CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota Zienswijzen Coenderstraat 41

Raadsvergadering 4 april 2023, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake Verklaring van geen bedenkingen Coenderstraat 41 afgeven (nr. 2308094)2.926 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota Zienswijzen Samenvatting en beantwoording zienswijzen

Ontwerp-omgevingsvergunning Realisatie van een woning aan de Coenderstraat 41 in Delft

Gemeente Delft Februari 2023

Inleiding In deze Nota van Zienswijzen worden de ingekomen zienswijzen in het kader van de uitgebreide procedure voor de realisatie van een woning aan de Coenderstraat 41 in Delft weergegeven en voorzien van een beantwoording. In deze nota van zienswijzen zal inhoudelijk op de zienswijzen worden ingegaan en of de zienswijze aanleiding geeft de ontwerp omgevingsvergunning aan te passen. Voordat inhoudelijk op de zienswijzen wordt ingegaan wordt eerst kort het verloop van de gevolgde procedure omtrent de ontwerp omgevingsvergunning en ontwerp verklaring van geen bedenkingen (ovvgb) weergegeven. Op 5 november 2021 is een omgevingsvergunning aangevraagd voor het realiseren van een woning op de locatie Coenderstraat 41 in Delft. Deze aanvraag is bij de gemeente Delft geregistreerd onder dossiernummer Z2021-000972. Op www.omgevingsloket.nl is deze aanvraag geregistreerd onder aanvraagnummer 6488399. Dit hebben wij gepubliceerd op https://zoek.officielebekendmakingen.nl en in de a a Delft op zondag . Aan de hand van de aangevraagde activiteiten hebben wij vastgesteld, dat de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing is, zoals bedoeld in paragraaf 3.3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).

Omdat het project afwijkt van het geldende bestemmingsplan is voorafgaand aan het verlenen van de omgevingsvergunning met ruimtelijke onderbouwing een verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad vereist. De gemeenteraad van Delft heeft op 18 oktober 2022 de benodigde ontwerp verklaring van geen bedenkingen a c Coenderstraat 41

Op grond van de Algemene wet bestuursrecht heeft de ontwerp omgevingsvergunning, tezamen met de daarbij behorende bijlagen, vanaf 9 november 2022 gedurende 6 weken ter inzage gelegen. Belanghebbenden zijn in de gelegenheid gesteld om zienswijzen naar voren te brengen. Tijdens de behandeling van de vergunningaanvraag is op 17 november 2022 een informatieavond over het proces en de procedure gehouden. Tijdens deze bijeenkomst zijn zienswijzen ingebracht. In totaal zijn er 3 zienswijzen ontvangen. De zienswijzen zijn ingediend door omwonenden en het nabijgelegen Hotel Coen Delft op nummer 47. Zienwijze nummer 3 is ingediend namens 8 omwonenden. De schriftelijke zienswijzen zijn hieronder weergegeven. Deze ingekomen zienswijzen zijn binnen de termijn van ter inzagelegging zijn ontvangen en kunnen in behandeling worden genomen. De NAWgegevens worden niet weergegeven omdat deze beschermd zijn op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens. De zienswijzen hebben daarom een nummer gekregen, daarnaast is de datum en het registratienummer weergegeven van de ingekomen zienswijze.

Nr. Registratienummer 1 Z2021-000972-005 2 Z2023-000145 3

Z2023-000140

Naam

Indiener 1 Indiener 2 Indieners 3 (ingediend namens 8 bewoners)

Datum brief/ datum ontvangst

17-11-2022 17-11-2022 17-11-2022

Zienswijzen In dit onderdeel zijn de Zienswijzen samengevat en van een reactie voorzien. Hierbij wordt ook steeds aangegeven of de reactie leidt tot een aanpassing van de omgevingsvergunning. De reacties betreffen deels algemene belangen en deels persoonlijke of zakelijke belangen. De reacties zijn geanonimiseerd in verband met de betrokken privacybelangen (Wet bescherming persoonsgegevens).

Nr. 1 1.

