Handelingen 17 juni 2021
Tekst van het document
sympathiek tegenover. Het lijkt ons goed om hierover het gesprek aan te gaan. Ook hier moet natuurlijk wel een balans in worden gevonden. We zijn dus benieuwd of deze motie ons wellicht gaat belemmeren in het functioneren als gemeente als voor iedere kleine financieringsbehoefte een besluit naar de raad moet worden gestuurd. Maar het lijkt ons helemaal niet gek om na te gaan denken over de vraag of we niet iets meer van die bevoegdheid bij de raad neer moeten leggen. We zijn dus benieuwd of de wethouder wellicht iets kan zeggen over een minimumbedrag dat daarin handig is. Door de fracties van STIP, Onafhankelijk Delft, D66 en Hart voor Delft wordt motie 8.3-2 (Rijk garant voor Stedin) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 17 juni 2021 ter bespreking van het voorgenomen besluit over kapitaalstorting Stedin, constaterende dat: -
-
Stedin een kapitaalbehoefte heeft van 700 mln. om o.a. het elektriciteitsnet te versterken en de energie transitie te faciliteren; in het geval niet in de kapitaalbehoefte wordt voorzien, de creditrating verslechtert, waardoor een groter aandeel publiek geld zal moeten worden besteed aan kosten voor leningen; kapitaalstortingen ten koste gaan van de liquiditeitspositie van de gemeente;
overwegende dat: -
de meeste Nederlandse gemeenten momenteel een slechte financiële positie hebben, waaronder de gemeente Delft; het rijk door garant te staan voor Stedin de creditrating kan verbeteren;
verzoekt het college: -
in de commissie Financiën van de VNG en via andere mogelijke routes te lobbyen voor een garantstelling van het rijk voor Stedin; over een jaar over de ondernomen stappen voor deze lobby aan de raad te rapporteren;
verzoekt de griffie deze motie ter kennisgeving aan alle andere aandeelhouders van Stedin te sturen, en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Onafhankelijk Delft heeft in de vergadering van de commissie EFB al aangegeven dat wij absoluut voor het meer vrijmaken van geld bij het Rijk zijn om dit traject te steunen. Daarom hebben we de motie Rijk garant voor Stedin mede-ingediend. Voor nu lijkt het een gestreden race, maar dit is nog maar het begin van de gevraagde investeringen, zoals de portefeuillehouder eerder ook al aangaf. Onafhankelijk Delft wil met andere partijen dan ook graag een vuist maken om een signaal aan het Rijk af te geven. Daarnaast deelt Onafhankelijk Delft de vraag waarom in andere gemeenten met betrekking tot dit onderwerp wel voor een instemmingsprocedure wordt gekozen en hier in Delft eigenlijk puur en alleen de wet wordt gevolgd, terwijl het toch wel een heel omvangrijk en groot project is met een grote kapitaalstorting, waar waarschijnlijk 44
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
nog een heel investeringstraject achter zit. Ik en Onafhankelijk Delft vinden dat je dan op z'n minst mag verwachten dat de raad hierin serieus wordt genomen en dat wij meer mogen dan het opsommen van een simpel wensen- en bedenkingenlijstje. Onafhankelijk Delft heeft de motie Primaat bij de raad over het wijzigen van het Treasurystatuut, zodat er weer toestemming aan de raad moet worden gevraagd en we weer serieus kunnen gaan beraadslagen, bijvoorbeeld over de aankoop van aandelen, dan ook mede-ingediend. Mevrouw BEL (D66): Voorzitter. Op het moment dat we in tijden zoals deze 5 miljoen investeren in iets, moet je dat ook goed kunnen uitleggen aan de burgers. Dat de energietransitie een belangrijk onderwerp is, hebben we bij het vorige agendapunt al uitgebreid besproken. Maar ik denk dat het goed is om nog even toe te lichten hoe dit precies zit. Een netbeheerder als Stedin moet investeren in de infrastructuur, omdat het elektriciteitsnetwerk straks andere eisen stelt op het moment dat we die energietransitie ingaan. Het is belangrijk om deze kapitaalinjectie te doen om ervoor te zorgen dat we het geld dat Stedin nodig heeft om die investering te kunnen doen, zo min mogelijk uitgeven aan rente aan geldverstrekkers, zoals de heer Van den Brink al eerder benadrukte.
Zoals de heer Valk al zei, is het voordeel ook dat we ook nog een beetje dividend ervoor terugkrijgen, waardoor we iets meer structurele ruimte krijgen, waar we zo hard om verlegen zitten. Maar ik wil ook benadrukken dat ik beide moties van harte mede heb ingediend, want dit is natuurlijk iets wat de gemeentelijke verantwoordelijkheid een beetje overstijgt. Het is bijna een mondiale uitdaging waarvoor we als gemeente weer aan de lat staan. Ik denk dat het dus ook belangrijk is om even bij het Rijk aan te kloppen en ook op zijn verantwoordelijkheid te wijzen. Het Rijk staat bijvoorbeeld wel garant bij landelijke netbeheerders, zoals TenneT. Wij kunnen deze injectie wel doen, maar ook in antwoord op de vraag van de heer Van Rijn zeg ik dat dit echt niet de laatste kapitaalbehoefte van Stedin is. Ik weet niet zeker of ik de exacte cijfers mag delen. Dat doe ik hier dus even niet, maar er komt in de toekomst echt nog wel een behoorlijke extra kapitaalbehoefte aan en dit soort kapitaalinjecties kunnen we niet oneindig blijven doen. Daarbij wil ik me ook volledig aansluiten bij het betoog van de heer Valk: de raad heeft nog steeds het budgetrecht en het kan eigenlijk niet zo zijn dat we zonder toestemming van de raad investeringen van 5 miljoen in iets kunnen doen.
Ik snap ook de opmerking van de heer Van den Brink dat er ongetwijfeld een ondergrens gedefinieerd moet worden, maar het lijkt me inderdaad goed om het primaat bij de raad neer te leggen. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Voorzitter. Wij zitten hier toch wat anders in. In de raadsagenda staat bij dit agendapunt: "de raad kan wensen en bedenkingen uiten". Dat is dus niet waar. Dat is helemaal niet de procedure. De huidige procedure is gewoon dat het een collegebevoegdheid is. Het college beslist dus. We gaan er ook niet eens over stemmen. We hoeven ook niet te stemmen, want eigenlijk is het al besloten door het college. Dit hele debat is dus eigenlijk … We hebben dit aangekaart en dan kunnen een hoop partijen hun zorgen uiten: het college geeft 5 miljoen uit en de raad heeft het nakijken. Dit is het bewijs dat de raad eigenlijk weinig te vertellen heeft in Delft en dat deze wethouder … Als hij nou een wensen- en bedenkingenprocedure had gedaan, had ik hem nog een beetje geloofd, maar hij loopt over de raad heen. Hij vindt de raad helemaal niet nodig: "wij beslissen dat en als je daartegen bent, maakt dat niet uit, want we gaan weer lekker door". Volgens mij is de hele uitstraling van dit college geweest: we hebben geen geld. We hebben onze begroting zelfs niet sluitend gemaakt. Er was geen geld. We waren een arme gemeente en we gingen naar het Rijk en de VNG.
