Zienswijze Delft Notitie Reikwijdte en Detailniveau ten behoeve van luchthavenbesluit
Tekst van het document
Ruimte & Economie Ruimte Advies bezoekadres: Stationsplein 1 2611 BV Delft IBAN NL21 BNGH 0285 0017 87 t.n.v. gemeente Delft Behandeld door Robin Diek Retouradres : Postbus 78, 2600 ME Delft
Telefoon 0652739125 rdiek@delft.nl
Directie Participatie NRD RTHA Postbus 30316 2500 GH ’S-GRAVENHAGE
Datum
Onderwerp
07-03-2023
Zienswijze gemeente Delft op Notitie Reikwijdte en Detailniveau ten behoeve van luchthavenbesluit
Ons kenmerk
Internet www.delft.nl Telefoon 14015
5452730 Uw brief van Uw kenmerk Bijlage
Geachte heer/mevrouw, De gemeente Delft heeft met belangstelling kennis genomen van uw concept notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) die ten behoeve van het Milieueffectrapport (MER) voor het te nemen luchthavenbesluit voor Rotterdam The Hague Airport (RTHA) t/m woensdag 8 maart ter inzage ligt. Wij maken hierbij gebruik van de mogelijkheid om te reageren op deze NRD. Het uitgangspunt van de gemeente Delft is om de ervaren overlast voor de Delftse inwoners en bezoekers (mens en dier) zoveel mogelijk te beperken, dus een krimpscenario zou als alternatief moeten worden onderzocht in het MER. De gemeente Delft komt, net als alle andere gemeenten, op voor de belangen van haar inwoners. De vliegbewegingen van en naar Rotterdam The Hague Airport (RTHA) hebben effect op de kwaliteit van leven van onze inwoners. In positieve zin maken inwoners gebruik van de RTHA, maar in negatieve zin ervaren zij ook met name geluidshinder. Daarnaast kent onze gemeente ook nog een ander belang, namelijk het behouden van een goede belevingswaarde van het Bijzonder Provinciaal Landschap. Het belang van het zorgen voor een open en groen landschap naast een steeds verder verdichtende regio en stad als Delft is zeer groot. Zowel voor onze eigen inwoners als voor inwoners en belanghebbende van de omringende gemeenten.
De Provincie Zuid-Holland heeft Midden-Delfland op 14 november 2017 aangewezen als een Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) op basis van de Natuurwet en het bidbook Bijzonder Provinciaal Landschap. Bij de aanwijzing van het BPL heeft de provincie een ontwikkelopdracht meegegeven ten aanzien van de stedelijke context en de sturing en borging van de ruimtelijke kwaliteit. Gezamenlijk zetten overheden en gebiedspartijen zich in voor behoud en ontwikkeling van het BPL en geven zij het landschap meer betekenis en waarde voor de inwoners in de omgeving. In 2021 is door de
Datum
07-03-2023 Ons kenmerk
5452730
landschapstafel (met negen gemeenten Delft, Lansingerland, Maassluis, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen, Westland, het Hoogheemraadschap van Delfland, Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, het Zuid-Hollands Landschap, de Midden-Delfland Vereniging en LTO Noord afdeling Delflands Groen) de visie gelanceerd. Nu werkt men samen aan een ambitieus Uitvoeringsprogramma om de ruimtelijke kwaliteit en vitaliteit van dit waardevolle groene gebied nog verder te versterken. De vliegbewegingen van en naar RTHA geven overlast voor de mens (bezoeker en recreant) en dier van het BPL. De belevingswaarde en daarmee ook de kwaliteit van het waardevolle groen in de regio staan daarmee onder druk. Opbouw van onze zienswijze De NRD is opgesteld met het Eind Product Participatietraject (EPP) als vertrekpunt. In dit participatietraject hebben wij samen met andere partijen onze stem laten horen. Het eindproduct laat een verslag van verschillende opinies zien, maar kan niet als gezamenlijk eindstandpunt worden opgevat. De indiening van deze zienswijze kan daarom gezien worden als reflectie op bepaalde onderdelen in het EPP, waarin wij het belang voor de gemeenten en in het bijzonder de gemeente Delft benadrukken. Wij stellen de zienswijze op als gemeente, maar informeel en inhoudelijk trekken wij nauw op met onze partners van het participatietraject.
