CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Jaarstukken incl. controleverklaring 2024

Gemeenteraad 1 juli 2025, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Zienswijze ontwerp-programmabegroting 2026 Omgevingsdienst Brabant Noord31.052 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving Nu en in de toekomst

Jaarstukken 2024

’s-Hertogenbosch, maart 2025 Flynth Audit B.V. geheel document digitaal gewaarmerkt voor identificatiedoeleinden J.S.

ODBN Jaarstukken 2024

26 maart 2025

1

2

Voorwoord

Geachte bestuurders, raads- en statenleden, Voor u liggen de jaarstukken van de Omgevingsdienst Brabant Noord, de inhoudelijke en financiële verantwoording van het begrotingsjaar 2024. Al een paar jaar open ik het voorwoord met actuele ontwikkelingen om ons heen. Daarbij zien we een grote dynamiek op ons werkveld. Dit geeft uitdagingen voor onze organisatie en medewerkers. Maar ook de maatschappelijke ontwikkelingen raken ons als organisatie. Politieke en economische onrust hebben een indirect effect zoals prijsstijgingen maar ook een polarisatie in de maatschappij. Binnen onze organisatie is de laatste jaren een veilige werkomgeving een belangrijk speerpunt waarbij we een open cultuur voorstaan waarin we zaken met elkaar bespreken met respect voor iedere medewerker. In 2024 zijn de landelijke verkiezingen geweest. De uitslag van de verkiezingen was misschien niet verrassend, de gevolgen des te meer. De hoop was gevestigd op een daadkrachtig kabinet die een aantal crisissen vlot zou trekken. De meest relevante voor ons werkveld is uiteraard de ‘Stikstofcrisis’. In 2024 heeft het kabinetsbeleid nog niet geleid tot een duidelijk handelingsperspectief. Hierdoor liepen werkvoorraden op, kunnen wettelijke termijnen niet worden gehaald en moesten aanvragers worden teleurgesteld.

Inmiddels zijn vele ondernemers met name in de agrarische sector onbedoeld illegaal actief, met name door de recente uitspraak in december. Een scenario waar niemand gelukkig mee is. Het zijn onze collega’s die dagelijks geconfronteerd worden met de frustraties en daarmee gepaard gaande emoties van getroffen ondernemers. Ik heb veel respect voor de wijze waar ze hiermee om gaan. Behalve de stikstofproblematiek worden andere milieubelastende ontwikkelingen steeds meer manifest. Te denken aan de kwaliteit van het oppervlaktewater, ZZS en het dreigende drinkwatertekort. We hebben ook positieve ervaringen opgedaan. Zo is het IBP-VTH verbetertraject afgerond. Een belangrijk onderdeel daarvan zijn de vastgestelde robuustheidscriteria. Wij zijn een van de twee omgevingsdiensten die in de screening als robuust zijn gekwalificeerd. Dat is een prachtige prestatie. Daar ben ik trots op. Het afgelopen jaar heeft in het teken gestaan van tal van andere ontwikkelingen, die verderop in het jaarverslag nader toegelicht worden. De krapte op de arbeidsmarkt blijft aanhouden en daarmee ook de druk die deze ontwikkeling uitoefent op onze organisatie. Dat is niet anders dan in 2023.

Door ons HR-beleid op deze krapte in te richten, zelf personeel op te leiden en nieuwe medewerkers ervaring op te laten doen op complexe dossiers hebben wij hier ook het afgelopen jaar op ingespeeld en hebben we intern weer een eigen opleiding gestart. Niettemin zal dit thema ook de komende jaren nog extra aandacht vragen.

3

Op 1 januari 2024 was het dan echt het moment dat de Omgevingswet is ingegaan. De ODBN was er zogezegd klaar voor. Ondanks dat, hadden we per 1 januari een team klaar staan die alle zich voordoende 'kinderziekten’ prioriteit konden geven. Alles overziend kunnen we met terugwerkende kracht stellen dat de problematiek tot nu toe is meegevallen. Uiteraard zijn er heel 2024 nog wel nieuwe uitdagingen naar voren gekomen, maar geen onoverkomelijke problemen. Het kunnen realiseren van de begrote omzet was een grote uitdaging die we niet helemaal waar hebben kunnen maken. We hebben in de eerste en tweede burap de achterblijvende omzet in een bandbreedte geduid en inhoudelijk toegelicht. In de laatste vier maanden van 2024 is een grote inhaalslag gemaakt. Daarmee hebben we zelfs het minst negatieve scenario positief overtroffen en kunnen toch een positief jaarrekeningresultaat presenteren. Relevant in deze om te vermelden is dat de rentebaten en de begrotingsruimte die we in 2025 hebben vertaald in een forse tariefsverlaging, mede het resultaat van 2024 hebben bepaald. Ondanks alle uitdagingen sluiten we 2024 met een positief resultaat af. We zijn trots op onze medewerkers dat wij dit doel gezamenlijk hebben kunnen realiseren. Maar bovenal zijn wij natuurlijk trots dat we ook het afgelopen jaar weer een stevige bijdrage hebben kunnen leveren aan een gezond en veilig Brabant.

Dat is de kern van ons werk. De onzekerheid in ons werk en in onze leefomgeving is en blijft ook de komende jaren groot. Samen met onze opdrachtgevers zorgen wij ervoor dat de ODBN een gezonde en effectieve organisatie blijft. Dat kunnen we alleen bereiken door ons te blijven innoveren, in nauwe samenspraak met onze deelnemers. De uitdagingen waar wij gezamenlijk voor staan vragen om een dergelijk breed gedragen koers. Afsluitend willen we onze dank uitspreken aan onze opdrachtgevers voor het vertrouwen dat zij het afgelopen jaar in ons hebben gesteld. We hebben elkaar hard nodig om ook de komende jaren onze invloed op een schone, veilige en duurzame leefomgeving uit te kunnen blijven oefenen en waar mogelijk te vergroten. Door de onlangs opgeleverde analyse van de kwaliteitscriteria blijkt dat de ODBN voldoet aan de voor haar relevante eisen. Wij zijn er klaar voor!!!

Jan Lenssen, Directeur Omgevingsdienst Brabant Noord

ODBN Jaarstukken 2024

Inhoud

4

Voorwoord

2

Inleiding

6

Financiële samenvatting

8

I.

Jaarverslag 2024

12

1

Programmaverantwoording

14

1.1

Regionale Dienstverlening en Collectieve Ontwikkelingen

15

1.2

Individuele Dienstverlening

23

1.3

Bedrijfsvoering

35

2.

Paragrafen

40

2.1

Paragraaf Weerstandsvermogen & Risicobeheersing

40

2.2

Paragraaf Financiering

45

2.3

Paragraaf Bedrijfsvoering

48

2.4

Paragraaf Wet open overheid

59

2.5

Paragraaf Verbonden Partijen

60

2.6

Niet van toepassing zijnde paragrafen

63

II.

Jaarrekening 2024

64

3.

Overzicht

66

3.1

Balans per 31 december 2024

66

3.2

Baten en lasten

68

3.3

Recapitulatie resultaat

69

3.4

Onderverdeling lasten naar overhead en programma’s

70

3.5

Tarief op basis van nacalculatie

71

4.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

5

Toelichting

72

4.1

Waarderingsgrondslagen jaarrekening

72

4.2

Toelichting op de balans per 31 december

78

4.3.

Niet in de balans opgenomen rechten/verplichtingen

90

4.4

Toelichting op baten en lasten 2024

91

4.5

Incidentele baten en lasten

99

4.6

Financieel overzicht per taakbeeld BBV

104

4.7

Overzicht aanwending post onvoorzien

104

4.8

Declarabiliteit

104

4.9

EMU-saldo

105

4.10 Wet Normering Topinkomens (WNT)

106

4.11 Bijdrage deelnemers

112

5.

Sisa Verantwoording

114

6.

Rechtmatigheidsverklaring van het bestuur

116

7.

Controleverklaring van de accountant (concept)

118

III.

Bijlagen

120

1.

