CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Voortgangsbrief Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang

Raadsvergadering 6 maart 2025, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake Beschikbaar stellen middelen aan DWO regio ten behoeve van transformatie naar Maatschappelijk Wonen (2502006)2.489 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Samenleving Advies 0Doorkiesnummers: -1Telefoon 015-2602046 0

Aan

de gemeenteraad Afschrift aan

Voortgangsbrief Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang Datum 1-10-2024

. Ons kenmerk 5967871

Opsteller M.Tuink

Bijlagen 2

Inleiding Op het gebied van Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang gebeurt veel in de stad. Samen met aanbieders wordt toegewerkt naar het inrichten van zorg lokaal en dichtbij. Deze beweging is in 2022 door uw raad vastgesteld via de Regiovisie ‘Naar een Beschermd Thuis 2022-2026’ en de ‘Uitvoeringsagenda Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang 2022-2026’. In deze notitie leest u over de stand van zaken, de ontwikkelingen vanuit het Rijk (het woonplaatsbeginsel Beschermd Wonen) en wat dit betekent voor de inrichting van de zorg (de transformatie) en de inzet van de middelen. De stand van zaken Beschermd Wonen (BW) is een Wmo voorziening voor mensen die door psychische of psychosociale problemen tijdelijk niet zelfstandig kunnen wonen. Zij krijgen intensieve begeleiding bij dagelijkse bezigheden als koken, boodschappen doen et cetera. Ze wonen meestal in een beschermde woonvorm. De intensiteit van zorg en de mate van zelfstandigheid verschilt. Daarom spreken we soms ook van Beschermd Thuis. In 2023 hadden zo’n 360 inwoners uit de regio een indicatie voor (een vorm van) Beschermd Wonen. Maatschappelijke Opvang (MO) is de WMO voorziening waarbij er tijdelijk onderdak en begeleiding wordt geboden aan mensen die door een of meerdere problemen dak- of thuisloos zijn geraakt. Deze mensen zijn niet in staat om zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving.

In 2023 maakten zo’n 170 mensen gebruik van de Maatschappelijke Opvang. Regionale samenwerking De gemeenten Westland, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp en Delft (hierna: DWO-regio) bieden samen beschermd wonen en maatschappelijke opvang aan hun inwoners, met Delft in de rol van centrumgemeente. De samenwerking is onlangs opnieuw bekrachtigd door de bestaande dienstverleningsovereenkomst en mandatering te verlengen tot 2026.

Zorg zo passend mogelijk De DWO-regio streeft naar een inclusieve samenleving waar iedereen mee kan doen. Daarbij hoort het bieden van passende zorg in een setting zo thuis als mogelijk. Deze beweging, ook wel: de transformatie, sluit aan bij de landelijke ontwikkelingen van de inzet op preventie, menselijke maat en de (door)decentralisatie van de zorg. In de regiovisie en uitvoeringsagenda is deze visie vastgesteld, in deze notitie leest u waar we nu staan. Woonplaatsbeginsel Beschermd Wonen Om de beweging naar lokale zorg te ondersteunen is het Rijk voornemens om Beschermd Wonen (hierna: BW) te door decentraliseren naar alle gemeenten. Dit houdt in dat iedere gemeente straks zelf verantwoordelijk is voor het beschermd wonen van haar eigen inwoners. Het idee achter deze wetswijziging is dat gemeenten zelf het beste zorg dichtbij en in samenhang kunnen bieden. En dat zij worden gestimuleerd in te zetten op effectieve preventie, om het gebruik van beschermd wonen te voorkomen. Het woonplaatsbeginsel is al meerdere malen uitgesteld. Op dit moment ligt het wetsvoorstel ter behandeling bij de Tweede Kamer. De streefdatum voor invoering is nu 1 januari 2026. Daarna zal het Rijk bekijken of ook de Maatschappelijke Opvang wordt gedecentraliseerd. Financieel verdeelmodel De doordecentralisatie van BW betekent ook een herverdeling van de middelen.

Het door het Rijk vastgestelde macrobudget voor Beschermd Wonen zal bij invoering van het woonplaatsbeginsel volgens objectieve criteria (geleidelijk) verdeeld worden onder de gemeenten. Gedurende het financiële ingroeipad (naar verwachting t/m 2032) is er sprake van afbouw regionaal budget waarbij er lokaal budget wordt opgebouwd voor de nieuwe cliënten. De transformatie Ondanks het uitstel van het woonplaatsbeginsel werkt de DWO-regio gestaag aan de inhoudelijke transformatie van beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Hier is geen wetswijziging voor nodig. De ambitie van meer kleinschalige, passende zorg wordt immers door alle gemeenten breed gedragen en is al eerder vastgesteld. Hieronder leest u waar we nu staan. Onze inzet krijgt in de praktijk handen en voeten langs de drie pijlers die onze inwoners ook doorlopen: de toegang, het zorgaanbod en de uitstroom. Deze, of soortgelijke, inzet vindt ook in de regiogemeenten plaats. Vooruitlopend op de decentralisatie en invoering van het financieel verdeelmodel is de DWO-regio overeengekomen om budget beschikbaar te stellen voor de lokale inzet in de vier regiogemeenten.

