gewenste schone, veilige en duurzame leefomgeving. Het afgelopen jaar zijn zowel landelijk als regionaal diverse initiatieven opgestart om handhaving bij milieuovertredingen en -criminaliteit te intensiveren. Niet voor niets is bestuurs- en strafrechtelijke handhaving en vervolging één van de pijlers van het landelijke Interbestuurlijk Programma Versterking VTH (IBP).

Onderdeel van deze pijler is om de samenwerking tussen diverse handhavingspartners te versterken, evenals de implementatie van de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Ook in Brabant hebben we het afgelopen jaar hard gewerkt aan de bestuurs- en strafrechtelijke handhaving. Zo is een onderzoeksrapport verschenen van een adviesbureau dat in opdracht van de provincie Noord-Brabant en de ODBN onderzoek heeft gedaan naar de strafrechtelijke milieuhandhaving in Noord-Brabant. Naar aanleiding van dit rapport zijn diverse ontwikkelingen in gang gezet om de strafrechtelijke milieuhandhaving in Brabant verder te stroomlijnen. Zo is een initiatief opgestart om te komen tot een regionaal dreigingsbeeld milieu en wordt gewerkt aan een eenduidige en overzichtelijke overlegstructuur. Eén van de voornemens is om ook een regionale prioritering uit te werken om de beschikbare capaciteit zo doelmatig mogelijk in te kunnen zetten. Binnen de ODBN werken we conform de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO) de opvolger van de LHS. Het afgelopen jaar heeft de ODBN een project uitgevoerd om de toepassing van de LHSO te verbeteren, en om zo te komen tot een meer evenwichtig bestuurs- en strafrechtelijk interveniëren.

Onderdeel van dit project zijn onder andere aangescherpte afspraken voor de overdracht van toezicht naar (strafrechtelijke) handhaving en de ontwikkeling van een handreiking LHSO. Het project kent een korte doorloop in 2024, maar we verwachten daar op korte termijn de vruchten van te kunnen gaan plukken.

Opvallend is dat er relatief veel her-controles zijn uitgevoerd. Wellicht als gevolg van risicogericht werken op basis van IGW. Voor toezicht zijn we nadrukkelijk gaan investeren in IGW. Door slimmer om te gaan met de data en informatie die wij tot onze beschikking hebben, kunnen we efficiënter en effectiever optreden en ons toezicht toespitsen op de grootste milieurisico's en naleefgedrag.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2023

21

22

Naast dat we overtredingen veelal fotografisch vastleggen hebben we ook een start gemaakt om met drones te gaan werken (los van de drones die al langer gebruikt worden door SSiB). Twee dronepiloten hebben de basisopleidingen afgerond. Mede omdat er een militair vliegveld in ons gebied hebben (Volkel) is voor het vliegen met een drone een extra opleiding nodig. De volgende opleiding start in februari 2024. Verder zijn alle randvoorwaarden geregeld. In totaal hebben we het afgelopen jaar 55 strafzaken opgepakt. Het gaat om 7 zaken volgend uit de Wnb (groen), waarvan 4 zaken soortenbescherming en 3 zaken houtopstanden. Daarnaast zijn binnen de gemeentelijke opdracht 48 zaken behandeld die betrekking hebben op milieuinrichtingen (grijs), bodem dan wel asbest. In totaal zijn in 2023, 5 volledige strafdossiers opgemaakt en ingestuurd naar het Functioneel Parket. Eens in de 6 weken is er een overleg met het FP. Vanwege een ongeldige akte konden er na 31 maart geen strafdossiers meer worden opgemaakt. Inmiddels beschikken de Boa's weer over een geldige acte en kunnen de taken weer worden opgepakt. De Boa’s die onderdeel uitmaakten van team Handhaving zijn ondergebracht bij team gemeenten. Hierdoor wordt de afstand tussen bestuurlijke en strafrechtelijke handhaving verkleind.

Specialistische dienstverlening Ook in het afgelopen jaar hebben de deelnemers de ODBN in grote mate weten te vinden met inhoudelijk, gespecialiseerde milieuvragen. Naast het vertrouwen dat de deelnemers daarbij in onze kennis uitspreken, constateren wij dat deze specifieke milieukennis bij de deelnemers onder druk staat. Bij de specialisten ervaren wij nog steeds dat de arbeidsmarkt krap is en het daardoor lastig is om personeel te werven.

