CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept-handelingen raadsvergadering 16 december 2021

Raadsvergadering 16 december 2021, gemeente Delft32.098 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Plaatsvervangend voorzitter: mevrouw C.I. Bel.

Aanwezig zijn: mevrouw Bel, mevrouw Van den Berg, mevrouw Bij de Vaate, mevrouw De Boer, de heer Van den Brink, mevrouw Van Cooten, de heren Cüppers en Dag, mevrouw Enthoven, mevrouw Gaal, mevrouw Van Geenen, mevrouw Gooijer, mevrouw Grobben, de heren Herrema, Den Hollander, Al Jaberi en Jaff, mevrouw Kok, mevrouw De Koning, mevrouw Lips, de heer Maruf, mevrouw Osepa, de heren Van Overbeeke, Van Rijn en Van Roon, mevrouw Van Rossum, de heren Schuurman en Stoop, mevrouw Tiekstra, de heer Töns, mevrouw Van Tricht, de heren Valk en Van Vliet, mevrouw Voogt en de heren Weiler, De Wit en Van der Woerd. Aanwezige wethouders: de heer Brandligt, de heer Harpe, mevrouw Huijsmans, mevrouw Schrederhof en de heer Vollebregt. Raadsgriffier: de heer R.G.R. Jeene. XX. Opening. De VOORZITTER: Goedenavond dames en heren, hierbij open ik de raadsvergadering van donderdag 16 december 2021. Met kennisgeving afwezig is de heer Van Woudenberg. Eventuele hoofdelijke stemmingen beginnen vanavond bij nr.25, meneer Van Roon. Ik stel voor om voor vanavond een stembureau in te stellen bestaande uit de voorzitter mevrouw Lips en de leden de heer Valk, de heer Dag en wederom de heer Van Roon. XX. Voorstel om in beslotenheid te vergaderen. De VOORZITTER: Het is vanavond een bijzondere avond op een voor de raad bijzondere plek, in de aula van de TU.

Het gebeurt zelden dat de raad buiten het stadhuis vergadert. De laatste keer was in 2009, toen de raadzaal werd verbouwd en de raad, toen ook in december, eveneens gastvrij werd ontvangen door de TU. We zijn de universiteit weer zeer erkentelijk voor de ontvangst en de flexibiliteit om deze fysieke bijeenkomst mogelijk te maken. Dat is belangrijk, want deze raadsvergadering kan, ondanks de coronamaatregelen, niet anders dan fysiek worden gehouden. De raad ontving begin oktober van dit jaar het verzoek van de commissaris van de Koning om de procedure voor herbenoeming te starten. Dat is opgepakt door de vertrouwenscommissie. De bespreking hiervan in de raad dient fysiek plaats te vinden. Derhalve stel ik voor om in beslotenheid te vergaderen. Ik verzoek allen om de zaal te verlaten die daar niet bij aanwezig hoeven te zijn. Enkel de raadsleden, wethouder Huijsmans, de gemeentesecretaris, de notulist, de griffiemedewerker en de griffier blijven in de raadzaal. De openbare vergadering wordt geschorst voor de duur van het besloten deel van de vergadering. XX. Heropening van de openbare raadsvergadering. 1

De VOORZITTER: Ik verzoek de bode om de burgemeester binnen te vragen. (Applaus bij het binnenkomen van de burgemeester.) De VOORZITTER: Geachte aanwezigen, beste burgemeester, beste Marja. Zojuist heeft de gemeenteraad van Delft besloten om jou aan te bevelen voor herbenoeming als burgemeester van Delft. Geachte raadsleden, geachte aanwezigen en kijkers thuis, beste Marja. Als voorzitter van de vertrouwenscommissie wil ik je van harte gelukwensen en feliciteren met dit besluit van de raad. Het is een besluit waarmee de raad nadrukkelijk zijn vertrouwen uitspreekt. De raad wil je nog niet kwijt en ik ben ervan overtuigd dat ook Delft je nog niet kwijt wil. In de vertrouwenscommissie waren alle raadsfracties vertegenwoordigd. De commissie is diverse malen bijeen geweest en hoewel ik niks kan zeggen over de inhoud, kan ik u wel zeggen dat we bij het beoordelen van het functioneren van de burgemeester niet alleen terug, maar ook vooruit hebben gekeken. Centraal in de beoordeling van het functioneren van de burgemeester stonden de onderdelen uit de profielschets die in 2016 als leidraad dienden bij het vinden van een nieuwe burgemeester. Die onderdelen zijn; boegbeeld van de stad, portefeuille openbare orde en veiligheid, onderhandelaar en bemiddelaar en voorzitter van raad en college. Beste Marja, je bent een geweldige burgemeester voor Delft.

Op alle onderdelen uit de profielschets functioneer je goed, maar je staat ook open voor kritiek. Je neemt feedback ter harte en zet je voor meer dan 100% in. Je bent het boegbeeld van de stad, altijd en overal aanwezig en betrokken, of dat nu op straat is of op social media. Je bent voor iedereen herkenbaar en ook heel erg benaderbaar. Je komt stevig op voor je portefeuille openbare orde en veiligheid. Je bereidt je altijd goed en grondig voor als het debat daarover gaat en dan laat je blijken dat je staat voor je beleid en voor je mensen. Dat doe je gedreven en met overtuiging. Als onderhandelaar/bemiddelaar heb je je een geweldige belangenbehartiger getoond voor Delft. Je beschikt over een enorm netwerk dat je hebt opgebouwd in decennia van ervaring in belangrijke bestuurlijke functies. Wat ook gewaardeerd wordt, is dat je dat netwerk deelt en overdraagt om anderen in het belang van de stad te laten delen in je kennis en ervaring. Als jij belt, wordt er opgenomen. Er wordt naar je geluisterd. Onze burgemeester is een zwaargewicht en Marja, dat is geen reden om zorgelijk naar de weegschaal te kijken. Als voorzitter van de raad en van het college hebben we je leren kennen als een voorzitter die inzet op harmonie en op verbinding. Je draagt gezamenlijkheid uit.

Dat heb je gedaan in een periode die financieel lastig was én is en die voor een groot deel in het teken van corona stond én nog steeds staat. Soms noodgedwongen tot digitaal contact bouw je onvermoeibaar bruggen, breng je bewoners bij elkaar en leg je de lat hoog, voor jezelf en voor anderen.

2

Daarbij wil ik één iemand niet onvermeld laten. Marja, ik vermoed dat de steun van Antoine bij je werk als burgemeester onontbeerlijk is. Ik heb begrepen dat Antoine exact vandaag met pensioen gaat, helaas zonder feestelijkheden. Laat vanavond daarom voor jullie beiden een markering zijn van een nieuwe fase, een fase met een nieuwe balans. Wellicht hoef je voortaan niet meer zelf de soep te maken voor een lunch met vluchtelingen. Blijf vooral ook tijd voor elkaar maken. Het werk van de vertrouwenscommissie zit er nu op. Ik constateer dat we met de commissie kunnen terugzien op een zorgvuldig verlopen proces. Daarvoor wil ik de raadsgriffier extra bedanken, want door corona was het niet altijd even eenvoudig om dit proces in goede banen te leiden. Op naar de gemeenteraadsverkiezingen. Op 14, 15 en 16 maart kan iedereen naar de stembus. De kiezer bepaalt hoe de raad er daarna uitziet en de raad bepaalt hoe het college er na de coalitieonderhandelingen uitziet. Eén ding is zeker: Marja blijft, als voorzitter van het nieuwe college en van de nieuwe raad. Ik weet zeker dat je je volop gaat inzetten voor een goede start.

Wat na vanavond ook zeker is, is dat de raad vol vertrouwen uitkijkt naar de samenwerking met jou, met een burgemeester die er is voor iedereen, die aan de slag kan met een nieuwe raad en waarvan we met alle vertrouwen weten dat deze burgemeester de beste is voor Delft. Marja, blijf maar enthousiast. Dan komt het goed. (Applaus) De VOORZITTER: Het woord is aan de burgemeester. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Dank je wel Christine; dank je wel, voorzitter. Geachte raadsleden, collegeleden, aanwezigen, lieve mensen. Hartelijk dank voor het in mij gestelde vertrouwen. Ik ben er heel blij mee en beschouw het als een voorrecht dat u heeft besloten mij voor te dragen voor herbenoeming als burgemeester van Delft. Het burgemeesterschap van Delft is een prachtig ambt, want Delft is magie, een stad met een rijke historie, met wereldvermaarde kennisinstituten, zoals mijn geliefde TU, en bovenal een prachtige samenleving, een stad van 100.000 inwoners, waarover in de regio met respect gesproken wordt en waar mensen graag komen, maar evengoed een stad met een menselijke maat, waar nog sprake is van elkaar kennen en gekend worden, waar veel mensen en hun organisaties omzien naar elkaar, waar immer jonge, bruisende studenten en wetenschappers met kennis en innovatie de toekomst nationaal en internationaal vormgeven.

