Rekenkamerbrief Opvolging adviezen Jaarstukken
Tekst van het document
Aan de gemeenteraad en het college van Delft
Onderwerp:
Opvolging adviezen ‘Benut Jaarstukken beter’
Bijlage(n):
Ons kenmerk: Contact: Telefoonnummer: E-mailadres: Datum:
DRK2026-017 Claudine Garama 06-5273 9100 rekenkamer@delft.nl 2 juni 2026
Rekenkamerbrief Opvolging adviezen ‘Benut Jaarstukken beter’ 1
Aanleiding
Elk jaar krijgt de raad een jaarrekening en jaarverslag. Deze belangrijke stukken gaan niet alleen over geld, maar vooral ook over wat de gemeente afgelopen jaar heeft gedaan en bereikt. Ze bieden de kans om te leren van fouten en successen en die lessen mee te nemen in toekomstige besluiten. Vorig jaar onderzochten we als DRK de jaarstukken 2024. In het rapport “Benut Jaarstukken beter" gaven we adviezen over hoe deze beter toegankelijk en beter gebruikt konden worden. Ook organiseerden we daarover toen een interactieve sessie met de raad. Ook dit jaar organiseerde de DRK een interactieve raadsessie over de actuele jaarstukken (zie hier de sheets). Voor een diepgravende analyse van de jaarstukken 2025 was dit jaar geen tijd, maar uit onze beknopte analyse blijkt dat vrijwel alle adviezen van vorig jaar, helaas nog steeds relevant zijn. Het college biedt in de jaarstukken 2025 een overzicht van de opvolging aanbevelingen Delftse Rekenkamer (p.35). Daarin geeft het college aan dat het rapport “Benut Jaarstukken beter" geen aanbevelingen aan college bevat en daarin wordt de bestuurlijke reactie van vorig jaar samengevat als: “College betrekt suggesties ten behoeve van nog inzichtelijker maken jaarstukken bij de verdere ontwikkeling van de jaarstukken”. Daarbij is vervolgens aangegeven dat de aanbevelingen zijn “afgedaan”.
Het rapport en met name bijlage 1 bevatten echter zeven concrete, genummerde adviezen (bevindingen 2 t/m 8, bijlage 1) voor de wijze waarop het college de jaarstukken opstelt. Het betreft adviezen over onder meer de leeswijzer, de balans tussen inhoud en financiën, de koppeling met beleidsdoelen, visuele presentatie, toelichtingen op financiële afwijkingen, investeringsverantwoording en verbonden partijen. Daarnaast bevat bijlage 3 een expliciete aanbeveling aan het college om periodiek vergelijkende cijfers met andere gemeenten te presenteren. De kwalificatie “geen aanbevelingen voor het college” doet daarom wat ons betreft dan ook onvoldoende recht aan de inhoud van het rapport.
Hieronder geven we per advies aan in hoeverre in de Jaarstukken 2025 daaraan opvolging is gegeven. Hieruit blijkt – zoals hierboven al aangegeven – dat vrijwel alle adviezen nog steeds relevant zijn.
2
Opvolging per advies
2.1
Advies bij bevinding 2: Gebalanceerd beeld in de inleiding
Advies: Geef bij de inleiding een gebalanceerd beeld tussen enerzijds de inhoudelijke resultaten, waarbij ook aandacht is voor niet gerealiseerde resultaten, en anderzijds de financiële resultaten. Breng deze waar mogelijk in verband met elkaar. Opvolging in Jaarstukken 2025: De inleiding (p. 7–21) besteedt het merendeel van de ruimte aan gerealiseerde resultaten bij de drie grote opgaven en de vijf bestuurlijke accenten. Nietgerealiseerde resultaten komen in de inleiding niet of nauwelijks aan bod. Financiële resultaten worden apart behandeld vanaf p. 22. Een verbinding tussen inhoudelijke en financiële resultaten is in de inleiding niet aangebracht. De situatie is vergelijkbaar met de eerdere jaarstukken.