Registratie nummer Z2021000972-005

Indiener 1 Samenvatting

Het verbaast dat er een nieuwe aanvraag is om op de Coenderstraat 41 een woonhuis aan te vragen, omdat eerdere initiatieven om van de Coenderstraat 41 een woning te maken zijn afgewezen. De voormalig eigenaar heeft het pand verkocht omdat hij van de gemeente Delft er niet in mocht wonen. Hierover is tot aan de rechtbank in Den Haag geprocedeerd. Ook de eigenaar van het pand aan de Coenderstraat 42 heeft bij de gemeente een verzoek ingediend. Sinds het vertrek van de voormalige eigenaar is er niets veranderd aan het pand.

Beantwoording

In het verleden zijn meerdere aanvragen ingediend. Deze aanvragen waren veelal gericht op het toevoegen van zoveel mogelijk kleine woonunits voor studentenwoningen. Deze plannen zijn qua ruimtelijke uitstraling niet vergelijkbaar met het plan wat hier voor ligt. Indiener verwijst naar een aanvraag van een voormalige eigenaar die het pand voor woondoeleinden gebruikte. Het oude bestemmingsplan Noordwest, deelgebied I a in die tijd van toepassing en het perceel had toen de bestemming T . Het gebruik als woning was in strijd met deze bestemming. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft hier op 12 september 2007 over geoordeeld dat wij in redelijkheid niet mee hoefden te werken aan het afwijken van het bestemmingsplan.1 Inmiddels is

1 Zie ook de uitspraak van de Afdeling van 12 september 2007, ECLI:NL:RVS:2007:BB3397.

3

het bestemmingsplan Noordwest 1 (Hof van Delft) van toepassing en geldt ter plaatse de bestemming Wonen (buiten het bouwvlak). Naast het feit dat in 2007 een ander bestemmingsplan van toepassing was, blijft de beslissing om op dit moment wél medewerking te verlenen aan het af te wijken van het bestemmingsplan een discretionaire bevoegdheid van het college. Het college heeft daarbij beleidsruimte en de vrijheid om binnen de juridische kaders voor deze situatie een eigen belangenafweging te maken. Daarbij kan het college als gevolg van gewijzigde inzichten en veranderende maatschappelijke omstandigheden, zoals het grote woningtekort, tot een ander besluit komen dan een aantal jaar daarvoor. In het kader van onze belangenafweging hebben wij meegewogen dat het pand door de jaren heen vrijwel ongebruikt is gebleven en ook illegaal werd gebruikt. Onderhavige aanvraag, om van het pand één woning met bijbehorend kantoor te maken, resulteert naar het oordeel van het college in ruimtelijk aanvaardbare bestemming en gebruik van het perceel en gebouw, waarbij het bestaande gebouw bewaard kan blijven. Voor het ingediende verzoek van de eigenaar van het pand aan de Coenderstraat 42, verwijzen wij naar onze beantwoording van de zienswijze van indiener nummer 2, onder 1.

2

3

Aanpassing

De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan.

Samenvatting

Het bevreemdt indiener dat er een schets van het Koetshuis van de voorzijde en de rechterkant van het gebouw is gemaakt, en niet van de achterkant en linkerkant.

Beantwoording

Op pagina 14 van de Ruimtelijke onderbouwing is op de tekening te zien hoe de Coenderstraat 41 eruit komt te zien na realisatie van het bouwplan. Hierin zijn de achterkant en de linkerkant van het pand meegenomen.

Aanpassing

Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan.

Samenvatting

Indiener voert aan dat sprake is van een zeer onveilige situatie op de binnenplaats. Er zijn geen vluchtwegen meer richting de Nieuwe Schoolstraat, omdat deze zijn geblokkeerd of verbouwd.

Beantwoording

Voor de beantwoording van deze zienswijze, verwijzen wij naar de beantwoording van de zienswijze 4

van indiener nummer 3, onder 2.

4

5

Aanpassing

De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan.

Samenvatting

Indiener stelt dat het waarschijnlijk is dat er vleermuizen in het Koetshuis aanwezig zijn.