En nu ligt er ineens geld op de plank en geven we 5 miljoen uit. Het is gewoon onlogisch. Het is ook vreemd dat de wethouder van Financiën nu ineens aandelen gaat kopen. Dat is onbegrijpelijk en het is niet nodig, want Rotterdam heeft al toegezegd dat het 36 miljoen meer betaalt, als het moet. Den Haag is 45
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
zunig; dat zijn VVD'ers. Daar gaat dus 20 miljoen af. Bij Dordrecht is het 2 miljoen meer. Er zit dus al een plus van 18 miljoen. Het geld van Delft is dus helemaal niet nodig, wethouder Brandligt. Dat weet u ook. Ik heb al gevraagd of ik een overzichtje mag krijgen, maar dat krijg ik niet. Het zal blijken dat we het na de raadsvergadering wel zullen krijgen, maar het geld van Delft is niet nodig. Hou het geld dus maar lekker in je zak voor andere dingen. Wij weten wel andere dingen dan aandelen kopen. De solvabiliteit van Stedin moet het Rijk maar regelen, want dat int alle belastingen. We mogen niet eens meer precario heffen op de leidingen. Laat het Rijk dus maar lekker inspringen. Wat ons betreft is het dus gewoon nee. Wij geven dat mee aan het college. De moties zijn eigenlijk wanhoopspogingen. Als het kalf verdronken is, komt het CDA met allemaal redmaatregelen. Dat is landelijk ook aan de gang. Dus ja, prima, we gaan de put dichten, hoop ik. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Voorzitter. Ik ben geen econoom. Als ik dan zo'n verhaal lees over een kapitaalbehoefte bij Stedin, denk ik toch vooral: een kapitaalbehoefte heb ik ook aan het eind van de maand. Ik denk dat we dat allemaal weleens hebben. Er komen nogal wat termen voorbij, maar ik denk wel dat ik kan zeggen dat de SP het eens is met deze bijdrage van een aantal miljoenen vanuit de gemeente aan Stedin.
Dat komt vooral doordat het heel belangrijk is om de duurzame energie, waar we allemaal naartoe moeten, goed te organiseren en om ervoor te zorgen dat de infrastructuur daarvoor werkt. Want als dat niet zo is, wordt het iets heel individueels en dan hangt het dus van je inkomen af of je daar wel of niet aan kan bijdragen. Dat lijkt me heel erg onwenselijk, want zo komen we met z'n allen uiteindelijk geen steek verder. Mijn fractie voelt wel heel erg mee met wat de heer De Wit net heeft aangekaart en wat ook al in de commissie werd gezegd: het is wat onlogisch om eerst de aandelen in Eneco te verkopen en nu bij Stedin wel weer extra aandelen te kopen. Daar hebben wij dus wat moeite mee, ook omdat het in dit geval echt gaat om het kapitaalkrachtiger maken van een organisatie en niet helemaal duidelijk is in hoeverre dit geld, dat wij nu als gemeente van de inwoners van Delft investeren, echt rechtstreeks bijdraagt aan een duurzame energievoorziening voor ons allemaal. Dat is natuurlijk wel heel erg belangrijk voordat we met zoiets akkoord gaan, ook al hoeven we hier vanavond niet over te stemmen. Het is al vaker gezegd: Stedin heeft natuurlijk een nutsfunctie. De infrastructuur van de energievoorziening is heel erg belangrijk. De heer VAN VLIET (GroenLinks): Terwijl ik mijn handje opstak, begon mevrouw Van Rossum het antwoord op mijn vraag te geven.
Dat is dus jammer, maar ik vroeg me af of mevrouw Van Rossum zich ervan bewust is dat Eneco en Stedin natuurlijk heel verschillend zijn en dat het juist zo belangrijk is dat we die leiding in collectief beheer hebben bij de gemeenschap om te zorgen dat dat goed geregeld is voor iedereen in de gemeenschap, terwijl Eneco natuurlijk een partij is die energie verkoopt en het daarom prima was om dat af te stoten. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Volgens mij is het niet jammer dat ik al antwoord gaf, maar juist heel efficiënt. Natuurlijk weet ik dat dat twee heel verschillende dingen zijn, maar de vraag is of je zegt: Eneco is aan de markt overgelaten, is een winstmakend bedrijf geworden en daarvan gaan we onze aandelen dus verkopen omdat we het niet zien zitten om daar onderdeel van te zijn. Of ga je zeggen: nee, wij vinden dat alle energievoorziening in publieke handen moet zijn? Dan wil je eigenlijk de andere kant op werken. Volgens mij is dat inderdaad precies het verschil tussen uw partij en mijn partij. Wij zeggen dat je er echt naartoe moet werken dat de dingen die we met z'n allen keihard nodig hebben, niet failliet mogen gaan en dat die terugkomen in overheidshanden en dat we het er niet bij laten als 46
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
het eenmaal aan de markt is overgelaten. Ik denk dat je daarover van mening kunt verschillen. Ik had het over de democratische controle, maar daarbij is het natuurlijk niet helemaal logisch - anderen hebben dat ook al gezegd - dat dit dan onder de gemeente moet vallen en dat de gemeente daar financieel aan moet bijdragen. De gemeente heeft al financiële problemen, grotendeels ook veroorzaakt door de rijksoverheid, die op allerlei zorgbudgetten gekort heeft. Wij kunnen de motie die vraagt om te lobbyen, zodat het Rijk garant gaat staan, dus volledig ondersteunen. Volgens mij zou dat zo moeten zijn in de toekomst. Ook de CDA-motie Primaat bij de raad kunnen wij ondersteunen. Veel dank voor al het onderzoek dat de heer Valk daarvoor heeft gedaan. Het ziet er heel gedegen uit en inderdaad willen wij graag zeggenschap over dit soort grote uitgaven. De heer DEN HOLLANDER (PvdA): Voorzitter. Als de SP kan instemmen met het kopen van aandelen, kunnen wij niet achterblijven; daar stemmen wij natuurlijk ook mee in. Dat heb ik in de commissie ook al gezegd en daar is volgens mij al voldoende over gewisseld. Dan de moties. Ik denk dat het prima is om te kijken naar andere financieringsmogelijkheden, maar als die er niet zijn, denk ik nog steeds dat een gemeente zelf erover moet nadenken of zij dat wel of niet doet en dat die ruimte er ook gewoon zou moeten zijn.
Wat de motie van het CDA betreft: ook wij hebben wel een ongemakkelijk gevoel bij dit soort bedragen zonder dat de gemeente daar uiteindelijk een beslissing over neemt. De geest van de motie steunen wij dus zeker en wij horen graag de reactie van de wethouder daarop. Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Voorzitter. Ik ga een hele korte termijn houden. Ik sluit me graag aan bij de uitstekende termijn van de heer Valk, helemaal aan het begin van het rijtje. Ik wil hem ook bedanken voor zijn werk dat hij in de motie heeft gestoken. We zijn blij dat we ook onze handtekening onder konden zetten. Wat de andere motie betreft: daar zitten we nog een beetje ambivalent in. We wachten dus even de termijn af voordat we onze mind opmaken, want we vinden voor allebei de kanten van de argumenten wel iets te zeggen. De heer VAN RIJN (VVD): Voorzitter. Ik kijk naar de klok en hou het kort. Ten aanzien van de motie Primaat bij de raad volg ik het uitstekende betoog van de heer Valk. Daar heb ik niets aan toe te voegen. Volgens mij maakt mevrouw Bel toch een beetje een denkfout. Zij heeft het over een kapitaalbehoefte van Stedin en zegt dat wij als gemeente in het gat springen.
Volgens mij is onze storting niet gericht op het vervullen van die kapitaalbehoefte, maar op het versterken van het eigen vermogen, omdat de gunstige kredietrating behouden blijft, zodat Stedin kapitaal van de geldmarkt kan halen. Dat is wat mij betreft toch iets anders. Welk probleem wordt hier dus opgelost? Ik hoor graag een reactie van de wethouder. Mevrouw BEL (D66): Ik wil vooral bevestigen dat het klopt zoals de heer Van Rijn het schetst, maar het is dus wel om ervoor te zorgen dat Stedin kan voorzien in de kapitaalbehoefte. Wij lappen dus niet het geld, maar we zorgen dat Stedin het geld ergens goedkoper kan vinden.
