CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Geluidbeleid gemeente Delft

Commissie Algemeen 10 juli 2025, gemeente DelftBij agendapunt: Collegebrief - Geluidbeleid24.259 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Geluidbeleid gemeente Delft Actieplan Geluid 2025-2028 & Beleidsregels voor afwijken standaardwaarden geluid

Geluidbeleid gemeente Delft

Inhoudsopgave 1 Inleiding 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

Waarom Geluidbeleid? Geluidhinder en gezondheid Waarover gaat het Geluidbeleid? Leeswijzer Besluitvorming

2 Deel A: Actieplan Geluid 2025-2028

3 3 3 5 5 5

6

2.1 Welke wettelijke regels gelden er? 2.2 Wat hebben we gedaan? 2.3 Wat is de geluidsituatie nu? 2.3.1 Geluidbelastingkaarten 2.3.2 Analyse van de geluidbronnen 2.4 Wat zijn de uitgangspunten voor 2025-2028? 2.4.1 Plandrempel 2.5 Wat gaan we doen? 2.5.1 Spoor 1: geluid bij ruimtelijke ontwikkelingen 2.5.2 Spoor 2: fysieke geluidmaatregelen (locatiespecifieke maatregelen) 2.5.3 Spoor 3: belang van stille plekken

6 6 8 9 10 14 14 15 15 16 20

3 Deel B: Beleidsregels voor afwijken standaardwaarden geluid (nieuwe initiatieven)

22

3.1 Waarom nieuw geluidbeleid? 3.1.1 Aanleiding 3.1.2 Doelstellingen 3.2 Welke wettelijke regels gelden er? 3.2.1 Omgevingswet 3.2.2 Reikwijdte 3.3 Gezond woon- en leefklimaat 3.3.1 Stedenbouw 3.4 Welke voorwaarden en eisen gelden er? 3.4.1 Maatregelen 3.4.2 Geluidluwe zijde 3.4.3 Woningindeling 3.4.4 Niet-geluidgevoelige gevels 3.4.5 Flexibiliteitsbepalingen 3.4.6 Wijzigen en aanleg van een weg

22 22 22 23 23 24 25 26 28 28 30 33 33 36 37

4 Participatie en inspraak

39

5 Relatie met andere instrumenten

40

5.1 5.2 5.3

Omgevingsvisie Omgevingsplan Wet kwaliteitsborging

40 40 41 1

Geluidbeleid gemeente Delft

Bijlage 1 Vragenboom en samenvatting van voorwaarden en eisen

42

Bijlage 2

Beleid / thema’s die raakvlakken met geluid hebben

47

Bijlage 3

Geluidkaart (cumulatief)

59

Bijlage 4

Verslag van informatieavond 1 juli 2024

60

Bijlage 5

Verslag van inloopavond 18 februari 2025

68

2

Geluidbeleid gemeente Delft

1 Inleiding 1.1 Waarom Geluidbeleid? Delft wil een stad zijn waar het goed wonen, leven en verblijven is. Om in de toekomst iedereen die in Delft wil wonen te huisvesten, zijn er duizenden nieuwe huizen nodig. En ook duizenden nieuwe banen. Tegelijkertijd is de ruimte in Delft schaars. Dit wringt soms wel met de opgaven voor wonen en werken die Delft heeft. We moeten daarom keuzes maken om een goede groei mogelijk te maken. Dit betekent ook onze inwoners beschermen tegen het extra geluid dat gepaard gaat met de groei van de bevolking en extra werkgelegenheid. Bij ontwikkelingen zien we duurzaamheid, gezondheid en veiligheid als basisvoorwaarden. Maar hoe geven we hier nu invulling aan voor het aspect geluid? Geluid heeft grote invloed op hoe mensen hun omgeving als prettig ervaren. Ook kan geluid zorgen voor negatieve gezondheidseffecten. In het Geluidbeleid wordt in deel A (Actieplan Geluid 2025-2028) invulling gegeven aan de verplichtingen uit de Europese richtlijn Omgevingslawaai. Deze richtlijn gaat over welke bestaande locaties in de stad een te hoge geluidbelasting hebben en met welke maatregelen we deze knelpuntlocaties willen aanpakken. We willen hiermee een toename in geluidhinder en slaapverstoring voorkomen en de schadelijke effecten door blootstelling aan geluid beperken. Het Actieplan Geluid 2025-2028 is een verplicht programma op grond van de Omgevingswet.

Daarnaast is in deel B van het Geluidbeleid het geluidbeleid voor nieuwe situaties opgenomen (Beleidsregels voor afwijken standaardwaarden geluid). Met de Omgevingswet heeft de gemeente meer afwegingsruimte gekregen ten aanzien van geluid. In de Omgevingswet zijn standaardnormen opgenomen waarvan kan worden afgeweken (binnen een bepaalde bandbreedte). Het Geluidbeleid beschrijft hoe hiermee wordt omgegaan, welke randvoorwaarden en eisen er gelden en wat dit betekent voor de woonkwaliteit. Met deze randvoorwaarden willen we bij nieuwe ontwikkelingen een gezonde fysieke leefomgeving en een goede nachtrust bereiken. Het Geluidbeleid is een actualisatie van het oude geluidbeleid, namelijk het Actieplan 2020-2022 en het Beleid Hogere Waarden Wet Geluidhinder (2013). Naast de wettelijke verplichting is het nodig om ons beleid te actualiseren, omdat het (oude) geluidbeleid is verouderd. Daarnaast zijn er door de invoering van de Omgevingswet ook inhoudelijke wijzigingen in de geluidwetgeving.

1.2 Geluidhinder en gezondheid Geluid is overal om ons heen. We horen het op straat, op ons werk, maar ook in en om ons huis. Hoe we geluiden ervaren en wat voor effect dit heeft op onze gezondheid hangt af van verschillende factoren. Allereerst is dat de sterkte van het geluid (een hoeveelheid decibellen). Dit is direct ook de belangrijkste voorspeller van hinder. Echter, ook andere akoestische factoren spelen een rol bij de mate van hinder. Denk hierbij aan de frequentie van het geluid of de aanwezigheid van meerdere geluidbronnen. Ook of je het geluid kan beïnvloeden speelt een rol in de 3

Geluidbeleid gemeente Delft

mate waarin hinder wordt ervaren, bijvoorbeeld de mogelijkheid tot het sluiten van een raam of de aanwezigheid van een stille zijde. Daarnaast is bekend dat ook niet-akoestische factoren de mate van hinder kunnen beïnvloeden. Het gaat hierbij om bijvoorbeeld de hoeveelheid groen in de omgeving, de voorspelbaarheid van het geluid of de angst voor een geluidbron. Wanneer geluid te hard is of langdurig op ons inwerkt kan dat invloed hebben op onze gezondheid en ons welzijn. Geluid kan leiden tot hinder, slaapverstoring, verstoring van de dagelijkse activiteiten en stress. Deze effecten kunnen op hun beurt weer aanleiding geven tot een hogere bloeddruk en verhoogde niveaus van het stresshormoon cortisol, waardoor het risico op hart- en vaatziekten en psychische aandoeningen wordt verhoogd. Geluid kan echter ook direct resulteren in fysiologische reacties zoals een verhoogde bloeddruk. Ook kan geluid een negatieve invloed hebben op de leerprestaties van kinderen. Geluid van wegverkeer is in Nederland de belangrijkste bron van geluidhinder en slaapverstoring in de woonomgeving. Geluid van buren staat op een tweede plaats. Dit is in Delft ook het geval1. In de volgende grafiek is te zien wat landelijk het percentage aantal ernstig gehinderden per geluidbronsoort is.

De GGD adviseert voor het geluid van wegverkeer een waarde van 50 dB (Lden) en 40 dB (Lnight) of lager op de gevel van een gebouw. Onder deze waarden wordt een goede akoestische kwaliteit van de leefomgeving bereikt. Er wordt nog wel een beperkt percentage hinder en slaapverstoring verwacht. De World Health Organization (WHO) adviseert een waarde van 53 dB (Lden) en 45 dB (Lnight). Bij deze waarden is een bepaalde mate van hinder of slaapverstoring aanvaardbaar.

1

GGD, Gezondheidsmonitor 2020 en Enquête Delft Internet Panel.

4

Geluidbeleid gemeente Delft

1.3 Waarover gaat het Geluidbeleid? De scope van het voorliggend Geluidbeleid richt zich op wegverkeer, railverkeer en industrielawaai, omdat hier wettelijke verplichtingen voor zijn. Voorafgaand aan het opstellen van het Geluidbeleid is ook inzichtelijk gemaakt welke raakvlakken geluid heeft met andere beleidsthema’s of geluidbronnen. Dit staat in bijlage 2 beschreven. Daarnaast is in paragraaf 2.3 ook een doorkijk gegeven door welke andere geluidbronnen overlast wordt ervaren in de stad.