Preventie en toegang Beschermd Wonen Op dit moment geeft Delft Support nog de BW-indicaties af voor alle DWO inwoners, vanuit de Delftse rol als centrumgemeente. Bij de beweging naar meer lokale zorg hoort echter ook een lokale toegang. De thuisgemeente heeft immers het beste zicht op haar eigen inwoners en kan zorg ook beter in samenhang aanbieden. In de regiovisie en uitvoeringsagenda is daarom afgesproken dat regiogemeenten de BW indicatie voor hun inwoners zelf gaan afgeven. De regio loopt hiermee vooruit op invoering van het woonplaatsbeginsel. Op dit moment werken we aan de voorbereiding: het streven is per 2025 gefaseerd te starten met een decentrale toegang voor BW. We blijven regionaal samen werken op het gebied van kennis delen, administratie en wachtlijstbeheer. Delft Support houdt daarbij een centrale rol. Naast het opbouwen van de lokale toegang zetten we ook in op preventie, als onderdeel van de transformatie. Zoals de ASD ook aangaf in haar advies ‘Van Beschermd wonen naar Beschermd Thuis’ dienen de ontwikkelingen in de wijken in de pas te lopen met de ontwikkeling van beschermd wonen naar beschermd thuis. In Delft doen we dat onder andere via de versterking van de sociale basis. U bent hierover geïnformeerd in november via de raadsinformatiebrief met zaaknummer 2346723 (RIS).

Zorgaanbod: van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis Idealiter verwijst de lokale toegang ook door naar zorg in de eigen wijk of buurt. In de uitvoeringsagenda is afgesproken dat er toe wordt gewerkt naar meer kleinschalige voorzieningen, verspreid over de regio. Momenteel wordt het gewenste toekomstige zorglandschap in kaart gebracht. De kwaliteit van zorg staat daarbij altijd voorop. In 2023 is een inkoopprocedure voor Beschermd Wonen doorlopen, met bovenstaande beweging als uitgangspunt. Er is een extra zorgprofiel toegevoegd (Beschermd Thuis-geclusterd) om meer differentiatie en kleinschaligheid te kunnen organiseren. In lijn met de aanbeveling van de ASD is dit een tussenvorm waarin cliënten semi- zelfstandig kunnen wonen en elkaar kunnen ontmoeten. Deze woonvorm biedt ruimte om cliënten meer zelfstandig te laten wonen, in plaats van in een intramurale voorziening. Naast de inkoop van een derde zorgprofiel is aanbieders gevraagd te kijken naar mogelijkheden voor huisvesting in de regiogemeenten. Dit laatste heeft geleid tot de opening van twee nieuwe locaties in het Westland. Bij de totstandkoming van de nieuwe inkoopdocumenten zijn verschillende stakeholders betrokken, waaronder de klankbordgroep OGGZ. Zorgaanbieders hebben in drie marktconsultaties hun input mee kunnen geven. De nieuwe raamovereenkomsten Beschermd Wonen zijn ingegaan per 1 januari 2024.

In de regio werken we nu met 15, grotendeels al bekende, aanbieders, en beschikken we over zo’n 165 plekken.

Zorgaanbod: van Maatschappelijke Opvang naar Maatschappelijk Wonen In 2026 neemt het Rijk het besluit of de maatschappelijke opvang wordt gedecentraliseerd. Tot die tijd werkt Delft als centrumgemeente samen met de regio aan de landelijke aanpak dakloosheid waarbij het Rijk einde dakloosheid in 2030 beoogd. De in 2022 vastgestelde uitvoeringsagenda is hierbij onze leidraad. Een van de pijlers was het starten van de pilot Housing First in de regio. In Delft is deze pijler door de ondertekening van de samenwerkingsovereenkomst tussen zorgaanbieders Limor en Leger des Heils, woningcorporaties Woonbron, Vidomes en Stedelink en gemeente eind 2023 realiteit geworden. Inmiddels zijn er in de DWO-regio al 5 mensen via Housing First aan een woning geholpen, waarvan 4 in Delft. In de bijlage vindt u de samenwerkingsovereenkomst. Daarnaast werkt de gemeente met de woningcorporaties samen aan de verdere realisatie van extra individuele (tijdelijke of permanente) woonvoorzieningen. Een andere pijler was het realiseren van een aparte jongerenopvang voor de doelgroep 18-23 jaar. Op deze manier worden zij opgevangen apart van de reguliere noodopvang. Deze pijler is in samenwerking met KesslerPerspektief eind 2023 realiteit geworden. Naast het belang om deze doelgroep apart op te vangen, was er hoop dat de onzichtbare dakloze jongeren hierdoor meer zichtbaar zouden worden.

