Zienswijze Parkeertransitie Delft 29-11-2023
Tekst van het document
Zienswijze Parkeertransitie Binnenstad Delft Bezwaren en kansen met betrekking tot de planvorming gericht op een autoluwere binnenstad De gemeente Delft is voornemens om in de historische binnenstad het bestaande, centraal gesitueerde, autoluwe gebied uit te breiden. Voorshands wordt hiervoor het zuidwestelijke deel van de binnenstad aangemerkt. Duidelijke motivaties en argumenten voor deze fundamentele keuze ontbreken echter volledig en van een transparante, integrale visie op de toekomstige binnenstad als geheel is tot op heden geen sprake. In het ‘Mobiliteitsprogramma Delft 2040’ is als doelstelling opgenomen: “De komende jaren zetten we gefaseerd in op uitbreiding van het autoluwplusgebied in de binnenstad waarbij we streven naar een geheel autoluwe binnenstad in 2040. Bij iedere verdere uitbreiding van het autoluwplusgebied moet voorzien zijn in een parkeeroplossing ... ter compensatie van parkeerplaatsen die zullen verdwijnen in de binnenstad als gevolg van de uitbreiding.” Vervolgens: “De verdere uitwerking van het parkeerbeleid gebeurt in een apart traject.”
Plannen voor een autoluw zuidwestelijk stadsdeel mogen niet als een voldongen feit worden gepresenteerd. Bezwaren van verontruste bewoners en ondernemers, met betrekking tot de consequenties van het voorliggende concept, inclusief recente aanpassingen, dienen serieus te worden geëvalueerd en te worden betrokken bij het het uitwerken van een volwaardige propositie voor een autoluwere binnenstad. Deze notitie is bedoeld om, mede namens betrokken medebewoners, bij te dragen tot een passende verdere planvorming, waarbinnen kansrijke alternatieven serieus worden meegewogen. Op basis van het recente concept ‘Optimalisatie Parkeerbeleid Ruimte in de binnenstad’ valt op te maken dat er binnen de bestaande parkeergarages slechts capaciteit tot compensatie van verdwijnende parkeerplaatsen in de openbare ruimte voorhanden is om ongeveer één ‘kwadrant’ van de binnenstad autoluw te maken. Omdat er geen zicht is op het uitbreiden van de bestaande parkeergarages in de komende jaren dient er dus een weloverwogen keuze te worden gemaakt voor één te realiseren autoluw stadsdeel. In principe zou daarbij kunnen worden gedacht aan de kwadranten in het noordoosten (NO); het zuidoosten (ZO); zuidwesten (ZW) of noordwesten (NW) van de binnenstad.
De kwadranten NO en ZO vallen realistisch gezien af, omdat er aan de oostzijde van de binnenstad te weinig vervangende parkeeroplossingen beschikbaar (of te realiseren) zijn. Om tot een evenwichtige keuze te komen voor de uitbreiding van het bestaande autoluwe gebied is het daarom opportuun om de voor- en nadelen van de stadsdelen ZW en NW alsnog in beschouwing te nemen. Optie 1: ZW (Grachtengebied Zuid en Zuidpoort) Het zuidwestelijke gebied heeft een belangrijke ‘poort-functie’ voor de Delftse binnenstad. Vanaf de goed bereikbare zuidelijke stadsrand stromen veel bezoekers binnen, richting het zuidelijk van de Markt gelegen winkelgebied (met verschillende winkelketens en supermarkten, alsmede de bioscoop, het theater en Open) en vervolgens veelal door naar de waardenmarkten en het meer gedifferentieerde winkelaanbod in de centrale binnenstad. Van toegevoegde waarde zijn de typisch Delftse horecatrekpleisters van de Beestenmarkt en het centrale Marktplein. Voor bezoekers die met de auto naar de binnenstad komen is de Zuidpoortgarage een essentiële voorziening. Behalve door bezoekers van binnen- en buiten de gemeente wordt op deze parkeergelegenheid aanspraak gemaakt door werknemers van in de nabijheid gevestigde bedrijven, plus hotelbezoekers. Voor het ondernemersklimaat in de binnenstad is de Zuidpoortgarage van doorslaggevend belang.
Mede door de strategische positionering ten opzichte van de TU Delft heeft gebied ZW een dynamisch karakter, met vooral veel fietsers en voetgangers. Autoverplaatsingen worden onder normale omstandigheden beperkt tot die van de bewoners van het gebied en bevoorradingsverkeer. De laatste jaren is weliswaar sprake van toenemende drukte en onrust, maar dit mag niet op het conto worden geschreven van (eigenaar)bewoners en kleinschalige bedrijven en hun vergunning-plekken. Overmatig autoverkeer en foutparkeren wordt veelal veroorzaakt door (klanten van) de verschillende ‘coffeeshops’ en fastfoodzaken plus bezorgingsdiensten. Een storende factor in het stadsbeeld is het ongeordend ‘stallen’ van fietsen, vooral bij de diverse studentenhuizen. De recente notities ‘Vragen en antwoorden uitbreiden autoluwe binnenstad’ en ‘Optimalisatie Parkeerbeleid Ruimte in de binnenstad’ wekken de indruk dat er voor de parkeercompensatie oplossingen zijn gevonden. Zo zou het mogelijk zijn om in de Zuidpoortgarage 250 abonnementsplekken voor omwonden ‘vrij’ te maken en zouden 185 plekken kunnen worden gereserveerd in de Phoenixgarage.