1.4 Leeswijzer Het Geluidbeleid bestaat uit 2 delen: 1. Deel A: Actieplan Geluid 2025-2028. Dit gaat over bestaande geluidknelpunten in de huidige situatie. Het Actieplan Geluid richt zich op uitvoeringsmaatregelen om de bestaande knelpuntlocaties aan te pakken en betreft de actualisatie van het Actieplan Geluid 2020-2022 (2020, kenmerk 2029634). 2. Deel B: Beleidsregels voor afwijken standaardwaarden geluid. Dit deel bevat beleid dat zich richt op de invulling van een gezonde fysieke leefomgeving bij het toedelen van functies aan locaties. Deel B wordt hoofdzakelijk toegepast bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Met het vaststellen van het Geluidbeleid komt het Beleid hogere waarden Wet Geluidhinder te vervallen (2013, kenmerk 1297749).

1.5 Besluitvorming Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd het Geluidbeleid vast te stellen. Bij het vaststellen van deel A (Actieplan Geluid 2025-2028) is de Algemene wet bestuursrecht (afdeling 3.4) van toepassing. Dit betekent dat het ontwerp Geluidbeleid na bekendmaking 6 weken ter inzage was gelegd, van 27 januari tot en met 9 maart 2025. Tijdens de zienswijzeprocedure kon een ieder zijn zienswijzen naar voren brengen. De gemeenteraad heeft een afschrift het ontwerp Geluidbeleid ontvangen. Er zijn in totaal 8 zienswijzen ontvangen. Deel A van het Geluidbeleid is op zichzelf geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Het is namelijk niet gericht op rechtsgevolg. Het bevat in principe alleen beleidsvoornemens en voorgenomen maatregelen. Daarom staat tegen het Geluidbeleid als zodanig geen beroep open. Tegen de beleidsregels (deel B) is op grond van de Algemene wet bestuursrecht ook geen beroep mogelijk.

5

Geluidbeleid gemeente Delft

2 Deel A: Actieplan Geluid 2025-2028 2.1 Welke wettelijke regels gelden er? Deel A van het Geluidbeleid (Actieplan Geluid 2025-2028) is opgesteld in het kader van de Europese richtlijn Omgevingslawaai (Richtlijn 2002/49/EG). Deze richtlijn is geïmplementeerd in onze eigen wetgeving. De richtlijn richt zich vooral op het vaststellen van de geluidsituatie, het beheersen van het geluid en waar nodig het verlagen van het geluid in de leefomgeving. Voor Delft is voorgeschreven dat het Actieplan Geluid moet gaan over weg- en railverkeer en specifiek vastgelegde industriële activiteiten. Om de schadelijke gevolgen van omgevingslawaai te bestrijden, worden volgens de Richtlijn omgevingslawaai de volgende instrumenten toegepast: • Geluidbelastingkaarten: hiermee kan worden geïnventariseerd hoe de blootstelling aan omgevingslawaai is. De geluidbelastingkaarten zijn in 2022 vastgesteld door het college (kenmerk 5304519) en moeten elke vijf jaar worden geactualiseerd. • Actieplan Geluid: in het Actieplan Geluid staat hoe omgevingslawaai wordt voorkomen en/of beperkt. De plannen moeten vooral gericht zijn op plaatsen waar hoge blootstellingniveaus schadelijke effecten kunnen hebben voor de gezondheid van de mens. Ook moeten ze een goede geluidkwaliteit handhaven.

• Voorlichting over omgevingslawaai en de effecten daarvan: met voorlichting wordt bedoeld het publiceren van de geluidbelastingskaarten en het houden van inspraak over het Actieplan Geluid 2025-2028. De Europese richtlijn schrijft dus hoofdzakelijk voor welke instrumenten toegepast moeten worden en kent geen geluidnormen. Wel schrijft de richtlijn voor dat we een plandrempel moeten vaststellen. Dit staat beschreven in paragraaf 2.4.1. Alhoewel de Europese richtlijn geen geluidnormen kent zijn er toch geluidnormen waar we ons aan dienen te houden. Deze staan in het Besluit kwaliteit leefomgeving en het Besluit bouwwerken leefomgeving. De geluidnormen die hierin staan zijn vooral van toepassing op nieuwe ontwikkelingen. Deel B van het Geluidbeleid (Beleid voor het afwijken van de standaardwaarden) beschrijft wat deze geluidnormen zijn.

2.2 Wat hebben we gedaan? De verplichtingen uit de Europese richtlijn Omgevingslawaai zijn niet nieuw. Delft heeft in 2008 voor het eerst een Actieplan Geluid vastgesteld. In de periode 20082023 zijn verschillende maatregelen uitgevoerd die een positief effect hebben op het omgevingslawaai. In de volgende tabel is een samenvatting gegeven van de uitvoering van de maatregelen uit het Actieplan Geluid 2020-2022. Maatregel Realisatie tramlijn 19

Voortgang De aanleg van tramlijn 19 is belangrijk voor het bevorderen van milieuvriendelijk vervoer. De verwachting is dat het autoverkeer in de TU-wijk met

Planning 2026

6

Geluidbeleid gemeente Delft

Voorkomen nieuwe hindersituaties Bevorderen fietsgebruik Herinrichten wegen Verlagen rijsnelheid Milieuvriendelijkere gemeentelijke voertuigen

Geluidreducerende wegdekken Registratie geluidklachten Onderzoek locatiespecifieke maatregelen Logistieke zone

Elektrisch rijden Vervoersbewegingen reduceren

circa 8% afneemt. Dit kan plaatselijk zorgen voor een geluidreductie 1 dB langs gebiedsontsluitende wegen. De aanleg van de tramlijn is in uitvoering. In uitvoering (doorlopend), zie ook deel B van dit Geluid. In uitvoering (doorlopend) In uitvoering (doorlopend) In uitvoering (doorlopend) Afgesproken is dat nieuw aan te schaffen gemeentelijke voertuigen aan de Euro-6-norm moeten voldoen. Deze maatregel is uitgevoerd en is vooral van invloed op de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen. In het Europees Parlement is de nieuwe Euro 7-norm voor voertuigen goedgekeurd. Die norm moet in de toekomst de uitstoot van uitlaatgassen verminderen, maar ook van deeltjes die vrijkomen tijdens het remmen en door de slijtage van de banden. 2 In uitvoering (doorlopend) In uitvoering (doorlopend) Gereed. Zie paragraaf 2.5.2 voor resultaten. Via het Protocol Logistiek Delft worden eisen gesteld aan vrachtverkeer in de binnenstad. De zone wordt nog wel verder aangescherpt. Dit wordt verder uitgevoerd via de invoering van een nulemissiezone in de binnenstad. In uitvoering (doorlopend) In uitvoering (doorlopend)

n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. Afgerond

n.v.t. n.v.t. n.v.t. 2025

n.v.t. n.v.t.

De meeste maatregelen zijn maatregelen die al in uitvoering zijn en ook doorlopend aandacht vragen. In de paragraaf over wat deze planperiode wordt uitgevoerd (paragraaf 2.5) staat de voortgang van de maatregelen beschreven en wat de doorkijk voor de huidige planperiode is. 2

Alleen bij snelheden lager dan 30 km/uur zijn bijvoorbeeld elektrische auto’s duidelijk stiller dan auto’s op brandstof.

7

Geluidbeleid gemeente Delft

2.3 Wat is de geluidsituatie nu? De gemeente Delft is een middelgrote gemeente met ongeveer 110.000 inwoners op een oppervlakte van ruim 24 vierkante kilometer. Delft is daarmee voor Nederlandse begrippen een dichtbevolkt stedelijk gebied met bijbehorende uitdagingen op het vlak van omgevingskwaliteit. De gemeente Delft kent een aantal belangrijke geluidbronnen. Hieronder is per bronbeheerder weergegeven welke geluidbronnen dit zijn: • Gemeente Delft: meerdere drukke lokale wegen en drie gezoneerde industrieterreinen (Schieoevers3, DSM en WKC TU Delft); • Provincie Zuid-Holland: de provinciale weg N470 (Kruithuisweg); • Rijkswaterstaat: de rijkswegen A4 en A13; • ProRail: de spoorverbinding Den Haag – Rotterdam. Als gevolg van het wegverkeer ervaart 25% tot 57% van de inwoners overlast door wegverkeerslawaai. In de wijken Binnenstad en Tanthof is dit percentage het laagst (respectievelijk 34% en 25%). In de andere wijken is dit een stuk hoger [bron: Delft Internet Panel]. De hiervoor genoemde geluidbronnen vallen binnen de scope van de EU-richtlijn Omgevingslawaai. Dit neemt niet weg dat er ook andere geluidbronnen zijn die invloed hebben op de omgevingskwaliteit. Stadsbreed is bekend hoeveel procent van de inwoners overlast ervaren als gevolg van de geluidbronnen die buiten de scope van het Actieplan Geluid 2025-2028 vallen [bron: Delft Internet Panel].