47
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
De heer VAN RIJN (VVD): Volgens mij hebben we dat met deze injectie geregeld, maar ik hoor graag van de wethouder welk probleem nu wordt opgelost en ik hoor ook graag of dit niet leidt tot een verstoring van de markt, waar ook veel private partijen actief zijn. De heer VAN VLIET (GroenLinks): Voorzitter. Mijn termijn is heel kort, want verschillende mensen, onder anderen mevrouw Bel, hebben een uitstekend college gegeven voor de kijkers thuis om aan te geven waarom dit een verstandig voorstel is. Daar kan GroenLinks zich ook helemaal in vinden. Wij vinden het een goed idee dat wij de kapitaalinjectie doen. Dank aan de heer Valk voor zijn uitstekende motie, want natuurlijk moeten wij als raad hierover besluiten. Het primaat ligt bij de raad. Wij kunnen ons goed aansluiten bij de suggestie van STIP en wij horen graag van de wethouder hoe hij daartegen aankijkt. Wethouder BRANDLIGT: Voorzitter. Er zijn drie onderwerpen om even op in te gaan: de kapitaalinjectie zelf, de motie van STIP en de motie van het CDA. Ik zal het in die volgorde doen. Eerst dus de kapitaalinjectie zelf en de vraag waarom we dit ook alweer doen. Ik zal het heel kort herhalen. Tot 2030 schat Stedin in ongeveer 7 miljard nodig te hebben voor de uitvoering van de energietransitie. Dat geld moet dus opgehaald worden uit de kapitaalmarkt.
Om daar zo laag mogelijke kosten voor te hebben, is het goed dat de rating van Stedin zelf op niveau blijft. De rating van Stedin heeft dus effect op de kosten van het binnenhalen van die 7 miljard in de komende jaren tot 2030. De kapitaalinjectie waar we het nu over hebben, van ongeveer 200 miljoen, is inderdaad het eerste deel van een kapitaalinjectie, want er zal een aantal jaren later nog een keer een kapitaalinjectie nodig zijn om dat benodigde bedrag van 7 miljard uiteindelijk op te kunnen halen, als we de rating in ieder geval gelijk willen houden. Er werd al gezegd dat je het geld ook aan iets anders zou kunnen uitgeven. Dat is precies het verschil tussen een dekkingsvraagstuk en een financieringsvraagstuk. Er wordt hier geen geld uitgegeven ter dekking van een uitgave, waarna je het geld kwijt bent. Dit gaat over hoe je handig omgaat met je liquiditeit. De heer VAN RIJN (VVD): Het gaat om het behouden van een gunstige creditrating, zodat er kapitaal kan worden opgehaald. Is Stedin niet in staat om met deze injectie zelfstandig die gunstige creditrating te behouden? Het is toch niet gezegd dat er iedere keer een kapitaalinjectie van gemeenten moet komen? Wethouder BRANDLIGT: U noemt nu twee dingen, namelijk de kapitaalinjectie en "door gemeenten".
Nee, het is inderdaad zo dat het met de kapitaalinjectie die nu gedaan wordt, mogelijk is om twee rondes van kapitaal op te halen. De eerste ronde zal waarschijnlijk eind dit jaar zijn en de tweede ronde zal waarschijnlijk ergens volgend jaar zijn. In latere jaren moet er nog meer kapitaal opgehaald worden. Daarvoor is deze kapitaalinjectie van 200 miljoen inderdaad nog niet genoeg, want dan zal de rating van Stedin toch weer dalen. Het klopt dus inderdaad dat er in totaliteit ergens tussen 800 miljoen tot 1 miljard aan kapitaalinjectie nodig is om die 7 miljard in totaliteit tot 2030 uiteindelijk uit de markt te kunnen halen tegen gunstige condities; dat heeft Stedin ook al aangegeven in informatiepakketten. Uw volgende punt was: een kapitaalinjectie door gemeenten. Daar kom ik nog even op terug bij de motie van STIP. Ik was net het verschil aan het uitleggen tussen de dekking versus de financiering. Het gaat er hier eigenlijk om dat wij op een goede manier iets kunnen doen met de liquiditeit die wij nu hebben, inderdaad omdat we Eneco verkocht hebben. Het is dus niet zo dat dit een verlaging van de algemene reserve of iets dergelijk is.
48
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
Dan de motie van STIP over garant staan voor netbeheerders. Deze hele discussie over het feit dat Stedin kapitaal nodig heeft, past natuurlijk in de bredere discussie die gevoerd wordt over de financiering van de energietransitie in brede zin, door heel Nederland. Het financieren van de netbeheerders en het kapitaal dat de netbeheerders nodig hebben om een deel van die energietransitie uit te voeren - dat is trouwens een zeer belangrijk deel van de energietransitie - is daar een onderdeel van. We zien landelijk dat ongeveer twee derde van de gemeenten aandeelhouder is van een netbeheerder en ongeveer een derde dus niet. Bij de provincies is het nog schever: er zijn twee provincies aandeelhouder en alle andere provincies niet. Maar dit was tot nu toe nog niet zo'n groot probleem, want netbeheerder zijn was een vrij "rechttoe rechtaan"-gebeuren zonder heel veel risico en met een heel langjarig te voorspellen hoeveelheid kapitaalbehoefte. En er stond een redelijk rendement ten opzichte van het risico. Maar door de energietransitie is dat natuurlijk helemaal aan het schuiven en is veel meer kapitaal nodig dan je eigenlijk als rendement zou kunnen verwachten. Het wordt dus ook merkwaardig dat twee derde van de gemeenten dat moeten betalen voor de netbeheerders en een derde van de gemeenten niet, omdat ze toevallig geen aandeelhouder zijn.
Dat gaat onderling ook tot merkwaardige situaties leiden. Het garant staan voor de netbeheerder past eigenlijk in die discussie, want we zien dat het Rijk, zoals al is gezegd, inderdaad garant staat voor bijvoorbeeld de Gasunie en voor TenneT. Alleen het simpele feit dat het Rijk garant staat, levert een creditratingstap winst op. Het feit dat wij als gemeente garant staan voor onze eigen netbeheerder, levert geen creditratingstap op bij de creditratingbureaus. Als het Rijk die garantstelling - dat wil zeggen: het garant staan voor de netbeheerder, zodat die niet failliet kan gaan - overneemt, kost dat het Rijk in directe zin niks, maar levert dat automatisch wel één plusstap voor de creditrating op en daarmee dus al een gunstiger ophalen van kapitaal uit de markt, tegen gunstigere condities. Dat is dus een discussie die we onderling bij Stedin hebben, maar die ook al binnen de VNG gevoerd wordt: we verwachten als gemeenten eigenlijk dat het Rijk ook deze stap zal zetten. Je kunt zelfs nog een stap verder gaan: je kunt ook nog wel beargumenteren dat het Rijk eigenlijk ook die kapitaalinjecties zou kunnen doen, omdat dat nu ook scheef over de gemeenten zit. De samenvatting is dus dat we het erg eens zijn met de motie van STIP op dit punt. Die motie is inderdaad een ondersteuning voor de beleidslijn zoals we die als gemeente ook inzetten richting het Rijk.
De heer VALK (CDA): Eigenlijk heb ik dezelfde vraag als de vraag die ik aan STIP stelde, maar dan iets minder technisch. Verwacht de wethouder dat het Rijk gratis garant gaat staan voor de schulden? Als het Rijk net zo streng is als wij zijn voor HVC, kost dat immers een paar miljoen per jaar. En is dat het waard? Wethouder BRANDLIGT: Ja, want het is niet zozeer zo dat er garant wordt gestaan voor schulden. Wat je eigenlijk doet, is dat de overheid ervoor garant staat dat de netbeheerder niet failliet zal gaan. Dat heeft niet zozeer direct met de schuld te maken. Ja, in indirecte zin wel, maar het is niet zo dat daar kosten aan verbonden zijn of dat dit het Rijk iets kost. Op dat punt verwachten we eerlijk gezegd dus geen discussie met het Rijk. De VOORZITTER: Meneer De Wit, wil u op ditzelfde punt interrumperen? De heer DE WIT (Hart voor Delft): Dat weet ik niet. Mij valt op dat we een hele stapel geheime stukken hebben gekregen en dat wij als raad geheimhoudingsplicht hebben, maar als ik wethouder Brandligt hoor praten over ratings en dergelijke, komt het op mij toch zo over dat we last hebben van een lekkage. Dan is dit geen eerlijk debat meer. Het is geen eerlijke vorm van debat als wij een geheimhoudingsplicht hebben en als de wethouder put uit geheime stukken. Dat vind ik niet fair. 49
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
Wethouder BRANDLIGT: Alles wat ik nu gezegd heb, is geheel openbare informatie. Daar kunt u dus in ieder geval vrijelijk over praten. Er is niets geheim aan de ratingdiscussie. Nu kom ik bij de motie van het CDA, de motie Primaat bij de raad. Wie ben ik als nederige dienaar van de raad om daartegen te kunnen zijn? Uiteraard ligt het primaat bij de raad, maar in deze motie is het net iets te kort door de bocht geformuleerd. Ik zal even proberen uit te leggen hoe het zit. In de motie wordt al aangehaald dat in 2019 het Treasurystatuut is aangepast, dat de raad daardoor een bevoegdheid ontnomen leek te zijn en dat dat eigenlijk teruggedraaid zou moeten worden. Er zit een hiërarchie in wet- en regelgeving en verordeningen. Het Treasurystatuut staat als laagste in die rang. We constateerden in 2019 dat het Treasurystatuut in strijd was met de Financiële verordening van de raad. Die Financiële verordening is een raadsbevoegdheid. Wij hebben als college het Treasurystatuut toen in lijn gebracht met de hoger liggende verordening; dat is de Financiële verordening. Dat was de enige reden waarom het Treasurystatuut is aangepast. Daar zit verder dus helemaal geen inhoudelijke reden achter. Wat u wilt, is heel duidelijk: u wilt dat u als raad over dit soort beslissingen een besluit zou kunnen en moeten nemen.
