CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarverslag Inburgering 2022

Commissie Sociaal Domein en Wonen 12 oktober 2023, gemeente DelftBij agendapunt: 2339529 College van B&W - Jaarverslag Inburgering 20223.786 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Jaarverslag Inburgering 2022

Jaarverslag Inburgering

1

Jaarverslag Inburgering

Inhoudsopgave 1 Inleiding

3

2 Implementatie Wet Inburgering 2021

5

2.1 2.2

Lokale en regionale samenwerking Ondertussengroep

3 Voortgang 3.1 Instroom 3.2 Brede intake en Plan Inburgering en Participatie (PIP) 3.3 Leerroutes 3.4 Participatieverklaringstraject en Maatschappelijke Begeleiding 3.5 Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) 3.6 Training financiële zelfredzaamheid 3.7 Financieel ontzorgen 3.8 Juridische begeleiding bij gezinshereniging 3.9 Samenwerking Delftse organisaties 3.10 Conclusie

5 5

7 7 7 8 9 10 10 10 11 11 12

2

Jaarverslag Inburgering

1 Inleiding Hierbij presenteren wij u het Jaarverslag Inburgering 2022. Het jaar 2022 stond in het teken van de invoering en implementatie van de Wet Inburgering 2021 (hierna: de wet), die op 1 januari 2022 in werking trad. Het doel van de wet is dat alle inburgeraars zo snel mogelijk de Nederlandse taal leren op het voor hen hoogst haalbare niveau. En dat zij volwaardig kunnen meedoen aan de Nederlandse samenleving, het liefst door middel van betaald werk. De wet richt zich op twee doelgroepen inburgeraars: asielstatushouders en gezins- en overige migranten. Asielstatushouders: vluchtelingen van 18 jaar tot de pensioengerechtigde leeftijd die zich met een niet-tijdelijk doel in Nederland vestigen, en hun nareizende familieleden die na inwilliging van de gezinshereniging in Nederland mogen verblijven. Asielstatushouders komen niet uit vrije wil. Zij zijn hun land ontvlucht omwille van oorlog of vervolging. Gezins- en overige migranten: mensen die uit vrije wil komen, bijvoorbeeld voor gezinsvorming of als geestelijk bedienaar. Deze migranten bereiden zich in hun thuisland voor op hun vertrek naar Nederland. Bovendien helpt in de meeste gevallen een ontvangende partner hen op weg in Nederland. Het inburgeringsaanbod per doelgroep verschilt.

Met de nieuwe wet heeft de gemeente de regierol over inburgering gekregen en is zij verantwoordelijk voor de inkoop van inburgeringstrajecten voor statushouders. Ook is er in de nieuwe wet meer aandacht voor werk en participatie tijdens de inburgeringsperiode. In het beleidsplan Inburgeren Werkt! 2022-2026 staat de ambitie van gemeente Delft en de vertaling hiervan naar beleidskeuzes. Beleidsplan Inburgeren Werkt! 2022-2026 Beleidsdoelstelling: Inburgeraars bereiken het voor hen hoogst haalbare niveau (liefst niveau B1) en kennis van de Nederlandse maatschappij, in combinatie met gerichte inspanningen op participeren naar vermogen vanaf de start van het inburgeringstraject. Uitgangspunten bij de uitvoering: 1. Uitvoering vindt plaatst binnen de beschikbare Rijksmiddelen 2. Algehele regie ligt bij de gemeente, individuele cliëntregie is gemandateerd aan uitvoeringspartijen 3. Gemeente koopt het inburgeringsaanbod in en bewaakt de kwaliteit 4. Samenwerking in de stad, met professionals en vrijwilligers 5. Inzet op duale trajecten Bij de implementatie en uitvoering van de wet zijn veel organisaties betrokken. Alle betrokken organisaties hebben hard gewerkt om uitvoering te geven aan de nieuwe wet. Ook regionaal is er intensief samengewerkt rondom de aanbestedingsprocedures.