Binnen de diverse specialismen is in 2023 met name aandacht besteed aan de volgende zaken. Het specialisme luchtkwaliteit en geur was de vraagbaak voor complexere zaken waar alle lucht en geur gerelateerde aspecten behandeld zijn. Adviezen in het ruimtelijke spoor waren veelal gericht op agrarische geur, waar al langer landelijk veel over te doen is. Tevens zijn er industriële geurvraagstukken beoordeeld en is ondersteuning verleend bij het opstellen van vergunningen. Voorts is ondersteuning verleend bij overige toezicht taken, zowel bij agrarische als industriële geur en luchtaspecten. Het specialisme geluid omvat diverse disciplines, waaronder het meten van geluid bij klachten, ondersteuning bij vergunningverlening Wabo en ondersteuning bij RO-zaken. Daarnaast zijn er diverse werkzaamheden in het kader van ISV (Investeringsfonds Stedelijke Vernieuwing) Sanering wegverkeerslawaai uitgevoerd. Naast deze werkzaamheden is er ook diverse keren een bijdrage geleverd bij bezwaar- en beroepsprocedures. Door meerdere langdurige ziektes kwam de dienstverlening tijdelijk onder druk te staan. Bij het specialisme externe veiligheid is ondersteuning en advies gegeven aan de deelnemers waarbij (indien nodig) risico’s door zijn vertaald naar vergunningvoorschriften of in bestemmingsplannen zijn afgewogen.

Risicobronnen die zijn opgericht, ingetrokken of aangepast, zijn verwerkt in het Register Externe Veiligheid (REV). Deze zijn voor iedereen inzichtelijk via de Atlas voor de leefomgeving. Daarnaast is ingezet op kennisoverdracht en het bieden van ondersteuning bij het toezicht op de bedrijven die gevaarlijke stoffen produceren en/of opslaan. De doorlooptijden van de beoordelingen van milieu gerelateerde ruimtelijke verzoeken zijn verkort en heeft er een intensievere communicatie met de deelnemers plaats gevonden. Bij twee deelnemers is gehoor gegeven aan de wens om tweewekelijks een medewerker op het gemeentehuis te stationeren om direct mee te kunnen adviseren over alle ruimtelijk gerelateerde milieuaspecten.

Natuurbescherming De Wet natuurbescherming (Wnb) regelde de bescherming van natuurgebieden die uniek zijn voor Nederland en Europa, de bescherming van planten en dieren en van bossen en andere houtopstanden. Op 1 januari 2024 is de Wet natuurbescherming (Wnb) opgegaan in de Omgevingswet. De ODBN verzorgde namens de provincie Noord-Brabant de vergunningverlening en de ontheffingen op het gebied van de Wnb . Ook voert de ODBN hier het toezicht op uit. Waar nodig treden we handhavend op. Tevens is de gemeentelijke opgave op het onderdeel natuur op verzoek van de gemeentelijk deelnemers steeds meer ingevuld door de ODBN.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2023

23

24

Stikstofdossier Ook 2023 werd in sterke mate beïnvloed door de ontwikkelingen binnen het stikstofdossier (of de stikstofcrisis). Als gevolg van jurisprudentie (bijvoorbeeld over het beoordelen van beweiden), ontbrekende uitvoeringskaders (zoals voor randeffecten bij extern salderen), bestuurlijke besluitvorming (zoals over het toepassen van emissiearme stalsystemen) en de uitgevoerde natuurdoelanalyses ligt de vergunningverlening grotendeels stil. Ook de legalisatie van de PAS-meldingen stokt door deze problematiek. De ontwikkelingen in het stikstofdossier vergen veel afstemming binnen de ODBN, maar ook met de andere omgevingsdiensten. Het veelvuldig bijstellen van ons handelingsperspectief door landelijke en juridische ontwikkelingen doet een beroep op de flexibiliteit van onze medewerkers. Soortenbescherming De ODBN verzorgt ook de VTH-taken op het gebied van soortenbescherming, faunabeheer en houtopstanden. In 2023 is het provinciale werkprogramma op deze grotendeels vraag gestuurde taken gerealiseerd. Waarbij voor wat betreft het toezicht op houtopstanden de in eerdere jaren opgelopen achterstanden in 2023 geheel zijn ingehaald. Datzelfde geldt voor de ontheffing verlening soortenbescherming. In samenwerking met de provincie Noord-Brabant is een verbeterplan opgesteld en met een projectmatige aanpak en uitvoering daarvan zijn in 2023 alle achterstanden weggewerkt.

En worden alle ontvangen aanvragen binnen de daarvoor geldende wettelijke termijnen afgehandeld. Hiermee is de provincie Noord-Brabant 1 van de weinige provincies die dit heeft kunnen realiseren.