Onze stad is de mooiste van Nederland en onze samenleving is in al haar diversiteit uniek. De afgelopen jaren heb ik heel veel mensen mogen ontmoeten en heb ik uiteenlopende verhalen gehoord. In al die gesprekken heb ik zóveel malen een sterke betrokkenheid bij onze stad ervaren. Al die inwoners, ondernemers en de vele mooie initiatieven maken dat ik nog steeds met liefde en enthousiasme mijn ambt vervul. Ik ben dan ook zeer gemotiveerd om mij te blijven inzetten als burgemeester van alle Delftenaren. De afgelopen jaren waren soms pittig, maar steeds was daar het thuisfront, dat sprak: "Heb vertrouwen". Mijn calvinisme kent soms hoge hoogten. Dan is een 3

katholieke, zeer liefhebbende echtgenoot een zegen. Lieve Antoine, dank voor je onvoorwaardelijke steun! Tot slot naar u als raad een woord van dank, maar ook van trots: wat een gemeenteraad, wat een inzet, toewijding en liefde voor de stad! Delft mag trots zijn op haar bestuur. Daarmee doel ik ook op het college, dat in harmonie zijn werk doet, en onze organisatie, waar velen onder leiding van onze zeer gewaardeerde gemeentesecretaris alles uit de kast halen om met een bescheiden bezetting onze dynamische stad verder vooruit te helpen. Last but not least dank ik de griffie, met aan het roer de griffier, met wie ik een heel goede samenwerking heb. Dank voor alle support in mijn werk als voorzitter van de raad. Kortom, Delft is teamwork. Dat is mijn overtuiging. Inwoners, ondernemers, bestuur, samen maken we Delft. Het is voor mij een grote eer om daar ook de komende jaren opnieuw leiding aan te mogen geven. Veel dank voor het in mij gestelde vertrouwen. Ik zal me er ten volle voor inzetten dat dat vertrouwen niet beschaamd wordt. Dank u wel. (Applaus) De VOORZITTER: Na deze mooie woorden is er gelegenheid om de burgemeester te feliciteren in de foyer. Ik schors de vergadering. De vergadering wordt enige tijd geschorst. (De burgemeester neemt het voorzitterschap over van mevrouw Bel.) De VOORZITTER: Nogmaals eenieder van harte welkom, ook de luisteraars via de webcam. XX.

Vaststellen agenda. De VOORZITTER: Je bent even weg en dan gebeurt er van alles en nog wat met de agenda in het fractievoorzittersoverleg, onder de hele goede leiding van mevrouw Bel. Agendapunt 13.1 wordt gecombineerd met agendapunt 13.2. De agendapunten 13.3, 13.4 en 13.5 blijven hetzelfde. De agendapunten 13.6, 13.7 en 13.8 gaat naar de hamerstukken. De agendapunten 13.9, 13.10 en 13.11 blijven overeind. Agendapunt 13.12 gaat naar de volgende raadsvergadering. Agendapunt 13.13 blijft overeind. Agendapunt 13.14 gaat ook naar de volgende raadsvergadering. Ik constateer dat de raad hiermee instemt. De agenda wordt aldus gewijzigd vastgesteld. Het presidium stelt voor om ten aanzien van de bespreekagenda een totale spreektijd aan te houden van 3 uur. Dit betekent 14 minuten per fractie en 42 minuten voor het college. Ik constateer dat de raad hiermee instemt. Er zijn voorafgaande aan de vergadering nog moties en amendementen door de griffie ontvangen. Deze zijn op het RIS gepubliceerd. Ze zijn inmiddels ook in hard

4

copy ingediend, voorzien van een handtekening. Deze moties en amendementen zijn voldoende ondersteund en maken hierbij dus deel uit van de beraadslagingen. XX. Vaststelling Handelingen van de gemeenteraadsvergadering van 18 november 2021. De Handelingen worden ongewijzigd vastgesteld. XX. Vaststelling van de wijze van afdoening van ingekomen stukken week 45 tot en met week 49 van 2021. Besloten wordt overeenkomstig de behandelvoorstellen. XX. Besluitvorming hamerstukken. INVOEGEN HAMERSTUKKEN De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. Ik weet dat mevrouw Van Geenen over de Inkoopvisie Maatschappelijke Ondersteuning graag een stemverklaring aflegt. Mevrouw VAN GEENEN (CDA): Voorzitter. Wij hebben al duidelijk gemaakt wat wij vinden van deze Inkoopvisie. Dat zal ik niet herhalen, maar naar aanleiding van dat gesprek heb ik wel de moties opgezocht die het CDA de afgelopen jaren heeft ingediend over techniek en zorg. De eerste is uit 2013, voor zover ik het kon terugvinden. Er is een toezegging gekomen op 7 november 2019. Die luidt: "Het college heeft toegezegd gebruik te gaan maken van techniek in de Wmo". Wij wachten nog steeds op de uitvoering van deze toezegging. Er is nooit iets serieus gedaan met onze voorstellen. Daarom vraag ik nu mijn collega's van STIP om dit punt over te nemen, zodat STIP en het CDA deze uitdaging aangaan.

De VOORZITTER: Mevrouw Van Geenen, mag ik u erop wijzen dat een stemverklaring kort en krachtig is? Mevrouw VAN GEENEN (CDA): Ja, ik weet het. Ik ben bij mijn laatste zin. De VOORZITTER: Oké, maar dan wordt dat een korte zin, graag. Mevrouw VAN GEENEN (CDA): Wat ons betreft gaat deze Inkoopvisie niets verbeteren aan Wmo-zorg. Daarom stemmen wij tegen. De VOORZITTER: De heer Herrema over het bestemmingsplan De Staal. De heer HERREMA (GroenLinks): Voorzitter. Het gaat inderdaad om 14.5, de vaststelling van het bestemmingsplan De Staal. Het bestemmingsplan biedt wat GroenLinks betreft voldoende aanknopingspunten om een mooie buurt te bouwen die leefbaar, duurzaam en klimaatadaptief is. We zullen met interesse de plannen blijven volgen.

5

Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Voorzitter. Hart voor Delft gaat niet akkoord met de Welstandsnota, omdat daar niets in staat over de participatie en omdat er niet goed ingespeeld wordt op de snelle ontwikkelingen in de maatschappij, zoals bij flitsbezorgers en de geblindeerde ramen in de binnenstad. Mevrouw BIJ DE VAATE (GroenLinks): Voorzitter. Het openbaar middelbaar onderwijs blijft in Delft dankzij de fusie van Grotius en Spinoza. GroenLinks is zeer positief hierover. Het is goed dat het Grotius zijn identiteit behoudt en dat de ouders en hun kinderen in Delft nog steeds kunnen kiezen voor diverse richtingen van openbaar onderwijs, zoals het Waldorf. Ik heb een tweede stemverklaring over de Regiovisie Jeugdhulp H10. Dat is een goede visie. Het komt aan op de uitvoering. We hebben goede afspraken kunnen maken over de positie van de raad in de jaarplannen: vroegtijdig aan de voorkant meenemen en een inspanningsverplichting van het college. GroenLinks dankt de wethouder voor zijn meedenken en de toezegging. GroenLinks is heel blij met de … De VOORZITTER: Is dat de derde stemverklaring? Mevrouw BIJ DE VAATE (GroenLinks): Ja, ik rond af, voorzitter. GroenLinks is heel blij met de formulering "gezinnen in kwetsbare omstandigheden" in plaats van "kwetsbare gezinnen". De voorstellen van de hamerstukkenlijst worden zonder beraadslaging en zonder stemming aangenomen. XX.

