CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarrekening 2024

Raadsvergadering 3 juli 2025, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake jaarstukken 2024 (2520254)31.697 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

30

INVESTERINGEN Investeringsplan

Het investeringsprogramma bestaat uit drie onderdelen: • • •

investeringsplan investeringsplan - bedrijfsmiddelen investeringsagenda

De in uitvoering genomen investeringen zijn opgenomen in het investeringsplan. Op de investeringsagenda staan de voornemens tot investeren voor de komende periode. Na goedkeuring van een uitvoeringsplan gaan investeringen over van de investeringsagenda naar het investeringsplan.

Investeringsplan Investeringsplan Bedragen x € 1.000

Toegekend bedrag

Realisatie t/m 2023

Beschikbaar vanaf

Begroot 2024

Realisatie 2024

1-1-2024 Duurzame stad

4.575

1.773

2.802

545

534

Bereikbare stad

88.371

69.756

18.615

4.994

2.744

Goed wonen

626

289

337

94

40

Schone en veilige stad

150.502

47.836

102.666

21.647

19.410

Samenleven, onderwijs en cultuur

214.567

12.167

202.400

20.178

18.062

-

-

-

-

-

1.740

99

1.641

1.068

60

Werk en inkomen Economie en vastgoed Stad en bestuur Overhead Totaal investeringen investeringsplan

-

-

-

-

-

3.092

2.699

393

124

106

463.473

134.619

328.854

48.650

40.956

Investeringsplan In het investeringsplan was voor 2024, inclusief verrekening van bijdragen derden, € 48,7 miljoen begroot aan investeringen. Hiervan is € 41,0 miljoen gerealiseerd (84 %). In de programmaverantwoording zijn toelichtingen en gespecificeerde overzichten opgenomen van de investeringen. De over 2024 gereserveerde investeringsbudgetten die niet conform planning zijn uitgenut, worden, met uitzondering van de afgesloten kredieten, geherfaseerd.

31

Investeringsplan Bedrijfsmiddelen Bedrijfsmiddelen Bedragen x € 1.000

Toegekend bedrag

Realisatie t/m 2023

Beschikbaar vanaf

Begroot 2024

Realisatie 2024

1-1-2024 Bereikbare stad

750

-

750

250

237

Schone en veilige stad

1.293

32

1.261

149

79

Stad en bestuur

1.001

61

940

199

-

Overhead

13.925

2.316

11.609

984

616

Totaal investeringen bedrijfsmiddelen

16.969

2.409

14.560

1.582

932

Bedrijfsmiddelen Onder bedrijfsmiddelen wordt met name verstaan tractiemiddelen, aanschaf meubilair en werkplekvoorzieningen. De raming 2024 van de investeringen in bedrijfsmiddelen was circa € 1,6 miljoen. De realisatie is circa € 0,9 miljoen (59%). De afwijkingen zijn toegelicht in de betreffende programmaverantwoording.

32

VERLOOP RESERVES EN VOORZIENINGEN Verloop reserves Onderstaande tabel geeft de ontwikkeling weer van de algemene reserve, de bestemmingsreserves en de voorzieningen. De algemene reserve is gemuteerd van € 83,1 miljoen eind 2023 naar € 104,5 miljoen eind 2024. Hierbij is nog geen rekening gehouden met het rekeningresultaat 2024 en het voorstel tot bestemming van het resultaat 2024. Ten laste van de algemene reserve heeft een aantal onttrekkingen en stortingen plaatsgevonden. De specificatie van de mutaties van de algemene reserve staat in het programma Financiën en in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. De bestemmingsreserves zijn per saldo gemuteerd van € 195,9 miljoen eind 2023 naar € 198,3 miljoen eind 2024. Nog geen rekening is gehouden met het voorstel tot bestemming van het resultaat 2024. De specificaties van de mutaties in de bestemmingsreserves staan in het programma Financiën. Drie voorzieningen zijn vrijgevallen.

Grafische weergave van de reserves en voorzieningen

33

PROGRAMMA-VERANTWOORDING.

34

1. DUURZAME STAD 1.1. Wat hebben we bereikt? Doelstellingen Duurzame stad

Overzicht beleidsindicatoren Streven: PB 2024

Stand: JR 2024

CO2-uitstoot in kiloton

-48%

-53%

:)

% Delftenaren die naar eigen zeggen duurzaam bezig zijn

63%

57%

:(

Duurzame stad

Deze indicatoren in het jaarverslag beslaan één jaar, terwijl de Staat van Delft ( https://delft.notubiz.nl/document/14193854/1 ) een breder perspectief biedt door trends en ontwikkelingen op basis van deze indicatoren te analyseren. De gemeenteraad ontvangt de Staat van Delft eens per twee jaar.

Toelichting op de beleidsindicatoren - De data van CO2-uitstoot worden landelijk gerapporteerd en komen met een vertraging beschikbaar. Daardoor wordt hier de uitstoot van 2023 gerapporteerd. Daarnaast worden de meetmethodes continu verbeterd en met terugwerkende kracht toegepast waardoor de uitstoot in referentiejaar 1990 kleine veranderingen kent. Tot slot gaat het om CO2 én andere broeikasgassen. De uitstoot van 'andere broeikasgassen' was voor 2023 nog niet bekend. De aanname is gedaan dat de uitstoot gelijk is gebleven aan 2022 (13 kiloton). Toelichting •

•

De CO2-uitstoot in 1990 was 823 kiloton en in 2023 was dit 390 kiloton: een afname van 53%. Hiermee is deze doelstelling behaald. We zien landelijk én in Delft een forse afname van uitstoot door de gestegen gasprijzen en de toename van duurzame opwekking van elektriciteit. De Routekaart Delft Klimaatneutraal 2050 zal inzicht geven in de prognose voor 2030. Het percentage Delftenaren die naar eigen zeggen duurzaam bezig zijn, wordt tweejaarlijks gemeten in de Omnibusenquête. Het percentage in 2023 was 57%. In 2024 is het percentage niet gemeten. Wij streven naar 100% in 2050. Dan moet ook de stad energieneutraal en klimaatbestendig zijn.

35

1.2 Wat hebben we ervoor gedaan? Doelstellingen Klimaatadaptatie, groen/natuur en water Klimaatadaptatie Dit jaar heeft het college de Uitvoeringsagenda klimaatadaptatie 2024-2025 vastgesteld en aan de gemeenteraad aangeboden. Het nemen van maatregelen voor klimaatadaptatie is bij nieuwbouw inmiddels de standaard geworden. Ook in 2024 is er subsidie aan De Klimaatmaat gegeven. De Klimaatmaat won de Steenbreektrofee voor de inzet op educatie en vergroening in Tanthof, een schoolvoorbeeld van meekoppelen met een rioleringsproject. Er zijn als onderdeel van het Nationaal Kampioenschap Tegelwippen veel plekken vergroend. Delft behaalde landelijk de zesde plek bij het NK Tegelwippen. In 2024 is gestart met een werkgroep Biodiversiteit en Klimaatadaptatie met de vier woningcorporaties en het Hoogheemraadschap van Delfland. Ook nemen we nog steeds deel aan VP Delta. Er is bijvoorbeeld een vooronderzoek uitgevoerd naar een innovatieve oplossing voor een watertekort in droge zomers in het Van Leeuwenhoekpark (Urban Water Buffer). Groen en natuur In 2024 is de visie en het uitvoeringsprogramma 'Groen & Biodiversiteit, de stad als ecosysteem in 2040' vastgesteld. Er is een aantal projecten en initiatieven ondersteund, waaronder die in het Agnetapark, Binnenstad-Noord, het Abtswoudsepark en in Voorhof.

De TU Delft Campus Zuid en bedrijventerrein Schieoevers zijn aangemerkt als living-lab bij Werklandschappen van de Toekomst. Wij hebben een Soort Management Plan opgesteld voor beschermde fauna in de wijken Voorhof en Buitenhof. Dit plan is vastgesteld door de Omgevingsdienst, zodat de woningen in deze twee wijken na het nemen van mitigerende maatregelen kunnen worden geïsoleerd en gerenoveerd. In samenwerking met het Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland is een recreatievisie opgesteld, inclusief de uitwerkingsrichtingen voor het ontwikkelen van poorten waaronder het Abtswoudse en Ackerdijkse Bos en Kerkpolder. Water De Verordening Openbaar Gemeentewater Delft uit 1996 is geactualiseerd. De tekst van de verordening is in overeenstemming gebracht met de huidige wet- en regelgeving. Ook de als bijlage bij de verordening opgenomen ligplaatsenkaart is geactualiseerd. Samen met het Hoogheemraadschap van Delfland is gewerkt aan de uitvoeringsagenda, als onderdeel van de Strategische Samenwerkingsagenda Water. Op basis van eerdere getroffen maatregelen in de Grote Plas van de Delftse Hout en de maatregelen en onderzoeken in andere zwemplassen is een advies uitgewerkt voor het verder beperken van blauwalg. In dit advies is een selectie gemaakt van de meest kansrijke oplossingen waar verder onderzoek naar wordt gedaan.