Bodemtaken Bij inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt de bevoegdheid die bij de provincie ligt voor de Wet bodembescherming (Wbb) overgeheveld naar de gemeenten. Gemeenten worden dan de primaire beheerder van de bodemkwaliteit voor hun grondgebied. Door deze overdracht komen alle basistaken voor de bodem(sanering) bij de gemeenten te liggen. Reeds beschikte en lopende saneringen blijven onder de bevoegdheid van de provincie vallen. Doordat de inwerkingtreding van de Omgevingswet niet in 2023 heeft plaatsgevonden, is ook de overdracht van de bodemtaken van provincie naar gemeenten uitgesteld. Met name de tweede helft van 2023 heeft in het teken gestaan van voorbereiding op de Omgevingswet. Er zijn bodemtrainingen gevolgd, interne processen aangepast en voor de nieuwe werkzaamheden opgesteld. Daarnaast is er intensief met provincie en de andere Brabantse omgevingsdiensten samengewerkt om voor heel Brabant, voor zover mogelijk, dezelfde werkwijze te gaan hanteren. Ook zijn de bodem(beleids-)medewerkers van de bij de ODBN aangesloten gemeenten meegenomen in de wijzigingen, die de Omgevingswet voor het vakgebied ‘bodem’ gaat betekenen, voor gemeenten en ODBN.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

Eén project binnen de regio schiet er bovenuit: op een locatie binnen ons werkgebied is immobilisaat (een mengsel van vervuild materiaal met cement) toegepast, waarvan de ODBN van mening was dat dit materiaal niet voldeed aan het Besluit bodemkwaliteit. In deze kwestie is door ODBN intensief samengewerkt met de IL&T. In goed overleg met de eigenaar is besloten om het materiaal weg te halen zonder dat er daadwerkelijk handhavend opgetreden hoefde te worden. Aannemer en producent waren het hier niet mee eens en hebben mede daarom een WOO-verzoek gedaan. Uiteindelijk bleek uit onderzoek door de IL&T (in samenwerking met toezicht bodem van de ODBN), dat het toegepaste materiaal niet toegepast had mogen worden en dus terecht is afgevoerd. Deze zaak heeft enorm veel tijd gekost van de vakgroep bodem en de ingeschakelde jurist, maar heeft wel geleid tot daadwerkelijke bescherming van de bodem en met name het grondwater.

Milieuklachtencentrale Namens onze deelnemers voeren wij als ODBN de klachtenregeling uit. Burgers moeten hun beklag kunnen doen wanneer zij overlast ervaren van bedrijven zoals geluidsoverlast, geuroverlast of bodemverontreiniging. Burgers konden hun klacht in 2023 kwijt bij de MilieuKlachtenCentrale (MKC), een samenwerkingsverband van de Brabantse omgevingsdiensten en Zeeland. De MKC zet de klacht vervolgens door richting de betrokken omgevingsdienst. In 2023 zijn in totaal 4.771 klachten- en incidentmeldingen geregistreerd. In 2022 betrof dit 5.635 meldingen. Voor het tweede jaar op rij betekent dit een daling in het totaal aantal meldingen. Verder terugkijkend zien we een sterke toename in 2020 en een piek in 2021. Dit valt samen met de piek van de COVID crisis, een tijd waarin veel mensen aan huis gebonden waren en thuis werkten. Dit kan een verklaring zijn voor het hoge aantal klachten in die jaren. In 2022 is de daling ingezet en 2023 zit inmiddels op hetzelfde niveau van voor de COVID crisis (2019). De klachten- en incidentmeldingen kunnen onderverdeeld worden naar 3.848 (inrichting gebonden) milieuklachten, waarvan 339 klachten die betrekking hadden op provinciale inrichtingen. In 2022 betrof dit aantal 348, waardoor gesteld kan worden dat de daling niet terug te zien is bij deze groep inrichtingen.

Van alle milieuklachten zijn er 656 door toezichthouders afgehandeld, veelal op basis van een fysieke controle, de overige 3.192 klachten zijn afgehandeld door de administratief medewerkers klachtenafhandeling. Het overige deel van de klachten- en incidentmeldingen valt toe te kennen aan SSiB/ groene wetten (569) en klachten die door de intake van het MKC zelf zijn afgewerkt (354). Deze laatste groep betreft met name (rest)afvaldumpingen die veelal doorgezet worden naar gemeenten.