Benoemingen: De VOORZITTER: Er zijn geen benoemingen. XX. Initiatiefvoorstellen. De VOORZITTER: Er zijn geen initiatiefvoorstellen. XX. Voorstel van het college aan de raad inzake zesde financiële coronarapportage (nr. 2146865); Voorstel van het college aan de raad inzake 3e wijziging Verordening precariobelasting Delft 2021 (nr. 2149947). De VOORZITTER: Ik heb hier de volgorde van de aanmeldingen. Ik stel voor dat we het echt volgens dat lijstje doen, gelet op de hele andere setting die we nu hebben. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Voorzitter. Het behoeft eigenlijk niet zoveel betoog dat de horecaondernemers het door de lockdowns ontzettend zwaar hebben in Delft. De reden voor onze motie is dat we na twee jaar kwijtschelding van precario- en reclamebelasting die kwijtschelding ook voor het afgelopen jaar, 2021, willen voortzetten. Ik weet dat er op de valreep ineens een voorstel is binnengekomen van de wethouder, waarin hij zegt: doe het 50%. Wij zijn het daar niet mee eens. Er 6

wordt het argument gebruikt van inkomensondersteuning, maar als één overheid inkomensondersteuning geeft aan de horecaondernemers, dan is dat wel het Rijk. De gemeente heeft dat in 2019 en 2020 ook gedaan. Toen is dat argument helemaal niet genoemd. De horeca heeft het ontzettend zwaar. De horeca gaat eraan. Kroeg na kroeg … Ik moet zeggen 'cafés', want ik moet een beetje netjes praten. De cafés staan op instorten. Het spek is eraf. Die mensen beginnen hun pensioenvoorzieningen aan te spreken. Er zijn nu cafés die omvallen. Locus Publicus is er één. Ik noem ook Hotel de Emauspoort. Andere hotels zullen volgen. Als wij, ook al is het maar iets kleins … De gemeente moet niet inhalig zijn en moet niet alles willen binnenhalen. Ik snap ook niet waarom we dan 50% of 25% kwijtschelding geven. Geheel kwijtschelden is natuurlijk veel makkelijker te verwerken voor de RBG. Onze motie is dus net zoals in de twee voorgaande jaren. Dit jaar is gewoon een pandemiejaar. Er is een kleine versoepeling geweest in de zomer, maar dat was voor de horeca niet genoeg om weer op adem te komen. De heer VAN VLIET (GroenLinks): In de motie van Hart voor Delft staat bij het tweede dictum dat het gaat over alle ondernemers. Ik vermoed dat het ook daar gaat over precario, maar dat staat er niet.

Is het de bedoeling dat bijvoorbeeld IKEA met haar grote reclame-uitingen daar opeens geen precario meer over hoeft te betalen? En wat is de reden waarom Hart voor Delft dat een goed idee vindt? De heer DE WIT (Hart voor Delft): Het is een beetje in aansluiting op wat in voorgaande jaren is besloten, meneer Van Vliet. Ik weet niet of je dat soort onderscheid kan maken. Natuurlijk ben ik het met u eens dat we niet voor de IKEA staan, want die heeft geld zat. Misschien speel ik die vraag door. Wat mij betreft gaat het inderdaad over reclamebelasting voor de horeca. Dat ben ik met u eens. Ik zou er niet tegen zijn als we die beperking kunnen hanteren, maar volgens mij hebben we dat in het verleden wel gedaan. Ik weet het dus niet precies. De heer VAN VLIET (GroenLinks): Begrijp ik dat u overweegt om het tweede dictum te schrappen? De heer DE WIT (Hart voor Delft): Nou, we zijn niet zo star als u denkt. De VOORZITTER: Kijk eens aan. Fijn! Meneer Van Vliet, dat is een mooie opbrengst. Door de fractie van Hart voor Delft wordt motie M13.1.1 (Laat Delft geen spookstad worden) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, bijeen op 16 december 2021, constaterende dat: • • •

de winkelbedrijven en horecaondernemers in de stad het in 2021 weer onevenredig zwaar hebben door de coronacrisis; de volledige lockdown pas opgeheven werd op 5 juni 2021, waardoor de horeca de eerste 5 maanden van het jaar 2021 geen omzet kon genereren; de anderhalvemeterregel van 5 juni t/m 25 september gehandhaafd bleef waardoor er, zowel binnen als op de terrassen, maar 1/3 van de reguliere 7

• • • •

capaciteit gebruikt kon worden, deze regel werd na 25 september 2021 opgeheven maar bracht geen verlichting omdat direct de verplichte QR-code werd ingevoerd hetgeen extra kosten voor de controle met zich meebracht; vanaf 13 november 2021 weer een gedeeltelijke lockdown is ingesteld, welke verlengd is tot 8 januari 2022; deze gedeeltelijke lockdown geldt vanaf 17.00 uur, waardoor horecaondernemers het meeste van de omzet mislopen en/of zelfs helemaal geen omzet hebben; de horecaondernemers in 2021 maar 22 weken een gedeelte van de omzet hebben kunnen genereren door de beperkende maatregelen; alles in het werk gesteld moet worden deze ondernemers nogmaals de helpende hand toe te steken willen we geen spookstad door leegstand krijgen;

draagt het college op: • •

alle horecaondernemers tegemoet te komen door ontheffing te verlenen van precario op terrassen, reclame-uitingen, staanplaatsen en objecten over het jaar 2021; alle ondernemers tegemoet te komen door ontheffing te verlenen van reclame-uitingen en objecten over het jaar 2021,

en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw DE BOER (STIP): Voorzitter. We zitten vandaag in de Aula van de TU Delft, omdat we helaas nog steeds in de coronacrisis zitten. Ik vrees, net als u allemaal, dat we hier niet zo snel uitkomen. In de culturele sector kopen mensen vanwege alle onzekerheid nog steeds geen kaartjes voor het theater en zijn er minder evenementen die om makers vragen. Daarom baart het STIP zorgen dat de middelen die vanuit het Rijk voor de cultuursector beschikbaar zijn gesteld, in de algemene coronapot verdwijnen. Ook vinden wij het jammer dat de makersregeling door het college stopgezet werd. We hebben mooie voorbeelden van projecten gezien die zowel werk opleveren voor makers als iets om naar uit te kijken in de stad. Denk bijvoorbeeld aan de reeks popconcerten van Popdelft en het kunstwerk van Erik de Jong voor de Lichtjesavond. Daarom dient STIP nu deze motie in. De motie vraagt om te onderzoeken waar de noden in de culturele sector nu precies zitten en om met een plan te komen om hier als gemeente de benodigde steun voor te verlenen. We kunnen hier gelukkig gebruikmaken van de coronamiddelen vanuit het Rijk die we nog overhebben en die eventueel nog binnenkomen. Zo kunnen we ook kaartjes blijven kopen voor het theater, omdat onze theaters dan nog bestaan. We zijn ook ontzettend blij dat het college een precarioverlichting van 50% heeft voorgesteld.

Dit biedt ondernemers wat verlichting in deze moeilijke tijden. Wel willen we ook de ondernemers zonder terras verder helpen, iets wat de VVD ook meermaals heeft aangekaart. Het is dan ook goed om in de collegebrief over ondersteuning van ondernemers te lezen dat de Taskforce Bezoekerseconomie opnieuw heeft nagedacht over hoe we ook de andere ondernemers kunnen ondersteunen. Juist de combinatie van een verlichting van de precario als ondersteuning die voor alle ondernemers geldt, maakt dit een goed pakket. 8

STIP is het volledig eens met het doel van de motie van Hart voor Delft, namelijk om ondernemers een steuntje in de rug te bieden. Door de precario volledig af te schaffen, helpen we echter alleen een klein deel van de horecaondernemers, terwijl de terrassen - korter dan gewild - wel open zijn geweest. Door deze argumenten is STIP voor het voorstel van het college. We zullen deze motie dan ook niet steunen. Door de fracties van STIP, D66, de PvdA, de VVD, GroenLinks en Onafhankelijk Delft wordt motie M13.1.2 (Behoud bestemde gelden voor cultuur) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, bijeen op 16 december 2021, constaterende dat: -

-

2,682 miljoen euro vanuit het Rijk en de provincie is ontvangen ten behoeve van de ondersteuning van de cultuursector; een bedrag van 2,154 miljoen euro in 2021 is ingezet via verschillende regelingen; er daarom nog 528 duizend euro, waarvan 40.000 euro voor de makersregeling, wel is binnengekomen specifiek voor cultuur, maar nog niet is besteed; deze middelen nu automatisch in de algemene coronareserve belanden; de makersregeling op 15 oktober is stopgezet;

overwegende dat: -

de mogelijkheden om publiek te ontvangen, opdrachten te verwerven en omzet te maken wederom zijn ingeperkt door de huidige coronamaatregelen; het effect op de culturele sector ook in 2022 nog fors zal zijn, en veel culturele instellingen en ondernemers grote financiële zorgen hebben;

verzoekt het college om: -

-

de raad een voorstel te doen in Q1 hoe het cultuur in 2022 wil ondersteunen, gebruikmakend van de middelen die specifiek bestemd waren voor cultuur, eventueel in combinatie met aanvullende middelen die nog volgen vanuit het Rijk; hierbij rekening te houden met de urgente behoeften in de culturele sector en deze integraal af te wegen; hierin expliciet een verlenging van de makersregeling en andere kleine culturele spelers mee te nemen."