2.2
Advies bij bevinding 3: Expliciete koppeling doelstellingen en resultaten
Advies: Maak een expliciete koppeling tussen de oorspronkelijke doelstellingen uit de begroting en de behaalde resultaten. Benoem ook de niet behaalde of gedeeltelijk behaalde doelen en licht toe waarom deze niet zijn bereikt. Rapporteer structureel over afwijkingen, oorzaken en bijsturingsmaatregelen. Gebruik waar mogelijk visuele hulpmiddelen zoals een stoplichtenmodel of trendlijnen. Opvolging in Jaarstukken 2025: Per programma worden beleidsindicatoren met smileys weergegeven. De toelichtingen bij niet-gehaalde indicatoren zijn wisselend in diepgang. Bij eenzaamheid (43% vs. streefwaarde 39%, p. 107–108) wordt verwezen naar beperkte sturingsmogelijkheden zonder concrete bijsturingsmaatregelen. Bij geslaagde schuldhulpverlening (58% vs. streefwaarde 66%, p. 138) ontbreekt een inhoudelijke toelichting. Er is geen gestructureerd overzicht van alle niet-gehaalde indicatoren. Stoplichtenmodellen of trendlijnen worden niet gebruikt.
2.3
Advies bij bevinding 4: Visuele presentatie verbeteren
Advies: Verbeter de visuele presentatie door op strategische plekken diagrammen, infographics en dashboards te gebruiken. Gebruik bijvoorbeeld gestapelde staafdiagrammen voor investeringsafwijkingen, donutdiagrammen voor reserves en voorzieningen, en dashboards met meters of trendlijnen voor prestatie-indicatoren. Opvolging in Jaarstukken 2025: De rubriek “Het jaar 2025 in één oogopslag” (p. 19–21) bevat infographics, maar dit onderdeel bestond al in eerdere jaarstukken. Binnen de programmaverantwoording worden geen diagrammen, dashboards of trendlijnen gebruikt. De concrete suggesties uit bijlage 1 (p. 24), inclusief het voorbeeld van de gemeente Leiden, zijn niet overgenomen.
2
2.4
Advies bij bevinding 5: Toelichtingen op financiële afwijkingen versterken
Advies: Versterk de toelichtingen op financiële afwijkingen door standaard naast het verschilbedrag ook de onderliggende oorzaken, de gevolgen voor de beleidsuitvoering en de voorgestelde bijsturingsmaatregelen te vermelden. Hanteer een vast format bij afwijkingen boven een vastgestelde drempelwaarde. Opvolging in Jaarstukken 2025: De toelichtingen noemen doorgaans het verschilbedrag en een oorzaak. Gevolgen voor de beleidsuitvoering en bijsturingsmaatregelen ontbreken regelmatig. Er is geen vast format en geen drempelwaarde vastgesteld. Ter illustratie: bij Jeugdzorg (p. 115) wordt toegelicht dat de begroting uit “zekerheidsoogpunt” niet tussentijds is afgeraamd, maar niet ingegaan op de gevolgen voor de beleidsuitvoering.
2.5
Advies bij bevinding 6: Gestandaardiseerde aanpak investeringsafwijkingen
Advies: Hanteer een gestandaardiseerde aanpak voor het toelichten van afwijkingen bij investeringen met een vaste structuur: oorspronkelijk investeringsbedrag, realisatie, afwijking en oorzaak, resterend krediet en geplande vervolgacties. Stel een drempelbedrag vast. Opvolging in Jaarstukken 2025: De investeringen worden per programma in tabelvorm gepresenteerd (p. 33–34). De in het advies genoemde elementen – afwijking en oorzaak, resterend krediet, geplande vervolgacties – zijn niet als vaste structuur per investering opgenomen. Bij het programma Schone en veilige stad (het grootste investeringsprogramma, € 20,4 mln begroot) wordt bij meerdere posten dezelfde generieke toelichting gegeven ("bijdragen aan integrale projecten die nog in voorbereiding zijn") zonder inzicht in de consequenties per investering. Dit illustreert dat een gestandaardiseerde aanpak met oorzaak, gevolg en vervolgactie per investering ontbreekt.
