De Staal vastgesteld 1 Toelichting Regels en Bijlagen Regels
Tekst van het document
Specifieke gebruiksregels
7.4.1 Milieucategorie a. De in lid 7.1 sub a en b genoemde bedrijven zijn uitsluitend toegestaan voor zover zij behoren tot maximaal categorie 2 van de Lijst van Bedrijfstypen. b. De in lid 7.1 sub b genoemde horeca uitsluitend tot maximaal categorie 1 is toegestaan. 7.4.2
Aan-huis-gebonden beroep en/of kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten aan huis
Aan-huis-gebonden beroepen en/of kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten zijn toegestaan, voor zover het bvo ten behoeve van kantoor- en/of praktijkruimten en/of de kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten aan huis niet groter is dan 40% van het bvo van de woning, inclusief aan- en uitbouwen en bijgebouwen. 7.4.3 Verticale bestemming a. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd -1' zijn de functies zoals genoemd in artikel 7.1 sub a uitsluitend toegestaan vanaf de derde bouwlaag; b. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - 1' zijn de functies zoals genoemd in artikel 7.1 sub b uitsluitend toegestaan op de eerste drie bouwlagen. c. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - 2' zijn de functies zoals genoemd in artikel 7.1 sub c uitsluitend toegestaan op de eerste bouwlaag.
140
bestemmingsplan "De Staal" (vastgesteld)
bestemmingsplan De Staal 7.4.4
Gebruiksverbod
Niet toegestaan zijn: a. activiteiten die op grond van artikel 2.1 lid 2 van het Besluit omgevingsrecht zijn aangewezen als vergunningplichtige inrichting; b. nieuwe activiteiten die genoemd zijn in onderdeel C en onderdeel D van de bijlage behorende bij het Besluit milieueffectrapportage, in de gevallen als genoemd in kolom 2 van die onderdelen, c. activiteiten die op grond van in artikel 2.1 lid 3 van het Besluit omgevingsrecht zijn aangewezen als categorieën inrichtingen als bedoeld in artikel 41, derde lid, van de Wet geluidhinder, die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken; d. het gebruik van gronden en bouwwerken, zodanig dat er sprake is van een significant effect op een Natura 2000-gebied door een toename van stikstofdepositie. Er is sprake van een toename wanneer de stikstofdepositie als gevolg van de stikstofemissie meer bedraagt dan de stikstofdepositie ten gevolge van het ten tijde van de vaststelling van het plan feitelijk aanwezige legale gebruik van de gronden en bouwwerken; e. Bevi-inrichtingen; f. de opslag en/of verkoop van consumentenvuurwerk; g. seksinrichtingen. 7.5
Afwijken van de gebruiksregels
7.5.1
Omgevingsvergunning
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van: a. het bepaalde in lid 7.4.1 sub a om functies uit categorie 3.1 van de Lijst van bedrijfstypen toe te laten; b. het bepaalde in lid 7.4.1 sub a om bedrijven toe te laten die niet genoemd worden in de Lijst van bedrijfstypen; c. het bepaalde in lid 7.4.1 sub b om functies uit categorie 3 van de Lijst van Horeca-activiteiten mogelijk te maken. d. het bepaalde in lid 7.4.4 sub d in die zin dat gronden en bouwwerken zodanig worden gebruikt dat een significant effect op een Natura 2000-gebied ontstaat door stikstofdepositie, mits hiervoor een vergunning of verklaring van geen bedenkingen is verleend op basis van de Wet natuurbescherming of diens rechtsopvolger, door het daartoe bevoegde gezag. 7.5.2 Voorwaarden afwijken a. Het bevoegd gezag past de in lid 7.5.1, sub a t/m b bedoelde afwijkingsbevoegdheid toe indien deze naar aard en invloed op de omgeving (gelet op de specifieke werkwijze of bijzondere verschijningsvorm alsmede getoetst aan de aangegeven maatgevende milieuaspecten) geacht kan worden te behoren tot categorie 1 of 2 en indien de kwaliteit van leefomgeving niet nadelig wordt beïnvloed. b.
