ESD Module Elektriciteit herzien voor batterijopslag
Tekst van het document
Energiestrategie Delft
ESD Module Elektriciteit
Energiestrategie Delft
Inhoud 1 Inleiding
2
2 Visie
3
3 Hoe doen we dat?
4
3.1
Systeemstudies en Integraal Programmeren van het toekomstig energiesysteem
5
3.2
Stimuleren en faciliteren van opwek
6
3.3
Energiemanagement
7
3.4
Opslag
7
3.5
Netverzwaring
12
4 Vervolgstappen
14
1
Energiestrategie Delft
1 Inleiding De verduurzaming van het energiesysteem leidt tot elektrificatie van onder andere verwarming, mobiliteit en bedrijfsprocessen: fossiele brandstoffen worden als bron vervangen door elektriciteit. Daarnaast zijn er ontwikkelingen zoals nieuwbouw en groei van economische activiteiten in Delft. Hierdoor stijgt de vraag naar elektriciteit en wordt er steeds meer energie decentraal opgewekt. Ook is het elektriciteitssysteem fundamenteel aan het veranderen. Het net is ontworpen om vanuit grote centrales elektriciteit te leveren. De omslag naar lokale opwek door o.a. windmolens en zonnepanelen vereist een net dat twee kanten op kan werken – met op nieuwe plekken zoals zonnevelden plots een grotere benodigde capaciteit van het net. Dit vraagt om meer capaciteit van het net en meer sturing van energiestromen. Op landelijk niveau zijn er diverse studies en onderzoeken gedaan naar het energiesysteem van de toekomst. Recent zijn onder andere het Nationaal Plan Energiesysteem (NPE), de Integrale Verkenning Infrastructuur 2030-2050 (II3050) en de Routekaart Energieopslag gepubliceerd. Hierin wordt richting gegeven aan het systeem van de toekomst. De ontwikkelingen en verwachtingen worden jaarlijks in de Klimaat en Energieverkenning (KEV) door het Planbureau voor de Leefomgeving gepubliceerd.
De benodigde hoofd-infrastructuren en ruimtelijke inpassing wordt landelijk en provinciaal inzichtelijk gemaakt in het Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (MIEK). De netbeheerders werken hun masterplannen en investeringsplannen uit op basis van deze en aanvullende informatie, zoals lokale nieuwbouwplannen. Om de benodigde ontwikkelingen te realiseren is ook onderzoek nodig. De Topsector Energie werkt aan deze vraagstukken. Hiervoor is een programmaplan ‘2024-2028 Robuust en maatschappelijk gedragen energiesysteem’ opgesteld. Eerder heeft de Topsector Energie bijvoorbeeld een Handreiking Slimme Energiesystemen gepubliceerd. In de KEV 2022 was de inschatting dat 85% van de elektriciteit in 2030 duurzaam wordt opgewekt. Duurzame opwek is variabel en beperkt te sturen – het gaat immers om o.a. winden zonne-energie. Hierdoor ontstaan pieken en dalen in de productie. Ook de vraag naar elektriciteit en daarmee de piekvraag stijgt. In de KEV van 2023 is de verwachte vraag naar boven bijgesteld ten opzichte van de KEV 2022. Inmiddels is er door de snelle toename van (de pieken in het) elektriciteitsgebruik op veel plaatsen in Nederland soms een tekort aan netcapaciteit, dit noemt men netcongestie. Dit vindt op verschillende niveaus in het elektriciteitsnet plaats. Voor hoog-, tussen- en middenspanning is de congestie in kaart gebracht.