Daarvoor is niet de Gemeentewet een belemmering, want de Gemeentewet laat dat prima toe, maar daarvoor is nodig dat de Financiële verordening wordt aangepast, want dat is hierin de leidende verordening. Wellicht moet ook de Verordening gemeentegaranties geldleningen aangepast worden; dat is ook een verordening die van de raad is. Als die zijn aangepast, volgt daar vervolgens het Treasurystatuut, dat gewoon afgeleid wordt uit die verordeningen. Om dit te bereiken, moeten we een aantal zaken goed doen. We moeten de formulering van de financiële transactie waar het over gaat en waar de raad uiteindelijk dus zeggenschap over wil hebben, precies weten. Ik hoor allemaal gejuich hier bij mij achter. De VOORZITTER: 2-0. Het gaat goed! Wethouder BRANDLIGT: Het tweede punt is dat er, om niet iedereen gek te maken, ook een soort drempelbedrag nodig is, zodat wij u niet gaan vermoeien met een hele stroom van financiële transacties, waar niemand blij van wordt. Ik heb u dus heel goed gehoord en ik begrijp wat u wilt. Mijn voorstel is dan ook dat ik een voorstel uitwerk waarin we zetten welke verordeningen op welke manier aangepast moeten worden, zodat het samenhangend ook weer klopt. Daarin doe ik ook een voorstel voor een ondergrens daarin. Dat bespreken we in de eerstvolgende vergadering van de commissie R&A. Als ik me niet vergis, is dat op 22 september.
Dan bekijkt de commissie R&A of dat inderdaad gaat bereiken wat de raad wil dat er bereikt wordt. Dan kunnen vervolgens de aangepaste verordeningen door de raad vastgesteld worden. Dan hebben we het zaakje volgens mij opgelost. Dat zeg ik u dus toe. De VOORZITTER: Mooi, dat is de toezegging. Er is behoefte aan een tweede termijn. De heer VAN RIJN (VVD): Voorzitter. Ik wil de wethouder en het college bedanken voor zijn duidelijke uitleg, die mij heeft overtuigd. Wij stemmen ook voor de motie van STIP. De heer VALK (CDA): Voorzitter. De raad heeft in de eerste termijn een hele duidelijke uitspraak gedaan: alle partijen willen het financiële primaat terug en wil dit soort grote financiële besluiten zelf nemen in plaats van ter kennisgeving toegestuurd krijgen. Mijn motie vraagt het college om met voorstellen aan de raad te komen om dit te regelen. Ik hoorde een duidelijke toezegging van de wethouder dat hij met die oproep aan de gang gaat en dat hij dit met de commissie R&A gaat bespreken. Ik wil de wethouder niet wegsturen met een motie die de volgordelijkheid fout heeft. Ik ben dus bereid om tot september te wachten, de 50
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
motie voor vandaag even in te trekken, te kijken waar de wethouder mee komt in de commissie R&A en dit dan te regelen. Ik hou deze motie gewoon achter de hand, mocht ik toch een beetje teleurgesteld zijn, maar ik heb er alle vertrouwen in. Ik ben daar dus toe bereid. Ik kijk met een schuin oog naar de mede-indieners. Dat zijn er heel veel. De VOORZITTER: Ja hoor, ik zie de duimpjes omhooggaan. Dat heeft u goed aangevoeld. De heer VALK (CDA): Wat de motie van STIP over de lobby betreft: met de uitleg van de wethouder kunnen we die motie steunen. Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Voorzitter. Alleen nog even over de motie van STIP: ook wij kunnen die motie na de uitleg van de wethouder steunen. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Omdat we straks in de commissie EFB weer over een volgende kapitaalstorting gaan praten en omdat we daar nog een raadsvergadering over hebben voordat dit voorstel in de commissie R&A wordt besproken, vraag ik me af hoe daarover gedacht wordt. Dat wil ik even in de groep gooien. De VOORZITTER: Wie wil daar nog iets over zeggen? Nee? Het blijft even in de groep. Verder zijn er geen raadsleden die in de tweede termijn het woord willen voeren. Heeft de wethouder nog een reactie op iets? Nee. De heer VALK (CDA): Ik ben benieuwd hoe de wethouder aankijkt tegen de vraag van mevrouw Timmermans. Wethouder BRANDLIGT: Voorzitter.
Dat hangt af van de termijn waarop het een en ander bekend moet zijn. Ik ben eerlijk gezegd niet helemaal bekend met de termijn waarop het onderwerp van het IQ precies speelt. Maar het uiteindelijke doel van wat nu voorligt, namelijk dat wij als college niet iets doen als uw raad zegt dat wij dat niet moeten doen - los nog even van het feit dat de bevoegdheid dan nog formeel bij ons lag - is natuurlijk wel geborgd. Als u als raad zegt, zij het dan per motie, dat we het niet moeten doen, dan gaan wij dat als college dat natuurlijk ook niet doen. Los van het feit dat we in de toekomst die bevoegdheden anders neerleggen, kunnen we in de praktijk het doel dat we beogen te bereiken, dus wel bereiken op de manier zoals het nu ook gedaan is. De VOORZITTER: Ik stel vast dat we de beraadslaging daarmee kunnen sluiten. Het gaat om een voorgenomen besluit van het college. Motie 8.3-1 wordt aangehouden. Dat kennen wij formeel niet, maar zo nodig wordt de motie opnieuw ingediend door de heer Valk. In stemming komt motie 8.3-2 (Rijk garant voor Stedin) van STIP, Onafhankelijk Delft, D66 en Hart voor Delft. De motie wordt met een digitale stemming met algemene stemmen aangenomen. 101. College van B en W - verkeersveiligheidsonderzoek en maatregelen Delflandplein (nr. 2111215). De heer WEILER (STIP): Voorzitter.
Vanwege de tijd zal ik me beperken tot de motie die we samen met D66 en GroenLinks indienen. Het gedrag van verkeersdeelnemers en daarmee 51
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
de verkeersveiligheid laten zich lastig voorspellen. Wel willen we allemaal dat de situatie op het Delflandplein verbetert. Daarom lijkt het de indieners van deze motie goed om de situatie als raad nauw te kunnen volgen. Zo kunnen we onze controlerende taak goed uitvoeren en geven we bezorgde bewoners een goed signaal af. In onze motie vragen wij het college ten eerste om de effecten van de kortetermijnmaatregelen, met name het eenrichtingsfietspad in de jaren na de uitvoering ervan te monitoren. Ten tweede vragen we het college de resultaten hiervan terug te koppelen aan de raad. Met deze resultaten kan de raad oordelen of hij deze maatregelen inderdaad doeltreffend vindt, namelijk in die zin dat de verkeersveiligheid significant verbetert. Ten derde vraagt de motie om de kortetermijnmaatregelen te heroverwegen op basis van deze monitoringsresultaten wanneer de langetermijnmaatregelen besproken worden. De maatregel van het eenrichtingsfietspad is volgens STIP immers een noodmaatregel en is niet de eindoplossing. Deze langetermijnplannen geven samen met de resultaten van de monitoring wat STIP betreft de beste basis voor de eindoplossing. De VOORZITTER: Meneer Weiler, u heeft nog twintig seconden. De heer WEILER (STIP): Voorzitter. Op deze manier hoopt STIP weer een stuk dichter bij een toekomstbestendige en veilige inrichting van onze stad te komen.