We hebben een proef uitgevoerd voor het in beweging brengen van het water door middel van een pomp.

36

Doelstellingen Geluid, luchtkwaliteit en bodem Geluid 2024 stond in het teken van het opstellen van en de participatie over het geluidsbeleid. In 2025 kan de besluitvorming over dit beleid plaatsvinden. Dit jaar zijn ook de voorbereidingen getroffen voor de uitvoering van geluidwerende maatregelen bij de saneringswoningen aan de Julianalaan. Bij de saneringswoningen waarvan de eigenaren zich hebben aangemeld, worden de geluidwerende maatregelen in 2025 aangebracht. Luchtkwaliteit De GGD Haaglanden heeft het rapport luchtkwaliteit Haaglanden opgesteld; een Plan van Aanpak voor een regionale aanpak wordt verder uitgewerkt. Samen met de Delftse Luchtwachters is het meetnet met luchtkwaliteitsmeters in de hele stad uitgerold. Komende jaren zullen we de resultaten van deze metingen gaan zien. Bodem In 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Daarmee is er veel veranderd in de weten regelgeving voor bodem en heeft de gemeente er taken en verantwoordelijkheden bijgekregen. Er is hard gewerkt om deze veranderingen in goede banen te leiden. Al in 2023 is gestart met het actualiseren en 'Omgevingswet-proof' maken van de bodemkwaliteitskaart. Het college heeft deze nieuwe kaart in oktober 2024 vastgesteld. Hierdoor kan duurzaam omgegaan blijven worden met vrijkomende grond binnen de gemeente Delft.

Doelstellingen Circulaire economie In 2024 hebben we samen met partners in de stad gewerkt aan initiatieven uit de uitvoeringsagenda Circulaire Economie. Daarbij vinden we het belangrijk dat zichtbaar is dat Delft werkt aan de transitie naar een circulaire economie. Samen met Avalex en Stichting Stunt hebben we het circulair ambachtsnetwerk Winnen! opgezet. Kringloopwinkels en andere circulaire ondernemers doen hieraan mee. Met New Future lab hebben we Circle Lab opgezet om (startende) ondernemers op weg te helpen in de circulaire economie. Samen met de Bedrijvenkring Schieoevers voeren we een project uit om grond- en reststoffen tussen ondernemers uit te wisselen. Voor de inwoners van Delft hebben we in maart het circulair festival georganiseerd en in de zomer twee ontspuldagen in Delft-West. Naast de initiatieven uit de uitvoeringsagenda werken we aan het versterken van het netwerk met onder andere de TU Delft, onderwijsinstellingen Delft-West en (maatschappelijke) ondernemers.

Doelstellingen Energietransitie Delft pakt een actieve voortrekkersrol in de energietransitie. In het hoofdstuk Opgaven staan de transitiepaden toegelicht. De strategische richting is vastgesteld in de Regionale Energie 37

Strategie 1.0, Warmteplan Delft, Routekaart Delft Klimaatneutraal 2050 en Energie Strategie Delft. Onderdeel van opgave energietransitie is het programma Energietransitie met drie werkstromen, ondersteund door programmamanagement.

Maatregelen Werkstroom 1. Stadsbreed in beweging Samen met inwoners, bedrijven en woningcorporaties werken we aan verduurzaming. Draagvlak voor de energietransitie is essentieel en begint met informeren. De campagne ‘Delft Doet Duurzaam’ is in 2024 gelanceerd en wordt verder uitgebouwd, offline en online. Voorbeeld daarvan was de Delftse Klimaatweek, waarin de gemeente samen met partners ruim 40 evenementen bij elkaar bracht. Zo werken we aan onze doelstelling dat meer Delftenaren naar eigen zeggen duurzaam bezig zijn. De uitvoering van het Isolatieplan is voortgezet. Vanuit het Rijk is subsidie voor inwoners beschikbaar gekomen, in aanvulling op de maatregelen in het Isolatieplan. Hierdoor is nu niet alleen een doe-het-zelfsubsidie beschikbaar, maar ook een breed toegankelijke subsidie voor woningverduurzaming door particuliere eigenaren die dat niet zelf kunnen of willen. Daarnaast is het eerste Soortenmanagementplan vastgesteld, om het proces voor natuurinclusief isoleren te vereenvoudigen. De eerste Energieambassadeurs starten begin 2025 en zullen dan hét aanspreekpunt zijn in diverse buurten. Specifiek voor de ca. 1.600 Delftse Verenigingen van Eigenaren (VvE's) is een aanpak ontwikkeld om hen te helpen. Het eerste VvE-café trok ca. 100 bezoekers.

We hebben bijdragen ontvangen uit het Volkshuisvestingsfonds voor het verduurzamen van twee VvE’s in Voorhof en de grondgebonden particuliere woningen in de Multatulibuurt. In 2025 werken we samen met de inwoners aan de verduurzaming van deze woningen. Een nieuw Plan van Aanpak voor energiearmoede (2024-2027) is vastgesteld, waarin meer aandacht is voor huurders van woningcorporaties. In 2024 is in samenwerking met woningcorporaties en stichting 015Duurzaam een complexgewijze aanpak gestart, waarbij energiehulpen deur-tot-deur aanbellen. Zij brengen wanneer gewenst direct energiebesparende maatregelen aan en adviseren hoe ander gedrag de energierekening kan verlagen. Om de energiehulpen te kunnen voortzetten en de resterende adressen te bereiken, heeft in 2024 een aanbesteding plaatsgevonden. In december kondigde TenneT netcongestie aan voor vrijwel geheel Zuid-Holland. Met Bedrijvenkring Schieoevers werken we aan het delen van energie wat de impact van de netcongestie beperkt voor deelnemende bedrijven. We hebben kantooreigenaren gewezen op de Label-C-verplichting, om ervoor te zorgen dat de wetgeving hierover zoveel mogelijk wordt nageleefd in de stad.

Werkstroom 2: Techniek Door de overgang naar duurzame warmte en duurzame elektriciteit zijn aanpassingen in de infrastructuur nodig. De gemeente faciliteert deze projecten en is de verlener van de benodigde vergunningen. De aanleg van het pompstation van WarmtelinQ wordt in 2025 afgerond. Deze transportleiding wordt komend jaar in bedrijf genomen. In 2024 hebben de partners in het warmtenet hun definitieve investeringsbeslissing genomen. Ook is de 38

vergunning voor de exploitatie van de geothermiebron verleend door het Ministerie van Klimaat en Groene Groei. In 2025 start NetVerder met de daadwerkelijke aanleg van het warmtenet. Geothermie Delft B.V. bouwt in 2025 naar verwachting de bovengrondse infrastructuur voor de geothermiebron op het terrein van TU Delft. Daarnaast bereidt de gemeente, samen met de partners, zich voor op fase 2 van het warmtenet, waarin de gemeente de regierol heeft. Om het elektriciteitsnet gereed te maken voor de energietransitie vervangt Stedin het hoogspanningsstation in Tanthof. Er is beroep ingediend bij de Raad van State tegen de bestemmingsplanwijziging, maar omdat geen bezwaar is gemaakt tegen de omgevingsvergunning is deze onherroepelijk geworden. Stedin kan daarom in beginsel in 2025 wel starten met de werkzaamheden. Zo kan de vertraging relatief beperkt blijven.

Werkstroom 3: Warmte-uitvoeringsplannen De overgang naar aardgasvrije warmte verloopt in Nederland met behulp van warmteuitvoeringsplannen. Daarbij stelt een buurt het eigen warmte-uitvoeringsplan op in een participatieproces onder regie van de gemeente. In de warmte-uitvoeringsplannen wordt de samenhang met andere belangrijke uitdagingen in (kwetsbare) wijken zoveel mogelijk geborgd. Daarnaast komen de koppelkansen op tafel met de andere duurzame thema’s: klimaatadaptatie groen/natuur en water en circulaire economie. Het eerste warmteuitvoeringsplan in de Multatulibuurt gaat in 2025 van planvorming naar uitvoering. In 2024 is daarnaast besloten om de volgende warmte-uitvoeringsplannen in Voorhof en Buitenhof te maken. Dit hangt samen met het feit dat de tweede fase van het warmtenet (10.000 woningen van vooral particuliere eigenaren) in Voorhof en Buitenhof zijn beslag zal krijgen. Om die reden is onder deze eigenaren een uitgebreide, professioneel begeleide raadpleging uitgevoerd om zicht te krijgen op wat woningeigenaren van belang vinden bij een warmtenet.