De heer VAN OVERBEEKE (D66): Voorzitter. De cultuur gaat door een zware tijd, zoals mooi is geschetst door de vorige spreekster. We hebben geld gekregen van het Rijk om de mensen in de cultuur te steunen. Een deel daarvan is op de plank blijven liggen. Het hoeft op zich natuurlijk geen probleem te zijn dat geld op de plank blijft liggen, want als de problemen opgelost zijn, hoeft het geld niet op. Maar dat is duidelijk niet het geval. Daarom hebben wij deze motie mede-ingediend. Daarin zeggen we: breng in kaart wat er nodig is om de cultuur door de volgende fase van de coronacrisis heen te helpen en gooi het geld niet in de algemene coronapot.

9

De heer DEN HOLLANDER (PvdA): Voorzitter. Het is al heel goed toegelicht door de twee voorgaande sprekers. We vinden dat de cultuur ondersteund moet worden. Het is belangrijk om te kijken waar de noden liggen - dat vinden wij erg belangrijk - en dat het geld ook gewoon gebruikt wordt waarvoor het naar ons toe gekomen is. De heer VAN RIJN (VVD): Voorzitter. Het is geen geheim dat wij als VVD pal voor en als één man of vrouw achter - onze ondernemers staan. Ook is het duidelijk dat vooral de cultuur en de horecaondernemers in zwaar weer verkeren. Tijdens de raadsvergadering van 17 juni jongstleden hebben we als VVD met een groot aantal andere partijen een motie ingediend om horecaondernemers een steuntje in de rug te geven. In deze motie hebben we het college opgeroepen om met een korting te komen op de precariobelasting voor bestaande terrassen. Na de door het kabinet per 28 november jongstleden ingestelde extra aanscherpingen is dit steuntje in de rug nog harder nodig dan ooit. Wij omarmen daarom het voorliggende raadsvoorstel om de korting op de precariobelasting ten opzichte van het normale tarief voor terrassen en terrasboten voor 2021 te verhogen van 25% naar 50%. STIP haalde het net al aan: wij maken ons wel zorgen over horecaondernemers zonder terrassen.

Hoe gaat het college om met deze ondernemers en hoe gaan we toch dat eerlijke speelveld behouden? Dus graag een reactie van het college. Tot slot de motie die wij samen met STIP en veel andere partijen hebben ingediend. We zijn zeer benieuwd wat de impact van deze crisis is op onze cultuursector en met name wat de gevolgen zijn voor de kleinere spelers. Zoals al eerder aangegeven heeft het college veel middelen vrijgemaakt voor cultuur, maar het is goed om de urgente financiële noden op een rijtje te zetten en op basis daarvan een integrale afweging te maken en te bepalen hoe we de resterende coronagelden zo goed mogelijk kunnen inzetten. Onder 'een integrale afweging' verstaan wij dat er ook verder wordt gekeken dan alleen naar de cultuursector. Kan de wethouder bevestigen dat deze motie zo kan worden uitgelegd? De heer DE WIT (Hart voor Delft): Ik vraag me af waarvoor de VVD nog staat. Aan de ene kant is zij voor de ondernemers, maar zij stelt nu een verdubbeling van het belastingtarief voor: van 25% naar 50%. De VVD in Delft wil nu, in deze pandemie, de belasting verhogen voor horecaondernemers. Dan ben je toch verkeerd bezig? Welk signaal zendt u dan naar de ondernemers uit, meneer Van Rijn? De heer VAN RIJN (VVD): Het kan liggen aan mijn jetlag, maar volgens mij is het voorstel juist om de korting op de precariobelasting te verhogen van 25% naar 50%.

Dat is dus geen verhoging van de lasten, maar een verlaging. De VOORZITTER: Oké, dat is een misverstand. Dat is helder, neem ik aan, meneer De Wit? De heer DE WIT (Hart voor Delft): Nee, dat is niet waar. Dat is allemaal te lezen op de website van de gemeente. Eerst was het kwijtschelding en nu wordt het verhoogd naar 50%. Dat hele stuk deugt niet of meneer Van Rijn leest andere zaken dan ik.

10

De heer VAN RIJN (VVD): Dit gaat over de precariobelasting van 2021. Het voorstel is om de korting te verhogen van 25% naar 50%. Dus ja, ik denk dat we het anders lezen, meneer De Wit. De heer DEN HOLLANDER (PvdA): De VVD heeft deze motie mede-ingediend. Het dictum is heel duidelijk: verzoekt het college de raad een voorstel te doen hoe het cultuur in 2022 wil ondersteunen, hierbij rekening te houden met de urgente behoeften in de culturele sector en deze integraal af te wegen en hierbij de makersregeling en andere kleine culturele spelers mee te nemen. Dat gaat over cultuur, niet over ver daarbuiten. Dus wat wil meneer Van Rijn precies? De heer VAN RIJN (VVD): Een integrale afweging is een integrale afweging. Het is niet zo dat we de middelen maar moeten uitgeven. Als daar geen urgentie is, moeten we dat niet doen. We moeten sowieso naar alle ondernemers kijken, want we zijn voor een gelijk speelveld. Een integrale afweging dus en op basis van de echt urgente noden kijken waar maatwerk moet worden geleverd. De heer VAN VLIET (GroenLinks): De motie over gelden voor cultuur is voldoende toegelicht. Het is belangrijk dat we daar waar de noden hoog zijn, de beschikbare middelen benutten voor cultuur.

GroenLinks zou daaraan willen toevoegen dat wij er helemaal van uitgaan dat het college dit in hele nauwe samenspraak doet met de Cultuurtafel in Delft en de culturele ondernemers en gezamenlijk die noden voor ons in beeld brengt. Dat zien wij graag tegemoet in de raad. Ook wat ons betreft echt steun voor het verlagen van de precariobelasting voor ondernemers, want we weten hoe zwaar de ondernemers het hebben. Wij zijn dus blij met dit voorstel van het college. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Ik neem het woord van Jolanda Gaal inzake deze onderwerpen over, als dat mag. De VOORZITTER: Uitstekend, gaat uw gang. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Onafhankelijk Delft kan kort zijn op deze twee punten. We hebben de motie Behoud bestemde gelden voor cultuur mede-ingediend om elke mogelijkheid aan te grijpen om de cultuursector tegemoet te komen. Daarnaast kan het natuurlijk niet zo zijn dat geld van het Rijk besteed wordt aan het potje Algemeen en dat dat niet doorvloeit naar waar dat nodig is. We roepen iedereen hier dan ook op om deze motie unaniem te steunen. Naast de cultuursector zijn er nog andere belangrijke sectoren die het extreem zwaar hebben. Eén daarvan is de horeca. In deze raad is de horeca best veel tegemoetgekomen.

Onafhankelijk Delft blijft zich hier ook hard voor inzetten, zowel voor de horeca met terras als voor de horeca zonder terras, maar we horen graag van de wethouder wat de motivatie is om tot een halve tegemoetkoming te komen aangaande de precariobelasting. Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Voorzitter. Heel kort over de voorliggende moties. Wij zijn het van harte eens met de motie over het geld voor cultuur. Ik wil wel opmerken dat ik het erg jammer vind dat de motie pas vandaag gedeeld werd met 11

de oppositie en al helemaal afgetikt was met de voltallige coalitie. Zo gaan we wat mij betreft niet met elkaar om in deze zaal. Er was ook genoeg tijd tussen de commissievergadering en de raadsvergadering om dit wat netter te kunnen afstemmen. Dus bij dezen een oproep, maar verder zijn we het helemaal eens met het dictum van de motie en wij zullen er dus voor stemmen. We zijn het ook eens met het voorstel van het college voor verhoging van de korting op de precario van 25% naar 50%. We stemmen dus niet in met de motie van Hart voor Delft, want de horecaondernemers hebben dit jaar echt een deel van hun omzet kunnen halen. Dat vinden wij dus rechtvaardig, hoewel wij natuurlijk oog hebben voor ondernemers die het dit jaar desondanks zeer zwaar hebben en het misschien zelfs niet redden. We hebben wel een vraag aan het college: waarom kwam dit voorstel zo ontzettend laat bij ons? We kennen versnellingsverzoeken; dan gaat het eerst nog naar de commissie en nu moeten we het direct in de raad beslissen en bespreken. Zo gaan we wat mij betreft niet met elkaar om en ik snap niet zo goed waarom dit pas zo laat op onze agenda verschijnt. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Ik kan het heel kort houden. Mevrouw Gooijer heeft goed verwoord hoe wij naar de motie kijken. Erg jammer dat die pas zo laat gedeeld is. Ik zie mevrouw De Boer knikken.