ODBN Jaarstukken 2023

25

26

27

Als ODBN gebruikten wij voor de klachtenafhandeling de applicatie S@men. Deze applicatie is per 1 januari 2024 gestopt. Om de continuïteit te waarborgen zijn we samenwerking aangegaan met de ODZOB, OMWB en RUD Zeeland. De OMWB heeft een Europese aanbesteding doorlopen voor een nieuwe klachtafhandelingsapplicatie. De ODBN is geconsulteerd bij de selectie. Wij maken gezamenlijk gebruik van het door de OMWB gesloten overeenkomst. De afgelopen maanden is er door onze medewerkers veel energie gestoken in de gezamenlijke inrichting van deze nieuwe applicatie: Milieu Klachten Applicatie (MKA). Het klantenportaal vormt een afzonderlijke online omgeving die losstaat van de Milieu Klachten Applicatie. Dit portaal gaat fungeren als een aanvullende dienst voor de deelnemers, waardoor naast relevante meldingen ook toegang verkregen wordt tot verschillende rapportages en inzichten.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

Wat heeft het gekost? PROGRAMMA INDIVIDUELE DIENST VERLENING

BEGROTING NA WIJZIGING 2023

REKENING 2023

REKENING 2022

BEGROTING 2023

Inzet personeel

15.355

16.842

17.815

17.107

Inzet bedrijfsmiddelen

1573

130

1.118

1.504

TOTAAL LASTEN

16.929

16.972

18.933

18.611

Basistaken (werkprogramma)

13.757

15.397

15.865

15.879

Verzoektaken (werkprogramma)

9.938

11.518

13.238

11.302

Aanvullende verzoektaken

724

857

729

740

TOTAAL BATEN

24.419

27.771

29.832

27.921

SALDO

7.490

10.800

10.899

9.309

BEDRAGEN X €1.000

ODBN Jaarstukken 2023

28

1.2 Regionale dienstverlening

Wat willen we bereiken? In het programma Regionale Dienstverlening werkt de ODBN samen met haar deelnemers aan de regionale ontwikkelingen en de voorbereiding en vertaling van beleidsmatige en maatschappelijke ontwikkelingen, zodat deze in de taakuitvoering binnen het programma Individuele Dienstverlening kunnen worden uitgevoerd.

Inhoud programma Naast individuele werkprogramma’s voert de ODBN ook regionale programma’s uit. Hierbij gaat het om meer dan één opdrachtgever. De volgende onderwerpen maken onderdeel uit van het regionale programma: ➜ Collectieve taken ➜ Samen Sterk in Brabant ➜ Overige regionale werkzaamheden (voormalig RMB) - Sanering verkeerslawaai (ISV) - Klachtenregeling / crisispiket - Beheer en nazorg (voormalige) stortplaatsen Beleidskaders/richtlijnen OMSCHRIJVING

DATUM

EXPIRATIEDATUM

HUIDIGE WET TEN VOOR OMGEVINGSWET Wet milieubeheer

1 maart 1993

Activiteitenbesluit

1 januari 2008

1 januari 2024

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo)

1 oktober 2010

1 januari 2024

Wet Natuurbescherming

1 januari 2017

1 januari 2024

Draaiboek deelproces milieubeheer

29

Wat hebben we daarvoor in 2023 gedaan? Transitie Zorgvuldige Veehouderij De ODBN volgt de ontwikkelingen op het gebied van de transitie van de zorgvuldige veehouderij nauwlettend. Daarbij is het vooral van belang om te kijken naar de invloed van deze ontwikkelingen op onze VTH-werkzaamheden. Om de samenwerking en de afstemming tussen de Brabantse Omgevingsdiensten en de Provincie Noord-Brabant op het agrarische domein verder te versterken is in de tweede helft van 2023 het Agrarisch Platform Brabant van start gegaan. De relevante ontwikkelingen hebben bijvoorbeeld betrekking op het provinciale niveau. Hiervoor is bij het onderwerp vergunningverlening reeds vermeld dat de nieuwe Interim omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant er mede voor heeft gezorgd dat in het derde kwartaal een piek aan agrarische vergunningsaanvragen plaatsvond. In december 2023 heeft de provincie Noord-Brabant de handreiking 'passende beoordeling luchtwassers' gepubliceerd. Deze handreiking beoogt agrarisch ondernemers een hulpmiddel te geven om een zogeheten passende beoordeling uit te voeren, door maatregelen te benoemen die minimaal genomen