De realisatie van de jongerenopvang heeft daartoe geleidt want de eerste uitbreiding capaciteit heeft in 2024 al plaatsgevonden. Uitstroom BW en MO Mensen die voldoende zijn hersteld moeten kunnen uitstromen naar een zelfstandige woning in hun eigen gemeente. In onze regio werken zorgaanbieders, woningcorporaties en gemeenten al sinds 2021 samen om de huisvesting van deze groep mogelijk te maken, binnen het programma Langer en Weer Thuis. Dit doen we via het Convenant Huisvesting Zorgafhankelijke Groepen, dat onlangs is vernieuwd. Daarbij zijn aanvullende afspraken gemaakt om uitstroom in de eigen gemeente te stimuleren en misbruik te voorkomen. Cliënten die uitstromen krijgen met voorrang een huurwoning aangeboden, in de vorm van een eenmalig aanbod en onder strenge voorwaarden. Zij tekenen daarbij een speciaal woonzorgcontract waarbij wonen en zorg aan elkaar gekoppeld zijn. Het met voorrang plaatsen van deze doelgroep doen we niet zomaar: tijdig uitstromen draagt bij aan het herstel van cliënten die anders onnodig lang in zorg zitten. Daarnaast vermindert de druk op de zorg(kosten) door cliënten op tijd te laten uitstromen, èn de woningcorporaties kunnen door middel van onderhandse plaatsing sturen op de leefbaarheid in de wijken. In 2023 waren 70 woningen voor deze groep beschikbaar.

De aantallen worden jaarlijks vooraf vastgelegd via de prestatie afspraken met de woningcorporatie. Het vernieuwde Convenant huisvesting zorgafhankelijke doelgroepen vindt u in de bijlage.

Financieel beeld BW en MO In de regiovisie is afgesproken dat we de beleidsvelden BW en MO in samenhang bezien, zowel beleidsmatig als financieel. Dit betekent dat MO tekorten worden opgevangen binnen de totale BW-MO middelen. Dit kan omdat beiden regionaal worden bekostigd. Na de doordecentralisatie van Beschermd Wonen worden hier nieuwe afspraken over gemaakt. Maatschappelijke Opvang Vanuit het gemeentefonds is er € 3,03 miljoen beschikbaar voor MO. De verwachte lasten bedragen in 2024 € 5,1 miljoen. Vanaf 2025 lopen deze lasten op onder andere als gevolg van indexatie, maar ook omdat de jongerenopvang duurder wordt. We zien (ook landelijk) dat het aantal daklozen stijgt, en de complexiteit van problemen nemen toe. We verwachten dat daarmee de lasten zullen oplopen tot ca. € 5,5 miljoen. Er is vanaf 2025 daarmee een structureel tekort van ca. € 2,5 miljoen. Dit tekort wordt opgevangen binnen de begroting van BW en MO. Beschermd wonen Vanuit het gemeentefonds is er € 20,8 miljoen beschikbaar voor BW. De verwachte lasten bedragen in 2024 € 15,4 miljoen. Het positieve resultaat wordt ingezet voor de transformatie zoals in deze notitie beschreven. De komende jaren fluctueert het bedrag van de beschikbare middelen in verband met de gevolgen van de doordecentralisatie en het financiële verdeelmodel. De meerjarenbegroting is hierdoor nog onzeker.

Inzet reserve MO/BW Op dit moment bedraagt de reserve op de begroting MO/BW € 26,5 miljoen. Deze reserve is met name ontstaan vanwege de uitgestelde doordecentralisatie vanuit het Rijk, waardoor sommige inzet is vertraagd. Deze middelen zijn de komende jaren nodig om de gewenste transformatie vorm te geven in een steeds complexer maatschappelijk veld. Op dit moment worden de plannen uitgewerkt. De reserve zal in ieder geval worden ingezet op de volgende onderdelen: 1. Dekking van de tekorten op Maatschappelijke Opvang. 2. Regionale transformatiekosten van Maatschappelijke opvang naar maatschappelijk wonen. 3. Buffer voor risico’s voor a) mogelijke uitname vanuit het Rijk en b) gevolgen decentralisatie 4. Lokale transformatiekosten 1. Dekking tekort Maatschappelijke Opvang Op de begroting van MO is een structureel tekort van € 2,5 miljoen. De kosten om de wettelijke taak op het gebied van Maatschappelijke Opvang namens de DWO regio uit te voeren, dat wil zeggen opvang en begeleiding voor iedereen die daar rechtmatig een beroep op doet, zijn hoger dan de middelen die hiervoor beschikbaar worden gesteld. Vanuit het regiodeel van de reserve wordt € 12,5 miljoen gereserveerd om dit tekort de komende vijf jaar op te vangen. De