Risico inventarisatie

122 ODBN Jaarstukken 2024

6

Inleiding

7

De Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) is een gemeenschappelijke regeling en voert haar taken uit voor 11 overheden: 10 gemeenten en de provincie Noord-Brabant (onze deelnemers). Noordoost-Brabant is het belangrijkste werkgebied van de ODBN. Vanuit het kantoor in ’s-Hertogenbosch werken ruim 300 collega's dagelijks aan een schone, duurzame en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst. Dat is onze missie. Bij de ODBN werken uitvoeringsexperts op het gebied van vergunningen, toezicht en handhaving en diverse specialismen zoals geluid, bodem, asbest, natuur, omgevingsveiligheid, luchtkwaliteit, geur, water en mest. Ook heeft de ODBN op de genoemde terreinen een adviserende taak en wordt gewerkt aan innovatie en ontwikkeling. De taak rondom de groene wetten voert de ODBN voor heel Brabant uit.

Als ODBN zijn we primair een uitvoeringsorganisatie van VTH-taken. We streven naar continue verbetering van de kwaliteit en investeren in de deskundigheid van onze medewerkers, ons belangrijkste kapitaal. Naast de uitvoering van VTH-taken adviseren wij steeds meer over de effecten van beleid in de praktijk. Door ons werk zien we wat er in de leefomgeving gebeurt. Ook Brabant breed en landelijk dragen we onze expertise uit en staat onze leefomgeving in Brabant Noord centraal. Kortom, onze ambitie is:

“De ODBN is dé deskundige uitvoerder op het terrein van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Vanuit onze kennis van de praktijk adviseren wij over milieu en natuur en de uitvoerbaarheid en effecten van beleid.“

Oss

Leeswijzer De jaarstukken bestaan uit een jaarverslag (de programmaverantwoording) en uit een jaarrekening (de financiële verantwoording). Met de jaarstukken legt het bestuur verantwoording af over het gevoerde beleid en beheer in het afgelopen jaar.

's-Hertogenbosch Bernheze Vught

SintMichielsgestel

Boxtel

Meierijstad

Maashorst

Land van Cuijk

Boekel

Als eerste leest u de financiële samenvatting van de jaarstukken 2024. Hierin wordt een korte toelichting opgenomen op het gerealiseerde resultaat, een verklaring van het resultaat met de belangrijkste afwijkingen en de eventuele voorstellen voor budgetoverhevelingen. In hoofdstuk I treft u het jaarverslag aan. Dit jaarverslag bestaat uit de programmaverantwoording waarbij wordt toegelicht of de destijds in de (primaire) begroting opgenomen voornemens al dan niet zijn gerealiseerd. In het tweede gedeelte van het jaarverslag wordt ingegaan op de verplicht voorgeschreven paragrafen, uiteraard voor zover deze van toepassing zijn op de ODBN.

Onze leefomgeving is divers en een actueel thema voor elke inwoner en ondernemer. Als deskundige uitvoeringsorganisatie signaleren en agenderen we de voortdurende veranderingen in onze leefomgeving. Dit betekent doorlopende ontwikkeling en vernieuwing van ons werk. Onze deskundige medewerkers op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) werken binnen de kaders van de wetten van milieu, natuurbescherming, bouwen en wonen. Zo kunnen we de gemeenten in Noordoost Brabant en de provincie Brabant professioneel en met kennis van zaken adviseren. De ODBN richt zich op samenwerking; binnen de eigen organisatie, met gemeenten, de provincie en andere relevante organisaties. Gemeenten en de provincie voelen zich als eigenaar en als opdrachtgever betrokken. Dat is onze visie.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

In hoofdstuk II vindt u de financiële jaarrekening. Deze omvat een totaaloverzicht van de balans per 31 december 2024 en de baten en lasten over 2024. Beide onderdelen zijn daarbij voorzien van een toelichting en de daarbij voorgeschreven bijlagen.

ODBN Jaarstukken 2024

8

Financiële samenvatting

9

Het jaar 2024 is afgerond en daarmee wordt de jaarrekening van de ODBN opgemaakt. Het financiële jaar sluit met een positief resultaat van € 959.000. Voor een uitgebreide toelichting op de verschillende onderdelen verwijzen wij u graag naar de toelichting op de baten en lasten in paragraaf 4.4. In onderstaande tabel is een financiële samenvatting gepresenteerd.

OMSCHRIJVING | BEDRAGEN X €1.000

RESULTAAT

Gereserveerde middelen na 2e bestuursrapportage

2.429

V

Individuele dienstverlening

-2.586

N

Lasten Regionale dienstverlening

188

V

Dotatie voorziening Voorste Heide

-200

N

Omzet Regionale dienstverlening

40

V

Lonen en inhuur

1.321

V

Verlof en spaaruren

32

V

Bedrijfsvoering

-242

N

Rentebaten

100

V

Stelpost onvoorzien

100

V

1.182

V

Reserves

-222

N

TOTAAL VOORDELIG SALDO

959

V

RESULTAAT VOOR MUTATIES RESERVES

In de tweede bestuursrapportage van 2024 is een bandbreedte afgegeven over het verwachte resultaat van € 600.000 negatief tot € 300.000 positief. Dit resultaat werd met name veroorzaakt doordat we een nadeel op de omzet verwachten voor basis- en (overige) verzoektaken. In de laatste 4 maanden hebben we een grote inhaalslag gemaakt waardoor we het minst negatieve scenario positief overtroffen hebben.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

In de bestuursrapportage is ook de verwachting uitgesproken dat wij een voordeel zien op de loonsom. Doordat we relatief veel nieuwe aanwas in de organisatie hebben, zien we een voordeel tussen de begrote loonkosten per fte en de daadwerkelijke loonkosten per fte. Dit structureel voordeel is in de begroting 2025 verrekend in het nieuwe tarief. Nieuwe medewerkers met relatief weinig ervaring worden namelijk ingeschaald in een lagere loonschaal of in een lagere trede van de loonschaal. Als laatste meldden we in de tweede burap een verwacht voordeel op de bedrijfsvoering. Hierop is de begroting ook aangepast. Dit voordeel is te optimistisch gebleken. Desondanks presenteren we een veel positiever resultaat dan we de voorziene bandbreedte. Het jaar sluit bijna € 700.000 positiever dan het meest positieve scenario deed vermoeden. Totaal afwijking t.o.v. de begroting is 2,7% t.o.v. van de nullijn. De gemiddelde declarabiliteit ligt met 1.261 uren onder de norm van 1.301,6 uren per medewerker terwijl de productiviteit op 1.390 uren ligt. Enerzijds zien we dat de druk op de arbeidsmarkt onverminderd hoog blijft en dat we hierdoor veel tijd kwijt zijn aan het inwerken van nieuwe medewerkers. Dit gaat ten koste van de declarabiliteit van de nieuwe medewerker, maar ook van de declarabiliteit van de medewerkers die de nieuwe medewerkers inwerken.

Anderzijds zien we dat we meer werkzaamheden dan genormeerd verrichten voor onze leefomgeving welke niet altijd een relatie hebben met een financieringsbron.

ODBN Jaarstukken 2024

10

11

Bij de bestuursrapportage gingen we nog uit van een lagere omzet op de individuele dienstverlening van € 4.070.000 tot € 2.970.000. Deze prognose is gemaakt op basis van ervaringsgegevens over 2023 waar in het laatste kwartaal een beperkte stijging van de declarabiliteit te zien is. In de laatste vier maanden van 2024 is echter een grote inhaalslag gemaakt. Daarmee hebben we zelfs het minst negatieve scenario positief overtroffen. De omzet van de individuele dienstverlening is over 2024 € 2.586.000 lager dan begroot. Hier tegenover staat een grotere inzet op de projecten van beide specifieke uitkeringen. Dit leidt tot een hogere omzet in het programma regionale dienstverlening van € 188.000. De voorziening van voormalig stortplaats Voorste Heide geeft een nadeel van € 200.000. Dit is de uitkomst van de zogenaamde 'RINAS' berekening, die het noodzakelijke doelvermogen berekend voor het eeuwigdurend onderhoud verontreinigde gebieden. Dit was ook zo voorzien in de bestuursrapportage. Het verwachte voordeel op de lonen heeft zich ook voorgedaan. Dit wordt veroorzaakt door ruimte tussen de begroting en de daadwerkelijke inschaling van medewerkers, maar ook door vacatureruimte in de organisatie. Het uiteindelijke voordeel komt met € 1.321.000 hoger uit dan de

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

verwachte bandbreedte. In de tweede burap gingen we nog uit van extra lasten indien meer omzet gerealiseerd zou worden. Door een hogere declarabiliteit in het laatste kwartaal is de extra omzet voornamelijk gerealiseerd door eigen medewerkers. Sinds de jaarrekeningen van 2021 hebben we een financiële verplichting opgenomen op de balans voor het resterende saldo verlof- en spaaruren Conform het Besluit Begroting en Verantwoording. Daarnaast is er de financiële verplichting geactualiseerd voor het resterende spaarurensaldo. Dit heeft geleid tot een vrijval. Ten opzichte van de bestuursrapportage zijn er nog wat kleine verschillen ontstaan in de bedrijfsvoering. Alle overige mutaties middelen elkaar uit. Als laatste willen we nog een nuancering op bovenstaande cijfers geven. Op sommige onderdelen zijn de afwijkingen die hierboven gepresenteerd substantieel, echter deze staan in verband met elkaar. Wanneer de omzet niet gehaald wordt doordat o.a. de bezetting lager was dan benodigd, ontstaat er tevens een voordeel op de loonsom. Daardoor is het logisch dat bepaalde ontwikkelingen zich deels uitmiddelen in het resultaat.