3

Jaarverslag Inburgering

In deze rapportage blikken wij terug op de implementatie van de wet en geven we inzicht in de voortgang. Door de rapportage heen staan quotes van inburgeraars, waarin zij hun ervaringen delen met het inburgeringstraject. Hiervoor hebben wij drie interviews afgenomen. De quotes maken goed zichtbaar wat de wet in de praktijk betekent voor inburgeraars.

4

Jaarverslag Inburgering

2 Implementatie Wet Inburgering 2021 Het jaar 2022 stond in het teken van implementatie van de Wet Inburgering 2021. Ten opzichte van de Wet Inburgering 2013 heeft de gemeente er een aantal nieuwe taken bijgekregen. Zo waren inburgeraars onder de Wet Inburgering 2013 zelf verantwoordelijk voor het regelen en financieren van hun inburgeringstraject. Met de nieuwe Wet Inburgering 2021 heeft de gemeente de regierol over inburgering gekregen en is zij verantwoordelijk voor de inkoop van inburgeringstrajecten voor statushouders. Ook is er meer aandacht voor werk en participatie gedurende de inburgeringsperiode.

2.1

Lokale en regionale samenwerking

Bij het implementatieproces en in de uitvoering werken we zowel lokaal als regionaal samen met partners. Zo werken we voor het taaldeel van de B1-route samen met gemeente Den Haag en gemeente Rijswijk. Voor de B1-entree en de onderwijsroute mbo is er een samenwerkingsverband met 9 gemeenten en het ROC Mondriaan. Voor de onderwijsroute hbo/wo werken we samen met 22 gemeenten en 3 onderwijsinstellingen: Hogeschool Den Haag, Hogeschool Leiden en Universiteit Leiden. Eind 2022 hebben we alle werkafspraken met onze samenwerkingspartners afgerond, op de onderwijsroutes na. De aanbesteding voor de onderwijsroute heeft wat vertraging gekend. In 2021 is de aanbesteding niet gelukt, vanwege tekort aan beschikbaar budget vanuit het Rijk. Er was geen aanbieder die de onderwijsroute kon leveren voor het budget dat het Rijk beschikbaar stelde. Het Rijk heeft naar aanleiding hiervan meer budget beschikbaar gesteld voor de onderwijsroute. Halverwege 2022 werden de aanbieders voor de onderwijsroutes bekend. De instroom in de onderwijsroute kwam hierdoor later op gang dan de andere twee leerroutes. Dit is terug te zien in de aantallen.

2.2

Ondertussengroep

Een deel van de inburgeringsplichtigen valt nog onder de oude Wet Inburgering 2013. Deze groep wordt de ondertussengroep genoemd. Dit zijn inburgeringsplichtigen die tussen 1 januari 2013 en 31 december 2021 inburgeringsplichtig zijn geworden en de inburgering nog niet hebben afgerond. Zij zijn zelf verantwoordelijk voor het inkopen van een inburgeringstraject en kunnen daarvoor een lening afsluiten bij DUO. Voor statushouders die het inburgeringsexamen met succes afleggen, wordt de lening kwijtgescholden. Werkse! en de Jongerenacademie van Delft Support monitoren de voortgang van het inburgeringstraject van uitkeringsgerechtigde statushouders binnen de ondertussengroep. Waar nodig bieden zij extra begeleiding aan de statushouders. De gemeente begeleidt de nietuitkeringsgerechtigde statushouders binnen de ondertussengroep, als zij aangeven daar behoefte aan te hebben. In 2022 waren er 229 statushouders die onder de ondertussengroep vielen, waarvan 97 in 2021 instroomden. Omdat er geen statushouders meer instromen onder de oude wet, neemt dit aantal alleen nog af. De inburgeringstermijn is, net als bij de nieuwe wet, 3 jaar. Inburgeraars kunnen verlenging van de inburgeringstermijn of ontheffing krijgen. Op

5

Jaarverslag Inburgering

peildatum 2 januari 2023 waren er ten minste1 17 statushouders waarvan de inburgeringstermijn over 6 tot 12 maanden verloopt. Voor 10 van hen begon de inburgeringstermijn in 2019 en voor 7 in 2020.