25 september 2017

NA INVOERING VAN OMGEVINGSWET Omgevingswet

1 januari 2024

In ontwikkeling

Nadere regelgeving

1 januari 2024

In ontwikkeling

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2023

30

of toegepast moeten worden voor het goed functioneren van bepaalde soorten emissie reducerende huisvestingssystemen, in dit geval luchtwassystemen, en het beperken van onzekerheden bij de toepassing ervan. Ook landelijk zijn er, ondanks de demissionaire status van het Kabinet, ontwikkelingen geweest. Zo vond op 26 september 2023 in de Tweede Kamer een rondetafelgesprek plaats met de commissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) over de vergunningverlening aan agrarische bedrijven. Namens Omgevingsdienst NL nam directeur Jan Lenssen, in zijn rol als bestuurslid, deel aan het blok ‘Vergunningverlening in de praktijk’. Hij heeft een oproep gedaan om de problemen niet vooruit te schuiven, maar keuzes te maken waardoor het weer mogelijk wordt om (juridisch houdbare) vergunningen te verlenen. Omgevingswet De Omgevingswet is een van de grootste wetswijzigingen in Nederland van de afgelopen decennia. De wet is een samenvoeging van 26 verschillende wetten op het gebied van de fysieke leefomgeving. Deze wetswijziging raakt ook de werkzaamheden van de ODBN. Alle primaire werkzaamheden zijn gerelateerd aan deze nieuwe wet. De inwerkingtreding van deze wet is meerdere keren uitgesteld. Op 26 januari 2023 is duidelijk geworden dat het in werking treden van de Omgevingswet uitgesteld zou worden naar 1 januari 2024.

Dit betekende dat aanvullende taken bij bodem dit jaar nog niet aan ons overgedragen konden worden. Binnen de ODBN is ervoor gekozen om de extra tijd te benutten om zo goed mogelijk voorbereid te zijn. Zo zijn in 2023 medewerkers opgeleid om te werken met de Omgevingswet. De pilot registreren van MBA’s is geëvalueerd en naar aanleiding daarvan is een project opgestart om MBA’s te registreren. Er is verder inzichtelijk gemaakt welke verschuivingen van de bevoegde gezagen er zijn en de effecten hiervan zijn door vertaald naar werkzaamheden. Ook is zowel als intern als extern geoefend met het Digitaal Stelsel Omgevingswet en met verschillende casussen. Daarnaast is in december 2023 een implementatieteam samengesteld. Dit team zorgt, samen met de medewerkers uit het primaire proces, voor een soepele overgang na de inwerkingtreding en voor een goede afhandeling van verschillende vragen die rondom de Omgevingswet spelen. Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) Om meer inzicht te krijgen in de uitstoot van Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) hebben de omgevingsdiensten in opdracht van de Provincie Noord-Brabant een uitvraag ZZS-fase 1 en 2 uitgevoerd bij relevante bedrijven en branches binnen het eigen werkgebied. Deze uitvraag ZZSfase 1 en 2 is uitgevoerd in de periode 2019 – 2022 en is in 2023 afgesloten en gerapporteerd.

Om het beleid omtrent ZZS verder uit te werken en uitvoering te geven aan een aantal acties vanuit fase 1 is aan de drie omgevingsdiensten voor 2022 een aanvullende opdracht verstrekt. Deze aanvullende opdracht kent qua invulling en doorlooptijd geen vast kader en wordt in overleg met

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

31

de Provincie Noord-Brabant en de andere twee diensten vormgegeven en zo nodig verlengd. De aanvullende opdracht is voor 2023 en 2024 opnieuw verlengd. In 2023 heeft hoofdzakelijk structureel overleg plaatsgevonden tussen de Provincie Noord-Brabant en de drie diensten, waarbij actuele beleidsontwikkelingen en ervaringen zijn besproken en richting is bepaald. Toezicht is de afgelopen twee jaar uitgevoerd op ZZS vanuit diverse branche- en themaprojecten. Er zijn meerdere bedrijven geselecteerd, waarvan het op basis van werkprocessen mogelijk is dat gewerkt wordt met producten die ZZS kunnen bevatten. Met een inventarisatie is in beeld gebracht of daadwerkelijk sprake is van emissie van ZZS. Vervolgens is de minimalisatieverplichting toegepast en indien mogelijk, een Vermijdings- en reductieprogramma (VRP) verlangd. Momenteel zijn er vier gemeentelijke bedrijven, die een VRP moeten aanleveren. In alle gevallen gaat het om relatief kleine hoeveelheden aan ZZS, die via de lucht kunnen worden geëmitteerd. Voor 2024 wordt dit project voortgezet met een selectie van vijf bedrijven. Energie Het energietoezicht door de ODBN is in 2023 is uitgevoerd vanuit vijf opdrachten: 1. het themaplan (gemeentelijke opdracht onderdeel van de branche- en thema-aanpak); 2. het energiebod (aanvullende gemeentelijke opdracht); 3. de provinciale opdracht 311; 4. de nieuwe SPUK-THE subsidie; 5.

