Warmteplan Delft 2021
Tekst van het document
Belangrijkste redenen voor kopers om hun woning aardgasvrij te maken Opvallend is hoe de reden ‘beter voor het milieu’ eruit springt. Uit de enquête bleek verder dat, opgesplist naar leeftijdscategorieen, het laatste antwoord, ‘Ik zie geen redenen om mijn woning aardgasvrij te maken’, opvallend vaker gegeven door mensen van 45 jaar en ouder gegeven wordt. Jonge dertigers noemen, opvallend vaker dan deelnemers in andere leeftijden, naast het milieu ook ‘besparen van kosten’ en ’investeren in de waarde van mijn huis’.
… als van deelnemers die het er niet mee eens zijn. Vooral deelnemers die het er niet mee eens zijn, hebben open antwoorden gegeven. Daarom van hen wat meer quotes.
“Ik ben 77 jaar. Ik ga liever in de laatste jaren genieten van mijn spaarcenten.”
“De informatievoorziening is slecht. Ik zie door de bomen het bos niet meer.”
“Wij wonen in een monument en mogen niets aanpassen volgens monumentenzorg.”
Tot slot Met deze enquêteresultaten heeft de gemeente meer inzicht gekregen in de vragen, zorgen en meningen van Delftenaren over het onderwerp ‘Delft aardgasvrij’. We zien dat een redelijk aantal mensen zich kunnen vinden in die doelstelling, maar dat er ook veel mensen zijn die daar vraagtekens bij hebben of het er helemaal niet mee eens zijn. Met name de zorgen over kosten zijn groot. In de verdere ontwikkeling van het Warmteplan Delft zullen we rekening houden met deze bevindingen. Dat zal niet altijd makkelijk zijn.We zullen de ontwikkeling naar een aardgasvrije stad samen met bewoners zorgvuldig en stapsgewijs vormgeven. Zodanig, dat de stappen die we in die ontwikkeling maken, voor heel veel mensen acceptabel zijn.
“Van het gas af is een utopie, een grote geldverspiller en achteruitgang van comfort. Isoleer je huis.”
Kennis van aardgasvrij wonen 50% van de kopers onder de deelnemers heeft zich al wel verdiept in het aardgasvrij maken van de woning, maar heeft nog niets gedaan. Circa een kwart plant iets te gaan doen, heeft al iets gedaan of is, voor een klein deel, al aardgasvrij. Een ander kwart van de kopers heeft zich nog niet in het onderwerp verdiept.Van de huurders heeft 50% zich nog niet verdiept. Daar wacht men vanzelfsprekend de plannen van de verhuurder af. Opvallend is de leeftijdscategorie van 35- 44 jarigen; daarvan is een kleine 30% al bijna tot helemaal aardgasvrij. Meedoen aan een initiatief voor aardgasvrij wonen Ruim 40% van de deelnemers zou mee doen aan een initiatief om aardgasvrij te wonen. Een kleine 25% is het daarmee (zeer) oneens. Ruim 35% weet het nog niet of heeft geen mening. Wat zijn voor u redenen om nu al uw woning aardgasvrij te maken? (gevraagd aan respondenten met een eigen koopwoning)
beter voor het milieu
53,74%
besparen van kosten
30,16%
investeren in de waarde van mijn huis
24,6%
anders
31%
Ik zie geen redenen om mijn woning aardgasvrij te maken
29,4% 0%
25%
50%
75%
100%
3/3
B
Resultaten stadsgesprek 1
Wat hebben we opgehaald uit de 1e ronde stadsgesprekken? Op 16 en 17 februari 2021 hebben we ’s avonds twee digitale stadsgesprekken over het Warmteplan gehouden. Het doel was inwoners te informeren over het Warmteplan dat we aan het maken zijn en te vragen wat belangrijk is om rekening mee te houden bij het aardsgasvrij maken van de buurten. In totaal deden verspreid over de twee avonden 249 mensen mee met de stadsgesprekken. Ook hebben we de stadsgesprekken uitgezonden via het gemeentelijke Facebook kanaal. Daarbij hebben circa 3.300 mensen langer of korter naar de stadsgesprekken gekeken.
