CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Verordening behandeling bezwaarschriften Delft

Raadsvergadering 18 november 2021, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake vaststelling verordening behandeling bezwaarschriften Delft (nr. 2116329)2.801 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

4570038

De raad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van de gemeente Delft, ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft; gelezen het voorstel van het college van 8 juni 2021;

; raadsstuk

;

gelet op de artikelen 7:5 en 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 84 van de Gemeentewet; besluiten: vast te stellen de Verordening behandeling bezwaarschriften Delft Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1. Begripsbepalingen Deze verordening en de daarop berustende bepalingen verstaat onder: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j.

commissie: de Adviescommissie voor bezwaarschriften van de gemeente Delft; voorzitter: de voorzitter van de commissie; kamervoorzitter: de voorzitter van een kamer van de commissie; lid: een lid van de commissie; secretaris: een door het college als zodanig aangewezen ambtenaar; verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen; het college: het college van burgemeester en wethouders van Delft; de raad: de gemeenteraad van Delft; wet: Algemene wet bestuursrecht; ambtelijk horen: horen van belanghebbenden als bedoeld in artikel 7:5 van de wet.

1

4570038

Hoofdstuk 2 Taak, bevoegdheden en samenstelling commissie Artikel 2. Bevoegdheid commissie 1.

2. 3.

Er is een commissie die belast is met de uitvoering van de in artikel 7:13 van de wet genoemde taken voor zover het gaat om bezwaarschriften die zijn ingediend tegen een besluit van de raad, het college, de burgemeester of de leerplichtambtenaar. De commissie hoort belanghebbenden en het verwerend orgaan en adviseert het verwerend orgaan over de te nemen beslissing op een bezwaarschrift. De commissie is niet bevoegd ten aanzien van: a) een bezwaarschrift dat is ingediend tegen een besluit betreffende gemeentelijke belastingen of waardering onroerende zaken; b) een verzoek om vergoeding van de kosten als bedoeld in artikel 7:15 van de wet.

2

4570038

Artikel 3. Kamers De commissie heeft twee kamers: a. kamer I, belast met zaken op het gebied van bouwen, wonen en verkeer en met zaken anders dan die van kamer II; b. kamer II, belast met zaken op het gebied van werk, inkomen en zorg. Artikel 4. Samenstelling van de commissie 1. 2. 3. 4.

5.

6.

Elke kamer van de commissie bestaat uit ten minste twee leden en een kamervoorzitter. Voorzitter van de commissie is de kamervoorzitter van kamer I. De kamervoorzitter van kamer II is plaatsvervangend voorzitter van de commissie. De leden van een kamer zijn plaatsvervangend kamervoorzitter van de kamer waarin zij zijn benoemd. Tot kamervoorzitter of tot lid van een kamer worden niet benoemd: a. een lid van een raadscommissie of bestuurscommissie of een persoon die werkzaam is onder de verantwoordelijkheid van een raadscommissie of bestuurscommissie; b. de griffier of een medewerker van de griffie; c. een lid van een bestuursorgaan of een ambtenaar in dienst van de gemeente Delft; d. een lid van een orgaan dat is opgericht door middel van een gemeenschappelijke regeling, waaraan de gemeente Delft deelneemt, of een ambtenaar in dienst van dat orgaan. De in het vierde lid bedoelde personen worden evenmin tot kamervoorzitter of lid van de commissie benoemd, indien nog geen vier jaren zijn verstreken na het einde van hun benoeming of aanstelling in die hoedanigheid of functie. Indien een kamervoorzitter of lid van de commissie een met het werk van de commissie onverenigbare betrekking als bedoeld in het vierde lid aanvaardt, zal het college hem ontslag verlenen.

Artikel 5. Benoeming, termijnen en ontslag 1.

2.

3. 4. 5. 6.

7.

De voorzitter, de kamervoorzitter en de leden van de commissie worden benoemd voor een termijn van vier jaar. Het is mogelijk één keer herbenoemd te worden, waarmee de totale benoemingstermijn acht jaar bedraagt. Het college kan in uitzonderlijke gevallen hiervan afwijken. Herbenoeming is niet vanzelfsprekend en afhankelijk van het functioneren. De voorzitter, de kamervoorzitter en de leden worden door het college benoemd en op eigen verzoek ontslagen. De raad ontvangt van deze besluiten een afschrift. De kamervoorzitter, de voorzitter en de leden van de commissie treden af op de dag van het aftreden van de Gemeenteraad. De aftredende of ontslag nemende kamervoorzitter, voorzitter en leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien. De kamervoorzitter, de voorzitter en de leden van de commissie kunnen op ieder moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het college. De kamervoorzitter, de voorzitter en de leden van de commissie overleggen voorafgaand aan hun benoeming en herbenoeming een verklaring omtrent het gedrag die niet ouder is dan drie maanden. De raad kan kamervoorzitters, de voorzitter en een lid van de commissie voor het einde van de benoemingstermijn ontslag verlenen wegens het niet naar behoren 3

4570038

functioneren. Voordat het ontslagbesluit genomen wordt, worden de voorzitter, de kamervoorzitter en de betrokken persoon in de gelegenheid gesteld hun zienswijze te geven. Artikel 6. Vergoedingen (plaatsvervangende) leden en voorzitters 1.