Doelstellingen Mobiliteitstransitie Ook de mobiliteitstransitie draagt bij aan een duurzame stad. Denk hierbij aan het terugdringen van het autogebruik, de milieuzonering, deelmobiliteit mogelijk maken, het bevorderen van het fietsgebruik en de voetganger op één. Met de uitvoering van de projecten uit het mobiliteitsprogramma en de adaptieve mobiliteitsagenda werken we niet alleen aan de mobiliteitstransitie (vanuit het accent 'ruimte voor wonen'), maar komen we ook stap voor stap dichter bij een duurzame stad. Zie de toelichting in programma Bereikbare stad.

1.3 Wat heeft het gekost? Overzicht baten en lasten Bedragen x €1.000

39

Exploitatie

Realisatie 2023

Begroting 2024 voor wijzigingen

Begroting 2024 na wijzigingen

Realisatie 2024

Realisatie vs Begroting

Baten

3.045

4.119

4.257

4.100

-156

Lasten

8.057

11.617

12.534

9.549

-2.984

Gerealiseerd resultaat

-5.011

-7.498

-8.277

-5.449

2.828

Resultaat Omschrijving (toelichting) Het resultaat wijkt € 2.828.000 positief af van de begroting.

Verschil tussen begroting en realisatie Excel-tabel Verschillen tussen begroting en realisatie naar oorzaak

I/S

Totaal

Lasten

Baten

Bedragen x € 1.000 72 Riolering

I

177

318

-141

74 Milieubeheer

I

2.655

2.670

-15

81 Ruimtelijke en leefomgeving

I

-4

-4

-

2.828

2.984

-156

Totaal

Toelichting verschillen Omschrijving (toelichting) Toelichting op de mutaties 72 Riolering € 177.000 (Lasten + € 318.000, Baten -/- € 141.000) Dit product omvat de kosten voor de grondwateronttrekking Delft-Noord. De afbouw van de onttrekking verloopt volgens schema en heeft geen bijzonderheden of tegenvallers gekend in 2024. De kosten zijn daarmee lager uitgevallen dan begroot. 74 Milieubeheer € 2.655.000 (Lasten + € 2.670.000, Baten -/- € 15.000) Milieu advisering (Lasten -/- € 235.000) In 2024 is er meer advies- en beleidscapaciteit gevraagd als gevolg van een toenemende behoefte van bestuur, raad en stad en de omgeving op het gebied van duurzaamheid (groen, natuur, ecologie, klimaatadaptie, water (onder meer Grote Plas Delftse Hout), geluid, bodemsaneringen en bodem- en luchtkwaliteit), waardoor zowel de kosten voor de ambtelijke inzet als de externe advieskosten hoger zijn dan geraamd. Energietransitie (Lasten + € 3.010.000) Het grootste deel van de onderbesteding wordt veroorzaakt door het warmtenet: hiervoor was een bedrag van € 3.027.000 gereserveerd vanuit de reserve Stad. In het afgelopen jaar is deze subsidie richting onze externe partner nog niet betaalbaar gesteld. Tegenover deze onderschrijding staat een lagere onttrekking aan de reserve Stad op het programma Financiën. 40

Overige 74 Milieubeheer (Lasten -/- € 105.000, Baten -/- € 15.000) Dit nadeel is te verdelen naar -/- €105.000 aan de lastenkant en -/- € 15.000 aan de batenkant. Dit zijn de saldi van verschillende kleine afwijkingen binnen het gehele onderdeel Milieubeheer.

Investeringen Excel-tabel Investeringen

Toegekend bedrag

Realisatie t/m 2023

Beschikbaar vanaf 1-1-2024

Begroot 2024

Realisatie Jaar van start 2024 en gereed

(bedragen × € 1.000) Duurzame stad Klimaatplan (reserve investeringsplan); nb: uitgaven lopen via de exploitatie

925

800

125

84

-

2014-2025

Stapsgewijze verduurzaming vastgoedportefeuille

2.265

763

1.502

286

341

2020-2026

Waterplan / klimaatadaptatie

1.385

210

1.175

175

193

2018-2028

Totaal

4.575

1.773

2.802

545

534

Toelichting Investeringen Omschrijving (toelichting) Klimaatplan Deze middelen worden ingezet op de energietransitie. Omdat deze uitgaven via de reguliere exploitatie lopen, zal dit met ingang van 2025 niet meer verantwoord worden via de investeringen. Stapsgewijze verduurzaming vastgoedportefeuille De verduurzaming van de vastgoedportefeuille op basis van de routekaart verduurzaming vastgoedportefeuille is opgenomen in het uitvoeringsplan. Onderdeel hiervan zijn duurzaamheidsmaatregelen aan het object Nassaulaan. Een deel van de werkzaamheden is afgerond in 2024, waardoor sprake is van meer uitgaven dan oorspronkelijk begroot in jaarschijf 2024. Waterplan / klimaatadaptatie De gereserveerde middelen betrekken we bij het uitvoeren van aan water gerelateerde maatregelen voor klimaatadaptatie. Deze werkzaamheden combineren wij zoveel mogelijk met onderhoudswerkzaamheden aan bestrating en/of riolering.

Algemeen Omschrijving (toelichting) In 2050 willen we klimaatneutraal en klimaatbestendig zijn. Voor het leefbaar houden van de stad zijn daarom alle duurzaamheidsthema’s van groot belang. Onder het programma Duurzame stad valt de energietransitie, circulaire economie, klimaatadaptatie en thema’s als 41

water, natuur, biodiversiteit, schone lucht, geluid en bodemkwaliteit. De ambities zijn hoog. We namen ook in dit begrotingsjaar concrete stappen die de eerder ingeslagen koers volgen.

Hierbij gebruiken we alle kansen in de drie opgaven, in het bijzonder de energietransitie. Daarnaast draagt dit programma Duurzame stad bij aan de bestuurlijke accenten 'een gezonde en veilige stad' en, uiteraard, 'een duurzame stad'. Verduurzamen roept veel vragen op bij de bewoners. Want: welke maatregelen moet ik nemen, en kan ik het verduurzamen van mijn huis wel betalen? Gaat de rekening voor gas en elektriciteit verder omhoog? En zijn we in de toekomst wel verzekerd van genoeg energie? We merken dat we te maken krijgen met hogere temperaturen en heftiger regenbuien. Om de stad leefbaar te houden, moeten we maatregelen nemen. Wij vinden het belangrijk dat iedereen mee kan in de verschillende transities waar we voor staan. En wij nodigen Delftenaren uit om ook zelf maatregelen te nemen voor een duurzame toekomst. Waar nodig ondersteunen en stimuleren wij die.

42

2. BEREIKBARE STAD 2.1. Wat hebben we bereikt? Overzicht beleidsindicatoren Omschrijving (toelichting)

Streven: PB 2024

Stand JR 2024:

Bereikbaarheid: klantwaardering

7,8

7,5

:|

Fietsen en lopen: klantwaardering

8,5

8,4

:|

% Auto: aandeel verplaatsingen

Minder auto <18%

19%

:|

% Fiets: aandeel verplaatsingen

Meer fiets >42%

46%

:)

% Lopen: aandeel verplaatsingen

Meer lopen >33%

27%

:(

Meer OV >1%

3%

:)

Bereikbare stad

% OV: aandeel verplaatsingen

Deze indicatoren in het jaarverslag beslaan één jaar, terwijl de Staat van Delft ( https://delft.notubiz.nl/document/14193854/1 ) een breder perspectief biedt door trends en ontwikkelingen op basis van deze indicatoren te analyseren. De gemeenteraad ontvangt de Staat van Delft eens per twee jaar.

Toelichting op de beleidsindicatoren Omschrijving (toelichting) Bereikbaarheid: klantwaardering over alle vervoersmiddelen Rapportcijfer van Delftenaren over de algemene bereikbaarheid in Delft. Bron: Omnibusenquête. Fietsen en lopen: klantwaardering Rapportcijfer van Delftenaren over specifiek de bereikbaarheid van fietsen en lopen in Delft. Bron: Omnibusenquête. De volgende Omnibusenquête wordt volgens afspraak in het najaar 2025 uitgevoerd. Aandeel verplaatsingen Verplaatsingen van Delftenaren binnen Delft naar vervoersmiddel. Delftenaren geven het aandeel verplaatsingen weer van: auto (passagier), motor (passagier), brom/snorfiets, openbaar vervoer, fiets of lopen. Daarbij is de mogelijkheid een alternatief vervoermiddel aan te geven in de categorie 'anders'. Bron: Delft Internet Panel.