ODBN Jaarstukken 2024

12

I Jaarverslag 2024

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

13

ODBN Jaarstukken 2024

14

1 Programmaverantwoording

1.1 Regionale Dienstverlening en Collectieve Ontwikkelingen

De programmabegroting van de ODBN voor 2024 onderscheidt 3 programma’s die in de jaarstukken verantwoord worden. Dezelfde volgorde wordt aangehouden in het voorliggende jaarverslag. Het gaat hierbij om de volgende indeling:

Inhoud programma

1. Regionale dienstverlening en Collectieve Ontwikkelingen 2. Individuele Dienstverlening 3. Bedrijfsvoering Gedurende het jaar stellen wij diverse uitgebreide rapportages op waarin we verantwoording afleggen aan de individuele deelnemers over de voortgang van onze opdrachten. Daarom gaan we in de jaarstukken niet in op de situatie per deelnemer, maar zoomen we uit op de resultaten van de organisatie als geheel over het afgelopen jaar. We blikken terug op de belangrijkste ontwikkelingen uit 2023 en de realisatie ten opzichte van de begroting.

De ODBN voert meerdere regionale programma’s uit. Hierbij gaat het telkens om programma's met meer dan één opdrachtgever. De volgende onderwerpen maken onderdeel uit van het regionale programma: ➜ Collectieve taken ➜ Samen Sterk in Brabant ➜ Overige regionale werkzaamheden (voormalig RMB) - Sanering verkeerslawaai (ISV) - Klachtenregeling/ crisispiket - Beheer en nazorg (voormalige) stortplaatsen Beleidskaders/richtlijnen OMSCHRIJVING

DATUM

Omgevingswet

1 januari 2024

Nadere regelgeving

1 januari 2024

EXPIRATIEDATUM

Wat willen we bereiken? In het programma Regionale Dienstverlening werkt de ODBN samen met haar deelnemers aan de regionale ontwikkelingen en de voorbereiding en vertaling van beleidsmatige en maatschappelijke ontwikkelingen, zodat deze in de taakuitvoering binnen het programma Individuele Dienstverlening kunnen worden uitgevoerd.

Wat hebben we daarvoor gedaan in 2024? Terugblik ontwikkelprogramma 2024 Door team Innovatie en Ontwikkeling is voor 2024 het Ontwikkelprogramma 2024 opgesteld. Daarin zijn 9 thema's benoemd, waar de ambitie was om – door middel van activiteiten en/of projecten – de ODBN verder te ontwikkelen of innoveren. De keuze voor deze thema's is afgestemd met het Regionaal Strategisch Platform, waarin alle deelnemers zijn vertegenwoordigd. De activiteiten uit het ontwikkelprogramma zijn grotendeels gefinancierd uit de collectieve taken. Daarnaast werd voor sommige activiteiten gebruik gemaakt van ROK7-middelen (een budget uit het gemeentelijk werkprogramma) en incidentele middelen, namelijk de SPUK IBP subsidie. Dit is een subsidie die door het Ministerie van I&W is verstrekt om financiële middelen ter beschikking te stellen aan omgevingsdiensten ter uitvoering van het interbestuurlijk programma VTH.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2024

15

16

In 2024 stonden negen thema's centraal in het Ontwikkelprogramma: Omgevingswet, agrarisch, industrie, bodem, water, energie, informatiegestuurd werken, strafrecht en externe veiligheid. De thema's Omgevingswet, water en energie worden hieronder in een aparte paragraaf toegelicht, zoals ook in de eerdere P&C-documenten is gebeurd. In deze inleidende paragraaf besteden we aanvullend alleen aandacht aan de thema's die hieronder niet besproken worden in een aparte paragraaf. Binnen het thema Industrie is in 2024 de focus gelegd op risicorelevante bedrijven, ketenaanpak en circulaire economie. Voor risicorelevante bedrijven is actief deelgenomen aan het Brabants Platform en interne toezichthouders kregen bijscholing over de interventiemethodiek. Dit is een specifieke manier van toezichthouden die we toepassen bij risicorelevante bedrijven. Een coördinator is aangesteld als aanspreekpunt en het jaarplan en strategisch raamwerk zijn geüpdatet, in samenwerking met de Veiligheidsregio Brabant Noord. Voor de ketenaanpak werd een projectmatige aanpak uitgewerkt, samen met onze partners, en de planning van ketenprojecten werd verbeterd. De ketenprojecten waren in 2024 gericht op transportcontroles (pijler afval en bodem) en vastgoedhandelaren (pijler asbest).

Aan het thema circulaire economie is dit jaar voor het eerst specifieke aandacht gegeven binnen de ODBN, maar ook extern door daar informatie over op te nemen op onze website. Daarnaast zijn de voorbereidingen getroffen voor een meerjarige provinciale opdracht om circulaire economie te stimuleren en in te bedden bij de omgevingsdiensten. Via ons VTH-instrumentarium willen wij de transitie naar een circulaire economie ondersteunen door circulaire bedrijfsvoering bij bedrijven te stimuleren. Tegelijk dragen we op deze manier bij aan het behalen van de circulaire ambities van onze deelnemers. Vanuit de collectieve taken is verder voor het eerst ook aandacht besteed aan de specialismen bodem, asbest en externe veiligheid. Voor asbest werd met ondersteuning van I&O gewerkt aan de notitie ‘asbest- en slooptaken ODBN 2024-2028’. Dit beschrijft de wijze waarop de ODBN uitvoering geeft aan de wettelijke taken bij sloop en asbest en welke keuzes we hebben gemaakt om dit effectief en efficiënt uit te voeren. Een vergelijkbaar traject is gestart voor bodem. Voor externe veiligheid lag de focus op het Register Externe Veiligheidsrisico’s (REV). ODNL stelde twee opdrachten beschikbaar voor het controleren en valideren van het REV. Hierdoor zijn vier Risicovolle Activiteiten weer up-to-date. Ook konden we dankzij de subsidie een automatische koppeling maken tussen het REV en ons zaaksysteem.

I&O heeft daarbij een coördinerende rol gepakt en heeft ondersteund bij het scherp krijgen van de actiepunten.

17

Binnen het thema informatiegestuurd werken zijn in 2024 belangrijke stappen gezet om het structureel in te bedden binnen de ODBN. Er is een evaluatie uitgevoerd van het risicomodel voor toezicht, wat leidde tot verdere doorontwikkeling. Een diertabel-applicatie is opgeleverd, een gemakkelijke tool waarmee onze medewerkers emissies van fijnstof, ammoniak en geur kunnen berekenen en opslaan. Ook is een aanpak uitgewerkt om overstijgende gegevens per milieubelastende activiteit (MBA) vast te leggen, in lijn met de landelijke afspraken. Een methodiek voor registratie binnen het zaaksysteem werd ontwikkeld en de registratie van MBA’s is gestart. Ten slotte werd gestart met het opstellen van een datastrategie. De definitieve vaststelling en implementatie daarvan vindt plaats in 2025. Voor het thema strafrecht ging de meeste aandacht uit naar het LHSO-project, dat als doel had om binnen de ODBN meer aandacht te geven aan de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingswet (LHSO) en een uniforme toepassing daarvan na te streven. Op verschillende manieren (bijv. door het opstellen van een handreiking LHSO, het instellen van een intern afstemmingsoverleg voor bestuurs- en strafrecht en het opstellen van een leidraad voor veel voorkomende overtredingen) leidde dit project tot verbeteringen.