1

Deze gegevens komen van DUO. Indien een cohort uit 5 personen of minder bestaat, geeft DUO uit privacyoverwegingen geen gegevens weer in de rapportage. Er kan hierom geen exact aantal worden gegeven.

6

Jaarverslag Inburgering

3 Voortgang De wet inburgering bestaat uit verschillende onderdelen. In dit hoofdstuk geven we per onderdeel de voortgang weer en gaan we in op de samenwerking met Delftse organisaties.

3.1

Instroom

In 2022 werden 156 personen inburgeringsplichtig onder de nieuwe Wet Inburgering 2021. Van de 156 inburgeringsplichtigen zijn 77 statushouders en 79 gezins- en overige migranten.

3.2

Brede intake en Plan Inburgering en Participatie (PIP)

Het inburgeringstraject begint voor gemeenten met de brede intake. Vanaf dat moment heeft de gemeente de regie op de uitvoering van de inburgering. De brede intake duurt 10 weken, tijdens deze periode worden er 2 tot 3 gesprekken gevoerd en een leerbaarheidstoets afgenomen. Aan de hand daarvan wordt de leerroute bepaald. Op basis van de brede intake wordt het persoonlijk Plan Inburgering en Participatie (PIP) opgesteld. Het PIP bevat informatie over de wijze waarop de inburgeraar aan de inburgeringsplicht moet voldoen. Als een inburgeraar verwijtbaar niet meewerkt en/of zich niet houdt aan de afspraken die in het PIP zijn vastgelegd kan de gemeente, als uiterste middel, een bestuurlijke boete opleggen aan de inburgeraar. In 2022 is er in dit kader geen boete opgelegd. De leerbaarheidstoets is een belangrijk instrument om tijdens de brede intake de leerroute te bepalen. De toets geeft als uitkomst of taalniveau B1 (met eventueel afschalen naar A2) haalbaar is. In de praktijk bleken minder mensen deze uitkomst te halen dan door het Rijk verwacht. Daarom zijn er begin 2023 landelijk een aantal verbeteracties doorgevoerd en is de cesuur (de minimale score voor ‘haalbaar’) met drie punten verlaagd. In Delft wordt als gevolg hiervan voor 3 inburgeraars nagegaan of de leerroute moet worden herzien. “Toen ik in Delft kwam, heb ik eerst bij de gemeente een toets gedaan op de laptop.

Dat was best wel moeilijk, want ik kon niet lezen en schrijven. Gelukkig waren de mensen erg aardig. Daarna kreeg ik een uitnodiging van de taalschool om taallessen te gaan volgen.” B. (52) uit Syrië, sinds 12 maanden in Delft

In de tweede week na invoering van de wet heeft DUO het opleggen van de inburgeringsplicht op verzoek van de minister tijdelijk stopgezet, wegens complicaties in systemen. Dit proces kwam vanaf maart 2022 weer op gang. Door deze vertraging hebben we de eerste brede intake half april 2022 afgerond. In totaal zijn er in 2022 132 brede intakes afgenomen en ook nog 24 opgestart. Routekaarten In 2022 hebben we routekaarten ontwikkeld voor inburgeraars, zodat zij goed geïnformeerd zijn over het inburgeringstraject. Bij de brede intake ontvangen inburgeraars de routekaart, beschikbaar in diverse talen en met visuele ondersteuning. Het is een leidraad en houvast voor inburgeraars.