43

2.2. Wat hebben we ervoor gedaan? Doelstellingen Mobiliteit

Maatregelen Mobiliteit In de uitwerking van bovengenoemde doelstellingen zijn bijbehorende maatregelen per aandachtsgebied, dus per beleidsveld gegroepeerd. Binnen elk aandachtsgebied worden verschillende maatregelen getroffen die allemaal hun bijdrage leveren aan de verschillende doelstellingen. Het is daarom niet mogelijk om per specifieke doelstelling maatregelen te vermelden, aangezien alle maatregelen bijdragen aan verschillende doelstellingen. Het geheel aan maatregelen biedt daarom een antwoord op de combinatie van doelstellingen. Voetganger op één De voetganger staat in ons mobiliteitssysteem op de eerste plaats. De kwaliteit van het voetgangersnetwerk heeft een verbeterslag nodig om het lopen aantrekkelijker en veiliger te maken. We werken beleid uit om de voetganger een sterkere positie te geven. Dat doen we in de binnenstad, maar we werken ook aan versterking van routes voor de voetganger tussen station Delft Campus en Innovatiedistrict Delft en de routes in Delft-West. De voetganger op één draagt zo bij aan de twee belangrijke opgaven Delft-West en Innovatiedistrict Delft Ruimte in de binnenstad We breiden het autoluwplus-gebied uit in het zuidwestelijk deel van de binnenstad. De voetganger krijgt hier maximaal de ruimte en de openbare ruimte krijgt een kwaliteitsimpuls. We halen parkeerplaatsen in dit gebied weg en laten minder vrachtverkeer toe.

In overleg met de bewoners en andere belanghebbenden richten we de vrijkomende ruimte in voor onder andere vergroening, verblijven en verbetering van het fietsparkeren. Fietsparkeren Voor verplaatsingen binnen Delft is fietsen een belangrijke vervoerswijze. We continueren onze inspanningen om ons fietsnetwerk uit te breiden en te verbeteren ten gunste van verkeersveiligheid en verkeersafwikkeling. Het succes van de fiets brengt met zich mee dat er meer aandacht moet komen voor de gestalde fiets. Om de groei van het aantal gestalde fietsen in goede banen te leiden, is het Handelingsperspectief Fietsparkeren opgesteld. De fietsparkeeropgave is hierin inzichtelijk gemaakt met de benodigde stappen, investeringsopgave en beheeropgave. Een belangrijke stap is in 2024 gezet met de opening van de fietsenstalling Oude Langendijk. Met NS en ProRail werken we aan veilige en toekomstbestendige stallingen die efficiënt benut worden. Daarbij kijken we ook naar het samenspel tussen stallingsbehoefte en aanbod deelmobiliteit (en deelmobiliteitshubs). Duurzame Mobiliteit We geven prioriteit aan schone en actieve vormen van verplaatsen. We doen dit in

44

samenhang met het Schone Lucht Akkoord en het Programma Duurzame Mobiliteit van de MRDH (bestuurlijk accent: duurzame stad). Duurzaam zoneren Per 1 januari 2025 is de binnenstad een nul-emissiezone voor logistiek verkeer. Alleen vrachtverkeer en bestelbussen die zonder uitstoot rijden, mogen dan de binnenstad in. We houden een overgangsperiode aan voor bedrijven die de overstap naar emissievrije voertuigen nog niet hebben kunnen maken. Ook dit hoort bij een gastvrije en leefbare binnenstad. Deelmobiliteit Deelmobiliteit draagt bij aan het verduurzamen van de stad. Deelvoertuigen worden efficiënter gebruikt en door het delen van vervoermiddelen is minder parkeer- en stallingsruimte nodig. Voor deeltweewielers hebben we sinds 2022 een vergunningstelsel. In 2024 is GoSharing in alle steden behalve Amsterdam gestopt met de activiteiten. De vrijgekomen plek in het vergunningstelsel wordt opgevuld door Felyx die vanaf begin 2025 in Delft elektrische fietsen en scooters gaat aanbieden. Voor deelauto’s hebben we in 2024 het beleid geactualiseerd en nieuwe beleidsregels vastgesteld. We kunnen nu meer sturing geven aan het aanbod van deelauto's. Het beleid werken we in 2025 verder uit naar concrete projecten in de stad. Deelmobiliteit kan een belangrijke rol vervullen bij regionale verplaatsingen.

Met gemeenten in de regio Haaglanden onderzoeken we afstemming van beleid om de potentie van deelmobiliteit voor regionale verplaatsingen optimaal te benutten. Ook met de MRDH werken we aan regionale afstemming. Daarnaast is Delft partner van het landelijk programma Natuurlijk!Deelmobiliteit. Vanuit dit programma werkt Delft met andere gemeenten samen op de onderwerpen 1) inclusieve deelmobiliteit, 2) bewonersinitiatieven deelvervoer en 3) leidraad sturing en bekostiging (wijk)hubs in gebiedsontwikkeling. Openbaar vervoer (OV) De coronacrisis en de daaropvolgende energiecrisis hebben een flinke wissel getrokken op het OV. Wel zien we een geleidelijk herstel na de coronajaren met wederom een groei van het aantal reizigers. Hogere kosten en personeelstekorten spelen de vervoerbedrijven wel parten. Verschillende vervoerbedrijven zijn onder zware financiële druk komen te staan. In 2024 zijn in MRDH-verband afspraken gemaakt met de vervoerders om de concessie weer toekomstvast te maken. In 2024 zijn we gestart met het opstellen van een netwerkvisie voor het OV in Delft. Deze netwerkvisie richt zich met name op het lokale OV in aanvulling en aansluiting op schaalsprong op de Oude Lijn. De netwerkvisie wordt begin 2025 afgerond. Het OV moet een inclusief systeem zijn met aandacht voor de behoefte aan mobiliteit voor alle doelgroepen.

Daarnaast geven we prioriteit aan de visie van de bereikbaarheid van het openbaar vervoer voor gebiedsontwikkelingen (zoals Nieuwe Haven en Schieoevers) en de opgaven Delft-West en het Innovatiedistrict. Tramlijn 19 is in aanleg op de Mekelweg. Voor de afbouw bleek € 23,6 miljoen extra budget nodig. Het Algemeen Bestuur van de MRDH heeft d.d. 25 oktober 2024 besloten dit bedrag te dekken uit de begroting van de MRDH. Zomer 2025 is de aanleg gereed en start de testperiode. In 2026 zal tramlijn 19 naar de TU Campus tot de Kruithuisweg gaan rijden. 45

Voor de verstedelijkingsopgave zijn extra treinen op de Oude Lijn tussen Leiden en Dordrecht noodzakelijk. Zomer 2024 zijn twee nieuwe sporen en de perrons 3 en 4 op station Delft en station Delft Campus in gebruik genomen. Met de viersporigheid tussen Delft Campus en Rijswijk is het spoornet robuuster en op de toekomst berekend. Half december 2024 (ingang dienstregeling 2025) is het aantal sprinters verhoogd van 4 naar 6 per richting. Daarmee is het Programma Hoogfrequent Spoor voor de gemeente Delft afgerond. Samen met Rijk (I&W en VRO), MRDH, provincie, NS en ProRail verkennen we de mogelijkheden en maatregelen voor verdere schaalsprong op de Oude Lijn richting 2040. De MIRT-verkenning is eind 2025 gereed. Het samenspel tussen de verstedelijkingsopgave, het verbeteren van de bereikbaarheid en het landschappelijke inpassen van het spoor tussen Delft en Schiedam is hierbij van belang. We werken onder andere samen met de Verstedelijkingsalliantie, de NOVEX Zuidelijke Randstad en het Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland. Parkeren Het parkeren van auto’s neemt veel van de schaarse ruimte in beslag. Dat heeft invloed op de leefbaarheid. Daarom hebben we de keuze gemaakt om de geparkeerde auto minder ruimte te geven. In 2020 is met de ‘parkeertransitie’ een stevige basis gelegd voor het parkeerbeleid voor met name de binnenstad.