2.

3.

4.

De kamervoorzitter van de commissie ontvangt voor een hoorzitting en hiermee samenhangende (voorbereidende) werkzaamheden een vergoeding van 2 keer het bedrag genoemd in artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. De leden van de commissie ontvangen voor een hoorzitting en hiermee samenhangende (voorbereidende) werkzaamheden een vergoeding van 1,25 keer het bedrag genoemd in artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Voor overige bijeenkomsten, zoals het jaarlijkse voorzittersoverleg, geldt een vergoeding van één keer het bedrag genoemd in artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. De voorzitter, de kamervoorzitter en de leden van de commissie ontvangen voor het bijwonen van de hoorzitting van de commissie en overige bijeenkomsten een vergoeding voor de volgende reiskosten: a. bij gebruik van openbare middelen van vervoer: een volledige vergoeding van de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten, waarbij zoveel mogelijk de terzake voor de ambtenaren in dienst van de gemeente Delft vastgestelde regels worden gehanteerd; b. bij gebruik van een eigen motorvoertuig of bromfiets: een vergoeding van de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten overeenkomstig de bedragen zoals die gehanteerd worden voor ambtenaren in dienst van de gemeente Delft.

Hoofdstuk 3 Procedure behandeling door commissie Artikel 7. Bemiddeling en alternatieve geschillenoplossing Het verwerend orgaan onderzoekt of effectief communiceren of een andere vorm van alternatieve geschillenoplossing kan worden toegepast alvorens de zaak in behandeling wordt genomen. Artikel 8. Inlichtingen inwinnen 1. 2.

De secretaris kan namens de kamervoorzitter alle gewenste inlichtingen inwinnen of doen inwinnen. De kamervoorzitter kan zonodig vorderen dat ambtenaren van de gemeente de nodige informatie verschaffen en desgewenst een plaatsopneming of een hoorzitting bijwonen.

4

4570038

Artikel 9. Bevoegdheden kamervoorzitter De kamervoorzitter oefent de bevoegdheden, genoemd in de volgende artikelen van de wet uit: a. 7:3 onder b, c en d; b. De kamervoorzitter beoordeelt of geheimhouding om gewichtige redenen, als bedoeld in artikel 7:4, zesde lid, en artikel 7:6, tweede en vierde lid, van de wet, geboden is. Artikel 10. Bevoegdheden secretaris 1.

2. 3.

De secretaris oefent de bevoegdheden, genoemd in de volgende artikelen van de wet uit: a. 2:1, tweede lid; b. 7:3, onder a en e; c. 7:4, tweede lid. Bij toepassing van artikel 7:3, onder a en e van de wet stelt de secretaris de concept-beslissing op bezwaar op en stuurt deze naar het verwerend orgaan. De secretaris stelt de indiener in de gelegenheid het verzuim, genoemd in de artikelen 6:5 en 6:6 van de wet binnen een bepaalde termijn te herstellen.

Artikel 11. Hoorzitting 1.

2.

3.

4. 5. 6.

De secretaris bepaalt in overleg met de kamervoorzitter plaats en tijdstip van de hoorzitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld door de commissie te worden gehoord. Indien de situatie het toelaat of vraagt kan de secretaris, na overleg met de kamervoorzitter en met instemming van belanghebbende(n) besluiten tot het houden van een telefonische hoorzitting of tot een digitale hoorzitting op afstand met behulp van elektronische hulpmiddelen. De secretaris deelt belanghebbenden ten minste twee weken vóór de hoorzitting schriftelijk mee dat zij in de gelegenheid worden gesteld tijdens de hoorzitting te worden gehoord. De secretaris kan in overleg met de voorzitter wegens bijzondere omstandigheden afwijken van de in het derde lid genoemde termijn. Indien van het horen wordt afgezien, wordt daarvan mededeling gedaan aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan. Het horen geschiedt in beginsel door de (plaatsvervangend) kamervoorzitter en twee leden van de commissie. Zij kunnen beslissen dat het horen geschiedt door alleen de (plaatsvervangend) kamervoorzitter of de (plaatsvervangend) kamervoorzitter en een lid van de commissie.