Voor laagspanning is de congestie nog onvoldoende in kaart gebracht. Daar wordt aan gewerkt. In paragraaf 5 wordt de opbouw van het elektriciteitsnet toegelicht. In de praktijk betekent netcongestie dat er geen nieuwe (grote) aansluitingen of verzwaringen mogelijk zijn. Nationaal wachten duizenden bedrijven nu op een zwaardere of nieuwe 2
Energiestrategie Delft
aansluiting, nieuwbouwprojecten liggen soms stil en ook realisatie van wind- en zonne-energie staat op diverse plaatsen stil. De netcongestieproblematiek wordt landelijk aangepakt door het Landelijk Actieprogramma Netcongestie (LAN). Hierin wordt gewerkt aan manieren om sneller infrastructuur te realiseren zoals planmatiger werken, voorraden aanleggen en kortere procedures, het net slimmer gebruiken, het aansturen van energiestromen, en aanvragen met een maatschappelijk belang voorrang geven. Daarbij zijn de inzet op collectieve warmte, laadinfrastructuur en bedrijvigheid medebepalend voor de benodigde capaciteit van het elektriciteitsnet. All-electric oplossingen voor warmte vragen fors meer capaciteit evenals specifieke branches zoals datacenters en industriële bedrijven.
2 Visie Met een goed functionerend elektriciteitssysteem is de overheid in staat om functies zoals wonen of bedrijvigheid, zonder problemen te kunnen faciliteren op de locaties waarop de gemeente, inwoners en ondernemers die functies wenselijk vinden. De mogelijkheden om dat ongehinderd te kunnen doen staan onder druk, omdat niet (altijd) kan worden voldaan aan de benodigde elektriciteitsvraag voor de betreffende functies. Het is daarom in het algemeen belang dat we toewerken naar een toekomstvast elektriciteitssysteem. De ontwikkeling van het elektriciteitssysteem van de toekomst, waarin het elektriciteitsnet een onderdeel is, vraagt om beleid en regie van zowel Rijk, lokale overheden als netbeheerders. Het ontwerp en de realisatie van het toekomstig energiesysteem en energiemarkt vereist nauwe samenwerking tussen de gemeente, andere overheidslagen, netbeheerders en stakeholders in de stad. Ons vertrekpunt is dat de gemeente bij uitstek belanghebbend is om in de eigen gemeente een toekomstvast energiesysteem te (laten) realiseren. We volgen daarbij de landelijk uitgezette programma’s. De rollen die de gemeente kan vervullen zijn afhankelijk van het domein en de van toepassing zijnde wetgeving. De gemeente heeft veel informatie over de toekomstige ontwikkelingen die noodzakelijk is voor het systeemontwerp en uitrol.
Het elektriciteitsnet wordt beheerd en ontwikkeld door de netbeheerders. Zij mogen alleen gevraagde aansluitingen realiseren en energie transporteren en distribueren. Zij mogen niet investeren in productie, sturingsmiddelen, opslag en conversie. Het integrale systeemontwerp moet daarom breder opgepakt worden, waarin de overheden een regierol hebben.
3
Energiestrategie Delft
Op het gebied van marktregulering, rechtvaardigheid en stimuleringsmaatregelen is het Rijk bepalend. Gemeenten dienen als belangrijke bron van informatie en als sparringpartner voor het Rijk. De gemeente heeft een sterk sturende rol op het gebied van de ruimtelijke ordening, planologie en het beheer van de openbare ruimte en ondergrond. De gemeente kan sturing geven aan de locatie van energieverbruikers en productie van energie. Ook heeft zij een belangrijke rol in het inpassen en realiseren van energie-assets zoals distributiestations, buurtbatterijen en laadinfrastructuur. Bij het ontwikkelen van plannen en de realisatie is de gemeente aan zet om inwoners, bedrijven en instellingen te betrekken en mee te laten doen, en werkt zij aan draagvlak voor de transitie. De gemeente heeft ook een sterk sturende rol bij het maken en verwezenlijken van plannen voor de warmtevoorziening (collectieve warmtenetten). De realisatie van collectieve warmtenetten vermindert de elektriciteitsvraag waardoor verzwaring van het net in mindere mate nodig is.