Door de fracties van STIP, D66 en GroenLinks wordt motie 8.4-1 (Monitoren van korte termijn maatregelen op Delflandplein) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in digitale vergadering bijeen op donderdag 17 juni 2021, ter bespreking van het agendapunt Verkeersveiligheidsonderzoek en maatregelen Delflandplein, constaterende dat: -
het Delflandplein op dit moment één van de minst veilige verkeersknooppunten is van Delft; er vanuit de stad en de raad de oproep is gedaan om de verkeersveiligheid op het Delflandplein op korte termijn te verbeteren; het college, na onderzoek, voorstelt om het tweerichtingsfietspad op Delflandplein te vervangen voor een éénrichtingsfietspad; na het doorvoeren van verkeersmaatregelen, veranderingen in het gedrag van verkeersdeelnemers, en daarmee de verkeersveiligheid, zich in het algemeen moeilijk laat voorspellen;
overwegende dat: -
-
in het Mobiliteitsplan Delft 2040 de fietser een hogere prioriteit heeft dan de auto en in die context een tweerichtingsfietspad de voorkeur verdient t.o.v. een éénrichtingsfietspad; een tweerichtingsfietspad daarnaast kosten voor handhaving en educatiecampagnes scheelt en beter aansluit op de tweerichtingsfietspaden op aansluitende wegen; daarom onderzoek naar de doeltreffendheid van deze maatregel (namelijk het verbeteren van de verkeersveiligheid) des te belangrijker is;
draagt het college op:
52
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
-
-
het effect op de verkeersveiligheid van de voorgestelde korte termijn maatregelen, in het bijzonder het instellen van een 1-richtingsfietspad, te monitoren gedurende ten minste 2 jaar na realisatie ervan; na afloop van deze periode van monitoring de resultaten hiervan terug te koppelen aan de raad; wanneer de lange termijn maatregelen op/rondom Delflandplein ter bespreking komen, de maatregel van 1-richtingsfietspad te heroverwegen, mede op basis van deze monitoringsresultaten,
en gaat over tot de orde van de dag." De heer VAN OVERBEEKE (D66): Voorzitter. Ik heb niet superveel toe te voegen aan wat de heer Weiler zojuist al gezegd heeft. Het Delflandplein moet veiliger. Ook dit is iets waarover we het al vaker hebben gehad. D66 heeft ertoe opgeroepen om op het moment dat je een plein veiliger moet maken, te kijken naar maatregelen waarmee de veiligheid en de fietsaantrekkelijkheid hand in hand gaan. We zetten in het Mobiliteitsplan de voetganger en de fiets op 1. Dat doen we niet voor niets. Deze maatregel is, hoe je het ook wendt of keert, geen verbetering van de fietsaantrekkelijkheid van het plein, omdat een fietser verder moet omfietsen. Maar goed, dat is gezegd. We gaan het wel doen, want het plein moet inderdaad veiliger. Wij hebben de motie met STIP mede-ingediend om inderdaad te monitoren, met daarbij de opdrachten die in de motie staan. De VOORZITTER: D66 heeft nog een halve minuut. De heer TÖNS (GroenLinks): Voorzitter. Ik zal het kort houden. Misschien halen we de derde helft dan nog. Het mag niet verrassend zijn dat wij zeer kritisch zijn over de gekozen oplossing. We begrijpen echter wel de wens en de reden om nu iets te doen aan het Delflandplein. We vinden het wel jammer dat de oplossing absoluut niet aansluit bij de visie zoals we die hebben vastgelegd in het MPD. Dat vinden wij echt jammer.
We moeten als raad goed nadenken over hoe we gaan voorkomen dat we in de toekomst mobiliteitsvraagstukken zo met kunst- en vliegwerk oplossen. We moeten proberen toekomstgerichte aanpakken te verzinnen als zoiets voorligt waarin de visie van onze mobiliteit maar ook de visie op andere beleidsterreinen naar voren komen. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Ik wil graag weten waarom deze aanpassingen van het Delflandplein niet passen bij het Mobiliteitsplan Delft. De heer TÖNS (GroenLinks): Volgens mij is een van de ondertitels van het MPD "De fiets op 1". De vorige spreker gaf ook al aan dat dit niet hierin terugkomt. Wij denken dat er andere maatregelen voor de langere termijn zijn die daar beter op hadden aangesloten. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Volgens mij hebben we afgesproken dat we "De fiets op 1" juist per wijk en per weg bekijken. Laten we dat dus niet per definitie het allerhoogste doel noemen. "De fiets op 1" kan ook betekenen dat je vooral de veiligheid van een rotonde zoals deze gaat garanderen. Volgens mij wordt het veiliger als we een eenrichtingsroute bepalen. Bent u dat met mij eens? De heer TÖNS (GroenLinks): Dan kan ik doorgaan met mijn betoog, want daar kom ik nog op terug. We hebben de motie met STIP en D66 mede-ingediend, omdat we heel erg benieuwd zijn hoe deze maatregel gaat werken. Hopelijk wordt het er veiliger van, want dat willen we allemaal.
Daar zijn we het zeker mee eens, maar om zeker te weten dat dat 53
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
resultaat behaald wordt of op een andere manier behaald kan worden, moeten we goed blijven monitoren, zodat we ervoor kunnen zorgen dat er in ieder geval op de lange termijn een zo goed mogelijke uitvoering komt die meer aansluit bij onze visie, bij wat wij bedoelen met "De fiets op 1", maar wellicht ook veiliger zou kunnen zijn. Mevrouw KOK (SP): Voorzitter. De indieners van de motie klinken echt als verwende kinderen waar een keertje nee tegen gezegd wordt. De motie laat niks anders zien dan onvrede over het eenrichtingsverkeer, terwijl er toch ook nog vele andere aanpassingen gemaakt gaan worden. Er zijn uitgebreide onderzoeken gedaan met duidelijke conclusies. In vele gesprekken van de SP met gebruikers van de rotonde was de oplossing ook helder. Daarnaast heeft de wethouder al aangegeven dat er sowieso gemonitord gaat worden. De ingediende motie is wat de SP betreft dus overbodig. Het is geen tijd om te lamenteren. Het is tijd om in actie te komen. Veiligheid is geen onderwerp dat je kunt uitstellen. In de ogen van de SP duurt deze hele gang van zaken toch al veel te lang. Kortom: de SP is er een groot voorstander van om het Delflandplein zo snel mogelijk veiliger te maken. Laten we nu stoppen met praten en laten we nu gewoon eens wat doen. Mevrouw VAN COOTEN (PvdA): Voorzitter. Veiligheid is een belangrijk speerpunt van de Partij van de Arbeid en ook van het MPD.
Het is daarom goed om te zien dat er maatregelen worden getroffen. Uit wetenschappelijk onderzoek van de SWOV en de Rijksuniversiteit Groningen komt naar voren dat een tweerichtingenfietspad een verhoogd risico vormt op ongelukken tussen automobilisten en tussen fietsers. Het invoeren van een eenrichtingsfietspad is dus per definitie veiliger. Dat gezegd hebbende is de motie overbodig. Daarnaast gaan we ervan uit dat elk beleid in de gemeente toegevoegde waarde heeft, want anders zou de gemeente het niet doen. Als deze maatregel contraproductief is, neem ik aan dat het college ingrijpt. De Partij van de Arbeid is natuurlijk niet tegen monitoren, maar de motie is een voortzetting van het beleid en het kost een hoop moeite en tijd om lijstjes bij te werken om de motie bij te houden. De vraag aan de wethouder is dus of zij het ermee eens is dat de motie overbodig is. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Voorzitter. De ChristenUnie is beduusd van de motie Monitoren van kortetermijnmaatregelen op het Delflandplein. Met verbazing heb ik de bijdragen van STIP, D66 en GroenLinks aangehoord in het debat in de commissie. Met stomme verbazing heb ik moeten constateren dat de gehele oppositie zich kon vinden in het voorstel van de wethouder en dat de coalitiepartijen STIP, D66 en GroenLinks het beter menen te weten dan het ingenieursbureau dat het onderzoek heeft gedaan.