In 2024 is het besluit genomen om met het project Ruimte in de binnenstad gefaseerd het aantal parkeerplaatsen op straat te gaan verlagen en de parkeergarages beter te gaan benutten. En we hebben met de Beleidsregel Parkeernormen de eis op het aantal te realiseren parkeerplaatsen met 20% verlaagd en opzichte van het oude beleid uit 2018. We sluiten aan bij de gevel-tot-gevelbenadering in Delft West door kritisch te kijken naar het aantal benodigde parkeerplaatsen bij de herinrichting. Wanneer het niet nodig is om alle parkeerplaatsen in de nieuwe situatie terug te leggen zetten we in op het verder vergroenen van de openbare ruimte. Zo leveren we een bijdrage aan de leefbaarheid in Delft-West (tekst gewijzigd n.a.v. Amendement A.4.D1 Geen parkeertransitie in Delft-West). Verkeersveiligheid Vanuit het MPD zetten we in op projecten die bijdragen aan verbetering van de bereikbaarheid en de verkeersveiligheid. Vooral voetgangers en fietsers profiteren hiervan: Enerzijds omdat dit de meest kwetsbare verkeersdeelnemers zijn. Anderzijds, omdat de investeringen vooral zijn gericht op fiets- en voetgangersvoorzieningen. In 2024 hebben we bij zeven basisscholen de pilot 'Veilig op de fiets' uitgevoerd (motie 4.1.29) in samenwerking met de scholen, leerlingen, ouders en omwonenden. Dit heeft geleid tot een pakket aan fysieke maatregelen en gedragsmaatregelen die verder worden uitgewerkt.

Adaptieve mobiliteitsagenda De Adaptieve Mobiliteitsagenda 2040 - update 2023 (AMA) is het uitvoeringsprogramma voor het Mobiliteitsprogramma Delft (MPD). De projectenlijst is tot stand gekomen door een afweging te maken tussen de mate waarin projecten bijdragen aan de doelstellingen, de mee-koppelkansen (werk met werk) en de mogelijkheid om subsidie te krijgen.

46

De uitvoeringsagenda is adaptief, waarbij het beschikbare budget richtinggevend is. De projectenlijst wordt aangepast bij wijzigingen in bijvoorbeeld de planning of de kosten van projecten. Hiermee zijn we in staat om de dynamiek van de stad te volgen en projecten te realiseren die maximaal bijdragen aan onze doelstellingen. In bovenstaande mobiliteitsonderwerpen staan veel AMA-projecten benoemd. Naast deze projecten is voor het kruispunt Wateringsevest-Nieuwe Plantage en voor de aansluiting Nieuw Delft op de Vulcanusweg in 2024 participatie uitgevoerd. In 2025 starten we met het actualiseren van de Adaptieve Mobiliteitsagenda voor 2026-2030.

2.3 Wat heeft het gekost? Overzicht van baten en lasten Bedragen x €1.000 Exploitatie

Realisatie 2023

Begroting 2024 voor wijzigingen

Begroting 2024 na wijzigingen

Realisatie 2024

Realisatie vs Begroting

Baten

7.488

6.725

7.479

7.829

350

Lasten

11.814

12.577

11.192

10.563

-629

Gerealiseerd resultaat

-4.325

-5.852

-3.713

-2.734

979

Resultaat Omschrijving (toelichting) Het resultaat wijkt € 979.000 positief af van de begroting.

Verschil tussen begroting en realisatie Excel-tabel Verschillen tussen begroting en realisatie naar oorzaak

I/S

Totaal

Lasten

Baten

Bedragen x € 1.000 21 Verkeer en vervoer

I

-154

283

-437

22 Parkeren

I

1.059

374

685

23 Recreatieve havens

I

140

10

130

25 Openbaar vervoer

I

-65

-38

-27

979

629

350

Totaal

Toelichting verschillen Omschrijving (toelichting) 21 Verkeer en vervoer -/- € 154.000, (lasten + € 283.000, baten -/- € 437.000)

47

Ontvangen rijksmiddelen CDOKE Duurzaam zoneren (lasten + 427.000 en baten -/- € 427.000) Voor de verduurzaming van mobiliteit heeft de gemeente rijksmiddelen ontvangen via de tijdelijke regeling CDOKE - Duurzaam Zoneren (capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid). Deze middelen zijn nog niet volledig ingezet in 2024; het project loopt door in 2025. Extra afschrijving activa verkeer en vervoer (lasten -/- € 56.000) In 2024 hebben er extra afschrijvingen plaatsgevonden op activa binnen taakveld verkeer en vervoer. 22 Parkeren € 1.059.000 (lasten + € 374.000, baten + € 685.000) Lagere ambtelijke uren taakveld parkeren (lasten + € 355.000) In 2024 zijn minder ambtelijke uren ingezet op taakveld Parkeren dan begroot. De capaciteit is vooral ingezet op de uitbreiding van Autoluw+. De uitvoering van het beleid ligt bij Parkeren Delft. Hogere baten straatparkeren (baten + € 835.000) In 2024 heeft de gemeente hogere baten gerealiseerd uit straatparkeren dan oorspronkelijk begroot. Deze stijging is voornamelijk toe te schrijven aan toegenomen bezoekersaantallen en verbeterde handhaving.

Investeringen Excel-tabel Investeringen

Toegekend bedrag

Realisatie t/m 2023

Beschikbaar vanaf Begroot 1-1-2024 2024

Realisatie Jaar van start 2024 en gereed

(bedragen × € 1.000) Bereikbare Stad Investeringsplan: Adaptieve Mobiliteitsagenda

30.068

4.949

25.119

4.951

3.085

xx-2028

Adaptieve mobiliteitsagenda - bijdragen derden

-8.517

-1.888

-6.629

-

-375

xx-2028

Binnenstad fysiek t.l.v. reserve

34

xx-2024

Halteverplaatsing tramhalte Martinus Nijhofflaan

165

165

-

-

2025-2026

Halteverplaatsing tramhalte Martinus Nijhofflaan - bijdrage van derden

-83

-83

-

-

2025-2026

66.695

43

43

-

xx-2024

750

250

237

xx-2024

69.756

19.365

5.244

2.981

Spoorzone (inrichting openbare ruimte)

66.738

Bedrijfsmiddelen: Vervanging parkeerautomaten Totaal

750 89.121

48

Toelichting Investeringen Omschrijving (toelichting) Adaptieve mobiliteitsagenda (AMA) In de AMA staan concrete projecten die bijdragen aan het realiseren van de doelstellingen uit het Mobiliteitsprogramma Delft 2040 (MPD). De uitvoeringsagenda is adaptief; de projectenlijst wordt aangepast bij wijzigingen in bijvoorbeeld de planning of de kosten van projecten. Binnenstad fysiek t.l.v. reserve Het krediet is eind 2023 afgesloten. Spoorzone (inrichting openbare ruimte) Het restantkrediet is eind 2024 afgesloten. Vervanging parkeerautomaten Betreft een jaarlijks investeringsbudget voor de vervanging en vernieuwing van parkeerautomaten, vanwege einde levensduur en als gevolg van uitbreiding betaald parkeerareaal. De jaarschijf 2024 is eind 2024 afgesloten.

Algemeen Omschrijving (toelichting) De stad groeit in de komende jaren, met nieuwe woningen en meer arbeidsplaatsen. Daarnaast focust Delft op drie urgente opgaven: we gaan aan de slag met de energietransitie en focussen ons op Delft-West en het Innovatiedistrict Delft. De ruimte in Delft is schaars. Meer mensen in de stad zorgt voor een grotere vraag naar mobiliteit, terwijl de beschikbare ruimte afneemt. De uitdaging is om de groei van de stad zodanig in goede banen te leiden dat een leefbare, schone en groene leefomgeving behouden blijft. Om Delft leefbaar en bereikbaar te houden, zijn oplossingen nodig om schoner, efficiënter en/of minder verkeer te stimuleren. Met de mobiliteitstransitie werken we aan een bereikbare stad. Nieuwe verbindingen voor langzaam verkeer ontsluiten wonen, werken en voorzieningen beter. Met de mobiliteitstransitie en bereikbare stad dragen we bij aan de energietransitie en aan de bestuurlijke accenten 'een duurzame stad', 'ruimte voor wonen' en 'een gezonde en veilige stad'.

49

3. GOED WONEN 3.1. Wat hebben we bereikt? Overzicht beleidsindicatoren Omschrijving (toelichting)

Streven: PB 2024

Stand: JR 2024

Aandeel corporatiewoningen (excl. studenten)

> 33%

36%

:)

Woningen

+ 750

+ 375*

:(

Nieuwbouw studentenwoningen

+ 700

+ 136

:(

Meldingen woonoverlast

> 366

673

:)

Goed wonen

*Voorlopige cijfers Deze indicatoren in het jaarverslag beslaan één jaar, terwijl de Staat van Delft ( https://delft.notubiz.nl/document/14193854/1 ) een breder perspectief biedt door trends en ontwikkelingen op basis van deze indicatoren te analyseren. De gemeenteraad ontvangt de Staat van Delft eens per twee jaar.