Beantwoording

Uit de Eco-effectscan van Aqua Terra Nova van 4 april 2022 volgt dat de werkzaamheden plaats vinden zonder negatieve effecten op vleermuizen in de omgeving. Daarnaast blijkt hieruit dat in het plangebied geen bouwwerken staan, die geschikt zijn voor gebouwbewonende vleermuizen zoals de gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en laatvlieger. In dit verband merken wij op dat deze bebouwing geen spouwmuur of gaten of kieren bevat, die geschikt zijn voor vleermuizen. Evenmin zijn in de aanwezige bomen gaten waargenomen, die geschikt zijn voor boom bewonende vleermuizen. Ten slotte merken wij op dat de bomen in het plangebied niet zullen worden omgehakt. Wij hebben geen reden om te twijfelen aan de juistheid en zorgvuldigheid van bovengenoemde Eco-effectstcan en hebben deze daarom aan ons besluit ten grondslag gelegd. Weliswaar zijn het plangebied en de omgeving van het plangebied geschikt als foerageergebied en vliegroute voor vleermuizen. Door de hoge bomen en de grote hoeveelheid klimop is het plangebied rijk aan insecten. Dit neemt niet weg dat deze bomen en de klimop op de schuren behouden zullen blijven, waardoor de kwaliteit van het foerageergebied niet achteruit zal gaan. Wel is het nodig om eventuele bouwverlichting in de avond uit te doen om het foerageergebied niet te verstoren.

Sommige vleermuizen maken namelijk gebruik van lijnvormige structuren, zoals watergangen en bomenrijen, als vliegroute. Het plangebied bevat geen geschikte lijnvormige structuren die kunnen dienen als vliegroute voor vleermuizen. Ook zijn er in de omgeving kwalitatieve vliegroutes, zoals de waterwegen ten oosten en zuiden van het plangebied en de bomenrijen ten oosten van het plangebied. De werkzaamheden hebben geen negatieve effecten op mogelijk aanwezige essentiële vliegroutes. Negatieve effecten op mogelijk aanwezige essentiële vliegroutes kunnen worden uitgesloten. Wij stellen ons op het standpunt dat nadere toetsing aan de Wet natuurbescherming niet noodzakelijk is. (p.15 Eco-effectscan).

Aanpassing

De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan.

Samenvatting

Indiener heeft op 17 november 2022 mondeling aangegeven dat sprake is van een vermindering van privacy in zijn woning, door inkijk vanuit de te realiseren dakramen aan de voorzijde van het pand. Dit 5

is mogelijk in strijd met artikel 5:50 BW.

2 1

Z2023000145

Beantwoording

Uit vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State2 volgt dat aan het wonen in een verstedelijkte omgeving enige mate van geluidhinder en een zekere mate van inbreuk op privacy inherent is. Na afweging van alle relevante feiten en omstandigheden stellen wij stellen ons op het standpunt dat het bouwplan niet leidt tot een onevenredige aantasting van privacy of strijd met artikel 5:50 BW voor indiener. Er is voldoende afstand (meer dan circa 3,70 meter gemeten vanaf de perceelsgrens en circa 14 meter gemeten vanaf de woning van indiener) tussen de te realiseren dakramen en de woning van indiener. De afstand is daarmee ruim meer dan de vereiste 2 meter in artikel 5:50, eerste lid, BW.

Aanpassing

De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan.

Indiener 2 Samenvatting

Indiener heeft op 17 november 2022 mondeling aangegeven in 2020 een vergelijkbaar verzoek te hebben ingediend om in het voormalig koetshuis een woning te realiseren dat is afgekeurd. Indiener heeft hiervan stukken overgelegd en beroept zich op het gelijkheidsbeginsel.