Daarnaast is een rapport opgeleverd over de toepassing van de Bestuurlijke Strafbeschikking Milieu (BsBm) door de Brabantse omgevingsdiensten. Werken onder de omgevingswet De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden. Dit betrof een grote overgang. Door het instellen van een implementatieteam Omgevingswet is deze overgang relatief soepel verlopen. Hierbij werken alle afdelingen van de ODBN integraal samen om problemen tijdig te signaleren en op te lossen. Dit is succesvol en bracht rust in de organisatie. Er zijn kernteams ingericht waarin de inhoud verder vormgegeven werd. Inmiddels is dit overgedragen naar de staande organisatie. Het speelveld van de ODBN is, zoals verwacht, door de komst van de Omgevingswet complexer geworden. Deze complexiteit werkt door in onze werkprocessen, waardoor deze ook meer inzet vergen. Daarnaast bleek in de praktijk dat regelgeving soms tegenstrijdig is, waardoor er veel overleg nodig was om één heldere lijn te krijgen. Er is in de afgelopen periode extra ingezet op kennisvergaring en afstemming om te zorgen dat zaken inhoudelijk correct worden afgehandeld. Dit heeft extra inzet van medewerkers gevergd. De werkzaamheden van het implementatieteam en de kernteams Omgevingswet, en de (niet met een zaak samenhangende) uitzoekvragen die rezen na inwerkingtreding van de Omgevingswet, zijn deels bekostigd uit het budget collectieve taken.

De totale kosten die, ten laste van het budget collectieve taken, zijn gemaakt voor het zorgvuldig implementeren van de Omgevingswet bedragen ruim € 216.000,-. Deze inzet van uren heeft eraan bijgedragen dat de implementatie van de Omgevingswet soepel is verlopen. Echter, de urenbesteding is vooraf niet in deze mate voorzien. Zoals al als risico is aangekondigd in de tweede Burap, heeft dit ertoe geleid dat het budget dat beschikbaar was voor collectieve taken in 2024 is overschreden. Tegenover deze overschrijding staan geen extra opbrengsten aangezien collectieve taken een vaste bijdrage kent. Ten slotte wordt opgemerkt dat, doordat de medewerkers in 2024 extra inzet op de Omgevingswet hebben moeten plegen, zij minder beschikbaar waren voor de werkprogramma’s.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2024

18

Agrarisch (Transitie Zorgvuldige Veehouderij) In 2024 bekleedde de ODBN het ambtelijk voorzitterschap van het Agrarisch Platform; de plek waar alle actuele ontwikkelingen in beleid en jurisprudentie gevolgd worden. Hier vindt afstemming plaats over de gevolgen daarvan voor de Brabantse omgevingsdiensten. Er ging in 2024 onder meer aandacht uit naar de ontwikkeling van agrarische vergunningen op basis van doelvoorschriften, het geurbeleid en mestbeleid. Verder is gewerkt aan een handelingsperspectief voor de agrarische vergunningverlening en een herijking van het Endotoxine Toetsingskader. Ook is een start gemaakt met het opstellen van een kader voor het intrekken en actualiseren van vergunningen. Ten slotte leidde de ODBN een landelijk project over luchtwassers, omdat uit onze data bleek dat vaak sprake was van overtredingen. Dit leidde tot een kennisdocument en een nieuwe checklist voor ODen, met als doel dat toezicht en handhaving eenduidig is. Maar ook tot een aanbeveling aan het ministerie, namelijk om een verplichting vast te stellen voor het opslaan van luchtwasserdata via een cloudoplossing. Dan zou namelijk door OD-en veel effectiever toezicht uitgeoefend kunnen worden. Zeer Zorgwerkkende Stoffen (ZZS) ZZS is een thema dat landelijk veel aandacht krijgt.

De drie omgevingsdiensten en de provincie Noord-Brabant werken sinds 2019 actief samen om meer inzicht te krijgen in de emissies van ZZS naar zowel lucht, water als bodem. In 2024 was er een tweemaandelijks overleg met de drie omgevingsdiensten en het RIVM. De ODBN participeerde in een onderzoek naar het verbranden van PFAS-houdende grond. Ook voerden we in 2024 extra toezicht uit op ZZS door onze branche- en thema aanpak. Er zijn bedrijven geselecteerd in de afvalverwerking en bij autodemontage, omdat hierbij mogelijke ZZS worden verwacht. Bij de geselecteerde bedrijven werd geïnventariseerd of er daadwerkelijk sprake is van het gebruik van ZZS en of deze ook geëmitteerd worden. Indien dit het geval is, kan een Vermijdings- en Reductieprogramma (VRP) worden gevraagd om de emissies van ZZS naar lucht, water en bodem te minimaliseren. In 2024 zijn 4 VRP's behandeld.

19

Energie Het energietoezicht door de ODBN is in 2024 uitgevoerd vanuit drie opdrachten: 1. het gemeentelijk werkprogramma (onderdelen branche & thema-aanpak en energiebod); 2. de provinciale opdracht 311; 3. de rijksbijdrage vanuit SPUK-THE. Output en outcome Voor deze opdrachten zijn in totaal 617 energiecontroles uitgevoerd. Naast de energiecontroles hebben we ook toegezien op naleving van de rapportageverplichtingen van de informatie- en onderzoeksplicht energiebesparing (IPEB en OPEB). Daarvoor zijn 1.652 bedrijven aangeschreven voor de IPEB en 65 bedrijven voor de OPEB. Inmiddels hebben 2.650 bedrijven een IPEB-rapportage ingediend en zijn 65 OPEB rapportages ontvangen en beoordeeld. Toezicht en handhaving op deze verplichtingen had een sterke piek in 2024. In 2025 wordt de aandacht gevestigd op de voornemens om alsnog te voldoen. Als verzoektaak hebben wij voor zes gemeenten toegezien op de naleving van de verplichting voor kantoren om energielabel C te hebben. In totaal zijn 365 kantoren, die niet voldeden, aangeschreven. Eind 2024 hebben 222 daarvan voldaan aan de verplichting. De uitvoering bij de overige kantoren (voornamelijk handhaving) loopt door naar 2025. We continueren het besparingspotentieel van voorgaand jaar. Besteding Dankzij het aantrekken van extra capaciteit en een laag verzuim binnen het team was de productie hoger dan vooraf gepland.

In het gemeentelijk werkprogramma was de overbesteding +10% en voor de opdracht SPUK-THE bedroeg deze +21%. Dat betekent dit dat we binnen SPUK-THE zijn ingelopen op de achterstand, die was ontstaan door een late start. De uitvoering ligt op schema om aan het einde van de SPUK-THE regeling (31-12-2026) op een volledige besteding uit te komen. Voor de provinciale opdracht (incl. de SPUK-THE bijdrage voor provinciale uitvoering) was de besteding lager dan gepland (-23%). Dat komt voornamelijk omdat we de tijdbesteding voor (nieuwe) taken te hoog hadden ingeschat. Ontwikkeling In 2024 is geïnvesteerd in de ontwikkeling van dashboards, waardoor we nu een goed realtime inzicht hebben in de realisatie van projecten en uren. Binnen ODNL hebben wij bijgedragen aan de doorontwikkeling van het thema energie binnen ODNL en een landelijke aanpak voor outcome gericht werken. Water Waterkwaliteit heeft in 2024 meer aandacht gekregen binnen de organisatie. Een stimulans hiervoor is de naderende KRW-deadline (Kaderrichtlijn water). De ODBN is verantwoordelijk voor het toezicht op indirecte lozingen en daarmee hebben we ook als omgevingsdienst een rol om, via ons toezicht, bij te dragen aan het verbeteren van de waterkwaliteit. De ODBN leidde twee toezichthouders op om specialistische kennis op te doen over zuiveringsprocessen en indirecte lozingen.