Toelichting op de beleidsindicatoren Omschrijving (toelichting) Aandeel corporatiewoningen: aandeel sociale huurwoningen in de woningvoorraad (exclusief studentenwoningen) Woningen: netto groei woningvoorraad (inclusief studentenwoningen) gerelateerd aan de doelstelling + 15.000 (2018-2040) Studentenwoningen: aantal nieuwe studentenwoningen gerelateerd aan doelstelling +3.500 2020 t/m 2029 Meldingen woonoverlast: bekendheid meldpunt (op basis van DIP-enquête) en aantal meldingen per jaar.

50

3.2 Wat hebben we ervoor gedaan? Doelstellingen A. Gebiedsontwikkelingen en Gebieden in ontwikkeling De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden. In 2024 is gestart met de voorbereiding op het omgevingsplan. Dat plan zal vanaf 2025 per gebied worden ingevoerd. Omdat het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) en de software voor het Omgevingsplan nog niet volledig beschikbaar zijn (landelijk), zijn er naast het omgevingsplan tijdelijke instrumenten om gebiedsontwikkelingen mogelijk te maken (zoals het TAM IMROomgevingsplan). Dit inzet van tijdelijke workarounds naast het omgevingsplan brengt frictiekosten met zich mee. Ook treedt de Wet kwaliteitsborging in werking. Dit verandert stapsgewijs een deel van het werk. Er zal meer ingezet worden op procesregie dan op inhoudelijke toetsing van bepaalde categorieën (aanvragen voor) omgevingsvergunningen. Het legesmodel zal hierop aangepast worden. Actief werken aan de stad betekent ook gericht onroerend goed verwerven voor concrete doelen of strategisch onroerend goed verwerven voor de langere termijn als zich kansen voordoen. Om dit te bereiken, gaan we een integraal kader opstellen en voorleggen aan de raad waarbinnen aankopen moeten passen.

Maatregelen De Kop van de Buitenhof Ook de Kop van Buitenhof behoort tot het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid Delft-West. In 2024 zijn de grondexploitatie, het masterplan en projectdocument door de raad vastgesteld. Met de toekenning van de WBI-aanvraag was aanpassing van de strategie nodig en is deze verwerkt in de grondexploitatie. Begin 2024 is een voorkeursrecht gevestigd op het voormalige pand van de Rabobank aan de Buitenhofdreef. Dit heeft ertoe geleid dat in december het pand is aangekocht. Ook de onderhandelingen met Basalt Revalidatie over aankoop, verplaatsing en ontwikkeling zijn vrijwel afgerond. Vooruitlopend hierop zijn Basalt Revalidatie en de Maurice Maeterlinckschool gestart met het uitwerken van hun bouwplannen.

Gebieden in ontwikkeling (Duurzame stad) Onder de noemer Ruimte in Binnenstad wordt gewerkt aan de integrale afstemming tussen alle fysieke projecten in de openbare ruimte die in de binnenstad worden uitgevoerd. De diverse deelprojecten kennen hun eigen uitvoering en voorbereiding, maar onderlinge afstemming en eenduidige communicatie en participatie hierover is van essentieel belang. Er speelt veel, zoals vergroening en klimaatadaptatie, de vervanging van kabels en leidingen, het terrassenbeleid, zero-emissie, uitbreiding autoluw-plus en fietsparkeren. Naast de integrale afstemming valt de inrichting van de vrijkomende ruimte hieronder, die samen met de bewoners wordt vormgegeven. De geboekte resultaten op de diverse deelprojecten worden toegelicht binnen het betreffende beleidsprogramma. 51

Nieuw Delft De ambitie voor Nieuw Delft is om een economisch vitale en levendige stadswijk te realiseren (bestuurlijk accent 'economische kracht en bruisende stad'). Dit vereist onder meer een mix aan (bijzondere) functies die het gebied een eigen inkleuring geven en die mensen naar het gebied kunnen trekken. Het programma voor Nieuw Delft behelst het ontwikkelen en realiseren van woningbouw, niet-woonfuncties (waaronder publieke functies, kantoren, horeca en detailhandel), het realiseren van een stadspark op het dak van de spoortunnel en het inrichten van de openbare ruimte. In 2024 is de bouw gestart van veld 2.5 met ruimte voor Filmhuis Lumen. Het omliggende Houttuinenplein, bij het Huis van Delft, is gerealiseerd en opgeleverd. In het deel ten zuiden van de Ireneboulevard is het plan Porseleinen Hof en de parkeer HUB opgeleverd, ingebruikname van de HUB volgt in 2025. De kavels voor particulier opdrachtgeverschap (PO) en collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO) vorderen gestaag in de ontwikkeling. In 2024 zijn enkele CPO-kavels al gestart met de bouwactiviteiten, het merendeel volgt in 2025. Inmiddels zijn de laatst te ontwikkelen velden voor wat betreft de planontwikkeling in een vergevorderd stadium.

Schieoevers Het bestemmingsplan Schieoevers-Noord is in behandeling bij de Raad van State. De Raad van State heeft de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak (STAB) om advies gevraagd. Dit advies is inmiddels uitgebracht en het is nu wachten op de zittingsdatum. De gebiedsvisie van Station Delft Campus is voor de zomer door het college vrijgegeven voor afronding van het participatieproces. De verwachting is dat deze visie rond de jaarwisseling gereed is, waarmee de ontwikkeling van De Strip en de Noordkavel verder gebracht worden. Voor het project Laga zijn belangrijke stappen gezet, zodat in 2025 gestart kan worden met de bouw. Ook is het afgelopen jaar opnieuw de Schieoeverssafari georganiseerd waar de ontwikkelingen op Schieoevers getoond zijn aan geïnteresseerden. Met de provincie ZuidHolland is doorgewerkt aan het project Verbreding Schie, zodat begin volgend jaar het bestemmingsplan kan worden vastgesteld. De ontwikkelingen op Schieoevers-Zuid bieden kansen om het Innovatiedistrict Delft (IDD) te versterken. Dit is het gebied waar innovatieve, technologisch gedreven maakbedrijven kunnen landen die de TU Campus of SchieoeversNoord ontgroeid zijn. Om maximaal hierop in te zetten, is er dit jaar een economisch profiel opgesteld voor het gehele IDD en voor Schieoevers-Zuid.

Wijkversterkingsopgave Gillis/Delfia Het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid Delft-West en de gebiedsontwikkeling Gillis-Delfia zijn in 2024 beter met elkaar vervlochten. Er is nu volledige aanhaking bij de stuurgroep van het het Nationaal Programma. Ondertussen is er intensief gewerkt aan het Integraal Ontwikkelplan dat naar verwachting in het eerste kwartaal van 2025 gereed komt en ter vaststelling wordt aangeboden in het tweede kwartaal van 2025.

52

Doelstellingen B. Woonbeleid en uitvoering

Maatregelen 15.000 woningen groeien in de periode 2018-2040, betaalbare nieuwbouw (bestuurlijk accent ruimte voor wonen) We constateren dat door onder meer procedures bij de Raad van State, stijgende bouwkosten, hogere rentelasten en gebrek aan personele capaciteit bij actoren het woningbouwprogramma in de knel komt. In regionaal verband hebben we in 2023 afspraken met onder meer het Rijk gemaakt om tot realisatie van woningbouw te blijven komen en ten minste twee derde deel van de nieuwbouw in het betaalbare segment te realiseren. Voorwaardelijk is dat met name het Rijk belemmeringen wegneemt. In 2024 is hiertoe in regionaal verband frequenter en breder (uitbreiding met 'woonzorg') gemonitord, waarbij nu ook belemmeringen van nieuwbouwprojecten inzichtelijk worden gemaakt. In 2024 is een tijdelijke programmamanager woningbouw aangesteld. Hiermee kunnen we sneller regie terugpakken door bijvoorbeeld te herprioriteren, bij te sturen of hulp vragen waar mogelijk. Via een medio 2024 opgezette lokale Bouwtafel proberen we versnelling te realiseren. In 2024 zaten de corporaties aan tafel, in goed overleg is besloten projectontwikkelaars in 2025 te laten aansluiten. De lokale Bouwtafel staat in verbinding met een breed opgezette regionale Versnellingstafel waaraan onder meer het Rijk en de provincie Zuid-Holland deelnemen.