Dat gaat de volgende keer vast beter, maar met de strekking zijn we het eens. Op de motie van Hart voor Delft wacht ik graag de reactie van het college af. Wat het precariovoorstel betreft: het is inderdaad jammer dat het zo laat is gekomen, maar verder gaan we daarmee akkoord. Wethouder BRANDLIGT: Voorzitter. Ik zal vooral ingaan op de motie Laat Delft geen spookstad worden. Allereerst: waarom zo laat dit voorstel? Nog maar een maand geleden heeft u besloten over dezelfde tarieven. Daar stond toen die 25% korting in. Na de vorige raadsvergadering zijn er ontwikkelingen geweest. De horeca heeft een brief geschreven en het kabinet heeft nieuwe maatregelen afgekondigd. Daarop hebben wij geacteerd. Er was dus simpelweg geen tijd om het eerder naar de raad te krijgen en als het niet in deze raadsvergadering zou komen, zou de aanslag al weg zijn. We hebben dus inderdaad deze doorsteekroute moeten nemen, omdat wij ook nog maar heel kort wisten dat we dit gingen doen. Dan inhoudelijk: waarom 50%? Zoals ik net al zei, hadden we vorige maand juist besloten om er 25% van te maken, gezien het afgelopen jaar. Er zijn dus nieuwe ontwikkelingen. De horeca kon nog wat minder gebruikmaken van de terrassen en aan het eind van het jaar kon dat dus niet meer.

Daardoor leek het logisch om dat percentage te verhogen, maar niet gelijk helemaal naar 100%, want de terrassen zijn dit jaar inderdaad ook wel degelijk benut. Het is dus niet zo dat deze maatregel als inkomenssteun gezien moet worden. Dat is dit nadrukkelijk niet. Belastingmaatregelen zijn nooit inkomenssteun. Inkomenssteun komt in dit geval altijd van de rijksoverheid en van de rijksregelingen. Vandaar dus 50%. In de motie staat ook iets over reclame en reclamebelasting. Die discussie hebben we de vorige keer ook gehad. Toen hebben we dat ook niet gedaan, want daarvan profiteren ook winkels die heel goede omzetten gedraaid hebben, juist tijdens corona. Je kunt niet zeggen: we doen de reclamebelasting alleen voor de horeca 12

niet en voor de anderen wel. Met belasting is het altijd: iedereen wel of iedereen niet. Je kunt geen keuze maken in de zin van: die wel of die niet. Vandaar deze keuze. Wethouder VOLLEBREGT: Voorzitter. Ik zal namens het college reageren op de andere motie. Wethouder Brandligt heeft uitstekend toegelicht waarom het voorstel voor de precario nog is gestuurd, maar we doen dit wel in een bredere context, zoals vanavond terecht een aantal keren is gezegd. Het is dus echt niet het enige wat wij doen voor onze ondernemers, want iedereen die hier vanavond zegt dat zij onze steun, ook onze steun, hard nodig hebben, heeft daar natuurlijk gelijk in. Daar kan ik niet vaak genoeg bij zeggen dat de rijksmaatregelen natuurlijk veruit het belangrijkst zijn voor de ondernemers. We zetten dus extra in op de informatievoorziening daarover. Wij hebben u deze week ook een brief geschreven met alle andere dingen die we aan het eind van dit jaar voor onze ondernemers doen, maar die kunt u wat rustiger lezen, in het weekend. Die brief is misschien een antwoord op de vraag die ik een aantal keren heb gehoord: wat doet u dan voor die anderen? Als er daarnaast nog wensen of suggesties zijn, ga ik daar heel graag met u over in gesprek. Dan de motie over de cultuurgelden.

Als we terugkijken over 2020 - dat is natuurlijk het stuk dat we vanavond bespreken - hebben we het als gemeente volgens mij heel netjes en goed gedaan. De makersregeling werd al genoemd. Natuurlijk samen met al die culturele organisaties, die keihard gewerkt hebben en flexibel zijn geweest, hebben we ervoor gezorgd dat alles is blijven staan in Delft. Ik ben daar heel dankbaar voor en trots op. Ik deel uw zorgen over 2022. Dat wordt een ingewikkelde tijd, met maatregelen die nog gelden, onzekerheid, mensen die nog geen kaartjes kopen voor culturele evenementen. Ik snap dus uw wens. Wat dat betreft gaan we dat zeker doen in combinatie met de sector; dat zeg ik richting de heer Van Vliet. Dat gaan we natuurlijk samen uitwerken. De motie biedt wat mij betreft voldoende ruimte om dat voorstel te wegen in al die andere dingen die we doen, maar wat u van mij mag verwachten, is gewoon een goed voorstel voor de cultuursector. Dat is waartoe deze motie oproept. Het college heeft dus geen bezwaar. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Ik heb een vraag aan wethouder Brandligt.

Hoe kan het nou dat we pas geleden een Cultuurkader vaststelden waarbij we geen geld genoeg hadden en dat alle coalitiepartijen op dit moment eigenlijk met een voorstel komen om weer extra geld voor cultuur vrij te maken? Hoe kan het nou dat dat de vorige keer niet kon en nu ineens wel? Wethouder BRANDLIGT: Het gaat hier om geld dat we in het kader van coronasteun hebben gekregen van de rijksoverheid. Dat besteden we ook daarvoor en dat zit ook in de betreffende reserve. U heeft het over heel ander structureel geld. Dit zijn allemaal incidentele ondersteuningen die we kunnen doen. Dat is echt iets heel anders. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Dan had de wethouder toch eerder met zijn collega afspraken kunnen maken over de inzet van dit geld? Waarom moet dit nou via de gemeenteraad komen? Aangezien alle coalitiepartijen dit ondersteunen, had het voorstel volgens mij net zo goed uit het college kunnen komen. Wethouder BRANDLIGT: Ik zie niet wat het probleem is met het feit dat het op deze manier gelopen is. Er wordt met iedereen overlegd en er wordt nog nader overlegd 13

over hoe het geld ingezet gaat worden. Ik zie eerlijk gezegd niet zo goed welk probleem hier op tafel ligt. De VOORZITTER: Even een procesopmerking tussendoor. Het geluid schijnt thuis uitgevallen te zijn. We schorsen de vergadering kort om te kijken of de techniek op dit punt weer op orde kan worden gekregen. De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst. De VOORZITTER: Dat is vliegensvlug geregeld. Heel fijn; laat het zo blijven. De heer VAN RIJN (VVD): Ik had het in mijn betoog over een integrale benadering. Nu hoor ik de wethouder zeggen: we gaan dit voorstel in samenhang bekijken met andere sectoren. Nog even ter check: het wordt dus echt een integrale benadering. Wethouder VOLLEBREGT: Ja, het college kijkt altijd integraal. Het is ook aan u om, op het moment dat het voorstel er ligt, dat te wegen in het totaal van wat er is. Maar ik denk dat hier terecht specifiek wordt gevraagd om iets voor de cultuursector uit te werken voor 2022. Daar zullen we dus mee komen. Natuurlijk kijken we dan naar links en naar rechts voor wat daar nog omheen gebeurt; uiteraard. De VOORZITTER: Er is behoefte aan een tweede termijn. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Voorzitter. Het is natuurlijk onlogisch wat er gezegd wordt en het is ook niet waar. Alle toeristen, de buitenlandse toeristen én de Nederlandse toeristen, komen niet meer naar Delft.