Op de Mentimeter-vraag “wanneer vind je aardgasvrij wonen acceptabel” scoorde de factor “als mijn maandelijkse kosten ongeveer gelijk blijven” het hoogste, opgevolgd door “heldere en betrouwbare informatie” en “als er subsidie is voor maatregelen”. Ook op de open vraag “waar moet de gemeente op letten bij het Warmteplan” worden de volgende onderwerpen het meest genoemd: kosten, betaalbaarheid, woonlastenneutraliteit, de vervuiler betaald, haalbaarheid, uitvoerbaarheid, betrouwbaarheid, keuzevrijheid en draagvlak. Samengevat zijn haalbaarheid en betaalbaarheid de belangrijkste voorwaarden die men stelt aan de energietransitie. Daarbij is eenduidige en betrouwbare informatie van wezenlijk belang.
Tijdens de avonden konden deelnemers vragen stellen via de chatfunctie en we hebben drie vragen met de Mentimetermethode gesteld. We hebben de vragen uit de chat na afloop gebundeld en verwerkt in een vraag- en antwoordlijst die we op de website Delft aardgasvrij hebben geplaatst. Hieruit blijkt dat veel mensen nog niet weten wat ze te wachten staat en hoe het aardgasvrij maken van buurten in zijn werk gaat. Er is al wel algemene kennis over warmtenetten en warmtepompen, waarbij veel informatie is opgedaan via populaire televisieprogramma’s. Met name de negatieve aspecten en voorbeelden van wanneer het fout is gegaan, zijn bekend. In de vraag- en antwoordenlijst hebben we geprobeerd deze vragen zo objectief en eerlijk mogelijk te beantwoorden.
46
C
Resultaten stadsgesprek 2
Wat hebben we opgehaald uit het 2e stadsgesprek van 19 mei? Op 19 mei s avonds hebben we het tweede stadsgesprek gehouden. Ook hier was het doel om inwoners te informeren over het Warmteplan. In dit geval lag de nadruk op de stand van zaken tot dan toe; de voorkeurstechniek per wijk en vooral de gemaakte selectie van wijken. Daarbij hebben we benadrukt dat het warmteplan een richting geeft, maar de keuzen niet in beton zijn gegoten. In vervolg daarop hebben we uitgebreid stil gestaan bij de volgende stap na het warmteplan; de warmte-uitvoeringsplannen. Aan de avond namen 132 mensen deel. Ook dit keer hebben we de stadsgesprekken uitgezonden via het gemeentelijke Facebook kanaal. Daarbij hebben ruim 1700 mensen langere of kortere tijd naar de stadsgesprekken gekeken.
Ook op deze avond hebben we een aantal Mentimeter vragen gesteld, onder andere ook de vraag “wanneer zou je meedoen met aardgasvrij worden?’ Ook dit keer scoorde het antwoord “als de kosten ongeveer gelijk blijven” het hoogste, opgevolgd door “heldere en betrouwbare informatie” en “als er subsidie is voor maatregelen”. De presentatie van de avond en het document Vragen en Antwoorden van 19 mei staan op https://www.delft.nl/ milieu/energie/delft-aardgasvrij/warmteplan.
Tijdens deze avond hebben we meer dan bij de eerdere avonden ruimte genomen voor vragen vanuit de deelnemers. De vragen die gesteld werden hadden veelal betrekking op de voorkeurstechnieken en de selectie van wijken. Een groot deel van de deelnemers stond al positief of neutraal tegenover aardgasvrij. De indruk bestond dat veel deelnemers al redelijk goed waren ingevoerd in de materie.