3 Hoe doen we dat? Om een toekomstvast elektriciteitssysteem voor de gemeente Delft te realiseren zetten we in op: •
Systeemstudies en Integraal programmeren Hoe het toekomstig elektriciteitssysteem eruitziet is sterk afhankelijk van lokale kenmerken, waaronder het warmtesysteem. Er zijn nog geen richtlijnen of handvatten om met een buurt, wijk, stad of regio aan de slag te gaan, waarbij afwegingen gemaakt kunnen worden tussen verschillende maatregelen.
•
Duurzame opwek Er is meer opwek van duurzame energie nodig om meer in de eigen energievraag te kunnen voorzien;
•
Energiemanagement Effectief energiemanagement zorgt ervoor dat de ergste pieken in gebruik en opwek worden voorkomen. Dat beperkt de mate waarin netverzwaring nodig is.
•
Opslag en eventueel conversie Er moet opslag van energie plaatsvinden, om periodes met beperkte opwek en productie te kunnen opvangen. Overschotten kunnen worden opgeslagen in batterijen voor kortetermijnopslag, en ook omgezet worden in warmte of moleculen.
•
Uitbreiding/verzwaring van de netten
4
Energiestrategie Delft
Er is netverzwaring nodig. Netverzwaring is kostbaar, tijdrovend, en neemt openbare ruimte in beslag. Daarom zetten we in op maatregelen die leiden tot het beperken van netverzwaring. Hieronder wordt ingegaan op hoe de gemeente invulling geeft aan haar rol op deze terreinen. Om dat te kunnen doen is noodzakelijk dat daarvoor met integraal programmeren een solide basis wordt gevormd.
3.1 Systeemstudies en Integraal Programmeren van het toekomstig energiesysteem Om schaarste van netcapaciteit te voorkomen is het voor de netbeheerder en overheden noodzakelijk om op de hoogte te zijn van de toekomstige vraag en aanbod. Die vraag wordt mede bepaald door de vraag of een collectief warmtenet wordt aangelegd of niet. Op deze en andere aspecten van vraag en aanbod dient het systeem, waaronder het elektriciteitsnet, maar ook opslag, conversie en sturing, op te worden uitgelegd. In een provinciaal onderzoek uit 2019, Grid 2050, blijkt dat zowel verzwaring als flexibilisering van het energiesysteem cruciale onderdelen zijn. De benodigde infrastructuur vraagt ruimte en moet worden ingepast en afgewogen tegen andere ruimtevragers. Daarbij is het ook gewenst om te sturen op de locatie van vraag en aanbod van energie. Dit proces van ontwerp en inpassing noemen we integraal programmeren en is cruciaal in de transitie voor netbeheerder, gemeente, regio en provincie. Het omvat het gezamenlijk verzamelen en delen van data en informatie over ontwikkelingen en plannen, zowel wat betreft het elektriciteitsnet als mogelijke warmtenetten, met de interne organisatie en externe partijen. Data en informatie dienen als input voor de prognoses, analyses, scenario’s, welke moeten leiden tot het maken van plannen en keuzes voor realisatie.