We hebben de contacten met het waterschap over gezamenlijke controles geïntensiveerd, bijvoorbeeld bij aardbeientrayvelden. Ook is gewerkt aan een gezamenlijke PILOT-aanpak om uit te zoeken waar

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2024

20

bepaalde schadelijke stoffen die aangetroffen worden in het effluent van de rioolwaterzuivering vandaan komen. Dit pilotproject wordt in 2025 verder vormgegeven en uitgevoerd. ROK VTH / Nieuwe Uitvoerings- en handhavingsstrategie In 2024 is een omgevingsanalyse opgesteld die helder maakte wat er qua externe ontwikkelingen op de ODBN en haar deelnemers af gaat komen. Vervolgens zijn doelen geformuleerd, gebaseerd op wat we zien aan relevante ontwikkelingen en hoe de ODBN daarop kan reageren. De conceptomgevingsanalyse en doelen zijn in 2024 meningsvormend besproken binnen de ODBN, het RSP en het Algemeen Bestuur. Al deze input is verwerkt en daarmee is de basis gelegd voor een nieuwe Uitvoerings- en handhavingsstrategie voor de ODBN. Deze strategie komt in de plaats van de oude kaders (ROK VV en ROK TH) die aan vernieuwing toe waren. Het is net niet gelukt om die nog in 2024 ter besluitvorming voor te leggen aan het Algemeen Bestuur, maar in februari 2025 zal dit alsnog plaatsvinden. Afsluitend wordt de strategie ook ter vaststelling aan de colleges van de deelnemers voorgelegd. Samen Sterk in Brabant (SSIB) Samen Sterk in Brabant (SSiB) is een provincie brede samenwerkingsvorm – onder formeel werkgeverschap van de ODBN – waarin gemeenten, provincie, terrein beherende organisaties, particuliere grondeigenaren, waterschappen en waterwinbedrijven participeren.

De ODBN is faciliterend werkgever en ondersteunt de stuurgroep. Samen met het netwerk wordt gewerkt aan een schoon, veilig en groen buitengebied. SSiB handhaaft op zaken als stroperij, wild crossen, afvaldumpingen, het overtreden van de toegangsbepalingen en werkt zoveel mogelijk informatiegestuurd. Bovenop de algemene opdrachten van het SSiB is er in 2024 door 7 stageplaatsen en een traineeship te realiseren extra geïnvesteerd op de versterking van het aantal groene boa’s in Brabant. SSiB heeft in 2024 deze werkzaamheden uitgevoerd binnen de bestaande budgetten. SSiB legt jaarlijks zowel financieel als inhoudelijk verantwoording af met een eigen jaarverslag. Zie hiervoor www.ssibbrabant.nl.

t.nl n a b a r b b i s .s w ww

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

Sanering wegverkeerslawaai (isv) Samen met de ketenpartners en Bureau Sanering Verkeerslawaai (BSV) zijn nieuwe saneringsonderzoeken en subsidie aanvragen en opgepakt en afgehandeld. In totaal zijn er bij 641 woningen aanpassingen gedaan om wegverkeerslawaai tegen te gaan. Hiernaast is de lijst met “Vergeten woningen” teruggebracht van ruim 400 naar ongeveer 30 woningen. De inwerkingtreding van de Omgevingswet resulteert in hogere grenswaardes en een verhoogde kans op meer geluidwerende maatregelen. Nadat de Basis Geluid Emissie (BGE) is vastgesteld, zal de impact bepaald worden. Qua uitvoering lopen we ruim voor op het schema om het volledige saneringsprogramma voor 18 juli 2039 vast te stellen. We verwachten de huidige saneringsvoorraad per eind 2027 verwerkt te hebben. Milieuklachtencentrale In 2024 zijn in totaal 3.552 klachten- en incidentmeldingen geregistreerd. In 2023 betroffen dit 4.771 meldingen. Dit is opnieuw een forse daling ten opzichte van vorig jaar. Het totaal aantal meldingen duikt hiermee zelfs onder het niveau voorafgaand aan de piekjaren gedurende de COVID crisis (2020/2021). Dit resultaat is het gevolg van de nieuwe werkwijze rondom de klachtenafhandeling. Administratief medewerkers klachtenafhandeling zijn het voorportaal van de toezichthouders die de milieuklachten verder gericht kunnen afhandelen.

Zij behandelen elke klacht zorgvuldig en nemen in haast alle gevallen persoonlijk contact op met de melder. Melders die zich gehoord en begrepen voelen, dienen waarschijnlijk minder snel een nieuwe melding in. Verder is in samenwerking met de andere omgevingsdiensten in Brabant de nieuwe milieuklachtenapplicatie geïmplementeerd en is de deelnemers de mogelijkheid aangereikt om in te loggen op het systeem waardoor zij zelf de voortgang van de klachtenafhandeling kunnen inzien. De klachten- en incidentmeldingen kunnen onderverdeeld worden naar 2.312 (bedrijfs-/ MBAgebonden) meldingen, waarvan 171 meldingen die betrekking hadden op provinciale bedrijven. In 2023 betrof dit aantal 339, waardoor gesteld kan worden dat de forse daling ook hier valt terug te zien. Van alle meldingen hebben milieuklachten verreweg het grootste aandeel (2.127). De overige meldingen betreffen ongewone voorvallen (131), zoals een lekkende tank, of bedrijfsmeldingen (54) waarbij gedacht kan worden aan onderhoud aan een luchtwasser wat tot geuroverlast kan leiden. Het overige deel van de meldingen valt toe te kennen aan SSiB (260) en groene wetten (143) zoals illegale houtkap of soortenbescherming. Tot slot zijn er 837 meldingen na onderzoek doorgestuurd naar gemeenten of andere overheidsinstanties.

ODBN Jaarstukken 2024

21

22

Wat heeft het gekost? PROGRAMMA REGIONALE DIENST VERLENING EN COLLECTIEVE ONT WIKKELINGEN

1.2 Individuele Dienstverlening

REKENING 2023

BEGROTING 2024

BEGROTING NA WIJZIGING 2024

REKENING 2024

23

Beleidskaders/richtlijnen

BEDRAGEN X €1.000

OMSCHRIJVING

DATUM

Inzet personeel

2.237

2.129

2.711

2.923

Omgevingswet

1 januari 2024

Inzet bedrijfsmiddelen

1.438

680

999

1.011

Nadere regelgeving

1 januari 2024

TOTAAL LASTEN

3.674

2.809

3.710

3.934

Collectieve taken

853

882

882

882

Samen Sterk in Brabant

2.600

2.758

2.758

2.669

Overige regionale programma's

724

151

1.098

1.228

4.177

3.792

4.738

4.779

503

984

1.029

844

TOTAAL BATEN SALDO

EXPIRATIEDATUM

Wat willen we bereiken? Als ODBN werken we samen met onze deelnemers en ketenpartners aan een schone, veilige en gezonde leefomgeving, nu en in de toekomst. De ODBN is de uitvoeringsexpert voor onze regio op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. In het programma individuele dienstverlening voeren we hoofdzakelijk de taken uit die onze deelnemers bij ons hebben belegd. De gemeentelijke werkprogramma's en de provinciale opdracht zijn hierbij leidend. De VTH-taken vormen de vaste kern van ons werk als Omgevingsdienst. Veranderingen in weten regelgeving, maatschappelijke ontwikkelingen en wensen van onze deelnemers zorgen voor een continue bijstelling van ons takenpakket. Als ODBN moeten we aandacht hebben voor veranderingen in onze omgeving. Daarbij is de nauwe samenwerking met onze partners en deelnemers onontbeerlijk. Samen kunnen we onze expertise over de fysieke leefomgeving optimaal koppelen aan de lokale situatie.

Wat hebben we daarvoor in 2024 gedaan? Uitvoering VTH-taken De VTH-taken op het gebied van Milieubelastende, Natura 2000 en Flora&Fauna activiteiten onder de Omgevingswet vormen de kern van de werkzaamheden van de ODBN. Onze taken bestaan uit de wettelijk verplicht bij ons belegde taken – de zogenoemde basistaken –, de verzoektaken en aanvullende opdrachten (orders). Overige verzoektaken bestaan veelal uit advisering of taken binnen overige vakgebieden (zoals ruimtelijke ordening of slopen). De VTH-verzoektaken en overige verzoektaken kennen (grotendeels) ook een wettelijke grondslag, maar hiervan mogen de deelnemers zelf bepalen of zij deze taken bij de ODBN beleggen. Tot slot voeren we aanvullende opdrachten oftewel orders uit. Dit zijn opdrachten die niet in de reguliere werkprogramma's/ opdracht zijn opgenomen of opdrachten van niet-deelnemers. Maar de gemeentelijke werkprogramma's en de provinciale opdracht vormen de basis van ons werk.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2024

24

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet heeft in een aantal gevallen een wijziging in bevoegd gezag plaatsgevonden. Een aantal bedrijfstypen waarvoor de provincie bevoegd gezag was, is overgegaan naar de gemeente als bevoegd gezag. Deze verschuiving was wat betreft inzet al opgenomen in de werkprogramma's. Vergunningen Als ODBN verzorgen we de vergunningverlening op het gebied van milieu voor onze deelnemers. Onder vergunningverlening verstaan we ‘het voorbereiden van beschikkingen tot het verlenen, wijzigen, actualiseren, intrekken of weigeren van omgevingsvergunningen voor milieubelastende activiteiten’, ‘het beoordelen van meldingen en informatieplicht’ en ‘het opstellen van (maatwerk) voorschriften’. De wijze waarop we invulling geven aan de vergunningverleningstaak is vastgelegd in het Regionaal Operationeel Kader Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (ROK-VV en ROK-TH). In 2024 is een daling van ingekomen vergunningszaken geconstateerd die werd veroorzaakt door de problematiek op agrarisch gebied en doordat eind 2023 relatief veel aanvragen zijn ingediend door de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Dit maakt dat 2024 wat betreft aantallen niet representatief is. Aanvragen ingediend voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet dienen onder het oude recht te worden afgehandeld.