Op de regionale tafel hebben we drie Delftse casussen ingebracht: flexwoningen Brasserskade, Grasbuurt Schoemaker Plantage en Gele Scheikunde. Eind 2024 wordt mede op basis van de opbrengst vanuit de regionale Versnellingstafel aan deze projecten gewerkt, en worden belemmering ook kenbaar gemaakt aan de landelijke Versnellingstafel. In 2024 zijn in Delft circa 300 nieuwbouwwoningen opgeleverd. Dat is fors minder dan vorig jaar (circa 1.300) en ook fors minder dan de benodigde circa 850 nieuwe woningen per jaar. Ook de jaren 2025 en 2026 zien er niet rooskleurig uit. Het percentage betaalbare nieuwbouwwoningen is te laag om tot het jaar 2040 structureel een woningvoorraad van een derde deel sociale huurwoningen te behouden. De Delftse Woonmonitor maakte dit duidelijk en leidde tot nadere studie voor bijsturingsmogelijkheden om tot meer betaalbare woningen te komen (oplevering Q1-2025). Vanuit betaalbaarheid werd in 2024 verkend of we met erfpacht, Koopgarant of andere constructies betaalbare koop mogelijk kunnen maken. Ook verkenden we of erfpacht meerwaarde biedt om tot middenhuurwoningen te komen. Ultimo 2024 werden deze onderzoeken afgerond. Ze bieden een basis voor de in 2025 te presenteren studie om tot bijsturing te komen. In 2024 zijn 31 startersleningen verstrekt. In september moesten we de verstrekking beëindigen omdat het beschikbare geld op was.

Met de grote woningcorporaties die in Delft actief zijn, actualiseerden we in 2024 de in 2023 gemaakte meerjarige afspraken over de streefvoorraad en de beoogde nieuwbouwlocaties voor betaalbare huurwoningen. Het lukte ons niet om in 2024 met grotere particuliere verhuurders het gesprek aan te gaan over het behoud van de particuliere sociale huursector. De betaalbaarheid van nieuwbouwwoningen op de lange termijn willen we beter borgen via het planologisch instrumentarium. Met de komst van de Omgevingswet zijn er geen 53

mogelijkheden meer voor een doelgroepenverordening. Dit is in 2024 dan ook niet opgepakt. Als de ICT-techniek van het landelijke DSO-systeem het toelaat, kunnen we pas vanaf 2025 gewenste woning(prijs)segmenten in omgevingsplannen gaan vastleggen. Tegelijkertijd bekijken we alternatieven. We blijven waar mogelijk privaatrechtelijk bijsturen. Om tot snellere bouw van (betaalbare) woningen te komen, heeft Delft in G40/VNG-, NPLV-, Verstedelijkingsalliantie-, NSN- en NKN-verband gewerkt aan landelijke Woontop-afspraken (december). Dit leidde tot een breed pakket aan landelijke maatregelen. Bijzondere aandacht en geldmiddelen zijn er voor het landelijke NPLV-programma en dus ook voor Delft-West (Wij West). We hebben eind 2024 een gemeentelijk meldpunt voor collectieve woonvormen ingericht en hier publiciteit aan gegeven. Er zijn hierdoor zeven nieuwe en hernieuwde contacten gelegd. We proberen initiatieven aan locaties te koppelen. In de Woonmonitor hebben we deze woonvormen ook een plek gegeven.

3.500 nieuwe Delftse studentenwoningen in 2020-2030 In 2024 is het complex Balthasar van der Polweg IV van studentenhuisvester DUWO opgeleverd. Daarmee is Delft 136 studentenwoningen met 'common rooms' rijker. Met de TU Delft en DUWO bekeken we op welke locaties in Delft (3.500 stuks) en in de directe omgeving we snel extra studenten(flex)woningen willen bouwen, welke (rijks)middelen daarvoor nodig zijn en wat daarbij de rol van de gemeente is. Het resultaat is gezamenlijk draagvlak voor de bouw van deze woningen, waarvan tenminste een derde deel na 2030 gerealiseerd zal worden. De TU-campus speelt hierbij een sleutelrol, hetgeen ook resulteerde in actie richting de provincie om meer planologisch-juridische ruimte te creëren. Op basis van een aangenomen motie wordt dit alles uitgewerkt naar een begin 2025 te verschijnen Actieplan Studentenhuisvesting. Daarbij is ook aandacht voor initiatieven die we in samenwerking met nabije gemeenten in gang zetten.

Beter benutten bestaande voorraad, aanpakken woonexcessen en woonoverlast In regionaal verband werken we in 2024 aan vernieuwing van de woonruimteverdelingsmethodiek en legden dit in december 2024 vast in een geactualiseerde huisvestingsverordening (HVO). Verdere vernieuwing blijven we in samenhang doen met in de maak zijnde nieuwe wetgeving zoals de Wet versterking regie volkshuisvesting. We doen dit in regionaal verband en in nauw overleg met de Sociale Verhuurders Haaglanden. Met de kennis van nu zullen de majeure aanpassingen van de HVO niet eerder dan 2026 plaatsvinden. Het lokale deel van de huisvestingsverordening reguleert de omzetting van zelfstandige naar onzelfstandige woonruimte, woningvorming, toeristische verhuur en de opkoopbescherming. We nemen meer regie en intensiveren de handhaving hiervan. Binnen dit alles maken we gereguleerd woningdelen niet onmogelijk. Op kleine schaal experimenteren we met 'friendswonen' (pilot woningdelen Vidomes startte eind 2024) en met hospitaverhuur (aan twee organisaties is subsidie verstrekt). We benutten mogelijkheden voor tijdelijke (doelgroep)contracten van vijf jaar, bijvoorbeeld voor jongeren. Inzage in 'Basisregistatie personen' (BRP) en data-analyse helpen corporaties om ondermijning en woonfraude tegen te gaan. Op dit punt willen we de corporaties goed 54

faciliteren. Daartoe is met hen een convenant ondertekend dat het beschikking stellen van BRP-gegevens regelt. Eind 2024 was de implementatiefase helaas nog niet gereed. In deze fase worden ook de twee door de gemeenteraad aangenomen moties vormgegeven. Met een meldpunt Ongewenst verhuurgedrag en een pilot-Huurteam hebben wij in twaalf maanden 43 huurders van particuliere verhuurders ondersteund in het contact met hun verhuurder. De pilot is eind 2024 geëvalueerd, en op basis van de evaluatie verlengd voor een periode van in ieder geval twee jaar. Met deze continuering kan de uitvoering van de Wet goed verhuurderschap verder worden geïmplementeerd waarbij ook de nieuwe huurwetten kunnen worden uitgevoerd (Wet maximering huurprijsverhogingen geliberaliseerde huurovereenkomsten, de Wet betaalbare huur en de Wet vaste huurcontracten). De verkenning van nut en noodzaak van verhuurdersvergunningen is doorgeschoven naar 2025. In plaats daarvan is met prioriteit een leegstandsanalyse uitgevoerd. Deze analyse maakte duidelijk dat er in Delft slechts een zeer beperkt aantal woningen met langdurige problematische leegstand kampt. Om deze reden in combinatie met de daarvoor benodigde personele inzet, is besloten om geen leegstandsverordening op te stellen. We zetten de huidige aanpak woonoverlast voort met onze partners. We borgden de werkwijze die gaandeweg is ontwikkeld.

De bekendheid van het meldpunt Overlast is in 2024 (54%) ongeveer gelijk gebleven ten opzichte van 2023, maar blijft nog ver van de beoogde 80% in 2026. Van alle overlastmeldingen komt nu 16% het meldpunt Woonoverlast binnen (was 7% in 2017). Dit jaar zijn er 673 overlastmeldingen binnengekomen. Vanuit het uitvoeringsbeleid Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH) is mede ingezet op de daarin gestelde prioriteiten, waaronder gezondheid, constructieve- en/of brandveiligheid, huisvesting en monumenten.

Bevordering gerichte doorstroming senioren We zien graag dat senioren vanuit schaarse eengezinswoningen verhuizen naar compactere woningen. Dat maakt woningen voor gezinnen vrij. De gemeente is structureel cofinancierder van corporatiemedewerkers die rol van seniorenmakelaars hebben. In 2024 zijn 18 seniorenhuishoudens doorgestroomd terwijl het streefaantal 25 was. Het aanbod van aantrekkelijke nieuwbouw is onvoldoende. De corporaties merken dat er steeds meer kwetsbare ouderen hulp nodig hebben bij de noodzakelijke verhuizing. In overleg met de gemeente pakken de seniorenmakelaars dit nu ook op. Zij maken echter geen schaarse gezinswoningen vrij. In eerste instantie is een klein aantal van tien verhuizingen als richtsnoer gesteld, hetgeen in 2024 uiteindelijk ook het daadwerkelijk aantal bleek. We verkennen hoe we ook de particuliere sector kunnen bereiken, maar vooralsnog ligt een verbinding met de huidige seniorenmakelaars niet voor de hand.

55

De stad maken met elkaar Met het opzetten van een representatief Delfts Woonplatform met bewoners willen we met elkaar woonopgaven en mogelijke oplossingsrichtingen bediscussiëren. Dit is doorgeschoven naar 2025.