En dan: tien tot vijftien seconden reistijd naar de haaien; zeg maar twee uur op jaarbasis. Tel uit je winst! Deze motie dient alleen maar als dekking van uw aftocht uit een door deze partijen slecht gevoerd debat. De debaters van STIP, D66 en GroenLinks trokken de resultaten van het onderzoek in twijfel en nu komen ze met een voorstel om te monitoren. Dat monitoren nemen ze dan weer wél aan. Verwachten STIP, D66 en GroenLinks dat het onveiliger wordt? Ik vind dit echt te slecht voor woorden. Deze motie is te beschouwen als een motie van wantrouwen van enkele coalitiepartijen, omdat het voorliggende besluit het gevolg zou zijn van niet deugdelijk onderzoek onder politieke verantwoordelijkheid van een wethouder. Dat verdient het college met dit voorstel zeker niet. Wat de ChristenUnie met deze motie doet, is afhankelijk van de reactie van de wethouder, maar ik hoop echt dat deze motie wordt ingetrokken. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Na zo'n betoog kan ik weinig toevoegen. Ook voor het CDA betekent "De fiets op 1" of "De fiets op 2" dat de veiligheid van fietsers de hoogste prioriteit. Daarom zijn we blij met het collegevoorstel. De motie lijkt ons overbodig. Er staan 54
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
ook hele vreemde overwegingen in, bijvoorbeeld dat een tweerichtingsfietspad educatiecampagnes zou schelen. Dat wordt nergens onderbouwd. Dus ik deel de mening van de heer Van der Woerd. Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Voorzitter. Ook voor Hart voor Delft deed de motie denken aan wantrouwen tegen de eigen wethouder en tegen het uitgebrachte rapport. Ook wij hopen dus dat deze motie niet aangenomen wordt of dat zij zelfs ingetrokken kan worden. Hart voor Delft is voor het eenrichtingsverkeer. Er wordt genoeg gemonitord, want anders hadden we ook niet geweten dat het zo'n lastig traject is rond het Delflandplein. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. Voor de VVD is de verkeersveiligheid een belangrijk goed. Wij denken dat daar met deze maatregel aan bijgedragen kan worden op de rotonde. We kunnen eigenlijk niet tegen het dictum van de motie zijn. Het monitoren van dit soort maatregelen is heel relevant, maar het lijkt ons ook een beetje een open deur. We horen graag van de wethouder of ze dit sowieso niet al van plan was. Volgens mij is daar geen motie voor nodig, maar dat horen we graag van haar zelf. Verder zei ik in mijn interruptie al kort dat we niet echt tegen het dictum kunnen zijn, maar dat we wel wat kritischer zijn over de overwegingen, want er wordt heel nadrukkelijk gesteld dat de fietser per definitie een hogere prioriteit heeft dan al het andere verkeer.
Dat is wat ons betreft maatwerk. Dat moet je per wijk, per straat en per gebied bekijken. Het eenrichtingsverkeer is vooral een instrument om die veiligheid te verbeteren. Dat moet het doel zijn. De VOORZITTER: Mevrouw Van den Berg, ik dacht dat u een punt ging zetten, maar … Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Ik praat heel hard door. De VOORZITTER: U praat gewoon heel snel door, maar meneer Van Overbeeke wil wel interrumperen. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Sorry, voorzitter, dit komt door vertraging in mijn knop. Ik wilde de heer Van der Woerd interrumperen. Daar had ik namelijk wel iets op te beantwoorden, maar dat doe ik in mijn tweede termijn wel. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Ik rond af. Voor ons heeft het eenrichtingsverkeer dus vooral als doel om de verkeersveiligheid te verbeteren. Laten we dat alsjeblieft niet op een verkeerde manier gaan koppelen aan welk voertuig welke prioriteit moet krijgen. Mevrouw VAN TRICHT (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Er is in de commissie al uitgebreid over dit onderwerp gesproken. Onafhankelijk Delft stemt zeker in met de voorgestelde maatregelen die genomen gaan worden op het punt van het eenrichtingsverkeer, maar wij vinden de motie ook enigszins overbodig en wij zullen deze niet steunen. Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter.
We hebben inderdaad al in verschillende commissievergaderingen uitgebreid gesproken over het Delflandplein, met name ook over de zorgen over de verkeersveiligheid. Het voorstel dat we nu hebben neergelegd, zorgt er met name voor dat die verkeersveiligheid, vooral voor fietsers, een stuk beter wordt. Een veilige fietsrit is ook een prettige fietsrit. We zijn als gemeente Delft ook altijd druk bezig geweest om ervoor te zorgen dat we veel mensen op de fiets krijgen. Als het veilig is, houden we de mensen ook op de fiets. Dat is dus een belangrijke reden om deze 55
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
maatregelen te nemen. In het voorstel staat inderdaad ook al dat we ook gaan kijken of alle maatregelen die we nu nemen - dat is echt niet alleen het eenrichtingsverkeer maar ook de oversteek bij de Papsouwselaan en ervoor zorgen dat alternatieven beschikbaar komen in de nabijheid, waar we nu al op korte termijn aanpassingen kunnen doen - bij elkaar het gewenste effect hebben. Want we nemen maatregelen inderdaad niet alleen om die maatregelen, maar vooral omdat ze effect moeten hebben. Het punt van het monitoren en kijken of we het goede hebben gedaan, zit er dus zeker in. Wat dat betreft kan ik degenen die daarnaar vroegen, dus aangeven dat het punt van het monitoren al in dat voorstel zat. Wat het derde in het dictum genoemde punt betreft: het is heel erg afhankelijk van het moment waarop we weten dat ook die aanvullende maatregelen, die ook echt wel wat extra's vragen, beschikbaar kunnen zijn. Dat gaat over tunnels en een mogelijke doorsteek onder of over de Beatrixlaan. Dat zijn geen zaken die ik over een paar jaar hier in de raad kan komen melden of waarvoor we op dat moment ook het geld zullen hebben. We hebben het wel in het onderzoek opgenomen en we hebben bekeken wat verkennend de mogelijkheden zouden zijn, maar ik wil benadrukken dat we dat op dat moment zeker ook bij elkaar kunnen gaan bespreken.
Maar het lijkt mij nog wat lastig om er nu al van uit te gaan dat we daarmee dan ook allerlei maatregelen kunnen terugdraaien. Wat dat betreft laat ik het over aan de raad om zich hierover uit te spreken, maar ik ben van mening dat ik binnen het collegevoorstel al flink wat stappen heb voorgesteld om die monitoring in te gaan passen. De VOORZITTER: Er is behoefte aan een tweede termijn, in ieder geval bij D66. D66 heeft nog 22 seconden. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Voorzitter. Ik wil alleen nog even zeggen dat ik het belangrijk vind om te benadrukken dat de indeling van de straten de verdeling van een schaars goed is, namelijk van de openbare ruimte. Die afweging is gewoon een politieke afweging die in de raad gemaakt moet worden. Daarbij kunnen onderzoeken gebruikt worden als input, maar ik vind de aanval van de heer Van der Woerd op de indieners van deze motie gewoon onterecht. Wij zitten anders in die afweging; wij maken die politieke afweging anders. De gemeenteraad is ervoor om dat soort afwegingen dan te maken. We zijn het daarin met elkaar oneens. Dat is prima, maar laten we dat wel gewoon blijven erkennen. De VOORZITTER: Uw tijd is op. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Voorzitter. Het is inderdaad een politieke afweging hoe je straten, asfalt en zo verdeelt, maar ik heb ernstig de indruk dat hier gewoon een onderzoek in twijfel wordt getrokken. Daar blijf ik bij.