7

Jaarverslag Inburgering

3.3

Leerroutes

De Wet Inburgering heeft 3 leerroutes: 1. B1-route: een route voor taal en (vrijwilligers)werk. Inburgeringsplichtigen spreken en schrijven binnen maximaal 3 jaar de Nederlandse taal op niveau B1. Tegelijk kunnen zij meedoen door (vrijwilligers)werk. De B1-route wordt uitgevoerd door Sagenn. 2. Onderwijsroute: bestaat uit een taalschakeltraject en is gericht op het beheersen van de Nederlandse taal op minimaal niveau B1 en op instroom in het reguliere beroepsof wetenschappelijk onderwijs. ROC Mondriaan is de aanbieder van de mbo-route en de B1-entree. Een samenwerkingsverband tussen Hogeschool Den Haag, Hogeschool Leiden en Universiteit Leiden biedt de hbo-/wo-onderwijsroute aan. 3. Z-route: De Z-route of zelfredzaamheidsroute is voor inburgeraars met een lage leerbaarheid die moeite hebben met het leren van een nieuwe taal en die in beperkte mate zelfredzaam zijn. In de Z-route leren inburgeraars Nederlands op het voor hen hoogst haalbare niveau en leren zij hun weg te vinden in de Nederlandse maatschappij. Taalschool Rijswijk, met locatie in Delft, is de aanbieder van deze leerroute. In juni 2022 begon de eerste statushouder aan zijn leerroute. De verdeling over de leerroutes in 2022 is als volgt: 46 B1-route, 17 Z-route en 2 onderwijsroute.

Door de vertraagde aanbesteding (zie hoofdstuk 2) starten de eerste trajecten voor de onderwijsroute pas in het vierde kwartaal van 2022. Dit verklaart de lage instroom bij de onderwijsroute in 2022. In 2022 waren er 4 statushouders met inkomsten uit werk. De Z-route bestaat naast het taaldeel ook uit een participatiedeel, gericht op activering en participatie. In Delft kiezen we ervoor om te starten met het participatiedeel van de Z-route nadat iemand een half jaar deelneemt aan het taaltraject van de Z-route. Reden hiervoor is dat inburgeraars na zes maanden een basis hebben gelegd met de Nederlandse taal, waardoor het participatiedeel meer toegevoegde waarde heeft. Ook hebben deelnemers na zes maanden iets meer ruimte en rust om zich te richten op participatie. Eerder starten kan op basis van maatwerk. Werkse! voert het participatiedeel uit. De eerste participatietrajecten zijn begin 2023 gestart. “Ik ben begonnen met de Alfa-klas en ben nu bijna op A1-niveau. Ik krijg drie keer per week drie uur Nederlandse les. Dat gaat wel goed, want ik leer veel. Maar ik moet nog wel heel veel leren. Gelukkig heeft de leraar veel geduld. Verder doe ik een dag per week vrijwilligerswerk. Via Werkse! werk ik als schoonmaker. In Syrië was ik kleermaker. Ik hoop dat ik dat werk ooit weer in Nederland kan doen.

Maar eerst moet ik de taal nog beter leren, dat is echt het allerbelangrijkste.” - A. (31) uit Syrië, sinds 9 maanden in Delft

Bijzondere bijstand Effecten van de nieuwe Wet Inburgering op de bijzondere bijstand worden door het Rijk niet gecompenseerd. We verwachtten onder andere kosten voor reisbewegingen naar de taalschool en kosten voor kinderopvang. Voor kinderopvang is er in 2022 beperkt budget (€ 782) ingezet. Dit is binnen de bestaande middelen opgevangen. De kosten voor reisbewegingen naar de taalschool worden nader onderzocht. Als de raad hier behoefte aan heeft, kunnen we dit op een later moment toezenden.

8

Jaarverslag Inburgering

3.4

Participatieverklaringstraject en Maatschappelijke Begeleiding

Tijdens het participatieverklaringstraject (PVT) leren mensen over de Nederlandse waarden, normen en gedragsregels. Gedurende vier bijeenkomsten maken zij kennis met de meest elementaire waarden, systemen en gebruiken in de Nederlandse samenleving. Inburgeraars sluiten het traject feestelijk af met het ondertekenen van de participatieverklaring. In 2022 hebben 171 inburgeraars hun participatieverklaring ondertekend, waarvan 24 onder de nieuwe Wet Inburgering vallen. “De lessen over Nederland waren interessant. We leerden van alles over de maatschappij, bijvoorbeeld hoe mensen met elkaar omgaan, over onderwijs, over vrijheid enzo. Ik vond dat leuke lessen, de mensen zijn aardig en de docenten geven goede uitleg. Ik heb de verklaring ondertekend, want ik vind het belangrijk om mee te doen.” A. (31) uit Syrië, sinds 9 maanden in Delft “’Ik zit nog in het PVT. Gisteren nog, zijn we met de docent door de stad gaan lopen. Dan wijst ze veel aan en legt ze uit wat we zien. We hebben bowling gedaan, dat was echt een leuk spel. Maar we hebben ook bijvoorbeeld informatie gekregen over wat je moet doen als je ziek bent en hoe het werkt als je naar de huisarts moet, of naar het ziekenhuis. Heel handig om uitleg te krijgen over hoe alles werkt in Nederland. Komende maandag onderteken ik de verklaring.” H. (21) uit Syrië, sinds 7 maanden in Delft