De horeca heeft het door corona dus hartstikke zwaar. Corona is er het hele voorjaar geweest en nu het hele najaar. Het enige lichtpuntje was de zomer. Toen trokken eigenlijk alleen de Delftenaren er een beetje op uit. De horeca heeft het dus heel erg zwaar. Ik snap de redenatie dan niet. Hoe kom je uit op een korting van 50% als je drie maanden van een jaar iets kan draaien? Dat is volkomen onlogisch. Kom dan tot een korting van 75%. Dan geef je in ieder geval wat. Er is totaal geen onderbouwing. Nu komt het op mij over als Scrooge: we moeten binnenhalen wat we binnen kunnen halen. Het is heel zuur hoe de ondernemers in de horeca ervoor staan. Zij gaan ten onder, ook nog eens een keer door de gemeente. Ik vind het heel jammer dat hier zo over de Delftse horeca gedacht wordt. Ik heb nog een puntje: het tweede dictum kan uit de motie. De VOORZITTER: Het punt dat door de heer Van Vliet gemaakt werd, is dus bij dezen uit de motie gehaald. Mevrouw DE BOER (STIP): Voorzitter. Ik wil toch nog even herhalen waar de motie toe oproept, want we willen gewoon dat er onderzocht wordt waar de noden nu precies zitten in de culturele sector. Dat is echt de kern van de motie. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Voorzitter. Ik wil me aansluiten bij de interpretatie van STIP van de motie over cultuur.

Het gaat in eerste instantie echt over: werk nou iets uit voor de cultuursector, inderdaad altijd ook naar links en naar rechts kijkend, maar in eerste instantie naar de cultuur. 14

Ik had nog niet gereageerd op de motie van Hart voor Delft over de precario. Daarin volgen wij het college. De horeca heeft wel een deel van de omzet kunnen draaien. Daarom is het goed om die tegemoetkoming te doen met een deel van de precario, maar om alles dit jaar kwijt te schelden … Dan vinden wij het voorstel van het college beter. De heer VAN RIJN (VVD): Er wordt toch weer een reactie uitgelokt. Als ik mijn coalitiegenoten hoor, lijkt het geld wel in de zak te branden. Het gaat hier om urgente financiële noden. We kijken waar het geld het hardst nodig is. Als dat buiten de cultuur is, moet dat worden gerepareerd. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Ik ben bereid om mijn motie aan te passen naar een korting van 75%. Is meneer Van Overbeeke dan bereid de motie te steunen? De heer VAN OVERBEEKE (D66): Daar zou ik later even op terug willen komen. De heer DEN HOLLANDER (PvdA): Voorzitter. In reactie op de heer Van Rijn: ik begin me af te vragen of hij niet een ander soort motie had moeten indienen waarin wordt aangegeven: er is wat geld over dat naar ons toe gekomen is voor de cultuursector, maar er zijn misschien andere sectoren die dat harder nodig hebben; laten we dus kijken waaraan we dat kunnen besteden. Deze motie gaat echt over de cultuursector en over kijken waar het daar urgent nodig is. Dat is de strekking van deze motie.

Anders had hij de motie niet mee moeten indienen, lijkt me. De VOORZITTER: Dat is toch wel uitlokking. De heer VAN RIJN (VVD): Dat kan ik ook terugkaatsen: dan had het woord "integraal" niet opgenomen moeten worden. De VOORZITTER: Dan komt toch ook meneer Den Hollander nog een keer. De heer DEN HOLLANDER (PvdA): Integraal binnen de cultuursector. En dan gaan we natuurlijk ook nog wel naar links en naar rechts kijken als er geld overblijft, maar eerst kijken naar de cultuur. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Ik zit naar een heel bijzonder schouwspel te kijken. De coalitie stemt onderling een motie af, houdt de oppositie buiten de deur en dan zijn ze het onderling niet eens. Ik snap er nu dus echt niks meer van. Wat is hier gebeurd? Dat vraag ik aan de coalitiepartijen. De VOORZITTER: Dat is een algemene vraag. Daar hou ik het even bij. Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Voorzitter. Ik wilde woorden van gelijke strekking zeggen. Ik snap nu wel waarom de motie pas zo laat kwam. Ik denk dat het heel lang geduurd heeft voordat deze tekst überhaupt overeengekomen is. De VOORZITTER: Ik kom even terug bij meneer Van Overbeeke, die nog zou reageren op de vraag van de heer De Wit. Gaat u dat nu doen?

15

De heer VAN OVERBEEKE (D66): Ja hoor, ik moest kort overleg plegen met mijn fractie, maar we blijven toch bij het voorstel zoals het college dat heeft gedaan. De VOORZITTER: Het is wel overwogen, meneer De Wit. Dat is toch winst, maar uiteindelijk is er niet het resultaat, helaas. Ik stel vast dat we de tweede termijn van de raad hebben gehad. Volgens mij is er niet veel waarop gereageerd zou moeten worden door de wethouders. Nee, de wethouders hebben geen reacties. Ik constateer dat de beraadslaging kan worden gesloten. In stemming komt de gewijzigde motie M13.1.1 (Laat Delft geen spookstad worden) van Hart voor Delft. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Voorzitter. Horeca is onderdeel van een bruisende stad. De SP vindt inderdaad dat kleine horecaondernemers extra steun moeten krijgen, omdat die natuurlijk het snelst in problemen komen en we geen stad met alleen grote commerciële ketens willen overhouden. Maar de belasting voor al die bedrijven afschaffen lijkt ons geen goed idee, want de gemeente heeft dat geld hard nodig om publieke voorzieningen te betalen. Wij zullen deze motie dus niet steunen. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Voorzitter.

Nu het tweede dictum is gewijzigd, zullen wij voor deze motie stemmen, omdat wij toch echt hebben gemerkt dat er in een zeer beperkte mate gebruik is gemaakt van de horeca en dat zelfs 75% eigenlijk niet toereikend zou zijn. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 7 tegen 30 stemmen, waarbij Hart voor Delft en Onafhankelijk Delft ervoor hebben gestemd. In stemming komt motie M.13.1.2 (Behoud bestemde gelden voor cultuur) van STIP, D66, de PvdA, de VVD, GroenLinks en Onafhankelijk Delft. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer VAN RIJN (VVD): Voorzitter. Voor de VVD is geld uitgeven geen doel op zich. Wij gaan ervan uit dat het college steun geeft aan daar waar dat het hardst nodig is. In dit vertrouwen stemmen wij voor de motie. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Voorzitter. Net als vorige maand is het weer STIP dat eigenlijk kritiek uitoefent op de eigen wethouder Vollebregt omdat er € 500.000 te weinig is uitgegeven en niet goed is besteed. Eigenlijk geven wij STIP dus een pluim voor het kritisch volgen van de wethouder en ook voor de kritiek op de wethouder omdat hij zijn werk niet goed doet. De motie wordt met een digitale stemming aangenomen met 35 tegen 3 stemmen, waarbij de SP ertegen heeft gestemd. In stemming komt het voorstel van het college aan de raad inzake zesde financiële coronarapportage.

16

Het voorstel wordt met een digitale stemming aangenomen met 35 tegen 3 stemmen, waarbij drie leden van de fractie van Hart voor Delft ertegen hebben gestemd. In stemming komt het voorstel van het college aan de raad inzake 3e wijziging Verordening precariobelasting Delft 2021. Het voorstel wordt met een digitale stemming aangenomen met 34 tegen 4 stemmen, waarbij Hart voor Delft ertegen heeft gestemd. XX. Voorstel van het college aan de raad inzake vaststellen Warmteplan Delft 2021 (Transitievisie Warmte) (nr. 2141783). Mevrouw ENTHOVEN (STIP): Voorzitter. Het Warmteplan is een plan vol ambitie. Nu is het ook echt tijd om die ambitie waar te gaan maken. Er zijn daarbij drie punten die STIP zijn opgevallen. Ten eerste de lange termijn. Wat ons betreft zouden de doelen nog scherper mogen, zoals ik ook in de commissie heb gezegd. In 2040 van het gas af blijft voor ons het streven, maar volgens mij moeten we het daar op een later moment nog over hebben. De noodzaak van snelle verduurzaming is namelijk overduidelijk als we zien wat er nu allemaal in de wereld gaande is. Ten tweede het uitvoeren van de plannen op de korte termijn. Op dit moment gaat het door capaciteit en financiële middelen gewoon niet lukken om de plannen die we hebben, uit te voeren. We maken ons daar echt ernstig zorgen over.

