ODH Den Haag RIS308732 Voorstel van het college inzake Omgevingsdienst Haaglanden Zienswijze ontwerpbegroting 2022
Tekst van het document
Registratienummer DSB/10111154 RIS308732
Datum
18 mei 2021
Voorstel van het college inzake Omgevingsdienst Haaglanden: Zienswijze ontwerpbegroting 2022, meerjarenraming 2023-2025 Bij brief van 15 april 2021 is de ontwerpbegroting 2022 meerjarenraming 2023–2025 van de Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) aan de gemeente Den Haag toegestuurd. Conform de Gemeenschappelijke Regeling heeft de gemeenteraad van Den Haag de mogelijkheid een zienswijze ten aanzien van de voorgestelde begroting in te dienen. De gemeenteraad van Den Haag stemt in met de ontwerpbegroting 2022, meerjarenraming 2023–2025 op voorwaarde dat de deelnemersbijdrage voor 2022 € 6.622.803 (inclusief indexering) bedraagt. De financiële taakstelling ODH, die volgt uit de bezuinigingen van het coalitieakkoord ‘Samen voor de stad’ van € 162.1oo wordt in het Jaarwerkplan 2022 Den Haag ingevuld door middel van ‘minder werk’. Het bedrag van (€ 6.784.903 – € 162.100 =) € 6.622.803 wordt zelf niet expliciet genoemd in de ontwerpbegroting 2022. De gemeenteraad heeft verder de volgende opmerkingen ten aanzien van de ontwerpbegroting: 1 Indexering en stijging deelnemersbijdrage Voor 2022 is voor de indexering van de deelnemersbijdrage uitgegaan van de in de Macro Economische Verkenning van september 2020 opgenomen indices. Voor 2022 heeft de ODH de loonkosten geïndexeerd met 1,3% en de materiële kosten met 1,5%. Deze indexaties zijn conform gemeentelijke kaderbrief.
Naast de indexering heeft de structurele overdracht van de asbesttaken van de gemeente naar de ODH een verhoging van de deelnemersbijdrage tot gevolg. In de begroting 2021 is rekening gehouden met een loonindex van 2,5%. De verhoging van de pensioen- en sociale verzekeringspremies in 2021 hebben tot gevolg dat de loonkosten ten opzichte van 2020 met 1,6% zijn gestegen. De effecten van een nieuwe cao Gemeenten zijn in de voorliggende begroting 2022 nog niet meegenomen. Vanwege de coronacrises is de financiële situatie bij gemeenten zorgelijk. Het bestuur van de ODH wordt gevraagd de lastenverhoging voor 2021 zo veel mogelijk op te vangen binnen de eigen begroting. 2. Kostenstijging en Omgevingswet Bij het opstellen van de ontwerpbegroting 2022 is geen rekening gehouden met de komst van de Omgevingswet. In de ontwerpbegroting 2022, op pagina 3, is opgenomen dat de ontwerpbegroting 2022 vooralsnog sluitend is. In de primitieve begroting 2022 zijn geen intensiveringen opgenomen met betrekking tot inwerkingtreding van de Omgevingswet. Uit (summier) onderzoek blijkt dat na invoering een lastenstijging van 10-12 procent niet ondenkbaar is.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10111154
De gemeenteraad vraagt het bestuur van de ODH de verhouding tussen kosten en de opbrengsten scherp in de gaten te blijven houden en hierop in een vroegtijdig stadium bij te sturen. Uitgangspunt voor de Omgevingswet is dat intensiveringen als gevolg van de komst van de Omgevingswet in principe binnen de begroting worden opgevangen met zo veel mogelijk behoud van de kwaliteit en de kwantiteit van de taakuitvoering. 3. Verantwoording en sturing Het Algemeen Bestuur van de ODH heeft op 27 juni 2016 de 'Nota Weerstandsvermogen en risicomanagement' vastgesteld. Uit het risicoprofiel blijkt een kwantificeerbaar risico van €1.020.000. De incidentele weerstandscapaciteit bedraagt €1.071.400,-. De verhouding tussen de beschikbare incidentele weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit bedraagt 1,05. Het risicoprofiel laat hiermee zien dat het weerstandsvermogen toereikend is. In de 'Kaderbrief begroting 2021 gemeenschappelijke regelingen' was effectief risicomanagement een speerpunt voor 2021. De gemeenteraad heeft om deze reden verzocht in de begroting 2022 een geactualiseerde onderbouwde risicoparagraaf op te nemen. Ook is aangegeven dat in principe een ratio van maximaal 1,0 aangehouden kan worden, omdat een hogere risicobuffer bij de verbonden partij niet noodzakelijk is.