Van de afwijkingsbevoegdheid in lid 7.5.1 sub c kan slechts gebruik worden gemaakt indien het horecabedrijf naar aard en invloed op de omgeving (gelet op de specifieke werkwijze of de bijzondere verschijningsvorm) geacht kan worden te behoren tot categorie 1 of 2 van de staat van horeca activiteiten en indien de kwaliteit van leefomgeving niet nadelig wordt beïnvloed.
bestemmingsplan "De Staal" (vastgesteld)
141
bestemmingsplan De Staal
Artikel 8 8.1
Leiding - Hoogspanning
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Leiding - Hoogspanning' aangewezen gronden zijn behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: a. hoogspanningsleiding van ten hoogste 150 kV; b. bijbehorende voorzieningen. 8.2
Bouwregels
Voor het bouwen van bouwwerken geldt de volgende bepaling: In afwijking van het bepaalde in de regels voor de andere daar voorkomende bestemming(en) geldt dat op of in deze gronden uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten dienste van de bestemming 'Leiding - Hoogspanning' mogen worden gebouwd, met een maximale bouwhoogte van 4 meter. 8.3
Afwijken van de bouwregels
Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het veilig en doelmatig functioneren van de hoogspanningsleiding en mits vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen van de leidingbeheerder, bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 8.2 onder a en toestaan dat de door de regels van de andere daar voorkomende bestemming(en) toegelaten gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd. 8.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 8.4.1
Verbod
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het aanleggen van wegen, paden, banen en andere oppervlakteverhardingen; b. het veranderen van het huidige maaiveldniveau door ontginnen, bodem verlagen, egaliseren, afgraven of ophogen; c. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en/of bomen; d. het uitvoeren van heiwerkzaamheden en het op een of andere wijze indrijven van voorwerpen; e. diepploegen; f. het aanleggen van andere kabels en leidingen anders dan in artikel 8.1 aangegeven, en daarmee verband houdende constructies; g. het aanleggen van watergangen of het vergraven, verruimen of dempen van reeds bestaande watergangen. 8.4.2
Uitzondering verbod
Het verbod als bedoeld in 8.4.1 is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden die: a. betrekking hebben op de aanleg van de 150 kV ondergrondse hoogspanningsleidingen; b. betrekking hebben op normaal onderhoud en beheer, en/of; c. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan, en/of; d. reeds mogen worden uitgevoerd krachtens een verleende omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden.
142
bestemmingsplan "De Staal" (vastgesteld)
bestemmingsplan De Staal 8.4.3 Voorwaarden omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Een vergunning als bedoeld in artikel 8.4.1 wordt slechts verleend, indien: a. door de werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het veilig en doelmatig functioneren van de hoogspanningsleiding; b. vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen van de leidingbeheerder.
bestemmingsplan "De Staal" (vastgesteld)
143
bestemmingsplan De Staal
Artikel 9 9.1
Waarde - Archeologie
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud en de bescherming van archeologische waarden. 9.2
Bouwregels
Aanvullend op het bepaalde in de bouwregels van de andere daar voorkomende bestemming(en) gelden de volgende bouwregels: a. Voor bouwwerken moet alvorens een omgevingsvergunning voor bouwen wordt verleend, door de aanvrager een archeologisch onderzoek worden overgelegd op grond waarvan kan worden vastgesteld of en zo ja, in hoeverre archeologische waarden worden verstoord; b. Indien uit het in lid 9.2 onder a, genoemde archeologisch onderzoek blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning voor bouwen kunnen worden verstoord, kan het bevoegd gezag de volgende voorschriften verbinden aan de omgevingsvergunning: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het doen van opgravingen conform de Erfgoedwet, op basis van een Programma van Eisen dat is goedgekeurd door het bevoegd gezag; 3. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg, op basis van een Programma van Eisen dat is goedgekeurd door het bevoegd gezag; c. De verplichting als bedoeld in lid 9.2 onder a, geldt niet indien de vergunningaanvraag betrekking heeft op: 1.
vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering; 2. één of meerdere gebouwen ten behoeve waarvan bodemverstoringen tot maximaal -1,10 NAP worden uitgevoerd; 3. het plaatsen van een bouwwerk dat uitsluitend bestemd is voor archeologisch onderzoek, met een bouwhoogte van maximaal 3 meter. 9.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 9.3.1
Verbod
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. bodemverstorende werkzaamheden met een diepte dieper dan -1,10 m NAP, waartoe wordt gerekend saneren, afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ontginnen en ophogen van gronden, alsmede het vergraven, wegruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren en het aanleggen van drainage; b. het verlagen en verhogen van het waterpeil; c. het aanleggen of rooien van bos of boomgaard, waarbij stobben worden verwijderd; d. het aanleggen van ondergrondse transport-, energie-, of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur; e. het aanleggen en verwijderen van verhardingen ten behoeve van wegen, paden, parkeergelegenheden en andere oppervlakteverhardingen. 9.3.2
Uitzondering verbod
Het verbod als bedoeld in lid 9.3.1 is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden die:
144
bestemmingsplan "De Staal" (vastgesteld)