Taalschool Rijswijk verzorgt (naast het taaldeel van de Z-route) ook de maatschappelijke begeleiding van gehuisveste statushouders en het participatieverklaringstraject. Zij hebben een locatie in Delft. De maatschappelijke begeleiding start na de sleuteloverdracht van de woning en zorgt voor een zachte landing in Delft. In 2022 ontvingen 127 statushouders maatschappelijke begeleiding, waarvan 77 onder de nieuwe Wet Inburgering vallen. “De maatschappelijke begeleiding was goed; de begeleider was erg behulpzaam en heeft veel verteld. Bijvoorbeeld in welke winkel je wat voor boodschappen haalt, hoe dat werkt met de huur en met je zorgverzekering. Ik kreeg veel hulp voor de toekomst.” H. (21) uit Syrië, sinds 7 maanden in Delft

De maatschappelijke begeleiding duurt zes maanden. Na zes maanden zouden statushouders in staat moeten zijn om gebruik te maken van het reguliere Delftse aanbod. In de praktijk blijkt dit lastig, omdat mensen de taal vaak nog niet voldoende machtig zijn. Het is mogelijk om het traject dan met drie maanden te verlengen. In 2022 is dat 10 keer voorgekomen. Naast deze officiële verlengingen is er ook regelmatig voor gekozen om de maatschappelijke begeleiding nog niet af te sluiten na zes maanden. Dat wordt gedaan wanneer statushouders alle onderdelen van de maatschappelijke begeleiding binnen de gestelde zes maanden hebben doorlopen, maar ingeschat wordt dat zij achteraf mogelijk nog wat vragen kunnen hebben. Bijvoorbeeld over brieven die zij van de overheid ontvangen. Door het traject in die situaties nog niet af te sluiten hebben statushouders de mogelijkheid om bij vragen nog een beroep te doen op de maatschappelijke begeleiding. Dit was het geval in grofweg 60-70% van de trajecten. Ook inburgeringsconsulenten ervaren dat statushouders zich na afloop van de zes maanden maatschappelijke begeleiding met vragen tot de consulenten wenden. Om de toegang tot het reguliere Delftse aanbod te verbeteren, zetten we in 2023 waar nodig in op een warme overdracht naar Delft voor Elkaar. Organisaties zoals Taalschool Rijswijk 9

Jaarverslag Inburgering

kunnen een vast contactpersoon bij Delft voor Elkaar benaderen voor een warme overdracht van inburgeraars. Doel hiervan is ervoor te zorgen dat inburgeraars beter en laagdrempeliger gebruikmaken van het reguliere aanbod. Ook wordt in 2023 extra geïnvesteerd om jonge inburgeraars vanuit de Jongerenacademie van Delft Support intensiever te begeleiden. Gezien hun vaak kwetsbare situatie en kleine netwerk vinden wij het belangrijk dat zij terechtkunnen met hun vragen, ook na de zes maanden maatschappelijke begeleiding.