De heer TÖNS (GroenLinks): Voorzitter. Ik wil nog heel duidelijk maken dat wij zeker voor verbetering van de veiligheid zijn. Het onderzoek zegt dat dit zeker gaat helpen voor de veiligheid. Dat zal zeker … Ik kan me voorstellen dat dit inderdaad helpt en dat het onderzoek gelijk heeft. Dat neemt niet weg dat het inderdaad een politieke beslissing is wat we het best op die plek vinden passen. Wij leggen onze keuze daar elders. We begrijpen wel dat dit de snelste oplossing is die nu gemaakt kan worden. Dat is ook de reden waarom wij ons niet uitspreken tegen de invoering nu. Dat neemt niet weg dat het goed is om te kijken wat dit nu precies betekent voor die plek, hoe de veiligheid verbetert, maar ook of het in de toekomst wenselijk is en inpasbaar in dit langetermijnplan. Dat is de reden waarom we met deze motie zijn gekomen, omdat dit voor ons niet binnen die politieke keuze valt. 56
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. Ik ben toch even in verwarring, want volgens heeft de wethouder net klip-en-klaar uitgelegd dat monitoring sowieso al een onderdeel is van het plan. Waarom dan nog daarbovenop een motie? De heer TÖNS (GroenLinks): Daarbovenop toch nog een motie, omdat we toch willen aangeven dat we in de toekomst goed moeten kijken naar die uitvoering, ook met extra feiten over hoe de verkeersveiligheid daar precies verbetert en of er in de omgeving wellicht nog veel meer dingen zijn die we voor de lange termijn moeten meenemen. Mevrouw VAN COOTEN (PvdA): Ik sluit me aan bij de vraag van mevrouw Van den Berg, want de wethouder geeft aan dat ze dit goed en nauwgezet in de gaten gaat houden. Ze gaat meer doen, niet alleen op de rotonde maar ook met de aanpalende acties die zij gaat uitvoeren. Volgens mij zegt ze daarmee dus ook toe wat ze al gaat doen en dat dat staand beleid is. U wilt eigenlijk de ambtenaren dus alleen maar wat meer werk geven met het bijhouden van de lijstjes. Dat heeft toch geen zin? Wat wilt u bereiken? De heer TÖNS (GroenLinks): We zijn er ook al heel blij mee dat dat gebeurt. Bij de bespreking in de commissie was nog niet in zoverre naar voren gekomen dat dit op die manier zou gebeuren. Daarom ben ik op zich blij met dat antwoord.
Mevrouw VAN COOTEN (PvdA): Ik hoor de heer Töns zeggen dat het nog niet eerder aan de orde was gekomen en dat hij de wethouder dit nu hoor zeggen. Is deze bevestiging van de wethouder dan voldoende om de motie in te trekken? De VOORZITTER: Ik zei dat mevrouw Kok dezelfde vraag wilde stellen. Heeft u ook dezelfde vraag, meneer Van der Woerd? De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Ik heb inderdaad dezelfde vraag. Ik ben benieuwd. De heer TÖNS (GroenLinks): Wat monitoring betreft denk ik dat we tevreden zijn. Dat neemt niet weg dat onze motie in het derde dictum ook vraagt om goed naar de lange termijn te kijken. Dat is een opdracht die wij wel voor ons zien om vanaf nu gewoon goed mee te nemen hoe dat punt zich in de toekomst gaat ontwikkelen, want voor ons is dit nog niet een oplossing waarvan we denken dat het er in 2040 zo bij zou moeten liggen, maar wel in 2023. De VOORZITTER: Dus u handhaaft uw motie? De heer TÖNS (GroenLinks): Ik denk dat we dat even moeten bespreken. De VOORZITTER: Er zijn verder geen raadsleden die in de tweede termijn nog het woord willen voeren. Wethouder, heeft u nog iets toe te voegen? Nee. Dan kijk ik even naar de indieners van de motie. Wilt u een minuutje schorsing? De heer WEILER (STIP): Een minuutje schorsing zou fijn zijn. De VOORZITTER: Dan gaan we dat doen. De vergadering wordt enige tijd geschorst.
57
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
De heer WEILER (STIP): Voorzitter. We hebben heel even overlegd. We zijn tevreden met het antwoord van de wethouder. Als zij het dictum van de motie inderdaad kan toezeggen, hoeft onze motie niet in stemming gebracht te worden. Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter. Ik heb het over de eerste twee punten van het dictum gehad. Van het derde punt vind ik dat dat te zijner tijd aan de raad zal zijn. Tot op zekere hoogte kan ik het dus toezeggen, maar niet voor het volledige dictum, zoals ik ook in mijn beantwoording heb aangegeven. De VOORZITTER: Dus de eerste twee punten wel. Het derde punt is op een later moment aan de raad. Kunnen de heren daarmee leven? De heer WEILER (STIP): Ik denk dat we het inderdaad op die manier bedoelen. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Uitstekend. De heer TÖNS (GroenLinks): Ja. De VOORZITTER: De motie is dus ingetrokken. De heer VAN OVERBEEKE (D66): En de toezeggingen zijn opgeschreven. De VOORZITTER: Heel goed van u, meneer Van Overbeeke. Het is opgeschreven. De griffier zit hier naast me. Ik zag hem ijverig schrijven. 102. Burgerbrief - overlast van studenten en horeca in Wippolder (nr. 2112245). De VOORZITTER: Omdat ik de vergadering voorzit, zal wethouder Schrederhof mede namens mij antwoorden. Mevrouw VAN GEENEN (CDA): Voorzitter. Het CDA hecht er zeer aan dat mensen gewoon kunnen wonen, gewoon prettig en in rust.
We zien dat het college zijn uiterste best doet om de problemen in de Wippolder aan te pakken, maar toch geeft het een soort machteloos gevoel dat de overlast, die al zo duidelijk is, niet snel lijkt te worden gestopt. Daarom hebben wij drie moties, waarvan wij er twee met OD indienen. Die moties zijn bedoeld als een verdieping, een versterking of misschien een versterking van wat er nu allemaal gebeurt. U heeft de moties natuurlijk gewoon kunnen lezen. Een van de moties is de motie Elkaar aanspreken is eenmalig. Wij hebben het idee dat dit punt door de overlastgevers wordt gebruikt om te zeggen dat mensen iedere keer weer hun bed uit moeten komen om de overlastgevers uit te spreken. Wij denken dat handhaving een belangrijk ondersteuningsdeel kan zijn voor het alcoholconvenant en voor de verantwoordelijkheid die de TU heeft om hier iets mee te doen. We willen toe naar ontkamering en daar willen we een weg naar zoeken. Door de fracties van het CDA en Onafhankelijk Delft wordt motie 8.5-1 (Zoek naar mogelijkheden om ontkamering mogelijk te maken) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in digitale vergadering bijeen op donderdag 17 juni 2021 ter bespreking van de studentenoverlast in de Wippolder, constaterende dat:
58
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
-
in bepaalde wijken zoals in de Wippolder het aantal verkamerde woningen die aan studenten worden verhuurd, zo hoog is dat van enige balans geen sprake (meer) is; er 182 meldingen van woonoverlast veroorzaakt door studentenhuizen per jaar zijn in onze stad; deze woonoverlast het wonen in de buurt van deze huizen onmogelijk maakt; er weinig middelen lijken te zijn om de overlast (snel) te doen stoppen;
overwegende dat: -
de enige oplossing voor de bewoners van deze wijk(en) om overlast te voorkomen een reductie van het aantal verkamerde panden lijkt te zijn; bewoners van deze wijken al jaren de dupe zijn van woonoverlast door studentenhuizen waar voorlopig nog geen oplossing voor is gevonden; ontkamering feitelijk maar ook als stok achter de deur een effectieve wijze is om de overlast te stoppen;
roept het college op alle mogelijkheden van ontkamering als serieuze opties vóór het eind van 2021 aan de gemeenteraad voor te leggen, en gaat over tot de orde van de dag." Door de fracties van het CDA en Onafhankelijk Delft wordt motie 8.5-2 (Voorkom alcoholmisbruik) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in digitale vergadering bijeen op donderdag 17 juni 2021 ter bespreking van de studentenoverlast in de Wippolder, constaterende dat: -