2024 heeft dan ook in het teken gestaan van enerzijds het afhandelen van deze procedures die onder het oude recht vallen, anderzijds het afhandelen van procedures die onder de Omgevingswet zijn ingediend. Gezien de vele aanvragen die onder het oude recht zijn ingediend hebben we onze werkwijze hierop aangepast. Onder andere door de spoedeisendheid op casusniveau vast te stellen en door het invoeren van een methodiek om versneld de volledigheid te beoordelen. Helaas zijn er ook aanvragen die door externe omstandigheden niet verder kunnen worden afgehandeld. Hierover zijn wij in contact met de deelnemers.

25

In totaal zijn er in 2024 1.362 nieuwe vergunningszaken binnengekomen, ten opzichte van 1.968 zaken in 2023. Met ‘vergunningszaken’ bedoelen we zaken die betrekking hebben op het werk van vergunningverleners (exclusief afhandelen van meldingen en informatieplichten). Verder zijn er het afgelopen jaar 1.117 vergunningszaken afgerond, ten opzichte van 1.223 zaken in 2023. Voor de gemeentelijke opdracht zijn 433 nieuwe zaken binnengekomen in 2024. Dit is een aanzienlijke daling van zo'n 260 zaken ten opzichte van 2023. In het kader van de gemeentelijke opdracht zijn 341 vergunnings-zaken afgerond in 2024. Dat zijn er zo'n 30 minder dan in 2023. Door de stikstofproblematiek zijn er meerdere aanvragen waar wel inzet op is gepleegd, maar niet volledig konden worden afgehandeld. Het betreft 929 nieuwe zaken voor de provinciale opdracht. We zien daarbij een afname. In 2024 zijn er 349 zaken minder binnengekomen voor de provinciale opdracht. Voor de provinciale opdracht is het aantal milieu-initiatieven met 70 aanvragen gedaald ten opzichte van 2023. Voor de provinciale opdracht zijn 776 afgeronde zaken, waaronder 139 milieuzaken (vergunningverlening grijs) en 637 zaken volgend uit het onderdeel natuur (vergunningverlening groen). Meldingen en informatieplichten In 2024 zijn in totaal 6.204 meldingen en informatieplichten afgehandeld. Deze zijn als volgt verdeeld:

Afgehandelde meldingen en informatieplichten Binnengekomen nieuwe vergunningszaken

Afgeronde vergunningszaken Asbestverwijdering Sloop (zonder asbest)

1.362

1.117

Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) Bodem (Bal)/mobiel breken/ gesloten bodemenergiesystemen Informatieplichten (nieuw)

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2024

26

27

Ten opzichte van 2023 is het aantal afgehandelde meldingen met 189 stuks toegenomen. Daarnaast zijn er 1.825 informatieplichten afgehandeld. Deze nieuwe taak, als gevolg van het in werking treden van de Omgevingswet, kent dus een forse omvang. De meldingen asbestverwijdering en sloop (zonder asbest) zijn flink gestegen ten opzichte van 2023, zeker wanneer de gerelateerde informatieplichten daarbij opgeteld worden (1.162 stuks). De aantallen afgehandelde meldingen rond de bodemtaken en meldingen Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) liggen lager dan in 2023. Maar wanneer de gerelateerde informatieplichten daarbij opgeteld worden (438 bodem en 225 Bal), dan liggen de aantallen in beiden gevallen aanzienlijk hoger dan in 2023. Toezicht Naast vergunningverlening verzorgt de ODBN het toezicht op naleving van de milieuregels. De kaders voor de wijze waarop wij toezicht houden (en handhaven) zijn vastgelegd in het Regionaal Operationeel Kader Toezicht en Handhaving (ROK-T&H) en in de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Voor toezicht is het informatiegestuurd werken met behulp van het risicomodel (IGW) een belangrijke (door)ontwikkeling. We blijven ons toezicht toespitsen op die plekken waar het milieurisico hoog is en/of het naleefgedrag laag is.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

Afgeronde inspectiezaken

Uitgevoerde her-inspecties

4.552

1.631

In totaal zijn in 2024 4.552 inspectiezaken afgerond, ten opzichte van 5.108 zaken in 2023. Met ‘inspectiezaken’ bedoelen we zaken die betrekking hebben op het werk van onze toezichthouders. Naast reguliere inspecties zijn in 2024 1.631 her-inspecties uitgevoerd, ten opzichte van 1.801 herinspecties in 2023.

ODBN Jaarstukken 2024

28

Voor de gemeentelijke opdracht zijn 3.167 inspectiezaken afgerond in 2024. Dat zijn er 285 minder dan in 2023. Er zijn 1.783 milieucontroles afgerond, waarvan 296 controles als gevolg van overlast- en incidentmeldingen of omgevingszorg (zoals drugsafvaldumpingen of asbestbranden). 1.129 zaken hadden betrekking op asbestverwijdering (963) of sloop zonder asbest (166). Het laatste deel wordt gevormd door controles op het gebied van bodem. Hier zijn in totaal 255 controles uitgevoerd, te verdelen in controles Besluit activiteiten leefomgeving m.b.t. bodem (174), mobiel breken (20) en gesloten bodemenergiesystemen (61). Het geprogrammeerde en niet-geprogrammeerde toezicht op het gebied van de naleving van de milieuregels bij bedrijven heeft in 2024 volop aandacht gekregen. De opdracht geprogrammeerd toezicht is gegroeid doordat er een verschuiving plaats heeft gevonden van voormalige provinciale bedrijven naar de gemeente als bevoegd gezag en doordat een aantal bedrijfstypen door de komst van de Omgevingswet basistaak zijn geworden, waarvan de taakuitvoering in een enkel geval nog door een deelnemer zelf werden uitgevoerd. We zien een daling in het niet-geprogrammeerde toezicht ten opzichte van de jaren ervoor. Dit is mede het gevolg van een andere werkwijze bij de klachtenafhandeling (zie o.a. onderdeel milieuklachtencentrale).

Bij niet-geprogrammeerd toezicht gaat het om zaken zoals klachten, ongewone voorvallen en toezichts- en handhavingsverzoeken van gemeenten waarbij de wens is deze op korte termijn op te pakken. Naast dat we overtredingen veelal fotografisch vastleggen zijn we ook bij het grijze toezicht en handhaving met drones gaan werken. Twee dronepiloten hebben alle benodigde specialistische opleidingen hiervoor afgerond. Gezien de relatief nieuwe en innovatieve manier van handhaving trekken we hierbij op met zowel provinciale als landelijke collega droneteams bij andere omgevingsdiensten. We delen hierbij ervaringen en kennis en bespreken ook de mogelijkheden van inzet en de juridische aspecten die inzet met drones vergt.

Handhaving De ODBN draagt zorg voor een schone, veilige en duurzame leefomgeving. Handhaving – zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk – is één van de instrumenten om dit te bereiken. Handhaving vraagt om intensieve samenwerking tussen de diverse handhavingspartners. Daarbij gaat bijvoorbeeld om de diverse instanties in de zogenoemde strafrechtketen – denk aan de politie, het Openbaar Ministerie (OM) en de omgevingsdiensten – maar ook om samenwerking binnen de ODBN, tussen toezichthouders, juristen en boa’s. Gezamenlijk dragen we zorg voor de handhaving van het omgevingsrecht. Daartoe hebben we ook een beginselplicht tot handhaving. Burgers en bedrijven moeten ervan op aan kunnen dat wij overtreders aanspreken en indien nodig aanpakken met de instrumenten die we daartoe tot onze beschikking hebben, zowel bestuursrechtelijk en/of strafrechtelijk. Alleen zo kunnen we een gelijk speelveld creëren in onze omgeving, dragen we zorg voor de handhaving van het omgevingsrecht en dragen we bij aan de gewenste schone, veilige en duurzame leefomgeving. Belangrijk was hierin het op volle sterkte brengen van de boa capaciteit. Het is gelukt om twee boa's aan te stellen, daarnaast start er nog een boa begin 2025. Hiermee zijn we dan op volle sterkte en kunnen we waarmaken waarvoor we aan de lat staan. Als ODBN kun je hier niet zelfstandig in opereren.