Voorbeelden van deze geluidbronnen zijn: • Buren: na wegverkeer wordt veel overlast door burenlawaai ervaren (in Delft is dat 21 tot 41% van de inwoners). • Horeca en terrassen: in de binnenstad van Delft zie je dat 18% van de inwoners hinder ervaart door overlast van bezoekers van horecagelegenheden (inclusief terrassen). In andere wijken ligt dit percentage lager (3 tot 8%). • Bedrijven die zijn gelegen buiten de geluidgezoneerde industrieterreinen, inclusief horecabedrijven. In zijn algemeenheid wordt door dit soort bedrijven voldaan aan de geluidnorm (etmaalwaarde) van 50 dB(A) ter plaatse van geluidgevoelige functies zoals woningen. Daarnaast kan op het geluid afkomstig van deze bedrijven makkelijker worden gehandhaafd. • Evenementen: omdat evenementen over een korte tijd optreden, worden deze niet betrokken in de jaargemiddelde berekening van de geluidbelastingkaarten. • Scheepvaartlawaai: de geluidbelasting als gevolg van scheepvaart over de Delftse Schie en de Delftse Vliet. Het opstellen van geluidbelastingkaarten voor scheepvaart is conform de wetgeving niet noodzakelijk. Tevens heeft de gemeente geen middelen om de geluidbelasting als gevolg van varende schepen over beide kanalen te beperken. Daarom is deze geluidbron niet in het Actieplan Geluid opgenomen.

• Vliegverkeerslawaai: Rotterdam The Hague Airport maakt geen onderdeel uit van het Actieplan Geluid, omdat de geluidbelasting van het vliegveld binnen de

3

In 2022 is industrieterrein Schieoevers gedezoneerd. De aangepaste geluidzone van Schieoevers bestaat nu uit de geluidzone Schieoevers Zuid en Basal.

8

Geluidbeleid gemeente Delft

gemeente lager ligt dan 55 dB Lden en 50 dB Lnight4. Het is bekend dat in de wijk Tanthof wel geluidoverlast is als gevolg van vliegverkeer (40% van de inwoners). In andere wijken varieert dat van 10 tot 24%. Van de hiervoor genoemde geluidbronnen bestaat er geen wettelijke verplichting om deze geluidbron in het Actieplan Geluid 2025-2028 te betrekken. Dit neemt niet weg dat er geen (beleids)maatregelen worden getroffen om deze overlast te verminderen. Zie ook bijlage 2 voor meer informatie hierover. Inwoners kunnen ook geluidoverlast melden. Dit kan bij de gemeente maar ook bij de Omgevingsdienst Haaglanden, politie en DCMR. Tijdens corona hadden inwoners iets meer last van burenlawaai. 2.3.1 Geluidbelastingkaarten Deze paragraaf beschrijft de geluidsituatie in de gemeente Delft. Het uitgangspunt hiervoor zijn de geluidbelastingskaarten die op 1 november 2022 door het college van burgemeester en wethouders zijn vastgesteld. De geluidbelastingskaarten geven de geluidsituatie weer voor het jaar 2021. De geluidbelastingskaarten zijn gepubliceerd in geografisch formaat (met gekleurde geluidcontouren geprojecteerd op een kaart van de gemeente Delft) en in tabellen (met aantal gehinderden). Bijlage 3 van dit Geluidbeleid toont de geluidbelastingskaart waarin alle opgenomen geluidbronnen zijn gecumuleerd tot één waarde voor Lden.

In dit hoofdstuk komen de meest relevante aspecten voor de bestaande situatie (2021) aan bod. In de volgende tabel zijn de totalen weergegeven van de geluidbelaste woningen in de gemeente Delft. Tabel 1: aantal geluidbelaste woningen per geluidbronsoort Geluidbelasting Geluidbron Wegverkeer Railverkeer Industrie Lden5 ≥ 55 dB Lnight6 ≥ 50 dB

29.322 17.882

414 181

378 79

Alle bronnen samen 30.140 18.268

Uit deze tabel volgt dat 26 woningen worden belast door 2 of 3 geluidbronsoorten. In de nachtperiode zijn dit 126 woningen. De geluidbelastingkaarten geven een goede indicatie van de feitelijke geluidsituatie in Delft (in het jaar 2021) maar ook niet meer dan dat. Op de kaart is te zien waar het relatief rustig is, waar de grootste knelpunten Dat blijkt bijvoorbeeld uit de ‘Omzettingsregeling luchthaven Rotterdam The Hague Airport’ van 19 april 2013. In bijlagen 2 en 3 van die regeling zijn de beperkende geluidcontouren van de luchthaven opgenomen. In het op 14 september 2015 gepubliceerde ’Deelonderzoek Geluid’ bij het ‘MER Luchthavenbesluit RTHA’ wordt de impact van de verwachte groei van de luchthaven onderzocht. De kaarten op pagina 44 (de huidige situatie) en op pagina 48 (de toekomstige situatie) laten zien dat de geluidbelasting van het vliegveld binnen de gemeente Delft lager ligt dan 55 dB Lden. 5 Lden staat voor ‘Level day-evening-night’. Dit is de geluiddosismaat voor het berekende jaargemiddelde geluidniveau op een plaats en vanwege een geluidbron over alle perioden van 07.00–19.00 uur, van 19.00–23.00 uur en van 23.00–07.00 uur. De geluidbelasting Lden wordt onder meer gebruikt om het aantal ernstig gehinderde bewoners te bepalen. 6 Lnight staat voor ‘Level night’.

Dit is de geluiddosismaat voor het berekende jaargemiddelde geluidniveau in de nachtperiode (23.00-07.00 uur). Deze geluidbelasting wordt onder meer gebruikt om het aantal ernstig slaapverstoorde bewoners te bepalen. 4

9

Geluidbeleid gemeente Delft

op het gebied van omgevingslawaai zijn en welke soorten geluidbronnen daarvan de oorzaak zijn. Van het wegverkeer worden de meeste woningen belast door de gemeentelijke wegen (27.034). Door rijkswegen en de provinciale weg hebben respectievelijk 1.535 en 1.354 woningen een hogere geluidbelasting dan 55 dB (Lden). Een aantal woningen worden door meerdere wegen met verschillende wegbeheerders belast. In Delft zijn 207 inwoners met risico op ischemische hartziekten door verkeerslawaai. 2.3.2

Analyse van de geluidbronnen

Lokale wegen Het wegennet van Delft bestaat uit een drietal soorten wegen: 1. Erfontsluitingswegen 2. Wijkontsluitingswegen 3. Gebiedsontsluitingswegen Het doel van het Delftse autonetwerk is om vanuit stedelijke gebieden snel op het verbindende netwerk te komen (A4, A13, N470). Belangrijke werklocaties en kennisinstellingen worden zo snel ontsloten. Een goede bereikbaarheid van deze locaties draagt bij aan Delft als hoofdstad van innovatie en technologie. Voor geluid is niet alleen de hoeveelheid verkeer en het soort verkeer7 relevant voor de hoogte van de geluidbelasting, maar ook de afstand tot aan de woningen, de omgeving en de inrichting van de weg zijn bepalend. Denk hierbij aan de snelheid en de wegdekverharding. Delft werkt al jaren aan verbetering van de geluidsituatie bij woningen met een te hoge geluidbelasting. In Delft waren in het verleden 2.200 woningen met een geluidbelasting die volgens de wet te hoog was. Dit zijn de zogenaamde geluidsaneringswoningen. Geluidsanering is het nemen van maatregelen om het geluidniveau in hoog geluidbelaste woningen te verlagen. De afgelopen decennia zijn de saneringswoningen met de hoogste geluidbelastingen8 aangepakt. Met de invoering van de Omgevingswet zijn ook de saneringsregels gewijzigd.

De komende planperiode wordt daarom een plan van aanpak opgesteld over de aanpak van de nieuwe geluidsanering en wordt onderzocht welke woningen in aanmerking komen voor geluidsanering.

7 8

Er wordt onderscheid gemaakt in lichte motorvoertuigen, middelzware en zware motorvoertuigen. Dit zijn de zogenaamde A-lijst woningen. Meer informatie over (geluid)saneringswoningen staat op de volgende website: https://www.bureausaneringverkeerslawaai.nl/lokale-sanering-3/sanering/.