In de reactie op de zienswijze is aan de gemeenteraad aangegeven dat u hiertoe een extern bureau in handen heeft genomen. Dit heeft niet geleid tot het actualiseren van de 'Nota Weerstandsvermogen en risicomanagement' uit 2016. De gemeenteraad is benieuwd naar de reden en verzoekt u erop t0e te zien dat deze alsnog in 2022 wordt vastgesteld door het AB ODH. 4. Ziekteverzuim en Covid-19 In de zienswijze 2021 heeft de gemeenteraad aandacht besteed aan het (hoge) ziekteverzuim binnen de ODH. Een opvallende verbetering is dat het ziekteverzuim het jaar substantieel lager. Ziekteverzuim verdient ook de komende peri0de continue aandacht, niet alleen voor de langdurige ziektegevallen maar ook voor het korte ziekteverzuim is blijvend aandacht nodig. De gemeenteraad stelt het zeer op prijs dat de ODH in het Covid-19 tijdperk in staat is geweest de werkzaamheden zoveel mogelijk op te pakken en veel van de taken heeft kunnen uitvoeren. Covid-19 zal ook zijn effect hebben op de activiteiten en cijfers voor de komende jaren. Medewerkers gaan mogelijk meer thuiswerken. De gemeenteraad is benieuwd naar de gevolgen voor de bedrijfsvoering en de daaraan gekoppelde kosten zoals o.a. de kosten voor overhead en huisvesting. De gemeenteraad verzoekt het bestuur de toekomstige effecten en de daaraan gekoppelde consequenties voor de bedrijfsvoering in beeld te brengen. 5.
Toekomstbestendige uitvoering van de VTH-taken Het Rijk (commissie Van Aartsen) en de provincie (doorontwikkeling omgevingsdiensten) hebben beide recent een rapport gepubliceerd over de toekomstbestendige uitvoering van de VTH-taken. Centraal staat dat omgevingsdiensten meer moeten gaan investeren in deskundigheid om maatschappelijk van grotere betekenis te zijn. De gemeenteraad wordt door het bestuur graag tijdig geïnformeerd over de mogelijke inhoudelijke en de financiële consequenties van de beide rapporten voor de gemeente. Tot slot gaat de gemeenteraad ervan uit dat de aanbevelingen van de rekeningcommissie worden overgenomen.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10111154
Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: De raad van de gemeente Den Haag, Gezien het voorstel van het college van 18 mei 2021, Besluit: I. De volgende zienswijze vast te stellen: De gemeenteraad van Den Haag verzoekt het bestuur van de ODH: - met de ontwerpbegroting 2022 in te stemmen op voorwaarde dat de deelnemersbijdrage Den Haag voor 2022 € 6.622.803 (inclusief indexering) bedraagt. De financiële taakstelling ODH van € 162.100 wordt in het Jaarwerkplan 2022 ingevuld door middel van ‘minder werk’; - erop toe te zien dat de effecten van een nieuwe cao Gemeenten voor de begroting 2022 zo veel mogelijk worden opgevangen binnen de eigen begroting; - erop toe te zien dat een eventuele lastenstijging als gevolg van de komst van de Omgevingswet in principe wordt opgevangen binnen de eigen begroting, met zo veel mogelijk behoud van de kwaliteit en de kwantiteit van de taakuitvoering; - gemotiveerd aan te geven waarom geen geactualiseerde onderbouwde risicoparagraaf is opgenomen in de ontwerpbegroting 2022 (speerpunt uit 'Kaderbrief begroting 2021 gemeenschappelijke regelingen') en erop t0e te zien dat de geactualiseerde risicoparagraaf alsnog dit kalenderjaar wordt vastgesteld; - erop toe te zien dat de toekomstige effecten van Covid-19 (b.v.
meer thuiswerk) en de daaraan gekoppelde consequenties voor de bedrijfsvoering in beeld worden gebracht; - erop toe te zien dat de gemeenteraad tijdig wordt geïnformeerd over de mogelijke inhoudelijke en financiële consequenties van de opgestelde rapporten over een goed functionerend stelsel van vergunningverlening, toezicht en handhaving; - erop toe te zien dat de aanbevelingen van de rekeningcommissie worden overgenomen. II.
De zienswijze van de gemeenteraad aan het Dagelijks Bestuur van de Omgevingsdienst Haaglanden kenbaar te maken.
Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van … De griffier,
De voorzitter,
3/3