de subsidieregeling Versterkte Uitvoering Energietoezicht (VUE3); Voor beide subsidietrajecten (sub 4 en 5) voldoen we aan de gestelde voorwaarden. VUE3 is eind 2023 afgerond met een besteding van bijna 100%. De besteding SPUK-THE loopt door tot 2026 en ligt op schema, rekening houdend met het feit dat de subsidie pas laat beschikbaar kwam, waardoor de uitvoering pas later in het jaar is gestart. De provinciale opdracht is conform planning afgerond (100%) en voor de gemeentelijke opdracht lag de besteding op 90%. Voor alle bovengenoemde opdrachten samen hebben we in totaal 673 controles uitgevoerd waarmee we bij de bedrijven een gemiddelde energiebesparing realiseerden van naar schatting 5,1%. Dat komt overeen met het verbruik van bijna 1.000 huishoudens (elektra & gas) of de opbrengst van 1,4 windturbine. Per 1 januari 2023 is voor kantoren de verplichting ingegaan om energielabel C te hebben. De ODBN hield in 2023 namens twee gemeenten toezicht op deze verplichting, maar ook bij meerdere andere gemeenten is hier inmiddels vraag naar. Alle kantoren die niet voldeden zijn aangeschreven, voor de laatste bedrijven die nog niet voldoen is een voornemen last onder dwangsom verstuurd.

ODBN Jaarstukken 2023

32

2.

Per 1 juli 2023 is de energiewetgeving op een aantal punten aangepast: energietoezicht is een basistaak geworden, vergunningsplichtige bedrijven vallen onder algemene regels (waarop overgangsrecht van toepassing is) en voor de grootste energieverbruikers is een onderzoeksplicht geïntroduceerd. In 2023 hebben wij ons voorbereid op deze nieuwe taken en contact gelegd met relevante bedrijven om hen te informeren over wat van hen wordt verwacht en wat onze rol is. Op 1 december 2023 was de deadline voor het indienen van rapportages voor zowel de nieuwe onderzoeksplicht, als voor de (al bestaande) informatieplicht. In januari 2024 had circa 50% van de verwachte bedrijven een rapportage informatieplicht ingediend, voor de onderzoeksplicht lag dat percentage op ongeveer 20%. Vanwege problemen met het landelijke systeem voor indienen van rapportages pakken we, op verzoek van het Rijk, het toezicht op deze rapportageverplichtingen in 2024 verder op. Informatiegestuurd werken Ook in 2023 zijn er flinke stappen vooruit gezet met het implementeren van informatiegestuurd werken in de organisatie. Er zijn verschillende projecten en activiteiten gestart met de focus op twee thema's; 1.

Waardecreatie door middel van dataproducten: Het gebruik van dataproducten zorgt ervoor dat we als organisatie ook de waarde van data gaan benutten. In 2023 zijn er diverse dataproducten opgeleverd die: ➜ Besluitvorming op basis van data ondersteunen (zoals de ontwikkeling van het risicomodel ten behoeve van geprogrammeerd toezicht). ➜ Het werken met data vergemakkelijken (zoals ontwikkeling van een planningstool asbest waarmee snel en accuraat inzicht wordt verkregen in de binnengekomen startmeldingen en bijbehorende risico’s. Deze informatie wordt gebruikt om locaties te selecteren voor toezicht). ➜ In een algeheel werkproces een efficiëntieslag hebben geboden (zoals de digitalisering van de diertabel, waarmee berekeningen geautomatiseerd worden uitgevoerd en die informatie over de vergunde en daadwerkelijk dieraantallen opslaat).