3.5

Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) Het doel van de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) is om inburgeringsplichtigen in de B1- en Z-route kennis te laten maken met de Nederlandse arbeidsmarkt en hen voor te bereiden op deelname. De MAP bestaat uit 40 uur praktische inzet op werk (werken, stage, vrijwilligerswerk etc.). Ook zijn er 10 bijeenkomsten waarbij onderwerpen als solliciteren, de Nederlandse arbeidsmarkt en werknemersvaardigheden aan bod komen. In Delft voert Werkse! de MAP uit. De eerste MAP-trajecten gaan in 2023 van start. Dit is passend in de lijn van het traject aangezien de eerste taaltrajecten pas in de tweede helft van 2022 zijn gestart.

3.6

Training financiële zelfredzaamheid

In september 2022 is de eerste training financiële zelfredzaamheid van start gegaan. In de training werken deelnemers aan kennis en vaardigheden die hen helpen om grip te krijgen op hun financiën in Nederland. De training werd gegeven door het Nibud. De deelnemers waren na afloop erg enthousiast over de training. De training is zo opgezet dat er aandacht is voor ieders individuele situatie. In 2022 hebben 10 inburgeraars deelgenomen aan de training. In 2023 gaat de Financiële Winkel van de gemeente deze training verzorgen. “Bij de gemeente heb ik vijf lessen gehad over geld. Dat was heel interessant. Het ging bijvoorbeeld over belasting betalen, over geld lenen en over geld sparen. Ik wil graag werk vinden en zelfstandig zijn, dat is belangrijk voor mijn toekomst. Dus ik was blij met deze lessen, ik heb veel geleerd.” - A. (31) uit Syrië, sinds 9 maanden in Delft

3.7

Financieel ontzorgen

In de Wet inburgering 2021 is opgenomen dat gemeenten inburgeringsplichtige statushouders in het eerste half jaar dat zij een bijstandsuitkering hebben verplicht 'financieel ontzorgen'. Financieel ontzorgen houdt in dat de gemeente gedurende minimaal zes maanden vijf vaste lasten (huur, zorgverzekering, water, gas en elektriciteit) rechtstreeks betaalt vanuit de uitkering. Doel hiervan is om inburgeraars een goede start te geven bij het inburgeren, om financiële problemen te voorkomen en financiële rust en zelfredzaamheid te creëren. “Ik krijg een uitkering. Het is voor mij fijn dat een deel van het geld, bijvoorbeeld voor de huur en de zorgverzekering, automatisch van mijn uitkering afgaat. Want ik weet niet precies hoe dat werkt hier in Nederland. Dus ik ben blij dat dat voor mij geregeld wordt. Zo kan ik er ook geen fouten mee maken.” B. (52) uit Syrië, sinds 12 maanden in Delft

In de praktijk pakt dit regelmatig anders uit. De uitkering is in veel gevallen (zeker met de stijging van de energiekosten) te laag om de vijf vaste lasten volledig van te betalen. Het 10

Jaarverslag Inburgering

inkomen van een statushouder bestaat meestal naast de uitkering ook uit zorg- en huurtoeslag van de Belastingdienst. De Belastingdienst betaalt deze toeslagen rechtstreeks uit aan de statushouder. Dit heeft als gevolg dat statushouders een deel van de vaste lasten zelf moeten betalen en een deel van de vaste lasten door de gemeente wordt betaald. Dit leidt tot onduidelijkheid en brengt onrust met zich mee. We zijn samen met onze partners aan het onderzoeken hoe we het financieel ontzorgen kunnen verbeteren. In de verzamelbrief Inburgering van 6 april 2023 geeft minister Gennip aan dat de praktijk laat zien dat financieel ontzorgen complex is in de uitvoering en niet altijd meerwaarde heeft. De minister heeft besloten om het wetsonderdeel financieel ontzorgen te herzien. Ze geeft, daarop vooruitlopend, tijdelijk een ruimere uitleg aan het wetsartikel. De gemeente blijft verplicht om statushouders met een bijstandsuitkering te ondersteunen. De vorm kan de gemeente zelf invullen en afstemmen op de situatie van de statushouder. Het verrichten van betalingen vanuit de uitkering is daarbij de standaard. Daarnaast zal extra aandacht besteed worden aan het proces van aanvraag en toekenning van toeslagen. Het doel is dat inburgeringsplichtigen de toeslagen zo snel mogelijk ontvangen en dat een eventueel inkomensgat overbrugd wordt.