47
D
Beschikbaarheid warmtebronnen
Onderstaande figuren laten zien welke aannames we hebben gedaan over de beschikbaarheid van warmtebronnen in de berekeningen met het CEGOIA-model. Dit zijn aannames; we hebben geen toezegging van de warmte van de verschillende partijen. Het kaartje geeft aan waar we aannemen dat de bron beschikbaar is, in de tekst erbij staat hoeveel warmte beschikbaar is. Ter vergelijking: de totale huidige warmtevraag van de gebouwen in Delft is 2.768 TJ.
STEG (stoom- en gascentrale)13: • TU Delft warmte- krachtcentrale (57 TJ).
Geothermie MT (middentemperatuur) Voldoende warmte beschikbaar voor Delft.
Restwarmte industrie • DSM (355 TJ).
LT (lagetemperatuur) restwarmtebronnen Waaronder voornamelijk: • datacenter; • RWZI Harnaschpolder14. Totale potentie voor Delft 380 TJ
wko (warmte- en koudeopslag) Voldoende warmte beschikbaar voor Delft.
WarmtelinQ Voldoende warmte beschikbaar voor Delft.
TEO (thermische energie uit oppervlaktewater). Voldoende warmte beschikbaar voor Delft.
13 Deze centrales werken nu nog op aardgas. Om de CO2-uitstoot te verlagen hebben deze bronnen dus ook nog een verduurzamingsopgave. 14 We nemen een beperkte beschikbaarheid voor de RWZI aan die voldoende is om de twee buurten te verwarmen die nu met die warmte verwarmd worden. Hiervoor wordt nu minder dan 5% van de totale beschikbare warmte gebruikt. Mogelijk kan deze bron meer buurten van warmte voorzien.
48
E E.1
Scoringsmethodiek van de criteria
Betaalbaarheid
Tabel 4 – Scoringsmethodiek voor de criteria binnen het thema betaalbaarheid
Criterium
Kans (1 punt)
½ kans (½ punt)
Toelichting / bron gegevens
Laagste nationale
buurten waar de nationale
buurten waar de nationale
De nationale kosten zijn berekend met
kosten
kosten per weq15 tot de
kosten tot de laagste 25-50%
het CEGOIA-model van CE Delft.
laagste 25% van Delft horen
van Delft horen
We gaan uit van de techniek die in het basisscenario de laagste nationale kosten (gemiddelde voor woningen en utiliteitsgebouwen) heeft in de betreffende buurt.
Laagste eindgebrui-
buurten waar de eindgebrui-
buurten waar de eindgebrui-
De eindgebruikerskosten zijn berekend
kerskosten
kerskosten per weq tot de
kerskosten tot de laagste
met het CEKER-model van CE Delft.
laagste 25% van Delft horen
25-50% van Delft horen
E.2
CO2-reductie
Het CO2-reductiepotentieel wordt uitgedrukt als de gemiddelde cumulatieve CO2-besparing per woning tussen 2030 en 2050 als de woning in 2030 aardgasvrij wordt. Hierbij gaan we uit van het voorkeursalternatief zoals beschreven in Paragraaf 3.5. Voor een beschrijving van de berekeningsmethode, zie Bijlage A in de notitie Fase 2 van het Warmteplan. Deze is te vinden op de website: www.delft.nl/aardgasvrij. Tabel 5 - Scoringsmethodiek voor de criteria binnen het thema CO2-reductie
Criterium
Kans (1 punt)
½ kans (½ punt)
Toelichting / bron gegevens
CO2-reductie
buurten waar de huidige
buurten waar de huidige
CBS buurtdata 2019
potentieel
uitstoot per weq tot de
uitstoot per weq tot de
CEGOIA-model van CE Delft
hoogste 25% van Delft
hoogste 25-50% van Delft
KEV 2019
behoort
behoort
co2emissiefactoren.nl
15
Een weq is een woningequivalent (woning of 150 m2 utiliteit)
49
E.3
Robuustheid
Tabel 6 - Scoringsmethodiek voor de criteria binnen het thema robuustheid
Criterium
Kans (1 punt)
½ kans (½ punt)
Toelichting / bron gegevens
Meerdere
In de vier scenario’s van het
In drie scenario’s van het
CEGOIA-model van CE Delft
scenario’s met
CEGOIA-model heeft
CEGOIA-model (waaronder
dezelfde
dezelfde warmtetechniek de
het basisscenario) heeft
uitkomst
laagste nationale kosten
dezelfde warmtetechniek de
Kostenafstand
De kostenafstand met het
De kostenafstand met het
CEGOIA-model van CE Delft. We hebben het
eerstvolgende gasvrije
eerstvolgende gasvrije
verschil in nationale kosten berekend tussen de
alternatief is 20% of meer
alternatief is 10-20%
warmtetechniek met (in het basisscenario) de
laagste nationale kosten
laagste nationale kosten en het eerstvolgende gasvrije alternatief.