Het Provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (pMIEK) brengt de hoofdstructuren en prioriteiten voor Zuid-Holland in beeld. Stedin heeft een Masterplan 2050 opgesteld waarin zij de hoofdstructuren voor Delft en omgeving schetsen. Stedin heeft tevens op gemeentelijk niveau inzichtelijk gemaakt welke netverzwaring er in het laag- en middenspanningsnet globaal nodig is. Gemeente en Stedin werken aan een samenwerkingsovereenkomst om deze verzwaring te programmeren. Het integraal programmeren is nu nog gefocust op het verzwaren van het elektriciteitsnet. Daar is haast bij. Voor de langere termijn zijn bredere systeemstudies nodig. Daar wordt nu mee gestart. In systeemstudies, waaronder digital twin1 simulaties, zal optimalisatie van het
Het elektriciteitsnetwerk en het huidige elektriciteitsverbruik in de gemeente Delft is in een eigen digitale omgeving gezet. Met behulp van deze zogenoemde ‘digital twin’ is het mogelijk om verschillende scenario's door te rekenen. Wanneer bijvoorbeeld een woningbouwproject wordt voorzien, kan met behulp van de digital twin inzichtelijk worden 1
5
Energiestrategie Delft
systeem en daarmee de rol en inpassing van opslag, conversie, laadinfrastructuur, energiehubs en energiemanagement aandacht moeten krijgen naast netverzwaring. Binnen het Innovatie District Delft is de wens om een Digital Twin te ontwikkelen van het gebied. In samenwerking met TU Delft wordt bekeken of zij ook studies voor andere wijken kunnen uitvoeren. Op regionaal niveau werkt de RES-organisatie aan een systeemstudie. Hierin werken gemeenten samen en is gemeente Delft bestuurlijk en ambtelijk nauw betrokken.
3.2 Stimuleren en faciliteren van opwek Duurzame opwek van elektriciteit vindt met name plaats met zonne-energie en windenergie. De doelen hiervoor zijn regionaal in de RES bepaald. Voor grootschalige windenergie is geen ruimte in Delft. Voor zonne-energie is de doelstelling om in 2030 40% van het beschikbaar dakoppervlak te benutten. Voor het versnellen van het benutten van grote daken is een werkgroep binnen de RES-organisatie opgericht. Als in de toekomst opwek van zonne-energie aan de gevel beter mogelijk wordt door betere rendementen en ontwerpen, zullen we breder kijken dan alleen daken. De stimulering van zonne-energie doen we in Delft door het ondersteunen van de verschillende doelgroepen: •
Voor bedrijven zijn verschillende ondersteuningsopties: o
Delftse bedrijven kunnen gratis verduurzamingsadvies krijgen, met daarbij een advies voor zonne-energie. Dit bieden we aan in samenwerking met Rabobank.
o
Bedrijven kunnen zich tevens melden voor de collectieve inkoop van zonnepanelen. Daarbij krijgen zij ook advies over financiering, onderzoek naar de draagconstructie, landelijke en provinciale regelingen en subsidies.
o
Bedrijven kunnen onder andere gebruik maken van de SDE-subsidie en provinciaal is er subsidie voor daken met onvoldoende draagkracht.
•
Bewoners kunnen terecht bij het Energieloket voor persoonlijk advies. Het Energieloket organiseert jaarlijks een collectieve actie voor zonnepanelen.
•
Voor de mensen zonder eigen dak stelt de gemeente een aantal eigen daken ter beschikking voor coöperatief gebruik. Daarvoor werkt de gemeente samen met Deelstroom Delft. Er zijn nu 4 daken in gebruik. We werken aan een vve loket dat vve’s actief gaat benaderen, ook voor zonnepanelen. Voor maatschappelijk vastgoed en voor zon langs infrastructuur en op parkeerplaatsen zijn nog geen specifieke instrumenten gecreëerd.
Het realiseren van meer opwek zorgt voor hogere pieken in het aanbod van energie. Waar voorheen energiecentrales meer dan 8.000 uur per jaar draaiden, leveren zonnepanelen veel minder uren stroom en slechts beperkt hun piekvermogen. De zonnepanelen in een buurt
gemaakt wat het effect van dit project op het beschikbare elektrische vermogen is en welke scenario's denkbaar zijn om het project in tijden van netcongestie te realiseren. Denk hierbij aan gebruik warmtenet, opwek en opslag.
6
Energiestrategie Delft
doen dat allemaal tegelijk. Deze pieken vragen om netverzwaring, maar zij kunnen beperkt worden door de energie direct te gebruiken (energiemanagement), de energie op te slaan in batterijen, of door zonnepanelen af te schakelen.