Daarom hopen we dat gelden die wellicht uit de kabinetsformatie komen, hier een rol in kunnen spelen. We kijken ook uit naar de precieze uitkomsten hiervan. We zetten graag stappen zodra hier meer duidelijkheid over is. Ten derde kom ik bij mijn motie terecht. We gaan met een groot deel van de stad nog niet aan de slag. 80% van de huizen in Delft komt nog niet aan bod in de warmte-uitvoeringsplannen voor 2030. Daar is wel enorm veel winst te behalen. Om die reden dienen wij samen met D66, GroenLinks, de ChristenUnie en het CDA de motie Stimuleer verduurzaming met groene leges in. Deze motie vraagt om te kijken hoe Delftenaren gestimuleerd kunnen worden door middel van een financiële prikkel om hun woning te verduurzamen. Dit gebeurt al in andere gemeenten en het werkt. Daarom zetten ook wij graag deze stap om onze duurzaamheidsdoelen te bereiken. Er zijn hier verschillende smaken. Daarom zien we graag een voorstel van het college tegemoet. Dit is namelijk hét moment om met duurzame leges aan de slag te gaan, aangezien de Legesverordening toch al wordt aangepast vanwege de Omgevingswet. Het zijn kleine stapjes, maar met kleine stapjes maken we onze ambitie waar. Zo gaan we met heel Delft aan de slag met verduurzaming.

Door de fracties van STIP, D66, GroenLinks, de ChristenUnie en het CDA wordt motie M13.3.1 (Stimuleer verduurzaming met groene leges) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 16 december 2021 ter bespreking van het Warmteplan Delft 2021, constaterende dat:

17

-

volgens het nationale Klimaatakkoord Delft uiterlijk in 2050 klimaatneutraal moet zijn; de warmtevoorziening in Delft een groot aandeel is van de energiebehoefte van Delft; 80% van de huishoudens nog niet aan bod komt om van het gas af te gaan in de komende 10 jaar in het Warmteplan Delft 2021;

overwegende dat: -

-

we de 80% van de huishoudens, die nu nog niet aan bod komen, willen stimuleren om alvast te verduurzamen; kortingen op de leges bij vergunningen die worden aangevraagd om vastgoed te verduurzamen, een financiële prikkel geven die verduurzaming stimuleert; deze methode bij andere gemeenten succesvol is; zo rapporteert Enschede dat 9/12 van de projecten om de korting te behalen aan strengere duurzaamheidseisen is gaan voldoen en in Heerenveen leidde dit ook tot een forse verhoging van duurzame (nieuw)bouw; de Legesverordening binnenkort wordt aangepast vanwege het ingaan van de Omgevingswet en het daarom efficiënt is om duurzame leges hier direct in te verwerken;

draagt het college op: -

-

bij de nieuwe Legesverordening van de Omgevingswet met een voorstel te komen voor duurzame leges of het geven van een andere financiële prikkel die verduurzaming stimuleert; bij het opstellen van dit voorstel er zorg voor te dragen dat dit niet leidt tot een lastenverzwaring voor de financieel kwetsbare huishoudens; parallel hieraan toetsingscriteria op te stellen waaraan de leges gekoppeld worden, om zo de heffingskorting te kunnen bepalen; hierbij uit te gaan van een kostenneutrale Legesverordening, zoals ook nu het geval is,

en gaat over tot de orde van de dag." De heer VAN OVERBEEKE (D66): Voorzitter. D66 is ook heel blij dat dit Warmteplan er ligt. In de commissie heb ik de wethouder en iedereen die betrokken is geweest bij de totstandkoming van dit stuk, complimenten gegeven voor het proces. Daarnaast zijn we inhoudelijk heel blij dat in de buurten waar mensen met een energiequote zitten, nu als eerste gestart wordt met de warmte-uitvoeringsplannen. De motie van STIP dienen wij mede in, omdat het ook goed is om iets te doen voor de 80% van de bewoners waar de gemeente pas later kan beginnen. Die staan ook nu al te popelen, maar dat is verder prima toegelicht door mijn voorganger van STIP. De heer VAN VLIET (GroenLinks): Voorzitter. Het vanavond vaststellen van het Warmteplan is een heel belangrijk moment. Dat is voor de hele energietransitie van Delft een heel belangrijk moment dat echt neerlegt wat het plan is op basis waarvan we vervolgens gaan werken. GroenLinks kan niet wachten om dat vervolgens op wijkniveau specifiek te gaan maken en iedereen aan het werk te zien.

18

De motie die onder leiding van STIP is opgesteld, gaat over heel Delft. We kunnen niet vaak genoeg benadrukken dat zeker het verbouwen van je huis voor iedereen zo'n moment is waarop je even wat meer kan doen. Dan kan je je huis isoleren of kijken wat je anders kan doen. Daar kunnen we als gemeente net even de prikkel geven om mensen te stimuleren om dat daadwerkelijk te doen. Daarom staat ook ons logo boven deze motie. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Voorzitter. Mijn voorgangers hebben uitstekend gesproken. Ik heb daaraan niets toe te voegen behalve mijn complimenten. De VOORZITTER: Wat een voorbeeld! Heel kort, steeds korter, maar to the point. Iedereen is er blij mee; althans, tot op heden. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Dit wordt niet korter, hoor. Het CDA is in grote lijnen positief over deze Warmtevisie en de wijze waarop die in samenspraak met de stad tot stand gekomen is. Een belangrijke randvoorwaarde voor ons is wel dat de warmtevoorziening voor iedereen betaalbaar blijft. Landelijk heeft het CDA samen met de ChristenUnie en GroenLinks gezorgd voor een flink bedrag, dat mensen moet helpen om hun woning te isoleren en dus energiezuiniger te maken. We hopen ook dat Delft daar een mooie greep uit kan doen. Daarom staat onze handtekening onder deze motie van STIP en anderen.

Ik moet wel eerlijk zeggen dat dat met enige aarzeling is, omdat we eigenlijk vinden dat leges gebaseerd moeten zijn op de kostprijs en niet als politiek instrument ingezet moeten worden, maar de motie vraagt om een onderzoek. Als we kunnen stimuleren dat mensen hun woning gaan verduurzamen of eerder gaan verduurzamen, zonder dat dit ten koste gaat van de betaalbaarheid van leges voor de financieel kwetsbaarste huishoudens, is dat zeker een onderzoek waard. Vandaar onze handtekening onder de motie. De VOORZITTER: Dat was toch kort en krachtig. Mevrouw VAN COOTEN (PvdA): Voorzitter. Wij sluiten ons aan bij de woorden die al zijn gezegd over het Warmteplan, waar ook in de commissie al uitgebreid over is gesproken. De energietransitie is heel belangrijk en dit is een belangrijke stap. Wij hopen en hebben er alle vertrouwen in dat de burgers goed worden betrokken bij de wijkplannen. Wat de motie betreft: wij willen duurzaamheid zeker stimuleren en wij steunen de gedachte achter deze motie dus zeker. Eerlijkheid en betaalbaarheid zijn voor ons belangrijke waarden, maar leges moeten ook kostendekkend zijn. Daarom vinden we het wel erg lastig hoe dit vorm gaat krijgen. Als je een bepaald aantal uren kwijt bent aan werkzaamheden om leges te geven en als je daar korting op gaat geven, zal dat ergens anders betaald moeten worden.

Hoe gaat dat vorm krijgen? In de motie wordt verwezen naar Enschede. In Enschede was bij de gemeente sprake van gederfde inkomsten van 9 ton. Dat is behoorlijk veel geld. In Amsterdam zegt men geïnteresseerd te zijn, maar wel op zoek te zijn naar dekking. Er is dus wel een dekkingsvraagstuk: hoe gaan we dat betalen? En Delft heeft niet zo veel extra ruimte om wat te gaan doen. Het andere wat het rapport over Enschede leert, is dat het vooral gaat over particuliere nieuwe bouwprojecten. Daar zit de winst. Dat zijn er in Delft niet zo heel veel en dat zijn vaak projecten van mensen met een grotere 19

portemonnee. Dit betekent dat de leges voor mensen met een kleinere portemonnee misschien wat hoger gaan worden. Al met al is dit zeer interessant. Wij zouden ertoe willen oproepen om te kijken wat ze in Den Haag gaan doen. Daar gaan ze onderzoek doen naar de mogelijkheden. Dat is net een tandje voor het voorstel dat er nu ligt, want daar komt echt al de oproep om met een voorstel te gaan komen. Wij maken ons wat zorgen over de dekking hiervan. Het is wel sympathiek, maar ik hoor graag een reactie van de wethouder of van andere partijen. Mevrouw ENTHOVEN (STIP): Volgens mij zijn mevrouw Van Cooten en ik het er zeer over eens dat er een goede dekking gevonden moet worden en dat dit zeker niet bij de Delftenaren moet komen te liggen die het financieel al wat zwaarder hebben. Daar roept de motie ook toe op. Ik snap de voorzichtigheid van mevrouw Cooten, maar daarom draagt deze motie op om te kijken naar de mogelijkheden en om inderdaad met een voorstel te komen, zodat wij snel stappen kunnen gaan zetten. Maar ik ben niet bang dat het college met een onbetaalbaar voorstel gaat komen om maar een voorstel te hebben. Wellicht kijken we daar anders naar. Mevrouw VAN COOTEN (PvdA): De motie roept natuurlijk wel op om met een voorstel te komen. Het is nog niet zo vrij als in Den Haag, waar gezegd wordt: zoek naar de mogelijkheden. En het gaat natuurlijk wel geld kosten.