Huisvesting bijzondere doelgroepen Haaglanden is koploper van het Nationale Programma 'Een thuis voor iedereen'. In 2024 werkten we in regionaal verband met samenwerkingspartners aan een regionale woonzorgvisie. Dit maakproces heeft meer tijd nodig dan verwacht en zal in 2025 tot keuzes leiden. Hierdoor hebben we in 2024 het maakproces van de lokale woonzorgvisie nog niet opgepakt. In regionaal verband werkten we aan flexwoningen voor dreigend daklozen en met netwerkpartners via het Leger des Heils en Limor aan Housing First-plekken voor daklozen. De flexwoningen zijn nog niet gerealiseerd omdat de businesscase niet haalbaar bleek. De pilot voor Housing First resulteerde in 2024 in << … >> plaatsingen en loopt door in 2025. Het aantal vrijkomende sociale huurwoningen is ontoereikend om – met voldoende kans voor reguliere woningzoekenden – de wettelijke taakstelling voor statushouders te realiseren. Corporaties behaalden het afgesproken plaatsingen, dan nog resulteerde dit in 2024 tot een aantal van 41 niet-gehuisveste statushouders op een taakstelling van 212 personen. De realisatie van flexwoningen op de Brasserskade voor statushouders en andere spoedzoekers slaagde niet. Bij het project Woondiversiteit is de formule en uitvoering aangepast om dit in 2025 weer een thuis voor studenten en (minderjarige) statushouders te laten zijn.

De inzet van instrumenten om meer statushouders te huisvesten is medio 2024 nader bekeken, de raad en de toezichthouder zijn hierover geïnformeerd. In december 2024 is dit ambtelijk besproken met de toezichthouder. Gezamenlijk met de woningcorporaties en de huurdersraden hebben we aangegeven hoe Delft geholpen zou kunnen worden om tot een meer succesvolle huisvesting van statushouders te komen. Dit ontlast ook het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA), waardoor het COA minder vaak dure oplossingen zou hoeven in te zetten. In de kern betreffen de ideeën de wijze van matching tussen kandidaten en beschikbare voorraad, en het overhevelen van geldmiddelen naar gemeenten zodat met partners op lokaal oplossingen kunnen worden gefinancierd die het COA ontlasten. In 2024 is gewerkt aan een verkenning extra woonwagenstandplaatsen op de locatie Lau Mazirelweg. Dat loopt door in 2025.

3.3 Wat heeft het gekost? Overzicht baten en lasten Bedragen x €1.000

56

Exploitatie

Realisatie 2023

Begroting 2024 voor wijzigingen

Begroting 2024 na wijzigingen

Realisatie 2024

Realisatie vs Begroting

Baten

12.013

18.784

20.401

22.479

2.079

Lasten

19.825

28.969

31.657

27.708

-3.949

Gerealiseerd resultaat

-7.812

-10.186

-11.256

-5.229

6.028

Resultaat Omschrijving (toelichting) Het resultaat wijkt € 6.028.000 positief af van de begroting.

Verschil tussen begroting en realisatie Excel-tabel Verschillen tussen begroting en realisatie naar oorzaak

I/S

Totaal

Lasten

Baten

Bedragen x € 1.000 03 Beheer overige gebouwen en gronden

I

6

8

-2

81 Ruimtelijke ordening

I

-293

-1.433

1.140

82 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)

I

5.204

4.582

622

83 Wonen en bouwen

I

1.111

792

319

6.028

3.949

2.079

Totaal

Toelichting verschillen Omschrijving (toelichting) 81 Ruimtelijke ordening -/- € 293.000 (lasten -/- € 1.433.000, baten + € 1.140.000) Anterieure overeenkomsten € 325.000 nadeel Het nadeel is opgebouwd uit € 680.000 nadeel aan de lastenkant en € 355.000 voordeel aan de batenkant. Het negatieve saldo betreft de anterieure overeenkomsten met een negatief resultaat. Het grootste verschil wordt veroorzaakt doordat voor verschillende projecten meer kosten zijn gemaakt dan op de ontwikkelaar te verhalen zijn. Veelal zijn dit kosten voor interne of externe procedures. Voor de Van Hasseltlaan is een plan uitwerkingskader nieuwe stijl opgesteld wat ook dit jaar extra inzet voor participatie heeft gekost (€ 120.000). Voor Gele Scheikunde zijn meer uren gemaakt dan geraamd. Dit komt door de complexe samenhang tussen Gele Scheikunde en het internationale Georiënteerd Voorgezet Onderwijs (IGVO) (€ 150.000) en vertraging door een bezwaarprocedure. De Bachsingel is een initiatief wat nog niet tot een concreet project heeft geleid (€ 55.000). Schieoevers, IDD en Verstedelijkingsalliantie € 15.000 nadeel Voor Schieoevers, het IDD en de Verstedelijkingsalliantie zijn meer kosten gemaakt dan begroot (€ 682.000), maar deze worden gedekt door vrijwel even grote baten (€ 667.000).

Veelal betreft dit werkzaamheden voor externe partijen die deze kosten dekken of is de gemeente “tussenstation/doorgeefluik” (Verstedelijkingsalliantie).

57

Overige Ruimtelijke ordening € 47.000 voordeel Dit nadeel is te verdelen naar € 71.000 nadeel aan de lastenkant en een voordeel van € 118.000 aan de batenkant. Dit zijn de saldi van verschillende afwijkingen binnen het gehele onderdeel Ruimtelijke Ordening. Het voordeel aan de batenkant komt met name door de vrijval van het restant van de voorziening Spoorzone (€ 100.000). 82 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) € 5.204.000 (lasten + € 4.582.000, baten + € 622.000) Binnen de grondexploitaties zijn er verschuivingen van inkomsten en uitgaven tussen jaarschijven in de grondexploitaties Nieuw Delft en Kop van de Buitenhof. Dit heeft geen effect op het resultaat van de jaarrekening. De verliesvoorziening van grondexploitatie Nieuw Delft is niet meer nodig (€ 5,091 miljoen voordeel) en bij een aantal andere grondexploitaties is sprake van fluctuatie in de verliesvoorziening, wat zorgt voor een nadeel (€ 0,094 miljoen). Afsluiting grondexploitatie Harnaschpolder levert een voordeel op van € 0,157 miljoen. Dit zorgt in totaal voor een voordeel van € 5,154 miljoen. Voor nadere toelichting zie het MPG 2025. Overige Grondexploitatie € 53.000 voordeel Dit voordeel is het saldo van verschillende kleine afwijkingen binnen het gehele onderdeel Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen).

83 Wonen en Bouwen € 1.111.000 (lasten + € 792.000, baten + € 319.000) Huisvesting kwetsbare groepen / flexwoningen Brasserskade € 560.000 voordeel Onder deze post is de realisatie van flexwoningen aan de Brasserskade opgenomen. Doordat de realisatie voor de ontwikkelaar een negatief resultaat laat zien, wordt gezocht naar mogelijkheden voor het combineren van doelgroepen op deze locatie. Hierdoor is naar verwachting extra dekking/subsidie beschikbaar zodat realisatie van de flexwoningen mogelijk is. Dit heeft echter voor vertraging gezorgd, waardoor de begrote bedragen (€ 1.325.000) nog niet zijn uitgegeven en ook de baten (€ 765.000) daarvoor nog niet zijn ontvangen. Door dit voordeel wordt het bedrag ook niet onttrokken aan de bestemmingsreserve (zie programma Financiën). Woonbeleid € 210.000 voordeel Een financieel voordeel van € 210.000 aan de lastenkant is ontstaan doordat activiteiten niet of later dan gepland zijn uitgevoerd dan wel goedkoper bleken te zijn dan begroot. Het huurteam had minder casussen dan verwacht. De handhaving van de Wet goed verhuurderschap wordt niet zoals verwacht in 2024, maar in 2025 structureel ingeregeld. Het budget collectief wonen is maar ten dele besteed, omdat het meldpunt pas vanaf november operationeel is geworden.

De leegstandsanalyse is kosteloos in eigen beheer uitgevoerd en leidde vanwege de beperkte structurele langdurige leegstand niet tot kosten voor het opstellen van een Leegstandsverordening. Het oprichten van een Delfts Woonplatform is doorgeschoven naar 2025. Bodemsanering € 574.000 nadeel Binnen het programma Schone en veilige stad zijn extra middelen gegeven voor bodemsaneringen onder meer voor het Noordeinde. Deze middelen hadden binnen programma Goed wonen moeten landen. De eerder gemelde afwijking blijkt lager dan de uiteindelijke gerealiseerde uitgaven. Dit komt doordat er op meerdere locaties sprake was van bodemverontreiniging die niet voorzien was.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15704497/1