Invulling geven we hieraan door regulier deel te nemen aan een zakenoverleg milieu bij het Functioneel Parket in Den Bosch. Bij dat zakenoverleg zijn naast de drie Brabantse omgevingsdiensten ook de NVWA, IL&T, Waterschappen Aa en Maas en De Dommel, Rijkswaterstaat en het milieuteam van de politie aanwezig. Verder zijn er zijn aparte overlegmomenten met de beleidsmedewerker van het OM. Dit is het overleg “gezamenlijke aanpak Brabant”. Hierin worden “aandachtsbedrijven” besproken welke mogelijk in aanmerking komen voor een gezamenlijke aanpak. Daarnaast worden hierin signalen gedeeld.

Er zijn in 2024 1.390 her-inspecties uitgevoerd in het kader van de gemeentelijke opdracht. Dat zijn er 149 minder dan in 2023. Van het totaal aan her-inspecties gaat het om 321 her-inspecties na een handhavings-voornemen en 105 na een handhavingsbesluit. Binnen de provinciale opdracht zijn in totaal 1.385 zaken afgerond. De meeste daarvan hadden betrekking op het ‘groene’ toezicht in het kader van natuur. De grootste categorie daarvan wordt gevormd door houtopstanden, met 631 afgeronde inspectiezaken. Hiervan hadden 79 zaken betrekking op het grijze toezicht, oftewel de inrichting gebonden zaken. Voor de provinciale opdracht zijn 241 her-inspecties uitgevoerd, waarvoor 55 in het kader van milieu en 186 in het kader van natuur. Net als in 2023 is in 2024 extra capaciteit ingezet op een aantal complexe en (bestuurlijk) gevoelige dossiers. Desondanks heeft dit met extra investeringen, juridische inzet en een herverdeling van de werkzaamheden geen invloed gehad op de realisatie van onze reguliere toezichtstaken.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2024

29

30

In totaal hebben we het afgelopen jaar 58 strafzaken opgepakt. Dit zijn drie zaken meer ten opzichte van vorig jaar. Het betrof 20 asbest zaken, de overige zaken hadden betrekking op ongewone voorvallen, verkeerd opslaan van gevaarlijke stoffen, overtredingen mest en bodem, vuurwerk, energie en de emissie vanuit een luchtwasser. In totaal zijn in 2024, 18 processen verbaal opgemaakt en ingestuurd naar het Functioneel Parket.

De Boa's hebben naast het zakenoverleg ook contact en overleg met de milieuagenten in de betreffende regio zodat ze weten wat er zich afspeelt. Helaas is niet iedere regio voorzien van een milieuagent. Het afgelopen jaar zijn zowel landelijk als regionaal diverse initiatieven opgestart om handhaving bij milieuovertredingen en -criminaliteit te intensiveren. Niet voor niets was bestuurs- en strafrechtelijke handhaving en vervolging één van de pijlers van het landelijke Interbestuurlijk Programma Versterking VTH (IBP). Onderdeel van deze pijler is om de samenwerking tussen diverse handhavingspartners te versterken, evenals de implementatie van de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Ook in Brabant hebben we het afgelopen jaar hard gewerkt aan de bestuurs- en strafrechtelijke handhaving. Zo is een onderzoeksrapport verschenen van een adviesbureau dat in opdracht van de provincie Noord-Brabant en de ODBN, onderzoek heeft gedaan naar de strafrechtelijke milieuhandhaving in Noord-Brabant. Door dit rapport zijn diverse ontwikkelingen in gang gezet om de strafrechtelijke milieuhandhaving in Brabant verder te stroomlijnen. Zo is een initiatief opgestart om te komen tot een regionaal dreigingsbeeld milieu en wordt gewerkt aan een eenduidige en overzichtelijke overlegstructuur.

Eén van de voornemens is om ook een regionale prioritering uit te werken om de beschikbare capaciteit zo doelmatig mogelijk in te kunnen zetten. Binnen de ODBN werken we volgens de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO) de opvolger van de LHS. Als ODBN hebben we een project uitgevoerd om de toepassing van de LHSO te verbeteren, en om zo te komen tot een meer evenwichtig bestuurs- en strafrechtelijk interveniëren. Onderdeel van dit project zijn onder andere aangescherpte afspraken voor de overdracht van toezicht naar (strafrechtelijke) handhaving en de ontwikkeling van een handreiking LHSO. Implementatie is gestart met een gezamenlijke bijeenkomst van toezichthouders, boa’s en overige betrokkenen. We blijven gericht op het verbeteren de uitvoering hiervan.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

Specialistische Dienstverlening In 2024 ontvingen wij aanzienlijk minder RO (ETFAL) verzoeken (omgevingsplannen en buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (BOPA’s)). Zeker vergeleken met de laatste periode van 2023, toen er vooruitlopend op de invoering van Omgevingswet een piek in het aantal verzoeken was. Dit, in combinatie met de complexe situatie bij agrarische geur aspecten en de (herziene) kaders voor beleid hierover zijn de voornaamste redenen van het mindere aantal verzoeken in 2024. Ook ontvingen wij minder Toezicht en Handhaving gerelateerde zaken. Naast deze lagere instroom zien we ook dat er meer tijd is gaan zitten in het bestuderen van de nieuwe werkwijze onder de Omgevingswet. Bij het specialisme RO (ETFAL) hebben we voor een aantal deelnemers de beoordelingen van milieu gerelateerde ruimtelijke verzoeken uitgevoerd, quick scan milieu opgesteld, omgevingstafels bijgewoond en bijdragen geleverd het beantwoorden van milieu gerelateerde bezwaren. Het specialisme luchtkwaliteit en geur heeft wederom de VTH-collega’s geholpen bij complexere zaken waar lucht en geur gerelateerde aspecten een belangrijke rol spelen. Adviezen in het ruimtelijke spoor waren veelal gericht op agrarische geur, waar al langer landelijk veel over te doen is.

Tevens zijn er industriële geurvraagstukken beoordeeld en is ondersteuning verleend bij het opstellen van vergunningen, het opstellen van (herziene) kaders voor beleid als gevolg van externe ontwikkelingen/gerechtelijke uitspraken en bij verdiepende analyses in aanvullende opdrachten. Het specialisme geluid heeft de VTH-collega’s en de gemeenten geholpen bij het meten van geluid bij klachten, bij horeca en evenementen en met het beoordelen van geluidrapporten. Naast deze werkzaamheden is er ook diverse keren een bijdrage geleverd aan bezwaar- en beroepsprocedures. Het ingezette herstel van de medewerkers heeft tot het eind van het jaar doorgezet waardoor de bezetting weer op orde is. Bij het specialisme externe veiligheid hebben we extra capaciteit ingezet op het vullen en actualiseren van het Register Externe Veiligheid (REV). Daarnaast hebben we collega's en deelnemers voorzien van passende adviezen. Ook is wederom ingezet op kennisoverdracht en het bieden van ondersteuning bij het toezicht op de bedrijven die gevaarlijke stoffen produceren en/of opslaan.

ODBN Jaarstukken 2024

31

32

Bodemtaken Door de Omgevingswet is er sprake van een grote bevoegdheidswijziging van de provincie naar de gemeente, wat een grote impact op de taakuitvoering heeft gehad. De interpretatie van regels bleek en blijkt toch genuanceerder dan gedacht en afstemming via het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) met overige overheden bleek toch lastig te zijn. De verschillende basistaken bodem kosten door de invoering van de informatieplicht naast de meldingsplicht extra veel tijd. Het hele jaar door zijn nieuwe medewerkers aangetrokken om deze taken te kunnen uitvoeren. De in het werkprogramma opgenomen uren voor de behandeling van de meldingen zijn niet bereikt. De oorzaak hiervan is enerzijds capaciteitsgebrek en anderzijds lijkt het erop dat er minder meldingen gedaan worden dan op basis van de Omgevingswet zou moeten. Gemeenten zijn naast uitvoerder van werkzaamheden in en met de bodem ook opdrachtgever aan aannemers, alwaar een grote kennisachterstand is geconstateerd. Om die reden zijn er (bodem)informatiebijeenkomsten bij verschillende gemeenten georganiseerd om toe te lichten wat de praktische en beleidsmatige veranderingen op het gebied van bodem echt zijn. Eind 2024 is een start gemaakt door vakgroep Bodem om in gezamenlijkheid met alle gemeenten tot een nieuwe Nota Bodembeheer te komen. Deze nota heeft als doel om een totaalbeeld te geven van het lokale bodembeleid.