het alcohol- (en drugs-)gebruik in Delft veel hoger is dan landelijk gemiddeld; er een sfeer heerst dat alcoholgebruik en studeren aan de TU Delft bij elkaar horen; deze grote tolerantie voor alcohol- (en drugs-)gebruik een effectieve aanpak in de weg staat; excessief alcohol (en drugs-) gebruik negatieve gevolgen heeft voor de geestelijke en lichamelijke gezondheid van de studenten; dit gebruik grote en ongewenste maatschappelijke gevolgen heeft voor de burgers van Delft; er inmiddels een convenant alcoholgebruik met de TU in gebruik is; ee TU eerstverantwoordelijke is om alcohol- en middelengebruik te ontmoedigen; de gemeente haar handhavingsinstrument kan inzetten om de TU te ondersteunen in haar verantwoordelijkheid in dezen; de aankomende OWee een uitgelezen moment is om het tij te keren voor nieuwe studenten; intensiveren van handhaving op openbare dronkenschap (vooral in die week) een preventief effect kan hebben; het nodig is om alles op alles te zetten om de vanzelfsprekende alcohol en middelencultuur (samen met de TU) te doorbreken;
roept het college op: -
het alcoholconvenant aan te scherpen; 59
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
-
de TU te ondersteunen in een cultuurdoorbrekend programma tegen (excessief) alcohol- en middelengebruik door studenten; handhaving op openbare dronkenschap tijdens de OWee te intensiveren; in de handhaving van overlast openbare dronkenschap te constateren en de overlastgevers op grond hiervan te beboeten,
en gaat over tot de orde van de dag." Door de fractie van het CDA wordt motie 8.5-3 (Elkaar aanspreken is eenmalig) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in digitale vergadering bijeen op donderdag 17 juni 2021 ter bespreking van de studentenoverlast in de Wippolder, constaterende dat: -
in de beantwoording van vragen uit het memo van dossier Wippolder staat dat in eerste instantie buren elkaar zelf moeten aanspreken; overlastgevers deze regel gebruiken tegen degenen die overlast ervaren, als de overlastervaarders direct de politie bellen; er onduidelijkheid is over het structureel of eenmalig karakter van deze regel;
overwegende dat: -
de overlast door studenten in de wippolder diep in de nacht plaatsvindt; in redelijkheid niet verwacht mag worden dat overlast slachtoffers hun bed uit moeten om de buren aan te spreken; de beantwoording van vragen uit het bovenstaande memo ook gelezen kan worden als een oproep eenmalig contact te zoeken met de overlastgevers;
roept het college op: -
duidelijk te communiceren of deze regel eenmalig wordt bedoeld of dat men iedere keer opnieuw de buren moet aanspreken; aan betrokkenen duidelijk te maken dat deze regel als een eenmalige handeling is bedoeld en dat bij overlast altijd de politie gebeld kan worden,
en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. We hebben al een heel gesprek gehad. We hebben een heel lijvig dossier gekregen van bewoners van de directe omgeving daar. We hebben erover gesproken dat natuurlijk niet alle studenten overlast bezorgen en ook niet alle horeca. Ik wil nog wel benoemen dat we op een gegeven moment een sessie hadden waarbij een toehoorder ineens iemand bleek te zijn die meteen ging inspreken. Dat heb ik als erg vervelend ervaren. Ik vind ook dat niet alleen mensen die iets komen vertellen, veilig moeten zijn, maar dat ook raadsleden zeker recht hebben op veiligheid. Ik wil dat toch even genoemd hebben. Verder vind ik het heel belangrijk dat we allemaal leefgenot hebben. We hebben zeker geluisterd naar het betoog van iedereen, ook van de burgemeester, dat dit zeker opgepakt gaat worden. Dat gevoel hebben wij ook. Hoewel we dat gevoel hebben en hoewel we daar ook blij mee zijn, vooral voor de bewoners - soms liggen zaken ook weleens een beetje anders dan sommige bewoners zeggen, want soms is er al jaren overlast en krijg je er ook nog andere irritaties bij - zeg ik: laten we wel proberen om altijd in gesprek met 60
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2021
elkaar te blijven, om gewoon te blijven doen en om intimideren achterwege te laten. Laten we zorgen dat deze stad voor iedereen fijn en prettig is om er te wonen. Dat kunnen we alleen maar met elkaar doen. Samen met het CDA hebben wij twee moties mede-ingediend om - natuurlijk in ernstige gevallen - ontkamering mogelijk te maken en alcoholmisbruik te voorkomen. De VOORZITTER: Mevrouw De Boer van STIP moet ik overslaan, want de tijd van STIP is op. Dat brengt mij bij de heer Al Jaberi, die op de eerste avond gelijk zijn maidenspeech gaat houden. De heer AL JABERI (SP): Voorzitter. De excessieve verkamering is het resultaat van huisvestingswetgeving in het verleden. Verkamering en "verstudiorisering" waren alleen toegestaan voor woningen met een WOZ-waarde die lager was dan € 265.000. Dit is de categorie starterswoningen. Dit betreft een groep die het niet kan winnen van investeerders met diepe zakken. Hoewel deze wetgeving nu is gerepareerd door verkamering in principe niet meer toe te staan, is de schade al geschied. De wijk is gebaat bij een herstel van de balans. In de beeldvormende sessie van 3 juni hebben wij verhalen gehoord van psychische en fysieke uitputting van bewoners door structurele overlast.
Meerdere bewoners zijn de wijk ontvlucht doordat hun woongenot verpulverd is door overlastveroorzakende buren, in dit geval studenten die een levensstijl hebben die afwijkt van de levensstijl van de nietstuderende bewoners of horeca die een grote groep klanten van buiten de wijk bedient. Beide groepen hebben geen binding met de buurt en verstoren de gemeenschap. De SP is voorstander van het beschikbaar houden van woningen voor bewoners van de stad in plaats van voor investeerders die maximaal willen profiteren van de woningnood. Onderzoek naar het toepassen van huurbeleid achten wij dan ook wenselijk. Hiermee kan de gemeente instrumenten ontwikkelen om malafide verhuur te weren, maar ook om voorwaarden te stellen aan de verhuur van woningen, zoals het instellen van een maximumaantal bewoners per woning. Voor de bewoners van de Wippolder is echter op korte termijn actie nodig. De wethouder en de burgemeester hebben tijdens de sessie geruststellende woorden uitgesproken richting de aanwezige bewoners. De SP roept ertoe op om deze woorden nu om te zetten in actie. Er is een integrale aanpak van overlast nodig vanuit de gemeente en politici, niet alleen voor de Wippolder maar voor heel Delft.
In situaties zoals deze, waarbij bewoners vanuit meerdere hoeken structureel overlast ervaren, moeten alle reeds beschikbare middelen ingezet worden om deze buurt in de Wippolder leefbaar te houden. Wij zijn benieuwd wat de wethouder van deze oproep vindt en ook hoe de wethouder dit verwacht te kunnen realiseren door de politie en de gemeente beter te laten samenwerken, bijvoorbeeld bij het verwerken van meldingen. De VOORZITTER: Van harte gefeliciteerd met uw maidenspeech. Ik denk dat het een herkenbaar SP-verhaal is. U komt op voor de mensen in de buurt. U wil ook zorgen dat iedereen uiteindelijk een plek krijgt en ergens kan wonen. Dat is natuurlijk ook een heel traditioneel SP-verhaal, zeker hier in deze raad, maar u roept ook op tot actie - dat is natuurlijk ook de SP ten voeten uit - door het college. In dat opzicht denk ik dat u een heel herkenbaar SP-verhaal heeft neergezet. Van harte gefeliciteerd. We wensen u een heel goede tijd toe als raadslid in ons midden. Dank u wel. Mevrouw TIEKSTRA (PvdA): Voorzitter. De situatie in de Wippolder is uitgebreid in een aantal sessies aan de orde geweest. Ik zal me vanavond dus beperken tot de moties die over dit onderwerp zijn ingediend. Ik kan daarbij aangeven dat mijn fractie de ontkameringsmotie van het CDA en Onafhankelijk Delft niet zal steunen.