Onze zienswijze zal nu nader worden gegeven op de hoofdstukken ‘Kaders, alternatieven en autonome ontwikkeling’ en ‘Milieueffecten’. Zienswijze algemeen en per alternatief In de NRD worden de volgende vier alternatieven benoemd als ‘redelijkerwijs te beschouwen alternatieven’ die in het MER zullen worden onderzocht: - Alternatief 1: Referentiesituatie Omzettingsregeling - Alternatief 2: Uitkomst Participatietraject (EPP) - Alternatief 3: Uitkomst EPP beperkte ontwikkelruimte - Alternatief 4: Uitkomst EPP zonder ontwikkelruimte Eerst zullen enkele algemene reflecties worden gegeven. Ook zal bij ieder alternatief (uitgezonderd referentiesituatie) uit de NRD diverse overwegingen gegeven. Zienswijze : Algemene punten -
De gemeente Delft vindt dat een krimpscenario als alternatief zou moeten worden onderzocht in het MER, als ook dat het krimpscenario in het parallelle economisch onderzoek en de maatschappelijke kosten- en batenanalyse (MKBA) moet worden meegenomen. Hiermee worden de milieueffecten, de gezondheidseffecten en de economische effecten van krimp inzichtelijk, hetgeen latere besluitvorming – ongeacht of deze besluitvorming wel of geen krimpscenario voor het luchthavenbesluit inhoudt - ondersteunen. Hier zou dus onderzocht moeten worden met welk krimppercentage er nog wel sprake is van een economisch gezonde vliegveld.
-
Openingstijden van de luchthaven. RTHA heeft er in de NRD voor gekozen om de huidige openingstijden als uitgangspunt te nemen in 2/5
alle alternatieven, omdat de aanvangstijd van 07:00 uur volgens de luchtvaartsector vanwege het bestemmingennetwerk en benodigde tijd voor uitvoeren van de vliegoperatie niet later worden. Het ontbreken van een moment van rust onder omwonenden kan een punt van zorg en ergernis zijn. Vooral in de vroege ochtend en de avond gaat er geen dag zonder vliegverkeer voorbij. Daarom pleiten wij op zondagen voor een openingstijd van 8:00 uur in plaats van 7:00 uur. Wij verzoeken u deze aanpassing van de openingstijden te onderzoeken in alle alternatieven (uitgezonderd de referentiesituatie).
Datum
07-03-2023 Ons kenmerk
5452730
-
Er is een discrepantie tussen het bevriezen van de slots tot 08.30 uur en de mogelijke extra vluchten tussen 09.00 – 21.00. In de NRD is er niet nader op dit tijdvak ingegaan. Wij verzoeken u alsnog het bevriezen van het aantal slots tussen 08.30 – 09.00 uur ten opzichte van gebruiksjaar 2019 te onderzoeken in alle alternatieven (uitgezonderd de referentiesituatie).
-
Er is een verschil tussen meetbare en ervaren geluidshinder. Daar waar de geluidshinder bij vlootvernieuwing zal afnemen, zal het toenemen in het aantal vliegbewegingen. Wij hebben onze zorgen over de impact van de vliegbewegingen op het stresshormoon van mens en dier. Wat zijn de psychologische effecten van (meer) vliegbewegingen overdag? Dit ook in relatie tot het feit dat er in het BPL verschillende stiltegebieden zijn aangewezen. Wij vragen u de mogelijkheden te onderzoeken voor een methodiek die beter aansluit bij de ervaren geluidshinder, zoals het betrekken van het psychologische effect van meer vliegbewegingen. Ook vragen wij hierbij rekening te houden met de overlast meldingen bij de DCMR. In het NRD wordt gesproken over de GGD gezondheidsmonitor. Hier zijn de cijfers voor de gemeente Delft niet inzichtelijk gemaakt.