3.3 Energiemanagement Congestie ontstaat om drie redenen: 1. Stijging van het elektriciteitsverbruik; 2. Grotere pieken bij de opwek door wind- en zonne-energie; 3. Grotere pieken in het verbruik door verbruikers als warmtepompen, elektrische auto’s, inductieplaten, en industriële ovens – zij vragen hoge vermogens. Het beter managen van vraag en aanbod kan het net ontlasten. Het voorkómen van pieken en het afstemmen van vraag en aanbod, ofwel energiemanagement, zijn wijzen om het net minder te belasten. Het sturen van energiestromen is een belangrijk onderdeel van het systeem van de toekomst. Netbeheerders vragen in geval van congestie aan grotere verbruikers en opwekkers deze pieken te voorkomen (vergelijkbaar met spits mijden in het verkeer). De markt onderzoekt de mogelijkheid voor meer flexibiliteit door middel van contracten buiten de piekmomenten (daluren abonnement). Op dit moment is de business case voor energiemanagement nog mager zolang er geen sprake is van netcongestie. Preventie is financieel weinig aantrekkelijk. Hier komt mogelijk verandering in door een landelijke subsidie en een provinciaal programma. Het risico op congestie is zeer groot en zeer onwenselijk. De gemeente Delft zet zich daarom al enige jaren in om energiemanagement te stimuleren en te faciliteren bij bedrijven op het grootste bedrijventerrein, Schieoevers.
Er is een routekaart energiemanagement voor bedrijventerreinen opgesteld in samenwerking met de Provincie Zuid-Holland en MRDH. De gemeente faciliteert nu enkele bedrijven in het nemen van de eerste stappen van deze route als pilot en tevens startpunt van een slimmer energiesysteem in Delft. De gemeente zal deze pilot, in ieder geval het stimuleren van energiemanagement, opvolging geven.
3.4 Opslag Het systeem van de toekomst kent grotere pieken en dalen in de opwek en het verbruik van energie dan nu. Om pieken en dalen op te vangen is opslag nodig. Opslag is vooral voor kortere perioden bruikbaar; van enkele seconden tot enkele dagen. De meest gangbare opslag vindt plaats in Lithium-ion batterijen. Toekomstig behoren ook zandbatterijen, zoetwaterbatterijen en waterstofopslag tot de mogelijkheden. Vooralsnog gaan we in deze paragraaf van de Energiestrategie uit van opslag in Lithium-ion batterijen.
7
Energiestrategie Delft
De gemeente Delft volgt nauwlettend de toepassingsmogelijkheden van elektriciteitsopslag en wil inzetten op een zo effectief mogelijk gebruik, zodat deze: •
Bijdraagt aan leveringszekerheid / beschikbaarheid van elektriciteit voor de eindgebruiker;
•
Bijdraagt aan de verduurzaming van Delft door meer eigen gebruik van opgewekte duurzame elektriciteit;
•
Bijdraagt aan de optimalisatie van de (maatschappelijke) kosten van het (lokale) energiesysteem.
Randvoorwaardelijk hierbij is dat batterijen netbewust en veilig worden ingepast. Netbewust wil zeggen dat batterijen bijdragen aan een stabiel en voorspelbaar elektriciteitsnetwerk waardoor netcongestie wordt verminderd of voorkomen. Er zijn verschillende typen batterijen, met elk een eigen functie in het energiesysteem. Opslag kan bijvoorbeeld worden toegepast om piekbelasting van het net te voorkomen of om vraag en aanbod van een bedrijf op elkaar af te stemmen. Deze functies in het energiesysteem bepalen de wijze waarop de gemeente zich ertoe wil verhouden. Hieronder worden eerst de vier meest relevante typen batterijen beschreven, en daarna de drie vormen van regie die te onderscheiden zijn. Ten slotte wordt in een matrix aangegeven welke regievorm de gemeente per batterijtoepassing nastreeft, met een korte toelichting daarop. Batterijtypen Grofweg zijn onderstaande batterijtypen te onderscheiden gebaseerd op het schaalniveau waarop ze kunnen worden ingezet. Grootschalige systeem batterijopslag Er is sprake van grootschalige opslag bij een opslagcapaciteit van meer dan 50 MW. Een dergelijk batterijpark wordt afhankelijk van het ontlaad vermogen aangesloten op het middenof hoogspanningsnet met als doel om het net te balanceren. Vaak wordt een locatie, met een oppervlak van circa één hectare, gezocht nabij grootschalige opweklocaties (een zogenoemde co-located batterij).