10

Geluidbeleid gemeente Delft

De meeste meldingen van geluidoverlast als gevolg van lokale wegen zijn het gevolg van het wegverkeer dat over de Prinses Beatrixlaan rijdt. Gezoneerde industrieterreinen De gemeente Delft kent in 2021 drie voor geluid gezoneerde industrieterreinen, namelijk DSM, Schieoevers3 en WKC TU Delft. Een gezoneerd industrieterrein is voorzien van een zone (geluidaandachtsgebied) rondom het terrein. De gecumuleerde geluidbelasting buiten deze zone als gevolg van alle activiteiten op het industrieterrein mag niet meer bedragen dan 50 dB(A) etmaalwaarde. Met het inwerking treden van de Omgevingswet zijn de regels voor nieuwe woningen in de nabijheid van een industrieterrein iets gewijzigd. De Omgevingsdienst Haaglanden is zonebeheerder en toetst/bewaakt bij veranderingen of de bedrijven op het gezoneerde industrieterrein voldoen aan de geluidnormen. In Delft wordt voldaan aan de wettelijke geluidnormen danwel de vastgestelde hogere waarden of de maximaal toelaatbare geluidbelasting. Het Actieplan Geluid (deel A) is, zoals wettelijk voorgeschreven gebaseerd op de situatie in 2021. In 2022 is het noordelijke deel van het industrieterrein Schieoevers gedezoneerd en is er voor Dyckerhoff Basal een nieuwe geluidzone/ geluidaandachtsgebied vastgesteld. Dit betekent dat Schieoevers nu twee gezoneerde industrieterreinen kent, namelijk Schieoevers Zuid en Basal.

Het Actieplan Geluid gaat in overeenstemming met de verplichtingen uit de EU-richtlijn Omgevingslawaaiuit van de oude situatie (situatie 2021), dus één zone/geluidaandachtsgebied rondom Schieoevers Noord en Zuid. Met de inwerking treden van de Omgevingswet op 1 januari 2024 is een nieuw monitoringsinstrument van kracht geworden voor gezoneerde industrieterreinen, namelijk de zogenaamde geluidproductieplafonds (GPP’s). Voor industrieterreinen blijft de Wet geluidhinder (en de onderliggende regelgeving) van kracht, tot het moment waarop het bevoegd gezag GPP’s als omgevingswaarde vaststelt op grond van de Omgevingswet. Dat is geregeld in het overgangsrecht van de Omgevingswet. De vaststelling van de GPP’s voor industrieterreinen zal voor 1 januari 2032 moeten plaatsvinden. De geluidzones rond een industrieterrein, zoals die nu zijn vastgelegd in de verbeelding van het omgevingsplan, worden vervolgens vervangen door een geluidaandachtsgebied. Kruithuisweg (N470) De Kruithuis is een provinciale weg en verbindt de rijkswegen A4 en A13 met elkaar. Ook belangrijke lokale wegen zoals de Buitenhofdreef, Prinses Beatrixlaan en Voorhofdreef takken aan op deze weg. Er wordt geluidoverlast ervaren door bewoners van de Burgemeestersrand en de Raad van Europalaan als gevolg van de Kruithuisweg. Langs de Kruithuisweg zijn op een aantal locaties geluidschermen geplaatst.

De provincie Zuid-Holland is op grond van de Omgevingswet bevoegd gezag voor de geluidsanering van de woningen langs provinciale wegen. Wanneer er woningen zijn met een geluidbelasting hoger dan 65 dB (woningen buiten de bebouwde kom) of hoger dan 70 dB (binnen de bebouwde kom) dan moet de provincie deze woningen 11

Geluidbeleid gemeente Delft

saneren. Naar verwachting zijn er geen woningen waarvoor geluidsanering uitgevoerd moet worden. Eind 2024 of begin 2025 gaat de provincie Zuid-Holland naar verwachting GPP’s vaststellen. Daarna kan worden vastgesteld of er in Delft een wettelijke plicht geldt voor een provinciale saneringsopgave. Het vaststellen van GPP’s rondom de provinciale wegen is voor de provincie een nieuwe geluidtaak door de invoering van de Omgevingswet. Rijkswegen A4 en A13 Voor de rijkswegen is door Rijkswaterstaat onderzoek uitgevoerd bij welke woningen de geluidbelasting hoger is dan de wettelijke normen. Bij woningen waar dit het geval is heeft Rijkswaterstaat een saneringsonderzoek uitgevoerd. Dit betekent dat is onderzocht met welke maatregelen de geluidbelasting doelmatig kan worden verlaagd. Deze algemene maatregelen zijn enerzijds het aanbrengen van stiller asfalt (dubbellaags ZOAB) en anderzijds het plaatsen van geluidschermen. Als de geluidbelasting daarna nog steeds te hoog is dan wordt vervolgens onderzocht bij welke woningen nog aanvullende maatregelen nodig zijn om het geluidniveau in de woning terug te brengen naar de wettelijke normen.

Bewoners kunnen op de volgende website van Rijkswaterstaat zien of de geluidbelasting bij hun woning is opgenomen in het meerjarenprogramma geluidsanering (MJPG) en of er maatregelen nodig zijn: https://www.rijkswaterstaat.nl/wegen/projectenoverzicht/meerjarenprogrammageluidsanering-mjpg-aanpak-geluidoverlast-woningen/geluidmaatregelenkaart In Delft was het geluid als gevolg van het wegverkeer op de A13 bij 172 woningen hoger dan 65 dB. Voor deze woningen wordt een pakket aan maatregelen getroffen. Als gevolg van geluidbelasting van de A4 is er geen saneringsopgave voor Rijkswaterstaat vanuit het MJPG-programma. In het verleden zijn al maatregelen getroffen als gevolg van de geluidbelasting vanwege het wegverkeer op de A4. Bij een eventuele verbreding van de A4 wordt onderzocht of er aanvullende maatregelen nodig zijn in het kader van een gewijzigde geluidbelasting door die verbreding. Het is op dit moment niet duidelijk of de verbreding doorgaat. Het project dat die verbreding voor Rijkswaterstaat zal uitvoeren, zal gelijktijdig de eventuele aanvullende aanpassing aan geluidwerende voorzieningen realiseren. De bewoners worden behoed om blootgesteld te worden aan een geluidbelasting die hoger is dan de wettelijke norm. De saneringsmaatregelen voor de A13 staan in de volgende tabel.

Soort maatregel Vervanging wegdek door tweelaags ZOAB Geluidscherm 5 x 442 meter10 Geluidscherm 8 x 628 meter Geluidscherm 4 x 200 meter

9

Locatie A13 (HRL/HRR9) A13 HRR A13 HRR A13 HRR

Van km 7.80 8.02 8.46 9.05

Tot km 9.42 8.46 9.09 9.26

HRR: hoofdrijbaan rechts, HRL: hoofdrijbaan links = hoogte x lengte

10

12

Geluidbeleid gemeente Delft

Voor een figuur met daarop de ligging van de maatregelen wordt verwezen naar het akoestisch onderzoek11 dat is uitgevoerd voor het saneringsbesluit12 hierover. Rijkswaterstaat zal binnen 5 jaar na het onherroepelijk worden van het saneringsbesluit de geluidschermen aanpassen. Het tweelaags ZOAB wordt aangebracht bij het regulier onderhoud aan de bestaande verharding, zodat uiteindelijk de geluidreductie door Rijkswaterstaat binnen de wettelijk gestelde termijn is gerealiseerd. Bij 53 woningen is de geluidbelasting na het treffen van maatregelen nog hoger dan de streefwaarde van 60 dB, omdat voor die woningen het treffen van maatregelen die de geluidbelasting geheel terugbrengen tot de streefwaarde niet doelmatig is en/of op een overwegend bezwaar stuit. Voor deze woningen zal Rijkswaterstaat na het onherroepelijk worden van het saneringsbesluit een onderzoek opstarten naar de geluidwering van de woning. Als uit dit onderzoek blijkt dat de wettelijke binnenwaarde wordt overschreden, zal Rijkswaterstaat aan de eigenaar van de woning een aanbod doen om geluidwerende maatregelen treffen. Hierbij moet gedacht worden aan aanvullende gevelisolatie die door Rijkswaterstaat wordt gefinancierd en uitgevoerd. Hoe de geluidbelasting als gevolg van de rijkswegen A4 en A13 zich ontwikkelt wordt gemonitord via het monitoringssysteem met geluidproductieplafonds13 (GPP).