Artikel 12. Verzoek om uitstel hoorzitting Een verzoek om uitstel van de hoorzitting moet worden gemotiveerd en moet worden ingediend bij de secretaris. De kamervoorzitter beslist of het verzoek wordt ingewilligd. Artikel 13. Niet deelnemen aan de behandeling De kamervoorzitter, de leden van de commissie en de secretaris nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Zij laten zich zo nodig vervangen. 5

4570038

Artikel 14. Openbaarheid hoorzitting 1. 2. 3.

4. 5.

De hoorzitting is openbaar. Een voorstel tot behandeling achter gesloten deuren kan worden gedaan door de kamervoorzitter, één van de leden of door een belanghebbende. Indien de kamervoorzitter vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de hoorzitting verzetten, vindt de hoorzitting plaats achter gesloten deuren. Als gewichtige redenen worden in ieder geval persoonlijke zaken van familiaire, medische of financiële aard aangemerkt. In afwijking van het eerste lid zijn de hoorzittingen van kamer II niet openbaar.

Artikel 15. Schriftelijke verslaglegging Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de wet vermeldt de namen van de aanwezigen, hun hoedanigheid en een zakelijke weergave van wat ter zitting is gezegd en voorgevallen. Ten behoeve van de verslaglegging kan een geluidsopname van de hoorzitting worden gemaakt. In dat geval wordt deze geluidsopname na de uitwerking van het verslag vernietigd. Artikel 16. Nader onderzoek 1.

2.

Indien na de hoorzitting maar vóór het uitbrengen van het advies een nader onderzoek dan wel een nadere hoorzitting wenselijk is, kan de commissie tot het houden daarvan besluiten. Op een nadere hoorzitting zijn de bepalingen als vermeld in artikel 11 tot en met 15 van deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting van overeenkomstige toepassing.

Artikel 17. Beraadslaging en advisering 1. 2. 3. 4.

De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het advies. De beslissing over het advies wordt genomen door de kamervoorzitter en twee leden. Het advies wordt vastgesteld bij meerderheid van stemmen. Het advies is gemotiveerd en bevat een voorstel aan het verwerend orgaan voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift.

Artikel 18. Uitbrengen advies en beslissing op bezwaar 1.

2. 3.

Het advies wordt, voorzien van het verslag van de hoorzitting, uitgebracht aan het verwerend orgaan. Het verwerend orgaan stuurt een afschrift van het advies mee met de beslissing op bezwaar. Indien het verwerend orgaan afwijkend van het advies van de commissie beslist, ontvangt de commissie een afschrift van dat besluit. Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris ondertekend.

Artikel 19. Vervolgprocedures De commissie ontvangt, via de secretaris, van het verwerend orgaan een afschrift van rechterlijke uitspraken in vervolgprocedures.

6

4570038

Artikel 20. Jaarverslag De commissie brengt jaarlijks vóór 1 juli aan de bestuursorganen van de gemeente verslag uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar.

7

4570038

Hoofdstuk 4 Procedure ambtelijk horen Artikel 21. Ambtelijk horen 1. Het college kan met betrekking tot door hem bij afzonderlijk besluit daartoe aangewezen categorieën van bezwaarschriften besluiten dat het horen en adviseren ambtelijk plaatsvindt. 2. Het college besluit niet tot aanwijzing van categorieën als bedoeld in het eerste lid of wijziging daarvan, dan nadat de raad in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen. 3. Wanneer de indiener van het bezwaarschrift te kennen heeft gegeven dat hij de voorkeur geeft aan horen door de commissie, vindt behandeling van het bezwaarschrift overeenkomstig hoofdstuk 3 van deze verordening plaats. Artikel 22. Bevoegdheden 1. Ambtelijk horen geschiedt door medewerkers van de afdeling Juridische Zaken die daartoe door het hoofd van de afdeling Juridische Zaken zijn aangewezen. 2. Op grond van het eerste lid aangewezen medewerkers zijn niet betrokken bij de totstandkoming van het bestreden besluit, waardoor onafhankelijkheid is gewaarborgd. 3. De op grond van het eerste lid aangewezen medewerker, moet het ambtelijk horen en de eraan verbonden werkzaamheden vrij van inhoudelijke instructies verrichten. Zijn dergelijke instructies toch gegeven, dan zijn deze nietig en worden deze geacht nooit te hebben bestaan. 4.