Middelgrote batterijopslag De middelgrote opslag kent grofweg twee toepassingsvarianten. Een geïntegreerde batterij bij bedrijven of groepsverbanden als onderdeel van een energyhub. Deze batterij wordt door een bedrijf of binnen de energyhub gebruikt om het eigen opgewekte vermogen zelf te verbruiken (kostenbesparing) of het eigen verbruik (of dat van de groep) tijdelijk te vergroten waarmee vermogen kan worden uitgewisseld. Een tweede variant is de buurtbatterij. De buurtbatterij wordt als oplossing gezien om het lokaal opgewekte vermogen in een woonwijk of buurt op te slaan en op een later moment binnen die woonwijk of buurt weer af te nemen. De inzet als buurtbatterij staat nog in de kinderschoenen. 8
Energiestrategie Delft
Thuisopslag De vraag naar opslag achter de meter bij mensen thuis (thuisbatterij) neemt toe. Het verdwijnen van de salderingsregeling is hiervoor een van de voornaamste redenen. Het stelt de gebruiker in staat om in eigen daluren op te laden en in eigen piekuren te ontladen. Dit heeft een gunstig effect op de eigen energierekening en ontlast daarmee ook het laagspanningsnet. Een andere beweegreden voor het gebruik van een thuisbatterij is de mogelijkheid om goedkope of soms zelfs gratis stroom op te slaan en te gebruiken wanneer de tarieven weer hoger zijn. Vehicle-to-Grid (V2G) of Vehicle-to-Gome (V2H) Met de voorziene groei in elektrische auto’s neemt ook het totale accuvolume toe. Hoewel nog toekomstmuziek zijn al enkele automerken in staat om bi-directioneel te laden. Dit betekent dat een auto niet alleen geladen kan worden maar ook dat capaciteit terug geleverd kan worden aan het openbare net vóór de meter (grid) of particuliere netwerk achter de meter (home). Door middel van V2H kan de auto dezelfde functie vervullen als een thuisbatterij. Vanaf 2026 wordt het binnen de gemeente Delft ook mogelijk om V2G toe te passen op publieke laadpalen waarmee elektrische voertuigen een bijdrage leveren aan het balanceren van het elektriciteitsnet.