De geluidbelasting per GPP is te raadplegen via het landelijke geluidregister Centrale Voorziening Geluid Gegevens (CVGG)14: www.geluidgegevens.nl. Hoofdspoor Den Haag – Rotterdam Binnen de gemeente Delft is onderzocht of het geluid als gevolg van het railverkeer tussen Den Haag en Rotterdam voldoet aan de wettelijke geluidnormen in het kader van het project Spoorzone Delft. Later is dit ook gedaan voor het project Viersporigheid Rijswijk Delft Zuid, dat is uitgevoerd in het kader van het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS). Er is toen ook onderzoek naar maatregelen uitgevoerd. Een klein deel van het spoor in de gemeente Delft valt buiten beide projecten. Voor dit gedeelte van het spoor, dat loopt van km 72,2 tot km 72,4, is rapport ‘Akoestisch onderzoek MJPG, Saneringsplan A13, Hoofdrapport’ (Arcadis / M+P, versie 4.2, 12 mei 2021) Besluit vaststelling saneringsplan en verlaging geluidproductieplafonds, Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, kenmerk IenW/BSK-2021/167631, d.d. 21 juni 2021. 13 Een geluidproductieplafond is de maximaal toegelaten hoeveelheid geluid op een referentiepunt nabij een geluidbron. 14 De CVGG is met de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1-1-2024 het nieuwe landelijke geluidregister. Het geluidregister is nog niet helemaal gevuld met brongegevens.

Mochten bepaalde gegevens nog niet geraadpleegd kunnen worden dan is het advies om contact op te nemen met de betreffende bronbeheerder. 11 12

13

Geluidbeleid gemeente Delft

destijds een afzonderlijk saneringsplan opgesteld. Uit het akoestisch onderzoek van dat saneringsplan blijkt dat langs dit gedeelte van het spoor zich geen saneringsobjecten bevinden. Daarom zijn verdere maatregelen om de geluidbelasting te beperken niet aan de orde. Hoe de geluidbelasting als gevolg van het railverkeer zich ontwikkelt wordt, net als bij rijkswegen, gemonitord via het monitoringssysteem met geluidproductieplafonds (GPP’s). De geluidbelasting per GPP is te raadplegen via het landelijke geluidregister Centrale Voorziening Geluid Gegevens (CVGG)14: www.geluidgegevens.nl.

2.4 Wat zijn de uitgangspunten voor 2025-2028? Voor een leefbare gezonde stad zijn acceptabele geluidniveaus van wezenlijk belang. De ambitie voor dit Actieplan Geluid 2025-2028 (deel A) ligt primair bij: het in stand houden van het huidige goede kwaliteitsniveau waar daar sprake van is en het verbeteren van het kwaliteitsniveau waar dit noodzakelijk is. 2.4.1 Plandrempel Volgens de EU-richtlijn Omgevingslawaai moet het Actieplan Geluid zich in hoofdzaak richten op de aanpak van prioritaire geluidknelpunten. Prioritaire geluidknelpunten zijn situaties waar de geluidbelasting van een onacceptabel hoog niveau is met eventuele gevolgen voor de gezondheid van bewoners. Voor het bepalen van deze prioritaire geluidknelpunten dient een plandrempel te worden vastgesteld voor geluidbelasting Lden en Lnight. Boven deze plandrempels zijn maatregelen gewenst. De gemeente is vrij om zelf de hoogte van de plandrempel vast te stellen. Ook is de gemeente vrij om een plandrempel per geluidbronsoort vast te stellen. In het Actieplan Geluid 2020-2022 was geen plandrempel vastgesteld voor wegen buiten de bebouwde kom, autosnelwegen, en spoorwegen. Voor de akoestisch relevante wegen buiten de bebouwde kom zijn provincie en Rijkswaterstaat namelijk wegbeheerder.

De gemeente heeft geen bevoegdheid om voor deze wegen maatregelen te treffen, zodat het vaststellen van een plandrempel geen meerwaarde heeft. Dit geldt ook voor het spoorwegverkeer, waarvoor ProRail beheerder is. De plandrempels uit het Actieplan Geluid 2020-2022 waren als volgt: • stedelijk wegverkeer: 68 dB Lden en 58 dB Lnight; • industrielawaai: 65 dB Lden en 55 dB Lnight. Uit de geluidbelastingskaarten en de analyse van de verschillende bronnen blijkt dat wegverkeer verreweg de grootste bron vormt van geluidhinder (zie ook paragraaf 2.3). Daarom ligt in dit Actieplan Geluid de prioriteit bij de aanpak van geluid dat afkomstig is van gemeentelijke wegen; de wegen waarvoor Delft verantwoordelijk is. Daarnaast vinden we in Delft dat de fysieke leefomgeving moet bijdragen aan de gezondheid van iedere Delftenaar. We willen de hinder van geluid verminderen en zorgen voor een goede nachtrust. Tegelijk willen we de huidige bedrijven koesteren en waar mogelijk groeiruimte bieden aan bestaande bedrijvigheid. Voor het Actieplan Geluid 2025-2028 betekent dit dat we de plandrempel voor het stedelijk wegverkeer willen aanscherpen. Daarnaast vinden we dat het niet nodig is om nog een plandrempel voor industrielawaai te hanteren, omdat Delft de huidige bedrijven 14

Geluidbeleid gemeente Delft

koestert en er geluidnormen zijn om hoge geluidbelastingen als gevolg van bedrijven op gezoneerde industrieterreinen te reguleren en handhaven.

De plandrempel voor het Actieplan Geluid 2025-2028 is voor het stedelijk wegverkeer 65 dB Lden en 55 dB Lnight.

Deze plandrempel is lager dan de plandrempel uit het Actieplan Geluid 2020-2022. Met deze plandrempel bereiken we meer gezondheidswinst voor de inwoners van Delft en leggen we de prioriteit bij locaties waar maatregelen het hardst nodig zijn. Dat er alleen een plandrempel voor stedelijk wegverkeer is vastgelegd betekent niet dat andere geluidbronnen niet belangrijk zijn. De ontwikkelingen bij de A4, A13, Kruithuisweg en spoorlijn Den Haag-Rotterdam worden nauwlettend gevolgd. Dit geldt ook voor de ontwikkelingen met betrekking tot vliegveld Rotterdam The Hague Airport.

2.5 Wat gaan we doen? In onze aanpak staat de kwaliteit van de fysieke leefomgeving en de gezondheid van onze inwoners voorop. We bekijken als eerste hoe we geluidhinder kunnen voorkomen. Ook treffen we maatregelen om de geluidbelasting bij de woningen met de hoogste geluidbelasting terug te dringen. Dit zijn de zogenaamde knelpuntlocaties. Naast deze maatregelen willen we ook meer inzicht krijgen in de plekken die als rustig worden ervaren en wellicht ook de negatieve gezondheidseffecten van een te hoge geluidbelasting kunnen reduceren. In het Actieplan Geluid volgen we daarom drie verschillende sporen: • Spoor 1: het voorkomen of verminderen van geluid door hier bij ruimtelijke ontwikkelingen rekening mee te houden. • Spoor 2: het treffen van geluidmaatregelen waarmee het geluid reduceert. • Spoor 3: het nader onderzoek van stille plekken in de stad. De maatregelen die afgelopen jaar zijn uitgevoerd staan beschreven in paragraaf 2.2. In die paragraaf staan ook maatregelen die doorlopend worden uitgevoerd. Deze doorlopende maatregelen worden voortgezet. Daarnaast wordt bij het regulier overleg met de politie ook aandacht gevraagd voor uitlaatgeluid. De gemeente heeft zelf geen bevoegdheid om hierop te handhaven. Bij grootschalige controles zou de politie hierop kunnen handhaven. Dit wordt niet standaard gedaan.

In bijlage 2 is een overzicht gegeven van reeds bestaand beleid en maatregelen om geluidoverlast te verminderen. 2.5.1 Spoor 1: geluid bij ruimtelijke ontwikkelingen In de Omgevingsvisie Delft wordt een groei voorzien van 15.000 woningen en 10.000 banen. Sinds 2018 is een deel van deze woningen en banen gerealiseerd in diverse ontwikkelingen, bijvoorbeeld Nieuw Delft. Een groot deel van de verdere groei is voorzien in Delft Zuidoost en (in mindere mate) in Delft West. In deze gebieden werkt de gemeente met verschillende partners aan de opgaven Innovatiedistrict Delft en Delft-West. Hier lopen grote gebiedsontwikkelingen zoals Kabeldistrict, Station Delft Campus, TU Delft Campus Zuid en de Kop van de Buitenhof. Deze gebiedsontwikkelingen kennen gemengde programma’s met wonen, werken, 15

Geluidbeleid gemeente Delft

onderwijs en andere voorzieningen. In Delft Zuidoost en West vinden ook veel ruimtelijke ontwikkelingen rond de opgave Energietransitie plaats, zoals de aanleg van geothermie en een warmtenet. In Delft Noordoost wordt de Biotech Campus Delft ontwikkeld. Daarnaast zijn er over de hele stad verspreid kleinere plotontwikkelingen, het gaat dan vaak om renovatie of nieuwbouw van woningbouwcomplexen en maatschappelijke voorzieningen zoals scholen. De nieuwe ontwikkellocaties liggen veelal in de nabijheid van bestaande vervoersnetwerken. Dit zorgt voor efficiëntere verplaatsingen maar kan ook zorgen voor meer hinder en gezondheidsrisico’s. Bij nieuwe ontwikkelingen is geluid van bijvoorbeeld verkeer dan ook een belangrijk aandachtspunt. Door geluid al vroegtijdig in het planproces mee te nemen komt dit de geluidkwaliteit ten goede en wordt geluidhinder en slaapverstoring zoveel mogelijk voorkomen. Dit is niet een nieuwe aanpak en gebeurt al jaren. De aanpak die we voorheen gebruikten bij nieuwe ontwikkelingen stond beschreven in het Beleid hogere waarden Wet geluidhinder (2013). Toch is het noodzakelijk om het gemeentelijk geluidbeleid over nieuwe ontwikkelingen aan te passen. Dit komt door de invoering van de Omgevingswet en doordat er steeds meer gebouwd gaat worden op geluidbelaste locaties.

