CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Ingevulde Raadschecklist WPC Fonds 2040

Raadsvergadering 2 november 2023, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake aanvraag Fonds 2040 ‘bijdrage future proof warmtepompcentrale’ (nr. 2338506)1.138 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Wat draagt dit bij aan de Delftse samenleving? •

Is dit een initiatief dat Delft autonoom wil uitvoeren of komt dit vanuit een andere overheid (provincie/RES-regio/rijk)?

Het initiatief om de warmtepompcentrale meteen in fase 1 zo groot te bouwen dat deze groot genoeg is voor de latere uitbreiding in fase 2, is genomen door het GTD-consortium. Het GTDconsortium bestaat uit TU Delft, Aardyn en Shell. Gemeente Delft faciliteert dit project in fase 1, en heeft de regie in fase 2. Het GTD-consortium is verantwoordelijk voor de bouw van de warmtepompcentrale en daarmee ook voor de Fonds Delft 2040 aanvraag. De gemeente heeft de regie voor fase 2 van het Open Warmtenet Delft – voordat particulieren en VVE’s een aanbod krijgen voor een aansluiting op het warmtenet stelt de gemeente hier de kaders voor vast. Deze rolverdeling past volledig in de visie die Delft heeft op hoe de energietransitie moet plaatsvinden. •

Hoeveel draagt het initiatief bij aan de doelstellingen van Delft op het gebied van CO2-reductie?

Een van de doelstellingen van Delft is om CO2-neutraal te zijn in 2050, en in 2030 60% CO2-reductie te hebben behaald ten opzichte van 1990. Warmtenetten beogen de CO2-emissie gemiddeld te verlagen met 70% ten opzichte van een cv-ketel van dat moment (klimaatakkoord). Dat komt overeen met een verlaging van 18,9 kg CO2 per GigaJoule. De uitbreiding van de Warmtepompcentrale waar ondersteuning voor wordt gevraagd richt zich op 10.000 woningen die gemiddeld 40GJ/jaar verbruiken voor verwarming. Daarom reduceert het warmtenet de CO2-emissie jaarlijks met 7,5 kTon. Dit kan worden afgezet tegen de bestaande CO2-emissies. In 2020 was de CO2-emissie voor wonen in Delft (ruimteverwarming + elektriciteitsverbruik) circa 130 kTon. Deze verlaagde CO2emissies kunnen aan de warmtepompcentrale worden toegerekend: zonder warmtepompcentrale geen verlaagde emissies. •

Hebben de inwoners van Delft de mogelijkheid om al dan niet deel te nemen aan dit initiatief?

Nee, die mogelijkheid is er niet. De bouw van de warmtepompcentrale gebeurt door professionele partijen.

•

In hoeverre draagt het initiatief bij aan de fysieke gezondheid van Delftenaren?

De bouw van de warmtepompcentrale draagt niet direct bij aan de gezondheid van de inwoners van Delft. Indirect is dat wel het geval. De warmtepompcentrale levert via het Open Warmtenet Delft, en de overgang van gas naar warmte via het warmtenet, leidt tot een vermindering van de CO2-uitstoot, hetgeen leidt tot betere leefomstandigheden voor Delftenaren. •

Zijn Delftenaren tevreden over de participatie?

Voor de warmtepompcentrale als geheel vindt een bestemmingsplanprocedure plaats, waarin de reguliere inspraakmogelijkheden zijn geboden. Daarnaast is er daaraan voorafgaand door het consortium een avond georganiseerd voor inwoners, om meer te weten te komen over de plannen. Er zal in de toekomst uitgebreid participatie plaatsvinden bij het aansluiten van particulieren en VVE’s op het warmtenet, in het kader van de warmte-uitvoeringsplannen.

Wat draagt dit bij aan de Portemonnee? •

Hoeveel is de CO2 -reductie per geïnvesteerde euro?

Fonds Delft 2040 zou een meerinvestering van 4 miljoen voorkomen die anders waarschijnlijk was doorgerekend aan inwoners. In die zin verlaagt het de hoeveelheid geïnvesteerde euro’s voor dezelfde CO2-reductie. •

Wat doen de gemiddelde energielasten voor de inwoners?