Vormen van regie In het algemeen kan de gemeente Delft drie niveaus onderscheiden waarop regie wordt uitgeoefend ten aanzien van de inzet van opslag. •
Beperkte rol en sturing (laag): Dit omvat het verstrekken van basisinformatie en richtlijnen aan geïnteresseerde partijen wanneer deze hierom vragen, het faciliteren van vergunningen binnen een redelijke termijn, en het waarborgen van naleving van minimale veiligheids- en milieunormen zoals die onder andere door de Veiligheidsregio Haaglanden worden gehanteerd. De gemeente wijst initiatiefnemers op het belang van een goede afstemming met netbeheerder Stedin. De rol van bevoegd gezag wordt uitgeoefend;
•
Actief uitoefenen rol van bevoegd gezag (midden): de gemeente wil een actievere rol innemen in de ontwikkeling van opslagmogelijkheden. Dit begint met de ontwikkeling van beleidsmaatregelen waarbij dit document als vertrekpunt dient, gevolgd door eventuele samenwerking met lokale energiecoöperaties (een samenwerking van inwoners en/of lokale ondernemers), bedrijven en andere stakeholders om richting te geven aan opslagmogelijkheden. Ook kan gemeente Delft financiële instrumenten overwegen zoals subsidies of belastingvoordelen voor opslagtoepassingen en kunnen workshops en informatiebijeenkomsten worden georganiseerd om bewustwording en kennisdeling over opslagmogelijkheden te bevorderen;
•
Sturend, grotere rol dan enkel bevoegd gezag (hoog): de gemeente speelt een sturende rol in de implementatie van opslagsystemen. Uit de op te stellen beleidsmaatregelen volgt 9
Energiestrategie Delft
een duidelijke richting hoe de gemeente om wenst te gaan met de verschillende opslagtoepassingen in de gemeente. Dit wordt vanzelfsprekend ondersteund met plankaarten en onze netimpactanalyse waarmee gemeente Delft projecten in de stad in tijden van netcongestie mogelijk maakt. Daarnaast wil de gemeente samen met andere relevante stakeholders (waaronder energieleveranciers) vanaf het begin van nieuwe ontwikkelingen aan tafel zitten en de ontwikkeling van opslagsystemen in de gemeente monitoren, onder andere om een veilige en goede ruimtelijke inpassing en systeemintegratie te borgen. Daarnaast kan gemeente Delft overwegen om ruimte te geven aan demonstratieprojecten en pilotprogramma's.
10
Energiestrategie Delft
In onderstaande matrix is het regieniveau op hoofdlijnen per batterijtoepassing in beeld gebracht. Een nadere uitwerking ervan wordt in het batterijbeleid opgenomen. Energieopslag en de toepassingsmogelijkheden zijn volop in beweging waardoor onderstaande matrix in de toekomst kan wijzigen. Mate van regie
Grootschalige opslag
Beperkt • • •
Actief
Sturend
Benodigde ruimte is niet beschikbaar Geen sprake van grootschalige opwek Initiatieven zijn veelal bedoeld voor energiehandel of netbalans.
Op basis hiervan is een passieve houding van gemeente Delft voldoende.
• • •
Maakt het mogelijk om projecten te realiseren (stadsontwikkeling) in tijden van netcongestie. Noodzakelijk voor energieneutraal bouwen. Potentie om lokaal opgewekte energie, lokaal te gebruiken. Ruimtelijke inpassing noodzakelijk.
Grote potentie om bij te dragen aan gemeentelijke doelstellingen. Moet ook veilig en ruimtelijk worden ingepast. Sturende rol gemeente nodig. •
Thuisopslag
• • •
Particulier initiatief achter de meter waarop de gemeente Delft beperkt zicht en invloed heeft. Vanuit veiligheid is het echter van belang om te weten waar thuisbatterijen worden gebruikt. Helpt particulieren om energiekosten te verlagen nu de salderingsregeling verdwijnt. Kan stimulans zijn voor particulieren om zonnepanelen aan te schaffen.
Biedt kansen om zonnepaneelbezitters blijvend te stimuleren. • • V2G / V2H
Batterijtoepassingen
Middelgrote opslag
•
De inzet van een elektrisch voertuig als thuisbatterij (V2H) is een particulier initiatief. De toepassing aanbieden via openbare laadpalen (V2G) dient met name het doel om het elektriciteitsnet te ontlasten. Gemeente Delft faciliteert dit laatste via de laadconcessie.
Zal voornamelijk voorlopers betreffen die goed zelf kunnen voorzien in eigen behoefte.