E.4
Uitvoerbaarheid
Tabel 7 - Scoringsmethodiek voor de criteria binnen het thema uitvoerbaarheid
Criterium
Belemmering (1 minpunt)
Toelichting / bron gegevens
Beschikbaarheid groengas
buurten die in het basisscenario uitkomen op
CEGOIA-model van CE Delft
een warmtetechniek die gebruikmaakt van groengas
E.5
Initiatieven en wijkverbetering
Tabel 8 - Scoringsmethodiek voor de criteria binnen het thema initiatieven en wijkverbetering
Criterium
Kans (1 punt)
Toelichting / bron gegevens
Aansluiten bij lopende energieprojecten
In de buurt is een energieproject aanwezig
Aangeleverd door gemeente Delft
Aansluiten bij nieuwbouw /
In de buurt staat nieuwbouw of (sociale /
Aangeleverd door gemeente Delft
wijkverbetering
economische) wijkverbetering op de planning
50
E.6
Meekoppelkansen
Tabel 9 – Scoringsmethodiek voor de criteria binnen het thema meekoppelkansen
Criterium
Kans (1 punt)
½ kans (½ punt)
Toelichting / bron gegevens
Geplande werkzaamheden:
In de buurt wordt alle riolering
In de buurt wordt een deel van
Aangeleverd door gemeente
riolering
aangepast tussen 2022 en 2026
de riolering aangepast tussen
Delft.
2022 en 2026 Geplande werkzaamheden:
in een groot deel van de buurt
in een klein deel van de buurt
Aangeleverd door gemeente
gasnet
wordt het gasnet aangepast
wordt het gasnet aangepast
Delft.
tussen 2022 en 2024
tussen 2022 en 2024
E.7
Contracteerbaarheid
Tabel 10 - Scoringsmethodiek voor de criteria binnen het thema contracteerbaarheid
Criterium
Kans (1 punt)
½ kans (½ punt)
Belemmering (1 minpunt)
Toelichting / bron gegevens
% sociale huurwoningen
Het corporatiebezit in
Het corporatiebezit in
n.v.t.
CBS (2019)
de buurt is 50% of hoger
de buurt is 25-49%
n.v.t.
n.v.t.
Het aandeel private
CBS (2019)
% private huur
huurwoningen in de buurt is 25% of hoger
51
F
Uitkomst score van buurten
52
Tabel 11 - De prioritering van buurten op kansrijkheid om met de warmtetransitie aan de slag te gaan. Onder de eerste 20% van de woningequivalenten staat een stippellijn. De buurten die het hoogst scoren zijn geselecteerd als voorlopige eerste buurten. Deze tabel geeft de eerste helft van buurten weer
53
54
55
Tabel 12 - De prioritering van de buurten op kansrijkheid. Deze tabel geeft de tweede helft van de buurten weer
56
57
58
G CBS buurten met naam
59
60