Beantwoording

Wij stellen ons op het standpunt dat geen sprake is van een vergelijkbare aanvraag, zodat een beroep op het gelijkheidsbeginsel niet opgaat. Indiener heeft een VJV vraag van 9 maart 2020, een aanvraag voor een vooroverleg van 11 maart 2020 en een advies van 23 maart 2020 overgelegd. Daaruit blijkt dat hij heeft geïnformeerd wat de mogelijkheden op het perceel zijn, omdat hij de locatie wilde opknappen. Uit het advies van 23 maart 2020 blijkt wat indiener wilde realiseren: Op het achterterrein van de driehoek Coenderstraat-Westerstraat-Nieuwe Schoolstraat bevindt zich een schuur/opslagruimte, waarvan de aanvrager een woning met 6 kamers met eigen sanitaire voorzieningen, evenals een gedeelde keuken en gemeenschappelijke zitruimte wil maken. Daarbij wordt gedacht aan studenten (pagina 1 van het advies van 23 maart 2020). In het advies adviseert de afdeling Ruimte en Economie

2 Onder meer de uitspraken van de Afdeling van 24 februari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:490 en 12 september 2018 ECLI:NL:RVS:2018:2970.

6

geen medewerking te verlenen aan het bouwplan, omdat het bouwplan stedenbouwkundig niet aanvaardbaar is. Uit de stukken blijkt niet dat indiener het oneens was met de inhoud van dit advies, of dat hij ook plannen had om van het pand één woning met bijbehorend kantoor te maken. Het huidige plan kan qua ruimtelijke uitstraling niet op één lijn worden gesteld met eerder ingediende plannen voor meerdere studentenwoningen. In dit verband moet een onderscheid worden gemaakt tussen het gebruik van een pand voor kamerverhuur en de bewoning van een pand door één huishouden, gelet op geluidsoverlast. Dit aspect is met name relevant bij kamerverhuur aan studenten, gelet op de leeftijdssamenstelling en het levensritme van de te onderscheiden groepen bewoners.3 Ten slotte merken wij op dat de indiener geen aanvraag om omgevingsvergunning heeft ingediend, maar slechts een verzoek om een vooroverleg heeft ingediend. Deze twee aanvragen kunnen niet op één lijn worden gesteld. Anders dan het verzoek voor een vooroverleg, is de aanvraag voor de ontwerp omgevingsvergunning namelijk uitgewerkt met concrete bijbehorende stukken, zoals tekeningen en een ruimtelijke onderbouwing met deskundigenrapporten. De status van een vooroverleg heeft een meer abstract karakter en leidt niet tot een voor bezwaar of beroep vatbaar besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. 3 1

Z2023000140

Aanpassing Indieners 3

De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan.

Samenvatting

Indieners waren zich er niet van bewust dat zij een mening konden geven over het plan. De aanvrager heeft nooit de bezwaren van omwonenden aangehoord of daarnaar gevraagd. Op de dag van de vergadering van de Commissie Ruimte en Verkeer op 6 oktober 2022 gaf de aanvrager aan dat het onderwerp Coenderstraat 41 pas om 21:30 uur aan bod zou komen, wanneer zij zouden aanschuiven. Het tegendeel was waar, omdat het als een van de eerste punten op de agenda stond. Tijdens de vergadering gaf de aanvrager aan dat indieners positief zouden zijn over het plan, dit is niet waar en dit zouden zij graag willen rectificeren. Indieners zouden net als hun buren graag betrokken willen worden

3 Zie de uitspraak van de Afdeling van 18 juli 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2276.

7

in het proces.

2

Beantwoording

Indieners hebben op 17 november 2022 de mogelijkheid gehad om mondeling hun zienswijze kenbaar te maken op het plan en hebben schriftelijk een zienswijze ingediend. De inhoud van deze zienswijze is meegenomen in de totstandkoming van het definitieve besluit. Indieners krijgen het definitieve besluit toegestuurd.

Aanpassing

De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan.

Samenvatting

Indieners stellen dat de Coenderstraat 41 een onveilige omgeving is om te wonen omtrent brand en/of andere calamiteiten. Het huis is ingebouwd in het hart van het huizenblok. Wanneer er iets misgaat bij het pand, loopt het hele blok gevaar.