Echter: er zouden verder toch nog 215 plekken terecht moeten komen in de Prinsenhofgarage en 25 in de garage bij de Koepoortbrug – 240 plekken die feitelijk niet voorzien in redelijke loopafstanden voor bewoners. De optimalisatie-notitie maakt duidelijk dat er problemen kunnen ontstaan als zowel abonnementhouders als bezoekers gelijktijdig gebruik zouden willen maken van de Zuidpoortgarage. Om het bezoekers-parkeren op drukke momenten (als de Zuidpoortgarage vol is) te faciliteren zou de Prinsenhofgarage – met de in- en uitgang helemaal aan de andere kant van de stad – uitkomst moeten bieden. Dit is niet realistisch. Hoewel de optimalisatie-exercitie ogenschijnlijk openingen schept voor de beoogde parkeertransitie in gebied ZW, zijn de onderbouwingen incompleet en de ‘oplossingen’ uitermate gecompliceerd. De conclusie is dat de problemen eerder lijken te worden doorgeschoven dan dat ze worden opgelost. Bewoners en ondernemers blijven – terecht – ernstige twijfels houden over de haalbaarheid van een realistische parkeercompensatie bij het autoluw maken van gebied ZW, maar bovenal over de wenselijkheid van een dusdanig ingrijpende operatie in juist dit stadsdeel. Optie 2: NW (Grachtengebied Noord en Spoorzone) Het noordwestelijke stadsdeel heeft een geheel andere karakteristiek dan het bedrijvige zuidwestelijke deel, dat tot nu toe is aangemerkt als autoluw uitbreidingsgebied.
Er is in veel mindere mate sprake van – aanzienlijke – bezoekersstromen, gericht op grote- en kleine winkelcombinaties, horeca, cultuur en entertainment. Het gebied heeft tot op heden in belangrijke mate het oorspronkelijke, historische karakter kunnen behouden en zou evident gebaat zijn bij het autovrij maken van de monumentale grachten, in navolging van het hoogwaardige, toeristisch-aantrekkelijke autoluwe centrale stadsdeel. Als ervoor zou worden gekozen om bijvoorbeeld het noordelijke deel van de Oude Delft (mogelijk inclusief het Noordeinde) en de Voorstraat autovrij te maken, zou compensatie van parkeerplekken in de openbare ruimte naar verwachting relatief eenvoudig te realiseren zijn. Een hoofdrol zou zijn weggelegd voor de representatieve en goed-geoutilleerde Prinsenhofgarage, die zich uitstrekt langs de gehele westzijde van het gebied. Deze nabijgelegen garage is goed bereikbaar voor bewoners alsmede medewerkers en bezoekers van de hier gevestigde bedrijven. De inrit van deze garage is gesitueerd aan de noordzijde, niet ver verwijderd van de huidige toegang via het Noordeinde. Indien nodig zou mogelijk aanspraak kunnen worden gemaakt op beschikbare plekken in de Phoenixgarage, die verder gehandhaafd zou kunnen blijven voor bezoekers van het historische kerngebied.
Belangrijk voordeel is niet alleen de beschikbaarheid van ‘compensatieplekken’ in de directe nabijheid van het gebied, maar tevens dat de Zuidpoortgarage – als primaire bezoekersgarage – zou kunnen worden gehandhaafd en dat bezoekers niet om zouden hoeven te rijden naar de Prinsenhofgarage. Het allerbelangrijkste voordeel zou echter zijn: de kwalitatieve versterking van het hoogwaardige noordwestelijke stadsgebied qua belevingswaarde en ‘museale’ allure. Pleidooi voor weloverwogen keuzes Zoals mag blijken uit deze exercitie kleven er aan het autoluw maken van het zuidwestelijke gebied serieuze bezwaren voor bezoekers, ondernemers en bewoners. Tot op heden is niet overtuigend duidelijk gemaakt waarom de parkeertransitie van juist dit stadsdeel wenselijk is. Het is zeer de vraag of de compensatie van de huidige bewoners-parkeerplaatsen – binnen verschillende, verspreid gesitueerde, parkeergarages – een geloofwaardige en haalbare propositie is. De hiermee samenhangende wijzigingen in het bestaande parkeerregime zouden bijzonder ingrijpend zijn en een belangrijke aantasting betekenen van het thans goed functionerende bezoekers-parkeren in de Zuidpoortgarage, met alle consequenties van dien, met name voor bezoekers en ondernemers.
Tegelijkertijd lijken er juist in het noordwestelijke deel van de binnenstad kansen te liggen voor een passende, elegante parkeertransitie, gebruikmakend van bestaande parkeergarages in de directe omgeving. Het autoluw maken van dit cultuurhistorisch waardevolle en beeldbepalende deel van de binnenstad zou een belangrijke meerwaarde kunnen opleveren voor de stad Delft als geheel. Het is noodzakelijk dat de gemeente Delft de ingezette koers heroverweegt en dat er nu eerst een integrale visie op de binnenstad als geheel (inclusief parkeertransitie) wordt ontwikkeld en gecommuniceerd. Deze visie dient vervolgens het vertrekpunt te zijn voor een transparant vervolgtraject, waarbinnen, weloverwogen keuzes kunnen worden gemaakt, leidend tot een doelgerichte uitwerking en de effectieve realisatie van een autoluwere en aantrekkelijkere Delftse binnenstad. Delft, 29 november 2023