In de herziening van het wetsartikel wordt dit ook geadresseerd, waarbij het Rijk met gemeenten bekijkt welke rol zij hierin kunnen spelen. Hierbij is het uitgangspunt dat er voldoende inkomen is om de kosten van het bestaan te dragen of, als dat niet het geval is, er goede afspraken met leveranciers gemaakt worden. Het idee hiervan is dat de betalingen verricht kunnen worden op het moment dat de toeslagen ontvangen worden en de inkomenssituatie stabiel is. Het is nog niet bekend wat de gevolgen van de demissionaire status van het kabinet hierop zijn. “Van de uitkering werden sommige bedragen automatisch betaald. Alleen mijn huur werd niet op tijd betaald. Daarom kreeg ik brieven, waarin stond dat de huur niet werd betaald. Dat was vervelend. Toen heb ik gevraagd of ik de huur voortaan zelf kon betalen. Dat mocht. Mijn contactpersoon bij de gemeente heeft me daarbij geholpen. Gelukkig kan ik bij problemen altijd om hulp vragen. Nu weet ik tenminste dat het goed gaat met de huur.” A. (31) uit Syrië, sinds 9 maanden in Delft

3.8

Juridische begeleiding bij gezinshereniging

De juridische begeleiding bij gezinshereniging wordt uitgevoerd door Vluchtelingenwerk. Zij hebben in 2022 26 trajecten verzorgd voor Delftse statushouders. In 2022 bood Vluchtelingenwerk de begeleiding aan vanaf hun locatie in Zoetermeer. In 2023 biedt Vluchtelingenwerk de begeleiding aan op een locatie in Delft.

3.9

Samenwerking Delftse organisaties

Naast de samenwerking met de contractpartners wordt er rondom inburgering ook nauw samengewerkt met verschillende Delftse organisaties. Zo koppelt Delftse Buur buddy’s aan statushouders en verzorgt zij met KoffieNL en HuisNL een plek waar nieuwkomers en Delftenaren elkaar kunnen ontmoeten en Nederlands kunnen praten. Hoogopgeleide jonge statushouders worden aangemeld bij Engineers for Refugees, een initiatief van Delftse TU studenten die hen koppelt aan een buddy van de TU Delft.

11

Jaarverslag Inburgering

Er zijn in 2022 94 mensen door de maatschappelijke begeleiding doorverwezen naar de Voedselbank. Dit zijn zowel statushouders die onder de ondertussengoep vallen als inburgeraars die onder de nieuwe inburgeringwet vallen. Reden hiervoor waren o.a. de hoge energielasten. Vanuit de maatschappelijke begeleiding is er 15 keer doorverwezen naar de non-foodbank in Delft. Hier worden mensen geholpen met gebruiksgoederen als meubels en witgoed. Statushouders met een procedure gezinshereniging kunnen terecht bij Vluchtelingenwerk, voor andere juridische vragen wordt er doorverwezen naar Instituut Sociaal Raadslieden. Naar hen is 7 keer doorverwezen in 2022.

3.10 Conclusie In 2022 is hard gewerkt om de nieuwe Wet Inburgering te implementeren. Er is vormgegeven aan de verschillende inburgeringsroutes en geïnvesteerd in het opbouwen van een goede samenwerking met de betrokken organisaties. Door regelmatig met betrokken partijen in gesprek te gaan zorgen we voor verbinding en samenhang in het inburgeringsaanbod en bereiken we dat knelpunten besproken en aangepakt worden. We zijn trots op de behaalde resultaten. Naast de successen zien we ook ruimte voor verbetering. Bijvoorbeeld rondom het financieel ontzorgen. Het jaar 2023 staat dan ook in het teken van doorontwikkeling, waarbij knelpunten uit het implementatiejaar worden aangepakt.

12

Jaarverslag Inburgering

Colofon Dit is een uitgave van Gemeente Delft Postbus 78, 2600 ME Delft Telefoon 14015 Internet www.delft.nl September 2023

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13234788/1