Samen Sterk in Brabant Samen Sterk in Brabant (SSiB) is een provincie brede samenwerkingsvorm – onder formeel werkgeverschap van de ODBN – waarin gemeenten, provincie, terrein beherende organisaties, particuliere grondeigenaren, waterschappen en waterwinbedrijven participeren. De ODBN is faciliterend werkgever en ondersteunt de stuurgroep. Samen met het netwerk wordt gewerkt aan een schoon, veilig en groen buitengebied. SSiB handhaaft op zaken als stroperij, wildcrossen, afvaldumpingen, het overtreden van de toegangsbepalingen en werkt zoveel mogelijk informatiegestuurd. SSiB heeft in 2023 deze werkzaamheden uitgevoerd binnen de bestaande budgetten. SSiB kent een eigen meerjarenprogramma en legt jaarlijks zowel financieel als inhoudelijk verantwoording af middels een eigen jaarverslag. Zie hiervoor www.ssibbrabant.nl.

l

nt.n www.ssibbraba

Verbeteren van de datakwaliteit: Een goede datakwaliteit is de basis. Zonder goede datakwaliteit kunnen we geen goede informatie en inzichten creëren. In elk IGW-project is dit jaar daarom ook nadruk gelegd op het verbeteren van de kwaliteit van data. Binnen de verschillende projecten die vanuit IGW zijn gerealiseerd zijn zo ook de betreffende data verbeterd. Hierbij zijn we meerdere soorten gegevens gaan vastleggen en hebben we meerdere bronnen van buitenaf aangeboord om onze data te verrijken. Daarnaast draagt ook de uitrol van verschillende dataproducten bij aan het verbeteren van de kwaliteit van de data.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2023

33

34

De ontvangen middelen zijn o.a. ingezet voor de volgende activiteiten: ➜ Uitvoering te geven aan de uitkomsten en aanbevelingen van de externe visitatie. Daarom heeft de ODBN o.a. ingezet en zet de ODBN in op 1) het versterken van het projectmatig werken waarin de Plan-Do-Check-Act een prominente positie heeft gekregen, 2) de versterking van team innovatie en ontwikkeling, zodat de ODBN geëquipeerd is om in te spelen op nieuwe ontwikkelingen en 3) de verbetering van de datakwaliteit. ➜ De ODBN heeft deelgenomen aan de werkgroep pijler 1 om robuustheidscriteria voor omgevingsdiensten op te stellen. ➜ Het geven van een ontwikkelimpuls aan het informatiegestuurd werken, in de vorm van het ontwikkelen van een risicomodel. Dit model wordt als integraal onderdeel opgenomen in het nog op te stellen uitvoerings- en handhavingskader, dat in 2024 wordt opgeleverd. In de tweede helft van 2023 besloot het Ministerie van I&W om de specifieke uitkering voor de uitvoering van het Interbestuurlijke Programma Versterking VTH – met één jaar – te verlengen tot 1 januari 2025. Daarmee ontvangt de ODBN geen extra middelen, maar hebben we een extra jaar gekregen om de uitvoering van het programma te financieren met de reeds verkregen middelen vanuit de specifieke uitkering

Interbestuurlijk programma versterking VTH stelsel Het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH-stelsel is voortgevloeid uit de aanbevelingen van de Commissie Van Aartsen. Deze constateerde dat het stelsel van omgevingsdiensten niet naar behoren functioneert. Dit was aanleiding voor het programma, dat als doel heeft: “het merkbaar verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving en het verminderen van de schade aan het milieu die vermeden had kunnen worden”. Daarmee wordt gewerkt aan de verbetering van het stelsel van omgevingsdiensten. Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft middels een specifieke uitkering €600.000,- beschikbaar gesteld voor de ODBN om uitvoering te geven aan het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH-stelsel. Het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH-stelsel is opgebouwd aan de hand van zes pijlers, zijnde: 1. Robuuste omgevingsdiensten 2. Bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving en vervolging 3. Informatievoorziening 4. Kennisinfrastructuur 5. Onafhankelijke uitvoering van toezicht en handhaving 6. Monitoring kwaliteit milieu toezicht.

Sanering verkeerslawaai In 2023 zijn diverse activiteiten uitgevoerd voor het project Sanering Verkeerslawaai. Dit project wordt bekostigd uit de bestemmingsreserve ISV. Zo zijn onder andere het starten van een saneringsonderzoek naar vergeten woningen en het opstellen van het aanbestedingsdocument t.b.v. werving van een adviesbureau voor bouwtechnische onderzoeken betreffende geluidwering van de gevel van de saneringswoningen uitgevoerd.