De in deze verordening aan de secretaris toegekende bevoegdheden komen, voor zover van toepassing, eveneens toe aan de op grond van het eerste lid aangewezen medewerkers. Artikel 23. Bemiddeling en alternatieve geschillenoplossing Het verwerend orgaan onderzoekt of effectief communiceren of een andere vorm van alternatieve geschillenoplossing kan worden toegepast alvorens de zaak in behandeling wordt genomen. Artikel 24. Hoorzitting 1. Belanghebbenden worden telefonisch ambtelijk gehoord, tenzij uitdrukkelijk de voorkeur wordt gegeven aan een mondelinge hoorzitting op het gemeentekantoor. 2. De personen genoemd in artikel 22, eerste lid, van deze verordening kunnen het verwerend orgaan verzoeken om deel te nemen aan de mondelinge hoorzitting. 3. Ten minste één week voor de hoorzitting worden belanghebbenden hiervoor schriftelijk uitgenodigd. 4. Wegens bijzondere omstandigheden kunnen de medewerkers, zoals bedoeld in artikel 22, eerste lid, van deze verordening besluiten af te wijken van deze termijn. 5. De medewerker die namens het verwerend orgaan is betrokken bij het ambtelijk horen, is niet betrokken bij de totstandkoming van het bestreden besluit.

8

4570038

Artikel 25. Openbaarheid van de hoorzitting De ambtelijke hoorzitting is niet openbaar. Artikel 26. Schriftelijke verslaglegging 1. De persoon zoals vermeld in artikel 22, eerste lid, van deze verordening die ambtelijk heeft gehoord, is verantwoordelijk voor de totstandkoming van een schriftelijk verslag van dat horen. Dit verslag maakt onderdeel uit van de beslissing op bezwaar. 2. Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de wet vermeldt de namen van de aanwezigen, hun hoedanigheid en een zakelijke weergave van wat ter zitting is gezegd en voorgevallen. Ten behoeve van de verslaglegging kan een geluidsopname van de hoorzitting worden gemaakt. In dat geval wordt deze geluidsopname na de uitwerking van het verslag vernietigd. 3. Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag kunnen worden gehecht. Artikel 27. Beslissing op bezwaar 1.

2.

De persoon zoals vermeld in artikel 22, eerste lid, van deze verordening stelt de concept-beslissing op bezwaar op en stuurt deze naar het verwerend orgaan. Het verwerend orgaan draagt zorg voor de definitieve beslissing op bezwaar.

9

4570038

Hoofdstuk 5 Slotbepalingen Artikel 28. Intrekken oude verordening en overgangsrecht 1. De Verordening Adviescommissie voor bezwaarschriften Delft, vastgesteld op 23 september 2010, wordt ingetrokken. 2. De voorzitter, kamervoorzitter en leden die bij inwerkingtreding van deze verordening deel uitmaken van de Adviescommissie voor bezwaarschriften, worden aangemerkt als voorzitter, kamervoorzitter en leden van de commissie bedoeld in artikel 4, met inachtneming van hetgeen in de leden 3 tot en met 9 van dit artikel is bepaald. 3. De voorzitter van de huidige commissie wordt aangemerkt als voorzitter van de commissie als bedoeld in deze verordening tot het moment dat zijn benoeming eindigt. 4. De kamervoorzitter van de huidige kamer I wordt aangemerkt als kamervoorzitter van kamer I als bedoeld in deze verordening, tot het moment dat zijn benoeming eindigt. 5. De leden van de huidige kamers I en III worden aangemerkt als leden van kamer I als bedoeld in deze verordening, tot het moment dat hun huidige benoeming eindigt. 6. De kamervoorzitter van de huidige kamer II wordt aangemerkt als kamervoorzitter van kamer II als bedoeld in deze verordening, tot het moment dat zijn benoeming eindigt. 7. De leden van de huidige kamer II worden aangemerkt als leden van kamer II als bedoeld in deze verordening, tot het moment dat hun huidige benoeming eindigt. 8.

De in het tweede lid genoemde personen komen voor herbenoeming in aanmerking voorzover zij voldoen aan de bepalingen genoemd in de artikelen 4 en 5. 9. De reeds verstreken benoemingstermijn van de voorzitter, kamervoorzitter en leden van de commissie onder de verordening van 23 september 2010 zoals vermeld in het eerste lid, wordt meegenomen bij de bepaling van de termijn, bedoeld in artikel 5, eerste lid. Artikel 29. Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 augustus 2021. Indien het Gemeenteblad waarin deze verordening wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 augustus 2021, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Gemeenteblad waarin zij wordt geplaatst, en werkt zij terug tot en met 1 augustus 2021. Artikel 30. Citeerartikel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening behandeling bezwaarschriften Delft.

10

4570038

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van [DATUM]. De griffier, De voorzitter,

Aldus vastgesteld door het college in de vergadering van 8 juni 2021. De secretaris, De burgemeester,

Aldus vastgesteld door de burgemeester op 8 juni 2021. De burgemeester,

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10258144/1