2.6
Advies bij bevinding 7: Verbonden partijen – maatschappelijke prestaties
Advies: Bied bij verbonden partijen meer inzicht in maatschappelijke prestaties en concrete resultaten. Voeg per verbonden partij een overzicht toe met doelstellingen, behaalde resultaten en bijdrage aan gemeentelijke beleidsdoelen. Beschrijf de effectiviteit en ondersteun dit met kerncijfers. Opvolging in Jaarstukken 2025: In de jaarrekening 2024 heeft het college een veld “Koppeling beleidsdoel(en)” toegevoegd bij de verbonden partijen. De inhoudelijke invulling was echter vaak nog onvoldoende. Verbonden partijen worden in de Jaarstukken 2025 nog steeds in een aparte paragraaf behandeld en niet geïntegreerd in de programmaverantwoording, zoals geadviseerd naar het voorbeeld van de gemeente Leiden.
2.7
Advies bij bevinding 8: Leeswijzer toevoegen
Advies: Voeg aan de jaarstukken een duidelijke leeswijzer toe waarin de structuur van het document wordt uitgelegd. Vermeld hierin de inhoud van de belangrijkste hoofdstukken, de functie van visuele elementen (zoals smileys en symbolen) en hoe de lezer snel specifieke informatie kan terugvinden.
3
Opvolging in Jaarstukken 2025: Er is geen leeswijzer opgenomen in de Jaarstukken 2025. Het document bevat een inhoudsopgave (p. 2–5), maar geen leeswijzer die de structuur uitlegt of de functie van visuele elementen toelicht.
2.8
Advies integratie programma’s (hoofdrapport §2.5)
Advies: Maak expliciet inzichtelijk hoe instrumenten zoals Verbonden Partijen en Investeringen bijdragen aan de doelstellingen van specifieke beleidsprogramma’s. Neem deze informatie structureel op binnen de betreffende programma’s of zorg voor gerichte verwijzingen. Opvolging in Jaarstukken 2025: Investeringen zijn onderdeel geworden van de programmaverantwoording. Dit is een verbetering. Verbonden partijen worden echter nog steeds uitsluitend in een aparte paragraaf behandeld en niet binnen de programma’s.
2.9
Aanbeveling vergelijkende cijfers (bijlage 3, p. 44)
Aanbeveling: Vraag het college om op alle indicatoren, voor zover beschikbaar, periodiek vergelijkende cijfers met andere gemeenten te presenteren. Opvolging in Jaarstukken 2025: De Jaarstukken 2025 bevatten geen vergelijkende cijfers met andere gemeenten bij de beleidsindicatoren. De BBV-indicatoren worden met het gemiddelde van Nederland vergeleken, maar niet met referentiegemeenten.
3
Tot slot
Van de negen adviezen is er één deels opgepakt (integratie investeringen in programma’s), één beperkt opgepakt (veld koppeling beleidsdoel bij verbonden partijen) en zijn er zeven niet opgepakt in de Jaarstukken 2025. De vermelding in de jaarstukken 2025 (p.35 e.v.) dat de aanbevelingen zouden zijn “afgedaan” doet geen recht aan de inhoud van ons onderzoek “Benut Jaarstukken beter". Het college gaf vorig jaar in de bestuurlijke reactie aan de suggesties te betrekken bij de verdere ontwikkeling van de jaarstukken. De Jaarstukken 2025 zijn de eerste jaarstukken die sindsdien zijn opgesteld. Op basis van bovenstaande beoordeling constateren wij dat de adviezen nog niet zichtbaar zijn doorgevoerd in de Jaarstukken 2025.
Met vriendelijke groet,
Dr. P. Castenmiller Voorzitter rekenkamer Delft
4