11
Energiestrategie Delft
3.5 Netverzwaring Het elektriciteitsnet moet flink worden uitgebreid. Daar is netbeheerder Stedin verantwoordelijk voor. De gemeente heeft een faciliterende rol, waarin zij afspraken maakt over locatie, grond en bodemgebruik en het beeld van de assets. De netbeheerder geeft in diverse plannen aan welke verzwaringen en werkzaamheden zij voor zich zien. Voor de hoofdstructuren van de tussenspanning en middenspanning is dat het Masterplan 2050. Vele verzwaringen zijn op dit moment in gang gezet en opgenomen in het Investeringsplan van Stedin. In het Masterplan is het huidige netwerk opgenomen (zie onderstaand figuur). In Delft is een invoedingspunt (150 kV) aangesloten op het landelijk hoogspanningsnet van Tennet. Deze voedt de transformatorstations (25/10 kV) in Delft, Pijnacker en Lansingerland. Figuur 1: Huidig elektriciteitsnet Delft
12
Energiestrategie Delft
Stedin is voornemens een 150 kV invoedingspunt in Pijnacker/Nootdorp te realiseren. De transformatorstations in Pijnacker zullen dan losgekoppeld worden van het Delftse invoedingspunt. Diverse transformatorstations in Delft worden komende jaren verzwaard. Zie onderstaande figuur. Figuur 2: Masterplan toekomstig structuur elektriciteitsnet
Daarnaast is er een overzicht van benodigde distributiestations. In totaal heeft netbeheerder Stedin in Delft ongeveer 180 distributiestations bij te plaatsen tot 2050. Dit is de schatting die nu is gemaakt - deze wordt telkens bijgewerkt met nieuwe inzichten en is onder andere afhankelijk van de warmteoplossing in de buurten. Stedin en de gemeente werken samen aan een buurtaanpak voor het realiseren van de stations. De rol van de gemeente is om de inpassing van de extra assets soepel te laten verlopen en zo goed mogelijk in te passen in de buitenruimte. Hiervoor ontwikkelen we een inpassingskader, werkprocessen en een goede organisatie.
13
Energiestrategie Delft
4 Vervolgstappen De gemeente Delft onderneemt de volgende acties om ervoor te zorgen dat de benodigde netverzwaring door Stedin kan worden gerealiseerd: •
Er is structureel bestuurlijk, strategisch en operationeel overleg met Stedin ingesteld om ontwikkelingen met impact op het elektriciteitsnet te bespreken en de impact op ontwikkelingen in de stad af te stemmen.
•
De gemeente en Stedin maken afspraken voor samenwerking voor de verzwaring van de laagspanningsnetten.
•
De gemeente Delft zal waar aanvullende ruimte nodig is voor bijvoorbeeld nieuwe kabels en transformatorhuisjes, deze ruimte tijdig zoeken en reserveren.
•
De gemeente werkt regionaal en provinciaal samen aan het integraal programmeren van de hoofdstructuren.
•
De gemeente participeert in projecten en onderzoeken om het systeem gereed te maken voor de toekomst.
Huidige acties De strategie in deze module geeft richting aan de activiteiten die de gemeente nu al uitvoert om netcongestie tegen te gaan. Die activiteiten zijn onder meer: •
het organiseren van samenwerking met Stedin om processen en procedures voor netverzwaring te verbeteren en/of te versnellen;
•
delen we informatie over (gewenste) ontwikkelingen vroegtijdig met Stedin en Tennet;
•
brengen we nieuwe informatie in kaart, zoals de laadvisie, regionale laadvisie voor logistiek, warmteplannen, etc.;
•
werken we provinciaal samen om inzichtelijk te maken welke verzwaringen er nodig zijn en welke prioriteit krijgen;
•
werken we met bedrijven op Schieoevers aan het systeem van de toekomst;
•
kijken we naar onze rol bij het (maatschappelijk) prioriteren van transportcapaciteit;
•
Volgen we de adviezen vanuit het Landelijk Actieplan Netcongestie (LAN) en bespreken met Stedin de voortgang van de acties.
14
Energiestrategie Delft
Colofon Dit is een uitgave van Gemeente Delft Postbus 78, 2600 ME Delft Telefoon 14015 Internet www.delft.nl Maart 2024
15