In Deel B van dit Geluidbeleid staat beschreven hoe we omgaan met geluid bij nieuwe ontwikkelingen. Niet alleen de gemeente Delft ontwikkelt. De gemeente Delft werkt samen met de regio aan de verstedelijkingsopgave in de Zuidelijke Randstad. Deze verstedelijkingsopgave is alleen te realiseren als ook de bereikbaarheid verbetert door investeringen in openbaar vervoer. ProRail voert in opdracht van Rijk, Provincie en regio een verkenning uit naar nieuwe stations en meer treinen op de Oude Lijn tussen Leiden en Dordrecht. Onderdeel van deze verkenning is een mogelijke verdubbeling van het spoor tussen Delft Campus en Schiedam. Vliegveld Rotterdam The Hague Airport (RTHA) werkt aan een nieuw Luchthavenbesluit. Het luchthavenbesluit zal de huidige Omzettingsregeling van 2013 voor RTHA vervangen. Er is ter voorbereiding op dit luchthavenbesluit een participatietraject geweest. Delft heeft hier ook aan deelgenomen. Zodra het ontwerp Luchthavenbesluit bekend is wordt bekeken of dit aanleiding geeft om zienswijze in te dienen. Naar verwachting wordt het ontwerpbesluit begin 2025 ter inzage gelegd. Naast een nieuw luchthavenbesluit voor RTHA werkt het Rijk ook aan onderhoud van de infrastructuur van het luchtruim. Dit wordt ook wel een luchtruimherziening genoemd.

De lucht boven Nederland (en daarbuiten) bevat een complexe infrastructuur voor vliegverkeer en moet net als de wegen op het land onderhouden worden. Tot en met 2025 wordt dit verder uitgewerkt. Naar verwachting zal in 2025 of 2026 besluitvorming plaatsvinden over de nieuwe indeling van het luchtruim. Ook deze ontwikkeling wordt nauwlettend in de gaten gehouden. 2.5.2 Spoor 2: fysieke geluidmaatregelen (locatiespecifieke maatregelen) In de huidige situatie is bij circa 3.700 woningen de geluidbelasting hoger dan de plandrempel (65 dB Lden en 55 dB Lnight) als gevolg van gemeentelijke wegen. Dit zijn de zogenaamde knelpunten waarbij locatiespecifiek onderzoek wordt uitgevoerd. 16

Geluidbeleid gemeente Delft

De knelpunten samen vormen 22 hotspots. Dit zijn de zogenaamde knelpuntlocaties. De knelpuntlocaties zijn weergegeven in de volgende figuur.

Figuur 1 overzicht met knelpuntlocaties

Bij de wegvakken waaraan deze knelpuntlocaties liggen willen we maatregelen gaan toepassen. Bij de keuze van maatregelen wordt de volgende voorkeursvolgorde aangehouden: 1. Bronmaatregelen 2. Overdrachtsmaatregelen 3. Maatregelen bij de ontvanger Bronmaatregelen Bronmaatregelen zijn maatregelen die het ontstaan van geluidhinder voorkomen of beperken. Een veel toegepaste bronmaatregel is het aanleggen van een geluidreducerend wegdektype. Hierdoor wordt het geluid dat vrijkomt via de banden gereduceerd. Ook een snelheidsverlaging is een bronmaatregel. Hiermee wordt niet alleen het bandengeluid gereduceerd maar bij lage snelheden ook het motorgeluid. In eerste instantie werd gedacht dat door de groei van het aantal elektrische auto’s de geluidoverlast ook zou afnemen. Recente studies laten zien dat dit effect minder sterk is dan in eerste instantie gedacht. De reden hiervoor is dat de (elektrische) auto’s vaak groter en zwaarder zijn. Hierdoor worden de banden van de auto’s ook breder en neemt het bandengeluid toe. Alleen bij hele lage snelheden (lager dan 30 km/uur), zijn elektrische auto’s duidelijker stiller. Fysieke maatregelen aan banden, motoren en uitlaten van motorvoertuigen, om daarmee de geluidemissie te verlagen, kunnen gemeenten niet uitvoeren. Wél werkt de gemeente aan een mobiliteitstransitie. Via de mobiliteitstransitie krijgen de 17

Geluidbeleid gemeente Delft

voetganger en fietser meer prioriteit. Ook wordt het gebruik van het openbaar vervoer en deelmobiliteit gestimuleerd met bijkomend voordeel dat er minder voertuigbewegingen zijn die zorgen voor geluidoverlast. Overdrachtsmaatregelen Zijn bronmaatregelen (redelijkerwijze) niet mogelijk of wenselijk, dan verdienen maatregelen tussen de geluidbron en de ontvanger de aandacht. Dit kan een geluidscherm of geluidwal zijn. Hierbij geldt de vuistregel: hoe dichter het geluidscherm of -wal bij de bron staat, hoe effectiever de maatregel. Langs drukke doorgaande wegen zijn geluidschermen of geluidwallen een optie om de geluidbelasting bij woningen te verlagen. Vanuit stedenbouwkundig oogpunt, ruimtebeperking of vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid zijn niet overal schermen en wallen gewenst. Iedere overdrachtsmaatregel is maatwerk. Ook de afstand tussen geluidbron en ontvanger (vaak woningen) vergroten is een overdrachtsmaatregel. In bestaand stedelijk gebied is hier niet altijd de benodigde ruimte voor. Maatregelen bij de ontvanger Mochten bron- en overdrachtsmaatregelen niet voor de gewenste geluidreductie zorgen dan kunnen (eventueel aanvullend) ook maatregelen bij de ontvanger worden toegepast. In een bestaande situatie is een maatregel bij de ontvanger vaak een geluidwerende voorzieningen aan de woning.

Knelpuntlocaties De knelpuntlocaties worden zoveel mogelijk aangepakt door bronmaatregelen en werk-met-werk te maken. Dit betekent dat wordt aangesloten bij de keuzes uit het Mobiliteitsprogramma Delft 2040, de onderhoudscyclus van het wegbeheer en bij herinrichtingsprojecten. Hiermee wordt kapitaalvernietiging voorkomen. De knelpuntlocaties worden dus niet allemaal binnen de planperiode opgelost. Wanneer een knelpuntlocatie wordt aangepakt met een geluidreducerend wegdek zal dat niet alleen rondom de knelpuntlocatie zijn maar het gehele wegvak wordt dan van hetzelfde wegdektype voorzien. Er zullen dus meer woningen profiteren van de geluidreducerende maatregel. Het effect van een geluidreducerend wegdektype is afhankelijk van het type wegdek. Er zijn gemodificeerde SMA-achtige varianten ontwikkeld die een geluidreductie van 1,5-2,5 dB hebben ten opzichte van standaard asfalt. Met een dunne deklaag kunnen geluidreducties van 2-4 dB worden bereikt. Welke asfalttype toegepast wordt hangt af van lokale situatie. Een dunne deklaag is bijvoorbeeld minder goed bestand tegen wringend verkeer en is dus minder goed toepasbaar bij wegvakken met veel kruispunten. Op een wegvak met wringend verkeer is het daarom beter om een SMAachtige variant met geluidreducerende eigenschappen toe te passen.

Wanneer standaard asfalt wordt vervangen door gebakken klinkers dan is er geen geluidreductie maar een toename van het geluid. De toename kan 2 tot wel 5,5 dB zijn. Wordt standaard asfalt vervangen door geluidreducerende klinkers dan kan dat een geluidreductie tot 2 dB opleveren.