verwachting is dat met de transformatie naar maatschappelijk wonen de tekorten zullen afnemen. 2. Inhoudelijke doorontwikkeling maatschappelijke opvang naar maatschappelijk wonen Om de transformatie naar maatschappelijk wonen verder vorm te geven wordt er geïnvesteerd in nieuwe woonvormen en bijpassende begeleiding. Er wordt onder andere extra capaciteit gerealiseerd in de vorm van 25 individuele woonvoorzieningen ten behoeve van short stay, uitstroom instellingen en 15 woningen voor Housing First in de regio. Op deze manier wordt er invulling aan preventie en duurzame ondersteuning bij dak- en thuisloosheid gegeven in lijn met de landelijke aanpak dakloosheid. Dit leidt ertoe dat de druk op de noodopvang afneemt waardoor deze getransformeerd kan worden naar een hoogwaardig eenpersoonskamer voor ziening. Omdat de landelijke opgave regionaal wordt opgepakt zal gewerkt worden met een verdeelsleutel. U ontvangt hiertoe een separaat raadsvoorstel met nadere toelichting. 3. Buffer voor risico’s a. Risico op uitname gemeentefonds t.b.v. Wet Langdurige Zorg (WLZ) Er is een veel grotere toestroom in de Wlz-Ggz dan door het Rijk is ingeschat. Dit was in 2023 aanleiding voor het Rijk om betrokken partijen op te roepen gezamenlijk te zoeken naar alternatieve maatregelen. Dit om een tariefmaatregel in de Wlz en een uitname uit het gemeentefonds te voorkomen.

Hierover zijn bestuurlijke afspraken gemaakt. Wij houden voorzichtigheidshalve rekening met een buffer van indicatief € 6 miljoen om een eventuele uitname tijdelijk op te kunnen vangen. Samen met de VNG blijven wij in gesprek met het Rijk om uitname te voorkomen. b. Financieel risico doordecentralisatie Het financieel verdeelmodel vanuit het rijk is gebaseerd op het aantal te verwachten nieuwe cliënten na doordecentralisatie. Voor bestaande regionale cliënten krijgt Delft de eerste jaren nog budget vanuit het Rijk. Het is onzeker of dit budget toereikend is, omdat de afbouw van dit budget mogelijk sneller gaat dan de uitstroom van deze groep cliënten. Het is wenselijk een buffer van 20% op de kosten voor deze cliënten te reserveren in het regiodeel van de reserve. Dit komt neer op een reservering van circa € 3 miljoen. Dit bedrag neemt jaarlijks iets af, als de omvang resterende cliënten kleiner wordt. 4. Lokale transformatiekosten Het merendeel van de reserve MO/BW bestaat uit regionale middelen. Van het Delftse deel is € 600.000 in de kadernota beschikbaar gesteld voor dekking in de reserve sociaal domein. De resterende middelen (zo’n € 450.000) wordt ingezet voor lokale, toekomstige transformatiekosten voor zowel MO als BW. Op basis van bovenstaande is de verwachting dat de reserve toereikend is voor onze ambitie. De voorgenomen inzet dient nog verder te worden uitgewerkt.

Gezien

het regionale karakter van de middelen stemmen we hierover af in de regio. Indien er sprake blijkt van een overschot op de reserve, dan wordt dit meegenomen bij de integrale afweging bij de kadernota 2025. Concluderend Binnen de beleidsvelden beschermd wonen en maatschappelijke opvang wordt de inzette koers steeds concreter. Zowel de toegang, de zorg zelf als de uitstroom organiseren we steeds meer lokaal in plaats van regionaal. Voor inwoners betekent dit dat zij zorg in hun eigen omgeving kunnen ontvangen en steeds vaker thuis kunnen blijven wonen. Daarbij loopt de regio vooruit op ontwikkelingen vanuit het Rijk en krijgt de ambitie van passende zorg dichtbij huis steeds verder vorm.

Bijlagen: 1.

Samenwerkingsovereenkomst Housing First Delft

2.

Convenant Huisvesting Zorgafhankelijke Groepen Delft 2024

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15004007/2