In 2025 wordt dit verder opgepakt.

Asbest Het specialisme asbest heeft in 2024 voor alle gemeenten de taken Sloopmeldingen met (of alleen) asbest en het toezicht erop uitgevoerd. Daarnaast zijn voor bijna alle gemeenten ook de taken Sloopmeldingen zonder asbest behandeld en het toezicht erop uitgevoerd. Het beoordelen van sloopmeldingen en het toezicht sloop (met asbest/ zonder asbest) zijn vraaggestuurde opdrachten. De gevraagde inzet op de behandeling van de sloopmeldingen was hoger dan begroot. Enerzijds heeft de komst van de Omgevingswet hiervoor gezorgd en anderzijds een toename van het aantal meldingen van 20% in totaal. De Omgevingswet heeft gezorgd voor verandering van het asbestverwijderingsbesluit en de asbestwetgeving. Nieuw dit jaar is de informatieplicht, die nu onderdeel uitmaakt van de behandeling van de sloopmelding. De volledige behandeling van de sloopmelding heeft meer tijd gekost dan aanvankelijk is ingeschat. Door de wijze waarop het DSO is ingericht en het zaaksysteem kost de behandeling van de melding en de informatieplicht meer tijd. Het toezicht is informatiegestuurd en risicogericht opgepakt. Hierdoor is de beschikbare capaciteit zo goed als mogelijk ingezet. Dit jaar is er minder vraag geweest op het toezichthouden op sloopwerkzaamheden zonder asbest.

Natuurbescherming De Omgevingswet regelt de bescherming van natuurgebieden die uniek zijn voor Nederland en Europa, de bescherming van planten en dieren en van bossen en andere houtopstanden. De ODBN verzorgde namens de provincie Noord-Brabant de vergunningverlening voor de activiteiten Natura 2000 en Flora & Fauna. Ook voert de ODBN hier het toezicht op uit. Waar nodig treden we handhavend op. Tevens is de gemeentelijke opgave op het onderdeel natuur op verzoek van de gemeentelijk deelnemers ingevuld door de ODBN. Stikstofdossier Ook 2024 werd in sterke mate beïnvloed door de ontwikkelingen binnen het stikstofdossier (of de stikstofcrisis). Als gevolg van jurisprudentie (bijvoorbeeld over de passende beoordeling van emissiearme stalsystemen en intern salderen), ontbrekende uitvoeringskaders (zoals een toetsingskader voor passende beoordelingen), bestuurlijke besluitvorming (zoals bij emissiearme stalsystemen) ligt de vergunningverlening grotendeels stil. Ook de legalisatie van de PAS-meldingen stokt door deze problematiek. De ontwikkelingen in het stikstofdossier vergen veel afstemming binnen de ODBN, met onze opdrachtgevers, maar ook met de andere omgevingsdiensten. Het veelvuldig bijstellen van ons handelingsperspectief door landelijke en juridische ontwikkelingen doet een beroep op de flexibiliteit van onze medewerkers.

Soortenbescherming, faunabeheer en houtopstanden We hebben gemerkt dat de komst van Omgevingswet en de steeds groter wordende maatschappelijke bewustwording op deze thema's, het werk complexer en arbeidsintensiever maakt. Dit geldt voor zowel de onderdelen vergunningverlening als toezicht & handhaving. Ook is veel gebruik gemaakt van de specialistische helpdeskfunctie die de ODBN uitvoert. En zien we dat men vaker gebruik maakt van de juridische mogelijkheden die er zijn na besluitvorming.

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

ODBN Jaarstukken 2024

33

34

Wat heeft het gekost? PROGRAMMA INDIVIDUELE DIENST VERLENING

1.3 Bedrijfsvoering BEGROTING NA WIJZIGING 2024

REKENING 2024

REKENING 2023

BEGROTING 2024

Inzet personeel

17.107

19.803

19.025

19.029

Inzet bedrijfsmiddelen

1504

130

130

429

TOTAAL LASTEN

18.612

19.933

19.155

19.458

Basistaken (werkprogramma)

15.879

17.813

17.506

16.335

Verzoektaken (werkprogramma)

11.302

14.092

13.283

11.699

740

717

717

1.186

TOTAAL BATEN

27.921

32.622

31.507

29.220

SALDO

9.309

12.689

12.352

9.762

BEDRAGEN X €1.000

Aanvullende verzoektaken

Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst

35

Inhoud programma De directie, staf en alle overige ondersteunende activiteiten ten behoeve van het primaire proces maken onderdeel uit van het ‘programma bedrijfsvoering’. Het betreft taken met betrekking tot: personeel en inhuur van de ondersteunende processen en kosten gerelateerd aan het personeel, informatievoorziening, facilitaire en bestuurlijke kosten, financiën, administratie, organisatieontwikkeling en deskundigheid en huisvesting. In dit programma worden tevens de baten en lasten van de interne financiering en de algemene dekkingsmiddelen verantwoord. Hiermee is het een atypisch onderdeel van deze beleidsbegroting en het programmaplan. Beleidskaders/richtlijnen OMSCHRIJVING

DATUM

EXPIRATIEDATUM

Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten

01-07-2019

Open

Gemeenschappelijke regeling ODBN

01-01-2020

Open

Nota weerstandsvermogen en risicomanagement

16-12-2020

Open

Treasurystatuut

28-12-2023

Open

Financiële verordening ODBN

01-01-2023

Open

ODBN Jaarstukken 2024

36

Wat hebben we bereikt?

37

Indicatoren bedrijfsresultaat Om een beeld te kunnen vormen over het bedrijfsmatig functioneren van de ODBN worden in onderstaande tabel de meest essentiële indicatoren gepresenteerd. KPI'S ODBN (ALS BEDRIJF) KPI

NORM 2024

Productiviteit

Geen norm

Declarabiliteit Gemiddeld uurtarief

REALISATIE 2022

2023

TOELICHTING 2024

-

1.415

1.390

Paragraaf 4.8.1

1.302

1.323

1.297

1.261

Paragraaf 4.8.1

€ 112,60

€ 97,67

€ 105,44

€ 109,16

Paragraaf 3.5

Ziekteverzuim

5,5%

6,3%

5,9%

6,4%

Paragraaf 2.3

Formatie overhead

23%

22,5%

22,7%

20%

Paragraaf 2.3

Aandeel kosten overhead totaal

25%

29,6%

29,2%

27,1%

Paragraaf 3.5

Weerstandsratio

1,5

0,83%

1,07

0,91

Paragraaf 2.1

Flexschil

20%

22,5%

19,6%

17,6%

Paragraaf 2.3

Wat hebben we daarvoor gedaan in 2024? Productiviteit Voor het eerst hebben we een KPI toegevoegd, namelijk declarabiliteit. Voorheen hanteerde we het begrip productiviteit als synoniem aan declarabiliteit. Gezien alle ontwikkelingen in ons werkveld zien we dat werkzaamheden in ons primair proces steeds minder vaak direct te relateren zijn aan een zaak of individuele deelnemer maar van belang zijn voor het collectief en ook niet volledig als overhead zijn aan te merken. Voor 2024 hadden we hiervoor nog geen norm vastgesteld. Gemiddeld per fte zijn 1.390 uren productief verantwoord. Daarvan konden 1.261 uren worden gedeclareerd binnen een opdracht. Het verschil is voornamelijk ingezet op innovatieve trajecten die niet gedekt worden binnen het programma Collectieve Taken zoals het opstellen van de UHS, Business Intelligence en RPA. Hier hebben we 6 fte voor ingezet. In de toekomst zou daar de datastrategie nog aan toegevoegd gaan worden nu de dekking vanuit het IBP-VTH is gestopt. Dit betreft twee fte. In 2025 is er mogelijk dekking uit een eenmalige subsidie van I&W.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15601287/1