18

Geluidbeleid gemeente Delft

Het effect van snelheidsverlaging is afhankelijk van verschillende factoren. Grofweg kan worden gesteld dat bij behoud van hetzelfde wegdek het geluid afneemt met circa 3 dB als de snelheid wordt verlaagd van 50 km/uur naar 30 km/uur of van 70 km/uur naar 50 km/uur. Mocht een snelheidsverlaging gepaard gaan met een ander wegdektype (bijvoorbeeld gebakken klinkers) dan is er mogelijk geen geluidreductie. Een snelheidsverlaging heeft in het algemeen ook positieve effecten op de verkeersveiligheid en kan een positief effect hebben op de luchtkwaliteit. Van de knelpuntlocaties uit Figuur 1 zijn bij een aantal knelpuntlocaties al maatregelen toegepast (deze maatregelen waren nog niet opgenomen in de geluidbelastingkaarten). Dit is het geval bij Reinier de Graafweg, Julianalaan en de Vrijenbanselaan. Bij de Reinier de Graafweg is geluidreducerend asfalt toegepast en een geluidscherm. Ook zijn bij geluidgevoelige functies geluidwerende voorzieningen toegepast. Bij de Julianalaan wordt op dit moment een geluidsanering uitgevoerd. Bron- en overdrachtsmaatregelen konden hier niet toegepast worden vanwege verkeerskundige en stedenbouwkundige bezwaren. Er is daarom gekozen voor maatregelen bij de woningen. Recent zijn hiervoor de benodigde omgevingsvergunningen verleend. Naar verwachting kunnen de maatregelen in 2025 worden uitgevoerd.

Bij de Vrijenbanselaan is een geluidreducerend wegdek toegepast. In de planperiode 2025-2028 wordt naar verwachting de volgende knelpuntlocaties aangepakt: Oostpoortweg/Oostplein, Bonairestraat, Wateringsevest, Hugo de Grootstaat en R. de Beerenbrouckstraat. Als bron- en overdrachtsmaatregelen niet mogelijk zijn dat zal een nader onderzoek worden uitgevoerd. In sommige situaties zijn in het verleden al geluidwerend voorzieningen aan de woning toegepast of is sprake van een geluidluwe zijde. Bij de knelpuntlocaties rondom het Mijnbouwplein wordt tijdens de planperiode een onderzoek uitgevoerd. Naar verwachting zijn bron- en overdrachtsmaatregelen niet uitvoerbaar bij deze knelpuntlocaties. Op basis van de resultaten van het onderzoek kan bepaald worden of bij de knelpuntlocaties maatregelen aan de woning nodig zijn. Hierbij wordt een analyse gemaakt van eventueel verleende hogere waarden geluid en de maatregelen die destijds zijn afgewogen. Overig Gedurende de looptijd van het Actieplan Geluid 2025-2028 zullen de al in gang gezette en, nog niet afgeronde maatregelen van het Actieplan Geluid 2020-2022, worden voortgezet en wordt aangehaakt bij generieke maatregelen, zoals elektrisch rijden en stedelijke distributie. Zie hiervoor ook paragraaf 2.2. Van deze generieke 19

Geluidbeleid gemeente Delft

maatregelen wordt een geleidelijke structurele verbetering verwacht van de geluidkwaliteit in de stad, aanvullend op de effecten van de andere maatregelen. Met het Actieplan Geluid 2025-2028 is het niet mogelijk om alle knelpunten op te lossen. Voor verdere reductie van de geluidbelastingen en het percentage gehinderden, zijn ook maatregelen nodig die buiten de invloedssfeer van de gemeente liggen. Gedacht kan worden aan stillere banden. Deze maatregelen zijn ook beschikbaar, maar kunnen – zoals gezegd – niet door de lokale overheid worden afgedwongen, hooguit worden bepleit. Wat dan ook gebeurt. Monitoring Met de invoering van de Omgevingswet is ook een monitoringsverplichting voor het geluid van gemeentelijke wegen ingevoerd. Dit betekent dat de gemeente de basisgeluidemissie (BGE) van de wegen die zij in beheer heeft gaat vastleggen. Het basisjaar dat gebruikt moet worden is uiterlijk 2026. Vervolgens moet de gemeente eens in de vijf jaar de optredende geluidproductie vergelijken met BGE uit 2026. Deze verplichting zal in uitvoering gekoppeld kunnen worden aan de verplichtingen die voortvloeien uit de EU-richtlijn Omgevingslawaai omdat veelal dezelfde informatie benodigd is. Daarnaast kunnen maatregelen die in het kader van de monitoring van de BGE worden afgewogen in het Actieplan Geluid worden behandeld.

2.5.3 Spoor 3: belang van stille plekken Rust in eigen huis is het belangrijkste, maar velen vinden ook een rustig plekje niet te ver van huis belangrijk. Verondersteld wordt dat een rustige omgeving bijdraagt aan de compensatie en het herstel van de negatieve effecten van geluid. Rust hoort daarom juist óók bij de drukte van een stad. Onderzoek laat zien dat de behoefte aan stilte toeneemt naarmate men meer hinder ondervindt van omgevingsgeluid. In een stad als Delft waar steeds meer mensen aan geluid worden blootgesteld is het daarom belangrijk om hier aandacht voor te hebben. In de komende planperiode vindt daarom een inventarisatie plaats over stille plekken in de stad. Stil suggereert plekken zonder geluid. Het gaat echter om plekken met een hoge akoestische kwaliteit, plekken waar aangenaam omgevingsgeluid aanwezig is. Denk bijvoorbeeld aan een groene plek waar het ritselen van de bladeren hoorbaar is of een plek waar groen het zicht op de geluidbron wordt ontnomen. Er wordt niet alleen geïnventariseerd waar er stille plekken zijn in de stad. Ook wordt geïnventariseerd hoe deze stille plekken kunnen worden beschermd. In de volgende planperiode kan vervolgens een keuze gemaakt worden of we bijvoorbeeld stille 20

Geluidbeleid gemeente Delft

plekken willen aanwijzen en het vervolgens willen conserveren of bevorderen van het stille karakter. De inventarisatie richt zich niet alleen op bestaande stille plekken maar geeft ook handvaten voor het ontwikkelen van nieuwe stille plekken in de stad.

21

Geluidbeleid gemeente Delft

3 Deel B: Beleidsregels voor afwijken standaardwaarden geluid (nieuwe initiatieven) 3.1 Waarom nieuw geluidbeleid? 3.1.1 Aanleiding Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Dit heeft ook gevolgen voor het beleidsterrein geluid. Gemeenten hebben meer mogelijkheden om lokale afwegingen te maken. Daarnaast zijn er ook inhoudelijke wijzigingen in de geluidregels doorgevoerd. Dit alles geeft aanleiding om het huidige geluidbeleid te herzien. Het huidige beleid ‘Beleid hogere waarden Wet geluidhinder’ van de gemeente Delft komt hiermee te vervallen15. Belangrijkste wijziging in het nieuwe beleid is dat er meer duidelijkheid wordt gegeven aan het begrip ‘geluidluwe zijde’. Enerzijds geeft het nieuwe beleid een verruiming door ontwikkelaars meer flexibiliteit te geven in de manier waarop zij een geluidluwe zijde kunnen realiseren. Anderzijds geeft het nieuwe beleid kaders voor een betere gezondheidskwaliteit. Het nieuwe beleid richt zich ook op meer compensatie voor hogere geluidbelastingen als blijkt dat nieuwe geluidgevoelige gebouwen toch gewenst zijn op geluidbelaste locaties. Een andere wijziging is dat er nieuwe flexibiliteitsbepalingen uit de Omgevingswet worden overgenomen. Meer informatie over de uitwerking en inhoud van het beleid staat in paragraaf 3.3 en 3.43.4.5. 3.1.2 Doelstellingen Er is druk op de schaarse ruimte in de stad.

Om de aantrekkelijkheid van de stad te behouden en te versterken, wordt voortdurend gezocht naar een balans tussen goede groei en leefbaarheid. Deel B van het Geluidbeleid beschrijft het beleid dat zich richt op de invulling van een goede groei gezien vanuit het aspect geluid. Het beleid heeft hierbij als doel te zorgen voor een gezonde fysieke leefomgeving en een goede nachtrust. Het geeft weer wat de voorwaarden zijn voor het afwijken van geluidnormen en wat de eisen zijn voor een gezond woon- en leefklimaat. Met het beleid wordt beoogd geluidhinder en slaapverstoring te voorkomen, zodat negatieve gezondheidseffecten zoveel mogelijk worden beperkt. Doelstelling van het beleid is ook vooraf duidelijkheid te geven aan initiatiefnemer over de kaders voor ruimtelijke initiatieven. Onder de Omgevingswet heeft de gemeente ruimte om (onder voorwaarden) meer geluid toe te staan dan de wettelijke standaardwaarden. Het bevoegd gezag kan, mits goed gemotiveerd, bij elk besluit een ad hoc afweging maken. Het verdient echter de voorkeur dat de gemeente de voorwaarden en eisen vastlegt in beleidsregels. Op deze manier kunnen

15

De Beleidsregels Geluid Schieoevers Noord (d.d. 8-12-2022) blijft van kracht voor de ontwikkelingen die mogelijk worden gemaakt middels het Bestemmingsplan Schieoevers Noord (Kabeldistrict en Nieuwe Haven).