Wat heeft het in 2023 gekost? PROGRAMMA REGIONALE DIENST VERLENING

REKENING 2023

REKENING 2022

BEGROTING 2023

Inzet personeel

1.929

1.913

2.220

2.237

Inzet bedrijfsmiddelen

578

608

1.138

1.438

TOTAAL LASTEN

2.506

2.521

3.358

3.675

Collectieve taken

659

815

853

853

Samen Sterk in Brabant

2.484

2.502

2.520

2.600

Overige regionale programma's

191

168

548

724

3.334

3.485

3.921

4.177

828

964

564

502

BEDRAGEN X €1.000

TOTAAL BATEN SALDO

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

BEGROTING NA WIJZIGING 2023

ODBN Jaarstukken 2023

35

36

1.3 Bedrijfsvoering

37

Inhoud programma De directie, staf en alle overige ondersteunende activiteiten ten behoeve van het primaire proces maken onderdeel uit van het ‘programma bedrijfsvoering’. Het betreft taken met betrekking tot: personeel en inhuur van de ondersteunende processen en kosten gerelateerd aan het personeel, informatievoorziening, facilitaire en bestuurlijke kosten, financiën, administratie, organisatieontwikkeling en deskundigheid en huisvesting. In dit programma worden tevens de baten en lasten van de interne financiering en de algemene dekkingsmiddelen verantwoord. Hiermee is het een atypisch onderdeel van deze beleidsbegroting en het programmaplan. Beleidskaders/richtlijnen OMSCHRIJVING

DATUM

EXPIRATIEDATUM

Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten

01-07-2019

Open

Gemeenschappelijke regeling ODBN

01-01-2020

Open

Nota weerstandsvermogen en risicomanagement

16-12-2020

Open

Financiële verordening ODBN

01-01-2023

Open

Wat hebben we daarvoor gedaan in 2023? Arbeidsmarkt Vanwege aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt had werving en selectie van nieuwe medewerkers veel aandacht in 2023. Gezien de vele nieuwe indiensttredingen blijken we nog steeds succesvol te zijn met onze wervingsacties. Daarnaast hebben we ingezet op behoud van bestaande medewerkers door het invoeren van een nieuwe gesprekcyclus die leidinggevenden en medewerkers handvatten geeft om zich meer te richten op de professionele en persoonlijke ontwikkeling. Ook de uitvoering van het opleidingsplan 2023 draagt bij aan de ontwikkeling van medewerkers en de organisatie. Speciale aandacht was er dit jaar voor de onderwerpen ‘Veilige werkomgeving’, ‘Informatie veiligheid’ en ‘Integriteit’. Dit zijn concern brede prioriteiten die door alle medewerkers moeten worden gevolgd. Prijsontwikkeling In december 2022 werd een nieuwe cao vastgesteld inclusief een salarisverhoging van €240 en vervolgens 2%. Ook kwam er een extra bovenwettelijke verlofdag bij, van 6 naar 7 verlofdagen per jaar. Deze wijzigingen gingen in per 2 januari 2023 en hadden een dusdanige impact dat de begroting voor 2023 is aangepast en opnieuw werd vastgesteld door het Algemeen Bestuur.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

Kwaliteitscriteria Uit de laatste inventarisatie van 2021 is gebleken dat we als organisatie voldeden aan de kwaliteitscriteria met ontwikkelpunten. Om blijvend te voldoen aan de kwaliteitscriteria is het project Borgen en Valideren van de Kwaliteitscriteria VTH gestart. Het doel van dit project is om: ➜ Inzicht te krijgen in de huidige status van deskundigheid van medewerkers, ➜ Acties uit te zetten die leiden tot het volledig voldoen van de medewerkers aan de kwaliteitscriteria, ➜ Een systeem te introduceren waarmee geborgd wordt dat ook in de toekomst aan de kwaliteitscriteria wordt voldaan. Daarnaast wordt er van dit momentum gebruik gemaakt om ook aan de slag te gaan met permanente her- en bijscholing. Met al deze maatregelen samen willen we de kwaliteitscriteria structureel inbedden in onze bedrijfsvoering. In 2023 is de Europese aanbesteding van dit project voorbereid. In januari 2024 wordt de aanbesteding gepubliceerd waarbij de validatie en borging in 2024 gestart wordt.

ODBN Jaarstukken 2023

38

Net als in 2022 zien we dat de declarabiliteit in 2023 lager ligt dan de norm. Vooral het inwerken van nieuwe medewerkers en de verschuiving van declarabele uren naar productieve uren ervoor gezorgd dat de declarabiliteitsnorm van 1.309 uren niet zijn behaald. Daarentegen zien we dat we in 2023 met 1.415 meer productieve uren gemaakt hebben dan de norm van 1.399. Productieve uren zijn de uren die we besteden aan het bereiken van onze maatschappelijke doelstellingen, maar die we niet in rekening kunnen brengen bij een opdrachtgever. Voorbeelden hiervan zijn het bestuderen van rechterlijke uitspraken die impact hebben op onze uitvoering, maar ook inzet van de capaciteit van business intelligence om onze uitvoering te verbeteren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14075800/1