-
Wij verzoeken u naast de stikstofemissies van het vliegverkeer in de lucht, in de onderzoeken ook de stikstofemissies veroorzaakt door vliegtuigen op de grond zoals het warmdraaien van vliegtuigmotoren en het taxiën, mee te nemen en daarbij transparant de aannames voor de berekening van de stikstofemissies weer te geven.
-
I.h.k.v. luchtruimherziening kunnen er ook wijzigingen plaatsvinden aankomst- en vertrekroutes. Dit kan grote gevolgen hebben voor Delft, maar is niet direct onderdeel van het Luchthavenbesluit RTHA. Wel geven wij graag het signaal af dat ook hier geldt dat het uitgangspunt van de gemeente Delft is om de ervaren overlast voor de Delftse inwoners en bezoekers (mens en dier) zoveel mogelijk te beperken en dus zeker niet te vergroten.
-
Wij verzoeken u om in de alternatieven die ontwikkelruimte in zich hebben, ook rekening te houden met de extra mobiliteitsbewegingen die dit veroorzaakt. Als het vliegverkeer minder emissie uitstoot, kan de ontstane ruimte niet direct worden ingevuld met meer vluchten omdat dit leidt tot extra emissie door meer mobiliteit in de vorm van vrachtverkeer en aanvoer van passagiers.
3/5
Datum
07-03-2023 Ons kenmerk
5452730
Zienswijze: per alternatief - Alternatief 2 Wij constateren dat er uitgebreid aandacht wordt besteed aan alternatief 2: Uitkomst Participatietraject. Wij hebben echter diverse zorgen en kritische kanttekeningen ten opzichte van enkele uitgangspunten van het EPP. Een beperking van het nachtregime en de plannen tot vermindering van de geluidhinder in de randen van de dag is in principe een goede zaak, maar het is nog onvoldoende duidelijk wat de daarmee te verdienen ontwikkelruimte overdag gaat betekenen. Uit het Adecs-rapport blijkt dat er met inzet van duurzamere toestellen groei mogelijk is tot een maximum van 8760 op jaarbasis, maar dat er een reductie van de emissie van schadelijke stoffen slechts te verwachten is bij een gehele vlootvernieuwing. - Alternatief 3 en 4 Wij zien dat met het opvoeren van alternatieven 3 en 4 er een poging is gedaan tegemoet te komen aan de kritische inbreng tijdens het participatietraject. Bij alternatief 4 worden echter nu al nadelen genoemd, waarbij wij kritische kanttekeningen plaatsen. Zo stelt de NRD dat wanneer gebruikers van de luchthaven geen ontwikkelruimte kunnen verdienen, zij niet zullen bewegen tot vlootvernieuwing. Het is voor ons alles behalve aannemelijk dat het geven van ontwikkelruimte een noodzakelijke en onmisbare voorwaarde is om luchtvaartmaatschappijen tot vlootvernieuwing te bewegen.
RTHA kan er namelijk voor kiezen zonder meer eisen aan vlootvernieuwing te stellen omwille van het beperken van geluidhinder. Daaraan voegen wij nog het volgende toe: ook al erkennen wij dat het geven van ontwikkelruimte een prikkel zal zijn voor de gebruikers van de luchthaven, hoewel het niet nodig zou moeten zijn, om te vernieuwen, dan nog vinden wij het niet aannemelijk dat de ontwikkelruimte van een relatief kleine luchthaven als RTHA van significante invloed zal zijn op de ambitie van luchtvaartmaatschappijen om tot vlootvernieuwing te komen. RTHA zou het goede voorbeeld nu moeten geven, in lijn met het Klimaatakkoord van Parijs, en een onvoorwaardelijke vlootvernieuwing moeten afdwingen. Dan gaat RTHA met de tijd mee, zoals iedere partij die aan het Klimaatakkoord wil werken. Daarom stellen wij: ontwikkelruimte is niet nodig. Wij willen ook niet meer vliegbewegingen, sterker nog wij vinden het niet genoemde alternatief voor krimp, belangrijk om als alternatief serieus mee te nemen in het MER en economisch onderzoek. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, het college van burgemeester en wethouders van Delft,
M. Berger Loco-secretaris
4/5
Datum
07-03-2023 Ons kenmerk
5452730
M. Huijsmans Loco-Burgemeester
5/5