Beantwoording

De Veiligheidsregio Haaglanden (VRH) heeft op 21 januari 2022 en op 3 februari 2023 geadviseerd de vergunning te verlenen. In dit advies zijn voorwaarden opgenomen om het bouwwerk brandveilig te maken en te laten voldoen aan het bouwbesluit 2012. Uit het advies blijkt dat er maatregelen getroffen worden om het risico op brandoverslag te verminderen. Zo is in het advies de volgende maatregel opgenomen: -De 11 meter lange achtergevel die op de perceelsgrens ligt moet op basis van spiegelsymetrische kans op brandoverslag een brandwerend bezitten. Graag op tekening aangegeven zodat hier in de toekomst geen onduidelijkheid over kan ontstaan . Voorts blijkt uit het advies dat de bereikbaarheid voor hulpdiensten expliciet is meegewogen: - De locatie is een bestaande locatie maar wel minder goed bereikbaar voor hulpdiensten. Een brandweerinzet kan langzamer verlopen met kans op meer schade dan wel latere redding. Dit is geen afkeurpunt op de aanvraag bouwactiviteit maar het is wel een punt van aandacht voor de aanvrager. Gelet op artikel 6.30, derde lid van het Bouwbesluit moet de afstand van de woning 40 meter zijn tot aan de blusvoorziening. De VRH heeft gemeten dat de afstand van de woning tot aan de ingang van de steeg 37 meter bedraagt. Doordat de bluswatervoorziening op de straat kan staan wordt voldaan 8

aan deze wettelijke eis. Daarnaast heeft de VRH meegewogen dat het een bestaande situatie betreft. Gelet op de deskundigheid van de VRH, zien wij geen reden om aan de inhoud van dit advies te twijfelen. Wij hebben dit advies daarom ten grondslag gelegd aan ons besluit. Om tegemoet te komen aan naar voren gebrachte punten in de zienswijze, nemen wij als aanvullende voorwaarde in de omgevingsvergunning op dat de toegang van de poort automatisch geopend dient te kunnen worden vanuit de woning. De VRH heeft evenwel aangegeven dat als de poort niet automatisch opent, dat dit geen belemmering vormt voor de bereikbaarheid van de woning in het geval van calamiteiten, omdat de poort opengebroken kan worden. Aanpassing 3

Samenvatting

Beantwoording

De zienswijze leidt tot aanpassing van het plan. Er wordt een aanvullende voorwaarde in de omgevingsvergunning opgenomen om de bereikbaarheid van de woning voor hulpdiensten te verbeteren. Indieners voorzien problemen met overlast in de toekomst. Zowel vanuit de woning van indiener naar de bewoners van de Coenderstraat 41 toe, als andersom. Ook de directe buren en de rest van het omringende blok maken zich hier zorgen over en hebben de zienswijze ondertekend. Graag zouden indieners een ander plan zien voor de Coenderstraat 41, bijvoorbeeld een centrale tuin voor alle bewoners of ruimte voor flora en fauna. Uit vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van de State 4 volgt dat aan het wonen in een verstedelijkte omgeving enige mate van geluidhinder en een zekere mate van inbreuk op privacy inherent is. Wij stellen ons op het standpunt dat de nieuwe functie geen onevenredige overlast voor de omliggende woningen zal opleveren en de bewoners van de woning geen onevenredige overlast zullen ondervinden van de omliggende woningen. De woning zal door één huishouden worden bewoond. Het gebruik van het pand als één woning met bijbehorend kantoor wordt aanvaardbaar geacht voor het woon- en leefmilieu in de bestaande woonomgeving. Voorts is aan het perceel een woonbestemming toegekend in het bestemmingsplan.

Verder vindt er ruimtelijk geen verdichting plaats en de toename

4 Onder meer de uitspraak van de Afdeling van 12 september 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2970.

9

van het aantal woningen in het gehele bouwblok is verwaarloosbaar. Voor het initiatief voor een centrale tuin is geen aanvraag ingediend. Ten overvloede merken wij hierbij op dat voor het realiseren van een centrale tuin rekening gehouden zou moeten worden met hoge kosten voor het eventueel opkopen van het perceel, het slopen van het pand en het aanleggen van de tuin zelf. Met het voorliggende plan om van het pand één woning met bijbehorend kantoor te maken, wordt voorzien in een passend gebruik van het perceel en gebouw, waarbij het bestaande gebouw bewaard kan blijven. Aanpassing

De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan.

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12455646/1