In fase 1 en 2 worden gezamenlijk naar verwachting ca. 15.000 woningen aangesloten. De besparing op de businesscase bedraagt ca. € 4 miljoen en is van toepassing op fase 2. Omgerekend zouden, met een simpele rekensom, de gemiddelde lasten daarom eenmalig met € 400,- per inwoner lager zijn. Omdat de business case en de prijsstelling van nog veel meer factoren afhankelijk zijn, is dit echter niet met zekerheid te stellen. •

Hoeveel investeren we?

We investeren met deze subsidie € 4 miljoen. Dit bedrag krijgen we in een later stadium (geïndexeerd) terug. Het bedrag wordt geïnvesteerd vanuit het Fonds Delft 2040. •

En wat krijgen we er wanneer voor terug? Wat zijn de besparingen en/of kosten voor de inwoners en voor Delft?

Het geïnvesteerde bedrag van € 4 miljoen wordt terugbetaald tijdens de uitvoering van fase 2. Omdat fase 2 nog moet worden opgezet, kan nog niet exact worden aangegeven wanneer het bedrag volledig is terugbetaald. We besparen hiermee (eveneens) € 4 miljoen aan meerkosten, die anders onderdeel zouden worden van de businesscase van de tweede fase van het warmtenet en op die manier uiteindelijk door inwoners zouden moeten worden opgebracht. •

Is er concurrentie op het net, zodat de inwoner wat te kiezen heeft?

Het principe van het Open Warmtent Delft staat nog onverminderd overeind. Dat houdt in dat er meerdere warmtebronnen en warmteleverancier actief kunnen worden op het warmtenet, wat tot concurrentie zal leiden. In de Regionale Energie Strategie is wel vastgelegd dat zoveel als mogelijk lokale bronnen zullen worden gebruikt. Zo blijven bovenlokale warmtebronnen (zoals WarmtelinQ) beschikbaar voor locaties waar geen lokale warmte voorhanden is. In het geval van Delft is de geothermiebron bij de TU Delft zo’n lokale bron. De warmtepompcentrale, en de voorziene overdimensionering daarvan, maken het voor de hand liggend dat in fase 2 (voornamelijk) van geothermie als warmtebron gebruik wordt gemaakt. Dat gezegd hebbende, ook in fase 2 is het mogelijk dat inwoners warmte krijgen uit een andere bron dan de geothermie-bron bij de TU Delft. Ook blijven inwoners vrij om te kiezen voor bijvoorbeeld een all-electric oplossing. •

Welke neveneffecten heeft het initiatief?

Er zijn geen voorziene neveneffecten.

Wat draagt dit bij aan het wooncomfort?

•

Hoe is het wooncomfort te beoordelen?

De warmtepompcentrale is nodig om de aanvoertemperatuur van de aardwarmte verder te verhogen. Op die manier kunnen huishoudens in de verste uiteinden van het warmtenet ook in de koude maanden hun woning comfortabel warm houden. •

Hoe is de leveringszekerheid te beoordelen?

De warmtepompcentrale heeft geen directe impact op de leveringszekerheid. •

Welke keuzemogelijkheden zijn er voor dit initiatief?

Er zijn twee opties: 1) Optie 1: de warmtepomp nu realiseren alleen voor fase 1, en later uitbreiden naar fase 2 als er meer zekerheden zijn over fase 2 en de afname van geothermie in fase 2. 2) Optie 2: de warmtepomp nu realiseren met voldoende capaciteit voor fase 1 en 2 gezamenlijk. In optie 1 bedragen de kosten van de warmtepompcentrale voor fase 1 en 2 gezamenlijk ca. € 26 miljoen. In optie 2 bedragen de kosten van de warmtepompcentrale voor fase 1 en 2 gezamenlijk ca. € 22 miljoen. •

Is dit het beste mogelijke initiatief (voor deze wijk) vanuit het oogpunt van CO2-reductie? Welke alternatieven zijn onderzocht? Wanneer zijn er alternatieven op de markt te verwachten, die voor deze wijk een hogere CO2 reductie mogelijk kunnen maken? Ja. Het Warmteplan heeft laten zien dat een warmtenet in Voorhof en Buitenhof het meest betaalbare en technisch haalbare alternatief is voor aardgas. Als warmtebron is geothermie in ontwikkeling en hier is een warmtepompcentrale voor nodig. Wat gebeurt er met de waarde van de huizen? De uitbreiding van de capaciteit van de warmtepompcentrale heeft geen direct effect op de waarde van huizen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13194983/1