22

Geluidbeleid gemeente Delft

ontwikkelingen vergelijkbaar getoetst worden en is voor een initiatiefnemer vooraf duidelijk hoe de gemeente omgaat met de bestuurlijke afwegingsruimte.

3.2 Welke wettelijke regels gelden er? In dit hoofdstuk wordt de geluidregelgeving toegelicht die geldt voor ruimtelijke initiatieven in Delft. Bij het ingaan van de Omgevingswet zijn de Wet geluidhinder en de bijbehorende besluiten ingetrokken. Wel kan er nog sprake zijn van overgangsrecht zoals beschreven in de zogenaamde bruidsschat16 en het aanvullingsspoor geluid17. 3.2.1 Omgevingswet De Omgevingswet vormt de basis voor regelgeving over de fysieke leefomgeving. In 4 algemene maatregelen van bestuur (AMvB’s) en een ministeriële regeling is de Omgevingswet verder uitgewerkt. De 4 AMvB’s zijn het Omgevingsbesluit, Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) en het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Het Bkl bevat instructieregels voor nieuwe ontwikkelingen in de leefomgeving. De instructieregels zijn de normen en bijbehorende regels die gelden voor de overheid bij het vaststellen van bijvoorbeeld omgevingsprogramma's, omgevingsplannen en omgevingsverordeningen. Het Bkl bevat onder meer normen en regels voor geluid. Deze normen en regels geven duidelijk aan welke afwegingsruimte de overheid heeft. Sommige instructieregels zijn namelijk dwingend: daaraan moet worden voldaan. Maar er zijn ook veel regels waar beleidsvrijheid voor geldt.

Geluidnormen In het Bkl zijn geluidnormen opgenomen voor weg- spoor- en industriegeluid in de vorm van standaardwaarden. Deze standaardwaarden zijn van toepassing op nieuwe situaties en gelden dus niet voor bestaande situaties18. Hieronder is weergegeven wat de standaardwaarden zijn voor deze geluidbronnen. Geluidbronsoort Rijkswegen en provinciale wegen Gemeentewegen en waterschapswegen Hoofdspoorwegen en lokale spoorwegen Industrieterreinen

Standaardwaarde 50 dB Lden 53 dB Lden 55 dB Lden 50 dB Lden / 40 dB Lnight

De geluidregels in het Bkl zijn in principe gericht op het geluid van elke geluidbronsoort afzonderlijk, zodat er niet verschillende instanties verantwoordelijk zijn voor het naleven van één gezamenlijke geluidbron. Het geluid van een geluidbronsoort is de belasting door de bronsoort als geheel. Bij gemeentewegen bijvoorbeeld, gaat het om het geluid als gevolg van het verkeer op alle relevante gemeentewegen. Daarbij wordt alleen gekeken naar de wegen die daadwerkelijk bijdragen aan het geluid op dat gebouw.

https://iplo.nl/regelgeving/omgevingswet/introductie/totstandkoming/invoeringsspoor-omgevingswet/bruidsschat/ https://iplo.nl/thema/geluid/geluid-regelgeving/overgangsrecht-geluid/ 18 Voor bestaande situaties is deel A van dit Geluidbeleid van toepassing. 16 17

23

Geluidbeleid gemeente Delft

Beleidsruimte: afwijken van de geluidnormen Voldoen aan de standaardwaarde is het uitgangspunt. Onder de standaardwaarde is de kans op gezondheidsschade klein. Toch kan het soms wenselijk en nodig zijn om ook geluidgevoelige gebouwen te bouwen op locaties waar de geluidbelasting hoger is dan de standaardwaarde. De wet geeft een bepaalde mate van beleidsvrijheid om hogere geluidbelasting dan de standaardwaarde toe te staan. Het afwijken van de geluidnorm mag onder voorwaarden tot aan de grenswaarde. In de volgende tabel is per geluidbronsoort weergegeven wat deze grenswaarden zijn. Geluidbronsoort Rijkswegen en provinciale wegen Gemeentewegen en waterschapswegen Hoofdspoorwegen en lokale spoorwegen Industrieterreinen

Grenswaarde 60 dB Lden 70 dB Lden 65 dB Lden 55 dB Lden / 45 dB Lnight

Het Bkl kent nog een aantal uitzonderingsgevallen waar een hogere grenswaarde is toegestaan. Hiervoor gelden aanvullende voorwaarden. Meer informatie hierover staat in paragraaf 3.4.5 beschreven. Het bevoegd gezag kan alleen onder voorwaarden afwijken van de geluidnormen. De wettelijke voorwaarden (uit het Bkl) voor het afwijken van de geluidnorm zijn in ieder geval: 1. Er moet onderzoek worden uitgevoerd naar maatregelen die het geluid kunnen beperken. Zie ook paragraaf 3.4.1 over hoe hier invulling aan gegeven moet worden. 2. Om de gezondheid te beschermen moet het belang van een geluidluwe zijde worden betrokken. Zie ook paragraaf 3.4.2 over hoe hier invulling aan gegeven moet worden. 3. Het gecumuleerde geluid moet aanvaardbaar zijn. Bij het afwijken van de geluidnormen worden negatieve gezondheidseffecten dus geaccepteerd. Om onze inwoners te beschermen voor de negatieve gezondheidseffecten van geluid worden daarom naast de wettelijke voorwaarden ook aanvullende voorwaarden gesteld. Overige geluidregels Voor overige geluidbronnen zoals stemgeluid, activiteiten, evenementen en (mobiele) installaties kent het Bkl geen geluidnormen maar moet dit wel worden beoordeeld bij het toestaan van ruimtelijke initiatieven.

Naast geluidregels die gelden voor ruimtelijke initiatieven zijn er ook geluidregels die gelden voor bouwwerken, (bedrijfsmatige) activiteiten, openbare ruimte (waaronder ook evenementen en festiviteiten), enz. Deze regels worden hier niet behandeld, omdat het voorliggende beleid zich hier niet op richt maar op ruimtelijke initiatieven in de fysieke leefomgeving. 3.2.2 Reikwijdte Deel B van het Geluidbeleid (Beleidsregels voor het afwijken van standaardwaarden geluid) richt zich op de vraag hoe bij ruimtelijke initiatieven om te gaan met 24

Geluidbeleid gemeente Delft

geluidgevoelige gebouwen waarvan wordt afgeweken van de geluidnorm (standaardwaarde). Het gaat om geluidgevoelige gebouwen die liggen binnen het geluidaandachtsgebied van wegverkeer, railverkeer en industrie. De beleidsregels zijn van toepassing op de volgende situaties19: • Het toelaten van geluidgevoelige gebouwen voor de duur van meer dan 10 jaar. Dit kan via een aanvraag van een (buitenplanse) omgevingsplanactiviteit of via een wijziging van het omgevingsplan. Toelaten kan ook betekenen dat het om een aanpassing gaat van bestaande regels in het omgevingsplan, zoals het wijzigen van het beschermingsniveau of de functie van een gebouw. Ook kan het zo zijn dat in het omgevingsplan regels staan waarbij sprake is van een doorgeschoven toets20. In dat geval moet bij de verlening van de (bouw)omgevingsvergunning aan de beleidsregels worden getoetst. • De aanleg of wijziging van een gemeenteweg, waterschapsweg of lokale spoorweg of wijziging van gebruik van lokale spoorweg.

3.3 Gezond woon- en leefklimaat Bij nieuwe ontwikkelingen is voldoen aan de standaardwaarde het uitgangspunt. De kans op negatieve gezondheidseffecten is dan klein. Wanneer het geluid lager is dan de standaardwaarde is het dan ook niet nodig om aanvullende geluidmaatregelen te overwegen. Wanneer het geluid hoger is dan de standaardwaarde is het van belang dat allereerst wordt gekeken welke bron- en overdrachtsmaatregelen het geluid kunnen reduceren (zie paragraaf 3.4.1). Daarnaast moet geluid ook integraal wordt meegewogen bij het ontwerpen van ruimtelijke plannen. Vooral als de te ontwikkelen locatie is gelegen langs een weg met een hoge geluidbelasting, is het nodig geluid een prominente plaats te geven in het planproces. Omdat de ruimte in Delft schaars is en we hebben een flinke woningbouwopgave hebben, betekent dit dat we steeds vaker zoeken naar locaties bij drukke wegen. Om een gezonde fysieke leefomgeving en goede nachtrust te kunnen bereiken zal op de geluid belaste locaties rekening gehouden moeten worden met (steden)bouwkundige maatregelen21. Het vroegtijdig meewegen van geluid, en daarmee ook het optimaliseren van de gebiedsindeling en ontwerp van een gebouw, kan de noodzaak tot het treffen van bouwkundige maatregelen aan de gevel verminderen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15616507/1