Ik denk dat STIP het met mij eens is dat hier gewoon kosten aan verbonden zijn. Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Voorzitter. Hart voor Delft mist in dit Warmteplan nog steeds het hoofdstuk over isolatie. Dat is best belangrijk voor mensen met een kleine beurs. Daarnaast mist Hart voor Delft een financiële inkijk in de komende kosten voor de inwoners bij uitvoering van dit Warmteplan in de wijken en buurten. De motie gaan we niet steunen, omdat die voor Hart voor Delft meer voor mensen met een dikke portemonnee en/of aannemers is dan voor mensen met een uitkering die in de bijstand zitten. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. Onze complimenten hebben we uitgebreid uitgesproken tijdens de commissievergadering. Er ligt hier een prachtig plan. Het krijgt ook echt de steun van de VVD, omdat het uitvoering geeft aan de ambities om tot een reductie van de CO2-uitstoot te komen. Laten we tegelijkertijd eerlijk zijn: echt spannend wordt het pas bij de wijkuitvoeringsplannen. In dit Warmteplan worden vooral heel veel ambities uitgesproken en criteria benoemd, maar pas bij de warmte-uitvoeringsplannen kunnen we echt beoordelen wat die CO2-reductie daadwerkelijk wordt en is. Pas dan kunnen we echt bepalen wat de betaalbaarheid van deze energietransitie is.

En ook dan pas kunnen we het wooncomfort beoordelen: blijven de woningen warm en wat gebeurt er met de waarde van de woningen? Pas dan kunnen we dat gaan beoordelen en pas dan wordt het echt spannend. Maar goed, laten we tot die tijd zeker niet achterover gaan hangen. Laten we nu vooral concreet werk maken van iets wat nu al kan. Dat is isolatie; mijn buurvrouw zei dat al. Daar kunnen we inwoners al bij helpen en adviseren. Dus laten we dat ook vooral doen. Dan de reactie op de motie. Het is er maar één. Eigenlijk is dat best uniek, maar misschien zegt dat ook iets over de kwaliteit van het plan. De motie is van een groot aantal partijen en gaat over de groene leges. Op zich is het idee sympathiek. Tegelijkertijd zijn wij net als de PvdA heel erg benieuwd wat de impact van een 20

dergelijk idee is op de andere leges in het kader van de Omgevingswet. Om een kostenneutrale wijziging door te voeren, zullen die andere leges immers stijgen. Waar hebben we het dan precies over? Om welk bedrag gaat het? Welke doelgroep raken we dan? Wordt dat ook onderzocht? Is dat ook onderdeel van de vraag die aan de wethouder wordt gesteld? Misschien een wat technische vraag, maar mag differentiatie in leges eigenlijk wel? En toch ook even kritisch: hoeveel ambtelijke capaciteit vraagt het om een dergelijk onderzoek uit te voeren en weegt dat op tegen de mogelijke opbrengsten daarvan? We horen graag de reactie van de wethouder. Mevrouw KOK (SP): Voorzitter. Iedereen heeft het al gezegd: het plan is gewoon een mooi plan en laten we gewoon beginnen. Ik heb wel commentaar op de motie. Het klinkt als een goed idee, maar zoals anderen al gezegd hebben, moet het ergens van betaald worden. Mensen die het zich kunnen veroorloven om te verduurzamen, hebben nu al veel meer voordeel door allerlei subsidies dan mensen die geen extra spaarpotje hebben. Het geld dat de gemeente minder in kas gaat krijgen, moet dus uit een ander potje gehaald worden. De SP is bang dat het weer uit een verkeerd potje gaat komen. We zijn dus gewoon tegen deze motie.

De heer VAN OVERBEEKE (D66): In de tweede opdracht in de motie staat expliciet dat dit voorstel niet tot lastenverzwaring moet leiden bij kwetsbare huishoudens. Waarom komt dat niet tegemoet aan de terechte zorg die de SP hierover heeft? Mevrouw KOK (SP): We hebben het nu over kwetsbare huishoudens, maar er zijn ook huishoudens die net niet kwetsbaar zijn en die er dus net naast grijpen en op dit moment gewoon geen geld hebben. Je moet altijd eerst investeren om subsidie aan te kunnen vragen. Als je niet kan investeren, kan je dus ook geen subsidie aanvragen. Dan is de cirkel weer rond. Als die leges ergens vandaan moeten komen … We hebben al geen geld in de gemeente. We moeten ieder dubbeltje omdraaien. Als je je nieuwbouwwoning of een mooi, groot huis kan verduurzamen, ga dan vooral je gang, maar dat hoeven wij met z'n allen er niet nog een keer bij te gaan leggen. Mevrouw ENTHOVEN (STIP): Ik wil vooral ingaan op wat technischere dingen in de Legesverordening. De VOORZITTER: Let op: een interruptie moet kort en krachtig zijn. Mevrouw ENTHOVEN (STIP): Ik ga het heel kort doen. Ten eerste denk ik dat de leges komen van verbouwingen. Volgens mij wordt er in het voorstel inderdaad echt opgeroepen om te kijken hoe rekening gehouden kan worden met juist de Delftenaren die het moeilijk hebben.

Wat zou de SP nog meer willen om hiermee akkoord te kunnen gaan? Mevrouw KOK (SP): Als je je huis gaat verbouwen, heb je al een begroting gemaakt. Dat betekent dat je het al kan betalen. We willen toch ook de mensen helpen die het helemaal niet kunnen betalen, nu in schimmelwoningen wonen en geen geld hebben om de woning op te laten knappen? Als we nu kortingen gaan uitdelen aan mensen die toch al wel hadden kunnen betalen, gaat het geld naar de verkeerde mensen. Mevrouw VAN TRICHT (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Onafhankelijk Delft krijgt heel veel klachten over de vouchers van € 55 die aangevraagd kunnen worden. Ze 21

zijn na twee dagen niet meer te bestellen. Mensen worden daar zenuwachtig van. Dat zijn mensen met een kleine beurs die de voucher toch heel graag wilden aanschaffen. Ook zijn de vouchers maar 31 dagen geldig. Onze vraag is of de wethouder daarnaar kan kijken en of hij kan toezeggen dat het een volgende keer dat er zoiets geregeld wordt, anders en beter geregeld gaat worden. Wethouder BRANDLIGT: Voorzitter. Allereerst wil ik zeggen dat ik heel erg blij ben met de hele brede steun voor het Warmteplan. Daar hebben we inderdaad heel hard aan gewerkt. Ik ben heel blij dat het zo goed ontvangen is. Dat hebben we echt nodig om de volgende stappen te kunnen zetten. Een aantal dingen staan niet in het Warmteplan. Daar is bewust voor gekozen. Een van die zaken is inderdaad isolatie. Het Warmteplan gaat vooral over de vraag wat de alternatieve warmtevoorziening in een woning wordt als je dat niet meer met aardgas doet. Isoleren is een heel ander onderwerp. Isoleren is inderdaad iets wat al door de hele stad kan gebeuren, helemaal los van het Warmteplan. Het feit dat isoleren niet in het Warmteplan staat, betekent dus niet dat isoleren minder belangrijk is. We hebben ook een energieloket om hierover op ieder individueel niveau te adviseren. We hebben inmiddels al wel uit het nieuwe kabinetsakkoord vernomen dat we geld krijgen voor isoleren vanuit een nationaal fonds.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10999485/1